CConstaterende datVught
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsinformatiebrief Meicirculaire 2022 gemeentefonds

Raadsvergadering 14 juli 2022, gemeente VughtBij agendapunt: Bestuursrapportage (burap) I-202237.490 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

vice Raadsinformatiebrief Datum

21 juni 2022

Onderwerp

Meicirculaire gemeentefonds 2022 Z21 - 245726

Zaaknummer Documentnr.

UIT /22-494011

Inleiding Op 1 juni 2022 is de meicirculaire 2022 gepresenteerd. De meicirculaire is gebaseerd op de Voorjaarsbesluitvorming van het Rijk. Deze circulaire is de ingewikkeldste sinds 20 jaar omdat het de herverdeling van het gemeentefonds bevat en de mutaties naar aanleiding van de Voorjaarsnota van het Rijk.

Voorgeschiedenis Vooruitlopend op deze meicirculaire is een Maartbrief verschenen. In deze Maartbrief is een eerste beeld gegeven van de gevolgen van de belangrijkste maatregelen uit het coalitieakkoord, een indicatie van het bedrag voor een eenmalige energietoeslag en extra informatie over de nieuwe verdeling van het gemeentefonds. Deze aankondigingen zijn genoemd en deels verwerkt in de Burap-1 2022 en de kadernota 2023-2026.

Inhoudelijk In dit hoofdstuk gaan we in op de mutaties van het gemeentefonds n.a.v. de meicirculaire

gemeentefonds 2022. Mutaties meicirculaire op het meerjarensaldo € I.OOO' z

a»

s

3.1 Mutaties Gemeentefonds

2.474

3.781

3.2 Mutaties in exploitatie n.a.v. meicirculaire 2022

-1.482

-595

= 4.754

6.043

4.396

-199

-73

-19

ITTETTTTl-Mu.zllEAIT3.+ +W .77li.."w J 3.1

Mutaties gemeentefonds

In onderstaande tabel is een specificatie weergegeven van de mutaties in het gemeentefonds 2022

en volgende jaren n.a.v. de meicirculaire 2022.

LITEZ

ETIREEHAETEREZ

Accresontwikkeling (incl. Herverdeeleffect, uitname volkshuisvestingfonds en woningbouwimpuls)

3.350

Accresontwikkeling 2022

866

Ontwikkeling uitkeringsbasis in meicirculaire 2022

-59

4.727

6.151

1/8

4.522

g

Vught Plafon d BCF, on derschrijding in jaar 2021

182

Opschalingskorting (lagere ap paraatsko sten ), schrapp en oploop Energietoeslag

-27

-30

-38

34

34

-134 34

-143 34

-137

-137

-138

-138

963 403

Jeugdzorg (coalitieakkoord) Eigen bijdrage huishoudelijke hulp (Coalitieakkoord) Extra capa citeit BOA' s

34

W OZ waardering en aanpassing rekentarieven 2023 Suppletie-uitkering Bommenregeling

25

Mantelzorgbeleid

so

Uitvoeringskosten klimaatakkoord

232

Inkomstenderv ing 20 (Covid) Participatie (IU)

13 131

123

129

137

90

Voogdij/18+ (IU)

30

34

35

36

37

Overige

7

-4

-5

-6

TIEEIIREEIRRTIJEEI Accres ontwikkeling (incl. Herverdeeleffect, uitnamen volkshuisvestingfonds en woningbouw impuls) De ontwikkeling van de algemene uitkering wordt nu nog voor een belangrijk deel bepaald door de ontwikkeling van de rijksuitgaven. Volgens het systeem van "trap op, trap af' (oftewel normeringssystematiek) hebben wijzigingen in de rijksuitgaven direct invloed op de omvang van het gemeentefonds. Vanaf 2026 zal het gemeentefonds niet langer meer volgens de normeringssystematiek geïndexeerd worden. Er zal geen volume accres (compensatie van de bevolkingstoename en reëel accres) meer berekend worden, alleen nog een nominaal accres voor de loon- en prijsontwikkelingen. Vanaf 2026 is het accres vastgezet op een plus van€ 840 miljoen bovenop de stand van de miljoenennota 2022. De accressen zijn tot en met 2025 hoger bijgesteld ten opzichte van de maartbrief als gevolg van Vennootschapsbelasting; koppeling AOW (algemene Ouderdomswet) aan stapsgewijze verhoging minimumloon; inkomstenbelasting box 3 en defensie uitgaven. Het vastzetten van het accres voor 2026 betekent een nadeel ten opzichte van 2025. Voor de voeding van de specifieke uitkeringen Volkshuisvestingfonds en Woningbouwimpuls wordt in de jaren 2023 t/m 2025 per fonds, per jaar€ 125 miljoen onttrokken aan het accres.

Invoering nieuwe verdeling gemeentefonds De invoering van de nieuwe verdeling van het gemeentefonds zal plaatsvinden per 1 januari 2023. In deze meicirculaire is het herverdeeleffect (op basis van uitkeringsjaar 2022) voor onze gemeente definitief vastgesteld op € 88 per inwoner negatief. Op de definitieve stand van de herverdeeleffecten is het ingroeipad gebaseerd. Het ingroeipad wordt beperkt tot 3 jaar, t/ m

2/8

wc 2025, op maximaal€ 37,50 per inwoner. Ter compensatie van het overige nadeel ontvangen we een suppletie-uitkering. Naar aanleiding van de evaluatie van het nieuwe verdeelstelsel zal besloten worden over het verdere verloop van het ingroeipad (vanaf 2026) en hoe de suppletieuitkering van dan nog € 1.605.34 7 afgebouwd wordt. Ontwikkeling uitkeringsbasis. Omdat het totale bedrag van het gemeentefonds landelijk gelijk blijft, wordt bij een landelijke stijging/ daling van de aantallen per maatstaf het bedrag per maatstaf gewijzigd. Dit heeft nu voornamelijk te maken met de ontwikkeling van het aantal inwoners. Plafond btw-compensatiefonds (BCF). In de septembercirculaire 2021 is een voorschot op de onderschrijding van het BCF-plafond voor 2021 ontvangen. Dit is de definitieve afrekening. Lagere apparaatskosten (Opschalingskorting). Het kabinet heeft besloten, net als voor 2020 t/m 2022, ook de oploop van de opschalingskorting voor 2023 t/m 2025 incidenteel te schrappen. Vanaf 2026 geldt vooralsnog, zoals voorzien, een korting van in totaal€ 975 miljoen cumulatief. Het is aan een nieuw kabinet om te besluiten over de opschalingskorting voor 2026 en verder. Naar aanleiding van de Maartbrief was hiervoor al een raming opgenomen. Het gepresenteerde bedrag is het verschil tussen de raming naar aanleiding van de Maartbrief en het definitieve bedrag uit deze circulaire.

Energietoeslag. Gemeenten hebben de bevoegdheid gekregen om via de categoriale bijzondere bijstand een eenmalige tegemoetkoming voor de gestegen energieprijzen toe te kennen aan huishoudens met een laag inkomen. Onderdeel van het aan de gemeenten landelijk toekende budget is een bijdrage van € 40 miljoen landelijk voor de uitvoeringskosten. Jeugdzorg (coalitieakkoord). Ter compensatie van de tekorten in de jeugdzorg wordt in 2023 incidenteel € 1,454 miljoen ter beschikking gesteld. In de kadernota 2023 is al een indicatief bedrag opgenomen voor 75% van deze extra middelen voor de gemeente Vught. Bij het afsluiten van de hervormingsagenda wordt besloten over de extra middelen voor 2024 en verder. Het advies van de Commissie van Wijzen vormt het uitgangspunt. Omdat de uitkomsten van de Hervormingsagenda nog onzeker zijn is voor 2024 en verder 75% van het landelijke geraamde extra bedrag verwerkt in onze berekeningen. Eigen bijdrage huishoudelijke hulp (coalitieakkoord). In het coalitieakkoord is opgenomen dat het kabinet werkt aan een aanpassing van de eigen bijdrage voor huishoudelijke hulp Wmo. De aanpassing dient vanaf 2025 te leiden tot een taakstellende besparing van € 95 miljoen. De gemeentefonds uitkering wordt vanaf 2025 met dit bedrag verlaagd. Extra capaciteit Buitengewoon opsporingsambtenaren (Boa's).

