Bijlage 1: Analyserapport Definitiefase Klimaatlandschap
Tekst van het document
7.3.1 SWEC SWEC (Samenwerkende Waadhoekse Energie Coöperatie) is een gebiedscoöperatie die onlangs opgericht is door samenwerking van zeven energiecoöperaties: De Bildtse Energiecoöperatie, Dronryp Energiecoöperatie, Fryske Flinter (Energiecoöperatie Oosterbierum), Energiecoöperatie SpannumEdens, Boksum Energiek, Enerzjy Koöperaasje Duorsum Berltsum-Wier en MEK (Marsumer Enerzjy Kooperaasje). SWEC is tot stand gekomen als samenwerking tussen zeven verschillende energiecoöperaties, omdat zij kansen ziet om binnen en buiten het Klimaatlandschap grootschalige duurzame energieprojecten te realiseren waarbij de omgeving gemeentebreed meeprofiteert. Tijdens de algemene ledenvergadering op 8 mei 2025 hebben de leden ingestemd met de vervolgactiviteiten voor de verdere ontwikkeling van de SWEC. SWEC beschouwt het Klimaatlandschap als één project met meerdere deelprojecten, waarbij zowel bestaande als nieuwe aansluitingen worden meegenomen. Daarnaast kijkt SWEC breder dan alleen het Klimaatlandschap, aangezien de coöperatie niet uitsluitend voor dit project is opgericht. Het doel is om elk deelproject voor minimaal 50-60% in lokaal eigendom te houden. SWEC wil graag alle projecten mede-ontwikkelen en inwoners de kans geven om deel te nemen, door mee te financieren of door de mogelijke afname van stroom.
Ook hecht SWEC waarde aan een natuur-inclusieve inrichting van het opwekgebied en samenwerking met de gemeente Waadhoeke. SWEC geeft aan vergevorderde plannen te hebben om, samen met eigenaar en ontwikkelaar European Energy (EE), het bestaande windmolenpark De Bjirmen (12 windmolens met een tiphoogte van 45 meter) te herontwikkelen. De gemeente heeft op 24 maart ook met European Energy gesproken om te kijken welke toekomstige plannen ze hebben met windpark de Bjirmen. EE gaf toen inderdaad aan samen met SWEC in goed gesprek te zijn over een herontwikkeling van het park. Omdat de grootverbruikersaansluiting van dit windpark nog overcapaciteit heeft, wil SWEC onderzoeken of het gebied ook geschikt is voor aanvullende ontwikkelingen, zoals zonnestroom en batterijopslag.
Pagina 29
Analyserapport Definitiefase Klimaatlandschap gemeente Waadhoeke
De gemeente en SWEC hebben hun intentie over een samenwerking uitgesproken. Er is een intentieovereenkomst13 opgesteld met kaders voor een samenwerking tussen SWEC en de gemeente Waadhoeke. Belangrijke kaders zijn het realiseren van ten minste 60% lokaal eigendom en het streven naar 50% natuurinclusieve ontwikkeling. De overeenkomst wordt door SWEC in week 24 ondertekend. Bij instemming van de raad op 3 juli zal het college de intentieovereenkomst vervolgens voorgelegd krijgen voor ondertekening. De overeenkomst spreekt de intentie uit om in de volgende fase tot een samenwerkingsovereenkomst te komen. 7.3.2 TOER Tzummer Organisatie voor Energie in de Regio (TOER) is een energiecoöperatie die de dorpsmolen in Tzum beheert. De coöperatie telt 530 leden en zet zich in voor de energietransitie. Daarnaast wil TOER fungeren als kenniscentrum voor inwoners op het gebied van duurzame energie en energiebesparing. Op 13 maart 2025 heeft er een overleg plaatsgevonden met TOER, waarin is gevraagd op welke wijze de coöperatie wil en kan participeren in het Klimaatlandschap. TOER heeft hierover nog geen definitief standpunt ingenomen. TOER staat achter het idee van een Klimaatlandschap in Waadhoeke. Zij gaven aan dat zij het niet zinvol vinden individueel deel te nemen aan het Klimaatlandschap. Het heeft vooral zin samen te werken vanuit FREON en met andere energiecoöperaties.
Als losstaande energiecoöperatie heeft TOER onvoldoende ontwikkelkracht. Ze maken zich zorgen over dorpsmolens in Friesland en voeren hierover ook gesprekken met de provincie Fryslân. In de traditionele opzet zijn dorpsmolens financieel niet haalbaar. Bij een afschrijvingstermijn van 15 jaar draait een energiecoöperatie net positief, mits de wind stevig doorwaait. Bij een jaar met minder wind kunnen de cijfers zelfs negatief uitvallen. Wat betreft de haalbaarheid is de financiële haalbaarheid leidend. Een extra aandachtspunt betreft professionalisering. Energiecoöperaties worden nu gerund door vrijwilligers. Voor de ontwikkeling van een klimaatlandschap is het nodig het lokale kennisnetwerk te versterken en te verjongen. Het gaat om heel veel geld. TOER is ervan overtuigd dat het Klimaatlandschap op coöperatieve wijze ontwikkeld moet worden. Een grote marktpartij moet niet de opdracht krijgen een groot park te ontwikkelen want dan zullen de lasten lokaal worden gedragen en de lusten over de provinciegrens verdwijnen. TOER wil graag participeren in het Klimaatlandschap, maar moet dat nog wel formeel bespreken binnen het bestuur. TOER geeft aan dat die koppeling met het Klimaatlandschap zou moeten verlopen via het samenwerkingsconsortium FREON waaraan zij deelnemen. Met hen onderzoeken ze de mogelijkheid van Energiehubs.
