CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Ruimtelijke onderbouwing

Raadsvergadering (B) 16 december 2021, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Aanwijzingsbesluit geen verklaring van bedenkingen Veerstraat 1 Waspik23.076 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Ruimtelijke onderbouwing

Veerstraat 1, Waspik Gemeente Waalwijk

Algemene gegevens Omschrijving Ruimtelijke onderbouwing voor het afwijken van het bestemmingsplan Gemengd Gebied voor de realisatie van 13 appartementen aan de Veerstraat 1 in Waspik, gemeente Waalwijk. Opdrachtgever Café d’Oude Haven De heer C. Smits Veerstraat 1 5165 VG Waspik T 06-53586423 E contact@ouwehaven.nl W www.ouwehaven.nl Opsteller Teus' Advies Dave Anbeek Ambon 10 3772 ZV Barneveld T 06-15658065 E teus@teusadvies.nl W www.teusadvies.nl Datum | status | versie 9 juni 2021 | definitief | 1.1 2

Inhoudsopgave 1.

Inleiding ......................................................................................................................................... 4 1.1 Aanleiding ..................................................................................................................................... 4 1.2 Ligging en begrenzing................................................................................................................... 4 1.3 Geldend bestemmingsplan ........................................................................................................... 4 1.4 Leeswijzer ..................................................................................................................................... 5

2.

Beschrijvend initiatief .................................................................................................................. 6 2.1 Bestaande situatie ........................................................................................................................ 6 2.2 Nieuwe situatie.............................................................................................................................. 9

3.

Beleidskader ............................................................................................................................... 14 3.1

Rijksbeleid............................................................................................................................ 14

3.2 Provinciaal beleid ........................................................................................................................ 15 3.3 Gemeentelijk beleid .................................................................................................................... 16 4.

Uitvoerbaarheid en overige aspecten ....................................................................................... 18 4.1 Milieuaspecten ............................................................................................................................ 18 4.2 Archeologie, cultuurhistorie en monumenten .............................................................................. 21 4.3 Ecologie ...................................................................................................................................... 22 4.4 Waterparagraaf ........................................................................................................................... 22 4.5 Economische uitvoerbaarheid..................................................................................................... 23

5.

Conclusie .................................................................................................................................... 24

Bijlagen ................................................................................................................................................ 25

3

1. Inleiding 1.1 Aanleiding Aan de Veerstraat 1 in Waspik is het café d’Ouwe Haven aanwezig. De afgelopen jaren is er veel veranderd in de horecabranche. De tijden en omgeving zijn veranderd en het is voor het café niet meer rendabel om door de gaan met de horecafunctie. Om deze reden is de initiatiefnemer voornemens om het pand te slopen en hier 13 appartementen te realiseren. Binnen de huidige bestemming is het niet mogelijk de beoogde woningbouw te realiseren. Deze ruimtelijke onderbouwing is opgesteld om aan te tonen dat het initiatief in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening.

1.2 Ligging en begrenzing Het perceel Veerstraat 1 is gelegen in het noorden van het centrum van Waspik. Circa 8 kilometer ten westen van het perceel is de kern van Waalwijk aanwezig. Circa 450 meter ten noorden van het perceel loopt de snelweg A59. Kadastraal staat het perceel bekend als gemeente Waspik, sectie G, nummer 1369. Het besluitgebied wordt alleen gevormd door het genoemde perceel.

Ligging in de omgeving

1.3 Geldend bestemmingsplan Voor het besluitgebied geldt het bestemmingsplan ‘Gemengd gebied’, vastgesteld door de gemeenteraad op 17 september 2020. In het bestemmingsplan geldt voor het besluitgebied de bestemming ‘Gemengd’. Hiermee zijn deze gronden onder andere bestemd voor wonen in de hoofdmassa en bijbehorende bouwwerken, waarbij maximaal 1 (bedrijfs)woning per bouwperceel is toegestaan en beroeps- of bedrijfsmatige activiteiten. Verder rust op het besluitgebied de aanduiding ‘horeca’ en de aanduiding ‘specifieke vorm van horeca – aanvullende horeca-activiteit’. Met de aanduiding ‘horeca’ is lichte horeca toegestaan. Met de aanduiding ‘specifieke vorm van horeca – 4

aanvullende activiteiten’ is tevens middelzware horeca toegestaan. Verder rust nog de bouwaanduiding ‘vrijstaand’, waarmee uitsluitend vrijstaande hoofdmassa’s gebouwd mogen worden. Het besluitgebied heeft daarnaast de bestemming ‘Waarde – Archeologie – 2’. Hiermee zijn deze gronden, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming, mede bestemd voor het behoud en de bescherming van de te verwachten archeologische waarden. Verder ligt het besluitgebied binnen de gebiedsaanduiding ‘overige zone – kernen in landelijk gebied’, hiermee mag een bouwperceel van een bedrijf ten hoogste 5000 m2 bedragen, en ‘overige zone – stedelijk lint’, hiermee worden bouwregels gegeven voor het bouwen van hoofdmassa’s.

Uitsnede plankaart met het besluitgebied globaal in rood omkaderd. Het initiatief om in het besluitgebied 13 appartementen te bouwen is binnen het geldende bestemmingsplan niet mogelijk. Er is namelijk per bouwperceel 1 (bedrijfs)woning toegestaan. Tevens zijn enkel een vrijstaande hoofdmassa’s toegestaan. Met het initiatief wordt een gestapelde hoofdmassa gebouwd waarin voorzien wordt in 13 woningen. Voor de realisatie van het initiatief is het dus nodig om af te wijken van het bestemmingsplan. Derhalve is deze ruimtelijke onderbouwing opgesteld om aan te tonen dat het initiatief overeen is met een goede ruimtelijke ordening.

1.4 Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt het initiatief beschreven aan de hand van de bestaande en nieuwe situatie. In het derde hoofdstuk wordt dit initiatief getoetst aan het relevante beleidskader. In het vierde hoofdstuk wordt de uitvoerbaarheid aangetoond en worden enkele andere planologische aspecten beschreven. Er wordt afgesloten met de conclusie.

5

2. Beschrijvend initiatief 2.1 Bestaande situatie Hieronder wordt de bestaande situatie beschreven. Allereerst wordt ingegaan op de omgeving van het besluitgebied en vervolgens het specifieke besluitgebied zelf. Omgeving Het besluitgebied is gelegen aan de noordzijde van het centrum van Waspik. Vanaf het centrum is langs de Raadhuisstraat en de Veerstraat sprake van oude bebouwingslinten. Voorheen verbond de Veerstraat de (oude) dorpskern van Waspik, langs de Kerkvaart, met de pontveer over het Oude Maasje. De Kerkvaart (de waterverbinding tussen Waspik en het Oude Maasje), liep richting het noorden door tot aan besluitgebied. In de jaren 50 van de vorige eeuw werden delen van de Kerkvaart gedempt. Weer later, in de jaren 60 van de vorige eeuw werd verbindende functie van de Veerstraat ‘doorsneden’ door de aanleg van de A59. Rond en na dezelfde tijd werden achter de bebouwingslinten woonwijken gebouwd. In de direct omgeving wordt het besluitgebied omgeven door dorpsbebouwing, bestaande uit een mix van woningen, winkels en andere bedrijven. Langs de Veerstraat en de Raadhuisstraat staan de overwegend direct aan de straat, met een grote variatie in bebouwingstypologieën. De woning zijn hoofdzakelijk grondgebonden. Buiten het oude bebouwingslint gaat het hoofdzakelijk om projectmatig opgezet woningbouw, met grondgebonden woningen met een voortuin.

Ten zuiden van het besluitgebied is een park aanwezig.

Luchtfoto van de omgeving Besluitgebied Op het perceel Veerstraat 1 is een café aanwezig. De bebouwing in het besluitgebied bestaat uit een vrijstaand pand met op de begane grond het café en op de verdieping een bedrijfswoning. Verder is binnen het besluitgebied aan de westzijde een terras met overkapping aanwezig. Ook aan de zuid- en

6

oostzijde is een klein terras aanwezig. Ten noorden van het besluitgebied, aan de Diepenbrockstraat, is een parkeerplaats aanwezig. Deze is echter niet gelegen binnen het besluitgebied. Verder wordt het besluitgebied omsloten door de Chopinlaan, Diepenbrockstraat en de Veerstraat. Ten oosten van het besluitgebied is het oude raadhuis van de voormalige gemeente Waspik aanwezig. Hierin is nu een woonvoorziening voor mensen met een beperking gevestigd. Het besluitgebied wordt verder omringd door beplanting aan de noord-, west- en zuidzijde. Direct aan de zuidzijde van het besluit is een park aanwezig.