Boa's zijn de in de afgelopen jaren steeds meer taken gaan uitvoeren. Deze middelen zijn bestemd voor (extra) capaciteit van BOA's in de openbare ruimte.

3/8

we Waardewring Onroerende Zaken (WOZ) waardering en aanpassing tekentarieven. De marktontwikkeling van de WOZ-waarden wordt niet helemaal teniet gedaan door de aangepaste rekentarieven in de berekening van het gemeentefonds. De marktwerkingen bij woningen tussen 1 januari 2021 en 1 januari 2022 wordt geschat op 13,5% en voor niet-woningen op 1%. Bommenregeling. Voor verschillende projecten binnen Vught is een vergoeding van 68% van de gemaakte kosten voor het opsporen en ruimen van conventionele explosieven uit de Tweede Wereldoorlog aangevraagd. Door middel van deze circulaire zijn deze kosten vergoed. Mantelzorgbeleid. Voor een betere zorg en ondersteuning voor ouderen thuis, zijn in 2021 middelen beschikbaar gesteld om de toegang tot lokale regelingen voor mantelzorgers te vereenvoudigen en de regellast voor mantelzorgers bij de aanvraag van deze voorzieningen te verminderen. In deze meicirculaire is de tweede tranche aan middelen beschikbaar gesteld. Uitvoeringskosten klimaatakkoord. De middelen die we reeds ontvangen voor de uitvoering van het bestaande klimaatbeleid, zijn onvoldoende om de reeds in 2022 gewenste versnelling teweeg te brengen. Daarom worden toekomstige uitvoeringsmiddelen naar voren geschoven. Over de resterende middelen vinden nog gesprekken plaats tussen onder andere Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), Interprovinciaal Overleg (IPO) en het Rijk.

Afrekening inkomstenderving toeristenbelasting 2022. In 2020 is een voorschot ontvangen ter compensatie van inkomstenderving 2020 als gevolg van Corona. In de decembercirculaire heeft al een afrekening plaatsgevonden voor de inkomstenderving van marktgelden, leges (Bouwen en wonen; Burgerzaken; Evenementen). Via deze circulaire wordt nog€ 13.000 afgerekend voor de toeristenbelasting. Participatie. Naast de loon- en prijsstijging wijzigt dit bedrag door actualisatie van de verdeling van Wet sociale werkvoorziening (Wsw)-middelen. Daarnaast worden vanaf 2023 de budgetten van Nieuw Wajong en Nieuw begeleiding vanuit de integratie uitkering overgeheveld naar de algemene uitkering. Voogdij 18+ Voor de voogdij 18+ is loon- en prijsbijstelling 2022 toegekend. Vanaf 2023 worden alle middelen voogdij 18+ voor onze gemeente overgeheveld vanuit de integratie uitkering naar de algemene uitkering. Overige Hieronder zijn verschillende mutaties van <€15.000 bij elkaar opgeteld: Handhaving quarantaine Einde lening inburgeringsplicht Gezond in de Stad - Prenataal huisbezoek - Toezicht en handhaving Europese richtlijn energieprestatie van gebouwen (EPBD III)

4/8

voce -

-

Jeugdhulp: subsidieregeling continuïteitsregeling Inburgering: leerbaarheidstoets Valpreventie bij ouderen Versterking dienstverlening gemeenten: systeemleren Armoedebestrijding kinderen 3.2

Mutaties in exploitatie naar aanleiding van de meicirculaire

Enkele maatregelen uit de meicirculaire leiden ook tot een aanpassing van budgetten in de begroting.

a

[,Z"EZZgI, I2"11g_gg..2II2Egg<gggIg2g ,gg lTt'hl=assissesrmootmcomanse ##sas.lli Energietoeslag

zR

-963

-403

Jeugdzorg (coalitieakkoord) Eigen bijdrage huishoudelijke hulp (Coalitieakkoord) Extra capaciteit BOA's

-34

Suppletie-uitkering Bommenregeling

-25

Mantelzorgbeleid

-50

Uitvoeringskosten klimaatakkoord

-232

Inkomstenderving 20 (Covid)

-13

Participatie

134

143

-34

-34

-34

-34

-131

-123

-129

-137

-90

Voogdij/18+

-30

-34

-35

-36

-37

Overige

-4

-1

-1

-1

merzIAAD Energietoeslag Tot eind november kunnen huishoudens met een inkomen op of net boven het sociaal minimum een eenmalige bijdrage van € 800 ontvangen om te helpen bij het betalen van de energierekening. Wij gaan er vooralsnog vanuit dat het budgettair neutraal zal verlopen. Bij de jaarrekening 2022, weten we hoeveel precies aangevraagd/uitgekeerd is. Jeugdzorg We gaan ervan uit dat deze middelen nodig zullen zijn. Een actualisatie van de kosten voor 2023 zal plaats vinden bij de programma begroting 2023. Met ingang van 2022 stopt de bekostiging van de Jeugdzorg via lumpsumfinanciering door'sHertogenbosch. Iedere zorgaanbieder declareert voortaan zijn geleverde zorg bij de individuele gemeentes op basis van het aantal ingezette zorgproducten en de daarbij behorende tarieven. We verwachten dat we in augustus voldoende data te hebben om een actualisatie van het benodigde jeugdzorgbudget te kunnen opstellen. Eigen bijdrage huishoudelijke hulp Tegenover de korting van het Rijk moet een gelijk bedrag komen staan aan hogere eigen bijdrage.

5/8

ven Z Extra capaciteit BOA's Deze middelen zullen structureel ingezet worden voor meer Boa's in de openbare ruimte. Bommenregeling Dit is een vergoeding voor een gedeelte van de gemaakte kosten voor het opsporen en ruimen van conventionele explosieven uit de Tweede Wereldoorlog voor verschillende projecten in Vught. Mantelzorgbeleid In 2021 hebben we een aanvraag gedaan voor deelname aan de landelijke pilots voor de verbetering van de toegang tot mantelzorgregelingen. Deze aanvraag is goedgekeurd en via deze meicirculaire ontvangen we € 50.000 om deze verbeterslag te realiseren. Uitvoeringskosten klimaatakkoord Voor het zon- en windbeleid is op 19-5-2022 door middel van een raadsbesluit als voorfinanciering, € 150.000 onttrokken aan de Algemene Reserve. Deze voorfinanciering was nodig voor de plan-Milieu effectrapportage. Door deze mutatie in de gemeentefondsuitkering zal €150.000 terug gestort worden in de algemene reserve. De overige middelen worden ingezet om andere doelstellingen uit het Coalitieakkoord 2021-2026 en de aankomende Nota Energie en Klimaat 2022-2030 te behalen. Inkomstenderving 2020 (Covid) Deze middelen zullen toegevoegd worden aan de stelpost Covid-19. Participatie Het grootste deel van deze middelen heeft betrekking op de Wsw. Deze middelen moeten doorbetaald worden conform bestuurlijke afspraken met de WSD.

Het overige is ter dekking van de hogere re-integratielasten. Voogdij/ 18+ Deze middelen zijn benodigd voor loon- en prijsbijstellingen van de Jeugdwet. Overige - Prenataal huisbezoek: De inwerkingtreding van het wetsvoorstel is uitgesteld van 1-1-2022 naar 1-7-2022. De Gemeenschappelijke gezondheidsdienst (GGD) zal hiervoor het eerste half jaar geen kosten in rekening brengen. - Gezond in de stad: Het project kansrijke start wordt uitgevoerd door de GGD. - Handhaving Quarantaine (covid): Deze middelen worden toegevoegd aan de stelpost Covid-19 3.3

Aandachtspunten, ontwikkelingen en onzekerheden

Het accres is berekend op de nu geldende afspraken. Er wordt nog gesproken over het vastzetten van het volumedeel van het accres t/m 2025. Dit kan leiden tot aanpassingen van het accres. In deze berekening is geen aframing voor onderuitputting geraamd, In de kadernota is

naar aanleiding van de Maartbrief wel een afslag voor onderuitputting geraamd.

