CConstaterende datwaadhoeke
Koppel je AI →
Document · PDF

Beheerplan Buitensportaccommodaties 2022-2026 (4)

Kernsessie 14 december 2023, gemeente waadhoeke8.916 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Gemeente Waadhoeke

Beheerplan Buitensportaccommodaties 2022-2026 oktober 2021 Gemeente Waadhoeke

Beheerplan Buitensportaccommodaties 2022-2026 oktober 2021

Auteur: Tiena Vriesema-Betten Auteur: Tiena Vriesema-Betten

Inhoudsopgave

Deel 1: Beheer natuurgrassportvelden

4

1. Achtergrond en wettelijk kader beheer natuurgrassportvelden

5

2. Uitgangspunten onderhoud sportvelden natuurgras

7

3. Beheermaatregelen

8

Deel 2: Beheer kunstgrassportvelden

14

1.Achtergrond en wettelijk kader

15

2. Beheermaatregelen

17

Deel 3: Overig beheer buitensportaccommodaties

20

1. Uitgangspunten overig beheer

20

Deel 4: Renovatie

21

1. Keuringen

21

2. Uitgangspunten renovatie natuurgrassportvelden

21

3. Uitgangspunten renovatie kunstgrassportvelden

22

4. Planning renovaties

23

Deel 5: Financiën

24

5.1 Jaarlijkse kosten onderhoud

24

5.2 Keuringen

25

5.3 Groot onderhoud / renovaties

25

5.4 Voorziening Buitensportaccommodaties

26

5.5 Resumerend voor planperiode 2022 – 2026

26

Deel 6: Bijlagen

27

Bijlage 1: Overzicht maatregelen uit zorgplichtdocument BSNC m.b.t. kunstgrassportvelden

28

Bijlage 2: Onderhoudslogboek kunstgrassportvelden

30

Bijlage 3 : Onderhoudsvoorschriften kunstgrassportvelden voor beheerders

31

Bijlage 4: Onderhoudsvoorschriften kunstgrassportvelden voor gebruikers

31

Bijlage 5 : Overzicht technische specificaties kunstgrasvelden

32

Bijlage 6 : Overzicht theoretische renovatie behoefte 2028-2031

33

Bijlage 7: Voortgang voorzieningen

34 2

Inleiding Voor u ligt het Beheerplan Buitensportaccommodaties 2022-2026. Dit beheerplan gaat in op het beheer van de buitensportaccommodaties, waaronder natuurgras, kunstgras, verhardingen, hekwerken, doelen, ballenvangers, en natuurlijke beplanting rondom sportvelden, in gemeente Waadhoeke. Dit beheerplan vloeit voort uit de Sportnota Waadhoeke ‘Waadhoeke beweegt mee’, door de gemeenteraad vastgesteld op 12 november 2019. Een van de doelstellingen uit de Sportnota is dat alle sportvoorzieningen op orde zijn en dat alle sportvoorzieningen betaalbaar zijn, kwalitatief van een hoog niveau, duurzaam en optimaal bezet. Ook geeft de Sportnota aan dat gemeente Waadhoeke vanaf 2020 geen gewasbeschermingsmiddelen (gif) gebruikt. Het beleid uit de Sportnota is vertaald in dit beheerplan. Gemeente Waadhoeke beheert 34 voetbal gras- en trainingsvelden, 24 kaatsvelden, 9 kunstgrasvelden en 3 atletiekbanen/ middenterreinen. De gemeente faciliteert de buitensportverenigingen (met name kaatsen en voetbal) met het beheer en onderhoud van de sportvelden. Leeswijzer Het beheerplan is opgedeeld in zes delen: - Deel 1 gaat in op het beheer van natuurgrasvelden, - Deel 2 gaat in op het beheer van kunstgrasvelden. - Deel 3 gaat in op het beheer van inrichtingselementen (bestrating, doelen, ballenvangers, bomen en bosplantsoen).

- Deel 4 gaat in op renovaties van zowel natuurgrassportvelden als kunstgrassportvelden - Deel 5 gaat in op de financiële gevolgen van het beheer en renovaties van zowel de natuurgrasvelden als de kunstgrasvelden. - In deel 6 zijn de bijlagen weergegeven zoals genoemd in dit beheerplan.

3

Deel 1: Beheer natuurgrassportvelden Deel 1 gaat in op het beheer van de natuurgrasportvelden. In het beheer van de natuurgrasportvelden staan ecologische principes centraal.

4

1. Achtergrond en wettelijk kader beheer natuurgrassportvelden In dit hoofdstuk wordt een beschrijving gegeven van relevante achtergrondinformatie en de relevante wettelijke kaders met betrekking tot het beheer van natuurgrassportvelden.

1.1 Klimaatakkoord en Routekaart verduurzaming sport

In het Klimaatakkoord van Parijs is in 2015 afgesproken dat de opwarming van de aarde wordt beperkt tot minder dan twee graden Celsius ten opzichte van het pre-industriële tijdperk. Het streven is om de opwarming beperkt te houden tot anderhalve graad. De minister van Sport (ministerie van VWS), de gemeenten (Vereniging Sport en Gemeenten), de sportbonden (NOC*NSF) en de commerciële sportsector (platform ondernemende sportaanbieders) hebben samen met de provincies, tal van maatschappelijke organisaties en bedrijven een routekaart verduurzaming sport opgesteld en op 23 januari 2020 ondertekend. Deze routekaart verduurzaming sport is één van de twaalf sectorale routekaarten die zijn opgesteld als uitvloeisel van het Klimaatakkoord. In de routekaart worden 4 ambities genoemd om de doelstellingen uit het Klimaatakkoord te halen. 1. Co2 arme sportaccommodaties: In 2050 moeten alle sportaccommodaties CO2-arm zijn. Om precies te zijn is er een CO2-reductie doelstelling afgesproken van 95% in 2050. 2. Duurzaam beheer van sportvelden Er worden geen chemische gewasbeschermingsmiddelen meer gebruikt op sportvelden. Integrated Pest Management (IPM) komt hiervoor in de plaats, een nieuwe vorm van gewasbescherming. 3. Circulaire sport Er worden uitsluitend materialen gebruiken die hergebruikt kunnen worden.

Zo wordt er gewerkt aan het oplossen van het afvalprobleem en wordt de CO2 voetafdruk van de sportsector verkleind. 4. Klimaatadaptatie Klimaatadaptatie is kortgezegd het aanpassen van de leefomgeving aan klimaatverandering. Overheidspartijen hebben afgesproken dat Nederland in 2050 zo goed mogelijk klimaatbestendig en water robuust moet zijn ingericht. Sportparken lenen zich hier gezien hun bestemming en vaak de ligging uitstekend voor. Te denken valt aan wateropvang onder de sportvelden en meer groen op en rond de accommodatie, wat zorgt voor verkoeling. Op parkeerplaatsen kan ‘water passerende verharding’ worden aangelegd.

1.2

Europese Green Deal en Green Deal Sportvelden

De Europese Commissie heeft in maart 2020 een Europese klimaatwet voorgesteld die de EU wettelijk verplicht om tegen 2050 klimaatneutraal te zijn. Dit volgt op het besluit van de Europese Raad van december 2019 om de doelstelling van klimaatneutraliteit voor 2050 te bekrachtigen. Het voorstel is een centraal onderdeel van de Europese Green Deal, met als doelstelling dat de EU in 2050 klimaatneutraal moet zijn. Er moet meer waarde gehecht worden aan natuurlijke ecosystemen, duurzaam gebruik van hulpmiddelen en verbetering van gezondheid.

5

Voortvloeiend uit de Europese Green Deal hebben diverse organisaties (o.a. NOC*NSF, ministerie IENW, Vereniging Sport en Gemeenten en Branche vereniging Sport en Cultuurtechniek) zich met de Green Deal Sportvelden verplicht tot het uitfaseren van pesticiden op en rond sportvelden. Het uitgangspunt van de Green Deal Sportvelden is dat beheer van sportvelden en golfbanen zonder gewasbeschermingsmiddelen pas mogelijk is wanneer wordt uitgegaan van geïntegreerde gewasbescherming (integrated pest management – IPM). Binnen deze werkwijze staan ecologische, biologische en duurzame maatregelen centraal. In het kader van de Green Deal Sportvelden is in opdracht van het ministerie van Infrastructuur & Waterstaat een handreiking pesticidenvrij sportgrasbeheer opgesteld. Deze handreiking geeft de beheerder richting en informatie om ziekten, plagen en onkruid tegen te gaan.

1.3 Wet natuurbescherming

De Wet natuurbescherming beschermt Nederlandse natuurgebieden en planten- en diersoorten. De wet moet ervoor zorgen dat de verschillende planten- en diersoorten in de natuur blijven bestaan. Ook kwetsbare soorten mogen niet verdwijnen. Als er rond een sportveld een beschermde soort voorkomt, kan dit gevolgen hebben voor het beheer.

