CConstaterende datwaadhoeke
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 Tractieplan 2023-2026

Gemeenteraad Waadhoeke 30 maart 2023, gemeente waadhoekeBij agendapunt: Tractieplan 2023-20263.686 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beheerplan Tractieplan gemeente Waadhoeke 2023-2026 Maart 2023

1

Inhoudsopgave 1. Inleiding

3

1.1 Algemeen

3

1.2 Doel van het plan

3

1.3 Status en relatie met beheerplannen openbare ruimte

3

1.4 Leeswijzer

3

2. Bestuurlijke samenvatting

4

3. Inventarisatie materieel

5

3.1 Algemeen

5

3.2 Voertuigen en werkmaterieel

5

3.3 Gereedschappen

5

4. Gehanteerde uitgangspunten

6

4.1 Algemeen

6

4.2 Wettelijk kader

6

4.3 Afschrijvingstermijnen

6

4.4 Duurzaamheid

6

4.5 Dekking kapitaallasten

9

4.6 Uitbreiding, inkrimping en vervanging

9

5. Exploitatielasten tractiemiddelen

11

5.1 Algemeen

11

5.2 Onderhoudskosten

11

5.3 Brandstoffen

11

5.4 Verzekeringen

12

5.5 Belastingen

13

5.6 Huisvesting

14

6. Financieel

15

6.1 Algemeen

15

6.2 Resumerend voor de planperiode 2023-2026

15

7. Bijlagen

17

7.1 Bijlage 1: Overzicht van voertuigen en werkmaterieel

17

7.2 Bijlage 2: Overzicht gereedschappen

18

7.3 Bijlage 3: Lijst van gebruikte afkortingen

19

1.Inleiding 1.1 Algemeen De gemeente Waadhoeke beschikt over tractiemiddelen (voertuigen, werkmaterieel en gereedschappen) die ingezet worden bij onder meer het beheer en onderhoud van de openbare ruimte. Met dit beheerplan wordt een inzichtelijk beeld gegeven van relevante aandachtspunten: inventarisatie materieel, inzet aanwezig materieel, vervanging, exploitatie en onderhoud, uitbreiding of inkrimping e.d.). Dit is het eerste beheerplan tractie en gereedschappen van de gemeente Waadhoeke. Op basis van gebruiksduur is van alle tractiemiddelen het jaar van vervanging bepaald en zijn de benodigde investeringen aangegeven. Om ook in de toekomst vervangingen mogelijk te maken, is het noodzakelijk een actueel inzicht te hebben welke investeringen jaarlijks moeten worden gedaan om het wagen- en machinepark op een adequaat peil te houden. Daar is die eerste beheerplan een goede aanzet voor.

1.2 Doel van het plan Naast een leidraad voor het dagelijks beheer wordt met het geactualiseerde Beheerplan tractiemiddelen (kort weergegeven als tractiebeheersplan (TBP)) een inzichtelijk beeld gegeven in onderwerpen als de aanschaf, het beheer, onderhoud, vervanging en exploitatie van het gemeentelijk materieel, welke is aangepast aan de huidige inzichten en geldende regelgeving.

1.3 Status en relatie met beheerplannen openbare ruimte Sinds de gemeente Waadhoeke is gefuseerd in 2018, is op basis van de eigen taken het areaal aan voertuigen en gereedschappen bepaald. In dit TBP leest u hoe we ervoor staan medio 2022. Daarnaast heeft het TBP indirect een relatie met andere beheerplannen Openbare Ruimte. In deze beheerplannen staan de beheerkeuzes verwoord en de financiële gevolgen van deze keuzes. Zonder middelen in de vorm van mensen, voertuigen en gereedschappen is het beheren en onderhouden van de openbare ruimte niet mogelijk. De tractie en gereedschappen die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van deze beheerplannen in eigen beheer worden in dit plan beschreven.