6/8

vice Het ingroeipad voor het nadeel met betrekking tot de herverdeling van het gemeentefonds is voor 2026 en verder gelijk gehouden aan het nu bekende maximale herverdeeleffect na 3 jaar:€ 37,50 per inwoner. Naar aanleiding van de evaluatie van het nieuwe verdeelstelsel zal besloten worden over het verdere verloop van het ingroeipad (vanaf 2026) en hoe de suppletie-uitkering, dan nog€ 1.605.347, verder afgebouwd wordt. Dit kan nog leiden tot nadelige mutaties. Voor gemeenten met een beperkte financiële draagkracht en een lage economische status en voor krimpgemeenten geldt een aangepast ingroeipad voor het nadeel met betrekking tot de herverdeling van het gemeentefonds. Het verschil dat hierdoor ontstaat zal later nog verwerkt moeten worden en kan ook voor ons leiden tot een negatieve mutatie. Ondanks dat de afrekening onderuitputting BCF voor 2021 hoger is uitgevallen, is in de meerjarenbegroting jaarlijks€ 125.000 geraamd voor de onderuitputting BCF. Omdat de uitkomsten van de Hervormingsagenda Jeugd nog onzeker zijn, is voor 2024 en verder 75% van het landelijke geraamde extra bedrag voor Jeugdzorg, berekend op basis van het nieuwe verdeelmodel, verwerkt in onze berekeningen. Over de resterende middelen voor de uitvoeringskosten klimaatakkoord vinden nog gesprekken plaats tussen onder andere VNG, IPO en het Rijk.

Deze zullen eventueel later nog toegevoegd worden aan de gemeentefondsuitkering. Voor de transitiekosten in aanloop naar de invoering van de Omgevingswet worden bij de septembercirculaire 2022 middelen toegevoegd aan onze gemeentefondsuitkering. In de meicirculaire is een indicatie gegeven van € 294.324 voor onze gemeente. Dit is nog niet verwerkt. Voor de noodzakelijke voorbereidingen die getroffen moeten worden tot de inwerkingtreding van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) ontvangen we een bijdrage in 2022 en vanaf 2023 een jaarlijkse bijdrage voor het uitvoeren van de Wkbtake. Deze bedragen worden in de septembercirculaire verwerkt. In deze meicirculaire is een indicatie gegeven van de bedragen per jaarschijf voor onze gemeente: 2022 € 46.368 en 2023 en verder€ 19.688 per jaar. Deze bedragen zijn nog niet verwerkt. Nadat de jaarrekeningen vastgesteld is, wordt de inkomstenderving Covid-19 voor 2021 in beeld gebracht. Het streven van het Rijk is dat de definitieve hoogte van de bedragen in het najaar bekend is, zodat de uitkering plaats kan vinden in de decembercirculaire.

Financiën Na verwerking van de meicirculaire ziet het meerjarensaldo er als volgt uit:

DI!TNT'rm7ermemo mare,EZ.ZEII "."C".CH F EE Bijgestelde meerjarenbegroting volgens kadernota Totaal mutatie mei circulaire

3.464

120

714

817

-1.067

992

3.186

4.555

5.970

4.377

lISITA#TC#T-if«Wa.. AEE.OAEETTI A 7/8

vice Standpunt / Besluit college van B en W De mutaties m.b.t. de meicirculaire zullen voor 2022 toegelicht worden in de Burap-2 2022. Voor 2023 en verder worden ze verwerkt in de programmabegroting 2023. Ondanks de positieve uitkomsten van deze meicirculaire, moeten we concluderen dat we nog steeds in onzekere tijden leven. Het incidenteel opschorten van de opschalingskorting, het vastzetten van het accres voor 2026 en een eventuele afbouw van de suppletie uitkering herverdeling gemeentefonds geven met name voor 2026 een grote onzekerheid. Hieromtrent komt hopelijk bij de septembercirculaire meer duidelijkheid. Daardoor is voorzichtigheid gewenst. Naast deze onzekerheid, is ook de economische situatie een reden om voorzichtig te handelen. Het valt niet uit te sluiten dat deze extra middelen de komende jaren hard nodig zullen zijn om alles uit het coalitieakkoord te realiseren. Dit enerzijds vanwege dossiers en ontwikkelingen die nu nog niet in de begroting verwerkt zijn (waaronder IHP), anderzijds vanwege bijvoorbeeld prijsstijgingen, de krapte op de arbeidsmarkt en andere grote uitdagingen die tot meerkosten kunnen leiden.

Bij de afwegingen die worden gemaakt bij de komende programmabegroting, zal dit alles concreet meegenomen worden, binnen het uitgangspunt van een sluitende begroting. Het college zal zich blijven beraden hoe om te gaan met de onzekerheden en het meerjarensaldo.

Burgemeester en wethouders van Vught, de secretaris (wnd.), de burgemeester, ~~·/ Mr. P.M.J.C.C. van Lindt

R.J. van de Mortel

Bijlage(n): 1. Meicirculaire Gemeentefonds 2022

8/8

Gemeentefonds

Meicirculaire 2022

de gemeentebesturen, ter attentie van de raden en de colleges van B&W

DGOBDR/ Bestuur, Financiën en Regio’s Turfmarkt 147 Den Haag Postbus 20011 2500 EA Den Haag www.rijksoverheid.nl Contactpersoon eventuele vragen per e-mail postbus.gf@minbzk.nl Datum 31 mei 2022 Kenmerk 2022-0000259109

Onderwerp Doelstelling Juridische grondslag Relaties met andere circulaires

Ingangsdatum Geldig tot

meicirculaire gemeentefonds 2022 bekendmaking van beleid en het geven van informatie decembercirculaire 2021 (2021-0000643235); septembercirculaire 2021 (2021-0000478671); meicirculaire 2021 (2021-0000287810) 31 mei 2022 1 juli 2023

Meicirculaire gemeentefonds 2022

Voorwoord

Voor u ligt de meicirculaire gemeentefonds 2022. Deze circulaire informeert u over de gemeentefondsuitkeringen voor 2022 en verder, gebaseerd op de voorjaarsbesluitvorming van het Rijk. In de eerste plaats wil ik mijn waardering uitspreken voor de verrichte inspanningen van gemeenten met betrekking tot de opvang van Oekraïners. De invoering van de nieuwe verdeling van het gemeentefonds zal plaatsvinden per 1 januari 2023. Deze circulaire geeft hierover aanvullende informatie. De politiek-bestuurlijke zaken worden in hoofdstuk 1 belicht. De circulaire is in belangrijke mate een financieel-technisch document. Vooral de latere hoofdstukken richten zich op de doelgroep van financieel specialisten. Ik wens u veel succes toe bij de uitvoering van uw taken. Mede namens de Staatssecretaris van Financiën – Fiscaliteit en Belastingdienst, De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

Hanke Bruins Slot

Meicirculaire gemeentefonds 2022

Meicirculaire gemeentefonds 2022

Inhoudsopgave 1

2

Hoofdpunten ..................................................................................................... 1 1.1

Inleiding ................................................................................................... 1

1.2

Algemene uitkering .................................................................................... 1

1.3

Nieuwe verdeling gemeentefonds per 2023 .................................................... 3

1.4

Vergoeding opvang ontheemden Oekraïne ..................................................... 4

1.5

Decentralisatie- en integratie-uitkeringen ...................................................... 5

Algemene uitkering ............................................................................................ 7 2.1

Inleiding ................................................................................................... 7

2.2

Wijzigingen in de omvang van de algemene uitkering ...................................... 7

1a. Accres......................................................................................................... 8 1b. Volkshuisvestingsfonds ................................................................................ 11 1c. Woningbouwimpuls ..................................................................................... 11 2.

Opschalingskorting (Coalitieakkoord) .......................................................... 11

3.

Plafond BTW-compensatiefonds .................................................................. 11

4.

Knelpunten verdeelsystematiek .................................................................. 12

5.

Financiering Nationale Inzet Krijgsmacht (FNIK) ........................................... 12

6.

Raadsledenvergoeding kleine gemeenten ..................................................... 13

7.

Permanente registratie kiezers buitenland .................................................... 13

8.

Energietoeslag ......................................................................................... 13

9.

Jeugdhulp: subsidieregeling continuïteitsregeling cruciale jeugdzorg ................ 14

10.

Toezicht en handhaving voor EPBD III ......................................................... 14

11.

Prenataal huisbezoek ................................................................................ 15

12.

Versterking dienstverlening gemeenten: Systeemleren .................................. 15

13.

