Notitie onderwijsachterstandenbeleid 2023-2026 gemeente Waadhoeke
Tekst van het document
Notitie Onderwijsachterstandenbeleid 2023-2026 gemeente Waadhoeke
1
Inhoudsopgave 1.
Inleiding
2. Landelijke beleidskaders, wettelijke doelstellingen en kwaliteitseisen 2.1 Korte historie onderwijsachterstandenbeleid 2.2 Wet Primair onderwijs, WPO 2.3 Wet kinderopvang, Wko 2.4 Het besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie 2.5 Een gemeentelijk VVE-subsidiekader 2.6 VVE condities met toezicht GGD en Onderwijsinspectie 2.7 Kwaliteit VVE en kinderopvang: jaarlijks onderzoek Inspectie van het Onderwijs 3. Doelstellingen, ontwikkelingen en ambities gemeente Waadhoeke 3.1 Wat hebben we de afgelopen jaren gedaan en bereikt 3.1.1 VVE aanbod van 10 naar 16 uur, naar totaal 960 uur in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar 3.1.2 Pedagogisch beleidsmedewerker VVE per 1 januari 2022 verplicht 3.1.3 Subsidie voor doelstellingen VVE coaching, VVE kwaliteit en VVE taalbeleid 3.1.4 Het bereik van VVE doelgroepkinderen verhogen naar minimaal 90%: gelukt 3.1.5 Leeftijd voor deelname aan voorschoolse educatie is naar 2 jaar gegaan 3.1.6 Uitbreiding aantal locaties met een VVE-aanbod in de kinderopvang 3.1.7 Resultaatafspraken vroegschoolse educatie 4. Wat gaan we doen in 2023-2026 5.
Een kwalitatief goed aanbod VVE binnen wettelijke kaders 5.1 Waarderingskader voorschoolse educatie 5.2 Waarderingskader vroegschoolse educatie in groep 1 en 2 basisonderwijs 5.3 Waarderingskader VVE gemeentelijk niveau 5.3.1 Definitie doelgroepkind 5.3.2 Toeleiding naar voorschoolse educatie 5.3.3 Bereik voorschoolse educatie 5.3.4 Doorgaande leerlijn 5.3.5 Resultaatafspraken VVE: vroegschoolse educatie 5.3.6 Ouders 5.3.7 Externe zorg 5.3.8 Interne kwaliteitszorg en evaluatie gemeentelijk beleid VVE 6. Schakelklassen en kinderopvang met VVE op het AZC 6.1 NT2 school De Toverbal met schakelonderwijs 6.2 Kinderopvang Tutti Frutti met voorschoolse educatie op het AZC 7. Subsidiekader en financieel kader 7.1 Subsidie peuteropvang 7.2 Subsidie Voor- en vroegschoolse educatie 7.3 Financieel kader
2
1. Inleiding Gemeenten ontvangen rijksmiddelen vanuit de Specifieke uitkering onderwijsachterstandenbeleid, de rijksbijdrage OAB. Het Rijk hanteert hierbij beleidsperiodes met een tijdvak van vier kalenderjaren. Dit betekent dat er een nieuwe Notitie Onderwijsachterstandenbeleid nodig is voor de nieuwe beleidsperiode OAB 2023-2026. Deze nieuwe Notitie betreft een actualisatie van de Notitie Onderwijsachterstandenbeleid 2019-2022 van gemeente Waadhoeke. Algemeen Het OAB, onderwijsachterstandenbeleid, heeft tot doel onderwijsachterstanden van kinderen vroegtijdig te signaleren en te bestrijden. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de regievoering bij het onderwijsachterstandenbeleid en hebben de wettelijke verplichting om dit in gezamenlijkheid met schoolbesturen en houders kinderopvang in te vullen. Kinderen hebben het recht om zich te ontwikkelen, te ontdekken en te leren in een veilige omgeving. Gemeenten hebben hiervoor belangrijke taken in medebewind gekregen.
De Wet op het primair onderwijs, de WPO, geeft in de artikelen 158, 159 en 160 aan gemeenten de opdracht te zorgen voor onderwijs aan leerlingen met grote achterstand in de Nederlandse taal, overleg met partners, taken voor de toeleiding en de deelname van kinderen aan voorschoolse educatie, het zorgen voor voldoende voorzieningen voorschoolse educatie en het maken van afspraken over de uitvoering van voor- en vroegschoolse educatie. Het grootste deel van de rijksbijdrage is bedoeld voor VVE, de voor- en vroegschoolse educatie. De gemeente heeft de verantwoordelijkheid voor de voorzieningen van de voorschoolse educatie. De schoolbesturen zijn verantwoordelijk voor de vroegschoolse educatie (groep 1 en 2). Voorschoolse educatie wordt uitgevoerd door kinderopvangorganisaties. Voor de kwaliteit van de voorschoolse educatie zijn naast de Wet op het primair onderwijs ook de Wet Kinderopvang en het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie van toepassing. Vanaf 2006 werd het voor gemeenten mogelijk om samen met schoolbesturen schakelklassen in te richten en te bekostigen uit de Specifieke uitkering onderwijsachterstandenbeleid. Waadhoeke In gemeente Waadhoeke wordt het grootste deel van de subsidie ingezet voor de doelstellingen van de voorschoolse educatie en de doorgaande lijn VVE.
Naast de VVE wordt jaarlijks subsidie verleend aan de schakelklassen op het AZC en de voorschoolse educatie voor peuters op het AZC en sinds 2021 subsidie voor de bibliotheek voor het taalbeleid. Naast de landelijke doelstellingen en kwaliteitseisen hebben gemeenten beleidsruimte voor eigen beleid: gemeente Waadhoeke heeft specifiek beleid voor taalontwikkeling en ouderbetrokkenheid.
3
2. Landelijke beleidskaders, wettelijke doelstellingen en kwaliteitseisen 2.1 Korte historie onderwijsachterstandenbeleid Het onderwijsachterstandenbeleid is gericht op het zo vroeg mogelijk en effectief aanpakken van achterstanden. Medio jaren ’90 is begonnen met de VVE-programma’s Piramide en Kaleidoscoop en de gezamenlijke afspraken van gemeenten, basisscholen en kinderopvang. VVE bestaat uit voorschoolse educatie voor peuters en vroegschoolse educatie voor kleuters voor een goede start in groep 3 van de basisschool. Inmiddels zijn er veel meer gecertificeerde, erkende VVE-programma’s. Vanaf het jaar 2000 heeft het ministerie van OCW steeds hogere rijksbijdragen beschikbaar gesteld voor onderwijsachterstandenbeleid, voornamelijk gericht op voor- en vroegschoolse educatie en later de schakelklassen. Met de doelstelling om uiteindelijk alle kinderen in een achterstandssituatie te bereiken en hen optimale ontwikkelingskansen te bieden, zodat vooral taalachterstanden aanzienlijk worden verkleind. Per 2006 kwam er een splitsing in de toekenning van rijksbijdragen: de schoolbesturen ontvangen vanaf 2006 zelf de rijksmiddelen OAB voor de vroegschoolse educatie. Per 2018 kwam de Wet Harmonisatie kinderopvang: de peuterspeelzalen in Waadhoeke waren per 2018 al omgevormd naar peuteropvang en voldeden aan de wettelijke kwaliteitseisen van de Wet kinderopvang.
