Bijlage 2 Regels
Tekst van het document
Lommerrijk fase 1a
bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a
Inhoudsopgave Regels
Regels
3
Hoofdstuk1 Artikel 1 Artikel 2
Inleidende regels Begrippen Wijze van meten
4 4 12
Hoofdstuk2 Artikel 3 Artikel 4
Bestemmingsregels Groen Wonen
14 14 15
Hoofdstuk3 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7
Algemene regels Anti-dubbeltelregel Parkeergelegenheid en laad- en losmogelijkheden Kamerbewoning
20 20 21 22
Hoofdstuk4 Artikel 8 Artikel 9
Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel
23 23 24
Bijlage bij regels Bijlage 1
Toegelaten bedrijven
Bijlage 2
Verbeelding
2
Inhoudsopgave (vastgesteld)
bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a
Regels
Regels (vastgesteld)
3
bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a
Hoofdstuk 1 Artikel 1
Inleidende regels
Begrippen
In deze regels wordt verstaan onder: 1.1
plan
het bestemmingsplan 'Lommerrijk fase 1a' met identificatienummer NL.IMRO.0867.BPWWLrijkfase1a-VA01 van de gemeente Waalwijk;
1.2
bestemmingsplan
de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen;
1.3
aanduiding
een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden;
1.4
aanduidingsgrens
de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft;
1.5
aardkundige waarde
gebieden met waardevolle aardkundige elementen met betrekking tot reliëf en bodem die een bepaalde mate van bescherming genieten;
1.6
aaneengebouwde hoofdmassa
hoofdmassa welke deel uitmaakt van meer dan twee aaneengebouwde, grondgebonden, hoofdmassa's;
1.7
aangebouwd bijbehorend bouwwerk
bijbehorend bouwwerk dat met de hoofdmassa verbonden is;
1.8
achtererfgebied
erf achter de lijn die het hoofdgebouw doorkruist op 1 m achter de voorkant en van daaruit evenwijdig loopt met het aangrenzend openbaar toegankelijk gebied, zonder het hoofdgebouw opnieuw te doorkruisen of in het erf achter het hoofdgebouw te komen;
1.9
achterkant
gevel aan de achterzijde van een gebouw, tegenover de voorkant;
4
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a
1.10
bebouwing
a. één of meer gebouwen en/of; b. bouwwerken, geen gebouwen zijnde; 1.11
bebouwingsgebied
achtererfgebied alsmede de grond onder het hoofdgebouw, uitgezonderd de grond onder het oorspronkelijk hoofdgebouw; waarbij onderscheid wordt gemaakt in de volgende typen: a. bebouwingsgebied hoofdmassa: gedeelte van het bebouwingsgebied waar de hoofdmassa mag komen; b. overig bebouwingsgebied: gedeelte van het bebouwingsgebied waar geen hoofdmassa mag komen; 1.12
bebouwingspercentage
een op de verbeelding, dan wel in de regels aangegeven percentage, dat de grootte van het deel van een bouwperceel, bouwvlak of bestemmingsvlak aangeeft dat maximaal mag worden bebouwd;
1.13
bed & breakfast
een aan de woonfunctie ondergeschikte vorm van extensieve verblijfsrecreatie gericht op het bieden van de mogelijkheid tot overnachting en het serveren van ontbijt. Onder een bed & breakfastvoorziening wordt niet verstaan overnachting, noodzakelijk in verband met het verrichtten van tijdelijke of seizoensgebonden werkzaamheden en/of permanente kamerverhuur. Degene die de bed & breakfast voorziening biedt, is tevens de gebruiker van de (bedrijfs)woning;
1.14
bedrijf
een inrichting of instelling gericht op het bedrijfsmatig verlenen van werkzaamheden en/of diensten waaronder internetbedrijven en internetafhaalpunten;
1.15
bedrijfsmatige activiteiten (bij wonen)
uitoefening van een bedrijf en/of dienstverlening in of bij een woning waarbij de omvang in de activiteiten zodanig is, dat de activiteiten in een woning en de daarbij behorende bijbehorende bouwwerken met behoud van de woonfunctie kunnen worden uitgeoefend. Degene die de bedrijfsmatige activiteiten uitvoert, is tevens de gebruiker van de (bedrijfs)woning;
1.16
beroepsmatige activiteiten (bij wonen)
het beroepsmatig verlenen van diensten op administratief, juridisch, medisch, therapeutisch, kunstzinnig, ontwerptechnisch of hiermee gelijk te stellen gebied, dat door zijn beperkte omvang in een woning en daarbij behorende gebouwen, met behoud van de woonfunctie, kan worden uitgeoefend. Degene die de beroepsmatige activiteiten uitvoert, is tevens de gebruiker van de (bedrijfs)woning;
1.17
bestaand
bestaand zoals op moment van de inwerkingtreding van dit plan: a. legaal bestaat, in uitvoering is of in gebruik mag worden genomen krachtens een geldige omgevingsvergunning;
Regels (vastgesteld)
5
bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a b. aantoonbaar vanaf 1955 aanwezig is; Het kan dan bijvoorbeeld gaan om het bestaand aantal woningen, bestaand bouwwerk, bestaand gebruik, de bestaande situatie (gebruik en gebouwen) en de bestaande maatvoering van bouwwerken;
1.18
bestemmingsgrens
de grens van een bestemmingsvlak;
1.19
bestemmingsvlak
een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming;
1.20
bijbehorend bouwwerk
uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd gebouw, of ander bouwwerk, met een dak;
1.21
bouwen
het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk;
1.22
bouwgrens
een op de verbeelding aangegeven lijn, die de grens vormt van een bouwvlak;
1.23
bouwlaag
een horizontaal doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren en plafonds is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van ruimtes onder peil en zolder;
1.24
bouwperceel
een aaneengesloten stuk grond, waarop krachtens het plan een zelfstandige bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten;
1.25
bouwvlak
een op de verbeelding aangegeven vlak, waarmee de gronden zijn aangeduid waarop gebouwen en bouwwerken geen gebouw zijnde, zijn toegelaten;
1.26
bouwwerk
elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, welke hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond;
6
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a
1.27
dak
iedere bovenbeëindiging van een gebouw;
1.28
dakkapel
opbouw op een schuin dak en/of op een deel van de gevel met een verticaal raamkozijn en voorzien van zijwanden en een dak;
1.29
daknok
hoogste punt van een schuin dak;
1.30
dakopbouw
een toevoeging aan het hoofdgebouw door het verhogen van de nok of bovenste dakrand van het dak die het silhouet van het oorspronkelijke dak verandert;
1.31
dakvoet
laagste punt van een schuin dak;
1.32
detailhandel
het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen die deze goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending (anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsmatige activiteit). Daaronder mede begrepen internetwinkels en mede begrepen bedrijvigheid, voor zover dat in verband staat met en essentieel onderdeel is van de verkoop van de goederen, zoals bijvoorbeeld onderhoud, reparatie en installatie, alsmede opslag van de te verkopen goederen;
1.33
dienstverlening
het verlenen van economisch - maatschappelijke diensten aan derden, onder dienstverlenende bedrijven of dienstverlenende instellingen zijn in ieder geval begrepen kapperszaken, schoonheidsinstituten, fotostudio's en naar de aard daarmee gelijk te stellen bedrijven en inrichtingen, evenwel met uitzondering van internethandel, een garagebedrijf en een seksinrichting; de uitoefening van administratieve werkzaamheden zoals (internet)kantoren en werkzaamheden die verband houden met het doen functioneren van (semi)overheidsinstellingen, het bankwezen, en naar de aard daarmee gelijk te stellen instellingen; 1.34
duurzaam beëindigd
een activiteit wordt meer dan 3 jaar structureel niet uitgevoerd, of zoveel korter als is overeengekomen;
1.35
eerste bouwlaag
