CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Bouwsteen gezonde fysieke leefomgeving

Raadsvergadering (B) 11 november 2021, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Beleidsbasis voor gezondheid in de omgevingsvisie7.224 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bouwsteen gezonde fysieke leefomgeving Beleidsbasis voor gezondheid in de omgevingsvisie

Powered by TCPDF (www.tcpdf.org)

Bouwsteen gezonde fysieke leefomgeving 14 september 2021

Inhoud Bouwsteen gezonde fysieke leefomgeving .............................................................................. 1 Voorwoord ......................................................................................................................... 2 Samenvatting ..................................................................................................................... 3 1. Inleiding ........................................................................................................................ 4 1.1 Aanleiding.................................................................................................................. 4 1.2 Doel .......................................................................................................................... 4 1.3 Proces ....................................................................................................................... 5 1.4 Reikwijdte.................................................................................................................. 6 1.5 Leeswijzer ................................................................................................................. 6 1.6 Context Omgevingswet ............................................................................................... 7 2.

Strategie ........................................................................................................................ 8 2.1 Ambitie ..................................................................................................................... 9 2.2 Strategische doelen .................................................................................................. 10 2.2.1 Basis op orde...................................................................................................... 10 2.2.2 Gezondheidswinst ............................................................................................... 11 2.3 Strategische uitgangspunten ...................................................................................... 12 2.3.1 Beschermen en bevorderen .................................................................................. 12 2.3.2 Samen en vroegtijdig .......................................................................................... 13 2.3.3 Slim stimuleren en regelen ................................................................................... 14 3. Thematische analyse ..................................................................................................... 15 3.1 Opzet analyse ..........................................................................................................

15 3.2 Resultaat analyse ..................................................................................................... 15 4. Gebiedsgerichte pilot ..................................................................................................... 22 4.1 Opzet pilot ............................................................................................................... 22 4.2 Resultaat pilot .......................................................................................................... 22 5. Resultaat bouwsteen ..................................................................................................... 25 5.1 Conclusies ............................................................................................................... 25 5.2 Aanbevelingen.......................................................................................................... 27 5.3 Vervolg ................................................................................................................... 28

1

Voorwoord Gezondheid leeft in Waalwijk. Wekelijks lees en hoor ik over goede initiatieven vanuit de samenleving. Ieder zorgt zo op eigen wijze voor een bijdrage aan een gezondere leefomgeving in stad, dorp of buitengebied. De vrijwilligers die het Wandelpark in Waalwijk schoonhouden, de Samentuin in Sprang-Capelle, het Klauterwoud in Waspik zijn zo een paar voorbeelden. Deze voorbeelden dragen bij aan meer bewustwording voor het belang van een gezonde fysieke leefomgeving. Door de corona pandemie zijn we het groen dicht bij ons huis veel meer gaan waarderen. Over het geheel genomen geven Waalwijkers hun eigen buurt een ruim voldoende. Tegelijk is er nog genoeg ruimte voor verbetering. Dit document geeft daar richting aan. We gaan ons als gemeente meer richten op wat mogelijk en nodig is voor een gezondere leefomgeving. Het beoogde resultaat is gezondheidswinst voor alle mensen die in Waalwijk wonen, werken en verblijven. Dat lukt alleen als we dat samen doen en ieder zijn steentje bijdraagt waar dat mogelijk is. De eerste stap daarin is gezet. Hartelijk dank aan alle inwoners, ondernemers en instellingen die hebben meegewerkt aan het proces om deze bouwsteen gezonde fysieke leefomgeving te kunnen maken. Ik kijk uit naar het zetten van de volgende stappen. Wethouder Eric Daandels

2

Samenvatting

3

1. Inleiding 1.1 Aanleiding Het belang van gezondheid als verbinding tussen het sociale en ruimtelijke domein, neemt steeds meer toe. In de nieuwe Omgevingswet maakt het onderwerp gezonde fysieke leefomgeving deel uit van de maatschappelijke doelen van de wet. In het landelijke, regionale en gemeentelijke gezondheidsbeleid is dit onderwerp benoemd als een van de speerpunten. In het Waalwijkse coalitieprogramma 2018-2022 is een ‘gezonde leefomgeving’ een van de ambities om mee aan de slag te gaan. Genoeg aanleiding dus het onderwerp ‘gezonde fysieke leefomgeving’ verder vorm te geven in het ruimtelijke beleid van Waalwijk. In het plan van aanpak voor het project ‘Waalwijk Omgevingswet-proof’ is door de raad op 10 oktober 2019 vastgesteld dat we dit gaan doen als onderdeel van de omgevingsvisie.

1.2 Doel Het bestaande gezondheidsbeleid richt zich voornamelijk op de sociale aspecten van gezondheid. Voor de omgevingsvisie is een vertaling nodig van het onderwerp gezondheid naar het beleid van de fysieke leefomgeving. Dit is een nieuwe invalshoek in het ruimtelijk domein. Met dit document maken we een start met deze vertaling. We maken op deze manier een ‘bouwsteen’ voor de omgevingsvisie. Het doel van deze bouwsteen ‘gezonde fysieke leefomgeving’ is om in de gemeentelijke omgevingsvisie een beleidsbasis te leggen voor het onderwerp gezondheid in relatie tot de fysieke leefomgeving. In de Omgevingsvisie 1.0 is het bestaande beleid met een relatie tot de fysieke leefomgeving verzameld tot één overzicht1. Deze bouwsteen ‘gezonde fysieke leefomgeving’ (hierna: bouwsteen) nemen we op in het overzicht van bestaand beleid op het gebied van de fysieke leefomgeving waardoor de Omgevingsvisie 1.5 ontstaat. De bouwsteen vormt een belangrijk ingrediënt voor de Omgevingsvisie 2.0. In de Omgevingsvisie 2.0 beschrijven we de (middel)lange termijnvisie voor de fysieke leefomgeving op basis van de letter en geest van de Omgevingswet. Voor de ontwikkeling van Omgevingsvisie 2.0 stellen we eerst een afzonderlijk plan van aanpak op. Naar verwachting wordt de Omgevingsvisie 2.0 in 2024 ter vaststelling aan de gemeenteraad aangeboden.

1

www.waalwijk.nl/omgevingsvisie 4

1.3 Proces Voor het opstellen van deze bouwsteen gaan we uit van drie verschillende invalshoeken, namelijk strategie, thematische analyse en de gebiedsgerichte pilot. Voor de totstandkoming van deze bouwsteen hebben we o.a. de volgende stappen doorlopen: •

Op 3 november 2020 is de raad per raadsinformatiebrief2 geïnformeerd over het Deelprojectplan Omgevingsvisie 1.5, inclusief de aanpak van de participatie. Deze bouwsteen hebben we uitgewerkt op basis van de kaders van dit deelprojectplan.

•

Op 2 februari 2021 heeft de raad de Omgevingsvisie 1.0 vastgesteld3.

