Brief van de heer H. van de Laak
Tekst van het document
Gespreksavond donderdag 12 juni 2024 Ontwerpbestemmingsplan Lommerrijk 1a m.b.t. zienswijze 3.
Geachte voorzitter en leden van de Raad van de gemeente Waalwijk, Vanavond (13 juni 2024) wordt gelegenheid gegeven om op de inhoud te reageren van het raadsvoorstel voor het ontwerpbestemmingsplan Lommerrijk fase 1a. Ik doe dit vanuit de ingebrachte zienswijze 3. Helaas ben ik, de indiener daarvan, wegens verblijf in het buitenland, zelf niet in de gelegenheid dit te doen. Ik ga ervan uit, dat deze reactie meegenomen wordt in uw beraadslagingen. Enkele insprekers vanavond zullen ernaar verwijzen. Zoals bij u bekend kan zijn, wordt deze zienswijze 3 ondersteund door 17 van de 21 bewoners van de Nemerlaar. Omdat er vanavond slechts ca 3 minuten spreektijd beschikbaar is per spreker, is er onvoldoende gelegenheid om uitgebreid in te gaan op de raadsstukken. Daarom deze noodzakelijke uitgebreide reactie. De burger van Waalwijk mag objectieve, transparante en feitelijke raadsstukken verwachten, hetgeen volgens ons niet het geval is, hetgeen we zullen aantonen. In het raadsvoorstel wordt door B&W vermeld dat enkel medewerking aan deze bouwplannen kan worden verleend, als de nieuwe woningen onder andere gericht zijn op en ontsloten via Landgoed Driessen. Deze blijkbaar zeer essentiële informatie heeft de Raad NIET gekregen in de Raadsinformatiebrief van 17 januari 2023.
In mijn zienswijze ben ik ook al ingegaan op de betreffende brief en mij was dus ook totaal niets bekend van het gestelde door B&W. Dit is volgens mij geen bestuurlijke transparantie tussen B&W en de Raad en ook de burger is onjuist geïnformeerd. Enkel is in de brief vermeld dat iets naar het oosten op een vergelijkbare wijze invulling is gegeven. Om hierover duidelijkheid te krijgen heeft de indiener van zienswijze 3 op 8 januari 2023 een gesprek gehad op het gemeentehuis. Nu wordt in de reactie van B&W geschreven dat bij het vastgestelde bestemmingsplan Driessen 2013 al de afweging is gemaakt om op termijn ten zuiden van de Hein Jordansstraat woningen mogelijk te maken. In het door uw Raad vastgestelde bestemmingsplan Driessen is daar niets over gelezen. Ook in een toegezonden stuk over de Bibliotheek van 2008 is daar niets over terug te vinden. B en W stellen nu ook zelf in hun reactie dat het in planologische zin niet vergelijkbaar is. Waarom dan naar het bestemmingsplan Driessen blijven verwijzen? Dit is dus onjuist. Het zou volgens B&W nu wel in ruimtelijke zin vergelijkbaar zijn vanwege de overgang etc. Deze zelfde overgang is op gelijkwaardige wijze te realiseren door uitvoering van het door ons ingediende alternatief. De argumentatie om daar geen medewerking te verlenen vinden wij zeer onvoldoende.
Waarom bij andere bouwplannen in de gemeente dan wel mogelijk? Is de Raad ook van mening dat van echte transparantie geen sprake is omdat er nu in mei 2024 door B&W zogenaamde essentiële informatie wordt toegevoegd; wat betekent dit voor de betrokken inwoner van uw gemeente? Verder vragen wij aan de Raad de tekst over planologische overeenkomsten, die er niet zijn, te laten vervallen.
