CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

17 Baanbrekers 14de wijziging gemeenschappelijke regeling Baanbrekers

Raadsvergadering 7 maart 2024, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Ingekomen stukken10.435 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

leden van het Dagelijks Bestuur conform artikel 13 lid 1 sub a van doorslaggevende aard.

Planning en procedure Behandeling van de 14de gewijzigde gemeenschappelijke regeling door het Algemeen Bestuur is voorzien op 18 december 2023. Na behandeling door het Algemeen Bestuur zal het Algemeen Bestuur de regeling ter definitieve besluitvorming (vaststelling) voorleggen aan de colleges en de raden van de gemeenten Heusden, Loon op Zand en Waalwijk. Dit met het verzoek om binnen 13 weken na ontvangst ter zake een besluit te nemen en dat direct aan het Algemeen Bestuur mede te delen conform artikel 41 lid 4 van de regeling.

14de wijziging gemeenschappelijke regeling Baanbrekers

22

Toelichting op diverse artikelen in Hoofdstuk 2 Artikelen 3 tot en met 6 In dit hoofdstuk zijn het missie, doel en het werkterrein van Baanbrekers aangegeven. Hiervoor is aangesloten bij het in december 2018 vastgestelde koersdocument 'kom in beweging, Baanbrekers 2.0'.

De raden van de deelnemende gemeenten zijn verantwoordelijk voor het integrale strategische beleid op de terreinen participatie, activering en re-integratie. Zij vertalen het integrale strategische beleid in een gezamenlijke, samenhangende en geharmoniseerde taakopdracht aan Baanbrekers. Het Sociaal Economisch Team (SET) heeft daarbij tot doel om als afstemmingsorgaan van beleidsadviseurs van de deelnemende gemeenten en beleidsadviseurs van Baanbrekers in goed overleg te bekijken hoe het beleid/visie van de deelnemende gemeenten aansluit bij deze opdracht die Baanbrekers vanuit de raden van de deelnemende gemeenten heeft ontvangen. Deze opdrachtformulering is onderdeel van het koersdocument van Baanbrekers en vindt jaarlijks zijn weerslag in een kaderbrief en begroting. Het koersdocument wordt vastgesteld door het Algemeen Bestuur van Baanbrekers. Vóór de vaststelling wordt een zienswijze gevraagd aan de raden van de deelnemende gemeenten. De deelnemende gemeenten hebben middels de gemeenschappelijke regeling uitvoeringsorganisatie Baanbrekers de ambitie om binnen de sub-regio nadrukkelijk met elkaar op te trekken binnen het sociaal economische domein, en op te schalen naar de arbeidsmarktregio Midden-Brabant als dat noodzakelijk is of meerwaarde oplevert. Een zoveel als mogelijke integrale aanpak en goede samenwerking binnen de keten staat daarbij voorop.

Een aantal basistaken en bevoegdheden wordt door de deelnemende gemeenten overgedragen aan Baanbrekers. Daarnaast wordt de mogelijkheid geboden dat de deelnemende gemeenten zogenaamde additionele oftewel pluspakket-taken over kunnen dragen aan Baanbrekers en hierover met Baanbrekers vervolgens afzonderlijke afspraken maken.

Toelichting op diverse artikelen in Hoofdstuk 4 Artikelen 8 tot en met 12 Conform de Wet dualisering gemeentebestuur en de Wet dualisering gemeentelijke medebewindsbevoegdheden wordt het Algemeen Bestuur van deze regeling bemenst met zes leden van de colleges van de deelnemende gemeenten, namelijk twee van iedere deelnemende gemeente. Dit doet recht aan het duale uitgangspunt. Door aan het Algemeen Bestuur zes raadsleden, twee van iedere deelnemende gemeente, toe te voegen, is er sprake van een zogenaamd 'gemengd model' m.b.t. de gemeenschappelijke regeling. De deelname van het raadslid aan het Algemeen Bestuur draagt bij aan de verbinding c.q. betrokkenheid van de raden met de regeling, en draagt bij aan de vergroting van de sturingsmogelijkheid van de raden. Hierdoor wordt het belang van deze deelname onderstreept, buiten dat vanwege de sociaal-maatschappelijke, economische impact en het democratische gehalte is gekozen voor deelname van het raadslid aan het Algemeen Bestuur. Het Algemeen Bestuur is het hoogste orgaan van de gemeenschappelijke regeling en heeft in het kader van deze regeling kaderstellende, verordenende en controlerende bevoegdheden. Het Algemeen Bestuur kan bevoegdheden delegeren of mandateren aan het Dagelijks Bestuur. Deze methodiek sluit aan bij het duale stelsel en het systeem van de Gemeentewet.