•

In februari en maart van 2021 heeft er participatie plaatsgevonden over de relatie tussen het onderwerp ‘gezondheid’ en de fysieke leefomgeving. De participatie bestond uit twee onderdelen: o

Diepte-interviews met stakeholders van acht verschillende bedrijven en (maatschappelijke) instellingen om input uit de samenleving op te halen over de relatie tussen het onderwerp ‘gezondheid’ en de fysieke leefomgeving;

o

Een peiling onder inwoners van Waalwijk over wat zij vinden van hun fysieke leefomgeving in relatie tot gezondheid. In totaal hebben 526 inwoners meegedaan aan de digitale peiling.

De resultaten van participatie bestaat uit drie onderdelen: 1. Eindverslag Gezond Waalwijk Omgevingsvisie 1.5 waarin de belangrijkste resultaten van de interviews en de vragenlijst zijn geanalyseerd en samengevat; 2. Resultaten interviews Gezond Waalwijk Omgevingsvisie 1.5; 3. Resultaten digitale vragenlijst Gezond Waalwijk Omgevingsvisie 1.5. Deze documenten zijn toegevoegd in het bijlagenboek bij dit document. De resultaten van participatie hebben we gebruikt voor het opstellen van deze bouwsteen. Naast de waardevolle inbreng van participatie, hebben we een analyse gemaakt van het huidige gemeentelijke beleid en beschikbare data van OMWB en GGD. Onderzocht is waar al verbindingen zijn te leggen met het onderwerp gezondheid. Naast deze analyse is in twee werksessies met deskundigen vanuit het fysieke en sociale domein van de gemeente en vertegenwoordigers van de OMWB en de GGD opgehaald waar we nu staan en waar we naar toe willen. Alle input van de participatie, de analyse en de werksessies is gebruikt bij het opstellen van het thematische deel van deze bouwsteen. De volledige uitwerking van de thematische analyse is toegevoegd in het bijlagenboek bij dit document. Voor de gebiedsgerichte pilot hebben we bij ruimtelijke ontwikkelingen het onderwerp gezondheid waar mogelijk expliciet meegenomen in de planologische advisering.

Dit heeft geleid tot een handvat met concrete voorbeelden voor initiatiefnemers om ze te stimuleren rekening te houden met gezondheid bij de uitwerking van een ruimtelijke ontwikkeling. De volledige uitwerking van de gebiedsgerichte pilot is toegevoegd in het bijlagenboek bij dit document. De thematische analyse en de gebiedsgerichte pilot hebben geleid tot de strategie voor een gezonde fysieke leefomgeving in de omgevingsvisie. De geformuleerde ambitie, doelen en uitgangspunten worden samen met de conclusies en aanbevelingen meegenomen in het vervolg.

2

Raadsinformatiebrief 77-20

3

www.waalwijk.nl/omgevingsvisie 5

1.4 Reikwijdte Er is geen standaard definitie voor de begrippen ‘gezondheid’ of ‘gezonde fysieke leefomgeving’. In deze paragraaf geven we daarom de reikwijdte aan van het begrip ‘gezonde fysieke leefomgeving’ aan waar we in deze bouwsteen vanuit gaan. Voor het begrip ‘fysieke leefomgeving’ gaan we uit van de fysieke leefomgeving zoals bedoeld in de Omgevingswet. Daaronder vallen in ieder geval bouwwerken, infrastructuur, water, watersystemen, bodem, lucht, landschappen, natuur en cultureel erfgoed en werelderfgoed. Ook de activiteiten die gevolgen hebben of kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving vallen hieronder. Voorbeelden daarvan zijn het produceren van geluid en geur. Voor het begrip ‘gezondheid’ gaan we uit van het concept ‘positieve gezondheid’. Deze afbakening is ook gebruikt in het actuele landelijke, regionale en lokale gezondheidsbeleid. Het concept positieve gezondheid is een brede benadering: gezondheid is veel meer dan de afwezigheid van ziekte (enge benadering). Het vermogen van de mens zich aan te passen en eigen regie te voeren hoort ook hierbij (brede benadering). Deze brede benadering richt zich dus niet alleen op het beschermen van de gezondheid voor invloeden van buitenaf, maar ook op het bevorderen van keuzes die mensen zelf maken voor een gezonde leefstijl.

1.5 Leeswijzer Deze bouwsteen vormt een beleidsbasis vanuit verschillende invalshoeken: •

Strategie (hoofdstuk 2): het bepalen van de ambitie, doelen en uitgangspunten in relatie tot het begrip ‘gezonde fysieke leefomgeving’

•

Thematische analyse (hoofdstuk 3): analyse per beleidsthema wat de gemeente Waalwijk al doet ten aanzien van een ‘gezonde fysieke leefomgeving’ en inzicht in wat belangrijk wordt gevonden volgens de uitkomsten van het participatieproces.

•

Gebiedsgerichte pilot (hoofdstuk 4): pilot om in een vroegtijdig stadium het onderwerp gezondheid bij ruimtelijke ontwikkelingen te betrekken.

•

Resultaat bouwsteen (hoofdstuk 5): conclusies en aanbevelingen voor het vervolg.

6

1.6 Context Omgevingswet In het kader schetsen we de context van de Omgevingswet over de Omgevingsvisie en andere kerninstrumenten die daarbij van belang zijn.

Omgevingswet en kerninstrumenten De Omgevingswet kent een aantal kerninstrumenten. De Omgevingsvisie is één van de kerninstrumenten. De andere belangrijke

kerninstrumenten

voor

de

gemeente

zijn

omgevingsprogramma’s,

omgevingsplan

en

omgevingsvergunning. Deze kerninstrumenten hebben allen een plek in de beleidscyclus. De beleidscyclus biedt een structuur om de instrumenten van de Omgevingswet te ordenen.

Omgevingsvisie De Omgevingswet verplicht het Rijk, de provincie en gemeenten om een omgevingsvisie op te stellen. De omgevingsvisie is een integrale langetermijnvisie met daarin het samenhangende, strategische beleidskader voor de fysieke leefomgeving. We gebruiken de omgevingsvisie als samenhangend en richtinggevend instrument om afwegingen en keuzes te maken. Ruimtelijke, economische en sociale componenten beïnvloeden elkaar en daarom krijgen ze in samenhang een plek in de omgevingsvisie. Een samenhangende visie bevordert zo een duurzame ontwikkeling. Omgevingsprogramma’s In het programma zitten maatregelen voor bescherming, beheer, gebruik en ontwikkeling van de leefomgeving. Om de ambities en doelen uit de omgevingsvisie te bereiken kan een omgevingsprogramma worden opgesteld. Aan de hand van concrete maatregelen kan hiermee uitvoering worden gegeven aan de gestelde ambities en doelen. Omgevingsplan Het omgevingsplan vertaalt de doelen en het beleid uit de omgevingsvisie en omgevingsprogramma’s naar regels. De regels in het omgevingsplan moeten samen leiden tot een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’. Regels die nodig zijn voor het borgen van de visie zetten we in het omgevingsplan. Om bepaalde doelen uit de omgevingsvisie te bereiken kunnen in het omgevingsplan omgevingswaarden worden opgenomen.

