CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Aanvullende bijlage 1a.1 Bijlagen Toelichting

Raadsvergadering 15 december 2022, gemeente WaalwijkBij agendapunt: (Gewijzigde) vaststelling bestemmingsplan “Waalwijk, Sint-Clemenskerk”1.743 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Memo

30 november 2022 Stephany Lie

Sint Clemenskerk Chopin Project B.V.

Het voornemen is om de Sint-Clemenskerk en pastorie te transformeren en op hetzelfde perceel ook nieuwbouw te realiseren. Momenteel zijn de kerk en pastorie nog in gebruik. Deze zullen worden herontwikkeld naar in totaal 23 appartementen. Daarnaast wordt nieuwbouw gerealiseerd met daarin 14 appartementen en 46 woonzorgappartementen. Daarmee komt het totaal op 83 woon(zorg)appartementen. De beoogde herontwikkeling dient getoetst te worden aan de eisen uit de Wet natuurbescherming, waarbij de mogelijk gevolgen voor de stikstofdepositie binnen Natura 2000 een rol spelen. Figuur 1 laat de ligging van het plangebied ten opzichte van het Natura 2000-netwerk zien. Niet alle Natura 2000gebieden zijn gevoelig voor stikstofdepositie. Het meest nabijgelegen gebied met verzuringsgevoelige habitats betreft het Natura 2000-gebied Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen. De minimale afstand van dit Natura 2000-gebied tot het plangebied bedraagt 2 kilometer. De locatie is gelegen op circa 3,5 kilometer van Natura 2000-gebied Langstraat. De andere Natura 2000-gebieden met verzuringsgevoelige habitats liggen op (nog) grotere afstand.

Figuur 1 Locatie beoogde ontwikkeling (rood omcirkeld) ten opzichte van Natura 2000-gebieden (AERIUS calculator)

Met het rekenmodel Aerius (versie 2021.2) zijn berekeningen uitgevoerd om de mogelijke gevolgen van de ontwikkeling voor de stikstofdepositie binnen Natura 2000 in beeld te brengen, daarbij is de realisatie- en gebruiksfase (na oplevering van de beoogde ontwikkeling) beschouwd. In deze memo wordt achtereenvolgens ingegaan op de gehanteerde uitgangspunten, de resultaten en de conclusie. De invoer- en uitvoergegevens vanuit Aerius zijn opgenomen in een aparte bijlage.

Wet natuurbescherming De Wet natuurbescherming: ● ● ●

verankert de Europese gebiedsbescherming van Natura 2000, bestaande uit Speciale Beschermingszones (SBZ's) op grond van de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn, in de Nederlandse wetgeving; vormt de wettelijke basis voor de aanwijzingsbesluiten met instandhoudingsdoelstellingen; legt de rol van bevoegd gezag voor verlening van vergunningen meestal bij de provincies.

Voor Natura 2000-gebieden gelden onder meer de volgende verplichtingen: ●

●

●

De overheid dient ervoor te zorgen dat de kwaliteit van de natuurlijke habitats en de habitats van soorten in de speciale beschermingszones niet verslechtert. Tevens mag er geen verstoring optreden voor de soorten waarvoor de zones zijn aangewezen. Voor elk plan of project dat niet direct verband houdt met of nodig is voor het beheer van het gebied, maar afzonderlijk of in combinatie met andere plannen of projecten significante gevolgen kan hebben voor zo'n gebied, wordt een passende beoordeling gemaakt van de gevolgen voor het gebied. Bevoegde nationale instanties geven slechts toestemming voor het plan of project nadat zij de zekerheid hebben verkregen dat de natuurlijke kenmerken van het gebied niet worden aangetast. Als een plan of project om dwingende reden van groot openbaar belang toch moet worden gerealiseerd, terwijl significant negatieve effecten niet kunnen worden uitgesloten, moeten alle nodige compenserende maatregelen worden genomen om te waarborgen dat de algehele samenhang van het Europees ecologisch netwerk (Natura 2000) bewaard blijft.

Bij de beoordeling van de gevolgen van plannen, projecten en handelingen voor de instandhoudingsdoelstellingen spelen onder andere de ecologische effecten van verzuring en vermesting door een eventuele toename van stikstofdepositie een rol. Uit jurisprudentie volgt dat in een overbelaste situatie al bij een kleine toename van stikstofdepositie sprake kan zijn van significante negatieve effecten. In dat geval is een passende beoordeling noodzakelijk. Wet stikstofreductie en natuurverbetering De Wet stikstofreductie en natuurverbetering (Wsn) is per 1 juli 2021 van kracht en bevat een vrijstelling van de vergunningplicht in artikel 2.7 lid 2 Wnb voor de aanlegfase van bouwwerkzaamheden. De vrijstelling is verder uitgewerkt in het Besluit stikstofreductie en natuurverbetering (Bsn). Uit een recente uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State blijkt dat de vrijstelling in deze vorm juridisch niet houdbaar is. Om deze reden zijn in deze notitie ook berekeningen voor de realisatiefase opgenomen.