Luchtfoto met het besluitgebied globaal in rood omkaderd

Aanzicht vanaf de Veerstraat

7

Bovenaanzicht besluitgebied en de kleine terrassen

Zijaanzicht kleine terrassen

8

Bovenaanzicht grote terras

2.2 Nieuwe situatie Aanleiding In de afgelopen jaren hebben de ontwikkelingen in de horecabranche niet stil gestaan. De wijzigingen van het rook- en alcoholbeleid hebben er mede voor gezorgd dat het café in het besluitgebied weinig bezoekers meer trekt. Ook maatschappelijke veranderingen hebben ervoor gezorgd dat het café minder bezoekers krijgt. Zo kiezen jongeren eerder voor een dancefeest of uitgaan in Breda, en heeft de komst van het buurthuis met horecavergunning ervoor gezorgd dat veel grote bijeenkomsten niet meer bij het café georganiseerd worden. Alles afwegende is het voor het café niet rendabel meer om door te gaan met de horecafunctie en daarom is de eigenaar en initiatiefnemer op zoek gegaan naar een andere invulling van het perceel. Uit deze zoektocht is gebleken dat er een sterke vraag naar appartementen is in het centrum van Waspik. Dit blijkt onder andere uit het feit dat andere initiatieven uit de directe omgeving, waarbij appartementen gerealiseerd zijn, sterk overtekend en overvraagd waren. Vooral veel ouderen willen dan ook graag in Waspik blijven wonen. Het voornemen is om de huidige bebouwing in het besluitgebied te slopen en vervolgens een appartementencomplex met in totaal twaalf appartementen en een maisonnette te realiseren. Programma Het nieuwe appartementencomplex krijgt een oppervlakte van circa 500 m2.

Het voornemen is om op de begane grond vier appartementen te realiseren, waarvan er twee een oppervlakte hebben van 83 m2 en twee een oppervlakte van 76 m2. Deze appartementen krijgen een buitenruimte op maaiveld. Daarnaast wordt er op de begane grond voorzien in 6 bergingen van totaal 50 m2 en een entree met berging voor de maisonnette van 16 m2. Op de eerste verdieping komen vier appartementen. Twee hiervan hebben een oppervlakte van 76 m2, één appartement 80 m2 en nog één appartement 83 m2. Op deze verdieping wordt tevens de verdieping van de maisonnette gerealiseerd, met een oppervlakte van 65 m2. Op de tweede verdieping komen ook vier appartementen, waarvan twee een oppervlakte hebben van 80 m2 en de andere twee een oppervlakte van 76 m2. Elk appartement wordt voorzien van een woonkamer, twee slaapkamers, een badkamer en een keuken. Verder wordt op de tweede verdieping nog voorzien in een daktuin. In de kelder wordt in de overige zes bergingen voorzien, met een totale oppervlakte van 125 m2.

9

Uitwerking Het pand wordt één geheel met een alzijdige uitstraling. De woningen zijn zowel op de openbare weg als op het zuidelijk gelegen park georiënteerd. Bij het nieuwe complex is een duidelijke geleding in de gevels herkenbaar. De gevels van het gebouwen worden als het ware opgedeeld in blokken. De korrelgrootte en diversiteit hiervan zijn passend in de omgeving. In elk blok wordt de maat van de individuele woning zichtbaar gemaakt, onder andere door de kleur van het metselwerk en de dakvorm. Door diverse breedtes, hoogtes en een lichte verspringing in de voorgevellijn te hanteren ontstaat een gevarieerd gevelbeeld, wat kenmerkend is in de directe omgeving. In het ontwerp is gekozen voor grote ramen, aangezien er daarvan minder gemaakt hoeven te worden en het gevelbeeld daardoor rustig blijft. Door de ramen van de verschillende blokken hetzelfde uit te voeren ontstaat samenhang tussen de blokken. Doordat de diverse blokken op een ander niveau staan ontstaat nuance in het plan, waaronder verspringende vloeren en ramen. Aan de zijde van de Raadhuisstraat staat het gebouw hoger dan aan de andere zijde. Met een verspringing wordt het hoogteverschil langs de Diepenbrockstraat opgelost. De maat en schaal van het gebouw zijn afgestemd op de ruime omgeving van het pand, waaronder het park een de zuidzijde en een ruime straat aan de noordzijde.

Vanuit stedenbouwkundig perspectief biedt de realisatie van het appartementencomplex dan ook een positieve bijdrage aan de ruimtelijke kwaliteit in de omgeving.

Situatietekening nieuwe situatie

Noordgevel

10

Zuidgevel

West- en oostgevel

Plattegrond begane grond

11

Plattegrond eerste verdieping

Plattegrond tweede verdieping

Plattegrond kelder/berging 12

In de nieuwe situatie zal het perceel ontsloten blijven door de Diepenbrockstraat en de Veerstraat. In de ‘Nota Parkeernormen Waalwijk 2015’ is beschreven wat de parkeernormen zijn per functie en woningtype. De appartementen uit het initiatief zijn te plaatsen onder ‘koop, etage (appartement), midden’ en in de bebouwde kom van Waspik. Daarvoor geldt een parkeernorm van 1,9 per woning. Voor de dertien appartementen moet in totaal dus voorzien worden in (maximaal) 24,7, afgerond 25, parkeerplaatsen. In de gemeentelijke parkeernota is verder voor het wijzen van functies en vervangende nieuwbouw beschreven dat in beginsel parkeren op eigen terrein moet plaatsvinden. Wanneer dit niet mogelijk is, moet een parkeeroplossing in de openbare ruimte gevonden worden. In dat geval wordt de parkeerbehoefte van de bestaande functie bepaald die op dat moment op de openbare parkeerplaatsen wordt afgewenteld. Deze parkeerbehoefte mag vervolgens in mindering worden gebracht op de parkeereis van de nieuwe functie. In de gemeentelijke parkeernota is de parkeernorm voor een café in Waspik 6 per 100 m2 bvo. Het café heeft een bvo van circa 250 m2 bvo. Dit komt neer op een parkeerbehoefte van 15 parkeerplaatsen. Dit betekent dus dat de parkeereis voor de nieuwe functie 25 – 15 = 10 parkeerplaatsen bedraagt.

In de bestaande situatie is er op het naastgelegen openbare parkeerterrein ruimte voor 8 à 9 parkeerplaatsen. In de nieuwe situatie wordt dit uitgebreid tot 10 parkeerplaatsen. De nieuwe (netto) parkeerbehoefte kan dan ook opgevangen worden op de naastgelegen parkeerstrook. Aangezien met het initiatief vrijwel het hele perceel bebouwd wordt, is er geen ruimte om op eigen terrein te voorzien in de parkeernorm. Derhalve kan gebruik gemaakt worden van het naastgelegen parkeerterrein. Aangezien op dat parkeerterrein niet voorzien kan worden in 25 parkeerplaatsen, mag de parkeerbehoefte van de bestaande functie in mindering worden gebracht van de parkeereis voor de nieuwe functie. De naastgelegen parkeerstrook betreft echter openbare ruimte en geen eigen terrein. Door Dufec is daarom een parkeeronderzoek uitgevoerd. Dit onderzoek is opgenomen als bijlage 1. In dit onderzoek is onderzocht of in de omgeving voldoende parkeercapaciteit is om de parkeerbehoefte op te vangen van de nieuwe appartementen. Hierbij zijn alle parkeerplaatsen binnen een loopafstand van 100 meter meegenomen. Tijdens het drukste meetmoment (in de nacht van maandag op dinsdag tussen 00:00 en 01:00 uur) is er een restcapaciteit van 57 parkeerplaatsen beschikbaar, uitgaande van een maximaal aanvaardbare parkeerdruk van 85%.

Dit is ruim voldoende om de extra parkeerbehoefte op te vangen, zelfs als geen rekening wordt gehouden met de bestaande parkeerbehoefte van het huidige café.