Omgevingswaarden zijn kwaliteitsnormen vanuit het Rijk, de provincie of gemeente, voor bepaalde onderdelen van de fysieke leefomgeving. Deze normen kunnen bestaan uit een inspanningsverplichting of een resultaatverplichting. Het vaststellen van een omgevingswaarde door de gemeente betekent tevens de verplichting tot het monitoren van de vastgestelde omgevingswaarde. Indien een omgevingswaarde wordt overschreden is de gemeente verplicht om een omgevingsprogramma te maken waarin we onszelf verplichten tot maatregelen om de overschrijding ongedaan te maken. Het is daarom van belang om enkel omgevingswaarden op te nemen indien je de waarde dreigt te overschrijden. In deze bouwsteen nemen wij geen gemeentelijke omgevingswaarden op. Omgevingsvergunning Burgers, bedrijven en overheden kunnen toestemming vragen om activiteiten in de fysieke leefomgeving te mogen uitvoeren door het aanvragen van een omgevingsvergunning. Of toestemming mogelijk is, volgt onder andere uit het omgevingsplan. Met toezicht en handhaving ziet de overheid toe op naleving van de algemene regels en vergunningvoorschriften. 7

2. Strategie In dit hoofdstuk bepalen we de ambitie, doelen en uitgangspunten welke een beleidsbasis vormt voor het onderwerp gezondheid in relatie tot het begrip ‘gezonde fysieke leefomgeving’. Deze strategie komt voort uit de verschillende huidige kaders voor strategie en de resultaten van de thematische analyse en gebiedsgerichte pilot. Deze strategie geeft uitdrukking aan het streven om in ons gemeentelijke beleid een samenhangende basis te leggen voor het onderwerp gezondheid in de fysieke leefomgeving. Ingrediënten voor de strategie op basis van de huidige kaders 1. Omgevingswet De Omgevingswet is gericht op het bereiken van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving, een goede omgevingskwaliteit en het in stand houden daarvan. Tevens helpt de wet bij het beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving zo dat alle maatschappelijke functies ook op de lange termijn duurzaam vervuld kunnen worden. Gezondheid is daarmee een waarde die van het begin af aan meeweegt bij ontwikkelingen in het fysieke domein. Dit volgt uit artikel 1.3 Omgevingswet waarin de maatschappelijke doelen van deze wet staan. 2. Landelijk gezondheidsbeleid. Het nationaal gezondheidsbeleid kent een aantal speerpunten. Eén van deze speerpunten is een ‘gezonde leefomgeving’.

Dit speerpunt is erop gericht om meer oog te hebben voor het thema gezondheid in de (fysieke) leefomgeving en meer aandacht te besteden aan gezondheid bij ruimtelijke ontwikkelingen. De ambitie is om in 2024 gezondheid een vast onderdeel van de belangenafweging in ruimtelijk beleid te laten zijn, waarbij meer verbinding wordt gecreëerd tussen het fysieke en het sociale domein. Een gezonde leefomgeving wordt in het landelijke gezondheidsbeleid omschreven als een leefomgeving die prettig wordt ervaren, die uitnodigt tot gezond gedrag en waar de druk op de gezondheid zo laag mogelijk is. 3. Structuurvisie Waalwijk 2025 De structuurvisie verwoordt ons streven naar een gezonde leefomgeving. Met als ambitie om vroegtijdig in het ruimtelijke planvormingsproces aandacht te besteden aan de invloed van de fysieke omgevingsaspecten op de gezondheid. 4. Regionaal en lokaal gezondheidsbeleid In de regionale nota publieke gezondheid Midden-Brabant 2020-2023 en het lokaal gezondheidsbeleid 20202023 ‘Go Healthy’ is de ambitie opgenomen om meer oog te hebben voor gezondheidsbeleid in de leefomgeving en meer aandacht te besteden aan gezondheid bij ruimtelijke ontwikkelingen. 5. Coalitieprogramma In het coalitieprogramma ‘Samen Duurzaam vooruit’ is het volgende opgenomen: ‘Waalwijk werkt aan een gezonde leefomgeving omdat dit van invloed is op de gezondheid van mensen.

De gezondheid van de Waalwijkse bevolking (lucht, geur, geluid) wordt integraal onderdeel bij de afweging over ruimtelijke ontwikkelingen. We nemen gezondheid ook op als centraal punt in de nieuwe omgevingsvisie. Waar nodig nemen we maatregelen om knelpunten op dit vlak op te lossen. Voor meer gemeentelijke kaders in relatie tot gezondheid, zie de thematische analyse in het bijlagenboek.

8

2.1 Ambitie Ambitie Waalwijk werkt aan een gezonde fysieke leefomgeving voor iedereen die in Waalwijk woont, werkt of verblijft.

De ambitie om te werken aan een gezonde fysieke leefomgeving willen we stevig verankeren in de omgevingsvisie. Dit is van belang omdat de fysieke leefomgeving aantoonbaar effect heeft op gezondheid van mensen4. Enerzijds doordat milieueffecten in de leefomgeving zoals geluidhinder en luchtvervuiling schade aan de gezondheid kunnen toebrengen. Anderzijds doordat een goed ingerichte leefomgeving ‘gezonde keuzes’ makkelijker maken. We richten ons daarbij op iedereen die in Waalwijk woont, werkt of verblijft. Veel mensen kiezen ieder op hun eigen manier al een gezonde weg. Bijvoorbeeld door een fietstocht te maken over het Halvezolenpad of door afval weg te brengen naar de milieustraat. Maar dat is niet voor iedereen vanzelfsprekend. De dagelijkse zorgen, bijvoorbeeld over geld, mantelzorg of een gemis aan sociale contacten kunnen zorgen voor andere prioriteiten. We houden daarom rekening met ieders persoonlijke omstandigheden.

4

Gezonde leefomgeving, gezonde mensen, B.A.M. Staatsen, Th. van Alphen, D.A. Houweling, J. van der Ree, H. Kruize, RIVM Briefrapport 2016-0172 RIVM, Bilthoven, 2017. 9

2.2 Strategische doelen 2.2.1 Basis op orde

Doel 1 Waalwijk heeft de basis op orde door te voldoen aan wet- en regelgeving op het gebied van een gezonde fysieke leefomgeving. Mensen die in Waalwijk wonen, werken of verblijven mogen er vanuit gaan dat de gemeente voldoet aan de wet- en regelgeving. We noemen dat ‘basis op orde’. Met de komst van de Omgevingswet krijgt een gemeente meer afwegingsruimte voor het stellen van normen voor diverse thema’s (zie afbeelding mengpaneel). Wet- en regelgeving kan een standaardnorm en bandbreedte bevatten. In dat geval is het voldoen aan deze standaardnorm ons vertrekpunt voor de ‘basis op orde’. Voor sommige thema’s kan een gemeente via een bepaalde bandbreedte kiezen om soepeler om te gaan met de standaardnorm, soms alleen strikter en soms is beide mogelijk. Indien we gebruik maken van deze bandbreedte is nog steeds sprake van ‘de basis op orde’ zolang we binnen de afwegingsruimte van de Omgevingswet blijven.

