CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5 Wijzigingsdocument Tarieventabel Legesverordening 2025

Raadsvergadering 12 december 2024, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Vaststellen gemeentelijke belastingverordeningen 2025 OZB en Leges met bijbehorende tarieventabel 2025 en bijbehorende Bijlagen I en II13.228 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

€ 548,95

b.

in andere gevallen dan bedoeld in onderdeel a, per maatwerkvoorschrift:

€ 548,95

Artikel 2.36

Maatwerkvoorschriften of vergunningvoorschriften bij milieubelastende activiteiten/ wijziging maatwerkvoorschriften of vergunningvoorschriften Bij een aanvraag om maatwerkvoorschrift(-en) of een vergunningvoorschrift krachtens artikel 4.5 van de Omgevingswet bedraagt het tarief bij één maatwerkvoorschrift:

1. a.

€ 2.693,00

b.

twee of meer maatwerkvoorschriften, in afwijking van artikel 2.3, tweede lid, de som van het tarief onder a en per extra maatwerkvoorschrift: maatwerkvoorschrift om afvalwater afkomstig van niet-industriële voedselbereiding te lozen zonder vetafscheider en slibvangput:

€ 1.346,50

2.

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van maatwerkvoorschriften of vergunningvoorschriften als bedoeld in artikel 4.5 Omgevingswet:

€ 2.693,00

3.

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het intrekken van een maatwerkvoorschrift of vergunningvoorschrift als bedoeld in artikel 4.5 Omgevingswet:

€ 0,00

Artikel 2.37

Maatwerkvoorschriften bij overige activiteiten Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een andere activiteit dan genoemd in de artikelen 2.35 en 2.36, bedraagt het tarief per maatwerkvoorschrift:

c.

€ 150,00

€ 548,95

Paragraaf 2.10 Artikel 2.38 1.

Gelijkwaardigheid Gelijkwaardige maatregel Als de aanvraag om toestemming voor een gelijkwaardige maatregel als bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet betrekking heeft op:

a. b.

een bouwactiviteit, bedraagt het tarief: een activiteit met betrekking tot cultureel erfgoed, bedraagt het tarief:

c.

een milieubelastende activiteit, bedraagt het tarief:

d.

een andere activiteit dan bedoeld in de onderdelen a, b of c:

€ 548,95

Paragraaf 2.11 Artikel 2.39

Overige tarieven Verlengen tijdelijke omgevingsvergunning bouwactiviteit Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om verlenging van de in een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit gestelde termijn, bedoeld in artikel 10.23, tweede lid, van het Omgevingsbesluit:

€ 548,95

Artikel 2.40

Wijzigen omgevingsvergunning Voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van een omgevingsvergunning is hetzelfde tarief verschuldigd als op grond van dit hoofdstuk verschuldigd is voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor de activiteit of activiteiten waarop de aanvraag tot wijziging betrekking heeft.

Artikel 2.41 1.

Wijzigen voorschriften omgevingsvergunning Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning, niet zijnde een vergunningsvoorschrift als bedoeld in artikel 4.5 Omgevingswet

€ 548,95 € 548,95 € 2.693,00

€ 2.693,00

2.

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot intrekking van een voorschrift van een omgevingsvergunning, niet zijnde een vergunningvoorschrift als bedoeld in artikel 4. 5 Omgevingswet:

Artikel 2.42

Intrekken omgevingsvergunning Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning:

Artikel 2.43

Beoordeling aanvullende gegevens gereserveerd

Artikel 2.44

Beoordeling onderzoeksrapporten De in artikel 2.49 opgenomen tarieven zijn van overeenkomstige toepassing op het in behandeling nemen van een aanvraag tot het beoordelen van een onderzoeksrapport, zonder dat sprake is van een aanvraag om een omgevingsvergunning of van het nemen van een ander besluit.