13

3. Beleidskader 3.1

Rijksbeleid

3.1.1 Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte In de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) staan de plannen van het kabinet voor ruimte en mobiliteit. Zo beschrijft het kabinet in de Structuurvisie in welke infrastructuurprojecten het de komende jaren wil investeren. Provincies en gemeenten hebben meer bevoegdheden in de ruimtelijke ordening gekregen. De Rijksoverheid richt zich op nationale belangen. In de SVIR schetst het kabinet hoe Nederland er in 2040 uit moet zien: concurrerend, bereikbaar, leefbaar en veilig. De Rijksoverheid richt zich op nationale belangen, zoals een goed vestigingsklimaat, een degelijk wegennet en waterveiligheid. Tot 2028 heeft het kabinet in de SVIR drie Rijksdoelen geformuleerd: • de concurrentiekracht vergroten door de ruimtelijk-economische structuur van Nederland te versterken. Dit betekent bijvoorbeeld een aantrekkelijk (internationaal) vestigingsklimaat; • de bereikbaarheid verbeteren; • zorgen voor een leefbare en veilige omgeving met unieke natuurlijke en cultuurhistorische waarden. Provincies en gemeenten hebben in het nieuwe ruimtelijke en mobiliteitsbeleid meer bevoegdheden gekregen. Bijvoorbeeld op het gebied van landschappen, verstedelijking en het behoud van groene ruimte. Provincies en gemeenten weten beter wat er speelt in de regio en wat bewoners, bedrijven en organisaties willen.

Daardoor kunnen zij beter afwegen wat er in een gebied moet gebeuren. Toetsing Uit de SVIR volgen geen uitgangspunten en/of randvoorwaarden voor de herontwikkeling van het plangebied. Met onderhavige ontwikkeling zijn geen nationale belangen in het geding. 3.1.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening Met het vastgestelde Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (30 december 2011), ook wel Barro genoemd, geeft het Rijk algemene regels voor bestemmingsplannen en wordt een aantal van de nationale ruimtelijke belangen uit de voormalige Nota Ruimte gewaarborgd. Doel van dit besluit is bepaalde onderwerpen uit de SVIR te verwezenlijken, dan wel te beschermen. Het gaat hierbij om de volgende onderwerpen: • rijksvaarwegen; • hoofdwegen en hoofdspoorwegen; elektriciteitsvoorzieningen; • buisleidingen van nationaal belang van gevaarlijke stoffen; ecologische hoofdstructuur; • primaire waterkeringen buiten het kustfundament, en IJsselmeergebied (uitbreidingsruimte), Toetsing Gelet op de ligging van het plangebied, alsmede de aard en omvang van de beoogde planontwikkeling dat in het voorliggende bestemmingsplan mogelijk wordt gemaakt, wordt geconcludeerd dat er geen strijdigheid is met het nationaal ruimtelijk belang, zoals neergelegd in het Barro. Voornoemde onderwerpen hebben geen betrekking op het plangebied.

3.1.3 Ladder duurzame verstedelijking Artikel 3.1.6, tweede lid, van het Bro luidt sinds 1 juli 2017 als volgt: "De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien." De 'nieuwe ladder' vergt niet meer dat de 'actuele regionale behoefte' wordt beschreven, volstaan kan worden met de 'behoefte'. Relevant is of er sprake is van een stedelijke ontwikkeling in de zin van het Bro. Artikel 1.1.1, lid 1 Bro geeft de volgende definitie aan stedelijke ontwikkeling: ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, 14

woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen. Voor woningbouwlocaties geldt volgens jurisprudentie (zie de overzichtsuitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State zaaknummer 201608869/1 d.d. 28 juni 2017) dat er 'in beginsel' sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling indien er meer dan 11 woningen worden gerealiseerd. Voor 'wonen' is het daarom de lijn, dat er vanaf 12 woningen sprake is van een stedelijke ontwikkeling. Toetsing Er wordt voldaan aan de Ladder als de woningbouwontwikkeling voorziet in een behoefte en gepland is binnen bestaand stedelijk gebied. Met onderhavig initiatief wordt voorzien in 13 woningen, waarmee sprake is van een (nieuwe) stedelijke ontwikkeling. Die ontwikkeling vindt plaats binnen de bestaande dorpskern van Waspik en daarmee binnen bestaand stedelijk gebied. In de ‘Woonvisie 2020 gemeente Waalwijk’ is aangegeven dat uit kwalitatief woningbehoefteonderzoek is gebleken dat in de een grote vraag is naar gelijkvloers wonen. Verder is beschreven dat het dorpse woonmilieu een van de meest populaire woonmilieus onder de 65+ inwoners is en dat er de komende 10 jaar minimaal 1500 nieuwe woningen gebouwd moeten worden. Onderhavig initiatief is in overeenstemming met de Woonvisie 2020 van de gemeente Waalwijk. Er wordt voorzien in de behoefte naar gelijkvloers wonen in het dorpse woonmilieu.

De appartementen zijn namelijk gelijkvloers en worden voorzien van een lift. Verder bevindt de locatie zich in het dorpse woonmilieu van Waspik. Tevens vindt de ontwikkeling plaats in het bestaande stedelijke gebied van Waspik. De ontwikkeling voorziet dus in een behoefte en in die behoefte wordt binnenstedelijk voorzien. Hiermee wordt dan ook voldaan aan de Ladder.

3.2 Provinciaal beleid 3.2.1 Omgevingsvisie Noord-Brabant De Brabantse Omgevingsvisie is in december 2018 vastgesteld. De Brabantse Omgevingsvisie is een samenhangende visie op de fysieke leefomgeving. De Omgevingsvisie bevat de belangrijkste ambities voor de fysieke leefomgeving voor de komende jaren. Dat gaat om ambities op gebied van de energietransitie, een klimaatproof Brabant, Brabant als slimme netwerkstad en een concurrerende, duurzame economie. De Omgevingsvisie geeft ook aan op welke nieuwe manieren de provincie met betrokkenen wil samenwerken aan omgevingsvraagstukken en welke waarden daarbij centraal staan. In de omgevingsvisie wordt één basisopgave en vier hoofdopgeven voor de toekomst beschreven. De basisopgave luidt als volgt: werken aan veiligheid, gezondheid en omgevingskwaliteit. De vier hoofdopgaven hierbij zijn: 1. Werken aan de Brabantse energietransitie. 2. Werken aan een klimaatproof Brabant. 3. Werken aan de slimme netwerkstad. 4. Werken aan een concurrerende, duurzame economie. In de omgevingsvisie wordt bij energietransitie genoemd dat de provincie zich inzet voor de transitie van de woningvoorraad en andere gebouwen naar energieneutraal, te beginnen met energiebesparing. Bij de opgave slimme netwerkstad wordt beschreven dat herbestemmen het nieuwe bouwen is.

Als gevolg van economische, technologische en maatschappelijke ontwikkelingen staan de steden en dorpen in Brabant steeds vaker voor (omvangrijke) herbestemmings- en transformatieopgaven in hun bebouwde gebied. Hier liggen interessante kansen voor het toekomstbestendig maken van het stedelijk gebied en ook voor het creëren van ruimte voor nieuwe economische ontwikkelingen en voor woningbouw. De komende 10 jaar is de woningbouwopgave namelijk circa 120.000 woningen. Verder beschrijft de omgevingsvisie geen relevante uitgangspunten omtrent (vervangende) woningbouw. Toetsing De realisatie van het appartementencomplex is in overeenstemming met de opgaven voor de slimme 15

netwerkstad. Er wordt namelijk een bijdrage geleverd aan de woningbouwopgave en tevens wordt het gerealiseerd binnen het bestaande stedelijke gebied. Bij de realisatie van de appartementen zal gebruik worden gemaakt van energiebesparende materialen en technieken, waaronder goede isolering. Daarmee is het initiatief overeen met de Brabantse Omgevingsvisie. 3.2.2 Interim omgevingsverordening Noord-Brabant In de interim omgevingsverordening van Noord-Brabant zijn alle provinciale regels over de fysieke leefomgeving. Navolgend worden de voor het plangebied relevante bepalingen uit de omgevingsverordening aangehaald en getoetst aan het initiatief. Artikel 3.42 Duurzame stedelijke ontwikkeling 1. Een bestemmingsplan dat voorziet in de ontwikkeling van een locatie voor wonen, werken of voorzieningen ligt binnen Stedelijk gebied en bevat een onderbouwing dat: a. de ontwikkeling past binnen de regionale afspraken, bedoeld in afdeling 5.4 Regionaal samenwerken; b. het een duurzame stedelijke ontwikkeling is. 2. Een duurzame stedelijke ontwikkeling voor wonen, werken of voorzieningen: a. bevordert een goede omgevingskwaliteit met een veilige en gezonde leefomgeving; b. bevordert zorgvuldig ruimtegebruik, waaronder de transformatie van verouderde stedelijke gebieden; c. geeft optimaal invulling aan de mogelijkheden voor productie en gebruik van duurzame energie; d.

houdt rekening met klimaatverandering, waaronder het tegengaan van hittestress en voldoende ruimte voor de opvang van water; e. geeft optimaal invulling aan de mogelijkheden voor duurzame mobiliteit; f. draagt bij aan een duurzame, concurrerende economie.

