Bijlage 1i bij toelichting verkennend bodemonderzoek en asbest
Tekst van het document
VERKENNEND BODEMONDERZOEK EN VERKENNEND ONDERZOEK ASBEST IN BODEM/PUIN MR. VAN COOTHSTRAAT TE WAALWIJK
Rapportage verkennend bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in bodem/puin Mr. van Coothstraat te Waalwijk Opdrachtgever
Magna Capital Partners De Kroonweg 12 5145 NH Waalwijk
Rapportnummer Versienummer
15327.001 D1
Status
Eindrapportage
Datum
7 mei 2021
Vestiging
Brabant Heinz Moormannstraat 1b 5831 AS Boxmeer 088 - 5001600 boxmeer@econsultancy.nl
Opsteller
Mevrouw N. Hutjens
Paraaf
Kwaliteitscontrole
De heer drs. E. Hartingsveld
Paraaf
Kwaliteitszorg Econsultancy is lid van de Vereniging Kwaliteitsborging Bodembeheer (VKB). De VKB is een vereniging van bodemadviesen -onderzoeksbureaus en heeft als doel kwaliteitsborging en continue verbetering van de dienstverlening van haar leden op het gebied van bodembeheer. Het VKB keurmerk geeft opdrachtgevers de zekerheid dat het uitvoerend bureau werkt conform de eisen die de VKB aan haar leden stelt op het gebied van competenties en integriteit van medewerkers en het toepassen van vigerende normen en onderzoeksprotocollen. Econsultancy werkt volgens een dynamisch kwaliteits- en milieusysteem, zoals beschreven in het kwaliteits- en milieuhandboek. Ons kwaliteits- en milieusysteem is gecertificeerd volgens de eisen in de NEN-EN-ISO 9001 en NEN-EN-ISO 14001. Betrouwbaarheid Dit bodemonderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd conform de toepasselijke en van kracht zijnde regelgeving. Een bodemonderzoek wordt in zijn algemeenheid echter uitgevoerd door het steekproefsgewijs bemonsteren van de bodem, waardoor het, op basis van de resultaten van een bodemonderzoek, onmogelijk is garanties af te geven ten aanzien van de milieuhygiënische bodemkwaliteit. Daarnaast betreft het bodemonderzoek een momentopname.
Econsultancy accepteert op voorhand geen aansprakelijkheid ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Econsultancy uitgevoerde bodemonderzoek neemt.
INHOUDSOPGAVE 1
INLEIDING .................................................................................................................................. 1
2
AFBAKENING ONDERZOEKSLOCATIE ................................................................................... 2
3
MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK BODEM ................................................................. 2 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7 3.8 3.9
Geraadpleegde bronnen ................................................................................................... 2 Historisch en huidig gebruik onderzoekslocatie ............................................................... 2 Toekomstige situatie ......................................................................................................... 3 Calamiteiten ...................................................................................................................... 3 Uitgevoerd(e) bodemonderzoek(en) op de onderzoekslocatie ........................................ 3 Aangrenzende terreindelen/percelen ............................................................................... 4 Terreininspectie ................................................................................................................ 5 Informatie lokale of regionale achtergrondgehalten ......................................................... 5 Bodemopbouw en geohydrologie ..................................................................................... 6
4
CONCLUSIES MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK BODEM (ONDERZOEKSOPZET) 6
5
VELDWERK ................................................................................................................................ 6 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5
6
LABORATORIUMONDERZOEK ................................................................................................ 9 6.1 6.2 6.3 6.4
7
Algemeen.......................................................................................................................... 6 Visuele inspectie toplaag/maaiveld op asbest .................................................................. 7 Grondonderzoek ............................................................................................................... 7 Algemene bodemopbouw en visuele inspectie opgegraven materiaal ............................ 8 Grondwateronderzoek ...................................................................................................... 9 5.5.1 Uitvoering veldwerk ............................................................................................ 9 5.5.2 Grondwaterbemonstering ................................................................................... 9
Uitvoering analyses .......................................................................................................... 9 Toetsingskader ............................................................................................................... 11 Resultaten grond- en grondwatermonsters verkennend bodemonderzoek ................... 13 Resultaten verkennend onderzoek asbest ..................................................................... 15
SAMENVATTING, CONCLUSIES EN ADVIES ........................................................................ 16
BIJLAGEN: 1. 2a. 2b. 3. 4a. 4b. 5.
- Topografische ligging van de locatie - Locatieschets - Foto's onderzoekslocatie - Boorprofielen - Analysecertificaten - Getoetste analyseresultaten - Toetsingskader Circulaire bodemsanering
15327.001
1
INLEIDING
Magna Capital Partners heeft aan Econsultancy opdracht verleend voor het uitvoeren van een verkennend bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in bodem/puin op de locatie Mr. van Coothstraat te Waalwijk. Het bodemonderzoek is uitgevoerd in het kader van de voorgenomen bestemmingsplanwijziging en nieuwbouw op de onderzoekslocatie. Het onderzoek heeft tot doel met een relatief geringe onderzoeksinspanning vast te stellen of op de onderzoekslocatie bodemverontreiniging aanwezig is. Tevens heeft het onderzoek tot doel na te gaan of de verdenking van verontreiniging met asbest van het terrein terecht is en (zo nodig) een indicatieve uitspraak te doen over het asbestgehalte in de bodem en het puin. Op basis van de resultaten wordt bepaald of er milieuhygiënische belemmeringen zijn voor de voorgenomen bestemmingsplanwijziging en nieuwbouw op de onderzoekslocatie. Het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is verricht conform de NEN 5725:2017 "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek". Het bodemonderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5740+A1:2016 "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond".
Het verkennend onderzoek asbest in bodem en puin is uitgevoerd conform de NEN 5707+C1:2016/C2:2017 "Bodem - Inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond" en/of conform de NEN 5897+C1:2016/C2:2017 "Inspectie en monsterneming van asbest in bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat". Het veldwerk en de bemonstering zijn verricht onder certificaat op grond van de BRL SIKB 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek", protocollen 2001, 2002 en 2018. Voor het veldwerk en bemonstering van asbest in puin is geen certificering van toepassing. De visuele inspectie is uitgevoerd door medewerkers, die gekwalificeerd zijn voor het protocol 2018 van de BRL SIKB 2000. De analyseresultaten zijn getoetst aan het toetsingskader uit de Circulaire bodemsanering en aan de achtergrondwaarden voor grond uit de Regeling bodemkwaliteit (bijlage B, tabel 1). De resultaten met betrekking tot het puin zijn getoetst aan de helft van de hergebruikswaarde uit de Regeling Bodemkwaliteit (bijlage A). Voor de specifieke toetsing wordt verwezen naar paragraaf 6.2. Econsultancy is onder meer gecertificeerd voor de protocollen 2001, 2002 en 2018 van de BRL SIKB 2000. In dat kader verklaart Econsultancy geen eigenaar van de onderzoekslocatie te zijn of te worden.
Rapport 15327.001 versie D1
Pagina 1 van 18
2
AFBAKENING ONDERZOEKSLOCATIE
Het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem omvat de onderzoekslocatie en direct hieraan grenzende terreindelen binnen een afstand van 25 meter. De onderzoekslocatie (± 7.905 m²) is gelegen aan de Mr. van Coothstraat te Waalwijk (zie bijlage 1). De percelen, waar de onderzoekslocatie deel van uitmaakt, zijn kadastraal bekend gemeente Waalwijk, sectie D, nummers 1210, 1211, 4144 en 4152. Volgens het Actueel Hoogtebestand Nederland bevindt het maaiveld zich op een hoogte van circa 1,5 m +NAP en zijn de coördinaten van het midden van de onderzoekslocatie X = 132.480, Y = 411.215.
3 3.1
MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK BODEM Geraadpleegde bronnen
Voorafgaand aan de uitvoering van de veldwerkzaamheden is een milieuhygiënisch vooronderzoek bodem uitgevoerd op basis van de NEN 5725. In tabel 1 zijn de in het kader van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem geraadpleegde bronnen weergegeven. Van de locatie en de directe omgeving zijn uit verschillende informatiebronnen gegevens verzameld over het historische, huidige en toekomstige gebruik, eventuele calamiteiten, eventueel eerder uitgevoerde bodemonderzoeken, de bodemopbouw en geohydrologie, verhardingen, kabels en leidingen. Tabel 1.