1.4 Leeswijzer Als eerste wordt in hoofdstuk 1 het beoogde doel van het TBP genoemd en in hoofdstuk 2 staat de bestuurlijke samenvatting. Daarna geeft hoofdstuk 3 een inventarisatie van alle beschikbare tractiemiddelen weer, inclusief relevante informatie zoals type, gebruiker e.d. Vervolgens staat in hoofdstuk 4 een beschrijving van de uitgangspunten waarbinnen het TBP opereert. Hierin staan onder andere de spelregels voor aanschaf en onderhoud. Vervolgens staan in hoofdstuk 5 de exploitatielasten van de huidige voertuigen en werkmaterieel. Daaropvolgend geeft hoofdstuk 6 een totaalbeeld van de huidige lasten van alle tractiemiddelen en de wijze van kostenverdeling. Tot slot zijn een drietal bijlagen aan de notitie toegevoegd.

3

2. Bestuurlijke samenvatting Aangezien er geen eerder beheerplan in Waadhoeke is, is er geen evaluatie van vorige plannen opgenomen.

Nieuw beheerplan Het nieuwe beheerplan tractie en gereedschappen 2023-2026 werkt als leidraad voor een effectieve en efficiënte inzet van de beschikbare tractiemiddelen van de gemeente (opgesplitst in tractie auto`s, tractie tractoren en zelfrijdende maaiers en tractiemiddelen en gereedschappen). Dit is het eerste beheerplan tractie en gereedschappen van de gemeente Waadhoeke.

Verzekeringen Omdat het verschil dusdanig klein is geworden, verdient het de aanbeveling bij aanschaf van een nieuw voertuig deze de eerste 3 jaar WA+Casco te verzekeren. Dan zijn immers de vervangingskosten bij eventuele schade het grootst.

Kleur Voor de nieuwe aanschaf van de tractie wordt de kleur wit gekozen. Een heldere kleur die past binnen de kleurstelling van Waadhoeke en als voordeel heeft dat de restwaarde van de tractie hoger is.

4

3. Inventarisatie materieel 3.1 Algemeen De voertuigen, het werkmaterieel en de gereedschappen voor het uitvoeren van het beheer en onderhoud van de openbare ruimte en ander gemeentelijke taken, zijn niet in een beheerpakket opgenomen. Gezien de omvang van de tractie en gereedschappen heeft dit geen meerwaarde en kan gewerkt worden met de Excel sheet als weergegeven in bijlage 1.

3.2 Voertuigen en werkmaterieel In bijlage 1 ziet u een overzicht van de voertuigen en werkmaterieel. In het overzicht is de link gelegd met de verscheidene beheerplannen door aan te geven voor welke productgroep(en) het voertuig/materieel wordt ingezet.

3.3 Gereedschappen De buitendienst heeft de beschikking over gereedschappen en klein werkmaterieel.

5

4. Gehanteerde uitgangspunten 4.1 Algemeen In dit hoofdstuk wordt nader ingegaan op de belangrijkste uitgangspunten.

4.2 Wettelijk kader De financiële kaders waarmee rekening gehouden wordt zijn het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) en de nota Waardering, activering en afschrijving Waadhoeke 2022.

4.3 Afschrijvingstermijnen In het BBV en de Nota Waardering, activering en afschrijving Waadhoeke (2022) is vastgelegd hoe om te gaan met de financiële verwerking van de (investerings)uitgaven voor voertuigen, werkmaterieel en gereedschappen. Op investeringen kleiner dan € 50.000 wordt niet afgeschreven. Dit geldt voor zowel voertuigen, materieel als gereedschappen. Deze (vervangings)investeringen moeten gedekt worden uit de jaarlijks in de begroting opgenomen budgetten. Voor vervanging en onderhoud van de “kleine” gereedschappen is het jaarlijks beschikbare bedrag van bijna € 170.000 (i.c.€ 169.152) in het verleden voldoende gebleken. De kleine of handgereedschappen zijn niet in bijlage 2 opgenomen. Voor voertuigen (met uitzondering van kolkenzuiger) wordt een afschrijvingstermijn van 7 jaar gehanteerd (op grond van de nota Waardering, activering en afschrijving Waadhoeke 2022. In de praktijk blijkt dat diverse voertuigen en overig werkmaterieel langer meegaan dan de maximale afschrijvingstermijn van 10 jaar. De voertuigen en het werkmaterieel zijn door de jaren heen technisch verbeterd en steeds beter afgestemd op de werkzaamheden waarvoor ze worden ingezet.

