CConstaterende datWaalre
Koppel je AI →
Document · PDF

2021-42-DH-Ergon-jaarrekening-2020.pdf

Oordeelsvormende bijeenkomst 3 juni 2021, gemeente WaalreBij agendapunt: Oordeelsvormende bespreking van het voorstel tot kennisnemen van de jaarrekening Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorzieningsschap Regio Eindhoven (GRWRE Ergon 20208.742 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Werk voor iedereen

Jaarrekening 2020 GRWRE

Inhoudsopgave

1.

JAARVERSLAG

2.

JAARREKENING

3.

OVERIGE GEGEVENS

4.

BIJLAGEN

Jaarrekening GRWRE 2020

2

Voorwoord

Het jaar 2020 gaat de boeken in als een bijzonder jaar. Een jaar waarin de pandemie een hoofdrol heeft gespeeld wereldwijd en die ook een grote impact had op de medewerkers van Ergon. Maar ook een jaar waarin Ergon een nieuwe strategische koers heeft opgesteld. Voor u ligt het jaarverslag 2020 waarin we u de resultaten en financiële positie van de Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorzieningschap Regio Eindhoven (GRWRE) over 2020 presenteren. Toekomstbestendige organisatie Afgelopen jaar hebben Ergon en het participatiebedrijf hard gewerkt aan de ontwikkeling naar een toekomstbestendige organisatie. Met de ‘Strategische Koers 2022-2026’ ligt er een nieuwe weg voor ons om ons gemeenschappelijk doel te behalen: duurzaam werk voor iedereen! In 2020 zijn we gestart met het in beeld brengen van de klantreizen per gemeente en hebben we gewerkt aan een heldere positionering: als centrale balie voor werk in de regio Eindhoven kan Ergon iedereen helpen aan werk die in de bijstand zit met of zonder arbeidsmarktbeperking. Het participatiebedrijf heeft het portfolio verder ontwikkeld en we leveren nu meer maatwerk voor onze werkzoekenden. We zijn gestart met het opzetten van werkleerlijnen binnen de werkbedrijven om arbeidsontwikkeling een verdere invulling te geven.

Daarnaast zijn de resultaten van de financiële werkgroep vertaald naar een heldere opdracht voor de bestuurscommisie om ervoor te zorgen dat we samen een meerjarenstrategie gaan ontwikkelen die van substantiële betekenis is én betaalbaar blijft voor onze vijf gemeenten. Het is een mooie, intensieve reis samen met bestuur, beleidsteam en organisatie die verder doorloopt in 2021. COVID-19 Tijdens het opmaken van de jaarrekening heerst het coronavirus nog steeds onder ons. De overheid neemt nog steeds maatregelen om de verspreiding in te dammen en de Engelse variant levert meer onzekerheid op. De economische gevolgen van de maatregelen hebben een grote financiële impact. Het is op dit moment niet exact te overzien hoe groot deze impact is voor Ergon. De directie van Ergon stuurt op dit moment op het beperken van omzetverlies, het creëren van nieuwe omzetmogelijkheden, het investeren in de strategische koers maar ook op het uitstellen van bepaalde investeringen en het veiligstellen van liquiditeit. Dit doen wij in nauwe afstemming met het dagelijks bestuur. Samen met de deelnemende gemeenten dragen we zorg voor voldoende middelen om aan alle verplichtingen te voldoen. Vol vertrouwen Het coronavirus en de nieuwe strategische koers heeft zijn weerslag op de hele organisatie.

We zijn dan ook heel trots op onze medewerkers vanwege de grote mate van flexibiliteit, creativiteit, ondernemerschap en betrokkenheid die zij hebben laten zien. Het was een uitdagend jaar met grote zorg voor het welzijn van onze medewerkers. Ondanks de onzekere tijd waarin we met z’n allen zitten door de pandemie, gaan we vol vertrouwen verder aan de slag met onze nieuwe strategische koers waarin we oog hebben en houden voor mens én resultaat.

Yvonne van Mierlo algemeen directeur Ergon

Jaarrekening GRWRE 2020

3

1. Jaarverslag Programmaverantwoording De GRWRE (Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorzieningschap Regio Eindhoven) draagt bij aan de gemeentelijke programmalijn 6 Sociaal Domein: het bieden van werkgelegenheid aan mensen met een handicap onder aangepaste omstandigheden. De GRWRE voert onder de participatiewet de WSW, de loonkostensubsidie en beschut werken uit. Daarnaast voert de GRWRE andere vormen van gesubsidieerde arbeid en (onderdelen van) reintegratie trajecten voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt uit. De GRWRE voert deze taken uit voor de deelnemende gemeenten: Eindhoven, Veldhoven, Valkenswaard, Heeze-Leende en Waalre uit. De gemeente Geldrop-Mierlo maakt op basis van een aanwijzingsbesluit op inkoopbasis gebruik van de GRWRE, voor een gedeeltelijke uitvoering van de WSW.

Bestuur van de GRWRE Het Algemeen Bestuur van de GRWRE bestaat uit een afvaardiging uit de colleges van de deelnemende gemeenten. •

wethouder Mariënne van Dongen-Lamers* (gemeente Veldhoven), voorzitter

•

wethouder Yasin Torunoglu* (gemeente Eindhoven), plaatsvervangend voorzitter

•

wethouder Mieke Theus* (gemeente Valkenswaard)

•

wethouder Marcel Oosterveer (gemeente Eindhoven), tijdelijk waargenomen door Joost de Jong

•

burgemeester Paul Verhoeven (gemeente Heeze-Leende)

•

wethouder Jan de Bruijn (gemeente Heeze-Leende)

•

wethouder Theo Geldens (gemeente Valkenswaard)

•

wethouder Daan de Kort (gemeente Veldhoven)

•

wethouder Liesbeth Sjouw (gemeente Waalre)

• wethouder Maarten Pieters (gemeente Waalre) Wethouder Peter Looijmans (gemeente Geldrop-Mierlo) is aangesloten als toehoorder.

* vormen tevens het dagelijks bestuur van de GRWRE

Jaarrekening GRWRE 2020

4

Sociale prestatie 2020 Onze visie: Werk voor iedereen! Werk is voor iedereen belangrijk. Want werk geeft structuur en zet in beweging. Een betaalde baan geeft meer zelfvertrouwen, maakt zelfstandiger en zorgt voor meer financiële onafhankelijkheid. Wie betaald werk heeft, doet mee in de maatschappij. Samen met onze partners zetten we ons in voor een gemeenschappelijk doel: duurzaam werk voor iedereen! Onze missie: Ergon helpt mensen aan werk We zien het als onze missie om 80% van de werkzoekenden die bij Ergon starten, binnen zes maanden aan betaald werk te helpen. We stimuleren mensen om het uiterste uit zichzelf te halen. Door inzicht te geven in de eigen mogelijkheden. Door te groeien in werk- en vakvaardigheden. Door te helpen passend werk te vinden. En als mensen aan het werk zijn, begeleiden we ze op inhoudelijk en sociaal vlak. Samen met onze partners helpen we mensen naar, aan en in werk. Hoe helpen we mensen in hun weg naar werk? De weg naar werk is een op maat gesneden arbeidsfit programma waarbij we werkzoekenden begeleiden naar werk en werknemers kunnen ontwikkelen in werk. Dankzij het arbeidsfit programma kunnen veel werkzoekenden weer werk vinden en houden. De weg naar werk is voor iedereen anders. Soms worden er stappen overgeslagen, soms heeft iemand een stap extra nodig. Het einddoel, duurzaam werk, staat altijd centraal.

Een belangrijke basis is het door Ergon ontwikkelde werknemersprofiel. Dit geeft inzicht in inzetbaarheid en wat nodig is om (weer) aan het werk te kunnen gaan en blijven. We stellen concrete doelen, sturen op zelfsturing en handhaven. De Ergon begeleidingsstijl is gericht op zelfredzaamheid, gedragsverandering en het stimuleren van motivatie. Zo bieden we werkzoekenden en werknemers een consistente en herkenbare aanpak en begeleiding.

