Bijlage 1 VABP Baardwijksestr. Ww (Borksesticht) ex. bijlagen
Tekst van het document
BESTEMMINGSPLAN BAARDWIJKSESTRAAT WAALWIJK (BORKSESTICHT)
ORDITO.NL
BESTEMMINGSPLAN BAARDWIJKSESTRAAT WAALWIJK (BORKSESTICHT) GEMEENTE WAALWIJK Planstatus
Vasgesteld
Datum
23 - 11 - 2023
Plan identificatie
NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
Auteur(s)
Zoë Zeegers
Ordito b.v.
E
info@ordito.nl
Postbus 94
T
0161 801 022
5126 ZH
I
www.ordito.nl
Gilze
KVK
54811554
TOELICHTING
1. 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6
Inleiding Aanleiding Plangebied Doel Geldend bestemmingsplan Bij het plan behorende stukken Leeswijzer
2
2.
Bestaande situatie
6
3. 3.1 3.2 3.3
Planologische aspecten Planbeschrijving Parkeren en verkeer Cultuurhistorie en archeologie
8
4. 4.1 4.2
Beleidskader Beleid Rijk, regio, provincie Beleid gemeente
17
5. 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8
Milieuplanologische aspecten Water Natuur Bedrijfshinder Geluid Luchtkwaliteit Bodemkwaliteit Externe veiligheid Technische infrastructuur
30
6. 6.1 6.2 6.3 6.4
Juridische aspecten Inleiding Algemene toelichting verbeelding Algemene toelichting planregels Toelichting bestemmingen
45
7. 7.1 7.2
Uitvoerbaarheid Economische uitvoerbaarheid Maatschappelijke uitvoerbaarheid
48
Bijlagen: Bijlage 1: Zonnestudie Bijlage 2: Parkeeronderzoek Bijlage 3: Quickscan flora en fauna Bijlage 4: Stikstofberekening Bijlage 5: Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Bijlage 6: Standaard verantwoording groepsrisico Bijlage 7: Nota van inspraak en vooroverleg
2 2 3 4 5 5
8 10 13
17 22
30 33 35 37 39 40 41 44
45 45 45 45
48 48
|2
1.
INLEIDING
1.1
Aanleiding
De aanleiding voor het opstellen van dit bestemmingsplan is de wens om de locatie Baardwijksestraat 89 – 123 (oneven) en 80 – 98 (even) te Waalwijk te herontwikkelen. In de bestaande situatie zijn er 28 grondgebonden eengezinswoningen aanwezig. De woningen zijn verouderd en voldoen niet meer aan de huidige eisen van de woningmarkt. Vandaar dat stichting Casade gekozen heeft voor vervangende nieuwbouw. De bestaande 28 grondgebonden woningen worden gesloopt, waarna ter hoogte van de Baardwijksestraat 80 – 98 (even) 12 eengezinswoningen worden gerealiseerd en ter hoogte van de Baardwijksestraat 89 – 123 (oneven) twee appartementencomplexen met in totaal maximaal 48 appartementen. In eerste instantie wordt voor het noordelijke appartementencomplex ingezet op een initiatief voor een woonvoorziening met gemeenschappelijke ruimte ten behoeve van de bewoners van de voorziening. De gemeenschappelijke ruimte kan in de toekomst - wanneer hier vraag naar is - omgebouwd worden tot één appartement. Ter plaatse vigeert de beheersverordening ‘Woonwijken (incl. kamerbewoning)’ van de gemeente Waalwijk, waarin het plangebied reeds een woonbestemming kent met een strak bouwvlak per woonblok en een maximum goot- en bouwhoogte van respectievelijk 6 en 9 meter.
Ter plaatse van de woningen Baardwijksestraat 89 – 123 (oneven) zijn op basis van de vigerende beheersverordening maximaal 18 gesloten, halfvrijstaande of vrijstaande woningen toegestaan en ter plaatse van de woningen Baardwijksestraat 80 – 98 (even) zijn maximaal 10 gesloten, halfvrijstaande of vrijstaande woningen toegestaan. Het stedenbouwkundige ontwerp, dat als uitgangspunt dient voor de verder uitwerking, past niet binnen de bestaande kaders van de beheersverordening. Om een herontwikkeling mogelijk te maken dient een nieuw bestemmingsplan opgesteld te worden. Met voorliggend bestemmingsplan wordt de ontwikkeling juridisch-planologisch mogelijk gemaakt.
1.2
Plangebied
Het plangebied is kadastraal bekend gemeente Waalwijk, sectie F, nummers 1773 en 90 en kent een totale oppervlakte van 6.697 m2. Het perceel bestaat uit de huidige woningen met bijbehorende tuinen en erven Baardwijksestraat 89 – 123 (oneven) en 80 – 98 (even). De twee percelen worden van elkaar gescheiden door de Baardwijksestraat. Het plangebied wordt aan alle zijden begrensd door bestaande woningen en/of bijbehorende achtertuinen. De woningen ten noorden en ten zuiden van het plangebied zijn van eenzelfde of vergelijkbaar type als in het plangebied (grondgebonden woningen met twee bouwlagen plus kap). De woningen ten oosten van het plangebied betreffen grondgebonden woningen met twee bouwlagen met deels platte daken. Ten westen van het plangebied zijn naast grondgebonden woningen ook appartementencomplexen van 4 tot 5 verdiepingen aanwezig. Ten zuiden van het plangebied ligt een langgerekt grasveld. Het zuidelijke deel hiervan is voorzien van enkele speeltoestellen. Ten zuidoosten van het plangebied zijn gras- en sportvelden aanwezig.
NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
bestemmingsplan Baardwijksestraat Waalwijk (Borksesticht)
|3
Plangebied (Casade, 2021)
1.3
Doel
Het voorliggend bestemmingsplan biedt een juridisch-planologisch kader voor de herontwikkeling van de adressen Baardwijksestraat 89 – 123 (oneven) en 80 – 98 (even) te Waalwijk. Dit bestemmingsplan maakt het mogelijk om ter plaatse 12 grondgebonden eengezinswoningen en maximaal 48 appartementen te realiseren. Voor het noordelijke appartementencomplex wordt ingezet op een initiatief voor een woonvoorziening met gemeenschappelijke ruimte ten behoeve van de bewoners van de voorziening.
NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
bestemmingsplan Baardwijksestraat Waalwijk (Borksesticht)
|4
1.4
Geldend bestemmingsplan
Voor het plangebied is de beheersverordening ‘Woonwijken (incl. kamerbewoning)’ van toepassing, vastgesteld op 4 juli 2019. Op grond van de beheersverordening kent het plangebied de enkelbestemming ‘Wonen’. Binnen de bestemming ‘Wonen’ mag uitsluitend binnen het ‘variabel bouwvlak’ en binnen de ‘maximale contour’ gebouwd worden.
Uitsnede vigerende beheersverordening Baardwijksestraat 89 - 123 (oneven) (Ruimtelijkeplannen.nl, 2021)
Uitsnede vigerende beheersverordening Baardwijksestraat 80 - 98 (even) (Ruimtelijkeplannen.nl, 2021)
Voor de percelen Baardwijksestraat 89 – 123 (oneven) betreft de ‘maximale contour’: • Maximale goothoogte 6 meter; • Maximale bouwhoogte 9 meter; • Maximum aantal woningen 18; • Typologie gesloten, halfvrijstaand of vrijstaand.
NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
bestemmingsplan Baardwijksestraat Waalwijk (Borksesticht)
|5
Voor de percelen Baardwijksestraat 80 – 98 (even) betreft de ‘maximale contour’: • Maximale goothoogte 6 meter; • Maximale bouwhoogte 9 meter; • Maximum aantal woningen 10; • Typologie gesloten, halfvrijstaand of vrijstaand. Strijdigheid De beoogde herontwikkeling gaat uit van 12 grondgebonden woningen ter plaatse van de percelen Baardwijksestraat 80-98 (even) en maximaal 48 appartementen ter plaatse van de percelen Baardwijksestraat 89 – 123 (oneven). Het stedenbouwkundige ontwerp overschrijdt daarmee de gestelde maximale goot- en bouwhoogte en het maximum aantal woningen. Daarnaast wijkt het voornemen af van de gestelde typologieën ‘gesloten, halfvrijstaand of vrijstaand’ ter plaatse van de beoogde appartementen en is er strijdigheid met de bepaling dat woningen in de voorgevelrooilijn moeten worden gebouwd. Om de herontwikkeling mogelijk te maken, dient een nieuw bestemmingsplan opgesteld te worden.
