252 T Weijters Brief dd 100921 inzake vervolgreactie nav antwoord op Wob verzoek dd 1907
Tekst van het document
Aan het College van de gemeente Waalwijk Postbus 10150 5140 GB WAALWIJK
Betreft
:
brief d.d. 26 augustus 2021 inzake reactie op tweede verzoek om aanvullende gegevens n.a.v. Wob-verzoek d.d. 20 juli 2021 [ nr. 223 Bijlage 1 ]; uw kenmerk 2021-039852 en uw documentnummer D2021-08-009437.
Waalwijk, 10 september 2021 Geacht College, Ondergetekende ontving uit naam van ‘HET COLLEGE VAN WAALWIJK’ een op 26 augustus jl. gedateerd schrijven als reactie op het tweede verzoek om aanvullende informatieverstrekking naar aanleiding van het op 20 juli 2021 bij uw college ingediende Wob-verzoek . Onduidelijk wat ervan de reden kan zijn geweest, echter deze brief van de als vertegenwoordiging van uw college optredende afdeling heb ik bijna een week later pas op woensdag 1 september jl. per post ontvangen! Aan de betreffende afdeling heb ik dat overigens per e-mail reeds op 03.09. laten weten, echter daarop is tot op heden nog niet gereageerd. Voor de duidelijkheid wil ik mijn verdere rechtstreekse reactie aan uw college beginnen met het antwoord op de vraag waarmee het schrijven van 26.08. jl. is afgesloten. Naar verluidt zou uw college kennelijk van oordeel zijn dat in voldoende mate is ingegaan op het Wob-verzoek van ondergetekende en de gevraagde aanvullingen. Desgevraagd deel ik u hierbij officieel mede dat ik met die conclusie beslist niet tevreden ben; reden waarom ondergetekende hierbij formeel bezwaar maakt. Weliswaar is ruim binnen de toegestane termijn door de gemeente Waalwijk op het Wob-verzoek gereageerd, echter bij het doornemen van de via DHL op 4 augustus 2021 aangeleverde stukken bleek betreffende zending incompleet te zijn.
Dat heb ik uw college per brief d.d. 10 augustus 2021 [ nummer 223a ] laten weten, waarbij meteen is verzocht om toezending van een belangrijk ontbrekend stuk t.w. een kopie van de ‘Beschikking van Gedeputeerde Staten van NoordBrabant’ d.d. 22 juni 2020. Tevens is daarbij verzocht om toezending van een verduidelijkte versie van kaart 1a - welke als bijlage 48-21b bij de ‘Bestuurdersbrief 48-21’ werd gepubliceerd - met inbegrip van nadere duiding /toelichting m.b.t. het aantal van 9 monsters die in het gebied rondom de volkstuinen zijn genomen en waarvan in het analysecertificaat met nummer 2021109087-1 d.d. 30 juni 2021 verslag is gedaan. Voorts heeft ondergetekende in de reactie van 10.08.2021 met onderbouwing van feiten uw college laten weten, dat vooralsnog reeds de conclusie kan worden getrokken dat ruim eerder dan oktober 2020 helder is geweest dat er sprake was van overschrijdingen t.a.v. PFAS-houdende grond en baggerspecie. Een reactie daarop is tot op heden noch door uw college, noch uit naam van ‘HET COLLEGE VAN WAALWIJK’, gegeven. Op 14 augustus 2021 heeft ondergetekende per post een brief d.d. 12 augustus 2021 van de behandelend ambtenaar ontvangen met de gevraagde kopie van de ‘Beschikking van Gedeputeerde Staten van NoordBrabant’ d.d. 22 juni 2020 als bijlage.
Na lezing daarvan en de reactie op de 2 andere gedane verzoeken gaf mij aanleiding om hieromtrent te reageren. Aangezien de behandelend ambtenaar zelf in de brief d.d. 12.08.2021 aangaf van 20.08. tot 13.09. met vakantie te zijn, heb ik op 18 augustus 2021 via het centrale telefoonnummer van de gemeente Waalwijk geprobeerd het juiste e-mailadres te krijgen.
