CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

038-26 Bijlage Rapport structurele middelen

Raadsvergadering 21 mei 2026, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Raadsinformatiebrieven7.522 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Van eenmalig naar structureel

1/24

EINDRAPPORT

Van eenmalig naar structureel Onderzoek naar de structurele middelen van de gemeente Waalwijk 20 april 2026 Martijn Hendriks en Rutger Knibbe

GRONDLEGGER VAN VOORUITGANG

Van eenmalig naar structureel

2/24

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 ...................................................................................................................... 3 Inleiding........................................................................................................................... 3 1.1

Aanleiding ....................................................................................................... 3

1.2

Het onderzoek ................................................................................................ 3

1.3

Onderzoeksaanpak ......................................................................................... 4

1.4

Leeswijzer ...................................................................................................... 5

Hoofdstuk 2 ...................................................................................................................... 6 Analyse huidige situatie ................................................................................................... 6 2.1

Begrotingssaldo’s ........................................................................................... 6

2.2

Grondverkopen ............................................................................................... 7

Hoofdstuk 3 ...................................................................................................................... 9 Toekomstige structurele middelen ................................................................................... 9 3.1

Gemeente Waalwijk als belastinginner ........................................................... 9

3.2

Gemeente Waalwijk als investeerder of ondernemer .................................... 15

3.3

Gemeente Waalwijk als gastheer .................................................................. 21

Hoofdstuk 4 .................................................................................................................... 22 Conclusie ........................................................................................................................ 22

2

HOOFDSTUK 1

Inleiding 1.1

Aanleiding

De gemeente Waalwijk bevindt zich al jarenlang in een financieel gezonde positie. Deze stabiliteit is mede te danken aan opbrengsten uit grondverkoop en gebiedsontwikkelingen. Hoewel deze inkomsten de afgelopen jaren hebben bijgedragen aan robuuste begrotingen, zijn deze bronnen van tijdelijke aard: de beschikbare ontwikkelgronden (die door de gemeente actief worden ontwikkeld én winstpotentie hebben) raken op termijn uitgeput. Tegen deze achtergrond is het van belang om tijdig te anticiperen op meer structurele en duurzame vormen van inkomsten. De gemeenteraad van Waalwijk heeft dan ook in een motie verzocht om een analyse van de (verwachte) afname van de grondverkopen in de nabije toekomst en het in kaart brengen van aanvullende (structurele) inkomstenbronnen voor de gemeente Waalwijk.

1.2

Het onderzoek

De gemeente Waalwijk heeft onderzoeksbureau Berenschot gevraagd om een diepgravend, onderbouwd en toekomstgericht financieel perspectief te ontwikkelen, waarin de gemeente Waalwijk inzicht krijgt in de structurele financiële positie na afname van grondopbrensten, maar met name zicht op nieuwe alternatieve (structurele) inkomstenbronnen en/of nieuwe verdienmodellen. Dit perspectief moet de basis vormen voor beleidskeuzes op het gebied van grondbeleid, ruimtelijke ontwikkeling en financiële strategie. Het onderzoek kent dus twee duidelijke ‘poten’: enerzijds een analyse van de huidige situatie en verwachte grondverkopen in de toekomst, en anderzijds een analyse van mogelijke toekomstige inkomstenbronnen. Met betrekking tot dat laatste dient te worden opgemerkt dat de inkomsten van gemeenten relatief beperkt beïnvloedbaar zijn. Onderstaande grafiek laat zien wat de totale inkomsten van Nederlandse gemeenten zijn. Te zien is dat inkomsten vanuit het Rijk (zoals het gemeentefonds, specifieke uitkeringen, e.d.) ongeveer 72% (57,4 miljard) van de inkomsten zijn. De overige 28% zijn eigen inkomsten, waarvan echter een niet onaanzienlijk deel (6,1 miljard of 8% van het totaal) bestaat uit heffingen en dergelijke waar een directe prestatie en dus kosten tegenover staat. Bovendien geldt dat het aantal belastingen en heffingen dat een gemeente mag heffen wettelijk bepaald is.

Met andere woorden; het aantal knoppen waaraan gedraaid kan worden voor de inkomsten lijkt beperkt.

3

(Inkomsten gemeenten (€ mld.) 7,51 6,13

8,23

57,41

Vanuit het Rijk

Belastingen

Heffingen, rechten en leges

Overige baten 1

1.3

Onderzoeksaanpak

De basis voor onze onderzoeksaanpak bestond uit het verzamelen, analyseren en valideren van informatie in samenwerking met de gemeente Waalwijk in de vorm van werksessies, om zo tot een financieel duurzaam perspectief te komen. Daarvoor hebben we verschillende onderzoeksfases gehanteerd: 1. Kick-off: In de eerste fasen startten we het project met een werksessie met medewerkers uit de taakvelden concernstrategie, control en financiën en grondexploitaties. Tijdens deze bijeenkomst werden de projectdoelen en aanpak toegelicht en is er gezamenlijk nagedacht over ‘out-of-the-box’ ideeën voor alternatieve inkomsten, dit gezien de beperkingen zoals toegelicht bij 1.2. In het onderzoek naar mogelijke inkomsten is nadrukkelijk niet gekeken naar inhoudelijke/beleidsmatige wensen of politieke haalbaarheid. Er is gekeken naar technische mogelijkheden. Verder is een overzicht opgesteld van relevante documenten en informatiebronnen en zijn er vervolgafspraken gemaakt. 2. Verdieping en validatie: In deze fase verdiepten we ons in de inhoud en werden tegelijkertijd de inzichten getoetst. Concreet betekent dit dat we alle aangeleverde documenten hebben geanalyseerd, om zo de financiële ontwikkelingen van de gemeente Waalwijk goed in beeld te krijgen. Aansluitend hierop zijn bestaande structurele inkomstenmogelijkheden geanalyseerd en nieuwe alternatieve inkomstenbronnen verkend.

Tijdens de tweede werksessie zijn de eerste bevindingen gepresenteerd en is er een verdiepingsslag gemaakt, om zo tot een verdere uitwerking van mogelijke scenario’s te komen. 3. Presentaties en rapportage: In de laatste fase zijn de uitgewerkte scenario’s gepresenteerd tijdens de derde werksessie. Op basis van de ontvangen feedback is de rapportage aangescherpt en afgerond tot een eindrapportage.

1

4

Bron: Integraal Overzicht Financiën Gemeenten 2025

1.4

Leeswijzer

In dit rapport presenteren we de bevindingen van het onderzoek. In het volgende hoofdstuk brengen we de afnemende grondopbrengsten in kaart. In hoofdstuk 3 gaan we in op de nieuwe alternatieve structurele inkomstenbronnen. In hoofdstuk 4 sluiten we het rapport af met een conclusie.

5

HOOFDSTUK 2

Analyse huidige situatie In dit hoofdstuk wordt de huidige financiële situatie van de gemeente Waalwijk besproken. Hierbij wordt gekeken naar de begrotingssaldo’s en de ontwikkelingen rondom het grondbedrijf.