Artikel 2.45

Wijzigen van het omgevingsplan Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van het omgevingsplan:

Artikel 2.46

Niet genoemde aanvraag Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een ander, in dit hoofdstuk niet benoemd besluit op grond van de Omgevingswet, de op die wet gebaseerde algemene maatregelen van bestuur of het omgevingsplan:

Paragraaf 2.12

Modaliteiten

Artikel 2.47

Achteraf ingediende aanvraag Als de aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de activiteit, worden de op grond van de paragrafen 2.3 tot en met 2.8 verschuldigde leges verhoogd met: met een minimum van € 100,00 en een maximum van € 1.000,00

€ 0,00

€ 0,00

€ 12.420,00

€ 281,45

10%

Artikel 2.48

Uitgebreide voorbereidingsprocedure Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is op de voorbereiding van het besluit:

a.

als sprake is van een milieubelastende activiteit:

€ 3.366,25

b. c.

als sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit: als sprake is van andere activiteiten dan bedoeld in de onderdelen a en b:

€ 1.097,95 € 1.097,95

Artikel 2.49

Beoordeling onderzoeksrapporten Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als krachtens wettelijk voorschrift voor de betreffende aanvraag een rapport moet worden beoordeeld:

a.

een milieukundig bodemrapport:

€ 490,05

b. c. d.

een archeologisch bodemrapport: een geluid- of luchtrapport betreffende de geluid- of luchtbelasting: een akoestisch rapport betreffende de interne en externe geluidwering of nagalm van een bouwwerk:

€ 490,05 € 490,05 € 490,05

e. f.

een ecologisch onderzoeksrapport: een milieueffectrapportage (MER):

€ 490,05 € 8.079,00

g.

Een verkeer- en parkeeronderzoek

€ 490,05

h. i. j.

Onderzoek EV een aanmeldnotitie MER een goede onderbouwing van de effecten op de fysieke leefomgeving (Goflo) een niet in de voorgaande onderdelen genoemd rapport:

€ 274,50 € 274,50 € 274,50

k. Artikel 2.50 1.

a. b.

Advies Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een daartoe aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet: voor een advies van de gemeenteraad:

€ 274,50

€ 306,55

voor elk advies van de gemeentelijke adviescommissie dat uitsluitend betrekking heeft op redelijke eisen van welstand, als bedoeld in de gemeentelijke beleidsregels bedoeld in artikel 4.19 van de Omgevingswet: voor een advies van de gemeentelijke adviescommissie dat uitsluitend betrekking heeft op het aspect monumenten

€ 261,35

d.

voor een advies van de Adviescommissie Agrarische Bouwaanvragen

€ 890,00

e.

voor een advies van de Adviescommissie Agrarische Bouwaanvragen en hiertoe een bedrijfsbezoek wordt afgelegd

€ 985,00

f.

voor een advies in andere gevallen dan bedoeld in de onderdelen a tot en met e: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

c.

€ 261,35

2.

Als een begroting als bedoeld in het eerste lid, onderdeel f, is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

Artikel 2.51 1.

Advies met instemming Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet betrekking heeft op een activiteit waarvoor de beslissing op de aanvraag op grond van artikel 16.16 van de Omgevingswet instemming behoeft van een bestuursorgaan:

a.

het bedrag dat dit bestuursorgaan aan rechten zou heffen als het voor de activiteit waarvoor instemming wordt verzocht zelf bevoegd gezag zou zijn. Het bedrag bedoeld in het eerste lid, onder a, wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld. De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde bedrag aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

2.

Paragraaf 2.13

Vermindering

Artikel 2.52 1.

Vermindering na omgevingsoverleg Als de aanvraag om een omgevingsvergunning bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel b, en zoals nader omschreven in de paragrafen 2.3 tot en met 2.8, is voorafgegaan door een aanvraag om omgevingsoverleg als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel a, en zoals nader omschreven in paragraaf 2.2, waarop de aanvraag om de omgevingsvergunning betrekking heeft, bestaat onder de in het tweede lid genoemde voorwaarden aanspraak op vermindering van de voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning verschuldigde leges. De vermindering bedraagt: van de voor het omgevingsoverleg geheven leges.

2.

Voor de toepassing van het eerste lid wordt de aanvraag om een omgevingsvergunning gedaan:

a.

voor dezelfde activiteit of activiteiten als waarop het omgevingsoverleg betrekking had;

b.

in overeenstemming met de uitkomsten van het omgevingsoverleg; en binnen 6 maanden na het laatste omgevingsoverleg of, als het omgevingsoverleg volgens afspraak leidt tot een kennisgeving aan de aanvrager, na de dagtekening van de kennisgeving.

c.

3.

