Bijlage - Rapport MER
Tekst van het document
Grootschalige opwek zon- en windenergie gemeente Vught
Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 4 februari 2025 / projectnummer: 3664
Advies over het MER in het kort De gemeente Vught wil nieuwe opwekcapaciteit voor hernieuwbare (elektrische) energie mogelijk maken. De ambitie is om in 2030 jaarlijks 0,05 Terawattuur (TWh) en in 2050 0,15 TWh duurzaam op te wekken. Zij heeft in een milieueffectrapport (MER) onderzocht welke gebieden geschikt zijn voor grootschalige opwek van wind- en zonne-energie.1 Mede op basis van dit MER heeft de gemeente op 12 september 2024 het programma Grootschalige Opwek Vught2 vastgesteld. Daarin zijn drie zoekgebieden voor windenergie en vijf zoekgebieden voor zonne-energie opgenomen. Na vaststelling van het programma is vervolgonderzoek uitgevoerd, op basis waarvan het MER is aangevuld. Het aangevulde MER gebruikt de gemeente voor de bestuurlijke keuze van het voorkeursalternatief (VKA). Het VKA bestaat uit een verfijning van de zoekgebieden naar voorkeursgebieden voor de ontwikkeling van wind- en zonneparken. De gemeente heeft de Commissie gevraagd te adviseren over de juistheid en volledigheid van het aangevulde MER.3
Wat staat in het (aangevulde) MER? Het MER geeft aan in welke gebieden het plaatsen van windturbines of zonnepanelen door belemmeringen hoogstwaarschijnlijk niet mogelijk is.4 Vervolgens brengt het rapport de ruimtelijke mogelijkheden voor de ontwikkeling van wind- en zonneparken in beeld, op basis waarvan de zoekgebieden zijn samengesteld. Uit de analyse volgen drie zoekgebieden voor windenergie en vijf voor zonne-energie. Voor de zoekgebieden brengt het MER de milieueffecten van het plaatsen van windturbines en zonnevelden in beeld. Uit de effectanalyse van de zoekgebieden volgen vijf alternatieven: Wind 130/130, Wind 170/1705, Leefomgeving, Natuur en Zon. De alternatieven Leefomgeving en Natuur gaan uit van een combinatie van wind- en zonne-energie. Daarbij is het streven om hinder voor de leefomgeving (alternatief Leefomgeving) of effecten op de natuur (alternatief Natuur) zoveel mogelijk te voorkomen. Alle alternatieven zijn positief beoordeeld op energieopbrengst en hebben in meer of mindere mate een negatief effect op de milieuaspecten leefomgeving, externe veiligheid, natuur, bodem, water, archeologie, landschap en cultuurhistorie. In het aangevulde MER is een samenvatting toegevoegd en zijn de effecten en uitvoerbaarheid van het VKA beschreven.6 Het VKA bestaat uit één zoekgebied voor windenergie en drie zoekgebieden voor zonne-energie, zie figuur 1.
De milieueffecten van
1
De Commissie heeft hier op 12 juni 2024 een tussentijds toetsingsrapport over gepubliceerd. Ze oordeelde hierin dat op dat moment s nog onvoldoende milieu-informatie beschikbaar was om het milieubelang volwaardig mee te kunnen wegen bij het besluit over het programma.
2 3 4
Programma Grootschalige Opwek Vught, 12 augustus 2024.
PlanMER wind- en zonne-energie Vught, 17 december 2024.
Daarbij is onderscheid gemaakt tussen harde en zachte belemmeringen. In gebieden met harde belemmeringen is de
verwachting dat het plaatsen van windturbines hoogstwaarschijnlijk niet mogelijk is. Deze gebieden zijn daarom buiten de begrenzing van de onderzoeksgebieden gehouden. Zachte belemmeringen vormen aandachtspunten bij de ontwikkeling van een wind- of zonnepark, maar geven volgens het MER op voorhand geen aanleiding om een gebied uit te sluiten.
5
Voor de windalternatieven is respectievelijk uitgegaan van een windturbine van 130 meter ashoogte / 130 meter
6
De gemeente heeft tijdens het startgesprek van 8 januari 2025 aangegeven dat de overige pagina’s van het digitale MER
rotordiameter en 170 meter ashoogte / 170 meter rotordiameter.
niet zijn gewijzigd ten opzichte van oorspronkelijke MER waarover de Commissie in juni 2024 adviseerde.
-1-
het VKA zijn vergelijkbaar met de effecten van het alternatief Natuur. Voor het milieuaspect natuur zijn risico’s voor de uitvoerbaarheid niet geheel uitgesloten. Daarnaast constateert het aangevulde MER dat in Noord-Brabant momenteel geen netaansluiting mogelijk is, waardoor de (tijdige) uitvoerbaarheid van het VKA onzeker is.