Onder punt 3 van de Raadsinformatiebrief van 7 mei 2024 schrijft B&W “dat de zienswijzen volledig zijn beoordeeld en niet slechts de samenvatting is bij de afweging betrokken”. Hoe weet de Raad en zeker ook de indieners dan hoe omgegaan is met de ingediende zienswijzen die niet in de samenvatting zijn opgenomen? Wij willen van de Raad hierover uitsluitsel. In de zienswijze heb ik bezwaar gemaakt tegen de benaming Lommerrijk 1a van het ontwerpbestemmingsplan. Het was dan ook verrassend te constateren dat B&W een door ons als het ware gewenste naam “ontwerpbestemmingsplan Van der Duinstraat 102-108” zelf nog steeds gebruikt in de in december 2023 gesloten anterieure overeenkomsten, waar we later zelf nog op terug komen. Dit was ook het moment van ter inzage leggen van het ontwerpbestemmingsplan. Aan de Raad de vraag wat moet de burger nu met dergelijke discrepantie? In de stukken staat dat de gemeente op 30 oktober 2023 (mondeling en/of per email???) de firma Heijmans heeft geïnformeerd over de mogelijke woningbouw (waarover we nu spreken) en geadviseerd om deze informatie door te geven aan de potentiële kopers en op te nemen in de koopaktes. Met een verwijzing in de reactie van B&W dat e.e.a. correct is aangegeven in het participatieverslag vinden wij ook flauw. Daar ging het niet over.
In het bij Raadsinformatiebrief van 17 januari 2023 ter kennisneming gevoegde participatieplan (dat door B&W is vastgesteld lezen we en waarom dan niet ter beschikking gesteld op de inloopbijeenkomst) stond dit vermeld. Wij hebben al eerder gemeld dat dergelijke teksten enkel door de gemeente kunnen zijn geredigeerd. Wij hebben daarom al eerder gesteld dat die teksten uit het participatieplan verwijderd zouden moeten worden. Het is de gemeente bekend en is dezerzijds bij de projectontwikkelaar geverifieerd, waarom Heijmans geen gevolg aan het verzoek van de gemeente heeft gegeven. Ook de gemeente had actie kunnen en moeten nemen omdat zij mede de koopaktes hebben ondertekend. In de aktes is een verplichting voor de gemeente ten aanzien van informatieverstrekking opgenomen, waarvan de tekst opgenomen is in zienswijze 3. Het is zeer onjuist te vermelden dat de gemeente aan haar verplichtingen heeft voldaan vanwege een ABC-levering en naar Heijmans te verwijzen. Wat voor waarde heeft dan een handtekening van een integere overheid op een bij de notaris ondertekende akte, waarin verplichtingen van de gemeente staan opgenomen, die niet nagekomen worden.
Gelden de bepalingen enkel voor de kopers? Naar onze mening heeft de gemeente hiermee in tegenstelling wat gesteld wordt, NIET voldaan aan haar verplichtingen! Wij hebben dan ook grote bezwaren tegen de vermelde visie van de B&W en verzoeken de Raad de tekst aan te passen en de onjuiste bewering van B&W dat de bewoners van Nemerlaer 32 t/m 42 kennis hadden van de mogelijke bouwontwikkeling overal uit de teksten te verwijderen. Verder wordt in de reactie van B&W vermeld dat de ontwikkelaar heeft aangegeven dat diverse kopers destijds geïnformeerd hebben naar mogelijke toekomstige ontwikkelingen in de omgeving, ook ten zuiden van Lommerrijk. Door de kopers van Nemerlaer 32 t/m 42 is dat zeker niet het geval geweest en ook de makelaar heeft niets gemeld. Het door de gemeente gestelde is niet door ons te controleren en geldt met zekerheid niet voor zienswijze 3. Wij vragen de Raad deze niet objectieve tekst in de stukken te schrappen.
