CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4.8 Toevoeging Ecologische Quickscan

Raadsvergadering 11 april 2024, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Ongewijzigde Vaststelling bestemmingsplan Winterdijk 11 Sprang-Capelle1.895 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

TOEVOEGING ECOLOGISCHE QUICKSCAN

Locatie: Winterdijk, Sprang Capelle Rapportnummer: 2023-BE-0247 In opdracht van: R & S Advies Lange gracht 4b 5091 SJ Middelbeers

Toevoeging ecologische QuickScan Winterdijk 11 Sprang Capelle, BE-0247

Colofon Rapportage Brabant Eco Rapportnummer 2023-BE-0247 Opdrachtgever R & S Advies Contactpersoon Mevrouw I. Spapens-Reijnders Locatie Winterdijk 11 5161 PH Sprang Capelle Auteur Freek Rovers Collegiale controle Frenk van de Wal

Opleverdatum 21 augustus 2023

De Lange Kant 27 5061 PX Oisterwijk 06-24218274 www.brabanteco.nl

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

Overname, verveelvoudiging of openbaarmaking van dit rapport is niet toegestaan zonder vermelding van bron.

Dit rapport is met de grootste zorg samengesteld. Desondanks aanvaardt Brabant Eco geen aansprakelijkheid voor eventuele schade voortvloeiend uit het gebruik van de resultaten van dit onderzoek door toepassing van adviezen.

1

Toevoeging ecologische QuickScan Winterdijk 11 Sprang Capelle, BE-0247

1. INLEIDING

1.1 Aanleiding Volgens opdrachtgever R & S Advies is het voornemen om aan de Winterdijk 11 te Sprang Capelle in de gemeente Waalwijk het woonhuis met aanbouw en de achtergelegen voormalige rundveestallen met aanbouwen en garages/ loods te slopen. Daarna wil initiatiefnemer twee woningen realiseren op een oppervlakte van 1.750 m2 per perceel, met bijgebouwen en een mantelzorg woning. Bij deze werkzaamheden is opdrachtgever gebonden aan de Wet natuurbescherming. In opdracht heeft Brabant Eco op 24 februari 2022 een ecologische quickscan uitgevoerd voor de planlocatie in het kader van de voorgenomen ruimtelijke ontwikkeling. Op 8 augustus 2023 is door de gemeente Waalwijk gevraagd om meer aandacht voor de habitatrichtlijnsoorten kleine en grote modderkruiper. In de afgelopen 1.5 jaar zijn de plannen voor de landschappelijke inpassing verder ontwikkeld. Daardoor is het nu mogelijk om een gerichtere effectanalyse uit te voeren. De aanvulling kan als addendum van de voorgaande rapportage 2022-BE-0247 d.d. 24-02-2022 worden toegevoegd.

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

2

Toevoeging ecologische QuickScan Winterdijk 11 Sprang Capelle, BE-0247

2. VOORGENOMEN ONTWIKKELINGEN

2.1 Sloop- en bouwwerkzaamheden Het plangebied bestaat huidig uit een woning met aanbouw en voormalige stallen voor het houden van melkvee. Deze zijn uitbreidend gebouwd tussen 1965 en 1985. De voormalige melkveestallen zijn de laatste jaren in gebruik voor statische opslag. De inrit naar en tussen en ook achter de stallen is verhard met asfalt en betontegels. Achter de stallen bevinden zich twee voormalige sleufsilo’s verhard met betontegels. De totale overtollige verharding zal verwijderd worden. Het perceel zal verkleind worden tot 20 meter ten zuiden van de gevels van de stallen. De huidige bebouwing binnen het perceel wordt deels gesloopt. Een bestaande loods blijft behouden. Het woonhuis met aanbouw en de twee voormalige rundveestallen worden volledig gesloopt. Daarna wenst initiatiefnemer twee wooneenheden te realiseren met daarachter gelegen twee te bouwen schuren met een aangebouwde mantelwoning. De nieuwe bebouwing zal 20 meter van de dijk af gerealiseerd worden. In onderstaande afbeelding een schematische weergave van de beoogde situatie.