Afbeelding Mengpaneel

10

2.2.2 Gezondheidswinst Doel 2 Waalwijk wil waar mogelijk en nodig gebruik maken van de beleidsruimte op het gebied van de fysieke leefomgeving om gezondheidswinst te boeken. Onder gezondheidswinst verstaan we het verbeteren van gezondheid binnen de reikwijdte van het begrip ‘positieve gezondheid’ (zie paragraaf 1.4) . Werken aan dit doel is mogelijk voor zover dit haalbaar en betaalbaar is. Haalbaar betekent bijvoorbeeld dat we als gemeente bevoegd gezag (mogen) zijn om aanvullend beleid of regelgeving vast te stellen. Bijvoorbeeld door een afweging te maken of en zo ja hoe we gebruik maken van de afwegingsruimte op basis van de Omgevingswet (zie afbeelding mengpaneel). Betaalbaar betekent dat er voldoende budget nodig is om de benodigde kosten te dekken. Werken aan dit doel is nodig indien er vanuit beleid, onderzoek of participatie gebleken is dat er behoefte is aan gezondheidsverbetering. Zo ja, dan kunnen we van onze gemeentelijke beleidsruimte op het gebied van de fysieke leefomgeving gebruik maken. Daarbij kijken we niet alleen naar de effecten per thema op zichzelf, maar ook naar het totale effect (zie voorbeeld – geluid in het centrum). Om te bepalen of sprake is van gezondheidswinst in totaliteit is grotendeels een belangenafweging. De effecten tussen thema’s onderling zijn namelijk niet objectief te vergelijken (appels en peren).

Om per thema een beter beeld te krijgen bij mogelijke gezondheidswinst zijn de Gezondheidsmonitor

en

de

Brabantse

omgevingsscan

een

belangrijke

bron

(zie

kader

Gezondheidsmonitor en BrOS). Voorbeeld – geluid in het centrum Het stellen van strengere normen voor geluid levert gezondheidswinst op omdat minder mensen overlast ervaren. Dit kan er ook voor zorgen dat bijvoorbeeld een centrumgebied minder dynamisch en levendig is. Een dynamisch centrum draagt bij aan het ontmoeten van mensen en daarmee aan de gezondheid omdat er meer gelegenheid voor sociale interactie is. Ook dat is gezondheidswinst. Bij het bepalen van gezondheidswinst is dus niet alleen het effect per thema van belang maar ook het totale effect. Gezondheidsmonitor Om de vier jaar onderzoeken de GGD’s, het RIVM, het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu en het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) o.a. de gezondheidssituatie op lokaal, regionaal en landelijk niveau door middel van de Gezondheidsmonitor. De meest recente informatie

dateert

uit

2016.

In

2020

is

een

nieuw

onderzoek

uitgezet

t.b.v.

de

Gezondheidsmonitor. De resultaten specifiek voor Waalwijk worden in september 2021 gepubliceerd op de website www.monitorgezondheid.nl. BrOS De Brabantse omgevingsscan (BrOS) is een digitale tool om het voor gemeente en provincie eenvoudiger maken om de gezondheid van inwoners mee te nemen in besluitvorming over de leefomgeving. Gemeenten kunnen per wijk zien welke kansen er liggen om de gezondheid van inwoners te verbeteren. Dit is mogelijk gemaakt door cijfers over de leefomgeving te combineren met de gezondheidsbeleving van inwoners via gelaagde kaarten. De Brabantse Omgevingsscan is ontwikkeld samen met gemeente en andere belanghebbenden. De Brabantse Omgevingsscan is een initiatief van de drie Brabantse GGD’en en kenniscentrum Telos. De BrOS is beschikbaar via www.brabantscan.nl/bros 11

2.3 Strategische uitgangspunten

2.3.1 Beschermen en bevorderen Uitgangspunt 1 We werken aan een leefomgeving die de gezondheid beschermt én bevordert van mensen die in onze gemeente wonen, werken of verblijven. We bekijken het onderwerp gezondheid in samenhang met andere onderwerpen, zoals duurzaamheid, veiligheid, omgevingskwaliteit en maatschappelijke behoeften. Zoals aangegeven in paragraaf 1.4 gaan we uit van het concept ‘positieve gezondheid’. Een brede benadering van het onderwerp dat zowel het beschermen van de gezondheid als het bevorderen van de gezondheid inhoud. Daarbij verstaan we het volgende onder de begrippen beschermen en bevorderen: •

Beschermen van gezondheid tegen de negatieve invloed van het milieu in de leefomgeving. Hierbij gaat het vooral om de traditionele milieuthema’s, zoals geluid en geur.

•

Bevorderen van gezondheid door gezonde (leefstijl)keuzes aantrekkelijk te maken in de leefomgeving. Hierbij gaat het om zaken die gezond gedrag beïnvloeden, zoals beweging en gezonde voeding. Samenhangende thema’s per leefomgeving Leefomgevingen

Thema’s

Beschermen Milieuvriendelijke leefomgeving

Geluid, geur, licht & omgevingsveiligheid

Schonere leefomgeving

Waterkwaliteit, bodemkwaliteit, luchtkwaliteit & zwerfafval

Klimaatvriendelijke leefomgeving

Hitte, droogte, wateroverlast & overstromingen

Bevorderen Beweegvriendelijke leefomgeving

Lopen/fietsen, spelen, sporten & verkeersveiligheid

Inclusieve leefomgeving

Groen, woon- en werkomgeving, ontmoeten & toegankelijk

Gedragsvriendelijke leefomgeving

Gezond eten, rookvrij, verminderen alcohol/drugsgebruik

12

In de thematische analyse5 van deze bouwsteen hebben we de meeste thema’s, die van belang zijn om de samenhang in het onderwerp gezondheid te duiden, onderverdeeld in verschillende leefomgevingen (zie kader ‘samenhangende thema’s). De leefomgevingen hebben onderling overlap met elkaar en ook met andere grote onderwerpen zoals

duurzaamheid,

veiligheid,

omgevingskwaliteit

en

maatschappelijke

behoeften.

De

leefomgevingen dienen voornamelijk als structuur om het onderwerp gezondheid samenhangend aan te vliegen. We kiezen voor deze brede benadering omdat veel factoren die van invloed zijn op gezondheid, niet direct vanuit gezondheidsbeleid zijn te beïnvloeden. Hiervoor zijn ook maatregelen nodig vanuit andere beleidsterreinen, zoals onderwijs, ruimtelijke ordening, sociale zaken of milieu. Andersom kan gezondheid een bijdrage leveren aan de doelstellingen van andere beleidssectoren: gezonde inwoners kunnen aan het werk of op andere fronten meedoen in de maatschappij, bijvoorbeeld als mantelzorger of vrijwilliger.6 Het maken van gezonde keuzes bij ruimtelijke planvorming begint bij bewustwording bij zowel het fysieke als het sociale domein over de wijze waarop gezondheid in het (fysieke) beleid kan worden meegenomen. We willen daarom continue werken aan meer bewustwording van het effect van een ruimtelijke ontwikkelingen op gezondheid door dit onderwerp mee te wegen bij zowel beschermende als bevorderende thema’s.

2.3.2 Samen en vroegtijdig Uitgangspunt 2 We werken samen met inwoners, ondernemers en (maatschappelijke) instellingen aan een gezonde fysieke leefomgeving. We nemen het onderwerp gezondheid daarom zo vroegtijdig mogelijk mee in de ontwikkeling van ruimtelijke projecten.

