CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage bij Motie Subsidie Schoenenkwartier Memorie van Toelichting

Raadsvergadering 11 september 2025, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Motie Schoenenmuseum1.565 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Memorie van toelichting In deze memorie van toelichting verduidelijken we het dictum van de motie zodat voor iedereen duidelijk is wat de constructieve bedoeling en intentie van de motie is. 1. De voorgenomen structurele subsidieverhoging voor het SchoenenKwartier van € 206.000,-, onder voorbehoud van een onafhankelijke evaluatie en nieuwe prestatieafspraken, vanaf 2028 structureel in de meerjarenbegroting op te nemen. In dit eerste dictum geven we aan dat we als Gemeenteraad van Waalwijk, SprangCapelle en Waspik (nu: Raad) het college toestemming geven om in de aankomende begroting (2026-2029) de structurele subsidieverhoging, onder voorwaarden, vanaf het begrotingsjaar 2028, op te nemen. In de praktijk wil dat zeggen dat het college bij de subsidieaanvraag van het SchoenenKwartier voor 2028 ev. een voorbehoud dient maken voor het vrijgeven van de € 206.000 totdat een onafhankelijke evaluatie heeft plaatsgevonden en nieuwe financiële- prestatieafspraken zijn vastgesteld. Dit geeft het SchoenenKwartier bedrijfsmatig de benodigde zekerheid. In dictum vijf gaan we verder in op dit voorbehoud en de manier van vrijgave/activering van deze middelen. 2. De bestaande opstartsubsidie, aangevuld met aanvullende inspanningsverplichtingen, met twee jaar te verlengen zodat het SchoenenKwartier de tijd krijgt om te groeien naar het gewenste ambitieniveau.

In dictum één wordt ingegaan op de situatie na 2027. In dit tweede dictum stellen we voor om de bestaande opstartsubsidie voor de jaren 2026 en 2027 te verlengen, aangevuld met aanvullende inspanningsverplichtingen. Zo krijgt het SchoenenKwartier de kans om door te groeien naar het gewenste ambitieniveau. Met deze verlenging erkennen we dat de instelling te maken heeft gehad met omstandigheden (bv. Covid) die de ontwikkeling hebben vertraagd, en bieden we ruimte om in de komende twee jaar zichtbare vooruitgang te realiseren. 3. Voor de jaren 2026-2027 de volgende inspanningsverplichtingen toe te voegen aan de prestatieafspraken en deze mee te nemen in de bovengenoemde onafhankelijke evaluatie: Dit dictum heeft als doel de prestatieafspraken voor het SchoenenKwartier aan te vullen met een drietal (toekomstgerichte) inspanningsverplichtingen. Onder een inspanningsverplichting verstaan we: “Bij een inspanningsverplichting is een partij gebonden om zich aantoonbaar in te zetten om een bepaald doel te bereiken. Het behalen van het resultaat is niet gegarandeerd, en het niet behalen ervan leidt niet automatisch tot consequenties”. De prestatieafspraken en toegevoegde inspanningsverplichtingen worden meegenomen in de onafhankelijke evaluatie (dictum 5). Hieronder leggen we de inspanningsverplichtingen uit:

3a. Het SchoenenKwartier spant zich aantoonbaar in om het jaarlijkse bezoekersaantal te laten groeien, met een streefaantal van 33.000 tot 35.000 betalende bezoekers per jaar; In dit subdictum wordt voorgesteld dat de organisatie zich aantoonbaar inspant om het jaarlijkse aantal betalende bezoekers te verhogen tot een streefaantal van 33.000 à 35.000. Betalende bezoekers zijn bezoekers aan het SchoenenKwartier met een regulier entreeticket, degene die via een toegangsregeling met financiële afdracht (zoals de Museumjaarkaart) bezoeken of deelnemen aan een betaalde - al dan niet extern gesubsidieerde - activiteit of dienst. Vrijwilligers of bezoekers die enkel gebruikmaken van gratis toegankelijke ruimten of voorzieningen vallen niet onder betalende bezoekers. 3b. Het SchoenenKwartier spant zich, samen met (subsidie)partners, aantoonbaar in om structureel ten minste 10% van haar basissubsidie van € 1,1 miljoen te verkrijgen als langdurige exploitatiebijdragen, van (inter)nationale partners binnen de schoenen- en lederbranche en/of het (lokale) bedrijfsleven; Dit subdictum roept op tot een gezamenlijke inspanning om jaarlijks ten minste 10% van de basissubsidie van € 1,1 miljoen (€ 110.000) aanvullend te verwerven.

