Presentatie 2: bomen en landschapselementen
Tekst van het document
Bomen en landschapselementen Waadhoeke 13 juli 2023
Kerk met omringende boombeplanting Achlum
Inhoud
1. Wat was onze opdracht?
2. Wat gebeurde er tot nu toe? 3. Uitkomsten inventarisatie: Bomen/Landschapselementen
Bomen in Waadhoeke
Wat was onze opdracht? ▪ Totaalbeeld gemeente van waardevolle bomen ▪ Inzicht in kenmerkende landschapselementen ▪ Objectief beoordeeld ▪ Doel basis voor beleid (behoud/stimulering) ▪ Opstellen in verbinding met raad en samenleving
Bomen in Waadhoeke www.bomeninwaadhoeke.nl Wat gebeurde er tot nu toe? ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Website en presentatie aan de gemeenteraad Uitnodiging aan alle PB’s/organisaties om input te leveren Input viel in aantal tegen, wel bevlogen meedenkers Extra ronde ingelast Leverde circa 50 vragen op de concept inventarisatie binnengekregen en besproken op een avond waarop de PB’s uitgenodigd waren Dit leidde tot 1e beoordeling/na-inventarisatie Open avond voor iedereen op 10 mei Leverde ruim 50 vragen > 2e beoordeling/na-inventarisatie Uiteindelijke resultaat
Uitkomsten inventarisatie
BOMEN
Witte paardenkastanje Poptaslot Marsum
BOMEN
Drie categorieën ▪ Kanshebbers 40 jr.-50 jr. ▪ Waardevolle bomen 50-80 jr. ▪ Monumentale bomen > 80 jr. Vijf punten ▪ Beeldbepalend ▪ Cultuurhistorisch belangrijk ▪ Zeldzame soort ▪ Bijzondere waarde natuur ▪ Uniek omvang, hoogte, ouderdom NL
BOMEN hoe ziet zo’n waardevolle boom er uit
Voorbeeld Hollandse linde Schalsum
Voorbeeld Gewone es Hortus Franeker
BOMEN
4.429 geïnventariseerde bomen, waaronder: ▪ 1.734 als kanshebbers ▪ 1.822 als waardevol ▪ 873 als monumentaal
https://www.bomeninwaadhoeke.nl/
LANDSCHAPSELEMENTEN
Perceelsrandbeplanting gardenierslandschap
LANDSCHAPSELEMENTEN
1. Erfbeplanting op erven van (woon)boerderijen 2. Wegbeplanting 3. Bosjes 4. Beplanting rond state- en stinzenterreinen en rond kerken 5. Beplanting op perceelsranden (Gardenierslandschap)
Ontwikkeling boerenerf door de tijd
Het veilige & nuttige erf
Het mooie erf
Het economische erf
Het meervoudige erf
Ca. tot 1800
Ca. 1800-1945
Ca. 1945-2000
Ca. na 2000
Ontwikkeling boerenerf door de tijd
Het veilige & nuttige erf
Het mooie erf
Het economische erf
Het meervoudige erf
Kenmerken: Alles onder een dak Verhoogde ligging (hoog/droog) Sloot aan de randen Opgaande beplanting voor beschutting, schaduw, brandstof of oogst
Kenmerken: Alles onder een dak Aandacht voor schoonheid o.m. door bomen en struiken met sierwaarde (vooral voorzijde)
Kenmerken: Uitbreiding met schuren/ ligboxstallen/2e bedrijfswoning Veelal kaal in het landschap zodat uitbreiding mogelijk was Erfinrichting vooral gericht op efficiency
Kenmerken: Erf met meervoudige betekenis Beschutting en schaduw, woonen bedrijfskwaliteit Dierenwelzijn Wateropvang Opwekking duurzame energie Biodiversiteit Bestendigheid tegen ziekten Kwaliteit van het landschap
Ook: opkomst van de woonboerderij of nietagrarische boerderij en ruilverkaveling
Ca. tot 1800
Ca. 1800-1945
Ca. 1945-2000
Ca. na 2000
Boerderij-erven in Waadhoeke
Boerderij-erven terpenlandschap
Kop-hals-rompboerderijen Stelpen Oorspronkelijk op de kwelderwallen Later ook in kweldervlakte
Opzet van het erf overwegend met duidelijke voor en achterkant De toevalligheden van de plek kunnen soms leiden tot een afwijkende opzet Slappeterpsterdyk 19 Menaam
Boerderij-erven in Waadhoeke
Aan de zuidzijde van de dijk (later ook ten noorden daarvan) Opzet van het erf overwegend met duidelijke voor en achterkant en de woning georiënteerd op de dijk