1.5
Bij het plan behorende stukken
Het bestemmingsplan bestaat uit de volgende onderdelen: - Verbeelding: Op de verbeelding zijn de bestemmingen in het plangebied weergegeven. Deze bestemmingen zijn gerelateerd aan de in de regels opgenomen juridische regeling. - Regels: In de regels is het gebruik van de binnen het plangebied aangegeven gronden, opstallen en ander gebruik van de gronden juridisch geregeld. Per bestemming is aangegeven wat binnen die bestemming mogelijk en/of toegestaan is. - Toelichting: In de toelichting worden de aan het plan ten grondslag liggende gedachten en de uitkomsten van eventuele uitgevoerde onderzoeken opgenomen.
1.6
Leeswijzer
De toelichting is opgebouwd uit verschillende hoofdstukken. In hoofdstuk 2 wordt ingegaan op de bestaande situatie van het plangebied. In hoofdstuk 3 wordt het plan beschreven. Een beschrijving van het relevante beleidskader op rijks, provinciaal, regionaal en gemeentelijk niveau staat in hoofdstuk 4. Vervolgens komen in hoofdstuk 5 de milieu-planologische aspecten aan de orde. De juridische opzet van het plan staat in hoofdstuk 6. De economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid worden in hoofdstuk 7 beschreven.
NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
bestemmingsplan Baardwijksestraat Waalwijk (Borksesticht)
|6
2.
BESTAANDE SITUATIE
Het plangebied betreft de woningen Baardwijksestraat 89 – 123 (oneven) en 80 – 98 (even), in het oosten van de kern Waalwijk. Het plangebied is kadastraal bekend gemeente Waalwijk, sectie F, nummers 1773 en 90 kent een totale oppervlakte van 6.697 m2. De twee percelen worden van elkaar gescheiden door de Baardwijksestraat. De percelen bestaan uit vijf woonblokken met in totaal 28 grondgebonden woningen uit de jaren veertig. De grondgebonden woningen bestaan uit twee bouwlagen met kap en zijn voorzien van een voor- en achtertuin. De woningen kennen een goot- en bouwhoogte van respectievelijk circa 6 en 8 meter. Het plangebied wordt aan alle zijden begrensd door bestaande woningen en/of bijbehorende achtertuinen. De woningen ten noorden en ten zuiden van het plangebied zijn van eenzelfde of vergelijkbaar type als in het plangebied (grondgebonden woningen met twee bouwlagen plus kap). De woningen ten oosten van het plangebied betreffen grondgebonden woningen met twee bouwlagen met deels platte daken. Ten westen van het plangebied zijn naast grondgebonden woningen ook appartementencomplexen van 4 tot 5 verdiepingen aanwezig. Ten zuiden van het plangebied ligt een langgerekt grasveld. Het zuidelijke deel hiervan is voorzien van enkele speeltoestellen. Ten zuidoosten van het plangebied zijn gras- en sportvelden aanwezig.
De bestaande woningen hebben te veel technische beperkingen om ze aan te kunnen passen aan de wensen en eisen van nu en in de toekomst.
Vooraanzicht Baardwijksestraat oneven (Google Maps, 2021)
NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
bestemmingsplan Baardwijksestraat Waalwijk (Borksesticht)
|7
Aanzicht Baardwijksestraat (Google Maps, 2021)
NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
bestemmingsplan Baardwijksestraat Waalwijk (Borksesticht)
|8
3.
PLANOLOGISCHE ASPECTEN
3.1
Planbeschrijving
In het plangebied wordt een (her)ontwikkeling beoogd, waarbij 28 bestaande grondgebonden woningen worden gesloopt en vervangen door 12 grondgebonden woningen en maximaal 48 appartementen en bijbehorende parkeerplaatsen. De bestaande woningen hebben te veel technische beperkingen om ze aan te kunnen passen aan de wensen en eisen van nu en in de toekomst.
Ontwerp met indicatieve inrichting openbaar gebied (Buro 013, 2022)
NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
bestemmingsplan Baardwijksestraat Waalwijk (Borksesticht)
|9
12 grondgebonden woningen De 12 grondgebonden woningen komen ter hoogte van de bestaande 10 woningen Baardwijksestraat 80 - 98 (even). De woningen zullen net als in de bestaande situatie bestaan uit twee bouwlagen plus kap met de bijbehorende maximale goot- en bouwhoogte van respectievelijk 6,5 en 10,5 meter. De woningen worden iets teruggelegd in de straat en kijken uit op een strook met openbaar groen. De woningen worden gerealiseerd in twee blokken, van zes woningen elk. De plattegrond van de woningen worden om en om gespiegeld waardoor een afwisselend gevelbeeld ontstaat. De twee bouwblokken worden tegen elkaar aan geplaatst waarbij het ene blok verspringt ten opzichte van het andere. De verspringing in de gevel is op deze wijze gesitueerd zodat deze aansluit bij de toekomstige 1-richtingsroute (van noord naar zuid) van de straat na herinrichting. Hierdoor heeft men vanuit de rijrichting zicht op de verspringing. Door de combinatie van de gespiegelde plattegronden, de verspringing van de gevellijn en de groenstrook tussen het parkeren en de bebouwing wordt variatie en stedenbouwkundige kwaliteit toegevoegd in de wijk. Appartementencomplexen De appartementen komen ter plaatse van de bestaande woningen Baardwijksestraat 89 – 123 (oneven). De appartementen worden verdeeld over twee complexen met drie woonlagen elk, met een maximum bouwhoogte van 10,5 meter.
In het noordelijke complex worden 26 appartementen beoogd en in het zuidelijke 21 appartementen. Het appartementencomplex aan de zuidwestzijde is opgebouwd als een galerijcomplex. Het complex aan de noordwestzijde is een woonvoorziening in een corridor constructie. Dit complex heeft een alzijdige oriëntatie en uitstraling met een duidelijke setback aan de oost- en westzijde. De setback geeft de derde laag meer afstand tot de Baardwijksestraat, daarmee is in het straatprofiel een vergelijkbare hoogte af te lezen als bij de naastgelegen grondgebonden woningen. In de woonvoorziening staat ontmoeten van bewoners centraal. Dit wordt gestimuleerd door de corridor en de gemeenschappelijke ruimte ten behoeve van de bewoners van de voorziening. De gemeenschappelijke ruimte kan in de toekomst - wanneer hier vraag naar is – door middel van een afwijkingsbevoegdheid omgebouwd worden tot appartement (maximaal 27 appartementen in het noordelijk complex / maximaal 48 appartementen in totaal). In de uitgevoerde onderzoeken (o.a. het parkeeronderzoek en de stikstofberekening) is reeds rekening gehouden met de mogelijkheden die deze afwijkingsbevoegdheid biedt. Er is een zonstudie uitgevoerd om het schaduweffect van het noordelijke appartementencomplex op de omliggende woningen in kaart te brengen. Deze zonnestudie is opgenomen als bijlage bij de toelichting.
Hieruit blijkt dat de schaduwwerking nauwelijks wijzigt ten opzichte van de naastgelegen bebouwing. Rekening houdend met de TNO-normen voor bezonning, kan gesteld worden dat geen sprake is van een onaanvaardbare situatie voor de naastgelegen bebouwing als gevolg van de geprojecteerde bebouwing.
NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
bestemmingsplan Baardwijksestraat Waalwijk (Borksesticht)
|10
Appartementsgebouwen met dergelijke maatvoering (drie woonlagen, met een maximum bouwhoogte van 10,5 meter) wordt passend geacht in de Baardwijksestraat, aangezien deze straat een historische noord-zuid verbinding is die bestaat uit een afwisseling van kleine en grote stedenbouwkundige volumes. Dit varieert van wooncomplexen tot een school, vrijstaande bebouwing en ook bouwblokken met rijwoningen. Het voorliggende ontwerp anticipeert op deze variatie. Rondom het bouwvlak van het zuidelijke appartementsgebouw is ruimte gereserveerd voor de realisatie van parkeerplaatsen, bereikbaar vanaf de Mede. In de doorgang van de Mede naar de Baardwijksestraat speelt de voetganger de hoofdrol, de auto is hier te gast van en naar de parkeerplaatsen. Dit zal in de bestrating tot uiting komen. De appartementencomplexen zijn opgedeeld door een vriendelijke en uitnodigende langzaam verkeersroute ten behoeve van een oost-west verbinding tussen de Mede (oost) en Balade en winkels (west). Rondom alle zijden van de appartementencomplexen wordt een groene, parkachtige omgeving gerealiseerd. Door aan beide zijden van het gebouw een brede doorgang te creëren vanaf de Baardwijksestraat wordt het gebouw als het ware uit de bestaande stedenbouwkundige context gehaald en in het groen geplaatst, met een route voor langzaam verkeer om het gebouw heen.