En de locaties waren per 2018 al geregistreerd in het Landelijk Register Kinderopvang als kinderdagverblijf. VVE Het aanbod VVE bestaat uit een integraal VVE programma gericht op vier ontwikkelingsgebieden: - taalontwikkeling: het vergroten van de woordenschat, het luisteren naar en praten over verhalen - beginnende rekenvaardigheden: leren tellen, leren meten, oriëntatie in ruimte en tijd - motorische ontwikkeling: gericht op de ontwikkeling van de grove en fijne motoriek - sociaal-emotionele ontwikkeling: het stimuleren van zelfstandigheid en zelfvertrouwen en het samen spelen. Hiermee wordt op een gestructureerde en samenhangende wijze de ontwikkeling van peuters gestimuleerd. Schakelklassen Schakelklassen zijn bedoeld voor leerlingen/nieuwkomers met een grote taalachterstand. De leerlingen krijgen een bepaalde periode intensief taalonderwijs, zodat ze daarna het regulier onderwijs kunnen volgen. Vanaf schooljaar 2006-2007 kregen gemeenten de mogelijkheid om schakelklassen in te richten en is dit landelijk een speerpunt in het onderwijsachterstandenbeleid.
2.2 Wet Primair Onderwijs, WPO In de artikelen 158, 159 en 160 WPO (voorheen 165, 166 en 167 WPO) staan de doelstellingen voor het onderwijsachterstandenbeleid. Op basis hiervan zijn er diverse besluiten voor de kwaliteit en bekostiging vastgesteld. In hoofdstuk 5 staan de kwaliteitseisen VVE speciaal genoemd. Het Besluit specifieke uitkeringen gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid regelt de afspraken en doelstellingen voor de geoormerkte middelen uit ’s Rijks kas die onder voorwaarden worden verstrekt. Bij het financieel kader in paragraaf 7.3 staat de nadere informatie. 4
2.3 Wet kinderopvang, Wko Vanuit de Wet kinderopvang heeft de gemeente de taak een veilige en kwalitatief hoogstaande kinderopvang voor kinderen van nul tot en met twaalf jaar oud via haar taak van toezicht en handhaving kinderopvang te borgen en bevorderen. Dat betekent opvang die bijdraagt aan een goede en gezonde ontwikkeling van het kind, in een veilige en gezonde omgeving. De voorschoolse educatie heeft binnen de kinderopvang een bijzondere plek. Vanuit de Wko gaat het hierbij om de structuurkenmerken van groepen, zoals de inrichting van de ruimte, de groepsgrootte, de professional/beroepskracht-kindratio, het gebruik van een VVE-programma en het opleidings- en kwalificatieniveau van de pedagogisch medewerkers (leerkrachten). Alle vereisten voor veiligheid en gezondheid zijn van toepassing op de voorschoolse educatie. Op basis van het landelijke pre-COOL onderzoek naar de kwaliteit van VVE staat bij de aanbevelingen dat naast de structurele kwaliteit ook de proceskwaliteit belangrijk is. Onder proceskwaliteit wordt verstaan: de kwaliteit van interacties tussen kinderen onderling en tussen kinderen en pedagogisch medewerkers, en ook de kwaliteit van activiteiten die kinderen uitvoeren. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in: emotionele- en educatieve kwaliteit.
Bij emotionele kwaliteit gaat het om aspecten als een positieve sfeer in de groep, contact pm’ er met de kinderen en de band tussen kinderen onderling. Bij de educatieve kwaliteit gaat het om het actief faciliteren van de cognitieve- en taalontwikkeling van kinderen door activiteiten aan te bieden die taalrijk zijn, die zorgen voor uitdaging en de voortgang in de ontwikkeling.
2.4 Het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie In dit Besluit zijn alle vereisten opgenomen van het Ontwikkelingsproces: het aanbod, de ononderbroken ontwikkeling, pedagogische- educatieve kwaliteit, ondersteuning en samenwerking. En de Ontwikkelingsresultaten voorschoolse educatie en de Kwaliteitszorg (realisatie en evaluatie).
2.5 Een gemeentelijk VVE-subsidiekader Gemeenten moeten zorgen voor een Subsidiekader. Per 1 januari 2022 is de ‘Subsidieregeling Peuteropvang en Voor- en vroegschoolse educatie gemeente Waadhoeke 2022’ van kracht. Hierin staan de doelstellingen en vereisten, waarvoor de gemeente Waadhoeke keuzes heeft gemaakt en die aansluiten bij het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie. De inzet is dat elke peuter kan deelnemen aan voorschoolse educatie.
2.6 VVE-condities met toezicht door de GGD en de Inspectie van het Onderwijs De GGD zorgt bij de jaarlijkse onderzoeken kinderopvang ook voor de toetsing van voorschoolse educatie. Het toezicht is er op basis van de Wet Kinderopvang, de Wet op het Primair onderwijs en de Wet op Onderwijs Toezicht. Het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie geeft voor VVE de onderwerpen aan waarop de beoordeling plaatsvindt. Dit betreft het Waarderingskader van de Onderwijsinspectie. Er wordt vooral gekeken naar het pedagogisch beleidsplan, de wijze waarop het aanbod voorschoolse educatie is ingericht en de kennis en vaardigheden (opleidingsniveau) van de pedagogisch medewerkers en pedagogisch beleidsmedewerker. De Inspectie van het Onderwijs heeft inzicht in de inspectierapporten van de GGD. 5
2.7 Kwaliteit VVE en kinderopvang: toezichtkader van de Inspectie van het Onderwijs Het wettelijk kader voor het toezicht door de Inspectie van het Onderwijs. De Inspectie houdt toezicht op twee taken die de gemeenten in medebewind hebben: de taak toezicht en handhaving kinderopvang en de taak onderwijsachterstandenbeleid, met name VVE. Nieuw toezichtkader Interbestuurlijk Toezicht (IBT): in 2021 is de inspectie gestart met een nieuw kader voor het toezicht, om de taken inhoudelijk meer in samenhang te brengen en in de uitvoering eenduidiger vorm te geven voor meer effect. Met landelijke themabijeenkomsten is in het jaar 2023 gestart met de implementatie hiervan. Via het toezicht wil de inspectie bijdragen aan de veiligheid, begeleiding en gelijke kansen voor alle kinderen en jongeren. Aan gemeenten wordt gevraagd om de doelen van de taken als uitgangspunt te nemen voor het beleid en de uitvoering hiervan zoveel mogelijk te verankeren in hun kwaliteitscyclus. Hieraan gaat de gemeente Waadhoeke ook meedoen. Gelet op de gemeentelijke taken in de Wet kinderopvang en de Wet op het primair onderwijs heeft de gemeente de volgende taken voor het jaarlijkse toezicht van de Inspectie van het Onderwijs. Kwaliteitsgebied onderwijsachterstandenbeleid Voor- en vroegschoolse educatie Doelgroepdefinitie
voor de doelgroepkinderen
Bereik voorschoolse educatie
voldoende voorschoolse voorzieningen en inzicht non-bereik
Toeleiding voorschoolse educatie
jaarlijkse afspraken over de toeleiding naar VVE
Doorgaande lijn VVE
jaarlijkse afspraken over de organisatie doorgaande lijn
Resultaten VVE
afspraken met de schoolbesturen over de resultaten van de vroegschoolse educatie
Overleg LEA onderwijsachterstandenbeleid
jaarlijks overleg met de schoolbesturen voor primair onderwijs, voortgezet onderwijs en kinderopvangorganisaties via de lokale educatieve agenda
Kwaliteitsgebied toezicht en handhaving kinderopvang Registratie LRK
de gegevens in het LRK, Landelijk Register Kinderopvang, dienen juist, actueel en volledig te zijn
Aanvragen exploitatie en registratie
binnen de wettelijke vereisten behandelen
Toezicht
de gemeente zorgt ervoor dat de GGD, de gemeentelijke gezondheidsdienst, onderzoeken uitvoert voor: de registratie, vervolgonderzoek na registratie en het jaarlijks onderzoek op basis van risicoprofielen - nader onderzoek en - incidenteel onderzoek
Handhaving
bij overtredingen handhaven conform het handhavingsbeleid 6
3. Doelstellingen, ontwikkelingen en ambities gemeente Waadhoeke De belangrijkste doelen voor het onderwijsachterstandenbeleid in Waadhoeke zijn: * Doelgroepkinderen met VVE een betere start geven bij de start in groep 3 van de basisschool * Alle kinderen maximale ontwikkelingskansen bieden * Vroege interventie voorkomt (taal) achterstand * Het versterken van de kwaliteit voor VVE en de coaching voor VVE
3.1 Wat hebben we de afgelopen jaren gedaan en bereikt Hieronder volgt een overzicht van de ontwikkelingen en de behaalde doelstellingen en ambities in de periode 2019-2022. Er is voldaan aan het vereiste om een subsidiekader op te stellen. Per 1 januari 2022 is de “Subsidieregeling Peuteropvang en Voor- en vroegschoolse educatie gemeente Waadhoeke 2022” in werking getreden. Hierin zijn de actuele landelijke beleidsontwikkelingen opgenomen en is een passende werkwijze voor de subsidieverlening vastgelegd. De onderstaande doelstellingen zijn ook onderdeel van de Subsidieregeling. 3.1.1 VVE aanbod van 10 naar 16 uur, naar totaal 960 uur in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar Het kabinet zorgt vanaf 2020 voor 170 miljoen extra middelen om te investeren in de verruiming van het aanbod en deelname aan voorschoolse educatie. Vanaf 1 augustus 2020 is de uitbreiding van het VVE aanbod ingevoerd van 10 naar 16 uur per week. De wettelijke verplichting is dat doelgroepkinderen een VVE aanbod krijgen van 960 uur in de leeftijd 2,5 tot 4 jaar. Het betrof een uitbreiding van het aantal uren VVE van minimaal 10 naar minimaal 16 uur per week. Dit is een verplichting voor de besteding van de specifieke uitkering OAB. In Waadhoeke is dit goed ingevoerd, het uitgangspunt is om voor het aanbod voorschoolse educatie zoveel mogelijk te werken met dagdelen van 4 uur. Dit is gemiddeld 16 uren per week.