Jaarrekening GRWRE 2020

5

Vliegwiel naar werk Werk is een bestaansrecht en Ergon is het vliegwiel naar werk. Wij helpen mensen die het niet alleen kunnen en ontwikkelen hen naar, aan en in werk. En we helpen ze een stap op de werkladder te maken. We leveren een positieve bijdrage aan het leven van mensen. Werk is zoveel meer dan een inkomen.

Ergon is een mensontwikkelbedrijf

Gerealiseerd in 2020 De opdracht aan de GRWRE is helder gedefinieerd: 1. Uitvoering Wet Sociale Werkvoorziening. 2. Uitvoering loonkostensubsidiebanen (LKS-banen) en Beschut Werk (BW). 3. Uitvoering van de re-integratiedienstverlening door het Participatiebedrijf. Overzicht per doelgroep van onze gerealiseerde taakstelling in 2020 Doelgroep SW (oude WSW'ers)

Begroting

Realisatie

Verschil

1.480

1.434

-46

PW (loonkostensubsidies)

558

447

-111

BW (beschut werken)

60

55

-5

2.098

1.936

-162

Totaal

Doelgroep

Begroting

Aantal plaatsingen

Re-integratie Aanmeldingen

Realisatie 316

Begroting 2.400

Verschil 216

Realisatie

-100

Verschil

2.077

-323

Ergon is verantwoordelijk voor de SW populatie in de regio. Hiervoor hebben de deelnemende gemeenten besloten het WSW budget integraal beschikbaar te stellen aan Ergon. Met de nieuwe Participatiewet is vanaf 2015 de instroom in de WSW gestopt en gaat men landelijk uit van een uitstroom van gemiddeld 4%. De uitstroom over 2020 is 7% op basis van natuurlijk verloop. Per 31 december 2020 zijn er 1.434 fte SW medewerkers bij Ergon. Door corona is het aantal plaatsingen voor LKS lager dan begroot. Het realiseren van detacheringen en plaatsingen bij externe werkgevers was een uitdaging. Een aantal detacheringen zijn opgezegd door onze klanten ten gevolge van corona. Hier is de doelgroep loonkostensubsidie (inclusief beschut Jaarrekening GRWRE 2020

6

werken) per eind 2020 116 fte lager dan begroot. In totaal zijn 302 fte in dienst bij een reguliere werkgever en 1.634 fte bij Ergon. Plaatsingsbeleid Door Ergon zijn dit jaar 216 personen geplaatst. Dit kan bij een externe werkgever zijn of binnen Ergon. Uitgangspunt in het plaatsingsbeleid is om mensen zo hoog mogelijk op de werkladder te plaatsen, waarbij 70 - 75% op een externe werkplek en 25 – 30% op een interne werkplek geplaatst wordt. Van de externe werkplekken is het doel om 30% in dienst te laten treden bij een reguliere werkgever. Re-integratie trajecten In 2020 zijn 2.077 mensen doorgeleid vanuit de gemeenten naar het Participatiebedrijf.

Financieel resultaat De begroting 2020 van Ergon ging uit van een negatief resultaat van 670.000, en dit is uitgekomen op een positief resultaat van € 2,6 miljoen. 2020 heeft in het teken gestaan van een aanzienlijke omzetterugval ten gevolge van corona bij met name de logistieke opdrachten en individuele detacheringen. Het plaatsen van onze mensen bij reguliere werkgevers of via een detachering is daarom achtergebleven. Opdrachtgevers hebben contracten opgezegd. Mede hierdoor, en door de hogere uitstroom van SW medewerkers zijn de salariskosten lager dan begroot. Er is een rijksbijdrage corona ontvangen. Het participatiebedrijf is onderdeel van de exploitatie van Ergon, maar wordt op basis van kosten realisatie (open boek systeem) doorbelast aan de deelnemende gemeenten. De exploitatiekosten van het participatiebedrijf bedroegen in 2020 € 3,9 miljoen.

Paragrafen Weerstandsvermogen en risicobeheersing De directie van Ergon heeft begin 2017 het risico profiel van de GRWRE opgesteld en dit extern laten toetsen. In 2018 is in opdracht van het bestuur een herevaluatie van het reservebeleid uitgevoerd. Op basis van deze herevaluatie heeft het bestuur vastgesteld dat een reëel weerstandsvermogen van Ergon tussen de € 13,8 en € 16,3 miljoen ligt. De algemene reserve van Ergon bedraagt voor resultaatbestemming per 31 december 2020 € 8,2 miljoen. Deze reserve dient als weerstandsvermogen om risico’s financieel op te vangen. Op basis van het vastgestelde risicobeleid zijn de organisatiebrede risico’s in 2020 geïnventariseerd en gekwalificeerd. Het risicobeleid bestaat uit de stappen: identificeren & classificeren, kwalificeren en sturen & beheersen. Op basis van de gekwalificeerde risico’s wordt het weerstandsvermogen berekend.

Jaarrekening GRWRE 2020

7

De volgende risico’s zijn geïdentificeerd: COVID-19 Tijdens het opmaken van de jaarrekening heerst het coronavirus nog steeds onder ons. De overheid neemt nog steeds maatregelen om de verspreiding in te dammen en de Engelse variant levert meer onzekerheid op. De vaccinatie is begin 2021 gestart, maar het is nog niet zeker wanneer beperkende maatregelen versoepeld kunnen worden. De economische gevolgen hebben een grote financiële impact. Het is op dit moment niet exact te overzien hoe groot deze impact is voor Ergon. De risico’s liggen voornamelijk op omzetderving, ziekteverzuim, extra zorg voor medewerkers en extra kosten om de 1,5 meter en beschermingsmateriaal te realiseren. Dit risico wordt ingeschat op € 3,4 miljoen. Macrobudget sociale werkvoorziening De bezuinigingen op bet macrobudget van de SW-subsidies zijn gebaseerd op een begrote uitstroom van SW-medewerkers. Landelijk wordt geconstateerd dat de gerealiseerde uitstroom lager ligt dan de begrote uitstroom. Met als gevolg dat er een discrepantie ontstaat tussen de subsidiestroom en de daadwerkelijke lasten welke ten laste komen van de SW-organisatie. Dit risico wordt ingeschat op € 8,7 miljoen. Vergrijzing Door de vergrijzing van de werkpopulatie in Nederland, neemt ook het aantal ‘oudere’ SWwerknemers bij Ergon toe. Dit brengt hogere kosten met zich mee door toenemend verzuim.

Dit risico wordt ingeschat op € 1,9 miljoen. Vervanging medewerkers SW in kaderfuncties Op een aantal kaderfuncties zijn medewerkers uit de SW werkzaam. De vervanging van deze medewerkers ten gevolge van (vroegtijdige) pensionering, of niet meer kunnen voldoen aan de functie eisen, blijkt in de praktijk niet altijd mogelijk door medewerkers uit de participatiewet. Vervanging moet dan plaatsvinden door reguliere medewerkers met een hoger functieloon. Dit risico wordt ingeschat op € 1 miljoen. Noodzakelijke inzet reguliere medewerkers op van oudsher doelgroep-functies Een aantal specifieke functies, die tot nu toe altijd werden ingevuld met doelgroep-medewerkers, krijgen we steeds moeilijker vanuit de doelgroep bemensd. Dit komt door de zwakker wordende instroom. Dat is een probleem omdat juist deze functies (denk aan voorwerker, chauffeur, magazijnmedewerker) sterk schragend, en in sommige gevallen noodzakelijk zijn, voor de continuïteit van het productieproces binnen een businessunit. Dit heeft het risico in zich, dat deze functies steeds meer moeten worden ingevuld met reguliere krachten, met bijbehorende salariskosten. Dit risico wordt ingeschat op € 1,5 miljoen. Overschatting effectieve loonwaarde De doelgroep die instroomt in de participatiewet lijkt minder sterk te zijn in vergelijking met de oude WSW doelgroep.