14de wijziging gemeenschappelijke regeling Baanbrekers

23

Toelichting op diverse artikelen in Hoofdstuk 5 Artikelen 13 tot en met 15 Alle leden van het Dagelijks Bestuur hebben een gelijk stemrecht binnen het Dagelijks Bestuur. Gelet op het verschil in bestuurlijke verantwoordelijkheid tussen de leden van het Dagelijks Bestuur die aan een gemeenteraad verantwoording af moeten leggen, en de externe leden van het Dagelijks Bestuur conform artikel 13 lid 1 sub b van de regeling, is hierop een nuancering aangebracht. De externe leden behouden stemrecht, maar in geval van het staken van de stemmen, zijn de stemmen van de leden van het Dagelijks Bestuur conform artikel 13 lid 1 sub a van doorslaggevende aard. Het lidmaatschap van de leden van het Dagelijks Bestuur genoemd in artikel 13 lid 1 sub b eindigt, i.t.t. het lidmaatschap van de leden genoemd in artikel 13 lid 1 sub a, middels een hiervoor opgesteld rooster van aftreding. Er is gekozen voor een rooster van aftreding ter voorkoming van gelijktijdige aftreding van alle leden van het Dagelijks Bestuur, waardoor de algehele kennis en deskundigheid, en de opgebouwde historie hierdoor niet in één keer verdwijnt in het Dagelijks Bestuur.

Toelichting op diverse artikelen in Hoofdstuk 6 Artikelen 17 tot en met 21 De raadsleden die zitting hebben in het Algemeen Bestuur vormen dé verbindende schakel met de raad van de deelnemende gemeente en dienen in deze de rol als 'verbinder' goed in te vullen.

Raadsleden kunnen daarbij leren van elkaar en van eikaars handelswijze in deze. Zij dienen de raad gevraagd en ongevraagd te informeren, zodat deze hun kaderstellende, verordenende en controlerende taak kunnen uitoefenen.

Toelichting op diverse artikelen in Hoofstuk 8 Artikelen 24, 24a (nieuw), 25 en 25a (nieuw) Een nieuw instrument om invloed van de gemeenteraden te vergroten is het instellen van een raadsadviescommissie, artikel 24a van deze regeling en artikel 24a van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Artikel 25 betreft het instellen van het 'zware' instrument van bestuurscommissies. Bij het voornemen om een functionele bestuurscommissie in het leven te roepen dienen de raden van de deelnemende gemeenten in de gelegenheid te worden gesteld hun zienswijzen ter kennis te brengen van het Algemeen Bestuur. Artikel 25a nieuw regelt de wijze hoe ingezetenen en belanghebbenden betrokken worden bij de voorbereiding en advisering van het beleid. Zo heeft Baanbrekers hiertoe o.a. een Participatieraad ingesteld en de deelnemende gemeenten kennen de adviesraden sociaal domein.

Toelichting op diverse artikelen in Hoofdstuk 9 Artikelen 26 tot en met 28 In dit hoofdstuk is opgenomen, dat de directeur de secretariaatsfunctie voor het Algemeen en Dagelijks bestuur vervult. Dit betekent dat de directeur zorgt voor de voorbereidingen van de vergaderingen, de verslaglegging e.d. Hiervoor kan hij uiteraard ook andere functionarissen inzetten. De directeur neemt als adviseur van het Algemeen en het Dagelijks Bestuur deel aan de vergaderingen. Daarmee is de directeur géén lid van deze besturen en draagt géén bestuurlijke verantwoordelijkheid. De directeur ondertekent de stukken van de besturen mede 'als secretaris'. Er is gekozen voor een zo ruim mogelijke overdracht van bevoegdheden aan de directeur ten aanzien van de bedrijfsvoering en de uitvoering van wettelijke voorschriften. Uitwerking hiervan vindt plaats op basis van een directiestatuut en het mandaat-, machtigings- en volmachtregister.