Dit zijn totaal 60 weken. Op jaarbasis gaat het om 40 weken (vergelijkbaar met de schoolweken basisonderwijs). De kinderopvang is hierbij verantwoordelijk voor de indeling van de 960 uur voor de doelgroepkinderen. Het aantal uren kan variëren per leeftijd met een oplopend schema van uren. Maatwerk is mogelijk, maar de onderstaande wettelijke vereisten VE zijn van toepassing: - er moet op tenminste 3 dagen/dagdelen per week een aanbod VE zijn; - er mag al VE aangeboden worden vanaf 2 jaar, maar de uren VE tussen 2 en 2,5 jaar tellen niet mee voor de norm van 960 uur; - er mag maximaal 6 uur VE per dag meetellen voor het behalen van de norm van 960 uur. Deze uren hoeven niet aaneengesloten aangeboden te worden. Voor doelgroeppeuters VE die hele dagen naar de dagopvang gaan, telt dan maximaal 6 uur mee voor de urennorm; - een aanbod gedurende meer dan 40 weken per jaar is mogelijk. 3.1.2 Pedagogisch beleidsmedewerker VVE per 1 januari 2022 verplicht Per 1 januari 2022 kwam de wettelijke verplichting om voor VVE een pedagogisch beleidsmedewerker aan te stellen. Het gaat dan om de inzet van 10 uur per doelgroepkind. Het subsidiebedrag is op basis van het aantal doelgroepkinderen per teldatum 1 januari. 7
In de Subsidieregeling is in artikel 8 de bepaling opgenomen voor de subsidieverlening en taken van de pedagogisch beleidsmedewerker. De taken zijn vooral gericht op: - de ontwikkeling en implementatie van pedagogisch beleid - het verhogen van de kwaliteit van de voorschoolse educatie op de locaties - het coachen van de pedagogisch medewerkers - het ondersteunen van de kwaliteit voor de doorgaande lijn met een goede overdracht en - het beleid voor ouderbetrokkenheid en de samenwerking met partners. 3.1.3 Subsidie voor de doelstellingen VVE coaching, VVE kwaliteit en VVE taalbeleid Aanvullend op de subsidie voor de pedagogisch beleidsmedewerker staat in de Subsidieregeling, in artikel 9, de subsidiemogelijkheid voor de doelstellingen en taken voor VVE coaching. Dit betreft: - het verbeteren van de kwaliteit van de VVE-methodieken en het organiseren van VVE scholing - zorgen voor een goede doorgaande lijn en overdracht van voorschool naar basisschool met ouderbeleid en kwaliteitszorg - het versterken van ouderbetrokkenheid en taalontwikkeling binnen de voorschoolse educatie en de taalrijke omgeving thuis: In artikel 10 staan de doelstellingen voor het lokale taalbeleid genoemd.
Diverse partners spelen hierbij een rol, met name gemeente, kinderopvang, de Bibliotheek Noord Fryslân, de Jeugdgezondheidszorg van GGD Fryslân, basisscholen en het SFBO, Sintrum Frysktalige Berne-opfang (twatalige berneopfang). Het lokaal taalbeleid sluit aan bij de Taalnota Lân fan taal en het stimuleren van ouderbetrokkenheid. Het voorlezen met Boekstart (0-2 jaar), Boekstart in de kinderopvang (2-4 jaar) en de doorlopende taalontwikkeling (4-7 jaar) is gericht op het stimuleren van ouders bij een taalrijke omgeving. En voor het voorlezen is er de aandacht voor het gebruik van ieders moederstaal, ook voor arbeidsmigranten. 3.1.4 Het bereik van VVE doelgroepkinderen verhogen naar minimaal 90%: dit is gelukt. In de voorgaande beleidsnotitie was opgenomen om het bereik te verhogen van 77% naar 90%. Dit is gelukt. Over het jaar 2021 was het bereik 93%. Het aantal doelgroepkinderen is toegenomen. In mei 2019 waren er 58 VVE peuters. Per 1 januari 2022 waren er 85 deelnemende VVE peuters en per 1 januari 2023 een aantal van 90. 3.1.5 Leeftijd voor deelname aan voorschoolse educatie is naar 2 jaar gegaan Met de Subsidieregeling is ingevoerd, dat peuters vanaf 2 jaar kunnen deelnemen. Vroeg beginnen is belangrijk. Op 2-jarige leeftijd zijn er al verschillen in de taalontwikkeling en is kinderopvang en voorschoolse educatie heel goed.
Dit is gecombineerd met extra aandacht voor ouderbetrokkenheid en pilots voor taal- en spraakontwikkeling. 3.1.6 Uitbreiding aantal locaties met een VVE-aanbod in de kinderopvang In de periode 2020-2022 is het aantal locaties met VVE-aanbod flink toegenomen. De gemeente heeft extra subsidie verleend voor VVE-scholing en VVE-materialen. Inmiddels zijn 34 -van de totaal 38 locaties kinderopvang- geregistreerd in het Landelijk Register Kinderopvang, als VE locatie. Dit is een heel goed resultaat. Het gaat om alle locaties van de drie grote kinderopvangorganisaties: Kids First, Stichting Kinderopvang Friesland (SKF) en Stichting 8
Kinderopvang Noardwest Fryslân ( SK NWF/CBO). In alle groepen wordt een VVE-programma uitgevoerd, waarmee zowel VVE doelgroepkinderen als reguliere kinderen/ peuters profiteren van de werkwijze van een VVE-programma. Hiermee is er ruim voldoende aanbod verspreid over de gehele gemeente voor de deelname aan de voorschoolse educatie. Vier kleinere kinderopvangorganisaties hebben niet een volledig VVE-programma, maar doen wel mee met Boekstart in de kinderopvang. Dit zijn Kids & Animals, Bloemfontein, De boefjes en Avonturentuin kindercentrum Deinum. 3.1.7 Resultaatafspraken vroegschoolse educatie In december 2022 zijn de Resultaatafspraken goedgekeurd door de Inspectie van het Onderwijs en is hiermee voldaan aan de herstelopdracht, die door de IvhO was vermeld. Het streven is 100% bereik doelgroepkinderen, 100% doorgaande ononderbroken ontwikkelingslijn en 100% ouderbetrokkenheid. Het betreft het verbeteren van de processen en maatwerk voor de kinderen. Als Bijlage worden de Resultaatafspraken VVE gemeente Waadhoeke toegevoegd.