Hierdoor is het mogelijk en wenselijk in de afschrijvingstabel, behorende bij de nota Waardering, activering en afschrijving Waadhoeke 2022, een extra afschrijvingstermijn op te nemen van 9 jaar voor de lichte tractievoertuigen en overige werkmaterieel. Door per soort tractiemiddel op basis van de economische levensduur de afschrijvingstermijnen meer marktconform te hanteren, wordt een reëler beeld gegeven van de gebruiksduur en de daaraan gekoppelde vervanging met bijbehorende kapitaallasten. Daarom wordt er aanbevolen om de afschrijvingstabel op te nemen bij de eerst volgende aanpassing van de nota Waardering, activering en afschrijving Waadhoeke 2022.

4.4 Duurzaamheid In het beleid van de gemeente Waadhoeke staat duurzaamheid hoog in het vaandel. Bij de aanschaf van tractie en gereedschappen wordt hier zo veel mogelijk rekening mee gehouden. Daar waar mogelijk, vanuit technisch en het oogpunt van gebruik, wordt er over gegaan op duurzame tractie en gereedschappen. Zo is in de eerste jaren van Waadhoeke al over gegaan op veel elektrisch handgereedschap en de aanschaf van enkele elektrische auto’s. In bijlage 1 treft u een raming aan van de verschillen in kosten. Wel wordt er op gewezen dat de prijzen op dit moment erg fluctueren en de levertijden lang zijn. Daarnaast vind u in het hoofdstuk huisvesting een post voor het aanpassen van de gemeentelijke buitendienstgebouwen voor de

6

elektrische voorzieningen. Deze schieten nu tekort voor het gebruik van al dit materieel. Investeringen die nodig zijn in en om de gebouwen ten behoeve van stallen, laden en eventueel tanken van voertuigen en acculaden van elektrische gereedschappen. Aan de andere kant moeten we ook realistisch zijn en kijken hoe snel de markt (moet) aanpassen en op basis van welke uitgangspunten:

7

8

Dit beheerplan gaat uit van het principe daar waar mogelijk vanuit de vraag wordt een oplossing bekeken, waarbij de dan aanwezige meest duurzame en werkbare oplossing gekozen zal worden. Voor de financiële onderbouwing wordt uitgegaan van de huidige, bekende vervangingswaarde. Hierbij wordt vanaf 2025 financieel uitgegaan van elektrificatie van het wagenpark. Reden hiervoor is dat het niet reel is om met het oog op leveringen en het realiseren van afdoende laadmogelijkheden voor deze tijd over te stappen. Uiteraard zal de markt zich verdere ontwikkelen en zullen niet alleen de financiële waarden maar ook het type tractie en gereedschap zich ontwikkelen.

4.5 Dekking kapitaallasten De kapitaallasten van de bestaande, nog niet afgeschreven tractiemiddelen worden zijn opgenomen in de begroting. Voor nieuwe kapitaallasten van vervanging- of nieuwe investeringen in tractiemiddelen is er een jaarlijkse stelpost van € 80.000 beschikbaar. Deze is voldoende om ook de komende jaren bij ongewijzigd beleid de kapitaallasten te dekken.

4.6 Uitbreiding, inkrimping en vervanging Vertrekpunt in dit tractieplan is het huidige voertuigen- en machinepark. Jaarlijks wordt beoordeeld of de geplande vervangingen voor het geldende jaar werkelijk plaats moeten vinden op basis van de geldende economische en/of technische levensduur. Tevens is er een koppeling met de dan bekende marktomstandigheden of geplande beleidsveranderingen. Met andere

9

woorden, vervanging door het enkel aflopen van de economische en/of technische levensduur is geen automatisme. Is er sprake van een uitbreiding dan wordt door middel van een voorstel aan het college van B&W (en eventueel) raad een krediet aangevraagd voor aanschaf en exploitatie. De afdeling Beheer Openbare Ruimte speelt hierin een adviserende en faciliterende rol en verzorgt de aankoop of verkoop van het voertuig of materieel. Ook zorgt deze laatste afdeling voor de raming van de exploitatiekosten.

