Oplegger Kernsessie - Voortgang gebiedsontwikkelingsproces Klimaatlandschap
Tekst van het document
Oplegger Kernsessie gebiedsontwikkelingsproces Klimaatlandschap Datum Afdeling
6 mei 2025 Omgeving
Onderwerp
Oplegger kernsessie – voortgang gebiedsontwikkelingsproces Klimaatlandschap J. Dijkstra
Portefeuillehouder
Behandelend ambtenaar Manager
Voortgang
E. van der Woude M. van Deutekom
Geachte raadsleden, Inleiding Op 28 maart 2024 heeft de gemeenteraad Waadhoeke besloten om de onderzoeksfase van het gebiedsontwikkelingsproces Klimaatlandschap, ook wel de initiatieffase genoemd, af te ronden en over te gaan naar de volgende fase: de concretiseringsfase. In eerdere documentatie richting uw raad hebben we aangegeven dat deze fase, uit 3 subfases bestaat: De definitiefase, ontwerpfase en ontwikkelingsfase. Het ‘spinnenweb’ uit de onderzoeksfase vormt het startpunt van deze definitiefase en onderstreept dat alle onderdelen met elkaar samenhangen. De focus ligt op het vinden van een balans tussen de verschillende aspecten van het ‘spinnenweb’. De puzzel moet worden gelegd, waarbij uiteenlopende uitdagingen en opgaven van de gemeente Waadhoeke op het gebied van landbouw, grond, natuur, recreatie, water en energievoorziening samenkomen in één geïntegreerd landschap. Lokaal eigendom en communicatie & participatie zijn in deze fase cruciale elementen. Samenwerking, betrokkenheid, bewustwording, draagvlak en kennisdeling spelen een belangrijke rol. Daarnaast is nauwe samenwerking nodig met lokale energiecoöperaties, de provincie Fryslân, grondeigenaren, inwoners, dorpsbelangen, de vogelwacht en natuurorganisaties. De afgelopen periode is er veel gebeurd rondom het Klimaatlandschap.
Er zijn afstemmingsgesprekken gevoerd met bevoegde gezagen om te achterhalen welke wet- en regelgeving van toepassing is op de ontwikkeling van het Klimaatlandschap. Daarnaast zijn gesprekken gevoerd met verschillende betrokken partijen, zoals energiecoöperaties, grondeigenaren en dorpsbelangen, om inzicht te krijgen in hun wensen en participatiebehoeften binnen het Klimaatlandschap. Het doel van deze gesprekken is om de posities en belangen van de partijen helder te krijgen. Daarnaast wordt gewerkt aan het in kaart brengen van mogelijke samenwerkingsvormen tussen energiecoöperaties, grondeigenaren en marktpartijen, waarmee eventueel een juridische entiteit kan worden opgericht. Al deze informatie is samengebracht in een voortgangsrapportage. In de voortgangsrapportage worden de communicatiestrategie en de belangrijkste inzichten uit de gesprekken met betrokken partijen kort toegelicht en samengevat. De stukken die uw raad krijgt aangeboden voor 3 juli bevatten aanvullende kennis en de laatste stand van zaken. Hieruit wordt een advies voor een juridische entiteit gegeven en komt een vervolgadvies om invulling te geven aan de volgende fase: de ontwerpfase. Met input vanuit de kernsessie willen we de aan te bieden stukken voor 3 juli optimaliseren.
We vragen de raad nu of er op de belangrijke onderdelen (communicatieproces, lokaal eigendom, uitgangspunten voor ontwikkeling en natuur) binnen de definitiefase opmerkingen zijn en waar we kunnen bijsturen. Van belang voor de raad. In de kernsessie van 5 juni borduren we verder op het bezoek aan de Energietuin van Assen en de voortgangsrapportage. Daarbij hebben wij een aantal discussievragen, over de door de raad op 28 maart 2024 (besluitvorming Klimaatlandschap) én 28 november 2024 (besluitvorming Duurzaamheidsagenda) aan het college meegegeven aandachtspunten, opgesteld. Deze vragen vormen de basis voor de kernsessie.
2
|
•
Communicatie en participatie zijn belangrijke, structurele, processen binnen de ontwikkelingen van een Klimaatlandschap. Hoofdstuk 3 van de voorgangsrapportage beschrijft de communicatiestrategie. Hoofstuk 8 gaat over de contacten met de Dorpsbelangen. o Hoe kijkt u aan tegen het communicatietraject dat door de gemeente in de gebiedsontwikkelingsfase is ingezet? Heeft u nog opmerkingen of ziet u zaken waar op moet worden bijgestuurd?
•
Lokaal eigendom is van belang om het draagvlak te verhogen en de mogelijkheid voor lokale partijen om te investeren en participeren in de opwek van schone energie. De inzet is om de opbrengsten zoveel mogelijk lokaal te laten landen. Hier heeft het college verschillende types eigendom voor in beeld. Ontwikkeling, financiële participatie en de verdeling van lusten en lasten kunnen bijv. door 1) bewonerscollectieven en lokale partners (bijv. energiecoöperaties, boeren etc.) gedaan worden, maar kan ook 2) publiek eigendom worden (zoals bijv. gemeenten of waterschappen). Ook kunnen 3) lokale bedrijven (ondernemingen, boeren etc.) als lokaal eigendom gedefinieerd worden. Het college zelf heeft een voorkeur voor een combinatie van bovenstaand, waarin we publiek eigendom (bijv. inzet eigen gronden) combineren met energiecoöperaties en lokale partijen. o Hoe kijkt de raad naar de voorkeur die het college heeft op dit punt? o Wat is het beeld van de raad over deze vormen van lokaal eigendom en wat wil u ons nog meegeven? o Waar moet volgens de raad het zwaartepunt liggen bij de verdeling van lokaal eigendom?
•
De gemeente wil regie hebben op het proces zodat zij grip heeft op bewerkstelligen van gemeentelijke doelstellingen en kaders. Actief deelnemen betekent dat de gemeente aandeel heeft in het geheel en er ook kosten en risico’s bijkomen. De ontwikkeling wordt aan de markt overgelaten wanneer passief deel gaat worden genomen en er onzekerheid ontstaat hoe en wat er tot stand komt. De inkomsten gaan dan ook naar de marktpartijen. De intentie is om actief als gemeente deel te nemen. o Wat wordt de rol van de gemeente in de mogelijke ontwikkeling? Wordt die actief of juist passief? Houden we ruimte voor dat er naast een coördinerende rol ook een ontwikkelaarsrol voor de gemeente is weggelegd?
•
Natuurontwikkeling is een belangrijk, en ook verplicht onderdeel voor de ontwikkelingen van duurzame energieprojecten. De inrichting van een Klimaatlandschap geeft ons de kans om invulling te geven aan meerdere opgaves in het gebied, zoals bijvoorbeeld natuurontwikkeling, opwek van schone energie en recreatie. o Hoe staat de gemeente tegenover het onderdeel natuur en ecologie. Is het concept Energietuin, zoals bijv. in Assen, van toepassing in het Klimaatlandschap? Is rendement het voornaamste uitgangspunt of zoeken we naar een maximaal rendement op alle aspecten?
3
|