Het grootste effect in samenhang en samenwerking bereiken we door gezondheid al in een vroegtijdig stadium bij het proces van planvorming te betrekken. Daarbij willen we dat zo veel mogelijk inwoners, ondernemers en (maatschappelijke) instellingen mee kunnen doen. Gezien het grote aantal thema’s en belangen waar gezondheid mee samenhangt, is dit geen gemakkelijke opgave. Bovendien is elk gebied en elke opgave anders. Een van de eerste stappen is daarom in zijn algemeenheid de samenwerking een afgesproken plek te geven in het proces. Dat betekent vooraf de gekozen aanpak bekendmaken, uitwerken en achteraf verslag doen. In het schema hierna is daarnaast een mogelijke toepassing gegeven per kerninstrument. Toepassing samen en vroegtijdig •

Algemeen: vooraf de samenwerking uitwerken in een aanpak, uitvoeren en achteraf verslag doen in een onderbouwing.

•

Omgevingsvisie: als eerste stap van de beleidscyclus met participatie vroegtijdig achterhalen wat er leeft in de samenleving t.a.v. gezondheid.

•

Omgevingsprogramma: uitvoeringsagenda opstellen met het oog op gezondheid en naar behoefte vanuit participatie.

•

Omgevingsplan: in de onderbouwing bij het plan maakt de initiatiefnemer het effect op gezondheid inzichtelijk. Daarvoor reiken we een standaard inhoudsopgave aan waarin gezondheid een centrale plek krijgt.

•

Omgevingsvergunning: Voor de initiatiefnemer hebben we een handvat opgesteld met concrete voorbeelden om gezonde keuzes te maken bij de uitwerking van het plan.

5

Hoofdstuk 3 en bijlagenboek: ‘thematische analyse’

6

Structuurvisie Waalwijk 13

2.3.3 Slim stimuleren en regelen Uitgangspunt 3 We zetten onze rol als gemeente slim in om bij het stimuleren en regelen van een gezonde fysieke leefomgeving het grootste effect te kunnen bereiken met onze beperkte invloed en middelen.

Slim betekent goede afwegingen maken over wat we aan de samenleving zelf kunnen overlaten en waar een rol voor de gemeente nodig is. Met onze beperkte middelen en invloed is het zaak goede keuzes te maken die relatief gezien het grootste effecten hebben. Kennis op het gebied van gedragsverandering, data en participatie helpen om meer inzicht te krijgen over gezondheid. Daarmee kunnen we acties afstemmen op doelgroep of gebied waarvoor dit het meeste nodig is. Dit noemen we een gebiedsgerichte uitwerking. Als gemeente zijn we niet altijd (volledig) bevoegd als het gaat om de fysieke leefomgeving. Ook andere partijen zoals rijk, provincie, waterschap, GGD zijn bevoegd op onderdelen. We pakken onze rol als gemeente waar nodig en stemmen deze af met deze andere partijen. Slim stimuleren betekent dat we mensen ondersteunen bij het maken van keuzes voor gezond gedrag. Hierbij hoort ook mensen bewust maken van de manier waarop ze zelf kunnen bijdragen aan een gezonde leefomgeving. Als het gaat om bevorderen van gezond gedrag heeft de fysieke leefomgeving vooral een faciliterende werking. De wijze waarop mensen gebruik maken van deze faciliteiten blijft altijd een keuze. Slim regels stellen betekent alleen regels stellen waar nodig. Regels zijn in ieder geval nodig om te voldoen aan de wet- en regelgeving (basis op orde).

We onderzoeken of en op welke wijze we het meest effectief kunnen stimuleren of regels stellen. Daarbij nemen we ook de effecten mee op de gemeentelijke organisatie (capaciteit, financiën etc.). Slim stimuleren en regelen •

Slim betekent keuzes maken die relatief gezien het grootste effect hebben op de gezondheid voor doelgroepen en gebieden waarvoor dit het meeste nodig is (gebiedsgerichte uitwerking).

•

Slim stimuleren door middel van ondersteunen bij het maken van keuzes die een gezonde fysieke leefomgeving bevorderen, bijvoorbeeld stimuleren met voorlichting of met (financiële) middelen.

•

Slim regelen alleen indien nodig, bijvoorbeeld om te voldoen aan de wet- en regelgeving of om de gewenste gezondheidswinst te bereiken als dat op een andere wijze niet voldoende effect heeft.

14

3. Thematische analyse Dit hoofdstuk bevat een samenvatting van de thematische analyse om meer inzicht te krijgen in de raakvlakken met het onderwerp gezondheid. De volledige uitwerking van de thematische analyse is toegevoegd in het bijlagenboek bij dit document.

3.1 Opzet analyse Gezondheid raakt veel thema’s waar we als gemeente aan werken. Om meer samenhang te krijgen tussen thema’s is gekozen voor een opzet door verschillende leefomgevingen te benoemen en daar de bijbehorende thema’s aan te koppelen. Zie het kader hierna voor de opzet van de analyse. Opzet thematische analyse

Uitgevoerd: Q1 en Q2 2021

Stap 1. Keuze samenhangende thema’s •

Uitgangspunt: positieve gezondheid, zowel beschermen als bevorderen van de gezondheid.

•

Focus op de thema’s die een relatie hebben met milieu, kwaliteitsverbetering (schoon), klimaat, bewegen, inclusie en gedrag.

Stap 2 Analyse beschikbare gegevens •

Inventarisatie beschikbare beleidsdocumenten, (participatie) gegevens en data

•

Werksessies met deskundigen uit het fysieke en sociale domein van de gemeente en vertegenwoordigers van de OMWB en de GGD waarbij is opgehaald waar we nu staan en waar we naar toe willen.

•

Analyse wet- en regelgeving huidig omgevingsrecht.

•

Analyse bestaand gemeentelijk beleid.

•

Analyse beschikbare data OMWB en GGD (gezondheidsmonitor en BrOs).

•

Analyse resultaten participatie.

Stap 3. Verwerken resultaten •

De resultaten van stap 1 en 2 verwerken in een verslag.

•

Conclusies en aanbevelingen in het verslag opnemen op basis van stap 1 en 2.

•

Strategie aanvullen op basis van conclusies en aanbevelingen

3.2 Resultaat analyse Resultaat samenhangende thema’s In paragraaf 2.3.1 is een overzicht van de leefomgevingen met de bijbehorende samenhangende thema’s opgenomen die zijn geanalyseerd in deze thematische analyse. Resultaat per leefomgeving In de volgende zes infographics volgt een samenvatting per leefomgeving met daarin: •

Wat verstaan we onder de leefomgeving?

•

Welke thema’s horen bij de leefomgeving?

•

Welke raakvlakken met de Global Goals kent deze leefomgeving?

•

Waar staan we nu?

•

Wat vindt de samenleving?

•

Waar willen we naartoe?

De conclusies en aanbevelingen t.a.v. de thematische analyse zijn opgenomen in hoofdstuk 5.