De bergingen behorend bij het noordelijke complex (ter plaatse van de bouwaanduiding ‘specifieke bouwaanduiding – berging’) zullen enkel toegankelijk zijn via de brandgang aan de oostzijde, toegankelijk vanaf de noord- en of zuidzijde. Daar waar de bergingen grenzen aan openbaar toegankelijk gebied (westzijde) worden deze voorzien van een groene gevel in de vorm van beplanting. De ontsluiting van de appartementsgebouwen zal deels verlopen via de Mede – Burgmeester Teijssenlaan en deels langs de Baardwijksestraat.
3.2
Parkeren en verkeer
Parkeren Door Groen Licht is een parkeerstudie uitgevoerd, waarin wordt onderbouwd hoe groot de toekomstige parkeercapaciteit dient te zijn binnen het plangebied. De rapportage is opgenomen als bijlage bij de toelichting. Er verdwijnen in de huidige situatie 28 eengezinswoningen (allen sociale huur). Het betreft de Baardwijksestraat 89 – 123 (oneven) en 80 – 98 (even). Hiervoor in de plaats komen 12 eengezinswoningen (huurhuis, sociale huur) en maximaal 48 appartementen (etage, sociale huur). Voor de raming van het benodigde aantal parkeerplaatsen in de toekomstige situatie is het volgende uit de parkeernormen van de gemeente Waalwijk relevant: • Parkeereis dient in beginsel op eigen terrein te worden voldaan; • De aanvrager dient inzichtelijk te maken dat niet (volledig) in de parkeereis kan worden voorzien op eigen terrein; • De parkeerdruk binnen de loopafstanden (wonen = 100 m) in het openbare gebied is lager dan 85% → dan mag tot 85% van de parkeercapaciteit aan de ontwikkeling worden toebedeeld (uitsluitend formele parkeerplaatsen).
NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
bestemmingsplan Baardwijksestraat Waalwijk (Borksesticht)
|11
Parkeerbezettingsgraad incl. foutparkeren (Groen Licht, 2021)
De gemeente Waalwijk hanteert de volgende normen voor ‘matig stedelijk gebied’, ‘rest bebouwde kom’ te Waalwijk: Functie Huurhuis, sociale huur Huur, etage, sociale huur
Eenheid Woning Woning
Norm 1,6 1,4
Afname parkeervraag ten gevolge van sloop woningen De parkeervraag neemt 45 parkeerplekken af door de sloop van 28 eengezinswoningen (parkeernorm: 1,6 x 28 = 44,8). Toename parkeervraag nieuwbouw Eengezinswoningen: 12 x 1,6 (huurhuis, sociale huur): Appartementen 48 x 1,4 (huur, etage, sociale huur): Toename parkeervraag totaal:
NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
19,2 parkeerplaatsen 67,2 parkeerplaatsen 87 parkeerplaatsen
bestemmingsplan Baardwijksestraat Waalwijk (Borksesticht)
|12
De totale extra vraag aan parkeerplaatsen bedraagt 42 parkeerplaatsen (87 minus 45). Deze extra vraag wordt ingevuld door: • + 10 parkeerplaatsen saldo reconstructie Baardwijksestraat; • + 24 parkeerplaatsen op basis van plan Borksesticht-Casade; • + 19 parkeerplaatsen op basis van parkeerdrukmetingen voorjaar 2021 (woensdagavonden 23:00-01:00 uur: nog 19 vrije parkeerplaatsen tot aan een maximale toegestane parkeerdruk van 85%) • Saldo: + 53 parkeerplaatsen voor een extra parkeervraag van 42 parkeerplaatsen. Er worden voldoende parkeerplaatsen gerealiseerd om de extra parkeerbehoefte op te vangen. Het aspect parkeren vormt derhalve geen belemmering voor de beoogde herontwikkeling. Verkeer Het plangebied ligt binnen de bebouwde kom van Waalwijk. De bebouwde kom van Waalwijk bestaat uit gebiedsontsluitingswegen en verblijfsgebieden. De gebiedsontsluitingswegen worden binnen de bebouwde kom gezien als hoofdwegen om verblijfsgebieden te ontsluiten. Het plangebied is gelegen aan een weg welke is geclassificeerd als verblijfsgebied. In de nabije omgeving bevinden zich enkele gebiedsontsluitingswegen, maar het plangebied is hier niet direct aan verbonden. De beoogde ontwikkelingen voorzien niet in significante veranderingen van de huidige verkeersstructuur. De gevolgen van de beoogde ontwikkeling op het verkeer worden bepaald op basis van de verkeersaantrekkende werking.
Bij het in kaart brengen van de verkeersaantrekkende werking van het planvoornemen is gebruik gemaakt van de CROW-publicatie 381 ‘Toekomstbestendig parkeren’. Voor het planvoornemen dient uitgegaan te worden van de volgende kencijfers voor matig stedelijk gebied, rest bebouwde kom: Functie Eenheid Norm Huur, huis, sociale huur Woning 4,5 – 5,3 mvt/etmaal Huur, appartement, midden/goedkoop (incl. sociale huur) Woning 3,2 – 4,0 mvt/etmaal In de bestaande situatie zijn er 28 grondgebonden eengezinswoningen aanwezig. Dit betekent dat de verkeersaantrekkende in de huidige situatie minimaal 126 en maximaal 148,4 motorvoertuigen per etmaal bedraagt. Uitgaande van 12 grondgebonden eengezinswoningen en maximaal 48 appartementen in de toekomstige situatie, komt de totale verkeersaantrekkende werkingen uit op minimaal 207,6 en maximaal 255,6 motorvoertuigen per etmaal. Dit betreft een toename van minimaal 81,6 en maximaal 107,2 motorvoertuigen per etmaal. Het autoverkeer van de grondgebonden woningen wordt via de Baardwijksestraat afgewikkeld richting de Loeffstraat – Hoogeinde, welke vervolgens het gebied richting omliggende gebiedsontsluitingswegen en de Rijksweg A59 ontsluiten. Uit het akoestisch onderzoek blijkt dat Baardwijksestraat in 2030 een verkeersgeneratie kent tussen de 2.200 en 2.400 mvt/etmaal.
Uit het BBMA verkeersmodel blijkt dat de Loeffstraat in 2030 een intensiteit heeft van 1.900 mvt/etmaal. De wegen in de omgeving, waaronder de Baardwijksestraat en de Loeffstraat, zijn erftoegangswegen. Conform de principes van Duurzaam Veilig zouden deze tot maximaal 6.000 mvt/etmaal moeten kunnen verwerken. NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
bestemmingsplan Baardwijksestraat Waalwijk (Borksesticht)
|13
Gezien het feit dat de wegen in de omgeving relatief rustig zijn, is er naar verwachting voldoende restcapaciteit op deze wegen om de verkeersgeneratie van maximaal 107,2 mvt/etmaal op te kunnen vangen.
3.3
Cultuurhistorie en archeologie
Cultuurhistorie Wettelijke toetsingskader Onder de noemer Modernisering Monumentenzorg (MoMo) heeft het Rijk in 2009 een aanzet gegeven voor een goede afweging van het belang van de cultuurhistorie in de ruimtelijke ordening. Gepleit wordt voor een verantwoorde verankering van de integrale cultuurhistorie in structuurvisies, bestemmingsplannen en milieueffectrapportages. Het voornaamste doel hiervan is om het cultuurhistorische karakter van Nederland op gebiedsniveau te behouden en te versterken. Op 5 juli 2011 is een wijziging van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) gepubliceerd. Vanaf 1 januari 2012 moet ieder nieuw bestemmingplan een analyse van cultuurhistorische waarden bevatten. In aansluiting op de vaststelling van de Wet tot wijziging van de Monumentenwet 1988 en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht in mei 2011 zijn op 17 juni 2011 het Bro, het Besluit omgevingsrecht (Bor) en het Besluit archeologische monumentenzorg (Bamz) aangepast. Door een wijziging van het Bro moeten cultuurhistorische waarden voortaan vooraf in het proces van ruimtelijke ordening worden meegenomen, voornamelijk bij de voorbereiding en vaststelling van bestemmingsplannen. Het Bro bevat eisen waaraan de voorbereiding van een bestemmingsplan moet voldoen.