- pagina 1 van 3 -
vervolg brief van ThW d.d. 10-09-2021 n.a.v. reactie namens ‘HET COLLEGE VAN WAALWIJK’, ontvangen 01.09.2021
Vanwege de privacywetgeving bleek dit niet mogelijk en werd mij aangegeven per e-mail aan het adres info@waalwijk.nl te reageren. Daarbij is mij verzekerd dat na ontvangst direct voor interne doorzending aan betrokkene zorg gedragen zou worden. Vervolgens is een kopie van mijn brief d.d. 18 augustus 2021 [ nummer 223b ] aan uw college met betreffende e-mail meegezonden. Zoals uit de op 01.09. jl. ontvangen brief met verzenddatum 26 augustus 2021 kan worden opgemaakt, dat de betreffende behandelend ambtenaar kennelijk geen reden heeft gezien om mij nog vóór 20.08.2021 een korte reactie te geven, dan wel is mijn e-mail met brief van 18.08. intern niet tijdig doorgezonden óf een collega heeft op zich genomen, hetzij opdracht gekregen, een reactie te verzorgen. Met name de toonzetting van deze reactie plus de redenen om de door ondergetekende in 2e termijn gevraagde aanvullende informatie niet te verstrekken, zijn op z’n zachtst gezegd bij ondergetekende erg ‘klantonvriendelijk‘ binnengekomen. Wat vindt uw college van onderstaande passage? “U geeft in uw brief van 18 augustus 2021 voornamelijk commentaar en u stelt vragen.
De Wet openbaarheid bestuur (Wob) verplicht ons niet om te reageren op commentaar of om vragen te beantwoorden.” Binnen de organisatie van de gemeente Waalwijk, waar bij herhaling toch wordt uitgesproken ook voorstander van openheid en transparantie te zijn, zou m.i. een dergelijke reactie als maatschappelijk verwerpelijk en tegen de algemene regels gekwalificeerd dienen te worden! Openbaarheid van bestuur is namelijk een algemeen rechtsbeginsel waaruit voortvloeit dat de burger het recht heeft te weten welke bestuursinformatie bij de overheid berust en de overheid de plicht heeft om deze informatie te ontsluiten, al dan niet desgevraagd of ongevraagd. Jazeker, het besluit om het Wob-verzoek van ondergetekende te honoreren, verwoord in de brief d.d. 03.08.2021, was op zich correct. Naar verluidt zouden de stukken m.b.t. PFAS in het gebied Haven 8/GOL, voor zover die bij de gemeente Waalwijk berusten, aan mij worden verstrekt. Maar wanneer bij het doornemen van de ontvangen stukken blijkt dat het niet alles is, dan mag mij toch niet worden verweten onterecht een vraag te stellen en eerlijke en gefundeerde kritiek te uiten op enkele antwoorden van de behandelend ambtenaar die namelijk vanzelfsprekend nieuwe vragen oproepen? Overigens is met het schrijven d.d.
12.08.2021 door de gemeente Waalwijk impliciet bevestigd dat het door mij op 04.08.2021 ontvangen pakket nog niet volledig was. Immers de alsnog gevraagde ‘Beschikking van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant’ d.d. 22 juni 2020 zou anders ongetwijfeld niet zijn nagezonden! Pas nadat ondergetekende kennis had kunnen nemen van de inhoud van die beschikking, viel voor mij vast te stellen dat in totaal nog eens 19 opgesomde stukken onderdeel uitmaken van deze beschikking. Daarvan zijn aan mij slechts enkele stukken ter beschikking gesteld. In mijn brief d.d. 18.08.2021 [ nummer 223b ] heb ik dat aangegeven. Voor mij was en is op grond daarvan onmogelijk vast te stellen óf en welke vorm in die voor mij onbekende stukken al dan niet bijzonderheden m.b.t. PFAS en/of PFOS staan opgetekend. De thans in de op 26 augustus 2021 gedateerde brief geplaatste opmerking dat betreffende stukken in het kader van de procedure m.b.t. de beschikking allemaal vanaf 24 juni 2020 ter inzage hebben gelegen, valt m.i. niet anders te interpreteren dan een nietszeggend argument dat de communicatie over het onderwerp probeert af te brengen, waardoor een verdere gedachtewisseling wordt afgesneden, het dood doet slaan. In dit verband merk ik op dat het door mij op 20 juli 2021 ingediende Wob-verzoek mede naar aanleiding is geweest van het schrijven van uw college d.d.
13 juli 2021 aan de fractie Lijst De Jongste - PvdA, waarin schriftelijke vragen zijn beantwoord m.b.t. ‘Gebiedsspecifiek beleid PFAS’. In de periode van 6 weken vanaf 24 juni 2020 dat de ‘Beschikking van Gedeputeerde Staten van NoordBrabant’ ter inzage zal hebben gelegen, was het onderwerp de melding voor het vaststellen van ernst en spoed van een bodemverontreiniging en het instemmen met een gefaseerd deelsaneringsplan. De problematiek rondom PFAS en/of PFOS was toen weliswaar nog relatief vers, echter in de brief van 26.08.2021 wordt terecht gesteld “dat de PFAS-problematiek pas vanaf 2018 is gaan spelen.” Wellicht ten overvloede treft u hierbij in Bijlage A nog een verwijzing aan naar het ‘Kamerstuk 35334 nr.19’ van 04-12-2019, alsmede naar een uitspraak namens het RIVM m.b.t. het Nederlandse bodembeleid.