Onverminderd het bepaalde in voorgaande leden, bedraagt de vermindering maximaal het bedrag van de voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning verschuldigde leges. Toelichting:

100%

In gevallen waarbij de leges van het omgevingsoverleg duurder zijn dan de leges van de omgevingsvergunning, zou 100% verminderen betekenen dat de gemeente geld teruggeeft bij verlenen van een omgevingsvergunning. Dit wordt als onwenselijk geschat. De bepaling onder lid 3 voorkomt dat deze situatie voor kan komen. Artikel 2.53

Vermindering bij meervoudige aanvraag gereserveerd

Paragraaf 2.14 Artikel 2.54

Teruggaaf Teruggaaf bij aanvraag en oordeel geen omgevingsvergunning nodig Als het college van burgemeester en wethouders op grond van een aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning oordeelt dat voor de voorgenomen activiteit geen omgevingsvergunning is vereist, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges.

Artikel 2.55 1.

Teruggaaf als aanvraag verder buiten behandeling wordt gelaten Als na toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht een aanvraag buiten behandeling wordt gelaten, bestaat aanspraak op teruggaaf. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges., met dien verstande dat er een minimaal bedrag blijft verschuldigd van:

2.

50%

75%

€ 256,50

Indien de verschuldigde leges voor de aanvraag lager of gelijk zijn aan het minimale bedrag, wordt er geen teruggaaf verleend.

Toelichting: De hoogte van het minimaal verschuldigde bedrag zorgde er bij goedkopere vergunningen dat er op basis van dit artikel meer geld verschuldigd zou zijn bij intrekking/buiten behandeling stelling dan bij een besluit op de aanvraag. Dit is onwenselijk. Daarom zijn de minimaal verschuldigde bedragen geschrapt en vervangen door het algemeen minimum in artikel 2.61 Artikel 2.56

Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij reguliere procedure Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

a.

bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen zes weken na de indiening van de aanvraag: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges., met dien verstande dat er een minimaal bedrag blijft verschuldigd van:

50% € 384,60

b.

bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf zes weken na de indiening van de aanvraag:

25%

van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges., met dien verstande dat er een minimaal bedrag blijft verschuldigd van:

€ 384,60

Toelichting: De hoogte van het minimaal verschuldigde bedrag zorgde er bij goedkopere vergunningen dat er op basis van dit artikel meer geld verschuldigd zou zijn bij intrekking/buiten behandeling stelling dan bij een besluit op de aanvraag. Dit is onwenselijk. Daarom zijn de minimaal verschuldigde bedragen geschrapt en vervangen door het algemeen minimum in artikel 2.61 Artikel 2.57

a.

b.

Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij uitgebreide voorbereidingsprocedure Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen dertien weken na de indiening van de aanvraag: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges., met dien verstande dat er een minimaal bedrag blijft verschuldigd van: bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf dertien weken na de indiening van de aanvraag:

50% € 384,60

25%

van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan € 384,60 verschuldigde leges., met dien verstande dat er een minimaal bedrag blijft verschuldigd van: Toelichting: De hoogte van het minimaal verschuldigde bedrag zorgde er bij goedkopere vergunningen dat er op basis van dit artikel meer geld verschuldigd zou zijn bij intrekking/buiten behandeling stelling dan bij een besluit op de aanvraag. Dit is onwenselijk. Daarom zijn de minimaal verschuldigde bedragen geschrapt en vervangen door het algemeen minimum in artikel 2.61 Artikel 2.58

Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw- of milieubelastende activiteiten Als het college van burgemeester en wethouders een verleende omgevingsvergunning voor een bouw- of milieubelastende activiteit intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen 12 maanden na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges., met dien verstande dat er een minimaal bedrag blijft verschuldigd van: Toelichting:

5%

€ 384,60

De hoogte van het minimaal verschuldigde bedrag zorgde er bij goedkopere vergunningen dat er op basis van dit artikel meer geld verschuldigd zou zijn bij intrekking/buiten behandeling stelling dan bij een besluit op de aanvraag. Dit is onwenselijk. Daarom zijn de minimaal verschuldigde bedragen geschrapt en vervangen door het algemeen minimum in artikel 2.61 Artikel 2.59 a.

Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouw- of milieubelastende activiteiten Als het college van burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning voor een bouw- of milieubelastende activiteit weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges., met dien verstande dat er een minimaal bedrag blijft verschuldigd van:

5%

€ 384,60

b.