2.1

Begrotingssaldo’s2 Begrotingssaldo (x €1.000)

€ 6.000

€ 5.516

€ 5.000 € 4.000 € 3.000 € 2.000

€ 1.098

€ 1.000

€ 239

€€ -1.000 € -1.067

€ -2.000

€ -1.336 € -2.092

€ -3.000 2025

2026

2027

2028

2029

2030

De begrotingssaldo’s voor de periode 2025–2030 laten zien hoe de gemeente Waalwijk er financieel voor staat. In de jaren 2025 tot en met 2027 sluit de begroting positief en bevindt de gemeente zich in een financieel gezonde positie. Vanaf 2028 verandert dit beeld: voor de periode 2028 – 2030 wordt een negatief begrotingssaldo verwacht, waarbij het tekort steeds verder toeneemt.

Cijfers op basis van het overdrachtsdocument 2026, het Najaarsbericht 2025 en het overzicht onontkoombaarheden. 2

6

2.2 2.2.1

Grondverkopen Winstgevendheid grondbedrijf Winstgevendheid grondbedrijf

€ 45.000.000,000 € 40.000.000,000 € 35.000.000,000 € 30.000.000,000 € 25.000.000,000

€ 20.000.000,000 € 15.000.000,000 € 10.000.000,000 € 5.000.000,000 €€ -5.000.000,000 € -10.000.000,000

De bedragen zijn gecorrigeerd naar het prijspeil van 2025 (2025 =100).

Op basis van de nota’s grondexploitaties over de periode 2015-2026 is gekeken naar de winstgevendheid van het grondbedrijf van de gemeente Waalwijk. De gemeente Waalwijk neemt jaarlijks (tussentijdse) winst af uit lopende grondexploitaties en/of sluit grex’en. Tegelijkertijd worden er vrijwel jaarlijks (aanvullende) voorzieningen getroffen binnen het grondbedrijf, of worden er tussentijdse winsten teruggedraaid. Om deze ontwikkelingen inzichtelijk te maken, is gekeken naar drie componenten: 1) stortingen vanuit projecten, 2) vorming van verliesvoorzieningen en 3) terugdraaiing van tussentijdse winsten. De verschillen tussen de stortingen en onttrekkingen zijn geanalyseerd en zijn getoond in bovenstaande grafiek. Dit is te zien in de blauwe lijn. Het grondbedrijf was over de periode 2014 tot en met 2022 winstgevend. Wel is zichtbaar dat de winstgevendheid sinds 2021 geleidelijk afneemt. In 2023 en 2024 zijn de onttrekkingen groter dan de stortingen, waardoor per saldo er geen sprake meer is van winstgevendheid. In 2025 is het saldo met een minimaal verschil weer positief. Belangrijk hierbij is dat deze ontwikkeling niet moet worden gezien als een structurele trend, maar eerder als een reeks momenten. Binnen grondexploitaties gaan de kosten namelijk vaak voor de baten uit.

In bepaalde jaren worden er hogere kosten gemaakt, terwijl in andere jaren juist de opbrengsten worden gerealiseerd. Dit zorgt voor fluctuatie in de jaarlijkse resultaten. Over de periode 2014 tot en met 2025 bedragen de totale stortingen circa €54 miljoen en de onttrekkingen bijna €17 miljoen, resulterend in een totale winstgevendheid van ongeveer €37 miljoen. Over de periode 2026-2030 zijn er nog een achttal lopende grondexploitatie-projecten. In bovenstaande grafiek zijn de geprognosticeerde winsten hieruit weergegeven met de gestippelde lijn. In totaliteit ligt de geprognosticeerde winst over deze projecten op ongeveer €62 miljoen3. Een belangrijke kanttekening bij dit overzicht en totaalbedrag is het feit dat de winst van het project Insteekhaven volledig gereserveerd is om de kapitaallasten met betrekking tot de investering voor het project Insteekhaven (deels) te dekken. Dit betekent dat de werkelijke geprognosticeerde winst over deze periode €5 miljoen lager komt te liggen en uitkomt op een bedrag van circa € 58 miljoen. Het meest winstgevende project is Haven 8 Oost (in totaliteit €51,5 miljoen) en zal naar

3

7

Op basis van de Nota Grondexploitatie 2026.

verwachting in 2030 worden afgerond. De jaarlijkse geprognosticeerde winst van dit project loopt in deze periode op: van €0,3 miljoen tot ruim €14 miljoen in 2030. Het merendeel van de projecten genereert vanaf 2027 geen winstgevendheid meer, waardoor de geprognosticeerde winst na 2028 zich voornamelijk concentreert op het project Haven 8 Oost. Dit illustreert dat de toekomstige winsten in hoge mate afhankelijk zijn van dit project. Om die reden is een zeer belangrijke kanttekening bij dit beeld dat dit project risico’s kent. In het bijzonder de in de omgevingsvisie uitgesproken wens om te focussen op een ander type bedrijvigheid dan grootschalige logistiek en de consequenties die dat heeft voor de grondwaarde. Naast dit specifieke risico geldt in algemene zin dat de realisatie van de geprognosticeerde winsten afhankelijk is van risico’s. Te denken valt aan het al dan niet verkrijgen van de benodigde (natuur)vergunningen en andere procedures. Voor een compleet overzicht wordt verwezen naar de nota grondexploitaties.

2.2.2

Warme gronden

Naast gronden waarvoor een grondexploitatie is vastgesteld, bezit de gemeente ook gronden waarvoor dit (nog) niet het geval is. Het betreft gronden die op termijn zijn bestemd voor gebiedsontwikkeling; de zogenaamde warme gronden. In onderstaande tabel zijn deze gronden inzichtelijk gemaakt. Naam

Categorie

Oppervlakte

Boekwaarde

Poolsestraat Noord

Woningbouw (6 woningen)

7.470 m²

€ 296.986

Scharlo-Maasoever 2 fase I

Bedrijventerrein

59.233 m2

€ 384.000

Haven 8 Oost afronding

Bedrijventerrein

96.75.71 ha

€ 14.810.831

In de nabije tot verre toekomst zullen deze gronden worden ontwikkeld, waarbij op termijn winstnemingen te verwachten zijn. Daartegenover staan echter ook risico’s en onzekerheden.

2.2.3

Conclusie

De ontwikkelingen van zowel de begrotingssaldi als de winstgevendheid van het grondbedrijf blijkt dat de gemeente Waalwijk de afgelopen jaren relatief veel inkomsten heeft gehad door grondbeleid. Het grondbedrijf is sinds 2015 structureel winstgevend geweest en heeft daarmee een aanzienlijke bijdrage geleverd aan de sluitende begrotingen. Ook in de komende periode zijn aanzienlijke winsten te verwachten: voor de periode 2026 – 2030 nog ongeveer €62 miljoen. Als we de warme gronden in ogenschouw nemen, zijn er na 2030 nog gronden met een totale boekwaarde van €15,5 miljoen. Uiteraard is dit, naarmate we verder in de toekomst kijken, steeds onzekerder en sterk afhankelijk van keuzes die gemaakt worden in de betreffende projecten (met name Haven 8 Oost). De komende jaren lijkt de winstpotentie nog aanwezig. Daarmee is echter niet de aanleiding voor dit onderzoek verdwenen: er is de komende tijd sprake van een (oplopend) begrotingstekort, hoewel dit dus niet het gevolg is van teruglopende grondverkopen, maar voortkomt uit andere oorzaken en/of ambities. Daarnaast geldt dat grondverkopen naar hun aard incidentele en onzekere inkomsten zijn. Bovendien komt er op termijn wel degelijk een einde aan deze inkomstenbron. Het is daarom verstandig in brede zin te kijken naar structurele inkomstenbronnen voor de gemeente.