Het risico bestaat dat de LKS-medewerkers op een hogere loonwaarde worden ingeschat dan dat zij in werkelijkheid kunnen presteren of wat de markt in werkelijkheid aan vergoeding voor deze PW-medewerkers verstrekt. Indien er sprake is van een lagere gerealiseerde loonwaarde komt het verschil met de theoretische Ioonwaarde ten laste van het resultaat van Ergon. De schaal waarop dit zich kan voordoen is nog niet bekend. Dit zal de komende jaren inzichtelijk worden naarmate meer ervaring met de participatiewet en loonwaardemetingen wordt opgedaan.

Jaarrekening GRWRE 2020

8

Dit risico wordt ingeschat op € 8,6 miljoen. Portfolio Het wegvallen van opdrachtgevers heeft bij de invoering van de Participatiewet meer dan gemiddeld impact op het resultaat. Ergon is meer dan bij de SW afhankelijk van de opdrachtgevers omdat het Rijk alleen het ontbrekende deel aan loonwaarde compenseert. Dit risico wordt ingeschat op € 2,8 miljoen. CAO Participatiewet Een CAO met passende beloning, pensioen en goede ontwikkelmogelijkheden voor mensen uit de Participatiewet is in ontwikkeling. Deze CAO zal leiden tot een kostenstijging ten opzichte van de huidige beloning (WML). Het risico bestaat dat de loonkostensubsidie niet voorziet in deze kostenstijging, maar gebaseerd zal blijven op het WML. Dit risico wordt ingeschat op € 5,4 miljoen.

Kengetallen De kengetallen laten een financieel gezonde organisatie zien. 2020

2019

2018

2017

2016

Netto schuldquote

-6,0%

-4,0%

-4,0%

-5,0%

-380,00%

Solvabiliteitsratio

61,5%

47,3% 60,3%

62,5%

60,50%

Structurele exploitatieruimte

0,8%

0,0%

0,8%

99,63%

0,0%

Netto schuldquote: weerspiegelt het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Solvabiliteitsratio: laat zien in hoeverre Ergon afhankelijk is van schuldeisers. Structurele exploitatieruimte: geeft aan of de begroting structureel en reëel (echt) in evenwicht is. Hierbij gaat het om het onderscheid tussen structurele (meerjarige) en incidentele (eenmalige) inkomsten en uitgaven.

Financiering Ergon is als gemeenschappelijke regeling gehouden aan de Wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO) en moet daarom verplicht schatkistbankieren. Hierbij houdt Ergon tijdelijke (overtollige) liquide middelen aan bij het Ministerie van Financiën. Ergon handelt volgens het door het Algemeen Bestuur vastgestelde treasurystatuut: - Ergon draagt zorg voor voldoende liquide middelen . - Leningen worden uitsluitend verstrekt uit hoofde van haar publieke taak na goedkeuring door het dagelijks bestuur. - Het uitzetten van middelen moet een uiterst prudent karakter hebben en koersrisico’s worden zoveel mogelijk beperkt. - De kasgeldlimiet en de renterisiconorm worden gemiddeld niet overschreden.

Jaarrekening GRWRE 2020

9

Ergon heeft in 2020 geen langlopende leningen verstrekt of aangetrokken. De kasgeldlimiet is niet overschreden. Aangezien de rente zeer laag is, zijn de renteopbrengsten gering in 2020 en kent Ergon derhalve geen renteresultaat.

Bedrijfsvoering HRM Voor onze doelgroep is het van belang dat belasting en belastbaarheid in balans zijn. Deze balans wordt vaak sterk beïnvloed door fysieke en psychische beperkingen, maar ook andere belemmeringen zoals schuldenproblematiek, middelengebruik en sociaal isolement.

Planning & Control en Financiële Administratie De doelstelling van de bedrijfsvoering is gericht op een gezonde en solide financiële positie voor Ergon en transparant en integer in handelen. Uitgangspunt is een verantwoord financieel beleid, waarbij structurele lasten worden gedekt met structurele middelen met als doel een sluitende meerjarenbegroting. De kadernota is voor 2020 voor de eerste keer opgesteld zodat het bestuur tijdig koers en richting kan vaststellen voor de GRWRE. De planning en control cyclus (hierna P&C cyclus) van de GRWRE is vanaf 2020 aangepast zodat deze planning beter aansluit bij de P&C cyclus van onze gemeenten en de andere GR-en. We hebben deze opzet opgesteld in samenspraak met het beleidsteam en de financiële controllers van de vijf gemeenten Voor een rechtmatig, doelmatig en doeltreffend beheer is regelgeving aanwezig, zoals: - een financiële verordening (artikel 212 Gemeentewet); - een controleverordening (artikel 213 Gemeentewet); - interne procedures en richtlijnen; - mandaat- en bevoegdhedenregeling. Dit is opgenomen in het normenkader.

Informatiemanagement (IM) en -beveiliging IM ondersteunt met moderne informatietechnologie het realiseren van de bedrijfsdoelstellingen. Ergon zet in op proces- en systeemoptimalisaties die de kwaliteit van de primaire en secundaire bedrijfsprocessen verhoogt en efficiency brengt. Dit jaar is gewerkt aan ICT-verbeteringen om werkprocessen te versimpelen en te automatiseren. De inrichting van powerBI is geïntroduceerd en verdere digitale samenwerking met de ketenpartners heeft plaatsgevonden.

Procesmanagement

Jaarrekening GRWRE 2020

10

In 2020 is gestart met het verder moderniseren van onze organisatie om de werkprocessen efficiënter te maken en ballast weg te nemen. Hiervoor gebruiken we onder andere LEAN-methode, de ontwikkeling van procesmanagement en projectmanagement.

Verbonden partijen Binnen de gemeenschappelijke regeling worden de volgende verbonden partijen onderkend: Naam Stichting Bevordering

Vestigingsplaats Eindhoven

Wijze van deelname

Openbaar belang

Voorzitter Algemeen

Het aanbieden van arbeidscontracten aan

Werkgelegenheid Sociale

Bestuur GRWRE is

ondersteunend en begeleidend personeel ten behoeve

Werkvoorziening

bestuurder van de

van Ergon op privaatrechtelijke basis, alsmede aan

(BWSW)

stichting

eventueel overig personeel. De werkzaamheden worden uitsluitend verricht ten behoeve van Ergon.

Stichting

Voorzitter Algemeen

Het aanbieden van arbeidscontracten aan mensen met

Werkgelegenheid Arbeid

Eindhoven

Bestuur GRWRE is

het arbeidsvermogen die vanwege een afstand tot de

(WGA)

bestuurder van de

arbeidsmarkt niet in staat zijn om zelfstandig het

stichting

wettelijk minimumloon te verdienen bij een reguliere werkgever.

E.B. Holding BV

Naam Stichting Bevordering

Eindhoven

Verandering en in belang Geen

Gemeenschappelijke

het aangaan van samenwerkingsverbanden met

regeling is 100%

derden, gericht op verbetering van de mogelijkheden

eigenaar

voor de uitvoering van de doelstelling van Ergon.

Resultaat

Eigen Vermogen

Nihil

Eigen vermogen per 1 januari 2020 € 70

Werkgelegenheid Sociale

Eigen vermogen per 31 december 2020 € 64

Werkvoorziening

Vreemd vermogen per 1 januari 2020 € 2.217 Vreemd vermogen per 31 december 2020 € 634

(BWSW) Stichting

Geen

Eigen vermogen per 1 januari 2020 - € 20

Nihil

Werkgelegenheid Arbeid

Eigen vermogen per 31 december 2020 - € 13

(WGA)

Vreemd vermogen per 1 januari 2020 € 533 Vreemd vermogen per 31 december 2020 € 831

E.B. Holding BV

Geen

Eigen vermogen per 1 januari 2020 € 660

Nihil

Eigen vermogen per 31 december 2020 € 630 Vreemd vermogen per 1 januari 2020 € 20 Vreemd vermogen per 31 december 2020 € 24

Daarnaast is Ergon lid van één coöperatie, waarbij het risico nooit groter is dan de inbreng op het moment van deelname in deze coöperatie: Coöperatie Zakelijke Post Nederland Doel van deze coöperatie is het voorzien in materiele en immateriële behoeften van haar leden door het stichten en in stand houden van een onderneming die gericht is op een landelijke post/koeriers en pakketdienst. De uitvoering zal in hoofdzaak geschieden door bedrijven gericht op de arbeidsreintegratie en de sociale werkvoorziening.

