CConstaterende datVught
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsinformatiebrief Evaluatie participatie (tweede fase) d.d. 7 november 2023, inclusief evaluatieverslag

Commissievergadering 7 december 2023, gemeente VughtBij agendapunt: Participatiebeleid7.905 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsinformatiebrief

Datum

7 november 2023

Onderwerp

Evaluatie participatie (tweede fase)

Zaaknummer

Z22-257192

Documentnr.

UIT/23 - 581899

1. Inleiding Er wordt steeds meer belang gehecht aan (vroegtijdige) betrokkenheid van inwoners bij onderwerpen waar de overheid besluiten op gaat nemen. Zo heeft op nationaal niveau participatie een belangrijke plaats binnen bijvoorbeeld (de geest van) de Omgevingswet gekregen. Op lokaal niveau besteedt ook het coalitieakkoord aandacht aan participatie. Tegelijk blijft het zoeken naar goede manieren om de participatie van inwoners en organisaties vorm te geven en daarbij recht te doen aan alle belangen en verwachtingen van de diverse actoren. Om meer inzicht te krijgen in de huidige praktijk van participatie in Vught is een evaluatie uitgevoerd. Door middel van deze raadsinformatiebrief willen wij uw raad hierover informeren.

2. Voorgeschiedenis De eerste fase van deze evaluatie was vooral intern gericht. Acht uiteenlopende trajecten zijn geselecteerd, die zijn afgerond in de periode 2021-2022. Onder projectleiders en wethouders zijn vragenlijsten verspreid. Vervolgens zijn verdiepende gesprekken met hen gevoerd. Ook is in deze fase gesproken met de afdeling Communicatie van de gemeente, zij zijn bij veel trajecten betrokken. Alle informatie is bijeengebracht in een verslag, dat bij de raadsinformatiebrief van 22 december 2022 is gevoegd en door uw raad is behandeld in de commissievergadering van 26 januari 2023. De afgelopen maanden is de tweede fase van de evaluatie uitgevoerd. Dit deel is breder van opzet, zowel in vraagstelling als in benaderde groepen. Aan de acht eerdere trajecten is het traject Hart van de Baantien toegevoegd, naar aanleiding van een door uw raad aangenomen motie. Tevens is het Witboek van Vught Participeert, ontvangen op 9 oktober 2022, meegenomen in deze evaluatie. In deze tweede fase zijn inwoners betrokken en belangengroepen. Centraal stonden hun ervaringen met participatie in Vught: wat zien zij, hoe hebben zij het ervaren? Ook inwoners die tot nu toe nooit hebben deelgenomen aan een participatietraject zijn benaderd. Belangrijk hierbij was om de redenen waarom zij niet deelnemen te achterhalen en wat ervoor nodig zou zijn om hen wel deel te laten nemen.

3.

Inhoudelijk

De resultaten van de eerste en de tweede fase zijn bij elkaar gevoegd. Daaruit komen conclusies voort, mogelijke oplossingen en een aantal vragen rondom het toekomstige participatiebeleid. Dit, samen met de opbrengsten van de raadsdialoogavond op 16 november 2023 en de opiniërende discussie op 7 december 2023, vormen input voor het nieuwe participatiebeleid.

Het verslag van deze tweede fase van de evaluatie is als bijlage bij deze raadsinformatiebrief gevoegd. Evenals de eerste fase van de evaluatie is de tweede fase uitgevoerd door het ambtelijk Expertteam Participatie. Inhoudelijk verwijzen we hiervoor naar het verslag.

Standpunt/ Besluit college van B en W

4.

Participatie is een belangrijk thema voor het college en de gemeente. We vinden het van belang dat dat inwoners, ondernemers en belangengroepen goed betrokken worden bij het gemeentelijke beleid en de uitvoering. Daarbij moet vooraf duidelijk zijn wanneer en waarover inbreng mogelijk is. We hebben kennisgenomen van het verslag van het Expertteam Participatie. Op grond van het Uitvoeringsprogramma van juli 2021 en de Motie "Leren over Participatie" worden de opbrengsten van beide evaluaties, samen met de raadsdialoog en opiniérende bespreking én de adviezen van het expertteam gebruikt als input voor het nieuwe beleid dat in 2024 aan uw raad zal worden voorgelegd. Ook dit proces is onderhevig aan participatie, zo wordt het nieuwe beleid ter inzage gelegd voor dezelfde inwoners, ondernemers en belangengroepen. Dat wil niet zeggen dat we tot die tijd geen acties ondernemen. Tijdens de bespreking op 26 januari 2023 heeft uw raad een aantal opmerkingen gemaakt. Sommige opmerkingen betroffen acties, die niet op nieuw beleid hoeven te wachten, maar snel opgepakt zijn. Zo is het gebruik van de THiNK! App (een tool vanuit het ministerie van Binnenlandse Zaken voor het inrichten van een participatietraject) en het opstellen van een participatieplan volgens een standaard format gestimuleerd binnen de organisatie. Daarnaast willen wij melden dat er per september jl.

een adviseur Participatie in vaste dienst is, zodat er meer steun is bij participatieprocessen. Andere suggesties, zoals het opstellen van een digitale participatiekaart en het aanstellen van een `wijkmakelaar' worden betrokken bij het opstellen van het nieuwe beleid.

Burgemeester en wethoude de secretaris,

n Vught, burgemeester,

W. .F. Keijzers

R. . van de Mortel

Bijlage 1. Evaluatieverslag

Evaluatieverslag Participatie Door het Expertteam Participatie Definitief, datum 7 november 2023

Inhoudsopgave 1.

Inleiding ................................................................................................................................................................. 2 1.1 Aanpak en verantwoording ............................................................................................................................... 2 1.2 Leeswijzer ............................................................................................................................................................ 3

2. Resultaten enquêtes .................................................................................................................................................. 4 2.1 Inwoners die hebben deelgenomen aan een participatietraject................................................................... 4 2.2 Inwoners die niet eerder participeerden ......................................................................................................... 4 2.3 Belangengroepen ................................................................................................................................................ 5 3. Straatinterviews.......................................................................................................................................................... 6 4. Groepsgesprekken .................................................................................................................................................... 7 5. Interne organisatie...................................................................................................................................................10 6.

Algemene conclusies...............................................................................................................................................11 6.1 Algemeen ...........................................................................................................................................................11 6.2 Doel van het participatietraject ......................................................................................................................11 6.3 Kaders ................................................................................................................................................................11 6.4 Participatieplan..................................................................................................................................................12 6.5 Proces .................................................................................................................................................................12 6.6 Doelgroep ..........................................................................................................................................................12 6.7 Werkvorm ..........................................................................................................................................................13 6.8 Uitkomsten

........................................................................................................................................................13 6.9 Betrokkenheid projectleider/wethouder /raadsleden ................................................................................13 6.10 Budget ..............................................................................................................................................................13 6.11 Tijd....................................................................................................................................................................14 6.12 Communicatie .................................................................................................................................................14 7. Adviezen/actiepunten ............................................................................................................................................15 8. Tot slot......................................................................................................................................................................18 9.

