CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5a Sint Clemenskerk Bijlagen toelichting

Raadsvergadering 21 mei 2026, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Herstelbesluit Clemenskerk nav uitspraak 26 nov 202512.516 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Inhoudsopgave

Bijlagen toelichting

5

Bijlage 1

Bouwhistorisch onderzoek

7

Bijlage 2

Notitie Parkeren Clemensstaete Waalwijk 23 februari 2026

61

Bijlage 3

Parkeeronderzoek juli 2023

71

Bijlage 4

Memo: Parkeren op eigen terrein

91

Bijlage 5

Inrichtingstekening

105

Bijlage 6

Bezonningsstudie

107

Bijlage 7

Groenplan 22-08-2023

111

Bijlage 8

Boom Effect Analyse 2020

113

Bijlage 9

Boom Effect Analyse 2022

143

Bijlage 10

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling

175

Bijlage 11

Akoestisch onderzoek omgevingslawaai

211

Bijlage 12

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai

281

Bijlage 13

Archeologisch onderzoek

369

Bijlage 14

Aerius memo

433

Bijlage 15

Stikstofberekening realisatiefase 2023

441

Bijlage 16

Stikstofberekening realisatiefase 2024

451

Bijlage 17

Stikstofberekening realisatiefase 2025

459

Bijlage 18

Stikstofberekening gebruiksfase

467

Bijlage 19

Quickscan flora en fauna

475

Bijlage 20

Nota inspraak en vooroverleg

513

Bijlage 21

Nota van zienswijzen

531

Bijlage 22

Nieuwe situatie bovengrondse infra

565

3/566

4/566

Bijlagen toelichting

5/566

6/566

Bijlage 1

7/566

Bouwhistorisch onderzoek

1

Zeist, juli 2020

Bouwhistorische beschrijving en interne waardestelling

St. Clemenskerk

2

opgesteld in opdracht van gemeente Waalwijk uitgevoerd door Lotte Zaaijer

St. Clemenskerk

Bouwhistorische beschrijving en interne waardestelling

3

Zeist, juli 2020

Bouwhistorische beschrijving en interne waardestelling St. Clemenskerk te Waalwijk

Bureau Lotte Zaaijer Auteur: ir. L. Zaaijer Scheeperslaan 11 3707 XN Zeist

Saskia de Kock

gemeente Waalwijk

Colofon

4

(bron: monumentenregister.nl)

Kadastrale kaart van de huidige situatie. Het

gemarkeerd

Rijksmonument 38198

N.J.H. van Groenendael

Status Monumentnummer

Architect

"Sint Clemens. 1896-1897 door N.J.H. van Groenendael. Driebeukige neogotische kruisbasiliek met polygonaal gesloten transeptarmen en toren met achtkantige bovenbouw. Mechanisch torenuurwerk, Fa. Korfhagen, 1893, in de kerk geplaatst, later voorzien van elektrische opwinding."

Waalwijk Noord-Brabant

Gemeente Provincie

7 22

27

Bijlage 2: redengevende omschrijving

4

2. Bouwhistorische beschrijving 3. Waardestelling

Objectgegevens

9

van de speklaag. Voor de basementen, dorpels, treden, raamdorpels en

-

buitenmuren waren oorspronkelijk ‘strak en glad’ gevoegd met schelpkalk,

-

bracht. Achter de sacristie staat een later gebouwde aanbouw met plat dak (technische ruimte).

symmetrisch.

een omgang. Daarboven is een achthoekige klokkenverdieping met een

septen en een bijna 70 meter hoge toren. De toren telt 4 verdiepingen. De

De kerk is vormgegeven in een eclectische stijl (combinatie neo-gotiek en neo-renaissance)

10

vermoedelijk later aangebrachte ramen

oorspronkelijke ramen met gekleurd randje

-

-

kante deel van de toren is ter plaatse van iedere verdieping een rondboog-

de gehengen van de dubbele deur is minder uitbundig versierd als die

gehengen en deurtrekkers, dit is kenmerkend voor de bouwtijd. Boven de

de spekbanden.

De kerk is uitgevoerd in een eclectische bouwstijl, waarbij de neo-goti-

Christus, Calvarie, Hemelvaart) die dateren uit omstreeks 1900, de maker -

in het bestek en is vermoedelijk later (mogelijk ter ere van een jubileum)

gekleurd randje en volgt de venstertracering. Het glas met gekleurd randje -

11

Ingang naar de sacristie

De daken van het middenschip, transepten, doopkapel, de torenspits,

sacristie (rechts) is dichtgemetseld.

-

-

-

-

geveldeel links van het transept is een travee breed. Links daarvan is het

-

12

-

cadoorde gemetselde kruisribgewelven aangebracht. Volgens het bestek

bovenbouw van de toren los gestaan.

De toren is geconstrueerd in hout en gerestaureerd in de periode 1983-

telmerken aangebracht (gehakte streepjes, halve maantjes).

-

verbonden door middel van bouten (middenbalk) en toognagels (schoren), dit is gangbaar in de bouwtijd. Op de spantbenen liggen gordingen en op de gordingen liggen sporen, dakbeschot en leien. De krachten van het dak

schoren tussen de spantbenen en middenstijl. De spantbenen staan op de -

haan aangebracht.

tijdens de restauratie van 1999-2001 vervangen. In de gesloten dakvlakken

Het spantbeen staat op de muurplaat, de

Gemetselde muur tussen het schip en priesterkoor.

Spanten van de kapconstructie

13

Kelder

houten vloeren aangebracht.

derd.

-

-

-

-

-

-

14

traptoren

portaal

doopkapel

biechtstoel

schip

biechtstoel

preekstoel

bijsacristie

priesterkoor

sacristie

kelder

kelder (doorgang dichtgemetseld)

aanbouw

-

deur met daarboven glas-in-lood met een gekleurde rand aangebracht. De pui wordt in het bestek beschreven en is dus oorspronkelijk.

-

Boven de doorgang naar het schip is een voor de gotiek gebruikelijk spitsboogvenster met traceerwerk (maaswerk) en glas in lood geplaatst. De vloer bestaat uit hardsteen tegels (volgens het bestek blauwe gebakken

enige in het hele interieur uitgevoerd in schoon metselwerk (IJsel ondersteen) met gele spekbanden en natuursteen ribben. De binnenmuren van

Hieronder wordt de interieurindeling en vervolgens per ruimte het interieur ris (o.a. beelden) wordt buiten beschouwing gelaten.

Portaal

Zijportaal, deur naar portaal

-

hardstenen drempel een hekwerk aangebracht. Vermoedelijk is het hek oorspronkelijk, hoewel het niet wordt genoemd in het bestek.

Het mechanisch torenuurwerk dateert uit 1893 en is gemaakt door Fa.

klokkenverdieping is toegevoegd in 2008. De klokken dateren uit 1949 en -

De traptoren is toegankelijk via het portaal. De wanden van de traptoren

Luidruimte

Deur naar traptoren

Deur met ingekraste namen

Zangkoor met orgel

17

uit Breda. Het beschilderde doek is bevestigd op koper.

het huidige volksaltaar.

•

Bankenplan, kerkbanken. Het bankenplan bestaat uit vier rijen banken,

•

uitgevoerd in Japans eiken. Onder de vlonders ligt geen hardsteen, maar vermoedelijk een boeren grauwe Waalsteen.

kocht), bestaan uit eikenhout en in neo-barokstijl vormgegeven. In de

•

-

-

Preekstoel. De preekstoel is vervaardigd door Hendrik van der Geld (1834-1914) en dateert uit 1909. Het is een geschenk van de parochie-

•

steenrood, blauw, geel) komt terug in de tegelvloer in het priesterkoor. In

katholieke kerk. De huidige kleurstelling is gebaseerd op kleurhistorisch on-

nen ornamenten na (o.a. kolomvoet). Het huidige kleurrijke schilderwerk is recent, tijdens de restauratie uit 1999-2001, aangebracht. Oorspronkelijk -

Schip met kerkbanken

Doopkapel

18

Wijwaterbakje

Preekstoel

Kruiswegstatie, heiligenbeeld, biechtstoel

Biechtstoelen

19

•

•

•

der Geld (1834-1914) en dateert uit 1899. Het altaar is uitgevoerd

geplaatst.

-

Het hoogaltaar is vervaardigd door Hendrik van der Geld (1834-1914) en dateert uit 1899. Het altaar is uitgevoerd in Caensteen (Belgisch -

(sacristie) hangt een sacristiebel voor de doorgang. Bij de rechter door-

aangebracht.

de lelie (onschuld), de eenhoorn (puurheid en kracht), vissen (doop in het water en wonderbare visvangst) (Verstijnen en Hoogbergen, 2008). Bij de

plaatse van de oorspronkelijke plaats van de communiebanken is de vloer -

In het priesterkoor liggen gebakken tegels met motieven en natuursteen -

Priesterkoor, met in de tegelvloer een spoor van de voormalige positie van de communiebank.