Met FREON is ook gesproken, wat is te lezen in paragraaf 7.4.1. TOER voert daarnaast momenteel ook overleg met SWEC om te verkennen of en op welke wijze zij mogelijk kunnen aansluiten bij SWEC.
13
Bijlage 7 Concept intentieovereenkomst SWEC – Gemeente Waadhoeke.
Pagina 30
Analyserapport Definitiefase Klimaatlandschap gemeente Waadhoeke
7.4 Grootverbruikers Bedrijven in gemeente Waadhoeke hebben uitdagingen. Ze ervaren problemen om hun verduurzamingsdoelen te bereiken. Netcongestie en lange wachttijden op netaansluitingen zorgen ervoor dat de bedrijven hun voornemens en plannen om te verduurzamen (nog) niet kunnen uitvoeren. Het Klimaatlandschap is een stap, waar grootverbruikers profijt van kunnen hebben. Naast gesprekken met vertegenwoordigers van bedrijven (FREON en Westergo) is ervoor gekozen om niet individueel met bedrijven te spreken. Bedrijven worden namelijk al vanuit verschillende hoeken benaderd, zoals via het actieplan netcongestie Liander en Goud van Noordwest. De gemeente wil met een eenduidig verhaal richting de bedrijven communiceren. Op dit moment kan dit nog niet concreet genoeg plaatsvinden. Wel is er een brief gestuurd naar alle grootverbruikers binnen de gemeenten Waadhoeke en Harlingen, waarin we hen informeren over de huidige fase en hen vertellen hoe de bedrijven mee worden genomen binnen het proces. 7.4.1 FREON Op 23 april heeft een overleg plaatsgevonden met Coöperatie Ús FREON (Fries Energie Ontwikkel Netwerk). FREON is in 2022 opgericht om Friese bedrijven, instellingen en burgers samen te brengen en gezamenlijk de uitdagingen van de energietransitie aan te gaan. Ze hebben ongeveer 80 leden, bestaande uit zowel organisaties als individuen.
Windunie neemt als initiatiefnemer en ontwikkelaar deel aan FREON. FREON geeft aan geen winstoogmerk te hebben en het geld niet te laten wegvloeien, maar te investeren in de inwoners en nieuwe projecten. Dat Windunie een voortrekkersrol vervult en haar nek uitsteekt, doet daar volgens hen niets aan af. In 2023 heeft FREON samen met de provincie Friesland in een onderzoeksrapport geconcludeerd dat energiehubs haalbaar en aanvaardbaar zijn. Daaruit volgend heeft de provincie een concept energievisie opgesteld waarin ruimte wordt gemaakt voor deze lokale energiehubs. FREON richt op de ontwikkeling van lokale energiehubs in Friesland. In maart 2025 hebben ze een brandbrief verstuurd aan de Statenfracties en de Gedeputeerde van de provincie Fryslân. FREON benadrukte dat versnelde besluitvorming noodzakelijk is om de energietransitie te versnellen, gezien de snel toenemende elektriciteitsvraag van bedrijven. Daarnaast gaf FREON aan positief te staan tegenover de ontwikkelingen rondom het Klimaatlandschap, want het is een stap in de energietransitie. Maar, zij drongen er tegelijk op aan dat de gemeente Waadhoeke alternatieve opweklocaties binnen gemeente Waadhoeke (binnen een straal van 4km van het onderstation Herbaijum) daarmee niet moet uitsluiten. Het Klimaatlandschap zal niet voor de gehele gemeente duurzame energie kunnen realiseren.
De reden hiervoor is dat bedrijven (grootverbruikers) eveneens een verduurzamingsopgave hebben en in toenemende mate elektrificeren, waardoor de vraag naar elektriciteit de komende jaren sterk toeneemt. Grootverbruikers hebben behoefte aan afname van en zekerheid over betaalbare, concurrerende en duurzame energie op de lange termijn.
Pagina 31
Analyserapport Definitiefase Klimaatlandschap gemeente Waadhoeke
De grootste urgentie ligt bij het verminderen van netcongestie geeft FREON aan. Om netcongestie te verminderen zijn ze voornemens om samen met de grootverbruikers op het onderstation van Herbaijum te gaan schaduwdraaien via Shared Energy Platform. Door collectief gegevens te verzamelen wordt zichtbaar of en zo ja hoe de belasting op het onderstation kan worden gestuurd. Ze doen dit in samenwerking met Goud van Noordwest, die kijkt naar het voorkomen van netcongestie op bedrijfsterreinen, en met Liander in haar actieplan netcongestie. Maar, geeft FREON aan, om netcongestie echt te voorkomen, moet ruimte worden geboden om duurzame energie te kunnen opwekken. Daarom willen ze met energiegemeenschap Westergo (paragraaf 7.4.2) meedoen in het Klimaatlandschap. 7.4.2 Energiegemeenschap Westergo In mei 2025 hebben elf lokale, Friese partijen binnen FREON gewerkt aan een intentieovereenkomst voor de oprichting van Energiegemeenschap Westergo om de werking van een energiehub concreet te maken. Het betreft hier een samenwerkingsverband bestaande uit een brede laag van partijen uit de Gemeente Waadhoeke en Harlingen (Burger coöperaties, dorpsbelangen, bedrijven en instellingen).