Participatie .............................................................................................. 15

14.

Eigen bijdrage huishoudelijke hulp (Coalitieakkoord) ..................................... 16

15.

Overgangsrecht levenslang ........................................................................ 16

16.

Jeugdzorg (Coalitieakkoord) ...................................................................... 16

17.

Voogdij 18+: overheveling vanuit IU ........................................................... 17

18.

Inburgering: overheveling vanuit IU............................................................ 17

19.

Valpreventie bij ouderen (Coalitieakkoord) ................................................... 17

2.3

Verdeling mutaties algemene uitkering ........................................................ 17

2.4

Overige mededelingen algemene uitkering ................................................... 18

2.4.1

Bommenregeling .................................................................................. 18

2.4.2

Bevolkingsdaling ................................................................................... 19

2.4.3

Meerkosten corona 2022 – Wmo 2015 en Jeugdwet ................................... 20

2.5

Veranderingen in het verdeelstelsel............................................................. 20

2.5.1

Inleiding .............................................................................................. 20

2.5.2

Nieuwe verdeling gemeentefonds per 2023 ............................................... 20

2.5.3

Maatstaf ozb: WOZ-waardering en aanpassing rekentarieven ...................... 24

Meicirculaire gemeentefonds 2022

2.6 3

Maatstaven, gewichten, uitkeringsfactor en overige uitkeringsonderdelen ......... 24

Decentralisatie- en integratie-uitkeringen ............................................................ 29 3.1

Inleiding ................................................................................................. 29

3.2

Omvang en verdeling decentralisatie- en integratie-uitkeringen ...................... 29

1.

Voogdij 18+ ............................................................................................ 32

2.

Inburgering ............................................................................................. 33

3.

Participatie .............................................................................................. 34

4.

Raadsledenvergoeding kleine gemeenten ..................................................... 35

5.

Beschermd wonen .................................................................................... 35

6.

Inkomstenderving 2020 (covid-19) ............................................................. 36

7.

Uitvoeringskosten klimaatakkoord .............................................................. 37

8.

Brede Aanpak dak- en thuisloosheid............................................................ 38

9.

Crisisdienstverlening ................................................................................. 38

10.

Versterking dienstverlening gemeenten ....................................................... 39

10a. Vrouwenopvang (Kind- en gezinsbescherming) ................................................ 40 10b. Systeemleren .............................................................................................. 40 11.

Extra capaciteit BOA’s ............................................................................... 40

12.

Regionale Energie Strategieën (RES) ........................................................... 41

13.

Bodembescherming .................................................................................. 41

14.

Gezond in de Stad .................................................................................... 41

15.

Aanpak lerarentekort G4 ........................................................................... 42

16.

Einde lening inburgeringsplichtig (ELIP) ....................................................... 42

17.

Windpark N33.......................................................................................... 42

18.

Erfgoed Deal ........................................................................................... 43

19.

Mantelzorgbeleid ...................................................................................... 43

20.

Experiment gesloten coffeeshopketen ......................................................... 43

21.

Uitstapprogramma prostituees ................................................................... 44

22.

Centrale stemopneming ............................................................................ 44

23.

Veilige steden .......................................................................................... 44

24.

Handhaving quarantaine (covid-19) ............................................................ 45

25.

Duurzame Polder ..................................................................................... 45

26.

Online weerbaarheid ................................................................................. 45

27.

Informele scholing.................................................................................... 45

28.

Knelpunten verdeelsystematiek .................................................................. 46

29.

LHBTI-emancipatiebeleid ........................................................................... 46

3.3. Verdeling bestaande decentralisatie- en integratie-uitkeringen en overige mededelingen .................................................................................................... 46 3.3.1 Maatschappelijke opvang .......................................................................... 46 3.3.2 Armoedebestrijding kinderen ..................................................................... 47 3.3.3 Kinderen in een AZC................................................................................. 47 3.3.4 Basisregistratie Personen (BRP): centralisering inschrijving vergunninghouders . 47

Meicirculaire gemeentefonds 2022

3.3.5 Omgevingswet ........................................................................................ 48 3.3.6 Wet kwaliteitsborging bouwen.................................................................... 48 3.3.7 4

Voortzetting pleegzorg alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV) ...... 48

Overige mededelingen .................................................................................... 49 4.1

Inleiding ................................................................................................. 49

4.2

Gemeentefondstotalen, bevoorschotting en nominale ontwikkelingen ............... 49

4.3

Voorstel Rijk vastzetten volumecomponent accres ......................................... 50

4.4

Beleidsdoorlichting Btw-compensatiefonds ................................................... 50

4.5

Advies raming ruimte onder het plafond BCF ................................................ 51

4.6

Integraal overzicht financiën gemeenten...................................................... 52

4.7

Analyse gemeentebegrotingen ................................................................... 52

4.8

Landelijk gemiddelde kengetal belastingcapaciteit ......................................... 52

4.9

Taskforce op het uitkeringsstelsel ............................................................... 53

4.10

Verfijning Iv3-taakvelden sociaal domein ..................................................... 54

4.11

Website gemeentefinanciën: www.findo.nl ................................................... 54

4.12

Redelijk peil 2023 .................................................................................... 54

Bijlagen ............................................................................................................... 55 Bijlage 2.1.1 Bedragen per eenheid en uitkeringsfactor 2022 .................................... 55 Bijlage 2.1.2 Bedragen per eenheid 2022 per cluster................................................ 59 Bijlage 2.1.3 Bedragen per eenheid en uitkeringsfactor 2023 .................................... 62 Bijlage 2.1.4 Bedragen per eenheid 2023 per cluster................................................ 65 Bijlage 2.2.1 Opbouw algemene uitkeringen 2022 – 2027 (huidige verdeelmodel) ........ 67 Bijlage 2.2.1 Opbouw algemene uitkeringen 2022 – 2027 (nieuwe verdeelmodel) ........ 69 Bijlage 2.2.2 Overzicht mutaties 2021 BTW-compensatiefonds .................................. 71 Bijlage 2.4.1 Suppletie-uitkering bommenregeling ................................................... 72 Bijlage 2.5.2a Ingroeipad nieuwe verdeling gemeentefonds per 2023 ......................... 74 Bijlage 2.5.2b Overzicht van (wijzigingen in) verdeelmaatstaven vanaf 2023 ............... 82 Bijlage 2.6.1 Aanvullende informatie uitkeringsfactor ............................................... 88 Bijlage 2.6.2 Volumina maatstaven 2023 – 2027 ..................................................... 90 Bijlage 3.2-4 Integratie-uitkering Raadsledenvergoeding kleine gemeenten .................

93 Bijlage 3.2-6 Decentralisatie-uitkering Inkomstenderving 2020 (covid-19) .................. 95 Bijlage 3.2-7 Decentralisatie-uitkering Uitvoeringskosten klimaatakkoord .................... 96 Bijlage 3.2-8 Decentralisatie-uitkering Brede aanpak dak- en thuisloosheid ............... 100 Bijlage 3.2-9 Decentralisatie-uitkering Crisisdienstverlening .................................... 101 Bijlage 3.2-11 Decentralisatie-uitkering Extra capaciteit BOA’s ................................. 102 Bijlage 3.2-12 Decentralisatie-uitkering Regionale Energie Strategieën (RES) ............ 106 Bijlage 3.2-13 Decentralisatie-uitkering Bodembescherming.................................... 107 Bijlage 3.2-14 Decentralisatie-uitkering Gezond in de stad ...................................... 108 Bijlage 3.2-16 Decentralisatie-uitkering Einde lening inburgeringsplichtig (ELIP) ........ 111 Bijlage 3.2-19 Decentralisatie-uitkering Mantelzorgbeleid ....................................... 115 Bijlage 3.2-20 Decentralisatie-uitkering Experiment gesloten coffeeshopketen ........... 116