Voormalige positie communiebanken

20

Eerste steen

Sacristiebel

Zijaltaar

Hoogaltaar, vervaardigd door H. van der Geld

22

-

•

•

object.

De waarden worden als volgt benoemd: •

tuur bepaald. De onderdelen worden vergeleken binnen de context van het -

Bij de interne bouwhistorische waardestelling wordt het relatieve belang

-

een hoge monumentwaarde, omdat dit van essentieel belang is voor de herkenbaarheid van de oorspronkelijke structuur.

voor de neogotische bouwstijl. De eenvoudige oorspronkelijke glas-in-lood-

architectuur in de bouwtijd en hebben een hoge monumentwaarde. Ook de spitsboogvensters met oorspronkelijk tracering en glas-in-loodramen heb-

-

-

Gevels De gevels van de kerk (metselwerk, accenten in gele steen, gevelindeling)

van de twintigste eeuw aanpassingen plaatsgevonden.

Kernwaarde van de St. Clemenskerk is dat het exterieur en interieur vrijwel gebouw aan het eind van de negentiende eeuw. Voor het interieur is dit vrij

23

tuur.

verticale lijn).

•

•

•

•

-

monumentwaarde. Op de klokkenverdieping hebben de klokken (1949) een hoge monumentwaarde.

mentwaarde, omdat dit van essentieel belang is voor het oorspron-

Het interieur van de luidruimte (deur met namen, mechanisch toren-

tieve monumentwaarde, omdat de positie van het orgel oorspronkelijk

hoge monumentwaarde, omdat dit van essentieel belang is voor het

belang is voor het oorspronkelijke interieur.

-

-

omdat dit van essentieel belang is voor het oorspronkelijke interieur. -

dat dit van essentieel belang is voor het oorspronkelijke interieur.

Interieur •

•

•

•

•

-

een hoge monumentwaarde, omdat dit van essentieel belang is voor mentwaarde, de (inbouw) kasten hebben een positieve monumentwaarde.

monumentwaarde.

een hoge monumentwaarde, omdat dit van essentieel belang is voor -

wanden vermoedelijk wel compleet is.

onderdelen van de voormalige communiebank. Het kleurgebruik op de -

oorspronkelijke interieur, voor de katholieke eredienst en beide in 1899

een hoge monumentwaarde, omdat dit van essentieel belang is voor

omdat dit een geschenk is van de parochianen en is vervaardigd door H. van der Geld. De biechtstoelen (XIXb) hebben een hoge monukerk. De kerkbanken hebben een positieve monumentwaarde, omdat het bankenplan oorspronkelijk is maar de kerkbanken niet. In het priesterkoor hebben de kleurrijke tegelvloer en eerste steen naast de deur naar de bijsacristie een hoge monumentwaarde, omdat dit van essentieel belang is voor het oorspronkelijke interieur en

-

daarboven pilasters en ter plaatse van de transepten en het pries-

belang is voor het oorspronkelijke interieur.

-

waarde, omdat dit van essentieel belang is voor het oorspronkelijke

•

•

daarom een hoge monumentwaarde. Kenmerkend is de vormgeving

Constructie • cruciaal belang is voor de oorspronkelijke structuur en dakvorm. • en transepten vormen een samenhangend architectonisch beeld met

24

hoge monumentwaarde positieve monumentwaarde

• • • • .

www.topotijdreis.nl www.reliwiki.nl

-

eur en exterieur van de St.-Clemenskerk, (ca. 1980). 284 Het interieur van de St.-Clemenskerk, brochure met een beschrijving van het interieur van de kerk, 1991.

2000(2008).

Verbracken (pastoor), J., St. Clemenskerk Baardwijk (Waalwijk), 18972019, Waalwijk september 2019

•

•

Arcadis, Bouwhistorische verkenning St. Clemenskerk, september 2019

•

BOUW- EN GEBRUIKSGESCHIEDENIS

Bouw St. Clemenskerk 1896 bron GAW, fotonr.83111

Waalwijk, voormalig Baardwijk met de Clemenskerk als stedebouwkundig baken in de omgeving, 2019 bron reliplan

CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK SINT CLEMENSKER TE WAALWIJK

10

BOUW- EN GEBRUIKSGESCHIEDENIS

Oorspronkelijke bouw

In de tijd van de Katholieke herleving lijkt het Pastoor Van

De Sint Clemenskerk is gebouwd naast de toenmalige waterstaatskerk. Voor de bouw van de nieuwe kerk viel het oog van pastoor G. van Haaren in 1895 op een perceel dat pal ten westen van deze in 1836 ingezegende parochiekerk lag. Eigenaar van deze grond en bewoner van het huis dat er nog op stond was Ant. de Kort, de secretaris van het kerkbestuur. Na de bisschoppelijke goedkeuring voor de bouwplannen in 1895 was ontvangen (Archiefnr. 1170 135) werd het kerkbestuur een paar maanden later in februari 1896 eigenaar van de kavel. De Kort en zijn echtgenote mochten tot aan hun overlijden in het huis blijven wonen en gebruikmaken van de grond die niet nodig was voor de bouw van de kerk.

in het voormalige Baardwijk, nu Waalwijk, in de zomer van 1897. De kerk is gebouwd door architect N.J.H. (Jacques) van Groenendael samen met zijn jongere broer J.H.H. (Hubert) van Groenendael.

Dit krantenartikel verscheen kort na de inzegening en

2.1

“In deze gemeente, waar zich sinds langen tijd de behoefte aan een ruimer kerkgebouw deed gevoelen, is op den eersten zondag van Augustus de sierlijke nieuwe kerk voor den H. Dienst in gebruik genomen. Was het afscheid van het eenvoudige, oude kerkje voor de Baardwijksche Katholieken niet zonder aandoening, het betrekken van den nieuwen frisschen, luchtigen tempel was en voor herder en voor parochianen een gebeurtenis, die hun hart met rechtmatige dankbaarheid en vreugde en trots mag vervullen. - Tilburgse Courant (Baardwijk, 12 augustus 1897)

2

CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK SINT CLEMENSKER TE WAALWIJK

De uitvoerder van het werk, dhr. Dekkers, hier een uitvoerig verslag bij van de bouw ten aanzien van de pastoor (Archiefnr. 1170 135). Enkele fragmenten uit zijn verslag:

Ruim twee jaar moesten de Baardwijkers vervolgens wachten op de plechtige inzegening: die vond plaats op maandag 25 september 1899 door Monseigneur Van de Ven, bisschop van ’s-Hertogenbosch. Sinds 1976 is de Sint Clemenskerk rijksmonument.

Op 12 maart 1896 werd het aannemingscontract getekend en op 26 maart 1896 ging de bouw van start. Vanwege het gunstige weer verliep de bouw voorspoedig: in juni 1896 werd de eerste steen gelegd en een jaar later in juni 1897 was de bouw voltooid om een maand later voorlopig ingezegend te worden door de pastoor.

van ervaren bouwmeesters hebben zij een symbolisch grote kerk neergezet. Zonder dat een zo’n grote omvang van de kerk noodzakelijk leek voor de katholieke gemeenschap van het kleine Baardwijk. Het bisdom gaf toestemming voor de bouw van de kerk, maar de verdere invloed van de parochie en het bisdom op het ontwerp is onduidelijk. In februari 1896 vond de openbare aanbesteding plaats. Toen bleek dat de 16 inschrijvers de kerk niet binnen de begroting konden bouwen, was N.J.H. van Groenendael bereid zelf het werk voor dat bedrag uit te voeren. De familie van Groenendael waren tenslotte een architecten en aannemers. Hij tekende voor het ontwerp en de bijbehorende begroting van f. 69.837,-.

Haaren te zijn geweest die de gemeenschap heeft verenigd

11

28 Februari 1897 Heden zijn de gewelven gemetseld, behalve het gewelf onder den toren.

22 Januari 1897 De leidekkers zijn klaar met den toren.

11 november 1896 Heden is de spits op de toren gericht.

20 October 1896 Heden zijn de leidekkers begonnen te dekken, het timmerwerk der kap is nagenoeg klaar.

24 juli 1986 Begonnen met het mestelen van de overgangsbogen en gordelbogen den zijbeuken aan de rechter zijde den kerk.

16 juni 1896 Heden heeft de eerste steenlegging plaatsgehad.

Fragmenten bouwverslag: 26 Maart 1896 Begonnen de gehele oppervlakte der kerk te ontgraven tot op het wit zand, en de noodige sleuven voor fundering, hieraan begonnen met 10 arbeiders die 13 centen per uur verdienen en 11 uren per dag werken.