Schematische weergave beoogde situatie. Bron: KG architectuur

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

3

Toevoeging ecologische QuickScan Winterdijk 11 Sprang Capelle, BE-0247

2.2 Landschappelijke inpassing De grenzen van de tuin en de waterberging zullen landschappelijk worden ingepast. Voor de grenzen van de tuin zullen inheemse plantensoorten gebruikt worden, wat bevorderlijk is voor de insectenpopulatie en daarmee ook de vogel- en vleermuispopulaties ondersteund. De greppels worden verdiept om meer water vast te houden waardoor de vegetatie in het plangebied beter bestand zal worden tegen de toenemende droge periodes in Nederland. Daarnaast zal in totaal 2400 m2 aan de achterzijde van de percelen worden afgewaardeerd van Agrarisch met waarden naar Natuurwaarden. Op dit terrein wordt een poel aangelegd, worden de sloten geherprofileerd en zal de meest westelijke sloot opnieuw gegraven worden. De poel krijgt een doorsnede van ongeveer 20m en wordt specifiek ingericht als amfibieënpoel. De vrijkomende grond wordt aan de noordoever gelegd om een flauw talud te realiseren met aan deze zijde van de poel een zonnige zandwal. Op de noordzijde worden ook enkele bomen geplant. Dit betreft een wilg, een wilde appel en een witte els. De poel zal een steile oever krijgen aan de zuidzijde en wordt in totaal 1.5 meter diep. Naar verwachting zal de waterstand tussen de 0.5 meter en 1 meter blijven onder de laagste grondwaterstand. De poel wordt met opzet niet dieper gegraven omdat er anders vis in zal komen, wat nadelig is voor de amfibieën populatie.

De her geprofileerde sloten krijgen een flauwere oever, waardoor een plas-drassituatie ontstaat met oeverbeplanting. Ook krijgt de oostzijde van de landschappelijke inpassing een elzenhaag met een bloemrijke rand.

Schematische weergave beoogde landschappelijke inpassing.

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

4

Toevoeging ecologische QuickScan Winterdijk 11 Sprang Capelle, BE-0247

3. BESCHERMDE NATUURWAARDEN 3.1 Amfibieën, reptielen en vissen Amfibieën, vissen en reptielen Amfibieën, reptielen en vissen zijn gedurende een groot deel van hun leven afhankelijk van waterstructuren. Vooral tijdens het voortplantingsseizoen is het erg belangrijk om waterstructuren in plangebieden te onderzoeken op de aanwezigheid van met name amfibieën die de waterstructuren als voortplantingslocatie gebruiken. Hierbij gaat het om een waterstructuur van maximaal 1,5 meter diep. De soorten die volgens het NDFF zijn waargenomen in een straal van 5 kilometer rond het plangebied zijn te vinden in de onderstaande tabel. Soort Bastaardkikker Heikikker Poelkikker Vuursalamander Levendbarende hagedis Grote modderkruiper

Afstand plangebied 1km 1 km 1 km 5 km 5 km

Soortgroep en bescherming

1 km

Vissen, beschermd

Amfibieën, beschermd Amfibieën, beschermd Amfibieën, beschermd Amfibieën, beschermd Reptielen, beschermd

Bastaardkikker De bastaardkikker komt algemeen voor in vrijwel heel Nederland. Het is een zon- en warmte minnende soort met een voorkeur voor onbeschaduwde wateren. De oeverzone moet bij voorkeur goed begroeid zijn. De bastaardkikker is weinig kieskeurig en komt in allerlei uiteenlopende habitats voor. Heikikker De heikikker heeft een zeer duidelijke voorkeur voor de landschapstypen heide, hoogveen, laagveen en half natuurlijk grasland. De heikikker komt voor op zandgronden, hoog- en laagvenen, op heide, in beekdalen, in klei-op-veen en komkleigebieden en ook in de uiterwaarden van de Nederrijn/Lek. De heikikker is duidelijk een cultuur vliedende soort die nauwelijks wordt aangetroffen in te intensief gebruikt agrarisch landschap, rond infrastructuur en bebouwing. Vuursalamander Een heuvelachtig landschap met vochtige loofbossen, doorsneden met bronbeekjes vormt het typische leefgebied van de vuursalamander. Kalkrijke bodems, bronnen en een hoge bodemvochtigheid lijken de belangrijkste biotoopeisen te zijn. Een ander belangrijk aspect van dit schaduwrijke biotoop is de aanwezigheid van koele, vochtige schuilplaatsen. De larven worden afgezet in het heldere, zuurstofrijke water van bronbeekjes, bronputten en bronpoelen. De vuursalamander komt alleen in Zuid-Limburg voor. Poelkikker De poelkikker is een zon- en warmte minnende soort met een voorkeur voor onbeschaduwde wateren.

De oeverzone moet bij voorkeur goed begroeid zijn. Het is een kritische soort, die houdt van voedselarm en schoon water. Hij heeft een voorkeur voor zwak zure, stilstaande wateren in bos- en heidegebieden op de hogere zandgronden. Hij komt voor in vennen, poelen en watergangen in hoogveengebieden en in de uiterwaarden. Buiten de voortplanting zijn poelkikkers minder gebonden aan water en brengen ze de rest van het seizoen door op het land. Overwintering vindt gewoonlijk plaats op het land.