de bouwlaag op de begane grond;
Regels (vastgesteld)
7
bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a
1.36
EPC
coëfficiënt die de energieprestatie van een nieuwbouw woning of utiliteitsgebouw aangeeft. Dit coëfficiënt wordt berekend op basis van de gebouweigenschappen, de gebouwgebonden installaties en een gestandaardiseerd bewoners/gebruikersgedrag op basis van NEN 7120;
1.37
erf
al dan niet bebouwd perceel, of een gedeelte daarvan, dat direct is gelegen bij een hoofdgebouw en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat gebouw, en, voor zover dit plan deze inrichting niet verbiedt;
1.38
garagebox
Een zelfstandig niet voor bewoning bestemd gebouw, dat door zijn indeling en inrichting uitsluitend bestemd is voor stalling van voertuigen en/of huishoudelijke bergruimte;
1.39
gebouw
elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt;
1.40
gevellijn
de op de verbeelding aangegeven lijn die niet door gebouwen mag worden overschreden, behoudens krachtens de regels toegelaten afwijkingen;
1.41
hogere grenswaarde
een maximale waarde voor de geluidbelasting, die hoger is dan de voorkeursgrenswaarde en die in een concreet geval kan worden vastgesteld op grond van de Wet geluidhinder, c.q. het Besluit grenswaarden binnen zones rond industrieterreinen, het Besluit grenswaarden binnen zones langs wegen en/of het Besluit geluidhinder spoorwegen;
1.42
hoofdgebouw
gebouw, of gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer gebouwen op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is;
1.43
hoofdmassa
het hoofd(woon)gebouw exclusief architectonisch ondergeschikte delen die door de uiterlijke verschijningsvorm onderscheiden kunnen worden van dit hoofd(woon)gebouw;
1.44
huishouden
een alleenstaande, dan wel twee of meer personen die een duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren;
8
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a
1.45
internethandel
handel via internet waarbij onderscheid wordt gemaakt in de volgende typen: a. internetkantoor: internethandel zonder fysieke bezoekmogelijkheid, zonder opslag- en verzendfunctie en waar alleen elektronische transacties tot stand komen. Dit type valt onderdienstverlening. b. internetbedrijf: internethandel zonder fysieke bezoekmogelijkheid en met opslag- en verzendfunctie. Dit type valt onder bedrijf. c. internetafhaalpunt: internethandel met fysieke bezoekmogelijkheid en zonder uitstalling ten verkoop. Dit type valt onder bedrijf. d. internetwinkel: internethandel met fysieke bezoekmogelijkheid en met uitstalling ten verkoop. Dit type valt onder detailhandel. 1.46
kamerbewoning of -verhuur
het gebruik van een deel van al dan niet zelfstandige woonruimte ten behoeve van (langdurige) bewoning door personen voor welke inschrijving in de Basisregistratie personen (BRP) noodzakelijk is en die geen duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren;
1.47
maatschappelijke voorzieningen
sociaal-medische, sociaal-culturele en levensbeschouwelijke voorzieningen, sportieve recreatie, voorzieningen ten behoeve van de openbare dienstverlening en voorzieningen ten behoeve van onderwijs;
1.48
niet-publieksgerichte voorziening
Voorziening zonder publieksaantrekkende werking waarbij onderscheid wordt gemaakt in de volgende typen: a. niet-publieksgerichte dienstverlening: zie onder dienstverlening, type b; b. niet-publieksgerichte maatschappelijke voorziening: zie onder maatschappelijke voorziening, type b; 1.49
ondergronds bouwen
bouwen onder peil;
1.50
open opslag
het opslaan, of opgeslagen houden van voorwerpen, stoffen of producten en andere materialen op de onbebouwde gronden van (bedrijfs)percelen, daaronder mede begrepen de uitstalling ten verkoop, verhuur en dergelijke;
1.51
openbaar toegankelijk gebied
Openbare weg, alsmede pleinen, parken, plantsoenen, openbaar vaarwater en ander openbaar gebied dat voor publiek algemeen toegankelijk is, met uitzondering van wegen uitsluitend bedoeld voor de ontsluiting van percelen door langzaam verkeer;
1.52
openbare weg
alle voor het openbaar verkeer openstaande wegen of paden met inbegrip van de daarin liggende bruggen en duikers en de tot die wegen behorende paden en bermen of zijkanten;
Regels (vastgesteld)
9
bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a
1.53
overkapping met een open constructie
Een bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke overdekte ruimte vormt, met maximaal twee wanden die al dan niet tot de constructie zelf behoren. In de zin van dit bestemmingsplan is dit begrip gelijk aan een gebouw;
1.54
onzelfstandige woonruimte
woonruimte welke geen eigen toegang heeft en welke niet door een huishouden kan worden bewoond, zonder dat dit daarbij afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen buiten die woonruimte, waarbij keuken, toilet, badkamer en douche als wezenlijke voorzieningen worden aangemerkt;
1.55
peil
a. hoogten vanaf het aansluitend afgewerkt terrein, waarbij plaatselijke, niet bij het verdere verloop van het terrein passende, ophogingen of verdiepingen aan de voet van het bouwwerk, anders dan noodzakelijk voor de bouw daarvan, buiten beschouwing blijven; b. indien in, op of over het water wordt gebouwd: het Normaal Amsterdams Peil of een ander plaatselijk aan te houden waterpeil; 1.56
perceelsgrens
grens van het bouwperceel;
1.57
productiegebonden detailhandel
a. een beperkte verkoop van goederen die ter plaatse worden vervaardigd/geproduceerd, bewerkt, gerepareerd en/of toegepast in het productieproces, waarbij de detailhandelsfunctie ondergeschikt is aan de productiefunctie; b. een beperkte verkoop van goederen die functioneel rechtstreeks verband houden met de bedrijfsactiviteiten; c. een beperkte verkoop als niet zelfstandig onderdeel van krachtens de bestemming toegelaten groothandel; 1.58
stedelijke ontwikkeling
ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of haventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen;
1.59
twee-aaneengebouwde hoofdmassa
a. hoofdmassa welke deel uitmaakt van twee aaneengebouwde, grondgebonden hoofdmassa's; b. hoofdmassa waarbij één zijgevel in de zijdelingse perceelsgrens valt met uitzondering van aaneengebouwde hoofdmassa's; 1.60
verzamelweg
weg die gericht is op het verzamelen en verdelen van het verkeer in de wijken (inclusief het centrum) en bedrijventerreinen, sluit aan op de hoofdwegen, 30 of 50 km/ uur;
10
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a
1.61
voorerfgebied
erf dat geen onderdeel is van het achtererfgebied; 1.62
voorkant (hoofdmassa)
de zijde van het boven peil gelegen gedeelte van een gebouw (c.q. hoofdmassa) welke is gericht op het openbaar toegankelijk gebied en die bovendien het beloop van de gevellijn volgt of, indien daarvan geen of ten dele sprake is en/of sprake is van meerdere gevellijnen, wordt bepaald op basis van de ruimtelijke uitstraling, waaronder de uiterlijke verschijningsvorm en de situering;
1.63
voorste grens van het bouwvlak
de grens van het bouwvlak die is gericht naar de weg en waarop de hoofdmassa is georiënteerd;
1.64
vrijstaand bijbehorend bouwwerk
bijbehorend bouwwerk dat vrijstaat van de hoofdmassa en aangebouwde aangebouwde bijbehorende bouwwerken en overige gebouwen;
1.65
vrijstaande hoofdmassa
hoofdmassa welke vrij van de zijdelingse perceelsgrenzen staat;
1.66
woning
een (gedeelte van een) gebouw dat dient voor de huisvesting vanéén afzonderlijk huishouden;
1.67
zijkant (hoofdmassa)
gevel of gemeenschappelijke scheidsmuur van een gebouw (c.q. hoofdmassa), niet zijnde voor- of achtergevel.