Geraadpleegde bronnen Onderdeel
Bron
Historisch, huidig en toekomstig gebruik
Opdrachtgever Magna Capital Partners B.V. (contactpersoon de heer M.P. de Ruijter), d.d. 8 maart 2021
Bouw-/milieudossier, ondergrondse tanks, calamiteiten, eerder uitgevoerd bodemonderzoek
Gemeente Waalwijk (contactpersoon mevrouw N. van den Einden), d.d. 10 maart 2021
Locatiegegevens van internet: - historisch topografisch kaartmateriaal - basisregistratie grootschalige topografie - kadastrale gegevens - hoogtekaart - luchtfoto's - Google streetview - provinciale bodeminformatie - bodemopbouw - geo(hydro)logie - kabels en leidingen
www.topotijdreis.nl www.pdok.nl www.kadaster.nl www.ahn.nl webservices.gbo-provincies.nl/lufo/services/wms maps.google.nl www.bodemloket.nl maps.bodemdata.nl www.dinoloket.nl www.kadaster.nl/klic-wion
Terreininspectie
Uitgevoerd door Econsultancy, d.d. 17 maart 2021
3.2
Historisch en huidig gebruik onderzoekslocatie
Uit historisch kaartmateriaal vanaf omstreeks 1900 blijkt dat de onderzoekslocatie in gebruik was als weiland. In 1910 is op het noordoostelijk deel van de locatie een woning gerealiseerd (Mr. van Coothstraat 6). Rond 1937 is een bedrijfspand op de locatie gerealiseerd, wat door de jaren heen uitgebreid is. Omstreeks 1962 is het zuidelijke deel van de locatie in gebruik genomen als park. Uit het kaartmateriaal blijkt dat rond 1970 de locatie niet langer meer in gebruik is als park, maar in gebruik genomen werd als siertuin. Sindsdien is de locatie niet wezenlijk meer veranderd.
Rapport 15327.001 versie D1
Pagina 2 van 18
Uit informatie van de gemeente Waalwijk blijkt tevens dat op het noordelijke deel van de locatie de Loint, een voormalige waterloop (deellocatie B) gelegen is geweest. In paragraaf 3.5 wordt hier dieper op in gegaan. Ook blijkt uit deze informatie dat in de nabije omgeving van de onderzoekslocatie in het verleden bedrijfsmatige activiteiten plaatsgevonden hebben, waaronder een textielververij, een autoonderdelenhandel, schoenenfabriek, brandstoffendetailhandel, smederij en slachterij. Momenteel ligt een groot deel van de locatie braak. Tevens is er een oud bedrijfspand op de locatie gelegen en woonhuis met siertuin. Een deel van de locatie is in gebruik als autostalling. Voor zover bij de opdrachtgever en de gemeente Waalwijk bekend, heeft er op de onderzoekslocatie nimmer opslag van oliehoudende producten in ondergrondse of bovengrondse tanks plaatsgevonden. Er zijn geen aanwijzingen gevonden, die aanleiding geven een asbestverontreiniging op de locatie te verwachten. Uit de geraadpleegde bronnen blijkt geen aanwezigheid van ophogingen, dempingen of stortingen. In bijlage 2a is de huidige situatie op een locatieschets weergegeven. Bijlage 2b bevat enkele foto's van de onderzoekslocatie. 3.3
Toekomstige situatie
De initiatiefnemer is voornemens de bestemming van de locatie te wijzigen en nieuwbouw op de locatie te realiseren. 3.4
Calamiteiten
Voor zover bij de opdrachtgever bekend hebben zich op de onderzoekslocatie in het verleden geen calamiteiten met een bodembedreigend karakter voorgedaan en zijn geen gegevens bekend dat op deze locatie, als ook in de directe nabijheid, met schuim is geblust. Ook uit informatie van de gemeente Waalwijk blijkt niet, dat er zich in het verleden bodembedreigende calamiteiten hebben voorgedaan. 3.5
Uitgevoerd(e) bodemonderzoek(en) op de onderzoekslocatie
In 1993 is het Bijzonder Inventariserend Onderzoek (BIO) ter plaatse van de Loint te Waalwijk uitgevoerd (Oranjewoud, rapportnummer: 5623-40688, d.d. april 1993). Het doel van het onderzoek was het verkrijgen van inzicht in de eventuele risico’s voor de volksgezondheid en het milieu van mogelijke verontreinigingen van de grond en het grondwater, die samenhingen met lozingen op of demping van de voormalige waterloop de Loint en zijn zijtakken. De Loint was een kunstmatige waterloop welke in de 15e eeuw gegraven is ten behoeve van de afvoer van overtollig grondwater uit het duingebied ten zuidoosten van Waalwijk. Door de goede waterkwaliteit vestigden zich hier in de loop van de tijd vele bedrijven (voornamelijk leerlooierijen, verdacht voor o.a. chroom en chroom-6). De vele bedrijven loosde hun afvalwater veelal op de Loint en zijn zijtakken. In de loop van de 20ste eeuw zijn deze waterlopen voor het grootste gedeelte gedempt. Uit het onderzoek blijkt dat naar verwachting de diepte van de Loint circa 1 tot 2 m -mv bedroeg en ongeveer 1 tot 1,5 m breed was. Op veel terreinen is een ophooglaag bovenop de laag met dempingsmateriaal aangetroffen. Uit het onderzoek blijkt dat de Loint over de huidige onderzoekslocatie heeft gelopen (figuur 1).
Rapport 15327.001 versie D1
Pagina 3 van 18
Figuur 1. Voormalige waterloop van de Loint ter plaatse van de onderzoekslocatie
Op de onderzoekslocatie (ter plaatse van Grotestraat 166B) is in 2009 een historisch onderzoek uitgevoerd (Econsultancy, rapportnummer: 08073291.49, d.d. 16 januari 2009). De aanleiding van het onderzoek was de landelijke doelstelling om in 2015 alle locaties met een onaanvaardbaar risico voor mens of milieu beheerst dan wel gesaneerd te hebben. Uit dit onderzoek blijkt dat in het verleden een houtmeubelfabriek op de locatie gevestigd is geweest. De verdachtheid van de locatie is in het onderzoek vastgesteld, echter bleek de locatie destijds niet potentieel spoedeisend te zijn en was er geen oriënterend onderzoek noodzakelijk. In 2011 is op een deel van de onderzoekslocatie een bodemonderzoek uitgevoerd (Oranjewoud, rapportnummer: 203343-14-2, d.d. 6 juni 2011). Aanleiding van het onderzoek was de verdenking op de aanwezigheid van mogelijke verspreidingsrisico’s naar aanleiding van een eerder uitgevoerd historisch onderzoek. Destijds is alleen onderzoek gedaan naar het grondwater en zijn er 3 peilbuizen geplaatst. Zintuiglijk bleek de bodem matig tot sterk baksteenhoudend, zwak tot matig puinhoudend en zwak kolengruishoudend. Het grondwater bleek destijds niet verontreinigd te zijn. 3.6
Aangrenzende terreindelen/percelen
In paragraaf 3.1 zijn de geraadpleegde informatiebronnen voor de omliggende terreindelen en aangrenzende percelen binnen 25 meter van de onderzoekslocatie opgenomen. Het bodemgebruik van de omliggende terreindelen is als volgt: In de alle richtingen grenst de onderzoekslocatie aan bedrijven en/of woonhuizen met bijbehorende siertuinen. Ten oosten van de onderzoekslocatie (Meester van Coothstraat 7) is in 2009 een historisch onderzoek uitgevoerd (UDM Midden B.V., rapportnummer: SAA/GHM/08.02.0983.R01, d.d. 16 februari 2009). De aanleiding van het onderzoek was de landelijke doelstelling om in 2015 alle locaties met een onaanvaardbaar risico voor mens of milieu beheerst dan wel gesaneerd te hebben. Destijds is informatie opgevraagd uit het historisch bodembestand. Hieruit bleek dat in het verleden een elektrische (gloei-)lampenfabriek en een benzine-service-station op de locatie gevestigd zijn geweest. Echter blijkt uit de verleende bouwvergunningen van de locatie dat er enkel vergunningen zijn verleend voor het bouwen van woonhuizen en een kantoorpand. Hierdoor is de verdachtheid destijds niet bevestigd en was een oriënterend onderzoek niet noodzakelijk. Rapport 15327.001 versie D1
Pagina 4 van 18
In 2009 heeft een historisch onderzoek plaatsgevonden ten noordoosten van de onderzoekslocatie (Meest van Coothstraat 2, UDM Midden B.V., rapportnummer: NVR/GHM/08.02.0982.R01, d.d. 16 februari 2009). De aanleiding van het onderzoek was de landelijke doelstelling om in 2015 alle locaties met een onaanvaardbaar risico voor mens of milieu beheerst dan wel gesaneerd te hebben. Destijds is informatie opgevraagd uit het historisch bodembestand. Hieruit bleek dat in het verleden een schoenenfabriek op de locatie gevestigd is geweest. Binnen de inrichting was onder andere een garage met smeerkuil, smederij, opslagruimte voor aceton, wasbenzine en rubberlijn aanwezig. In 1963 werd geconstateerd dat de horizontale afvoeren van de spuitcabines geloosd werden op de openbare weg. De verdachtheid van de locatie is in het onderzoek vastgesteld, echter bleek de locatie destijds niet potentieel spoedeisend te zijn en was er geen oriënterend onderzoek noodzakelijk. Van de overige aangrenzende percelen zijn geen bodemonderzoeksgegevens bekend. Uit de verzamelde informatie blijkt, dat er vanuit de omliggende percelen geen grensoverschrijdende verontreinigingen zijn te verwachten. 3.7
Terreininspectie
Terreininspectie 17 maart 2021 Voorafgaand aan het bodemonderzoek is er een terreininspectie uitgevoerd. Deze is gericht op de identificatie van bronnen, die mogelijk hebben geleid of kunnen leiden tot een grond- en/of grondwaterverontreiniging. De tijdens de terreininspectie aangetroffen situatie komt overeen met de locatiegegevens, zoals deze zijn opgenomen in paragraaf 3.2. Afgezien van de potentiële bronnen voor een grond- en/of grondwaterverontreiniging, die in de voorgaande paragrafen zijn beschreven, zijn er tijdens de terreininspectie geen aanvullende potentiële bronnen aangetroffen. Op het maaiveld zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen. Terreininspectie 24 maart 2021 Uit de terreininspectie van 24 maart blijkt dat, op een direct ten zuiden grenzend perceel, een bronnering plaatsvindt. Deze bronnering heeft waarschijnlijk invloed op de grondwaterspiegel en de grondwaterstromingsrichting op de onderzoekslocatie (peilbuis A02). 3.8
Informatie lokale of regionale achtergrondgehalten
De onderzoekslocatie is met betrekking tot de bodem gelegen binnen zowel de bodemkwaliteitszone "Achtergrondwaarde” als ‘’Wonen <1900 - Waalwijk’’, van het gebied waarvoor de gemeente Waalwijk een “Bodemkwaliteitskaart” heeft opgesteld. In de bovengrond kunnen de parameters lood, zink, cadmium, kobalt, koper, kwik, barium en PAK verhoogd voorkomen. In de ondergrond kan de parameter kobalt verhoogd voorkomen. Regionaal komen verhoogde concentraties van metalen in het grondwater voor.