Bijlage(n): ..................................................................................................................................................................19 Bijlage 1 Enquêteresultaten inwoners..................................................................................................................19 Bijlage 2 Enquêteresultaten belangengroepen....................................................................................................20

1

1. Inleiding Participatie is de afgelopen jaren steeds belangrijker geworden in onze samenleving. In Vught heeft het een prominente plek gekregen in het Coalitieakkoord “Een nieuwe start” van 2021-2026 en in het nieuwe Coalitieakkoord van 2023-2026. De ambitie is uitgesproken om inwoners en andere belanghebbenden eerder en beter te betrekken bij het gemeentelijke beleid en de uitvoering daarvan. Door participatietrajecten wordt de afstand tot de burger verkleind. Participatie zorgt verder voor meer draagvlak en kan de kwaliteit van bestuurlijke besluiten verbeteren. Op grond van het Uitvoeringsprogramma van juli 2021 en de Motie “Leren over Participatie” is in 2022 een aantal participatietrajecten intern geëvalueerd. Deze evaluatie is besproken op 26 januari 2023 in de commissievergadering. In 2023 is de uitvoering van de gemeentelijke participatie geëvalueerd bij inwoners en belangengroepen. Ook is participatie intern besproken tijdens teambijeenkomsten. Met de resultaten uit deze tweede fase zijn de uitkomsten uit de eerste fase van de evaluatie aangevuld en verrijkt. In dit rapport presenteren wij de resultaten, trekken conclusies en wijzen op mogelijke oplossingen en verbeterpunten. Samen met de reflectie vanuit de raad (gepland in november en december 2023) en input van insprekers vormt deze evaluatie de basis voor het opstellen van nieuw participatiebeleid in 2024.

1.1 Aanpak en verantwoording De eerste fase van de evaluatie richt zich op acht projecten. In de tweede fase is een negende project betrokken, Hart van de Baarzen.

Onderzoeksmethode tweede fase

In beide fases is de evaluatie door de ambtelijke organisatie uitgevoerd. De volgende instrumenten zijn ingezet: -

Digitale enquête op WijinVught met aparte vragenlijsten voor inwoners en belangenorganisaties; Straatinterviews op plekken in Vught, Cromvoirt en Helvoirt; Groepsgesprekken met inwoners en belangengroepen (tussen de 1 en 4 deelnemers per gesprek).

Het totaal aantal ‘respondenten’ was 147 (de deelnemers aan de groepsgesprekken zijn hierbij niet meegeteld omdat vrijwel allen al meetelden vanwege het invullen van een vragenlijst). De enquête bevat een uitnodiging om mee te doen aan een verdiepingsgesprek met de gemeente Vught. Hiervoor hebben zich 17 mensen aangemeld. Uiteindelijk zijn er 6 gesprekken gevoerd met 15 respondenten. Onderstaande thema’s zijn aan de orde gekomen in de enquête: -

Doel, kaders en tijdsinvestering van participatie Participatievorm Vertegenwoordiging Terugkoppeling Communicatie

2

Uitnodiging onderzoek

Er zijn allerlei manieren ingezet om inwoners of belangenorganisaties te interesseren om mee te doen aan deze evaluatie. Belangenorganisaties en participanten aan de 9 trajecten van wie we een mailadres hadden, zijn per mail uitgenodigd de vragenlijst in te vullen en mee te doen aan een groepsgesprek. Er zijn bloemenkaarten met een oproep om mee te doen op verschillende plaatsen in de gemeente neergelegd (o.a. gemeentekantoor, HelvoirThuis, gezondheidscentra) en actief uitgedeeld, o.a. op de milieustraat en op de markt. Er is publiciteit geweest in de lokale media en via social media. Daarnaast hebben wij mensen op straat aangesproken en gevraagd om met ons over participatie te praten.

Representativiteit

Vanwege het aantal respondenten zijn de uitkomsten van deze evaluatie niet representatief voor alle inwoners en belangenorganisaties in de gemeente. Wel is er naar onze mening een goed beeld ontstaan van de stand van de participatie in Vught. Bij verwerking van de resultaten van de groepsgesprekken en de straatinterviews bleek namelijk dat bepaalde aspecten en opmerkingen steeds terugkeren, al pretenderen we niet alle ervaringen te hebben opgehaald.

1.2 Leeswijzer In hoofdstuk 2 staan de resultaten van de digitale enquête onder inwoners en belangengroepen. Wij staan hier ook stil bij de meningen van inwoners die niet eerder participeerden. In hoofdstuk 3 staan de resultaten van de straatinterviews. In hoofdstuk 4 volgen de belangrijkste uitkomsten van de groepsgesprekken die wij hebben gevoerd met inwoners en belangengroepen. In hoofdstuk 5 presenteren wij de informatie die wij in fase 2 hebben opgehaald in de interne organisatie. In hoofdstuk 6 volgen de algemene conclusies. Tot slot zijn in hoofdstuk 7 adviezen en actiepunten geformuleerd die zijn gebaseerd op de conclusies.

3

2. Resultaten enquêtes In dit hoofdstuk bespreken wij de resultaten van de uitgevoerde enquêtes. In 2.1 komen de resultaten van de enquête onder inwoners die weleens aan een participatietraject hebben meegedaan aan de orde. In 2.2 volgen de resultaten van de groep die aangaf niet eerder te hebben deelgenomen. In paragraaf 2.3 staan de resultaten van de enquêtes onder belangengroepen. In de bijlagen staan de bijbehorende cijfers. In de enquête is de respondenten gevraagd het participatietraject waaraan zij hebben deelgenomen te beoordelen. Gemiddeld is het resultaat een krappe voldoende (5,5). Dit cijfer ligt lager dan in de eerste (interne) evaluatie, namelijk ruim voldoende (6,9). Relevant daarbij is dat het cijfer voor sommige, met name ruimtelijke trajecten – die divers zijn in omvang en impact - verschilt. Bij de trajecten in het sociaal domein is men meer tevreden over de participatie dan bij de ruimtelijke trajecten. Aan de enquête hebben in totaal 64 respondenten deelgenomen en daarvan is 65% bekend met WijinVught.

2.1 Inwoners die hebben deelgenomen aan een participatietraject Het aantal respondenten dat heeft meegedaan aan een participatietraject bedraagt 45.

Kaders

Voor 60% van de respondenten is het duidelijk waarover ze mee konden denken, voor 20% was dit niet duidelijk, de overige 20% vult in ‘neutraal’. Op de stelling ‘Ik wist goed waarop ik wel en waarop ik geen invloed had’, geeft 42% van de respondenten aan dat helder is waarop ze wel of geen invloed hebben. 33% van de respondenten geeft aan dat niet helder is, de overige 24% van de respondenten vulden in ‘neutraal’.

Doelgroep

Rond de 45% van de respondenten mist de inbreng van bepaalde groepen bij de participatie. 80% geeft aan dat ze meedoen aan een traject omdat ze hun eigen belang willen inbrengen.

Werkvorm

49% van de respondenten vindt de werkvorm passend. Voor bijna 60% is het duidelijk hoe de participatie vorm krijgt en hetzelfde percentage geeft aan dat de werkvorm voldoende ruimte biedt om een mening te geven. Ongeveer 40% is over dit laatste neutraal of ervaart onvoldoende ruimte.

