Bijlage 7 Nota van zienswijzen Vestigen voorkeursrecht Noorder Parallelweg
Tekst van het document
Nota van zienswijzen Vestiging van een gemeentelijk voorkeursrecht op de onroerende zaken die deel uitmaken van locaties ‘Noorder Parallelweg’ en ‘Noorder Allee’ DEEL 1: INLEIDING De voorkeursrechtbeschikking van het college van burgemeester en wethouders met de daarop betrekking hebbende stukken heeft vanaf 21 augustus 2025 voor een periode van zes weken ter inzage gelegen bij de receptie van het stadhuis. In het kader van een zorgvuldige voorbereiding van de door de gemeenteraad te nemen beschikking tot vestiging van het voorkeursrecht zijn belanghebbenden, gelet op artikel 4:8 van de Awb, in de gelegenheid gesteld om uiterlijk 17 september 2025 schriftelijk of mondeling hun zienswijzen ten aanzien van de voorgenomen voorkeursrechtbeschikking naar voren te brengen. Er is één schriftelijke zienswijze naar voren gebracht op de voorkeursrechtbeschikking. Deze eigenaar heeft ook ingesproken tijdens de gespreksavond op 25 september. Deze is hieronder samengevat weergegeven. Ook is tijdens de gespreksavond op 25 september door een andere eigenaar ingesproken. Alhoewel deze eigenaar al een bezwaar had ingediend op 16 september hebben wij hetgeen tijdens de gespreksavond is ingebracht ook opgenomen in deze nota van ziendwijzen. Wij benadrukken dat de zienswijzen volledig zijn beoordeeld en dat niet slechts de samenvatting bij de afweging is betrokken.
Tot slot is aangegeven of de zienswijzen aanleiding geven tot wijziging van het raadsvoorstel. DEEL 2: OVERZICHT ZIENSWIJZEN Nr. 1.
Indiener Zie bijlage (vertrouwelijk)
Datum ontvangst Pro-forma 17 september 2025, aanvulling 23 september 2025
Ontvankelijk Ja
DEEL 3: SAMENVATTING EN BEANTWOORDING Zienswijze 1 1. Zonder de bedrijfslocatie aan Eerste Zeine 90 en 90a is het onmogelijk om de winkel te bevoorraden en dagelijks verse producten aan te bieden aan
Antwoord Het voorkeursrecht houdt uitsluitend in dat bij een voorgenomen verkoop van de onroerende zaak, deze eerst aan de gemeente moet worden aangeboden. Er is geen sprake van een verplichting tot verkoop, en het besluit heeft geen invloed op het huidige gebruik van de locatie.
Aanpassing
klanten. De bedrijfslocatie is voor ons bedrijf van levensbelang.
De bedrijfslocatie blijft dus beschikbaar voor de dagelijkse bedrijfsvoering, waaronder de bevoorrading van de winkel en het aanbieden van verse producten aan klanten. De vestiging van het voorkeursrecht verandert niets aan de gebruiksmogelijkheden of de operationele continuïteit van de onderneming op deze locatie.
2. We waren overdonderd door het voorgenomen besluit. Het besluit leidt tot veel onduidelijkheid en onzekerheid. Het is onduidelijk of ons bedrijf over een aantal jaren nog beschikt over een locatie waar wij onze producten kunnen voorbereiden. Ons gevoel is dat met het voorgenomen voorkeursrecht onze bedrijfsvoering wordt ‘geblokkeerd’. De investeringen voor de toekomst zijn onzeker geworden en onze productlocatie is niet eenvoudig te verplaatsen.