De overeenkomst is, op het moment van schrijven, ondertekend door Coöperatie Ús FREON, Huhtamaki, Oostpoort Harlingen, Lamb Weston, Royal Steensma, Steinfort Glas, Ús Koöperaasje, Vereniging van Windturbine Eigenaren Friesland (VWF), Westra en Frjentsjerterpaed B.V. De intentieovereenkomst in opgezet om duurzame energie te ontwikkelen, onder meer inzake Klimaatlandschap Waadhoeke. De gemeente is ook aangeboden onderdeel van de gemeenschap te worden. Energiegemeenschap Westergo ziet zichzelf als ontwikkelaar van lokaal duurzame energie. De bedrijven binnen Energiegemeenschap Westergo zien zich vooral als afnemer van die lokaal opgewekte stroom. Energiegemeenschap Westergo geeft aan graag als initiatiefnemer en exploitant samen met de Gemeente Waadhoeke en de Gemeente Harlingen invulling te willen geven aan het Klimaatlandschap, met de uitgangspunten die door de Gemeente Waadhoeke zijn voorgesteld. Zij zien zichzelf als ontwikkelaar en beoogd eigenaar van de te ontwikkelen productie-installaties voor duurzame energie met de daarbij behorende investeringen. Wanneer de energiegemeenschap is opgericht en voldoet aan kaders van lokaal eigendom, wordt verder gesproken met energiegemeenschap Westergo.
Pagina 32
Analyserapport Definitiefase Klimaatlandschap gemeente Waadhoeke
8
Grondeigenaren
Het Klimaatlandschap bestaat uit vier deelgebieden (figuur 8). Deelgebied 1 is eigendom van de gemeente Waadhoeke. Hierdoor heeft de gemeente deels grip op de ontwikkeling. De rest van de grond uit het projectgebied is verdeeld over verschillende eigenaren. De eerste gesprekken zijn met grondeigenaren uit deelgebied 4 gevoerd omdat zij de grootgrondbezitters in het Klimaatlandschap zijn. Alle grondeigenaren hebben in juni een brief ontvangen. Zij zijn hierin geïnformeerd over de stand van zaken en op de hoogte gebracht dat in de volgende fase contact met hen wordt opgezocht.
Figuur 8: Het projectgebied Klimaatlandschap opgedeeld in deelgebieden en grondeigendomvlakken.
8.1 Grondeigenaren deelgebied 4 Op 6 maart 2025 heeft een verkennend gesprek plaatsgevonden met de grootste grondeigenaren uit deelgebied 4. Het doel van dit gesprek was om inzicht te krijgen in de positie en ideeën van de grondeigenaren en te beoordelen in hoeverre deze aansluiten bij de ambities van de gemeente. Grondeigenaren en boeren in het gebied geven aan dat de kwaliteit van de grond achteruitgaat, met name door verzilting. Hierdoor kijken zij ook al naar andere mogelijke invullingen voor het gebied. Zo is er bijvoorbeeld al een aanvraag van zes hectare voor een industrieterrein bij de gemeente ingediend. Tijdens het gesprek gaven de grondeigenaren aan zich bewust te zijn van het maatschappelijke karakter van het Klimaatlandschap. Ze willen graag ontwikkelen en meedoen. Daarbij erkennen zij dat de ontwikkeling van het Klimaatlandschap alleen kans van slagen heeft wanneer deze in samenwerking met de gemeente en de omgeving tot stand komt. Kortom, er is sprake van een positieve verstandhouding en bereidwilligheid om samen met de gemeente Waadhoeke op te trekken. Op 9 april is vervolgens gekeken naar de kaders van een samenwerking tussen de grondeigenaren en de gemeente. In mei zijn de kaders verwerkt in een intentieovereenkomst14. De overeenkomst wordt door de grondeigenaren in week 24 ondertekend. Bij instemming van de raad op 3 juli zal het college 14
Bijlage 8 Concept intentieovereenkomst Grondeigenaren – Gemeente Waadhoeke.
Pagina 33
Analyserapport Definitiefase Klimaatlandschap gemeente Waadhoeke
ook deze intentieovereenkomst vervolgens voorgelegd krijgen voor ondertekening. De overeenkomst spreekt de intentie uit om in de volgende fase tot een samenwerkingsovereenkomst te komen.
Pagina 34
Analyserapport Definitiefase Klimaatlandschap gemeente Waadhoeke
9
Overige stakeholders
9.1 Liander/Tennet Een belangrijke randvoorwaarde voor het Klimaatlandschap is het versterken van het elektriciteitsnet. Op dit moment ligt er in het gebied een stroomkabel die nog niet is aangesloten op het onderstation Herbaijum. Bij Herbaijum staat een onderstation (10/20/110 kV) waarop het stroomnet van de gemeenten Harlingen en Waadhoeke is aangesloten. Dit station heeft bijna zijn maximale capaciteit bereikt. Dit betekent dat het onderstation Herbaijum verzwaard moet worden en dat er nieuwe, zware elektriciteitskabels richting het gebied aangelegd moeten worden om de opgewekte elektriciteit veilig en efficiënt te kunnen transporteren. Daarbij zullen de energieopwekinstallaties (zoals windturbines en zonnepanelen) gebruikmaken van één gezamenlijke netaansluiting om elektriciteit aan het net te leveren – een principe dat bekendstaat als cable-pooling. Om de ontwikkelingen en de impact op de energie-infrastructuur in kaart te brengen en zicht te krijgen op maatschappelijke prioriteiten, heeft Liander samen met onder andere de provincie Fryslân en TenneT een Provinciaal Meerjarenprogramma Infrastructuur en Klimaat (pMIEK)15 opgesteld. Het pMIEK dient als sturingsinstrument voor de planning en uitvoering van projecten op het gebied van energie-infrastructuur.