Minimale ondergrens activeren In lijn met de door de raad vastgestelde nota Waardering, activering en afschrijving Waadhoeke 2022, wordt er niet afgeschreven op tractiemiddelen en overig werkmaterieel met een aanschafwaarde van minder dan € 50.000. Dergelijke investeringen worden in het jaar van aanschaf ten laste van de betreffende exploitatiebudgetten in de begroting gebracht.

Inruilwaarde Indien een bestaand tractiemiddel verkocht dan wel ingeruild kan worden, wordt deze opbrengst na aftrek van een nog aanwezige boekwaarde als incidentele bate geboekt. De inruilwaarde wordt dus niet in mindering gebracht op de aanschafprijs van de nieuwe tractie. Dit is voorgeschreven in het BBV.

10

5 Exploitatielasten tractiemiddelen 5.1 Algemeen Naast de kapitaallasten zijn er per tractiemiddel de nodige exploitatiebudgetten geraamd voor onderhoud, brandstoffen, verzekeringen, belastingen en huisvesting. Tot nog toe werden de exploitatiekosten op algemene onderhoudsbudgetten geboekt. Destijds was het lastig dit per voertuig te budgetteren. De door de jaren heen opgebouwde kennis en ervaring heeft er voor gezorgd dat we dit nu wel kunnen. Nu ramen we per voertuig de exploitatiekosten.

5.2 Onderhoudskosten Voor voertuigen, werkmaterieel en gereedschappen is onderhoud essentieel om efficiënt en effectief gebruik te garanderen. Per voertuig zijn jaarlijks geraamde onderhoudsmiddelen beschikbaar, een goed geoutilleerde garage en twee fte monteur binnen de buitendienst. De monteurs hebben in de werkplaats annex garage de mogelijkheid om dagelijks onderhoud uit te voeren aan de voertuigen en gereedschappen; ook reparaties en vervanging van onderdelen vindt hier plaats. Uitgangspunt is dat al het onderhoud, waar dit rendabel is, in eigen beheer wordt uitgevoerd. Werkzaamheden als de wettelijke keuring van voertuigen, hijskranen en klimmaterialen worden uitbesteed. Daarnaast voorziet de monteur de bedrijfsleider van advies over de staat van onderhoud en of een voertuig eventueel vroegtijdig moet worden vervangen of langer mee kan dan de geplande afschrijftermijn. Nadere analyse van een aantal onderhoudsbudgetten laat een wisselend beeld zien in de oorzaak van de overschrijdingen, zoals schadereparaties, duurder groot onderhoud, en niet geplande revisie(s). Tevens wordt geconstateerd dat veel begrotingsramingen al jaren niet zijn aangepast en daardoor geen goed beeld geven van de werkelijke jaarlijkse onderhoudskosten per tractiemiddel.

5.3 Brandstoffen De wereldmarktprijs voor ruwe olie fluctueert de laatste jaren sterk. Vraag en aanbod hangen nauw samen met de ontwikkeling van de wereldeconomie. De gemiddelde prijs aan de pomp per brandstofsoort (benzine, diesel, LPG) wordt hierdoor sterk beïnvloed en kent daardoor in de tijd een grillig verloop. In 2022 is er sprake van stijgende brandstofprijzen door de toename van de olieprijs per vat. Uiteraard afhankelijk van het aantal gereden kilometers kan de combinatie van ‘prijs x kilometer’ zorgen voor de jaarlijkse over- of onderschrijding op de begroting. De brandstofkosten van al het rijdend materieel over de periode 2018-2022 bedroegen gemiddeld € 133.000 per jaar, tegenover een gemiddelde begrotingsraming van ca. € 151.000. De brandstofprijzen hebben de laatste jaren sterk gefluctueerd, waardoor het voorkomen van over- en onderschrijdingen van het brandstofbudget lastig is. Om dit beter onder de knie te krijgen, zullen we in 2023 de brandstoffen gaan aanbesteden en blijven we kijken naar de volgende punten: ▪ Door aanschaf van een eigen tanksysteem hebben we de personele inzet, voor de controle en bewaking van het brandstofverbruik en kilometerstand, weten te reduceren. ▪ Bij vervanging van voertuigen is het brandstofverbruik (ook met het oog op

11

duurzaamheid) mede een belangrijke maatstaf voor de aanschaf. In het verleden werden de overschrijdingen op de brandstoffen gecompenseerd door ‘zuinige’ vervanging van tractie; al was het voertuig afgeschreven, dan werd deze niet altijd vervangen maar werd er langer doorgereden. Helaas heeft dit veelal wel duurder onderhoud tot gevolg.