Zo wordt er onder meer een beschrijving verlangd van de manier waarop met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten wordt omgegaan. De wetgever wil hiermee bereiken dat aandacht voor cultuurhistorische waarden voortaan in het planproces naar voren wordt gehaald. In de toelichting van het bestemmingsplan dient een beschrijving te worden opgenomen hoe met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten rekening is gehouden. De opsteller en vaststeller van het bestemmingsplan is daarmee dus verplicht om breder te kijken dan alleen naar het facet archeologie. Ook de facetten historische (steden)bouwkunde en historische geografie dienen te worden meegenomen in de belangenafweging. Hierbij gaat het om zowel beschermde als niet formeel beschermde objecten en structuren. De Erfgoedwet, van kracht sinds 1 juli 2016, bundelt wet- en regelgeving op het gebied van behoud en beheer van het cultureel erfgoed in Nederland in één nieuwe wet. Een groot deel van de bestaande wet- en regelgeving (Monumentenwet, Wet ruimtelijke ordening) is overgenomen in de Erfgoedwet, bijvoorbeeld de aanwijzing van rijksmonumenten, wie welke verantwoordelijkheden heeft en hoe het toezicht daarop wordt uitgeoefend.
Voor het eerst is er nu één integrale wet die betrekking heeft op onze museale objecten, musea, monumenten en archeologie op het land en onder water. Voorheen was het behoud en beheer van ons erfgoed geregeld in zes verschillende wetten met elk hun eigen procedures en beschermingsmaatregelen.
NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
bestemmingsplan Baardwijksestraat Waalwijk (Borksesticht)
|14
Het uitgangspunt is dat de beschermingsniveaus zoals die in de eerdere wetten en regelingen golden, worden gehandhaafd. Daarnaast worden aan de Erfgoedwet een aantal nieuwe bepalingen toegevoegd. Samen met de Omgevingswet die naar verwachting in 2023 wordt ingevoerd, wordt een integrale bescherming van ons cultureel erfgoed mogelijk. Beleid provincie Noord-Brabant In de provincie Noord-Brabant dienen in het kader van het behoud van waardevolle cultuurhistorische elementen en archeologische vindplaatsen, bestemmingsplannen te worden getoetst aan de provinciale Cultuurhistorische Waardenkaart (CHW). Hierop staan de bepalende cultuurhistorische elementen aangegeven.
Provinciale Cultuurhistorische Waardenkaart (CHW, 2015)
Toetsing Cultuurhistorische Waardenkaart Op de CHW is af te lezen dat het plangebied ligt in de regio ‘Langstraat’. De Langstraat ligt op de overgang van zand, veen en klei. Vroeger bestond vrijwel het hele gebied uit veen. De oorspronkelijke relatie tussen de dorpen, het afwisselend open en besloten landschap en het water is in de Langstraat nog goed beleefbaar. Hierdoor is het hele gebied cultuurhistorisch waardevol. Ten noorden van de Winterdijk is de Langstraat opener en grootschaliger dan ten zuiden daarvan. De natte omstandigheden als gevolg van de lage ligging en de sterke kwel leidt tot waardevolle flora en fauna van waterlopen en natte graslanden. Het westelijke deel heeft een landelijk karakter. Hier liggen langgerekte lintdorpen met dorpse uitbreidingen rond de centra in een open landschap. Enkele kernen in de Langstraat hebben een sterke groei doorgemaakt: het oostelijke deel is verstedelijkt met de groei van Waalwijk, Sprang-Capelle en Kaatsheuvel. De structuur van de dorpen en de relatie tussen de dorpen en het landelijke gebied is hier minder goed herkenbaar. Daarnaast heerst er in het gebied een spanning tussen cultuurhistorie, natuurontwikkeling en landbouw. In het kader van de natuurdoelstellingen zijn bossen gerealiseerd terwijl de openheid een belangrijk historisch kenmerk is. De ontwikkelstrategie voor dit gebied is: 1.
Behoud door ontwikkeling of versterking van de samenhang van de dragende structuren van de regio.
NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
bestemmingsplan Baardwijksestraat Waalwijk (Borksesticht)
|15
Het plangebied ligt niet binnen één van de dragende structuren van de regio. Zodoende geldt het gestelde in de ontwikkelstrategie niet voor het plangebied en vormt de Cultuurhistorische Waardenkaart geen belemmering voor het planvoornemen. Overige cultuurhistorische informatie Rijksinformatie Op de CHW zijn ook de indicatieve Archeologische waarden (Erfgoedinformatie van het Rijk) af te lezen. Het plangebied valt niet binnen een overig cultuurhistorisch gebied. Archeologie Verdrag van Malta Voor archeologie geldt de nationale wetgeving die afkomstig is uit Europees beleid. Het Verdrag van Valletta (of wel: 'Verdrag van Malta') regelt hoe er omgegaan moet worden met het Europees archeologisch erfgoed. Nederland heeft het verdrag in 1992 mede ondertekend. De uitgangspunten van dit Europese verdrag zijn in de Nederlandse wet- en regelgeving verankerd door middel van de Wet op de archeologische monumentenzorg (Wamz). Wet op de archeologische monumentenzorg (Wamz) De Wamz is in werking getreden op 1 september 2007 en wijzigt hiermee de Monumentenwet uit 1988, de Ontgrondingenwet (Ow), de Wet milieubeheer (Wm), de Woningwet (Ww) en de Wet ruimtelijke ordening (Wro). Sinds de invoering van deze wet zijn gemeenten belast met de zorgplicht voor het archeologisch erfgoed.
Vanaf 1 juli 2016 is dit op dezelfde wijze als via de Wamz verwerkt in de Erfgoedwet en in de toekomst zal dit verwerkt worden in de Omgevingswet. Tot de Omgevingswet ingaat gelden voor onderdelen, die gaan over de fysieke leefomgeving, de bepalingen uit de Monumentenwet. Dit is opgenomen in de overgangsregeling van de Erfgoedwet. Het uitgangspunt is dat verplicht rekening gehouden moet worden met het behoud van het archeologisch erfgoed in de bodem. Waar dit niet mogelijk is, dient het bodemarchief met zorg ontsloten te worden door middel van archeologisch onderzoek. Bij het ontwikkelen van ruimtelijke plannen moet het archeologisch belang vanaf het begin meewegen in de besluitvorming. Provinciaal beleid De IKAW (indicatieve kaart archeologische waarden) bevat een vlakdekkende en landsdekkende classificatie van de trefkans op archeologische resten. Deze trefkans is gebaseerd op een kwantitatieve analyse en op archeologische inhoudelijke kennis van het bodemarchief. De kaart is bedoeld als instrument voor de ruimtelijke ordening en voor het beheer en de bescherming van archeologische informatie die in de bodem bewaard is gebleven. Met behulp van deze kaart kan bij diverse planologische beslissingen – zoals ontgrondingen, bodemsaneringen, aanleg van woonwijken, etc. – rekening worden gehouden met de aanwezige archeologische waarden.
Op de IKAW van Brabant heeft het plangebied de classificatie ‘niet gekarteerd’. Voor dergelijke (voornamelijk bebouwde) gebieden zijn geen bodemkundige of geologische gegevens beschikbaar.
NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
bestemmingsplan Baardwijksestraat Waalwijk (Borksesticht)
|16
Gemeentelijk archeologiebeleid Op grond van de Wet op de archeologische monumentenzorg (Wamz) is het verplicht om in nieuwe bestemmingsplannen rekening te houden met de mogelijke aanwezigheid van archeologische waarden. De gemeente Waalwijk heeft ten behoeve van het archeologiebeleid een kaart opgesteld.