Uitkomsten

Bijna 60% geeft aan dat de uitkomsten van het participatietraject zijn teruggekoppeld. Op de vraag wanneer de terugkoppeling plaats heeft gevonden, geeft bijna 30% aan dat ze de uitkomsten pas hoorden nadat besluitvorming had plaatsgevonden. 46% was het hiermee oneens en vonden dat ze een tijdige terugkoppeling hadden gekregen. De overige respondenten vulden ‘neutraal’ in.

Tijd

62% geeft aan dat het duidelijk was hoeveel tijd de participatie zou kosten. Voor 20% was dit niet duidelijk.

2.2 Inwoners die niet eerder participeerden Van de 64 inwoners die de enquête invulden, hadden er 18 nog nooit aan een participatietraject meegedaan. Aan deze groep zijn de volgende vragen gesteld: 4

Waarom hebt u niet meegedaan? Iets meer dan de helft geeft aan dat ze niet wisten dat ze mee konden doen. Sommigen gaven aan dat ze niet meedoen, omdat ze hiervoor niet gevraagd zijn. Anderen geven aan het zinloos te vinden, geen vertrouwen, behoefte of tijd te hebben of nog maar kort in de gemeente Vught te wonen. Bent u van plan om deel te gaan nemen? Een meerderheid geeft aan dit wel te willen. In de reacties klinkt de hoop door dat er wordt geluisterd of dat beloften worden waargemaakt. Hoe zou u benaderd willen worden? Het merendeel van de respondenten (66%) geeft aan graag persoonlijk via de gemeente te worden benaderd. Als tweede (33%) wordt aangegeven dat persoonlijke benadering via het sociale netwerk een goede ingang is. Welke vorm spreekt u het meest aan? 50% geeft aan een digitale enquête de voorkeur en 44 % aan een fysieke bijeenkomst. Een digitale bijeenkomst scoort het laagst.

2.3 Belangengroepen In totaal hebben 14 organisaties de enquête ingevuld. Zij vertegenwoordigen zeer uiteenlopende domeinen binnen de gemeente. Van de respondenten geeft 71% aan zich betrokken te voelen bij het participatiebeleid van de gemeente. Ruim 90% is bekend met WijinVught.

Doel

72% gaf voorafgaand aan het participatietraject bekend te zijn met het doel.

Kaders

30% geeft aan dat de kaderstelling bij het participatietraject helder was. 50% vult in ‘neutraal’.

Proces

Voor bijna 30% van de respondenten is het participatieproces vooraf helder. Bijna 40% vindt dit niet. De overige respondenten vullen ‘neutraal’ in.

Doelgroep

Bijna 90% van de respondenten geeft aan tot de doelgroep van het participatietraject te horen. Bijna 40% geeft aan bepaalde groepen te missen in het proces.

Werkvorm

Bijna 40% vindt de werkvorm passend, ruim 40% ook niet.

Uitkomsten

Bijna 40% geeft aan dat de uitkomsten tijdens het traject zijn gecommuniceerd. Iets meer dan 40% geeft aan dat ze de uitkomsten pas hoorden na de besluitvorming.

Tijd

De tijdsinvestering was voor 60% vooraf duidelijk.

5

3. Straatinterviews Op diverse locaties zijn 69 straatinterviews gehouden. Belangrijk om te vermelden is dat veel passanten – op sommige locaties veruit de meesten – aangeven dat ze niet willen meedoen aan het straatinterview, omdat ze geen belangstelling hebben voor participatie, geen behoefte hebben om mee te denken, er geen tijd voor hebben of gewoon vertrouwen hebben in de politieke besluitvorming. Aan de andere kant geven mensen ook aan geen vertrouwen te hebben in de politiek en daarom niet mee te willen denken. Mensen geven als redenen ‘het helpt toch niet’ of ‘er komt nooit iets van terecht'. 33% van de geïnterviewden (23 inwoners) geeft aan eerder te hebben meegedacht in een participatieproject. Inwoners in Helvoirt geven aan dat de gemeente Vught meer doet aan participatie dan de gemeente Haaren. Opmerkingen die slechts een enkele keer naar voren zijn gebracht en ook al aan de orde komen bij de verslaglegging van de groepsinterviews (hierna hoofdstuk 4), zijn in dit onderdeel voor de leesbaarheid niet opgenomen. Hierna volgt een overzicht van aspecten die vaker zijn besproken in de straatinterviews.

Doelgroep

De inwoners die eerder aan participatie meededen, geven aan dit te doen als het gaat over hun eigen belang, het een interessant onderwerp betreft of een onderwerp van algemeen belang is dat hen raakt. Een geïnterviewde geeft expliciet aan ertegen te zijn dat alleen buurtinwoners van een project meepraten in de participatie. Dan komen er eenzijdige belangen op tafel. Daarbij is de mening dat de gemeente het algemeen belang in het oog moet houden en dat de politiek keuzes moet maken. Dat laatste wordt door meer mensen gezegd, evenals de ervaring is dat met name de tegenstanders van een project zich laten horen.

Werkvorm

Over de werkvorm worden zeer uiteenlopende opmerkingen gemaakt. Een inwoner geeft aan te hebben geparticipeerd, omdat de werkvorm aansprak. Omgekeerd geeft iemand aan juist niet te hebben geparticipeerd, omdat de werkvorm niet aansprak. Iemand geeft aan het belangrijk te vinden dat de werkvorm van tevoren duidelijk is, bijvoorbeeld ook of er in groepen wordt gewerkt of niet. Er worden opmerkingen gemaakt als: ‘fijn om met de gemeente in gesprek te zijn’, ‘gemeente moet benaderbaar zijn’, ‘goed naar de mensen luisteren’, ‘meer gewoon praten en luisteren’, ‘meer op dienstverlening gericht’. En: ‘participatie mag best informeel’. Het idee wordt geopperd om meer interviews op straat te houden of in het HelvoirThuis. Inwoners geven de voorkeur aan niet volledig digitale bijeenkomsten. Verder wordt de inzet van social media genoemd, met name voor jongeren. Een inwoner met weinig tijd zegt best af en toe een korte enquête in te willen vullen.

6

4. Groepsgesprekken In dit hoofdstuk staan de resultaten van de gesprekken met inwoners en belangengroepen. De gesprekken zijn een vervolg op de enquête en zijn gevoerd met participanten die aangaven mee te willen werken aan een verdiepend gesprek. De gesprekken vonden plaats aan de hand van thema’s waar niet strak de hand aan is gehouden. Ook de input van het Witboek van Vught Participeert is hier verwerkt. Wij beschouwen alle inbreng uit de gesprekken als waardevol, ook als het van 1 respondent afkomstig is.

Kaders

Ingebracht is dat de kaders vooraf niet altijd duidelijk zijn en/of dat niet altijd helder wordt gecommuniceerd over de mogelijke participatieruimte voor participanten. Geopperd is dat de inbreng kan leiden tot een bindend advies. Ook geven de deelnemers aan dat ze graag eerder in een proces mee willen denken en betrokken willen worden, dus voordat definitieve kaders zijn bepaald.