Regels (vastgesteld)
11
bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a
Artikel 2
Wijze van meten
Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1
afstand tot de bestemmingsgrens
de kortste afstand van enig punt van een bouwwerk tot de bestemmingsgrens;
2.2
afstand tot de (zijdelingse) perceelsgrens
de kortste afstand van enig punt van een bouwwerk tot de (zijdelingse) perceelsgrens (perceelsscheiding van het bouwperceel);
2.3
afstand tussen gebouwen op hetzelfde bouwperceel
de kortste afstand tussen de buitenwerkse gevelvlakken van de gebouwen;
2.4
breedte bouwperceel
tussen de zijdelingse perceelsscheidingen van het bouwperceel in de naar de zijde van het openbaar toegankelijke gebied gekeerde bestemmingsgrens of perceelsgrens;
2.5
breedte, diepte, oppervlakte van een bouwwerk
a. tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het peil; b. in geval van een ondergronds bouwwerk: tussen de buitenwerkse gevelvlakken (en/of het hart van gemeenschappelijke scheidingsmuren) 0,5 m onder peil; c. in geval dat geen sprake is van buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van scheidingsmuren: tussen de denkbeeldige lijnen vanuit de neerwaartse projectie van het dak, op het peil; 2.6
breedte hoofdmassa
evenwijdig aan de gevellijn die (mede) bepalend is voor het vaststellen van de voorkant van de hoofdmassa en is gelegen tussen de twee zijkanten van de hoofdmassa;
2.7
bruto-vloeroppervlak van een gebouw
gemeten (op alle bouwlagen) op vloerniveau langs de buitenomtrek van de opgaande scheidingsconstructies of indien de binnenruimte van het gebouw grenst aan de binnenruimte van een ander gebouw: tot het hart van de desbetreffende scheidingsconstructies;
2.8
dakhelling
langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak;
2.9
diepte hoofdmassa
a. indien de voorkant hoofdmassa (gedeeltelijk) is gelegen in de gevellijn: loodrecht tussen de achterkant van de hoofdmassa en de gevellijn die bepalend is voor het vaststellen van de voorkant van de hoofdmassa;
12
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a b. indien de voorkant hoofdmassa niet is gelegen in de gevellijn en ook niet gedeeltelijk: loodrecht tussen de achterkant van de hoofdmassa en het punt van de voorkant hoofdmassa welke het dichtst is gelegen bij de gevellijn die bepalend is voor het vaststellen van de voorkant van de hoofdmassa; 2.10
goothoogte van een bouwwerk
a. vanaf de horizontale snijlijn van gevelvlak en dakvlak tot aan het peil; b. bij een dakopbouw wordt de daarbij behorende goothoogte buiten beschouwing gelaten; c. bij een mansardekap wordt de goothoogte gemeten vanaf de snijlijn, niet zijnde de noklijn, van dakvlakken tot aan het peil 2.11
hoogte bouwlaag
bovenkant vloer tot bovenkant vloer of ingeval van een gebouw met een plat dak van bovenkant vloer tot bovenkant dak;
2.12
(bouw)hoogte van een bouwwerk
vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een bouwwerk met uitzondering van kleine bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen;
2.13
inhoud van een bouwwerk
tussen de bovenzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van gemeenschappelijke scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen;
2.14
nokhoogte van een bouwwerk
vanaf de horizontale snijlijn van twee hellende dakvlakken tot aan het peil;
2.15
verticale diepte
vanaf onderkant vloer van het ondergronds bouwwerk tot aan het peil;
2.16
uitzonderingen
bij de toepassing van het bepaalde in dit artikel ten aanzien van het bouwen gelden de volgende uitzonderingen: ondergeschikte bouwdelen zoals als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- en kroonlijsten, luifels, balkons en overstekende daken worden buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouw- c.q. bestemmingsgrenzen niet meer dan 1 m bedraagt. Dakopbouwen, dakkapellen en erkers worden als niet ondergeschikt aangemerkt.
Regels (vastgesteld)
13
bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a
Hoofdstuk 2 Artikel 3
Bestemmingsregels
Groen
3.1
Bestemmingsomschrijving
3.1.1
Algemeen
De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. (openbare) groenvoorzieningen; b. kleinschalige recreatieve voorzieningen, zoals: speelgelegenheden hondenuitlaatplaatsen en trapveldjes; c. waterlopen, waterpartijen en wadi’s; d. fiets/voetpaden; e. calamiteitenverkeer voor noodhulpdiensten, zoals brandweer en ambulances, f. speelvoorzieningen; g. perceelsontsluitingen ten behoeve van aangrenzende bestemmingen, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van groen - perceelsontsluiting', waarbij de breedte van een rijbaan (exclusief talud en goot) van de perceelsontsluiting niet meer mag bedragen dan zoals is aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum breedte (m)'; met aan lid a tot en met g ondergeschikte: h. i. j. k.
tuinen; verhardingen; parkeervoorzieningen; nuts- en wko-voorzieningen;
met de bij lid a tot en met k behorende bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
3.1.2
Bouwregels
Op de in lid 3.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, waaronder begrepen straatmeubilair, ten dienste van de genoemde bestemming worden gebouwd;
14
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a
Artikel 4 4.1
Wonen
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. hoofdmassa’s voor woningen met een maximum aantal woningen per bestemmingsvlak zoals aangeduid, b. beroepsmatige activiteiten en bedrijfsmatige activiteiten in de vorm van dienstverlening, op een maximum van 30 m2 bruto vloeroppervlak van de hoofdmassa per woning; met de daarbij behorende: c. d. e. f. g. h.
bijbehorende bouwwerken; bouwwerken, geen gebouwen zijnde; tuinen en erven; parkeervoorzieningen; nutsvoorzieningen; water en waterhuishoudkundige voorzieningen.
4.2
Bouwregels
4.2.1
Hoofdmassa
Voor het bouwen van de hoofdmassa gelden de volgende regels: a. als hoofdmassa mogen uitsluitend de volgende typen worden gebouwd: vrijstaande hoofdmassa's ter plaatse van de aanduiding 'vrijstaand'; b. de hoofdmassa mag uitsluitend in en/of achter de gevellijn worden gebouwd waarbij de voorkant van de hoofdmassa minimaal voor 50% in de gevellijn moet worden gebouwd welke gerelateerd is aan de voorkant hoofdmassa; c. de afstand van de hoofdmassa tot de zijdelingse perceelsgrens van het bouwperceel dient aan beide zijden 3 m te zijn, tenzij de gevellijn in hoeksituaties op minder dan 3 m uit de perceelsgrens is gelegen; d. de diepte van de hoofdmassa mag bij een vrijstaande hoofdmassa maximaal 14 mbedragen; e. de breedte van een vrijstaande hoofdmassa mag maximaal 10 meter bedragen of breder tot maximaal 15 m in welk geval de minimale afstand tot de zijdelingse perceelsgrens, als bedoeld onder c van dit artikel, aan beide zijden gezamenlijk in gelijke mate toeneemt met de grotere breedte van de woning; f. de goot- en bouwhoogte van de hoofdmassa mag niet meer bedragen dan de hoogte zoals is aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)'; g. de dakhelling van de hoofdmassa vanaf de goothoogte mag niet meer bedragen dan 55 graden; h. dakkapellen zijn toegestaan mits voldaan wordt aan het volgende: 1.
