CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

2 Bijlage 2 FIN Wijzigingen financiële verordening 2026 ten opzichte van 2023

Raadsvergadering 11 december 2025, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Financiële verordening gemeente Waalwijk 20267.530 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Overzicht wijzigingen financiële verordening 2026 t.o.v. 2023

oktober 2025

Verordening 2023

Voorstel verordening 2026

Reden wijziging

De raad van de gemeente Waalwijk; gelezen het voorstel van burgemeesters en wethouders van 10 oktober 2023; gelet op artikel 212 van de Gemeentewet; gelezen het advies van het Auditcomité; besluit vast te stellen de volgende verordening:

De raad van de gemeente Waalwijk; gelezen het voorstel van het college van Waalwijk van 21 oktober 2025; gelet op artikel 212 van de Gemeentewet; besluit vast te stellen de volgende verordening:

Vermelding advies Auditcomité niet nodig in verordening.

Paragraaf 1. Algemene bepalingen

Paragraaf 1. Algemene bepalingen

Diverse definities ter verduidelijking toegevoegd (op basis van juridisch advies).

Artikel 1. Definities In deze verordening wordt verstaan onder: 1. administreren: het systematisch verzamelen, vastleggen, verwerken en verstrekken van informatie ten behoeve van het besturen, het functioneren en het beheersen van (onderdelen van) de organisatie van de gemeente Waalwijk en de verantwoording die daarover moet worden afgelegd. 2. financiële organisatie: het onderdeel van de administratie dat systematisch financiële gegevens maakt en verwerkt van (onderdelen van) de organisatie van de gemeente Waalwijk, teneinde te komen tot een goed inzicht in:  de financieel-economische positie;  het financiële beheer;  de uitvoering van de Begroting;  het afwikkelen van vorderingen en schulden;  alsmede tot het afleggen van rekening en verantwoording daarover. 3. rechtmatigheidsverantwoording: de rapportage van het college waarbij aangegeven wordt in welke mate de

Artikel 1. Definities In deze verordening wordt verstaan onder: 1. het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Waalwijk; 2. de raad: de gemeenteraad van de gemeente Waalwijk; 3. administreren: het systematisch verzamelen, vastleggen, verwerken en verstrekken van informatie ten behoeve van het besturen, het functioneren en het beheersen van (onderdelen van) de organisatie van de gemeente Waalwijk en de verantwoording die daarover moet worden afgelegd. 4. financiële organisatie: het onderdeel van de administratie dat systematisch financiële gegevens maakt en verwerkt van (onderdelen van) de organisatie van de gemeente Waalwijk, teneinde te komen tot een goed inzicht in:  de financieel-economische positie;  het financiële beheer;  de uitvoering van de Begroting;  het afwikkelen van vorderingen en schulden;  alsmede tot het afleggen van rekening en verantwoording daarover. 5. rechtmatigheidsverantwoording: de rapportage van het college waarbij

Pagina 1

Sub-artikelen uit de financiële verordening 2023 zijn zo nodig opnieuw genummerd.

bijlage 2 bij raadsvoorstel Financiële verordening 2026

Overzicht wijzigingen financiële verordening 2026 t.o.v. 2023

oktober 2025

Verordening 2023

Voorstel verordening 2026

totstandkoming van financiële beheershandelingen en de vastlegging daarvan overeenstemmen met geldende de relevante wet- en regelgeving. 4. doelmatigheid: het realiseren van bepaalde prestaties met een zo beperkt mogelijke inzet van middelen. 5. doeltreffendheid: de mate waarin de beoogde prestaties en (maatschappelijke) effecten van het beleid ook daadwerkelijk worden behaald.

aangegeven wordt in welke mate de totstandkoming van financiële beheershandelingen en de vastlegging daarvan overeenstemmen met geldende de relevante wet- en regelgeving. 6. doelmatigheid: het realiseren van bepaalde prestaties met een zo beperkt mogelijke inzet van middelen. 7. doeltreffendheid: de mate waarin de beoogde prestaties en (maatschappelijke) effecten van het beleid ook daadwerkelijk worden behaald. 8. administratieve wijziging: a. de wijziging van de begroting die binnen een programma wordt doorgevoerd en die qua lasten en baten per saldo budgettair neutraal is. b. een budgettair neutrale herschikking in (de inzet van) personeel, ook als dit over de programma’s heen gaat. c. voorwaarden voor een administratieve wijziging onder a. en b is dat dit geen gevolgen mag hebben voor het beleid en de in de begroting vastgelegde doelstellingen en prestaties. 9. budgethouder: de functionaris die bevoegd is tot het aangaan van financiële verplichtingen binnen de aan hem/haar door middel van mandatering toegewezen exploitatiebudgetten, investeringsbudgetten en grondexploitatiebudgetten. 10. EMU-saldo: het financiële overheidssaldo, oftewel de som van alle inkomsten en uitgaven van de totale overheid (Rijk, gemeenten, provincies, waterschappen) op transactiebasis, gemeten in euro's.

Pagina 2

Reden wijziging

Inhoud van een administratieve wijziging is nader omschreven en toegevoegd als definitie.

Budgethouder is toegevoegd als definitie.

EMU-saldo is toegevoegd als definitie.

bijlage 2 bij raadsvoorstel Financiële verordening 2026

Overzicht wijzigingen financiële verordening 2026 t.o.v. 2023 Verordening 2023

Artikel 3. Kalender 1. Het college biedt jaarlijks, vóór 1 december, een bestuurlijke planning voor het volgende begrotingsjaar aan het Auditcomité van de raad aan. In deze planning zijn de data opgenomen met betrekking tot het aanbieden en vaststellen van de Planning en Controlproducten. 2. De Planning en Controlcyclus bestaat uit de volgende producten: a. Nota van uitgangspunten ten behoeve van het opstellen van de Begroting; b. Voorjaarsbericht; c. Kadernota; d. Begroting en de Uitvoeringsinformatie; e. Jaarstukken: verantwoording/rekening, Nota Grondexploitatie en de Uitvoeringsinformatie; f. Najaarsbericht. 3. Alléén bij inhoudelijke (beleids) wijzigingen, afwijkingen en/of bijzonderheden van de ramingen voor lonen en prijzen van het Centraal Planbureau (CPB) en de indexering van de rente, welke is gebaseerd op de meest actuele marktverwachtingen van experts, wordt de nota van uitgangspunten ten behoeve van het opstellen van de begroting vastgesteld door de raad. Is dit niet het geval dan kan deze nota vastgesteld worden door het college en wordt de raad geïnformeerd middels een raadsinformatiebrief. Artikel 4. Moties 1. Indien de raad een motie (inclusief financiële dekking) indient met een incidenteel financieel bedrag lager dan € 75.000, met

Pagina 3

oktober 2025

Voorstel verordening 2026

Reden wijziging

1.

n.v.t.

Artikel 3.1 blijft ongewijzigd.

2. De Planning en Controlcyclus bestaat uit de volgende producten: a. Voorjaarsbericht; b. Kadernota, inclusief uitgangspunten voor de begroting; c. Begroting; d. Jaarstukken: verantwoording/rekening en de Nota Grondexploitatie; e. Najaarsbericht.