1.4 Aansprakelijkheid, zorgplicht

In artikel 6.162 van Burgerlijk Wetboek 6 is gesteld dat: “Hij die jegens een ander een onrechtmatige daad pleegt, welke hem kan worden toegerekend, is verplicht de schade die de ander dientengevolge lijdt, te vergoeden”. Deze aansprakelijkheid is onder andere van toepassing op de hekwerken en bomen op buiensportaccommodaties.

1.5 Activiteitenbesluit inzake sportterreinen

Voor het aspect lichthinder geeft het Activiteitenbesluit voorschriften voor de tijden wanneer verlicht mag worden. Daarbij zijn er uitzonderingen mogelijk voor toernooien en het voorkomen van lichthinder bij maatwerk op grond van de zorgplicht. De tijden waarop de verlichting aan mag zijn, zijn uitputtend geregeld in artikel 3.148. Voor dit aspect zijn daarom geen maatwerkvoorschriften mogelijk. De verlichting moet zijn uitgeschakeld: - tussen 23.00 uur en 07.00 uur - als er geen sport wordt beoefend - als er geen onderhoud plaatsvindt

1.6 Besluit bodemkwaliteit

Voor het toepassen van steenachtige bouwstoffen op of in de bodem zijn specifieke eisen voor bescherming van bodem en oppervlaktewater uitgewerkt in het Besluit bodemkwaliteit (Bbk), dat hoofdzakelijk is gebaseerd op de Wet bodembescherming. In het Bbk zijn criteria opgenomen om vast te stellen of een materiaal een steenachtige bouwstof is.

6

2. Uitgangspunten onderhoud sportvelden natuurgras In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de uitgangpunten in het onderhoud van sportvelden met natuurgras.

Uitgangspunt 1: Onderhoud volgens duurzame en ecologische principes

In speerpunt 5 van de Sportnota is aangegeven dat gemeente Waadhoeke vanaf 2020 geen gewasbeschermingsmiddelen gebruikt. Dit vloeit voort uit de Green Deal Sportvelden, waarin het beheer van sportvelden wordt uitgevoerd zonder de inzet van gewasbeschermingsmiddelen en op basis van duurzame en ecologische principes. Voor een succesvol pesticidenvrij beheer zijn ecologische principes leidend. Hierbij is preventie essentieel: het streven naar een gezonde, gesloten en robuuste grasmat, met de meest geschikte grassen en waar mogelijk beperken van stress. Bestrijding vindt alleen plaats indien echt noodzakelijk en daarbij gaat biologie in principe vóór chemie. Vanuit de Greendeal sportvelden wordt gewerkt aan het uitfaseren van gewasbeschermingsmiddelen. Daarnaast dient op basis van het Besluit Gewasbeschermingsmiddelen artikel 26, het onderhoud te worden uitgevoerd volgens de principes van geïntegreerde gewasbescherming (Integrated Pest Management – IPM). Daarvoor is het nodig dat beheer en onderhoud zodanig uit te voeren dat plagen, ziekten en onkruid geen kans krijgen, omdat deze de bespeelbaarheid en beeldkwaliteit kunnen beïnvloeden en aanzienlijke schade veroorzaken en zelfs de levensduur van velden verkorten. IPM vereist een planmatige, goed doordachte aanpak, maar laat zich niet leiden door de kalender.

Planmatig onderhoud is gericht op het verlengen van de levensduur en het voorkomen van extra dagelijks onderhoud en het uitstellen van groot onderhoud.

Uitgangpunt 2: Onderhoud van sportvelden is maatwerk

Een van de doelstellingen uit de Sportnota is dat alle sportvoorzieningen op orde zijn en dat alle sportvoorzieningen kwalitatief van een hoog niveau en duurzaam zijn, maar niet alle velden zijn gelijk en vragen om maatwerk. Het onderhoud is afhankelijk van de bodemkundige toestand, de wijze van aanleg, de mate van gebruik en van de weersomstandigheden. Uitgaande van de gangbare bewerkingen, is het van belang de onderhoudsmaatregelen goed te timen, machines zorgvuldig af te stellen en goed te anticiperen op weers- en terreinomstandigheden tijdens de uitvoering. Voor alle velden geldt dat het onderhoud is gericht op het in standhouden en bespeelbaar houden van het veld. Met andere voor woorden: het veld en de sport staan centraal. Hierbij spelen de voorschriften vanuit de verschillende sportbonden een rol. Het onderhoud is te verdelen in dagelijks/ klein onderhoud en groot onderhoud. Het dagelijks onderhoud wordt veelal uitgevoerd door de gemeentelijke buitendienst, al dan niet in combinatie met de inzet van de sportvereniging. Het groot onderhoud wordt vanwege het specialistische karakter uitgevoerd door aannemers. Renovatie is noodzakelijk wanneer de waterhuishouding, conditie of vlakheid van de velden cultuurtechnische of sporttechnische problemen opleveren.

Iedere drie jaar worden de velden gekeurd, waarbij gekeken wordt naar de cultuurtechnische en sporttechnische staat van de velden. Hieruit voortvloeiend wordt het groot onderhoud bijgestuurd en/of een renovatie gepland.

Uitgangspunt 3: Eisen vanuit sportbonden

Vanuit de verschillende sportbonden (KNVB, KNKV en Atletiekunie) en worden eisen gesteld aan de inrichting van buitensportaccommodaties. De eisen worden meegenomen bij renovaties en in het onderhoud van de accommodaties. Echter heeft de KNKB geen normering voor de kaatsvelden. Ook bij deze velden wordt

7

gestreefd naar een vlak, stroef en goed afgewaterd veld. Bij de genoemde driejaarlijkse keuring (Kiwa) wordt specifiek gekeken naar de sporttechnische staat en veiligheid van de velden.

Uitgangspunt 4: Aansluiten bij wedstrijdagenda veldsporten

De velden en de sport staan bij het onderhoud centraal. Daarom wordt het onderhoud van de sportvelden zoveel afgestemd op de wedstrijdagenda. Echter, met name in de zomerstop van het voetbal moet voldoende tijd zijn om onderhoud aan de velden te plegen. Alle onderhoud dient half juni klaar te zijn om de benodigde hersteltijd te halen. Het huidige voetbalseizoen gaat in gevallen door tot half juni waardoor het grootonderhoud en de herstelperiode in de knel komen. Om het groot onderhoud goed te kunnen uitvoeren zouden de trainingsvelden vanaf half april beschikbaar moeten zijn en de overige velden zouden vanaf eind mei beschikbaar moeten zijn voor het plegen van het onderhoud.

8

3. Beheermaatregelen

In dit hoofdstuk wordt een beschrijving gegeven van de beheermaatregelen op natuurgrasvelden, waarbij aangesloten wordt op de uitgangspunten.

3.1 Beheer op basis van ecologische principes

Zoals aangegeven in uitgangspunt 1, wordt het beheer op de velden uitgevoerd volgens de principes van geïntegreerde gewasbescherming (Integrated Pest Management – IPM). In de handreiking pesticiden vrij sportgrasbeheer staan beheermaatregelen genoemd. Deze maatregelen zijn overgenomen in dit beheerplan. Het hoofddoel is het realiseren van goed bespeelbare velden. Daarbij dwingen de twee randvoorwaarden, chemievrij en klimaatbestendig, tot bijstelling van aanleg, beheer en onderhoud van de sportvelden. Bij pesticidevrij beheer van sportvelden zijn ecologische principes leidend: • Als onkruiden en grassen zich kunnen vestigen gaan zij de concurrentiestrijd aan met de gewenste grassoorten. • Ziekten kunnen zich manifesteren als er gelijktijdig sprake is van een ziekteverwekker, een verzwakte gastheer en omstandigheden waarbinnen de ziekte zich kan ontwikkelen. • Plagen treden op als er sprake is van een gemakkelijk toegankelijk, overvloedig aanbod van voedsel in combinatie met een gebrek aan predatoren, parasieten of ziekteverwekkers. • Preventie door het verbeteren van natuurlijk evenwicht en herstel van biodiversiteit, moet daarom centraal staan. Doel:

Voornaamste eisen en aandachtspunten

Uitwerking van uitgangpunt:

Ecologisch / duurzaam beheer

• Ziekteresistente, stresstolerante grassen • Vitaal gras met goed herstelvermogen • Sterke concurrentiepositie van gewenste grassen • Ongunstige omstandigheden voor kieming en vestiging van onkruiden • Ongunstige omstandigheden voor overleven en verspreiden van ziekteverwekkers • Natuurlijk evenwicht in grasmat en toplaag • Vermijden van onnodige beschadiging van het gras