Overgebleven romaanse kerktoren

Middeleeuwse voorganger Clemenskerk aan de Winterdijk, ca 1800 BAA004

CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK SINT CLEMENSKER TE WAALWIJK

ingebrachte staalconstructie 1983 voor inwendige versterking

12

Restauratie Sint Clemenskerk

Met behulp van een restauratiesubsidie kon tussen 1984 en 1986 de toren worden gerestaureerd. Nog voor de eeuwwisseling kwamen subsidiegelden vrij die het mogelijk maakten de rest van het gebouw te restaureren. Hiervoor is in 1988 een inspectierapport opgesteld met foto’s van de gebreken die corresponderen met tekeningen waarop de locatie van gebreken zijn aangegeven (Archiefnr. 1170 148). Mede met voldoende steun van de parochianen is het mogelijk geworden het gebouw in zijn oude glorie te herstellen.

Vanaf 1977 werden pogingen in het werk gesteld om fondsen te werven voor een inmiddels noodzakelijk gebleken restauratie van de kerktoren. In 1982 bleek de toren nagenoeg los te staan van de romp en werd daarom uit veiligheidsoverwegingen in de steigers gezet. In 1983 werd in Baardwijk ‘het jaar van de toren’ uitgeroepen en onder het motto ‘Red de Clemenstoren’ werden door de parochianen diverse acties op touw gezet om geld in te zamelen voor de restauratie.

2.2

CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK SINT CLEMENSKER TE WAALWIJK

Voorgangers van de Sint Clemenskerk

De katholieken van Baardwijk konden dankzij de katholieke Heer van Baardwijk hun geloof blijven uitoefenen. Zij konden vanaf 1692 terecht in het achterhuis van een boerderij. In 1832 was de schuurkerk te klein en bouwvallig geworden. Daarom nam pastoor J. van Handel samen met de kerkmeesters het initiatief om een kerk te bouwen, wat de waterstaatskerk werd. De woning die bij de schuurkerk stond is in die jaren verbouwd tot pastorie, die nog dienstdeed tot 1961 (bron: entoen.nu; Kring van Archivarissen in Noord Brabant, 1980; Reliwiki; waalwijkwiki.nl).

Voor de bouw van de waterstaatskerk hadden de katholieken van Baardwijk toevlucht moeten nemen in een schuur- of schuilkerk. Als gevolg van de Reformatie is in 1610 in Baardwijk-Elshout een gereformeerde gemeente gesticht en een predikant aangesteld, ds. Johannes van Andel. De middeleeuwse kerk aan de Winterdijk met een romaanse toren uit de 14e eeuw en een schip uit de 15e eeuw, bleef sindsdien protestant. In 1912 werd het schip van deze kerk afgebroken. Nu resteert nog enkel de oude toren.

heeft een brief geschreven aan de vrouwe van Baardwijk weduwe d’Overschie voor een gunst (archiefnr. 1170 129 – 131).

archiefstukken blijkt dat dit niet voldoende was om de bouw te verwezenlijken: parochianen uit Baardwijk hebben een

De Sint Clemenskerk is gebouwd ter vervanging van een zogenaamde waterstaatskerk uit 1836, die direct naast de Sint Clemenskerk stond en vrij snel na de voltooiing van de huidige kerk is afgebroken. De waterstaatskerk, zo genoemd omdat het ontwerp van het departement van Waterstaat was, is gebouwd volgens het bestek dat dateert uit 1835 (archiefnr. 1170 132). In 1832 is onder Koninklijk Besluit een rijkssubsidie

2.3

13

St. Clemenskerk op een aanzichtkaart ACWWK107

CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK SINT CLEMENSKER TE WAALWIJK

St. Clemenskerk met rond 1914 aangelegde kerkplein (GAW, fotonr.50126)

14

R.K. parochie St.-Clemens Baardwijk

koningin berichten dat het haar behaagd had pastoor Van

Drie grote feesten vierde men in Baardwijk rondom pastoor Van Haaren. Op 31 mei 1888 zijn zilveren priesterjubileum, op 7 juli 1909 was hij 25 jaar pastoor van de parochie en op 31 mei 1913 werd zijn gouden priesterfeest herdacht. Bij deze laatste

Gerardus van Haaren (1838 - 1914) was pastoor van de St. Clemensparochie van 1884 tot aan zijn overlijden in 1914. Tot zijn grote werken in Baardwijk behoren de aanleg van een kerkhof voor de katholieken en de bouw van de St. Clemenskerk waarvoor hij in 1896 de eerste steen legde.

In de 15e en 16e eeuw is Baardwijk waarschijnlijk een welvarende parochie geweest. In de 19e en 20e eeuw bleven de eigendommen relatief beperkt: naast de kerk, het kerkhof en de pastorie bezat de parochie het oud-manhuis, een patronaatsgebouw, parochiehuis, verkennergebouw, schoolgebouwen, een woning en enkele landerijen. Bijna alles

van Berendonk. In 1272 richtte Theodoricus een parochiekerk op, waarvan de toren aan de Winterdijk nog overeind staat. Sint Clemens is de patroonheilige van de parochie. Op 23 november wordt deze paus Clemens I en martelaar herdacht. De feestdag van Clemens geldt als eerste winterdag. De dag is de laatste in het kerkelijk jaar en de laatste feestdag voor de advent. Clemens is onder andere patroon van zeelieden en kinderen en tegen watersnood, storm en onweer. In een gebied dat geteisterd werd door watersnoodrampen lijkt dit een passende patroonheilige.

overeenkomsten van 1242 en 1243 droeg de abdij van Sint-

De eerste schriftelijke bewijzen voor het bestaan van een

2.4

CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK SINT CLEMENSKER TE WAALWIJK

Baardwijk viel oorspronkelijk onder het bisdom Luik totdat in 1559 het bisdom 's-Hertogenbosch werd opgericht. De belangrijkste wijziging aan de parochiegrenzen kwam door de oprichting van de Bernadetteparochie in 1964, tussen de St. Jansparochie in Waalwijk en de St. Clemensparochie in het voormalige Baardwijk. Medio 2010 werd de parochie van St. Clemens en de H. Bernadette samengevoegd tot de parochie St. Jan en St. Clemens. Door teruglopend kerkbezoek is de Sint Clemenskerk in 2016 gesloten en in 2019 volledig uit de eredienst onttrokken (bron: archiefnr. 1170 1.1).

Haaren te benoemen tot ridder in de orde van Oranje-Nassau.

15

Restaruatie of onderhoud van de toren 1969

CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK SINT CLEMENSKER TE WAALWIJK

Houten kapspanten boven de metselwerk gewelven van het schip

16

2e helft 20e eeuw 1954 1957 1959 1961 1962 1976 10 februari 1984 29 juni tot 1986 1 mei jaren 90 20e eeuw 2001 2 december 2016 1 januari 2019 2019

1e helft 20e eeuw

1896 26 maart 1896 16 juni 1897 juni 1897 juli 1897 1 augustus 1899 25 september

Restauratie kerk, waarschijnlijk met overschildering in kleur Sint Clemenskerk opnieuw gewijd door bisschop Hurkmans Sint Clemenskerk gesloten, nog wel kapelfunctie. Gebouw staat te koop De kapel is aan de eredienst onttrokken De Sint Clemenskerk is aangekocht door Walther en Marianne Coppens

kerkplein. Overschildering interieur in wit Aankoop nieuwe kerkbanken (Archiefnr. 1170 139) Plaatsing nieuwe verlichting (Archiefnr. 1170 140) Plaatsing hete lucht verwarmingsinstallatie (Archiefnr. 1170 143) Sloop oude pastorie ten oosten van de Sint Clemens-kerk en de woning ten westen van de kerk. Herinrichting kerkplein (Archiefnr. 1170 145) Sint Clemenskerk geplaatst op de ‘rijkslijst voor be-schermde monumenten’ Restauratie kerktoren

Bouw van de waterstaatskerk volgens ‘Bestek en voorwaarden voor de aanbesteding van de waterstaats-kerk’. Volgens ontwerp van H. Essens. Bisschoppelijke goedkeuring voor de bouw van de Sint Clemenskerk naast de waterstaatskerk Aankoop perceel Ant. de Kort. Openbare aanbesteding. Tekening aannemingscontract door N.J.H. van Groenendael. Bouw van de Sint Clemenskerk volgens ‘Bestek en voorwaarden wanneer zal worden aanbesteed het bouwen van een R.K. kerk met toren, sacristië enz., voor de Parochie van den H. Clemens te Baardwijk, Bisdom ’s-Hertogenbosch. Volgens ontwerp en detail-tekeningen opgemaakt door N.J.H. van Groenendael’. (Archiefnr. 1170 135) Start graafwerkzaamheden. Eerste steen gelegd door pastoor G. van Haaren. Oplevering Sint Clemenskerk. Voorlopige inzegening door de pastoor. Ingebruikname Sint Clemenskerk. Plechtige inzegening tot basiliek / geconsacreerd door de bisschop van ’s-Hertogenbosch Mgr. W. van der Ven. Schildering interieur

Overzicht bouwgeschiedenis

1895 29 oktober 1896 21 februari 1869 23 februari 1896 12 maart 1896-1897

1835

2.5

CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK SINT CLEMENSKER TE WAALWIJK

17

CONTEXTUEEL ONDERZOEK

CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK SINT CLEMENSKER TE WAALWIJK

34

Transformatie directe omgeving met in rood gestippeld de gebouwen die ruimte moesten maken voor het plein.

