Memo bij Nieuwe versie - RB Verordening toeristenbelasting 2023
Tekst van het document
MEMO
Aan
M.F.H. du Maine W.F.F. Keijzers
Van Datum CC Betreft: Zaaknummer Documentnummer
15 december 2022 Verzoek akkoord aanpassing typefout in Verordening toeristenbelasting 2023 (conform advies in het raadsvoorstel) Z22 - 254899 INT/22 - 522963
Inleiding Bij controle van de stukken is er geconstateerd dat er een typefout is gemaakt bij het tarief voor de toeristenbelasting 2023. In de verordening wijkt het tarief af van wat er in het raadsvoorstel is geadviseerd. Via deze memo verzoek ik u om akkoord te gaan met de aanpassing van het tarief toeristenbelasting 2023 zodat het tarief niet verhoogd wordt en conform het voorgestelde tarief in het raadsvoorstel is. Wijziging De verordening toeristenbelasting 2023, bijlage 4 bij het raadsvoorstel van 21 december 2022, documentnummer 513160_5, wordt gewijzigd op bladzijde 3 van 5, het artikel 7 belastingtarief. Als bijlage 1 treft u de nieuwe verordening toeristenbelasting 2023 aan. Was: Artikel 7 Belastingtarief Het tarief bedraagt: 1. per persoon per overnachting in een hotel of motel en educatieve instellingen, trainings- of vormingscentra waar wordt verbleven vanwege een opleiding, training of vorming: € 2,10. 2. per persoon per overnachting in/op kampeermiddelen, kampeerterreinen, vaste staanplaatsen, volgtijdige standplaatsen, particuliere, niet-beroepsmatig verhuurde ruimten en voor overige overnachtingen: € 1,85. 3.
In afwijking van het tweede lid bedraagt het tarief, met toepassing van artikel 6, voor verblijf met kampeermiddelen op vaste standplaatsen, alleen bestemd voor en gebezigd als verblijf voor vakantie en andere recreatieve doeleinden, per vaste standplaats, per kalenderjaar: − ingeval het aantal slaapplaatsen drie of minder bedraagt € 240,00; 1/3
− ingeval het aantal slaapplaatsen meer dan drie bedraagt € 360,00. 4. Op een daartoe strekkend verzoek van de belastingplichtige wordt het aantal slaapplaatsen, bedoeld in het derde lid, gesteld op het aantal personen dat de vaste standplaatsen hoofdzakelijk en feitelijk gebruikt dan wel ter beschikking heeft indien: − het verzoek wordt gedaan voor alle bij belastingplichtige aanwezige vaste standplaatsen, en; − het aantal personen per vaste standplaats blijkt uit de administratie van de belastingplichtige, en; − het aantal overnachtingen door personen anders dan bedoeld in de aanhef onder 4, blijkt uit de administratie van belastingplichtige en wordt belast volgens het tweede lid. 5. Een verzoek, zoals bedoeld in lid 4, dient jaarlijks uiterlijk op 31 december voor het daaropvolgende belastingjaar te zijn ingediend door de belastingplichtige. Wordt: Artikel 7 Belastingtarief Het tarief bedraagt: 6. per persoon per overnachting in een hotel of motel en educatieve instellingen, trainings- of vormingscentra waar wordt verbleven vanwege een opleiding, training of vorming: € 2,00. 7. per persoon per overnachting in/op kampeermiddelen, kampeerterreinen, vaste staanplaatsen, volgtijdige standplaatsen, particuliere, niet-beroepsmatig verhuurde ruimten en voor overige overnachtingen: € 1,75. 8.
In afwijking van het tweede lid bedraagt het tarief, met toepassing van artikel 6, voor verblijf met kampeermiddelen op vaste standplaatsen, alleen bestemd voor en gebezigd als verblijf voor vakantie en andere recreatieve doeleinden, per vaste standplaats, per kalenderjaar: − ingeval het aantal slaapplaatsen drie of minder bedraagt € 240,00; − ingeval het aantal slaapplaatsen meer dan drie bedraagt € 360,00. 9. Op een daartoe strekkend verzoek van de belastingplichtige wordt het aantal slaapplaatsen, bedoeld in het derde lid, gesteld op het aantal personen dat de vaste standplaatsen hoofdzakelijk en feitelijk gebruikt dan wel ter beschikking heeft indien: − het verzoek wordt gedaan voor alle bij belastingplichtige aanwezige vaste standplaatsen, en; − het aantal personen per vaste standplaats blijkt uit de administratie van de belastingplichtige, en; − het aantal overnachtingen door personen anders dan bedoeld in de aanhef onder 4, blijkt uit de administratie van belastingplichtige en wordt belast volgens het tweede lid.
2/3
10. Een verzoek, zoals bedoeld in lid 4, dient jaarlijks uiterlijk op 31 december voor het daaropvolgende belastingjaar te zijn ingediend door de belastingplichtige.
Bijlage 1:
Verordening toeristenbelasting 2023
3/3