Uitgangspunt 1 en 2

Klimaatbestendige sportvelden

• Goede waterinfiltratie en waterafvoer uit toplaag • Droogte-, hitte- en vorsttolerante grassen • Goed herstelvermogen van het gras • Voldoende vochtlevering in diepere wortelzone

Uitgangspunt 1 en 2

Sporttechnisch hoogwaardig speeloppervlak

• Vlak, veilig, stabiel en stroef • Goed ontwaterd • Gesloten en sterke grasmat

Uitgangspunt 3 en 4

9

3.2 Beheermaatregelen op basis van duurzame en ecologische principes Hieronder wordt een beschrijving gegeven van de beheermaatregelen die van toepassing zijn voor het beheer van sportvelden. Onderhoudsmaatregel Maaien

Aandachtspunten/toelichting • • • • • • •

Bemesten

•

•

Beregenen

•

Voldoende frequent: in groeiseizoen minimaal 2 keer per week. Per keer niet meer dan 1/3 van blad wegnemen. Hogere frequentie bevordert uitstoeling (gesloten grasmat), mits voldoende voeding en water beschikbaar. Scherpe messen en goede machineafstelling voor minder beschadiging en sneller herstel. Zolang sprake is van goede groei en herstel, kan dezelfde maaihoogte en maaifrequentie het hele seizoen gehandhaafd blijven. Voorafgaand aan en in stressrijke perioden (hitte, droogte, intensieve belasting, winter) eventueel minder kort maaien. Vermijd het ophopen van maaisel en te lang maaisel. Dit is vooral van belang in het najaar, als de vertering vertraagt. Soms is vegen nodig, maar maaien is altijd goedkoper en minder belastend voor het gras. Terughoudend en evenwichtig bemesten is om meerdere redenen noodzakelijk: o Gelijkmatige groei, zonder pieken, geeft een beter gesloten grasmat. o Onderscheid maken tussen doelgrassen en ongewenste soorten. o Minder kans op uitspoeling van voedingstoffen. o Niet onbedoeld stimuleren van vestiging van ongewenste soorten, in combinatie met beschikbaarheid van water en voeding in bovenste centimeters. Dit is o.a. afhankelijk van het type meststoffen, het beregeningsbeleid, de grondsamenstelling en de aanwezigheid van organisch materiaal aan de oppervlakte.

Aansluiten op natuurlijke groeimomenten van de doelgrassen in voor- en nazomer geeft de meest efficiënte benutting van voedingstoffen en draagt het meeste bij aan de opbouw van reserves. Voor beregenen is een lage frequente met grotere giften per keer bijna altijd een betere keuze dan regelmatig beregenen. Om verschillende redenen is het van belang om de bovenste centimeters relatief droog te houden: o De kieming van ongewenste grassen en onkruiden wordt geremd. o Schimmels overleven minder goed en verspreiden zich minder snel in droge grond. o Langpootmuggen en bladsprietkevers hebben meer moeite om hun eieren af te zetten. o Vochtige grond houdt in hete perioden meer warmte vast, waardoor de impact om de graswortels groter is. Boven ca. 25°C

10

stagneert de wortelactiviteit en daarmee de groei van gangbare sportveldgrassen.

Doorzaaien

•

Het niet frequent beregenen met grotere giften per keer bevordert een diepere beworteling. Dit is om verschillende redenen belangrijk: o De grasmat wordt veel sterker. Door minder speelschade blijft een veld langer vlak. Bovendien kunnen intensievere bewerkingen worden uitgevoerd zonder kans op grote schades. o Diepe wortels hebben minder last van hittestress. Omdat ze langer blijven functioneren, blijft het gras in hete perioden langer groen en herstelt het nadien ook sneller. o Door diepe beworteling worden vocht en voedingsstoffen beter benut. o Frequent beregen is soms noodzakelijk. o In een korte periode rondom inzaai of doorzaai, voor de kieming en de eerste groei van het gras. o Als schadebeperking bij vraat door engerlingen of emelten. o Bij bestrijding van engerlingen of emelten met parasitaire aaltjes.

•

Gesloten houden van de grasmat met geschikte soorten is belangrijk: o Gebruik verschillende, geschikte soorten/rassen voor risicospreiding. o Nieuwe rassen zijn resistenter tegen ziekten en zijn toleranter in ongunstige omstandigheden. o Jonge grasplanten zijn minder ziektegevoelig. o Zo mogelijk inzaaien/doorzaaien in voorjaar en nazomer/najaar, aansluitend bij de natuurlijke groeimomenten van het gras. o Tijdens de competitiestop is vaker kans op hitte- en droogtestress. o Niet te dicht zaaien. o In sommige delen van het land moet in droge perioden rekening worden gehouden met een verbod op beregening. Inzaaien of doorzaaien is in deze omstandigheden kansloos. o Een zeer dichte grasmat verzwakt individuele planten. Bij gelimiteerde vocht- en voedingsvoorziening wordt dit veroorzaakt door sterke onderlinge concurrentie. Dit kan in een jonge grasmat leiden tot massale uitval. Bij voldoende vocht- en voeding vormt het gras in een dichte grasmat lang, slap en kwetsbaar blad. o In een zeer dichte grasmat is minder ventilatie, waardoor het gras langer nat blijft en ziekteverwekkers meer kans krijgen. Meer afstervend blad geeft meer vilt, waarin ziekteverwekkers gemakkelijker overleven en zich gemakkelijker verspreiden. Op peil houden van infiltratie en ontwatering van de toplaag voor betere draagkracht en minde kans op schade in natte perioden.

Op peil houden van de gasuitwisseling voor een betere zuurstofvoorziening van graswortels en een gezonde (aerobe) afbraak van dood organische materiaal. Op peil houden van de doorwortelbaarheid.

• Topbeluchten Diepbeluchten

• • •

11

•

Niet onnodig intensief of te diep beluchten i.v.m. behoud structuur.

Managen vilt en organische stof

•

Schraal en droog houden van bovenste 2 á 3cm van de toplaag: o Verkleint de kans op kieming en vestiging van onkruiden. o Verkleint de overlevingsmogelijkheden van ziekteverwekkers. o Verbetert de waterinfiltratie en gasuitwisseling in de toplaag.

Overig onderhoud grasmat, toplaag en omgeving

•

Vermijd waar mogelijk beschadiging van het gras en beperk beschadiging zoveel mogelijk tot het groeiseizoen. Herstel speelschades en andere schades goed en zo snel mogelijk: o Veel onkruiden beginnen in schadeplekken, vooral bij onderbespeling. o Wanneer regelmatig en goed herstel van speelschade niet haalbaar is, neemt het belang van een sterke grasmat toe. Prepareer de grasmat op beschadiging als gevolg intensief onderhoud door bijvoorbeeld maaifrezen, scalperen, zwaar verticuteren of intensief wiedeggen. Investeer enkele weken voor deze bewerkingen in het herstelvermogen van het gras door het bevorderen van de wortelgroei. Beperk waar mogelijk langdurige schaduw als gevolg van hoge bebouwing of hoge en gesloten boombeplantingen: o Voldoende licht is belangrijk voor gezonde grasgroei. o Bladresten dragen bij aan vervetting van de toplaag. o Hoge boombeplantingen zouden niet meer dan 1/3 tot 1/2 van alle licht moeten wegvangen, met name aan oost- en zuidzijde. o Vervangen van bomen door inheemse struiken draagt bij aan natuurlijk evenwicht en biodiversiteit. o Meer aandacht voor het vermijden van schaduw bij het ontwerpen voor aanleg en renovatie van buitensportaccommodaties. Verwijderen van de hele plant, bijvoorbeeld door middel van wiegeggen, verticuteren, oppervlakkig maaifrezen en vergelijkbare bewerkingen.

Uitputten van reserves, door het verwijderen van blad door snijden, verticaal maaien, verticuteren en oppervlakkig maaifrezen, door het intensief beschadigen van de plant en wortels. Uitputten van de zaadvoorraad door scalperen, maaifrezen, wiedeggen, beregenen en maaien.

•

• • •

Onkruidbeheersing zonder gebruik van gif

• • •

Maatregelen bij ziekte uitbraken

• • • •

Voorkom het verslepen van ziekteverwekkers. Werk van schoon naar besmet. Werk met schone en scherpe machines. Reinig machines eventueel tussentijds. Maai tijdelijk minder kort en stel bewerkingen die gras beschadigen uit, om de vatbaarheid voor ziekten te verminderen. Stuur de bemesting bij in gevallen waarin ziekten zijn gerelateerd aan een overmaat of een tekort aan voedingstoffen (meestal stikstof).

