Geactualiseerd bestuursakkoord 2023-2026
Tekst van het document
Een nieuwe start Gemeentebelangen
VVD
PvdA-GroenLinks CDA
Coalitieakkoord Vught 2023 - 2026
Inhoud Een nieuwe start
3
Verkeer en vervoer
16
Bestuurscultuur en participatie
4
Rijksinfrastructuur Overige uitgangspunten verkeer en vervoer
16 17
Bestuurlijke vernieuwing Participatie Werkwijze van het college Communicatie Bestuurscultuur
4 4 5 5 5
Economie, recreatie en toerisme
18
Economie Recreatie en toerisme
18 19
Sociaal domein
6
Cultuur, sport en verenigingen
20
Wmo- en jeugdbeleid Werk en inkomen
6 8
Algemeen beleid voor cultuur, sport en verenigingen 20 Cultuur 21 Sport 22
Onderwijs
9
Openbare orde en veiligheid
23
Ruimtelijke ordening en wonen
10
Financiën
24
Buitengebied Overige ruimtelijke ordening Wonen
10 10 11
Energie en klimaat
14
Financieel beleid OZB en lokale lasten Financiële ontwikkelingen sociaal domein Gemeenschappelijke regelingen
24 24 25 25
Samen met de gemeenschap Planmatige aanpak Ambities
14 14 15
1
Een nieuwe start
Vught heeft een nieuwe coalitie van Gemeentebelangen, VVD, PvdA-GroenLinks en CDA. Er is bewust gekozen voor een brede coalitie. Een stabiele politieke basis is nodig om de majeure maatschappelijke opgaven zoals woningbouw, energietransitie en mobiliteit daadkrachtig ter hand
Gemeentebelangen
VVD
PvdA-GroenLinks
CDA
te nemen. Partijen realiseren zich dat deze coalitie alleen een succes wordt als zij eenheid en daad-
Jos den Otter Bregje Peijnenburg-van Gemert Guus van Woesik
Mark du Maine Nathalie Pullens-Robeerst Albert Verlinde
Toine van de Ven Ton van der Vossen
Rutger Jans Yvonne Vos
kracht toont. Alleen dan worden de belangen van de inwoners van de gemeente Vught goed gediend.
De nieuwe coalitie hanteert als uitgangspunt het bestuursakkoord uit 2021. In het bestuursakkoord uit 2021 was opgenomen dat er een tussentijdse evaluatie zou komen. Nu, bij de vorming van een nieuwe coalitie, is er voor gekozen om i.p.v. een evaluatie de uitgangspunten van het akkoord te actualiseren en om nieuwe accenten te benoemen, die recht doen aan de opvattingen van de coalitiepartijen. Het hoge ambitieniveau van het bestuursakkoord uit 2021 wordt gehandhaafd. Wel zal het realiseringstempo omhoog moeten.
2
3
opgepakt. Om de uitvoeringspraktijk te verbeteren zal de communicatie voorafgaand aan een participatietraject geïntensiveerd en verbeterd worden. Ook wordt er een model ontwikkeld dat voor onderscheiden vormen van participatie (van informatie tot meebeslissen) de processtappen beschrijft. Ook zal daarbij betrokken worden de mogelijke inzet van wijkmakelaars.
Bestuurscultuur en participatie Bestuurlijke vernieuwing Een andere manier van besturen Vanuit het college van B&W en de raadscommissie bestuurlijke vernieuwing zijn stappen gezet tot een hervorming van de manier waarop de gemeente bestuurd wordt. Het is een stevige ambitie en het is de randvoorwaarde voor alle beleidsterreinen die hierna worden beschreven. Elementen van de bestuurlijke vernieuwing die wij voorstaan zijn: - Meer en betere participatie. - Een andere werkwijze van het college. - Vernieuwing van de communicatie. - Verbetering van de bestuurscultuur.
Participatie
4
Meer en eerder betrekken Wij vinden dat mensen eerder en beter moeten worden betrokken bij het gemeentelijke beleid en de uitvoering. Daarbij moet vooraf duidelijk zijn wanneer en waarover inbreng mogelijk is en het college moet achteraf verantwoorden hoe het de inbreng van betrokkenen heeft afgewogen. We willen dat het college laat blijken dat het deze burgerbetrokkenheid belangrijk vindt. Niet alleen met goede processen, maar ook door een uitnodigende
houding, echt luisteren en tonen dat Vught de inbreng serieus neemt. De participatie moet worden aangepast aan het type beleidsvoorbereiding. Bij een strategisch beleidsplan is bijvoorbeeld een andere betrokkenheid nodig dan bij een inpassingsplan. We streven het maximum na wat bij het onderwerp passend is. De vormgeving van het participatieproces moet vooraf bekend zijn. Centrale elementen zijn: - We willen de juiste verwachtingen wekken. De gemeente bepaalt voorafgaand aan het participatieproces wat er aan opgaven en aan kaders wordt meegegeven. Soms is er veel ruimte voor burgerbetrokkenheid, soms heel weinig. - Vroeg in het proces worden betrokkenen om inbreng gevraagd. - Daarna vindt besluitvorming plaats, in de gemeenteraad (kaderstelling) of door het college (uitvoeringsbesluit). Het college verantwoordt in het beslisstuk wat er met de inbreng van betrokkenen is gedaan. - Na de besluitvorming vindt de uitwerking of uitvoering plaats. Daarbij worden mensen opnieuw betrokken als het onderwerp zich daarvoor leent. De gemeenteraad heeft reeds verschillende vormen van participatie vastgesteld. Op het vlak van participatie toont de praktijk aan dat er nog veel te verbeteren is. Na de tussentijdse evaluatie met de raad wordt dit verder
Werkwijze van het college We willen dat het college de rol van de gemeenteraad centraal stelt in de manier van besturen. De raad is het hoogste orgaan in de gemeente en moet beter in positie worden gebracht. Elementen van deze werkwijze zijn: - Het college moet open en transparant zijn. Dat begint in de relatie tussen college en raad en met een goede informatievoorziening naar de raad. - Het starten van processen rondom belangrijke vraagstukken met een startnotitie die door de raad wordt vastgesteld. - Het ontwerpen van zorgvuldige besluitvormingsprocessen. Daarin kunnen opiniërende discussies met de raad passen en stop-of-verder discussies gedurende een gevoelig traject. - De gemeenteraad eerder en proactief informeren over zaken die er aan komen. Dat geldt vooral als er zaken zijn waarover de raad uiteindelijk moet besluiten. De raad moet voldoende tijd krijgen voor beeldvorming, opinievorming en besluitvorming over opgaven en voorstellen. - De raad in staat stellen om bij voorstellen tot het overlaten van bevoegdheden aan het college een kritische afweging te maken tussen besluitvaardigheid en het belang van betrokkenheid van de volksvertegenwoordiging. Het college heeft een besturingsfilosofie ontwikkeld en daarin neergelegd op welke wijze het invulling geeft aan collegiaal bestuur, integrale besluitvorming en de relatie met het ambtelijke apparaat.
Passend bij een open en transparant college worden collegebesluiten en achterliggende stukken in principe actief openbaar gemaakt. Het werken vanuit het raadhuis werkt in de contacten tussen het college en de ambtenaren drempelverhogend. Collegeleden werken om die reden vaker vanuit het gemeentekantoor.