Onder een weigering bedoeld in onderdeel a wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak. Toelichting: De hoogte van het minimaal verschuldigde bedrag zorgde er bij goedkopere vergunningen dat er op basis van dit artikel meer geld verschuldigd zou zijn bij intrekking/buiten behandeling stelling dan bij een besluit op de aanvraag. Dit is onwenselijk. Daarom zijn de minimaal verschuldigde bedragen geschrapt en vervangen door het algemeen minimum in artikel 2.61

Artikel 2.60

Geen teruggaaf legesdeel modaliteiten In afwijking van de voorgaande artikelen van deze paragraaf wordt geen teruggaaf verleend van het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in paragraaf 2.12.

Artikel 2.61

Minimumbedrag voor teruggaaf Een bedrag minder dan € 100,00 wordt niet teruggegeven.

HOOFDSTUK 3

DIENSTVERLENING VALLEND ONDER DE DIENSTENRICHTLIJN EN NIET VALLEND ONDER HOOFDSTUK 2

Paragraaf 3.1

Horeca

Artikel 3.1

Exploitatie openbare inrichting Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: een aanvraag om een vergunning tot het exploiteren van een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:28 van de Algemene plaatselijke verordening: Een vergunning ingevolge artikel 3 van de Alcoholwet (inclusief uittreksel inschrijving Kamer van Koophandel)

a. b. c. d. e. f.

Het aanbrengen van wijzigingen van een in dit hoofdstuk genoemde vergunning Een ontheffing als bedoeld in art. 35 van de Alcoholwet Het wijzigen van een ontheffing genoemd in artikel 3.1 Voor een aanvraag uit artikel 3.1 die voor het einde van de behandeltermijn wordt ingetrokken, wordt teruggaaf van van de geheven leges verleend.

€ 344,85 € 380,50 € 117,05 € 117,05 € 117,05 50%

Toelichting: In lijn met de argumenten onder artikel 1.30, is er hier ook voor gekozen om de teruggaaf-bepaling uit de tarieventabel te halen. Paragraaf 3.2 Artikel 3.2 1.

Seksbedrijven Vergunning seksbedrijf Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning of om de verlenging van een vergunning als bedoeld in artikel 3:3 van de Algemene plaatselijke verordening:

a. b.

voor een escortbedrijf: voor andere prostitutiebedrijven dan bedoeld in onderdeel a:

€ 1.862,30 € 1.862,30

c. 2.

voor andere seksbedrijven dan bedoeld in de onderdelen a en b: Voor een aanvraag die voor het einde van de behandeltermijn wordt ingetrokken, wordt teruggaaf van

€ 1.862,30 50%

van de geheven leges verleend. Toelichting: In lijn met de argumenten onder artikel 1.30, is er hier ook voor gekozen om de teruggaaf-bepaling uit de tarieventabel te halen.

Artikel 3.3

a.

Wijzigen vergunning seksbedrijf Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van een in artikel 3.3 bedoelde vergunning in verband met een wijziging van: Het beheer in een seksinrichting of een escortbedrijf, als bedoeld in artikel 3.15, 2e lid van de APV

b.

De duur van de vergunning (jaarlijkse verlenging)

Paragraaf 3.3

Winkeltijdenwet

Artikel 3.4

Ontheffing winkeltijden Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om: een ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet, het overdragen van een toestemming om een ontheffing aan een ander, of het intrekking van een bedoelde ontheffing

a.

€ 940,95 € 789,95

€ 117,05

Paragraaf 3.4 Artikel 3.5 1.

Organiseren evenement of markt Organiseren evenement Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor het organiseren van een evenement als bedoeld in artikel 2.25, eerste lid, van de Algemene plaatselijke verordening (evenementenvergunning), als het betreft:

a.

Voor een evenement tot 350 bezoekers (klein evenement)

€ 175,60

b.

Voor een evenement tot 350 bezoekers, passend binnen de voorwaarden van art 2.25 lid 2 APV (melding)

€ 0,00

c.

Voor een evenement met 350 tot 1600 bezoekers

€ 310,45

d. e.