12

Ziektepreventie (focus op preventie)

• • • •

Klimaatbestendigheid / klimaatadaptatie

• • • • • •

Natuurlijk evenwicht en biodiversiteit

•

• • •

• •

Grasrassen met een goede resistentie tegen gangbare schimmelziekten zijn een eerste stap. De Grasgids, Duitse, Engelse en Franse rassenlijsten geven nuttige informatie. Zorg voor een zo kort mogelijke bladnatperiode. Vitale en weerbare planten vragen om uitgebalanceerde voeding, gericht op de doelgrassen en de specifieke situatie. Een rijk en evenwichtig bodemleven remt de ontwikkeling van ziekteverwekkers. Voorkom onnodige beschadiging van het gras. Ontwikkelen van hitte- en droogtetolerante grassen. Aanbrengen van opslagvoorzieningen voor water. Toepassen van peilgestuurde drainagesystemen. Doorontwikkelen van systemen voor geforceerde ontwatering en ondergrondse irrigatie. Opbouwen van profielen die goede ontwatering van de toplaag combineren met betere nalevering van water in een dieper deel van de wortelzone. Aanleg beplantingen met vooral inheemse soorten die voedsel, nestrust- en verblijfplaatsen kunnen bieden aan natuurlijke vijanden van plaagdieren (egels, vogels, vleermuizen en diverse insectensoorten). Waar mogelijk moeten oude (veteranen)bomen en beplantingen worden behouden. Ruimte maken voor soortenrijke stroken met veel wilde peen en andere kruidachtige planten die veel insecten aantrekken, waarvan een deel de eieren plaatst in engerlingen en emelten. Eventueel aanvullen met bolgewassen om bloeiperiode in het voorjaar eerder op gang te brengen.

Deze stroken vereisen apart beheer. Verbeteren van de nest- en rustgelegenheid voor nuttige vogelsoorten en vleermuizen door aanpassing van gebouwen, plaatsen van nestkasten en vleermuiskasten. Elke kast helpt, maar gelet op de oppervlakte van sportvelden en golfbanen zijn gauw tientallen kasten nodig. Hekwerk en rasters waarmee dieren als konijnen, vossen, dassen en wilde zwijnen zoveel mogelijk ‘buiten de poort’ gehouden kunnen worden. De uitvoering is regioafhankelijk. Bij grote en onvermijdelijke overlast door konijnen, kan het aanleggen van een of meer ‘zandige hoeken’ konijnen ervan weerhouden om beschadigingen in de grasmat verder uit te graven.

13

3.3 Monitoring Monitoring is een belangrijk onderdeel van duurzaam en ecologisch beheer waarbij de focus ligt op preventie. Gemeente Waadhoeke kiest er voor geen chemische bestrijding in te zetten, zodat de bestrijding van ziekten, plagen en ongewenste kruiden op basis van ecologische en biologische principes moet worden uitgevoerd. Doordat (een groot deel van) het onderhoud uitgevoerd wordt door de gemeentelijk dienst is monitoring gewaarborgd. Medewerkers komen wekelijks op de velden, waarbij naast het maaien, ook gekeken wordt naar onkruidbedekking of aantasting van de grasmat door ziekten en plagen. Naast het toepassen cultuurtechnische beheermaatregelen worden ongewenste kruiden ook handmatig verwijderd. Daarnaast worden onkruidbedekking en worteldiepte meegenomen in de driejaarlijkse sporttechnische keuring. Ontwikkelingen op het gebied van cultuurtechniek, ecologische en biologische bestrijding staan niet stil. Deze ontwikkelingen worden nauwlettend gevolgd. Als dit leidt tot aanpassingen van het beheerplan, dan wordt dat voorgelegd aan de raad.

14

Deel 2: Beheer kunstgrassportvelden Deel 2 gaat alleen in op het beheer en onderhoud van de kunstgrasvelden die gemeente Waadhoeke in eigendom en beheer heeft.

Gemeente Waadhoeke beheert 9 kunstgrasvelden (zie ook bijlage 5 voor technische gegevens): 1. Berltsum: hoofdveld 2. Deinum: hoofdveld 3. Deinum: pupillenveld 4. Dronryp: pupillenveld. 5. Franeker: veld C 6. Franeker: veld D 7. Menaam: Schatzenburg B veld 8. Minnertsga: hoofdveld 9. Sexbierum: B-veld

15

1. Achtergrond en wettelijk kader In dit hoofdstuk wordt een beschrijving gegeven van relevante achtergrondinformatie en de relevante wettelijke kaders. Op de website van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat is informatie te vinden over het wettelijk kader rond de aanleg en onderhoud van kunstgrasvelden (www.bodemplus.nl). Daarnaast heeft de Branchevereniging Sport en Cultuurtechniek een zorgplicht document opgesteld. In dit document worden handvatten gegeven voor de aanleg, onderhoud en renovatie van kunstgrasvelden.

1.1 Wetgeving 1.1.1 Wet bodembescherming (Wbb)

Bij de aanleg en beheer van kunstgrasvelden is de Wet bodembescherming het wettelijk kader voor de bodem, omdat er sprake is van toepassen van materialen op- of in de bodem. Een belangrijk aspect hierbij is de zorgplicht uit de Wbb. In artikel 13 Wbb staat onder meer dat ieder die op of in de bodem handelingen als bedoeld in artikel 6 tot en met 11 van de Wbb verricht en die weet of redelijkerwijs had kunnen vermoeden dat door die handelingen de bodem kan worden verontreinigd, verplicht is alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van hem kunnen worden gevergd om die verontreiniging te voorkomen. Het aanleggen van een kunstgrasveld (inclusief het aanbrengen van instrooimateriaal) kan gezien worden als een handeling als bedoeld in artikel 8, eerste lid van de Wbb, omdat sprake is van de uitvoering van een werk op of in de bodem, waarbij ingrepen worden verricht of stoffen worden gebruikt.

1.1.2 Besluit bodemkwaliteit

Voor het toepassen van steenachtige bouwstoffen op- of in de bodem zijn specifieke eisen voor bescherming van bodem en oppervlaktewater uitgewerkt in het Besluit bodemkwaliteit (Bbk), dat hoofdzakelijk is gebaseerd op de Wet bodembescherming. In het Bbk zijn criteria opgenomen om vast te stellen of een materiaal een steenachtige bouwstof is.

1.1.3 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht

De aanleg van een kunstgrasveld is vergunningplichtig op basis van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (art. 2.1 eerste lid, onder b) in gevallen waarin dat bij een bestemmingsplan is bepaald. Als de aanleg in strijd is met regels/voorschriften in een bestemmingsplan wordt de omgevingsvergunning geweigerd.

1.2 Achtergrond 1.2.1 Infill / rubbergranulaat

Er zijn verschillende typen rubbergranulaat, die gebruikt worden als instrooirubber op kunstgrasvelden, zoals rubbergranulaat van personen- en bedrijfsautobanden (SBR-rubber), rubbergranulaat op basis van thermoplastisch-elastomeren (TPE) en rubbergranulaat op basis van elastomeren (EPDM). Rubbergranulaat op basis van TPE en EPDM dat speciaal gemaakt is voor deze toepassing, voldoet in de meeste gevallen aan de definitie van een steenachtige bouwstof en valt daarom onder de werking van het Besluit bodemkwaliteit. Rubbergranulaat van personen- en bedrijfsautobanden valt niet onder het Besluit bodemkwaliteit. Bij toepassing moet de toepasser invulling geven aan de zorgplicht uit de Wet bodembescherming om ervoor te zorgen dat de bodem niet verontreinigd wordt. Deze rubbergranulaten (of mengsels daarvan) moeten aantoonbaar voldoen aan de maximale samenstellingswaarden en emissiewaarden van het besluit. Bouwstoffen moeten terugneembaar worden toegepast, zodat ze later weer kunnen worden verwijderd.

16

1.2.3 Zorgplichtdocument kunstgrasvelden Branchevereniging Sport en Cultuurtechniek

Het is nagenoeg ondoenlijk om op voorhand uitspraken te doen of er wordt voldaan aan de zorgplicht. Of sprake is van een juiste toepassing van de zorgplicht is afhankelijk van de specifieke omstandigheden zoals de keuze van het materiaal, de opbouw van het kunstgrasveld en de maatregelen die tijdens de gebruiksfase genomen moeten worden. De zorgplicht geldt voor iedereen (de toepasser, gebruiker en eigenaar). De Branchevereniging Sport en Cultuurtechniek heeft een zorgplichtdocument opgesteld die als handleiding gebruikt kan worden om invulling te geven aan de zorgplicht.

1.2.4 Eisen vanuit sportbonden

Vanuit de verschillende sportbonden (KNVB, KNKV en Atletiekunie) worden eisen gesteld aan de inrichting van buitensportaccommodaties. De eisen worden meegenomen in het onderhoud van de accommodaties. Echter heeft de KNKB geen normering voor de kaatsvelden. Ook bij deze velden wordt gestreefd naar een vlak, stroef en goed afgewaterd veld.

