CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 Nota van zienswijzen regionale Nota Bodembeheer

Raadsvergadering 29 september 2022, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Regionale Nota bodembeheer1.906 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota van Zienswijzen regionale nota Bodembeheer

Deel 1

Inleiding

De regionale nota Bodembeheer 2022-2032 heeft met de daarop betrekking hebbende stukken die redelijkerwijs nodig zijn voor de beoordeling van de regionale nota, met ingang van 3 februari 2022 gedurende 6 weken ter inzage gelegen. Gedurende de termijn van terinzagelegging zijn 2 zienswijzen over de regionale nota bodembeheer naar voren gebracht. Hieronder hebben wij de zienswijzen samengevat. Wij benadrukken dat de zienswijzen volledig zijn beoordeeld en dat niet slechts de samenvatting bij de afweging is betrokken. Tenslotte is aangegeven of de zienswijze aanleiding geeft tot wijziging van de regionale nota Bodembeheer.

Deel 2

Overzicht van de zienswijzen

Vanwege de privacy is deze lijst niet openbaar.

Deel 3

Samenvatting en commentaar

Ad. A Samenvatting Reclamant is het niet eens met hoofdstuk 11 Toepassen van thermisch gereinigde grond van de regionale nota Bodembeheer. De kern van de zienswijze is: 1. De beleidsregels niet overeenkomstig zijn met de wet. De eisen dat toepassing alleen is toegestaan is in een grootschalige bodemtoepassing (GBT) en in sommige gemeenten zelfs helemaal niet is toegestaan, gaan verder dan de regelgeving; 2. Het is niet mogelijk dat de gemeente vooraf toestemming verleent bij melding van toepassing TGG. De gemeente kan uitsluitend aanvullende informatie vorderen en achteraf handhavend optreden; 3. De beleidsregels zijn onvoldoende onderbouwd, met name waar het gaat om een algemeen verbod. 4. Het is onduidelijk op basis van welke bevoegdheid en welke zorgplicht de beleidsregels gelden. Reactie Naar aanleiding van de zienswijze heeft de OMWB om advies gevraag bij de kennispartners bij Rijkswaterstaat Leefomgeving/Bodem+). Zij hebben het volgende aangegeven: 1. Zij zijn het eens dat de huidige regelgeving (Besluit bodemkwaliteit, Bbk) onvoldoende basis geeft om de toepassing van TGG voor te behouden aan GBT’s of zelfs te verbieden. Het Bbk biedt hiervoor namelijk geen grondslag. Bovendien ontbreekt de motivatie of is deze onvoldoende; 2. Het is niet mogelijk om door middel van beleidsregels toepassingen te verbieden of hier voorwaarden aan te stellen.

Beleidsregels zijn niet dwingend voor de initiatiefnemer, maar richten zich tot een bestuursorgaan. Gemeentes kunnen in beleidsregels hoogstens aangeven onder welke omstandigheden het bevoegd gezag een toepassing wel/niet in strijd vindt met de zorgplicht; 3. Terecht dat de regio kritisch is op de toepassing van TGG. Ook terecht dat wordt verwezen naar het rapport van het RIVM als onderbouwing van de zorgplicht. Hieronder wordt per onderdeel/opmerking een reactie gegeven op de zienswijze. Hierbij wordt de volgorde uit de brief van de reclamant aangehouden. 2.1: Tekst H11 aangepast. De eis dat toepassing van TGG alleen is toegestaan in een grootschalige bodemtoepassing (GBT) en in sommige gemeenten helemaal niet is toegestaan is beperkt tot gemeenteeigen werken. Dit is een privaatrechtelijke aangelegenheid. Daarom legt de gemeente dit bij deze gemeente-eigen werken aanvullend contractueel vast.

2021-061617

2.2: Tekst H11 aangepast. De gemeente heeft daarbij altijd de mogelijkheid om handhavend op te treden als aantoonbaar niet aan de zorgplicht wordt voldaan. Daarbij zijn maatregelen bij toepassing van TGG opgesomd – waaronder een plan van aanpak - waarbij, als ze in acht worden genomen, de gemeente, of de daartoe aangewezen instantie, veronderstelt dat in beginsel in overeenstemming met de zorgplicht bodem (art. 13 Wbb) en de zorgplicht oppervlaktewater (art. 7 Bbk) wordt gehandeld. 2.3: a) Tekst H11 aangepast. Zie onze reactie onder 2.1. b) Tekst H11 aangepast. Zie onze reactie onder 2.2. c) Tekst H11 aangepast. Zie onze reactie onder 2.1. 3.2 en 3.3: Tekst H11 aangepast. Zie onze reactie onder 2.1. 3.4: Tekst H11 is verduidelijkt op het punt van motivatie/onderbouwing. De maatregelen zijn nodig nu in de Kamerbrief en het rapport van het RIVM (Kamerbrief 4-11-2021 (IenW/BSK-2021/287238) en Rapport RIVM (2021): Toepassing van thermisch gereinigde grond. Een evaluatie en opties voor een toepassingskader) wordt aangegeven dat het bestaande normeringskader voor TGG niet voldoet en ook dat aanpassingen in het toepassingskader en kwaliteitsverbetering van het product noodzakelijk zijn. Hiermee valt de toepassing van TGG onder de zorgplicht. Hoofdstuk 11 geeft hier invulling aan.