2/7

Realisatiefase In de onderstaande tabellen zijn de afzonderlijke emissiebronnen per realisatiejaar uitgewerkt welke gebaseerd zijn informatie vanuit vergelijkbare projecten. De werkzaamheden starten in 2023 en eindigen in 2025. De uitkomsten op jaarbasis (laatste kolom) zijn ingevoerd in AERIUS Calculator. De verkeersbewegingen zijn ingevoerd als lijnbron. De inzet van het overige materieel is ingevoerd als vlakbron aangezien dit materieel op het hele terrein werkzaam zal zijn. Met het bouwbedrijf zal de afspraak gemaakt worden dat machines uitgezet worden indien deze niet in bedrijf zijn. Zodoende is er geen sprake van stationair draaien van machines. Tabel 1 Materieel inzet beoogde ontwikkeling 2023

Type werktuig

Stage klasse

Totaal aantal Verbruik per liter Totaal liter AdBlue draaiuren verbruik verbruik tijdens bouwfase Herontwikkeling kerk en pastorie (23 appartementen) 2023 Hoogwerker IV, 75-560 kW, bouwjaar 2014-2018 30 15 450 31 Verreiker IV, 75-560 kW, bouwjaar 2014-2018 16 20 320 22 Mobiele kraan IV, 75-560 kW, bouwjaar 2014-2018 50 20 1.000 70 Totaal 1.770 123 Realisatie 14 reguliere en 6 woonzorgappartementen 2023 Betonmixer IV, 75-560 kW, bouwjaar 2014-2018 115 25 2.875 201 Betonstorter/pomp IV, 75-560 kW, bouwjaar 2014-2018 37 25 925 64 Graafmachine IV, 75-560 kW, bouwjaar 2014-2018 112 25 2.800 196 Kiepbak IV, 75-560 kW, bouwjaar 2014-2018 13 20 260 18 Hijskraan IV, 75-560 kW, bouwjaar 2014-2018 126 15 1.890 132 Minigraver IV, 75-560 kW, bouwjaar 2014-2018 37 25 925 64 Totaal 9.675 675 Aanvoer materialen Vrachtwagens 500 vrachtwagens 1.000 zware bewegingen Woon-werkverkeer 1.250 busjes 2.500 lichte bewegingen

Tabel 2 Materieel inzet beoogde ontwikkeling 2024

Type werktuig

Stage klasse

Realisatie 20 woonzorgappartementen 2024 Betonmixer IV, 75-560 kW, bouwjaar 2014-2018 Betonstorter/pomp IV, 75-560 kW, bouwjaar 2014-2018 Graafmachine IV, 75-560 kW, bouwjaar 2014-2018 Kiepbak IV, 75-560 kW, bouwjaar 2014-2018 Hijskraan IV, 75-560 kW, bouwjaar 2014-2018

3/7

Totaal aantal Verbruik per draaiuren tijdens liter bouwfase 115 37 112 13 126

25 25 25 20 15

Totaal liter verbruik AdBlue verbruik

2.875 925 2.800 260 1.890

201 64 196 18 132

Minigraver IV, 75-560 kW, bouwjaar 2014-2018 Totaal Aanvoer materialen Vrachtwagens Woon-werkverkeer

37

25

475 vrachtwagens 1.000 busjes

925 9.675

64 675

950 zware bewegingen 2.000 lichte bewegingen

Tabel 3 Materieel inzet beoogde ontwikkeling 2025

Type werktuig

Stage klasse

Realisatie 20 woonzorgappartementen 2024 Betonmixer IV, 75-560 kW, bouwjaar 2014-2018 Betonstorter/pomp IV, 75-560 kW, bouwjaar 2014-2018 Graafmachine IV, 75-560 kW, bouwjaar 2014-2018 Kiepbak IV, 75-560 kW, bouwjaar 2014-2018 Hijskraan IV, 75-560 kW, bouwjaar 2014-2018 Minigraver IV, 75-560 kW, bouwjaar 2014-2018 Totaal Aanvoer materialen Vrachtwagens Woon-werkverkeer