Communicatie Burgerbetrokkenheid begint bij goede communicatie. We vragen aan het college om een plan te maken om de communicatie met inwoners te verbeteren, te vernieuwen en te verbreden. Wij hebben hiervoor de volgende suggesties: - De basis moet op orde zijn. Zaken als een dienstbare instelling, goede dienstverlening, snel en duidelijk reageren op vragen en verzoeken moeten goed georganiseerd zijn. - Het college moet zichtbaar en benaderbaar zijn voor de inwoners. Dat uit zich in aanwezigheid van de collegeleden in de wijken en dorpen, wijkbezoeken met het voltallige college, et cetera. - De gemeente moet op meer manieren communiceren. In traditionele vormen, zoals Het Klaverblad, maar ook in hedendaagse vormen zoals via projectwebsites en op social media. - Bij langlopende trajecten moet tussentijds informatie worden gegeven aan de inwoners. - We willen dat de website van de gemeente verder wordt verbeterd. Hierbij moet de informatiebehoefte van inwoners de leidraad zijn.
Bestuurscultuur De bestuurscultuur in de gemeente -waaronder we verstaan de manier waarop de leden van het college en de raad onderling en met elkaar omgaan- heeft aandacht nodig. Wij herkennen de noodzaak van goede afspraken over rolverdeling, informatievoorziening en participatie. Ten dele anticiperen we hierop in dit coalitieakkoord, maar het gaat over meer en dat vergt een raadsbrede aanpak. Ook de noodzaak tot het bespreken van gewenst gedrag en het zorgen dat afspraken hierover worden nageleefd, herkennen wij. Dit is eveneens een aangelegenheid voor de gehele raad; wij willen hier graag aan meewerken. Wij vinden het gewenst dat het college en de raad hierover in overleg blijven gaan.
5
Sociaal domein Wmo- en jeugdbeleid Uitgangspunten In de Wmo en het jeugdbeleid continueren en verdiepen we wat in de afgelopen jaren door de gemeente, de instellingen en de vele vrijwilligersorganisaties is opgebouwd. Voor ons zijn belangrijke uitgangspunten: - Wij zijn een zorgzame gemeente voor de inwoners die dat nodig hebben. Bewoners zorgen primair voor zichzelf, maar kunnen op ons rekenen als ze zich niet meer helemaal zelf of met behulp van hun omgeving kunnen redden. - Wij willen een inclusieve Vughtse samenleving. Iedereen hoort erbij, iedereen moet kunnen meedoen. We gaan verder met het vastgestelde inclusiebeleid. - Bewoners staan centraal. Zij houden, zo veel als mogelijk, zelf regie op hun ondersteuningsvraag. Wij leveren zorg die daadwerkelijk bij die vraag past.
6
Meer aandacht voor preventie We willen bevorderen dat inwoners zo min mogelijk zorg nodig hebben en de zorg moet ook in de toekomst betaalbaar blijven. Daarom zetten we meer in op preventie want als preventie slaagt, ontstaat er minder behoefte aan zorg. We doen dat door: - Gezondheid als focus te kiezen in het preventiebeleid. We hebben de methodiek van Positieve Gezondheid
kunnen vertalen naar de Vughtse situatie. De raad heeft hiervoor de nota ‘Iedereen gezond’ vastgesteld. - In te blijven zetten op laagdrempelige voorzieningen waar mensen terecht kunnen voor activiteiten, ontmoeting en advies. Deze voorzieningen hebben als doel dat mensen op eigen kracht actief blijven en niet terechtkomen in situaties die tot zorgvraag leiden, zoals eenzaamheid. - Samen te werken met huisartsen, paramedische hulpverleners en GGD. We bevorderen gezond leven langs de weg van verstand, verleiding en ondersteuning; we gaan onze inwoners niet betuttelen of dwingen tot gezond leven. We bezien op welke wijze we het aspect gezondheid goed kunnen betrekken bij het maken van ruimtelijke plannen. Wij doen in regionaal verband mee met de discussies over hoe de GGD zijn expertise hiervoor kan inzetten. Vroege interventies bij problemen Als er problemen bij inwoners ontstaan, willen we dit vroegtijdig opmerken, zodat nog kan worden volstaan met lichte zorg zoals vrijwilligersinzet bij eenzaamheid, thuiszorg bij de Wmo en ambulante begeleiding in de jeugdzorg. In dat verband vinden we het volgende van belang: - Het vrijwilligerswerk en de eerstelijnsvoorzieningen, zoals het maatschappelijk werk, moeten goed ontwikkeld zijn en waar nodig versterkt worden. Hoe meer zaken in de
eerste lijn met relatief eenvoudige interventies kunnen worden afgedaan, hoe beter voor de inwoners én voor de gemeente. - We bevorderen dat mensen met dementie zo lang mogelijk in hun eigen omgeving kunnen blijven en kunnen meedoen aan de samenleving. We kijken naar de specifieke situatie en leveren waar mogelijk maatwerk. We proberen overbelasting van hun mantelzorgers te voorkomen. - We kijken naar de vraag achter de vraag. Als er problemen met kinderen zijn, kijken we bijvoorbeeld ook of de ouders overbelast zijn (sandwichgeneratie) of dat er schuldenproblematiek is. - Een snelle start van de benodigde zorg is belangrijk om te voorkomen dat mensen dieper in de problemen komen. Als we daar invloed op kunnen uitoefenen -lokaal of in regionaal verband- zullen we dat doen. - Als lichte hulp niet de juiste oplossing is, moeten we niet te lang blijven proberen of het toch helpt, maar in overleg met de betrokkenen, snel de stap naar zwaardere zorg zetten. Vroegtijdig signaleren van problemen bij jongeren kan voorkomen dat ze later in intensievere zorg terechtkomen. Jeugdhulpverleners werken met enige regelmaat op scholen of houden spreekuren op scholen voor leerlingen, ouders en leerkrachten. Dit verdient nog structurele borging.
Sturing op de uitvoering Er zijn in Vught tal van professionele- en vrijwilligersorganisaties bezig met de uitvoering van zorg. We geven hen ruimte en vertrouwen. Maar waar nodig sturen we om te zorgen dat we met het ingezette gemeenschapsgeld optimale resultaten halen. - Het geld moet terechtkomen bij de zorg. We willen niet dat er geld weglekt naar slecht georganiseerde instellingen of naar ondernemers, met een al te commercieel winstbejag. We letten dus -vaak in regionaal verband- op de organisaties. En we letten er op dat niet alleen wordt voldaan aan harde of kwantitatieve eisen, maar ook aan zachtere criteria zoals kwaliteit, comfort en menselijkheid. - We zetten, ook in de zorg, in op beperking van onnodige bureaucratie. Zoals het elke keer weer moeten aanleveren van dezelfde gegevens of het moeten ondergaan van onnodige herkeuringen. - We bezien waar meervoudige beoordelingen van een zorgbehoefte kunnen worden vervangen door het vertrouwen op de beoordeling die een andere bekwame instelling al heeft gedaan. - We stimuleren het werken naar de bedoeling van regels in plaats van een rigide toepassing van regels. - We stimuleren dat de spelers in het jeugdwerk op meer terreinen komen tot een gezamenlijke aanpak waardoor meer synergie tussen de voorzieningen ontstaat, zodat er meer en/of andere jongeren kunnen worden bereikt.
7
Onderwijs - We gaan met de huisartsen in overleg over de criteria die zij hanteren als zij indicaties geven voor de toegang tot jeugdzorg. We streven ernaar dat ook langs dit huisartscircuit de zorg niet zwaarder wordt dan nodig is.