Duurzame, maatschappelijke ontwikkelingen Bij aanschaf en vervanging is de prijs/kwaliteit verhouding veelal de doorslaggevende factor voor aankoop. Daarnaast speelt milieubewustwording en CO2-uitstoot een extra afweging bij vervanging en aanschaf van voertuigen. Hierin worden bij vervanging mogelijke duurzame alternatieven in kaart gebracht. We gaan in principe voor de schoonste brandstofvariant maar houden in ogenschouw waar het voertuig voor wordt ingezet. Veel voertuigen zijn kiepend of hebben voorzieningen waarbij rijden op de “schoonste” brandstof niet mogelijk is of economische en technische verantwoord. De huidige gemeentewerven liggen in Franeker, Menaam en Sint Jacobiparochie. In 2023 zal gekeken worden of dit de meest efficiënte huisvesting en locatie is.

5.4 Verzekeringen Om überhaupt op de weg te mogen rijden, is een WA-verzekering het minimale en wettelijk verplicht. Een aantal voertuigen is echter WA+casco verzekerd omdat deze voertuigen ruimer geoutilleerd zijn en dus kostbaarder. Verder staan veel van de voertuigen op de werf in een stalling. Deze voertuigen zijn extra verzekerd tegen brand; de brandverzekering afgesloten voor het gebouw dekt dit namelijk niet.

Bedrijfswagenparkverzekering Het verzekeren van de voertuigen is wettelijk verplicht voor wat betreft de wettelijke aansprakelijkheid ten opzichte van derden. Zo moet al het materieel dat gebruik maakt van de openbare weg minimaal WA verzekerd zijn. Het wagenpark dat bij de gemeente in eigendom en gebruik is, is divers van samenstelling en grootte. Er bestaat een mix van kolkenzuiger tot tractor, van veegauto tot elektrische voertuigen, van vrachtauto tot personenauto, van zoutstrooiers tot veegmachines, enzovoort. De basis wordt gevormd door een uitgebreide wagenparkverzekering, met een verplichte WA-dekking. Aanhangers zijn meeverzekerd op de autoverzekering van het trekkend voertuig. Er is dus geen aparte WA-verzekering voor aanhangers nodig.

Werkmaterieelverzekering Met de werkmaterieelverzekering zijn alle voertuigen zonder kenteken en overig materieel WA verzekerd. Schade aan het materieel zelf is daarmee echter niet gedekt. De ervaring van de afgelopen jaren leert echter, dat schadeclaims aan het materieel (nagenoeg) niet aan de orde zijn.

Werkgeveraansprakelijkheidsverzekering Bestuurders Motorrijtuigen (WABM) Aanvullend heeft de gemeente met de WABM een verzekering afgesloten, die de schade regelt als de gemeente aansprakelijk wordt gesteld voor schade (materiële en immateriële) die het gevolg is van een verkeersongeluk, dat één van de werknemers tijdens werktijd is overkomen. Indien de werknemer onder werktijd een verkeersongeluk krijgt, kan de gemeente als werkgever daarvoor aansprakelijk worden gesteld. Dit geldt ook voor situaties als de werknemer lopend, fietsend, of met een privévoertuig deelneemt aan het verkeer, in plaats van een gemeentelijk voertuig. De WABM-verzekering dekt dus schade van de werknemers als verkeersdeelnemer in situaties waarin de werkgever aansprakelijk is. Door uitspraken van de Hoge Raad is deze werkgeversaansprakelijkheid aanzienlijk uitgebreid. De uitspraken laten zien, dat de gemeente als werkgever in de zorgplicht voor de medewerkers verantwoordelijk gehouden kan worden voor niet alleen situaties die betrekking hebben op een veilige werkplek (direct beïnvloedbaar), maar ook voor zaken waarop de werkgever geen feitelijke