Proces

Deelnemers wijzen erop dat het proces niet altijd duidelijk is, maar ook tijdens participatiemomenten niet altijd helder wordt toegelicht. En ook dat het participatieproces en de spelregels volledig transparant moeten zijn. Ze adviseren van de inbreng van deelnemers op informatieavonden of andere bijeenkomsten altijd een verslag te maken en dit zo snel mogelijk te publiceren, zodat er geen ruis ontstaat over wat is besproken en toegezegd. Ook tussenresultaten in het proces kunnen teruggekoppeld worden. Deelnemers aan de gesprekken geven aan dat participatietrajecten soms te gehaast voelen en dat er door een strakke planning geen ruimte lijkt te zijn voor verlenging van het proces en nieuwe afstemming met de achterban. Ook zou er in het proces ruimte moeten zijn om in te gaan op ideeën of (tegen)voorstellen van inwoners en deze beargumenteerd over te nemen of af te wijzen. Deelnemers geven verder aan dat het helpt als er continuïteit is in personeelsopzicht. Ofwel: een herkenbare en benaderbare projectleider.

Doelgroep Wie uitnodigen Over wie uitgenodigd zou moeten worden te participeren, bestaan verschillende meningen: iedereen of juist alleen mensen met duidelijke belangen? Dat laatste lijkt logisch bij de herinrichting van een straat, maar niet bij grotere ruimtelijke projecten. Ook wordt aangegeven, dat je rekening moet houden met belangen met een verschillende achtergrond (bijvoorbeeld belang bij locatie voor een project en belang voor realisatie van een project ongeacht de locatie). De vraag ligt op tafel of je die juist wel of juist niet tegelijk moet uitnodigen. Opgemerkt wordt dat belangengroepen heel vaak worden uitgenodigd bij participatietrajecten. Vanuit de groepsgesprekken wordt de vraag gesteld in hoeverre besturen van belangenorganisaties de achterban vertegenwoordigen. Participatiebereik Gespreksdeelnemers geven aan dat het participatiebereik vergroot mag worden in Vught. Het zijn vaak dezelfde mensen die op een participatiemoment afkomen. Sommige wijken en doelgroepen blijven hierdoor ondervertegenwoordigd, zoals jongeren, inwoners met een taalachterstand of inwoners met een beperking. Gespreksdeelnemers geven aan dat het goed is voor de kwaliteit van de participatie een betere afspiegeling te krijgen van de meningen over een bepaald thema of een bepaalde locatie.

7

Zichtbaarheid in de wijk Respondenten geven aan dat de zichtbaarheid van de gemeente in de wijk groter zou moeten zijn. Niet in iedere wijk wordt evenveel geparticipeerd door inwoners. Er zijn laagdrempelige vormen van participatie om informatie bij inwoners op te halen (zie ook overige ervaringen en lessen). Het gaat ook om continue betrokkenheid vanuit de gemeente te laten zien.

Werkvorm

Volgens deelnemers lenen de klassieke plenaire sessies zich niet voor complexe problematiek. Werkvormen waarbij in verschillende groepen wordt gewerkt, hebben soms als nadeel dat je als participant geen zicht hebt op het totaal en dat alleen de gemeente dat heeft. Dat schept verplichtingen ten aanzien van de verantwoording. De participatietrajecten vragen om maatwerk passend bij het thema, de doelgroep en de belangen die er spelen. De werkvorm zou ook met de participanten kunnen worden bepaald. Alle groepen geven aan dat ze een volledig digitaal traject niet passend vinden voor participatie in Vught. Er wordt ingebracht dat een digitale interactieve participatiekaart, zeker bij ruimtelijke trajecten, kan voorzien in een behoefte geïnformeerd te worden en mee te denken. Ook wordt het voordeel van ‘een gewoon gesprek met een kleine groep’ voor het voetlicht gebracht, alsmede het werken met thematische klankbordgroepen. Vanuit belangengroepen wordt aangegeven dat inwoners in de regel niet hetzelfde kennisniveau van de dossiers hebben als de belangengroepen en dat het belangrijk is dat alle relevante informatie voor betrokkenen beschikbaar en toegankelijk is. Dat betekent dat volgens hen aan het begin van een bijeenkomst veel tijd moet worden besteed aan kennisoverdracht.

Uitkomsten

Alle groepen geven aan dat er niet altijd op een juiste manier wordt omgegaan met de opgehaalde informatie tijdens participatietrajecten. Uit de gesprekken komt naar voren dat een duidelijke en volledige argumentatie bij het wel of niet honoreren van wensen of meningen wordt gemist. Ook is de terugkoppeling van de participatie niet altijd compleet en geeft niet altijd een juist beeld van de gegeven input door inwoners, belangengroepen en ondernemers. Hierdoor neemt het vertrouwen in de gemeente af en is men minder bereid mee te denken. Tenslotte geven belangengroepen aan, dat na een gevolgd participatietraject de terugkoppeling van de resultaten van een participatiebijeenkomst pas laat volgt. Als het participatietraject is afgerond, gebeurt er op de achtergrond bij de gemeente van alles waar de participanten geen zicht op hebben. Als de politiek het voorstel overneemt is het bijvoorbeeld niet duidelijk wanneer er vervolgstappen gezet worden richting de uitvoering. Als college of raad anders besluiten dan uit de participatie is gekomen, zou dit gemotiveerd moeten worden.

Betrokkenheid rol projectleider /wethouder /raad

De houding van de projectleider ten aanzien van participatie en de kennis over de projectlocatie en participatie zijn van groot belang. Een projectleider moet weten waar hij/zij het over heeft (bijvoorbeeld op locatie zijn geweest), boven de materie staan, en de participatie moet ‘spits’ zijn in waar het over moet gaan. Bij projecten met een externe projectleider, of een project van externen met door hen geleide participatie, moet ook de gemeente aanwezig zijn. Ook de rol van de voorzitter/gespreksleider bij een bijeenkomst is van groot belang. Er kan meer regie komen vanuit de voorzitter op het proces, zodat er een constructieve discussie plaatsvindt tussen aanwezigen. Daarnaast moet de rol van de bestuurder bij de participatie duidelijk zijn (bijvoorbeeld alleen luisteren of alleen de grote lijn vertellen). Tenslotte komt ter tafel dat de rol van de raadsleden vooral luisterend moet zijn.

8

Overige ervaringen en lessen: communicatie

De website WijinVught vraagt volgens gespreksdeelnemers om een verbetering op het gebied van vindbaarheid en beschikbaarheid van informatie. In de beleving van belangengroepen moet de site een veel prominentere functie krijgen in de gemeente Vught en ook ruimte bieden voor (nieuwe vormen van) digitale participatie. In het meest ideale scenario is er verwijzing vanuit WijinVught naar informatie vanuit de gemeenteraad. Zet op WijinVught niet alleen de lopende participatieprojecten met alle onderliggende informatie, maar ook de te verwachten participatieprojecten en informatie over waar inwoners terecht kunnen met vragen over participatie of participatietrajecten, stellen de deelnemers.

Overige ervaringen en lessen: belangen en transparantie

Aangegeven wordt dat inwoners soms zeer deskundig zijn en deze deskundigheid ook inbrengen, met name in het ruimtelijk domein. In het sociaal domein participeren vooral de organisaties. Hier is de participatie vaak op verbeteringen gericht. In het ruimtelijk domein zijn er vaak belangentegenstellingen. Voor een goede participatiebijeenkomst is het belangrijk de verschillende belangen op tafel te leggen. Inwoners die participeren vanuit hun deskundigheid zouden dit aan kunnen geven.