Rapport 15327.001 versie D1
Pagina 5 van 18
3.9
Bodemopbouw en geohydrologie
De onderzoekslocatie ligt volgens de bodemkaart van Nederland in een niet-gekarteerd gebied. De dichtstbijzijnde kaarteenheid betreft een drechtvaaggrond, die volgens de Stichting voor Bodemkartering voornamelijk is opgebouwd uit klei. De afzettingen, waarin deze bodem is ontstaan, behoren geologisch gezien tot de Formatie van Kreftenheye. De gemiddelde stand van het freatisch grondwater bedraagt ± 1,0 m +NAP, waardoor het grondwater zich op ± 0,5 m -mv zou bevinden. Het water van het eerste watervoerend pakket stroomt volgens de isohypsenkaart van de Dienst Grondwaterverkenning van TNO in noordwestelijke richting. Er liggen geen pompstations in de buurt van de onderzoekslocatie die van invloed zouden kunnen zijn op de grondwaterstroming ter plaatse van de onderzoekslocatie. De onderzoekslocatie ligt niet in een grondwaterbeschermings- en/of grondwaterwingebied.
4
CONCLUSIES MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK BODEM (ONDERZOEKSOPZET)
Ten behoeve van het bodemonderzoek is, op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem, een aantal deellocaties geïdentificeerd. In tabel 2 zijn de onderzoeksstrategieën, die van toepassing zijn op de betreffende deellocaties, weergegeven. Tabel 2.
Onderzoeksstrategie Deellocatie
Oppervlakte
Verwachte stoffen
Onderzoeksstrategie
A
Gehele onderzoekslocatie
± 7.905 m2
metalen (incl. chroom en chroom-6), minerale olie, PAK en asbest
VED-HE-NL
B
Voormalige waterloop Loint
± 250 m2
metalen (incl. chroom en chroom-6), minerale olie en PAK
VED-HE-NL
Onderzoeksstrategieën volgens NEN 5740 / NEN 5707: VED-HE-NL: Verdacht, diffuse bodembelasting, heterogene verontreiniging, niet lijnvormig
5
VELDWERK
5.1
Algemeen
Tijdens het opstellen van het boorplan is rekening gehouden met de doelstellingen en de richtlijnen, die geformuleerd zijn in de inleiding. Daarnaast is rekening gehouden met de gegevens voortvloeiend uit het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem en de ligging van kabels en leidingen. Bijlage 2a bevat de locatieschets met daarop aangegeven de situering van de boorpunten en de peilbuizen. In bijlage 3 zijn de bodemprofielen van de asbestinspectiegaten en de boringen opgenomen. Het veldwerk is op 24 en 31 maart 2021 uitgevoerd, respectievelijk onder kwaliteitsverantwoordelijkheid van de heren R.J.H. Denessen en T.N.A. Willems Deze staan geregistreerd als ervaren veldwerker voor het protocol 2001 en 2018 van de BRL SIKB 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek".
Rapport 15327.001 versie D1
Pagina 6 van 18
De boringen en peilbuizen zijn geplaatst met behulp van een edelman- en veenboor. Van het opgeboorde en opgegraven materiaal is een boorbeschrijving conform de NEN 5104 gemaakt en zijn er grondmonsters genomen over trajecten van ten hoogste 0,5 m, waarbij bodemlagen met verontreinigingskenmerken of een afwijkende textuur separaat bemonsterd zijn. Ten behoeve van het verkennend onderzoek asbest is het opgegraven materiaal gezeefd over een 20 mm zeef en zintuiglijk beoordeeld. Indien van toepassing is een schatting gemaakt van het asbestgehalte per gat. Indien er asbestverdacht materiaal is aangetroffen, is dit verzameld. 5.2
Visuele inspectie toplaag/maaiveld op asbest
Er zijn op het maaiveld geen asbestverdachte (plaat)materialen aangetroffen. In tabel 3 zijn enkele algemene gegevens met betrekking tot de visuele inspectie van de toplaag opgenomen. Tabel 3.
Visuele inspectie toplaag Aandachtsgebied
Opmerking
Oppervlakte van geïnspecteerde locatie
7.905 m²
Conditie toplaag
Droog
Beperkingen van de inspectie
Geen
Weersomstandigheden
Neerslag < 10 mm/dag Zicht > 50 m
Zand, klei/leem en/of veen
Zand
Los of (deels) vastgereden
Vastgereden
Geen/matige vegetatie
Vegetatie
Geschatte inspectie-efficiëntie (tabel 2 NEN 5707)
40 %
Asbestverdacht materiaal op maaiveld aangetroffen?
Nee
5.3
Grondonderzoek
Aan de hand van de geldende onderzoeksstrategieën zijn de werkzaamheden uitgevoerd zoals die in tabel 4 zijn vermeld. Tabel 4.
Uitgevoerde werkzaamheden Veldwerk Deellocatie
A
Gehele onderzoekslocatie
Boringen / gaten / peilbuizen 17 (0,5 m -mv) 4 (2,0 m -mv) 2 (peilbuis) 23 (gaten) (*A)
Analyses Verharding
klinkers/onverhard
Grond standaardpakket chroom en chroom-6 (verdachte laag 4x, ondergrond 2x)
Grondwater standaardpakket, chroom en chroom-6 (2x)
asbest in bodem (3x) asbest in puin (1x) B
(*A) (*B)
Voormalige waterloop Loint
5 (3,0 m -mv)
klinkers
standaardpakket chroom en chroom-6 (verdachte laag 2x, ondergrond 1x)
- (*B)
De gaten hebben een afmeting van 0,3 x 0,3 x 0,5 m en worden gecombineerd uitgevoerd met de boringen. Het grondwater wordt in combinatie met deellocatie A onderzocht.
Rapport 15327.001 versie D1
Pagina 7 van 18
5.4
Algemene bodemopbouw en visuele inspectie opgegraven materiaal
De bodem bestaat voornamelijk uit zwak tot sterk siltig, zeer fijn tot matig grof zand. De (boven)grond (tot maximaal 2,0 m -mv) is bovendien zwak tot matig humeus. De ondergrond van boringen A03 en A05 bestaat deels uit zwak kleiig of sterk zandig veen. Ter plaatse van de gedempte waterloop zijn zwak tot sterk zandige kleilagen in de ondergrond aanwezig. Tabel 5 geeft een overzicht van de zintuiglijk waargenomen verontreinigingen, die in het opgeboorde materiaal zijn aangetroffen. Tabel 5.