Langs de acherkade ontstond een lint van boerderijen, ook wel lintbebouwing of lineaire bebouwing genoemd. Baardwijk bestaat ook uit lintbebouwing langs de doorgaande weg naar Waalwijk en Waspik in het Westen. Ten oosten van

De ontginning gebeurde door het graven van afwateringssloten haaks op de ontginningsbasis. Hierdoor ontstonden lange ontginningskavels van maximaal 1250 meter lang, enkele tientallen meters breed en noord-zuid georiënteerd. Het ontginningsblok werd afgesloten met een dijk of achterkade haaks op de gegraven sloten. Deze methodiek van ontginning resulteerde in een systematisch ingericht landschap van lange smalle en evenwijdige kavels die loodrecht op de dijk stonden, zo genoemde slagen. Dit landschapstype wordt een slagenlandschap genoemd (de Bont, 2009; de Jongh & Amsing, 2017).

4.2

Baardwijk heeft zich net als Waalwijk ontwikkeld langs de Langstraat die van oost naar west door het moerassig landschap liep. De Langstraat is van oorsprong een dijk of achterkade op een hogere rug (oeverwal) in het landschap. Baardwijk (Bardovich) is het eerst vermelde gehucht in 1136 op de oeverwal. Vanaf deze hogere rug werd vanaf de 11e eeuw het gebied vanaf de Maas verder ontgonnen richting het zuiden.

Dit gebied is daarna lange tijd niet aantrekkelijk geweest voor bewoning omdat het te nat was. Pas na de ontginning van het gebied vanaf de 11e eeuw wordt het gebied weer bewoonbaar. Het historisch bewoningslint van Baardwijk is dan ook een zone met een hoge archeologische verwachting op sporen van bewoning uit de late middeleeuwen en nieuwe tijd. Het is zelfs aangewezen als archeologisch monument van hoge archeologisch waarde (AMK-terrein, nummer 1681).

al., 2013)

vuursteen en sporen van tijdelijke jachtkampjes. Ten zuiden van de Sint Clemenskerk, in de voormalige Binnenpolder van Baardwijk, zijn hoge zwarte enkeerdgronden aanwezig. Deze gronden (ook wel essen genoemd) hebben mogelijk een goede conserverende werking gehad op deze dieperliggende archeologische sporen die in de top van het dekzand kunnen

In de omgeving van de Sint Clemenskerk kunnen sporen van prehistorische bewoning, zoals archeologische resten van rondtrekkende de jagers-verzamelaars voorkomen op dekzandkoppen, hoewel de hogere zandgronden ten zuiden van Baardwijk betere bewoningskansen boden. Toch kunnen hier vuursteenvindplaatsen uit de periode Vroege, Midden

Archeologische context

Het gebied ten noorden van de Winterdijk heet de Buitenpolder van Baardwijk. Het gebied ten zuiden van de Winterdijk, waar nu de Sint Clemenskerk staat, heet de Binnenpolder van Baardwijk. Dit gebied wordt nu De Hoef genoemd, vernoemd naar een voormalige boerderij.

Landschappelijke context

Waar nu Baardwijk ligt heeft zich tot circa 1000 jaar geleden een uitgestrekt veengebied ontwikkeld tussen de Maas en de hoger gelegen Brabantse zandgronden. Door het gebied liep een veenstroompje, de voorloper van de Loint. Het moerassige landschap maakt dit gebied niet geschikt voor bewoning.

4.1

Baardwijk lag de Baardwijkse Overlaat. De huizen werden door de Winterdijk beschermd tegen het Maaswater. De Winterdijk is medio 15e eeuw ontstaan als versterking van de oude veendijk, die door de watersnoodramp van 1421 was aangetast.

CONTEXTUEEL ONDERZOEK

“ Reeds op verren afstand van dit nijvere Langstraatsche dorpje trekt de rijzige kerk met den slanken toren de aandacht”. – Nieuwe Tilburgse Courant (12 augustus 1897).

4

CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK SINT CLEMENSKER TE WAALWIJK

35

Ontwerpschetsen 1965 gedateerd echter vanwege de inhoud is het vermoeden dat deze schetsten uit de oorsprong dateren en hoogstwaarschijnlijk van de ontwerpers zijn. Links (uitvergroot) de situatie net na oplevering, rechts de situatie zoals in een uiteindelijk scenario gerealiseerd zou moeten worden.

CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK SINT CLEMENSKER TE WAALWIJK

36

Stedenbouwkundige context en transformatie

De voormalige streektramlijn Drunen - Besoyen doorsnijdt sinds het einde van de 19e eeuw de Binnenpolder van Baardwijk. De tramlijn is in 1897 tussen Drunen en Baardwijk

Doper en Kerk aan de Haven in Waalwijk en de hervormde kerk en (herbestemde) Maria Onbevlekt Ontvangen in Besoyen.

De kerken langs de lintbebouwing van Baardwijk en Waalwijk geven een samenhangend beeld. Op nagenoeg een rechte lijn staan de middeleeuwse kerktoren aan de Winterdijk, de

Baardwijk. Loodrecht op de hoofdstraat lagen de stegen die de noord-zuid verbindingen vormden en waarvan aan de zuidzijde van de Winterdijk de Hoefsteeg en Akkersteeg (Baardwijkse straat) nog bestaan. De ‘Zeinen’ verbonden deze stegen en ontsloten de akkers. De Drunenseweg is de voormalige Eerste Zeine.

Bewoning concentreerde zich eind 19e eeuw enkel langs de hoofdweg die van oorsprong een achterkade was, het Hoogeind in het oosten tot het Laageind in het westen. Dit

Het Hollandse Baardwijk was tot 1922 een zelfstandige gemeente. In 1870 waren van de 1479 inwoners slechts 92 protestanten, het overige deel was katholiek. Baardwijk lag in de Langstraat, ingeklemd tussen de Brabantse heerlijkheden Waalwijk in het westen en Drunen in het oosten. Loon op Zand begrensde Baardwijk ten zuiden. In het noorden lagen de Hollandse gebieden Drongelen en Oud-Heusden. De Baardwijkse grenzen werden grotendeels bepaald door het water: in het noorden het Oude Maasje en in het oosten het Loopken. De zuidelijke grens werd bepaald door de Meerdijk die het water uit het hoger gelegen zuiden moest tegenhouden.

Voormalig dorp Baardwijk

4.3

CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK SINT CLEMENSKER TE WAALWIJK

Aan de oostzijde van de kerk loopt een pad afgescheiden met hoge heggen richting het in 1886 aangelegde kerkhof van de Clemensparochie. De gebruikte soort haag van het kerkhofpad en het kerkhof is de taxus (groene beukenhaag), dat eeuwig leven uitdrukt. Het tot circa 1 meter boven het maaiveld opgehoogde kerkhof ligt in het verlengde van de Sint Clemenskerk op een langgerekt perceel (oorspronkelijke slag). De oudste graven dateren van circa 1900, voor de centraal gelegen calvarieberg die begroeid is met gras (Brabants Historisch Informatie Centrum,2009)

Aan de achter- en zijkanten van de kerk lagen tuinen en boomgaarden en ten zuiden daarvan lagen de weilanden van de Binnenpolder van Baardwijk. Het was vooral het groene karakter dat overheerste. De kerktoren en toentertijd ook het schip van de kerk waren vanaf verre vanuit de polder zichtbaar. In de huidige situatie is het schip en het groene karakter rondom de kerk alleen nog op lokale schaal zichtbaar en herkenbaar. De kerktoren is daarentegen nog steeds een baken in het landschap en te zien vanaf de hoofdstraat van Baardwijk, de voormalige Buitenpolder van Baardwijk ten noorden van de A59 en de Baardwijkse Overlaat ten oosten van het Zuiderafwateringskanaal.

naar achteren is gelegen.

ontginning. De kerk is zodanig ontworpen dat deze past binnen

Hoogeinde), tussen de Hoefsteeg in het oosten en de Baardwijkse straat (voormalige Akkersteeg) in het westen in. Op de luchtfoto uit 1924 is de kerk in haar oorspronkelijke context te zien: de kerk staat op een slag, een langwerpig

Sint Clemenskerk en omgeving

geopend en in 1902 tussen Baardwijk en Besoyen. Al vanaf 1926 namen busdiensten de dienstregeling gaandeweg over. Op de kruising met de Baardwijkse straat stond de halte Baardwijk.