Overige ervaringen: slagkracht politiek

Participatie moet niet worden ingezet om politieke besluitvorming uit te stellen. Soms is bij de start van een traject al duidelijk dat er geen oplossingen zijn of geen oplossing die door iedereen wordt ondersteund.

9

5. Interne organisatie Ook is gesproken met verschillende groepen medewerkers van de gemeente die bij participatie zijn betrokken.

Doel

Aangegeven wordt dat belangrijk is dat aan participanten kenbaar wordt gemaakt welke trede op de participatieladder de gemeente toepast en wat er vervolgens met de inbreng wordt gedaan. Ofwel: maak van tevoren duidelijk of de inbreng consulterend of adviserend is. En bij een advies, of het bindend voor het bestuur is of niet. Kortom: doe aan verwachtingsmanagement.

Kaders

Aan het begin van een participatietraject moeten heldere kaders worden gesteld. Als er geen of heel weinig ruimte is voor inbreng van inwoners (denk aan te veel ruimteclaims) dan is het soms eerlijker om geen participatietraject te volgen.

Participatieplan

Medewerkers geven aan behoefte te hebben aan een flexibel format voor een participatieplan.

Doelgroep

De interne organisatie is op zoek naar antwoorden op de volgende vragen: “Hoe krijg je een afspiegeling van de gemeente Vught in een participatietraject?”. “Hoe stimuleer je bijvoorbeeld de jongere inwoners van Vught om mee te doen?”. “Hoe bereik je de groep participanten die niet meedoet en ook niet tevreden zijn?” en “Hoe bereiken we de stille meerderheid?”. De interne organisatie constateert dat de vorm en het tijdstip van het participatiemoment bepalend zijn voor de opkomst tijdens een participatietraject. Het advies is om goed na te denken over wie je uitnodigt en over de manier waarop je dat doet.

Werkvorm

Soms zijn beleidsthema’s te abstract voor inwoners om hier een mening over te vormen. De gemeente betrekt inwoners namelijk in participatietrajecten bij complexe beleidsvraagstukken. Het is in sommige gevallen lastig voor inwoners om bij een beleidsplan de vertaalslag te maken naar hun eigen individuele belangen of naar de dagelijkse praktijk. Het advies van de interne organisatie is om in participatietrajecten de consequenties van beleid helder in kaart te brengen om inwoners bewust te maken van de impact van verschillende oplossingen/scenario's of beleidskeuzes. Daarnaast oppert de interne organisatie bij informatieavonden de mogelijkheid om ook achteraf nog inbreng te kunnen geven.

Tijd

Men geeft de wenselijkheid aan een traject te kunnen verlengen in het belang van een zorgvuldig participatieproces.

Overige ervaringen en lessen

Het is volgens de gemeentelijke organisatie wenselijk om aandacht te hebben voor meekoppel kansen. Door integraal te werken is er ook meer waarover belanghebbenden kunnen meedenken (de metaforische taart vergroten). Het levert namelijk een win-win situatie op voor de belanghebbenden.

10

6. Algemene conclusies In dit onderdeel komen algemene uitkomsten en bevindingen samen van de vragenlijsten, de straatinterviews, de gevoerde groepsgesprekken met inwoners en belangengroepen en van de gesprekken in de organisatie. Kortom, de bevindingen uit de eerste en de tweede fase van de evaluatie.

6.1 Algemeen Participatie is een actueel onderwerp. De belangengroepen onderschrijven dit. Het aantal deelnemers aan deze evaluatie en de respons op straat bevestigt aan de andere kant het beeld dat participatie lang niet bij alle inwoners leeft. Inwoners die wel participeren geven aan dit vooral te doen bij onderwerpen waar het gaat om hun eigen leefomgeving of waarbij zij een belang hebben. Conclusie De inbreng van deelnemers in participatietrajecten is niet altijd een afspiegeling van wat leeft bij de inwoners van Vught. De meeste inwoners hebben geen belangstelling voor politieke besluitvorming, hebben vertrouwen in de politiek (of juist niet) of vinden dat de politiek de taak heeft beslissingen te nemen, niet zij. De mate van betrokkenheid is over het algemeen gerelateerd aan onderwerpen die men belangrijk vindt.

6.2 Doel van het participatietraject Met ‘doel’ bedoelen we welke trede van de participatieladder beoogd wordt. Welke participatieruimte is er voor de inbreng van inwoners: mee weten, mee denken, mee adviseren of mee beslissen. De meerderheid van de respondenten gaf aan dat het doel van de participatietrajecten wel duidelijk was. Zeker belangengroepen gaven aan dat zij in de regel het doel van de participatie goed begrepen, omdat zij vaak vroegtijdig betrokken worden bij dossiers. Er wordt aangegeven dat soms het doel van een participatietraject ook een bindend advies kan zijn (meebeslissen). Conclusie: Voor de respondenten lijkt voldoende duidelijk wat het doel is van een participatietraject. De optie ‘meebeslissen’ zou vaker kunnen worden overwogen.

6.3 Kaders Zowel in de eerste als tweede fase wordt opgemerkt dat participanten het liefst zo vroeg mogelijk in een proces willen meedenken. Vanuit de gemeentelijke organisatie wordt de beperkende werking van wettelijke en budgettaire kaders benoemd. Vanuit de eerste fase wordt het belang aangegeven dat alle partijen (raad, college en projectleiders) vasthouden aan de vooraf gestelde kaders, zowel tijdens als na het proces, ook als deze kaders niet lijken te worden geaccepteerd door deelnemers aan het participatieproces. Voor de meerderheid (zestig procent) van de inwoners is duidelijk waarover zij mogen meedenken. Voor belangengroepen zijn de kaders niet altijd helder bij het starten van de participatie. Conclusie: De kaders worden niet altijd voldoende duidelijk vastgesteld en niet duidelijk gecommuniceerd richting de deelnemers van een participatietraject. De kaders worden dan niet als beperkend beleefd of geaccepteerd. De gemeente moet meer inzetten op verwachtingsmanagement.

11

6.4 Participatieplan Het participatieplan is bij deze evaluatie alleen bij de gemeentelijke organisatie aan de orde gekomen. Conclusie: Het participatieplan is een belangrijk document voor bestuurders, ambtenaren en participanten, omdat er in staat wat het doel van de participatie is, de kaders, de mate van inbreng van de verschillende groepen participanten, de planning en de wijze waarop de participatie wordt uitgevoerd. Het participatieplan is een essentiële onderlegger voor de uitvoering van participatiebeleid op maat.

6.5 Proces In de eerste fase wordt benoemd dat het procesverloop meestal wel duidelijk is. Verder komt aan de orde dat de het de rol van de gemeenteraad is om na afloop van het traject te beoordelen of het proces goed is verlopen. In de tweede fase daarentegen komt naar voren dat de gemeente beter moet uitleggen hoe het participatieproces verloopt en vorm krijgt. Meer flexibiliteit en ruimte in het proces lijkt wenselijk. Net als herkenbare gezichten die het proces begeleiden. Conclusie: Meer duidelijkheid over het proces en de planning, adequate informatie voor deelnemers, vasthouden aan gestelde kaders is gewenst. En verder meer flexibiliteit en ruimte in het proces, continuïteit in personeelsopzicht (projectleiders, voorzitters), beter verwachtingsmanagement.