3.5: Wij zien geen reden om onderscheid te maken tussen TGG die in het verleden is geproduceerd en TGG die op dit moment wordt geproduceerd. Dit baseren wij op informatie van de OMWB over de van ATM ontvangen partijkeuringen van deze nieuwe TGG (geproduceerd zand ook wel FORZ®Sand-T genaamd). Bij deze partijkeuringen is de onderzoeksopzet en het uitgebreidere stoffenpakket gehanteerd uit de ‘Algemene onderzoeksrichtlijn thermisch gereinigde grond in het kader van de zorgplicht’ die is opgesteld door de DCMR milieudienst Rijnmond. Het verplicht bepalen van de maximale emissie zoals vermeld in de Kamerbrief van 4-11-2021 maakt onderdeel uit van deze richtlijn. Uit de keuringen blijkt dat het aangepaste productieproces over het algemeen een betere milieuhygiënische kwaliteit TGG laat zien. Maar tevens blijkt dat de maximale emissiewaarden voor in ieder geval antimoon en molybdeen in de meeste partijen niet voldoen aan de DCMR-richtlijn. Hiermee valt ook toepassing van deze nieuwe productie onder de zorgplicht. 4.2: Tekst H11 is aangepast, zie ook onze reactie onder 2.2. Beleidsregels richten zich inderdaad tot een bestuursorgaan. Verduidelijkt is onder welke omstandigheden het bevoegd gezag een toepassing wel/niet in strijd vindt met de zorgplicht. 4.3: Zie onze reactie onder 4.2. 4.4: Tekst H11 is verduidelijkt.

Naast de RIVM-richtlijn wordt verwezen naar de Kamerbrief van 4-11-2021 (IenW/BSK-2021/287238) waarin het verplicht bepalen van de maximale emissie staat vermeld en naar de ‘Algemene onderzoeksrichtlijn thermisch gereinigde grond in het kader van de zorgplicht’ die is opgesteld door de DCMR milieudienst Rijnmond. 4.5: Tekst H11 is verduidelijkt. Verwezen wordt naar de zorgplicht bodem (art. 13 Wbb) en de zorgplicht oppervlaktewater (art. 7 Bbk). Wat betreft de richtlijnen van het RIVM zie onze reactie onder 4.4. 5.1: Tekst H11 aangepast. Zie onze reactie onder 2.1. Conclusie Op basis van het advies van onze kennispartners is hoofdstuk 11 Thermische Gereinigde Grond aangepast.

Ad.B Samenvatting Reclamant stelt diverse vragen in de zienswijze. Deze vragen zijn opgenomen: 1. Onvermeld is welke twee regionale nota’s hiermee zijn bedoeld en welke van de 22 gemeenten binnen elk van deze regio’s hieraan vanaf 2012 hebben deelgenomen! Vraag: Komt die aanvulling nog?

2021-061617

2. Waarom wil de gemeente Waalwijk - in tegenstelling tot 10 jaar geleden - toen niet en dit keer wel met een groot aantal andere Brabantse gemeenten een nieuw regionale ‘Nota bodembeheer’ opstellen? 3. Waarom juist het milieuadviesbureau Antea - het bureau waarmee de gemeente Waalwijk de laatste 10 jaar al in de slag is - van de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant de voorkeur heeft gekregen om de nieuwe nota op te stellen? 4. Gezien de voorgeschiedenis was dit toch zowel voor de Anteagroup alsook voor de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant en de gemeenten een allesbehalve reële ‘verwachting / inschatting’ ten tijde van de uitgifte van de ‘Nota bodembeheer’ op 18 januari 2022? 5. Hoe (on)zeker is het dat 1 januari 2023 wordt gehaald ? 6. “Toepassingen in oppervlaktewater maken geen onderdeel uit van deze Bodembeheernota.” Nagelaten wordt te vermelden wat daarvan de reden is, terwijl bovendien geen verwijzing is gemaakt naar de partij die voor dat onderdeel verantwoordelijk is! Komt die aanvulling nog ? 7. Komt er een ‘Nota van zienswijzen’ voor elke afzonderlijke gemeente óf wordt het een verzamelnota? 8. Voor wat betreft de geldigheidsduur wordt nog niets concreet in de ‘Nota bodembeheer’ vermeld. Wel wordt bij IV in het kader van de ‘Omgevingswet’ over het ‘omgevingsplan’ gesproken en over de ‘overgangsfase tot eind 2029’. Verder wordt in ‘Gemeenteblad nr.

