49 Bijlage Reactie ThW n.a.v. beantwoording Art. 47 vragen dd 01022024 inzake Schoenenkwartier
Tekst van het document
Beantwoording schriftelijke vragen art. 47 / financiële situatie Schoenenkwartier Vraag 1 Waarom vond het college het belangrijk om te berichten dat het jaar in financiële zin positief was afgesloten, terwijl feitelijk sprake was van een tekort? Was dit om de raad ertoe te bewegen in te stemmen met het voorstel € 178.694 als extra exploitatiesubsidie beschikbaar te stellen?
Antwoord 1 Er is bij het raadsvoorstel en de beantwoording van de raadsvragen altijd transparant gecommuniceerd over waaruit de extra exploitatiesubsidie bestond en welk doel deze had, namelijk het incidentele tekort dekken. Na het verlenen van deze subsidie kon het Schoenenkwartier gelukkig positief het jaar afsluiten.
Reactie / bemerking(en) Van Dale geeft voor transparant de volgende omschrijving: helder van opzet, makkelijk te doorzien. Kijkend naar het Raadsvoorstel met dossiernummer 2022-062859 van het College van B&W wordt de aanleiding van het verzoek voor het ter beschikking stellen de exploitatiesubsidie als volgt beschreven: “Het Schoenenkwartier heeft in het openingsjaar, ondanks het uitstel tot juni 2022, de reguliere exploitatie rond weten te krijgen en verwacht op een saldo van + € 3.000 uit te komen. Ondanks een half jaar minder inkomsten dan verwacht is het gelukt om niet te eindigen met een negatief saldo. Wel heeft het Schoenenkwartier een aantal kosten gemaakt m.b.t. het vertrek van de voormalige directeur van het Schoenenkwartier. Ondanks dat het geen ontslag was maar een beëindiging van het dienstverband van rechtswege (het contract liep af per 30-11-2022) heeft dit het Schoenenkwartier geld gekost. Doordat het niet verlengen van het contract ook maatschappelijk voor veel onrust heeft gezorgd, heeft dit gevolgen voor o.a. het instellen van de Raad van Toezicht (deze wil/kan enkel aangesteld worden wanneer zij worden gesteund door externe partners waaronder de gemeente en niet starten met een tekort ad € 178.694 in 2023) en het werven van een nieuwe directeur (taak van de Raad van Toezicht). Conclusies: • De kosten m.b.t.
het vertrek van de voormalig directeur vanwege het niet verlengen van de arbeidsovereenkomst en de beëindiging van het dienstverband van rechtswege is beslist niet vlekkeloos verlopen! Vanwege privacy is weliswaar niet bekend gemaakt hoe partijen financieel bezien uit elkaar zijn gegaan, maar alle kosten van een contract dat officieel per 30-11-2022 is afgelopen hadden in het boekjaar 2022 meegenomen dienen te worden; d.w.z. het concreet in 2022 uitbetaald bedrag + een reële inschatting van het bedrag dat daaromtrent in 2023 nog uitbetaald moet gaan worden. In het Raadsvoorstel ontbreekt de transparantie dienaangaande! • Het College van B&W geeft in het Raadsvoorstel zelf aan dat de gemeente Waalwijk EXTERNE PARTNER van het Schoenenkwartier is. Voor het museum ’Stichting Exploitatie Nederlands Leder en Schoenen Museum’ én de Raad van Toezicht viel - met het oog op de financiële haalbaarheid de onmisbare koppeling naar gemeentelijk beleid alleen te maken door de gemeente actief bij een project te betrekken. Gezien deze omstandigheid denkt het College van B&W er onterecht wel erg makkelijk over.
Ervan uitgaand dat juridisch bezien verenigingen en stichtingen vrij zouden zijn om hun begroting én jaarrekening - en dat binnen de daarvoor geldende termijn alleen bij het College van B&W aan te leveren, dan moet het toch vanzelfsprekend zijn, of anders contractueel zijn vastgelegd, dat betreffende stukken via B&W aan de Raad (of een commissie namens de Raad) vertrouwelijk ter inzage worden aangeboden!
Vraag 2 Hoe groot is het tekort over 2022 uiteindelijk geweest?
Antwoord 2 Er was geen tekort.