1.2.5 Mogelijk Europees verbod op rubbergranulaat

In juni 2020 heeft het risicobeoordelingscomité (RAC) van het Europees Agentschap voor chemische stoffen geconcludeerd dat er een compleet verbod op rubbergranulaat op kunstvelden moet komen. De Europese Commissie moet hierover nog een besluit nemen. Als het voorstel zonder wijzigingen wordt overgenomen, komt er na een zes jarige transitieperiode een totaal verbod op rubbergranulaat.

1.2.6 Mogelijk Europees verbod op microplastics

Eind 2020 wordt het definitieve advies op een verbod op microplastics van risicobeoordelingscomité (RAC) van het Europees Agentschap voor chemische stoffen verwacht. De discussie en stemronden worden in 2021 verwacht. Een dergelijk verbod zou betekenen dat diverse typen infill - zoals SBR, TPE en EPDM – verboden worden, waarschijnlijk vanaf 2022.

17

2. Beheermaatregelen De beheermaatregelen zijn gebaseerd op de zorgplichtmaatregelen van de Branchevereniging Sport en Cultuurtechniek (zie bijlage 1) en zijn gericht op het voorkomen van de verspreiding van infill en vezels buiten de kunstgrasvelden. Binnen het onderhoud en beheer van kunstgrasvelden zal worden gewerkt volgens de geldende richtlijnen en wet- en regelgeving. In praktijk zal, indien nodig, het beheer bijgesteld worden binnen de grenzen van dit beheerplan en op basis van de toekomstige ontwikkelingen op het gebied van beheer van kunstgrasvelden. Het beheer van kunstgrasvelden zijn onder te verdelen in klein/dagelijks onderhoud en groot onderhoud. De uitvoer van beheermaatregelen worden bijgehouden in een logboek (zie bijlage 2). Voor de beheerders (zie bijlage 3) en gebruikers (zie bijlage 4) van de kunstgrasvelden zijn onderhoudsvoorschriften opgesteld. Over de beheermaatregelen en gebruiksvoorschriften worden heldere afspraken gemaakt met de verenigingen. Deze afspraken gaan in op hoe om te gaan met kunstgrassportvelden, welke verantwoordelijkheden voor gemeente Waadhoeke en voor de verenigingen zijn en wie het aanspreekpunt is (zowel vanuit gemeente als vanuit de vereniging). De controle wordt onder andere uitgevoerd door de gemeente (toezichthouder) en wordt jaarlijks geëvalueerd.

2.1 Overzicht beheermaatregelen

Hieronder wordt aangegeven wat de onderhoudsmaatregelen zijn, hoe en met welke frequentie dit dient te worden uitgevoerd. De genoemde codes worden gebruikt in het logboek. Code R.O. 1

Regelmatig onderhoud Inspectie infill dikte

Frequentie 2 keer per jaar

Hoe Visuele inspectie om de dikte van infill vast te stellen.

R.O. 2

Inspectie penalty-, corner- en middenstip

1 keer per maand

Visuele inspectie om de dikte van infill vast te stellen.

R.O. 3

Inspectie naden en belijning

1 keer per maand

Visuele inspectie van naden en belijning.

R.O. 4

Inspectie hekwerken, doelen, dug-outs, verlichting

1 keer per maand

Visuele inspectie van hekwerken doelen dug-outs verlichting.

R.O. 5

Handmatig verwijderen zwerf- 1 keer per week Handmatig van verwijderen zwerf en en kantine afval kantine afval. Bij het aantreffen van infill korrels buiten het veld worden de korrels bijeen geveegd en afgevoerd bij het restafval.

R.O. 6

Schoonmaken walk-on/walkoff schoonlooproosters

1 keer per maand

Schoonmaken van walk on/ walk off schoonlooproosters waarbij de inhoud wordt afgevoerd. Voer veegafval af als restafval en niet als GFT.

18

R.O. 7

Natuurlijk afval en blad verwijderen

1 keer per week In de herfst natuurlijk afval (takken, bladeren). Voer veegafval af als restafval en niet als GFT. Blaas bladeren die op het kunstgrasveld vallen niet in de berm of bosschages, maar verwijder ze op het veld. Door het schoonblazen van het kunstgrasveld naar buiten blaast men het instrooimateriaal en de door slijtage losgekomen kunstgrasvezels die op het kunstgrasveld liggen naar buiten en dat zorgt juist voor verdere verspreiding.

R.O. 8

Onkruid verwijderen randen veld

2 keer in de maand

R.O. 9

Slepen veld

1 keer per week Afhankelijk van speeluren, eventueel vaker. Bij de werkzaamheden dienen de infillkorrels binnen het omheinde veld te blijven. Maak de op het veld ingezette (onderhouds)machines schoon vóór het verlaten van het veld.

R.O. 10

Handmatig bijvullen infill stress zones

1 keer per maand

Afhankelijk van speeluren, eventueel vaker. Bij de werkzaamheden dienen de infillkorrels binnen het omheinde veld te blijven.

R.O. 11

Wiedeggen, kriebeleggen veld 1 keer per maand

Afhankelijk van speeluren, eventueel vaker. Bij de werkzaamheden dienen de infillkorrels binnen het omheinde veld te blijven. Maak de op het veld ingezette (onderhouds)machines schoon vóór het verlaten van het veld.

Mits noodzakelijk, al dan niet handmatig onkruid verwijderen. Voer veegafval af als restafval en niet als GFT.

19

Code S.P. 1 S.P. 2

Specialistisch onderhoud Intensieve inspectie veld

Frequentie 1 keer per jaar

Leveren en aanbrengen infill

1 keer per jaar

Reinigen verharding

1 keer per jaar

Door erkend bedrijf. Bij het aantreffen van korrels wordt dit afgevoerd als restafval.

1 keer per jaar

Bij de jaarlijkse inspectie van de velden, wordt de drainage geïnspecteerd. Op basis van deze inspectie wordt bepaald of doorspuiten noodzakelijk is. Uitgangspunt is om alleen in uiterste noodzaak de drainage door te spuiten.

S.P. 3

Inspectie drainagesysteem S.P. 4 S.P. 5

S.P.6

Doorspuiten drainagesysteem 1 keer per 3 jaar

Bij en aantreffen van korrels door afgevoerd als restafval.

Oppervlakte putten gekoppeld aan drainage

1 keer per jaar

Reinig de oppervlakte putten rondom kunstgrasvelden (indien aanwezig) 1 x per jaar. Verwijder en voer het af als reststof (dus niet in de bosschages deponeren). Afvoeren als restafval.

Kolkenreinigen

2 tot 4 keer per jaar

Reinig de kolken rondom kunstgrasvelden (indien aanwezig) 2 tot 4 x per jaar. Verwijder het kolkenslib en voer het af als restafval (dus niet in de bosschages deponeren).

Onkruid op verhardingen

Indien nodig. Tenminste zo, dat het onderhoud op hoog niveau is.

S.P. 6

S.P. 7

Hoe Visuele inspectie van veld. Voorkom verspreiding bij het leveren en aanbrengen van de infill.

Het handmatig verwijderen van onkruid tussen de rand van het veld en de banden en/of borden.

20

Deel 3: Overig beheer buitensportaccommodaties Deel 3 gaat in op het beheer van overige inrichtingselementen op de buitensportaccommodaties. Hieronder vallen bosjes en bomen rond sportvelden, hekwerken, ballenvangers, goals, dug-outs, verlichting, verhardingen en beregeningsinstallaties.

1. Uitgangspunten overig beheer

Uitgangspunt 1: Inrichtingselementen voldoen aan de sporttechnische eisen.

Ook voor de inrichtingselementen geldt dat zij dienen te voldoen aan de eisen zoals gesteld door de verschillende sportbonden. Daarnaast wordt, vanuit beheerbaarsheid, gestreefd naar een uniformiteit in typen hekwerken, doelen, ballenvangers en dug-outs. Onkruidbestrijding op verhardingen wordt zonder het gebruik van gif uitgevoerd. De staat van de inrichtingselementen (met uitzondering van verhardingen) wordt meegenomen in de driejaarlijkse sporttechnische keuring.

Uitgangspunt 2: Alle sportvoorzieningen zijn kwalitatief van een hoog niveau, en duurzaam.

Een van de doelstellingen van de Sportnota is dat alle sportvoorzieningen van een kwalitatief hoog niveau en duurzaam zijn. Deze doelstelling is ook van toepassing op de inrichtingselementen. Bij een renovatie worden ook inrichtingselementen beoordeeld en indien nodig meegenomen in de werkzaamheden.