Zintuiglijk waargenomen verontreinigingen
Boornummer
Einddiepte boring (m -mv)
Traject (m -mv)
Waargenomen verontreinigingen
Deellocatie A: gehele onderzoekslocatie A01
2,50
0,07-0,50
zwak puinhoudend
A01a
2,00
0,15-0,80
matig puinhoudend
A02
3,00
0,00-1,70
zwak puinhoudend
0,40-0,50
zwak puinhoudend
A03
2,00 0,50-1,30
matig puinhoudend
A05
2,00
0,40-1,30
zwak puinhoudend
A07
0,50
0,25-0,50
zwak puinhoudend
A08
0,50
0,15-0,50
zwak puinhoudend
A09
0,50
0,15-0,50
zwak puinhoudend
A10
0,50
0,25-0,50
zwak puinhoudend
A11
0,50
0,00-0,50
zwak puinhoudend
A13
0,50
0,00-0,50
zwak puinhoudend
A14
0,50
0,00-0,50
zwak puinhoudend
A15
0,50
0,00-0,50
zwak puinhoudend
A16
0,50
0,00-0,50
zwak puinhoudend
A17
0,50
0,00-0,50
zwak puinhoudend
A18
0,50
0,00-0,50
zwak puinhoudend
A19
0,50
0,00-0,50
zwak puinhoudend
A20
0,50
0,40-0,50
zwak puinhoudend
A21
0,50
0,10-0,50
volledig puin
A22
0,50
0.18-0.50
volledig puin
A23
0,50
0,00-0,50
zwak puinhoudend
Deellocatie B: voormalige waterloop Loint B01
2,30
0,07-0,80
matig puinhoudend
B02
2,00
0,07-0,80
sterk puinhoudend
B03
2,30
0,90-1,50
matig puinhoudend
B04
0,80
0,30-0,80
zwak baksteenhoudend, gestaakt vanwege harde laag
B05
1,50
0,70-1,50
sterk puinhoudend, gestaakt vanwege puin
Rapport 15327.001 versie D1
Pagina 8 van 18
5.5
Grondwateronderzoek
5.5.1
Uitvoering veldwerk
Zuidoostelijk op de onderzoekslocatie en ter plaatse van de gedempte waterloop zijn 2 peilbuizen (filterstelling 1,8-2,8 en 2,0-3,0 m -mv) geplaatst. De filterstelling is bepaald op basis van de grondwaterstand, zoals deze tijdens de veldwerkzaamheden op 24 maart 2021 is ingeschat. 5.5.2
Grondwaterbemonstering
De grondwaterbemonstering is op 31 maart 2021 uitgevoerd door de heer N.P.G. Koenen. Deze medewerker staat geregistreerd als ervaren veldwerker voor het protocol 2002 van de BRL SIKB 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek". De bemonstering is uitgevoerd conform de NEN 5744:2011. Tabel 6 geeft een overzicht van de peilbuisgegevens en de resultaten van de veldmetingen. Tabel 6.
Overzicht gegevens peilbuizen en veldmetingen grondwater
Peilbuisnummer
Situering peilbuis
A01
ter plaatse van gedempte waterloop
1,8-2,8
A02
zuidoostelijk op onderzoekslocatie
2,0-3,0
6 6.1
Filterstelling Grondwaterstand (m -mv) (m -mv)
Elektrisch Geleidingsvermogen (µS/cm)
Troebelheid (NTU)
Zuurgraad (pH)
1,10
722
167
6,68
1,80
935
125
6,91
LABORATORIUMONDERZOEK Uitvoering analyses
Verkennend bodemonderzoek NEN 5740 Alle grond- en grondwatermonsters zijn aangeboden aan een laboratorium dat is erkend door de Raad voor Accreditatie en AS3000-geaccrediteerd is voor milieuhygiënisch bodemonderzoek. De grondmengmonsters en de grondwatermonsters zijn geanalyseerd op de volgende pakketten: -
standaardpakket grond: droge stof, lutum en organische stof, metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), polychloorbifenylen (PCB), polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK) en minerale olie;
-
chroom grond: droge stof, lutum, organische stof, chroom;
-
chroom-6 grond: droge stof, lutum, organische stof, chroom-6;
-
standaardpakket grondwater: metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), vluchtige aromaten (BTEX), styreen, naftaleen, gehalogeneerde koolwaterstoffen (VOX) en minerale olie;
-
chroom grondwater: chroom;
-
chroom-6 grondwater: chroom-6.
Rapport 15327.001 versie D1
Pagina 9 van 18
Na bekend worden van de analyseresultaten zijn de individuele grondmonsters, waaruit grondmengmonsters MMA4, MMA5, MMB1 en MMB2 zijn samengesteld, separaat geanalyseerd op de parameters chroom, koper, lood en zink. Tabel 7 geeft een overzicht van de samenstelling van de grondmengmonsters en de analysepakketten. Tabel 7.
Overzicht van de samenstelling van de grondmengmonsters en de analysepakketten
Grondmengmonster
Traject (m -mv)
Analysepakket
Bijzonderheden
Deellocatie A: gehele onderzoekslocatie MMA1
A04 (0,00-0,50), A06 (0,00-0,50)
standaardpakket, chroom, chroom-6
verdachte laag, zand (zintuiglijk schoon)
MMA2
A13 (0,00-0,50), A17 (0,00-0,50), A19 (0,00-0,50), A23 (0,00-0,50)
standaardpakket, chroom, chroom-6
verdachte laag, zand (zwak puinhoudend)
MMA3
A07 (0,25-0,50), A08 (0,15-0,50), A09 (0,15-0,50), A10 (0,25-0,50)
standaardpakket, chroom, chroom-6
verdachte laag, zand (zwak puinhoudend)
MMA4
A03 (0,50-1,00), A03 (1,00-1,30), A05 (0,50-1,00), A05 (1,00-1,30)
standaardpakket, chroom, chroom-6
verdachte laag, zand (zwak tot matig puinhoudend)
MA03-4
A03 (0,50-1,00)
chroom
verdachte laag, zand (matig puinhoudend)
MA03-5
A03 (1,00-1,30)
chroom
verdachte laag, zand (matig puinhoudend)
MA05-3
A05 (0,50-1,00)
chroom
verdachte laag, zand (zwak puinhoudend)
MA05-4
A05 (1,00-1,30)
chroom
verdachte laag, zand (zwak puinhoudend)
MMA5
A01 (0,50-1,00), A01 (1,00-1,50), A01 (1,50-2,00), A02 (1,70-2,00), A04 (0,50-1,00), A04 (1,00-1,50), A04 (1,50-2,00), A06 (0,50-1,00), A06 (1,00-1,50), A06 (1,50-2,00)
standaardpakket, chroom, chroom-6
ondergrond, zand (zintuiglijk schoon)
MA01-2
A01 (0,50-1,00)
chroom
ondergrond, zand (zintuiglijk schoon)
MA01-3
A01 (1,00-1,50)
chroom
ondergrond, zand (zintuiglijk schoon)
MA01-4
A01 (1,50-2,00)
chroom
ondergrond, zand (zintuiglijk schoon)
MA02-5
A02 (1,70-2,00)
chroom
ondergrond, zand (zintuiglijk schoon)
MA04-2
A04 (0,50-1,00)
chroom
ondergrond, zand (zintuiglijk schoon)
MA04-3
A04 (1,00-1,50)
chroom
ondergrond, zand (zintuiglijk schoon)
MA04-4
A04 (1,50-2,00)
chroom
ondergrond, zand (zintuiglijk schoon)
MA06-2
A06 (0,50-1,00)
chroom
ondergrond, zand (zintuiglijk schoon)
MA06-3
A06 (1,00-1,50)
chroom
ondergrond, zand (zintuiglijk schoon)
MA06-4
A06 (1,50-2,00)
chroom
ondergrond, zand (zintuiglijk schoon)
MMA6
A03 (1,30-1,80), A05 (1,30-1,80)
standaardpakket, chroom, chroom-6
ondergrond, veen (zintuiglijk schoon)
Rapport 15327.001 versie D1
Pagina 10 van 18
Tabel 7 (vervolg). Grondmengmonster
Traject (m -mv)
Analysepakket
Bijzonderheden
Deellocatie B: voormalige waterloop Loint MMB1
B01 (0,50-0,80), B02 (0,07-0,50), B05 (0,70-1,20)
standaardpakket, chroom, chroom-6
verdachte laag, zand, gestaakt vanwege puin (matig en sterk puinhoudend)
MB01-2
B01 (0,50-0,80)
chroom
verdachte laag, zand (matig puinhoudend)
MB02-1
B02 (0,07-0,50)
chroom
verdachte laag, zand (sterk puinhoudend)
MB05-3
B05 (0,70-1,20)
chroom
verdachte laag, zand (sterk puinhoudend)
MMB2
B01 (0,80-1,30), B03 (1,00-1,50)
standaardpakket, chroom, chroom-6
verdachte laag, klei (matig puinhoudend)
MB01-3
B01 (0,80-1,30)
chroom
verdachte laag, klei (zintuiglijk schoon)
MB03-4
B03 (1,00-1,50)
chroom
verdachte laag, klei (matig puinhoudend)
MMB3
B01 (1,30-1,50), B01 (1,50-2,00), B01 (2,00-2,30), B02 (0,80-1,00), B02 (1,00-1,50), B02 (1,50-2,00), B03 (1,50-2,00), B03 (2,00-2,30)
standaardpakket, chroom, chroom-6
ondergrond, zand (zintuiglijk schoon)
Verkennend onderzoek asbest in bodem/puin NEN 5707/NEN 5897 Ten aanzien van de parameter asbest zijn in het laboratorium in totaal 4 mengmonsters geanalyseerd op het volgende analysepakket: -
asbest (kwantitatief): droge stof, serpentijn asbest (chrysotiel), amfibool asbest (amosiet, crocidoliet, anthophylliet, tremoliet en actinoliet).
Tabel 8 geeft een overzicht van de samenstelling de (meng)monsters en het analysepakket. Tabel 8.
