223b T Weijters reactie op reactie d.d. 12.08. inzake Wob verzoek
Tekst van het document
Aan het College van de gemeente Waalwijk Postbus 10150 5140 GB WAALWIJK
Betreft
:
brief d.d. 12 augustus 2021 inzake aanvullende informatieverstrekking op grond van Wob-verzoek met uw kenmerk 2021-039852 en uw documentnummer D2021-08-006916.
Waalwijk, 18 augustus 2021 Geacht College, Hiermee bevestig ik u de goede ontvangst van het schrijven d.d. 12 augustus jl. Met deze brief heeft u mij desgevraagd enige aanvullende informatie gegeven en tevens een bijlage toegezonden. Waarvoor dank. Vooruitlopend op de reeds door mij aangekondigde aanvullende reactie, haak ik eerst even in op deze laatst ontvangen informatie. Beschikking van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant Zoals op pagina 2 van de door de ‘Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant’ namens Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant op 22 juni 2020 aan de Gemeente Waalwijk verzonden beschikking staat vermeld, blijkt dat reeds op 26 maart 2020 een melding over bodemverontreiniging is gedaan. Deze melding is naar verluidt namens de Gemeente Waalwijk door de Antea Group te Oosterhout gedaan en hield verband met “het vaststellen van ernst en spoed van een bodemverontreiniging” [ zaaknummer 20031657 ]. Vervolgens is aanvullend op 7 mei 2020 door de Antea Group nog een tweede melding bij de OMWB ingediend verband houdende met “instemmen met een gefaseerd deelsaneringsplan” [ zaaknummer 20050338 ]. In overleg met melder Antea Group is daarna blijkbaar besloten om deze beide meldingen - op grond van Artikel 28 van de Wet bodembescherming - samen te voegen tot één melding en als startdatum voor de procedure 7 mei 2020 en het zaaknummer 20050338 aan te houden.
In verband met het aanleveren van aanvullende gegevens is de proceduretermijn vervolgens nog geschorst geweest van 28 mei tot 9 juni 2020. Verondersteld wordt dat door de melder namens de Gemeente Waalwijk in onvoldoende mate gehoor werd gegeven aan de verschillende voorwaarden die in ‘Wet bodembescherming’ - o.a. in de artikelen 27 - 28 - 29 - 30 - 36 - 37 - 38 - 39 - 40 en 43 - alsmede in de ‘Waterwet’ staan vermeld. Kortom, ook na kennisname van de inhoud van deze beschikking d.d. 22 juni 2020 kan niet anders worden geconcludeerd dat tot nu toe geen concrete feiten door de portefeuillehouder(s) zijn aangeleverd, waaruit zou moeten blijken dat de eerste overschrijdingen t.a.v. PFAS-houdende grond en baggerspecie pas in oktober 2020 bekend zijn geworden. Ik verwijs derhalve opnieuw naar het op 30 maart 2020 door de Antea Group vrijgegeven rapport, met projectnummer 04186560.130, onder de titel ‘Milieukundige PFAS onderzoek GOL fase 01, Waalwijk en Drunen’ en hetgeen op de pagina’s 9 (van 10) en 10 (van 10) onder de kop ‘Conclusies’ staat vermeld. Voorts maakt ondergetekende u hierbij nog erop attent dat van de sinds 7 augustus 2017 opgesomde 19 verschillende stukken - die kennelijk allemaal deel uitmaken van de beschikking - slechts enkele aan mij ter beschikking zijn gesteld. Óf en in welke vorm in betreffende stukken al dan niet reeds bijzonderheden m.b.t.
PFAS en/of PFOS staan opgetekend, valt door ondergetekende derhalve thans niet vast te stellen!
- pagina 1 van 3 -
vervolg brief van ThW d.d. 18-08-2021 n.a.v. aanvullend gezonden informatie op grond van Wob-verzoek In Artikel 38, lid 1a, van de ‘Wet bodembescherming’ staat in ieder geval wel dat “bij sanering van de bodem deze ten minste geschikt wordt gemaakt voor de functie die hij na de sanering krijgt waarbij het risico voor mens, plant of dier als gevolg van blootstelling aan de verontreiniging zoveel mogelijk wordt beperkt.” Met name bij het volkstuinencomplex is m.i. tot op heden onvoldoende duidelijk gemaakt of hieraan met betrekking tot de volksgezondheid ook echt is/wordt voldaan! Verder valt voor wat betreft de bepaling van de ernst van de verontreinigingssituatie bij punt 5.1 op pagina 4 van 12 als volgt te lezen: “ter plaatse van het betrokken gedeelte is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging.” Ten aanzien van de normen die worden gebruikt voor de beoordeling van de gevallen van ernstige bodemverontreiniging staat voorts te lezen: “De interventiewaarden in de grond voor chroom worden overschreden in een bodemvolume van meer dan 25 m3 (namelijk circa 20.000 m3).” Ten aanzien van de bepaling of al dan niet met spoed moet worden gesaneerd, is naar verluidt uit de risicobeoordeling gebleken dat “de verontreiniging bij bodemgebruik als agrarisch gebied geen onaanvaardbare risico’s oplevert voor de mens of verspreiding.