Reactie / bemerkingen Dit antwoord is gebaseerd op het resultaat ter grootte van € 2.733 dat door Heijl Advies & Administratie in de jaarrekening 2022 op pagina 5 staat vermeld. - pagina 1 van 6 -
Echter in betreffend rapport staat op pagina 13 bij de toelichting ook dat “het resultaat wordt bepaald als het verschil tussen de opbrengstwaarde van de geleverde prestaties en de kosten en andere lasten over het jaar. De opbrengsten op transacties worden verantwoord in het jaar waarin zij zijn gerealiseerd. De kosten worden bepaald op historische basis en toegerekend aan het verslagjaar waarop zij betrekking hebben.” In de brief d.d. 27 februari 2023 aan het bestuur van de stichting schrijft Heijl Advies & Administratie verder: “Onze werkzaamheden bestonden hoofdzakelijk uit het verzamelen, het verwerken, het rubriceren en het samenvatten financiële gegevens. Verder hebben wij de aanvaardbaarheid van de toegepaste grondslagen beoordeeld op basis van de door u / de directie verstrekte gegevens. De aard van deze werkzaamheden als belastingadviseur brengt met zich mee dat wij geen zekerheid omtrent de getrouwheid van de jaarrekening kunnen verstrekken.” De gemeenteraad heeft een cruciale rol in het democratisch proces. Raadsleden nemen belangrijke besluiten over de koers van de gemeente en controleren de uitvoering daarvan door het College van B&W. Onderdeel van die controlerende taak is het vaststellen van de jaarrekening. De accountant helpt daarbij, zodat de volksvertegenwoordigers zich vooral kunnen richten op de inhoud van beleid.
Conclusie: • In de binnenkort verschijnende jaarrekening over 2023 zal duidelijk moeten worden welk bedrag van de ‘vertrekkosten’ m.b.t. de voormalig directeur (wegens overuren, vakantiegeld e.a.) niet in het boekjaar 2022 zijn opgenomen.
Vraag 3 Hoe beoordeelt u dat een fractie nu voor de vierde keer in één jaar informeert naar het feitelijke saldo van de jaarrekening 2022?
Antwoord 3 Dit beoordeelt het college niet.
Reactie / bemerking(en) Dit is een weinig respectvol gegeven reactie die volledig voorbijgaat aan de ernst van de serieuze vraagstelling. Hier is bovendien geen enkele sprake van transparant communiceren!
Vraag 4 Hoe is de huur ten bedrage van € 524.726 opgebouwd? Welke kosten zijn in het krediet opgenomen, welke afschrijvingstermijnen zijn waarvoor gehanteerd en met welk rentepercentage is gerekend?
Antwoord 4 Onderstaand vindt u de tabellen met betrekking tot de huurberekening en de opbouw van de (deel)kredieten. Reactie / bemerking(en) Ondanks dat er om werd gevraagd, ontbreekt het rentepercentage waarmee gerekend is! En verder is niet alles glashelder duidelijk gemaakt. In de eerste tabel wordt de opbouw van de huurberekening over de samenstellende delen weergegeven. Het zou dan gaan om een inschatting voor 2022, rekening houdend met resp. het voorbereidingskrediet, het krediet m.b.t. duurzame installaties uit 2020 en het uitvoeringskrediet m.b.t. de realisatie van het Schoenenkwartier. Hiervoor wordt een totaalbedrag van € 10.044.000 vermeld, terwijl de inschatting uitkomt op € 10.094.000. Ter herinnering: • Op 6 februari 2018 heeft de Raad besloten dat het gepresenteerde concept onder voorwaarden kon worden doorontwikkeld en dat de Raad de intentie heeft om € 9.900.000 te investeren als daartoe een concreet voorstel zou worden overlegd. In totaal werd € 9.244.000 beschikbaar gesteld, alsmede een geraamde extra subsidie. • Per Raadsbesluit d.d. 16 juli 2015 werd een voorbereidingskrediet ter grootte van € 900.000 beschikbaar gesteld. → Raadsvoorstel CS1 15-0107101 van collegevergadering d.d. 05-06-2015.
- pagina 2 van 6 -
•
Op 6 juni 2019 [niet dus op 16 mei 2019!] heeft de Raad besloten het voorbereidingskrediet met € 800.000 te verhogen naar € 1.700.000; dit aanvullende bedrag te dekken uit het totaalbudget van € 9.900.000. → Raadsvoorstel R4.9-19 van collegevergadering d.d. 15 april 2019. Per Raadsbesluit d.d. 17 september 2020 werd aanvullend op het reeds beschikbaar gestelde voorbereidingskrediet een uitvoeringskrediet ter grootte van € 8.344.000 beschikbaar gesteld voor realisatie van het schoenenmuseum (incl. inrichting). → Raadsvoorstel R6.6-20 van collegevergadering d.d. 30-07-2020. “De kapitaallasten (rente- en afschrijvingskosten) te dekken uit huur die het schoenenmuseum aan de gemeente gaat betalen voor het pand met inrichting. Met uitzondering van de huur als gevolg van de deelinvestering in duurzame installaties (die € 440.000 financiert het museum zelf) ontvangt het museum een extra geraamde subsidie ter hoogte van de huur van € 464.000.”