Archeologische beleidskaart gemeente Waalwijk, plangebied rood omcirkeld (Gemeente Waalwijk, 2010)
Op de archeologische beleidskaart van de gemeente Waalwijk is aangegeven dat het plangebied in categorie 4 liggen; een gebied met een gematigde archeologische verwachting. Voor deze verwachtingszone geldt een onderzoeksplicht bij bodemingrepen met een oppervlakte groter dan 5.000 m2 en dieper dan 50 cm beneden maaiveld. Het gehele plangebied heeft een oppervlakte van meer dan 5.000 m², de bodemingrepen ter plaatse van de toekomstige bestemming ‘Wonen’ bedragen echter 3.661 m2. Daarbij zijn bij de aanleg van de bestaande bebouwing de gronden echter al dusdanig geroerd dat ter plaatse geen archeologische waarden (meer) worden verwacht. Derhalve wordt archeologisch onderzoek niet noodzakelijk geacht. Conclusie De aspecten cultuurhistorie en archeologie vormt geen belemmering voor het planvoornemen.
NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
bestemmingsplan Baardwijksestraat Waalwijk (Borksesticht)
|17
4.
BELEIDSKADER
4.1
Beleid Rijk, regio, provincie
4.1.1
Rijksbeleid
Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Op 11 september 2020 is de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) vastgesteld. De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) is geheel opgenomen in deze nieuwe visie. De Nationale Omgevingsvisie biedt een duurzaam perspectief voor de leefomgeving. Hiermee kan het Rijk inspelen op de grote uitdagingen die voor hen liggen. Allerlei trends en ontwikkelingen hebben invloed op de leefomgeving. Veranderende en groeiende steden, de overgang naar een duurzame en circulaire economie en het aanpassen aan de gevolgen van de klimaatverandering vormen slechts een deel van de opgaven. Dit biedt kansen, maar vraagt wel om zorgvuldige keuzes. Want ruimte, zowel boven-, als ondergronds, is een schaars goed. Het combineren van al die opgaven vraagt een nieuwe manier van werken. Niet van bovenaf opgelegd, maar in goede samenwerking tussen overheden, bedrijven, kennisinstellingen, maatschappelijke organisaties en burgers. De NOVI biedt een kader, geeft richting en maakt keuzes waar dat kan. Tegelijkertijd is er ruimte voor regionaal maatwerk en gebiedsgerichte uitwerking. Omdat de verantwoordelijkheid voor het omgevingsbeleid voor een groot deel bij provincies, gemeenten en waterschappen ligt, kunnen inhoudelijke keuzes in veel gevallen het beste regionaal worden gemaakt.
Met de NOVI zet het Rijk een proces in gang waarmee keuzes voor de leefomgeving sneller en beter kunnen worden gemaakt. Door het nationale karakter van de NOVI en de relatief kleine schaal van onderhavig plan, heeft het voornemen nauwelijks raakvlak met dit nationale kader. Met onderhavig planvoornemen zijn geen nationale belangen in het geding. Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) borgt een aantal van de nationale ruimtelijke belangen die deel uitmaken van het geldende nationale ruimtelijke beleid. Het besluit is gericht op doorwerking van de nationale belangen in provinciaal beleid en gemeentelijke bestemmingsplannen. Dat betekent dat het Barro voor de opgenomen onderwerpen regels geeft over bestemmingen en het gebruik van gronden. Daarnaast kan zij aan de gemeente opdragen in de toelichting bij een bestemmingsplan bepaalde zaken uitdrukkelijk te motiveren. In het plangebied zijn geen nationale belangen in het geding. Het Barro heeft geen consequenties voor het planvoornemen. Ladder voor duurzame verstedelijking Op 1 juli 2017 is de Nieuwe Ladder voor Duurzame Verstedelijking in werking getreden (artikel 3.1.6 lid 2 en 3 Bro). De nieuwe Ladder is ten opzichte van de voorgaande Ladder vereenvoudigd. De drie treden zijn komen te vervallen en er is een nieuwe bepaling toegevoegd.
Om te bepalen of een planvoornemen Ladderplichtig is, dient getoetst te worden of de voorziene ontwikkeling een nieuwe stedelijke ontwikkeling is. Onder een nieuwe stedelijke ontwikkeling wordt verstaan: ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen. NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
bestemmingsplan Baardwijksestraat Waalwijk (Borksesticht)
|18
Het planvoornemen betreft het vervangen van 28 grondgebonden woningen door 12 grondgebonden woningen en maximaal 48 appartementen; het betreft een toename van 32 woningen. Deze toename is groter dan de drempelwaarde van 12 woningen, waardoor de voorgenomen ontwikkeling gezien moet worden als een stedelijke ontwikkeling die Ladderplichtig is. Behoefte Onderzocht dient te worden of er daadwerkelijk behoefte is aan de voorgenomen stedelijke ontwikkeling. Om te bepalen of er een kwantitatieve behoefte is aan het planvoornemen is het “Perspectief op Wonen en Woningbouw Hart van Brabant 2022” geraadpleegd. Hieruit blijkt dat er voor de korte termijn (2021 t/m 2030) behoefte is aan 21.490 woningen voor de regio Midden-Brabant. De totale plancapaciteit in de regio Midden-Brabant bedraagt 22.824 woningen. Dat is meer dan de provinciale prognose, maar met 106% ten opzichte van de prognose ligt het lager dan de richtlijn van 130% voor de komende 10 jaar. Er is dus nog voldoende ruimte om plannen toe te voegen. In de regionale programmering is opgenomen dat de gemeente Waalwijk kan voorzien in 2.045 woningen. De beoogde ontwikkeling past binnen de benodigde capaciteit voor de regio MiddenBrabant en de gemeente Waalwijk. In de periode 2021 tot en met 2030 wordt in het woningbouwprogramma van de gemeente Waalwijk reeds voorzien in 1.048 woningen (harde plancapaciteit).
Onderhavige locatie is daarin nog niet opgenomen. Het programma biedt echter nog ruimte, waardoor de beoogde ontwikkeling past binnen de kwantitatieve woningbehoefte voor de gemeente Waalwijk. Op basis van de Woonvisie wordt daarbij ingezet op het behoud en de versterking van het karakter van de gemeente Waalwijk. Het onderhavige project draagt hieraan bij door het vervangen van de verouderde woningen. Daarnaast geeft de Woonvisie aan dat er specifieke doelgroepen zijn die aandacht vragen: - Senioren en/of mensen met een zorgvraag: de juiste woningen en een passende woonomgeving; - Lagere en middeninkomens, waarbij gewerkt wordt met een verbrede doelgroep. In de sociale voorraad is het aantal woningen belangrijk, maar gaat het vooral om het verbeteren van de kwaliteit. De sloop van de bestaande, verouderde woningen en de realisatie van de nieuwbouwwoningen draagt bij tot het behoud en versterking van het karakter van het plangebied. Het draagt bij aan een leefbare buurt en prettige woonomgeving. De nieuwe woningen zijn daarbij bereikbaar voor lagere inkomens. Daarmee voorziet de beoogde ontwikkeling in een toename van de kwaliteit van de sociale voorraad. Bestaand stedelijk gebied In artikel 1.1.1 onder h van het Bro is een nadere omschrijving van het begrip bestaand stedelijk gebied vastgelegd.
Als bestaand stedelijk gebied wordt aangemerkt: bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur.
NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
bestemmingsplan Baardwijksestraat Waalwijk (Borksesticht)
|19
De voorliggende locatie is gelegen in het bestaand stedelijk gebied, in de nabijheid van het plangebied zijn voldoende voorzieningen aanwezig. Conclusie Het nationale ruimtelijke beleid geeft geen belemmeringen voor het planvoornemen. 4.1.2
Provinciaal beleid
Omgevingsvisie Noord-Brabant De nieuwe Omgevingswet bundelt de wetten en regels voor ruimte, wonen, infrastructuur, milieu, natuur, cultuur, erfgoed en water. En regelt zo het beheer en de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving. Vooruitlopend hierop heeft de provincie alvast een provinciale Omgevingsvisie gemaakt. Volgens de laatste informatie treedt de nieuwe Omgevingswet in 2022 in werking. In december 2018 is de Brabantse Omgevingsvisie vastgesteld. Deze Omgevingsvisie bevat de belangrijkste ambities voor de fysieke leefomgeving voor de komende jaren. De Omgevingsvisie geeft antwoord op de vraag hoe de Brabantse leefomgeving er in 2050 uit zou moeten zien en waar Noord-Brabant in 2030 tenminste moet staan om die lange termijndoelen te halen. De Omgevingsvisie geeft ook aan op welke manieren de provincie met betrokkenen wil samenwerken aan omgevingsvraagstukken en welke waarden daarbij centraal staan. De visie bestaat uit een basisopgave en vier hoofdopgaven voor de middellange en lange termijn. De basisopgave is werken aan veiligheid, gezondheid en omgevingskwaliteit. De vier hoofdopgaven komen voort vanuit de basisopgaven. Het gaat om de volgende hoofdopgaven: • Werken aan de Brabantse energietransitie; • Werken aan een klimaatproof Brabant; • Werken aan de slimme netwerkstad; • Werken aan een concurrerende, duurzame economie.