6.6 Doelgroep Uit de eerste fase van de evaluatie komt naar voren dat de doelgroep niet altijd helder wordt omschreven. Hierbij speelt de vraag: kies je voor belanghebbenden in juridische zin of is de doelgroep breder? Directe belanghebbenden participeren wel vaker in een traject. En hoe weeg je de uitkomsten die door verschillende personen/groepen zijn ingebracht? Zijn degenen die hebben deelgenomen in zekere mate een afspiegeling van wat er leeft of zijn bijvoorbeeld vooral tegenstanders aan het woord geweest? Is er ook genoeg aandacht voor het algemeen belang in plaats van het individuele belang? Duidelijk was wel dat de doelgroep mede wordt bepaald door het onderwerp en het doel van de participatie. Uit de tweede fase komt expliciet naar voren dat er ook groepen zijn die niet worden bereikt, bijvoorbeeld inwoners met een taalachterstand, jongeren of lager opgeleiden. Daarnaast is de participatiebereidheid niet bij alle doelgroepen aanwezig, terwijl hun inbreng wel van grote waarde kan zijn. De vraag is verder of de gemeente bij participatie vanuit doelgroepen moet denken, of dat iedereen altijd en overal over mee moet kunnen praten. En, of de aanwezigen hun belangen transparant herkenbaar zouden moeten maken of aangeven waarom ze participeren (bijvoorbeeld deskundigheid brengen). Conclusie: De doelgroep is bij een participatietraject vaak niet helder omschreven.

Het is de vraag of we doelgroepen moeten afbakenen of dat ‘iedereen die dat wil’ kan participeren. De uitdaging is om ook inwoners die niet makkelijk bereikbaar zijn en/of minder bereid of in staat zijn mee te denken te betrekken bij gemeentelijk beleid. Dit is zeker het geval als het onderwerp of de locatie moeilijk te bereiken groepen aangaat.

12

6.7 Werkvorm De respondenten in de tweede fase zijn van mening dat een mix van verschillende participatievormen het beste werkt om een compleet beeld van de belangen en visies te krijgen in een project. Ook spreken respondenten de voorkeur uit voor kleinere bijeenkomsten boven grotere bijeenkomsten om de dialoog tussen participanten te bevorderen. Er wordt aandacht gevraagd voor het soms abstracte niveau van de vraagstukken, waarbij een vertaalslag naar de consequenties voor sommige deelnemers helpend zou zijn. Voor het meedoen aan een (digitale) enquête is de drempel lager dan voor het bijwonen van een fysieke bijeenkomst. Ook is het voordeel van digitale participatie dat mensen in hun eigen tempo en op een zelfgekozen tijdstip mee kunnen doen. Bijvoorbeeld via een digitale kaart of de mogelijkheid om achteraf je inbreng te geven. Een volledig digitaal participatietraject wordt echter niet geschikt gevonden. Tot slot wordt naar voren gebracht dat meer structurele vormen van participatie een optie zouden kunnen zijn. Conclusie: Een combinatie van werkvormen heeft de voorkeur om tegemoet te komen aan informatiebehoefte, tijdsinvulling en kennisniveau van onze inwoners.

6.8 Uitkomsten De respondenten in de eerste fase vinden dat de terugkoppeling van de stand van zaken en/of de uitkomsten niet in elk traject goed is gegaan. De wijze van terugkoppeling loopt uiteen en vooraf wordt niet altijd voldoende gedeeld wat er met de uitkomsten wordt gedaan en/of hoe ze gewogen zijn. In de tweede fase geeft iets meer dan de helft van de inwoners aan tijdig geïnformeerd te zijn over de resultaten van de participatie. Belangenorganisaties vonden dat er minder goed was omgegaan was met de participatie-resultaten. Een issue is dat pas laat het verslag van de participatiebijeenkomst wordt gedeeld en dat men zich niet altijd herkent in de inhoud ervan. Conclusie: De terugkoppeling van bijeenkomsten kan beter en sneller. Hetzelfde geldt voor de resultaten van het participatietraject waarbij keuzes van argumentatie moeten worden voorzien.

6.9 Betrokkenheid projectleider/wethouder /raadsleden De interne respondenten zien voordeel in onafhankelijke procesbegeleiding van bijeenkomsten. Daardoor kunnen projectleider en wethouder hun eigen rol vervullen. Vaste projectleiders van participatietrajecten zijn belangrijk voor het rechtstreekse contact, de herkenbaarheid en de benaderbaarheid van de gemeente Vanuit de evaluatie onder inwoners en belangenorganisaties komt naar voren dat de projectleider aan een aantal eisen moet voldoen wil het participatietraject goed verlopen. Opgemerkt wordt dat de aanwezigheid van raadsleden en/of wethouders een negatieve invloed kan hebben tijdens een bijeenkomst omdat zij het proces beïnvloeden. Conclusie: Een goede projectleiding en procesbegeleiding is van grote invloed op de kwaliteit van het participatieproces. Onafhankelijk voorzitterschap is van toegevoegde waarde. Een nadrukkelijke aanwezigheid van raadsleden en/of wethouders kan een participatieproces beïnvloeden. Een betere rol voor de wethouder en raadsleden is luisteren en observeren tijdens participatiemomenten.

6.10 Budget Uit de eerste fase komt naar voren dat niet altijd rekening wordt gehouden met een budget voor participatie en dat uiteenlopende oplossingen worden gebruikt om de kosten op te boeken. Ook

13

bij (gedeeltelijke) uitbesteding zijn er kosten voor de gemeente. Uiteraard is dit in de tweede fase minder aan bod gekomen. Conclusie: Het benodigde budget is niet in ieder participatietraject goed geregeld. Naast budget voor participatie binnen de projecten is er behoefte aan een structureel budget om participatie te faciliteren.

6.11 Tijd In fase 1 komt naar voren dat tijd vaak een probleem is. Geregeld zijn er in het participatietraject extra stappen nodig. Uit de groepsgesprekken in de tweede fase komt ook bij belangengroepen de tijdsdruk naar voren. Voor een goed participatietraject is het nodig dat projectleiders zo nodig ruimte hebben om extra inbreng te organiseren. Ook belanghebbenden moeten voldoende tijd krijgen voor hun inbreng. Conclusie: De benodigde doorlooptijd en tijdsinzet van een participatietraject vraagt meer tijd dan er beschikbaar is. Hierdoor komt de kwaliteit van de participatie in het gedrang.

6.12 Communicatie In de tweede fase geeft een meerderheid van de inwoners die niet eerder hebben deelgenomen aan een participatietraject aan dat zij niet op de hoogte waren van of niet gevraagd waren voor een participatietraject. Uit de vragenlijst onder de belangenorganisaties blijkt dat driekwart van de belangengroepen vindt dat de participatiemogelijkheden duidelijker kenbaar gemaakt kunnen worden. Aan de andere kant geven veel respondenten aan de website WjinVught te kennen. De toegankelijkheid en vindbaarheid van informatie over de participatieprojecten kwam veel aan bod tijdens de groepsgesprekken en de straatinterviews. Deelnemers geven verder aan dat de gemeente niet altijd goed zichtbaar en benaderbaar is. Ze pleiten voor meer rechtstreeks contact tussen gemeente en inwoners, bijvoorbeeld op straat. De suggestie werd gedaan om inwoners meer persoonlijk uit te nodigen en social media in te zetten om jongeren meer te betrekken. Wel vonden inwoners dat ze meer worden betrokken dan in het verleden. Conclusie: Een mogelijkheid om de communicatie rondom participatietrajecten te verbeteren ligt vooral bij de betere promotie (via lokale media en social media), inzet en ontsluiting van de website WijinVught.