Werk en inkomen Uitgangspunten Ook bij werk en inkomen gaan we voort op de ingeslagen weg. Onze uitgangspunten zijn: - Ieder die dat kan, zorgt zelf voor zijn inkomen. Er is een inkomensvangnet voor degenen die zelf niet in hun inkomen kunnen voorzien. - Participatie is belangrijk. Het beleid rondom de bijstand is gericht op -al dan niet met begeleiding of ondersteuningweer gaan werken voor degenen die dat kunnen. Voor degenen die niet meer kunnen werken, is meedoen in de samenleving van belang; bijvoorbeeld als vrijwilliger. We streven naar een zo integraal mogelijke aanpak op cliëntniveau van werk en inkomen en andere problematiek zoals slechte gezondheid, armoede en schuldenproblematiek.
8
Maatschappelijk verantwoord ondernemen Het is voor het slagen van het beleid rond werk en inkomen van groot belang dat bedrijven mensen opnemen die een afstand hebben tot de arbeidsmarkt. Gelukkig zijn er veel
bedrijven in onze dorpen die dat doen. Die willen we graag in het zonnetje zetten en de kans geven hun verhaal te vertellen, zodat andere bedrijven dit gaan navolgen. Belemmeringen voor meedoen opheffen De gemeente gaat door met het armoedebeleid. Voor ons is een belangrijk accent dat kinderen geen belemmeringen mogen ervaren doordat hun ouders in armoede leven. Laaggeletterdheid levert grote beperkingen op voor deelname aan werk of andere vormen van participatie in de samenleving. We zetten daarom het actieve beleid met betrekking tot het Taalhuis door. De nieuwe taak die we als gemeente krijgen op het gebied van inburgering -vooral taalonderwijs- richten we op het doel dat inburgeraars zo snel mogelijk kunnen meedoen in de samenleving.
Integrale kindcentra en kinderopvang Wij vinden het belangrijk dat zo veel mogelijk basisscholen uitgroeien tot integrale kindcentra (IKC). Ook moeten er voldoende kinderopvangplaatsen in onze gemeente zijn. Hoewel kinderopvang een zakelijke onderneming is en blijft, zullen we als gemeente een actievere rol nemen om meer kinderopvangplaatsen te realiseren. Dit doen we via het Integraal Huisvestingsprogramma Onderwijs en door actief met kinderopvangondernemers te zoeken naar plekken en gebouwen waar kinderopvang mogelijk is. We willen de verhuur- en beheertaak zo veel mogelijk bij de scholen en marktorganisaties laten.
Verstandig ruimtegebruik bij scholen Bij de bouw van scholen streven we naar maximale buitenruimte. We overleggen met de scholen over de manier waarop we bij de bouw van scholen tot zuinig ruimtegebruik kunnen komen. We stimuleren scholen tot medegebruik van lokalen, bijvoorbeeld voor avondlessen en voor weekendscholen die in het kader van onderwijsachterstand zouden kunnen worden georganiseerd. Bij het leegkomen van schoolgebouwen of ander gemeentelijk vastgoed bezien we of hergebruik door onderwijs of kinderopvang mogelijk is.
Stimulerende leeromgeving We benutten nieuwbouw, verbouw en renovatie van scholen om steeds weer een leeromgeving te vormen die past bij de toekomst voor de kinderen. De huisvesting moet uitnodigen tot mediawijsheid en digitale vorming van de leerlingen.
9
Ruimtelijke ordening en wonen Buitengebied Bestemmingsplan buitengebied De raad heeft het bestemmingsplan ‘Buitengebied Vught 2022’ vastgesteld. In dit plan zijn de bestemmingsplannen buitengebied van de voormalige gemeenten Vught en Haaren samengevoegd en op elkaar afgestemd, zodat al onze inwoners te maken hebben met dezelfde uitgangspunten en algemene regels. Vrijkomende agrarische bebouwing (VAB-beleid) Er zal de komende jaren waarschijnlijk een aantal agrariërs stoppen met hun bedrijf. Voor deze boeren vormen de toekomstmogelijkheden voor hun agrarische percelen en daarop bevindende bebouwing een groot financieel en economisch belang. Gelijktijdig is er een algemeen belang om in het buitengebied geen ongewenste ontwikkelingen te laten plaatsvinden. Wij willen ruimte geven aan initiatieven en hebben behoefte aan een kader dat de begrenzingen aangeeft. Na de bestuurlijke herindeling is het VAB-beleid van de voormalige gemeenten Haaren en Vught samengevoegd. Komende periode wordt het VAB-beleid herijkt.
10
Ruimte voor duurzame ontwikkeling De transformatie van de landbouw en het beëindigen van agrarische bedrijven zal ook leiden tot mogelijkheden
voor herontwikkeling in het buitengebied. Waar mogelijk willen we in die herontwikkeling kansen geven aan biologische-, duurzame- en kringlooplandbouw. Ook willen we kansen benutten voor versterking van natuur en landschap en ruimte geven aan de opgaven op het gebied van water en energie. Waar mogelijk zoeken we combinaties. We hebben in het buitengebied als gemeente veel grond in eigendom. We ontwikkelen een pachtbeleid dat past bij onze ambities voor een duurzaam en ecologisch verantwoord gebruik van de grond.
Overige ruimtelijke ordening In het ruimtelijke ordeningsbeleid blijft kwaliteit het uitgangspunt: duurzaam, gezond, verbindend, ruimtelijk en groen. Anticiperen op de Omgevingswet We werken zo veel mogelijk in de geest van de Omgevingswet. We geven veel ruimte aan inwoners en bedrijven die initiatieven willen nemen. Initiatiefnemers moeten actief overleg voeren met de omgeving en hierbij streven naar een ontwikkeling die draagvlak heeft. Het heeft de voorkeur dat er overeenstemming is tussen initiatiefnemers en omwonenden. Minimaal toetsen we of er betekenisvol overleg heeft plaatsgevonden.
Als gemeente stellen wij kaders waarbinnen de initiatieven kunnen plaatsvinden. Die kaders zijn in de omgevingswet vooral kwalitatieve beschrijvingen, die gelden als uitnodiging en begrenzing voor een gebied. Dat is een andere manier van regelen dan de gedetailleerde toelatingsplanologie die we in de bestaande bestemmingsplannen zien. De nieuwe vorm van planologie laat veel uitwerkingsruimte voor het college; de raad heeft hiervoor keuzes gemaakt die zijn vastgelegd in de regeling ‘Adviesrecht gemeenteraad, verplichte participatie en delegatie onder de Omgevingswet’. Plan Hart voor de Baarzen Over het plan Hart voor de Baarzen heeft de raad een globale gebiedsvisie vastgesteld. Aan de hand van deze visie vindt verdere planuitwerking plaats. Hotel Van der Valk Hotel Van der Valk heeft reeds een participatietraject doorlopen. Voor Hotel Van der Valk zal deze raadsperiode een beeldkwaliteitsplan en omgevingsplan worden vastgesteld, geënt op de kaders van het op 9 maart 2023 aan de raad gepresenteerde plan.
Wonen Woningbouwprogramma We willen in het bijzonder aandacht geven aan de huisvesting van jongeren, starters en senioren. Uit de woningmarktonderzoeken die er liggen en die wij als basis gebruiken, blijkt dat bij deze groepen de behoefte aan meer of andere woningen in de categorieën goedkoop en middelduur het grootst is. In een breed woningbouwprogramma leggen wij daarom dit bijzondere accent. In beperkte mate zullen we ook woningen in de categorie duur toevoegen. In het woningbouwprogramma zal meer aandacht zijn voor kleine, levensloopbestendige woningen op kleine kavels, al dan niet in de vorm van gestapelde bouw. Klein bouwen sluit niet alleen aan op de behoefte van de beoogde doelgroepen, maar zorgt er ook voor dat de woningen beter betaalbaar zijn. We bevorderen met deze aanpak tevens de doorstroming omdat er dan grote woningen vrijkomen.