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

5

Toevoeging ecologische QuickScan Winterdijk 11 Sprang Capelle, BE-0247 Levendbarende hagedis Heide en hoogveen vormen de voorkeurshabitat voor de levendbarende hagedis. De soort komt ook voor in open bossen en ruige graslanden, in bermen van (spoor)wegen en in een beperkt deel van de duinen. De levendbarende hagedis is een vochtminnende soort die in de genoemde landschapstypen veel wordt aangetroffen op oevers en vochtige terreindelen. Er zijn ook enkele waarnemingen bekend uit laagveen. Grote modderkruiper De grote modderkruiper prefereert ondiepe wateren met een dikke modderlaag en een uitbundige waterplantengroei. De soort houdt zich overdag verscholen en voedt zich ‘s nachts met kleine ongewervelden zoals wormen, watervlooien, muggenlarven en kreeftjes. In drooggevallen wateren kan de soort zelfs enige tijd ingegraven in de modder overleven door de levensfuncties tot een minimum te beperken en gebruik te maken van huidademhaling. De dikke slijmlaag biedt hierbij bescherming tegen uitdroging. Kleine modderkruiper De kleine modderkruiper heeft een voorkeur voor stilstaand tot langzaam stromend ondiepe wateren met een rijke plantenbegroeiing en een zandige of met dunne sliblaag bedekte bodem. De soort komt in vrijwel heel Nederland voor in sloten, vaarten, kanalen, riviertjes, beken, plassen en meren.

Kleine modderkruipers zijn met name in de schemering en ’s nachts actief, overdag rusten ze verscholen tussen de vegetatie of ingegraven in de bodem met enkel hun kop eruit stekend. Met de landschappelijke inpassing zal het leefgebied van de aanwezige amfibie- en vissoorten verbeteren. De noordelijke zandwal en flauwe oever is geschikt voor de zon minnende soorten, waaronder de bastaardkikker en de poelkikker. De steile zuidelijke oever is juist geschikter voor schaduw minnende soorten. De plas-dras situatie die zal ontstaan bij de her geprofileerde sloten is ideaal habitat voor de grote en de kleine modderkruiper, de flauwe oever aan een zijde van de sloten biedt ondiepe wateren waar waterplanten zoals riet en waterkers uitbundig kunnen groeien. In de sloten staat het water nagenoeg stil. Met de verandering van een agrarisch bedrijf naar twee woningen zullen de trillingen en geluid in het plangebied afnemen. In plaats van zware machines zoals landbouwvoertuigen zullen er met name personenvoertuigen naar het plangebied rijden. Ook rijden deze voertuigen alleen nog maar bij de noordelijke oprit en niet meer verder zuidelijk in het plangebied. Ook hiermee zal de geschiktheid van het plangebied als habitat voor o.a. de grote en kleine modderkruiper toenemen.

In theorie zou het mogelijk zijn dat er tijdens de werkzaamheden in het plangebied enkele algemene amfibiesoorten, zoals de bruine kikker of gewone pad in landfase voorkomen. Hoewel deze soorten beschermd zijn, worden ze niet bedreigd in hun voorkomen en staan ze vermeld als vrijgestelde soorten in de provincie Noord-Brabant. Voor het opzettelijk doden of vangen en voor het opzettelijk beschadigen of vernielen van vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen wordt vrijstelling verleend als de handeling verband houdt met ruimtelijke inrichting of ontwikkeling van gebieden. Dit is hier van toepassing. Het is echter wel noodzakelijk om voldoende zorg te dragen voor de aanwezige individuen en al het redelijkerwijs mogelijke dient te worden gedaan om het doden van individuen te voorkomen. De ingreep leidt niet tot een overtreding van de Wet natuurbescherming voor deze soortengroepen. Nader onderzoek is niet noodzakelijk.

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

6

Toevoeging ecologische QuickScan Winterdijk 11 Sprang Capelle, BE-0247

4. CONCLUSIE

Op basis van de voorgaande quickscan en het aangeleverde plan voor de landschappelijke inpassing kan worden geconcludeerd dat de gunstige staat van instandhouding van de habitatrichtlijnsoorten grote en kleine modderkruiper met de voorgenomen werkzaamheden behouden blijft. In de her geprofileerde sloten zal aanzienlijk meer geschikt habitat ontstaan voor deze soorten doordat een van de oevers een flauwe helling krijgt waardoor een plas-dras situatie ontstaat die bevorderlijk is voor waterplanten. Daarnaast zullen na de werkzaamheden de trillingen en geluid in het plangebied afnemen in vergelijking met de situatie waarin het plangebied in gebruik was als agrarisch bedrijf. Met de aanleg de amfibieënpoel, de inheemse aan te planten bomen en in te zaaien bloemenrand zal het leefgebied van andere beschermde soorten in het plangebied ook in kwaliteit toenemen

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

7

Toevoeging ecologische QuickScan Winterdijk 11 Sprang Capelle, BE-0247

5. BRONNEN

Websites www.floron.nl www.ivn.nl www.natura2000.nl www.NDFF.nl www.ravon.nl www.rijksoverheid.nl www.verspreidingsatlas.nl www.wetnatuurbescherming.nl www.wikipedia.nl

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13781761/1