38837’ d.d. 2 februari 2022 als kop en onder ‘Inzage’ de nota als volgt aangeduid: “Nota Bodembeheer 2022-2032’. Enige opheldering / toelichting is gewenst. Komt die aanvulling nog ? Reactie 1. De volgende gemeenten hebben in 2011 hun bodembeheernota vastgesteld; Alphen-Chaam, BaarleNassau, Dongen, Etten-Leur, Geertruidenberg, Gilze-Rijen, Heusden. De gemeenten Drimmelen en Goirle hebben de bodembeheernota in 2012 vastgesteld. 2. De gemeente heeft in 2008 is eerste instantie het bedrijf MWH opdracht gegeven om een bodemkwaliteitskaart van de gemeente te maken. Door achterstand met het invoeren van data in het gemeentelijk bodeminfosysteem heeft MWH het project in 2011 afgerond. Omdat we al een verplichting met MWH waren aangegaan was het niet mogelijk om aan te sluiten het regionale project in 2010, terwijl we dit toen wel wilden. Onze huidige bodembeheernota van 2013 is op dezelfde manier geschreven als de regionale bodembeheernota van 2011. 3. Het offertetraject is door de OMWB uitgevoerd. Voor het opstellen van de regionale Nota Bodembeheer heeft de OMWB een marktconsultatie gedaan bij 3 adviesbureau (Anteagroup, Agel/Stantec en WSP). Op basis van deze 3 gesprekken heeft de OMWB geconcludeerd dat alle 3 de partijen heb goed en professioneel kunnen ondersteunen, maar het heeft hen ook inzicht gegeven in de totale financiële omvang van de opdracht.

Doordat deze financiële omvang, ruim onder de drempel (€ 50.000,-) blijft voor een enkelvoudige opdrachtverstrekking (één op één), schrijft het inkoopbeleid van de OMWB voor dat een offerteaanvraag bij één partij toereikend is. Omdat wij een overheidsorganisatie zijn en ons inkoopbeleid is opgesteld op basis van de Aanbestedingswet 2012 en de gids proportionaliteit dienen wij, ook voor deze opdracht, slechts één partij een offerteaanvraag te sturen. Deze partij dient daarbij wel aan te tonen in hun offertes dat hij/zij onze opdracht heeft begrepen, volledig voldoet aan onze eisen en uitgangspunten en dat zijn/haar prijs marktconform is. Markconform met onze verwachtingen op basis van de gevoerde gesprekken. Op basis van de ervaring in opstellen van nota's bodembeheer, regionale kennis, kennis oude en nieuwe wet- en regelgeving, pragmatisch insteek en meedenken, creatieve aanpak van mogelijke problemen en ook de betrokkenheid bij de eerder opgesteld regionale nota bodembeheer en BKK is de keuze gevallen op Antea group. 4. Zolang er geen officiële bevestiging van de rijksoverheid voor uitstel van de Omgevingswet was, zijn wij uitgegaan van de op dat moment bekende ingangsdatum van 1 juli 2022. 5. De datum voor de Omgevingswet is door de Tweede Kamer onlangs vastgesteld op 1 januari 2023. Deze datum moet nog bekrachtigd worden door de Eerste Kamer voordat hij definitief is.

Tot die tijd is de invoeringsdatum dus nog niet zeker. Voor de regionale Nota bodembeheer is het van belang dat deze voor de invoering wordt vastgesteld. Mocht de invoering van de Omgevingswet alsnog uitgesteld worden is dat voor de regionale Nota bodembeheer geen probleem. 6. Toepassingen in oppervlaktewater vallen volgens het Besluit bodemkwaliteit onder de verantwoordelijkheid van het waterschap (regionale wateren) of Rijkswaterstaat (rijkswateren). Als zij

2021-061617

hier eigen beleid voor willen opstellen zijn ze daar zelf verantwoordelijk voor. Dat beleid moet ook door hun eigen bestuur vastgesteld worden. 7. Elke gemeente maakt een Nota van Zienswijze met de zienswijzen die bij die gemeente zijn ingediend. 8. Geldigheidsduur nota bodembeheer De nota bodembeheer is maximaal 10 jaar geldig, maar zal in de komende jaren overgezet worden in de instrumenten van de omgevingswet, zoals de omgevingsvisie en het omgevingsplan. Conclusie De beantwoording van de vragen van de reclamant zorgt er niet voor dat de tekst van de regionale Nota bodembeheer aangepast wordt.

Deel 4 Ambthalve wijzigingen Aanpassingen op de bodemfunctieklassekaart. - Delen van het gebied industrieterrein Haven hadden een verkeerde functie gekregen (wonen in plaats van industrie) - De zienswijze die ingediend was bij onze lokale beleid PFAS over de functie van de locatie Hogevaart was niet goed op de kaart verwerkt. Dit is gecorrigeerd.

2021-061617

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11737656/1