de onderzijde meer dan 0,5 m en minder dan 1 m boven de dakvoet; 2. de bovenzijde meer dan 0,5 m onder de daknok; 3. de zijkanten meer dan 0,5 m van de zijkanten van het dakvlak; 4. in afwijking van lid 2 mag, indien de voorkant van de dakkapel gelijk ligt met de gevel waarin de dakkapel gebouwd wordt, de breedte maximaal 30% bedragen van de voorkant waarin de dakkapel gebouwd wordt; i. dakopbouwen zijn toegestaan mits: 1. voldaan wordt aan de maximaal voorgeschreven bouwhoogte; 2. de afstand van de voorkant van de dakopbouw tot de voorkant van de gevel waarin de dakopbouw gebouwd wordt minimaal 1 m bedraagt. 4.2.2
Bijbehorende bouwwerken
Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken, niet zijnde hoofdmassa, gelden de volgende regels:
Regels (vastgesteld)
15
bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a a. bijbehorende bouwwerken, dienen achter de gevellijn en in het bebouwingsgebied te worden geplaatst; b. de totale diepte van de hoofdmassa met de daaraan aangebouwde bijbehorende bouwwerken, te meten vanaf de voorkant van de hoofdmassa, mag gezamenlijk maximaal 22 m bedragen; c. de oppervlakte van bijbehorende bouwwerken in het bebouwingsgebied hoofdmassa, waar geen hoofdmassa aanwezig is, bedraagt maximaal de volledige oppervlakte van het bebouwingsgebied hoofdmassa; d. de oppervlakte van bijbehorende bouwwerken in het overig bebouwingsgebied bedraagt niet meer dan: 1. in geval van een bebouwingsgebied kleiner dan of gelijk aan 100 m2: 50% van het bebouwingsgebied; 2. in geval van een bebouwingsgebied groter dan 100 m2 en kleiner dan of gelijk aan 300 m2: 50 m2, vermeerderd met 20% van het deel van het bebouwingsgebied dat groter is dan 100 m2; 3. in geval van een bebouwingsgebied groter dan 300 m2: 90 m2, vermeerderd met 10% van het deel van het bebouwingsgebied dat groter is dan 300 m2, tot een maximum van in totaal 200 m2; verminderd met de oppervlakte van aangebouwde bijbehorende bouwwerken zoals bedoeld onder lid h en vermeerderd met de oppervlakte van aangebouwde bijbehorende bouwwerken zoals bedoeld in lid i. e. in het bebouwingsgebied hoofdmassa geldt voor de hoogte en het dak het volgende: 1.
de goothoogte van bijbehorende bouwwerken mag maximaal de toegestane goothoogte van de hoofdmassa bedragen zoals bepaald in artikel 4.2.1 lid f; 2. de bouwhoogte van bijbehorende bouwwerken mag maximaal de toegestane bouwhoogte van de hoofdmassa bedragen zoals bepaald in artikel 4.2.1 lid f; 3. de dakhelling mag maximaal gelijk zijn aan de dakhelling van het dakvlak van de hoofdmassa waaraan wordt gebouwd; f. in het overige bebouwingsgebied geldt voor de hoogte en het dak het volgende: 1. de goothoogte van bijbehorende bouwwerken mag maximaal 3,1 m bedragen of ingeval van een aangebouwd bijbehorend bouwwerk waarbij de hoogte van de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw hoger is dan 3,1 m, maximaal 0,25 m boven de hoogte van die eerste bouwlaag maar in geen geval hoger dan 4 m; 2. de nokhoogte van bijbehorende bouwwerken mag maximaal 5 m bedragen; 3. in afwijking van sub 2 is een bouwhoogte toegestaan mits de denkbeeldige nok bij het doortrekken van de dakvlakken maximaal 5 m bedraagt; 4. de dakhelling van een aangebouwd bijbehorende bouwwerk mag maximaal gelijk zijn aan de dakhelling van het dakvlak van de hoofdmassa waaraan wordt bijgebouwd; 5. de dakhelling van een vrijstaande bijbehorende bouwwerk mag ten hoogste gelijk zijn aan de steilste dakhelling van de hoofdmassa; g.
in afwijking van lid a mogen bijbehorende bouwwerken buiten het bebouwingsgebied en/of vóór de gevellijn worden gebouwd aan de zijkant hoofdmassa waarbij: 1. de afstand tot (het verlengde van) de gevellijn van de voorkant hoofdmassa tenminste 1 meter bedraagt; 2. de afstand tot het kruisingsvlak tenminste 5 meter bedraagt; 3. voldaan wordt aan de maatvoering van het bepaalde in lid b tot en met f. h. in afwijking van lid a en lid g mogen aangebouwde bijbehorende bouwwerken vóór de gevellijn worden gebouwd aan de voorkant hoofdmassa en/of aan de zijkant hoofdmassa waarbij; 1. per gevel maximaal één aangebouwd bijbehorend bouwwerk mag worden gebouwd; 2. de maximale breedte maximaal 3/5 deel per gevel bedraagt met een maximum van 4 m, waarbij maximaal 1 m niet direct aan de hoofdmassa grenst; 3. in aanvulling op lid 1 en 2 per gevel één overkapping met een open constructie mag worden gebouwd met een maximale breedte van 2 m; 4. de diepte maximaal 1 m is; 5. de bouwhoogte maximaal 0, 25 m hoger is dan de hoogte van de eerste bouwlaag van de hoofdmassa, met een maximale bouwhoogte van 4 m. i. dakkapellen zijn toegestaan mits voldaan wordt aan het volgende: 1. voorzien van een plat dak; 2. gemeten vanaf de voet van de dakkapel niet hoger dan 1,75 m;
16
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a 3. 4. 5. 6.
4.2.3
de onderzijde meer dan 0,5 m en minder dan 1 m boven de dakvoet; de bovenzijde meer dan 0,5 m onder de daknok; de zijkanten meer dan 0,5 m van de zijkanten van het dakvlak; maximaal één dakkapel per bijbehorend bouwwerk met een maximale breedte van 30% van de gevelbreedte van de zijde waarop de dakkapel is georiënteerd. Bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. op de gronden achter de gevellijn mag de hoogte maximaal 2,2 m bedragen; b. op de gronden vóór de gevellijn mag de hoogte maximaal 1 m bedragen; c. in afwijking van lid b mag op de gronden aan de zijkant hoofdmassa vóór de gevellijn de hoogte maximaal 2,2 m bedragen mits: 1. grenzend aan zowel de voorkant als zijkant van het bouwperceel geen sprake is van een bestemming Verkeer Ontsluiting; 2. de afstand tot (het verlengde van) de gevellijn van de voorkant hoofdmassa tenminste 1 meter bedraagt; 3. de afstand tot het kruisingsvlak tenminste 5 meter bedraagt. 4.2.4
Ondergronds bouwen
Voor ondergronds bouwen gelden de volgende regels: a. ondergronds bouwen is alleen toegestaan achter de gevellijnen; b. de oppervlakte van ondergrondse gebouwen bedraagt maximaal het toegestane oppervlak voor hoofdmassa en bijbehorende bouwwerken op basis van lid 4.2.2 en 4.2.3; c. de verticale diepte van het ondergrondse bouwwerk mag maximaal 3,5 m bedragen. 4.3
Nadere eisen
Het college van Waalwijk kan nadere eisen stellen aan bebouwing (plaats en afmetingen) en parkeergelegenheid (aanleg en omvang), ten behoeve van: a. een verantwoorde stedenbouwkundige inpassing en ter waarborging van de stedenbouwkundige waarden van de omgeving; b. het voorkomen van onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken, onder andere met het oog op de bezonning en de privacy; c. het bevorderen van de verkeers-, sociale en brandveiligheid. 4.4
Afwijken van de bouwregels
Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in: a. artikel 4.2.1 lid c voor het toestaan van een kortere afstand van de hoofdmassa tot de zijdelingse perceelsgrens, mits door de afwijking geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken; b. artikel 4.2.2 lid c en d voor het toestaan van een grotere oppervlakte voor bijbehorende bouwwerken vanwege de sloop van bestaande bijbehorende bouwwerken, mits: 1. maximaal 50% van het overtollige te slopen oppervlak aan bestaande gebouwen wordt teruggebouwd en/of in stand wordt gelaten; 2. een totaal aan bijbehorende bouwwerken van maximaal 200 m² in het overig bebouwingsgebied overblijft, c. artikel 4.2.2 lid f.2 en f.3 voor het toestaan van nokhoogte van maximaal 6 meter, mits: 1. door de afwijking geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken;
Regels (vastgesteld)
17
bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a
4.5
Specifieke gebruiksregels
4.5.1
Algemeen
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van het hoofdgebouw ten behoeve van beroeps- en bedrijfsmatige activiteiten op meer dan 30 m² van het bruto-vloeroppervlak; b. het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerken ten behoeve van wonen; c. het gebruik van gronden ten behoeve van open opslag; d. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van een seksinrichting; e. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van bed & breakfast; f. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van kamerbewoning voor meer dan 4 bewoners per woning; 4.5.2
Voorwaardelijke verplichting infiltratievoorzieningen
Het gebruik van de gronden met de bestemming 'Wonen' ten behoeve van de functie wonen conform artikel 4.1 lid a tot en met i (bestemmingsomschrijving) is uitsluitend toegestaan indien met de realisatie van de woningen infiltratievoorzieningen met een inhoud van ten minste 22 m3 per bouwperceel worden gerealiseerd en in stand worden gehouden.