Boerderij erven het Bildt
Bildts boerderijtype, o.m. winkelhaak Stelpen
De toevalligheden van de plek kunnen soms leiden tot een afwijkende opzet
Oudebildtdijk 435 St.-Annaparochie
Boerderij-erven in Waadhoeke
Boerderij erven verspreid
Moderne woning met stal Grote verschillen in opzet erven: ▪ Situaties met voor en achterkant, de woning is georiënteerd op de weg ▪ Situaties met het huis omringd door schuren, woning niet of nauwelijks zichtbaar Dongjumerweg 11 Boer
Mûntsewei 2 Klooster Lidlum
Boerderij-erven in Waadhoeke
Boerderij erven verspreid woonboerderij Vallen op door: ▪ Ontbreken van grote stallen ▪ Relatief veel omringende beplanting ▪ Meer ingericht als “tuin”
Franekerweg 1 Franeker
Boerderij-erven in Waadhoeke
Bevindingen vanuit de excursie en de veldopnames: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Alle erven verdienen een erfbeplanting Erfbeplanting markeert de plekken waar boerderijen staan in de openheid Zorgt voor een goede overgang van erf naar het landschap Hoort bij de cultuurhistorie van het landschap Heeft betekenis voor alle genoemde functies van het meervoudige erf. Het meervoudige erf is wat we nu het meest nastreven tenzij er cultuurhistorische redenen zijn om eerdere vormen zoals het “mooie erf” te handhaven in zijn oorspronkelijke vorm
Boerderij-erven in Waadhoeke
Erfbeplantingen bij de woonboerderijen en agrarische bedrijven in Waadhoeke dateren veelal uit het tijdperk van het economische erf. Bij deze erven is er nog maar rudimentair opgaande beplanting aanwezig Bij 70 erven vonden wij de erfbeplanting in omvang waardevol (minimaal aan 2 kanten opgaande beplanting, voor het merendeel van het (oorspronkelijke) erf).
Totaal zijn er ruim 700 (woon)boerderij erven.
Hoe nemen we de landschapselementen op bij de inventarisatie? Waardevolle erfbeplantingen bij boerderijen of woonboerderijen
Alle ruim 700 (woon)boerderij-erven in Waadhoeke
De 70 erfbeplantingen die in omvang waardevol zijn in Waadhoeke
Ontwikkeling wegbeplanting door de tijd
Nuttige wegbeplanting
Mooie wegbeplanting
Achtergrond en kenmerken: Napoleon begon in Nederland voor het eerst met het planten van bomen langs wegen Dit vooral voor beschutting en als fundament voor modderige wegen. De Napoleonswegen waren kaarsrecht (de kortste weg) gericht op kerktorens van plaatsen. Het gaat bij deze eerste wegbeplanting in ons land om één soort bomen langs beide zijden van de weg.
Achtergronden en kenmerken: Vanaf ongeveer 1850 werd door de overheid voor het eerst welbewust wegbeplanting aangebracht. Dit was ter ondersteuning van routes maar zeker ook vanwege de schoonheid van beplanting
Ca. 1800
Ca. 1850
Langs de oude rijksweg naar Harlingen werden om deze reden iepen geplant
Wegbeplanting met meervoudige betekenis
Rond 1925 werd het regel dat overheden (Rijk, Provincie, gemeenten) zich door deskundigen lieten adviseren over het aanbrengen van wegbeplantingen. Functionaliteit, stedenbouw, landschap en cultuurhistorie werden daarbij belangrijk. Eensoortige bomenrijen bleven courant, een of dubbelzijdig. Daarnaast ontwikkelde zich ook het gebruik van bosplantsoen langs een weg.
In de 21e eeuw komt er meer aandacht voor de meervoudige betekenis van wegbeplantingen. Naast beschutting en schoonheid zijn de gevoeligheid voor ziekten en biodiversiteit belangrijk. Om beplantingen ziektebestendig en biodiverser te maken worden wegbeplantingen samengesteld uit meerdere soorten en/of cultivars. Ook is er aandacht voor biodiverse bermen en bermbeheer.