Totaal aantal Verbruik per draaiuren tijdens liter bouwfase 115 37 112 13 126 37

25 25 25 20 15 25

475 vrachtwagens 1.000 busjes

Totaal liter verbruik AdBlue verbruik

2.875 925 2.800 260 1.890 925 9.675

201 64 196 18 132 64 675

950 zware bewegingen 2.000 lichte bewegingen

Het verkeer wikkelt via de Doctor Schaepmanlaan en Doctor Ariensstraat af op de Strausslaan. Een indicatie van de verkeersintensiteiten voor deze weg is te vinden op de NSL-monitoringstool 2021 (www.nsl-monitoring.nl/viewer/). Volgens de tool bedroegen de dagelijkse verkeersintensiteiten voor 2020 voor de Strausslaan 9.415 voor licht verkeer en 136 voor zwaar verkeer. Op de Strausslaan gaat het extra verkeer op in het heersende verkeersbeeld. Dit is het geval op het moment dat het aan- en afrijdende verkeer, conform de Instructieregels voor Aerius juli 2020, zich heeft verdund tot enkele procenten van het reeds aanwezige verkeer. Gebruiksfase Om de verkeersgeneratie te bepalen wordt uitgegaan van CROW publicatie 381. Per functie wordt hierbij een bandbreedte gegeven voor de verkeersgeneratie voor een gemiddelde weekdag. Daarbij wordt uitgegaan van de ligging van het gebied en de stedelijkheidsgraad van de locatie. De betreffende ontwikkeling ligt in het gebied “rest bebouwde kom” (indeling conform parkeerbeleid gemeente Waalwijk 2015). Het CBS heeft aan het gebied verder een stedelijkheidsgraad toegekend van “sterk stedelijk”. Voor het bepalen van de bandbreedte wordt uitgegaan van een worst-case situatie. Dat betekent dat wordt uitgegaan van een verkeersgeneratie aan de bovenkant van de bandbreedte.

4/7

Tabel 4 Verkeersgeneratie

Aantal

Zorgwoningen (verpleeghuis) Middeldure koopappartementen Totaal

46 37 83

Maximale bandbreedte verkeersgeneratie (weekdag) max 2,1 6,0

Totaal max 96,6 222 318,6

De nieuwe ontwikkeling genereert hiermee een gemiddelde weekdagintensiteit van 318,6 mvt/etmaal. Het verkeer wikkelt zich voor 50% (159,3 mvt/etmaal) af ten westen van het plangebied via de Loeffstraat en de Van Lovenlaan. De andere 50% (159,3 mvt/etmaal) wikkelt ten oosten van het plangebied af via de Loeffstraat en Hoogeinde. Uit de verkeersparagraaf in de toelichting van het bestemmingsplan blijkt dat op deze kruispunten het extra verkeer opgaat in het heersende verkeersbeeld. Vanaf de ontwikkellocatie kan op verschillende manieren van en naar het plangebied worden gereden. Daarvoor zullen veelal de Loeffstraat ten noorden van het plan en de Pastoor van der Zijlestraat gebruikt worden. Figuur 2 geeft een overzicht van de verkeersroutering, uitgangspunt daarbij is dat grofweg de helft van het verkeer in oostelijke richting rijdt en de andere helft in westelijke richting (veelal gebruik makend van de Loeffstraat).

Figuur 2 Geel gearceerd: gaat op in heersende verkeersbeeld

Te zien is waar het verkeer van de ontwikkeling op gaat in het heersende verkeersbeeld (geel gearceerd). In dit geval ter hoogte van de rotonde met de Groen van Prinstererlaan voor verkeer in westelijke richting en ter hoogte het kruispunt met het Vooreinde voor verkeer in oostelijke richting. Zowel vanaf de rotonde met de Groen van Prinsterenlaan als ter hoogte van het kruispunt met het Vooreinde komt er relatief veel verkeer bij uit de omliggende straten waardoor deze wegen vanaf hier fungeren als verzamelweg en daarmee het verkeer van de ontwikkeling relatief gezien gering is ten opzichte van het totaal aan verkeer.

5/7

Voor de gebruiksfase is 2026 als rekenjaar aangehouden. Dat rekenjaar genereert voor het verkeer de hoogste emissies (worstcase). Wanneer een rekenjaar verder in de toekomst ligt, worden de emissies lager door een toename van elektrisch rijden en schonere technieken.

6/7

Uit de berekeningen met AERIUS Calculator (2021.2) voor de realisatie- en gebruiksfase blijkt dat er geen toename is van stikstofdepositie hoger dan 0,00 mol/ha/jr. Op basis van de berekening zijn significante negatieve effecten op Natura 2000gebied in de realisatie- en gebruiksfase is uitgesloten. De beoogde herontwikkeling is derhalve uitvoerbaar in het kader van de Wet natuurbescherming.

7/7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12150090/2