4.5.3
Voorwaardelijke verplichting groenvoorzieningen
Het gebruik van de gronden met de bestemming 'Wonen' ten behoeve van de functie wonen conform artikel 4.1 lid a tot en met i (bestemmingsomschrijving) is uitsluitend toegestaan indien binnen 24 maanden na onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning voor bouwen van de woning(en) conform de Richtlijn Groenbeleidsvisie voldoende groenvoorzieningen worden gerealiseerd met dien verstande dat: per woning 44 m2 dak- en/of gevelgroen gerealiseerd wordt; de benodigde groenvoorzieningen duurzaam in stand worden gehouden. 4.6
Afwijken van de gebruiksregels
4.6.1
Beroeps- en bedrijfsmatige activiteiten
Bij een omgevingsvergunning kan per woning worden afgeweken van het bepaalde in lid 4.1 en 4.5 voor de uitoefening van: beroeps- en bedrijfsmatige activiteiten in de vorm van dienstverlening op meer dan 30 m² bruto-vloeroppervlak van de hoofdmassa per woning; beroeps- en bedrijfsmatige activiteiten in de vorm van dienstverlening activiteiten in bijbehorende bouwwerken, niet zijnde een overkapping met een open constructie; bedrijfsmatige activiteiten in de vorm van een bedrijf in de hoofdmassa en/of bijbehorende bouwwerken, niet zijnde een overkapping met een open constructie; waarbij in ieder geval geldt dat: a. de woonfunctie in overwegende mate behouden blijft, waarbij in ieder geval geldt dat het bruto-vloeroppervlak ten behoeve van de beroeps- of bedrijfsmatige activiteit niet meer bedraagt dan 50 m² b. bedoeld gebruik geen onevenredige afbreuk doet aan het karakter van de omgeving, waarbij in ieder geval geldt dat: 1. uitsluitend medewerking wordt verleend voor het uitoefenen van bedrijven en beroepen die genoemd zijn in bijlage 1 behorende bij deze voorschriften of indien zij niet voorkomen in bijlage 1, naar aard en invloed op de omgeving gelijk te stellen zijn met bedrijven die zijn genoemd in bijlage 1, mits:
18
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a het geen geluidzoneringsplichtige inrichtingen betreft; het geen inrichtingen betreft zoals bedoeld in artikel 2, lid 1 van het Besluit externe veiligheid inrichtingen milieubeheer (BEVI). 2. vast dient te staan dat het gebruik een kleinschalig karakter heeft en zal behouden; 3. het gebruik naar aard met het karakter van de omgeving in overeenstemming is; c. het niet gepaard gaat met zodanig verkeersaantrekkende activiteiten die kunnen leiden tot een nadelige beïnvloeding van de normale afwikkeling van het verkeer en de feitelijke ontsluitingssituatie; d. voorzien wordt in voldoende parkeergelegenheid; e. geen onaanvaardbare situatie ontstaat met betrekking tot de milieuhygiënische kwaliteit, waterhuishouding en externe veiligheid; f. het geen uitoefening van detailhandel betreft met uitzondering van beperkte detailhandel als niet-zelfstandige en ondergeschikte activiteit rechtstreeks voortvloeiend uit de beroeps- of bedrijfsmatige activiteit. 4.6.2
Bed & breakfast
Bij een omgevingsvergunning per woning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 4.1 en 4.5 voor de uitoefening van bed & breakfast in de hoofdmassa en in aangebouwde bijbehorende bouwwerken; waarbij in ieder geval geldt dat: a. de woonfunctie in overwegende mate behouden blijft, waarbij in ieder geval geldt dat: 1. het bruto-vloeroppervlak ten behoeve van bed & breakfast niet meer bedraagt dan 100 m² of in het geval van cultuurhistorisch waardevolle bebouwing 200m2; 2. ten behoeve van de bed & breakfast voorzieningen maximaal 3 slaapkamers voor maximaal 6 gebruikers toegestaan de maximale onafgebroken verblijfsduur per gebruiker van de bed & breakfast voorziening één week is; 3. kamerbewoning is niet toegestaan; b. bedoeld gebruik geen onevenredige afbreuk doet aan het karakter van de omgeving, waarbij in ieder geval geldt dat: 1. het gebruik naar aard met het karakter van de omgeving in overeenstemming is; 2. de voorziening door de bouwkundige opzet, indeling en maatvoering niet mag functioneren als een zelfstandige woning. Dit betekent onder meer dat een aparte kookgelegenheid niet is toegestaan; c. het niet gepaard gaat met zodanig verkeersaantrekkende activiteiten dat die kunnen leiden tot een nadelige beïnvloeding van de normale afwikkeling van het verkeer en de feitelijke ontsluitingssituatie; d. er wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid; e.
er geen onaanvaardbare situatie ontstaat met betrekking tot de milieuhygiënische kwaliteit, waterhuishouding en externe veiligheid. 4.6.3
Combinatie van activiteiten
Bij een omgevingsvergunning kan per woning een combinatie gemaakt worden van de afwijkende gebruiksactiviteiten zoals genoemd in de leden 4.6.1 tot en met 4.6.2, waarbij in afwijking van de maximale oppervlakte in ieder geval geldt dat: a. de totale te gebruiken oppervlakte voor de combinatie van activiteiten beperkt blijft tot de maximale maat van de activiteit welke de meeste ruimte in beslag mag nemen; b. per toegestane activiteit de daarvoor toegestane maximale oppervlakte niet mag wordt overschreden.
Regels (vastgesteld)
19
bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a
Hoofdstuk 3 Artikel 5
Algemene regels
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
20
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a
Artikel 6 6.1
Parkeergelegenheid en laad- en losmogelijkheden
Parkeren, laden en lossen
a. Bij een gebruiksverandering of de verlening van een omgevingsvergunning voor bouwen moet, indien de omvang of de bestemming van een gebouw daartoe aanleiding geeft, ten behoeve van het parkeren of stallen van auto's, (motor)fietsen of andere voertuigen in voldoende mate ruimte zijn aangebracht in, op of onder het gebouw, dan wel op of onder het bijbehorend bouwperceel, waarbij de volgende voorwaarden van toepassing zijn: 1. voor de bepaling van het aantal parkeerplaatsen en parkeervoorzieningen voor auto's betekent 'in voldoende mate' dat wordt voldaan aan de normen in de beleidsregels die zijn neergelegd in een gemeentelijke parkeernota. Indien deze beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, wordt rekening gehouden met de wijziging; 2. de afmetingen van de parkeerplaatsen voor auto's dienen te voldoen aan de afmetingen in de beleidsregels die zijn neergelegd in een gemeentelijke parkeernota. Indien deze beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, wordt rekening gehouden met de wijziging; 3. indien de bestemming van een gebouw aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden of lossen van goederen, moet in deze behoefte in voldoende mate zijn voorzien aan, in of onder dat gebouw, dan wel op of onder het bijbehorend bouwperceel. 6.2
Strijdig gebruik
Als gebruik in strijd met het plan wordt in ieder geval verstaan het gebruik van gronden of bouwwerken waarbij niet in voldoende mate ruimte aanwezig is ten behoeve van het parkeren of stallen van auto's, (motor)fietsen of andere voertuigen in, op of onder het gebouw dan wel op of onder het bijbehorend bouwperceel overeenkomstig het bepaalde in lid 6.1 onder a sub 1 en 2;
6.3
Afwijken van de parkeerregels
Het college kan afwijken van het bepaalde in lid 6.1 onder a ten behoeve van een gebruiksverandering, dan wel de verlening van een omgevingsvergunning voor bouwen, indien het voldoen aan de parkeerregels door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit of voor zover in voldoende mate op andere wijze in de nodige parkeer- of stallingruimte, dan wel laad- of losruimte wordt voorzien, met dien verstande dat: a. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken; b. geen onaanvaardbare situatie ontstaat met betrekking tot milieuhygiënische kwaliteit, waterhuishouding en externe veiligheid; c. geen nadelige beïnvloeding ontstaat van de normale afwikkeling van het verkeer en de feitelijke verkeerssituatie.