12

invloed heeft. De verzekering vergoedt zowel de materiële schade (schade aan het vervoermiddel van de werknemer) als de immateriële schade (compensatie van kosten voor huishoudelijke hulp, smartengeld of misgelopen inkomen). Over de periode 2018-2022 bedroegen de verzekeringskosten van al het rijdende en niet rijdende materieel gemiddeld € 47.500 per jaar, tegenover een gemiddelde raming van ca. € 45.000.

5.5 Belastingen Een aantal belastingsoorten spelen een rol bij de aanschaf en het gebruik van tractiemiddelen. Naast de motorrijtuigenbelasting (MRB) voor alle gekentekende voertuigen gaat het om de BTW en BPM. De hoogte van de MRB beïnvloedt de jaarlijkse exploitatielasten. De BPM en BTW hebben alleen effect op de uiteindelijke hoogte van de aanschafwaarde, waarover vervolgens lineair wordt afgeschreven.

Belasting Toegevoegde Waarde (BTW) Over de aanschaf van tractiemiddelen wordt standaard BTW geheven. Afhankelijk van soort en gebruik van het tractiemiddel is de BTW compensabel dan wel verrekenbaar met de Belastingdienst. De BTW wordt dan terugontvangen van de fiscus. In de regel is de BTW voor het merendeel compenseerbaar dan wel verrekenbaar. Slechts in enkele, meer specifieke situaties, is de BTW voor de gemeente een kostenpost; dus niet compensabel en niet verrekenbaar (bijvoorbeeld ten aanzien van de onderwerpen begraafplaatsen en sport). Bij iedere aanschaf / vervanging wordt per situatie beoordeeld welk BTW regiem van toepassing is. Leidend daarin is dus voor welk doel het tractiemiddel dient c.q. wordt gebruikt.

Belasting op Personenauto’s en Motorrijwielen (BPM) Onze voertuigen betalen op een aantal uitzonderingen na Motorrijtuigenbelasting (MRB) en Belasting Personenauto en Motorrijwielen (BPM). Nu vindt teruggaaf van de BPM alleen plaats onder bepaalde voorwaarden. Als gemeente voldoen we niet aan deze voorwaarden.

Motorrijtuigenbelasting (MRB) Hoeveel motorrijtuigen- of wegenbelasting er wordt betaald, hangt niet alleen af van het aantal voertuigen met kenteken dat van de openbare weg gebruik maakt, maar ook van het soort voertuig (type bestelauto, vrachtauto, e.d.). Verder zijn nog een aantal factoren van belang zoals het eigen gewicht, gebruikte brandstof, mate van milieuvervuiling (CO2 uitstoot), aantal assen en soort vering, aandrijving door een elektromotor, en de aanwezigheid van een koppelinrichting. Over de periode 2018-2022 bedroegen de kosten voor de motorrijtuigenbelasting van het gekentekende deel van de tractiemiddelen gemiddeld ca. € 147.000 per jaar, tegenover een gemiddelde begrotingsraming van ca. € 145.000.

13

5.6 Huisvesting Het gehele areaal wordt op drie locaties gestald. De meeste tractie staat op de huidige locatie, de gemeentewerf te Franeker. Wel moeten er aanpassingen aan de werven komen. Reden hiervoor is dat met name het elektrische systeem op alle drie de werven verouderd is om nu en in de toekomst in met name de stroomvoorziening te kunnen voldoen. Het laden van de huidige tractie en gereedschappen is al discutabel en kan leiden tot ongewenste situaties, zoals het niet kunnen laden van tractie of gereedschappen of zelfs brandgevaar. De kosten voor extra aansluitingen in de buitendienstlocaties worden geraamd op €100.000 (excl. Btw). Dit zal worden meegenomen in het beheerplan gebouwen.