Meicirculaire gemeentefonds 2022

Bijlage 3.2-21 Decentralisatie-uitkering Uitstapprogramma prostituees ..................... 117 Bijlage 3.2-22 Decentralisatie-uitkering Centrale stemopneming .............................. 118 Bijlage 3.2-23 Decentralisatie-uitkering Veilige steden............................................ 119 Bijlage 3.2-24 Decentralisatie-uitkering Handhaving quarantaine (covid-19) .............. 120 Bijlage 3.3.1 Decentralisatie-uitkering Maatschappelijke opvang .............................. 124 Bijlage 3.3.2 Decentralisatie-uitkering Armoedebestrijding kinderen ......................... 125 Bijlage 3.3.5 Indicatief bedrag decentralisatie-uitkering Omgevingswet..................... 131 Bijlage 3.3.6 Indicatief bedrag decentralisatie-uitkering Wet kwaliteitsborging bouwen (Wkb) ............................................................................................................. 135 Bijlage 4.11 Redelijk peil 2023 ............................................................................ 143

Meicirculaire gemeentefonds 2022

1

Hoofdpunten

1.1

Inleiding

Deze circulaire informeert gemeenten over de gemeentefondsuitkeringen. Het gemeentefonds is de grootste inkomstenbron van de gemeenten. Daarnaast bepalen factoren als belastingopbrengsten, gemeentelijke rentebaten, dividendopbrengsten en grondexploitatie mede de financiële ruimte van gemeenten. Zij vallen echter buiten het bestek van deze circulaire. Gemeenten ontvangen in principe op drie tijdstippen in het jaar informatie over de gemeentefondsuitkeringen: in mei op basis van de Voorjaarsnota, in september op basis van de Miljoenennota en in december, ter afronding van het lopende jaar, op basis van de Najaarsnota. De informatie is steeds onder het voorbehoud van parlementaire goedkeuring. De indeling van de circulaire is afgestemd op de soorten uitkeringen die het gemeentefonds kent: de algemene uitkering, de decentralisatie- en de integratie-uitkeringen.

1.2

Algemene uitkering

Accres De ontwikkeling van de algemene uitkering wordt voor een belangrijk deel bepaald door de ontwikkeling van de totale rijksuitgaven (accresrelevante uitgaven; ARU). Volgens de normeringssystematiek (trap-op-trap-af) hebben wijzigingen in de ARU direct invloed op de ontwikkeling van de algemene uitkering en daarmee op de omvang van het gemeentefonds. De jaarlijkse toe- of afname van het gemeentefonds, voortvloeiend uit de normeringssystematiek, wordt het accres genoemd. In deze circulaire is een nieuwe accresraming opgenomen voor het jaar 2022 en verder, berekend conform de systematiek zoals deze is vastgesteld in het Coalitieakkoord en de daaruit volgende Startnota. Voor 2022 tot en met 2025 wordt de bestaande normeringssystematiek toegepast. Vanaf 2026 is het accres vastgezet op een plus van in totaal 1 miljard euro bovenop de stand Miljoenennota 2022. Over de 1 miljard euro vindt nog wel indexatie plaats voor de loon- en prijsontwikkeling. Als gevolg hiervan is er voor alle jaren tot en met 2025 sprake van een jaar-op-jaar opwaartse bijstelling van het accres. In 2026 is er ten opzichte van het in de septembercirculaire opgenomen totaal cumulatief accres in dat jaar een stijging: zowel vanwege de plus van 1 miljard euro uit het Coalitieakkoord als vanwege de loon- en prijsbijstelling.

Ten opzichte van 2025 is er in 2026 sprake van een neerwaartse bijstelling van het accres doordat het accres vanaf 2026 is vastgezet op een plus van 1 miljard euro ten opzichte van de stand bij Miljoenennota 2022. Een toelichting op de accresontwikkelingen is opgenomen in paragraaf 2.2-2 en meer in detail in bijlage 8 van de Voorjaarsnota 2022.

Meicirculaire gemeentefonds 2022

1

Plafond BTW-compensatiefonds Verder informeert deze circulaire over de definitieve afrekening van de ruimte onder het plafond van het BTW-compensatiefonds (BCF) over 2021. Ten opzichte van de septembercirculaire 2021 is sprake van een opwaartse bijstelling van € 134,975 miljoen, waarvan het aandeel van de gemeenten € 119,490 miljoen bedraagt. Zoals gebruikelijk wordt de definitieve afrekening over 2021 verwerkt in uitkeringsjaar 2022. Financieringssystematiek medeoverheden Met de koepels wordt in een gezamenlijk proces met een onafhankelijk begeleider gewerkt om te komen tot een nieuwe financieringssystematiek voor 2026 en verder. Daarbij wordt ook gekeken naar de zorg die gemeenten en provincies ervaren over hun financiën in 2026 en verder. De opdracht is om te komen tot een analyse van de financiële gevolgen van het Coalitieakkoord voor gemeenten en provincies. Daarnaast zal naar oplossingen gezocht worden voor de korte en lange termijn. De Tweede Kamer zal voor de zomer worden geïnformeerd over de uitkomst en de vervolgstappen.

Gevolgen Coalitieakkoord De volgende reeksen uit het Coalitieakkoord zijn verwerkt: opschalingskorting, overige dossiers medeoverheden (Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (indicatieve reeksen)), Jeugdzorg (2023) en de negatieve reeksen als gevolg van de investering in valpreventie (per saldo een besparing van € 10 miljoen in 2023, oplopend naar € 16,667 structureel vanaf 2027) en Wmo als gevolg van de aanpassing van de eigen bijdrage voor de huishoudelijke hulp (de aanpassing dient vanaf 2025 te leiden tot een taakstellende besparing van € 95 miljoen). Energietoeslag Op 15 maart jl. is het wetsvoorstel eenmalige energietoeslag lage inkomens ingediend bij de Tweede Kamer.1 Met het wetsvoorstel krijgen gemeenten de bevoegdheid om dit jaar via categoriale bijzondere bijstand een eenmalige tegemoetkoming voor de gestegen energieprijzen toe te kennen aan huishoudens met een laag inkomen. Voor de uitvoering en uitgifte van de eenmalige aanvullende tegemoetkoming – voor huishoudens met een laag inkomen - heeft het kabinet in maart 2022 een eenmalig budget van € 679 miljoen beschikbaar gesteld. In de voorjaarsbesluitvorming is een aanvullend bedrag van € 175 miljoen beschikbaar gesteld, waardoor het totaal beschikbare bedrag uitkomt op € 854 miljoen. Deze middelen worden via de algemene uitkering aan gemeenten verstrekt.

Jeugdzorg Het kabinet stelt voor 2023 incidenteel € 1,454 miljard extra beschikbaar voor de jeugdzorg. Hierbij gaat het kabinet er vanuit dat gemeenten inzetten op besparingsmaatregelen voor een bedrag van € 374 miljoen op de jeugdzorguitgaven in 2023 (die ook onderdeel is van de reeks van de Commissie van Wijzen). Vanuit de € 1,454 miljard is, vooruitlopend op de nadere invulling van de hervormingsagenda, € 9 miljoen overgeheveld naar de begroting van het ministerie van VWS 1 Kamerstuk 36057, nr. 5: Wijziging van de Participatiewet in verband met het eenmalig categoriaal verstrekken van een energietoeslag aan huishoudens met een laag inkomen | Tweede Kamer der Staten-Generaal

Meicirculaire gemeentefonds 2022

2

ten behoeve van de uitvoering van de hervormingsagenda in 2023. De besteding van deze middelen vindt plaats in samenspraak met de VNG. Het overige deel (€ 1,445 miljard) is toegevoegd aan de algemene uitkering aan gemeenten ter compensatie van de tekorten in de jeugdzorg. Daarnaast gaat het kabinet de komende tijd met gemeenten en andere relevante partijen verder in gesprek over de Hervormingsagenda Jeugd, die moet bestaan uit een combinatie van een set van maatregelen en een financieel kader waarmee een structureel houdbaarder jeugdstelsel wordt gerealiseerd. Het kabinet zal bij het afsluiten van de Hervormingsagenda ook besluiten over de extra middelen voor 2024 en verder die aan gemeenten beschikbaar gesteld worden, waarbij het advies van de Commissie van Wijzen het uitgangspunt vormt. In het Coalitieakkoord is daarnaast een extra besparing in het jeugddomein opgenomen met een omvang van € 100 miljoen in 2024, oplopend naar € 500 miljoen in 2025 en 2026, en structureel € 511 miljoen vanaf 2027. Het kabinet heeft besloten dat deze besparing een Rijksverantwoordelijkheid is.2 Het is aan het Rijk de besparing in te vullen met (wettelijke) maatregelen waarvoor het Rijk aan zet is en die aanvullend zijn op de beoogde Hervormingsagenda.