8

HOOFDSTUK 3

Toekomstige structurele middelen In dit hoofdstuk worden de nieuwe, toekomstige en structurele inkomstenmogelijkheden voor de gemeente Waalwijk in kaart gebracht. Daarbij wordt onderzocht welke ruimte de gemeente heeft om haar financiële positie te versterken binnen de volgende verschillende rollen die zij kan vervullen: -

Gemeente Waalwijk als belastinginner: welke financiële mogelijkheden liggen er rondom lokale heffingen en tarieven?

-

Gemeente Waalwijk als investeerder of ondernemer: welke financiële mogelijkheden liggen er rondom het slimmer omgaan met vastgoed of op andere manieren ‘ondernemender’ of zakelijker te opereren als gemeente?

-

Gemeente Waalwijk als gastheer: Bepaalde ontwikkelingen die ruimte vragen en maatschappelijk gewenst zijn, kunnen niet overal rekenen op draagvlak. Een denkrichting is dergelijke opgaven een plek te geven binnen Waalwijk, en daardoor aanspraak te maken op (financiële) compensatie.

3.1

Gemeente Waalwijk als belastinginner

In dit deel van het rapport wordt ingezoomd op de mogelijkheden die de gemeente Waalwijk heeft binnen de rol ‘Gemeente Waalwijk als belastinginner’ om toekomstige structurele middelen te genereren. Hier kijken we naar de mogelijkheden binnen het verhogen van de lokale lasten en het verhogen van het kostendekkingspercentage van gemeentelijke heffingen en rechten.

3.1.1

Benchmarkanalyse

Om de lokale lasten van de gemeente Waalwijk in perspectief te plaatsen ten opzichte van zowel vergelijkbare gemeenten als buurgemeenten, zijn er benchmarkanalyses uitgevoerd. In deze vergelijkingen zijn zowel de lasten voor bedrijven als de lasten voor inwoners opgenomen. De lasten voor bedrijven bestaan uit de onroerendezaakbelasting (ozb), rioolheffing en reinigingsrechten voor de betreffende bedrijfscategorie (groothandel, winkel, kantoor of agrarische onderneming). De resterende lokale lasten behoren toe tot de lokale inwonerslasten. De woonlasten bestaan uit de som van de gemiddeld betaalde ozb op basis van de gemiddelde wozwaarde van woningen in de gemeente, de reinigingsheffing en rioolheffing minus eventuele heffingskortingen. De onderdelen van de benchmark zijn geclusterd op basis van de financiële impact van de betreffende lasten. De referentiegroep van de eerste benchmark bestaat uit de volgende gemeenten: Waalwijk, Tiel, Oss, Helmond, Geertruidenberg, Nissewaard, Dordrecht, Vlaardingen, Gorinchem, Oosterhout en Etten-Leur.

9

Waalwijk t.o.v. vergelijkbare gemeenten

Waalwijk Gemiddelde

Aantal inwoners

Afwijking (%)

Afwijking absoluut (per eenheid)

51.241

67.148

-24%

-15.907

Lasten groothandel

€ 9.968,63

€ 13.807,28

-28%

€ -3.838,65

Lasten winkel

€ 2.147,25

€ 2.954,66

-27%

€ -807,41

Lasten kantoor

€ 4.807,32

€ 6.594,04

-27%

€ -1.786,72

Lasten agrarische onderneming

€ 2.374,15

€ 2.997,09

-21%

€ -622,94

Gemiddeld betaalde ozb woningen

€ 390,07

€ 421,34

-7%

€ -31,27

Afvalstoffenheffing eenpersoonshuishoudens

€ 206,42

€ 299,55

-31%

€ -93,13

Afvalstoffenheffing meerpersoonshuishoudens

€ 245,74

€ 339,09

-28%

€ -93,35

Rioolheffing eenpersoonshuishoudens

€ 201,70

€ 198,82

1%

€ 2,88

Rioolheffing meerpersoonshuishoudens

€ 201,70

€ 209,74

-4%

€ -8,04

Woonlasten éénpersoonshuishouden

€ 798,19

€ 919,72

-13%

€ -121,53

Woonlasten meerpersoonshuishouden

€ 837,51

€ 970,18

-14%

€ -132,67

Hondenbelasting

€ 59,45

€ 40,90

45%

€ 18,55

Toeristenbelasting (per overnachting)

€ 2,13

€ 1,77

20%

€ 0,36

Lokale lasten bedrijven

Lokale lasten huishoudens

Overige

Uit deze eerste analyse komt naar voren dat Waalwijk een relatief goedkope gemeente is. Het merendeel van de geselecteerde variabelen ligt in de andere benchmarkgemeenten hoger dan in Waalwijk. Dit wijst erop dat de lokale lasten in Waalwijk substantieel lager zijn in vergelijking met zowel buurgemeenten als vergelijkbare gemeenten. De grootste procentuele afwijkingen liggen in de lokale lasten voor bedrijven. Hier verschillen de lasten voor bedrijven gemiddeld meer dan 20% in vergelijking met vergelijkbare gemeenten. Hier liggen kansen voor het toekomstig financieel beleid. Door de lage lokale lasten die nu gehanteerd worden, is er een mogelijkheid om extra structurele middelen te genereren door de lokale lasten geleidelijk te verhogen naar een vergelijkbaar niveau van de benchmarkgemeenten.

10

Waalwijk t.o.v. buurgemeenten

Waalwijk Gemiddelde

Afwijking (%)

Afwijking absoluut (per eenheid)

23%

9.715

Aantal inwoners

51.241

41.526

Lasten groothandel

€ 9.968,63

€ 10.537,13

-5% € -568,50

Lasten winkel

€ 2.147,25

€ 2.319,88

-7% € -172,63

Lasten kantoor

€ 4.807,32

€ 5.091,25

-6% € -283,93

Lasten agrarische onderneming

€ 2.374,15

€ 2.367,75

0% € 6,40

Gemiddeld betaalde ozb woningen

€ 390,07

€ 473,41

-18% € -83,34

Afvalstoffenheffing eenpersoonshuishoudens

€ 206,42

€ 229,52

-10% € -23,10

Afvalstoffenheffing meerpersoonshuishoudens

€ 245,74

€ 304,59

-19% € -58,85

Rioolheffing eenpersoonshuishoudens

€ 201,70

€ 236,01

-15% € -34,31

Rioolheffing meerpersoonshuishoudens

€ 201,70

€ 236,01

-15% € -34,31

Lokale lasten bedrijven

Lokale lasten huishoudens

Woonlasten éénpersoonshuishouden

€ 798,19

€ 938,94

-15% € -140,75

Woonlasten meerpersoonshuishouden

€ 837,51

€ 1.014,01

-17% € -176,50

Hondenbelasting

€ 59,45

€ 39,33

51% € 20,12

Toeristenbelasting (per overnachting)

€ 2,13

€ 1,52

40% € 0,61

Overige

De tweede benchmarkanalyse richt zich op een vergelijking tussen Waalwijk en haar omliggende gemeenten. Hierbij zijn dezelfde variabelen gebruikt als in de eerste benchmarkanalyse. De referentiegroep bestaat in deze groep uit de volgende gemeenten: Waalwijk, Heusden, Loon op Zand, Dongen en Oosterhout. De resultaten van de tweede benchmarkanalyse zijn in lijn met de eerste benchmarkanalyse. Ook in vergelijking met de buurgemeenten blijkt Waalwijk een relatief goedkope gemeente. De meeste lokale lasten liggen in de buurgemeenten hoger dan in Waalwijk, wat bevestigt dat Waalwijk een goedkope gemeente is binnen haar geografische ligging. Een opmerkelijk verschil is dat de lokale lasten voor bedrijven elkaar relatief weinig ontlopen. In de tweede benchmarkanalyse zijn de onderlinge verschillen in lokale inwonerslasten groter. Deze tweede benchmarkanalyse kent wel zijn zwaktes ten opzichte van de eerste benchmarkanalyse. Buurgemeenten verschillen onderling in bijvoorbeeld omvang en sociale klasse. De vergelijking in deze analyse is niet gebaseerd op desbetreffende overeenkomsten, maar uitsluitend op de geografische ligging. Desondanks vertelt deze analyse ons wel dat vanuit een geografische ligging, Waalwijk een gemeente is met lage lokale lasten.