Ca. 1925
Na 2000
Wegbeplantingen in Waadhoeke Bevindingen vanuit de excursie en de veldopnames: Op een aantal plekken in de gemeente is de wegbeplanting van grote betekenis voor het landschap. De betrokken wegen zijn over een grote lengte beplant en markeren belangrijke overgangen of routes: ▪ De wegbeplanting die de randen van de oude zeedijk en de Middelzee markeren ▪ De Salverderweg als oudste route van Franeker naar Leeuwarden ▪ De Rijksstraatweg, een generatie jongere route van Franeker naar Leeuwarden ▪ Het Hitzumer Binnenpad, voormalige spoordijk In de omgeving van Wjelsryp/Baaium liggen wegen die opvallen door hun bijzonder smalle profiel en korte plantafstanden. Dit levert bijzondere kleinschalige routes die in Fryslân zeldzaam zijn. De wegbeplanting met meervoudige betekenis is wat we nu het meest nastreven
Wegbeplantingen in Waadhoeke Bevindingen vanuit de excursie en de veldopnames:
Bij circa 15 dorpen zijn wegbeplantingen aanwezig die het begin van een dorp markeren. De kwaliteit van deze entreebeplanting is wisselend. Maar daar waar de entreebeplanting een regelmatig beeld geven (dat wil zeggen eenzijdig en aaneengesloten of tweezijdig waarbij de bomen afwisselend links of rechts staan) is dit een waardevolle markering en verbinding tussen dorp en landschap
Wegbeplantingen in Waadhoeke
Rand Middelzee ten noorden van Marsum
Wegbeplantingen in Waadhoeke
Salverderweg
Wegbeplantingen in Waadhoeke
Smalle wegen met wegbeplanting oud Littenseradiel Oasterein/Werpsterwei, Wjelsryp
Wegbeplantingen in Waadhoeke
Entreebeplanting Slappeterp
Wegbeplantingen
In buitengebied: 1
Belangrijke route
2
Belangrijke overgang
3
Bijzonder profiel
2 2
1
Bij dorpen: Entreebeplanting met een regelmatig beeld bijvoorbeeld bij Ried en St. Jacobiparochie
1 1
3
Ontwikkeling bosjes
Nuttige bosjes
Ruilverkavelingsbosjes
Bos meervoudig van belang
De gemeente Waadhoeke is al eeuwen een overwegend open landschap. Bos was voor de ruilverkaveling weinig aanwezig. Voor zover het er was betrof het kleine bosjes die voor brandhout dienden of miltvuur/pestbosjes. Tot in de 19e eeuw werd vee dat was besmet met een ziekte vaak begraven in de verste hoek van een weiland. Er werd dan een sloot omheen geplaatst of een afrastering. Het bosje geldt een waarschuwing. In de volksmond pestof miltvuurbosjes. De aanwezigheid van dit soort bosjes is vaak niet geregistreerd maar wordt van generatie op generatie overgedragen. Locaties in Waadhoeke zijn niet bekend.
In de periode 1960-2000 vonden grote ruilverkavelingen plaats. 5% van de ingebrachte gronden werd gebruikt voor versterking van het landschap en recreatiemogelijkheden. Dit gebeurde onder meer in de vorm van het stadsbos bij Franeker en kleinere bosjes bij diverse dorpen zoals Ried en Slappeterp.
Het algemene besef dat bos een belangrijke bijdrage kan leveren voor tal van doelen vergroot in de periode na 2000. Naast landschap, recreatie en natuur speelt bos bijvoorbeeld ook een rol voor de opslag van CO2, voor het voorkomen van droogte en hittestress, voor onze gezondheid en kwaliteit van bodem en lucht.
Tot en met de 19e eeuw
Tussen 1960 en 2000
Een deel van de ruilverkavelingsbossen heeft bomen die allemaal van dezelfde soort en leeftijd zijn en ook nog eens vrij dicht op elkaar staan. Het beeld van dat soort bosjes en de natuurwaarde is minder groot dan bij gevarieerde bosjes.
Bij bossen streven we tegenwoordig naar afwisseling van leeftijd en soorten. En naar geleidelijke overgangen van bomen naar struiken en kruiden. Zo kunnen zoveel mogelijk planten en dieren een plek vinden in het bos of de bosrand.