Daarnaast blijkt dat wel onaanvaardbare risico’s aanwezig zijn voor het milieu.” De risico’s ten aanzien van het milieu zouden bestaan uit schade aan de ecologie [ ofwel de biologische samenhang en wisselwerking in de natuur ] in betreffend gebied, gelet op de overschrijding van de standaardwaarde voor de toxische druk [ ofwel het effect van de giftige werking van stoffen, zoals bestrijdingsmiddelen, geneesmiddelen voor mens en dier en stoffen afkomstig uit de (chemische) industrie ]. Bekend is dat Nederland voor de uitvoeringsperiode 2016-2021 niet voldoet aan de (chemische) doelen van de ‘Kaderrichtlijn Water’- welke zowel geldt voor oppervlaktewater als grondwater - en in normen zijn vastgelegd. Dat resultaat komt mede doordat er teveel toxische stoffen in ons oppervlaktewater zitten. Binnen de nieuwe ‘Omgevingswet’ is er geen zelfstandige saneringsplicht meer. Saneren of beheren van een bodemverontreiniging is dan aan de orde om een doel of opgave te bereiken. Hoe gaat de Gemeente Waalwijk hiermee om? Verder staat op pagina 7 van 12 van de beschikking een tabel vermeld waarin de kadastrale nummers zijn opgesomd. Bij de kopieën van de meegezonden kadastrale kaarten zijn echter de nummers 672 en 673 niet gearceerd! Onduidelijk is wat daarvan de reden is.
Versie van kaart 1a als bijlage 48-21b bij ‘Bestuurdersbrief 48-21’ Met het antwoord dat de Gemeente Waalwijk niet beschikt over een meer duidelijke versie van kaart 1a met boorlocaties wordt vanzelfsprekend niet voldaan aan het door ondergetekende gedane verzoek. Volgens de legenda is er sprake van liefst 4 verschillende gehalten PFOS die elk een eigen kleur hebben gekregen, echter die kleur is bij de ingetekende meetpunten volslagen onduidelijk te herkennen en dus valt er geen goed beeld van de spreiding te vormen. Ondergetekende neemt toch aan dat ook voor u die duidelijkheid bij de beoordeling en besluitvorming van wezenlijk belang is. Vandaar mijn verzoek om alsnog een duidelijke kaart te maken en te verstrekken. Bovendien valt het op dat bij de informatieverstrekking op de vragen van 2 juni 2021 door de fractie van Lijst de Jongste een tekening werd gezet met daarin hetzelfde projectgebied, echter waarbij de zones werde n aangegeven in respectievelijk groen, blauw en oranje. In kaart 1a hebben deze drie zones plots een geheel andere kleur. Waarom deze verandering die eerder tot verwarring dan tot verduidelijking leidt? 9 monsters in het volkstuinencomplex genomen Op kaart 1a van 16-06-2021 - als bijlage 48-21b bij ‘Bestuurdersbrief 48-21’ - staan ter hoogte van de Visbankweg een aantal meetpunten weergegeven. Op de veldwerktekening d.d.
28-06-2021 met het kaartnummer 04713680-BP van het project PFAS GOL/Haven 8 te Waalwijk staan in het betreffende onderzoeksgebied echter precies 9 boorpunten onder de nummers 1 t/m 9 ingetekend. Optisch gezien komen de respectievelijk op de kaart aangegeven meetpunten en op de tekening aangegeven boorpunten niet met elkaar overeen! Derhalve hierbij de vraag hoe e.e.a. valt te duiden?
- pagina 2 van 3 -
vervolg brief van ThW d.d. 18-08-2021 n.a.v. aanvullend gezonden informatie op grond van Wob-verzoek Een spoedige reactie zie ik graag weer tegemoet, zodat met de bestudering van de eerder ontvangen stukken nog deze maand door ondergetekende de aangekondigde aanvullende reactie kan worden toegezonden. Met vriendelijke groeten,
Theo Weijters, medeburger van de gemeente Waalwijk.
Kopie aan
: - leden van de gemeenteraad - griffie
- pagina 3 van 3 -