De Nota van Uitgangspunten is komen te vervallen. De uitgangspunten voor de begroting worden opgenomen in een afzonderlijk hoofdstuk in de Kadernota. In dat hoofdstuk wordt zo nodig aangegeven indien er afwijkingen en/of bijzonderheden zijn bij indexering van lonen, prijzen en rente (daarom vervalt artikel 3.3 ook). Zowel de Uitvoeringsinformatie Begroting en de Uitvoeringsinformatie bij de Jaarstukken is komen te vervallen. Wel wordt voortaan in de begroting en in de jaarstukken per beleidsveld inzicht gegeven in de afwijkingen ten opzichte van respectievelijk de gewijzigde begroting van het jaar ervoor (in de begroting) en de gewijzigde begroting van het jaar zelf (in de jaarstukken).

3. Artikel 3.3 vervalt.

Artikel 4. Moties 2. Indien de raad een motie (inclusief financiële dekking) indient met een incidenteel financieel bedrag lager dan €

Artikel 3.3 komt te vervallen, omdat de uitgangspunten voor de begroting in de Kadernota worden opgenomen (dat document gaat naar de raad). Tekstuele verbeteringen en verduidelijkingen.

bijlage 2 bij raadsvoorstel Financiële verordening 2026

Overzicht wijzigingen financiële verordening 2026 t.o.v. 2023 Verordening 2023 een meerderheid van stemmen wordt aangenomen en het college neemt de motie over, dan mag het college direct tot uitvoering overgaan zonder daarvoor een afzonderlijk raadsvoorstel bij de raad in te dienen. Moties met een structurele meerjarige doorwerking worden meegenomen in de meerjarenbegroting. Verantwoording van de motie vind plaats via de P&C producten. Artikel 6. Kaders begroting en meerjarenraming 1. Het college biedt jaarlijks in het voorjaar de Kadernota aan de raad aan. Hiermee wordt de raad in de gelegenheid gesteld om de kaders voor het komende begrotingsjaar en de daarbij behorende meerjarenbegroting te stellen. De raad stelt deze nota voor 1 augustus vast. 2. In de begroting wordt een post onvoorzien van € 100.000 opgenomen.

Artikel 7. Autorisatie begroting en investeringskredieten 1. De raad stelt per programma, voor het betreffende begrotingsjaar, vast: a. de beoogde maatschappelijke effecten uitgedrukt in indicatoren, het betreft hier de op grond van het BBV artikel 25 verplicht voorgeschreven indicatoren en de eigen indicatoren;

Pagina 4

oktober 2025

Voorstel verordening 2026

Reden wijziging

75.000, met een meerderheid van stemmen aanneemt en het college neemt de motie over, dan mag het college direct tot uitvoering overgaan zonder daarvoor een afzonderlijk raadsvoorstel bij de raad in te dienen. Moties met een structurele meerjarige doorwerking worden meegenomen in de meerjarenbegroting. Verantwoording van de motie vind plaats via de Planning en Control-producten, als bedoeld in artikel 3. Artikel 6. Kaders begroting en meerjarenraming 1. Het college biedt jaarlijks in het voorjaar de Kadernota aan de raad aan. Hiermee wordt de raad in de gelegenheid gesteld om de kaders voor het komende begrotingsjaar en de daarbij behorende meerjarenbegroting te stellen. De raad stelt deze nota voor 1 augustus vast. 2. In het jaar van de raadsverkiezingen worden onontkoombaarheden en uitgangspunten voor de begroting aan de raad aangeboden. 3. In de begroting wordt een post onvoorzien van € 100.000 opgenomen. . Artikel 7. Autorisatie begroting en investeringskredieten 1. De raad stelt per programma, voor het betreffende begrotingsjaar, vast: a. de beoogde maatschappelijke effecten uitgedrukt in indicatoren, het betreft hier de op grond van artikel 25 BBV verplicht voorgeschreven indicatoren en de eigen indicatoren;

Sub 1 is ongewijzigd.

In het jaar van de raadsverkiezingen is er geen volledige kadernota en worden aan de nieuwe raad onontkoombaarheden en uitgangspunten voor de begroting aangeboden..

Artikel 7.1 is ongewijzigd.

bijlage 2 bij raadsvoorstel Financiële verordening 2026

Overzicht wijzigingen financiële verordening 2026 t.o.v. 2023

oktober 2025

Verordening 2023

Voorstel verordening 2026

b. de wijze waarop ernaar gestreefd zal worden die effecten te bereiken; c. de baten en lasten per programma; d. toevoegingen en onttrekkingen aan reserves. 2. Tevens geeft de raad per programma: a. voor de drie opvolgende jaren een globaal overzicht beoogde effecten en baten en lasten in de toekomst; b. de relevante beleidsmatige kaders waarbinnen het programma uitgevoerd dient te worden. 3. De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting de baten en de lasten per programma en de investeringskredieten die betrekking hebben op vervanging. 4. De raad is bevoegd gedurende het jaar de begroting aan te passen voor zover de begroting wijzigt op het niveau van: a. de baten en lasten van een programma; b. de onttrekkingen of toevoegingen in de reserves. 5. De begroting kan door de raad worden gewijzigd als gevolg van: a. een beleidsinhoudelijke aanpassing; b. een financieel technische aanpassing die geen invloed heeft op de uitvoering van de in de programmabegroting gemaakte afspraken. 6. De begroting kan door het college worden gewijzigd (administratieve wijziging) indien de wijziging binnen een programma wordt doorgevoerd en budgettair neutraal is. Op verzoek van de griffier voert het college administratieve wijzigingen door met betrekking tot de budgetten die betrekking hebben op de raad als bestuursorgaan. 7. Het college is bevoegd tot het onderverdelen

b. de wijze waarop ernaar gestreefd zal worden die effecten te bereiken; c. de baten en lasten per programma; d. toevoegingen en onttrekkingen aan reserves. 2. Tevens geeft de raad per programma: a. voor de drie opvolgende jaren een globaal overzicht beoogde effecten en baten en lasten in de toekomst; b. de relevante beleidsmatige kaders waarbinnen het programma uitgevoerd dient te worden. 3. De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting de baten en de lasten per programma en de investeringskredieten die betrekking hebben op vervanging. 4. De raad is bevoegd gedurende het jaar de begroting aan te passen voor zover de begroting wijzigt op het niveau van: a. de baten en lasten van een programma; b. de onttrekkingen of toevoegingen in de reserves; c. de inhoud van het beleid.

Pagina 5

Reden wijziging

5. Het college is bevoegd tot het onderverdelen van taakvelden naar activiteiten (producten) ten behoeve van nadere sturing door het college. 6. De raad wordt door het college geïnformeerd over de nadere verdeling van de taakvelden bij de Programmabegroting. 7. Het college draagt er zorg voor dat alle kredieten en projecten voldoen aan het GROTICK principe (Geld – Risico’s – Organisatie – Tijd – Informatie – Communicatie - Kwaliteit). 8. Het college kan nadere regels stellen die

Artikel 7.2 is ongewijzigd.