Na 2000
Bosjes in Waadhoeke Bevindingen vanuit de excursie en input Plaatselijke Belangen:
▪ Bosjes bij dorpen en bij de stad flankeren kernen en zijn belangrijk voor het landschap ▪ Bosjes bij kernen worden over het algemeen ook gewaardeerd door inwoners zeker als ze toegankelijk zijn ▪ Ze horen bij de cultuurhistorie van het landschap ▪ Ze hebben (potentieel) betekenis voor een veelheid aan functies Bosjes op kruispunten van rijks en provinciale wegen worden minder waardevol gevonden in het landschap dan de bosjes in aansluiting op kernen (minder meervoudig gebruik, benadrukken de kruispunten van de snelwegen met andere wegen, i.p.v. het meer historisch gegroeide patroon van dorpen). Bosjes met meervoudige betekenis is wat we nu het meest nastreven
Bosjes in Waadhoeke
Dorpsbosje entree Slappeterp
Pad naar dorpsbosje Ried
Bosjes
Bestemming ▪ ▪
Bos Groen
Ontwikkeling staten en stinzen
Schoonheid, cultuurhistorie en natuur
Veilige stinzen
Mooie stinzen en staten
Al in de Middeleeuwen waren er stinzen. Ze stonden veilig hoog op een terp. Het waren bewoonbare stenen torens met hele dikke muren als verdediging. In Franeker zijn er nog herkenbare stadstinzen zoals Museum Martena uit 1506. Veel stinzen zijn afgebroken. Sommige breidde uit tot een complex waar de naam State voor werd gebruikt. Ook hier zijn er veel van verdwenen.
Was veiligheid in de late Middeleeuwen het allerbelangrijkste, in latere eeuwen ging schoonheid een grote rol spelen. Groot Deersum nabij Lidlum werd in 1731 omschreven als ‘Schoone huijsinge, gragte, en een schoone hovinge. Volgens oude geschriften met een aanplant van bijzondere perzikbomen en druivenstokken. Later in de 18e en 19e eeuw werd dit nog belangrijker. Dit onder invloed van de Engelse landschapsstijl vanaf 1750-1900)
In de 20e eeuw komt er steeds meer aandacht voor stinzen, staten en daaruit voortkomende buitenplaatsen. En dan ook voor de cultuurhistorische betekenis. Mede vanwege hoge onderhoudskosten zijn veel states in de 19e eeuw afgebroken; wat er nog wel is wordt in de 20e eeuw meer en meer gekoesterd. Niet alleen bebouwde plekken van states worden belangrijk gevonden maar ook herkenbare plekken waar ooit states hebben gestaan.
Middeleeuwen tot circa 1700
Vanaf ca. 1700
Vanaf circa 1985
Staten en stinzen in Waadhoeke Bevindingen vanuit de excursie en veldinventarisatie over zichtbare stateterreinen
a) Er zijn bebouwde staten/buitenplaatsen zoals Martenastate en Schatzenburg waarin plek, gebouw inrichting en omplanting geheel in tact zijn (beschermde plekken) b) Er zijn deels bebouwde/deels vernieuwde staten zoals Liauckemastate met een omplanting c) Er zijn onbebouwde stateterreinen met randbeplanting d) Er zijn onbebouwde stateterreinen zonder of met dermate schaarse beplanting dat ze alleen aan de vorm van het perceel en kleine hoogteverschillen herkenbaar zijn Wat we het meest nastreven zijn het behoud van karakteristieke opgaande randbeplantingen met een cultuurhistorische, ruimtelijke en ecologische betekenis bij bebouwde en deels bebouwde statenterreinen. En een zo compleet mogelijke omringende randbeplanting met dezelfde betekenis bij onbebouwde terreinen.
Stinzen en staten
Stinzen en staten ▪ ▪
Grijs = plek waar ooit een stins of state was Groen = plek waar de stins of state een in het landschap opvallend en herkenbaar element is door beplanting (aan 2/3 zijden aaneengesloten opgaande beplanting)
Omplantingen kerk ▪
voor zover aan 2/3 zijden aaneengesloten opgaande beplanting
Stinzen en staten in Waadhoeke
Poort en omplanting Liauckemastate Sexbierum
Landschapselementen in een specifiek gebied
Gardenierslandschap ▪
Kenmerkende perceelsrandbeplantingen passend bij de cultuurhistorie van dit gebied
Landschapselementen in een specifiek gebied
Waarde van het Gardenierslandschap is al beschreven en er is beleid voor vastgesteld
Foto Tryntsje de Lange
Landschapselementen in een specifiek gebied
Gekozen beleid:
▪ Beleid is participatief tot stand gekomen ▪ Het beleid gaat over de cultuurhistorische en landschappelijke kenmerken (sloten, (voormalige) paden, opgaande beplanting en microreliëf) ▪ Het gaat over behouden en versterken van belangrijke kenmerken waaronder perceelsrandbeplanting ▪ Het beleid treedt in werking bij vooroverleg/aanvraag vergunning/initiatieven ▪ Er is onderscheid gemaakt tussen behouden/respecteren/gewoon ▪ De gemeente bepaalt of een advies van een onafhankelijke gebiedscie nodig is ▪ De gemeente betrekt het advies bij de beoordeling/begeleiding van een initiatief