Toetsing Op moment van schrijven is de regionale omgevingsagenda, zoals bedoeld in afdeling 5.4 Regionaal samenwerken, nog niet vastgesteld. Daarom kan niet beoordeeld worden of dit initiatief past in de regionale omgevingsagenda. Wel is duidelijk geworden dat het initiatief past in de woningbehoefte van Brabant, wat ook onderdeel is van een omgevingsagenda. Verder is er met het initiatief sprake van een duurzame stedelijke ontwikkeling. De omgevingskwaliteit wordt met het initiatief bevorderd. Verder is er met het initiatief sprake van zorgvuldig ruimtegebruik, aangezien het initiatief vervangende nieuwbouw betreft. Verder zal er gekeken worden hoe er de mogelijkheden voor productie en gebruik van duurzame energie optimaal ingevuld kan worden, bijvoorbeeld door zonnepanelen en/of een warmtepomp. De appartementen zullen goed geïsoleerd worden, waarmee de hittebestendigheid van het pand bevorderd wordt. In de waterparagraaf wordt ingegaan op de wateraspecten. Het initiatief is overeen met de provinciale omgevingsverordening.

3.3 Gemeentelijk beleid 3.3.1 Structuurvisie Waalwijk 2025 De structuurvisie van Waalwijk is vastgesteld op 4 februari 2016. De structuurvisie beschrijft het gemeentelijke beleidskader voor toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen. Specifiek voor het thema Wonen beschrijdt de gemeente de volgende speerpunten: • Bestaande woongebieden vraaggericht herstructureren volgens duurzaamheidsladder en thematisering. • Overige (nieuwe) woningbouwlocaties vraaggericht ontwikkelen volgens duurzaamheidladder en thematisering. • Scheiden wonen – zorg. Het relevante uitgangspunt voor het initiatief is bestaande woongebieden vraaggericht herstructureren volgens duurzaamheidsladder en thematisering. Bij dit uitgangspunt wordt onder andere beschreven dat er vraag is naar meer kleinere woningen voor bijvoorbeeld jongeren en ouderen en

16

levensloopbestendige woningen. Verder zijn groepen die specifieke aandacht vragen: ouderen, lagere en middeninkomens en starters. Toetsing Dit initiatief past goed binnen de gemeentelijke structuurvisie. Er worden namelijk woningen gebouwd die zowel geschikt zijn voor ouderen als starters en lage- en middeninkomens. Verder is ook voldaan aan de duurzaamheidsladder.

3.3.2 Woonvisie 2020 gemeente Waalwijk. De Woonvisie 2020 van de gemeente Waalwijk is vastgesteld op 17 september 2020. Hierin worden drie hoofdthema’s beschreven: - Betaalbaarheid. - Wonen en zorg. - Leefbaarheid en duurzaamheid Er is beschreven dat de woningmarkt de komende 10 jaar minimaal met 1500 woningen moet groeien. Verder stimuleert de gemeente kleinere woonvormen, innovatieve woonconcepten en/of creatieve woonvormen die passen bij de behoefte van starters, mensen met een middeninkomen en senioren. Verder is, zoals genoemd bij de Ladder, een grote vraag naar gelijkvloers wonen en wonen in het dorpse woonmilieu. Toetsing Onderhavig initiatief is overeen met de gemeentelijke woonvisie. Het was al duidelijk geworden dat het initiatief voorziet in de behoefte voor gelijkvloers wonen en het wonen in het dorpse woonmilieu, onder andere voor senioren en starters. Tevens zijn de beoogde appartementen ook geschikt voor mensen met een middeninkomen.

17

4. Uitvoerbaarheid en overige aspecten 4.1 Milieuaspecten Bodem Volgens artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening dient in verband met de uitvoerbaarheid van een plan onderzoek te worden verricht naar de bodemgesteldheid in het plangebied. Bij functiewijzigingen dient te worden bekeken of de bodemkwaliteit voldoende is voor de beoogde nieuwe functie. Nieuwe bestemmingen dienen bij voorkeur op schone gronden te worden gerealiseerd. Door Montferland Milieu is een verkennend en aanvullend bodemonderzoek uitgevoerd. Dit onderzoek is opgenomen als bijlage 2. Uit dit onderzoek is gebleken dat er alleen een plaatselijke sterke verontreiniging van de bodem is, waar zink, koper en PAK in de ondergrond zijn aangetroffen. Het betreft naar schatting een verontreiniging met een omvang van circa 5 m3. Het betreft derhalve een geval van niet-ernstige bodemverontreiniging. Hiervoor geldt geen saneringsplicht. De locatie wordt met uitzondering van dat deel van de locatie waar de zink, koper en PAK verontreiniging is aangetroffen, geschikt geacht voor de beoogde bestemming. Indien er grondwerkzaamheden gaan plaatsvinden in of nabij de verontreinigde spot dient er een plan van aanpak ingediend te worden bij het bevoegd gezag. Aan de hand van het plan van aanpak kan de verontreiniging verwijderd worden. De bodemkwaliteit staat de uitvoerbaarheid van het bouwplan niet in de weg.

Milieuzoneringen In het kader van een goede ruimtelijke ordening is ruimtelijke afstemming tussen bedrijfsactiviteiten, voorzieningen en gevoelige functies (woningen) noodzakelijk. Bij deze afstemming wordt gebruik gemaakt worden van de richtafstanden uit de basiszoneringslijst van de VNG-brochure ‘Bedrijven en milieuzonering (2009)’. Op meer dan 100 meter van het besluitgebied is een bloemist aanwezig waarvoor milieucategorie 2 geldt, met een bijbehorende richtafstand van 30 meter. Verder zijn er enkele cafés/restaurants aanwezig op meer dan 50 meter van het besluitgebied waarvoor milieucategorie 1, met een richtafstand van 10 meter geldt. Verder zijn er geen milieubelastende functies in de directe omgeving van het besluitgebied. Milieuzoneringen staan de uitvoerbaarheid van onderhavig plan niet in de weg. Geluid De Wet geluidshinder (Wgh) biedt geluidsgevoelige bestemmingen, zoals woningen, bescherming tegen geluidshinder bij de aanleg en wijziging van wegen of bij de bouw van woningen. Op basis van de Wgh zijn er drie geluidsbronnen waarmee bij de planologische medewerking aan nieuwe ontwikkelingen rekening gehouden dient te worden: wegverkeerslawaai, railverkeerslawaai en industrielawaai. In het kader van dit plan is enkel wegverkeerslawaai relevant. Door Groenewold Adviesbureau voor milieu & natuur is een akoestisch onderzoek naar wegverkeerslawaai uitgevoerd.