- pagina 2 van 3 -
vervolg brief van ThW d.d. 10-09-2021 n.a.v. reactie namens ‘HET COLLEGE VAN WAALWIJK’, ontvangen 01.09.2021
Van de 19 stukken waarop ik in mijn brief van 18.08.2021 [ nummer 223b ] doel, stammen met uitzondering van 2 onderzoeken allemaal uit 2018 - 2019 - 2020. De conclusie, dat in de voor mij thans nog ontbrekende stukken geen relevante informatie over PFAS aangetroffen zal worden, is dan ook m.i. te voorbarig. Eerlijk gezegd wordt met een dergelijke opmerking eerder de indruk gewekt dat er wellicht toch sprake kan zijn dat wezenlijk van belang zijnde informatie is/wordt achtergehouden, dan dat voluit erop kan worden vertrouwd dat dit absoluut niet het geval is. Die indruk is dan ook voor ondergetekende aanleiding geweest om naar de ‘Kennisgeving beschikking van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant’ op de website https://www.brabant.nl/actueel/bekendmakingen op zoek te gaan. Helaas heb ik deze niet aangetroffen. Wel was in het archief de ‘Kennisgeving beschikking ingevolgede Ontgrondingenwet, Gemeente Waalwijk, Haven 8 Oost Waalwijk’ d.d. 11-09-2020 aanwezig. Dit project betreft de aanleg van een nieuw industrieterrein, gelegen in de driehoek A59, Drongelens Afwateringskanaal en de industriehaven Haven 8 West, met een oppervlak voor de ontgronding van 3 ha ofwel circa 35.000 m3. Het verzoek aan uw college is hierbij om alsnog een kopie van de betreffende ‘Kennisgeving beschikking van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant’ d.d. 22 juni 2020 kosteloos ter beschikking te stellen.
En verder heeft het mij zeer verbaasd dat in de op 26 augustus 2021 gedateerde brief wordt gesteld dat de door ondergetekende gevraagde en tot op heden nog ontbrekende stukken uitsluitend nog te verkrijgen zouden zijn tegen betaling van de in de Legesverordening bepaalde kosten. Vindt uw college ook dat dit gezien de hele voorgeschiedenis van betreffend Wob-verzoek - niet terecht is en in feite een absurde eis is? Het is bovendien volslagen in tegenspraak met de slotzin van de vorige alinea in de brief d.d. 26.08.2021: “De stukken zijn al openbaar en wij kunnen op grond van de Wet openbaarheid bestuur daarom niet besluiten deze nogmaals openbaar te maken.” Ik vertrouw erop dat betreffende stukken alsnog kosteloos ter beschikking gesteld gaan worden, direct in de week nadat de behandelend ambtenaar van vakantie is teruggekeerd. Bij voorbaat dank daarvoor. Voorts speelt nog de dubbele reactie naar aanleiding van kaart 1a als bijlage 48-21b bij ‘Bestuurdersbrief 48-21” d.d. 02-08-2021.
Het moge zo zijn dat er geen andere kaart beschikbaar is, maar dan betekent het dat de gemeente Waalwijk ook zelf onmogelijk in staat is geweest om bij de beoordeling de juistheid van de aangebrachte vermeldingen te controleren! Indien uw college van mening is dat de weigering om door de Antea Group een meer duidelijke kaart te laten maken aangehouden blijft, dan lijkt het voor de hand liggend dat er een duidelijke verklaring kan worden gegeven op grond waarvan het kennelijk niet nodig is gevonden om de huidige kaart 1a op juistheid te controleren. Uw spoedige reactie hieromtrent zie ik tegemoet. Tot slot is het uiterst merkwaardig dat in de brief d.d. 26 augustus 2021 in het geheel niet meer wordt gereageerd op de motivatie van de keuze voor de gehanteerde combinatie van de 9 monsters in het volkstuinencomplex. Zoals ik in mijn schrijven d.d. 18 augustus 2021 reeds heb opgemerkt, komen de respectievelijk op de kaart aangegeven meetpunten en op de tekening aangegeven boorpunten optisch gezien niet met elkaar overeen. Hoe e.e.a. moet worden geduid is tot op heden nog niet toegelicht.
Vindt uw college ook dat met het oog op de volksgezondheid van met name de gebruikers van de volkstuinen geen enkele twijfel mag blijven bestaan over de ernst van de gevonden resultaten? In afwachting van een spoedige reactie van uw college verblijf ik, met vriendelijke groeten, Theo Weijters, medeburger van de gemeente Waalwijk. Kopie aan
: - leden van de gemeenteraad - griffie
Bijlage : - Bijlage A
- pagina 3 van 3 -