15

16

17

18

19

20

21

4. Gebiedsgerichte pilot Dit hoofdstuk bevat een samenvatting van een pilot om het onderwerp gezondheid vroegtijdig te betrekken bij ruimtelijke ontwikkelingen met een verschillende impact. De volledige uitwerking van de gebiedsgerichte pilot is toegevoegd in het bijlagenboek bij dit document.

4.1 Opzet pilot We hebben ervoor gekozen de pilot op te zetten vanuit de planologische advisering over ruimtelijke ontwikkelingen. Als een ruimtelijke ontwikkeling niet past in het geldende bestemmingsplan is een van de eerste stappen het vragen van een planologisch advies om te beoordelen of toch medewerking kan worden in afwijking van het bestemmingsplan. Planologisch advies wordt gevraagd over plannen met een diverse impact: van advisering bij conceptaanvragen voor de verbouwing van een woning tot advisering over een ontwikkelingsgebied in het centrum. Het onderwerp gezondheid in het ruimtelijk domein is nog relatief nieuw en volop in ontwikkeling. Om die reden is ervoor gekozen deze pilot gedurende een korte periode, kleinschalig en ambtelijk te doen naast de normale advisering. Zie het kader hierna voor de opzet van de pilot. Opzet gebiedsgerichte pilot

Uitgevoerd: Q2 2021

Stap 1. Keuze instrument voor pilot •

Inventariseren en analyseren instrumenten om gezondheid mee te wegen bij ruimtelijke ontwikkelingen

•

Afwegen en kiezen van het instrument dat het beste past bij een brede benadering van het begrip gezondheid

Stap 2 Toepassen gekozen instrument •

Naast de normale advisering het gekozen instrument als checklist gebruiken om de toepassingsmogelijkheden te ontdekken

•

Ervaringen, vragen en ideeën verzamelen op basis van toepassing gekozen instrument en beschikbare informatie

Stap 3. Verwerken resultaten •

De resultaten van stap 1 en 2 verwerken in een verslag

•

Conclusies en aanbevelingen in het verslag opnemen op basis van stap 1 en 2

•

Zo nodig strategie bijstellen op basis van conclusies en aanbevelingen

4.2 Resultaat pilot Er bestaan verschillende integrale instrumenten die kunnen helpen om alle relevante onderwerpen en belangen bij een ruimtelijke ontwikkeling in beeld te krijgen. Niet alle instrumenten zijn gericht op het beschermen én bevorderen van gezondheid, maar enkel op het beschermen van gezondheid. We hebben drie instrumenten geselecteerd welke ingaan in op zowel het beschermen als het bevorderen van de gezondheid. 1.

Quickscan Gezonde Leefomgeving

2.

Gezonde Omgeving (GO)-methode

3.

Leefplekmeter

22

Resultaat keuze instrument Wij hebben voor deze pilot gebruik gemaakt van de

Leefplekmeter.

We

hebben

voor

de

Leefplekmeter als instrument gekozen omdat, dit instrument niet alleen gericht is op de toets van afzonderlijke thema’s maar ook op meer integrale

samenhangende

thema’s

zoals

bewegen en schoon/netjes. De Leefplekmeter behandelt veertien thema’s die betrekking hebben op de relatie tussen de omgeving en de beleving. Het doel van de Leefplekmeter

is

om

de

discussie

onder

belanghebbende op gang te brengen over een leefplek om deze te verbeteren, te evalueren, of een nieuwe wijk of buurt in te richten. De veertien thema’s hebben een integraal karakter waardoor gezondheid als samenhangend onderwerp makkelijk en in een vroegtijdig stadium meegenomen kan worden bij ruimtelijke ontwikkelingen. Resultaat toepassing Leefplekmeter De Leefplekmeter is geschikt voor iedere ruimtelijke ontwikkeling. Het instrument moet geen doel op zich zijn maar een middel om integraal en in samenspraak met belanghebbenden een ruimtelijke ontwikkeling vorm te geven. Maar hoe doe je dat, rekening houden met gezondheid bij een ruimtelijke ontwikkeling? Waar kun je aan denken en hoe ver moet je gaan? Daarvoor hebben we het ‘handvat gezondheid in ruimtelijke ontwikkelingen’ opgesteld. Dit handvat is tot stand gekomen aan de hand van de toepassing van de Leefplekmeter in de praktijk en voorbeelden op internet. De resultaten zijn verzameld, samengevat en geordend naar de verschillende leefomgevingen in het schema hierna. Daarbij is een onderscheid gemaakt tussen gebouw, perceel en gebied. De omvang van ruimtelijke ontwikkelingen kan namelijk variëren van een gebouw tot een volledige gebiedsontwikkeling.

Onderstaande schema is bedoeld om concrete voorbeelden te geven aan initiatiefnemers om ze te stimuleren, bij de uitwerking van een ruimtelijke ontwikkeling, rekening te houden met gezondheid. Het schema is niet volledig maar geeft inspiratie voor het vervolg.

23

Handvat – gezondheid in ruimtelijke ontwikkelingen Leefomgeving

Gebouw

Perceel

Gebied

Milieuvriendelijke

•

•

•

leefomgeving

Maatregelen om overlast van uitstoot te verminderen (bv. geluidsarme gevels voor een goede nachtrust en

Milieuhinderlijke bestemmingen saneren uit woongebieden.

•

reclame enkel verlichten indien

maken voor langzaam verkeer t.b.v.

Voorzieningen met geur/geluidsuitstoot slim positioneren t.o.v. buren.

De inrichting van het gebied aantrekkelijk verminderen uitstoot.

•

noodzakelijk).

Doelgroepen afstemmen op omgevingsveiligheid. Passen de meest intensieve gebruikers in het gebied.

Schonere

•

leefomgeving

Rekening houden met de achterzijde

•

Saneren vervallen bebouwing.

van een gebouw om

•

Behoud en verbetering cultuurhistorie.

overlast/vandalisme te voorkomen.

•

groene kwaliteiten. •

•

Circulair bouwen.

Klimaatvriendelijke

•

Groene daken.

•

Groen combineren met parkeren.

leefomgeving

•

Isolatie voor een aangenaam

•

Houdt rekening met de verhouding

Versterken van bestaande blauwe en Combineren groen en water t.b.v. recreatie.

binnenklimaat.

•

Combineren van functies met groen/water t.b.v. klimaatadaptatie.

verhard/onverhard oppervlak t.b.v. waterretentie en hittestress.

Beweegvriendelijke

•

leefomgeving

(groene) buitenruimte bij woningen en

•

bedrijven. •

Ontsluitingen mogen niet ten koste gaan

•

Snelheidsmaatregelen.

van fiets/voetpaden.

•

Parkeren zo veel mogelijk aan de

Fietsvoorzieningen bij de deur.

buitenranden van het gebied. •

Speel/sportvoorzieningen in woongebieden.

Inclusieve

•

leefomgeving

Toegankelijkheid minder validen en

•

ouderen.

Houdt rekening met de mogelijke

•

cultuurhistorie van het perceel. •

Toegankelijkheid perceel voor snel en

Houdt rekening met de mogelijke cultuurhistorie van het gebied.