Dit onderzoek is opgenomen als bijlage 3. Het plangebied is gelegen binnen de invloedsfeer van de volgende wegen: Veerstraat, Diepenbrockstraat, Chopinlaan, Raadhuisstraat. Uit de resultaten van het akoestisch onderzoek blijkt het volgende. De geluidbelasting vanwege de individuele wegen bedraagt in de nieuwe situatie maximaal Lden = 48 dB op de noordgevel (incl. aftrek 5 dB). Hiermee wordt voldaan aan de voorkeursgrenswaarde van Lden = 48 dB. De cumulatieve geluidbelasting zonder aftrek bedraagt maximaal Lcum = 54-55 dB op de noordgevels en de begane grond van de westgevel. Om te voldoen aan een binnenniveau van 33 dB voor de verblijfsgebieden is dan een karakteristieke geluidwering nodig van GA;k = 21-22 dB. Voor de overige gevels geldt de minimumeis uit het Bouwbesluit van GA;k = 20 dB. In een nieuwbouwsituatie is hieraan vrij eenvoudig te voldoen. Ervan uitgaande dat bij de nieuwbouw voldaan wordt aan de minimumeis uit het Bouwbesluit, vormt hinder door wegverkeerslawaai geen belemmering voor onderhavig plan. Luchtkwaliteit In de Wet milieubeheer zijn eigen opgenomen waaraan de luchtkwaliteit in de buitenlucht moet

18

voldoen. Hierbij is onderscheid gemaakt in grenswaarden waaraan nu voldaan moet worden en waaraan in de toekomst voldaan moet worden. De belangrijkste stoffen in de luchtkwaliteitsregelgeving zijn fijnstof en stikstofdioxide. Een (luchtvervuilend) project is alleen toelaatbaar wanneer aannemelijk is gemaakt dat het project aan ten minste één van de volgende voorwaarden voldoet: - Er is geen sprake van een feitelijke of dreigende overschrijding van een grenswaarde; - Een project leidt per saldo niet tot een verslechtering van de luchtkwaliteit; - Een project draagt alleen ‘niet in betekende mate (NIBM)’ bij aan de luchtverontreiniging; - Een project is opgenomen in, of past binnen, het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) of een regionaal programma van maatregelen. Onderhavige onderbouwing voorziet in de realisatie van 13 appartementen. Daarmee valt dit onder de regeling NIBM. Het project valt onder de 'Regeling niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen)' vallen, namelijk in de categorie 1.500 woningen (netto) bij minimaal 1 ontsluitingsweg. Derhalve is het niet nodig luchtkwaliteitsonderzoek uit te voeren voor dit bestemmingsplan.

Met behulp van de Grootschalige Concentratie- en Depositiekaarten Nederland van het RIVM is de luchtkwaliteit in beeld gebracht om te bepalen of ter plaatse van de nieuwe woning sprake is van een goed woon- en leefklimaat. In het besluitgebied en de omgeving bedraagt ten aanzien van PM 2,5 de concentratie <10 ug/m³. Voor PM10 en NO2 bedraagt de concentratie respectievelijk <18 ug/m³ en 1520 ug/m³. Hiermee wordt ruimschoots aan de streefwaarden voldaan (20 ug/m³ voor PM2,5, 40 ug/m³ voor PM10 ug/m³ en 40 ug/m³ voor NO2). De kaarten voor 2030 laten zien dat dit nog verder gaat verbeteren. Ook vanuit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening en gelet op de luchtkwaliteit gaat dan ook sprake zijn van een goed woon- en leefklimaat in de nieuwe woning.

Uitsnede Grootschalige Concentratie- en Depositiekaarten Nederland: PM2,5 in 2030

19

Uitsnede Grootschalige Concentratie- en Depositiekaarten Nederland: PM10 in 2030

Uitsnede Grootschalige Concentratie- en Depositiekaarten Nederland: NO2 in 2030 Externe veiligheid Het beleid voor externe veiligheid is gericht op het verminderen en beheersen van risico's van zware ongevallen met gevaarlijke stoffen in inrichtingen en tijdens het transport ervan. Op basis van de criteria zoals onder andere gesteld in het Besluit externe veiligheid inrichtingen (verder: Bevi) worden bedrijven en activiteiten geselecteerd die een risico van zware ongevallen met zich mee (kunnen) brengen. Daarbij gaat het vooral om de grote chemische bedrijven, maar ook om kleinere bedrijven als LPG-tankstations en opslagen van bestrijdingsmiddelen. Daarnaast zijn (hoofd)transportassen voor gevaarlijke stoffen, zoals buisleidingen, spoor-, auto-, en waterwegen, ook als potentiële gevarenbron aangemerkt.

20

Uitsnede risicokaart met het plangebied in rood aangeduid Het besluitgebied ligt niet in de invloedsfeer van Bevi-bedrijven en transportassen voor gevaarlijke stoffen. Ten zuidwesten van het besluitgebied, op circa 800 meter, is een aardgasleiding en een Bevibedrijf aanwezig. Gezien de afstand tot het plangebied wordt geconcludeerd dat deze leiding geen belemmering vormt voor onderhavig plan. Voor het besluitgebied is verder het vervoer van gevaarlijke stoffen over de A59 relevant. Het besluitgebied ligt alleen in het invloedsgebied voor het groepsrisico. Het besluitgebied ligt op circa 450 meter afstand van de A59. Uit de Beleidsvisie Externe Veiligheid Gemeente Waalwijk 2017 volgt dat binnen een afstand van meer dan 200 meter en tot 750 meter de externe veiligheidsrisico’s bij nieuwe ontwikkelingen dusdanig beperkt zijn dat volstaan kan worden met de standaardverantwoording van het groepsrisico en dat het standaardadvies van de veiligheidsregio geldt. Externe veiligheid staat de beoogde ontwikkeling dan ook niet in de weg. De standaardverantwoording van het groepsrisico is opgenomen als bijlage 2. Het standaardadvies van de veiligheidsregio is opgenomen als bijlage 3. Externe veiligheidsrisico’s staan de uitvoerbaarheid van onderhavig plan niet in de weg.

Milieueffectrapportage Dit plan bevat geen activiteiten die zijn opgenomen in onderdeel C of D van de bijlage in het Besluit milieueffectrapportage. Verder zijn milieueffecten in deze paragraaf onderzocht. Hieruit volgt geen aanleiding om tot een vormvrije m.e.r.-beoordeling over te gaan.

4.2 Archeologie, cultuurhistorie en monumenten Op de gemeentelijke archeologische beleidskaart ligt het besluitgebied in een gebied aangeduid als ‘Categorie 2 Gebied van archeologische waarde’. Hiervoor geldt een onderzoeksplicht voor het bouwen van bouwwerken met een oppervlakte groter dan 100 m2 en dieper dan 30 cm onder het maaiveld. Aangezien dit het geval is, is een archeologisch onderzoek nodig. Door Laagland Archeologie is een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek uitgevoerd. Dit onderzoek is opgenomen als bijlage 5. Navolgend worden de conclusies uit dit onderzoek besproken. Op basis van het bureauonderzoek heeft het plangebied een matige archeologische verwachting voor archeologische resten vanaf het Laat-Paleolithicum tot Laat-Neolithicum/Vroege Bronstijd. De archeologische verwachting geldt omdat voor de dekzandondergrond niet duidelijk is binnen welke landschapseenheid het plangebied gelegen was voordat het overgroeid werd met het Hollandveen.

21

Vanaf de Bronstijd tot Volle Middeleeuwen heeft het plangebied en zijn directe omgeving een lage verwachting omdat het in een veengebied lag. Vanaf de Volle Middeleeuwen werd het plangebied mogelijk in gebruik genomen. Nadat het oorspronkelijke Waspik was weggevaagd door de St. Elizabethvloed, werd de nieuwe kern van Waspik verplaatst en maakt het plangebied er deel van uit. Om die reden is er een matige archeologische verwachting vanaf de Volle Middeleeuwen en een hoge archeologische verwachting vanaf de Late Middeleeuwen. Het uitgevoerde verkennende booronderzoek heeft tot doel het verwachtingsmodel te toetsen en zo nodig aan te vullen. Hiertoe zijn verspreid over het toegankelijke deel van het plangebied verkennende boringen gezet. In dit stadium is verkennend booronderzoek de meest efficiënte onderzoekswijze om de archeologische potentie van het plangebied in kaart te brengen. Op basis van het uitgevoerde booronderzoek is de kans groot dat het plangebied archeologische sporen bevat. In de tuin zijn cultuur- en ophooglagen aangetroffen met een hoge archeologische verwachting voor de periode Late Middeleeuwen tot Nieuwe tijd vanaf ca. 70 cm -mv (0,04 m +NAP). Ter hoogte van de huidige bebouwing bestaat tenminste de bovenste 110 à 120 cm (1,33 à 1,40 m +NAP) uit subrecente ophogingslagen. Onder de subrecente ophogingslagen zijn mogelijke cultuurlagen aanwezig.

Gelet op de te verwachten prospectiekenmerken en prospecteerbaarheid van een eventuele vindplaats wordt geadviseerd dit vervolgonderzoek uit te voeren in de vorm van een proefsleuvenonderzoek conform de KNA Leidraad Inventariserend Veldonderzoek Deel: Proefsleuvenonderzoek (IVO-P).