Door de initiatie van het Klimaatlandschap door gemeente Waadhoeke, is onderstation Herbaijum in de pMIEK opgenomen voor verzwaring. De gemeente Waadhoeke heeft regelmatig overleg met Liander over de ontwikkeling van het Klimaatlandschap. Uit deze gesprekken blijkt dat het onderstation Herbaijum tussen 2028 en 2030 verzwaard zal worden. 9.2 Vereniging van Windturbine Eigenaren Vereniging van Windturbine Eigenaren Friesland (VWF) is een vertegenwoordiging van individuele windturbine eigenaren uit Friesland. De vereniging van Windturbine Eigenaren is ook onderdeel van FREON. In het overleg op 20 maart gaf VWF aan een perspectief te willen. Nu enkele molens hun eindtijd naderen en opschaling nodig is om rendabel te zijn, komen molens stil te staan. VWF geeft aan de eigenaren 3 perspectieven te kunnen bieden: • De molen blijft staan tot einde levensduur en komt daarna stil te staan; • Met elkaar schalen ze de individuele molens op tot een dorpsmolen; • De molen breng je in binnen een windmolenpark waarbij de windturbine-eigenaar onderdeel wordt van dat park. Het Klimaatlandschap zou de vereniging dit perspectief kunnen bieden.
15
Provinciaal Meerjarenprogramma Infrastructuur en Klimaat: https://frieseenergietafel.nl/files/pmiek-20252027-fryslan.pdf
Pagina 35
Analyserapport Definitiefase Klimaatlandschap gemeente Waadhoeke
Op 10 juni wordt een bijeenkomst georganiseerd voor turbine-eigenaren in Waadhoeke. Hier zullen zij onderling bespreken hoe de huidige turbine-eigenaren in de wedstrijd zitten wat betreft hun toekomstperspectief. Deze uitkomsten worden meegenomen in het vervolg van het Klimaatlandschap.
Pagina 36
Analyserapport Definitiefase Klimaatlandschap gemeente Waadhoeke
10 Ruimtelijke procedures De gebiedsontwikkeling van het Klimaatlandschap combineert uitdagingen in de energievoorziening van Waadhoeke, met natuuruitdagingen zoals het gebrek aan biodiversiteit, de achteruitgang van de natuur, wateropgaven zoals klimaatadaptatie, verzilting en verzakking. Vanuit ruimtelijk perspectief is dit een complexe puzzel om te leggen en een grote opgave. Zeker ook met de noodzaak voor verzwaring van onderstation Herbaijum en de aanleg van kabels en leidingen. De bestaande weilanden worden getransformeerd tot een nieuw landschap. Dit betreft niet alleen een technische verandering, maar ook een landschappelijke transitie. Op 10 maart 2025 heeft er een overleg plaatsgevonden met het team Ruimtelijke Ontwikkeling van gemeente Waadhoeke over de te volgen ruimtelijke procedures voor de ontwikkeling van het Klimaatlandschap. Het beoogde gebied voor deze ontwikkeling bestaat uit vier deelgebieden met verschillende eigenaren (figuur 8), elk met de volgende geldende omgevingsplanfuncties: • • • •
Deelgebied 1: Bestemming Agrarisch – Glastuinbouw – Groen Deelgebied 2: De Bjirmen – Bestemming Bedrijf – Windturbinepark Deelgebied 3: Bestemming Agrarisch Deelgebied 4: Bestemming Agrarisch
Om hier het Klimaatlandschap te kunnen realiseren moet het vigerende omgevingsplan worden aangepast, waarbij een goede ruimtelijke onderbouwing essentieel is. Gezien de aard en omvang van het project moet een uitgebreide procedure van minimaal zes maanden worden doorlopen. Afhankelijk van de zienswijzen en bezwaren die mogelijk ingediend worden, kan de procedure echter langer duren. De wijziging van het omgevingsplan en het plan-MER zijn zorgvuldige procedures waarbij alle zaken goed onderbouwd moeten worden. Een goede ruimtelijke onderbouwing voor de wijziging van het omgevingsplan is essentieel om de gewenste planwijziging juridisch en inhoudelijk te rechtvaardigen. De onderbouwing moet aantonen dat de voorgestelde wijziging past binnen het ruimtelijk beleid, maatschappelijk wenselijk is en dat alle relevante belangen en effecten zorgvuldig zijn afgewogen. Het participatieplan en de economische haalbaarheid zijn hierbij belangrijke aspecten. Het participatieplan, dat door het college van B&W wordt vastgesteld, beschrijft hoe de gemeente het participatieproces heeft doorlopen. Daarnaast moet de economische uitvoerbaarheid van het Klimaatlandschap goed onderbouwd worden. Dit omvat een gedegen risicoanalyse voor de nadeelcompensatie (voorheen planschade) als gevolg van bijvoorbeeld overlast door windmolens.
Het voorstel is om voor de vier deelgebieden de omgevingsplanwijzigingsprocedure gelijktijdig te doorlopen. Het ontwerp omgevingsvisie van de gemeente Waadhoeke, waarin het Klimaatlandschap is opgenomen, lag van 7 maart tot en met 17 april 2025 ter inzage. Op 22 mei is gesproken over de zienswijzen op de gemeentelijke omgevingsvisie.
Pagina 37
Analyserapport Definitiefase Klimaatlandschap gemeente Waadhoeke
Er is een aantal keer gerefereerd naar het Klimaatlandschap. Glastuinbouw Nederland wijst erop dat met het idee voor een Klimaatlandschap, een duurzaam ontwikkelingsperspectief voor de glastuinbouw in de toekomst moet worden geboden.