Op 13 december 2023 is de Raad geïnformeerd over de ter inzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan. Daarbij werd ook het verslag van de omgevingsdialoog gevoegd. De Raad zou er dan ook vanuit mogen gaan dat voldaan is aan de door de raad vastgestelde Handreiking Participatie. In de zienswijze is al beargumenteerd dat daaraan zeker niet is voldaan en de participatie een dikke onvoldoende verdiend. Ook is bekend dat wij met teksten in het Participatieplan oneens zijn. Bij een goede omgevingsdialoog hoort dat het verslag in concept wordt gedeeld met de aanwezigen om feitelijke onjuistheden te voorkomen. Er is nooit een conceptversie van het verslag verstrekt aan de aanwezigen van de inloopbijeenkomst, zodat er sprake is van een eenzijdig opgesteld verslag door de initiatiefnemers. Wij hebben het vermoeden dat we wellicht nooit een verslag zouden hebben ontvangen, gezien het volgende. Het niet ontvangen van het verslag is bij het gesprek met de gemeente op 8 januari 2024 aangekaart. Onder 3.4d staat vermeld dat de gemeente de initiatiefnemers hierop heeft aangesproken dat ze niet hebben voldaan aan de daarover gemaakte afspraken met de gemeente. Simpele afspraken werden ook hier niet nagekomen!!! Eind van de volgende dag kregen wij een email toegestuurd van de initiatiefnemers met het participatieverslag en de aankondiging van het ter inzage liggende bestemmingsplan.
Dit is drie weken na de ter inzagelegging. Hadden wij dan maar genoegen moeten nemen met de bijlage van het ontwerpbestemmingsplan? De gemeente heeft bestuurlijk goed gehandeld om op 11 januari 2024 de mogelijkheid te bieden om pro forma een zienswijze in te dienen en de termijn met twee weken te verlengen. Het moet voor u duidelijk zijn dat wij geen enkel vertrouwen hebben in de initiatiefnemers over het nakomen van afspraken. We worden nu geconfronteerd met een eenzijdig opgesteld verslag dat bij het ontwerpbestemmingsplan is gevoegd en volgens ons geen weergave geeft van wat aan de orde is geweest. B&W ondersteunt de initiatiefnemers volledig in wat zij geschreven hebben! B&W stellen onder 3.4 e dat reclamant niet concreet aangeeft welke bezwaren of voorstellen gemist worden en er vanuit de gemeente niet op gereageerd kan worden. Een opnieuw vreemde, niets zeggende reactie omdat dit wel staat aangegeven onder 2d van de zienswijze. En later wordt een dergelijke opmerking, die echter niet correct is, alsnog in het verslag gevoegd. Gaarne dus deze woorden uit de reactie verwijderen. Verder stelt de gemeente dat voorstellen van belanghebbenden, voor zover het voorstellen waren, zijn meegenomen in het verslag. Hoe kan de gemeente die kennis hebben als bijvoorbeeld onder 3.2d vermeld wordt dat de gemeente niet verantwoordelijk is voor de gemaakte opmerkingen in het verslag.
Wij vinden het een zeer kwalijke zaak dat B&W dit in de reactie opneemt. Op grond waarvan komt de gemeente tot die veronderstelling, alleen maar omdat de initiatiefnemers dat eenzijdig stellen. Wij vragen de Raad de onjuiste teksten te verwijderen en enkel feitelijk informatie op te nemen. Zoals hiervoor is opgemerkt, wordt door B&W nu alsnog een tekst toegevoegd aan het verslag. Echter deze tekst is onjuist en moet als volgt geredigeerd worden: “De bewoners van Nemerlaer 32 t/m 42 hebben opgemerkt, dat zij het onacceptabel vinden dat de uitritten van mogelijk te realiseren woningen op de Nemerlaer gaan uitkomen in plaats op de Van der Duinstraat. Zij hebben voorgesteld de woningen te laten uitwegen via hun eigen terrein of over een ontsluitingsweg naar de Van der Duinstraat via het te realiseren fietspad”. Aan de Raad wordt verzocht de juiste, hierboven vermelde tekst te laten opnemen.