9
4. Wat gaan we doen in 2023 – 2026 Doelstellingen en ambities van de bestaande activiteiten en de wensen voor extra activiteiten voor 2023 -2026
De inzet van subsidie is hiervoor belangrijk. Jaarlijks wordt beoordeeld welke subsidiemogelijkheden er zijn. Veel activiteiten zijn structureel. Maar extra activiteiten en pilots kunnen incidenteel worden bekostigd. Binnen de werkgroep VVE worden alle mogelijkheden besproken en wordt gekeken naar te behalen resultaten en goede afstemming en samenwerking. Voldoende VVE middelen beschikbaar stellen voor het aanbod van kwalitatief en effectief VVE. Alle doelgroepkinderen behoren deel te nemen aan een VVE programma bij de kinderopvang gedurende de leeftijd 2,5- 4 jaar. Het aantal doelgroepkinderen kan per jaar verschillen. In 2023 lijkt het er op dat er extra veel doelgroepkinderen zijn. Voor al deze kinderen kan het VVE aanbod worden bekostigd. Dit kan betekenen dat er in een volgend jaar iets minder budget beschikbaar is voor extra activiteiten. Er wordt een goed overzicht bijgehouden van alle subsidies in deze vierjarenperiode 2023-2026. Meer aandacht voor de evaluatie van het beleid met de kinderopvangorganisaties. Over de uitvoering en besteding van de middelen wordt overleg gevoerd met de werkgroep VVE, bestaande uit de kinderopvangorganisaties, basisscholen, de bibliotheek Noord Fryslân, GGD Fryslân en de gemeente. Per 1 januari 2022 is de Subsidieregeling Peuteropvang en Voor- en vroegschoolse educatie, gemeente Waadhoeke in werking getreden.
Hierin staan specifieke afspraken voor de doelstellingen en evaluatie van het beleid. Er is per kinderopvangorganisatie jaarlijks overleg over de resultaten per jaar op basis van de checklist met de onderwerpen van het Waarderingskader van het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie. Ieder jaar gaan we in de werkgroep VVE meer informatie verzamelen voor het doorgeven van de behaalde resultaten. De resultaatafspraken VVE voor de vroegschoolse educatie met het primair onderwijs in de komende jaren verder uitwerken. Er zijn in 2022 goede resultaatafspraken gemaakt, die door de Inspectie van het Onderwijs zijn goedgekeurd. Hiermee is aan de herstelopdracht voldaan. De resultaatafspraken zijn in 2022 in de werkgroep VVE voorbereid en tijdens de vergadering van de LEA in november 2022 hebben de schoolbesturen en besturen van de kinderopvang hiermee ingestemd. Er is een start gemaakt met afspraken op hoofdlijnen met streefdoelen, onder meer: -
Bereik: streefdoel van 100% bereik van de doelgroepkinderen. Doorlopende leerlijn: 100% van de doelgroepkinderen VVE ontvangt gedurende de voor- en vroegschoolse periode continu de noodzakelijke extra ondersteuning van VVE. Overdracht VVE: goede overdracht van de informatie over de peuter en vervolg van VVE aanbod op de basisscholen. Ouderbetrokkenheid: 100% van de ouders van doelgroepkinderen is betrokken bij de uitvoering van VVE in zowel de voor- als vroegschoolse periode (educatief partnerschap).
Het aanbod en bekostiging van de deelname van peuters van ouders die niet in aanmerking komen voor de kinderopvangtoeslag blijft bestaan (twee dagdelen per week binnen peuteropvang of kinderdagverblijf). In de Subsidieregeling Peuteropvang en Voor- en vroegschoolse educatie, gemeente Waadhoeke zijn de doelstellingen en subsidievoorwaarden voor de peuteropvang opgenomen. In Waadhoeke zijn er veel ouders, die niet in aanmerking komen voor de kinderopvangtoeslag. Dit is meer dan gemiddeld in Nederland. Het is belangrijk om te zorgen voor een voorschools traject voor de peuters. Het doel is om alle peuters hieraan deel te laten nemen. 10
Voor de peuters op het AZC blijft het educatief aanbod in de kinderopvang op het AZC met een erkend VVE programma en ouderbetrokkenheid. Vanaf het jaar 2022 zijn er extra middelen ingezet, waarmee er met twee groepen kan worden gewerkt. Dit kan blijven, zo lang er behoefte aan is. Ook de ouders krijgen extra ondersteuning, mede met inzet van de bibliotheek. Binnen het Onderwijsachterstandenbeleid blijft de extra inzet en ondersteuning voor de schakelklassen op het AZC. De jaarlijkse subsidie blijft beschikbaar voor twee schakelklassen. Aansluitend komt er subsidie voor NT2 deskundigheid voor leerkrachten op de basisscholen en kinderopvanglocaties met veel NT2 kinderen. Dit wordt in afstemming met het (landelijk) beleid voor kinderen uit Oekraïne beoordeeld. Hiervoor is een goede afstemming nodig tussen de gemeente, basisscholen en kinderopvang. Het streven is om alle doelgroepkinderen naar VVE toe te leiden voor deelname aan het volledige programma van de voorschoolse educatie. Er is extra subsidie verleend aan de jeugdgezondheidszorg voor meer inzet bij de toeleiding en het bereik van alle doelgroepkinderen. Hierbij is er ook meer samenwerking met de gebiedsteams. Aansluitend op de begeleiding naar VVE wordt met de ouders ook gekeken naar de taal- en spraakontwikkeling en opvoedvragen bij de kinderen.
Bij ouderbetrokkenheid komt er meer aandacht voor het educatief partnerschap. Samen met de kinderopvangorganisaties, de bibliotheek en de jeugdgezondheidszorg en de gebiedsteams maken we afspraken voor het bereiken van ouders en het organiseren van activiteiten voor jonge kinderen. Binnen de VVE-programma’s zijn er activiteiten voor VVE-thuis voor het educatief partnerschap. Dit betekent dat ouders leren hoe ze hun kinderen goed kunnen begeleiden bij de ontwikkeling. Gezamenlijk worden er programma’s en activiteiten voor taal- en spraakontwikkeling en ouderbetrokkenheid opgesteld en georganiseerd. Hierbij maken we een afstemming met de doelstellingen van het Actieprogramma Kansrijke Start. Dit past bij preventie. Taalbeleid en ouderbetrokkenheid met een aansluiting in de gastouderopvang. Binnen de gastouderopvang kan geen aanbod VVE worden uitgevoerd. Wel is het handig om voor de kinderen, die naast de deelname aan een VVE programma op de kinderopvang ook gebruik maken van gastouderopvang, een aansluitend taalaanbod te ontwikkelen. Programma’s voor VVE-thuis kunnen ook bij gastouders worden gebruikt, passend bij de thema’s van het VVEprogramma Uk & Puk. Samen met de kinderopvangorganisaties, de bibliotheek en de gemeente kunnen hiervoor met de Gastouderbureaus afspraken worden gemaakt.