Overzicht van de samenstelling van de (meng)monsters en het analysepakket
(Meng)monster
Monsters (in m -mv)
Analysepakket
Bijzonderheden
ASB-MMA1
A21 (0,10-0,50), A22 (0,18-0,50)
asbest in puin
verdachte laag (volledig puin)
ASB-MMA2
A02 (0,00-0,50), A06 (0,00-0,50), A20 (0,00-0,50), A23 (0,00-0,50)
asbest in bodem
verdachte laag (zwak puinhoudend)
ASB-MMA3
A04 0,00-0,50), (A11 (0,00-0,50), A12 (0,07-0,50), A13 (0,00-0,50), A19 (0,00-0,50)
asbest in bodem
verdachte laag (zwak puinhoudend)
ASB-MMA4
A01a (0,15-0,50), A03 (0,40-0,50), A05 (0,40-0,50), A07 (0,25-0,50), A08 (0,15-0,50), A09 (0,15-0,50), A10 (0,25-0,50)
asbest in bodem
verdachte laag (zwak tot matig puinhoudend)
6.2
Toetsingskader
De analyseresultaten zijn getoetst aan het toetsingskader uit de Circulaire bodemsanering en aan de achtergrondwaarden voor grond uit de Regeling bodemkwaliteit (bijlage B, tabel 1). Dit toetsingskader voor de beoordeling van de gehalten en/of concentraties van verontreinigingen is gegeven in de toetsingstabel en bevat voor grond en grondwater elk drie te onderscheiden waarden met de verschillende niveaus:
Rapport 15327.001 versie D1
Pagina 11 van 18
-
achtergrondwaarde: deze waarde ("AW") geeft de gehalten aan zoals die op dit moment voorkomen in de bodem van natuur- en landbouwgronden, waarvoor geldt dat er geen sprake is van belasting door lokale verontreinigingsbronnen;
-
streefwaarde: deze waarde ("S") geeft het milieukwaliteitsniveau aan voor grondwater, waarbij als nadelig te waarderen effecten verwaarloosbaar worden geacht;
-
tussenwaarde: deze waarde ("T") is de helft van de som van de achtergrondwaarde (of in het geval van grondwater de streefwaarde) en de interventiewaarde. De tussenwaarde is de concentratiegrens waarboven in beginsel nader onderzoek moet worden uitgevoerd, omdat het vermoeden van ernstige bodemverontreiniging bestaat;
-
interventiewaarde: deze waarde ("I") geeft het niveau voor verontreinigingen in grond en grondwater aan waarboven ernstige vermindering of dreigende vermindering optreedt van de functionele eigenschappen, die de bodem heeft voor mens, plant of dier. Bij gehalten en/of concentraties boven de interventiewaarde is er sprake van een sterke verontreiniging. Bij overschrijding van de interventiewaarde wordt vaak een nader onderzoek uitgevoerd om de ernst van de verontreiniging en de spoedeisendheid van de sanering te bepalen. Wanneer het boven de tussenwaarde of interventiewaarde gelegen gehalte een natuurlijke oorsprong heeft, is uitvoering van vervolgonderzoek meestal niet noodzakelijk.
In bijlage 5 is de toetsingstabel opgenomen uit de eerder genoemde circulaires. Deze bijlage bevat de achtergrondwaarden en de interventiewaarden voor een standaardbodem (10% organische stof en 25% lutum). De gemeten gehalten zijn door middel van een BoToVa-toetsing, met behulp van de door het laboratorium bepaalde waarden voor het organische stof- en lutumgehalte, omgerekend naar gehalten in een standaardbodem en vervolgens getoetst. De gebruikte analysetechnieken zijn weergegeven op de certificaten in bijlage 4a. Om de mate van verontreiniging aan te geven wordt de volgende terminologie gebruikt: Grond: - niet verontreinigd: - licht verontreinigd: - matig verontreinigd: - sterk verontreinigd:
gehalte < achtergrondwaarde en/of detectielimiet; gehalte > achtergrondwaarde en < tussenwaarde; gehalte > tussenwaarde < interventiewaarde; gehalte > interventiewaarde.
Grondwater: - niet verontreinigd: - licht verontreinigd: - matig verontreinigd: - sterk verontreinigd:
concentratie < streefwaarde en/of detectielimiet; concentratie > streefwaarde en < tussenwaarde; concentratie > tussenwaarde < interventiewaarde; concentratie > interventiewaarde.
Verkennend bodemonderzoek asbest in bodem NEN 5707 en puin NEN 5897 De analyseresultaten met betrekking tot de bodem zijn getoetst aan het toetsingskader uit de Circulaire bodemsanering. De resultaten met betrekking tot het puin zijn getoetst aan de hergebruikswaarde uit de Regeling Bodemkwaliteit (bijlage A). Het toetsingskader voor de beoordeling met betrekking tot asbest is als volgt omschreven. De interventiewaarde voor asbest is gelijk aan de maximale hergebruikswaarde uit de Regeling bodemkwaliteit, welke de hergebruiksmogelijkheden van grond en puin bepaalt en is vastgesteld op 100 mg/kg d.s. Indien sprake is van een overschrijding van de hergebruikswaarde voor asbest in bodem (“interventiewaarde”) is tevens sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging zoals bedoeld in de Wet bodembescherming, onafhankelijk van het bodemvolume waarin deze asbestgehalten zijn aangetoond. Indien sprake is van een overschrijding van de hergebruikswaarde voor asbest in puin is sprake van een verontreiniging met asbest in puin en is mogelijk het Besluit asbestwegen Wms van toepassing.
Rapport 15327.001 versie D1
Pagina 12 van 18
Indien het asbestgehalte kleiner is dan de helft van de hergebruikswaarde (50 mg/kg d.s.) is het statistisch aannemelijk dat ook in een nader onderzoekstraject de hergebruikswaarde niet zal worden overschreden. In deze gevallen geldt er geen noodzaak tot het uitvoeren van een nader onderzoek asbest. Bij een asbestgehalte groter dan de helft van de hergebruikswaarde is een nader onderzoek asbest verplicht. De hoogste bepaalde waarde binnen een (deel)locatie is hiervoor bepalend. 6.3
Resultaten grond- en grondwatermonsters verkennend bodemonderzoek
Tabel 9 geeft een overzicht van de parameters in de grond die de geldende toetsingskaders overschrijden. Tabel 9.
Overschrijdingen toetsingskaders grond
Grond(meng)monster
Traject (m -mv)
Gehalte > AW
Gehalte > T
Gehalte > I
(licht verontreinigd)
(matig verontreinigd)
(sterk verontreinigd)
Deellocatie A: gehele onderzoekslocatie MMA1
A04 (0,00-0,50), A06 (0,00-0,50)
koper kwik lood
-
-
MMA2
A13 (0,00-0,50), A17 (0,00-0,50), A19 (0,00-0,50), A23 (0,00-0,50)
koper kwik lood minerale olie PAK
-
-
MMA3
A07 (0,25-0,50), A08 (0,15-0,50), A09 (0,15-0,50), A10 (0,25-0,50)
koper kwik lood zink
-
-
MMA4
A03 (0,50-1,00), A03 (1,00-1,30), A05 (0,50-1,00), A05 (1,00-1,30)
chroom-6 # cadmium koper kwik lood zink minerale olie PAK
chroom
-
MA03-4
A03 (0,50-1,00)
-
-
chroom
MA03-5
A03 (1,00-1,30)
-
-
chroom
MA05-3
A05 (0,50-1,00)
-
-
-
MA05-4
A05 (1,00-1,30)
-
-
-
Rapport 15327.001 versie D1
Pagina 13 van 18
Tabel 9 (vervolg). Grond(meng)monster
Traject (m -mv)
Gehalte > AW
Gehalte > T
Gehalte > I
(licht verontreinigd)
(matig verontreinigd)
(sterk verontreinigd)
Deellocatie A: gehele onderzoekslocatie MMA5
A01 (0,50-1,00), A01 (1,00-1,50), A01 (1,50-2,00), A02 (1,70-2,00), A04 (0,50-1,00), A04 (1,00-1,50), A04 (1,50-2,00), A06 (0,50-1,00), A06 (1,00-1,50), A06 (1,50-2,00)
chroom-6 # koper kwik lood minerale olie PAK
-
chroom
MA01-2
A01 (0,50-1,00)
-
-
chroom
MA01-3
A01 (1,00-1,50)
-
-
chroom
MA01-4
A01 (1,50-2,00)
-
-
chroom
MA02-5
A02 (1,70-2,00)
-
-
-
MA04-2
A04 (0,50-1,00)
-
-
-
MA04-3
A04 (1,00-1,50)
-
-
-
MA04-4
A04 (1,50-2,00)
-
-
-
MA06-2
A06 (0,50-1,00)
-
-
-
MA06-3
A06 (1,00-1,50)
-
-
-
MA06-4
A06 (1,50-2,00)
-
-
-
#
-
-
MMA6
A03 (1,30-1,80), A05 (1,30-1,80)
chroom-6 kobalt koper kwik lood zink PAK
Deellocatie B: voormalige waterloop Loint
#
MMB1
B01 (0,50-0,80), B02 (0,07-0,50), B05 (0,70-1,20)
chroom-6 # cadmium koper kwik lood zink PAK
-
chroom
MB01-2
B01 (0,50-0,80)
-
-
chroom
MB02-1
B02 (0,07-0,50)
chroom
-
-
MB05-3
B05 (0,70-1,20)
-
-
chroom
MMB2
B01 (0,80-1,30), B03 (1,00-1,50)
chroom-6 # cadmium kobalt kwik molybdeen nikkel minerale olie PAK
koper lood
chroom zink
MB01-3
B01 (0,80-1,30)
koper lood zink
-
chroom
MB03-4
B03 (1,00-1,50)
-
koper
chroom lood zink
MMB3
B01 (1,30-1,50), B01 (1,50-2,00), B01 (2,00-2,30), B02 (0,80-1,00), B02 (1,00-1,50), B02 (1,50-2,00), B03 (1,50-2,00), B03 (2,00-2,30)
chroom-6 # kwik lood minerale olie PCB
-
-
aangetroffen in een gehalte boven de detectiegrens (voor chroom-6 zijn geen toetsingswaarden in bodem vastgesteld)
Rapport 15327.001 versie D1
Pagina 14 van 18
Tabel 10 geeft een overzicht van de parameters in het grondwater die het geldende toetsingskader overschrijden. Tabel 10.