Het gaat daarbij om maatregelen waardoor gemeenten minder middelen nodig hebben of waarbij alternatieve inkomsten gegenereerd worden door middel van de invoering van een eigen bijdrage. Ook draagt het Rijk het budgettaire risico ingeval (een deel van) deze maatregelen geen of niet tijdig doorgang vinden. Uiteraard is het noodzakelijk - en gaat het kabinet hiervan uit - dat gemeenten hun medewerking verlenen bij de uitwerking en uitvoering van deze maatregelen.

1.3

Nieuwe verdeling gemeentefonds per 2023

De afgelopen jaren hebben de fondsbeheerders samen met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), gemeenten en de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) gewerkt aan de nieuwe verdeling van het gemeentefonds. Op 6 april jl. zijn de Tweede Kamer en gemeenten door de fondsbeheerders geïnformeerd over de invoering van de nieuwe verdeling per 1 januari 2023.3 Gegeven de ontvangen adviezen van de ROB en de VNG en de reacties van gemeenten hebben de fondsbeheerders besloten het ingroeipad – het pad waarmee gemeenten naar de nieuwe verdeling ingroeien – te beperken tot 3 jaar. Het maximale effect is -/+ € 7,50 per inwoner in 2023 en -/+ € 15 per inwoner in 2024 en 2025. Daarmee komt het maximale effect op -/+ € 37,50 per inwoner in 2025. Voor gemeenten met een beperkte financiële draagkracht en een lage sociaal economische status geldt tot en met 2025 een aangepast ingroeipad. Dat geldt eveneens voor gemeenten die tot en met 2022 aanvullende middelen ontvangen vanwege bevolkingsdaling. Deze circulaire bevat informatie over welke gemeenten in aanmerking komen voor het aangepaste ingroeipad en de criteria die daarbij zijn gehanteerd (zie paragraaf 2.5.2 en bijlage 2.5.2a). Het maximale negatieve effect voor gemeenten met een aangepast ingroeipad is € 22,50 per inwoner: - € 5 per inwoner in 2023, - € 7,50 per inwoner in 2024 en - € 10 per inwoner in 2025.

Zie hiervoor de kamerbrief van 13 mei 2022 van VWS en JenV over hun visie op het stelsel van de jeugdzorg en de hervormingen die volgens de bewindspersonen nodig zijn. Kamerbrief over visie op stelsel jeugdzorg en noodzakelijke hervormingen | Kamerstuk | Rijksoverheid.nl 3 Invoering van de nieuwe verdeling van het gemeentefonds | Tweede Kamer der Staten-Generaal en Maartbrief 2022 aan gemeenten en provincies | Brief | Rijksoverheid.nl 2

Meicirculaire gemeentefonds 2022

3

De berekeningen op basis van de reeksen in het Coalitieakkoord (accres en opschalingskorting) tonen aan dat geen enkele gemeente er in de periode 2023-2025 financieel op achteruit zal gaan als gevolg van invoering van het nieuwe model. Het model is geen eindstation en zal continu onderhoud vragen. Zoals reeds in de brief van 7 december 20214 aan de VNG aangegeven omarmen de fondsbeheerders het advies van de ROB inclusief de door de ROB voorgestelde onderzoeksagenda. De fondsbeheerders geven hier graag in nauw overleg met de ROB, de VNG en de gemeenten nadere invulling en uitvoering aan. De Tweede Kamer zal nog voor de zomer nader worden geïnformeerd over de onderzoeksagenda. De invoering van het nieuwe model zal tijdig geëvalueerd worden en aan de hand van deze evaluatie zal besloten worden over het traject 2026 en verder. Deze circulaire geeft in paragraaf 2.5.2 aanvullende informatie over de invoering van het nieuwe verdeelmodel.

1.4

Vergoeding opvang ontheemden Oekraïne

Op dit moment werken gemeenten en veiligheidsregio’s aan het realiseren van opvangplekken. Gemeenten vangen ontheemden op in verschillende locaties door het hele land. Om gemeenten duidelijkheid te geven over wat zij ontheemden kunnen bieden en welke kosten vergoed worden door het Rijk, is een regeling voor een specifieke uitkering op basis van normbedragen opgesteld. De hoogte van de normbedragen zal worden gemonitord. Indien uit de monitoring blijkt dat de normbedragen lager zijn dan de werkelijke kosten, zal een opwaartse bijstelling van de norm plaatsvinden. Uitgangspunt is reële compensatie van de extra kosten die gemeenten als gevolg van de opvang van ontheemden uit Oekraïne maken. De hoogte en omvang daarvan vragen om een politiek bestuurlijke afweging, met als uitgangspunt dat gemeenten er als gevolg van de opvang van ontheemden uit Oekraïne niet slechter voor komen te staan dan daarvoor.5

Tijdelijke onderwijshuisvesting Door de instroom van Oekraïense leerlingen volstaat in sommige gemeenten de bestaande onderwijshuisvesting niet. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor het realiseren van voldoende en adequate onderwijshuisvesting. OCW wil gemeenten hierbij ondersteunen en om die reden wordt € 136,3 miljoen gereserveerd voor de periode tot aan de zomervakantie. Daarna zal opnieuw worden bezien of de middelen nodig zijn en hoe deze verdeeld zullen worden. Het plan is om de middelen via een specifieke uitkering aan gemeenten te verstrekken. Uitgangspunt is dat gemeenten zelf de kosten voorschieten en achteraf vergoed krijgen op basis van gerealiseerde kosten (binnenkort meer informatie via www.rijksoverheid.nl/onderwijsvooroekraine).6

Tweede Kamer, vergaderjaar 2020-2021, 35 570 B, nr. 13 Leefgeld Oekraïners | Tweede Kamer der Staten-Generaal 6 Verzamelbrief Opvang ontheemden uit Oekraïne | Kamerstuk | Rijksoverheid.nl 4 5

Meicirculaire gemeentefonds 2022

4

Leerlingenvervoer Gemeenten zijn verantwoordelijk voor het inrichten van leerlingenvervoer. Nieuwkomersonderwijs wordt zo veel als mogelijk centraal georganiseerd, waardoor de afstand tussen opvanglocaties en de onderwijsinstellingen kan toenemen. Daarom worden gemeenten gesteund in het organiseren van leerlingenvervoer voor nieuwkomersonderwijs. Dit betreft een eenmalige decentrale uitkering voor de periode 1 maart 2022 – 16 juli 2022 (exclusief schoolvakanties).7 Veiligheidsregio’ s en GGD’ en Voor de bedrijfsvoering en kosten voor GGD en veiligheidsregio’s en gemeenten met een coördinerende taak moet een systeem voor vergoeding worden opgericht. Om de 25 veiligheidsregio’s in de periode van 9,5 maanden (half maart t/m december) te kunnen ondersteunen is een bedrag van ca. € 500.000 per maand per regio geschat, de raming van het budgettair beslag is op basis hiervan € 119 miljoen. Onderuitputting vloeit terug naar de schatkist.8

Jeugdwet, Wmo, Basistakenpakket JGZ, Rijksvaccinatieprogramma en Prenataal Huisbezoek Voor Oekraïense ontheemden ligt de verantwoordelijkheid voor de zorg en ondersteuning vanuit de Wmo en de Jeugdwet, en de uitvoering van het basistakenpakket Jeugdgezondheidszorg, het Rijksvaccinatieprogramma en het prenataal huisbezoek uit de Wet publieke gezondheid bij gemeenten. Het aantal Oekraïense ontheemden is dusdanig groot in omvang dat dit niet als een onderdeel van gebruikelijke fluctuaties in de zorgvraag kan worden gezien. Bovendien is er sprake van een clustering van Oekraïense ontheemden in specifieke gemeenten, namelijk in die gemeenten waar opvanglocaties zijn gerealiseerd. Het kabinet heeft op 25 mei 20229 besloten om gemeenten te compenseren voor de extra kosten in het jaar 2022 die zij t.a.v. bovengenoemde taken maken. De compensatie wordt vastgesteld op basis van (een raming) van daadwerkelijke aantallen opgevangen Oekraïense ontheemden. In de decembercirculaire 2022 zal de compensatie worden verwerkt. De komende periode wordt de compensatie en verdeling, in overleg tussen het Rijk en VNG, nader uitgewerkt.