3.1.2

Opbrengstenstijging

Om een bandbreedte te geven van de financiële consequenties van het verhogen van de lokale woonlasten op basis van voorgaande paragraaf, is een vergelijking gemaakt tussen de huidige woonlasten in Waalwijk en de gemiddelde woonlasten in de twee referentiegroepen. De woonlasten zijn uitgesplitst naar eenpersoonshuishoudens en meerpersoonshuishoudens.

11

Waalwijk telt in totaal 23.835 huishoudens, waarvan 8.928 eenpersoonshuishoudens en 14.907 meerpersoonshuishoudens.4 De huidige gemiddelde woonlasten in Waalwijk bedragen €798,19 voor eenpersoonshuishoudens en €837,51 voor meerpersoonshuishoudens. In de regionale benchmark bedraagt de gemiddelde woonlast €938,94 voor eenpersoonshuishoudens en €1.014,01 voor meerpersoonshuishoudens. Door het verschil te berekenen tussen deze gemiddelden en de huidige woonlasten in Waalwijk, ontstaat inzicht in de potentiële opbrengst wanneer Waalwijk haar woonlasten zou verhogen tot het niveau van gemeenten in de regio. Deze globale berekening laat zien dat bij eenpersoonshuishoudens een verhoging ontstaat van €140,75 per huishouden per jaar en bij meerpersoonshuishoudens een verhoging ontstaat van €176,50 per huishouden per jaar. Door dit te vermenigvuldigen met het aantal betreffende huishoudens resulteert dit in een potentiële extra opbrengst van circa €3,9 miljoen per jaar wanneer Waalwijk zou aansluiten bij het regionale gemiddelde. Deze berekening is ook gedaan met de vergelijkbare gemeenten. In deze groep bedragen de gemiddelde woonlasten €919,72 voor eenpersoonshuishoudens en €970,18 voor meerpersoonshuishoudens. Het verschil met Waalwijk bedraagt hiermee €121,53 per eenpersoonshuishouden en €132,67 per meerpersoonshuishouden.

Wanneer Waalwijk haar woonlasten naar het niveau van vergelijkbare gemeenten levert dit een potentiële extra opbrengst op van circa €3,1 miljoen per jaar. De resultaten zijn opgenomen in onderstaande tabel.

4

Aansluiten bij

Extra inkomsten woonlasten (x €1.000)

Vergelijkbare gemeenten

€3.063

Gemeenten in de regio

€3.888

Cijfers op basis van het CBS.

12

3.1.3

Kostendekkendheid

De gemeente Waalwijk hanteert verschillende heffingen en rechten. Gemeenten mogen voor deze categorieën een kostendekkingspercentage tot maximaal 100% hanteren. Dat betekent dat de tarieven volledig mogen worden afgestemd op de werkelijke kosten die de gemeente maakt voor het leveren van desbetreffende diensten. Op basis van een uitgevoerde analyse op de meest recente begroting (2026) van de gemeente Waalwijk blijkt dat voor meerdere heffingen de huidige dekkingsgraad onder de 100% ligt. Dit betekent dat de huidige tarieven op dit moment niet alle bijbehorende kosten dekken.

Opbrengsten Kosten

Overhead en overige toe te rekenen kosten 2026

Rioolheffing

€ 5.675

€ 3.649

€ 2.026

100%

€-

Afvalstoffenheffing en reinigingsrecht

€ 5.577

€ 3.517

€ 2.060

100%

€-

Grafrechten

€ 599

€ 645

€ 362

59%

€-

Haven- en kadegelden

€ 187

€ 641

€ 139

24%

€ 593

Marktgelden

€ 34

€ 69

€ 32

34%

€ 67

€ 1.928

€ 1.363

€ 1.015

81%

€ 450

€ 626

€ 380

€ 1.170

40%

€-

Heffingen en rechten (x €1.000)

Leges fysieke leefomgeving (bouw) Leges dienstverlening (publiek) Totaal

Procentuele kostendekkendheid

Potentiële extra inkomsten (x €1.000)

€ 1.110

Voor de leges en heffingen die niet volledig kostendekkend zijn, is een globale rekensom gemaakt wat de potentiële extra inkomsten zouden zijn bij volledige kostendekkendheid. Twee categorieën zijn hierbij buiten beschouwing gelaten: de grafrechten en de leges dienstverlening. Dit omdat blijkt dat de inkomsten uit grafrechten lastig te verhogen zullen zijn: enerzijds omdat dit afspraken betreft met een zeer lange looptijd, waarbij de nieuw uit te geven graven beperkt zijn ten opzichte van het totaal, en anderzijds omdat recent al een aanzienlijke inkomstenstijging is ingeboekt. Een verdere verhoging lijkt daarmee niet kansrijk. Voor de leges dienstverlening (hieronder vallen bijvoorbeeld paspoorten of reisdocumenten) geldt dat deze hoofdzakelijk van rijkswege een maximumtarief hebben.

3.1.4

Conclusie

De uitgevoerde benchmarkanalyses tonen aan dat de gemeente Waalwijk verschillende mogelijkheden heeft om vanuit haar rol als belastinginner structurele financiële middelen te genereren. De benchmarkanalyses tonen aan dat de gemeente Waalwijk in vergelijking met zowel vergelijkbare gemeenten als met gemeenten in de regio behoort tot de goedkopere gemeenten. Deze uitkomsten bieden de mogelijkheden om de lokale lasten geleidelijk te verhogen, zonder dat Waalwijk de transitie doormaakt richting een dure gemeente. Daarnaast toont de analyse van de heffingen en rechten aan dat meerdere tarieven nog niet kostendekkend zijn. Door deze tarieven stapsgewijs te verhogen richting een hogere of volledige kostendekkendheid kan de gemeente hogere structurele financiële middelen realiseren. In onderstaande tabel zijn de globale potentiële opbrengsten van de in kaart gebrachte opties in beeld gebracht:

13

Denkrichting

Inschatting opbrengstpotentieel (x € 1.000)

Woonlasten aansluiten op regionaal gemiddelde

€ 3.888

Woonlasten aansluiten bij vergelijkbare gemeenten

€ 3.063

Haven- en kadegelden, bouwleges en marktgelden kostendekkend maken

€ 1.110

14

3.2

Gemeente Waalwijk als investeerder of ondernemer

Dit deel richt zich op opties waar de gemeente Waalwijk structurele middelen kan waarborgen door zakelijker en ondernemender te denken en te werken op het gebied van bijvoorbeeld vastgoed en erfpacht.