Deze verantwoordelijkheid ligt niet alleen bij het SchoenenKwartier, maar ook bij (subsidie)partners, die worden aangespoord om actief te lobbyen en hun netwerken in te zetten. Om deze middelen te realiseren, zal men gezamenlijk op zoek moeten gaan naar (financiële) steun van (inter)nationale partners uit de schoenen- en lederbranche, evenals van het lokale bedrijfsleven1 — mede vanuit het gedachtegoed van brede welvaart. De extra middelen dienen voort te komen uit exploitatiebijdragen, waarvoor betrokken partijen zich meerjarig (4 tot 6 jaar) committeren. Cruciaal is dat deze aanvullende financiering géén afbreuk doet aan de bestaande structurele subsidie. Het SchoenenKwartier heeft de potentie om uit te groeien tot een verbindende schakel tussen gemeenschap, overheid, kennisinstellingen en bedrijfsleven. Daarnaast kan het nog beter dienen als visitekaartje voor Waalwijk (citymarketing2) en als uithangbord van de brede schoenen- en lederbranche. Om deze positie te bereiken en duurzaam te versterken, is structurele en meerjarige financiële ondersteuning noodzakelijk. De gemeenschap en de gemeente leveren hierin al hun bijdrage. Voor het noodzakelijke ‘vet op de botten’ zal echter ook een substantiële bijdrage vanuit de branche en het lokale bedrijfsleven nodig zijn. Dit dictum fungeert dan ook indirect als een brede maatschappelijke oproep

1

De suggestie vanuit de raad is om samen te komen tot een gedragen sponsor- en communicatieplan. De groei van het SchoenenKwartier hangt mede af van externe factoren zoals citymarketing en goede bereikbaarheid. Deze zijn essentieel, maar vallen buiten de directe invloedssfeer van de instelling. 2

3c. Het SchoenenKwartier spant zich aantoonbaar in om voor de periode 2029–2034 een duurzame en evenwichtige financieringsmix tot stand te brengen. Dit subdictum heeft als doel dat het SchoenenKwartier voor de periode 2029–2034 (6 jaar) toewerkt naar een duurzame en evenwichtige financieringsmix. De gekozen termijn van zes jaar biedt ruimte voor strategische ontwikkeling en overstijgt een reguliere bestuurs- en subsidieperiode (Cultuurfonds 2029-2032) hetgeen bijdraagt aan de continuïteit. Enkele elementen van deze financieringsmix zijn al in de vorige inspanningsverplichtingen benoemd (3a en 3b). Aanvullend dient te worden ingezet op het aantrekken van subsidies (Rijk, Provincie) en het verwerven van bijdragen van private partijen (giften, exploitatiebijdragen) en maatschappelijke fondsen die aansluiten bij de doelstellingen van het SchoenenKwartier. Door een gediversifieerde inkomstenbasis kan het SchoenenKwartier beter functioneren als maatschappelijke onderneming omdat de afhankelijkheid van één financieringsbron verminderd. Het draagt bij aan de financiële weerbaarheid van de instelling. De gemeentelijke bijdrage is het fundament om te groeien maar aanvullende financiering is noodzakelijk. Idealiter groeien we richting 2034 naar een financieringsmix waarin de bijdrage van de gemeente Waalwijk ongeveer 45 procent bedraagt (o.b.v.