We maken een masterplan voor bouwlocaties in de gemeente. We inventariseren waar inwoners bedrijven of instellingen initiatieven zouden willen nemen, waar de corporaties mogelijkheden zien voor (her)ontwikkeling en waar we als gemeente grond hebben of kunnen verwerven. We geven prioriteit aan inbreiding om zuinig gebruik te kunnen maken van schaarse ruimte, maar sluiten locaties buiten de bebouwde kommen niet uit. Om aan de behoefte op korte termijn tegemoet te komen, willen we tijdelijke woningen. Dit kunnen tiny houses zijn, maar het doel kan ook worden gerealiseerd door tijdelijk gebruik van leegstaande bedrijfs- of kantoorgebouwen. Bij de circa 30 bestaande recreatiewoningen in het Spechtbos wordt al lange tijd permanente bewoning gedoogd. Onder strikte voorwaarden willen we er eenmalig aan meewerken dat deze bestaande woningen van de ‘bosbewoners Distelberg’ worden omgezet in woningen met behoud van de natuurlijke waarden. Woningen betaalbaar houden We vinden het van belang dat niet alleen eerste kopers een betaalbare woning kunnen kopen. We zetten daarom beleid in om te voorkomen dat een nieuwbouwwoning als speculatieobject wordt gebruikt of binnen een paar jaar tegen een veel hogere waarde kan worden verkocht. We hanteren een verplichting tot zelfbewoning gedurende een bepaalde tijd en een anti-speculatiebeding.
We willen als gemeente meer grip krijgen op de te vragen koop- en huurprijzen in het betaalbare- en middensegment. Daar wordt nu vrijwel altijd tegen de toegestane maximumprijs gebouwd, terwijl er juist ook woningen nodig zijn die qua prijs bij de minimumgrens ligt. Een van de mogelijkheden die we kunnen benutten, is het voorschrijven van prijsdifferentiatie voor het programma op de woningbouwlocaties. We willen in overleg met de woningcorporaties bezien hoe we scheefwonen kunnen tegengaan, met als doel om goedkope huurwoningen terecht te laten komen bij de inwoners voor wie die woningen bedoeld zijn. We
11
geven de corporaties daarnaast meer ruimte om woningen te verkopen, extra woningen te bouwen en locaties te herontwikkelen. De verruiming van de mogelijkheden voor de corporaties moet aansluiten bij de gemeentelijke ambities. We maken met de corporaties die deze ambitie hebben dan ook vooraf afspraken over de uitgangspunten, het te realiseren programma en de criteria voor toewijzing.
Om aan het beoogde realiseringstempo te kunnen voldoen, dient tegemoet gekomen te worden aan de gestegen bouwkosten. Dat betekent een aanpassing van de wooncategorieën uit de woonvisie. De nieuwe verdeling wordt: - 45% tot € 300k (sociale huur en goedkope koop), 20-30 procentpunt1 sociale huur; - 22,5% tot € 450k; - 22,5% tot € 650k; - 10% boven € 650k.
Periode 2023-2026 De uitgangspunten en ambities zoals hiervoor omschreven blijven van toepassing en zijn (deels) uitgewerkt in de woonvisie 2022-2025 ‘Groei met Vughtse kwaliteit’ die de Raad heeft vastgesteld. Daarin is de ambitie opgenomen om 2.000 woningen in de periode tot 2030 te realiseren. Aan initiatieven en plancapaciteit is geen gebrek om die taakstelling te halen, maar wel moet het realiseringstempo omhoog.
Project
De VON-prijzen worden elk jaar verhoogd met de CAO loonindex plus 1%, VON-prijzen af te ronden op duizendtallen. Om de realisatie van woningbouw verder te versnellen, moet focus en prioriteit worden aangebracht in de realisatie van projecten. Voor de volgende lopende projecten moet gezien de (zeer) vergevorderde staat van voorbereiding deze raadsperiode ten minste de schop de grond in:
Wooncategorie (aantallen woningen) indicatief Betaalbaar
Middelduur
Wolfskamerweg
30
28
58
De Wieken
8
45
53
De Baarzen
54
22
5
81
Kloostergoed Theresia
71
73
12
156
Van Rijckevorselstraat
4
Duur
Den Hoek
8
47
Dr. Landmanschool
19
4
4
Groensche Hoeven
24
79 23
13
13
Leijhoeve
87
140
63
290
Isabellaveld fase 2
40 *
10
10
60
Tijdelijke woningen**
75
Totaal
396
* **
12
Totaal
1
75 369
127
Ten minste 10-20 woningen sociale huur en ten minste 10-20 woningen in erfpacht. Na de periode van 10-15 jaar worden deze woningen verplaatst binnen de gemeente Vught. D.w.z. 20-30% van het totaal aantal nieuwbouwwoningen, niet 20-30% van 45% tot € 300k.
892
Daarnaast gaan wij aan de slag met het volgtijdelijk oppakken van de uitleggebieden zoals opgenomen in de visie Wonen in het Buitengebied. Wooncorporaties hebben in de regionale woondeal aangegeven de ambitie te hebben, om naast sociale huur, in de sector middeldure huur te bouwen. Bij aangetoonde tekorten in de integrale exploitatie kan de gemeente financieel bijdragen aan projecten van wooncorporaties. De gemeente draagt alleen bij aan woningen die voor een lange periode beheerd blijven door de woningcorporatie. Indien de gemeente op enige manier bijdraagt aan het financieel faciliteren van starters op de markt van koopwoningen en om ervoor te zorgen dat deze woningen lang beschikbaar blijven voor starters zal worden voorkomen dat eerste kopers onevenredige winst bij verkoop realiseren. Daartoe komen er pilots voor erfpacht. Daarnaast onderzoeken we de mogelijkheden van maatschappelijk gebonden eigendom en koopstart. De woningcorporatie krijgt de ruimte om de verdichtingsstudie te realiseren. Dat zal bijdragen aan versnelling van de realisatie van sociale huurwoningen.
- In de komende twee jaar 50 à 100 tijdelijke woningen te realiseren. Tijdelijke woningen plaatsen in uitleggebieden is ook een mogelijkheid. Geen plaatsing ten koste van speeltuinen en waardevolle bomen. Grondprijs Met ons grondprijsbeleid beogen we een evenwicht tussen opbrengstmaximalisatie -nodig om onze gemeentelijke financiële huishouding op orde te houden- en het bevorderen van een woningbouwprogramma dat een hoge maatschappelijke meerwaarde genereert. We ontwikkelen hiervoor een beleid waarin we het prijsinstrument aanpassen aan het programma dat op een locatie komt. Bijvoorbeeld: op een locatie waar we goedkope duurzame koopwoningen willen hebben, geven we vooraf aan welke (marktconforme) opbrengst we voor de grond willen hebben en geven we de grond uit aan het plan dat de meeste kwaliteit of de hoogste maatschappelijke meerwaarde genereert. Op een locatie met dure vrijesectorbouw laten we op de kavels inschrijven, waarbij de hoogste financiële inschrijving wint. Uiteraard moet dit prijsbeleid -zoals ons hele woningbouwbeleid- transparant en volgbaar zijn.