3.2.1

Vastgoed

Een domein waar de ondernemende rol van de gemeente Waalwijk een grotere rol kan spelen, is het gemeentelijk vastgoed. Uit een inventarisatie is gebleken is dat de gemeente ongeveer 70 panden in bezit heeft. Voor het merendeel van deze panden wordt geen marktconforme huur gehanteerd. Het doorvoeren van een marktconforme huur kan op termijn zorgen voor hogere inkomsten. Hierbij dient de kanttekening geplaatst te worden dat voor maatschappelijke instellingen de lagere huur een (verkapte) vorm van subsidie is. Mogelijk wordt de hogere huuropbrengst deels gebruikt om dit verschil op te vangen. Overigens is een dergelijke wijziging niet alleen vanuit inkomstenperspectief, en in het kader van Wet Markt en Overheid (Wet M&O) ook verplicht, maar ook vanuit transparantie aan te bevelen. Naast vastgoed in eigendom huurt de gemeente, evenals enkele gesubsidieerde instellingen, ook een aantal panden. In bepaalde situaties kan huren vanuit strategisch oogpunt een verstandige keuze zijn. Het kan echter op langere termijn financieel gunstiger en verstandiger zijn om panden in eigendom te hebben in plaats van te huren. Op dit moment beschikt de gemeente Waalwijk niet over een actueel vastgoedbeleid. Het opstellen van een dergelijk beleidskader is sterk aan te bevelen5.

Een integraal vastgoedbeleid biedt ruimte om strategische keuzes te maken over onder meer marktconforme huurprijzen, het meervoudig gebruik van locaties en de afweging tussen huren of kopen.

3.2.2

Incidentele middelen vrijspelen om structurele financiële ruimte te creëren

Een ondernemende gemeente Waalwijk zoekt actief naar manieren om incidentele middelen vrij te spelen en deze om te zetten in structurele financiële ruimte. Dit vraagt om creatieve oplossingen, zonder de kaders van wet- en regelgeving en de maatschappelijke belangen van de gemeente uit het oog te verliezen. Drie mogelijke richtingen zijn: 1) het ruilen van vastgoed voor subsidies, 2) het afbouwen van huurlasten door het kopen van vastgoed en 3) actief vastgoed aankopen en commercieel verhuren. Het ‘ruilen’ van vastgoed voor subsidies De gemeente Waalwijk verstrekt subsidies aan meerdere maatschappelijke organisaties om hen te ondersteunen in bijvoorbeeld de bedrijfsvoering en het uitvoeren van activiteiten. Deze organisaties kunnen gehuisvest zijn in panden die eigendom zijn van de gemeente. Een mogelijke manier om structurele financiële ruimte te creëren, is het ruilen van deze subsidie voor het eigendomsrecht van het pand. Dit betekent dat de organisatie het pand ontvangt en daarmee garantie heeft een locatie om zich te huisvesten, in ruil daarvoor stopt de gemeente de jaarlijkse subsidie. Op deze manier bespaart de gemeente structureel op subsidies en realiseert daarmee mogelijke structurele financiële ruimte. Hierbij is het belangrijk dat de gemeente heldere afspraken

5

In de begroting 2026 is de ambitie uitgesproken dit te gaan opstellen.

15

maakt met desbetreffende organisatie omtrent de financiële ‘verzelfstandiging’ van de organisatie in ruil voor een pand. Het afbouwen van huurlasten Naast het heroverwegen van subsidies kan de gemeente Waalwijk structurele lasten verlagen door gehuurde panden op te kopen. Hiermee doet de gemeente een eenmalige investering, om in de volgende jaren te kunnen besparen op de huurlasten. Dit levert op de lange termijn structurele besparingen op. Actief vastgoed aankopen Theoretisch kan de gemeente haar incidentele middelen ook gebruiken om actief vastgoed aan te kopen en dit te verhuren, gericht om rendement uit de investering te verkrijgen. Dit is een optie waar de gemeente rekening moet houden met de Wet M&O. De Wet M&O stelt dat overheden geen oneerlijke concurrentie mogen veroorzaken ten opzichte van marktpartijen. Indien de gemeente Waalwijk kiest voor commerciële verhuur, dient de gemeente aan strenge wet- en regelgeving te voldoen. Gezien de rol van de gemeente ligt het voor de hand het verhuren van panden niet als op zichzelf staand doel te zien, maar als effect van maatschappelijke of ruimtelijke doelen.

3.2.3

Agrarische gronden

Waalwijk heeft diverse gronden verpacht aan agrarische ondernemers. De gemeente heeft de mogelijkheid om het huidige uitgifte proces van agrarische percelen te wijzigen. Op dit moment werkt het beleidskader rondom de agrarische gronden op basis van een puntensysteem, waarbij geïnteresseerden zich kunnen inschrijven op de pacht van beschikbare percelen. De score wordt bepaald aan de hand van drie componenten: 1) eco-activiteiten, 2) afstand en 3) prijs. Op basis van deze drie componenten ontstaat een totaalscore. Bij een gelijke puntentelling wordt momenteel de volgorde 1) eco-activiteiten, 2) afstand en 3) prijs gehanteerd. De gemeente Waalwijk kan ervoor kiezen om de weging van de component ‘prijs’ te verhogen. Door deze component eerder in de ranglijst te verplaatsen, wordt het financiële bod een belangrijker aspect in de uitgifte. Mogelijk leidt dit tot hogere biedingen en daarmee tot hogere opbrengsten uit de verkoop van percelen. Mocht de gemeente Waalwijk een stap verder willen zetten, dan zou de gemeente ervoor kunnen kiezen om de componenten buiten ‘prijs’ los te laten. Simpel gezegd betekent dit dat het perceel wordt toegewezen aan de hoogste bieder. Dit is een manier om de opbrengst te maximaliseren en nieuwe structurele middelen te realiseren.

Het is belangrijk te vermelden dat deze keuzes financieel aantrekkelijk zijn, maar dat ze ook maatschappelijke nadelige effecten met zich meenemen op bijvoorbeeld het gebied van duurzaamheid. Deze afweging vraagt daarom een zorgvuldige benadering.

3.2.4

Erfpacht

De gemeente Waalwijk beschikt over meerdere bouwgronden die momenteel in exploitatie zijn. Om te onderzoeken in welke mate deze gronden kunnen bijdragen aan structurele inkomsten, is een analyse uitgevoerd naar de mogelijkheid om toekomstige gronduitgiftes niet via verkoop, maar via erfpacht te realiseren. Het voordeel van erfpacht ten opzichte van grondverkoop is dat erfpacht jaarlijkse, structurele inkomsten genereert, in plaats van een eenmalige opbrengst bij verkoop. Deze structurele inkomsten zorgen voor meer stabiliteit, omdat Waalwijk niet afhankelijk blijft van incidentele grondverkopen.

16

Op basis van de Nota Grondexploitaties 2026 zijn een viertal projecten in kaart gebracht die nog niet (volledig) zijn verkocht en daardoor in theorie mogelijk geschikt zijn om via erfpacht uit te geven. Na een validatie bleek dat voor twee projecten wel vergaande gesprekken of bouwclaims liggen waardoor twee projecten resteren waar de gemeente dergelijke keuzes nog kan maken: 1. Haven 8 Oost (complex 141): -

De toekomstige gronduitgifte bedraagt een bedrag van €71.785.000.

-

De verkoop van twee kavels is uitgesteld in verband met de ingetrokken natuurvergunning.