Overschrijdingen toetsingskader grondwater
Grondwatermonster
Situering peilbuis
Concentratie > S
Concentratie > T
Concentratie > I
(licht verontreinigd)
(matig verontreinigd)
(sterk verontreinigd)
A01-1-1
ter plaatse van gedempte waterloop
barium chroom zink
-
-
A02-1-1
zuidoostelijk op onderzoekslocatie
-
-
-
Bijlage 4a bevat de door het laboratorium aangeleverde analysecertificaten. Bijlage 4b bevat de getoetste analyseresultaten aan de Circulaire bodemsanering. 6.4
Resultaten verkennend onderzoek asbest
Tabel 11 geeft een overzicht van de analytisch vastgestelde asbestgehalten (fractie < 20 mm). Tabel 11.
Vastgestelde asbestgehalten fijne fractie (< 20 mm)
(Meng)monster
Traject (m -mv)
Asbestgehalte (< 20 mm)
ASB-MMA1
A21 (0,10-0,50), A22 (0,18-0,50)
< 0,6 mg/kg d.s.
ASB-MMA2
A02 (0,00-0,50), A06 (0,00-0,50), A20 (0,00-0,50), A23 (0,00-0,50)
0,2 mg/kg d.s.
ASB-MMA3
A04 0,00-0,50), (A11 (0,00-0,50), A12 (0,07-0,50), A13 (0,00-0,50), A19 (0,00-0,50)
< 0,3 mg/kg d.s.
ASB-MMA4
A01a (0,15-0,50), A03 (0,40-0,50), A05 (0,40-0,50), A07 (0,25-0,50), A08 (0,15-0,50), A09 (0,15-0,50), A10 (0,25-0,50)
< 0,5 mg/kg d.s.
Bijlage 4a bevat de door het laboratorium aangeleverde analysecertificaten.
Rapport 15327.001 versie D1
Pagina 15 van 18
7
SAMENVATTING, CONCLUSIES EN ADVIES
Magna Capital Partners heeft aan Econsultancy opdracht verleend voor het uitvoeren van een verkennend bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in bodem/puin op de locatie Mr. van Coothstraat te Waalwijk. Het bodemonderzoek is uitgevoerd in het kader van de voorgenomen bestemmingsplanwijziging en nieuwbouw op de onderzoekslocatie. Uit het milieuhygiënisch vooronderzoek blijkt dat op het noordelijke deel van de locatie een waterloop (de Loint) heeft gelegen (deellocatie B). De Loint was een kunstmatige waterloop welke in de 15 e eeuw gegraven is ten behoeve van de afvoer van overtollig grondwater uit het duingebied ten zuidoosten van Waalwijk. Door de goede waterkwaliteit vestigde in de loop van de tijd vele bedrijven (voornamelijk leerlooierijen, verdacht voor o.a. chroom en chroom-6). De vele bedrijven loosde hun afvalwater veelal in de Loint en zijn zijtakken. De gehele onderzoekslocatie is aanvullend onderzocht op chroom en chroom-6. De bodem bestaat voornamelijk uit zwak tot sterk siltig, zeer fijn tot matig grof zand. De (boven)grond (tot maximaal 2,0 m -mv) is bovendien zwak tot matig humeus. De ondergrond van boringen A03 en A05 bestaat deels uit zwak kleiig of sterk zandig veen. Ter plaatse van de gedempte waterloop zijn zwak tot sterk zandige kleilagen in de ondergrond aanwezig.
Verkennend bodemonderzoek NEN 5740 Op de onderzoekslocatie zijn de volgende deellocaties onderzocht: Deellocatie A: gehele onderzoekslocatie Op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is geconcludeerd dat de onderzoekslocatie onderzocht dient te worden volgens de strategie "verdacht" (VED-HE-NL). Bij verdachte locaties luidt de onderzoekshypothese dat de bodem verontreinigd is. Zintuiglijk blijkt de bovengrond van deellocatie A zwak tot matig puinhoudend te zijn. Tevens waren er twee boringen die volledig puinhoudend waren (boringen A20 en A21). De bovengrond is licht verontreinigd met koper, kwik, lood, zink, cadmium, minerale olie en PAK. De ondergrond is licht verontreinigd met kobalt, koper, kwik, lood, zink en PAK. Tevens blijkt de bovenen ondergrond (MMA4 en MMA5) matig tot sterk verontreinigd te zijn met chroom. Naar aanleiding van deze resultaten zijn de individuele grondmonsters, waaruit mengmonsters MMA4 en MMA5 waren samengesteld, separaat geanalyseerd op de parameter chroom. Na uitsplitsing van deze mengmonsters blijkt de matige en sterke chroom verontreiniging afkomstig te zijn van boringen A01 (traject: 0,5-2,0 m -mv) en A03 (traject: 0,5-1,0 m -mv). Het grondwater blijkt licht verontreinigd te zijn met barium, chroom en zink.
De vooraf gestelde hypothese dat deze deellocatie als "heterogeen verdacht" dient te worden beschouwd, wordt voor deze deellocatie aanvaard.
Rapport 15327.001 versie D1
Pagina 16 van 18
Deellocatie B: voormalige waterloop Loint Op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is geconcludeerd dat de onderzoekslocatie onderzocht dient te worden volgens de strategie "verdacht" (VED-HE-NL). Bij verdachte locaties luidt de onderzoekshypothese dat de bodem verontreinigd is. Zintuiglijk blijkt de bodem (plaatselijk) tot maximaal 1,5 m -mv van deellocatie B matig tot sterk puinhoudend te zijn. De voormalige waterloop (vanaf 0,5 m -mv) blijkt licht verontreinigd te zijn met cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, zink, nikkel, molybdeen, minerale olie en PAK, plaatselijk matig verontreinigd te zijn met koper en lood (MMB2) en sterk verontreinigd te zijn met chroom. De originele bodem van de gedempte waterloop (de kleilaag) blijkt licht verontreinigd te zijn met kwik, lood, minerale olie en PCB. Naar aanleiding van de aangetoonde matige en sterke verontreinigingen zijn de individuele grondmonsters, waaruit MMB1 en MMB2 waren samengesteld, separaat geanalyseerd op de parameter chroom, lood en zink. Na uitsplitsing van deze mengmonsters blijken de boringen B01 (traject: 0,5-1,3 m -mv), B03 (traject: 1,0-1,5 m -mv) en B05 (traject: 1,0-1,5 m -mv) sterk verontreinigd te zijn met chroom. Boring B03 (traject 1,0-1,5 m -mv) is eveneens sterk verontreinigd met lood en zink.
De vooraf gestelde hypothese dat deze deellocatie als "heterogeen verdacht" dient te worden beschouwd, wordt voor deze deellocatie aanvaard. Verkennend onderzoek asbest in bodem/puin NEN 5707/NEN 5897 Op de onderzoekslocatie is de volgende deellocatie onderzocht: Deellocatie A: gehele onderzoekslocatie Er zijn op het maaiveld geen asbestverdachte materialen aangetroffen. In de bodem zijn zintuiglijk in de fractie > 20 mm geen asbestverdachte (plaat)materialen aangetroffen. Analytisch is in de fractie < 20 mm, in mengmonster ASB-MMA2, 0,2 mg/kg d.s. asbest aangetoond. Dit gehalte overschrijdt de helft van de interventiewaarde niet. In de overige mengmonsters is in de fractie < 20 mm geen asbest aangetoond. Op basis van de onderzoeksresultaten wordt gesteld dat er geen aanleiding bestaat tot het uitvoeren van een nader onderzoek asbest in bodem/puin. In geval van grondwerkzaamheden op de locatie behoeven er ten aanzien van asbest geen specifieke maatregelen te worden getroffen. Conclusie en advies verkennend bodemonderzoek Tijdens het veldwerk is de ligging van de voormalige waterloop Loint geïdentificeerd. Op basis van de analyseresultaten blijkt dat de bodem ter plaatse van deze waterloop, alsmede in de directe nabijheid, sterk verontreinigd is met lood, zink en/of chroom.