Pagina 38
Analyserapport Definitiefase Klimaatlandschap gemeente Waadhoeke
11 Financiën Er is in deze fase nog geen duidelijkheid te geven over de financiële consequenties bij een vervolg. Dit hangt nog van veel factoren en keuzes af, waarmee de exacte puzzel nog gelegd moet worden. De financiële uitwerking zal onderdeel zijn van de ontwerpfase. 11.1 Subsidiemogelijkheden Wel is in deze fase in kaart gebracht welke subsidiemogelijkheden beschikbaar zijn, met oog op de verschillende fasen die het ontwikkelproces doorloopt. Hiertoe is een subsidiescan uitgevoerd, waarbij de beschikbare subsidies zijn gecategoriseerd op thematiek: • • • •
Opwek van duurzame energie Landbouwinitiatieven Innovatie, ontwikkeling en klimaat Biodiversiteit, natuur en milieu
Zowel nationale fondsen als Europese subsidieprogramma’s zijn in deze scan meegenomen. Een belangrijk uitgangspunt daarbij is dat subsidieaanvragen doorgaans alleen kansrijk zijn wanneer het plan een hoge mate van concretisering kent — wat in deze fase nog een beperkende factor is. Om in te spelen op veranderende regelingen en nieuwe kansen, wordt periodiek geïnventariseerd of de eerder geïdentificeerde subsidies nog actueel en bruikbaar zijn. In de volgende fase, waarin het plan verder wordt uitgewerkt en geconcretiseerd, zal nader worden onderzocht welke subsidies daadwerkelijk kunnen worden aangevraagd ter ondersteuning van (deel)realisaties binnen het Klimaatlandschap. 11.2 Regiodeal Met de Regio Deal Noardwest-Fryslân werken de gemeenten Harlingen, Waadhoeke, Leeuwarden, de provincie Fryslân en Wetterskip Fryslân samen om de regio klaar te maken voor de toekomst. Er wordt gezamenlijk 40 miljoen euro geinvesteerd in projecten om de leefbaarheid, economie en duurzaamheid te verbeteren. Het Klimaatlandschap is als project toegevoegd aan de Regiodealaanvraag en is toegekend aan programmalijn 3B Energie.16 Deze programmalijn wil Noardwest-Fryslân koploper laten worden in lokale, duurzame energie op land, zodat inwoners hier direct van profiteren. De ambities binnen het programma zijn: • De duurzame energie die we lokaal opwekken, ook lokaal gebruiken.
• De opbrengsten inzetten voor verbetering van het landschap en de regionale gemeenschap. • Een fonds opzetten om duurzame energieprojecten te financieren. • Samen investeren in duurzame energie vanaf 2023. • Zorgen voor steun onder de inwoners voor de overgang naar duurzame energie.
16
Regio Deal Noardwest-Fryslân: https://open.overheid.nl/documenten/1b7d51c6-d597-4fd2-80f9675b6aef55a6/file
Pagina 39
Analyserapport Definitiefase Klimaatlandschap gemeente Waadhoeke
De uitvoering van de regiodeal projecten 3B wacht op een positieve instemming van de raad op 3 juli.
Pagina 40
Analyserapport Definitiefase Klimaatlandschap gemeente Waadhoeke
12 Conclusie In de afgelopen periode is intensief gewerkt aan de ontwikkeling van het Klimaatlandschap. We hebben de ambtities voor het communicatie- en participatieproces verhoogd en er is in korte tijd gericht tewerk gegaan om uit te zoeken of en hoe samen met eigenaren, energiecoöperaties en omwonenden de ontwikkeling vorm kan worden gegeven. Daarmee is de definitiefase afgerond en wordt voorgesteld over te gaan naar de ontwerpfase. In afstemmingsoverleggen met bevoegde gezagen, waaronder de provincie Fryslân en Wetterskip Fryslân, is de geldende wet- en regelgeving voor de ontwikkeling van het Klimaatlandschap in kaart gebracht. Een belangrijk aandachtspunt hierbij is dat de huidige provinciale verordening het niet zonder meer toestaat om nieuwe windturbines te realiseren en dat de provincie terughoudend is ten aanzien van zonneparken op landbouwgrond. Dit onderstreept het belang van blijvend ambtelijk en bestuurlijk overleg met de provincie, die nauw betrokken moet worden bij de verdere ontwikkeling van het Klimaatlandschap. Daarnaast hebben energiecoöperatie SWEC en grondeigenaren, ieder afzonderlijk met de gemeente Waadhoeke, gezamenlijke kaders vastgesteld. Deze zijn vastgelegd in intentieovereenkomsten die gericht zijn op verdere samenwerking in de ontwerpfase.
Daarbij wordt toegewerkt naar samenwerkingsovereenkomsten en de ontwikkeling van een businesscase, waarin met invulling aan lokaal eigendom en natuurinclusief ontwikkelen, wordt gestreefd naar een marktconform rendement. De hoogte van dit rendement is afhankelijk van de landschappelijke inpassing en de te kiezen technieken. Met relevante stakeholders, zoals Defensie, Liander, de Vogelwacht, Landschapsbeheer Friesland, LTO-Noord, de Friese Milieu Federatie, FREON en Dorpsbelangen, zijn gesprekken gevoerd over hun belangen, wensen en participatiemogelijkheden. Deze gesprekken hebben één voor één waardevolle input opgeleverd om de ontwerpfase mee te kunnen starten. De vervolgstappen in deze fase zijn beschreven in hoofdstuk 13. Daar wordt in een tijdlijn ook weergegeven welke stappen het Klimaatlandschap al heeft doorlopen en welke nog volgen, ter ondersteuning van de besluitvorming door de gemeenteraad.