Verplaatsing gemeentewerf De huidige gemeentewerven liggen in Franeker, Menaam en Sint Jacobiparochie (gehuurd). De huisvesting in Sint Jacobiparochie is gehuurd en de verhuurder heeft aangegeven graag zelf van de locatie gebruik te gaan maken. De locatie in Menaam is zwaar verouderd en voldoet (bijna) niet meer aan de eisen (o.a. gebruik en duurzaamheid). Hetzelfde geldt voor de locatie in Franeker, die ook nog decentraal gelegen is in de gemeente. In 2023 zal er gekeken worden naar de mogelijkheden van aanpassen van de huidige locaties en nieuwbouw. Uiteraard zal hier met investeringen in het gebouw rekening mee worden gehouden.

14

6. Financieel 6.1 Algemeen In onderstaande tabel is een raming gegeven van uitgaven voor tractiemiddelen en gereedschappen in 2023 en volgende jaren.

2023 2024 2025 2026 Investeringsuitgaven € 50.000 of hoger voor vervanging Tractie 320.000 159.999 1.080.000 910.000 Gereedschappen 60.000 80.000 152.000 Subtotaal 380.000 239.999 1.080.000 1.062.000 Investeringsuitgaven kleiner dan € 50.000 Tractie 398.002 163.334 45.000 Gereedschappen 48.300 36.500 42.250 Subtotaal 398.002 211.634 36.500 87.250 Jaarlijkse uitgaven Handgereedschap 170.000 170.000 170.000 170.000 Brandstoffen 135.000 135.000 135.000 135.000 Verzekeringen 50.000 50.000 50.000 50.000 Belastingen 147.000 147.000 147.000 147.000

2027

2028

2029

65.000 112.000 177.000

202.000 202.000

408.600 408.600

45.000 45.000

45.000 81.100 126.100

170.000 135.000 50.000 147.000

170.000 135.000 50.000 147.000

170.000 135.000 50.000 147.000

Zoals onder hoofdstuk 4.3 aangegeven worden de investeringsuitgaven geactiveerd als de aanschafwaarde € 50.000 of hoger is. Dit leidt tot het volgende plaatje.

De jaarlijkse ruimte uit de stelpost voor kapitaallasten kan worden gebruikt om de eenmalige kosten vervangingsinvesteringen zoveel mogelijk te dekken.

6.2 Resumerend voor de planperiode 2023-2026 -

Voor de jaarlijkse uitgaven is vooralsnog voldoende budget beschikbaar. Voor de nieuwe kapitaallasten vervangingsinvesteringen groter dan € 50.000 is met de jaarlijkse stelpost van € 80.000 voldoende budget beschikbaar. De kosten voor de vervangingsinvesteringen kleiner dan € 50.000 bedragen in de planperiode € 733.386.(= €398002+€211634+€36500+€87250) 15

-

Voor de dekking van de kosten voor de vervangingsinvesteringen kleiner dan € 50.000 is € 579.515 beschikbaar zodat er een tekort van € 153.871 resteert.

Voorgesteld wordt het budget voor de vervangingsinvesteringen kleiner dan € 50.000 structureel te verhogen met (afgerond) € 153.871/4= € 40.000 ten laste van onvoorzien structureel.

Nota Bene De (eenmalige) investeringsuitgave voor laadvoorzieningen t.b.v. tractie €100.000 (excl btw) zal worden opgenomen in het beheerplan gebouwen.

16

7. Bijlagen 7.1 Bijlage 1 Overzicht van voertuigen en werkmaterieel

17

7.2 Bijlage 2 Overzicht gereedschappen

18

7.3 Bijlage 3 Lijst van gebruikte afkortingen

BBV BPM BTW

Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten Belasting op Personenauto’s en Motorrijwielen Belasting Toegevoegde Waarde

CO2 IBOR

Carbon dioxide (kooldioxide, uitstootnorm fossiele brandstoffen) Integraal Beheerplan Openbare Ruimte

LPG

Liquefied petroleum gas (autobrandstof)

MRB

Motorrijtuigenbelasting

TBP

Tractie beheerplan

WA

Wettelijke aansprakelijkheid

WABM

Werkgeversaansprakelijkheidsverzekering Bestuurders Motorrijtuigen

19

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=waadhoeke&id=82cdea22-8661-4d76-a2c1-84a7178c1b08