Landelijk wil het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid de pedagogische kwaliteit in de gastouderopvang versterken. Dan past dit idee daar goed in. Op lokaal niveau zetten we extra in op de taalontwikkeling, met aandacht voor het voorlezen en meertaligheid: afspraken met de kinderopvangorganisaties, bibliotheek, scholen en andere betrokken instellingen. Er zijn meerdere pilots gestart, waarmee er extra subsidie is verleend aan de bibliotheek en de kinderopvangorganisaties. Dit betreft het versterken van Boekstart in de kinderopvang en het programma Boekenpret voor de ouderbetrokkenheid. En programma’s voor taal- en spraakontwikkeling en aandacht voor het begeleiden van laaggeletterde ouders. Het voorlezen in meerdere talen is hierbij een mooie activiteit. Bij het taalbeleid hoort ook het streefdoel dat minstens 80% van de locaties van de kinderdagverblijven en peuteropvang een tweetalige locatie is, met een sertifikaat twatalige berne-opfang van SFBO, it Sintrum Frysktalige Berne-opfang (Frysk-Nederlands). 11
Er komt meer aandacht voor bewegen voor peuters als educatief doel. Voor het VVE doel voor de motorische ontwikkeling komt er extra ondersteuning door het Beweegteam van Sport Fryslân. Het is gericht op 2 activiteiten: * Het spel- en beweegprogramma Beweeghummeltjes wordt ingevoerd op de locaties van de kinderopvang. Hierbij krijgen pedagogisch medewerkers extra trainingen voor het geven van activiteiten voor het bewegen. Stap voor stap kan het worden ingevoerd. De kinderopvang kan het dan opnemen in de visie en beleid van de kinderopvangorganisaties. Ook het versterken van de doorgaande lijn hoort hierbij. * Preventie en vroegsignalering: hulp en advies wanneer er problemen zijn bij de fijne- of grove motoriek.
In de volgende hoofdstukken wordt uitleg gegeven over de wijze van uitvoering van het beleid.
5. Een kwalitatief goed aanbod VVE binnen wettelijke kaders
De ontwikkelingen en de uitvoering van het VVE-beleid in de gemeente Waadhoeke zijn evenals in de voorgaande beleidsnotitie beschreven aan de hand van het wettelijk Waarderingskader van de Inspectie van het Onderwijs.
5.1 Waarderingskader voorschoolse educatie Het aanbod bereidt de peuters voor op de basisschool en bestaat uit spel- en leermaterialen in de groep die afgestemd zijn op de ontwikkelingsfase van de peuters. Het is maatwerk. De kinderopvang volgt de ontwikkeling van de peuters zodanig dat ze een ononderbroken ontwikkeling kunnen doorlopen. Dit in afstemming met de basisscholen met een goede overdracht. Het is van belang om bij de leeftijd van 3,5 jaar al te beginnen met overleg en informatie voor de overdracht en mogelijkheden van het vervolgaanbod in de vroegschoolse educatie. Dit is ook als aandachtspunt bij de Resultaatafspraken opgenomen. Voor peuters, die met 4 jaar nog niet klaar zijn voor de start op de basisschool, is er een mogelijkheid van een verlenging van het voorschoolse aanbod (met motivering en als uitzondering). Pedagogisch medewerkers stimuleren een brede ontwikkeling en gaan actief na of de peuters de opdrachten begrijpen en daarmee hun doelen halen.
Het VVE programma is gericht op vier ontwikkelingsdoelen: - taalontwikkeling veel samenwerking met bibliotheek en preventieve logopedie - ontluikende rekenvaardigheden breed aanbod, ook met ruimtelijke begrippen - sociaal-emotionele ontwikkeling ook samenwerking met externe zorg en begeleiding - motorische ontwikkeling voorstel voor samenwerking met beweegteam, voor spel en beweegprogramma Beweeghummeltjes: aanbod/trainingVVE met extra beweegactiviteiten en advies voor peuters met problemen motorische ontwikkeling.
5.2 Waarderingskader vroegschoolse educatie in groep 1 en 2 van het basisonderwijs Het aanbod betreft een ononderbroken ontwikkeling met een passend vervolg op het voorschoolse programma. De school verzamelt vanaf binnenkomst systematisch informatie over de kennis en vaardigheden van de kleuters en bepaalt de doelen voor de start in groep 3. De ontwikkelingen 12
worden nauwkeurig gevolgd. Er is voor de leeftijd van 3,5 tot 4,5 jaar overleg met de voorschool voor een goed vervolg van de doorlopende leerlijn.
5.3 Waarderingskader VVE gemeentelijk niveau 5.3.1 Definitie doelgroepkind Bij de bekostiging van VVE gaat het Rijk vanaf 2019 uit van een verdeelsystematiek op basis van de jaarlijkse door het CBS bepaalde achterstandsscore van elke gemeente. Voorheen was het een verdeling op basis van de schoolgewichten. De doelgroepdefinitie VVE voor Waadhoeke is als volgt: - opleidingsniveau ouders ( en verzorgers) - onvoldoende stimulerend vermogen omgeving (thuistaal, omgevingsanalyse) - het niveau van de taalontwikkeling van het kind - armoede en/of sociaal economische omstandigheden 5.3.2 Toeleiding naar voorschoolse educatie Voor de toeleiding naar de voorschoolse educatie heeft de GGD Fryslân, Jeugdgezondheidsdienst, de JGZ de taak om op basis van de doelgroepdefinitie te bepalen of een kindje in aanmerking komt voor deelname aan extra uren voorschoolse educatie. Op het consultatiebureau komen (bijna) alle jonge kinderen. Toeleiding VVE is een basistaak van de JGZ (landelijk beleid). 5.3.3 Bereik voorschoolse educatie De gemeente behoort te zorgen voor voldoende voorschoolse voorzieningen waar een VVEprogramma wordt aangeboden. Er zijn al 34 locaties kinderopvang, die voldoen aan alle vereisten en voorschoolse educatie van goede kwaliteit bieden.
Bij het bereik hoort ook het streven om alle kinderen met een VVE-indicatie deel te laten nemen aan de voorschoolse educatie van 960 uur in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar. En het is belangrijk om inzicht te hebben in het non-bereik. De redenen waarom een klein aantal kinderen niet meedoet of slechts een gering aantal uren. In het Inspectierapport kwaliteit VVE 2020 van de gemeente Waadhoeke stond dat er een herstelopdracht is voor de toeleiding en het bereik VVE en met name inzicht in het ‘non-bereik’. In 2022 is hiervoor extra subsidie verleend aan de JGZ voor extra inzet voor de toeleiding en het bereik. Dit betreft het ondersteunen van ouders hierbij en ook meer tijd voor de aansluiting van de voorschoolse educatie op preventie en vroegsignalering, ouderbetrokkenheid 0-7 jaar, afstemming kinderopvang en gebiedsteams en Kansrijke Start (actielijn 3). In 2023 is dit uitgebreid met een huisbezoek bij ieder doelgroepkind (indien nodig). Meer samenwerking met de kinderopvang, en indien van toepassing met de gebiedsteams, voor extra begeleiding bij de toeleiding en het bereik. Een volledig bereik is een uitdaging. Kinderen van arbeidsmigranten proberen we ook beter in beeld te krijgen. De bekostiging door het rijk voor VVE is gericht op het behalen van de 960 uren voorschoolse educatie in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar (indeling uren kan oplopen gelet op de leeftijd).
Inzicht in het non-bereik heeft ook betrekking op de doelgroepkinderen, die hieraan niet voldoen. 13
Samen met de kinderopvang en indien van toepassing het gebiedsteam, moet er hard aan worden gewerkt om te stimuleren dat doelgroepkinderen volop gaan deelnemen. Indien het niet lukt om de 960 uur te halen, dan behoort er een duidelijke motivering te zijn. Vanaf 2022 kunnen peuters vanaf 2 jaar al deelnemen aan voorschoolse educatie. Voor VVE doelgroepkinderen, die niet naar het kinderdagverblijf gaan, betreft het dan al een voortraject. De JGZ heeft ook de taak om op de leeftijd van twee jaar te informeren of de kinderen deelnemen aan kinderopvang of peuteropvang. En te stimuleren dat peuters gaan deelnemen aan voorschoolse educatie – spelend leren – voor een goede start op de basisschool. Veel jonge kinderen gaan al naar een kinderdagverblijf, waar al op jonge leeftijd veel aandacht is voor de ontwikkeling. Vroeg beginnen: vroege interventie voorkomt (taal) achterstand. Deelname aan voorschoolse opvang en educatie heeft een positief effect. Het is belangrijk om zo vroeg mogelijk ontwikkelingsachterstanden te voorkomen. Dit stond al als ambitie in de motivering voor de Notitie Onderwijsachterstandenbeleid 2019-2022. Uit het landelijk pre-COOL onderzoek blijkt, dat kansenongelijkheid al jong ontstaat: al op tweejarige leeftijd kunnen er grote verschillen bestaan met betrekking tot de taal en cognitieve ontwikkeling.