37

CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK SINT CLEMENSKER TE WAALWIJK

38

In de archieven zijn, wat het lijkt, ontwerpschetsen gevonden die door het archief zijn gedateerd in 1965 (SALHA, nr. BAAA005). Echter is vanwege de inhoud het vermoeden dat deze schetsten uit de oorsprong dateren en hoogstwaarschijnlijk van de ontwerpers zijn. Op de ontwerpschets is een plein te zien dat aan zuidzijde door de kerk en een aaneengesloten neogotische pastorie wordt begrensd. Er zijn geen bewijzen gevonden dat deze neogotische pastorie daadwerkelijk is verwezenlijkt. Dit zal met de tot dan toe nog bestaande bebouwing te maken hebben gehad die ook in de ontwerpschets is weergegeven. Duidelijk was er een groeiscenario voor ogen.

ongehuwd en heeft wat geld.”– Commissaris van de Koning, 18 mei 1900 (Bron: Brabants Historisch Informatie Centrum, 2015).

“Sinds mijn vorig bezoek aan Baardwijk is daar eene nieuwe Roomsche kerk gebouwd; ik ging die met B. en W. bekijken. De kerk staat nu nog tusschen andere huizen; tusschen den weg en de kerk staat de woning van den aannemer De Kort; dat huis werd door de kerk gekocht, en zal geamoveerd worden, na het overlijden van de echtelieden De Kort. Dan zal de kerk een sieraad zijn van de gemeente. Wethouder

stond. De woning is na het overlijden van mevrouw De Kort in 1914 gesloopt (Ant. de Kort was in 1904 al overleden). De waterstaatskerk, de oude kerk van de Clemensparochie waar de Sint Clemenkerk direct naast is gebouwd, was al snel na de voltooiing van de nieuwe kerk gesloopt. Zo ontstond er een bescheiden en aan drie zeiden omsloten kerkplein zoals te zien op de luchtfoto.

In eerste instantie was de kerk volledig van de straat afgescheiden: ten opzichte van de weg is de kerk naar achteren op het perceel geplaatst, omdat tot 1914 de woning

CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK SINT CLEMENSKER TE WAALWIJK

Baardwijk, Waalwijk en Waspik blijven in de Tachtigjarige Oorlog in overgrote mate katholiek. In Capelle, Vrijhoeve, Sprang en Besoyen winnen de ideeën van de Reformatie terrein. De Langstraat ligt in een grensgebied. Na het Twaalfjarig Bestand (1609-1621) mogen katholieken hun geloof niet meer openlijk belijden en worden de eerste predikanten benoemd in het gebied, waaronder een voor Baardwijk. De katholieken moeten hun kerken afstaan: de

4.4 Strijd tussen de protestantse en katholieke bevolking

Baardwijk is eind 20e eeuw getransformeerd van lintdorp naar een wijk in een stad. Na de Tweede Wereldoorlog heeft de lintbebouwing zich uitgebreid langs de huidige Baardwijkse straat, maar het middeleeuwse slagenlandschap van de Binnenpolder van Baardwijk blijft nog intact tot dat de bewoning van Waalwijk zich vanaf de jaren 1970 vanuit het westen uitbreid. In de jaren 1970 wordt Laageinde bebouwd. In de jaren 1980 wordt het gebied tussen de Baardwijkse straat en de Hoefstraat, direct ten zuiden van de Sint Clemenskerk en rondom het kerkhof bebouwd. Vervolgens wordt woonwijk De Hoef gerealiseerd. De bebouwing volgt niet het patroon van het voormalige slagenlandschap: het patroon van smalle langgerekte kavels verandert in woonblokken. Het voormalige afwateringskanaal aan de achterzijde van de lintbebouwing blijft intact als groenblauwe zone. Ook de sloten en heggen rondom de begraafplaats en kerkhofpad (Sint Clemenspad) zijn nog aanwezig.

Transformatie dorp Baardwijk naar wijk in de stad

pastorie is gebouwd op de plek zoals de oorspronkelijke schets heeft aangegeven. De pastorie is gebouwd in ruimtelijke samenhang met de kerk maar wel in andere bouwstijl die past bij de jaren 1960.

In 1962 is het plein zoals het nu voor de kerk ligt aangelegd nadat in 1961 de oude pastorie en oude boerderij aan de

39

CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK SINT CLEMENSKER TE WAALWIJK

40

Daarentegen werd met steun van het Rijk in 1836 de Waterstaatskerk gebouwd. Met het Koninklijk Besluit van 1824 probeerde koning Willem I staatscontrole te krijgen op de kerkenbouw. De bouwactiviteiten werden onder toezicht en beheer gesteld van het ministerie van Waterstaat. De voorkeur ging uit naar de classicistisch-barokke stijl, later wat denigrerend ‘waterstaatsstijl’ genoemd. In katholieke kerkelijke milieus rees verzet tegen het autoritaire karakter van het Koninklijk Besluit. De katholieke gemeenschap lijkt er niet trots op te zijn geweest op de waterstaatskerk: ruim een halve eeuw later al werden er al plannen gemaakt voor een nieuwe kerk in de stijl die paste bij de katholieke herleving die medio 19e eeuw inzette: de neogotiek (bron: archiefnr. 1170 1.1; entoen. nu; Noord Brabants Museum, 1979; Verstijnen en Hoogbergen, 2008).

De toestand blijft zo tot de Franse Revolutie en de Franse inval van 1794 waarmee de ideeën van vrijheid, gelijkheid en broederschap ook de Lage Landen bereikten. Bij de eerste Staatsregeling (grondwet) van de daaropvolgende Bataafse Republiek in 1798 wordt bepaald dat de grootste geloofsgemeenschap in een plaats aanspraak mag maken op een kerkgebouw dat bij de Reformatie in de zeventiende eeuw in protestants bezit is gekomen. In Baardwijk heeft de katholieke meerderheid desondanks geen actie ondernomen om de kerk aan de Winterdijk terug te krijgen.

De strikte regels tegen het uitoefenen van de katholieke godsdienst worden in de tweede helft van de zeventiende eeuw wat soepeler. Katholieken mogen tegen een jaarlijkse betaling een schuurkerk in gebruik nemen. Er mag ook een pastoor worden benoemd. In 1637 stelt de heer van Baardwijk zijn huiskapel ter beschikking en in 1692 ging het achterhuis van een boerderij fungeren als schuil- of schuurkerk. Niets aan de buitenzijde van het gebouw mocht erop wijzen dat het om een kerk gaat.

14e-15e eeuwse kerk van de Clemensparochie aan de Winterdijk wordt een hervormde kerk.

CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK SINT CLEMENSKER TE WAALWIJK

4.5

Katholieke herleving vanaf 1853

Rond 1900 verzette de jonge generatie priesters zich tegen het ‘isolatiekatholicisme’. Zij wilden meer openheid van de kerk. Dit ging gepaard met de doorbraak van een liturgievernieuwing die erop gericht was mensen meer te betrekken bij het gebeuren in het priesterkoor, zodat meer openheid naar binnen toe

Pleitbezorger van deze herleving van de gotiek in Nederland is Jozef Alberdingk Thijm (1820-1889). De gotische stijl toegepast in middeleeuwse kathedralen van voor de Reformatie werd in de 19e eeuw gezien als dé katholieke bouwstijl bij uitstek. Bouwmassa’s werden verrijkt met hoog oprijzende torens, steunberen en luchtbogen en imponerende gebeeldhouwde portalen versterkte de beeldentaal. Dit alles was echter een illusie: het katholicisme steunde eerder de bestaande orde, het verzette zich bijvoorbeeld tegen het socialisme.

Halverwege de 19e eeuw bloeiden de katholieke kerk en cultuur op. Dit begon met het herstel van de bisschoppelijke hiërarchie in 1853 die volgde op de grondwetsherziening van Thorbecke in 1848 waarin de grondwettelijke vrijheid van o.a. vereniging, vergadering en meningsuiting zijn geformuleerd. Vijf nieuwe bisschoppen werden benoemd in Nederland. De verbeterde positie van de katholieken uitte zich in een intensieve kerkbouw tot in de 20e eeuw in neogotische stijl die versmolten was met de katholieke levensstijl. Zo verrezen er in vijftig jaar ongeveer 700 neogotische kerken in Nederland. De realiteit eind 19e eeuw was verbetering van de infrastructuur en de daaropvolgende industrialisatie, trek naar de grote stad en het vereisen van fabrieken en schoorstenen, met scherpe klassentegenstellingen als gevolg. De katholieke kerk zou volgens het visioen van een nieuwe maatschappij naar middeleeuws voorbeeld weer het middelpunt van de samenleving worden en verrijzen als een verheven centrum in stad en dorp.