2. Achter de Hoven (complex 250): -

De toekomstige gronduitgifte bedraagt €751.800.

-

De uitgifte van de vrije kavels is nog niet gestart.

De gemeente Waalwijk kan, op basis van de geselecteerde projecten, verschillende keuzes maken in het uitgeven in erfpacht. Deze keuzes bestaan uit 1) het volledig overstappen naar erfpacht, waarmee jaarlijks een stabiele inkomstenstroom wordt gegenereerd of 2) gedeeltelijke toepassing van erfpacht, hiermee behoudt de gemeente de (tijdelijke) incidentele inkomsten uit grondverkoop maar tegelijkertijd ook een structurele inkomstenstroom genereert. Om een inschatting te maken van potentiële inkomsten uit erfpacht is op basis van een aantal aannames een globale berekening gemaakt. Voor deze inschatting is gerekend met een looptijd van 50 jaar, en een rente van 4%. Op basis van de bestemming bedrijventerrein zonder verdere restricties, lijkt dit een reëel uitgangspunt. Op basis van deze berekening, en een totale grondwaarde van € 72.536.800, zou de jaarlijkse opbrengst ongeveer € 3.372.961 per jaar zijn. Op basis van de jaarrekening 2024 van de gemeente Waalwijk betaalt de gemeente over vreemd vermogen een rente van 2,5%. Voor een zuivere berekening dient op basis hiervan de opbrengst te worden gecorrigeerd: bij verkoop ineens kan de lening immers worden afgelost, bij erfpacht blijft de lening staan. Over een lening van deze €72.536.800 wordt met 2,5% rente €1.813.420 per jaar betaald aan rente.

De netto opbrengsten zijn in deze schatting aldus €1.559.541 per jaar, of wel ongeveer € 1,5 miljoen. Een kanttekening bij bovenstaande schatting is dat er slechts gekeken is naar de financiële kant van erfpacht. In de praktijk zijn er andere (ruimtelijke, maatschappelijke of anderszins) motieven om wel of niet voor erfpacht te kiezen. Ook is uitgegaan van een gelijkblijvende marktwaarde van de grond. In de praktijk zou het kunnen dat grond in erfpacht minder gewild is voor bepaalde sectoren, hetgeen de marktwaarde drukt. Daarentegen kan voor andere bedrijven de grond aantrekkelijker worden, doordat de investeringsdrempel lager wordt. Voor een exactere berekening is meer kennis van lokale (markt)omstandigheden nodig.

3.2.5

Windmolentrajecten

Aansluitend op de mogelijkheden rondom erfpacht zijn er ook kansen voor de gemeente Waalwijk binnen de wereld van duurzame energieopwekking. Met de vaststelling van de beleidsvisie Grootschalige Opwek van Duurzame Energie (GODE) heeft de gemeenteraad besloten om twee windparken te (laten) ontwikkelen, windpark Haven-Ecopark en windpark Buitenpolders. Op basis van de overdrachtsdocumenten van de windparken, is onderstaande analyse verder uitgewerkt. Voor wat betreft Haven-Ecopark geldt dat de gemeente in een vroeg stadium mee ontwikkelt- en financiert. In de toekomst staat de gemeente voor de overweging om of mede-eigenaar te blijven van het park, of uitstapt en de aandelen verkoopt als lokaal eigendom aan inwoners en

17

ondernemers. Vanuit beleidsmatig perspectief (vanuit de doelen van de GODE) is het laatste wenselijk. Vanuit financieel perspectief kan het echter aantrekkelijk zijn om eigenaar te blijven. Hier dient een afweging gemaakt te worden tussen beleidsmatige doelen en financiële opbrengsten. Door in een vroeg stadium mee te ontwikkelen en te investeren in Haven-Ecopark creëert de gemeente financiële waarde. Tijdens de ontwikkelfase worden de gemaakte ontwikkelkosten bij Financial Close (FC) volledig terugbetaald, inclusief een rendement van circa 15% per jaar. Daarnaast ontvangt de ontwikkelende partij (de gemeente) op FC vaak een deel van de netto contante waarde (NCW) van het project als ontwikkelvergoeding. Voor een project van deze omvang kan dit oplopen tot een opbrengst die hoger ligt dan de oorspronkelijke ontwikkelkosten. Indien de gemeente besluit om na FC mede-eigenaar te blijven en de turbines in exploitatie te nemen, zijn de vooruitzichten eveneens financieel aantrekkelijk. Bij een gebruikelijke financieringsstructuur van 85-65% vreemd vermogen en 15-35% eigen vermogen levert dit eigen vermogen gedurende de exploitatieperiode een geschat jaarlijks rendement van circa 9-11% op, afhankelijk van de daadwerkelijke productie en marktontwikkelingen.

Daar staat tegenover dat de gemeente dan ook langere tijd risico’s draagt die horen bij exploitatie, zoals prestatie- en onderhoudsrisico’s. Voor windpark Buitenpolders heeft de gemeente een beperkte rol namelijk die van vergunningverlener. De ontwikkelaar is verantwoordelijk voor de financiering en het lokaal eigendom. Mocht het de ontwikkelaar niet lukken om voldoende lokaal eigendom te realiseren, dan moet de gemeente een afweging maken: in hoeverre wil de gemeente zelf instappen als medeeigenaar? Dit kan op meerdere manieren. Een eerste mogelijkheid is een gemeentelijke garantstelling, waarbij de gemeente borg staat voor (een deel van) de lening van de coöperatie. Dit verlaagt de rente en de benodigde eigen inbreng voor de coöperatie. In ruil ontvangt de gemeente een jaarlijkse risicopremie. Bij een garantie van € 7,15 miljoen en een marktconform percentage van 1% zou dit neerkomen op circa € 71.500 per jaar. Een tweede mogelijkheid is het verstrekken van een achtergestelde lening, waarbij de gemeente kapitaal uitleent dat door banken wordt gezien als risicodragend eigen vermogen. Omdat de gemeente goedkoop kan lenen en kan uitlenen tegen een marktconforme rente voor mezzaninefinanciering, ontstaat nieuwe inkomsten in de vorm van een positief renteverschil. Een derde optie is dat de gemeente zelf risicodragend mee-investeert in het project.

Bij een deelname van 65% zou dit voor Windpark Buitenpolders neerkomen op een eigen vermogeninbreng van 15-35%, met een verwacht rendement op het eigen vermogen van ongeveer 9-11%. Deze optie past echter niet bij het vastgestelde beleid om tenminste 50% lokaal eigendom te realiseren.

3.2.6

Kostenverhaal bovenwijkse voorzieningen

Een alternatieve manier om extra financiële middelen vrij te spelen, is het verhalen van kosten bij projecten op bovenwijkse voorzieningen. Verschillende gemeenten passen dit principe in diverse mate toe. Een voorbeeld is de gemeente Utrecht, waar de gemeente investeert in zowel de stedelijke mobiliteitsstructuur als de groenstructuur. Vanuit de gedachte dat zowel de bestaande stad als toekomstige nieuwbouw profiteren van deze investeringen, worden de kosten naar rato verdeeld over beide delen van de stad. Hiermee worden de investeringskosten verhaald. Dit model zou in

18

principe ook interessant zijn voor Waalwijk. Het biedt immers een manier om te investeren, zonder dat dat grote kosten met zich meedraagt. Een eerdere Waalwijkse verkenning naar dit kostenverhaal heeft laten zien dat de invoering van deze systematiek naast baten ook forse kosten met zich meebrengt. Te denken valt aan toerekening aan ‘eigen’ projecten. Uit die verkenning bleek dat kosten en baten te dicht bij elkaar in de buurt liggen, waardoor vanuit financieel oogpunt verdere uitwerking niet opportuun is.