Het plan Voorburg heeft een bijzonder karakter: door de grote plancapaciteit zal het een enorme bijdrage leveren aan het oplossen van de woningbehoefte. De omvang biedt ook grote mogelijkheden van woningdifferentiatie. Onze bestuurlijke en ambtelijke inzet is erop gericht om voor het einde van deze bestuursperiode een vastgesteld omgevings- en beeldkwaliteitsplan te hebben en bindende contractuele afspraken met partijen vastgelegd te hebben. De Raad wordt actief geïnformeerd over de voortgang van het plan Voorburg. Partijen zijn ervan overtuigd dat het lukt om in deze bestuursperiode: - Minimaal 150 sociale huurwoningen te realiseren of dat ten minste de schop de grond in is gegaan, o.a. op de locaties Isabellaveld fase 2, De Baarzen, De Wieken, Den Hoek en Leijhoeve; - Minimaal 100 woningen tot € 300.000 te realiseren of dat ten minste de schop de grond in is gegaan, o.a. op de locaties Wolfskamerweg, Kloostergoed Theresia, De Baarzen, Den Hoek, en Isabellaveld fase 2;
13
Ambities We geven een aantal richtinggevende uitspraken mee voor het plan dat we gaan maken.
Energie en klimaat Samen met de gemeenschap
Planmatige aanpak
We willen de komende jaren een grote slag maken op het gebied van energie, klimaat, duurzaamheid en groen. Dit willen we samen met de gemeenschap doen. Duurzaamheid kan niet alleen van de overheid komen, ook inwoners en bedrijven zullen hun aandeel moeten nemen. In onze aanpak zullen we voorrang geven aan activiteiten die we samen met inwoners en bedrijven kunnen ondernemen en aan projecten waarbij het gemeentelijke beleid een showcase of een hefboom kan zijn voor particuliere initiatieven.
Onze ambities zijn hoog. We gebruiken hiervoor de rijksbijdrage en gaan actief op zoek naar andere externe middelen. Maar het budget zal, ook al zouden we er in slagen hiernaast eigen middelen vrij te spelen, per definitie niet toereikend zijn. De raad heeft recent de ‘Nota Energie en Klimaat Vught’ incl. uitvoeringsplan vastgesteld waarin de doelen tot 2030 zijn vastgelegd, incl. fasering, prioritering en middeleninzet.
We werken nauw samen met HOT, KANT, VET, NMV en ECV. In overleg met hen pakken we activiteiten rondom bewustwording aan. Ook met organisaties die kunnen bijdragen tot een aanpak van grotere aantallen woningen (bijvoorbeeld woningcorporaties en Vve’s) werken we graag samen. Er is rondom ons beleid op het gebied van energie, klimaat, groen en duurzaamheid een platform ingesteld waarin we het overleg met de samenwerkingsorganisaties bundelen.
14
We hebben een helder afwegingskader om tot fasering, prioritering en middelentoewijzing te komen. Elementen die hierin van belang zijn betreffen: - Effectiviteit van maatregelen in termen van energie- of duurzaamheidswinst. - Effectiviteit van maatregelen in termen van economisch rendement. - Animo bij de inwoners. - Hefboomkracht van gemeentelijke inzet. - Regionale en provinciale agenda. - Betaalbaarheid. - Realiseerbaarheid We zoeken actief naar externe financiële middelen voor ons beleid. De opbrengst van grootschalige opwek gebruiken we voor investeringen op het gebied van duurzaamheid.
Energie - De opgave volgens de Regionale Energie Strategie is voor het college leidend. Bij de tweejaarlijkse actualisatie van de RES zal bezien worden hoe bewezen innovaties kunnen bijdragen aan de opgaven in de RES. We zullen ons aandeel leveren in de plaatsing van windmolens en/of de opwekking van zonne-energie. - We versnellen de energietransitie. We initiëren en stimuleren initiatieven om in wijken en woningen over te gaan op duurzamere energie. - We streven er naar dat nieuwbouwwoningen klimaatneutraal moeten zijn. - We zorgen voor minder energieverbruik in onze eigen gebouwen en stimuleren actief dat inwoners hun woningen isoleren. - We willen meer en slimme laadvoorzieningen voor elektrische vervoermiddelen. - Nieuwe gemeentelijke gebouwen en aan te schaffen gemeentelijke voertuigen moeten zo klimaatvriendelijk mogelijk zijn. - Bestaande gemeentelijke gebouwen en het gemeentelijke wagenpark moeten worden verduurzaamd. - We willen bij de energietransitie geen gebruik maken van biomassa als brandstof.
Klimaatadaptatie - De openbare ruimte wordt geschikt gemaakt voor klimaatadaptatie, onder andere door te zorgen voor meer groen en waterberging. - We stimuleren burgers om bij te dragen aan klimaat adaptatie, bijvoorbeeld door afkoppeling van regenwater en door het vervangen van verharding door groen. Groen, natuur en biodiversiteit - We willen meer bomen in de gemeente. We bieden onder meer actieve medewerking aan het provinciale bomenplan. - Bij bouw- en ontwikkelplannen zullen we groen en bomen zo veel mogelijk beschermen. - We geven in beleid en beheer van de openbare ruimte meer aandacht aan biodiversiteit. - Het pachtbeleid voor gemeentelijke grond wordt gericht op duurzaam gebruik van de grond.
Vught heeft een warmtetransitievisie om de komende decennia wijken van het aardgas af te halen en de CO2-uitstoot te verminderen. Er zal per gebied (wijk of straat) een samenhangende aanpak voor de energietransitie moeten worden ontwikkeld. We streven naar een zodanige informatievoorziening dat inwoners snel kunnen zien wat de mogelijke maatregelen voor energietransitie zijn voor hun wijk, voor hun straat en uiteindelijk voor hun huis.
15
Verkeer en vervoer Rijksinfrastructuur N65 Op 21 december 2022 heeft de Raad van State de bestemmingsplannen N65 Vught en N65 Helvoirt vernietigd. Dit besluit vraagt om een heroriëntatie. Voor de gemeente Vught blijft daarbij het oorspronkelijke doel voorop staan, namelijk het verbeteren van de leefbaarheid, oversteekbaarheid, verkeersveiligheid en het beperken van de verkeersaantrekkende werking. Onder leiding van de gemeente is met de provincie en het Rijk een taskforce ingesteld die onderzoek doet naar en adviseert over de haalbaarheid van een mogelijk vervolg. Wij wachten het onderzoek en het advies van de taskforce af en beoordelen deze aan de hand van de oorspronkelijke doelen die destijds aan de reconstructie van de N65 zijn gesteld.
16
Betrokkenheid Vught in de volgende fases van PHS We willen als gemeente een actieve rol innemen bij de uitwerking en uitvoering van het plan Programma Hoogfrequent Spoorvervoer (PHS) door ProRail. Zodat we kansen kunnen benutten voor eventuele verbeteringen die binnen het bestemmingsplan en binnen het vastgestelde projectkader mogelijk zijn. We vinden het van groot belang dat in de uitvoering ook de inwoners betrokken kunnen blijven en dat gezocht wordt naar maatwerkoplossingen. We hebben daarom een omgevingsmanager
in onze eigen gemeente, die nauw samenwerkt met de verantwoordelijke projectleider en omgevingsmanager van ProRail. Wij zijn blij met de uitwerking van het PHS project op ons grondgebied; dit zal aanzienlijk bijdragen aan de leefbaarheid in onze gemeente. We willen dat onze inwoners na uitvoering van het plan zo min mogelijk last hebben van geluid en trillingen op het spoor. Wij zetten richting ProRail in op het maximale reductiepakket. Uitvoering van PHS Wij zijn aan het werk om het project PHS mooi in te bedden in de omgeving. We willen door proactief te werken de kansen voor een goede ruimtelijke kwaliteit maximaal benutten. Bijvoorbeeld door in overleg met inwoners te gaan werken aan plannen voor een inrichting waarmee we erfgoed en groen kunnen versterken. Het vastgestelde beeldkwaliteitsplan is uitgangspunt, maar in overleg met de inwoners kunnen we mogelijk ook door andere invullingen de beoogde meerwaarde voor de ruimtelijke kwaliteit bereiken. Bij PHS zijn tijdelijke maatregelen aan de orde. Er is bijzondere aandacht nodig voor de externe veiligheid: wat is de impact van een eventueel incident op een (tijdelijke) route op de omgeving; hoe communiceren we over de
mogelijke risico’s met de omgeving en hoe bereiden we ons voor op calamiteiten. Wij zien dit als een verantwoordelijkheid voor de projectorganisatie, die daarover zal moeten overleggen met hulpdiensten. Maar ook de gemeentelijke organisatie zal goed moeten zijn voorbereid op zijn rol in risicocommunicatie en crisisaanpak.