Per saldo is er op 17 september 2020 dus een totaalkrediet ter grootte van € 10.044.000 ter beschikking gesteld; exclusief de extra subsidie van € 464.000 ?! Boven de tweede tabel staat vermeld dat de verdeling van componenten binnen het uitvoeringskrediet op basis is van een globale inschatting en berekening. De huur die met ingang van 2022 in rekening is gebracht, staat in tabel 2 → kapitaallasten € 489.000. Wanneer gekeken wordt op pagina 20 van de Jaarrekening 2022 t.w. naar de toelichting op de staat van baten en lasten, dan staat bij de post Huisvestingskosten onder “Huur onroerend goed en opslag” een bedrag ter grootte van € 543.206. Per saldo komt dat neer op een verschil van € 54.206! Opvallend is nog dat enkele inschattingen in tabel 1 substantieel afwijken van de bestedingen in tabel 2: • Bouw respectievelijk € 2.935.000 en € 3.780.000 verschil +/+ € 845.000 • Inrichting Schoenenkwartier respectievelijk € 3.279.000 en € 2.706.000 verschil -/- € 573.000 Per saldo werd in totaal € 272.000 niet gecompenseerd?!
Vraag 5 Hoe kan het verschil in huur tussen de oorspronkelijk op basis van het gevraagde krediet vastgesteld op € 464.000 en de uiteindelijk kennelijk op basis van datzelfde krediet berekende € 524.726 worden verklaard?
Antwoord 5 Dat komt doordat er verschuivingen tussen het raadsvoorstel 2020 en de inschatting eind 2021 kunnen zijn tussen componenten van de investering, waarbij componenten verschillende afschrijvingstermijnen kennen. Dat leidt tot verschuivingen onderling en een ander totaalbedrag.
Reactie / bemerking(en) Het antwoord is niet compleet! De vraag is geweest wat het verschil is tussen € 464.000 en € 525.000. Er wordt echter een reactie gegeven op het verschil tussen € 489.000 en € 525.000.
Vraag 6 Waarom is de huur al tot en met 2026 vastgelegd, terwijl het krediet nog (steeds) niet is afgesloten?
Antwoord 6 Het gebouw is in 2022 al in gebruik genomen en met ingang van 2022 is de huur gaan lopen, ook al was / is het krediet nog niet afgesloten. Huur staat structureel als baten in de begroting en wordt jaarlijks geïndexeerd.
Reactie / bemerking(en) Op deze vraag is hiermee beslist nog geen echt antwoord gegeven! Bovendien valt de post huur voor het museum niet onder baten maar onder lasten!
Vraag 7 Was de huurverlaging met € 88.000 conform het huurcontract met de gemeente?
- pagina 3 van 6 -
Antwoord 7 Voor de verlaagde huur is een nieuwe afspraak gemaakt, passend bij de staat en functie van het pand op dat moment (opslag en geen museumbezoek). Dus niet volgens bestaand contract maar conform nieuwe afspraken.
Reactie / bemerking(en) Het college geeft toe dat er niet volgens het contract is gewerkt, echter onvermeld blijft wat de invloed is met betrekking tot de andere voorwaarden in het huurcontract!
Vraag 8 Is volgens het ‘Besluit markt en overheid’ toegestaan de huur dusdanig te verlagen dat daaruit alleen de kosten om in het pand in stand te houden kunnen worden gedekt?
Antwoord 8 Ja.
Reactie / bemerking(en) Dit antwoord is wel erg kort door de bocht! Bij transparant communiceren over geldende marktconforme prijzen hoort in dit verband toch op z’n minst een nadere toelichting, dan wel een verwijzing naar dat deel van de wet waarin dat recht exact staat beschreven.
Vraag 9 Waarom heeft het college er niet voor gekozen om gezien de slechte staat van het pand aan de Elzenweg de huur hiervoor op te zeggen en het pand te slopen? Het museumbestuur moest toch op zoek naar een depotruimte.
Antwoord 9 Slopen van het object was vanaf het begin al de intentie, nadat het museum de locatie had verlaten.
Reactie / bemerking(en) Met het gegeven antwoord valt moeilijk ervan uit te gaan er afdoende is gereageerd op de gestelde vragen!