4.3 Ecologie Door Blom Ecologie B.V. is, in het kader van de Wet natuurbescherming, een quickscan naar beschermde soorten en gebieden uitgevoerd. Dit onderzoek is opgenomen als bijlage 6. Navolgend worden de conclusies uit dit onderzoek besproken. Soortenbescherming De planlocatie heeft mogelijk een essentiële betekenis voor gebouwbewonende vleermuizen en de huismus. Derhalve dient er aanvullend onderzoek uitgevoerd worden om de aan- of afwezigheid van beschermde soorten vast te stellen. De planlocatie is mogelijk geschikt leefgebied voor algemene zoogdieren, foeragerende vleermuizen, amfibieën, insecten en broedvogels welke niet beschermd zijn (behoudens de Algemene zorgplicht) onder de Wet natuurbescherming. Gebiedsbescherming De planlocatie maakt geen onderdeel uit van een Natura 2000-gebied of het Natuurnetwerk Brabant. Gelet op de aard van de werkzaamheden, de afstand tot de gebieden en de beoogde situatie dienen de effecten van stikstofemissie inzichtelijk gemaakt te worden. Dit kan middels de AERIUS-Calculator. Een Voortoets en/of ‘nee, tenzij’-toets is niet noodzakelijk. Voor onderhavige onderbouwing is met AERIUS een stikstofdepositie-onderzoek uitgevoerd door Teus’ Advies. De uitkomsten hiervan zijn opgenomen als bijlage 7. Hieruit blijkt dat er geen negatieve effecten aan de orde zijn door stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden door onderhavige ontwikkeling.

Houtopstanden Op de planlocatie zijn geen houtopstanden aanwezig waarvoor bij kap een meldingsplicht geldt in het kader van de Wet natuurbescherming.

4.4 Waterparagraaf Sinds 1 november 2003 is voor alle ruimtelijke plannen de watertoets verplicht. Het doel van de watertoets is waterbelangen evenwichtig mee te nemen in het planvormingsproces van Rijk, Provincies en gemeenten. Hiermee wordt een veilig, gezond en duurzaam watersysteem nagestreefd. De toets omvat het gehele proces van vroegtijdig informeren, adviseren, afwegen en uiteindelijk beoordelen van de in ruimtelijke plannen voorkomende waterhuishoudkundige aspecten.

22

Met onderhavig plan neemt de bebouwing op het oppervlak toe. Dit zorgt echter niet voor een significante toename in het verhard oppervlak. Het plangebied bestaat grotendeels namelijk al uit bebouwing en bestrating. Daarom zijn geen compenserende maatregelen voor waterberging nodig. Net als in de bestaande situatie zal het hemelwater dat op het appartementencomplex valt via een hemelwaterafvoer afgevoerd worden. Binnen het plangebied is geen oppervlaktewater aanwezig. Negatieve effecten op de waterhuishouding zijn niet aan de orde.

4.5 Economische uitvoerbaarheid Dit plan leidt tot de bouw van een appartementencomplex waarin voorzien wordt in 13 wooneenheden. Het betreft een particulier initiatief waaraan geen kosten voor de gemeentelijke overheid verbonden zijn. De bestaande bebouwing maakt plaats voor het appartementencomplex die kan voldoen aan de laatste eigen omtrent bouwkwaliteit, wooncomfort en duurzaamheid. Het is aannemelijk dat dit initiatief financieel-economisch uitvoerbaar is. Op basis van artikel 6.12, eerste lid van de Wet ruimtelijke ordening (Wro), dient een exploitatieplan te worden vastgesteld op gronden waarop een bouwplan voorkomt dat in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is aangewezen. Dit plan voorziet in een bouwplan in de zin van het Bro. Op grond van artikel 6.12.2a Wro hoeft geen exploitatieplan te worden vastgesteld wanneer het verhaal van kosten op andere wijze verzekerd is. De initiatiefnemer zal met de gemeente Waalwijk een anterieure overeenkomst sluiten. Hierdoor kan worden afgezien van het vaststellen van een exploitatieplan.

23

5. Conclusie Initiatiefnemer heeft het voornemen om aan de Veerstraat 1 in Waspik de aanwezige bebouwing te slopen en een appartementencomplex op het terrein te realiseren. Binnen het geldende bestemmingsplan is het initiatief niet mogelijk, aangezien er per bouwperceel maximaal 1 woning toegestaan is. Derhalve dient voor de realisatie van het initiatief afgeweken te worden van het bestemmingsplan. Om aan te tonen dat dit initiatief wel in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening is deze ruimtelijke onderbouwing opgesteld. Uit de situatiebeschrijving is gebleken dat het appartementencomplex ruimtelijk goed inpasbaar is. Het pand wordt ontworpen met verzorgde gevels richting de openbare weg. Hoewel het pand één geheel is, is er aan de buitenkant sprake van gelede gevels, met variaties in hoogte, kapvormen, kleurgebruik en gevellijnen. Dit geeft het nieuwe pand een diverse, aantrekkelijke uitstraling. In principe kan er niet voldaan worden aan de gemeentelijke parkeereis op eigen terrein. Echter mag de parkeerbehoefte van de bestaande functie in mindering worden gebracht op de parkeereis van de nieuwe functie. In de nieuwe situatie wordt voorzien in 10 parkeerplaatsen en in de omgeving is, in de openbare ruimte, voldoende parkeercapaciteit beschikbaar, waarmee conform het bepaalde in de gemeentelijke parkeernota voldaan wordt aan de parkeereis.

Uit het beleidskader is gebleken dat het initiatief voldoet aan de Ladder voor duurzame verstedelijking. Er wordt namelijk voorzien in meerdere behoeftes uit de omgevingsvisie van Noord-Brabant, de Structuurvisie en Woonvisie van Waalwijk. Zo is er onder andere vraag naar gelijkvloers wonen en woningen voor starters, ouderen en mensen met een middeninkomen. De beoogde appartementen spelen hier dan ook goed op in. Uit de uitvoerende beschouwing blijkt dat er geen aspecten zijn die de uitvoerbaarheid van onderhavig plan in de weg staan. Daarmee is dit plan in overeenstemming met een goede ruimtelijke ordening.

24

Bijlagen

25

Bijlage 1 Parkeeronderzoek

PARKEERONDERZOEK VEERSTRAAT 1 WASPIK

VERANTWOORDING

INHOUD

Onderzoek:

Parkeeronderzoek Veerstraat 1 Waspik

Dataverzameling ____________________________________________________________ 3

Datum:

September 2020

Versie:

Definitief 12-10-2020

Opdrachtgever:

Dataverwerking _____________________________________________________________ 5 Conclusie ___________________________________________________________________ 6 Resultaten __________________________________________________________________ 7

Van der Wegen Edward van der Wegen

Opdrachtnemer:

Dufec Poststraat 66, 5038DH Tilburg Postbus 3253, 5003DG Tilburg 013 460 9981 www.dufec.nl, www.basec.nl

Auteur:

Ferry de Bruin ferry.debruin@dufec.nl

Projectleider:

Rob Croes rob.croes@dufec.nl

2

DU FE C

DATAVERZAMELING AANLEIDING De opdrachtgever is voornemens een appartementencomplex te realiseren op de

Ontwikkellocatie en straten in onderzoeksgebied

locatie van een bestaand horecabedrijf gelegen aan de Veerstraat 1 in Waspik. Op grond van het geldende bestemmingsplan moet bij een nieuwe ontwikkeling danwel gewijzigd gebruik op het eigen perceel worden voorzien in voldoende parkeergelegenheid om de extra parkeerbehoefte op te vangen. Hierbij moet worden uitgegaan van de parkeernormen zoals aangegeven in de gemeentelijke parkeernota. Volgens Architectenbureau Roodkapje kent de parkeernorm bij deze ontwikkeling een parkeerbehoefte van 20,8 parkeerplaatsen bij goedkope etagewoningen (1,6 x 13 = 20,8 parkeerplaatsen). Voor een mix van goedkope en middeldure etagewoningen een parkeerbehoefte van 23,2 parkeerplaatsen ([1,9 x 8 = 15,2] + [1,6 x 5 = 8] = 23,2 parkeerplaatsen). Deze parkeerbehoefte zal in de omgeving moeten worden opgelost op openbare toegankelijke parkeerplaatsen. Gemeente Waspik kan hier alleen medewerking aan verlenen als met representatieve metingen is aangetoond dat er voldoende parkeergelegenheid is binnen een loopafstand van 100 meter. Onderzoeksbureau Dufec heeft in september 2020 het gebied rondom de ontwikkellocatie een parkeeronderzoek uitgevoerd om inzicht te krijgen in de beschikbare restcapaciteit in de omgeving.