Overige uitgangspunten verkeer en vervoer Verkeers- en vervoersplan We vinden het belangrijk om daar waar mogelijk te stimuleren dat onze inwoners voor korte afstanden, zoals verkeer binnen de bebouwde kom, de auto laten staan. Zonder daarmee autoverkeer onmogelijk of nodeloos ingewikkeld te maken; wij streven naar een evenwicht tussen de verschillende aspecten en belangen. We hanteren als uitgangspunt dat de doorstroming voor het verkeer goed moet zijn op de hoofdroutes en de ringstructuur. In de overige straten willen we door snelheidsbeperking tot maximaal 30 km/u en door een passende inrichting de inwoners uitnodigen om vooral te gaan wandelen en fietsen. Verder willen we de fiets- en voetgangersverbindingen in de dorpen verbeteren en onderzoeken we een betere
bereikbaarheid voor langzaam verkeer van de uitbreidingswijk Den Hoek in Helvoirt. We hebben ons ingespannen voor een treinstation in Helvoirt, maar vooralsnog geconcludeerd dat een treinstation in Helvoirt niet kansrijk is. Naleving van regels die er zijn voor de verkeersveiligheid is van groot belang. Deels bereiken we dit door verkeersmaatregelen en inrichting. Dit is een belangrijk punt in het gemeentelijke Integrale Veiligheidsplan. Minder verkeersoverlast Cromvoirt en Helvoirt De verkeersveiligheid van de Lambertusstraat in Cromvoirt en de Torenstraat in Helvoirt is een groot zorgpunt en moet in beide dorpen worden verbeterd. Dit betekent dat er maatregelen genomen worden om het sluip- en vrachtverkeer te ontmoedigen. Dit heeft als consequentie dat de doorstroming van het vrachtverkeer van en naar de bedrijven in Cromvoirt en Helvoirt moeilijker wordt. Als deze bedrijven uit willen gaan kijken naar andere locaties in de regio, willen we hen ondersteunen in de zoektocht naar geschikte locaties en bij overleg hierover met andere gemeenten. Bij verplaatsing willen wij herontwikkeling mogelijk maken zodat bedrijven die verplaatsing kunnen financieren en de verplaatsing niet leidt tot nieuwe knelpunten. Daarnaast loopt er een onderzoek naar een alternatieve ontsluitingsroute.
17
Economie, recreatie en toerisme Economie Warme relatie Wij helpen de ondernemers het beste door hen veel ruimte voor ondernemen te bieden, duidelijke kaders te stellen en geen onnodige last te bezorgen. We willen actieve, warme contacten onderhouden met onze ondernemers. Dat vergt een proactieve en uitnodigende aanpak. We willen dat bedrijfscontactfunctionarissen de bedrijven opzoeken en kijken of er ondersteuning kan worden geboden en of er synergie met andere ontwikkelingen -zoals het arbeidsmarktbeleid- kan worden bereikt. Ondernemers die bezig zijn met nieuwe ontwikkelingen moeten via één ingang alle zaken kunnen doen met de gemeente. We willen toe naar een beleid waarin de nadruk ligt op lokaal en duurzaam aanbesteden en inkopen.
18
Minder regeldruk We gaan de regeldruk voor het bedrijfsleven tegen het licht houden. We onderzoeken opnieuw of regels afgeschaft of minder zwaar kunnen worden. We kijken of vergunningaanvragen en vergunningverlening simpeler, efficiënter en met kortere doorlooptijden kan. We zetten ook in op digitalisering en hergebruik van informatie, zodat de administratieve last vermindert. We betrekken het bedrijfsleven bij de manier waarop we beperking van regeldruk aanpakken.
Kansen op terreinen die worden herontwikkeld Als er terreinen zijn die een nieuwe bestemming moeten krijgen, gaan we al vóór de aanvraag tot bestemmingsplanwijziging met de eigenaar in overleg zodat die onze ideeën in zijn initiatief kan betrekken. Onze bedrijfscontactfunctionarissen gaan dit soort kansrijke ontwikkelingen actief opzoeken. Ruimte voor ondernemers Het college van B&W onderzoekt op dit moment de ruimtebehoefte van alle ondernemers in de gemeente en de mogelijkheden om Cromvoirt en Helvoirt te ontlasten van zwaar vracht- en landbouwverkeer. Indien uit het ruimtebehoefte onderzoek blijkt dat bedrijven niet uit kunnen breiden op de huidige locatie en/of dat verplaatsing van een bedrijf de leefbaarheid van Cromvoirt en Helvoirt ten goede komt, dan proberen wij ze te helpen aan een nieuwe plaats binnen of buiten onze gemeente. Dit kan op een bestaand of eventueel nieuw bedrijventerrein. Regionale samenwerking Noordoost Brabant Wij gaan actiever meedoen in de samenwerking Noord Oost Brabant en AgriFood Capital. We laten zien dat we bij de regio horen en willen daar ook ambtelijke capaciteit voor inzetten. We zijn er van overtuigd dat we met een actievere rol meer uit de samenwerking kunnen halen. We kiezen de onderwerpen waar wij de meeste meer-
waarde zien. We denken hierbij vooral aan economie, landbouw, energie, klimaat en woningbouw. Nu we met de komst van Helvoirt veel meer buitengebied en landbouw in de gemeente hebben gekregen, zijn wij actiever geworden op deze thema’s. We blijven scherp op de opbrengst van regionale samenwerking -al is die soms moeilijk te meten- en vragen om inzichtelijkheid, ook voor de raad.
Recreatie en toerisme Dagrecreatie Wij streven naar een profiel van kwaliteit en kleinschaligheid voor recreatie in onze groene ruimte. Wij concentreren daarom onze inzet op voorzieningen voor extensieve lokale en regionale recreatie zoals fietspaden, ommetjes en wandelpaden. We zoeken daarbij de samenwerking en de ruimte voor meer of betere fietsen wandelvoorzieningen. Zo zullen we met eigenaren van landgoederen overleggen hoe mensen meer kunnen genieten van de pracht van de landgoederen. Initiatieven die veel autoverkeer genereren en weinig bestedingen opleveren, zullen we niet actief ondersteunen. Als de druk van massarecreatie op natuurgebieden en de directe omgeving te groot wordt, zullen we regulerend optreden.