1.5

Decentralisatie- en integratie-uitkeringen

Hoofdstuk 3 van deze circulaire bevat voor uitkeringsjaar 2022 en verder ook een aantal wijzigingen in de decentralisatie- en integratie-uitkeringen. Het gaat zowel om de aanpassing van bestaande als om nieuwe uitkeringen. In hoofdstuk 3 is een compleet overzicht opgenomen. De belangrijke wijzigingen die in deze circulaire verwerkt zijn betreffen: -

De decentralisatie-uitkering Inkomstenderving 2020 ad € 151,794 miljoen. In de decembercirculaire 2021 is voor 282 gemeenten de volledige compensatie over de inkomstenderving 2020 afgerond. De compensatie van de resterende gemeenten vindt grotendeels in deze circulaire plaats;

Verzamelbrief Opvang ontheemden uit Oekraïne | Kamerstuk | Rijksoverheid.nl Verzamelbrief Opvang ontheemden uit Oekraïne | Kamerstuk | Rijksoverheid.nl 9 Detail 2022D21520 | Tweede Kamer der Staten-Generaal 7 8

Meicirculaire gemeentefonds 2022

5

-

De decentralisatie-uitkering Uitvoeringsmiddelen klimaatbeleid ad € 112,591 miljoen om de uitvoering van het bestaande klimaatbeleid in 2022 te kunnen voortzetten.

-

De integratie-uitkeringen Beschermd wonen, Participatie en Voogdij/18+ zijn geïndexeerd. In totaal is voor loon- en prijsbijstelling en volume-indexatie een bedrag van structureel ruim € 191 miljoen toegevoegd;

-

De integratie-uitkeringen Raadsledenvergoeding kleine gemeenten, Participatie (onderdelen Nieuw Wajong en Nieuw begeleiding (excl. beschut werk)), Voogdij/18+ en Inburgering worden met de ingang van het nieuwe verdeelmodel in 2023 toegevoegd aan de algemene uitkering. In 2023 is met de overhevelingen in totaal een bedrag gemoeid van ruim € 932 miljoen, wat in de jaren daarna verder oploopt.

Meicirculaire gemeentefonds 2022

6

2

Algemene uitkering

2.1

Inleiding

Binnen het gemeentefonds is de algemene uitkering de grootste component. Het bedrag aan algemene uitkering wordt verdeeld over de gemeenten via maatstaven, zoals het inwonertal en de oppervlakte van een gemeente, een aan de maatstaven gekoppeld gewicht (bedrag per eenheid) en de uitkeringsfactor (de voor alle gemeenten gelijke vermenigvuldigingsfactor). Die drie componenten zijn aan wijzigingen onderhevig. Dit hoofdstuk geeft informatie over de aanleiding voor die wijzigingen en over de uitwerking ervan. In paragraaf 2.2 worden de wijzigingen in de omvang van de algemene uitkering behandeld en in paragraaf 2.3 worden de consequenties daarvan voor de verdeling aangegeven. In paragraaf 2.4 volgen de overige mededelingen over de algemene uitkering en in paragraaf 2.5 zijn de mededelingen over de wijzigingen in het verdeelstelsel opgenomen. Paragraaf 2.6 informeert de gemeenten over een aantal gegevens voor de berekening van de algemene uitkering, te weten: maatstaven, gewichten en uitkeringsfactoren. Het totaal van alle wijzigingen vindt zijn neerslag in de bijlagen 2.1.1 tot en met 2.1.4, die overzichten bevatten van maatstaven, bedragen per eenheid en uitkeringsfactoren. De algemene uitkering is vrij besteedbaar voor gemeenten.

Eventuele opmerkingen die over de algemene uitkering in deze circulaire worden gemaakt, zijn niet meer dan voorbeelden die illustreren met welke kosten gemeenten geconfronteerd worden. Dit inzicht is ook van belang voor de Tweede Kamer. Met de betreffende teksten wordt niet beoogd het bestedingsdoel nader te omschrijven, of op welke wijze dan ook de middelen te oormerken.

2.2

Wijzigingen in de omvang van de algemene uitkering

Tabel 2.2.1 bevat de wijzigingen in de omvang van de algemene uitkering over de periode 2022 tot en met 2027 ten opzichte van de decembercirculaire 2021. Het betreft achtereenvolgens: 1.

Algemene mutaties Deze mutaties hebben betekenis voor de financiële ruimte van de gemeenten, zonder veranderingen in het takenpakket.

2.

Taakmutaties Deze mutaties hebben betrekking op taakmutaties bij gemeenten en hebben corresponderende gevolgen voor inkomsten of uitgaven. De mutaties zijn geordend volgens de clusterindeling van het gemeentefonds om gemeenten een overzicht te bieden per beleidsterrein. De clusterindeling, naar gelijksoortige gemeentelijke beleidsvelden, is een hulpmiddel bij het onderhoud van de verdeling. Het staat gemeenten vrij de indeling al dan niet voor eigen doeleinden te hanteren en de clusterindeling heeft geen gevolgen voor de bestedingsvrijheid van de algemene uitkering.

Tabel 2.2.1 geeft een totaalbeeld van de mutaties in de omvang van de algemene uitkering van circulaire op circulaire. De mutaties hebben betrekking op 2022 en verder en worden onder de

Meicirculaire gemeentefonds 2022

7

tabel toegelicht. In bijlage 2.2.1 zijn de mutaties uit tabel 2.2.1 samengenomen met de mutaties uit eerdere circulaires. Deze bijlage geeft een totaalbeeld van de mutaties van jaar op jaar. Tabel 2.2.1 Ontwikkeling algemene uitkering, mutaties ten opzichte van de decembercirculaire 2021 (in duizenden euro's) 2022 2023 2024 2025 stand decembercirculaire 2021 1a) 1b) 1c) 2) 3) 4) 5) 6a)

2026

2027

30.674.140 29.334.531 29.904.730 30.773.263 31.801.017 31.776.038

algemene mutaties Accres Volkshuisvestingsfonds Woningbouwimpuls Opschalingskorting (Coalitieakkoord) Plafond BTW-compensatiefonds Knelpunten verdeelsystematiek Financiering Nationale Inzet Krijgsmacht (FNIK) Raadsledenvergoeding kleine gemeenten

1.008.105

119.490

2.552.020 -150.000 -100.000 400.000

4.140.507 -150.000 -100.000 535.000

5.215.256 -150.000 -100.000 675.000

2.811.002

3.892.887

83 291

83 291

83 291

83 291

-97 83 291

83 291

taakmutaties 2022 7)

cluster Overig Permanente registratie kiezers buitenland

8)

cluster Inkomen en participatie Energietoeslag

9)

cluster Jeugd Jeugdhulp: subsidieregeling cointinuïteitsregeling cruciale jeugdzorg

-8.900

10)

cluster Infrastructuur en gebiedsontwikkeling Toezicht en handhaving voor EPBD III

1.797

11)

cluster Volksgezondheid Prenataal huisbezoek

-2.252

808 854.000

taakmutaties 2023 tot en met 2027 6b) 12)

cluster Bestuur en ondersteuning Raadsledenvergoeding kleine gemeenten: overheveling vanuit IU Versterking dienstverlening gemeenten: Systeemleren

9.776 5.000

9.776 5.000

9.776 5.000

9.776 5.000

9.776 5.000

13a) 13b)

cluster Participatie Participatie: Wajong overheveling vanuit IU Participatie: Regulier werk overheveling vanuit IU

56.175 53.384

57.327 56.371

58.374 61.228

59.892 65.400

70.976 80.336

14) 15)

cluster Individuele voorzieningen Wmo Eigen bijdrage huishoudelijke hulp (Coalitieakkoord) Overgangsrecht levenslang

-95.000

-95.000

-95.000 1.158

16) 17)

cluster Individuele voorzieningen Jeugd Jeugdzorg (Coalitieakkoord) Voogdij 18+: overheveling vanuit IU

1.445.000 736.676

736.676

736.676

736.676

736.676

18) 19)

cluster Sociale basisvoorzieningen Inburgering: overheveling vanuit IU Valpreventie bij ouderen (Coalitieakkoord)