Pagina 41
Analyserapport Definitiefase Klimaatlandschap gemeente Waadhoeke
13 Vervolg: ontwerpfase Met het afsluiten van de definitiefase uit de gebiedsontwikkelingsfase, zal doorstart plaatsvinden met de ontwerpfase. In deze fase zullen stakeholdergesprekken worden voortgezet. Met alle stakeholders wordt uiteindelijk gekomen tot afspraken over lokaal eigendom, de exacte indeling van natuur, biodiversiteit, waterretentie, recreatie, gebruik van technieken en het verdere verloop van het participatieproces. De eerste inrichtingsplannen worden opgesteld. Samenwerkingsovereenkomsten met energiecoöperaties en grondeigenaren worden overeengekomen. Er wordt gestart met de onderzoeken benodigd voor het wijzigen van het omgevingsplan. Eind 2026 zal de ontwerpfase worden vastgesteld en volgt een besluit hoe door te gaan naar de volgende subfase binnen de gebiedsontwikkelingsfase: de voorbereidingsfase. In de sub-paragrafen hieronder wordt op enkele thema’s advies gegeven hoe deze aan te pakken in de ontwerpfase. 13.1 Communicatie en participatie Uit gesprekken met Dorpsbelangen is gebleken dat er een communicatie vacuüm is ontstaan tussen het einde van de vorige fase en de start van de nieuwe fase. Dit is mede veroorzaakt door de uitvraag voor de opdracht in de gebiedsontwikkelingsfase. In de komende maanden blijft er capaciteit beschikbaar om de communicatie rond het Klimaatlandschap op peil te houden.
Zo zal onder meer een samenvatting van het raadsbesluit worden gedeeld op de website en via de nieuwsbrief. Daarnaast ligt er bij de dorpsbelangen al een voorstel om in augustus/september een gezamenlijke bijeenkomst met de dorpsbelangen uit de inner circle en de gemeente Waadhoeke te organiseren. De projectgroep zal ook in deze fase met een communicatieplan richting de dorpsbelangen komen. Met elkaar worden plannen afgestemd en waar nodig aangepast. De ontwerpfase start met de voortzetting van de gesprekken met stakeholders. Met een aantal stakeholders is tijdens de definitiefase nog niet, of slechts beperkt, gesproken. Zij worden in deze nieuwe fase betrokken. Tijdens de ontwerpfase blijven we inwoners informeren via de website en de nieuwsbrieven. Hierbij zullen waar nodig ook flyers en advertenties ingezet worden. We zullen alle acties voorleggen aan dorpsbelangen. In de ontwerpfase zal de rol van inwoners anders zijn dan in de definitiefase. Er kunnen ontwerpkeuzes worden voorgelegd en concretere zaken worden besproken. De inrichtingsplannen komen samen met omgeving tot stand. Er zullen per thema werkgroepen worden georganiseerd. 13.2 Fasering van de ontwikkeling Het Klimaatlandschap is te omvangrijk om in één keer volledig te ontwikkelen. Ook financieel vergt het aanzienlijke inspanningen om één fase van het Klimaatlandschap te kunnen realiseren.
Natuur heeft indirecte opbrengsten en zal niet (volledig) kunnen worden aangelegd voordat er opbrengsten vanuit energieopwek zijn gerealiseerd. Fasering is dus noodzakelijk. De ontwerpfase en verdeling van de verschillende functies richt zich op het gehele Klimaatlandschap, met alle deelgebieden tezamen. Binnen de ontwerpfase zal echter wel een faseringsplan worden uitgewerkt.
Pagina 42
Analyserapport Definitiefase Klimaatlandschap gemeente Waadhoeke
Zoals vastgelegd in de intentieovereenkomst met SWEC, wordt samen met hen gestart met de uitwerking van de herontwikkeling van het huidige windpark De Bjirmen. 13.3 Ontwikkelingen onderstation Het contact met Liander en TenneT blijft van uitzonderlijke waarde. In de volgende fase zal worden ingezet op het vergroten van netaansluitingen en het reserveren van aansluitingen voor de deelgebieden 1, 3 en 4. In samenwerking met de gemeente wordt door Liander gezocht naar oplossingen voor netproblemen. Er wordt ingezet op het opwaarderen van het huidige onderstation Herbaijum en/of het zoeken naar het creëren van een nieuw onderstation. 13.4 Ruimtelijk ontwerp, onderzoeken en ruimtelijke procedures In de ontwerpfase wordt gewerkt aan inrichtingsplannen. De ontwerpfase wordt gekarakteriseerd door het concreter maken van kaders en uitwerking van een ontwerp voor het gebied. Met samenwerkende partijen wordt overeenstemming bereikt over de verhouding natuur ten opzichte van energieopwekking, waarbij een haalbare business case behouden dient te blijven. Vervolgens kunnen verschillende ontwerpideeën worden uitgewerkt. In werkgroepen worden inwoners ontwerpscenario’s voorgehouden waarbinnen keuzes te maken zijn. De input uit de groepen nemen we mee om tot één ontwerp te komen.