Jaarrekening GRWRE 2020

11

2.

Jaarrekening 2020

Balans per 31 december 2020 (in duizenden euro’s)

Activa

2020

2019 Passiva

Vaste activa

2020

2019

8.219

8.830

Vaste passiva Eigen vermogen Algemene reserve

Materiële vaste activa

5.549

5.496 Bestemmingsreserve

741

950

Financiële vaste activa

36

38 Resultaat boekjaar

2.625

-

11.585

9.780

11.585

9.780

4.263

4.734

2.976

3.558

Totaal eigen vermogen Totaal vaste activa

5.585

5.534 Totaal vaste passiva

Vlottende activa

Vlottende passiva Netto vlottende schulden met

Voorraden Uitzetting korter dan één jaar

425 7.066

een rentetypische looptijd korter 584 dan één jaar 6.480 Overlopende passiva

Liquide middelen

286

375

Overlopende activa

5.462

5.099

Totaal vlottende activa

13.239

12.538 Totaal vlottende passiva

7.239

8.292

Totaal van de activa

18.824

18.072 Totaal van de passiva

18.824

18.072

De garantstellingen over 2020 bedragen € 80.000.

Jaarrekening GRWRE 2020

12

Overzicht baten en lasten jaarrekening 2020 (in duizenden euro’s)

2020

Gewijzigde

Begroting

Begroting

2020

2019

2020 Bruto omzet

32.426

31.961

34.661

33.855

Kosten van grondstoffen en uitbesteed werk

-6.186

-5.837

-5.837

-6.980

Netto opbrengsten

26.240

26.124

28.824

26.875

Overige opbrengsten

10.056

9.612

9.612

8.824

Som der bedrijfsopbrengsten

36.296

35.736

38.436

35.699

Salariskosten gesubsideerde arbeid

53.007

57.007

55.507

53.397

Salariskosten niet gesubsideerde arbeid

18.205

17.922

17.922

17.152

Overige personeelskosten

2.215

2.125

2.125

2.295

Afschrijvingen

1.240

1.371

1.371

1.051

Overige bedrijfskosten

8.487

7.747

7.747

8.230

Som der bedrijfskosten

83.154

86.172

84.672

82.125

Bedrijfsresultaat

-46.858

-50.436

-46.236

-46.426

Financiele baten en lasten

1

0

0

3

Resultaat voor bijdragen

-46.857

-50.436

-46.236

-46.423

(Rijks)bijdrage WSW

45.743

45.053

40.853

43.712

Loonkostensubsidie doelgroep

2.918

3.478

3.478

2.303

Som bijdrage doelgroep

48.661

48.531

44.331

46.015

Gerealiseerd resultaat

1.804

-1.905

-1.905

-408

821

1.235

1.235

408

2.625

-670

-670

0

Onttrekking bestemmingsreserve Gerealiseerd resultaat voor bestemming

Jaarrekening GRWRE 2020

13

Toelichting op de balans Algemene grondslagen voor waardering en resultaatbepaling De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de voorschriften zoals opgenomen in het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV).

Begrotingscijfers De begroting in de jaarrekening heeft op een aantal posten een andere rubricering dan in de vastgestelde begroting door het algemeen bestuur. Reden hiervan is inzicht in de operationele exploitatie. Het saldo van de begrote baten en lasten in de jaarrekening sluit aan met het vastgestelde saldo van begrote baten en lasten.

Vaste activa Algemeen Vaste activa die bedoeld zijn om de uitoefening van de werkzaamheid van Ergon duurzaam te dienen. Hieronder is bij de diverse onderdelen van de vaste activa een toelichting gegeven. Alle bedragen in de tabellen van deze paragraaf zijn gedeeld door € 1.000.

Materiële vaste activa Materiële vaste activa zijn fysiek aanwezige activa. De GRWRE heeft alleen investeringen met een economisch nut. Dit zijn investeringen die verhandelbaar zijn en bijdragen aan het genereren van middelen. Alle investeringen met een economisch nut zijn geactiveerd. Alle materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de oorspronkelijke verkrijgingsprijs (de inkoopprijs en de bijkomende kosten), verminderd met de ontvangen subsidies en bijdragen die direct gerelateerd zijn aan het actief, de jaarlijkse afschrijvingslasten en afwaarderingen wegens duurzame waardeverminderingen. Duurzame waardeverminderingen van vaste activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking genomen. De op de oorspronkelijke verkrijgingsprijs toegepaste jaarlijkse afschrijvingen corresponderen met een stelsel dat is afgestemd op de verwachte toekomstige gebruiksduur (kortste van de geschatte economische levensduur óf technische gebruiksduur) van de geactiveerde objecten en voorzieningen.

Afschrijvingen De lasten samenhangend met de uitvoering van klein en groot onderhoud zijn niet levensduur verlengend en zijn daarom niet geactiveerd, maar direct ten laste van de exploitatie of de gevormde voorziening gebracht.

Jaarrekening GRWRE 2020

14

De volgende afschrijvingstermijnen gelden: Afschrijvingen Gronden en terreinen

n.v.t.

Gebouwen

max 40 jaar

Renovatie, restauratie en aankoop bedrijfsgebouwen

max 25 jaar

Vervoermiddelen

max 5-10 jaar

Machines, apparaten en installaties

max 15 jaar

Overige materiële vaste activa, waaronder: inventarissen

max 5 – 10 jaar

automatisering

max 3 jaar

software

max 3 jaar

Het verloop van de materiële vaste activa in 2020. Boekwaarde

Investeringen Des-

1 januari 2020

Afschrijvingen

Afschrijving

investeringen

Boekwaarde

desinvestering 31 december 2020

Woonruimte

14

-

Bedrijfsgebouwen

396

100

GWW werken Vervoermiddelen

2 -

74

12 -

422

2

-

1

-

1

3.058

219

267

426

188

2.772

1.983

1.005

409

683

415

2.311

43

42

14

54

14

31

5.496

1.366

690

1.240

617

5.549

Machines, apparaten en installaties Overige materiële vaste activa

Totaal

Financiële vaste activa De GRWRE kent de volgende soorten financiële vaste activa: - kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen en overige verbonden partijen; - overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer. De financiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de oorspronkelijke verkrijgingsprijs (de inkoopprijs en de bijkomende kosten), de jaarlijkse aflossingen, afschrijvingslasten en afwaarderingen wegens duurzame waardeverminderingen. Duurzame waardeverminderingen van vaste activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking genomen. Zo nodig is een voorziening voor verwachte oninbaarheid op de boekwaarde in mindering gebracht.

Jaarrekening GRWRE 2020

15

De post financiële vaste activa wordt onderscheiden in: Boekwaarde per

Boekwaarde per

31 december 2020 31 december 2019

Kapitaalverstrekkingen aan E.B. Holding B.V.

18

18

18

20

Overige uitzettingen langer dan één jaar: Waarborgsommen voor huur van productie- en buitenlocaties

Vlottende activa Voorraden De post voorraden wordt onderscheiden in: Boekwaarde per

Boekwaarde per

31 december 2020 31 december 2019 Grond- en hulpstoffen

10

43

Onderhanden werk

2

6

Gereed product

413

535

Totaal

425

584

Grond- en hulpstoffen Grond- en hulpstoffen worden gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Indien de marktwaarde lager is dan de verkrijgings- of vervaardigingsprijs worden de grond- en hulpstoffen tegen deze lagere marktwaarde gewaardeerd. Onderhanden werk Het onderhanden werk is opgenomen tegen vervaardigingprijs, verminder met de opbrengst wegens verkopen. Gereed product De voorraad gereed product wordt gewaardeerd tegen historische kostprijs. Indien de marktwaarde lager is, dan wordt tegen marktwaarde gewaardeerd.

Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. Deze voorziening wordt statisch bepaald. Deze post wordt onderscheiden in:

Jaarrekening GRWRE 2020

16

Boekwaarde per

Boekwaarde per

31 december 2020 31 december 2019 Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd < één jaar

1.700

700

Vorderingen op openbare lichamen

3.176

3.609

Handelsvorderingen

2.190

2.171

Totaal uitzettingen looptijd korter dan één jaar

7.066

6.480

Schatkistbankieren Drempelbedrag In principe dienen alle overtollige middelen in de schatkist te worden aangehouden. Er zijn echter een aantal uitzonderingen. Eén daarvan is het drempelbedrag. Dat is een minimumbedrag (afhankelijk van de omvang van de decentrale overheid) dat gemiddeld per kwartaal buiten de schatkist mag worden gehouden. Voor de GRWRE is dat voor 2020 € 650.000. Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren Het drempelbedrag is bedoeld om het dagelijkse kasbeheer te vereenvoudigen: niet elke laatste euro hoeft in de schatkist te worden aangehouden. In principe hoeven dus alleen de liquide middelen die boven het drempelbedrag uitgaan, in de schatkist te worden aangehouden. In 2020 hebben geen overschrijdingen plaatsgevonden van het drempelbedrag. Onderstaande tabel toont de buiten de schatkist gehouden middelen gedurende de vier kwartalen 2020: 2020

2019

2018

2017

2016

1.700

700

2000

1.000

1.400

Kw 1

Kw 2

Kw 3

Kw 4

Buiten de schatkist gehouden middelen

305.000

285.000

495.000

540.000

Ruimte onder het drempelbedrag

345.000

365.000

155.000

110.000

Schatkistenbankieren 2020 (bedragen in €) Drempelbedrag

650.000

Overschrijding drempelbedrag

Liquide Middelen De liquide middelen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. De post liquide middelen wordt onderscheiden in:

Kas

Boekwaarde per

Boekwaarde per

31 december 2020

31 december 2019 3

4

Banksaldi

283

371

Totaal liquide middelen

286

375

Alle tegoeden staan ter vrije beschikking. Verder zijn aan banken geen garanties of borgstellingen afgegeven, met uitzondering van de bankgaranties van € 80.000 voor afgesloten huurovereenkomsten.

Jaarrekening GRWRE 2020

17

Overlopende activa De overlopende activa zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. Deze voorziening wordt statisch bepaald. De post overlopende activa wordt onderscheiden in:

Nog te ontvangen van publiekrechtelijke lichamen

Boekwaarde per

Boekwaarde per

31 december

31 december

2020

2019 2.702

3.146

Nog te ontvangen van derden

156

177

Nog te ontvangen van personeel

241

229

Vooruitbetaalde bedragen die t.l.v. volgende begrotingsjaren

274

264

Overige nog te ontvangen bedragen

2.089

1.283

Totaal overlopende activa

5.462

5.099

komen

Vaste passiva Algemeen De vaste passiva zijn gewaardeerd tegen nominale waarde, tenzij bij het betreffende balanshoofd anders staat vermeld. Alle bedragen in de tabellen van deze paragraaf zijn gedeeld door € 1.000. Eigen vermogen De post eigen vermogen wordt onderscheiden in: Boekwaarde per

Boekwaarde per

31 december 2020 31 december 2019 Reserves, gespecificieerd naar: Algemene reserve

8.218

8.830

Bestemmingsreserve

741

950

Totaal eigen vermogen

8.959

9.780

Jaarrekening GRWRE 2020

18

Reserves Het onderstaande overzicht geeft het verloop weer van de reserves gedurende het jaar 2020: Omschrijving reserve

Saldo per

Resultaat-

Onttrekkingen

Saldo per

1 januari 2020

bestemming 2020

2020

31 december 2020

Algemene reserve

8.830

612

8.218

Bestemmingsreserve wagenpark

205

0

205

Bestemmingsreserve herstructurering

401

103

298

Bestemmingsreserve innovatie en ontwikkeling

54

48

6

Bestemmingsreserve vitaliteit

66

0

66

Bstemmingsreserve strategische huisvesting

93

0

93

Maatschappelijk resultaat t.b.v. gemeente

131

58

73

Totaal bestemmingsreserves

950

209

741

821

8.959

Totaal reserves

9.780

0

Algemene reserve Deze reserve dient ter afdekking van de bedrijfsrisico’s die de GRWRE loopt. Op basis van de risico’s en het risicoprofiel van de GRWRE is een algemene reserve van € 10 miljoen passend. Deze omvang wordt tevens door de provincie Noord-Brabant geadviseerd. Bestemmingsreserve wagenpark Deze reserve houdt verband met de vervanging van het wagenpark en dient voor de gedeeltelijke afdekking van toekomstige risico’s zoals lagere opbrengst bij afloop contract als gevolg van schades en hogere kosten ROB (reparatie, onderhoud en banden) als gevolg van onjuist gebruik. Bestemmingsreserve herstructurering Deze reserve houdt verband met herstructurering- en optimalisatietrajecten, zoals proces- en systeemoptimalisaties, binnen de GRWRE en dient voor de gedeeltelijke afdekking van kosten die hiermee verband houden. Over 2020 is hier € 103.000 aan onttrokken. Bestemmingsreserve innovatie en ontwikkeling Deze reserve is bestemd voor de dekking van extra kosten ten behoeve van de doorontwikkeling van de positionering van de organisatie, de doorontwikkeling van het participatiebedrijf en de innovatie voor ontwikkeling van arbeidsmarkt gerelateerde business concepten. Over 2020 is € 48.000 aan de reserve onttrokken.

Bestemmingsreserve vitaliteit Deze reserve is bestemd voor de ontwikkeling van vitaliteit en duurzame inzetbaarheid van de doelgroep, zoals onderzoek en maatregelen tegengaan ziekteverzuim, projecten Lekker in je vel en vitaliteitsprogramma’s. Bestemmingsreserve strategische huisvesting Deze reserve is bestemd voor kosten die betrekking hebben op de ontwikkeling van lange termijn huisvestingsstrategie voor de GRWRE. Duurzaamheid is daarin een uitdrukkelijk aandachtspunt.

Maatschappelijk resultaat

Jaarrekening GRWRE 2020

19

Deze reserve is bestemd voor de mogelijkheid voor de deelnemende gemeenten om extra zaken in te kopen bij de GRWRE. In 2020 is hiervoor aan € 58.000 aan onttrokken ten behoeve van onderzoek en analyse

Vlottende passiva Algemeen De vlottende passiva zijn gewaardeerd tegen nominale waarde, tenzij bij het betreffende balanshoofd anders staat vermeld. Alle bedragen in de tabellen van deze paragraaf zijn gedeeld door € 1.000. Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. De post netto-vlottende schulden betreft: Boekwaarde per

Boekwaarde per 31

31 december 2020 december 2019 Overige schulden

4.263

4.734

De overige schulden bestaan uit de volgende posten: Overige schulden

Boekwaarde per

Boekwaarde per 31

31 december 2020 december 2019 Handelscrediteuren

2.254

Rekening Courant

2.583

-

-

Loonheffing

639

702

BTW

683

681

Premies sociale verzekering

643

717

Pensioenen Totaal

Overlopende passiva De post overlopende passiva wordt onderscheiden in:

Jaarrekening GRWRE 2020

20

44

51

4.263

4.734

Overlopende passiva

Boekwaarde per

Boekwaarde per 31

31 december 2020 december 2019

Nog te betalen deelnemende gemeenten

33

3

Nog te betalen derden

648

1.905

Nog te betalen publiekrechtelijke lichamen

64

50

Nog te betalen vergoedingen Rekening Courant Overige vooruitontvangen bedragen die ten bate van volgende

-

-

1.494

767

581

472

begrotingsjaren komen Overige overlopende passiva Totaal

156

361

2.976

3.558

Garantstellingen Voor de huur van productie- en buitenlocaties zijn bankgarantie afgegeven welke in mindering zijn gebracht op het krediet bij de bank. Het totaal van deze garanties bedraagt € 80.000. Niet in de balans opgenomen rechten/verplichtingen Niet in de balans opgenomen belangrijke financiële verplichtingen waaraan de GRWRE voor toekomstige jaren is verbonden Overeenkomsten De GRWRE heeft verschillende huurcontracten afgesloten. Het huurbedrag voor 2021 bedraagt ongeveer € 1.860.000. Het betreft de volgende huurovereenkomsten met verschillende einddata: Jaar

meerjarig

aflopend in jaar € 1.860.000

2021 2022

€ 1.175.000

€ 685.000

2023

€ 195.000

€ 490.000

2024

€ 30.000

€ 460.000

2025

€ 60.000

€ 400.000

2026

€ 400.000

€0

Het restant verplichting ultimo 2026 is een huurcontract voor onbepaalde tijd.