Toeristische trekkers Het Nationaal Monument Kamp Vught, het Van Gogh Nationaal Park en de Linie 1629 zijn interessante toeristische bestemmingen van landelijke betekenis. We zoeken de samenwerking met ‘s-Hertogenbosch om te stimuleren dat mensen tijdens meerdaags bezoek aan de stad een bezoek aan deze trekkers brengen. We bezien, met name in overleg met actieve inwoners uit Helvoirt, welke kansen de ontwikkeling van Van Gogh Nationaal park ons kan bieden en gaan voor de Linie na hoe we kunnen participeren in het herdenkingsjaar 2029. Recreatieparken We geven medewerking aan ondernemers die kwalitatief hoogwaardige parken willen realiseren. Samen met de ondernemers waken we voor verloedering. Permanente bewoning op recreatieparken staan we niet toe. Evenementen Wij willen evenementen op aangewezen locaties, onder meer in het centrum van Vught, ruimer toestaan en zorgen dat de omgevingsplannen daarvoor geschikt worden gemaakt.
19
Cultuur, sport en verenigingen
20
Algemeen beleid voor cultuur, sport en verenigingen
zodat er nieuw aanbod ontstaat dat synergie geeft tussen verschillende disciplines.
Subsidies Verenigingen geven mogelijkheden voor vrijetijdsbesteding en zijn een sociaal bindmiddel. We ondersteunen het verenigingsleven in onze gemeente met subsidies. We hebben ervoor gezorgd dat de verenigingen in Helvoirt vanaf 2021 aanspraak konden maken op de Vughtse subsidieregelingen. Als de verenigingen beter af zijn met de eerdere subsidie, behielden zij gedurende twee jaar de subsidies die ze in Haaren gewend waren. De verenigingen uit Vught en Cromvoirt ondervonden gedurende twee jaar geen herverdeelnadeel dat kon ontstaan door de komst van Helvoirtse verenigingen. De integratie is een goede aanleiding om de transparantie van onze subsidieregelingen kritisch onder de loep te nemen. Deze raadsperiode herijken wij het subsidiebeleid.
In het accommodatiebeleid voor cultuur, sport en verenigingen vinden we doelmatig gebruik van de accommodaties belangrijk. Ons streven is om de accommodaties er voor iedereen te laten zijn. We stimuleren de instellingen en verenigingen om ruimtes indien mogelijk ook beschikbaar te stellen aan andere gebruikers.
Accommodatiebeleid We willen toe naar een nieuw accommodatiebeleid. Accommodaties moeten onze inwoners uitnodigen om elkaar te ontmoeten en tot (meer) deelname aan cultuur, sport en het verenigingsleven. De accommodaties moeten voorts de aanbieders stimuleren tot samenwerking. Samenwerken door het delen van faciliteiten, maar vooral samenwerking op inhoud,
In het nieuwe accommodatiebeleid zullen we komen tot harmonisatie en transparantie van uitgangspunten die we als subsidiegever en als eigenaar van gebouwen hanteren. De verenigingen kunnen hierdoor ook beter rekenen op gelijke behandeling. Exploitatie accommodaties We zijn als gemeente in vele gevallen eigenaar van de gebouwen, maar de exploitatie laten we over aan het particulier initiatief. We verwachten van exploitanten een zodanig ondernemerschap dat minimaal de afgesproken resultaten worden behaald en dat de accommodaties optimaal gebruikt worden. Exploitanten krijgen de kans om een realistische business case te ontwikkelen en die vervolgens waar te maken. Maar als dit niet lukt en de resultaten blijven achter bij wat we van een accommodatie-exploitatie mogen verwachten, sturen we bij.
Cultuur Actualisering cultuurnota Cultuur is onmisbaar in de samenleving. Cultuur heeft een eigen waarde en betekenis, draagt bij aan de intellectuele en kunstzinnige ontwikkeling van inwoners, kan worden ingezet in het sociale domein, heeft economische waarde en is goed voor het woon- en leefklimaat van onze dorpen. We hebben er behoefte aan de cultuurnota te updaten, zodat we in de uitvoeringsprogramma’s evenwichtig aandacht kunnen besteden aan alle aspecten van cultuur. We willen een goed kader neerzetten voor de activiteitenplanning op het gebied van kunst en cultuur. Ook willen we een betere koppeling van binnen- en buitenschoolse cultuur en willen we bezien hoe we op het gebied van cultuur kunnen samenwerken met andere gemeenten. We pakken de actualisering van de cultuurnota op met de culturele partners. Lokale agenda voor culturele activiteiten De samenwerking tussen de culturele instellingen moet beter. We willen dat de instellingen (blijven) werken aan één lokale uit-agenda voor alle activiteiten in de gemeente. Die agenda is toegankelijk via www.visitvught.nl, zodat al onze inwoners gemakkelijk kunnen vinden wat er in de
dorpen te doen is. De lokale agenda kan een opmaat zijn naar bredere samenwerking op het gebied van communicatie en promotie. Culturele evenementen We stimuleren dat er culturele en andere evenementen in onze dorpen kunnen plaatsvinden. We willen dit als gemeente faciliteren door locaties aan te wijzen waar evenementen ruim baan kunnen krijgen. Het centrum van Vught is een van deze locaties. Ook in Helvoirt en Cromvoirt wijzen we locaties aan. In het buitengebied is een locatie aangewezen voor grootschalige evenementen, bijvoorbeeld festivals. We nodigen uit om naast lokaal gebonden evenementen ook evenementen op te zetten die interessant zijn voor de hele gemeente en kunnen bijdragen aan de binding tussen de dorpen. Erfgoed We houden ons culturele erfgoed in ere; het draagt bij aan de aantrekkelijkheid van onze gemeente en aan de identiteit van de dorpen. Monumenten laten het ontstaan en de ontwikkeling van de dorpen zien en dragen bij aan de kwaliteit van de beleving; immaterieel erfgoed zoals sinterklaasintocht en carnaval zijn historisch verankerd en leveren binding aan de gemeenschap op; bij Nationaal Monument Kamp Vught zien we de bijzondere hoofdstukken van onze lokale geschiedenis.
21
Wij stimuleren de samenwerking tussen organisaties die met erfgoed bezig zijn, zodat er meer samenhang en gemeenschappelijke prioritering voor erfgoed kan ontstaan. Lokale omroep Het Commissariaat voor de Media heeft de zendmachtiging voor publieke lokale omroep opnieuw uitgegeven. Doordat lokale omroepen zijn gaan samenwerken hebben we, aanvullend op de middelen die vanuit het Rijk voor de publieke lokale omroep beschikbaar zijn, extra middelen toegekend. De Speeldoos In de vorige periode zijn besluiten genomen over de ontwikkeling van De Speeldoos. De Speeldoos en de gemeente zijn in de komende periode samen aan zet om de afspraken uit de samenwerkingsovereenkomst uit te voeren en een business case te ontwikkelen. De gemeenteraad neemt op basis van de business case een besluit over de toekomst van De Speeldoos. Subsidiëring van professionele programmering aan De Speeldoos sluiten we uit en ook voor het overige willen we een scheiding tussen het exploiteren van de accommodatie en de programmering.
Sport Accenten in het sportbeleid We hebben in onze gemeente een uitgebreid sportaanbod en dat willen we graag zo houden. Sport is belangrijk. Sporten is gezond, is een manier om andere mensen te ontmoeten en draagt bij aan de gemeenschapsvorming.
22
vordering op het gebied van verenigingsmanagement en facilitering van vrijwilligerswerk. Bewegen in de openbare ruimte Naast sportaccommodaties en sportverenigingen moet er ook ruimte zijn om in niet-georganiseerd verband sportief bezig te zijn. We zorgen voor voldoende speeltuinen, voor beweegroutes en voor plekken met beweegelementen voor volwassenen. We streven naar multifunctionele sport-spel zones in de dorpen, waar jong en oud gebruik van kan maken. Het masterplan Bewegen in de openbare ruimte wordt uitgerold naar Cromvoirt en Helvoirt.