Regels (vastgesteld)
21
bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a
Artikel 7 7.1
Kamerbewoning
Strijdig gebruik
a. Onder gebruik in strijd met dit plan wordt in ieder geval verstaan het gebruiken van woningen en woongebouwen ten behoeve van: 1. het wijzigen van één woning, of wooneenheid naar twee of meerdere woningen, of wooneenheden; 2. kamerverhuur. b. Het bepaalde onder a. is niet van toepassing indien het bestaande aantal woningen, of wooneenheden en/of kamerverhuur op een legale wijze tot stand is gekomen. 7.2
Afwijken van de gebruiksregels
Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 7.1 sub a ten behoeve van het toestaan van kamerverhuur, mits voldaan wordt aan de beleidsregels “Huisvesting arbeidsmigranten, vergunninghoudende vluchtelingen en overige personen die geen huishouden vormen gemeente Waalwijk – 3e wijziging”, dan wel diens rechtsopvolger.
22
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a
Hoofdstuk 4 Artikel 8 8.1
Overgangs- en slotregels
Overgangsrecht
Overgangsrecht bouwwerken
a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, danwel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. b. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van bepaalde onder a. een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld onder a. met maximaal 10 %. c. Het bepaalde onder a. is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 8.2
Overgangsrecht gebruik
a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. b. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld onder a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. c. Indien het gebruik, bedoeld onder a, na de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. d. Het bepaalde onder a. is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
Regels (vastgesteld)
23
bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a
Artikel 9
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a.
24
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a
Inhoudsopgave
Bijlage bij regels Bijlage 1
Toegelaten bedrijven
Bijlage 2
Verbeelding
(vastgesteld)
1
Bijlage 1 Toegelaten bedrijven Milieuzonering bedrijfsactiviteiten Om de toelaatbaarheid van bedrijfsactiviteiten in het bestemmingsplan vast te leggen wordt gebruikgemaakt van een milieuzonering. Een milieuzonering zorgt ervoor dat milieubelastende functies (zoals bedrijven) en milieugevoelige functies (zoals woningen) waar nodig ruimtelijk voldoende worden gescheiden. De gehanteerde milieuzonering is gekoppeld aan een Staat van Bedrijfsactiviteiten. Een Staat van Bedrijfsactiviteiten is een lijst waarin de meest voorkomende bedrijven en bedrijfsactiviteiten, al naar gelang de te verwachten belasting voor het milieu, zijn ingedeeld in een aantal categorieën. Voor de indeling in de categorieën zijn de volgende ruimtelijk relevante milieuaspecten van belang:
geluid;
geur;
stof;
gevaar (met name brand- en explosiegevaar). Daarnaast kan de verkeersaantrekkende werking van een bedrijf relevant zijn. In de VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering (2009) zijn twee voorbeeldstaten voor milieuzonering opgenomen, namelijk een 'voorbeeld Staat van Bedrijfsactiviteiten voor bedrijventerreinen' en een 'voorbeeld Staat van Bedrijfsactiviteiten functiemenging'.
Functiemengingsgebieden De Staat van Bedrijfsactiviteiten functiemenging (hierna: SvB functiemenging) wordt onder andere gehanteerd in gebieden waar een gemeente in een (deel)gebied de bestaande functiemenging wil behouden en versterken. Voorbeelden van gebieden met functiemening zijn:
horecaconcentratiegebieden;
stadscentra, winkelcentra en winkelgebieden van dorpskernen;
woon-werkgebieden met kleinschalige, vooral ambachtelijke bedrijvigheid;
gebieden langs stadstoegangswegen met meerdere functies;
lintbebouwing in het buitengebied met veel agrarische en andere bedrijvigheid.
In tegenstelling tot rustige woongebieden zijn in dergelijke levendige gebieden desgewenst ook milieubelastende activiteiten op kortere afstand van woningen mogelijk. Het plangebied Gemengd Gebied bestaat voor een groot deel uit gebieden met functiemenging. Een specifieke Staat van bedrijvigheid is wenselijk, omdat de activiteiten in dergelijke functiemengingsgebieden qua schaal vaak verschillen van de activiteiten op een bedrijventerrein. Daarom is de aanpak van milieuzonering in dit plan is gebaseerd op de SvB functiemenging.
Categorie-indeling functiemenging De activiteiten in de staat van bedrijfsactiviteiten voor gebieden met functiemenging bestaan uit de categorieën A, B of C met de volgende betekenis voor de toelaatbaarheid: Categorie A Activiteiten die zodanig weinig milieubelastend voor hun omgeving zijn, dat deze aanpandig aan woningen –in gebieden met functiemenging– kunnen worden uitgevoerd. De eisen uit het bouwbesluit voor scheiding tussen wonen en bedrijven zijn daarbij toereikend.
1
Categorie B Activiteiten die in een gemengd gebied kunnen worden uitgeoefend, echter met een zodanige milieubelasting voor hun omgeving dat zij bouwkundig afgescheiden van woningen en andere gevoelige functies dienen plaats te vinden. Categorie C De activiteiten uit categorie B waarbij vanwege de relatief grote verkeersaantrekkende werking een ontsluiting op de hoofdinfrastructuur is aangewezen.
Uitwerking Staat van Bedrijfsactiviteiten - functiemenging Voor de toelaatbaarheid van de A/B/C-activiteiten gelden de volgende randvoorwaarden: 1.
het gaat om kleinschalige, meest ambachtelijke bedrijvigheid;
2.
productie en/of laad- en loswerkzaamheden vinden alleen in de dagperiode plaats;
3.
de activiteiten (inclusief opslag) geschieden hoofdzakelijk inpandig;
4.
activiteiten uit de categorie C beschikken daarnaast over een goede aansluiting op de hoofdinfrastructuur.
De voorbeeld SvB functiemenging is afgeleid van de richtafstandenlijst van de Staat van Bedrijfsactiviteiten bedrijventerreinen. Naast de randvoorwaarden 1 tot en met 4 zijn bij de selectie van de activiteiten de volgende criteria gehanteerd:
Voor categorie A gaat het om activiteiten in milieucategorie 1
Voor categorie B gaat het om activiteiten:
o
In categorie 1 voor het aspect gevaar
o
In maximaal categorie 2 voor de aspecten stof en geur
o
In maximaal categorie 3.1 voor het aspect geluid
o
Met een index voor verkeer van maximaal 1G (goederen) en 2P (personen)
Voor categorie C gaat het om activiteiten zoals bij categorie B, echter met een index voor verkeer van maximaal 2G (goederen) en 3P (personen).
Toepassing op plangebied Gemengd Gebied Bij de totstandkoming van de Svb functiemenging is gekeken of bedrijfsactiviteiten al dan niet in het plangebied thuishoren. Bedrijfsactiviteiten die niet passend zijn voor het plangebied zijn niet in de lijst opgenomen. Verder legt het bestemmingsplan voor detailhandel, dienstverlening en maatschappelijke functies zoals kerkgebouwen, buurthuizen, kinderopvang, verpleeghuizen, scholen enzovoort geen relatie met de bedrijvenlijst. Deze functies zijn daarom niet opgenomen in de lijst. Tenslotte wordt de bedrijvenlijst niet toegepast op horecabedrijven. Indien van toepassing in een plangebied wordt voor de toelaatbaarheid van horeca wordt gebruik gemaakt van een indeling in licht, middelzwaar en zwaar, zie voor een uitleg de bijlage begrippen en afkortingen. De SvB functiemenging is niet uitputtend. In de planregels zal worden geregeld dat ook bedrijfsactiviteiten zijn toegestaan, die niet in de lijst zijn opgenomen, maar die naar aard en invloed met bedrijven uit desbetreffende categorie gelijkgesteld kunnen worden. Voor het plangebied Gemengd Gebied resulteert bovenstaande uitwerking in een Staat van Bedrijfsactiviteiten – functiemenging zoals hierna opgenomen.