Arbeidskosten gerelateerde verplichtingen Op basis van de cao’s bestaat de mogelijkheid om een deel van het verlof jaarlijks door te schuiven naar het volgend kalenderjaar. Op basis van de betaalde lonen over 2020 bedraagt de verlofverplichting voor Ambtelijk, SW en re-integratie-personeel circa € 2,1 miljoen (2019: 3,8 miljoen). De verplichting ten aanzien van nog te betalen vakantiegeld bedraagt voor SW en re-integratiepersoneel 7 maanden, totaal € 2 miljoen (2019: 2,1 miljoen). De medewerkers Participatiewet worden ingeleend bij de stichting WGA. Het kaderpersoneel (exclusief het ambtelijk personeel) wordt ingeleend bij de stichting BWSW. Deze medewerkers Jaarrekening GRWRE 2020

21

bouwen verlof- en vakantiegeldrechten op. Op basis van de betaalde lonen over 2020 bedraagt het te reserveren vakantiegeld voor de medewerkers van de stichting WGA circa € 289.000 (2019: € 217.000) en voor de medewerkers van de stichting BWSW circa € 566.000 (2019: € 518.000). Op basis van de betaalde lonen over 2020 bedraagt de verlofverplichting voor de medewerkers van de stichting WGA € 126.000 (2019: € 90.000) en voor de medewerkers van de stichting BWSW circa € 1.100.000 (2019: € 1.100.000).

Toelichting op het overzicht van baten en lasten Alle bedragen in de tabellen van deze paragraaf zijn gedeeld door € 1.000. Het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening wordt vastgesteld met inachtneming van hetgeen omtrent de financiële positie op de balansdatum is gebleken tussen het moment van opmaken van de jaarstukken en het tijdstip van vaststelling daarvan, voor zover deze aanvullende informatie onontbeerlijk is voor het bedoelde inzicht. Bedrijfsopbrengsten

De post bedrijfsopbrengsten wordt onderscheiden in:

Jaarrekening GRWRE 2020

22

2020

Begroot

2019

2020 Bruto omzet Werkbedrijf

22.150

21.053

22.269

Detachering

9.858

10.453

11.090

Participatiebedrijf

418

455

496

Totaal bruto omzet

32.426

31.961

33.855

Werkbedrijf

5.608-

5.207-

5.718-

Detachering

498-

550-

1.189-

Participatiebedrijf

80-

80-

73-

6.186-

5.837-

6.980-

Werkbedrijf

16.542

15.846

16.551

Detachering

9.360

9.903

9.901

338

375

423

26.240

26.124

26.875

Afrekeningen Bedrijf Re-integratie

3.853

3.849

3.700

Kosten grondstoffen en uitbestedingen

Totaal grondstoffen en uitbestedingen

Netto opbrengst

Participatiebedrijf Totaal Netto opbrengst

Overige opbrengsten

Begeleidingsvergoedingen

3.785

4.100

3.176

Bonus beschut werken

232

-

169

Verkopen en verkooptoeslagen

520

113

223

Diverse baten

154

27

444

Loon- en exploitatiesubsidies

123

125

127

Verhuur

308

342

370

Vergoedingen Stichting BWSW

1.055

1.055

615

Eigen produktie vaste activa

26

Totaal overige opbrengsten

10.056

9.611

8.824

De netto opbrengsten zijn lager dan begroot ten gevolge van de impact van corona waardoor een lagere omzet op logistieke opdrachten en detacheringen is gerealiseerd. De uitbestedingen zijn hoger door inzet van externe krachten.

Jaarrekening GRWRE 2020

23

Salariskosten Salariskosten gesubsidieerde arbeid De post salariskosten gesubsidieerde arbeid wordt onderscheiden in: 2020

Begroot

2019

2020 Salariskosten SW

44.902

47.400

46.998

Inhuur PW via St WGA

6.330

7.809

4.561

Overige regelingen

248

249

248

Begeleid werken

1.527

1.549

1.590

Totaal salariskosten gesubsidieerde arbeid

53.007

57.007

53.397

De medewerkers Participatiewet zijn in dienst bij de Stichting WGA. Zij worden door de GRWRE ingeleend. In 2020 zijn er minder doelgroepmedewerkers in dienst getreden en is de uitstroom SW hoger dan begroot. Hierdoor zijn de salariskosten lager dan begroot. Salariskosten niet-gesubsidieerde arbeid De post salariskosten niet-gesubsidieerde arbeid wordt onderscheiden in: 2020

Begroot

2019

2020 Salariskosten ambtelijk personeel

1.739

1.787

2.283

Inhuur personeel via St BWSW

16.466

16.135

14.869

Totaal salariskosten niet-gesubsidieerde arbeid

18.205

17.922

17.152

Sinds een aantal jaar vinden er geen ambtelijke aanstellingen vanuit de GRWRE meer plaats. Medewerkers worden ingehuurd bij de Stichting BWSW.

Overige personeelskosten De post overige personeelskosten wordt onderscheiden in: 2020

Begroot

2019

2020 Overige personeelskosten Bedrijfsgeneeskundige zorg

349

300

364

Collectief vervoer SW

388

378

418

Opleidingskosten

109

166

144

Reiskosten

16

21

22

Werkkleding

167

150

186

Woon-werkverkeer SW

313

326

326

Diverse personeelskosten

873

783

835

2.215

2.124

2.295

Totaal overige personeelskosten

Jaarrekening GRWRE 2020

24

Overige bedrijfskosten De post overige bedrijfskosten wordt onderscheiden in: 2020

Begroot

2019

2020 Ge- en verbruiksgoederen

1.479

1.538

1.607

Onderhoudskosten

1.186

1.131

1.329

Diensten

1.996

1.190

1.571

Huurkosten

1.837

1.847

2.023

Belastingen

126

140

129

Verzekeringen

303

311

299

1.142

1.096

666

388

494

505

Toeslagkosten stichting BWSW Algemene kosten Diverse kosten Totaal overige bedrijfskosten

30

-

101

8.487

7.747

8.230

Met name de kosten van diensten en de algemene kosten zijn hoger dan begroot. Bijdragen doelgroep De WSW subsidie betreft de rijksbijdrage voor de oude wet sociale werkvoorziening. Met ingang van 2015 zijn de middelen opgenomen in het totaal van de participatiewet. De loonkostensubsidie maakt tevens onderdeel uit van de participatiewet. In de verslaglegging wordt onderscheid gemaakt in de posten. De post bijdragen subsidies wordt onderscheiden in: Bijdragen subsidies

2020 Begroot 2020

2019

WSW subsidie

45.743

40.853

43.712

Loonkostensubsidie Participatie wet

2.918

3.478

2.303

Totaal bijdragen subsidies

48.661

44.331

46.015

De WSW subsidie is hoger ten gevolge van de loon en prijsindexatie en incidentele rijksbijdrage corona van € 3,3 miljoen. De loonkostensubsidie is lager door de lagere loonkosten PW.

Jaarrekening GRWRE 2020

25

Overzicht van de incidentele baten en lasten De over 2020 gerealiseerde baten en lasten laten zich als volgt specificeren: 2020

2019

Overige incidentele lasten

23

130

Totale lasten

23

130

Overige incidentele baten

-119

-209

Totale baten

-119

-209

De incidentele lasten betreffen met name niet begrote prijssuppleties. De incidentele baten betreft voornamelijk vrijgevallen verplichtingen.