Nogmaals willen wij aan de Raad voorleggen, dat er bij een goede omgevingsdialoog sprake moet zijn van een verslag, waarin is opgenomen wat daar aan de orde is geweest. Het ontmoet bij ons veel bezwaren dat de initiatiefnemers in feite enkel hun visie in het verslag opnemen, niet opnemen wat ter sprake is geweest (zie voorgaande toevoeging), zaken van na de inloopbijeenkomst kunnen toevoegen en nu weer door de gemeente wordt toegestaan om alsnog toevoegingen in het verslag op te nemen. Wij vragen de Raad of zij ook van mening zijn dat de “omgevingsdialoog” in dit dossier niet overeenkomt met wat de Raad van een dergelijke participatie zou verwachten. In zienswijze 3 wordt ingegaan op de mogelijke bouwfase (van bouwrijp maken tot de oplevering) en de gevolgen daarvan. De initiatiefnemers zeggen toe dat tevoren afspraken worden gemaakt met de aannemer over het voorkomen van overlast in de Nemerlaer. Deze verplichting vloeit voort uit het Besluit bouwwerken leefomgeving. Een verplichting dus! De initiatiefnemers stellen dat voor zover mogelijk de aanvoer van materialen en (onder)aannemers via de eigen percelen aan de van der Duinstraat geregeld zal worden. Gezien onze ervaringen met de initiatiefnemers over het nakomen van afspraken hebben wij daar totaal geen vertrouwen in. Verder geeft de gemeente de initiatiefnemers een zeer lange termijn om de eventuele bouw te realiseren.
Er is geen continue bouwstroom, zodat de bewoners over een periode van 9 jaar te maken krijgen met bouwactiviteiten. Ook de vermelding door de gemeente dat bouwroutes in overleg met aannemer, toezichthouder van het project en/of verkeersdeskundige wordt bepaald, geeft ons totaal geen vertrouwen. We weten nu al dat bij twee bouwpercelen er fysiek geen enkele mogelijkheid aanwezig is om via hun eigen perceel naar de Van der Duinstraat te kunnen en voor het perceel met twee woningen is dit ook niet ruim bemeten. Voor een gewone burger is bij voorbaat al te constateren wat de gevolgen zijn. De term “zoveel mogelijk” stelt in de praktijk hier niets voor! Van een deskundige gemeente hadden wij mogen verwachten dat zij dit zeker ook nu al kunnen beoordelen. Blijft B&W zijn oogkleppen ophouden? Wij zijn ervan overtuigd dat bij de uitvoering door de deskundige van de gemeente wordt geconstateerd dat de mogelijkheid over eigen terrein niet mogelijk is en dus alles toegestaan zal gaan worden. Wat is de inbreng van de bewoners dan nog en moeten we zo maar genoegen nemen met blokkades van de Nemerlaer en veel ongewenst bouwverkeer. Dus de lasten worden weer gelegd bij de bewoners en alle lusten bij de initiatiefnemers. Geen mooi vooruitzicht voor de bewoners en in tegenspraak wat wordt verkondigd.
Wij nodigen de Raad uit om zelf eens in de Nemerlaer te komen kijken en tegen de achtergrond wat hiervoor is gezegd, zelf een oordeel te vormen. Wij verzoeken de Raad niet toe te staan dat dergelijke onredelijke teksten in een reactie worden opgenomen als voor iedereen nu al duidelijk kan zijn wat de negatieve consequenties voor de bewoners zijn. Is het zo moeilijk voor B&W kleur te bekennen. Wij verzoeken de Raad zorg te dragen voor duidelijkheid en wellicht kan een mogelijke bouwtermijn ingekort worden. In zienswijze 3 wordt ook al verwezen naar een noodzakelijk exploitatieplan. Met ieder van de afzonderlijke initiatiefnemers is een anterieure grondexplotatieovereenkomst gesloten, waardoor geen exploitatieplan hoeft te worden vastgesteld. Dit is een besluit dat door de Raad moet worden genomen en niet aan B&W is. De overeenkomsten zijn vanaf begin december 2023 gesloten en dus al eerder in november door B&W geïnitieerd. Maar de Raad
vindt daar ook niets over terug in de raadsinformatiebrief van 13 december 2023, toen het college al volop in actie was. Over transparantie gesproken! De Raad wordt nu alsnog verzocht dat besluit te nemen. Daarom zien we dat de overeenkomsten zijn gesloten zonder een uitvoeringsbesluit van B&W in te vullen en daarom nog steeds niet rechtsgeldig zijn. Dus na goedkeuring Raad getekende overeenkomsten handmatig aanvullen! In de gesloten overeenkomsten wordt, zoals vanavond al eerder genoemd, gesproken van “ontwerpbestemmingsplan Van der Duinstraat 102-108” en niet van “Lommerrijk 1a”! Wat een duidelijkheid binnen de gemeente. In de overeenkomst wordt ook het kostenverhaal voor onder meer de inritten opgenomen, (incl. de het daarin gelegen riool voor de aansluiting op het openbare rioolstelsel) voor rekening van de initiatiefnemer. Wat we niet in de overeenkomsten terugvinden is, zijn de kosten voor de aanleg van compenserende beplanting langs het mogelijke fietspad. In het ontwerpbestemmingsplan is opgenomen dat er compensatie moet komen. Op de tekening is ook duidelijk te zien dat er beplanting verwijderd wordt. Gaarne de kosten van de compensatie alsnog in de overeenkomsten opnemen. Wij verzoeken de Raad de kosten van de compensatie alsnog in de overeenkomsten te laten opnemen. Verder is in de overeenkomst vastgelegd dat de initiatiefnemers de bewoners etc.