•

Rolstoelparkeerplaatsen bij de deur

•

•

Oriëntatie op openbaar gebied voor

langzaam verkeer, minder validen,

sociale verbindingen.

ouderen.

•

Voorkom onoverzichtelijke hoeken en

•

Gedifferentieerd woningaanbod t.b.v. sociale cohesie en betaalbaarheid. Ontmoetingsvoorzieningen (i.c.m. groen/speelvoorzieningen).

Gedragsvriendelijke leefomgeving

•

Indeling van het gebouw t.a.v. trappen

•

liften. Stimuleer het gebruik van trappen.

stegen. •

Verlichting van het perceel.

Afstand tot scholen, sportvoorzieningen snackbars en coffeeshops.

•

Voorkom onoverzichtelijke hoeken en stegen.

De conclusies en aanbevelingen t.a.v. de gebiedsgerichte pilot zijn opgenomen in hoofdstuk 5. 24

•

Auto’s aan randen van het gebied.

•

Straatverlichting t.b.v. veiligheid.

5. Resultaat bouwsteen 5.1 Conclusies Op basis van de strategie, thematische analyse en gebiedsgerichte pilot zijn conclusies geformuleerd over deze bouwsteen. Strategie •

Waalwijk is uniek in het maken van een bouwsteen voor de omgevingsvisie, die enkel is gericht op het onderwerp gezondheid in de fysieke leefomgeving. Dit document is het resultaat van pionieren in een relatief nieuw onderwerp in het fysiek domein.

•

In de samenleving staat gezondheid hoog op de agenda, mede als gevolg van de coronapandemie en de komst van de Omgevingswet. Het onderwerp gezondheid in de fysieke leefomgeving is daardoor volop in ontwikkeling en actueel. Deze bouwsteen is daarom een start maar is zeker niet volledig.

•

Een omgevingsvisie bevat de lange termijnvisie met de ambities en beleidsdoelen voor de gehele fysieke

leefomgeving.

Het

onderwerp

gezondheid

is

niet

los

te

zien

van

andere

samenhangende onderwerpen, zoals duurzaamheid, veiligheid, omgevingskwaliteiten en maatschappelijke behoeften. •

Met de gekozen ambitie als onderdeel van het strategisch beleid stellen we het belang van het onderwerp ‘gezonde fysieke leefomgeving’ voor heel Waalwijk vast. Daarmee ontstaat een stevigere beleidsbasis voor samenhang in beleid, plannen en advisering. Hierdoor wordt dit onderwerp meer dan een sectoraal thema.

•

De twee gestelde doelen zijn van belang om onderscheid te kunnen maken in wat we moeten (1. basis op orde) en in wat we daarnaast nog meer willen (2. gezondheidswinst). Dit onderscheid is van belang om enerzijds te voldoen aan wet- en regelgeving en anderzijds onze beleidsruimte gericht te gaan gebruiken voor gezondheidswinst. Op basis van het bestaande beleid is nu niet altijd duidelijk wat we daaraan bijdragen.

•

Met de drie uitgangspunten zorgen we ervoor dat we het onderwerp gezonde fysieke leefomgeving voldoende breed benaderen (1. beschermen en bevorderen), iedereen op tijd betrekken (2. samen en vroegtijdig) en onze beperkte middelen effectief inzetten door een gebiedsgerichte uitwerking (3. slim stimuleren en regelen).

Thematische analyse •

De gekozen indeling in leefomgevingen en thema’s helpt om meer samenhang te zien in de grote hoeveelheid thema’s met een raakvlak op gezondheid. Ook het onderscheid tussen beschermen en bevorderen van gezondheid helpt daarbij.

•

Onze basis is op orde in de huidige situatie. Uit de thematische analyse blijkt dat we voldoen aan de huidige wet- en regelgeving. Met de komst van de Omgevingswet wijzigt het systeem van wet- en regelgeving, vooral voor de milieuthema’s. Niet alle effecten daarvan zijn al goed in beeld voor de kerninstrumenten van de Omgevingswet. Daarom was het nog niet mogelijk om de effecten van de Omgevingswet voor de thema’s concreet te maken.

•

•

In de huidige situatie werken we op allerlei manieren al aan gezondheidswinst, al dragen we dat niet altijd expliciet uit. Het huidige beleid en beschikbare (participatie) gegevens zijn onvoldoende gebiedsgericht om te weten in welke gebieden en wijken opgaves liggen en waar de meeste effecten voor gezondheidswinst te behalen zijn. Alle Global goals hebben op een bepaalde manier een raakvlak met gezondheid. Dat maken we in het beleid nog niet standaard inzichtelijk. De uitwerking van de Global goals naar

25

taakvelden voor de gemeenten7 geven goede aanknopingspunten om op een herkenbare manier gezondheidswinst concreet te maken voor de praktijk. •

De beschikbare gezondheidsdata wordt steeds beter toegankelijk gemaakt en ook vertaalt naar de fysieke leefomgeving. Dit helpt om effecten en belevingen inzichtelijk te maken. De uitdaging is de grote hoeveelheid data optimaal te combineren en te gebruiken.

•

Het vergelijken van thema’s onderling, op basis van de data, is als appels met peren vergelijken. Het maken van keuzes blijft daardoor een belangenafweging.

•

De resultaten van de Gezondheidsmonitor 2016 zijn wel per thema verzameld maar niet verder geanalyseerd vanwege de datering van deze gegevens. In september 2021 komen er voor Waalwijk nieuwe data beschikbaar in de Gezondheidsmonitor.

•

•

Het participatietraject heeft inzicht gegeven in de beleving van gezondheid onder inwoners, ondernemers en (maatschappelijke) instellingen. Over het geheel genomen geven Waalwijkers hun eigen buurt een ruim voldoende. Tegelijk is er nog genoeg ruimte voor verbetering. Niet alle doelgroepen zijn bereikt via participatie. De doelgroep jongeren heeft nauwelijks gereageerd op de vragenlijst. Bij de interviews zijn de vertegenwoordigers van de doelgroepen: jongeren, uitzendkrachten, lokale ondernemers en mensen met psychische zorg niet ingegaan op de uitnodiging voor een gesprek.

Gebiedsgerichte pilot •

Het maken van gezonde keuzes bij ruimtelijke planvorming begint bij bewustwording. Dit geldt voor zowel het fysieke als het sociale domein.

•

Er zijn een behoorlijk aantal instrumenten beschikbaar welke gezondheid in meer of mindere mate een plek geven in het ruimtelijke domein. Deze instrumenten zijn nog volop in ontwikkeling. Met de uitgevoerde pilot leveren wij als gemeente een bijdrage aan deze ontwikkeling.

•

Toepassing van het instrument Leefplekmeter of een ander instrument helpt bij de bewustwording maar heeft wel inhoud nodig t.a.v. actuele opvattingen en mogelijkheden voor toepassing in de praktijk. Het gebruik van een instrument is een middel en geen doel op zich.

•

Voor de traditionele ruimtelijke thema’s zoals milieu, bodem, water, wonen, verkeer, groen en erfgoed is het vanzelfsprekend om vroegtijdig advies te vragen over ruimtelijke ontwikkelingen. De insteek van de adviezen is meestal sectoraal vanuit de wet- en regelgeving en bestaand beleid. De bijdrage van de ontwikkeling aan het onderwerp gezondheid wordt in de advisering vaak niet expliciet benoemd.