Artikel 7.3 is ongewijzigd.

Artikelen 7.4 en 7.5 zijn samengevoegd . Artikel 7.5.b. is overbodig, want ook een financieel technische aanpassing over de grens van een programma heen, moet al aan de raad worden voorgelegd, omdat dan de baten en lasten van een programma wijzigen (met uitzondering van voorwaarden bij administratieve begrotingswijziging uit artikel 1.8). Artikel 7.5 was artikel 7.7, tekst is ongewijzigd. Artikel 7.6 was artikel 7.8, tekst is ongewijzigd. Artikel 7.7 was artikel 7.9, tekst is ongewijzigd.

Artikel 7.8 was artikel 7.10, tekst is

bijlage 2 bij raadsvoorstel Financiële verordening 2026

Overzicht wijzigingen financiële verordening 2026 t.o.v. 2023

oktober 2025

Verordening 2023

Voorstel verordening 2026

Reden wijziging

van taakvelden naar activiteiten (producten) ten behoeve van nadere sturing door het college. 8. De raad wordt geïnformeerd over de nadere verdeling van de taakvelden bij de Programmabegroting. 9. Het college draagt er zorg voor dat alle kredieten en projecten voldoen aan het GROTICK principe (Geld – Risico’s – Organisatie – Tijd – Informatie – Communicatie - Kwaliteit). 10.Het college kan nadere regels stellen die waarborgen dat de uitvoering van de begroting rechtmatig, doelmatig en doeltreffend verloopt.

waarborgen dat de uitvoering van de begroting rechtmatig, doelmatig en doeltreffend verloopt. 9. Een budgethouder is bevoegd tot het budgettair neutraal verschuiven van budgetten (niet zijnde investeringskredieten) via een administratieve begrotingswijziging, met als voorwaarde dat dit geen gevolgen mag hebben voor het beleid, de in de begroting vastgelegde doelstellingen en prestaties.

ongewijzigd.

10. Op verzoek van de griffier wordt de begroting administratief gewijzigd met betrekking tot de budgetten die betrekking hebben op de raad als bestuursorgaan. Artikel 8. Tussentijdse rapportages 1. Voorjaarsbericht Het college informeert de raad in het voorjaar over de voortgang van de uitvoering van de begroting. In deze rapportage wordt gerapporteerd op alle budgettaire afwijkingen in de exploitatie en kredieten boven de € 75.000 per budgettaire afwijking en gaat in op de realisatie van de beleidsvoornemens. Door middel van het Voorjaarsbericht kunnen geen nieuwe zaken op de Begroting gebracht worden. 2. Najaarsbericht Het college informeert de raad in het najaar over de budgettaire ontwikkelingen in de

Pagina 6

Artikel 8. Tussentijdse rapportages 1. Voorjaarsbericht Het college informeert de raad in het voorjaar over de voortgang van de uitvoering van de begroting. In deze rapportage wordt gerapporteerd op alle afwijkingen in de exploitatie boven de € 75.000 per budgettaire afwijking en gaat in op de realisatie van de beleidsvoornemens. Voor investeringskredieten geldt deze verplichting ten aanzien van een afwijking van meer dan 5% van het krediet en hoger dan € 50.000. Door middel van het Voorjaarsbericht kunnen geen nieuwe zaken op de Begroting ingebracht worden. 2. Najaarsbericht Het college informeert de raad in het najaar

Huidige methode leidt tot zeer omvangrijke begrotingswijzigingen met daarin budgettair neutrale (veelal administratief technische) wijzigingen binnen een programma of ook budgettair neutrale herschikkingen in (de inzet van) personeel. Voorwaarden voor een administratieve wijziging is dat dit geen gevolgen mag hebben voor het beleid en de in de begroting vastgelegde doelstellingen en prestaties. . Om goed budgetbeheer mogelijk te maken, is een snellere verwerking van de dit soort wijzigingen nodig. De Griffie, waarvan de Griffier de budgethouder is, heeft als bestuursorgaan eigen budgetten. Wijziging daarvan is administratief technisch. Voor kredieten geldt niet de grens van boven de € 75.000, maar op grond van de nota waarderings- en afschrijvingsbeleid een afwijking op een krediet van meer dan 5% en hoger dan € 50.000. Vandaar dat hier die bepaling uit de nota waarderings- en afschrijvingsbeleid ter verduidelijking is opgenomen.

Verder in plaats van gebracht nu ingebracht. Voor kredieten geldt niet de grens van

bijlage 2 bij raadsvoorstel Financiële verordening 2026

Overzicht wijzigingen financiële verordening 2026 t.o.v. 2023 Verordening 2023 exploitatie en kredieten boven de € 75.000 per budgettaire afwijking van het lopende begrotingsjaar en de meerjarenbegroting. Door middel van het Najaarsbericht kunnen geen nieuwe zaken op de Begroting gebracht worden. Door middel van het Najaarsbericht wordt de raad in de gelegenheid gesteld om in het begrotingsjaar niet bestede budgetten over te hevelen naar het volgend begrotingsjaar.

Artikel 9. Jaarstukken 1. Het college stelt jaarlijks een nota grondexploitatie welke onderdeel uitmaakt van de jaarstukken. 2. Gelijktijdig met het aanbieden van de jaarstukken biedt het college de raad het voorstel aan over de bestemming van het jaarrekeningresultaat. 3. Vooruitlopend op het bestemmingsvoorstel over het jaarrekeningresultaat kan het college de raad voorstellen om restantmiddelen op onderdelen van het rekeningresultaat over te hevelen naar het volgende begrotingsjaar mits er een positief rekeningsaldo is. Het college biedt dit (voorlopige) voorstel uiterlijk in december van het betreffende jaar aan de raad aan. Bij de jaarrekening wordt van die onderdelen bepaald welk bedrag werkelijk wordt overgeheveld. Paragraaf 3. Rechtmatigheidsverantwoording

Pagina 7

oktober 2025

Voorstel verordening 2026

Reden wijziging

over de ontwikkelingen in de exploitatie boven de € 75.000 per budgettaire afwijking van het lopende begrotingsjaar en de meerjarenbegroting. Voor investeringskredieten geldt deze verplichting ten aanzien van een afwijking van meer dan 5% van het krediet en hoger dan € 50.000. Door middel van het Najaarsbericht kunnen geen nieuwe zaken op de Begroting ingebracht worden. Door middel van het Najaarsbericht wordt de raad in de gelegenheid gesteld om budgetten, die (naar verwachting) in het begrotingsjaar niet zullen worden besteed, over te hevelen naar het volgend begrotingsjaar. Artikel 9. Jaarstukken 1. Het college stelt jaarlijks een nota grondexploitatie op welke onderdeel uitmaakt van de jaarstukken. 2. Gelijktijdig met het aanbieden van de jaarstukken biedt het college de raad het voorstel aan over de bestemming van het jaarrekeningresultaat. 3. Vooruitlopend op het bestemmingsvoorstel over het jaarrekeningresultaat kan het college de raad voorstellen om restantmiddelen op budgetten over te hevelen naar het volgende begrotingsjaar mits er een positief rekeningsaldo is. Het college biedt dit (voorlopige) voorstel uiterlijk in december van het betreffende jaar aan de raad aan. Bij de jaarrekening wordt van die onderdelen bepaald welk bedrag werkelijk wordt overgeheveld.

boven de € 75.000, maar op grond van de nota waarderings- en afschrijvingsbeleid een afwijking op een krediet van meer dan 5% en hoger dan € 50.000. Vandaar dat hier die bepaling uit de nota waarderings- en afschrijvingsbeleid ter verduidelijking is opgenomen. Verder in plaats van gebracht nu ingebracht en verduidelijking van de tekst over voorstellen tot overheveling.