Het beleid uit de Omgevingsvisie wordt verder uitgewerkt in programma’s en de Omgevingsverordening. De programma’s bevatten vooral concrete maatregelen die zelfbindend zijn voor de provincie. De Omgevingsverordening bevat vooral bindende regels voor lagere overheden en burgers. In de onderstaande paragraaf wordt ingegaan op de Interim Omgevingsverordening. Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant De Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant is de vervanger van verschillende provinciale verordeningen, waaronder ook de Verordening ruimte. De Omgevingsverordening is op 25 oktober 2019 vastgesteld als eerste stap voordat de Omgevingswet in werking treedt. De Interim Omgevingsverordening bestaat uit de samenvoeging van bestaande regels uit verschillende verordeningen. De verordening is één van de uitvoeringsinstrumenten van de provincie om haar doelen te realiseren. In de Interim Omgevingsverordening vertaalt de provincie kaderstellende elementen uit het provinciaal beleid in regels die van toepassing zijn op (gemeentelijke) bestemmingsplannen. Het plangebied valt volgens de Interim Omgevingsverordening binnen de onderstaande gebieden.
NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
bestemmingsplan Baardwijksestraat Waalwijk (Borksesticht)
|20
Vervolgens zijn de voor het plangebied eventueel relevante gebieden nader uitgewerkt: • Diep grondwaterlichaam (Rechtstreeks werkende regels: milieubeschermingsgebieden, natuur en wegen); • Geen attentiezone waterhuishouding (Rechtstreeks werkende regels: milieubeschermingsgebieden, natuur en wegen); • Verbod uitbreiding veehouderij (rechtstreeks werkende regels: landbouw); • Bescherming Natura 2000 (rechtstreeks werkende regels: landbouw); • Stedelijk gebied (Rechtstreeks werkende regels: landbouw & Instructieregels gemeenten: stedelijke ontwikkeling en erfgoed); • Concentratiegebied (Instructieregels gemeenten: stedelijke ontwikkeling en erfgoed); • Aangewezen gebied voor peilbesluit (Instructieregels voor waterschappen: watersystemen, -veiligheid en –berging); • Norm wateroverlast Stedelijk gebied (Instructieregels voor waterschappen: watersystemen, -veiligheid en –berging); • Normen wateroverlast (Instructieregels voor waterschappen: watersystemen, -veiligheid en –berging). Stedelijk gebied (art. 3.42) Voor het onderwerp duurzame stedelijke ontwikkeling zijn instructieregels voor gemeenten opgenomen. Hierin is opgenomen dat een bestemmingsplan dat voorziet in de ontwikkeling van een locatie voor wonen, werken of voorzieningen binnen Stedelijk gebied een onderbouwing bevat dat de ontwikkeling past binnen de regionale afspraken en het een duurzame stedelijke ontwikkeling is.
Voor deze onderbouwing wordt verwezen naar paragraaf 4.1.1 Ladder voor duurzame verstedelijking. Concentratiegebied (art. 5.18) Gedeputeerde Staten stellen in overleg met de regio's ten minste eens per bestuursperiode relevante prognoses en analyses op, zoals in ieder geval een bevolkings- en woningbehoefteprognose, een prognose voor de ruimtebehoefte aan bedrijventerreinen en een trendanalyse van de mobiliteitsontwikkeling, die richting gevend zijn voor de gezamenlijk te maken afspraken. Deze prognoses en analyses houden rekening met het principe van concentratie van verstedelijking. Uit de overleggen in de regio Midden-Brabant blijkt dat de woningbehoefte (met name binnen bestaand stedelijk gebied) groot is en de komende jaren blijft deze behoefte aanwezig. Het planvoornemen sluit hiermee aan op de behoefte zoals staat beschreven in de prognoses van de regio Midden-Brabant. Overige gebieden De overige instructieregels en/of rechtstreeks werkende regels behorende bij de gebieden waar het plangebied onder valt zijn niet direct van toepassing op het plangebied en/of voornemen.
NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
bestemmingsplan Baardwijksestraat Waalwijk (Borksesticht)
|21
Naast de bovengenoemde artikelen dient het bestemmingsplan te voldoen aan de basisprincipes voor een evenwichtige toedeling van functies. Ofwel, het gestelde in artikel 3.5 t/m 3.8 van de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant. Voor een goede omgevingskwaliteit en een veilige, gezonde leefomgeving wordt rekening gehouden met: a) Zorgvuldig ruimtegebruik; b) De waarden in een gebied met toepassing van de lagenbenadering; c) Meerwaardecreatie. Zorgvuldig ruimtegebruik (art. 3.6) Conform artikel 3.6 houdt zorgvuldig ruimtegebruik in dat de toedeling van functies in beginsel plaatsvindt binnen bestaand ruimtebeslag voor bebouwing. Het beoogde initiatief heeft betrekking op het hergebruik van het bestaande ruimtebeslag; de bestaande, verouderde woningen worden vervangen door nieuwbouwwoningen (inbreiding). Hiermee wordt voldaan aan de zorgplicht voor de ruimtelijke kwaliteit zoals beschreven in artikel 3.6 van de Interim Omgevingsverordening. Toepassing van de lagenbenadering (art. 3.7) De toepassing van de lagenbenadering omvat het effect van de ontwikkeling op de lagen in onderlinge wisselwerking met elkaar en het actief benutten van de factor tijd.
De lagenbenadering omvat de effecten op: • De ondergrond, zoals de bodem, het grondwater en archeologische waarden; • De netwerklaag, zoals infrastructuur, natuurnetwerk, energienetwerk, waterwegen waaronder een goede, multimodale afwikkeling van het personen- en goederenvervoer; • De bovenste laag, zoals cultuurhistorische en landschappelijke waarden, de omvang van de functie en de bebouwing, de effecten op bestaande en toekomstige functies, de effecten op volksgezondheid, veiligheid en milieu. Door actief de factor tijd te benutten wordt rekening gehouden met de herkomstwaarde, vanuit het verleden, de (on)omkeerbaarheid van optredende effecten en de toekomstwaarde gelet op duurzaamheid en toekomstbestendigheid. De toetsing van de gevolgen van het initiatief op de bovengenoemde aspecten is uitgebreid uiteengezet in deze toelichting. Meerwaardecreatie (art. 3.8) Meerwaardecreatie omvat een evenwichtige benadering van de economische, ecologische en sociale aspecten die in een gebied en bij een ontwikkeling zijn betrokken, waaronder: • De mogelijkheid om opgaven en ontwikkelingen te combineren waardoor er meerwaarde ontstaat; • De bijdrage van een ontwikkeling aan andere opgaven en belangen dan die rechtstreeks met de ontwikkeling gemoeid zijn. Het plangebied ligt binnen bestaand stedelijk gebied, waardoor de regeling Kwaliteitsverbetering landschap niet noodzakelijk is.
Daarnaast betreft het planvoornemen een herstructurering van bestaande, verouderde bebouwing. Zodoende resulteert het planvoornemen in een verbetering van de fysieke kwaliteit. Het planvoornemen voorziet daarnaast, door middel van het verkleinen van het woningtekort, in een combinatie van opgaven, waardoor er meerwaarde ontstaat. Conclusie Het planvoornemen past binnen het provinciaal beleid.
NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
bestemmingsplan Baardwijksestraat Waalwijk (Borksesticht)
|22
4.2
Beleid gemeente
Strategische visie Waalwijk 2025 – Samen werken aan de toekomst In september 2017 is de Strategische Visie Waalwijk 2025 'Samen werken aan de toekomst’ vastgesteld. Deze visie bevat de strategische hoofdlijnen voor besluitvorming, beleid en projecten tot 2025 en is een handelingskader voor de gemeente Waalwijk. In de visie staat de volgende missie centraal: De gemeente Waalwijk is een stedelijk knooppunt dat met zijn krachtige economische functie en karakteristieke kernen en omgeving een vitale schakel is in de regionale netwerken van de Langstraat en Midden-Brabant. De gemeente zet in op een bescheiden groei van de woningvoorraad gericht op de opvang van de eigen behoefte en vergroting van de verscheidenheid in het woningaanbod. Kwaliteit gaat boven kwantiteit. Het planvoornemen voorziet in de sloop van 28 bestaande grondgebonden woningen. Deze woningen hebben te veel technische beperkingen om ze aan te kunnen passen aan de wensen en eisen van nu en de toekomst. Door deze woningen te vervangen door 12 grondgebonden woningen en maximaal 48 appartementen, is niet alleen sprake van een bescheiden groei van de woningvoorraad, maar ook van een vergroting van de verscheidenheid én een kwalitatieve verbetering van de woonwijk. Structuurvisie Waalwijk 2025 – onderscheidend meer verleiden Op 4 februari 2016 is de Structuurvisie Waalwijk 2025 vastgesteld.
Het doel van deze structuurvisie is een samenhangend beleid formuleren op hoofdlijnen dat de ambities weergeeft voor 2035 en een visie uitgewerkt voor 2025. De Structuurvisie Waalwijk bestaat feitelijk uit drie delen: - Deel A bevat de hoofdlijnen van deze structuurvisie. De hoofdlijnen worden weergeven met een aantal schema’s en totaalkaarten. Op deze wijze is het mogelijk snel inzicht te krijgen in de manier waarop deze structuurvisie tot stand is gekomen en via welke afwegingscriteria de relevante keuzes zijn gemaakt. - Deel B is de onderbouwing bij deel A. Het is een onderbouwing in tekst, tekstkaders met achtergrondinformatie, totaalkaarten en deelkaarten per aspect. - Deel C is het uitvoeringsprogramma bij deel A (hoofdlijnen) en B (onderbouwing) van de Structuurvisie Waalwijk 2025. Doel van dit uitvoeringsprogramma is inzicht geven in de wijze waarop de gemeente de ruimtelijke ontwikkelings- en beleidsprojecten wil gaan realiseren van deel A en B van de Structuurvisie Waalwijk 2025. Specifiek onderdeel daarbij is het kostenverhaal om een basis te vormen voor besteding van bijdragen voor bovenwijkse voorzieningen en kwaliteitsverbeteringen in de fysieke leefomgeving. Om de juiste keuzes voor 2025 te maken zijn in de structuurvisie een aantal leidende principes geformuleerd: • Waarden ondergrond behouden en versterken.
Bij behoud is het zaak bedreigingen te voorkomen door bescherming van waarden en het reserveren van ruimte. Voor versterking kiest de gemeente ervoor deze alleen bij belangrijke projecten actief (mee) te ontwikkelen en in andere gevallen kansen vanuit de samenleving te benutten. • Bereikbaarheid netwerk optimaliseren. In veel gevallen gaat de gemeente projecten op dit vlak actief (mee) ontwikkelen. Bij overige projecten om het netwerk te verbeteren heeft de gemeente een voorkeur voor het benutten van kansen.
NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
bestemmingsplan Baardwijksestraat Waalwijk (Borksesticht)
|23
•
Vraaggericht functies versterken met kwaliteit. Bij bestaande ontwikkelingen maakt de gemeente Waalwijk het gekozen proces af maar wel (markt)vraaggericht. Als het gaat om nieuwe ontwikkelingen kiest de gemeente belangrijke (sleutel)projecten die ze actief (mee) ontwikkelt.
Als thema loopt duurzaamheid als een ‘ladder’ door alle ambities heen en is daarom apart uitgewerkt in de structuurvisie. Aan deze ‘duurzaamheidsladder’ zijn ook een aantal specifieke onderwerpen gekoppeld: milieu, energie, erfgoed en sociaal. Duurzaamheid is voor de gemeente een algemeen leidend principe. De gemeente beschouwt het als haar plicht om de ontwikkeling van de huidige generatie te bevorderen, maar daarbij de ontwikkeling van de generaties hierna niet te belemmeren door de impact van onze huidige activiteiten en keuzes. Daarbij heeft de gemeente onder andere de ambitie om op de lange termijn (2043) klimaatneutraal te zijn. Klimaatneutraliteit is een zeer ambitieuze doelstelling die pas op de heel lange termijn kan worden gerealiseerd, ook als een maximale inspanning wordt geleverd. Om toe te werken naar deze doelstelling gebruikt de gemeente de ‘trias energetica’ (energievraag, duurzame bronnen en fossiele energiebronnen) als leidend principe. Daarbij kan gedacht worden aan onderwerpen als scheidingsmogelijkheden op eigen perceel, ondergrondse afvalvoorzieningen, laadpalen en/of mogelijkheden voor auto’s, natuur inclusief bouwen en/of circulair bouwen. In het kader van het planvoornemen worden de eventuele mogelijkheden voor de genoemde onderwerpen nog onderzocht. Klein stedelijk wonen Het plangebied is op de visiekaart aangeduid als ‘Kleinstedelijk wonen’.
De structurele veranderingen in de samenleving, met name de bevolkingssamenstelling maar ook klimaatveranderingen zorgen ervoor dat het nodig is de bestaande woongebieden onder de loep te nemen en waar nodig vraaggericht te herstructureren. Herstructureren betekent het aanpassen van de woningvoorraad en het openbare gebied van het bestaand stedelijk gebied. De gemeente hanteert daarbij de afbakening van het bestaand stedelijk gebied zoals dat is aangegeven in de provinciale Omgevingsverordening.
NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
bestemmingsplan Baardwijksestraat Waalwijk (Borksesticht)
|24
Uitsnede structuurvisie Waalwijk, plangebied geel omcirkeld (Gemeente Waalwijk, 2016)
Voor de woningvoorraad kan herstructurering betekenen aanpassing van bestaande (woon)gebouwen of inbreidingslocaties met als resultaat bijvoorbeeld: • Meer kleinere woningen voor bijvoorbeeld ouderen en jongeren. • Levensloopbestendige woningen. Woningen geschikt maken voor langere bewoning door ouderen valt hieronder. • Focus op woonlasten via energiebesparende maatregelen. • Realiseren van op maat gesneden woon-, zorg-, welzijns- en dienstverleningsarrangementen voor de groeiende groep zorgbehoevenden. Voor het openbare gebied kan herstructurering betekenen: • Waterberging. Klimaatveranderingen zorgen ervoor dat extra waterberging in bestaand stedelijk gebied nodig is. • Groen. Met daarbij aandacht voor de relatie tussen gezondheid en groen. Bevorderen biodiversiteit. Zoals hierboven benoemd, is ten aanzien van de functie ‘Wonen’ aangegeven dat bij nieuwe ontwikkelingen vooral kansen dienen te worden benut in fases vanuit de vraagkant. Eén van die kansen is bijvoorbeeld het benutten van inbreidingslocaties binnen bestaand stedelijk gebied. Met onderhavig planvoornemen wordt deze kans benut. Het plangebied is daarbij direct gelegen aan een bestaand netwerk van straten en wegen. Bovendien wordt met deze binnenstedelijke woningbouwlocatie een bijdrage geleverd aan zorgvuldig ruimte gebruik.
De beoogde appartementen worden uitgevoerd met lift, waardoor de woningen als levensloopbestendig kunnen worden beschouwd. Alle woningen worden verder energieneutraal ontwikkeld, waardoor de woonlasten lager komen te liggen.
NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
bestemmingsplan Baardwijksestraat Waalwijk (Borksesticht)
|25
Ten aanzien van het openbaar gebied wordt in het planvoornemen rekening gehouden met de bestaande groenhoofdstructuur, deze wordt (zo veel mogelijk) intact gehouden en daar waar mogelijk versterkt. Zo wordt de ruimte om de appartementsgebouwen eenduidig ingericht met een wandelpad en veel groen. Daarnaast wordt conform het Integraal Waterplan Waalwijk 60 mm hemelwater op eigen terrein verwerkt/geborgen. Erfgoedverordening Waalwijk 2016 De gemeenteraad van Waalwijk heeft op 15 december 2016 de Erfgoedverordening geactualiseerd. In de Erfgoedverordening staan voorschriften en regels met betrekking tot cultureel erfgoed, zowel voor monumenten, archeologie als het cultuurlandschap. Eveneens zijn de wettelijke taken van de gemeente met betrekking tot Rijksmonumenten in een Erfgoedverordening nader uitgewerkt. De regels over het aanwijzen van gemeentelijke monumenten en archeologische verwachtingsgebieden, en weigeringsgronden voor het afgeven van een omgevingsvergunning zijn ook opgenomen in de Erfgoedverordening. Het plangebied is niet aangewezen als gebied dat cultureel erfgoed herbergt. Met het planvoornemen vindt dan ook geen aantasting van cultureel erfgoed plaats. Zie ook paragraaf 3.3 Cultuurhistorie en archeologie. Gesteld kan worden dat het planvoornemen in lijn is met de Erfgoedverordening Waalwijk 2016.