41

Misviering 1966 87523

CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK SINT CLEMENSKER TE WAALWIJK

Misviering 1966 WAA87511

42

Gotiek en Neogotiek

Tussen 1830 en circa 1870 werden de eerste grote neogotische kerken gebouwd, in een stijl die sterk werd beïnvloed door de internationale en romantische interpretatie op de gotiek. De belangrijkste eigenschappen van de gotiek zijn de drang naar verticaliteit en naar licht. De gotiek

De negentiende eeuw werd gekenmerkt door een zoektocht naar een passende bouwstijl. Deze zoektocht uitte zich in een diverse architectuur waarin vooral werd teruggegrepen op oude stijlen. Dit gold voor het neoclassicisme en voor de neogotiek. Omstreeks 1850 maakte het neoclassicisme onder invloed van de romantiek plaats voor de neogotiek en andere neostijlen. Dit ging samen met de internationale herwaardering van de maatschappij, kunst en architectuur van de middeleeuwen. Tegelijk met het herstel van de bisschoppelijke hiërarchie in 1853 werd de neogotiek een stijl die vooral het herwonnen zelfbewustzijn van de katholieken kenmerkte.

4.6

Ook de Sint Clemenskerk had bij de bouw een communiebank die begin 20e eeuw is verwijderd. Begin 20e eeuw groeide de vraag naar ‘volkskerken’ met een ongebroken zicht op het altaar. Koepelkerken worden gebouwd, architecten verbreedden het schip ten koste van de zijbeuken, de traveeën worden breder en pijlers slanker. Architect van de Sint Clemenskerk, Jacques van Groenendael ontwerpt begin 20e eeuw ook eenbeukige kerken met een breed schip. Hoewel ook in het begin van de 20e nog in neogotische stijl wordt gebouwd, betekent de volkskerk het eind van de neogotiek (bron: Noord Brabants Museum 1979; Verstijnen en Hoogbergen, 2008).

bereikt werd en een kleinere afstand tussen de gelovigen en het liturgische (het geheel van voorgeschreven gebeden, ceremoniën en handelingen die een eredienst uitmaken). Dit heeft belangrijke consequenties voor de kerkelijke bouwkunst gehad: de afgesloten priesterkoren en communiebanken werden geleidelijk verwijderd.

CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK SINT CLEMENSKER TE WAALWIJK

N.J.H. Jacques Van Groenendael

N.J.H. (Jacques) van Groenendael (1864-1932) was een Nederlandse aannemer en architect of bouwkundige. Hij behoorde tot een familie van metselaars, aannemers en architecten, die oorspronkelijk afkomstig was uit het MiddenLimburgse dorp Nunhem. Hij was de tweede van drie zoons van aannemer-architect Jan van Groenendael die eveneens aannemer-architect werden. De andere zoons zijn J.H. van Groenendael en, de bekendste van de drie, J.H.H. (Hubert) van Groenendael.

4.7

Cuypers was van mening dat de toren dient om ‘uit de verte de plaats van de kerk te tonen. Hij moet ook hoog zijn, omdat de klokken het geluid over de woningen der gemeentenaren moet verspreiden om hen ter kerke te roepen. Een lage toren is een onding’ (Bron: Reliwiki; Verstijnen en Hoogbergen, 2008; Willemen en raming-Theeuwes, 2006).

Een toonaangevende Nederlandse architect was P.J.H. (Pierre) Cuypers. Voor zijn kerkontwerpen liet hij zich inspireren door de Franse gotiek uit de twaalfde en dertiende eeuw, gekenmerkt door gestukadoorde houten (kruisrib) gewelven, gepleisterde (vaak beschilderde) wanden en gewelven, en vensters voorzien van rijk maaswerk. Deze bouwstijl heet ook wel stucadoorsgotiek, vanwege het vele toegepaste stuc- of pleisterwerk. Kerken kregen verder spitsboogvormige ramen, steunberen en pinakels. De plattegrond werd getypeerd door een kruisvorm en onderverdeling in drie beuken. De later werken van Cuypers werden ook gekenmerkt door neorenaissancistische elementen zoals horizontale geelbaksteen banden, zoals de Sint Clemenskerk ook heeft.

suggereert de ‘onmeetbare verte en de onpeilbare hoogte’: architectuur die naar de hemel reikt. Het heeft een rationele structuur, vorm volgt krachten (krachtenafdracht) van de constructie.

43

Rijsbergen, H. Bavo

Teteringen H. Willibrordus

Chaam, H. Antonius Abt

Moerstraten, H. Theresia

CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK SINT CLEMENSKER TE WAALWIJK

44

De Sint-Jozefkerk in America (1892) is een vroege kerk van Jacques van Groenendael. De kerk is in traditionalistische, sterk op neoromaanse stijl gebouwd, die bepaald wordt door een gevelgeleding met blinde boogmotieven. De kerk heeft wel een neogotisch hoofdaltaar en biechtstoelen. Het interieur is voorzien van een zeer rijk versieringen met decoratief metselwerk en wand- en plafondschilderingen met natuursteenimitaties. Het koor heeft plavuizen met bloemmotieven. Dit vertoont enige gelijkenis met de Sint Clemenskerk, al zal dat eerder door invloed van de opdrachtgever komen (bron Reliwiki).

De Sint Clemenskerk wijkt af van de andere werken van Jacques van Groenendael, met name vanwege de speklagen. Vermoedelijk heeft zijn broer Hubert grote invloeden op het ontwerp van de Sint Clemenskerk gehad.

De tekst in de Nieuwe Tilburgse Courant 1897 is meer lovend: ‘Gebr. Jacques en Hubert van Groenendaal, ontwerpers en tevens uitvoerders van den bouw hebben hier weer een keer te meer getoond dat zij op het gebied der kerkelijke architectuur voor de beste meesters niet behoeven onder te doen, en pastoor Van Haaren, onder wiens bestuur, behalve de nieuwe kerk, reeds een R. K. kerkhof en een liefdegesticht tot stand kwamen, zal zeker op zjjn jongste werk met de meeste voldoening neerzien.’

negatieve schrijver en onderzoeker Gerard Brom in 1933.

Familie Groenendael heeft veelvuldig kerken gemaakt naar middeleeuwse gotiek. De familie waren experts in vooral nabouwen van gotische kerken maar leken weinig bij te dragen in de verdere ontwikkeling van de architectuur: ‘ondernemingsduivel droeg de naam Legio. Het knoeien diende evenmin tot de eer van God als tot roem van Cuypers. Machteloos moest de meester het aanzien hoe menig toneelspeler met van buitengeleerde tiraden uit bekende

CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK SINT CLEMENSKER TE WAALWIJK

J.H.H. Groenendael Hubert van Groenendael was leerling van Cuypers (Rosenberg, 1972). Hoogtepunt in zijn oeuvre is de

Sint Nicolaaskerk in Helvoirt

4.8

Een van de weinige andere driebeukige kerken van Van Groenendael is de Sint Antonius Abtkerk in Chaam (1926). Het is een neogotische driebeukige basiliek met breed schip. De kerk is gebouwd ter vervanging van een waterstaatskerk. De toren is in 1948 herbouwd na forse schade door oorlogshandelingen (bron: Reliwiki).

Ook andere kerken van Van Groenendael zijn niet gestukt en gepolychromeerd, zoals de Theresiakerk in Moerstraten (1927) met gemetselde kruisgewerlven. Het is een eenbeukige neogotische kerk met vierkante toren met achthoekige spits. Het heeft geen speklagen maar enkel eenvoudige baksteen versiering onder de ramen (bron: Reliwiki).

De Willibrorduskerk in Teteringen (1927) is een ook een volkskerk met centraliserende plattegrond en een typische interbellum kerk. De stijl is een mengeling van neo-Romaanse elementen en Byzantijnse invloeden en elementen van de Amsterdamse School (art deco). Het heeft een achthoekige traptoren met spits en een hoge vierkante toren met koepel. Het front van de kerk heeft grote roosvensters. Het interieur van de kerk is niet gestukt en gepolychromeerd.

De plattegronden van andere werken van Jaques van Groenendael wijken ook af van de Sint Clemenskerk. De SintBavokerk (1916) in Rijsbergen is driebeukige hallenkerk met driezijdig gesloten dwarsschip op centraliserende plattegrond. Door deze opzet en de brede beuken komt Van Groenendael met deze ruimte de wensen van de volkskerk tegemoet. De vierkante toren staat rechts naast de voorgevel en is voorzien van balustrade en een zeskantige spits. Het laat-neogotische ontwerp van Van Groenendael is verwant aan de late Nederrijnse en Westfaalse gotiek (bron: Reliwiki).

45

Helvoirt, Nicolaaskerk

Helvoirt, interieur Sint Nicolaaskerk met Cuyperiaanse schilderingen

CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK SINT CLEMENSKER TE WAALWIJK

Rijen, M. Magdalenakerk

46

In de Sint Nicolaaskerk is de communiebank als koorafscheiding nog aanwezig. De biechtstoelen zijn zoals vermoedelijk ook bij de Sint Clemenskerk afkomstig uit de Waterstaatskerk die deze kerk verving. Achterin de kerk bevindt zich nog de doopkapel. Mogelijk heeft een van de

dat was ontworpen door kapelaan Alphons van Dijk. Alles heeft een symbolische betekenis.