Artikel 9.1 blijft ongewijzigd., behoudens kleine tekstuele aanpassing. Artikel 9.2 blijft ongewijzigd.

Verduidelijking van de tekst, betreft restantmiddelen op budgetten.

Paragraaf 3. Rechtmatigheidsverantwoording

bijlage 2 bij raadsvoorstel Financiële verordening 2026

Overzicht wijzigingen financiële verordening 2026 t.o.v. 2023

oktober 2025

Verordening 2023

Voorstel verordening 2026

Artikel 11. Verantwoordings- en rapportagegrens rechtmatigheidsverantwoording 1. De raad stelt vast op welke wijze hij door middel van de paragraaf bedrijfsvoering van de begroting en de jaarstukken, naast de verplichte onderdelen van deze paragraaf, wil worden geïnformeerd over rechtmatigheid. 2. In de rechtmatigheidsverantwoording bij de jaarrekening rapporteert het college aan de raad over afwijkingen met een verantwoordingsgrens van 3% van de totale lasten van de gemeente, inclusief de dotaties aan de reserves. 3. In de paragraaf bedrijfsvoering worden de geconstateerde afwijkingen (fouten of onduidelijkheden) groter dan € 75.000 nader toegelicht. Artikel 12. Voorwaardencriterium 1. Het voorwaardencriterium is het criterium van rechtmatigheid, dat betrekking heeft op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen. De eisen/voorwaarden zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving en hebben betrekking op aspecten als doelgroep, termijn, grondslag, administratieve bepalingen, normbedragen, bevoegdheden, bewijsstukken, recht, hoogte en duur. 2. Het college biedt de raad jaarlijks ter vaststelling een normenkader rechtmatigheid aan. Dit kader bestaat uit alle relevante (interne) wet- en regelgeving waaruit financiële beheershandelingen kunnen voortvloeien.

Het college operationaliseert dit normenkader in een toetsingskader ten behoeve van de interne beheersing.

Artikel 11. Verantwoordings- en rapportagegrens rechtmatigheidsverantwoording Artikel 11.1 blijft ongewijzigd.

Pagina 8

Reden wijziging

2. In de rechtmatigheidsverantwoording bij de jaarrekening rapporteert het college aan de raad over afwijkingen met een verantwoordingsgrens van 2% van de totale lasten van de gemeente, exclusief de dotaties aan de reserves. Artikel 11.3 blijft ongewijzigd.

Artikel 12. Voorwaardencriterium 1. Het voorwaardencriterium is het criterium van rechtmatigheid, dat betrekking heeft op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen. De eisen/voorwaarden zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving en hebben betrekking op aspecten als doelgroep, termijn, grondslag, administratieve bepalingen, normbedragen, bevoegdheden, bewijsstukken, recht, hoogte en duur. 2. De raad stelt jaarlijks een normenkader rechtmatigheid vast. Dit kader bestaat uit alle relevante (interne) wet- en regelgeving waaruit financiële beheershandelingen kunnen voortvloeien. Het college operationaliseert dit normenkader in een toetsingskader ten behoeve van de interne beheersing.

Grens wordt aangepast van 3% naar 2% en van inclusief de dotaties aan reserves naar exclusief de dotaties aan reserves. Dit geldt al voor de jaarrekening 2025 en dat is nu nader geregeld in artikel 31 van deze verordening 2026 (= intrekken oude verordening en overgangsrecht).

Artikel 12.1 blijft ongewijzigd.

Tekst in artikel 12.2 is verduidelijkt.

bijlage 2 bij raadsvoorstel Financiële verordening 2026

Overzicht wijzigingen financiële verordening 2026 t.o.v. 2023

oktober 2025

Verordening 2023

Voorstel verordening 2026

Artikel 13. Begrotingscriterium 1. Het begrotingscriterium is een criterium van rechtmatigheid dat betrekking heeft op de grenzen van de baten en lasten in de door de raad geautoriseerde begroting van exploitatie en investeringskredieten en de hiermee samenhangende programma’s, waarbinnen de financiële beheershandelingen tot stand moeten zijn gekomen; 2. De begrotingsrechtmatigheid wordt beoordeeld op het niveau waarop de begroting door de raad is geautoriseerd, zoals is opgenomen in artikel 7. 3. Bij investeringsprojecten wordt de begrotingsrechtmatigheid beoordeeld op het niveau van het totaal gevoteerde kredietbedrag. Een overschrijding van het jaarbudget, passend binnen het totaal bedrag van het krediet, wordt daarmee als rechtmatig beschouwd. 4. Begrotingsonrechtmatigheden: Hiervan is sprake als het College van B&W bij de realisatie van doelen en het realiseren van activiteiten de door de gemeenteraad vastgestelde budgetten voor wat betreft de lasten of investeringsbudgetten overschrijdt: (1) toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves die niet door de gemeenteraad zijn vastgesteld; (2) en als bij onderschrijdingen van lasten of investeringsbudgetten; (3) en/of lagere of hogere baten dan begroot de begroting niet tijdig met begrotingswijzigingen is aangepast. Afwijkingen worden als acceptabel aangemerkt in de volgende situaties: a.

Er is sprake van een overschrijding waarbij direct gerelateerde inkomsten

Artikel 13. Begrotingscriterium 1. Het begrotingscriterium is een criterium van rechtmatigheid dat betrekking heeft op de grenzen van de baten en lasten in de door de raad geautoriseerde begroting van exploitatie en investeringskredieten en de hiermee samenhangende programma’s, waarbinnen de financiële beheershandelingen tot stand moeten zijn gekomen; 2. De begrotingsrechtmatigheid wordt beoordeeld op het niveau waarop de begroting door de raad is geautoriseerd, zoals is opgenomen in artikel 7; 3. Bij investeringsprojecten wordt de begrotingsrechtmatigheid beoordeeld op het niveau van het totaal gevoteerde kredietbedrag. Een overschrijding van het jaarbudget, passend binnen het totaalbedrag van het krediet, wordt daarmee als rechtmatig beschouwd; 4. Uitgangspunt is dat iedere overschrijding van lasten ten opzichte van de begroting als onrechtmatig wordt beschouwd. Afwijkingen worden als acceptabel aangemerkt in de volgende situaties: a. Er is sprake van een overschrijding waarbij direct gerelateerde inkomsten de overschrijding compenseren. b. Er is sprake van een overschrijding op een open-einde regeling. c. De overschrijding is geautoriseerd door middel van de vaststelling van een tussentijdse rapportage; 5. Begrotingsafwijkingen zijnde overschrijdingen van baten en/of onderschrijdingen van lasten en baten zijn niet onrechtmatig als deze tijdig zijn gemeld

Pagina 9

Reden wijziging Artikel 13.1 is ongewijzigd.