Vroeg beginnen levert positieve effecten op voor de schoolloopbaan en gedrag. Deelname aan kinderopvang / peuteropvang vanaf twee jaar is van belang voor de kansengelijkheid. Het inhaaleffect is het grootst bij kwalitatieve voorschoolse opvang en voorschoolse educatie. Het effect van voorschoolse voorzieningen moet wel worden gevolgd met een goede doorgaande lijn in de basisschool. 5.3.4 Doorgaande leerlijn Samenwerking tussen de kinderopvang en de basisscholen is belangrijk en een subsidievoorwaarde. Een warme overdracht van doelgroepkinderen is verplicht. Het gaat dan minimaal om een goede overdracht van gegevens van het gebruikte VVE programma en de voortgang van de doelgroepkinderen (kindvolgsysteem). Basisscholen moeten zorgen voor een passend programma tijdens de vroegschoolse educatie als vervolg op de VVE programma’s bij de voorschoolse educatie. Bij de kinderopvang in Waadhoeke wordt het VVE programma Uk & Puk gebruikt. De doorgaande ontwikkelingslijn en ouderbetrokkenheid is hierbij van groot belang. Een belangrijk onderdeel van het VVE-beleid is het taalbeleid met een goede doorgaande lijn en het stimuleren van een taalrijke omgeving in de kinderopvang en de scholen en bij ouders thuis. De bibliotheek Noord Fryslân speelt hierbij ook een grote rol.
Via het programma Boekstart in de kinderopvang en een vervolg met dBos, de bibliotheek op school zijn er extra VVE-taalactiviteiten. 5.3.5 Resultaatafspraken VVE Gemeenten zijn verplicht om met de schoolbesturen primair onderwijs resultaatafspraken te maken over de resultaten van de vroegschoolse educatie. Verantwoording hierover wordt afgelegd aan de Onderwijsinspectie. Gemeente Waadhoeke heeft hiervoor in 2020 een herstelopdracht gekregen. In december 2022 is het gelukt voldoende resultaatafspraken te maken, waarmee de Inspectie van het onderwijs heeft aangegeven, dat aan de herstelopdracht is voldaan. 14
Bij de Resultaatafspraken staan veel acties die we in de komende jaren gaan uitwerken. Er zijn 3 streefdoelen opgenomen: Streefdoel 1 100% bereik VVE doelgroep in 2023 in ieder geval al 96% Streefdoel 2 100% ononderbroken passend aanbod VVE binnen voorschool en vroegschool Streefdoel 3 100% ouderbetrokkenheid 0-7 jaar 5.3.6 Ouders Dit betekent voldoen aan het vereiste van ouderbetrokkenheid vanuit de onderwijsinspectie: ouders als partners in het stimuleren van de ontwikkeling van hun kinderen, ouderbeleid in het pedagogisch plan en een doorgaande lijn in het aanbod, de zorg en begeleiding en ouderbeleid en kwaliteitszorg rondom het jonge kind. Een heldere analyse van de ouderpopulatie is nodig. De kinderopvang en de basisscholen zorgen voor een goed ouderprogramma voor het educatief partnerschap. En gemeenten behoren een ouderbeleid op te stellen. Dit kan vanuit de diverse taken bij de gemeente, onderwijs- en jeugdbeleid, armoedebeleid. En hiervoor hebben we ook informatie nodig vanuit de JGZ en gebiedsteams en kinderopvang en onderwijs. Dit is een doel voor 2023 en volgende jaren. We zorgen voor samenwerking en afspraken met de kinderopvang, bibliotheek, JGZ en basisscholen voor het beleid voor ouderbetrokkenheid gericht op het stimuleren van het educatief partnerschap.
5.3.7 Externe zorg Dit gaat om de goede aansluiting tussen voorschoolse educatie, kinderopvang, scholen en zorg en jeugdhulp. Afstemming tussen de kinderopvang met ondersteuning door de JGZ en gebiedsteams en de zorgpaden voor ouders en jonge kinderen. Bij de kinderopvang is er ook aansluiting bij het Buitenhuisplan. Vanuit het gebiedsteam wordt beoordeeld of een kind tijdelijk kan deelnemen aan kinderopvang. Dit betreft preventie en maatwerk voor stressvolle gezinssituaties. Zoals het opgroeien in een gezin met ouders die psychische- of verslavingsproblematiek hebben of lichamelijke, zintuigelijke of verstandelijke beperkingen. Dit kan samenvallen met de leeftijd van peuters en aansluiten op de deelname aan VVE. VVE coaches hebben al veel ervaring en zorgen voor verbreding. En er zijn nu ook de functies van mentoren in de kinderopvang gekomen, die kinderen en ouders kunnen ondersteunen. De gemeente heeft de taak voor de afstemming van het onderwijs- en jeugdbeleid. Gemeenten zijn in het kader van integraal jeugdbeleid verantwoordelijk voor een sluitend netwerk van zorgverleners, zodat kinderen op effectieve en efficiënte wijze zorg en ondersteuning krijgen. Hiermee is er ook een aansluiting op het beleid voor Kansrijke Start. Het programma Kansrijke Start is gericht op de eerste 1000 dagen van een kind, met actielijnen vóór, tijdens en na de zwangerschap.
Actielijn 3 betreft de leeftijd 0-2 jaar en is een voortraject op de leeftijd van 2-4 voor de voorschoolse educatie. Bij Kansrijke Start gaat het vooral om goede afstemming en aansluiting van organisaties en voorzieningen: de Coalitievorming. De JGZ, gebiedsteams, kinderopvang, scholen en bibliotheek zijn hierbij belangrijke partners voor de ontwikkeling van het jonge kind en het ondersteunen van ouders. Actielijn 3 is vooral gericht op het doel, dat kwetsbare ouders zijn toegerust op het ouderschap en de opvoeding. Het bieden van gelijke kansen op het gebied van gezondheid en ontwikkeling. 15
Hierbij is het op lokaal niveau goed om te zorgen voor: - Opvoedondersteuning door de JGZ en gebiedsteams - Stimuleren kinderopvang en voorschoolse educatie 0 - 4 jaar - Stimuleren voorlezen met behulp van Boekstartcoaches van de bibliotheek - Voorlichting over taalontwikkeling en meertalig opvoeden voor ouders. In Waadhoeke zijn we bezig om een Actielijn 4 te maken als vervolg op Actielijn 3 van Kansrijke Start: in het kader van het VVE beleid kan er een aansluitend vervolg komen op Actielijn 3 met peuterleeftijd 2-4 jaar en kleuterleeftijd 4-7 jaar. Met doelstellingen voor het jonge kind, de ouderbetrokkenheid, deelname aan kinderopvang en voorschoolse programma’s, doorgaande lijn voorschool- vroegschool. Samenwerking kinderopvang en onderwijs: Integraal Kindcentrum IKC Met de bovenstaande doelstellingen kan ook gewerkt worden aan de vorming van Integrale Kindcentra met een integraal aanbod van kinderopvang, voorschoolse educatie, basisschool en naschools aanbod voor kinderen van 0-13 jaar. Het vormen van dagarrangementen met inhoudelijke afstemming van het educatief aanbod is hierbij het belangrijkste doel. Op basis van de Handreiking van de PACT Kindcentra (voorlopers IKC’s) gaat het vooral om: 1. Optimale ontwikkeling van kinderen (kinderopvang, VVE, onderwijs, dagarrangementen) 2.