14

7. Adviezen/actiepunten Op basis van het voorgaande komen we tot de volgende adviezen en actiepunten. Hierbij maken wij onderscheid tussen quick wins, de op te pakken punten en punten waarvoor tijd/middelen nodig zijn. Fase van participatie 1. Quick win: Waar mogelijk participatie toepassen in de startfase van een onderwerp, waardoor inwoners en organisaties ook invloed op een wegingskader of criteria voor het vervolg kunnen hebben. Verwachtingsmanagement 2. Quick Win: Doe aan verwachtingsmanagement door glashelder te zijn over de kaders en het proces. De kaders moeten correct, volledig en concreet zijn. Zo weet een participant precies waarop hij/zij wel of geen invloed kan uitoefenen en wat de mate van invloed is (participatieladder) ten opzichte van de besluitvorming. Neem de optie ‘meebeslissen’ mee in de overwegingen. 3.

Quick Win: Alle partijen (raad, college, projectleiders) committeren zich aan de vooraf gestelde kaders tijdens het participatietraject. Tussentijds wijzigen de kaders niet.

Participatieplan 4. Tijd/middelen nodig: Ontwikkel het bestaande format voor een participatieplan door met inachtneming van de volgende elementen: a.

Het participatieplan bevat altijd de kaders waarbinnen de participatie plaatsvindt, een overzicht van het voorgestelde proces en dit is bindend voor zowel bestuur, ambtenaren als participanten. Voor het afwegingskader wordt gebruik gemaakt van THiNK!. Dit is een tool vanuit het ministerie van Binnenlandse Zaken voor het inrichten van een participatietraject.

b.

Het participatieplan is in de regel een combinatie van verschillende werkvormen, waardoor meer mensen zich aangesproken voelen.

c.

In elk participatieplan wordt een budget opgenomen voor de uitvoering van het participatietraject.

d.

In het participatieplan worden een reële doorlooptijd en tijdsinvestering opgenomen.

e.

In het participatieplan is terugkoppeling een vast onderwerp: de wijze van terugkoppeling, de manier van omgaan met de uitkomsten en de momenten van terugkoppeling. De terugkoppeling komt sowieso altijd op WijinVught. (1 motie Nooren).

Groter bereik inwoners 5. Op te pakken: Bevorder laagdrempelige communicatie: zorg voor een breed bereik bij inwoners door communicatie vooraf, de keuze van werkvormen (diversiteit in vormen, vormen die niet 1 Motie Nooren (2020): In deze motie wordt de regering verzocht in het Invoeringsbesluit Omgevingswet een regeling op te

nemen die ervoor zorgt dat er een plicht ontstaat voor gemeenten, provincies en waterschappen om het Participatiebeleid op te stellen waarin vastgelegd wordt hoe participatie wordt vormgegeven en welke eisen daarbij gelden en dit Participatiebeleid vast te stellen door respectievelijk gemeenteraad, provinciale staten en het algemene bestuur van het waterschap. Tevens wordt de regering verzocht te bevorderen dat de medeoverheden hier zo snel mogelijk mee beginnen, liefst voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet.

15

tijd- en plaatsgebonden zijn, kleinere settingen), etc. Besteed daarbij speciale aandacht aan bijvoorbeeld jongeren en mensen met een beperking. 6.

Tijd/middelen nodig: Maak de informatie over de participatiemogelijkheden en projecten op de website WijinVught volledig toegankelijk, actueel en volledig, zodat dit platform toegankelijk is voor grote groepen mensen, ook inwoners met een (visuele, verstandelijke of lichamelijke) beperking en taalachterstand (B1-taalniveau).

7.

Tijd/middelen nodig: Iedereen die bij een onderwerp of project betrokken is, moet zich uitgenodigd en welkom voelen. De uitnodiging moet gericht zijn op en toegankelijk zijn voor alle inwoners, denk aan taalniveau, aan mensen met een beperking, jongeren, mensen met minder tijd (werkende ouders met kinderen, mantelzorgers), kortom iedereen die nu drempels voelt om mee te doen. We kiezen bij voorkeur ook locaties waar iedereen terecht kan. Stuur, indien mogelijk, een gerichte, persoonlijke uitnodiging voor participatietrajecten. Werk samen met organisaties die contact kunnen leggen met inwoners van bepaalde wijken, of bepaalde groepen als onderdeel van het participatieplan. Dat doen we via buurtgerichte benadering, door samen te werken met andere organisaties die actief zijn in een buurt/wijk of op een bepaald thema. Het idee van een wijkmakelaar kan hierbij betrokken worden.

8.

Quick win: Integraal werken en het verbinden van participatietrajecten levert voordeel op voor belanghebbenden.

Budget 9. Op te pakken: Jaarlijks stellen wij een participatiebudget op dat in de begroting wordt opgenomen. (Zie punt 11). De factor tijd 10. Quick win: Maak het proces flexibel. Stel een heldere planning op en houd daarbij rekening met mogelijke aanpassingen als gevolg van opbrengsten van de inbreng vanuit participatie of het gebrek daaraan. Kwaliteitsontwikkeling 11. Tijd/Middelen nodig: Neem in het nieuwe participatiebeleid structureel budget op voor de kwaliteitsbevordering van de gemeentelijke participatie (intervisie, workshops, vakontwikkeling) en betrek daarbij de kwalitatieve inbreng van participanten uit deze evaluatie. 12. Tijd/Middelen nodig: Investeer intern in het opleiden van kwalitatief goede procesbegeleiders om de participatiemomenten goed en met herkenbare en benaderbare mensen te laten verlopen. Rolverdeling 13. Quick win: Raadsleden zijn bij participatiebijeenkomsten uitsluitend toehoorder. Zo wordt het participatieproces niet verstoord (zie H6.9). 14. Quick win: Een wethouder kan aanwezig zijn om mensen te verwelkomen, maar heeft geen actieve rol bij de bijeenkomst. Zo wordt het participatieproces niet verstoord (Zie H6.9). Communicatie 15. Quick win: De verslaglegging van bijeenkomsten en andere participatievormen geeft een volledig beeld van de opgehaalde informatie in de bijeenkomst. Het verslag komt uiterlijk twee weken na de bijeenkomst.

16

16. Tijd/Middelen nodig: De website WijinVught verder ontwikkelen als informatiepunt waar iedereen zich op een toegankelijke wijze kan laten informeren over participatietrajecten en projecten.