Artikel 13.2 blijft ongewijzigd.

Artikel 13.3 blijft ongewijzigd.

Bepalingen over onrechtmatig en rechtmatig zijn gesplitst in overschrijdingen van lasten (= 13.4) en overschrijdingen van baten en/of onderschrijdingen van baten en lasten (= 13.5). Daarbij is ook gelet op hoe andere gemeenten dit in hun verordening hebben geduid. Hierover is contact geweest met de accountant.

Artikel 13.6 oud is artikel 13.5 nieuw geworden. Het melden van deze afwijkingen bij de jaarrekening is tijdig (dit is afgestemd met de accountant).

bijlage 2 bij raadsvoorstel Financiële verordening 2026

Overzicht wijzigingen financiële verordening 2026 t.o.v. 2023

oktober 2025

Verordening 2023

Voorstel verordening 2026

de overschrijding compenseren; b. Er is sprake van een overschrijding op een open-einde regeling; c. De overschrijding is geautoriseerd door middel van de vaststelling van een tussentijdse rapportage. 5. Begrotingsonrechtmatigheden die passen binnen het bestaande beleid van de raad, worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording (voor zover de verantwoordingsgrens voor afzonderlijke fouten of onduidelijkheden is overschreden), maar worden niet nader toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering. 6. Over- en onderschrijding van baten of onderschrijdingen van lasten/ investeringen zijn onrechtmatig als deze afwijkingen niet tijdig in de (bijgestelde) begroting zijn verwerkt. Onder tijdig wordt verstaan zoveel mogelijk vermelding in Voor- en Najaarsbericht. Overige afwijkingen van de (bijgestelde) begroting worden bij de jaarrekening gemeld en toegelicht.

aan de raad. Het melden van deze afwijkingen aan de raad bij de jaarverantwoording is tijdig. 6. Begrotingsonrechtmatigheden die passen binnen het bestaande beleid van de raad, worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording (voor zover de verantwoordingsgrens voor afzonderlijke fouten of onduidelijkheden is overschreden), maar worden niet nader toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering.

Artikel 14. Misbruik en oneigenlijk gebruikcriterium 1. Het misbruik en oneigenlijk gebruik-criterium is het criterium van rechtmatigheid, dat betrekking heeft op het voorkomen, detecteren en corrigeren van misbruik en oneigenlijk gebruik van overheidsgelden en gemeentelijke eigendommen bij financiële beheershandelingen. 2. Het college zorgt voor en legt vast de regels voor het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en eigendommen.

Artikel 14. Misbruik en oneigenlijk gebruik-criterium 1. Het misbruik en oneigenlijk gebruikcriterium is het criterium van rechtmatigheid, dat betrekking heeft op het voorkomen, detecteren en corrigeren van misbruik en oneigenlijk gebruik van overheidsgelden en gemeentelijke eigendommen bij financiële beheershandelingen. 2. Het college voorkomt misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en eigendommen en stelt hiervoor nadere regels vast.

Pagina 10

Reden wijziging

Artikel 13.5 oud is 13.6 nieuw geworden

Artikel 14.1 is ongewijzigd.

Verduidelijking van de tekst van artikel 14.2.

bijlage 2 bij raadsvoorstel Financiële verordening 2026

Overzicht wijzigingen financiële verordening 2026 t.o.v. 2023

oktober 2025

Verordening 2023

Voorstel verordening 2026

Paragraaf 4. Financieel beleid

Paragraaf 4. Financieel beleid

Artikel 15. Waardering en afschrijving vaste activa 1. De uitgangspunten met betrekking tot de waardering en afschrijving van vaste activa zijn in de bijgevoegde Nota Waardering en afschrijving vaste activa vastgelegd. Deze nota wordt, indien daartoe aanleiding bestaat, tenminste eenmaal per raadsperiode geactualiseerd en ter vaststelling aan de raad aangeboden. 2. Deze nota bevat minimaal: a. criteria voor het activeren van activa; b. criteria voor het waarderen van activa; c. toegepaste methoden van afschrijven; d. interne regels rondom verantwoording in de producten van de Planning en Controlcyclus; e. procedures rondom afsluiten van kredieten.

Artikel 15. Waardering en afschrijving vaste activa 1. De uitgangspunten met betrekking tot de waardering en afschrijving van vaste activa worden door de raad in de Nota Waardering en afschrijving vaste activa vastgelegd, die als bijlage onderdeel uitmaakt van deze verordening. Deze nota wordt, indien daartoe aanleiding bestaat, maar tenminste eenmaal per raadsperiode opnieuw door de raad vastgesteld. 2. Deze nota bevat minimaal: a. criteria voor het activeren van activa; b. criteria voor het waarderen van activa; c. toegepaste methoden van afschrijven; d. interne regels rondom verantwoording in de producten van de Planning en Controlcyclus; e. procedures rondom het afsluiten van kredieten.

Artikel 16. Reserves en voorzieningen 1. De interne regels omtrent reserves en voorzieningen worden vastgelegd in een Nota Reserves en Voorzieningen. Deze nota wordt, indien daartoe aanleiding bestaat, tenminste eenmaal per raadsperiode geactualiseerd en ter vaststelling aan de raad aangeboden. 2. De reserves worden jaarlijks bij zowel de begroting als de jaarrekening getoetst. Daarnaast legt het college in de oneven jaren een integrale toetsing van alle reserves en voorzieningen aan de raad voor; 3. Het college is bevoegd om ter dekking van niet begrote uitgaven, niet zijnde kredieten,

Artikel 16. Reserves en voorzieningen 1. De interne regels omtrent reserves en voorzieningen worden door de raad vastgelegd in een Nota Reserves en Voorzieningen. Deze nota wordt, indien daartoe aanleiding bestaat, maar tenminste eenmaal per raadsperiode opnieuw door de raad vastgesteld. 2. De reserves worden jaarlijks bij zowel de begroting als de jaarrekening getoetst. Daarnaast legt het college in de oneven jaren een integrale toetsing van alle reserves en voorzieningen aan de raad voor;

Pagina 11

Reden wijziging

Verduidelijking van de tekst van artikel 15.1.

Lidwoord tussen gevoegd.

Verduidelijking van de tekst van artikel 16.1.