Het is begrijpelijk dat het voorgenomen besluit tot het vestigen van een voorkeursrecht vragen oproept en gevoelens van onzekerheid kan veroorzaken. Het voorkeursrecht is een instrument dat wordt ingezet om regie te voeren op toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen en om ongewenste grondspeculatie te voorkomen. Juist vanwege dit doel wordt het voorkeursrecht niet voorafgaand aan het besluit aangekondigd. Belangrijk om te benadrukken is dat het voorkeursrecht geen verplichting tot verkoop inhoudt. De eigenaar behoudt het recht om het vastgoed te blijven gebruiken zoals voorheen. De gebruiksmogelijkheden van de locatie blijven ongewijzigd en er worden geen beperkingen opgelegd aan de huidige bedrijfsvoering. Daarnaast impliceert het besluit tot vestiging van het voorkeursrecht niet dat er definitief gekozen is voor de realisatie van een mobiliteitshub op deze locatie. Er is nog nader onderzoek nodig om te bepalen waar binnen het zoekgebied een eventuele hub met bijbehorende voorzieningen het beste kan worden gerealiseerd. Daarbij worden bestaande belangen zorgvuldig meegewogen.
3. In het raadsvoorstel ontbreken een aantal essentiële randvoorwaarden om een besluit te nemen om een voorkeursrecht te vestigen. Onduidelijk is binnen welke termijn een mogelijke ontwikkeling van de mobiliteitshub gaat plaatsvinden en wanneer besluitvorming hierover plaatsvindt.
In artikel 7.1 van het Omgevingsbesluit is vastgelegd welke elementen een voorkeursrechtbeschikking moet bevatten. Zoals bij ieder bestuursrechtelijk besluit geldt dat het bestuursorgaan de beschikking zorgvuldig moet voorbereiden, deugdelijk moet motiveren en de rechtstreeks betrokken belangen moet afwegen. Het aanwezig zijn van concrete randvoorwaarden, zoals een exacte ontwikkeltermijn of een vastgesteld besluitmoment voor een mobiliteitshub, is daarbij niet vereist. Sterker nog, bij een besluit op grond van artikel 9.1 lid 1 onder c van de Omgevingswet is het juist inherent dat dergelijke randvoorwaarden nog niet bekend zijn.
4. In het voorstel ontbreekt een antwoord op de of en op welke wijze de uit te kopen bedrijven worden gefaciliteerd bij het vinden van een alternatieve bedrijfslocatie. Grote zorg op dit moment daarbij is of er überhaupt geschikte locaties voorhanden zijn om ons bedrijf naartoe te verplaatsen en of op die locaties voldoende stroom geleverd kan worden.
Het vestigen van een voorkeursrecht betekent niet dat op dit moment wordt besloten tot uitkoop van bedrijven. Het is een instrument dat wordt ingezet om toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk te maken en zorgvuldig te kunnen sturen. Mocht in een later stadium blijken dat verplaatsing van bedrijven noodzakelijk is, dan zal dit onderdeel zijn van een bredere planvorming waarbij ook de belangen van betrokken ondernemers worden meegewogen.
5. Als u onverhoopt zou besluiten om op ons perceel een voorkeursrecht te vestigen, dan verzoek ik u om: - een concrete planning aan te geven waarbinnen duidelijkheid ontstaat over de realisatie van een mobiliteitshub aan de Noorder Parallelweg te Waalwijk - een plan van aanpak op te stellen over de wijze waarop mogelijk te verplaatsen bedrijven worden ondersteund bij het vinden van een nieuwe en passende bedrijfslocatie.
Op dit moment is er nog geen concreet besluit genomen over de realisatie van een mobiliteitshub aan de Noorder Parallelweg te Waalwijk. De exacte locatie, planning en invulling van een eventuele hub moeten nog worden onderzocht en uitgewerkt.
Zienswijze 2 1. Ongenoegen over de wijze waarop de communicatie inzake het voorkeursrecht heeft plaatsgevonden. De brief is 13-14 augustus pas aangekomen en hierdoor hebben wij maar twee dagen om te reageren.
Antwoord De brief is daags na het besluit aangetekend verstuurd. Omdat deze niet werd aangenomen, is de brief naar een afhaalpunt gegaan en uiteindelijk retour gestuurd naar de gemeente. Om herhaling te voorkomen, zijn de brieven vervolgens per reguliere post verzonden. De termijn voor het indienen van een zienswijze liep tot 17 september en was op dat moment bijna verstreken. Daarnaast kon
Aanpassing
tot zes weken na het besluit van 19 augustus 2025 bezwaar worden ingediend. 2. We hebben het plan om op termijn een fabriekshal te realiseren op het gedeelte waar het voorlopige voorkeursrecht is gevestigd.