Vergroten kansengelijkheid (past bij VVE, ouderbetrokkenheid 0-7 jaar, bibliotheek, Kansrijke start) 3. Verbinden en inzetten op preventie (aansluiting voorschoolse educatie, kinderopvang, onderwijs, JGZ, zorg en jeugdhulp, gebiedsteams, passend onderwijs etc.) Pilots en activiteiten voor de versterking van de doorgaande lijn peuters en kleuters Vanaf december 2021 zijn er in de gemeente Waadhoeke mogelijkheden voor het aanvragen van subsidie door de kinderopvang in samenwerking met basisscholen voor de aansluiting van voor- en vroegschool, gericht op een integraal beleid, zoals: - mogelijkheden van het combineren van functies en activiteiten van pedagogisch medewerkers, VVE coaches, onderwijsassistenten, IB-taken) - doorgaande lijn voor- en vroegschools aanbod voor de vve-methodiek voor de vier ontwikkelingsgebieden en bijvoorbeeld gezamenlijke scholing kindvolgsystemen en werkwijze voor goede overdracht. 5.3.8 Interne kwaliteitszorg en evaluatie gemeentelijk beleid VVE Effecten van VVE zijn afhankelijk van de kwaliteit van VVE op de voorscholen en vervolgens op de basisscholen. Gemeenten maken met de kinderopvangorganisaties afspraken over de wijze van verantwoording. Dit is nu per 2022 geregeld in de Subsidieregeling.
Verder moeten er met de kinderopvang en basisscholen, mede als uitwerking van de Resultaatafspraken, meer afspraken worden gemaakt over de werkwijze van het verzamelen van informatie en gegevens om duidelijker in beeld te krijgen wat de effecten zijn. Allereerst zijn het de procesafspraken en daarna meer concrete gegevens van de voortgang.
16
6. Schakelklassen en kinderopvang met VVE op het AZC 6.1 NT2 school De Toverbal met schakelonderwijs Vanaf augustus 2006 worden gemeenten in het kader van de destijds gewijzigde wet op het onderwijsachterstandenbeleid (OAB) in de gelegenheid gesteld om schakelklassen in te richten. Schakelklassen zijn klassen voor basisschoolleerlingen met een grote achterstand in de beheersing van de Nederlandse taal, waarbij leerlingen een periode intensief onderwijs krijgen, gericht op het wegwerken van taalachterstanden en doorstromen naar het regulier onderwijs. De schakelklas kan op drie manieren worden vormgegeven: voltijd, deeltijd of in het kader van de verlengde schooldag. In 2008 is De Toverbal gestart met één schakelklas en in de afgelopen jaren is er gewerkt met twee schakelklassen. Het zijn speciale schakelklassen waarin kinderen, die de Nederlandse taal niet of onvoldoende beheersen, ’s ochtends taalles krijgen. Zij volgen ’s middags de lessen met leeftijdsgenoten in de reguliere groepen. Hiermee is er voor de gehele week een aanbod van intensief taalonderwijs. Het aantal leerlingen op de Toverbal schommelt voortdurend. De subsidie is vooral bedoeld voor de extra activiteiten rondom de vele wisselingen van kinderen en extra begeleiding bij de nieuwe instroom en intake van leerlingen en eveneens bij de overdracht en uitstroom.
Het bekostigen en in stand houden van schakelklassen is onderdeel van het landelijk beleid voor onderwijsachterstanden (artikel 158 WPO) en van het gemeentelijk beleid, zoals opgenomen in de Notitie onderwijsachterstandenbeleid 2019-2022 gemeente Waadhoeke. Dit krijgt een vervolg. In de afgelopen drie schooljaren is er een toename van uren en taken. Jaarlijks is de subsidiebijdrage verhoogd gelet op de toename van leerlingen en taken. In 2022 is besproken om de uitgangspunten en ontwikkelingen goed in beeld te brengen. Een evaluatie van het beleid is van belang om de beleidsdoelen voor de nieuwe OAB periode op te stellen. Conclusie is, dat er veel behoefte blijft aan het schakelonderwijs. Mede door de leerlingen uit Oekraïne sinds voorjaar 2021 is er geen sprake van afname van het aantal NT2 leerlingen. We zijn bezig met het opstellen van een Convenant tussen gemeente en de schoolbesturen voor de schakelklassen en NT2 onderwijs. Dit zal eind 2023 worden gerealiseerd. Onderwijs voor leerlingen uit Oekraïne De evaluatie is ook van belang voor de ontwikkelingen van het onderwijs voor de leerlingen uit Oekraïne. Vanaf de zomervakantie 2022 is het nodig dat er een volledig onderwijsprogramma wordt aangeboden. Hiervoor moeten steeds de opties voor opvang op De Toverbal en/of opvang op reguliere basisscholen worden besproken. Het blijft maatwerk.
Aandacht hierbij is de NT2 deskundigheid van leerkrachten. Kleuters nemen zoveel mogelijk deel aan het kleuteronderwijs op de basisscholen. Het aanbod van VVE, voor- en vroegschoolse educatie biedt een passend traject. De doorgaande leerlijnen VVE voor peuters en kleuters met onderlinge afstemming tussen kinderopvang en basisscholen zorgen dan voor een goede start op de basisscholen. Gelet op de situatie zijn er subsidiemogelijkheden op basis van de VVE doelstellingen voor extra ondersteuning in de kinderopvang en kleutergroepen indien er sprake is van grote aantallen anderstalige kinderen. Eveneens voor de versterking van de NT2 deskundigheid in de kinderopvang en de basisscholen. Met de bedoeling dat deze NT2 deskundigheid ook breed in de gemeente kan worden ingezet. 17
Het is van belang om met een werkgroep vanuit de gemeente, basisscholen, NT2 school De Toverbal en de kinderopvang goed met elkaar af te stemmen en gezamenlijk te zorgen voor NT2 trajecten voor de snel wisselende aantallen NT2-leerlingen.
6.2 Kinderopvang Tutti Frutti met voorschoolse educatie op het AZC Voor kinderen van 2- 4 jaar, is er op het AZC de kinderopvang Tutti Frutti met een VVE-programma. Het COA zorgt voor een ruimte voor de opvang en speelmateriaal. Kids First verzorgt al vele jaren de pedagogische ondersteuning op peuteropvang Tutti Frutti en het aanbieden van VVE activiteiten. De asielpeuters op het AZC worden beschouwd als VVE doelgroepkinderen en nemen deel aan het VVE-programma Uk & Puk. Ook de ouders worden gestimuleerd om mee te doen met een VVE-thuis programma. De bibliotheek geeft hierbij ook ondersteuning. Er zijn veel wisselingen in het aantal peuters. De kinderen kunnen meestal maar een korte tijd deelnemen en kunnen dan niet voldoen aan het vereiste, dat een VVE doelgroepkind gedurende 1,5 jaar deelneemt aan 960 uur VVE (wettelijk verplicht aantal uren VVE in de leeftijd van 2,5-4 jaar). Ze kunnen daarom niet meetellen met het totaal aantal VVE peuters, dat het volledige programma VVE heeft gevolgd en kunnen daarmee niet voldoen aan alle voorwaarden voor VVE. Binnen de rijksbijdrage OAB mag het aanbod voor asielpeuters wel worden bekostigd. Kids First ontvangt een jaarlijkse subsidiebijdrage voor de opvang en VVE activiteiten. VVE beleid op een AZC betreft een specifieke situatie. Het betreft een samenwerking met het COA.