Openbare orde en veiligheid Prioriteiten veiligheid We vinden dat de wijkagenten zichtbaar en benaderbaar moeten zijn. Daar kan bij horen dat zij regelmatig op vaste locaties in de gemeente te vinden zijn. We willen in overleg met inwoners en wijkagenten komen tot wijkagenda’s voor veiligheid. We zullen scherper sturen op de inzet van BOA’s. BOA’s moeten daar en dan aanwezig zijn waar overlast en hufterig gedrag wordt verwacht. Vanwege de grote uitbreiding van ons buitengebied en de problemen die zich daar kunnen voordoen (onder meer ondermijning) is er meer BOA-inzet in het buitengebied.
We stimuleren de relatie tussen sport en het sociaal domein. Ook willen wij een sterke verbinding maken tussen het sportbeleid en het thema Positieve Gezondheid. We bevorderen samenwerking tussen sportverenigingen.
Omgeving penitentiaire inrichting (PI) Het komt de veiligheid van onze inwoners zeer ten goede als er minder vervoersbewegingen van de gedetineerden uit de EBI plaatsvinden. Ook verkleint dit de kans op ontsnappingen, die grote risico’s voor de omgeving opleveren. Er komt een tweede ontsluitingspoort en een tweede weg naar de PI.
We hebben een actief sportverenigingsleven. Dat willen we als gemeente graag ondersteunen. Onze rol zien wij -naast de accommodaties en de sportsubsidiëring- in generieke activiteiten, zoals gezamenlijke opleidingen op het gebied van EHBO en veiligheid, deskundigheidsbe-
Zorgpark De instellingen op het Zorgpark hebben regelmatig te maken met bewoners die grensoverschrijdend gedrag vertonen of die een ander beveiligingsvraagstuk oproepen. Vaak wordt dan de politie gebeld, hetgeen een
onevenredig beslag legt op de capaciteit van het politiebasisteam waartoe Vught behoort. Wij verwachten van de instellingen dat zij in principe zelf de opvang van dergelijke calamiteiten regelen; het interveniëren bij crisisomstandigheden van hun cliënten moet een onderdeel van het reguliere werk van de instellingen zijn. Bij de nieuwe inrichting van het park moet veiligheid (van cliënten én omgeving) een hoge prioriteit krijgen.
23
volgende uitgangspunten: 1. Als we autonoom aanmerkelijk minder inkomsten of veel hogere kosten krijgen (bijvoorbeeld in het sociale domein), zullen we primair kijken of we de uitgaven door scherper te kiezen in balans kunnen brengen met de inkomsten. 2. Indien financieel noodzakelijk, dekken wij intensiveringen van beleid door te herprioriteren of door nieuw-vooroud beleidskeuzes. 3. Maar er kunnen situaties zijn waarin deze twee instrumenten niet werken en het onwenselijk is dat de dienstverlening richting inwoners beneden een bepaald minimumniveau zou zakken. In dat geval kan ook worden gedacht aan verhoging van de OZB.
Financiën Financieel beleid Gezonde financiële positie Vught wil een gezonde financiële positie hebben. We hebben daarvoor twee belangrijke ijkpunten: - De begroting moet meerjarig sluitend zijn; - We hebben inmiddels een schuldquote onder de grens van 130% en een solvabiliteit van minimaal 30%, mede dankzij extra uitkeringen uit het gemeentefonds. We zijn open en transparant over onze financiën. We hebben de informatieve waarde van de begroting en rekening voor de gemeenteraad verbeterd. Daarbij hebben we ook het verloop van bijzondere fondsen (groenfonds, ruimte-voor-ruimte gelden, fonds bovenwijkse voorzieningen) inzichtelijk gemaakt.
24
Effectiviteit en doelmatigheid Het college wil dat het gemeenschapsgeld zo goed mogelijk wordt besteed. We zijn daarom kritisch, ook op onszelf. Dit betekent dat we goed in de gaten houden of het beleid effectief is, of de uitvoering doelmatig is en of de efficiency op een redelijk peil is. We bevorderen dat onze medewerkers en de gesubsidieerde instellingen eveneens zelfkritisch zijn en openstaan voor verbetering. We zetten ook monitoring- en andere onderzoeksinstrumenten in. We sturen in Vught nooit op cijfers alleen,
maar cijfers kunnen wel een reden zijn om goed naar een beleidsterrein te kijken. We stellen weer een rekenkamer in, die ons kritisch kan volgen en aan de raad een extra controle-instrument geeft. De rekenkamer moet onafhankelijk kunnen functioneren en dient over voldoende budget te kunnen beschikken. Landelijke en Europese subsidies We willen laten onderzoeken welke van onze beleidsvoornemens kunnen passen in landelijke of Europese subsidieprogramma’s en we gaan na of we subsidiekansen in voldoende mate benutten. We onderzoeken dat bij voorkeur samen met andere gemeenten. Dit onderzoek kan ook aanknopingspunten geven voor onze lobby agenda. Mogelijk kan blijken dat we actiever moeten aansluiten bij lobby’s vanuit de regio NO Brabant of de provincie.
OZB en lokale lasten Voor de rest van de bestuursperiode laten we de OZB alleen met de inflatiecorrectie groeien. Ook in de periode daarna willen we de OZB in principe alleen verhogen met de inflatiecorrectie. Om dit te bereiken, hebben we de
Voor de gesloten systemen (riolering, afvalstoffenheffing en leges) is het uitgangspunt kostendekkendheid. Uiteraard blijven we wel kritisch op de doelmatigheid, zodat de tarieven niet hoger zijn dan nodig is.
De balans tussen kosten en inkomsten sociaal domein is een ernstig landelijk knelpunt. We steunen lobbyacties die tot doel hebben dat er evenwicht is tussen de kosten die gemeenten moeten maken en de middelen die het Rijk daarvoor beschikbaar stelt.
Gemeenschappelijke regelingen De financiële bijdrage vanuit de gemeente aan gemeenschappelijke regelingen (GR) is aanzienlijk. Om een verdere autonome groei van de gemeentelijke bijdragen te voorkomen, is een kritische benadering op de kerntaken van de regelingen noodzakelijk. Om de betrokkenheid van de Raad te vergroten bij het beleid zal de vertegenwoordiger van Vught in het Algemeen Bestuur van een GR bij majeure beleidsvoornemens als kadernota’s en meerjarige beleidsplannen de commissie raadplegen.
Financiële ontwikkelingen sociaal domein Vught komt op dit moment rond met de financiële middelen voor Wmo, jeugdzorg en werk en inkomen. Wij willen graag dat dit zo blijft. We hanteren de volgende uitgangspunten: - We houden de autonome stijging van de vraag naar zorg goed in de gaten en proberen bij nieuwe vraag steeds weer om “naar voren te organiseren”, zodat de kosten van de zorg niet uit de hand lopen. - Er komt een herverdeling van de landelijke geldstromen voor onder andere het sociaal domein aan. Dit houden we scherp in de gaten en we zetten een lobby in om te voorkomen dat het een richting uit gaat die niet goed aansluit bij de specifieke situatie die we in Vught hebben (met onder meer veel visueel gehandicapte inwoners en aanwezigheid van voorzieningen voor GGZ en verslavingszorg) en die hier een bovengemiddeld grote zorgvraag genereert.
25