Vennootschapsbelasting Met ingang van 2016 is de Wet modernisering vennootschapsbelasting overheidsdeelnemingen van kracht. De GRWRE heeft tot en met 2018 een vrijstellingsverzoek ingediend. Vanaf 2019 meldt de GRWRE aan de belastingdienst bij wijzigingen van omstandigheden. Over 2020 hebben zich geen wijziging van omstandigheden voorgedaan.

Jaarrekening GRWRE 2020

26

Informatie WNT (Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector) Bezoldiging topfunctionarissen Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling alsmede diegenen die op grond van voormalige functie nog vier jaar als topfunctionaris worden aangemerkt. De algemeen directeur was tot en met 30 april 2020 in dienst bij de stichting BWSW en in deze periode gekwalificeerd als topfunctionaris zonder dienstbetrekking. De doorbelasting voor deze periode bedraagt inclusief organisatieopslag en privégebruik auto € 55.230. Vanaf 1 mei 2020 is de algemeen directeur in dienst getreden bij de GRWRE. De bezoldiging over deze periode bedraagt € 112.134. Beide posten zijn opgenomen in onderstaande tabel. Gegevens 2020

Mw. A. van Mierlo

Functiegegevens

Algemeen directeur GRWRE [01/01] – [30/04]

[01/05] – [31/12]

Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)

1

1

Dienstbetrekking?

nee

ja

€ 55.230

€ 97.889

Aanvang en einde functievervulling in 2020

Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen

€0

€ 14.245

Subtotaal

€ 55.230

€ 112.134

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum

€ 66.451

€ 134.549

-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag

n.v.t. € 55.230

n.v.t. € 112.134

Beloningen betaalbaar op termijn

Totale bezoldiging Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan

n.v.t.

n.v.t.

Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling

n.v.t.

n.v.t.

Voor de gegevens over 2019, zie tabel 1b.

Jaarrekening GRWRE 2020

27

Leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking in de periode kalendermaand 1 t/m 12 Gegevens 2019

Mw. A. van Mierlo Algemeen directeur

Functiegegevens

GRWRE [01/01] – [31/12]

Aanvang en einde functievervulling in 2019 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)

1

Dienstbetrekking via BWSW Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal

€ 174.636

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum

€ 211.742

Bezoldiging

€ 174.636

Onderstaande tabel geeft inzicht in de looncomponenten 2020 exclusief de organisatieopslag. Gegevens 2020

Mw. A. van Mierlo Algemeen directeur

Functiegegevens

GRWRE

Bezoldiging voor de werkzaamheden als topfunctionaris bij GRWRE Bezoldiging voor andere werkzaamheden dan die als topfunctionaris bij GRWRE Bezoldiging voor de werkzaamheden bij gelieerde rechtspersonen van

€ 167.364 n.v.t. € 50.566

GRWRE -/- Dubbeltellingen door doorbelastingen

-€ 55.230

Subtotaal

€ 162.700

Het voor de WNT-instelling geldende bezoldigingsmaximum dan wel een

€ 201.000

voor de individuele topfunctionaris toegestane hogere bezoldiging -/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag € 162.700

Totale bezoldiging Het bedrag van de overschrijding en reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling

n.v.t. n.v.t.

De binnen onze organisatie geïdentificeerde leidinggevende topfunctionarissen met een dienstbetrekking hebben geen dienstbetrekking bij meerdere WNT-plichtige instelling(en) als leidinggevende topfunctionaris (die zijn aangegaan met ingang van 1 januari 2018) Toezichthoudende topfunctionarissen alsmede diegenen die op grond van hun voormalige functie nog vier jaar als topfunctionaris worden aangemerkt met een bezoldiging van € 1.700 of minder.

Jaarrekening GRWRE 2020

28

Naam

Functie

Mevrouw M. van Dongen-Lamers*

Voorzitter

De heer Y. Tourunoglu*

Lid en plaatsvervangend voorzitter

Mevrouw M. Theus*

Lid

De heer M. Oosterveer, tijdelijk waargenomen door de heer J. de Jong

Lid

De heer P. Verhoeven

Lid

De heer J. de Bruijn

Lid

De heer T. Geldens

Lid

De heer D. de Kort

Lid

Mevrouw L. Sjouw

Lid

De heer M. Pieters

Lid

De heer P. Looijmans

Lid

Mevrouw L. Smit-Volkers

Lid

De heer A. van Holstein

Lid

* Vormden tevens het dagelijks bestuur van de GRWRE Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2020 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen.

Gebeurtenissen na balansdatum In februari 2021 heeft Nederland te maken gehad met onstuimig weer met extreme sneeuwval. De sneeuw heeft aanzienlijke schade aangericht bij Ergon. Op de buitenlocatie van de Kwekerij zijn een aantal tunnels ontzet. Op dit moment is nog niet in te schatten wat de kosten van herstel van de diverse schades zijn en wat de uitkeringen van de verzekeringen worden.

Jaarrekening GRWRE 2020

29

Eindhoven, 22 maart 2021

Algemeen directeur GRWRE Mw. A. van Mierlo

Jaarrekening GRWRE 2020

Concerncontroller I.M. Hems AA

30

3. Overige gegevens

Jaarrekening GRWRE 2020

31

4.

Bijlagen

Overzicht gerealiseerde baten en lasten per taakveld Taakvelden gemeenschappelijke regeling (in € 1.000)

2020 baten

lasten

0. Bestuur en Ondersteuning 0.1 Bestuur 0.2 Burgerzaken 0.3 Beheer overige gebouwen en gronden 0.4 Overhead

6.481

0.5 Treasury 0.61 OZB woningen 0.62 OZB niet-woningen 0.63 Parkeerbelasting 0.64 Belasting overig 0.7 Algemene uitkeringen en overige uitkeringen gemeentefonds 0.8 Overige baten en lasten 0.9 Vennootschapsbelasting 0.10 Mutaties reserves

821

821

6.4 Begeleide participatie

67.525

60.841

6.5 Arbeidsparticipatie

23.639

21.298

91.985

89.441

0.11 Resultaat van rekening van baten en lasten 6. Sociaal Domein 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie 6.2 Wijkteams 6.3 Inkomensregelingen

6.6 Maatwerkvoorziening (WMO) 6.71 Maatwerkdiensverlening 18+ 6.72 Maatwerkdienstverlening 186.81 Geëscaleerde zorg 18+ 6.82 Geëscaleerde zorg 18Totaal

De verdeling is gebaseerd op het aantal fte’s per taakveld.

Jaarrekening GRWRE 2020

32

Controleverklaring van de onafhankelijke accountant Aan: het algemeen bestuur van Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorzieningschap Regio Eindhoven

Verklaring over de in de jaarstukken opgenomen jaarrekening 2020 Ons oordeel Wij hebben de jaarrekening 2020 van Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorzieningschap Regio Eindhoven te Eindhoven gecontroleerd. Naar ons oordeel: • geeft de in de jaarstukken opgenomen jaarrekening een getrouw beeld van de grootte en de samenstelling van zowel de baten en lasten over 2020 als van de activa en passiva van Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorzieningschap Regio Eindhoven op 31 december 2020 in overeenstemming met het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV); • zijn de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties over 2020 in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand gekomen in overeenstemming met de begroting en met de in de relevante wet- en regelgeving, opgenomen bepalingen, zoals opgenomen in het normenkader dat is vastgesteld door het algemeen bestuur op 26 februari 2018. De jaarrekening bestaat uit: • het overzicht baten en lasten jaarrekening 2020; • de balans per 31 december 2020; • de toelichting met een overzicht van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen; • de bijlage met het overzicht gerealiseerde baten en lasten per taakveld.

De basis voor ons oordeel Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens Nederlands recht, waaronder ook de Nederlandse controlestandaarden, het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado), en het Controleprotocol Wet normering topinkomens (WNT) 2020 vallen. Onze verantwoordelijkheden op grond hiervan zijn beschreven in de sectie Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening. Wij zijn onafhankelijk van Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorzieningschap Regio Eindhoven zoals vereist in de Wet toezicht accountantsorganisaties (Wta), de Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdrachten (ViO) en andere voor de opdracht relevante onafhankelijkheidsregels in Nederland. Verder hebben wij voldaan aan de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA). Wij vinden dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.