2
01 014 014
01 016 016
0 2
LANDBOUW EN DIENSTVERLENING T.B.V. DE LANDBOUW Dienstverlening t.b.v. de landbouw: - algemeen (o.a. loonbedrijven): b.o.<= 500 m²
GG
GG
- plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o. <= 500 m² KI-stations
B
B
B
B
2
B
B
3.1
B
B
2
B
B
B
B
2 2
014 0142
016 0162
4
15 151
10, 11 101, 102
0
VERVAARDIGING VAN VOEDINGSMIDDELEN EN DRANKEN Slachterijen en overige vleesverwerking:
151 1552 1581
101 1052 1071
6 2 0
- vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. <= 200 m² - consumptie-ijsfabrieken: p.o. <= 200 m² Broodfabrieken, brood- en banketbakkerijen:
1581
1071
1
- v.c. < 7500 kg meel/week, bij gebruik van charge-ovens
10821
3
- cacao- en chocoladefabrieken vervaardigen chocoladewerken met p.o. <= 200 m²
van
1584
2
B
B
1584 1592 1593 t/m 1595 172 174, 175
10821 110102
6 0
- suikerwerkfabrieken zonder suiker branden: p.o. <= 200 m² Vervaardiging van ethylalcohol door gisting:
2
B
B
B
B
3.1
B
B
3.1
B
B
3.1
B
B
C
C
B
B
1102 t/m 1104 132 139
0
139, 143
18 181
14 141
182
141
20
16
-
162 162902
1
22 2222.6 2223 2223 2224 2225 223 24 2442
58 18129 1814 1814 1813 1814 182 20 2120
-
26
23
203, 205 205
2
Vervaardiging van wijn, cider e.d. Weven van textiel: Vervaardiging van textielwaren Vervaardiging van gebreide en gehaakte stoffen en artikelen
176, 177
-
VERVAARDIGING VAN KLEDING; BEREIDEN EN VERVEN VAN BONT Vervaardiging kleding van leer Vervaardiging van kleding en -toebehoren (excl. van leer)
204,
2
B
B
C
HOUTINDUSTRIE EN VERVAARDIGING ARTIKELEN VAN HOUT, RIET, KURK E.D. Timmerwerkfabrieken, vervaardiging overige artikelen van hout, p.o. < 200 m2 Kurkwaren-, riet- en vlechtwerkfabrieken
2
UITGEVERIJEN, DRUKKERIJEN EN REPRODUKTIE VAN OPGENOMEN MEDIA Kleine drukkerijen en kopieerinrichtingen Grafische afwerking Binderijen Grafische reproduktie en zetten Overige grafische aktiviteiten Reproduktiebedrijven opgenomen media VERVAARDIGING VAN CHEMISCHE PRODUKTEN - verbandmiddelenfabrieken
-
VERVAARDIGING VAN GLAS, AARDEWERK, CEMENT-, KALK- EN GIPSPRODUKTEN
A B
2
B
3
3.1 2
B
B
B
2 1 2 2 2 1
B A B B B A
B A B B B A
B A B B B A
C
C
2
Niet op Lijst toegelaten bedrijven, valt onder maatschappelijk/dienstve rlening Mogelijk als beroep/bedrijf aan huis
GG
-
zelfstandige bedrijven
beroep/bedrijf aan huis 100 m2
-
beroep/bedrijf aan huis 50 m2
OMSCHRIJVING
CATEGORIE
SBI-2008
nummer
SBI-1993
Glasbewerkingsbedrijven Aardewerkfabrieken: - vermogen elektrische ovens totaal < 40 kW Natuursteenbewerkingsbedrijven: - zonder breken, zeven en drogen: p.o. <= 2.000 m² Slijp- en polijstmiddelen fabrieken
3.1
B
B
2
B
B
3.1 3.1
B B
B B
0 1a
VERVAARD. EN REPARATIE VAN PRODUKTEN VAN METAAL (EXCL. MACH./TRANSPORTMIDD.) Constructiewerkplaatsen - gesloten gebouw, p.o. < 200 m2
3.1
B
B
3.1
B
B
284 2851
255, 331 2561, 3311
B1 0
Smederijen, lasinrichtingen, bankwerkerijen e.d., p.o. < 200 m2 Metaaloppervlaktebehandelingsbedrijven:
2852
2562, 3311
2
Overige metaalbewerkende industrie, inpandig, p.o. <200m2
3.1
B
B
287
259, 331
B
Overige metaalwarenfabrieken n.e.g.; inpandig, p.o. <200 m2
3.1
B
B
30
26, 28, 33
-
VERVAARDIGING COMPUTERS
30
26, 28, 33
A
Kantoormachines- en computerfabrieken incl. reparatie
2
B
B
33
26, 32, 33
-
VERVAARDIGING VAN MEDISCHE APPARATEN EN INSTRUMENTEN
33
26, 32, 33
A
Fabrieken voor medische en optische apparaten en instrumenten e.d. incl. reparatie
36 361 362 363
31 9524 321 322
2
3663.1
32991
40 40 45 45
35 35 41, 42, 43 41, 42, 43
C0 C1 3
50 5020.4 51 5134 5135 5136 5137 5138, 5139 5148.7 5153 5153 5153.4 5153.4
45, 47 45204 46 4634 4635 4636 4637 4638, 4639 46499 4673 4673 46735 46735
B -
VAN
KANTOORMACHINES
EN
EN
OPTISCHE
VERVAARDIGING VAN MEUBELS EN OVERIGE GOEDEREN N.E.G. Meubelstoffeerderijen b.o. < 200 m2 Fabricage van munten, sieraden e.d. Muziekinstrumentenfabrieken
2
B
B
B
1 2 2
B B
A B B
A B B
2
B
*1
2
B
B
2
B
B
Sociale werkvoorziening
1 0 2 4 6
Elektriciteitsdistributiebedrijven, met transformatorvermogen: - < 10 MVA BOUWNIJVERHEID - aannemersbedrijven met werkplaats: b.o.< 1000 m² HANDEL/REPARATIE VAN AUTO'S, MOTORFIETSEN; BENZINESERVICESTATIONS Autobeklederijen GROOTHANDEL EN HANDELSBEMIDDELING Grth in dranken Grth in tabaksprodukten Grth in suiker, chocolade en suikerwerk Grth in koffie, thee, cacao en specerijen Grth in overige voedings- en genotmiddelen - consumentenvuurwerk, verpakt, opslag < 10 ton Grth in hout en bouwmaterialen: - algemeen: b.o. <= 2000 m² zand en grind: - algemeen: b.o. <= 200 m² 4
Niet op Lijst toegelaten bedrijven, valt onder maatschappelijk/dienstve rlening Mogelijk als beroep/bedrijf aan huis
25, 31 251, 331 251, 331
zelfstandige bedrijven
28 281 281
0 1 0 2
beroep/bedrijf aan huis 100 m2
231 232, 234 232, 234 237 237 2391
beroep/bedrijf aan huis 50 m2
2615 262, 263 262, 263 267 267 2681
OMSCHRIJVING
CATEGORIE
SBI-2008
nummer
SBI-1993
1
A
A
A
2 2 2 2 2 2
C C C C C
C C C C C
C C C C C C
2
B
B
2
B
B
zelfstandige bedrijven
2
B
B
3.1
C
C
2
C
C
A
A
4674 4674 466 466
519 52
466, 469 47
527 55 5552 60 6022 633 634 64 641 642 642 65, 66, 67 65, 66, 67 70 70
952 55 562 49 493 791 5229 53 531, 532 61 61 64, 65, 66 64, 65, 66 41, 68 41, 68
71 711
77 7711
712 713 714 72
7712, 7739 773 772 62
72 72 73 732
62 58, 63 72 722