ONDERZOEKSGEBIED Het onderzoek is uitgevoerd in de omgeving van de ontwikkellocatie. In het onderzoek zijn enkel openbaar toegankelijke parkeerplaatsen meegenomen. In het onderzoeksgebied is sprake van gratis parkeren.

3

DU FE C

METHODE De parkeercapaciteit is voorafgaand aan de metingen geïnventariseerd. Hiervoor is een sectie-indeling gemaakt (zie figuur vorige pagina). Een sectie is doorgaans een

Tijdens de meetmomenten zijn per sectie de geparkeerde voertuigen geregistreerd op het volgende detailniveau:

wegvak van hoek tot hoek.

x

Goed geparkeerd

x

Fout geparkeerd (op het trottoir, buiten de vakken e.d.)

Binnen een sectie zijn de volgende categorieën openbare parkeerplaatsen afzonderlijk

x

Obstakel (container, aanhanger, caravan e.d.)

geïnventariseerd: x

Buiten voorzieningen (langsparkeren)

WEER EN BIJZONDERHEDEN

x

In voorzieningen (vakken)

De weersomstandigheden waren als volgt: x

Het onderscheid tussen parkeervakken en -havens enerzijds en langsparkeren anderzijds wordt bepaald door het feit of er een voorziening is aangelegd (vak of haven) of niet (op de rijbaan langsparkeren). Het verschil tussen vakken en havens wordt bepaald door de aanwezigheid van een vorm van vakindeling. Voor de

Vrijdag 25 september 2020: regenachtig (19.7 mm, 6.8 uur), vrijwel geheel bewolkt, 14 °C

x

Dinsdag 28 september 2020: lichte neerslag (1.1 mm, 2.9 uur), vrijwel geheel bewolkt, 20 °C

(KNMI weerstation Gilze-Rijen)

benodigde ruimte van een personenauto is 6 meter gehanteerd. Bij langsparkeren is de beschikbare straatlengte opgemeten en deze gedeeld door 6 om tot de

De keuze voor de uitgevoerde onderzoeksopzet komt volledig voor rekening van de

parkeercapaciteit te komen. Verder is de straatbreedte opgemeten (aan de hand van

opdrachtgever. Het is aan de opdrachtgever om met de gemeente kort te sluiten dat

de uitgangspunten van de gemeente) om te bepalen of langsparkeren (aan één of

het uitgevoerde onderzoek voldoet aan de voorwaarden van de gemeente.

beide zijden) toegestaan is. De metingen zijn uitgevoerd tijdens de volgende perioden: x

Vrijdag 25 september 2020: o

x

00:00 - 01:00 uur

Dinsdag 28 september 2020: o

00:00 - 01:00 uur

Tijdens elke periode is één meting uitgevoerd.

4

DU FE C

DATAVERWERKING De dataverwerking bestaat uit verificatie, validatie en analyse. Tijdens de eerste stap is gekeken of de data van de metingen compleet is. Zijn metingen uitgevoerd tijdens alle meetmomenten en in alle secties? Vervolgens zijn de volgende controles uitgevoerd: x

Is de parkeerbezetting hoger dan de capaciteit? Zo ja, is dat verklaarbaar?

x

Is het verloop van de parkeerbezetting logisch?

x

Liggen de resultaten in lijn met eerdere tellingen (indien beschikbaar)?

De parkeerdruk is berekend door het aantal goed en fout geparkeerde voertuigen en het aantal obstakels op openbare parkeerplaatsen te delen door de capaciteit van de sectie. Voor de gemeente dient te worden aangetoond dat er voldoende parkeergelegenheid is binnen het afgebakende gebied. Daarbij geldt dat de bestaande bezetting samen met de parkeerbehoefte van het plan een maximale parkeerdruk van 85% opleveren. In aanvulling hierop is de restcapaciteit bepaald. De restcapaciteit beschrijft het aantal vrije plaatsen uitgaande van een maximaal aanvaardbare parkeerdruk van 85%. De resultaten zijn opgenomen in de bijlage met daarbij: x

Capaciteit per meetmoment, per sectie/gebied en per categorie

x

Parkeerbezetting/parkeerdruk/restcapaciteit per meetmoment

x

Informatie over het onderzoeksgebied en de meting

5

DU FE C

CONCLUSIE De opdrachtgever is voornemens een appartementencomplex te realiseren op de locatie van een bestaand horecabedrijf gelegen aan de Veerstraat 1 in Waspik. Op grond van het geldende bestemmingsplan moet bij een nieuwe ontwikkeling danwel gewijzigd gebruik op het eigen perceel worden voorzien in voldoende parkeergelegenheid om de extra parkeerbehoefte op te vangen. Hierbij moet worden uitgegaan van de parkeernormen zoals aangegeven in de gemeentelijke parkeernota. Volgens Architectenbureau Roodkapje kent de parkeernorm bij deze ontwikkeling een parkeerbehoefte van 20,8 parkeerplaatsen bij goedkope etagewoningen (1,6 x 13 = 20,8 parkeerplaatsen). Voor een mix van goedkope en middeldure etagewoningen een parkeerbehoefte van 23,2 parkeerplaatsen ([1,9 x 8 = 15,2] + [1,6 x 5 = 8] = 23,2 parkeerplaatsen). Deze parkeerbehoefte zal in de omgeving moeten worden opgelost op openbare toegankelijke parkeerplaatsen. Gemeente Waspik kan hier alleen medewerking aan verlenen als met representatieve metingen is aangetoond dat er voldoende parkeergelegenheid is binnen een loopafstand van 100 meter. Deze metingen zijn uitgevoerd in de nacht van vrijdag 25 september en de nacht van dinsdag 28 september 2020.

Tijdens het drukste meetmoment (in de nacht van maandag op dinsdag tussen 00:00 en 01:00 uur) is er een restcapaciteit van 57 parkeerplaatsen beschikbaar, uitgaande van een maximaal aanvaardbare parkeerdruk van 85%. Dit is ruim voldoende om de extra parkeerbehoefte van 20,8 parkeerplaatsen bij een ontwikkeling van goedkope etagewoningen of een extra parkeerbehoefte van 23,2 parkeerplaatsen bij een ontwikkeling van een mix van goedkope en middeldure etagewoningen op te vangen.

6

DU FE C

RESULTATEN

PARKEERONDERZOEK

VEERSTRAAT 1 WASPIK

Motorvoertuigen

Hoofdlijnen SECTIES

Onderzoeksgebied Veerstraat 1 Waspik Loopafstand 100 meter Meting Meetperiode: Vr 25 en di 29 september 2020 Methodiek: Parkeerdrukmeting met waarnemers In opdracht van: Van der Wegen Uitgevoerd door: Dufec

BEZETTING

Sectie

Straatnaam

Capaciteit

1 2 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 Totaal

Veerstraat Het Vaartje Raadhuisstraat Parkeerterrein Raadhuisstraat Kerkvaartsestraat Veerstraat Diepenbrockstraat Chopinlaan Diepenbrockstraat Schubertlaan De Roonlaan Diepenbrockstraat Parkeerterrein De Roonstraat

5 8 12 13 8 17 9 7 3 3 3 2 19 109

Vr 25-9 0-1u 0 0 1 10 6 5 2 0 0 0 0 0 10 34

Di 29-9 0-1u 0 0 2 11 5 6 1 0 0 0 0 0 10 35

PARKEERDRUK Vr 25-9 0-1u 0% 0% 8% 77% 75% 29% 22% 0% 0% 0% 0% 0% 53% 31%

Di 29-9 0-1u 0% 0% 17% 85% 63% 35% 11% 0% 0% 0% 0% 0% 53% 32%

RESTCAPACITEIT Vr 25-9 0-1u 4 7 9 1 1 9 6 6 3 3 3 2 6 59

Di 29-9 0-1u 4 7 8 0 2 8 7 6 3 3 3 2 6 58 16

VERLOOP PARKEERDRUK

Legenda Parkeerdruk n = 0 - 70% n = 70 - 85% n = 85 - 100% n = ≥ 100% n = geen capaciteit Restcapaciteit n = beschikbaar n = tekort

RESTCAPACITEIT BIJ 85%

100%

110

90%

100

80%

90

70%

80

60%

70

58

34

35

50

40%

20%

85% 59

60

50%

30%

16

40 31%

32%

30

20

10%

10

0%

0 0-1u

0-1u

0-1u

0-1u

Vr 25-9

Di 29-9

Vr 25-9

Di 29-9

Restcapaciteit uitgaande van maximaal aanvaardbare parkeerdruk van 85%.