Artikel 16.2 is ongewijzigd.

bijlage 2 bij raadsvoorstel Financiële verordening 2026

Overzicht wijzigingen financiële verordening 2026 t.o.v. 2023 Verordening 2023

oktober 2025

Voorstel verordening 2026

Reden wijziging

tot een bedrag van maximaal € 50.000 per bestemmingsreserve jaarlijks te beschikken over bestemmingsreserves. De raad heeft hieraan de voorwaarde gesteld dat de portefeuillehouder de raad d.m.v. een raadsinformatiebrief informeert en dat de mutatie in de eerstvolgende kwartaalswijziging van de begroting wordt verwerkt.

3. Het college is bevoegd om ter dekking van niet begrote uitgaven, niet zijnde investeringskredieten, tot een bedrag van maximaal € 50.000 per bestemmingsreserve jaarlijks te beschikken over bestemmingsreserves. Het college informeert de raad door middel van een raadsinformatiebrief en draagt er zorg voor dat de mutatie in de eerstvolgende kwartaalswijziging van de begroting wordt verwerkt.

Verduidelijking van de tekst van artikel 16.3.

Artikel 17. Kostprijsberekening De raad stelt in de Nota kostentoerekening de beleidskaders vast m.b.t. de wijze van kostentoerekening ten behoeve van het bepalen van de kostprijs van de levering van goederen, werken en diensten. Deze nota wordt, indien daartoe aanleiding bestaat, tenminste eenmaal per raadsperiode geactualiseerd en ter vaststelling aan de raad aangeboden.

Artikel 17. Kostprijsberekening De raad stelt in de Nota kostentoerekening, die als bijlage deel uitmaakt van deze verordening, de beleidskaders vast met betrekking tot de wijze van kostentoerekening ten behoeve van het bepalen van de kostprijs van de levering van goederen, werken en diensten. Deze nota wordt, indien daartoe aanleiding bestaat, maar tenminste eenmaal per raadsperiode opnieuw door de raad wordt vastgesteld.

Artikel 18. Financieringsfunctie In het treasurystatuut zijn de regels opgenomen die worden gehanteerd voor het dagelijks geldstromenbeheer en voor liquiditeitsrisico’s, renterisico’s, kredietrisico’s en relatiebeheer, administratieve organisatie en interne controle van de financieringsfunctie. Het treasurystatuut wordt, indien daartoe aanleiding bestaat, tenminste eenmaal per raadsperiode geactualiseerd en ter vaststelling aan de raad aangeboden.

Artikel 18. Financieringsfunctie In het Treasurystatuut stelt de raad regels vast die worden gehanteerd voor het dagelijks geldstromenbeheer en voor liquiditeitsrisico’s, renterisico’s, kredietrisico’s en relatiebeheer, administratieve organisatie en interne controle van de financieringsfunctie. Het treasurystatuut wordt, indien daartoe aanleiding bestaat, maar tenminste eenmaal per raadsperiode opnieuw door de raad vastgesteld.

Paragraaf 5. In begroting en jaarrekening op te nemen paragrafen Artikel 20. Weerstandsvermogen en

Paragraaf 5. In begroting en jaarrekening op te nemen paragrafen Artikel 20. Weerstandsvermogen en

Pagina 12

Verduidelijking van de tekst van artikel 17.

Verduidelijking van de tekst van artikel 18.

bijlage 2 bij raadsvoorstel Financiële verordening 2026

Overzicht wijzigingen financiële verordening 2026 t.o.v. 2023

oktober 2025

Verordening 2023

Voorstel verordening 2026

risicobeheersing In de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing dient nader te worden ingegaan op de weerstandscapaciteit afgezet tegen de risico’s die de gemeente loopt in zowel de exploitatie- als investeringssfeer. De interne regels omtrent weerstandsvermogen en risicomanagement worden vastgelegd in een Nota weerstandsvermogen en risicomanagement. Deze nota wordt, indien daartoe aanleiding bestaat, tenminste eenmaal per raadsperiode geactualiseerd en ter vaststelling aan de raad aangeboden.

risicobeheersing In de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing dient nader te worden ingegaan op de weerstandscapaciteit afgezet tegen de risico’s die de gemeente loopt in zowel de exploitatie- als investeringssfeer. De interne regels omtrent weerstandsvermogen en risicomanagement worden door de raad vastgelegd in een Nota weerstandsvermogen en risicomanagement. Deze nota wordt, indien daartoe aanleiding bestaat, maar tenminste eenmaal per raadsperiode geactualiseerd en opnieuw door de raad vastgesteld.

Artikel 21. Onderhoud kapitaalgoederen Bij de begroting en de jaarstukken neemt het college in de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen de verplichte onderdelen op grond van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten op. 1. Onderhoud Openbare Ruimte Het college biedt tenminste eenmaal per raadsperiode een Nota Onderhoud Openbare Ruimte aan. De nota geeft het kader weer voor de inrichting van het onderhoud en het beoogde onderhoudsniveau (beeldkwaliteit) voor het openbaar groen, water, wegen, openbare verlichting, kunstwerken en straatmeubilair en eveneens de normkostensystematiek en het meerjarig budgettair beslag. De raad stelt deze nota vast. 2. Wegen Het Onderhoud wegen (OW) dient plaats te vinden in samenhang met het Mobiliteitsplan en het gemeentelijk rioleringsplan (GRP), waarbij de werkzaamheden zoveel mogelijk op elkaar

Artikel 21. Onderhoud kapitaalgoederen Bij de begroting en de jaarstukken worden in de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen de verplichte onderdelen op grond van het BBV opgenomen. 1. Onderhoud Openbare Ruimte De raad stelt tenminste eenmaal per raadsperiode een Nota Onderhoud Openbare Ruimte vast. De nota geeft het kader weer voor de inrichting van het onderhoud en het beoogde onderhoudsniveau (beeldkwaliteit) voor het openbaar groen, water, wegen, openbare verlichting, kunstwerken en straatmeubilair en eveneens de normkostensystematiek en het meerjarig budgettair beslag. 2. Wegen Het Onderhoud Wegen (OW) dient plaats te vinden in samenhang met het Mobiliteitsplan en het Integraal Waterplan Waalwijk (IWW), waarbij de werkzaamheden zoveel mogelijk op elkaar worden afgestemd en samengevoegd tot het Integraal Uitvoerings Programma (IUP).

Pagina 13

Reden wijziging Verduidelijking van de tekst van artikel 20.

Verduidelijking van de tekst van artikel 21.