76.571 -10.000

74.437 -15.000

72.067 -15.000

70.990 -15.833

70.567 -16.667

stand deze circulaire

32.647.562 34.409.507 35.255.198 37.247.014 35.449.294 36.532.024

Toelichting

1a. Accres Zoals toegelicht in het Coalitieakkoord en de daaruit volgende Startnota heeft het kabinet Rutte IV besloten twee belangrijke wijzigingen in de indexering van de algemene uitkering van de fondsen door te voeren. Allereerst is besloten dat tot en met 2025 het accres grotendeels op basis van bestaande afspraken berekend wordt. Nieuw zijn de uitzondering op de accresrelevante uitgaven (aru) voor een aantal investeringsfondsen. Over het vastzetten van het volumedeel van het accres voor de periode tot en met 2025 is het Rijk in gesprek met de koepels. De verschillende tranches in

Meicirculaire gemeentefonds 2022

8

tabel 2.2.3 tot en met 2.2.5 laten een stijgende lijn in de hoogte van het accres zien. Tabel 2.2.3 en 2.2.4 laten de actuele raming van de jaarlijkse accrestranches zien voor de jaren 2022-2025, zowel in duizenden euro’s als in procenten. In het Coalitieakkoord zijn middelen voor de woningbouwimpuls (10x100 miljoen) en volkshuisvesting (4x150 miljoen) opgenomen. Deze middelen worden voor de jaren 2023 tot en met 2025 onttrokken aan het voor die jaren gereserveerde accres. Tabel 2.2.3 Actuele raming accressen gemeentefonds 2022-2025 (in duizenden euro’s) 2022

2023

2024

2025

Stand mei- en septembercirculaire 2021

1.493.059

741.322

711.008

1.010.303

Mutatie jaarlijkse tranches

1.008.105

1.543915

1.588.487

1.074.749

Stand meicirculaire 2022

2.501.164

2.285.237

2.299.495

2.085.052

Cumulatief accres

2.501.164

4.786.401

7.085.896

9.170.948

Uitname woningbouwimpuls

-100.000

-200.000

-300.000

Uitname volkshuisvesting

-150.000

-300.000

-450.00

4.536.401

6.585.896

8.420.948

Cumulatief accres via gemeentefonds

2.501.164

Tabel 2.2.4 Actuele raming groei accres relevante uitgaven (ARU) 2022-2025 (in procenten)

Stand Miljoenennota 2022 Mutatie jaarlijkse tranches in Voorjaarsnota 2022 Stand Voorjaarsnota 2022

2022

2023

2024

2025

5,0%

2,4%

2,4%

3,3%

3,4%

4,3%

4,3%

2,6%

8,4%

6,7%

6,7%

5,9%

De jaarlijkse groei van de accres relevante uitgaven (ARU) bepaalt het accres percentage. De uitnames voor de Woningbouwimpuls en het Volkshuisvestingsfonds hebben geen invloed op de ARU en daarmee ook niet op het accres percentage. Tabel 2.2.5 maakt de mutaties van de accrestranches per jaar inzichtelijk. De totaalregel in de tabel correspondeert met de accresregel in tabel 2.2.1.

Meicirculaire gemeentefonds 2022

9

Tabel 2.2.5 Mutaties accres tranches gemeentefonds 2022-2025 ten opzichte van de septembercirculaire 2021 (jaartranches, in duizenden euro’s)

Tranche 2022

2022

2023

2024

2025

1.008.105

1.008.105

1.008.105

1.008.105

Tranche 2023

1.543.915

Tranche 2024

1.543.915

1.543.915

1.588.487

1.588.487

Tranche 2025

1074,749

Totaal gewijzigde tranches

1.008.105

2.552.020

4.140.507

5.215.256

Uitname woningbouwimpuls

-100.000

-200.000

-300.000

Uitname volkshuisvesting

-150.000

-300.000

-450.000

2.302.020

3.640.507

4.465.256

Totaal gewijzigde tranche via

1.008.105

gemeentefonds

Ten tweede is in het Coalitieakkoord besloten dat de fondsen vanaf 2026 niet langer via de normeringssystematiek geïndexeerd worden. Daarmee vervalt de koppeling aan de rijksuitgaven. Het gereserveerde accres wordt vanaf 2026 wel bijgesteld als gevolg van de jaarlijkse loon- en prijsontwikkeling zoals deze door het CPB wordt geraamd. De wijze van berekening voor deze jaren wordt getoond in tabel 2.2.6 en tabel 2.2.7 en meer in detail in bijlage 8 van de Voorjaarsnota 2022. In 2026 en 2027 is een opwaartse bijstelling van het accres te zien ten opzichte van de stand Miljoenennota 2022. Tabel 2.2.6 Bijstelling accres Gemeentefonds 2026-2027 als gevolg van CEP (in miljoenen euro, tenzij anders aangegeven) 2026

2027

A. Totale LPO-ontwikkeling vanaf 2022 in %

18,6%

22,3%

B. Oude lpo-ontwikkeling (stand MEV22)

3.589

4.368

C. Nieuwe lpo-ontwikkeling in euro (A*B)

5.560

6.642

D. Mutatie (C-B)

1.971

2.274

593

590

w.v agv lpo 2022

Tabel 2.2.7 Cumulatieve stand accres Gemeentefonds 2026-2027 (in miljoenen euro, tenzij anders aangegeven) 2026

2027

A. volume-accres

2.233

2.233

B. lpo-ontwikkeling

5.560

6.642

C. Totaal cumulatief accres (incl 2022, A+B)

7.793

8.875

w.v. al verwerkt in het Gemeentefonds

2.086

2.083

w.v. gereserveerd

5.708

6.792

Meicirculaire gemeentefonds 2022

10

1b. Volkshuisvestingsfonds In het Coalitieakkoord zijn middelen voor de volkshuisvesting (4 x € 150 miljoen) opgenomen. Deze middelen worden voor de jaren 2023 tot en met 2025 onttrokken aan het voor die jaren gereserveerde accres.

1c. Woningbouwimpuls In het Coalitieakkoord zijn middelen voor de woningbouwimpuls (10 x € 100 miljoen) opgenomen. Deze middelen worden voor de jaren 2023 tot en met 2025 onttrokken aan het voor die jaren gereserveerde accres.

2. Opschalingskorting (Coalitieakkoord) Het kabinet heeft besloten deze kabinetsperiode voor zowel gemeenten als provincies de oploop van de opschalingskorting te schrappen voor de periode 2022 tot en met 2025. Voor 2022 was de oploop van de opschalingskorting voor gemeenten al geschrapt (zie paragraaf 2.2-2 van de septembercirculaire 2021).

3. Plafond BTW-compensatiefonds De ontwikkeling van het BCF en het bijbehorende plafond leiden conform het Financieel Akkoord Rijk/VNG/IPO met ingang van 2015 tot een toename of afname van de algemene uitkering van de fondsen. Bij Miljoenennota 2022 werd de ruimte onder het plafond voor 2021 geraamd op € 243,168 miljoen Bij de definitieve afrekening blijkt deze ruimte te zijn toegenomen met € 134,975 miljoen. Dit overschot wordt toegevoegd aan het gemeentefonds en provinciefonds. Het aandeel van het gemeentefonds daarin bedraagt € 119,490 miljoen. Onderstaande tabel bevat een cijfermatig overzicht van de realisatie 2021: Tabel plafond BCF 2021 (bedragen x € 1.000) Stand mei 2022

Stand september 2021

Verschil

2021

2021

2021

Plafond

4.044.935

3.905.197

139.738

w.v. stand septembercirculaire 2021

3.905.197

4.763

w.v. overhevelingen i.v.m. taakmutaties

139.738

w.v. accres

-

Uitgaven

3.666.792

3.662.029

w.v. gemeenten

3.252.802

3.252.267

535

Ruimte onder plafond

378.143

243.168

134.975

w.v. gemeenten

335.449

215.959

119.490

Het plafond van het BCF is sinds 2015 gekoppeld aan de accrespercentages zoals die volgen uit de normeringssystematiek voor het gemeentefonds en provinciefonds. Het plafond wordt daarnaast aangepast voor taakmutaties (zoals decentralisaties) die gepaard gaan met toevoegingen of

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Vught&id=e4a6c245-f954-49af-bc41-db3f492e7ba3