Voor een evenement boven 1600 bezoekers Voor een aanvraag die voor het einde van de behandeltermijn wordt ingetrokken, wordt teruggaaf van

2.

van de geheven leges verleend. Indien de aanvraag als bedoeld in lid 1 wordt aangevraagd minder dan 10 werkdagen voor de datum van het evenement, worden de volgens dit hoofdstuk verschuldigde leges verhoogd met:

Artikel 3.6

gereserveerd

Paragraaf 3.5 Artikel 3.7

Standplaatsen gereserveerd

Artikel 3.8

gereserveerd

Artikel 3.9

Losse standplaatsen Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om, en voor het wijzigen/overschrijven van, een vergunning voor het innemen of hebben van een standplaats, bedoeld in artikel 5:18 van de Algemene plaatselijke verordening:

Paragraaf 3.6 Artikel 3.10

Artikel 3.11

Huisvestingswet 2014 [en Wet goed verhuurderschap] Vergunning onttrekken woonruimte Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning om woonruimte aan de bestemming tot bewoning te onttrekken of onttrokken te houden, als bedoeld in artikel 21, eerste lid, aanhef en onder a, [respectievelijk tweede lid,] van de Huisvestingswet 2014:

Artikel 3.13

25%

€ 117,05

€ 325,25

Vergunning samenvoegen woonruimte Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning om woonruimte met andere woonruimte samen te voegen of samengevoegd te houden, als bedoeld in artikel 21, eerste lid, aanhef en onder b,van de Huisvestingswet 2014:

Artikel 3.12

€ 620,80 50%

Vergunning omzetten zelfstandige in onzelfstandige woonruimte Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning om zelfstandige woonruimte in onzelfstandige woonruimte om te zetten of omgezet te houden, als bedoeld in artikel 21, eerste lid, aanhef en onder c,van de Huisvestingswet 2014:

Vergunning verbouwen woonruimte tot meer woonruimten

€ 325,25

€ 325,25

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning om woonruimte tot twee of meer woonruimten te verbouwen of in die verbouwde staat te houden, als bedoeld in artikel 21, eerste lid, aanhef en onder d, van de Huisvestingswet 2014:

Artikel 3.14

Artikel 3.15

Splitsingsvergunning Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning om een recht op een gebouw te splitsen in appartementsrechten, als bedoeld in artikel 22, eerst lid van de Huisvestingswet 2014: Intrekking aanvraag vergunning splitsen/onttrekken/samenvoegen/omzetten Voor een aanvraag die voor het einde van de behandeltermijn wordt ingetrokken, wordt teruggaaf van

€ 325,25

€ 263,40

50%

van de geheven leges verleend. Artikel 3.16

Buiten behandeling stellen splitsen/onttrekken/samenvoegen/omzetten Als na toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht een aanvraag buiten behandeling wordt gelaten, wordt teruggaaf van

75%

van de geheven leges verleend. Toelichting: In tegenstelling tot andere artikelen van hoofdstuk 1 en 3, zijn de teruggaafartikelen voor de huisvestingswet wel in stand gehouden. In de praktijk gaan deze aanvragen vaak samen met een aanvraag tot omgevingsvergunning. Deze artikelen zijn in stand gehouden om aan te sluiten bij de tarieven van de omgevingsvergunning, om zo het heffingsproces te vereenvoudigen. Artikel 3.17

Aanvraag na activiteit Onverminderd het bepaalde in deze titel, bedraagt het tarief, indien de in dat onderdeel bedoelde aanvraag wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de activiteit:

150%

van de op grond van dat onderdeel verschuldigde leges. Paragraaf 3.8 Artikel 3.18

Kinderopvang Kinderopvang

a.

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het in exploitatie nemen van een kindercentrum als bedoeld in artikel 1.45, eerste lid van de Wet kinderopvang, waarvoor een onderzoek door de GGD benodigd is Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor bieden van een voorziening voor gastouderopvang(door gastouders) als bedoeld in artikel 1.45, tweede lid van de Wet kinderopvang, waarvoor een onderzoek van de GGD benodigd is

€ 815,05

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het in exploitatie nemen van een gastouderbureau als bedoeld in artikel 1.45, eerste lid van de Wet kinderopvang, waarvoor een onderzoek door de GGD benodigd is

€ 706,40

b.

c.

€ 271,70

d.

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een mededeling van wijziging inzake het bieden van een voorziening voor gastouderopvang indien een reeds geregistreerde voorziening voor gastouderopvang op een ander adres op gaat vangen en er sprake is van een verkort inspectiebezoek

Paragraaf 3.8 Artikel 3.19

In dit hoofdstuk niet benoemd besluit Niet benoemd besluit op aanvraag Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in dit hoofdstuk niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking:

Behorende bij raadsbesluit van DATUM De griffier van Waalwijk,

€ 217,35

€ 117,05

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14784312/1