Nota Gemeentelijk Rioleringsplan heeft in de praktijk als naam Integraal Waterplan Waalwijk (IWW)

bijlage 2 bij raadsvoorstel Financiële verordening 2026

Overzicht wijzigingen financiële verordening 2026 t.o.v. 2023

oktober 2025

Verordening 2023

Voorstel verordening 2026

worden afgestemd en samengevoegd tot het Integraal Uitvoerings Programma (IUP). Het IUP heeft een planningshorizon van vier jaar bestaande uit een definitieve planning voor de eerste twee jaar en een doorkijk naar het 3e en 4e jaar. Dit plan wordt tweejaarlijks ter vaststelling aan de raad voorgelegd. 3. Rioleringsplan en waterlopen Het college biedt tenminste eenmaal per raadsperiode een Nota Gemeentelijk Rioleringsplan aan de raad ter vaststelling aan. De normen voor kwaliteit en het onderhoudsniveau worden vastgelegd in het gemeentelijk rioleringsplan. In het plan zijn voor een tijdsperiode van vier jaar onder meer de investeringen m.b.t. vervanging, verbetering en de aanleg van (druk)riolering gepland en worden zoveel mogelijk in samenhang met het Mobiliteitsplan en Onderhoud Wegen (IUP) gepland. 4. Groen Het onderhoud van het openbaar groen dient plaats te vinden op basis van meerjarig onderhoudsplan. Het college biedt tenminste eenmaal per raadsperiode een onderhoudsplan aan de raad ter vaststelling aan. 5. Gemeentelijk vastgoed en het onderhoud daarvan De raad stelt in de Nota Vastgoed de kaders vast m.b.t. het gemeentelijk vastgoedbeleid/beheer en het management van gemeentelijk vastgoed. Daarnaast geeft de nota aan welke acties genomen worden om strategisch te kunnen sturen op de gemeentelijke vastgoedportefeuille. Deze nota wordt eenmaal per raadsperiode

Het IUP heeft een planningshorizon van vier jaar bestaande uit een definitieve planning voor de eerste twee jaar en een doorkijk naar het derde en vierde jaar. Dit plan wordt tweejaarlijks door de raad vastgesteld. 3. Rioleringsplan en waterlopen De raad stelt tenminste eenmaal per raadsperiode een Integraal Waterplan Waalwijk (IWW) vast. De normen voor kwaliteit en het onderhoudsniveau worden vastgelegd in het Integraal Waterplan Waalwijk. In het plan zijn voor een tijdsperiode van vier jaar onder meer de investeringen met betrekking tot vervanging, verbetering en de aanleg van (druk)riolering gepland, zoveel mogelijk in samenhang met het Mobiliteitsplan en Onderhoud Wegen (IUP). 4. Groen Het onderhoud van het openbaar groen dient plaats te vinden op basis van meerjarig onderhoudsplan. De raad stelt tenminste eenmaal per raadsperiode een onderhoudsplan groen vast. 5. Gemeentelijk vastgoed en het onderhoud daarvan De raad stelt in de Nota Vastgoed de kaders vast met betrekking tot het gemeentelijk vastgoedbeleid en -/beheer en tot het management van gemeentelijk vastgoed. Daarnaast geeft de nota aan welke acties genomen worden om strategisch te kunnen sturen op de gemeentelijke vastgoedportefeuille. Deze nota wordt eenmaal per raadsperiode door de raad vastgesteld. Ten behoeve van het onderhoud van de

Pagina 14

Reden wijziging

Nota Gemeentelijk Rioleringsplan heeft in de praktijk als naam Integraal Waterplan Waalwijk (IWW)

bijlage 2 bij raadsvoorstel Financiële verordening 2026

Overzicht wijzigingen financiële verordening 2026 t.o.v. 2023 Verordening 2023 geactualiseerd en ter vaststelling aan de raad aangeboden. Ten behoeve van het onderhoud van de gemeentelijke gebouwen wordt eens per twee jaar een meerjarenplanning ter vaststelling aan de raad aangeboden.

oktober 2025

Voorstel verordening 2026

Reden wijziging

gemeentelijke gebouwen wordt eens per twee jaar een meerjarenplanning door de raad vastgesteld.

Artikel 22. Financiering (en treasury) In de paragraaf financiering bij de begroting en de jaarstukken neemt het college de verplichte onderdelen op grond van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten op.

Artikel 22. Financiering (en treasury) In de paragraaf financiering bij de begroting en de jaarstukken worden de verplichte onderdelen op grond van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten opgenomen.

Verduidelijking van de tekst van artikel 22.

Artikel 23. Bedrijfsvoering In de paragraaf bedrijfsvoering bij de begroting en de jaarstukken neemt het college naast de verplichte onderdelen op grond van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten in ieder geval op: a. de omvang, opbouw en (verwachte) ontwikkeling van het personeelsbestand; b. de totale personele lasten (vast personeel en inhuur derden).

Artikel 23. Bedrijfsvoering In de paragraaf bedrijfsvoering bij de begroting en de jaarstukken worden naast de verplichte onderdelen op grond van het BBV in ieder geval opgenomen: a. de omvang, opbouw en (verwachte) ontwikkeling van het personeelsbestand; b. de totale personele lasten (vast personeel en inhuur derden).

Verduidelijking van de tekst van artikel 23.

Artikel 24. Verbonden partijen Bij de begroting en de jaarstukken neemt het college in de paragraaf verbonden partijen de verplichte onderdelen op van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten.

Artikel 24. Verbonden partijen Bij de begroting en de jaarstukken worden in de paragraaf verbonden partijen de verplichte onderdelen van het BBV opgenomen.

Verduidelijking van de tekst van artikel 24.

Artikel 25. Grondbeleid 1. In de paragraaf grondbeleid bij de begroting en de jaarstukken neemt het college de verplichte onderdelen op grond van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten op; 2. Het college biedt tenminste eens in de vier

Artikel 25. Grondbeleid 1. In de paragraaf grondbeleid bij de begroting en de jaarstukken worden de verplichte onderdelen op grond van het BBV opgenomen; 2. De raad stelt tenminste eens in de vier jaar

Verduidelijking van de tekst van artikel 25.

Pagina 15

bijlage 2 bij raadsvoorstel Financiële verordening 2026

Overzicht wijzigingen financiële verordening 2026 t.o.v. 2023

oktober 2025

Verordening 2023

Voorstel verordening 2026

jaar een nota Grondbeleid aan ter behandeling en vaststelling door de raad. In deze nota wordt aandacht besteed aan: a. de strategische visie van het toekomstig grondbeleid van de gemeente; b. het beleid ten aanzien van de grondprijzen; c. het beleid ten aanzien van de uitgifte van gronden in erfpacht en de bijstelling van erfpachtvergoedingen. 3. Indien in het kader van de jaarlijkse actualisatie van de kostprijsberekeningen een negatief resultaat per einde looptijd van een complex wordt geprognosticeerd, dan zal voor dit verlies een dekkingsmiddel worden aangewezen. Als blijkt dat dit negatief resultaat per einde looptijd onafwendbaar is, dient per direct, ter grootte van dat verlies op eindwaarde, een voorziening te worden getroffen ten laste van de Reserve grondexploitatie en indien ontoereikend ten laste van de algemene reserve.

een nota Grondbeleid vast. In deze nota wordt aandacht besteed aan: a. de strategische visie van het toekomstig grondbeleid van de gemeente; b. het beleid ten aanzien van de grondprijzen; c. het beleid ten aanzien van de uitgifte van gronden in erfpacht en de bijstelling van erfpachtvergoedingen. 3. Indien in het kader van de jaarlijkse actualisatie van de kostprijsberekeningen een negatief resultaat per einde looptijd van een complex wordt geprognosticeerd, dan zal voor dit verlies een dekkingsmiddel worden aangewezen. Als blijkt dat dit negatief resultaat per einde looptijd onafwendbaar is, dient per direct, ter grootte van dat verlies op eindwaarde, een voorziening te worden getroffen ten laste van de reserve grondexploitatie en indien ontoereikend ten laste van de algemene reserve.