Uitgangpunt 3: biodiversiteit, ecologie en duurzaamheid

Binnen geïntegreerde gewasbescherming staat preventie centraal. Een onderdeel hiervan is biologische bestrijding, waarbij ecologische principes leidend zijn voor het beheer. Om de meeste buitensportaccommodaties staan bomen en bosschages. Door het beheer te richten op de ontwikkeling van een diversiteit aan soorten, wordt gewerkt aan de biologische bestrijding van plagen op sportvelden. Bomen rondom de velden worden geïnspecteerd volgens de VTA (Visual tree assessment) om onveilige situaties te voorkomen en te voldoen aan de wettelijke zorgplicht (Boek 6 van het Burgerlijk wetboek (BW), artikel 6.162).

21

Deel 4: Renovatie

Deel 4 gaat in op de renovatie van natuurgrassportvelden en kunstgrassportvelden. Hierbij spelen de uitgangspunten, zoals beschreven, een centrale rol. De renovatiebehoefte van de sportvelden en inrichtingselementen wordt bepaald naar aanleiding van een sporttechnische keuring.

1. Keuringen

Zowel de natuur- als de kunstgrassportvelden, worden iedere drie jaar sporttechnisch gekeurd. De kwaliteit van de natuurgrassportvelden wordt beoordeeld op de kenmerken bodem, waterhuishouding, vlakheid en grasbestand. De kwaliteit van de kunstgrassportvelden wordt visueel beoordeeld op de kenmerken conditie (uniformiteit, vervuiling e.d.), vulling en vlakheid. De laagdikte (vulling) is gemeten met een dikteprikker. Uit deze keuring komt een advies voor (aanvullende) onderhoudsmaatregelen. Ook wordt op basis van deze keuring een renovatieschema opgesteld. In dit renovatieschema zijn zowel natuurgrasvelden als kunstgrasvelden opgenomen. Renovatie is nodig als uit de keuring blijkt dat het veld of de mat niet aan de cultuurtechnische voorwaarden voldoet.

2. Uitgangspunten renovatie natuurgrassportvelden Uitgangspunt 1: Ontwikkelingen natuurgras

De ontwikkeling van natuurgrasvelden staat niet stil. Zo kan er door extra aandacht aan de ondergrond te besteden een zogenaamd WeTra (WEstrijd TRAiningsveld) of een O2 veld worden gerealiseerd. Beide sportveldtypen zijn natuurgrasvelden dat voldoende beschikbaar is (een toplaag die snel droogt), meer bespeelbaar (totaal aantal uren te bespelen) met voldoende kwaliteit (stabiliteit) Daarnaast zijn er hybridevelden. Dit is een combinatie van natuurgras met kunstgras. Hybride velden zijn dermate duur in aanleg dat dan meestal gekozen wordt voor een volledig kunstgrassportveld. Deze en andere ontwikkelingen worden gevolgd en bij een renovatie wordt onderzocht welke type veld het meest geschikt is. Indien wordt besloten om in onze gemeente kunstgrasvelden om te bouwen naar natuurgras, dan ligt het voor de hand om te kiezen voor de WeTra constructie. Het grote voordeel van een natuurgrasveld is, is dat de investering eenmalig hoeft te worden gepleegd. Een eenmaal aangelegd veld hoeft slechts eens in de 15 à 20 jaar te worden gerenoveerd, waarmee dan een investering van zo’n € 50.000,- is gemoeid.

Uitgangspunt 2: Door de inzet van cultuurtechnische technieken en maatregelen de technische levensduur van een veld verlengen

Indien uit de sporttechnische keuring blijkt dat de toplaag nog goed is, kan door zwaardere onderhoudsmaatregelen de levensduur verlengd worden en zo een volledige renovatie uitgesteld worden. Ook de inzet van planmatig onderhoud binnen geïntegreerde gewasbescherming is gericht op het verlengen van de levensduur en het voorkomen van extra dagelijks onderhoud en het uitstellen van groot onderhoud.

22

3. Uitgangspunten renovatie kunstgrassportvelden

Uitgangspunt 1: Een sportveld is van natuurgras, en kunstgras als het moet.

De Sportnota ‘Waadhoeke beweegt mee’, geeft aan dat gemeente Waadhoeke kritisch staat tegenover kunstgrasvelden. Een renovatie kan daarmee een uitgelezen kans zijn om te onderzoeken of een kunstgrasveld noodzakelijk is of dat deze omgevormd kan worden naar een natuurgrasveld. De ontwikkelingen rond kunstgrassportvelden en infill zijn in volle gang. Bij een renovatie wordt daarom gekeken naar alle ontwikkelingen en mogelijkheden op het gebied van soort mat en infill. Indien een kunstgrasveld vervangen moet worden door kunstgras, zal veel aandacht worden geschonken aan aspecten als duurzaamheid, circulariteit, CO2 uitstoot en dergelijke. Daarnaast zal gebruik worden gemaakt van natuurlijke instrooimaterialen, mede afhankelijk van de ontwikkelingen op dit gebied. Zo worden op dit moment kunstgrasvelden zonder instrooimateriaal doorontwikkeld, omdat de huidige systemen nog niet voldoen.

Uitgangspunt 2: Ontwikkelingen regelgeving en ontwikkelingen velden worden gevolgd.

Zoals aangegeven in deel 2 van dit beheerplan, dient te worden voldaan aan de zorgplicht Wbb. Daarnaast wordt een Europees verbod op rubber (SBR) en plastic (TPE) infill verwacht. Dit verbod gaat naar verwachting in per 2028. Vanwege alle onzekerheden en ontwikkelingen op het gebied van kunstgrassportvelden en infill, is het op dit moment niet mogelijk een richting te kiezen. Vanzelfsprekend zullen alle ontwikkelingen in de gaten gehouden worden. Op het moment van een renovatie zal een afweging gemaakt moeten worden of een veld een natuurgrassportveld of een kunstgrassportveld wordt / blijft. (zie uitgangspunt 1)

Uitgangspunt 3: Er wordt bij renovatie en aanleg geen gebruik gemaakt van rubber of kunststof infill. Vanwege de zorgplicht uit de Wbb, de aanstaande Europese verboden en de risico’s voor het milieu en mogelijke risico’s voor de volksgezondheid, worden SBR, EPDM, PE, TPE en andere niet natuurlijke infillmaterialen bij een renovatie of aanleg niet meer gebruikt. Vrijwel altijd lekt er infillmateriaal uit naar de omgeving. Dit geldt voor alle typen infill.

Uitgangspunt 4: Door het inzetten van cultuurtechnische maatregelen wordt de technische levensduur van een veld verlengd

Door het inzetten van beheer- en onderhoudsmaatregelen wordt getracht om vervanging van een kunstgrassportveld zo lang mogelijk op te rekken. Dit op een manier dat wordt voldaan aan de eisen vanuit de sportbonden en zonder in te boeten op de kwaliteit van de velden. Echter zijn er nu velden die op basis van de sporttechnische keuring aan vervanging toe zijn.

23

4. Planning renovaties

Hieronder wordt een overzicht gegeven van de velden die in de periode 2022-2026 in aanmerking komen voor renovatie. In bijlage 6 staat het overzicht van de theoretische renovatiebehoefte voor de periode 2027 -2031. De jaartallen zoals vermeld geven een theoretisch overzicht van de renovatiebehoefte. De bedragen geven indicatieve kosten voor aanleg renovatie van de toplaag. Locatie

Veld

Renovatie

Franeker Hertog van Saxenlaan Franeker Hertog van Saxenlaan Minnertsga

Voetbal Veld A (natuurgras) Voetbal Veld D (kunstgras) Voetbal Veld B (natuurgras) Voetbal Hoofdveld (kunstgras) Kaatsveld (natuurgras) Kaatsveld (natuurgras) Korfbalveld (natuurgras) Voetbal Veld B (kunstgras) Voetbal hoofdveld (kunstgras) Voetbal Veld A (natuurgras) Voetbal Veld B (kunstgras) Atletiek rondbaan

2023

Indicatieve raming Excl. BTW € 85.000,-

2023

€ 200.000

2023

€ 85.000,-

2024

€ 200.000

2024 2024

€ 85.000,€ 85.000,-

2025

€ 85.000,-

2025

€ 200.000

2026

€ 200.000

2026

€ 85.000,-

2026

€ 200.000

2026

I.v.m. lopende ontwikkelingen is het niet mogelijk een raming te maken.

Berltsum Minnertsga Ried Franeker Bloemketerp Sportpark Schatzenburg Minnertsga Sexbierum Sexbierum Franeker Bloemketerp

Door het inzetten van cultuurtechnische onderhoudsmaatregelen uitgevoerd wordt zoveel mogelijk de levensduur van de velden verlengd. Als een veld niet meer aan de cultuurtechnische eisen voldoet, wordt onderzocht welke renovatie werkzaamheden moeten worden uitgevoerd. Om deze reden kan vooraf geen exacte raming worden opgemaakt. Daarnaast worden ontwikkelingen op het gebied van cultuurtechniek en sportvelden meegewogen om tot een renovatie te komen. Zoals vermeld in de uitgangspunten wordt bij een renovatie onderzocht of een kunstgrassportveld omgebouwd kan worden naar een natuurgrassportveld.