Het hele interieur van de kerk is gestukt en beschilderd. De veelkleurige decoratie kwam pas in een latere fase tot stand, tussen 1915 en 1919, en was het resultaat van een goed

Het hoogaltaar, de zijaltaren en de preekstoel zijn naar ontwerp van Hendrik van der Geld, dezelfde beeldhouwer als die van het hoogaltaar en in ieder geval het Jozef-altaar in de Sint Clemenkerk. Echter zijn de altaren in de Sint Nicolaaskerk (deels) uitgevoerd in hout, niet in zandsteen en van hogere detaillering en rijkheid aan versiering.

De Sint Nicolaaskerk is zoals de Sint Clemenskerk een neogotische kruisbasiliek en heeft een vergelijkbaar aanzicht als de Sint Clemenskerk door de plattegrond, hoge vierkante toren aan de westkant met pinakels op de hoeken, een vieringstoren op de kruising van schip en transept en het gebruik van banden in lichte baksteen. Anders dan de Sint Clemenskerk heeft de Sint Nicolaaskerk geen achthoekige klokkentoren, maar vierkant.

Sint Nicolaaskerk in Helvoirt. De kerk wordt als knap en academisch weggezet in het boek Neogotische kerken in Brabant. De kerk levert geen bijdrage aan de bouwkunstgeschiedenis, maar het interieur van de kerk en met name de muurschilderingen en het hoogaltaar zijn van uitzonderlijke detaillering, kwaliteit en gaafheid en daarmee een toppunt van neogotische interieurkunst, veel rijker dan de Sint Clemenskerk. De kerk is gebouwd in trant van de zogenaamde Nederrijnse gotiek, gekenmerkt door het gebruik van baksteen.

CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK SINT CLEMENSKER TE WAALWIJK

Zoals gewoonlijk voor de tijd zijn de communiebanken, de preekstoel en de biechtstoelen achterin de kerk opgeheven en het celebratiealtaar naar het volk gericht. Het orgel is van J. Vermeulen uit Alkmaar uit 1962, dezelfde maker als het orgel in de zijbeuk van de Sint Clemenskerk. Het heilig hartbeeld dat voor de kerk stond is verwijderd, alsook de staties van de kruisweg van Christus. Aan de zuidzijde is de doopkapel omgebouwd tot rouwkapel en afgeschermd met twee wanden. De vraag is of in de Sint Clemenskerk ook voorheen een

Het interieur is anders dan de Sint Clemenskerk en Sint Nikolaaskerk niet rijk beschilderd. Van oorsprong was het interieur zelfs helemaal niet beschilderd. De pilaren, gewelfbogen en gewelven zijn uitgevoerd in metselwerk, niet gestukt en pas in de jaren 1960 met een witte en lichtgrijze verf beschilderd, volgens het bisdom ‘niet geheel eigen aan de neogotische stijl van de kerk’.

De Neogotische kruiskerk is in 1905-1906 gebouwd naar ontwerp van Hubert van Groenendael. De lengte van de kerk vanaf het portaal tot het priesterkoor is 48 meter. De kerk is zoals de Clemenskerk opgetrokken in rode baksteen met banden (speklagen). De banden zijn driesteens dik afwisselend met rode baksteen. Boven de viering is een Angelustoren met klok aangebracht. De westtoren is volgens Neogotische stijl hoog (70 meter). De toren heeft drie niveaus: de eerste twee zijn rechthoekig, de derde is achthoekig. Dit komt overeen met de Sint Clemenskerk. Pinakels versieren de hoeken van de twee omgangen van beton. De raampartijen in het front wijken af van de Sint Clemenskerk met een groot raam boven de entree in plaats van twee kleinere ramen. Het uurwerk is van dezelfde

Maria Magdalenakerk in Rijen

kapellen in de Sint Clemenskerk ook gediend als doopkapel (Verstijnen en Hoogbergen, 2008).

47

Jozef-altaar uit 1903, RK. Willibrordus Berghem, atelier H. van der Geld

Maria-altaar uit 1903, RK. Willibrordus Berghem, atelier H. van der Geld

CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK SINT CLEMENSKER TE WAALWIJK

Hoogaltaar uit 1903, RK. Willibrordus Berghem, atelier H. van der Geld

48

Hoogaltaar Clemenskerk, atelier H. van der Geld

Van der Geld heeft tientallen kerken, bijna allemaal in Brabant, van gebeeldhouwd meubilair voorzien. Belangrijke ensembles, bestaande uit hoogaltaar, zijaltaren, preekstoel en kruiswegstaties, zijn te vinden in de kerken van Best, Elshout,

Het was een groot atelier met een groot assortiment aan modellen die vrijwel alle opdrachten wel aan kon, want het vermenigvuldigde deze op verzoek in alle denkbare materialen en op ambachtelijke wijze. In veel kerken zijn daarom (nagenoeg) identieke beelden te zien, zoals de vaak uitgevoerde evangelisten aan de preekstoelen van het atelier van Van der Geld. Doorgaans koos de architect in overleg met de opdrachtgever de schilders en beeldhouwers en bedacht het ontwerp van de schilderingen en beeldhouwwerken. De architect vervaardigde een eerste schetsmatige tekening die de beeldhouwer uitwerkte met variante voor een meer of minder rijke uitvoering (Verstijnen en Hoogbergen, 2008).

Ook het Jozef-altaar in de Willibrorduskerk is op veel onderdelen gelijk aan het Jozef-altaar in de Sint Clemenskerk. Verschillende Bijbelse scènes zijn afgebeeld maar het beeld van Jozef is nagenoeg een exacte kopie, alsmede de opzet en versiering (bron: parochiewillibrordus.nl; Reliwiki).

onder baldakijn met pinakels, geheel volgens neogotische stijl. Verschillend is dat het hoogaltaar van de Willibrorduskerk vier heiligenbeelden heeft en het altaar in de Sint Clemenskerk twee. Het altaar in de Sint Clemenskerk is aan de zijkant afgewerkt met een luchtboog.

Het hoogaltaar van de Willibrorduskerk in Berghem (1903) en de Sint Clemenskerk zijn bijna exacte kopieën. De opzet, versiering, materialen en afgebeelde scènes zijn hetzelfde. In het midden bevindt zich het tabernakel met aan weerszijden

Passend bij de geest van de tijd kopieerde hij exact voorbeelden van de Nederrijnse gotiek, die hij uit geïllustreerde boeken kende. Daarnaast hield hij rekening met de wensen van de opdrachtgever en architect, de beeldhouwer was immers ondergeschikt. Zo ook voor het hoogatlaar en Marialtaar in de Helvoirtse Nikolaaskerk waarvan de blauwdrukken door kapelaan Van Dijck en architect Hubert van Groenendael zijn gemaakt (Verstijnen en Hoogbergen, 2008).

Atelier Van der Geld

Hendrik van der Geld (1838-1914) studeerde aan de Rijksacademie in Antwerpen, waar ook Cuypers als architect was afgestudeerd. Hij maakte zich de Nederrijnse gotiek eigen door grondige studie en restauratieve opdrachten voor tal van altaren, beelden en retabels in Nederland en Duitsland. Voor zijn restauratiewerken deed hij onderzoek in Kalkar, Xanten en Keulen. Vanaf 1872 voerde hij zijn ontwerpen uit in zijn werkplaats in Elshout en na 1887 in zijn atelier in ’s-Hertogenbosch. Daar werkte een ploeg van een twintigstal beeldhouwers en houtsnijders.

4.9

Goirle, Gemert, Weurt, Beuningen, Berghem, Lith, Lithoyen, Oss, Zeeland, Boxtel (H. Hartkerk), Helvoirt, Herpen, Tilburg (St.-Jozefkerk), Wanroij en Ravenstein. De Bossche SintJacob bezit een belangrijke reeks kruiswegstaties van Van der Geld. Daarnaast werden talloze beelden en kruiswegen geproduceerd die leverbaar waren in gips, carton-pierre, zacht hout en eikenhout, ongepolychromeerd of rijk beschilderd (brabantserfgoed.nl).

doopkapel aanwezig was zoals hier. De kerkbanken, het hoofdaltaar, altaar van de Heilige Familie en het Maria-altaar dateren allen uit de bouwperiode (1906). De altaren zijn uitgevoerd in kalkzandsteen met marmeren colonnetten. De maker is onbekend. De kerk heeft gebrandschilderde ramen uit verschillende perioden (bron: Willemen en raming-Theeuwes, 2006).

CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK SINT CLEMENSKER TE WAALWIJK

49

Bijlage 2

61/566

Notitie Parkeren Clemensstaete Waalwijk 23 februari 2026

Notitie Van

:

Ludo van den Broek, Buiten-Ruimte

Aan

:

Walther Coppens, Eureka Vastgoed B.V.

Onderwerp

:

Notitie parkeren Clemenstaete Waalwijk

Datum

:

23 februari 2026

Projectnummer

:

799

Status

:

Definitief

1.