•

Voor de traditionele sociale thema’s zoals toegankelijkheid, roken, alcohol en drugs is het veel minder vanzelfsprekend om vroegtijdig advies te vragen bij ruimtelijke ontwikkelingen.

•

Bij advisering over ruimtelijke plannen is behoefte aan een stevige beleidsbasis om gezondheid een meer centrale plek in advisering te geven. Daarnaast is behoefte aan kennis over concrete toepassingen op dit gebied in de leefomgeving.

•

Bij advisering over een gebiedsontwikkeling is gebleken dat er behoefte is aan informatie over de omgeving van een plangebied. Informatie als: waar is behoefte aan in een wijk? Welke kenmerken horen bij een gewenst gebiedstype? Lang niet altijd is die informatie nu snel en overzichtelijk voor handen.

7

www.vng.nl/artikelen/de-17-global-goals

26

5.2 Aanbevelingen Op basis van de strategie, thematische analyse en gebiedsgerichte pilot zijn en aanbevelingen voor het vervolg inzichtelijk gemaakt. Strategie •

Blijven pionieren voor het onderwerp gezonde fysieke leefomgeving. Dit is van belang om de nu in gang gezette energie vast te houden.

•

Op dit onderwerp de ontwikkelingen bijhouden zodat goede ideeën en toepassingen gebruikt kunnen worden bij de volgende stappen.

•

Deze bouwsteen gebruiken als belangrijk ingrediënt om het onderwerp gezondheid een belangrijke plek te geven in de Omgevingsvisie 2.0. Deze bouwsteen integreren met de andere samenhangende

onderwerpen

zoals

duurzaamheid,

veiligheid,

omgevingskwaliteit

en

maatschappelijke behoeften. •

De ambitie voor een gezonde fysieke leefomgeving een centrale plek geven in de Omgevingsvisie 2.0. Dit is nodig om een stevige beleidsbasis te houden ten opzichte van de andere onderwerpen en thema’s in de fysieke leefomgeving.

•

De uitwerking van de doelen en uitgangspunten in de Omgevingsvisie 2.0 gebiedsgericht oppakken. Niet alleen aandacht besteden aan de mogelijke inrichting van de fysieke leefomgeving maar ook aan de gebruikers ervan. Waar is behoefte aan onder de gebruikers, op welke plek, in welke mate?

•

De wijze waarop we onze beleidsruimte inzetten, laten passen bij het DNA van Waalwijk en de Waalwijker.

Thematische analyse •

Voor het vervolg is het zaak voor alle onderwerpen en thema’s in totaliteit een structuur te kiezen die helpt om het overzicht te houden en de samenhang te overzien. Zo nodig leefomgevingen en de thema’s die daaraan zijn gekoppeld zoals die in deze bouwsteen zijn gekozen nog aanpassen of aanvullen.

•

Om onze basis op orde te houden is van belang bij de verdere ontwikkeling van de omgevingsvisie meer kennis op te bouwen over de effecten van de wet- en regelgeving voor de gemeente als gevolg van de Omgevingswet. Met deze kennis onderzoeken of we (blijven) voldoen aan de nieuwe wet- en regelgeving, wat de standaardnormen en bandbreedtes zijn. Zo nodig actie ondernemen.

•

Per thema werken aan het expliciet maken van gezondheidswinst. Onderzoeken wat nog meer mogelijk en nodig is. Daarbij de resultaten van participatie en beschikbare data gebruiken. Deze data zo gebiedsgericht mogelijk analyseren.

•

Blijf de koppeling met de Global goals leggen om daarmee op een herkenbare manier de samenhang tussen thema’s en concrete manieren van gezondheidswinst te duiden.

•

De data van de Gezondheidsmonitor voor monitoring gebruiken. Door de data van 2016 en 2021 te vergelijken ontstaat al een eerste beeld. Daarbij ook andere gegevensbronnen gebruiken zoals ‘Waar staat je gemeente’ en het participatietraject voor deze bouwsteen.

•

Bij het vormgeven van een participatietraject voor de Omgevingsvisie 2.0 aandacht hebben voor alle doelgroepen. Daarbij extra aandacht besteden aan specifieke doelgroepen die via een vragenlijst niet zo makkelijk te bereiken zijn, bijvoorbeeld de doelgroep jongeren.

27

Gebiedsgerichte pilot •

De resultaten van de bouwsteen uitdragen voor meer bewustwording over het onderwerp gezonde fysieke leefomgeving. Dit is relevant voor alle adviseurs in het fysieke en sociale domein.

•

De ontwikkelingen van instrumenten bijhouden die helpen om een belangenafweging te maken als het gaat om een gezonde fysieke leefomgeving. Interessante, nieuwe instrumenten uitproberen.

•

Bij advisering over ruimtelijke ontwikkelingen vroegtijdig en expliciet een insteek te kiezen vanuit gezondheid in zijn volle omvang om het plan te beoordelen.

•

Voor alle thema’s verder uitwerken wat ze concreet kunnen bijdragen aan een gezonde fysieke leefomgeving. Daarmee wordt het belang duidelijker en het betrekken bij de advisering vanzelfsprekender. Het opgestelde handvat met concrete voorbeelden voor initiatiefnemers is daarvoor een eerste start.

•

In het vervolg aan de hand van gebiedstypen uitwerken wat daarbij de uitgangspunten zijn voor een gezonde fysieke leefomgeving. Dat gaat vooral helpen bij de advisering over gebiedsontwikkelingen.

•

De beste manier om gezondheid vroegtijdig mee te nemen in ruimtelijke ontwikkelingen is als mensen daar zelf voor kiezen. Als gemeente kunnen we dat stimuleren door bijvoorbeeld bij advisering het aanbieden van informatie over concrete mogelijkheden bij het verder uitwerken van de plannen.

5.3 Vervolg Bouwsteen gezonde fysieke leefomgeving •

Deze bouwsteen leggen we ter vaststelling voor aan de raad in 2021 ter aanvulling op het bestaande strategische beleid (Strategische visie en de Structuurvisie). Daarmee ontstaat een sterkere beleidsbasis voor gezondheid in de fysieke leefomgeving.

•

Deze bouwsteen wijzigt niet het bestaande beleid maar kan wel meer richting geven aan de beleidsruimte binnen het bestaande beleid.

•

Deze bouwsteen gaan we gebruiken bij de advisering over ruimtelijke ontwikkelingen, zo vroeg mogelijk in het proces.

Omgevingsvisie •

Deze bouwsteen voegen we toe aan het overzicht van bestaand beleid met invloed op de fysieke leefomgeving (omgevingsvisie 1.0) waardoor de Omgevingsvisie 1.5 ontstaat.

•

We gaan een plan van aanpak voor een Omgevingsvisie 2.0 opstellen en voorleggen aan de raad ter vaststelling in 2022.

•

Deze bouwsteen gebruiken we als belangrijk ingrediënt voor dit plan van aanpak.

28

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10571245/1