24

Deel 5: Financiën In dit deel wordt ingegaan op de budgetten die nodig zijn voor het beheer en onderhoud van de natuurgrassportvelden en de kunstgrassportvelden, de kosten van de sporttechnische keuring en renovaties. De ontwikkelingen in de markt en aanbesteding zijn autonome ontwikkelingen waarop wij geen invloed hebben. Het is in alle gevallen – hoe zorgvuldig de berekeningen ook zijn gemaakt - de vraag hoe hoog de aanleg- /vervangingskosten op het moment van aanbesteding zijn. Ook is nog niet bekend of bodemsanering nodig is bij de vervanging van de velden. De geraamde kosten zijn daarom indicatief.

5.1 Jaarlijkse kosten onderhoud De jaarlijkse kosten van het regulier onderhoud van sportvelden worden geraamd op: Natuurgrasvelden Kunstgrasvelden Jaarlijkse stelpost (beregenen, drainage fieldtopmaker) Onkruidbestrijding op verhardingen Maatregelen keuringen Levensduur verlengende maatregelen n.a.v. keuringen Raming incl. 21% BTW

€ 145.805 € 17.545 € 99.825 € 16.940 € 2.420 € 3.025 € 285.560

Een deel van de werkzaamheden worden uitgevoerd door de gemeentelijke sportveldmedewerkers (totaal 4 FTE) en door sportverenigingen. Deze kosten zijn niet opgenomen in de ramingen. Opgemerkt moet worden dat de kosten voor o.a. het beregenen en het controleren en onderhoud van de drainagesystemen in de raming is opgenomen als stelpost. Voor bijvoorbeeld het beregenen geldt dat dit in hoge mate afhankelijk is van de weersomstandigheden. In de raming is uitgegaan van jaarlijks 50% van de geraamde kosten.

5.2 Keuringen Zoals eerder in dit beheerplan aangegeven worden de sportcomplexen iedere 3 jaar gekeurd. De kosten van de keuring worden geraamd op € 5.500,-. Daarnaast is een stelpost van € 7.500,- opgenomen voor het uitvoeren van levensduur verlengende maatregelen n.a.v. sporttechnische keuring. Deze kosten zijn opgenomen in het overzicht bij 5.1.

25

5.3 Groot onderhoud / renovaties De voorlopig indicatieve kosten voor groot onderhoud / renovaties in de periode 2022-2026 worden geraamd op € 1.510.000,- excl.. BTW (zie hoofdstuk 4 voor planning en ramingen). Renovatie / Groot onderhoud: Franeker, H.van Saxenlaan Franeker, H.van Saxenlaan Minnertsga Berltsum Minnertsga Ried Franeker, Bloemketerp. Sportpark Schatzenburg Minnertsga Sexbierum Sexbierum

soort: Voetbal Voetbal Voetbal Voetbal Kaatsveld (natuurgras) Kaatsveld Korfbalveld Voetbal Voetbal hoofdveld Voetbal Voetbal

benaming veld: Veld A, Natuurgras Veld D, Kunstgras Veld B, Natuurgras Hoofdveld, Kunstgras Kaatsveld, Natuurgras Kaatsveld, Natuurgras Korfbalveld, Natuurgras Veld B, Kunstgras Hoofdveld, Kunstgras Veld A, Natuurgras Veld B, Kunstgras Raming exkl. BTW 21% BTW Waarvan vergoed via SPUK Totaal

2023 85.000 200.000 85.000

2024

2025

2026

200.000 85.000 85.000 85.000 200.000

370.000 77.700 64.750 382.950

370.000 77.700 64.750 382.950

285.000 59.850 49.875 294.975

200.000 85.000 200.000 485.000 101.850 84.875 501.975

Totalen: 85.000 200.000 85.000 200.000 85.000 85.000 85.000 200.000 200.000 85.000 200.000 1.510.000 317.100 264.250 1.562.850

De indicatieve bedragen waarop de raming is gebaseerd zijn per veld voor onder andere: • aanleggen drainage € 13.000,• aanleggen beregening € 30.000,• aanleggen verlichting € 45.000,• aanleggen verharding (voetpad) € 25.000,• vervangen sporttechnische laag € 50.000,• uitvoeren bodemsaneringen, kosten bekend na het uitvoeren van bodemonderzoeken. • aanleggen terreininrichtingen, kosten bekend bij het opstellen van een bestek. • te nemen cultuurtechnische levensduur verlengende maatregelen. De BTW die drukt op de onderhoudskosten van sportvelden is een kostenpost voor gemeenten. Dit betekent dat de budgetten voor zowel het jaarlijks onderhoud als het groot onderhoud inclusief BTW beschikbaar gesteld moeten worden. Maar vanaf 2019 biedt het rijk de gemeenten hiervoor een compensatie door middel van een subsidieregeling genaamd SPUK-sport (SPecifieke UitKering sport). Deze compensatie is niet volledig maar voor circa 83%. Voor zover de BTW vergoeding betrekking heeft op groot onderhoud vloeit deze weer terug naar de voorziening. In het verloop van de voorziening is hiermee dan ook rekening gehouden.

26

5.4 Voorziening Buitensportaccommodaties Het BBV, in het bijzonder artikel 44, geeft aan wanneer en op welke wijze een voorziening kan worden gevormd. Lid 1c van dit artikel geeft het volgende aan: Kosten die in een volgend begrotingsjaar zullen worden gemaakt, mits het maken van die kosten zijn oorsprong mede vindt in het begrotingsjaar of een voorafgaand begrotingsjaar en de voorziening strekt tot een gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal begrotingsjaren. Voorzieningen die worden gevormd om de (groot) onderhoudslasten van een kapitaalgoed over een aantal jaren te egaliseren kunnen alleen worden ingesteld en gevoed op basis van een beheerplan van het desbetreffende kapitaalgoed. Dit beheerplan dient periodiek te worden geactualiseerd. De voorziening Sportvelden heeft per 1-7-2021 een saldo van € 257.394,-. Tevens is er nog een Sportreserve van voormalig gemeente het Bildt, met een saldo van € 41.737,-. Deze was eveneens bestemd voor groot onderhoud. In bijlage 7 is het verloop van de voorziening aangegeven uitgaande van het hiervoor genoemde groot onderhoud: zowel vóór als ná het voorstel.

5.5 Resumerend voor planperiode 2022 – 2026 • •

Voor regulier onderhoud is (afgerond) jaarlijks € 286.000,- nodig. Er is € 266.000 beschikbaar zodat aan de raad wordt voorgesteld om € 20.000,- extra beschikbaar te stellen. Voor groot onderhoud/renovatie is in de planperiode 2022-2026 € 1.562.850,- nodig. De voorziening is (rekening houdend met jaarlijkse dotaties van € 70.800,-) te laag om het groot onderhoud uit te kunnen voeren. Er wordt aan de raad voorgesteld om de jaarlijkse dotatie met € 182.000,- te verhogen.

27

Deel 6: Bijlagen

28

Bijlage 1: Overzicht maatregelen uit zorgplichtdocument BSNC m.b.t. kunstgrassportvelden Technische maatregelen bij aanleg • • • • • • • • •

Voorzie het kunstgrasveld rondom van kantplanken, boarding of andere voorzieningen die op adequate wijze verspreiding van instrooimateriaal en vezels buiten het veld voorkomen. Leg het kunstgrasveld lager aan dan de aanwezige verharding. Maak een soort verlaagde bak. Leg de verharding onder afschot naar het kunstgras, in plaats van naar de berm. Plaats een prefab betonplaat met rand. Plaats bij de uitstroomopening van het drainagesysteem en/of van de kolken (rondom een kunstgrasveld) een slibvangput met sok. Plaats een verhoogde betonband met voldoende kerende hoogte (opsluitband) aan de buitenzijde van de uitloopstrook. Laat een dubbelstaafmat zakken tot op de betonplaten en breng een kunststof afscheiding aan. Plaats een rubber flap of borstel aan de onderzijde van de poorten. Plaats bij elke toegangspoort een schoonlooprooster met vuilopvang, waarbij men (indien mogelijk) binnen de hekwerken borstels plaatst. Het schoonlooprooster moet dusdanig lang en breed zijn, dat een gebruiker minimaal twee stappen op het rooster zet.

Maatregelen bij opruimen / renovatie •

• • • •

• • • • • •

Voorkom verspreiding tussen het op te ruimen kunstgrasveld en de laadlocatie van de kunstgrasrollen. Daarbij moet men ook eisen stellen aan het transportmiddel (vrachtwagen), bijvoorbeeld het toepassen van een gesloten vrachtauto om verspreiding van instrooimateriaal tijdens transport en afvoer naar een erkende verwerker te voorkomen. Neem eisen op om bij het oprollen van de kunstgrasmat het morsen van rubber te voorkomen, zodat deze zich niet vermengt met de sporttechnische laag. Laat de materialen slechts een beperkte periode in depot naast het veld liggen. Voorzie het tijdelijk depot van een geovlies, zodat men eventueel gemorst materiaal gemakkelijk kan verwijderen. Let er bij transport van de opgerolde matten op dat dit schoon gebeurt en dat er geen losse materialen uitvallen.