3.2.7

Bredere inzet gemeentehuis

De gemeente Waalwijk is gehuisvest in een ruim en modern gemeentehuis. Uit gesprekken blijkt dat de beschikbare ruimte op dinsdagen en donderdagen goed wordt benut, maar dat het gebouw op de resterende dagen aanzienlijk rustiger is, en dan met name de balies. Deze onderbenutting verschaft mogelijkheden om als gastheer op te treden en het gemeentehuis breder in te zetten en daarmee inkomsten te genereren. De gemeente kan ervoor kiezen om faciliteiten/ruimte beschikbaar te stellen voor bijvoorbeeld maatschappelijke organisaties en regionale partners. In overeenstemming met geïnteresseerde partijen kan Waalwijk, door vooraf vastgestelde huur- of gebruikstarieven jaarlijks structurele inkomsten genereren, zonder dat daar grote aanvullende investeringen voor nodig zullen zijn. Een alternatieve denkrichting kan zijn dat een gesubsidieerde instelling minder ruimte hoeft te huren indien zij gebruik kunnen maken van ruimte(s) of de balie in het gemeentehuis. Het is lastig gebleken een (globale) raming te maken van potentiële inkomsten. Hiervoor is de commerciële marktwaarde te afhankelijk van lokale omstandigheden, beschikbare ruimte en de inrichting daarvan. Het maakt bijvoorbeeld veel uit of een hele verdieping gehuurd kan worden, of losse kamers. Het is in gemeenteland gebruikelijk delen van het gemeentehuis te verhuren aan niet-commerciële partijen.

Te denken valt aan welzijnsinstellingen, bibliotheken, of de VVV. Het is hier gebruikeling om de kostprijs in rekening te brengen. Dit vraagt een berekening van de totale lasten die Waalwijk aan het gemeentehuis heeft, om dit vervolgens om te rekenen naar het te verhuren deel.

3.2.8

Conclusie

Een ondernemende gemeente Waalwijk heeft meerdere opties om toekomstige financiële middelen te genereren. Waar een groot deel van de opties kansrijk zijn, is de optie om het verhalen van kosten op bovenwijkse voorzieningen een complexe optie en daarmee een politieke/bestuurlijke keuze. Daarentegen zijn er meerdere kansrijke richtingen. Zo kan de gemeente nader onderzoeken in hoeverre delen van de vastgoedportefeuille verhuurd kunnen worden, of bouwgronden in exploitatie via erfpacht kunnen worden uitgegeven en of het gemeentehuis breder ingezet kan worden. Daarnaast biedt het ruilen van subsidies voor gemeentelijke panden een kans op incidentele middelen vrij te spelen om structurele financiële ruimte te creëren. Verder kan het aanpassen van het uitgifteproces van agrarische percelen leiden tot hogere opbrengsten. Het opstellen van een vastgoedbeleid met betrekking tot erfpacht is hierbij essentieel, deze ontbreekt momenteel. Het is van belang te benadrukken dat bovenstaande opties niet alleen financiële mogelijkheden bieden, maar ook kosten en risico’s met zich meebrengen. Verder zijn er ook beleidsmatige overwegingen mee gemoeid. In onderstaande tabel zijn de globale potentiële opbrengsten van de in kaart gebrachte opties in beeld gebracht:

19

Denkrichting

Inschatting opbrengstpotentieel op jaarbasis (x € 1.000)

Marktconforme huur in rekening brengen

PM

Gehuurde panden aankopen

PM

Actief vastgoed aankopen en verhuren

PM

Financieel sturen op opbrengst agrarische gronden

PM

Erfpacht in plaats van grondverkoop bij twee projecten

€ 1.500

Windmolentrajecten

PM

Bredere inzet gemeentehuis

PM

20

3.3

Gemeente Waalwijk als gastheer

Dit deel richt zich op mogelijkheden om via de rol als gastheer structurele middelen te genereren. De opties die onderzocht worden bestaan uit inkomsten vanuit opvang en defensie.

3.3.1

Opvang en ruimte

Het draagvlak per gemeente voor het opvangen van vluchtelingen varieert sterk, sommige gemeenten ontvangen vluchtelingen met open armen, anderen kijken liever weg. Het optreden voor voorzieningen waar niet in elke gemeente draagvlak voor is, is een manier om structurele financiële middelen te verkrijgen. Hier zijn verschillende mogelijkheden in: -

Extra opvang voor asielzoekers: Na de invoering van de Spreidingswet, zijn alle gemeenten wettelijk verplicht om een specifiek vastgesteld aantal asielzoekers op te nemen. Het is voor gemeenten mogelijk om meerdere asielzoekers op te vangen boven het verplichte aantal plekken, in ruil voor financiële compensatie. Indien er respectievelijk meer dan de taak of meer dan 100 extra plekken worden aangeboden, kan Waalwijk rekenen op een compensatie van €1.000 per plek of €2.000 per plek.

Extra opvang

Compensatie per plek < 100 plekken boven op de taak € 1.000 > 100 plekken boven op de taak € 2.000 AMV of overige bijzondere plekken € 2.000

-

Huisvesting voor iedereen: Naast de mogelijke opvang van extra asielzoekers, kan de gemeente Waalwijk ook andere vormen van maatschappelijke opvang overwegen, zoals opvang voor mensen met een verslaving. Dit valt onder de voorziening waar niet altijd overal draagvlak voor is. Een andere mogelijkheid is het realiseren van project Skaeve Huse; een kleinschalige woonvorm voor mensen waar het woningaanbod op de woningmarkt niet toereikend is en baat hebben bij een prikkelarme omgeving. Uit een eerdere verkenning blijkt echter dat er binnen Waalwijk geen geschikte locatie, die kon rekenen op voldoende draagvlak, beschikbaar is voor degelijke voorzieningen. Hiervoor zijn deze opties op dit moment niet realistisch als structurele inkomstenbron.

-

Bieden van ruimte aan Defensie: Door de aanhoudende spanningen in de wereld, wordt er nationaal nadrukkelijk geïnvesteerd in Defensie. Defensie wil haar personeelsbestand uitbreiden tot 100.000 in 2030, wat resulteert in een grote vraag naar oefenterrein, munitieopslag, kazernes en vlieggebieden. Defensie doet aanvragen bij gemeenten, in het kader van het Nationaal Programma Ruimte voor Defensie (NPRD), naar de benodigde ruimte. Voor de gemeente kan dit financiële kansen opleveren, omdat Defensie compensatie biedt voor de beschikbaar gestelde ruimte of faciliteiten. Daarmee vormt dit een mogelijke bron van nieuwe structurele middelen.

3.3.2

Conclusie

Binnen de rol als gastheer zijn er in theorie meerdere opties om structurele financiële middelen te genereren. De opvang van extra asielzoekers, opvang van kwetsbare doelgroepen of het beschikbaar stellen van ruimte aan Defensie zijn allemaal opties die door bestaande compensatieregelingen financiële middelen opleveren. Echter bleek uit een eerdere verkenning dat er voor een ontwikkeling geen locatie was met voldoende draagvlak. Een nieuwe locatiestudie biedt daarmee kansen, maar het is zeer de vraag of die succesvol zal zijn.