Econsultancy adviseert om een nader onderzoek uit te voeren naar de aard en de omvang van de geconstateerde sterke verontreinigingen met chroom, lood en zink.
Rapport 15327.001 versie D1
Pagina 17 van 18
Conclusie en advies verkennend onderzoek asbest in bodem/puin Op basis van de onderzoeksresultaten wordt gesteld dat er geen aanleiding bestaat tot het uitvoeren van een nader onderzoek asbest in bodem/puin ter plaatse van deellocatie A. In geval van grondwerkzaamheden op de locatie behoeven er ten aanzien van asbest hier geen specifieke maatregelen te worden getroffen. De voormalige waterloop (deellocatie B) blijkt gedempt te zijn met matig tot sterk puinhoudende grond. Econsultancy adviseert om een verkennend onderzoek asbest in bodem uit te voeren ter plaatse van deellocatie B. Algemeen Indien er bij werkzaamheden grond vrijkomt die niet op de locatie kan worden hergebruikt, zijn de regels van het Besluit bodemkwaliteit, het “Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAShoudende grond en baggerspecie (d.d. 2 juli 2020) of de regionale bodemkwaliteitskaart van toepassing.
Econsultancy Boxmeer, 7 mei 2021 Rapport 15327.001 versie D1
Pagina 18 van 18
Bijlage 1
Topografische ligging van de locatie
Schaal 1:25.000 Deze kaart is noordgericht
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 1.
Foto 2.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 3.
Foto 4.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 5.
Foto 6.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 7.
Foto 8.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 9.
Foto 10.
Bijlage 3
Boorprofielen
Pagina 1 van 4
Profielen asbestinspectiegaten en boringen
Inspectiegat/Boring: A01 Datum veldwerk:
24-3-2021 0 7
0 1
50
50
Inspectiegat/Boring: A01a klinker
Datum veldwerk:
Zand, zeer fijn, sterk siltig, matig humeus, zwak puinhoudend, zwartbruin, Edelmanboor
1
100
80
5
4
180
6
200
200
200
Zand, zeer fijn, matig siltig, licht beigebruin, Edelmanboor
Klei, zwak zandig, zwak humeus, neutraal grijsbruin, Edelmanboor Klei, sterk zandig, zwak schelphoudend, zwak veenhoudend, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, zwak artefact houdend, neutraalbruin, Edelmanboor
250
250
Inspectiegat/Boring: A02 Datum veldwerk:
Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, matig puinhoudend, donker zwartbruin, Schep Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, matig puinhoudend, donker zwartbruin, Edelmanboor
4 130
150
Veenboor Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbeige, Schep
3
3 150
klinker
50
50
100
200
0 7 15
2
Zand, zeer fijn, sterk siltig, zwak humeus, donker zwartbruin, Edelmanboor
2
31-3-2021
0
Bopb 5cm-mv
24-3-2021 0
0
Inspectiegat/Boring: A03 groenstrook Zand, zeer fijn, matig siltig, matig humeus, zwak puinhoudend, zwartbruin, Edelmanboor, bopb 10cm+mv
1 50
Datum veldwerk:
31-3-2021
0 1 2 50
2
3
0 7
klinker
20
Zand, matig grof, zwak siltig, zwak grindig, lichtbeige, Schep
40 50
Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, zwak puinhoudend, donker grijsbruin, Schep
4
100
100 5 3
130
150
150 4
180
Zand, zeer fijn, matig siltig, neutraalbeige, Veenboor
5
Zand, zeer fijn, sterk siltig, zwak humeus, matig puinhoudend, donker grijsbruin, Edelmanboor Veen, sterk zandig, donkerbruin, Edelmanboor
6
170
200
Zand, matig grof, matig siltig, zwak grindig, lichtbruin, Schep
7 200
200
Zand, matig fijn, matig siltig, neutraal beigebruin, Edelmanboor
250
300
300
Inspectiegat/Boring: A04 Datum veldwerk:
24-3-2021 0
0
Inspectiegat/Boring: A05 groenstrook
Datum veldwerk:
Zand, zeer fijn, sterk siltig, matig humeus, zwartbruin, Edelmanboor
1
31-3-2021 0 7
0 1
40
50
50 2 100
100
150
3
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, zwak puinhoudend, donker zwartbruin, Schep
4
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, zwak puinhoudend, donker zwartbruin, Schep Veen, zwak kleiïg, neutraalbruin, Edelmanboor
5
4
Projectcode: 15327.001
Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbeige, Schep
130
150
200
Veenboor
50
100 Zand, zeer fijn, sterk siltig, donkerbeige, Edelmanboor
3
2
klinker
180 200
6 200
200
Zand, matig fijn, matig siltig, neutraal bruingrijs, Edelmanboor
Boormeester:
Dhr. R.J.H. Denessen
Getekend volgens NEN 5104
Pagina 2 van 4
Profielen asbestinspectiegaten en boringen
Inspectiegat/Boring: A06 Datum veldwerk:
24-3-2021 0
0
Inspectiegat/Boring: A07 groenstrook
Datum veldwerk:
1
31-3-2021 0 7
0
Zand, zeer fijn, matig siltig, matig humeus, zwartbruin, Edelmanboor
1
25
2 50
50
Veenboor Zand, matig fijn, matig siltig, zwak grindig, lichtbeige, Schep
50
50
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, zwak puinhoudend, donker zwartbruin, Schep
Zand, zeer fijn, sterk siltig, matig humeus, zwartbruin, Edelmanboor
2
klinker
100 3 150
150
Zand, zeer fijn, sterk siltig, beigebruin, Edelmanboor
4 200
200
Inspectiegat/Boring: A08 Datum veldwerk:
31-3-2021
0 1
0 7 15
2
Inspectiegat/Boring: A09 klinker
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak grindig, lichtbeige, Schep
2
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, zwak puinhoudend, donker zwartbruin, Schep
Inspectiegat/Boring: A10 Datum veldwerk:
31-3-2021 0 7
0 1
25
2
31-3-2021 0 7
50
24-3-2021 0
0
50
Projectcode: 15327.001
50
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak grindig, lichtbeige, Schep Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, zwak puinhoudend, donker zwartbruin, Schep
24-3-2021 0
0
tuin Zand, zeer fijn, matig siltig, matig humeus, zwak puinhoudend, donker grijsbruin, Schep
1 50
50
Datum veldwerk:
24-3-2021 0
0
tuin Zand, zeer fijn, matig siltig, matig humeus, zwak puinhoudend, donker grijsbruin, Schep
1 50
50
Inspectiegat/Boring: A15 tuin
Datum veldwerk:
24-3-2021 0
0
Zand, zeer fijn, matig siltig, matig humeus, zwak puinhoudend, donker grijsbruin, Schep
1
Veenboor
Inspectiegat/Boring: A13 klinker
Inspectiegat/Boring: A14 Datum veldwerk:
Datum veldwerk:
Zand, matig fijn, matig siltig, licht grijsbeige, Schep
1 50
50
Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbeige, Schep Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, zwak puinhoudend, donker zwartbruin, Schep
0
klinker
50
Veenboor
Inspectiegat/Boring: A12 Datum veldwerk:
0 7 15
Inspectiegat/Boring: A11 klinker
50
50
31-3-2021
0 1
50
50
Datum veldwerk:
Veenboor
Zand, zeer fijn, matig siltig, matig humeus, zwak puinhoudend, donker grijsbruin, Schep
1 50
tuin
50
Boormeester:
Dhr. R.J.H. Denessen
Getekend volgens NEN 5104
Pagina 3 van 4
Profielen asbestinspectiegaten en boringen
Inspectiegat/Boring: A16 Datum veldwerk:
24-3-2021 0
0
Inspectiegat/Boring: A17 tuin
1 50
50
24-3-2021 0
0
24-3-2021 0 7
0
50
2
40 50
24-3-2021
0 1
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak puinhoudend, witbeige, Schep
klinker
18
Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbeige, Schep
50
Volledig puin, Schep
Inspectiegat/Boring: B01 Datum veldwerk:
31-3-2021 0 7
0 1
50
50 2
80
100
Zand, zeer fijn, matig siltig, matig humeus, zwak puinhoudend, donker grijsbruin, Schep
1
Datum veldwerk: 0
50
24-3-2021 1
0 7 10
50
50
Datum veldwerk:
24-3-2021 0
0
Volledig puin, Schep
gazon Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, zwak puinhoudend, donker grijsbruin, Schep
1 50
50
Datum veldwerk:
31-3-2021 0 7
0
Veenboor Zand, matig fijn, matig siltig, matig puinhoudend, lichtbeige, Edelmanboor
klinker Veenboor Zand, matig fijn, matig siltig, sterk puinhoudend, neutraalbruin, Edelmanboor
1 50 2
Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, matig puinhoudend, donker zwartbruin, Edelmanboor
80
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraal grijsbruin, Edelmanboor
3 100 4
Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbruin, Edelmanboor
150
150
5
Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbruin, Edelmanboor
5
200
klinker Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbeige, Schep
2
130
4 150
tuin
Inspectiegat/Boring: B02 klinker
Klei, zwak zandig, zwak humeus, neutraal grijsbruin, Edelmanboor
3
0
Inspectiegat/Boring: A23
0 7
2 50
24-3-2021
0
Inspectiegat/Boring: A21 klinker
Inspectiegat/Boring: A22 Datum veldwerk:
Datum veldwerk:
Zand, matig fijn, matig siltig, witbeige, Schep
1
Zand, zeer fijn, matig siltig, matig humeus, zwak puinhoudend, donker grijsbruin, Schep 50
50
Inspectiegat/Boring: A20 Datum veldwerk:
tuin
Inspectiegat/Boring: A19 tuin
50
50
0
1
Zand, zeer fijn, matig siltig, matig humeus, zwak puinhoudend, donker grijsbruin, Schep
1
24-3-2021
0
50
Inspectiegat/Boring: A18 Datum veldwerk:
Datum veldwerk:
Zand, zeer fijn, matig siltig, matig humeus, zwak puinhoudend, donker grijsbruin, Schep
200
200
6 230
Projectcode: 15327.001
Boormeester:
Dhr. R.J.H. Denessen
Getekend volgens NEN 5104
Pagina 4 van 4
Profielen asbestinspectiegaten en boringen
Inspectiegat/Boring: B03 Datum veldwerk:
31-3-2021 0 7
0
Inspectiegat/Boring: B04 klinker
Datum veldwerk:
Zand, matig fijn, matig siltig, licht grijsbeige, Edelmanboor
1 50
0 7
1
50 2
31-3-2021
0
klinker
30
Zand, matig fijn, matig siltig, licht grijsbeige, Edelmanboor
80
Zand, matig grof, matig siltig, zwak baksteenhoudend, licht beigebruin, Edelmanboor, GESTAAKT, HARDE LAAG
2
90
100
3
Klei, sterk zandig, zwak humeus, matig puinhoudend, donker grijsbruin, Edelmanboor
4 150
150
Zand, matig fijn, sterk siltig, matig humeus, matig kleihoudend, donker zwartbruin, Edelmanboor, GESAAKT, HARDE LAAG
5 200 6 230
Inspectiegat/Boring: B05 Datum veldwerk:
31-3-2021 0 7
0
klinker Zand, matig fijn, matig siltig, neutraal grijsbruin, Edelmanboor
1 50 2
100
70
Zand, matig fijn, sterk siltig, zwak humeus, sterk puinhoudend, zwak kleihoudend, donker grijsbruin, Edelmanboor, GESTAAKT, PUIN
3
4 150
Projectcode: 15327.001
150
Boormeester:
Dhr. R.J.H. Denessen
Getekend volgens NEN 5104
Bijlage 4a Analysecertificaten
Econsultancy T.a.v. Nieki Hutjens Heinz Moormannstraat 1B 5831 AS BOXMEER
Analysecertificaat Datum: 31-Mar-2021
Hierbij ontvangt u de resultaten van het navolgende laboratoriumonderzoek. Certificaatnummer/Versie Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Monster(s) ontvangen
2021049257/1 15327.001
25-Mar-2021
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. De analyse resultaten hebben alleen betrekking op het beproefde object. De grondmonsters worden tot 4 weken na datum ontvangst bewaard en watermonsters tot 2 weken na datum ontvangst. Zonder tegenbericht worden de monsters nadien afgevoerd. Indien de monsters langer bewaard dienen te blijven verzoeken wij U dit exemplaar uiterlijk 1 werkdag voor afloop van de standaardbewaarperiode ondertekend aan ons te retourneren. Voor de kosten van het langer bewaren van monsters verwijzen wij naar de prijslijst.
Bewaren tot: Datum:
Naam:
Handtekening:
Wij vertrouwen erop uw opdracht hiermee naar verwachting te hebben uitgevoerd, mocht U naar aanleiding van dit analysecertificaat nog vragen hebben verzoeken wij U contact op te nemen met de afdeling Verkoop en Advies.
Met vriendelijke groet, Eurofins Analytico B.V.
Ing. A. Veldhuizen Technical Manager
Eurofins Analytico B.V. Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 BNP Paribas S.A. 227 9245 25 Fax +31 (0)34 242 63 99 IBAN: NL71BNPA0227924525 E-mail info-env@eurofins.nl BIC: BNPANL2A Site www.eurofins.nl KvK/CoC No. 09088623 BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
Analysecertificaat Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Uw monsternemer
15327.001
Certificaatnummer/Versie Startdatum analyse Datum einde analyse Rapportagedatum Bijlage Pagina
Dhr. R.J.H. Denessen
Eenheid
Analyse
1
2
3
Uitgevoerd
Uitgevoerd
Uitgevoerd
% (m/m)
80.2
84.0
76.6
2021049257/1 25-Mar-2021 31-Mar-2021 31-Mar-2021/15:51 A,B,C 1/2
Voorbehandeling
Cryogeen malen AS3000 Bodemkundige analyses
S
Droge stof
S
Organische stof
% (m/m) ds
5.6
3.3
3.3
Gloeirest
% (m/m) ds
94
96
97
Korrelgrootte < 2 µm (Lutum)
% (m/m) ds
3.8
3.7
3.1
<0.50
3.5
S
Metalen
Q
Chroom (VI) (IC UV/VIS-PCR)
mg/kg ds
Q
Chroom (VI) (ICP-MS)
mg/kg ds
<0.50
S
Barium (Ba)
mg/kg ds
69
60
55
S
Cadmium (Cd)
mg/kg ds
0.24
<0.20
0.22
S
Kobalt (Co)
mg/kg ds
4.3
3.4
<3.0
S
Chroom (Cr)
mg/kg ds
18
12
390
S
Koper (Cu)
mg/kg ds
34
25
26
S
Kwik (Hg)
mg/kg ds
0.27
0.21
0.31
S
Molybdeen (Mo)
mg/kg ds
<1.5
<1.5
<1.5
S
Nikkel (Ni)
mg/kg ds
8.6
5.6
5.2
S
Lood (Pb)
mg/kg ds
99
89
84
S
Zink (Zn)
mg/kg ds
66
61
62
Minerale olie (C10-C12)
mg/kg ds
<3.0
<3.0
<3.0
Minerale olie (C12-C16)
mg/kg ds
<5.0
<5.0
<5.0
Minerale olie (C16-C21)
mg/kg ds
<5.0
19
12
Minerale olie (C21-C30)
mg/kg ds
<11
31
67
Minerale olie (C30-C35)
mg/kg ds
6.5
13
30
Minerale olie (C35-C40)
mg/kg ds
<6.0
<6.0
9.2
Minerale olie totaal (C10-C40)
mg/kg ds
<35
67
120
Zie bijl.
Zie bijl.
Minerale olie
S
Chromatogram olie (GC) Polychloorbifenylen, PCB Nr. Uw monsteromschrijving
Opgegeven monstermatrix
Monster nr.
Grond (AS3000) Grond (AS3000)
11951024
1
MMA1 A04 (0-50) A06 (0-50)
2
MMA2 A13 (0-50) A17 (0-50) A19 (0-50) A23 (0-50)
3
Grond (AS3000)A04 (150-200) MMA5 A01 (50-100) A01 (100-150) A01 (150-200) A02 (170-200) A04 (50-100) A04 (100-150)
11951025 11951026
Q: door RvA geaccrediteerde verrichting A: AP04 erkende en geaccrediteerde verrichting S: AS SIKB erkende en geaccrediteerde verrichting V: VLAREL erkende verrichting
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
W: Waals Gewest erkende verrichting
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. BNP Paribas S.A. 227 9245 25 Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV IBAN: NL71BNPA0227924525 en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), BIC: BNPANL2A het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) KvK/CoC No. 09088623 en door de overheid van Luxemburg (MEV). BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
TESTEN RvA L010
Analysecertificaat Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Uw monsternemer
S
15327.001
Certificaatnummer/Versie Startdatum analyse Datum einde analyse Rapportagedatum Bijlage Pagina
Dhr. R.J.H. Denessen
Analyse
Eenheid
1
2
3
PCB 28
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB 52
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB 101
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB 118
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB 138
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB 153
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB 180
mg/kg ds
<0.0010
PCB (som 7) (factor 0,7)
mg/kg ds
0.0049
S
<0.0010 1)
0.0049
2021049257/1 25-Mar-2021 31-Mar-2021 31-Mar-2021/15:51 A,B,C 2/2
<0.0010 1)
0.0049
1)
Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK
S
Naftaleen
mg/kg ds
<0.050
0.084
S
Fenanthreen
mg/kg ds
0.055
2.9
0.18
S
Anthraceen
mg/kg ds
<0.050
0.76
0.058
S
Fluorantheen
mg/kg ds
0.13
5.4
0.51
S
Benzo(a)anthraceen
mg/kg ds
0.064
2.5
0.32
S
Chryseen
mg/kg ds
0.065
1.9
0.32
S
Benzo(k)fluorantheen
mg/kg ds
<0.050
0.88
0.14
S
Benzo(a)pyreen
mg/kg ds
0.067
1.7
0.25
S
Benzo(ghi)peryleen
mg/kg ds
0.071
1.0
0.16
S
Indeno(123-cd)pyreen
mg/kg ds
0.056
0.94
0.13
S
PAK VROM (10) (factor 0,7)