3. Het voorkeursrecht is niet op het hele perceel gevestigd. Dit heeft verstrekkende gevolgen: de rest van de kavel verliest hierdoor stevig aan waarde en bruikbaarheid.
4. Gezien onze leeftijd maken wij ons zorgen over de duur en onzekerheid van deze procedure.
5. Het vestigen van dit voorkeursrecht maakt een grote en onevenredige inbreuk op ons eigendomsrecht, met name gelet op het feit dat het om twee derde van onze grond gaat. Deze omvang belemmert onze mogelijkheden om het perceel toekomstgericht in te zetten en trekt daarmee onze
Het vestigen van een gemeentelijk voorkeursrecht heeft geen directe invloed op de bestaande ruimtelijke bestemming of de bouwmogelijkheden van het perceel. De reeds geldende planologische kaders blijven ongewijzigd. Dit betekent dat het plan om op termijn een fabriekshal te realiseren binnen de huidige bestemming in principe mogelijk blijft. Het uitgangspunt van de Wet voorkeursrecht gemeenten is dat de eigenaar zelf bepaalt wat hij aan de gemeente te koop aanbiedt. Dit betekent dat het aanbod kan bestaan uit het geheel van de met voorkeursrecht belaste onroerende zaak, maar ook uit een gedeelte daarvan. Bovendien kan de eigenaar als voorwaarde stellen dat niet alleen de aangewezen gronden worden verkocht, maar ook andere onroerende zaken die daarmee een ‘samenhangend geheel’ vormen. Op die manier blijft er ruimte voor maatwerk en behoudt de eigenaar regie over het verkoopproces. Wij begrijpen dat de langdurige aard van ruimtelijke procedures, in combinatie met persoonlijke omstandigheden zoals leeftijd, tot zorgen kan leiden. Bij het vestigen van een gemeentelijk voorkeursrecht vindt echter een algemene belangenafweging plaats, waarbij zowel publieke als individuele belangen worden meegewogen. Hoewel persoonlijke omstandigheden zoals leeftijd en gezondheid hierbij worden betrokken, zijn deze niet doorslaggevend voor het besluit.
Het voorkeursrecht is bedoeld om de regie op toekomstige gebiedsontwikkeling te versterken en is niet direct bepalend voor de duur of uitkomst van eventuele vervolgstappen. Het voorkeursrecht beperkt het eigendomsrecht, maar is wettelijk toegestaan bij een publiek belang. Uw gebruiksrechten blijven intact en u mag het perceel blijven benutten binnen de geldende bestemming. De omvang van de aanwijzing is gebaseerd op ruimtelijke overwegingen, waarbij persoonlijke belangen zijn meegewogen, maar niet doorslaggevend zijn.
levensplannen en rechten in ernstige mate in twijfel. DEEL 4: WIJZINGEN Naar aanleiding van de ingediende zienswijze wordt de voorkeursrechtbeschikking niet aangepast. In het raadsvoorstel zal de volgende wijziging worden opgenomen: Het ontwerp van het raadsvoorstel alsmede het concept van het raadsbesluit heeft met ingang van 21 augustus 2025 ter inzage gelegen. Belanghebbenden (eigenaren en beperkt gerechtigden) zijn ingevolge artikel 4:8 van de Awb in de gelegenheid gesteld om mondeling of schriftelijk zienswijzen bij uw raad naar voren te brengen. Van deze mogelijkheid is wel gebruik gemaakt. Ten aanzien van de ingebrachte zienswijzen hebben wij het volgende overwogen: de aangevoerde zienswijzen hebben met name betrekking op de gebruiksmogelijkheden van het perceel voor nu en in de toekomst. Het vestigen van het voorkeursrecht beperkt deze gebruiksmogelijkheden niet. Daarom wordt het voorgestelde besluit niet gewijzigd.