Vraag 10 Wie de cijfers voor energie zo ziet, moet toch wel tot de conclusie komen dat het college veel te ver is gegaan met het toekennen van ruim € 23.000 aan energiesubsidie. Welke rechtvaardiging meent het college hiervoor toch te kunnen geven?
Antwoord 10 De energiesubsidie is op gelijke wijze berekend als voor de andere organisaties. Er is bij berekening geen rekening gehouden met saldering over eerdere jaren. Dit heeft tenslotte geen relatie met de gemaakte kosten voor 2022.
Reactie / bemerking(en) In hoeverre is de Raad door het college tijdig én op transparante wijze hieromtrent geïnformeerd? En wat was überhaupt de noodzaak om het Schoenenkwartier op deze wijze te compenseren voor hogere energielasten?
Vraag 11 Probeert het college ook op basis van de gang van zaken tot nu toe in te schatten of het museumbestuur met de structurele subsidie rond kan komen? Kan het antwoord worden toegelicht?
Antwoord 11 Ja, er vinden regelmatig gesprekken plaats over de exploitatie. Rondkomen gaat helaas moeizaam. Het Schoenenkwartier heeft nog geen echte buffer kunnen opbouwen en investeringen doen die in de toekomst geld moeten opbrengen is lastig.
Reactie / bemerking(en) Prima dat er regelmatig gesprekken over de exploitatie plaats vinden. Deze reactie is echter minimaal.
- pagina 4 van 6 -
Er wordt niets gezegd over de frequentie en evenmin over de wijze van toetsing. Bovendien worden er geen elementen aangestipt die mogelijk tot verbetering van de exploitatie kunnen leiden, noch over het resultaat van ondernomen pogingen tot verbetering. Dat gaat ten koste van de publieke opinie m.b.t. het draagvlak!
Vraag 12 Liggen aan de vier voorzieningen die op 31 december 2022 op de balans stonden, voor in totaal ruim € 150.000, plannen ten grondslag waarop deze verplichtingen zijn gebaseerd?
Antwoord 12 U heeft het over voorzieningen van het Schoenenkwartier. Het college kent alleen de doelen van deze voorzieningen. Voor de plannen kunt u terecht bij het Schoenenkwartier.
Reactie / bemerking(en) Ook uit dit antwoord spreekt geen respect en transparantie. Wanneer het College wel de doelen van de voorzieningen kent, waarom worden die dan in de reactie niet meteen ook genoemd? En kennelijk is het bij de regelmatige gesprekken over de exploitatie ook nooit een onderwerp van gesprek geweest! Volgens mij is een voorziening een ‘reservepotje' dat in de toekomst kan worden aangewend voor het doel waarvoor het is bestemd. Boekhoudkundig wordt er een grootboekrekening mee bedoeld waarop, meestal periodiek, bedragen worden gestort voor een bepaald doel; bijvoorbeeld groot onderhoud aan gebouwen. Het wordt gezien als een soort spaarrekening. Waar de voorziening op de balans wordt neergezet, wordt bepaald door het doel van de voorziening. Er zijn dan twee mogelijkheden: 1. De voorziening is een raming van mogelijk verlies (bijv. vanwege dubieuze debiteren of incourante voorraad), welke al verwerkt is in het resultaat. Deze voorzieningen worden op de balans niet apart getoond maar gesaldeerd met de actiefpost waar ze betrekking op hebben. 2. De voorziening is een raming van nog te maken kosten, welke al verwerkt zijn in het resultaat. Deze voorzieningen (bijvoorbeeld belastingen en pensioenen) worden wel apart getoond op de passiefzijde van de balans.
Aangezien deze kostenboeking het belastbare winstsaldo drukt, mag een voorziening alleen worden gebruikt voor het doel waarvoor zij oorspronkelijk werd opgezet. Als dit doel niet (meer) kan worden bereikt dan moet het saldo alsnog ten gunste van het resultaat worden gebracht.
Vraag 13 Wanneer is reserve Museum Plus hernoemd en geblokkeerde reserve Schoenenkwartier gaan heten? Hoe is de raad hierover geïnformeerd?
Antwoord 13 Van begin af aan is Museum Plus als werktitel gehanteerd. Vanaf het moment dat het museum de naam Schoenenkwartier ging hanteren (eind 2021 / begin 2022), is de subsidie aan het Schoenenkwartier verstrekt en zijn ook daaraan gerelateerde (begrotings)posten hernoemd. De reserve Museum Plus is niet geblokkeerde reserve Schoenenkwartier gaan heten. Er zijn namelijk 2 reserves Museum Plus / Schoenenkwartier: - Geblokkeerde reserve Museum Plus (Schoenenkwartier) is gevormd bij het raadsbesluit van NSLM naar SLEM van 16 juli 2015 over het voorbereidingskrediet van € 900.000 (en bijbehorende begrotingswijziging 2015-015). - Bestemmingsreserve Museum Plus (Schoenenkwartier) is ingesteld bij het raadsbesluit over het Najaarsbericht 2019 (19 december 2019).
