CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Notitie Sociaal domein

Raadsvergadering 16 juni 2022, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Bespreking coalitieakkoord 2022-2026 'Samen werken aan de toekomst'933 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Memo Sociaal domein Regionale jeugdhulp De samenwerkingsovereenkomst met de regio Hart van Brabant loopt tot en met 31 december 2024. Een half jaar voor het aflopen van de overeenkomst, uiterlijk 30 juni 2024, ligt er in de regio een keuzemoment om door te gaan met het aanbieden van jeugdhulp via de regio of om het lokaal te organiseren. We moeten ons daarbij realiseren dat als uit het onderzoek komt dat we de jeugdhulp zelf gaan organiseren we de keuze december 2022 of uiterlijk voorjaar 2023 moeten maken, zodat er ruimte is voor de inrichting ervan. Om te bepalen of het lokaal organiseren voordelen oplevert ten opzichte van de huidige situatie is het noodzakelijk om een integraal haalbaarheidsonderzoek uit te laten voeren. Het gaat daarbij onder andere om een onderzoek naar de inhoud, de organisatie, de kosten, de risico’s zoals de regionale samenwerking en de beschikbaarheid van personeel en voorzieningen. Op basis van ervaring van andere gemeenten gaan wij uit van een investering van €75.000 voor het uitvoeren van het onderzoek op basis waarvan het college een besluit kan nemen. Verzakelijking Inwoners van de gemeente Waalwijk krijgen een indicatie op basis van de verordeningen Jeugdwet en Wmo en op basis van de daarbij horende beleidsregels.

Hoe meer ruimte de verordening en de beleidsregels laten hoe moeilijker het is voor de uitvoering om een hulpvraag met “nee” te beantwoorden. Inwoners zien het als een recht en de uitvoering heeft onvoldoende handvatten om tijdens het keukentafelgesprek een indicatie te weigeren. Als de inwoner besluit naar de rechter te gaan staan we als gemeente niet sterk als blijkt dat onze verordening deze ruimte laat. Er is in 2020 een onderzoek geweest naar de beheersmaatregelen “Second opinion” door PPRC. Doel van dat onderzoek was om te bepalen of de te nemen beheersmaatregelen voldoende besparing op zouden leveren. Als uitgangspunt voor de besparingen zijn toen de bestaande verordeningen en beleidsregels uit 2014 gebruikt. Er is geen onderzoek gedaan naar de mogelijkheid om de verordeningen en beleidsregels zelf aan te scherpen. Op dit moment heeft het college ons de opdracht gegeven om de verordeningen en beleidsregels te laten toetsen door een jurist met inhoudelijke kennis van het sociaal domein. Onderzocht wordt of zij meer ruimte laten dan de wettelijke vereisten. Na deze toets ligt er een beslismoment voor het college om deel 2 uit te laten voeren. Het betreft een data-analyse waarbij de onderzoeker kijkt of het aanscherpen van de verordeningen en beleidsregels daadwerkelijk leidt tot besparingen omdat we of in de breedte of in de diepte kunnen besparen.

Het gaat hierbij om de mogelijkheid om rechtmatig minder producten en/of minder uren/dagdelen te indiceren. In het derde deel doet de onderzoeker, op basis van voorgaande, voorstellen voor het aanpassen van de verordeningen en beleidsregels op basis waarvan we “zakelijker” kunnen indiceren. Na uitvoering van het onderzoek en op basis van de aanbevelingen is het aan het college om hier keuzes in te maken. Preventieve- en herstelvoorzieningen Verzakelijking van de dienstverlening hangt nauw samen met de inzet van algemene/ preventieve voorzieningen, zodat er een (beter) alternatief voorhanden is. Als er geen alternatief voorhanden is lopen we het risico dat de inwoner (onbewust) wacht totdat de problemen zo groot zijn dat er wel een recht ontstaat op gemeentelijke ondersteuning op basis van een indicatie.

Met goede laagdrempelige indicatievrije voorzieningen en activiteiten kunnen we voorkómen dat problemen groeien. Het sterke vermoeden is dat het zelf oplossend vermogen van inwoners toeneemt als ze kunnen leunen op een sterkere sociale structuur op basis van ontmoeting en verbinding. We doen dit op basis van het concept van positieve gezondheid. Onderwijs, werk, buurtwerk, leefstijl (gezonde voeding en voldoende beweging) en cultuur zijn hierin belangrijke ingrediënten. We willen voorzieningen treffen in de eigen buurt waar inwoners zonder indicatie binnen kunnen lopen en waar hulpverleners zijn die of de vraag op kunnen lossen of kunnen verwijzen. Het geven van indicaties willen we hierbij tot een minimum beperken. In de voorzieningen kan bijv. iemand van het scheidingsloket aanwezig zijn, schuldhulpverlening, een medewerker van GO healthy, een ervaringsdeskundige of een maatschappelijk ondersteuner. Deels doen we dit in herstelvoorzieningen voor een specifieke doelgroep en deels organiseren we dit over de doelgroepen heen in bestaande algemene voorzieningen. Deze algemene voorzieningen willen we versterken door onder andere een programmatisch aanbod voor de snel groeiende groep ouderen toe te voegen. Kostenontwikkeling Wij verwachten dat de inzet op preventie niet direct een besparing oplevert, maar wel dat het de verwachte groei op Wmo en jeugd op zijn minst afvlakt.

Het CPB gaat daarbij voor de komende jaren uit van een groei op Wmo en jeugd bij ongewijzigd beleid van 2,5% per jaar. De VNG zag de afgelopen jaren een stijging van 5% en verwacht dat deze groei de komende jaren doorzet. Er is nog een te realiseren ombuiging binnen het sociaal domein van €2.300.000. Er zijn verschillende beheersmaatregelen genomen die financieel ook effect hebben. Onzeker is echter of de daling van de kosten ook onder de streep zichtbaar blijft vanwege de autonome groei en de toegenomen complexiteit van de problematiek. Hierdoor nemen de zorgkosten per traject toe. In 2021 hebben we voor de Wmo €8.588.677 aan voorzieningen uitgegeven plus €4.477.974 voor de uitvoeringskosten van Team Wijz. Voor de Jeugdhulp inclusief organisatiekosten €13.427.480. In totaal betroffen de uitgaven €26.494.131. Bij een groei van 2,5 % zou de stijging van de kosten ondanks de beheersmaatregelen per jaar bij ongewijzigd beleid uitkomen op €662.353 oplopend tot €1.324.706 bij een groei van 5%. Dit is exclusief de normale loon- en prijsstijgingen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11579095/1