14de wijziging gemeenschappelijke regeling Baanbrekers

24

Toelichting op diverse artikelen in Hoofdstuk 10 Artikelen 29 en 30 Baanbrekers kent verschillende groepen van medewerkers waarop verschillende rechtspositieregelingen en/of arbeidsvoorwaardenregelingen van toepassing zijn. Medewerkers hebben een privaatrechtelijk arbeidsovereenkomst op basis van artikel 610 lid 1 van boek 7 van het Burgerlijk Wetboek met Baanbrekers of met één van de verbonden partijen van Baanbrekers. Sinds 1 januari 2020 is de regeling voor de ambtelijke medewerkers aangesloten bij de werkgeversvereniging voor gemeentelijke gemeenschappelijke regelingen en volgen de cao voor de Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties (cao SGO). De directeur van Baanbrekers heeft middels volmacht van het Dagelijks Bestuur als integraal manager en eindverantwoordelijke voor de uitvoeringsorganisatie de bevoegdheid tot het aannemen, schorsen en ontslaan van medewerkers. Het Dagelijks Bestuur blijft bevoegd de bevoegdheid waar de volmacht betrekking op heeft uit te oefenen en kan een dergelijke volmacht te allen tijde intrekken.

Toelichting op diverse artikelen in Hoofdstuk 11 Artikelen 31 tot en met 37 In dit hoofdstuk is bepaald dat de uitvoeringsorganisatie beschikt over een eigen vermogen van 1.2 miljoen euro als buffer om onvoorziene financiële tegenvallers op te vangen. Wanneer in enig boekjaar een groter eigen vermogen ontstaat, kan dit bestemd worden om eventuele toekomstige tekorten (deels) te dichten. Ook kan besloten worden het geld niet te bestemmen en aan de gemeenten uit te keren.

Toelichting op diverse artikelen in Hoofdstuk 14 Artikelen 40 tot en met 43 Conform de nieuwe Wet gemeenschappelijke regelingen moet de regeling bepalingen inhouden omtrent toetreding, uittreding, wijziging en opheffing. Ook de voorwaarden waaronder kan worden uitgetreden en de gevolgen van uittreding moeten zijn opgenomen. In dat kader zijn de artikelen 40 tot en met 43 in overeenstemming gebracht met de nieuwe wetgeving. Artikel 40 is gewijzigd en artikel 40a is nieuw. De artikelen houden naast procesafspraken ook voorwaarden in waaraan voldaan moet worden. De in de regeling onder artikel 40a lid 5 genoemde uittredingstermijn is een minimale termijn. Indien een uittreding uit de regeling meer tijd vraagt moet deze extra benodigde tijd ook in acht worden genomen.

Toelichting op artikel 44 in Hoofstuk 15 Artikel 44 In dit artikel is de evaluatieverplichting opgenomen. Dit nieuwe separate artikel 44 m.b.t. de evaluatie gaat uit van evaluatie van de regeling wanneer ontwikkelingen of omstandigheden dit noodzaken. Hierbij kan worden uitgegaan voor een periodiciteit van één keer per vijfjaren, maar dit hoeft niet. Ook kan ervoor worden gekozen om enkel een bepaald onderdeel van de regeling, denk bijvoorbeeld aan de financiële verdeelsystematiek, op een bepaald moment te evalueren. Evaluatie van wat en wanneer is dus afhankelijk van de opdracht tot evaluatie die het Algemeen Bestuur geeft.

14de wijziging gemeenschappelijke regeling Baanbrekers

25

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13674583/1