Neem de benodigde werkzaamheden voor de zorgplicht op in een dagelijks werkschema, logboek of toolboxmeeting. Stel eenduidige onderhouds- en gebruiksrichtlijnen op, met een praktische uitleg over de noodzaak van het voorkomen van verspreiding van instrooimateriaal en vezels. Via startoverleg, voorlichting en cursussen kan men de inhoud onder de aandacht brengen bij de beheerders. Onderdeel van bewustwording, uitleg nut en noodzaak en creëren draagvlak. Bespreek het onderwerp zorgplicht regelmatig in werkoverleggen met beheerders en aannemers/ onderaannemers. Voer veegafval af als restafval en niet als GFT. Blaas bladeren die op het kunstgrasveld vallen niet in de berm of bosschages, maar verwijder ze op het veld. Door het schoonblazen van het kunstgrasveld naar buiten blaast men het instrooimateriaal

29

• • •

en de door slijtage losgekomen kunstgrasvezels die op het kunstgrasveld liggen naar buiten en dat zorgt juist voor verdere verspreiding. Reinig de kolken rondom kunstgrasvelden (indien aanwezig) 2 tot 4 x per jaar. Verwijder het kolkenslib en voer het af als reststof (dus niet in de bosschages deponeren). Ruim zichtbaar aanwezig instrooimateriaal op. Wat buiten het veld ligt; opruimen (opzuigen) en afvoeren als restafval. Maak de op het veld ingezette (onderhouds)machines schoon vóór het verlaten van het veld.

Maatregelen door gebruikers van het kunstgrasveld • • • • •

Lees de gebruiksvoorschriften van het kunstgrasveld en kom ze na (hangen vaak bij ingang veld). Verlaat het kunstgrasveld via de schoonlooproosters, eventueel even stampen. Borstel de sportschoenen bij het verlaten van het kunstgrasveld. Klop de sokken boven een afvalbak (afvoeren als restafval). Veeg de kleedkamer en douche schoon en schep de putjes leeg, voer het afval af als restafval.

30

Bijlage 2: Onderhoudslogboek kunstgrassportvelden Onderhoudslogboek van …............ tot …............. Datum

Tijd

Code onderhoud

Paraaf

…....../…......./….......

…....../…......./….......

…....../…......./….......

…....../…......./….......

…....../…......./….......

…....../…......./….......

…....../…......./….......

31

Bijlage 3 : Onderhoudsvoorschriften kunstgrassportvelden voor beheerders • • •

•

• •

Bij het uitvoeren van onderhoudstaken, wordt dit genoteerd in het logboek. Voer veegafval af als restafval en niet als GFT. Verzamel het veegafval op de aangewezen plek. Blaas bladeren die op het kunstgrasveld vallen niet in de berm of bosschages, maar verwijder ze op het veld. Door het schoonblazen van het kunstgrasveld naar buiten blaast men het instrooimateriaal en de door slijtage losgekomen kunstgrasvezels die op het kunstgrasveld liggen naar buiten en dat zorgt juist voor verdere verspreiding. Verzamel het veegafval op de aangewezen plek. Voer veegafval af als restafval en niet als GFT. Reinig de kolken rondom kunstgrasvelden (indien aanwezig) 2 tot 4 x per jaar. Verwijder het kolkenslib en voer het af als restafval (dus niet in de bosschages deponeren). Ruim zichtbaar aanwezig instrooimateriaal op, wat buiten het veld ligt: opruimen (opzuigen) en afvoeren als restafval. Verzamel het veegafval op de aangewezen plek. Maak de op het veld ingezette (onderhouds)machines schoon vóór het verlaten van het veld.

Bijlage 4: onderhoudsvoorschriften kunstgrassportvelden voor gebruikers • • • •

• • • • • •

•

Bij het uitvoeren van onderhoudstaken, wordt dit genoteerd in het logboek. Bij het betreden en verlaten van het veld wordt uitsluitend gebruik gemaakt van de schoonlooproosters. Voer veegafval af als restafval en niet als GFT. Verzamel het veegafval op de aangewezen plek. Blaas bladeren die op het kunstgrasveld vallen niet in de berm of bosschages, maar verwijder ze op het veld. Door het schoonblazen van het kunstgrasveld naar buiten blaast men het instrooimateriaal en de door slijtage losgekomen kunstgrasvezels die op het kunstgrasveld liggen naar buiten en dat zorgt juist voor verdere verspreiding. Verzamel het veegafval op de aangewezen plek. Voer veegafval af als restafval en niet als GFT. Ruim zichtbaar aanwezig instrooimateriaal op, wat buiten het veld ligt: opruimen (opzuigen) en afvoeren als restafval. Verzamel het veegafval op de aangewezen plek. Voer veegafval af als restafval en niet als GFT. Maak de op het veld ingezette (onderhouds)machines schoon vóór het verlaten van het veld. Lees de gebruiksvoorschriften van het kunstgrasveld en kom ze na (hangen vaak bij ingang veld). Verlaat het kunstgrasveld via de schoonlooproosters, eventueel even stampen. Borstel de sportschoenen bij het verlaten van het kunstgrasveld. Klop de sokken boven een afvalbak (afvoeren als restafval). Veeg de kleedkamer en douche schoon en schep de putjes leeg, voer het afval af als restafval.

32

Bijlage 5 : Overzicht technische specificaties kunstgrasvelden Veld gemeente

Jaar aanleg 2012

Type infill

Type mat

SBR

FieldTurf Optimum 60-14

Deinum hoofdveld voetbal Deinum korfbal Franeker veld C Franeker veld D Menaam Schatzenburg B-veld Minnertsga hoofdveld Sexbierum B-veld St. Annaparochie

2016

rubber

Edel soccer diamontblade 45 17 SB-S

2016 2008 2008 2010

rubber Zand / rubber Zand / rubber SBR

Edel soccer diamontblade 45 17 SB-S Evolution Plus Evolution DUO Limonta de MF Diamond 60-14

2013 2010 2015

SBR Zand / rubber SBR

Edel soccer future DS-45 SB-S Fieldturf Duraspine Ultra

Derden: aangelegd door verenging

Jaar aanleg

Type infill

Type mat

Dronryp pupillenveld Oudebildtzijl St. Annaparochie

2012 2020 2015

SBR SBR SBR

FieldTurf Prestige XM 50-13 Edel soccer flashblade 57-17 SB-S

Berltsum hoofdveld

33

Bijlage 6 : Overzicht theoretische renovatie behoefte 20272031 Locatie

Veld

Franeker H. van Saxenlaan Marsum Marsum Marsum Sportpark Schatzenburg Sexbierum St. Annaparochie St. Annaparochie Deinum Deinum Vrouwenparochie Vrouwenparochie Berltsum Berltsum Deinum Franeker H. van Saxenlaan Franeker H. van Saxenlaan Franeker Bloemketerp Franeker Bloemketerp Oudebildtzijl Oudebildtzijl Sportpark Schatzenburg Sportpark Schatzenburg St. Jacobiparochie St. Jacobiparochie St. Jacobiparochie Tzummarum Tzummarum Vrouwenparochie

Voetbal veld B (natuurgras) Voetbal hoofdveld (natuurgras) Voetbal Veld B (natuurgras) Voetbal trainingsveld (natuurgras) Voetbal trainingsveld (natuurgras) Kaatsveld (natuurgras) Voetbal veld B (natuurgras) Voetbal trainingsveld (natuurgras) Voetbal hoofdveld (kunstgras) Korfbal (kunstgras) Voetbal hoofdveld (natuurgras) Kaatsveld / ijsbaan (natuurgras) Voetbal veld B (natuurgras) Voetbal trainingsveld (natuurgras) Voetbal veld B (natuurgras) Voetbal pupillenveld (natuurgras) Voetbal veld C (kunstgras) Atletiek rondbaan Atletiek middenterrein Voetbal hoofdveld (natuurgras) Kaatsveld (natuurgras) Voetbal hoofdveld V.V. Dronrijp (natuurgras) Voetbal hoofdveld Foarut (natuurgras) Voetbal hoofdveld (natuurgras) Voetbal pupillenveld (natuurgras) Voetbal trainingsveld (natuurgras) Voetbal veld A (natuurgras) Voetbal trainingsveld (natuurgras) Voetbal trainingsveld (natuurgras)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=waadhoeke&id=b194479e-cacb-4123-b0ed-a7a7708279ad