74
63, 69tm71, 73, 74, 77, 78, 80tm82
74 7481.3 85 8511
63, 69tm71, 73, 74, 77, 78, 80tm82 74203 86 8610
8512, 8513 8514, 8515 853 853 91
8621, 8622, 8623 8691, 8692 871 8891 94
0 2 0 2
Grth in ijzer- en metaalwaren en verwarmingsapparatuur: - algemeen: b.o. < = 2.000 m² Grth in machines en apparaten: - overige machines ex. Bouwnijverheid
-
Overige grth (bedrijfsmeubels, emballage, vakbenodigdheden e.d. DETAILHANDEL EN REPARATIE T.B.V. PARTICULIEREN
-
B0 B2 A A -
A B -
Reparatie t.b.v. particulieren (excl. auto's en motorfietsen) LOGIES-, MAALTIJDEN- EN DRANKENVERSTREKKING Cateringbedrijven VERVOER OVER LAND Taxibedrijven Reisorganisaties Expediteurs, cargadoors (kantoren) POST EN TELECOMMUNICATIE Post- en koeriersdiensten zendinstallaties: - FM en TV FINANCIELE INSTELLINGEN EN VERZEKERINGSWEZEN Banken, verzekeringsbedrijven, beurzen VERHUUR VAN EN HANDEL IN ONROEREND GOED Verhuur van en handel in onroerend goed VERHUUR VAN TRANSPORTMIDDELEN, ANDERE ROERENDE GOEDEREN Personenautoverhuurbedrijven
Computerservice- en informatietechnologie-bureau's e.d. Datacentra SPEUR- EN ONTWIKKELINGSWERK Maatschappij- en geesteswetenschappelijk onderzoek
OVERIGE ZAKELIJKE DIENSTVERLENING
A
Overige zakelijke dienstverlening: kantoren Foto- en filmontwikkelcentrales GEZONDHEIDS- EN WELZIJNSZORG Ziekenhuizen
A
2
B
B
B
2 1 1
B A
B A A
B
2
C
C
C
1
B
B
B
1
B
B
*2
1
A
A
*2
2
B
B
B
C
C
C C
C C
A
A
B
B
A
A
3.1 3.1 2
1
C
A
2 1
A
1
-
1 2 -
Artsenpraktijken, klinieken en dagverblijven Consultatiebureaus Verpleeghuizen Kinderopvang DIVERSE ORGANISATIES
5
*2 *2
MACHINES,
Verhuurbedrijven voor transportmiddelen (excl. personenauto's) Verhuurbedrijven voor machines en werktuigen Verhuurbedrijven voor roerende goederen n.e.g. COMPUTERSERVICE- EN INFORMATIETECHNOLOGIE
-
1
Niet op Lijst toegelaten bedrijven, valt onder maatschappelijk/dienstve rlening Mogelijk als beroep/bedrijf aan huis
beroep/bedrijf aan huis 100 m2
5154 5154 518 518
beroep/bedrijf aan huis 50 m2
OMSCHRIJVING
CATEGORIE
SBI-2008
nummer
SBI-1993
2
A C
C
*2 C
2 1
A
*1
1 2 2
A B B
*1 *1 *2
-
0 2 F A B 0 1 B
Bedrijfs- en werknemersorganisaties (kantoren) CULTUUR, SPORT EN RECREATIE Muziek- en balletscholen Dansscholen Bibliotheken, musea, ateliers, e.d. Schietinrichtingen: - binnenbanen: boogbanen Sportscholen, gymnastiekzalen OVERIGE DIENSTVERLENING Wasverzendinrichtingen Wasserettes, wassalons Kappersbedrijven en schoonheidsinstituten Begrafenisondernemingen: - uitvaartcentra Fitnesscentra, badhuizen en sauna-baden Persoonlijke dienstverlening n.e.g.
Productieoppervlak Bedrijfsoppervlak Verwerkingscapaciteit
6
Niet op Lijst toegelaten bedrijven, valt onder maatschappelijk/dienstve rlening Mogelijk als beroep/bedrijf aan huis
A
*2
2 2 1
B B A
*2 *2
1 2
A B
*2 *2
B A A
*2 *2 *2
A B A
*2 *2 *2
2 1 1
A A
1 2 1
*2 = Niet op Lijst toegelaten bedrijven, valt onder dienstverlening. Mogelijk als beroep/bedrijf aan huis
p.o. b.o. v.c.
zelfstandige bedrijven
1
*1 = Niet op Lijst toegelaten bedrijven, valt onder maatschappelijk. Mogelijk als beroep/bedrijf aan huis
Gebruikte afkortingen:
beroep/bedrijf aan huis 100 m2
941, 942 59 8552 85521 9101, 9102 931 931 931 96 96013 96013 9602 9603 9603 9313, 9604 9609
beroep/bedrijf aan huis 50 m2
9111 92 9234 9234.1 9251, 9252 926 926 926 93 9301.3 9301.3 9302 9303 9303 9304 9305
OMSCHRIJVING
CATEGORIE
SBI-2008
nummer
SBI-1993
A
LEGENDA Plangebied
14
16
18
Plangebied C 3255 C 3254 Nemerlaer
C 3207
12
10
C 3076
6
4
2
C 3256
Enkelbestemmingen
43
8 20
4
2
Neme rlaer 22
C 3079
45
C 3085
47
C 3204 C 3198 C 3203 24
C 702
C 3205
C 3202
C 3199
49
C 3094
51
C 3074
53
C 3084
55
C 3091
57
C 3075
59
C 3200
C 2164 C 2163
C 2165
C 3080
C 2778
C 3101
C 3092
C 3088
C 3078 C 3087
C 2777
80
Wonen
Functieaanduidingen specifieke vorm van groen - perceelsontsluiting
(sg-po)
Bouwaanduidingen vrijstaand
[vrij]
C 3100
C 2148
W
78
26
C 3201 C 3196
Groen
G
6
C 3252 C 3253
C 2775 82
28
C 3096
61
C 3086
63
C 3098
65
30
32
(sg-po)
34
36
38
40
C 2779
84
Maatvoeringen
42
maximum aantal wooneenheden
5 C 2780
(sg-po)
i C 704
C 711
C 598
i C 2781
88
C 3197 C 597
86
(sg-po)
Nemerlaer
4 i
G
i
3
C 3192
4 C 3006
maximum breedte (m)
3
maximum goothoogte (m) maximum bouwhoogte (m)
6
C 3007
90
11
92
Figuren
67
C 3191
C 223
6
C 2147
C 3121
W [vrij]
C 230
G
gevellijn
5
11
Verklaringen C 3103
69
ondergrond
C 222
94 Burgemeester de Geusstra
C 221
C 564 71
C 228
C 3131
C 3011
96
at
C 601 118
98
C 3012 C 229
73
C 3260
116
100
in samenwerking met
C 3122 C 219
C 216
114
112-112a
108
C 3195
van der Duin
straat
project:
75
Bestemmingsplan Lommerrijk fase 1a
106
Gemeente Waalwijk
133
137-137a
C 2405 77
C 3182 131
4
2
127-129
C 2404 C 264
C 2297
104
onderdeel
projectnummer:
Verbeelding
23JOHNB010 identificatienummer:
status
vastgesteld
C 600
NL.IMRO.0867.BPWWLrijkfase1a-va01
C 2431
C 263
bladnummer: van 1
opdrachtgever:
1
Van den Berg C 1642 102a
98-100
B 5780
C 1644
102
C 492
123
C 268
SCHAAL
:
1 : 1 000
FORMAAT :
A3
datum
:
16 april 2024
bestandsnaam : 23JOHNB010-006
98
Ruimteloket, data in kaart
135
C 1443
| Linker Rottekade 292 | 3034 CV Rotterdam | 085 016 38 74 | | info@ruimteloket.nl | www.ruimteloket.nl | |
121a 121
C 272
C 2883
C 491 C 270
C 2884