Paragraaf 6. Financiële organisatie en financieel beheer Artikel 27. Financiële organisatie 1. Het college draagt de zorg voor en legt (in een besluit) vast: a. een eenduidige indeling van de gemeentelijke organisatie en een eenduidig toewijzing van de gemeentelijke taken aan de organisatieonderdelen; b. een adequate scheiding van taken, functies, bevoegdheden, verantwoordelijkheden, zodat aan de eisen

Paragraaf 6. Financiële organisatie en financieel beheer Artikel 27. Financiële organisatie 1. Het college draagt de zorg voor: a. een eenduidige indeling van de gemeentelijke organisatie en een eenduidig toewijzing van de gemeentelijke taken aan de organisatieonderdelen; b. een adequate scheiding van taken, functies, bevoegdheden, verantwoordelijkheden, zodat aan de

Pagina 16

Reden wijziging

Verduidelijking van de tekst van artikel 27.

bijlage 2 bij raadsvoorstel Financiële verordening 2026

Overzicht wijzigingen financiële verordening 2026 t.o.v. 2023

oktober 2025

Verordening 2023

Voorstel verordening 2026

van interne controle wordt voldaan en de betrouwbaarheid van de verstrekte informatie aan beleids- en beheersorganen is gewaarborgd; c. de verlening van mandaten en volmachten voor het aangaan van verplichtingen ten laste van de toegekende budgetten en investeringskredieten; d. het beleid en de interne regels voor de steunverlening en de toekenning van subsidies aan ondernemingen en instellingen; e. het beleid en de interne regels voor het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en eigendommen, opdat aan de eisen van rechtmatigheid, controle en verantwoording wordt voldaan. 2. Het college kan nadere regels vaststellen ten aanzien van het fiscaal beleid.

eisen van interne controle wordt voldaan en de betrouwbaarheid van de verstrekte informatie aan beleids- en beheersorganen is gewaarborgd; c. de verlening van mandaten en volmachten voor het aangaan van verplichtingen ten laste van de toegekende budgetten en investeringskredieten; d. het beleid en de interne regels voor de steunverlening en de toekenning van subsidies aan ondernemingen en instellingen; e. het beleid en de interne regels voor het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en eigendommen, opdat aan de eisen van rechtmatigheid, controle en verantwoording wordt voldaan. 2. Het college legt het bepaalde in het eerste lid, onder a, tot en met e, vast in nadere regels. 3. Het college kan nadere regels vaststellen ten aanzien van het fiscaal beleid.

Artikel 28. Interne controle 1. Het college zorgt ten behoeve van het getrouwe beeld van de verantwoording en de rechtmatigheid van de baten en lasten en de balansmutaties voor de jaarlijkse interne toetsing van de getrouwheid van de informatieverstrekking. 2. Het college waarborgt de rechtmatigheid van de beheershandelingen. 3. Het college neemt bij afwijkingen maatregelen tot herstel. 4. Het college draagt zorg voor een stelsel van interne auditing op de goede werking van de

Artikel 28. Interne controle 1. Het college zorgt ten behoeve van het getrouwe beeld van de verantwoording en de rechtmatigheid van de baten en lasten en de balansmutaties voor de jaarlijkse interne toetsing van de getrouwheid van de informatieverstrekking. 2. Het college waarborgt de rechtmatigheid van de beheershandelingen. 3. Het college neemt bij afwijkingen maatregelen tot herstel. 4. Het college draagt zorg voor een stelsel van interne auditing op de goede werking van de

Pagina 17

Reden wijziging

Kleine tekstwijziging in artikel 28 lid 4 (op aangeven van jurist).

bijlage 2 bij raadsvoorstel Financiële verordening 2026

Overzicht wijzigingen financiële verordening 2026 t.o.v. 2023 Verordening 2023 verantwoordelijkheden genoemd onder lid 1, 2 en 3.

oktober 2025

Voorstel verordening 2026

Reden wijziging

verantwoordelijkheden genoemd onder het eerste tot en met het derde lid.

Hoofdstuk 7. Slotbepalingen

Hoofdstuk 7. Slotbepalingen

Artikel 30. Frequentie en tussentijdse aanpassingen financiële verordening 1. De financiële verordening wordt tenminste eenmaal per raadsperiode geactualiseerd en ter vaststelling aan de raad aangeboden. 2. Kleinere tussentijdse wijzigingen worden via een wijzigingsbesluit ter vaststelling aan de raad aangeboden.

Artikel 30. Frequentie en tussentijdse aanpassingen financiële verordening De financiële verordening wordt tenminste eenmaal per raadsperiode door de raad gewijzigd of opnieuw vastgesteld.

Verduidelijking van de tekst van artikel 30.

Artikel 31. Intrekken oude verordening en overgangsrecht De financiële verordening gemeente Waalwijk 2020 wordt ingetrokken, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de jaarstukken en bijbehorende stukken van het begrotingsjaar 2023, zoals deze gold op de dag voor inwerkingtreding van deze verordening.

Artikel 31. Intrekken oude verordening en overgangsrecht 1. De Financiële verordening gemeente Waalwijk 2023 wordt ingetrokken. 2. Zij blijft van toepassing op de jaarstukken en bijbehorende stukken van de begrotingsjaren waarop zij van toepassing was voor inwerkingtreding van deze verordening. 3. In afwijking van het eerste en tweede lid, is het bepaalde in artikel 11, tweede lid, van deze verordening onmiddellijk van toepassing op de jaarrekening over het begrotingsjaar 2025, in plaats van artikel 11, tweede lid, van de Financiële verordening gemeente Waalwijk 2023.

Intrekken oude verordening uit 2023, met toevoeging dat de bepaling in artikel 11, tweede lid van de Financiële verordening 2026 al van toepassing is voor de jaarrekening 2025.

Artikel 32. Citeertitel Deze verordening kan worden aangehaald onder de naam "Financiële verordening gemeente Waalwijk 2023".

Artikel 32. Citeertitel Deze verordening kan worden aangehaald onder de naam "Financiële verordening gemeente Waalwijk 2026".

Nieuw jaartal.

Artikel 33. Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op de

Artikel 33. Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op de

Nieuwe datum.

Pagina 18

bijlage 2 bij raadsvoorstel Financiële verordening 2026

Overzicht wijzigingen financiële verordening 2026 t.o.v. 2023

oktober 2025

Verordening 2023

Voorstel verordening 2026

achtste dag na bekendmaking.

achtste dag na bekendmaking.

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 23 november 2023.

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 11 december 2025.

DE RAAD VAN WAALWIJK de griffier,

DE RAAD VAN WAALWIJK de griffier,

Pagina 19

de voorzitter,

Reden wijziging

de voorzitter,

bijlage 2 bij raadsvoorstel Financiële verordening 2026

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16184318/1