Naast dat de input vanuit stakeholdergesprekken van belang is voor het ontwerp, dienen ook de resultaten van onderzoeken als input mee te worden genomen om tot een definitief ontwerp te komen. In de volgende fase zal verder worden ingezoomd op de benodigde ecologische onderzoeken en hoe die plus aan de natuur te geven. Een belangrijk aandachtspunt daarbij is het vroegtijdig in kaart brengen van het weidevogelkansgebied binnen het Klimaatlandschap. Dit vraagt om het tijdig raadplegen en verzamelen van ecologische gegevens en om een beoordeling van de potentiële waarde van het gebied voor weidevogels. Hiervoor is met partijen ook al gesproken over mogelijk andere geschikte weidevogelgebieden binnen gemeente Waadhoeke. Daarnaast dient het plan ook binnen wet- en regelgeving te passen. Sommige onderzoeken, benodigd voor de ruimtelijke procedures, duren meerdere jaren waardoor deze in de volgende fase nog niet kunnen worden meegenomen in de opzet van het ontwerp. Wel zullen we met kennisinstituten inzichtelijk maken wat mogelijke uitkomsten van onderzoeken kunnen zijn en wat punten zijn om op te anticiperen. Voor een zorgvuldige uitvoering is vroegtijdige betrokkenheid en expertise nodig van ecologen (zowel intern als extern), de Vogelwacht, de provincie Fryslân en de Friese Milieu Federatie.
We gaan met meer lokale natuurorganisaties in gesprek dan in de definitiefase gedaan is, zodat de juiste lokale kennis en kansen voor het gebied ingezet worden. Een vroege ecologische inventarisatie voorkomt vertraging in latere fasen van het project, maakt het mogelijk om tijdig passende inpassing of mitigerende maatregelen te nemen, en draagt bij aan een natuur inclusieve planvorming. Input vanuit stakeholders zoals de Vogelwacht wordt intensief geanalyseerd en verwerkt in het ontwerp. Tijdens de ontwerpfase worden onderzoeken uitgevraagd die nodig zijn voor de ruimtelijke procedures. Afhankelijk van het type onderzoek duren deze één tot drie jaar om tot een gedegen inventarisatie te komen. De onderzoeken brengen aanzienlijke financiële kosten met zich mee.
Pagina 43
Analyserapport Definitiefase Klimaatlandschap gemeente Waadhoeke
De inventarisatie van natuur en ecologie willen we organiseren in de vorm van een BioBlitz: het doel is om in korte tijd zoveel mogelijk soorten in het projectgebied Klimaatlandschap te vinden. Dit kan worden gedaan met de inzet van scholieren en kan tegelijkertijd een educatief doel dienen. Ook kunnen andere inwoners hierbij worden betrokken. 13.5 Rol gemeente Waadhoeke Met energiecoöperaties, bedrijven en grondeigenaren worden in de volgende fase de gesprekken voortgezet om te komen tot samenwerkingsovereenkomsten. De gemeente coördineert het proces. De ontwikkeling willen we lokaal opzetten, op basis van gelijkwaardigheid. Er wordt in eerste instantie nog geen keuze gemaakt voor de te gebruiken technieken met betrekking tot energieopwekking, technologische ontwikkelingen worden daarbij in de gaten gehouden. Naast opwek door zon en wind valt daarbij bijvoorbeeld te denken aan vormen van opslag en omzetting van energie zoals batterijen en zon-thermie of de implementatie van mestvergisting. Het Klimaatlandschap zou onderdeel kunnen worden van een energiehub. FREON kijkt hiernaar binnen Friesland. Een energiehub is een lokaal, collaboratief energiesysteem waarin meerdere partijen samenwerken om energieproductie, -verbruik en -opslag te coördineren.
In een energiehub stemmen deelnemers de opwekking en het gebruik van duurzame energie op elkaar af, waardoor het elektriciteitsnet minder belast wordt en energievoorziening lokaal geregeld kan worden. Ze maken gebruik van technologieën zoals slimme netwerken en energiebeheer om vraag en aanbod beter af te stemmen. Dit helpt bedrijven en huishoudens om duurzamer en kostenefficiënter met energie om te gaan. De gemeente wil regie voeren over zowel het proces als de ontwikkeling. Om te waarborgen dat de realisatie van het Klimaatlandschap binnen de juiste kaders plaatsvindt, is sturing vanuit de gemeente noodzakelijk Wanneer de ontwikkeling wordt overgelaten aan de markt hoeft deze niet per se het belang van de lokale omgeving te dienen. Daarnaast heeft het lokaal eigendom wellicht invulling vanuit de gemeente nodig. Om deze redenen is er nog geen concrete rol voor de gemeente weggelegd. Naast de coördinerende rol is er mogelijk ook sprake van een ontwikkelende rol. Die keuze staat nog open en blijft als mogelijkheid bestaan. Daarom spreken we voorlopig over scenario’s. 13.6 Juridische structuur Er wordt gestreefd naar maximale invulling van lokaal eigendom in het Klimaatlandschap. In beginsel staat het Klimaatlandschap open voor alle coöperaties die binnen de gemeente opgezet worden en waar iedereen lid van zou kunnen zijn. Energiecoöperaties geven aan graag te willen deelnemen.
Ook lokale bedrijven verenigen zich en komen — onder bepaalde voorwaarden — in aanmerking voor lokaal eigendom. De gemeente streeft naar samenwerking met lokale partijen zoals energiecoöperaties, bedrijven en grondeigenaren, om zo maximale vertegenwoordiging van de omgeving en het terugvloeien van opbrengsten binnen de gemeente te realiseren. Uit de definitiefase blijkt dat er vanuit meerdere kanten bereidheid is om deel te nemen aan het Klimaatlandschap. Met de ene partij zijn de samenwerkingsgesprekken al verder gevorderd dan met de andere. Uiteindelijk moeten alle betrokkenen samenkomen in een passende juridische structuur. Aan het landschap kunnen meerdere entiteiten deelnemen. Een gevolg van de gesprekken en samenwerkingen kan de oprichting van entiteiten zijn. Op dit moment kan hier nog lastig iets over worden gezegd.