8

DUFEC

PARKEERONDERZOEK

VEERSTRAAT 1 WASPIK

Motorvoertuigen

Details VRIJDAG 25 SEPTEMBER 2020: 0:00 - 1:00u ALGEMEEN

Onderzoeksgebied Veerstraat 1 Waspik Loopafstand 100 meter Meting Meetperiode: Vr 25 en di 29 september 2020 Methodiek: Parkeerdrukmeting met waarnemers In opdracht van: Van der Wegen Uitgevoerd door: Dufec

Sectie 1 2 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 Totaal

Straatnaam Capaciteit Veerstraat 5 Het Vaartje 8 Raadhuisstraat 12 Parkeerterrein Raadhuisstraat 13 Kerkvaartsestraat 8 Veerstraat 17 Diepenbrockstraat 9 Chopinlaan 7 Diepenbrockstraat 3 Schubertlaan 3 De Roonlaan 3 Diepenbrockstraat 2 Parkeerterrein De Roonstraat 19 109

Goed

Fout

1 10 5 5 2

1

9 32

1 2

Obstakel Totaal 0 0 1 10 6 5 2 0 0 0 0 0 10 0 34

% 0% 0% 8% 77% 75% 29% 22% 0% 0% 0% 0% 0% 53% 31%

DINSDAG 29 SEPTEMBER 2020: 0:00 - 1:00u ALGEMEEN Sectie 1 2 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 Totaal

9

Straatnaam Capaciteit Veerstraat 5 Het Vaartje 8 Raadhuisstraat 12 Parkeerterrein Raadhuisstraat 13 Kerkvaartsestraat 8 Veerstraat 17 Diepenbrockstraat 9 Chopinlaan 7 Diepenbrockstraat 3 Schubertlaan 3 De Roonlaan 3 Diepenbrockstraat 2 Parkeerterrein De Roonstraat 19 109

Goed

Fout

2 11 4 6 1

1

10 34

1

Obstakel Totaal 0 0 2 11 5 6 1 0 0 0 0 0 10 0 35

% 0% 0% 17% 85% 63% 35% 11% 0% 0% 0% 0% 0% 53% 32%

DUFEC

PARKEERONDERZOEK

VEERSTRAAT 1 WASPIK

Motorvoertuigen

Capaciteit SECTIES

Onderzoeksgebied Veerstraat 1 Waspik Loopafstand 100 meter

Meting Meetperiode: Vr 25 en di 29 september 2020 Methodiek: Parkeerdrukmeting met waarnemers In opdracht van: Van der Wegen Uitgevoerd door: Dufec

10

CAPACITEIT

TOEVOEGING

Algemeen Langs Vak

Sectie

Straatnaam

Regime

1

Veerstraat

G

5

2

Het Vaartje

G

8

4

Raadhuisstraat

G

9

5

Parkeerterrein Raadhuisstraat

G

13

6

Kerkvaartsestraat

G

8

7

Veerstraat

G

8

Diepenbrockstraat

G

Tweerichtingsstraat met wegbreedte van 6 meter. Aanname: langsparkeren aan zuidzijde toegestaan (31 meter = 5 voertuigen). Sectie loopt tot oversteekplaats bij huisnummer 6. Tweerichtingsstraat met wegbreedte van 8 meter. Aanname: langsparkeren aan beide zijden toegstaan. Zuidzijde (24 meter = 4 voertuigen). Noordzije (6 + 12 + 6 meter = 4 voertuigen)

3

17

9

9

Chopinlaan

G

7

10

Diepenbrockstraat

G

3

Sectie loopt tot en met derde parkeervak. Tweerichtingsstraat met wegbreedte van 5,5 meter. Aanname: langsparkeren aan oostzijde toegestaan (55 meter = 9 voertuigen). Sectie loopt tot en met het achtste parkeervak. Tweerichtingsstraat. Sectie tot en met huisnummer 17. Eénrichitngsstraat met variabele wegbreedte. Aanname: langparkeren aan oostzijde toegestaan (80 meter = 13 voertuigen). langsparkeren aan westzijde alleen in het begin van de straat 4 voertuigen. Parkeerverbod aan noordzijde. Geen langsparkeercapaciteit. Wel haaksvakken aan zuidzijde (21,80 meter = 9 voertuigen). Sectie loopt tot en met huisnummer 4. Tweerichtingsstraat met wegbreedte van 4,70 meter. Parkeerverbod aan westzijde. Aanname: langsparkeren aan oostzijde toegestaan (14 + 14 + 14 + 6 meter = 7 voertuigen). NB Tegenover een uitrit is geen parkeercapaciteit. Tweerichtingsstraat met wegbreedte van 5,7 meter. Parkeerverbod aan noordzijde. Aanname: langsparkeren aan zuidzijde toegestaan (18 meter = 3 voertuigen). NB Tegenover een uitrit is geen parkeercapaciteit.

DUFEC

PARKEERONDERZOEK

VEERSTRAAT 1 WASPIK

Motorvoertuigen

Capaciteit SECTIES

CAPACITEIT

Sectie

Straatnaam

Regime

11

Schubertlaan

G

3

12

De Roonlaan

G

3

13

Diepenbrockstraat

G

2

14

Parkeerterrein De Roonstraat

G

Sectie loopt tot schutting huisnummer 7. Tweerichtingsstraat met wegbreedte van 4,95 meter. Parkeerverbod aan westzijde. Aanname: langsparkeren aan oostzijde toegestaan (12 + 6 meter = 3 voertuigen). Sectie loopt tot einde van parkeerterrein. Tweerichtingsstraat met wegbreedte van 4,90 meter. Aanname: langsparkeren aan één zijde is toegestaan (12 + 6 meter = 3 voertuigen). NB Tegenover een uitrit is geen parkeercapaciteit. Tweerichtingsstraat met wegbreedte van 5,90 meter. Aanname: langsparkeren aan één zijde toegestaan (12 meter = 2 voertuigen). NB Tegenover een uitrit / zijweg is geen parkeercapaciteit.

Vervolg

11

TOEVOEGING

Algemeen Langs Vak

19

Zuidzijde terrein haaksparkeren (31 meter = 12 voertuigen). Noordzijde terrein haaksparkeren links en rechts van huisje (6 + 10 meter = 2 + 4 voertuigen). Voor huisje 1 voertuig.

DUFEC

Bijlage 2 Verkennend bodemonderzoek

Bijlage 3 Akoestisch onderzoek

Akoestisch onderzoek herontwikkeling Veerstraat 1 Waspik

Opdrachtgever

Teus’Advies Ambon 10 3772 TA Barneveld

Contactpersoon

Dave Anbeek dave@teusadvies.nl

Uitvoering

Groenewold Adviesbureau voor milieu & natuur Projectnummer

2021-056

Versie

Mrt.21-v1

Behandeld door

Lex Groenewold

Datum

23 maart 2021

Dokter Holtropstraat 97 • 3851 JH • Ermelo• Tel.: 06-533 616 75 Website: www.groenewoldmilieu.nl • e-mail: info@groenewoldmilieu.nl KvK: 08178662 • BTW NL001508693B90 • Bank: NL26 INGB 0673 0025 27

Inhoudsopgave 1. 2. 3. 4.

Aanleiding en doel ......................................................................................................... 3 Beschrijving situatie ....................................................................................................... 3 Geluid in de leefomgeving .............................................................................................. 4 Wettelijk kader ............................................................................................................... 4 4.1 Wet geluidhinder algemeen .................................................................................... 4 4.2 Relatie ruimtelijk plan en Wet geluidhinder.............................................................. 4 4.3 Gemeentelijk geluidbeleid ....................................................................................... 5 4.4 Bouwbesluit ............................................................................................................ 5 5. Reken- en meetmethode ................................................................................................ 6 6. Verkeersgegevens ......................................................................................................... 7 7. Rekenresultaten ............................................................................................................. 8 8.

Samenvatting en conclusies........................................................................................... 9 Bijlagen ................................................................................................................................. 9

Bijlagen 1. Situatieschets 2. Figuren met rekenresultaten 3. Uitdraai invoergegevens 4. Verkeersgegevens

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10686658/1