basissubsidie+), aangevuld met 20 procent van (samenwerkings)partners, 20 procent uit eigen verdiencapaciteit (verkoop, diensten, giften etc.) en 15 procent uit overige subsidies e/o fondsen. 4. De systematiek impactgericht subsidiëren voor maatschappelijke organisaties, toe te passen op het SchoenenKwartier, waarbij de raad actief wordt geïnformeerd over het proces en nieuwe (prestatie)afspraken. In dit dictum wordt aangesloten bij de nieuwe systematiek van impactgericht subsidiëren die de gemeente Waalwijk wil invoeren. In 2026, bij de start van de nieuwe bestuursperiode, wordt deze systematiek actief aangekondigd, maar nog niet daadwerkelijk ingevoerd. De verwachting is dat in 2027 – met het oog op de begroting voor 2028 en de daaropvolgende jaren – de nieuwe werkwijze wordt geïmplementeerd en dat er afspraken worden gemaakt met maatschappelijke organisaties, zoals het SchoenenKwartier. De invoering van een nieuwe systematiek is een ingrijpende verandering, die mogelijk gepaard gaat met ‘kinderziekten’. Daarom wil de raad actief bij dit proces betrokken worden en tijdig geïnformeerd zijn, zodat zowel de raad als het SchoenenKwartier vroegtijdig de gelegenheid krijgen om relevante input te leveren en waar nodig tussentijdse wijzigingen aan te brengen. 5.

Om in 2026, in samenspraak met de raad en het SchoenenKwartier, een voorstel te doen voor de kaders van een onafhankelijke evaluatie en dit aan de raad voor te leggen. De evaluatie wordt, uiterlijk in het derde kwartaal van 2028, aan de raad aangeboden. Daarbij wordt ook een voorstel gedaan voor de financieringsmix 2029– 2034 en nieuwe prestatieafspraken. Op basis hiervan kan de raad besluiten of de

extra structurele subsidie geactiveerd wordt en een weloverwogen meerjarig subsidiebesluit nemen. Dit dictum sluit aan bij dictum één en dictum drie en heeft als doel zowel terug te kijken op de periode 2022–2027, maar vooral constructief vooruit te kijken naar de toekomst. In 2026 wordt nadrukkelijk de verbinding gezocht tussen het college, de gemeenteraad en het SchoenenKwartier om gezamenlijk tot een helder voorstel voor de kaders van een onafhankelijke evaluatie3 te komen. Deze onafhankelijke evaluatie over zes jaar moet waardevolle lessen opleveren die richting geven aan een stevigere samenwerking, een duidelijke rolverdeling en een realistisch groeipad voor de ambities van het SchoenenKwartier en zijn (subsidie)partners. Vernieuwde prestatieafspraken en een duurzame, evenwichtige financieringsmix zijn daarbij belangrijke elementen. Op basis van de evaluatie en het voldoen aan deze voorwaarden kan de gemeenteraad besluiten om de eerder voorwaardelijk toegekende structurele subsidiebijdrage voor een periode van zes jaar te activeren. Met dit dictum wordt beoogd om in de subsidierelatie een meerjarige structuur aan te brengen – waar nu vaak ad hoc wordt gehandeld – en om het gemeentelijke financieringsdeel meerjarig af te bakenen.

Zo ontstaat er meerjarige duidelijkheid en stabiliteit voor zowel het SchoenenKwartier als de gemeente, en wordt de kans op toekomstige incidentele verhogingen verkleind. 6. De raad actief te informeren over relevante ontwikkelingen, de kaders voor evaluatie en (financiële)voortgang van het SchoenenKwartier Dit dictum borgt dat de raad gedurende de gehele looptijd actief, volledig en tijdig wordt geïnformeerd over de voortgang van het SchoenenKwartier. Waar andere dictums zich richten op specifieke methoden of evaluatiemomenten, voorziet dit dictum in een doorlopende en brede informatievoorziening, zodat de raad ook buiten formele besluitvormingsmomenten zicht houdt op de ontwikkeling en tijdig kan bijsturen.

3

In het voorstel voor de kaders van de onafhankelijke evaluatie kan een afweging gemaakt worden op inhoud, kwaliteit en financiën – inclusief de keuze van de uitvoerende partij. Een logische onafhankelijke partij is dat de rekenkamer dit onderzoek oppakt en daarmee haar rol en positie pakt. Indien dit niet mogelijk danwel wenselijk is, zal in het voorstel een alternatieve partij aangedragen kunnen worden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15952698/1