op tijd en volledig op de hoogte moeten stellen van alle activiteiten verband houdende met het project etc. In ons eerder betoog is daarop al ingegaan en wij vragen ons af wie gaat dit handhaven gezien onze slechte ervaringen met de initiatiefnemers en de gemeente; zijn we genoodzaakt allemaal Fixi-meldingen te doen. Zoals eerder aangegeven verzoeken wij de Raad de bouwtermijn te minimaliseren en duidelijkheid te geven over de mogelijke bouwfase, zoals ook eerder werd verzocht. B&W heeft een mogelijke mokerslag voor de bewoners van Nemerlaer 32 t/m 34 voor het laatst bewaard. In de zienswijze wordt een argument genoemd, waarop een list moet worden gevonden. In zienswijze 3 wordt vermeld dat de inritten binnen het gebied van het bestemmingsplan uitwerking Lommerrijk fase 2 zijn gelegen en buiten het plangebied van het ontwerpbestemmingsplan. Omdat het ontwerpbestemmingsplan voor 1 januari 2024 (de inwerkingtreding van de Omgevingswet) ter inzage is gelegd, blijft het oude recht van de WRO van toepassing op de procedure. Dit geldt volgens ons dan ook voor wijzigingen het bestemmingsplan uitwerking Lommerrijk fase 2. Zoals in de zienswijze is gesteld is de ontwikkeling in strijd met dit geldende bestemmingsplan en een eventuele aanvraag voor een omgevingsvergunning voor de inritten behoort dan door de gemeente geweigerd te worden.
Wil de gemeente toch meewerken dat zou ook het bestemmingsplan uitwerking Lommerrijk fase 2 gewijzigd moeten worden. Nergens wordt in de reactie ingegaan op de verplichting om het bestemmingsplan Lommerrijk fase 2 volgens de WRO te wijzigen, maar er wordt een konijn uit de hoge hoed getoverd om aan het verzoek van de initiatiefnemers te kunnen voldoen. In eerste instantie wordt in de reactie van B&W gesteld dat het vigerende bestemmingsplan Lommerrijk 2 de mogelijkheid geeft om de inritten te realiseren omdat de bestemming perceelontsluitingen voldoende zou zijn, Dit bestrijd ik, namelijk de bestemming perceelontsluitingen is ondergeschikt aan onder ander de wadi’s en met
perceelontsluitingen wordt wat anders verstaan dan grote inritten. Dus zoals gesteld zijn wij het niet eens met B&W. Al hoe wel B&W van mening is dat de realisering van de inritten wel mogelijk zou zijn, waarom komen zij dan met een creatieve oplossing, die m.i. in strijd is met de WRO. We vergroten even het plangebied van het ontwerpbestemmingsplan fase 1a (dat niet tot het Landgoed Driessen behoort) met de aangrenzende wadi, die tot het bestemmingsplan Lommerrijk fase 2 behoort om de aanleg van ontsluitingspaden (wat een rare woordkeuze!) ten behoeve van aangrenzende bestemming nu wel expliciet mogelijk te maken. B&W gaat zelfs nog verder met deze gekunstelde oplossing door de tekst aan te passen om alsnog de inritten toe te kunnen staan. Past dit onder de algemene beginselen van behoorlijk bestuur om het op deze wijze te doen? In geen enkel bestemmingsplan van Lommerrijk vinden we een dergelijke tekst. Wat staat de bewoners van de Nemerlaer nog meer te verwachten aan creatieve oplossingen om het de initiatiefnemers naar de zin te maken en onze belangen weg te schuiven? Wij maken daarom heel veel bezwaar tegen deze volgens ons in strijd met de WRO onjuiste uitbreiding van het plangebied met gronden gelegen in het bestemmingsplan Lommerrijk 2e fase en een op maat geschreven tekst om de inritten alsnog te kunnen realiseren.