De locatie voor peuteropvang/kinderopvang heeft daarmee ook een andere structuur, het valt niet onder de noemer van een kinderdagverblijf, dat geregistreerd is in het LRK. In gemeente Waadhoeke hebben we wel met de GGD afspraken gemaakt voor een jaarlijkse toetsing, waarbij sprake is van maatwerk. Bij peuteropvang Tutti Frutti is er momenteel een aanbod van 6 dagdelen van 3 uur, dat is 18 uur per week. De allerjongste kinderen starten meestal met 2 dagdelen en gaan dan stapsgewijs naar 4 en dan 6 dagdelen. Peuters uit Oekraïne Voor de peuters uit Oekraïne ontvangt de gemeente een ‘specifieke uitkering voorschoolse educatie aan ontheemde peuters’. Dit is voor de periode 1 augustus 2022 tot en met 31 december 2023. Het is een aanvulling op de rijksbijdrage OAB. Peuters uit Oekraïne doen mee met de voorschoolse educatie bij de kinderopvang in de plaats waar ze wonen. Ouders betalen geen ouderbijdrage, net zoals ouders van peuters op het AZC. De peuters doen mee als VVE doelgroeppeuter.
18
7. Subsidiekader en financieel kader Op basis van het gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid is in 2021 de Subsidieregeling Peuteropvang en Voor- en vroegschoolse educatie, gemeente Waadhoeke 2022 opgesteld, die per 1 januari 2022 van kracht is geworden. Deze is in overleg met de werkgroep VVE tot stand gekomen. In de Subsidieregeling is de bestaande wijze van subsidieverlening voor de peuteropvang en VVE opgenomen, waarbij de voorwaarden specifiek zijn omschreven. Tevens is hierin het landelijke- en lokale beleid verder omschreven en is het actueel gemaakt met de recente landelijke wettelijke regelgeving. De Subsidieregeling vormt onderdeel van het beleid. Hieronder uitleg en een toelichting. Het college heeft hiermee de bevoegdheid om subsidie te verlenen aan kinderopvangorganisaties, die bestaat uit drie mogelijkheden/componenten, namelijk: a. voor Peuteropvang betreft het de deelname van peuters van ouders, die niet in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag van het Rijk, voor 8 uur per week; b. voor de doelgroep met VVE-indicatie voor deelname aan een VVE-programma: dit zijn peuters van ouders, die of wel / of niet in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag: totaal 16 uur per week; c. en daarnaast subsidieverlening voor activiteiten voor het behalen van doelstellingen van het VVE beleid.
Hierin zijn de inzet van de pedagogisch beleidsmedewerker en activiteiten voor de kwaliteit van VVE en de VVE coaching opgenomen.
7.1 Subsidie Peuteropvang Het landelijk en gemeentelijk beleid is gericht op de deelname van alle peuters aan voorschoolse educatie voor een goede start op de basisschool. Het streven is 100% bereik van alle peuters. Op 26 april 2016 zijn op basis van het Kabinetsplan “Een betere basis voor peuters” de bestuurlijke afspraken van het Rijk en de VNG over een aanbod voor alle peuters vastgelegd. Dit is als volgt: De gemeenten hebben de verantwoordelijkheid voor het aanbod en bekostiging van de deelname aan voorschoolse educatie van peuters van ouders die niet in aanmerking komen voor de kinderopvangtoeslag (kostwinners en ouders, die een bepaalde uitkering ontvangen). Het Rijk financiert via de kinderopvangtoeslag de opvang van peuters van werkende ouders (als beide ouders werken of alleenstaande werkende ouder en/of voor het volgen van bepaalde studie-/ integratietrajecten of inburgeringscursus). Artikel 5. Aanvraag subsidie voor deelname peuters aan peuteropvang De afspraken van het bestaande beleid zijn geformuleerd in de Subsidieregeling, namelijk: a. de deelname betreft maximaal 8 uren per week gedurende 40 weken per jaar en b. het is voor peuters van ouders, die niet in aanmerking komen voor de kinderopvangtoeslag van het Rijk. c. ouders betalen een inkomensafhankelijke ouderbijdrage conform de fiscale tabel ouderbijdragen van de kinderopvangtoeslag.
De ouders betalen de ouderbijdrage aan de kinderopvangorganisatie. Kwaliteitseisen Peuteropvang Een aanbieder van peuteropvang staat in het Landelijk Register Kinderopvang geregistreerd als een houder van dagopvang, onder de categorie kinderdagverblijf. Peuteropvang valt onder de wettelijke 19
kwaliteitseisen voor dagopvang, die worden getoetst door de GGD op grond van de Wet kinderopvang. Voor Waadhoeke is aan de subsidieverlening voor peuteropvang gekoppeld dat er gewerkt wordt met een erkend VVE-programma. Dit betekent ook de registratie als aanbieder VE in het LRK. Peuters kunnen vanaf 2 jaar deelnemen aan peuteropvang. Hiermee krijgen alle peuters een voorschools aanbod op basis van een VVE-programma.
7.2 Subsidie Voor- en vroegschoolse educatie Het landelijk en gemeentelijk beleid is gericht op de deelname van alle doelgroeppeuters aan voorschoolse educatie voor een goede start op de basisschool. Het streven is 100% bereik. Het is belangrijk dat er wordt gewerkt met een VVE-programma dat als erkend VVE-programma geregistreerd staat bij het Nederlands Jeugdinstituut (NJi). Per 1 augustus 2020 geldt de eis dat het gesubsidieerde aanbod van voorschoolse educatie (VE) bestaat uit 960 uur voor alle peuters van 2,5 tot 4 jaar met een VVE-indicatie. Artikel 6. Aanvraag subsidie voor deelname doelgroeppeuters aan VVE a. de deelname aan VVE betreft 16 uur per week gedurende 1,5 jaar; b. ouders betalen voor de deelname van 8 uur per week een ouderbijdrage. Voor ouders met kinderopvangtoeslag, is er bekostiging via het Rijk voor het aanvullende deel. Voor ouders zonder kinderopvangtoeslag kan voor de deelname van 8 uur subsidie worden aangevraagd, onder aftrek van de ouderbijdragen. c. de kinderopvangorganisaties vragen voor de extra 8 uur per doelgroeppeuter subsidie aan. De houders van kinderopvang vragen maandelijks, achteraf, de subsidie aan voor de deelname aan peuteropvang en de deelname aan VVE. Hiermee is er een werkwijze waarbij niet vooraf een inschatting wordt gemaakt met het risico dat er grote bedragen terugbetaald moeten worden.
De gemeente Waadhoeke hanteert “het geld-volgt-kind-systeem” voor de voorschoolse educatie.
7.3 Financieel Kader
In de artikelen 158, 159 en 160 WPO (voorheen 165, 166 en 167 WPO) staan de doelstellingen voor het onderwijsachterstandenbeleid. Op basis hiervan zijn er diverse besluiten voor de kwaliteit en bekostiging vastgesteld. Specifieke uitkeringen zijn middelen uit ’s Rijks kas die onder voorwaarden worden verstrekt en worden verantwoord via de SiSa systematiek (Single information Single audit). Bij het tijdvak OAB 2019-2022 was opgenomen dat bij opgebouwde reserves een bedrag ter hoogte van de helft van de rijksbijdrage in 2022 niet teruggevorderd wordt en in het tijdvak 2023-2026 kan worden besteed binnen de wettelijke doelstellingen. De rijksbijdrage voor Waadhoeke voor 2022 was € 964.403, de helft hiervan is als budget beschikbaar voor 2023-2026. Vanaf 2020 zijn de bedragen extra verhoogd. In het jaar 2019 betrof de rijksbijdrage nog € 688.000. De rijksbijdrage voor 2023 is € 1.076.792 (definitieve toekenningsbeschikking 6 oktober 2023). In deze beschikking staat ook, dat een opgebouwde reserve in de periode 2023-2026 kan worden meegenomen en besteed in het volgende tijdvak van vier kalenderjaren.
20