21

HOOFDSTUK 4

Conclusie De gemeente Waalwijk heeft de afgelopen jaren kunnen profiteren van een financieel gunstige positie, die voor een belangrijk deel is opgebouwd dankzij structureel winstgevende grondexploitaties. Het grondbedrijf genereerde over de periode 2014–2025 een totale winst van circa €37 miljoen en ook voor de periode 2026–2030 zijn nog aanzienlijke grondopbrengsten te verwachten van circa €58 miljoen (na reservering voor de Insteekhaven). Verder is er na deze periode nog een potentie van circa € 15,5 miljoen (boekwaarde) in de vorm van warme gronden. De teruggang in winsten uit grondverkopen lijkt dus wel zichtbaar, maar bevind zich relatief ver in de toekomst. Dit neemt echter niet weg dat de aanleiding voor dit onderzoek, onverminderd actueel is: de begrotingen laten vanaf 2028 een oplopend tekort zien, en grondverkopen zijn naar hun aard incidenteel en eindig. Het is dan ook verstandig om structurele alternatieven te ontwikkelen. Dit onderzoek heeft drie rollen in kaart gebracht waarlangs de gemeente Waalwijk structurele middelen kan opbouwen. Gemeente Waalwijk als belastinginner Benchmarkanalyses tonen aan dat Waalwijk zowel ten opzichte van vergelijkbare gemeenten als ten opzichte van buurgemeenten tot de goedkopere gemeenten behoort.

De lokale lasten voor bedrijven wijken gemiddeld meer dan 20% af van vergelijkbare gemeenten, ook de woonlasten voor huishoudens liggen substantieel lager. Dit biedt ruimte om de lokale lasten geleidelijk te verhogen, zonder dat Waalwijk een dure gemeente wordt. Wanneer de woonlasten worden opgetrokken naar het regionale gemiddelde levert dit een potentiële extra opbrengst op van circa €3,9 miljoen per jaar. Aansluiting bij het gemiddelde van vergelijkbare gemeenten levert circa €3,1 miljoen op. Daarnaast biedt het verhogen van de kostendekkendheid van haven- en kadegelden, bouwleges en marktgelden een aanvullend potentieel van circa €1,1 miljoen structureel per jaar. Gemeente Waalwijk als investeerder of ondernemer Op het gebied van vastgoed en grondbeleid liggen eveneens kansen. De gemeente beschikt over circa 70 panden waarvoor grotendeels geen marktconforme huur wordt gehanteerd. Het invoeren daarvan, in combinatie met een actueel vastgoedbeleid, dat nu ontbreekt, biedt structurele financiële ruimte. Daarbij moet echter wel rekening worden gehouden met de rol die gemeentelijk vastgoed vervult als verkapte subsidie voor maatschappelijke instellingen.

Aanvullend biedt de bredere inzet van het gemeentehuis een kans: het gebouw is op meerdere dagen van de week onderbenut, het beschikbaar stellen van ruimte aan maatschappelijke organisaties of regionale partners kan een bescheiden maar structurele inkomstenstroom opleveren zonder grote aanvullende investeringen. Voorts biedt erfpacht een kansrijke manier om toekomstige gronduitgiftes om te zetten van eenmalige verkoopopbrengsten naar een jaarlijkse, stabiele inkomstenstroom. Een globale inschatting op basis van twee kansrijke projecten laat zien dat hier een opbrengst van circa € 1,5 miljoen, afhankelijk van o.a. marktomstandigheden, haalbaar lijkt. Ook zijn er financieel aantrekkelijke perspectieven verbonden aan de windmolentrajecten. Tot slot biedt het aanpassen van het uitgifte-puntensysteem voor agrarische gronden, door de weging van de prijscomponent te verhogen, een relatief eenvoudige manier om

22

hogere pachtopbrengsten te realiseren, waarbij wel een zorgvuldige afweging met maatschappelijke en duurzaamheidsdoelen geboden is.

Gemeente Waalwijk als gastheer In de rol van gastheer zijn er in theorie mogelijkheden om via het opvangen van extra asielzoekers of het beschikbaar stellen van ruimte aan Defensie aanvullende compensatie te ontvangen. De praktische haalbaarheid hiervan is echter beperkt: uit eerdere verkenningen blijkt dat er binnen Waalwijk geen locaties beschikbaar zijn die op voldoende maatschappelijk draagvlak kunnen rekenen. Tenzij een nieuwe locatiestudie tot andere uitkomsten leidt, is deze rol als structurele inkomstenbron op dit moment weinig realistisch. Kansrijke richtingen De gemeente Waalwijk staat voor een transitie van incidentele naar structurele inkomsten. De meest kansrijke en op korte termijn realiseerbare opties liggen in het geleidelijk verhogen van lokale lasten richting het benchmark-gemiddelde, het verbeteren van de kostendekkendheid van gemeentelijke heffingen en het uitwerken van een integraal vastgoedbeleid. Op de middellange termijn biedt erfpacht een solide instrument om de afhankelijkheid van grondverkopen structureel te verminderen. Samen vormen deze richtingen een realistisch perspectief om de financiële positie van de gemeente Waalwijk te verbeteren. De vertaling naar concrete beleidskeuzes vraagt om een zorgvuldige politiek-bestuurlijke afweging, waarbij financiële opbrengsten steeds worden gewogen tegen maatschappelijke doelen en uitvoerbaarheid.

Conclusie Dit onderzoek had als doel aanvullende structurele inkomstenbronnen voor de gemeente te verkennen. Voor een deel is dat, ondanks dat het een uitdagende zoektocht is, gelukt en zijn richtingen in beeld gebracht. Echter dient opgemerkt te worden dat de toekomstige begrotingstekorten niet hun oorzaak vinden in de afnemende grondverkopen. Onder andere gezien de omvang van de tekorten, is in dit onderzoek in elk geval geen eenvoudige, pijnloze en snelle oplossing gevonden die het structurele tekort oplost. De oplossing van dit tekort vraagt met name een politiek-bestuurlijke afweging, waarbij gekeken kan worden naar de inkomsten, het lokale lastenniveau en de ambities en uitgaven aan de andere kant.

23

WIJ ZIJN BERENSCHOT, GRONDLEGGER VAN VOORUITGANG Nederland is continu in ontwikkeling. Maatschappelijk, economisch en organisatorisch verandert er veel. Al ruim 85 jaar volgen wij als adviesbureau deze ontwikkelingen op de voet en werken we aan een vooruitstrevende samenleving. De behoefte om iets fundamenteels te betekenen voor mens en maatschappij zit in onze genen. Met onze adviezen en oplossingen hebben we dan ook actief meegebouwd aan het Nederland van vandaag. Altijd op zoek naar duurzame vooruitgang. Alles wat we doen, is onderzocht, onderbouwd en vanuit meerdere invalshoeken bekeken. Zo komen we tot gefundeerde adviezen en slimme oplossingen. Die zijn op het eerste gezicht misschien niet altijd de meest voor de hand liggende. Juist deze eigenzinnigheid maakt ons uniek. Daarbij zijn we niet van symptoombestrijding. En gaan pas naar huis als het is opgelost.

Berenschot B.V. Van Deventerlaan 31-51, 3528 AG UTRECHT Postbus 8039, 3503 RA UTRECHT 030 2 916 916 www.berenschot.nl

24

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16862630/1