Pagina 44
Analyserapport Definitiefase Klimaatlandschap gemeente Waadhoeke
Samen met bureau Enber en de betrokken partijen wordt gezocht naar een structuur en entiteit(en) waarin alle kaders, uitgangspunten en elementen samenkomen. 13.7 Business Case De financiële uitwerking maakt onderdeel uit van de ontwerpfase. In deze fase werken we samen met de samenwerkingspartners toe naar een gezamenlijke businesscase. Dit betekent dat alle betrokken partijen projectrisico’s dragen, waarbij een passend rendement wordt nagestreefd. Gelijkwaardigheid is hierbij essentieel: problemen worden gezamenlijk gedragen, risico’s worden evenwichtig verdeeld en opbrengsten naar verhouding verdeeld. Daarbij wordt gestreefd naar een marktconform rendement, waarvan de hoogte afhankelijk is van de landschappelijke inpassing en de te kiezen technieken. Uiteindelijk hangt het financiële plaatje voor de gemeente af van de rol die de gemeente Waadhoeke na de ontwerpfase besluit te nemen. 13.8 Tijdlijn Hieronder wordt beschreven welke stappen het Klimaatlandschap heeft doorlopen en nog moet zetten, die van belang zijn voor de raad ten behoeve van de besluitvorming. In figuur 9 wordt de tijdlijn ook schematisch weergegeven. 2020 Duurzaamheidsagenda vastgesteld waarin als doel opgenomen is dat gemeente Waadhoeke in 2040 energieneutraal wil zijn. Dat betekent dat alle energie die dan in de gemeente wordt opgewekt, duurzaam opgewekt is.
2021 Waadhoeke stemde in met de Regionale Energiestrategie Fryslân. Hierin is aangegeven hoe verschillende regio’s in Nederland invulling geven aan het landelijke Klimaatakkoord. 2022 Notitie kaders en bouwstenen voor het Klimaatlandschap vastgesteld. In deze notitie werd voorgesteld om de haalbaarheid van een Klimaatlandschap in Gemeente Waadhoeke te onderzoeken. 2023 Oriënterende onderzoeken worden uitgevoerd om te kijken of een Klimaatlandschap haalbaar is op de locatie onder Sexbierum. Er wordt onder andere gekeken naar de bodem, biodiversiteit, wie de grond in de omgeving bezit en welke opties er voor het opwekken van energie zijn. Bij de onderzoeken werden dorpsbelangen, energiecoöperaties en inwoners betrokken. 2024 De haalbaarheid van een Klimaatlandschap in het gebied onder Sexbierum werd vastgesteld. De Initiatieffase wordt afgerond en er vindt doorgang richting het gebiedsontwikkelingsproces. Ook werd het vervolg van de duurzaamheidsagenda Waadhoeke vastgesteld.
Pagina 45
Analyserapport Definitiefase Klimaatlandschap gemeente Waadhoeke
2025 Op basis van resultaten uit stakeholdergesprekken met o.a. lokale energiecoöperaties, grondeigenaren, dorpsbelangen, Wetterskip Fryslân, provincie Fryslân, inwoners, de vogelwacht en natuurorganisaties wordt de definitiefase afgerond. Hieruit volgt een besluit om door te gaan naar de volgende subfase binnen de gebiedsontwikkelingsfase: de ontwerpfase. 2026 Met alle stakeholders wordt gekomen tot afspraken over lokaal eigendom, de exacte indeling van natuur, biodiversiteit, waterretentie, recreatie en realisatie van duurzame energieprojecten, en het verdere verloop van het participatieproces. Er is gewerkt aan de totstandkoming van samenwerkingsovereenkomsten met energiecoöperaties, grondeigenaren en grootverbruikers. De onderzoeken benodigd voor het wijzigen van het omgevingsplan vinden plaats en onderzoeksresultaten die al beschikbaar zijn, worden beschreven. De ontwerpfase wordt vastgesteld en er komt besluit om door te gaan naar de volgende subfase binnen de gebiedsontwikkelingsfase: de voorbereidingsfase. 2027 In de voorbereidingsfase worden concrete acties beschreven. We stellen samenwerkingsstructuren met energiecoöperaties, grondeigenaren, bedrijven en andere lokale partijen vast en vullen het lokaal eigendom in. Er komt een passende juridische structuur en Business Case en we worden concreter op de inrichting van het gebiedsfonds.
Daarnaast wordt een inrichtingsplan gemaakt, waarin alle vastgestelde thema’s zitten verwerkt, zoals natuur, biodiversiteit, waterretentie, recreatie en energieopwekking. Voor het te ontwikkelen gebied wordt een faseringsplan opgeleverd. De omgevingsplanwijziging wordt ingediend. De voorbereidingsfase wordt vastgesteld en het besluit om te starten met de realisatiefase van het plan, wordt genomen. 2028 Vaststellen omgevingsplanwijziging. Nadat het omgevingsplan gewijzigd is, wordt gestart met de gefaseerde uitvoering van het Klimaatlandschap. 2029-2035 De gefaseerde uitvoering van het Klimaatlandschap vindt plaats. Onderdeel hiervan is onder andere de verzwaring van het onderstation Herbaijum en de aanleg van nieuwe zware elektriciteitskabels richting het gebied om de opgewekte elektriciteit veilig en efficiënt te transporteren.
Pagina 46
Analyserapport Definitiefase Klimaatlandschap gemeente Waadhoeke
Figuur 9: Tijdlijn verschillende fasen Klimaatlandschap.
Pagina 47