Reactie / bemerking(en) Hoe transparant of verwarrend kan het zijn! Blijkbaar zijn er dan twee reserves die beiden de naam Reserve Schoenenkwartier dragen?! Wel erg verwarrend dat d ene een geblokkeerde reserve en de andere een bestemmingsreserve blijkt te zijn! In de besluitenlijst van de raadsvergadering van 16 juli 2015 staat het overigens als volgt vermeld: “De dekking voor het voorbereidingskrediet van € 900.000 vormt beschikking over de reserve Algemene Bovenwijkse Voorzieningen.” - pagina 5 van 6 -
In de besluitenlijst van de raadsvergadering van 19 december 2019 staat het als volgt vermeld: “(R9.5-19) Najaarsbericht 2019, punt 4: Het instellen van een bestemmingsreserve Museum Plus.” In de notulen van de raadsvergadering van 19 december 2019 staan o.a. navolgende opmerkingen: • “In het Najaarsbericht wordt ook vast een voorschot genomen op het museum. Hiervoor wordt een reserve van € 461.000 ingesteld. Samen met de som die in 2020 wordt ingevoegd, hebben we het over € 1 miljoen+. We constateren wel dat het college optimistisch is over de realisatie van het schoenenmuseum.” • “Het college meent nu al een deel van het resultaat te bestemmen. Dat kan echter pas bij het vaststellen van de jaarrekening over 2019. Toch wil het college over 2019 al € 461.000 in de reserve Museum Plus stoppen en kondigt het aan over het jaar 2020, dat nog niet aan de orde is, nog een bedrag van € 583.000 in die reserve te willen storten.” [totaal € 1.044.000] • “Het college stelt niet voor niets voor om een reserve voor het museum in het leven te roepen. Als de raad vanavond ja hiertegen zegt, zegt hij impliciet dat het een goed idee is om dat geld opzij te zetten. Daarmee heeft de raad het overigens nog niet beschikbaar gesteld. U doet nu al aan resultaatbestemming, terwijl er nog geen resultaat is.”
Vraag 14 Hoeveel betalende bezoekers zijn in 2023 de kassa van het Schoenenkwartier gepasseerd?
Antwoord 14 Dit kunt u teruglezen in het jaarverslag van het Schoenenkwartier of bij hen opvragen.
Reactie / bemerking(en) Ook uit dit antwoord spreekt wederom geen respect en transparantie. En kennelijk is het bij de regelmatige gesprekken over de exploitatie ook nooit een onderwerp van gesprek geweest!
Vraag 15 Bent u bereid om de gemeenteraad, zodra de jaarrekening 2023 van het Schoenkwartier bij de gemeente binnen is, deze tezamen met de begroting voor 2023 zo snel mogelijk ter beschikking te stellen?
Antwoord 15 Nee, verenigingen en stichtingen zijn vrij om hun jaarrekening en begroting bij de raad aan te leveren. Wij zullen uw verzoek wel kenbaar maken bij het Schoenenkwartier.
Reactie / bemerking(en) Het harde antwoord NEE heeft feitelijk de betekenis van een regelrechte weigering! Ervan uitgaand dat juridisch bezien verenigingen en stichtingen vrij zouden zijn om hun begroting én jaarrekening - en dat binnen de daarvoor geldende termijn - alleen bij het College van B&W aan te leveren, dan moet het toch vanzelfsprekend zijn, of anders contractueel worden vastgelegd, dat betreffende stukken via B&W aan de Raad (of een commissie namens de Raad) vertrouwelijk ter inzage worden aangeboden!
Vraag 16 Zou u daarbij de uitkomsten willen duiden met het oog op het structureel sluitend zijn van de exploitatie van het Schoenenkwartier?
Antwoord 16 Niet van toepassing.
Reactie / bemerking(en) Dit antwoord impliceert feitelijk dat het College voor zichzelf geen enkele verantwoordelijkheid in de richting van de Raad ziet om transparant te communiceren over de gerealiseerde exploitatieresultaten en het structureel sluitend krijgen van de exploitatie van het museum. Waalwijk, 12 februari 2024. Theo Weijters, medeburger van de gemeente Waalwijk. - pagina 6 van 6 -