Wij verzoeken de Raad, zonder wijziging van het vigerende bestemmingsplan uitwerking Lommerrijk 2 volgens de WRO, de uitbreiding van het plangebied van het ontwerpbestemmingsplan met die gronden niet goed te keuren. Daarom kunnen de planregels en verbeelding ook niet op de voorgestelde wijze worden aangepast en de inritten expliciet met een specifieke tekst toe worden gestaan. Op verzoek wordt een door de gemeente gemaakte overzichtstekening van de inritten verstrekt. Duidelijk is te zien dat de middelste inrit met nog een extra boogje exact gelegen is voor de woning van de indiener van zienswijze 3. Hartelijk dank daarvoor. Benieuwd of de uitvoering in de toekomst overeenkomstig is. Overigens zit er een klein foutje in de berekening van het vermindering van de berging. Vermeld wordt ook dat bij het ontwerp van het beplantingsplan al rekening zou zijn gehouden met de bouwontwikkeling. We moeten dat maar voor kennisgeving aannemen. Toch moet er beplanting wijken voor de inritten. In het bestemmingsplan wordt gemeld dat er groencompensatie vereist is. De gemeente blijft ons verrassen met steeds nieuwe zaken waarin gesteld wordt dat al rekening is gehouden met een op dat moment nog niet toegestane en goedgekeurde ontwikkeling. Het zal de Raad inmiddels volkomen duidelijk zijn dat wij niet in kunnen stemmen met de inritten door de wadi.
Ik zou nog meer punten aan de orde kunnen stellen. Zoals ons alternatief plan voor het uitwegen middels een ontsluitingsweg via het aan te leggen fietspad. Er zijn binnen uw gemeente meer soortgelijke doodlopende straten met een veelvoud van daaraan gelegen woningen. Wij zijn verheugd dat de uitnodiging van de inloopbijeenkomst bij het bestemmingsplan wordt toegevoegd. De discrepantie met overige stukken is dan duidelijk. Onze mening over compartimentering van de wadi blijft overeind omdat de gootconstructie van de getoonde foto niet overeenkomt met de situatie hier. De betreffende wadi is relatief diep (bodem wadi op 2.50 m + NAP en grond bouwplan 3,50 m + NAP). Ook wordt op de tekening in de
westelijk inrit maar een gootconstructie aangegeven, terwijl er twee strangen zijn van de wadi. Het moet de Raad nu toch wel duidelijk zijn dat de bewoners van Nemerlaer 32 t/m 42 geschrokken en verbijsterd waren toen zij de zienswijze van B&W lazen. Wij voelen ons in de steek gelaten en alles wordt door B&W uit de kast getrokken om de initiatiefnemers ter wille te zijn. Wij verzoeken de Raad niet in te stemmen met de beantwoording door B&W van de zienswijzen en door ons voorgestelde aanpassingen c.a. in ieder geval te verwerken. Het zal duidelijk zijn dat wij van mening zijn dat het ontwerpbestemmingsplan Lommerrijk 1a op deze wijze niet vastgesteld mag worden, o.a. door strijdigheid met de WRO. Wij blijven van mening dat de realisatie van de woningen met inritten op de Nemerlaer op deze manier niet plaats mag vinden. Door de ruimtelijke veranderingen wordt de beleving van de bewoners in de Nemerlaer en de leefomgeving zeer negatief beïnvloed. Er is een oplossing mogelijk om aan onze bezwaren tegemoet te komen. Henk van de Laak, indiener zienswijze 3. 11-6-2024