2026EU01

AANLEIDING

Eureka Vastgoed B.V. wil het bouwplan Clemenstaete in Waalwijk realiseren. In dit bouwplan wordt de bestaande Sint-Clemenskerk in Waalwijk getransformeerd naar 37 koopappartementen en 46 woonzorgeenheden met 4vv-zorgindicatie. Onderdeel van de planvorming is het berekenen van de parkeervraag van de nieuwe appartementen. Daarom heeft Eureka Vastgoed B.V. aan Buiten-Ruimte gevraagd deze notitie te schrijven met een parkeerbalans voor de herontwikkeling van de Sint Clemenskerk in Waalwijk. In deze notitie is de theoretische parkeerbehoefte voor de herontwikkeling van de Sint Clemenskerk in Waalwijk volgens het stappenplan uit de Beleidsregel Parkeernormen Waalwijk 2025 berekend en staat beschreven op welke wijze wordt voorzien in voldoende parkeerplaatsen.

Figuur 1: Ontwerp bouwplan Clemenstaete Waalwijk.

1

2.

PARKEERBALANS

In dit hoofdstuk is met de stappen uit de Beleidsregel Parkeernormen Waalwijk 2025 de parkeereis van bouwplan Clemenstaete in Waalwijk bepaald en is beschreven hoe wordt voorzien in voldoende parkeerplaatsen. Uitgangspunten Bij het opstellen van de parkeerbalans zijn de volgende uitgangspunten gebruikt: -

-

-

-

-

Beleidsregel Parkeernormen Waalwijk 202 Stappenplan opstellen parkeerbalans volgens '. Het plangebied bevindt zich in de kern Waalwijk en ligt in het gebied rest bebouwde kom . Het aantal en type woningen komt overeen met het woningbouwprogramma zoals opgenomen in het bestemmingsplan BPClemenskerk-VA02). Voor het woningbouwprogramma is uitgegaan van de maximale planologische invulling volgens het bestemmingsplan: 37 koopappartementen en 46 woonzorgeenheden met 4vv-zorgindicatie (38 zorgstudio's (35 m²) met 1 bewoner en 8 partnerappartementen (85 m²) met 2 bewoners waarvan minimaal 1 persoon een 4vv zorgindicatie heeft). Voor de 37 koopappartementen is gebruikgemaakt van de volgende parkeernormen: Koop, appartement >100m2 bvo: 1,7 parkeerplaatsen per woning (1 woning). Koop, appartement 75 100m2 bvo: 1,3 parkeerplaatsen per woning (36 woningen). Bezoekers: 0,15 parkeerplaatsen per woning. Per koopappartement wordt 1 privé parkeerplaats toegewezen. Deze parkeerplaatsen komen daardoor niet in aanmerking voor dubbelgebruik (aanwezigheidspercentage altijd 100%). Voor de 46 zorgwoningen bevat de Beleidsregel parkeernormen Waalwijk 2025 geen parkeernorm. Uit worden welke functie het beste aansluit. Voor de 46 zorgwoningen is de parkeernorm voor Verpleeg- en verzorgingstehuizen gehanteerd.

Uit de omschrijving in artikel 1.84 van de planregels van het begrip "zorgwoning" volgt dat zorgwoningen zijn bedoeld voor mensen met een intensieve zorgvraag en hun eventuele partners. Met de zorgwoningen wordt in dit geval gedoeld op woningen bedoeld voor personen met een 4VV zorgindicatie. Dit is op grond van bijlage A bij artikel 2.1 van de Regeling langdurige zorg een indicatie voor beschut wonen met intensieve begeleiding en uitgebreide verzorging. Overigens kan niet worden uitgesloten dat een bewoner met een 4VV zorgindicatie nog wel in het bezit is van een rijbewijs. Daarom kan autobezit niet geheel worden uitgesloten en wordt naast parkeren voor personeel en bezoekers van de bewoners, in de parkeerbehoefte ook rekening gehouden met parkeren door de bewoners zelf. Gelet op de hiervoor omschreven doelgroep van de zorgwoningen is voor de 46 woonzorgeenheden met 4vv-zorgindicatie gebruikgemaakt van de volgende parkeernorm: Verpleeg- en verzorgingstehuis: 0,6 parkeerplaatsen per wooneenheid. Dubbelgebruik van (bestaande en nieuw aan te leggen) openbare parkeerplaatsen is mogelijk. oor fietsparkeren binnen de hoofdgroep Wonen verwezen naar het Besluit bouwwerken leefomgeving (BBL). Voor de 83 woningen is gebruikgemaakt van de volgende parkeernorm: Appartement: 0,5 fietsparkeerplaatsen per woning voor bezoekers.

2

Afbakening onderzoeksgebied In figuur 2 is het onderzoeksgebied te zien. Het onderzoeksgebied wordt aan de noord- en westzijde ontsloten via de Loeffstraat. Aan de zuidzijde wordt het onderzoeksgebied ontsloten via de Pastoor van der Zijlestraat.

Figuur 2: Onderzoeksgebied.

3

Definiëren onderzoeksgebied Het onderzoeksgebied van bouwplan Clemenstaete in Waalwijk valt volgens gebiedsprofielen uit de in gebiedsprofiel (figuur 3) waarvoor de stedelijkheidsgraad matig geldt.

Figuur 3: Kaart gebiedsindeling Waalwijk.

Inventarisatie parkeeraanbod In het onderzoeksgebied zijn na de herontwikkeling van de Sint-Clemenskerk 98 parkeerplaatsen aanwezig zoals weergegeven in de inrichtingstekening in bijlage 1. Stap 1: Bepalen normatieve autoparkeervraag Aan de hand van de beoogde functies binnen de ruimtelijke ontwikkeling wordt de normatieve autoparkeervraag bepaald aan de hand van de autoparkeernormen in tabel 1, rekening houdend met de gebiedsindeling zoals aangegeven in figuur 3.

Tabel 1: Gebruikte parkeernormen.

Stap 2: Bepalen maatgevende autoparkeervraag Omdat de ruimtelijke ontwikkeling uit twee of meer functies bestaat, kan aan de hand van de aanwezigheidspercentages in tabel 2 voor diverse momenten de maatgevende autoparkeervraag bepaald worden. Zodoende houdt de maatgevende parkeervraag rekening met dubbelgebruik van functies.

Tabel 2: Gebruikte aanwezigheidspercentages. 4

In tabel 3 is de theoretische parkeervraag weergegeven per functie, per periode van de dag, gebaseerd op de aanwezigheidspercentages en parkeernormen uit stap 5 van deze notitie.

Tabel 3: Theoretische parkeervraag toekomstige situatie.

Conclusie: De maatgevende autoparkeervraag is 80 parkeerplaatsen.

Stap 3: Verrekenen salderen Bij deze stap wordt de maatgevende parkeervraag van eventuele bestaande functies, die als gevolg van de ruimtelijke ontwikkeling komen te verdwijnen, in mindering gebracht op de maatgevende parkeervraag van de nieuwe functie(s). De hoofdgedachte bij salderen is dat bestaande autoparkeerplaatsen opnieuw kunnen worden ingezet om de autoparkeerbehoefte van de nieuwe functie(s) op te lossen. Een bestaand tekort hoeft daarbij niet worden opgelost. Bij dit project wordt niet gesaldeerd. Stap 4: Check vrijstelling parkeereis Wanneer de maatgevende parkeervraag bepaald is kan getoetst worden aan de voorwaarden zoals gesteld in artikel 9 Vrijstelling autoparkeereis. Wanneer deze voldoet aan de gestelde voorwaarden, dan komt de parkeereis volledig te vervallen. De gestelde voorwaarden zijn als volgt:

1. Bij kleine ruimtelijke ontwikkelingen met een totale parkeereis (vaste gebruikers en bezoekers) van 2,0 of minder parkeerplaatsen wordt ontheffing verleend van de parkeereis.

2. 3. Op transformatieontwikkelingen in het centrum (zie Bijlage 2 voor gebiedsindeling) komt de parkeereis volledig te vervallen bij de volgende soorten aanvragen: o Onderlinge transformaties tussen wonen, horeca, kantoren, maatschappelijk en detailhandel; o Uit- en verbouw naar aanleiding van leegstand (5 jaar of langer) bij wonen, horeca, kantoren, maatschappelijk en detailhandel.

Bouwplan Clemenstaete komt op basis van deze voorwaarden niet in aanmerking voor vrijstelling van de parkeereis.

5

Stap 5: Bepalen uiteindelijke parkeereis Bij het bepalen van de parkeereis voor bouwplan Clemenstaete komt het bouwplan niet in aanmerking voor de mogelijkheid om te salderen en voor vrijstelling van de parkeereis. Conclusie: De uiteindelijke parkeereis is 80 parkeerplaatsen.

Parkeerbalans Bij het bepalen van de (on)balans voor het bouwplan Clemenstaete zijn naast de resultaten uit voorgaande stappen de volgende uitgangspunten gebruikt. -

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16817494/1