Pagina 2

Naleving anticumulatiebepaling WNT niet gecontroleerd In overeenstemming met het Controleprotocol WNT 2020 hebben wij de anticumulatiebepaling, bedoeld in artikel 1.6a WNT en artikel 5, lid 1, sub n en o Uitvoeringsregeling WNT, niet gecontroleerd. Dit betekent dat wij niet hebben gecontroleerd of er wel of niet sprake is van een normoverschrijding door een leidinggevende topfunctionaris vanwege eventuele dienstbetrekkingen als leidinggevende topfunctionaris bij andere WNT-plichtige instellingen, alsmede of de in dit kader vereiste toelichting juist en volledig is. Materialiteit Op basis van onze professionele oordeelsvorming hebben wij de materialiteit voor de jaarrekening als geheel bepaald op € 893.400. De bij onze controle toegepaste goedkeuringstolerantie bedraagt voor fouten 1% en voor onzekerheden 3% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan reserves, zoals voorgeschreven in artikel 2 lid 1 Bado.. Daarbij zijn voor de controle van de in de jaarrekening opgenomen WNT-informatie de materialiteitsvoorschriften gehanteerd zoals vastgelegd in het Controleprotocol WNT 2020. Wij houden ook rekening met afwijkingen en/of mogelijke afwijkingen die naar onze mening voor de gebruikers van de jaarrekening om kwalitatieve redenen materieel zijn, zoals ook bedoeld in artikel 3 Bado.

Wij zijn met het algemeen bestuur overeengekomen dat wij aan het algemeen bestuur tijdens onze controle geconstateerde afwijkingen boven € 50.000 rapporteren alsmede kleinere afwijkingen die naar onze mening om kwalitatieve of WNT-redenen relevant zijn.

Verklaring over de in de jaarstukken opgenomen andere informatie Naast de jaarrekening en onze controleverklaring daarbij, omvatten de jaarstukken andere informatie, die bestaat uit: • het jaarverslag, waaronder het voorwoord, de programmaverantwoording en de paragrafen. Op grond van onderstaande werkzaamheden zijn wij van mening dat de andere informatie met de jaarrekening verenigbaar is en geen materiële afwijkingen bevat. Wij hebben de andere informatie gelezen en hebben op basis van onze kennis en ons begrip, verkregen vanuit de jaarrekeningcontrole of anderszins, overwogen of de andere informatie materiële afwijkingen bevat. Met onze werkzaamheden hebben wij voldaan aan de vereisten in de Nederlandse Standaard 720. Deze werkzaamheden hebben niet dezelfde diepgang als onze controlewerkzaamheden bij de jaarrekening. Het dagelijks bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van de andere informatie, waaronder het jaarverslag in overeenstemming met het BBV.

Pagina 3

Beschrijving van verantwoordelijkheden met betrekking tot de jaarrekening Verantwoordelijkheden van het dagelijks bestuur en het algemeen bestuur voor de jaarrekening Het dagelijks bestuur is verantwoordelijk voor het opmaken en getrouw weergeven van de jaarrekening in overeenstemming met het BBV. Het dagelijks bestuur is ook verantwoordelijk voor het rechtmatig tot stand komen van de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties, in overeenstemming met de begroting en met de in de relevante wet- en regelgeving, opgenomen bepalingen, zoals opgenomen in het normenkader dat is vastgesteld door het algemeen bestuur op 26 februari 2018. In dit kader is het dagelijks bestuur tevens verantwoordelijk voor een zodanige interne beheersing die het dagelijks bestuur noodzakelijk acht om het opmaken van de jaarrekening en de naleving van die relevante wet- en regelgeving mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fouten of fraude. Bij het opmaken van de jaarrekening moet het dagelijks bestuur afwegen of de financiële positie voldoende is om de gemeenschappelijke regeling in staat te stellen de risico’s vanuit de reguliere bedrijfsvoering financieel op te vangen.

Het dagelijks bestuur moet gebeurtenissen en omstandigheden waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of de risico’s kunnen worden opgevangen toelichten in de jaarrekening. Het algemeen bestuur is verantwoordelijk voor het uitoefenen van toezicht op het proces van financiële verslaggeving van de gemeenschappelijke regeling. Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening Onze verantwoordelijkheid is het zodanig plannen en uitvoeren van een controleopdracht dat wij daarmee voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgen voor het door ons af te geven oordeel. Onze controle is uitgevoerd met een hoge mate maar geen absolute mate van zekerheid waardoor het mogelijk is dat wij tijdens onze controle niet alle materiële fouten en fraude ontdekken. Afwijkingen kunnen ontstaan als gevolg van fraude of fouten en zijn materieel indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat deze, afzonderlijk of gezamenlijk, van invloed kunnen zijn op de economische beslissingen die gebruikers op basis van deze jaarrekening nemen. De materialiteit beïnvloedt de aard, timing en omvang van onze controlewerkzaamheden en de evaluatie van het effect van onderkende afwijkingen op ons oordeel.

Wij hebben deze accountantscontrole professioneel kritisch uitgevoerd en hebben waar relevant professionele oordeelsvorming toegepast in overeenstemming met de Nederlandse controlestandaarden, het Bado, het Controleprotocol WNT 2020, ethische voorschriften en de onafhankelijkheidseisen.

Pagina 4

Onze controle bestond onder andere uit: • het identificeren en inschatten van de risico’s • dat de jaarrekening afwijkingen van materieel belang bevat als gevolg van fouten of fraude, • dat baten en lasten alsmede de balansmutaties als gevolg van fouten of fraude niet in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand zijn gekomen, het in reactie op deze risico’s bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Bij fraude is het risico dat een afwijking van materieel belang niet ontdekt wordt groter dan bij fouten. Bij fraude kan sprake zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing; • het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle met als doel controlewerkzaamheden te selecteren die passend zijn in de omstandigheden.

Deze werkzaamheden hebben niet als doel om een oordeel uit te spreken over de effectiviteit van de interne beheersing van de gemeenschappelijke regeling; • het evalueren van de geschiktheid van de gebruikte grondslagen voor financiële verslaggeving, de gebruikte financiële rechtmatigheidscriteria en het evalueren van de redelijkheid van schattingen door het dagelijks bestuur en de toelichtingen die daarover in de jaarrekening staan; • het vaststellen dat de door het dagelijks bestuur gehanteerde afweging dat de gemeenschappelijke regeling in staat is de risico’s vanuit de reguliere bedrijfsvoering financieel op te vangen aanvaardbaar is. Tevens het op basis van de verkregen controle-informatie vaststellen of er gebeurtenissen en omstandigheden zijn waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of de gemeenschappelijke regeling haar financiële risico’s kan opvangen. Als wij concluderen dat er een onzekerheid van materieel belang bestaat, zijn wij verplicht om aandacht in onze controleverklaring te vestigen op de relevante gerelateerde toelichtingen in de jaarrekening. Als de toelichtingen inadequaat zijn, moeten wij onze verklaring aanpassen. Onze conclusies zijn gebaseerd op de controle-informatie die verkregen is tot de datum van onze controleverklaring.

Toekomstige gebeurtenissen of omstandigheden kunnen er echter toe leiden dat de gemeenschappelijke regeling de financiële risico’s niet kan opvangen; • het evalueren van de presentatie, structuur en inhoud van de jaarrekening en de daarin opgenomen toelichtingen; • het evalueren of de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de onderliggende transacties en gebeurtenissen en of de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand zijn gekomen. Wij communiceren met het algemeen bestuur onder andere over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante bevindingen die uit onze controle naar voren zijn gekomen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing. Eindhoven, 24 maart 2021 Ernst & Young Accountants LLP

w.g. drs. N.A.J. Silverentand RA

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Waalre&id=31afe371-2282-405f-aea8-500d0640ace6