Woonvisie 2020 Gemeente Waalwijk De Woonvisie 2020, vastgesteld op 17 september 2020, is voor de gemeente Waalwijk een belangrijk beleidsdocument voor wat betreft bouwen en wonen. Hierin liggen beleidsuitgangspunten vast voor een periode van 10 jaar. De Woonvisie 2020 bevat drie hoofdthema’s met elk eigen doelstellingen. Deze drie hoofdthema’s zijn: • Betaalbaarheid; van belang is dat iedereen kan wonen in een woning die qua woningtype en prijsklasse past bij zijn/haar huishouden en inkomen. • Wonen en zorg; voor alle inwoners is er een geschikte woning en woonomgeving, waar zorg geleverd kan worden en waar een sterke sociale structuur is. • Leefbaarheid en duurzaamheid; alle inwoners wonen in aantrekkelijke en toekomstbestendige woonmilieus Er is nog steeds sprake van een woningtekort, ook binnen de gemeente Waalwijk. Het gemeentelijk streven is dan ook de woningmarkt in de periode van 10 jaar met minimaal 1.500 woningen te laten groeien. Bij de invulling van dit woonprogramma streeft de gemeente naar voldoende kwalitatief goede en betaalbare woningen voor alle bevolkingsgroepen. Er is vooral behoefte aan woningen voor starters. Om die reden wordt doorstroming gestimuleerd. De sloop van de bestaande, verouderde woningen en de realisatie van de nieuwbouwwoningen draagt bij tot het behoud en versterking van het karakter van het plangebied.
Het draagt bij aan een leefbare buurt en prettige woonomgeving. De nieuwe woningen zijn daarbij bereikbaar voor lagere inkomens. Daarmee voorziet de beoogde ontwikkeling in een toename van de kwaliteit van de sociale voorraad. Gesteld kan worden dat de voorgenomen ontwikkeling in lijn is met de Woonvisie 2020.
NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
bestemmingsplan Baardwijksestraat Waalwijk (Borksesticht)
|26
Groenstructuurplan 2017 In het Groenstructuurplan 2017 (vastgesteld op 21 december 2017) heeft de gemeente Waalwijk de groene hoofdstructuur beschreven met de bijbehorende ambities om deze te versterken. De groene hoofdstructuur is het belangrijkste en meest waardevolle lokale gemeentelijk groen. Het zijn groenelementen die op dorps-, stads- of zelfs gemeentelijk niveau van belang zijn. Het groenstructuurplan wordt gebruikt bij de toetsing op het gebied van groen bij ruimtelijke ontwikkelingen, herinrichtingsplannen en bestemmingsplanwijzigingen. Ook wordt het gebruikt in de afweging voor kapaanvragen van gemeentelijke bomen en het beoordelen van aanvragen voor de aankoop van snippergroen.
Uitsnede Groenstructuurplan, plangebied met rood omcirkeld (Gemeente Waalwijk, 2017)
In de woonwijken van Waalwijk bevindt de groenstructuur zich vooral langs de belangrijkste verkeersassen. De tussenliggende wijken zijn in verschillende periodes aangelegd. Deze verschillen daarom niet alleen in bouwstijl, maar ook in groenstructuur. Iedere wijk is daarom beoordeeld op zijn sterktes en zwaktes, kansen en bedreigingen. Op basis hiervan zijn de bestaande groene hoofdstructuren en de te ontwikkelen/te versterken groene hoofdstructuren in Waalwijk bepaald en aangegeven (zie bovenstaande afbeelding). De Baardwijksestraat is in het Groenstructuurplan opgenomen als ‘te ontwikkeling/te versterken groene hoofdstructuur’. In het planvoornemen is rekening gehouden met deze hoofdstructuur. De bestaande groenhoofdstructuur wordt (zo veel mogelijk) intact gehouden en daar waar mogelijk versterkt. Werkwijze bomen gemeente Waalwijk Het bomenbeleid van de gemeente Waalwijk richt zich op behoud van een kwalitatief hoogwaardig en veilig bomenbestand. Om dit beleid vorm te geven, wordt binnen de gemeente gebruik gemaakt van diverse instrumenten, procedures en werkafspraken.
NL.IMRO.0867.BPWWBorksesticht-VA01
bestemmingsplan Baardwijksestraat Waalwijk (Borksesticht)
|27
In de Werkwijze bomen gemeente Waalwijk (vastgesteld d.d. 23 juni 2015) zijn alle zaken zoveel mogelijk in onderlinge samenhang bijeengebracht. Het doel hiervan is dat iedereen inzicht kan verkrijgen, hoe er binnen de gemeente Waalwijk met bomen wordt omgegaan. In de Catalogus Waardevolle Bomen zijn alle beschermingswaardige particuliere bomen, dan wel boomzones opgenomen. Voor deze bomen geldt een vergunningplicht. In het plangebied komen geen waardevolle bomen voor. Voor het kappen van bomen geldt dan ook geen vergunningplicht. Wel geldt op basis van artikel 4.1 en 2 van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) een herplantingsplicht. De herplantingsplicht wordt ingevuld door ter plaatse nieuwe bomen te planten indien bomen gekapt worden. Groenbeleidsvisie ‘GroenLeeft’ De Groenbeleidsvisie (vastgesteld op 24 september 2019) is gebaseerd op het coalitieprogramma 2018-2022, bestaande uit beleidsdocumenten met een relatie tot het groen, actuele groene wet- en regelgeving, Groene Agenda, input inwonerspanel groen (inwonerspanel november 2017) en expertise van ambtenaren en adviseurs. Het beleidsstuk bevat een langetermijnvisie voor het groen. Het vormt de basis voor al het andere beleid en regels over het groen in de gemeente Waalwijk. In het beleid is een groennorm opgenomen.
Deze schrijft voor dat in nieuwe woonwijken, dorpen en bedrijventerreinen de openbare ruimte tenminste voor 10% uit groen moet bestaan. Daarbovenop moet in de woonwijken minimaal 5% groen worden gerealiseerd dat wordt gecombineerd met andere functies zoals parkeren, spelen en het opvangen van water. Bij bestaande woongebieden en bedrijventerreinen dient bij reconstructies of herontwikkeling 10% méér openbaar groen dan dat er voor de ontwikkeling aanwezig was te worden aangelegd. Naast de hoeveelheid aan groen, wordt er ingezet op het verbeteren van de kwaliteit van het openbare groen. De groennorm vormt een vertrekpunt voor het ontwerpen van de openbare ruimte. Met als doel te zorgen voor een gezonde, klimaat- en toekomstbestendige leefomgeving. Het plangebied is gelegen binnen het gebiedstype ‘Woongebied’. Voor wat betreft nieuwbouw in woonwijken in Waalwijk is in de Groenbeleidsvisie het volgende opgenomen: • Voor een aantrekkelijke en duurzame woonomgeving is het vroegtijdig mee-ontwerpen van het groen van belang. Dit betreft zowel de kwaliteit (type groen) als kwantiteit (oppervlakte groen). • Kwantiteit: minimaal 10% van het totale ontwerp wordt als grondgebonden openbaar groen ingericht met het gebruik van kwaliteitselementen en oog op de diversiteit.
Daarnaast bestaat extra 5% uit combinatie van groen met andere functies, zoals parkeren, natuurlijk spelen en wateropvang • Kwaliteitselementen voorbeelden: parken, vogelbosjes, natuurvriendelijke oevers, bomen(lanen). De kwaliteitselementen worden ook gericht op samenhang met biodiversiteit, toekomstbestendigheid, beleving en zo mogelijk participatie. Voor de uitwerking van de kwaliteitselementen kunnen de gidssoorten als richtlijn worden gebruikt. • Groen wat binnen het totale ontwerp van een semiopenbare of particuliere ruimte wordt gerealiseerd en met een blijvende meerwaarde voor de leefomgeving, kan hiervoor worden meegerekend. • Particulier groen stimuleren.