17

8. Tot slot In voorgaand hoofdstuk hebben wij actiepunten en adviezen aangedragen voor het nieuwe beleid. De resultaten van deze evaluatie en de opbrengsten van de raadsdialoogavond zijn input voor nieuw participatiebeleid van de gemeente Vught. Een aantal van de in de evaluatie geconstateerde issues hoeft niet te wachten op het vernieuwde participatiebeleid. Sommige zaken zijn inmiddels al door de organisatie opgepakt, in gang gezet of in de planning opgenomen. -

-

-

Het adviseren over het participatieplan, met inachtneming van de adviezen uit THiNK! (een tool vanuit het ministerie van Binnenlandse Zaken voor het inrichten van een participatietraject) is een van de taken van de inmiddels benoemde participatieadviseur. De organisatie onderzoekt momenteel al hoe WijinVught als platform waar men alle relevante informatie over projecten en participatie bij deze projecten kan vinden, beter in stelling gebracht kan worden (actueel, compleet, toegankelijk). Budget inzetten voor kennis- en kwaliteitsbevordering van medewerkers op het gebied van participatie.

18

9. Bijlage(n): 1. Overzicht resultaat enquête inwoners 2. Overzicht resultaat enquête belangengroepen

Bijlage 1 Enquêteresultaten inwoners De enquête is door 64 inwoners ingevuld op WijinVught. - De meeste deelnemers waren al bekend met de website WijinVught.nl, namelijk 66%. - Een meerderheid van 71% heeft weleens deelgenomen aan een participatietraject van de gemeente Vught. Wij hebben de resultaten van de enquête in onderstaande tabel uitgewerkt. De gestelde vragen zijn opgedeeld in de thema’s participatiedoel/kaders en tijdsinvestering; participatievorm; vertegenwoordiging en terugkoppeling. Deze thema’s zijn weer gekoppeld aan de conclusies die wij trekken op basis van opgehaalde informatie uit de enquête, de straatinterviews en de groepsgesprekken. Respondenten die eerder hebben deelgenomen aan een participatietraject hebben onderstaande stellingen beantwoord met eens, neutraal of oneens. Vervolgens is er aan de groep die eerder participeerde, voor het thema communicatie, nog een aanvullende vraag gesteld of zij bekend zijn met de website WijinVught. Er zijn ook nog enkele vragen gesteld aan de inwoners die niet eerder participeerden. Voor het thema communicatie is de vraag gesteld welke manier van uitnodigen voor een participatietraject hen het beste past. Tot slot is bij de groep respondenten die niet eerder participeerden geïnventariseerd, welke participatievorm het beste bij hen past.

De volgende stellingen over het proces gevraagd: aan inwoners die eerder hebben geparticipeerd: Inwoners

Eens

Doel, kaders en tijdsinvestering Het was duidelijk waarover ik mee kon denken Ik wist goed waarop ik wel en waarop ik geen invloed had Het was duidelijk hoeveel tijd het deelnemen aan dit participatietraject mij zou kosten Ik kreeg voldoende ruimte om mijn mening te geven Participatievorm Het was duidelijk hoe de participatie vorm kreeg De werkvorm van het participatietraject was passend Ik was betrokken bij het onderwerp van participatie, omdat ik mijn belang wilde inbrengen Vertegenwoordiging Er was een goede vertegenwoordiging van alle partijen in het traject Ik heb bepaalde groepen gemist Ik was betrokken bij het onderwerp van participatie, omdat ik mijn belang wilde inbrengen Terugkoppeling

19

Neutraal Oneens

60% 42% 62%

20% 24% 18%

20% 33% 20%

58%

24%

18%

57% 49% 80%

16% 18% 9%

27% 33% 11%

46%

27%

27%

45% 80%

23% 9%

32% 11%

De uitkomsten van het participatietraject zijn teruggekoppeld Ik hoorde pas over de uitkomst van het traject nadat er besluitvorming had plaatsgevonden Ik heb na mijn deelname aan het traject geen terugkoppeling gehad van de uitkomsten

57%

21%

23%

27%

27%

46%

27%

20%

53%

Communicatie (alle respondenten) Bent u bekend met WijinVught?

Ja

Nee

65,6%

34,4 %

De volgende stellingen zijn voorgelegd aan respondenten die niet eerder participeerden: Communicatie (respondenten die niet eerder participeerden)

Hoe zou u het liefst benaderd worden

Persoonlijk Via mijn Sociale Nieuwsbrief Lokale Klaverblad omgeving media krant wordt niet meer bezorgd 12,6%

33,3%

Participatievorm (Respondenten die niet eerder participeerden)

Welke vorm van participatie spreekt u het meeste aan?

16,7%

Digitale enquête 50%

22,2%

22,2%

5,6%

Digitale Fysieke bijeenkomst bijeenkomst 5,6% 44,4%

Bijlage 2 Enquêteresultaten belangengroepen In totaal hebben 14 respondenten namens een belangengroep een enquête ingevuld. Alle belangenorganisaties hebben actief deelgenomen aan een participatietraject. Bijna alle deelnemers zijn bekend met de website WijinVught.nl, namelijk 93%. Er hebben belangenvertegenwoordigers uit de volgende sectoren meegewerkt aan de evaluatie: agrarisch (3), cultuur (1), ondernemers (1), mobiliteit (2), natuur en milieu (3), participatie (3) en senioren (1). Wij hebben de resultaten van de enquête in onderstaande tabel uitgewerkt. De gestelde vragen zijn opgedeeld in de thema´s participatiedoel/kaders en tijdsinvestering; participatievorm; vertegenwoordiging en terugkoppeling. Deze thema’s zijn weer gekoppeld aan de conclusies die wij trekken op basis van opgehaalde informatie uit de enquête, de straatinterviews en de groepsgesprekken. Respondenten hebben de vragen beantwoord met eens, neutraal of oneens. Tot slot is voor het thema communicatie de vraag nog gesteld aan belangengroepen of zij bekend zijn met de website WijinVught.nl. Bij dit thema komt de groep “respondenten die niet eerder participeerden” niet aan de orde. Alle respondenten hebben vanuit de belangengroepen eerder geparticipeerd.

Belangengroepen Doel, kaders en tijdsinvestering Ik was van tevoren bekend met het doel van het participatietraject De kaders van het participatietraject waren bij mij bekend 20

Eens

Neutraal

Oneens

72%

21%

7%

29%

50%

21%

Ik had een correct beeld hoeveel tijd het deelnemen aan dit traject mij zou kosten Participatievorm Er was voldoende ruimte om invloed op het onderwerp te oefenen Het participatieproces is duidelijk kenbaar gemaakt De werkvorm van het participatietraject was passend en werkbaar Vertegenwoordiging Ik behoorde tot de doelgroep van het participatietraject Ik heb stakeholders gemist in dit traject De doelgroep is bereikt Terugkoppeling en feedback verwerken De uitkomsten van het traject zijn tijdens het proces gecommuniceerd Mijn belangenorganisatie hoorde pas over de uitkomsten van het participatietraject nadat besluitvorming had plaatsgevonden Mijn belangenorganisatie voelt zich betrokken bij het participatiebeleid van de gemeente

57%

21%

21%

28%

36%

36%

28% 36%

36% 21%

36% 43%

86% 36% 36%

0% 14% 28%

14% 50% 36%

36%

21%

43%

36%

36%

28%

71%

14%

14%

Ja

Communicatie (alle respondenten) Bent u bekend met WijinVught

Nee 92,9%

21

7,1%

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Vught&id=5a4f1226-54b2-46ea-be9b-cbbc579f06d5