RV Instellen onderzoekscommissie geloofsbrieven benoeming wethouder en raadslid
Tekst van het document
Raadsvoorstel Onderwerp: Afdeling: Datum: Datum raadsvergadering: Documentnummer: Zaaknummer: Afdelingshoofd:
Instellen onderzoekscommissie geloofsbrieven benoeming wethouder en raadslid Griffie 15 december 2023 21 december 2023 INT/23 – 591685 Z23 – 271448
Voorstel
Een onderzoekscommissie voor de geloofsbrieven voor de benoeming van een wethouder en raadslid in te stellen, bestaande uit drie leden van de raad: 1. De heer M. Freund (voorzitter); 2. De heer W.J. de Graaff; 3. De heer J.C.S.M. Vrensen.
Inleiding
In het Reglement van Orde voor de gemeenteraad van Vught is bepaald dat bij de benoeming van een wethouder en raadslid een commissie wordt ingesteld. De commissie onderzoekt of de benoeming van de kandidaat-wethouder en -raadslid voldoet aan de vereisten van de artikelen 36a, 36b, 41b, eerste, derde en vierde lid, en 41c, eerste lid, van de Gemeentewet. Na onderzoek van de geloofsbrieven brengt de commissie advies uit aan de raad. Indien van toepassing, wordt van een minderheidsstandpunt melding gemaakt in dit advies. Vervolgens besluit de raad schriftelijk over de benoeming. De kandidaat-wethouder en -raadslid hebben een verklaring omtrent het gedrag (VOG) overlegd. Daarnaast heeft de burgemeester, zoals gebruikelijk bij de benoeming van een nieuwe wethouder, opdracht gegeven een risicoanalyse integriteit uit te voeren voor de kandidaatwethouder.
Achtergrond -
Beoogd effect Het instellen van een onderzoekscommissie van de raad die de geloofsbrieven onderzoekt van: - De te benoemen wethouder, de heer N.C. de Lange; - Het te benoemen raadslid, de heer R.A.M. Duijghuisen.
Zaaknummer: Z23 – 271448 Documentnummer: INT / 591685
1/2
Werkwijze 1. Voor het onderzoek geloofsbrieven wordt een onderzoekscommissie ingesteld Het Reglement van Orde van de raad 2019 (artikel 7, lid 1, 2 en 3) schrijft voor dat uit de raad een commissie van drie leden benoemd wordt, die de geloofsbrieven, de daarop betrekking hebbende stukken van de kandidaat-wethouder en -raadslid en de processen-verbaal van de stembureaus onderzoekt. De commissie brengt een schriftelijk verslag uit aan de raad en doet daarbij een voorstel voor een besluit. Ook van een minderheidsstandpunt wordt melding gemaakt. De kandidaat-wethouder is onderworpen aan een risicoanalyse integriteit. Tot slot besluit de raad over de benoeming van de kandidaat-wethouder en -raadslid. 2. Eed of verklaring en belofte (artikel 14 Gemeentewet) Bij een positief advies leggen de kandidaat-wethouder en -raadslid de eed of verklaring en belofte in handen van de voorzitter af. Zowel een wethouder als een raadslid kunnen de functie pas uitoefenen als de eed of verklaring en belofte is afgelegd.
De griffier,
drs. J.A. Deneer
Zaaknummer: Z23 – 271448 Documentnummer: INT/23 – 591685
2/2