Wat is het advies van de Commissie? De Commissie gaf in juni 2024 een advies over het MER bij het programma Grootschalige Opwek Vught. Daarin adviseerde ze om het MER aan te vullen voorafgaand aan de besluitvorming over dit programma. De Commissie constateert dat het programma in september 2024 is vastgesteld en dat het MER daarna is aangevuld. Hierdoor kunnen de inzichten uit het aangevulde MER niet doorwerken in het besluit over het programma, tenzij de gemeente de ruimte neemt om het programma waar nodig te herzien. De gemeente heeft de Commissie nu om advies gevraagd over het aangevulde MER voor de bestuurlijke besluitvorming over het VKA. De Commissie is positief over het aangevulde MER. Het aangevulde MER is goed leesbaar en de onderzoeken zijn correct en navolgbaar uitgevoerd. Het aangevulde MER geeft helder weer welke mogelijke locaties er zijn voor de plaatsing van windturbines en zonnevelden en welke mogelijke milieueffecten optreden bij de ontwikkeling van deze locaties. De adviezen uit het eerdere toetsingsadvies van de Commissie zijn daarbij goed verwerkt. De nieuwe informatie geeft in dit geval geen aanleiding om het eerder vastgestelde programma te herzien. De Commissie is van oordeel dat het aangevulde MER de essentiële informatie bevat om een besluit te kunnen nemen over het VKA voor de ontwikkeling van wind- en zonneparken in Vught.
Het milieubelang kan daarbij volwaardig worden meegewogen. In hoofdstuk 2 licht de Commissie haar beoordeling toe en geeft ze aandachtspunten voor het vervolg.
Figuur 1 – Voorkeursalternatief. Bron: PlanMER wind- en zonne-energie Vught.
-2-
Aanleiding MER Het planMER is oorspronkelijk opgesteld in het kader van de besluitvorming over het programma ‘Grootschalige Opwek Vught’. In dit programma wilde de gemeente vastleggen in welke verhouding en met welke techniek (wind en/of zon) invulling wordt gegeven aan de energiedoelstelling voor 2030: de opwek van 0,05 TWh duurzame energie binnen de gemeente. Op basis van de Omgevingswet en bijlage V van het Omgevingsbesluit geldt een mer-plicht voor dit besluit. Het programma is namelijk kaderstellend voor de oprichting van windparken (categorie C2). Daarnaast zijn significant negatieve effecten op beschermde natuur niet op voorhand uit te sluiten. Daarom heeft gemeente Vught een planMER opgesteld. Het programma heeft de gemeente op 12 september 2024 vastgesteld.7 Daarna heeft de gemeente vervolgonderzoek uitgevoerd op basis waarvan het planMER is aangevuld. Het vervolgonderzoek heeft tot doel om milieu-informatie mee te wegen in de besluitvorming over het VKA. In dit advies beoordeelt de Commissie of voldoende milieu-informatie in beeld is om besluit te nemen over het VKA. Digitaal MER Het MER is gepubliceerd als een digitaal MER en is te bekijken via een website. Het MER is niet beschikbaar als PDF-document, op enkele achtergrondbijlagen na. Een website is in theorie op elk moment te wijzigen, zonder dat duidelijk is welke aanpassingen op welk moment zijn gedaan.
De Commissie gaat ervan uit dat de website niet meer is gewijzigd (en dus is bevroren) nadat de Commissie door de gemeente Vught formeel om advies is gevraagd, namelijk op 17 december 2024. Het is aan de gemeente om haar versiebeheer inzichtelijk en toegankelijk te maken en te houden. Voor de navolgbaarheid van het besluit is het belangrijk dat het digitale MER openbaar toegankelijk is. Rol van de Commissie voor de milieueffectrapportage De Commissie is onafhankelijk, bij wet ingesteld en adviseert over de inhoud en de kwaliteit van het MER. Zij stelt voor ieder project een werkgroep samen van onafhankelijke deskundigen. Ze schrijft zelf geen milieueffectrapporten, dat doet de initiatiefnemer, in dit geval college van burgemeester en wethouders van Vught. Het bevoegd gezag, in dit geval ook het college van burgemeester en wethouders van Vught, besluit over het programma. De samenstelling en de werkwijze van de werkgroep van de Commissie en verdere projectgegevens staan in bijlage 1 van dit advies. De projectstukken, die bij het advies zijn gebruikt, zijn te vinden door nummer 3664 op www.commissiemer.nl in te vullen in het zoekvak.
Toelichting op het advies De Commissie wil met onderstaande aanbevelingen een bijdrage leveren aan de kwaliteit van de verdere besluitvorming. De opmerkingen in dit hoofdstuk hebben geen betrekking op ontbrekende essentiële informatie.
7
Zie voor meer informatie over het doorlopen proces en de planning: Planning grootschalige opwek zonne- en windenergie Vught | Wij in Vught
-3-
Uitvoerbaarheid In het eerdere toetsingsadvies constateerde de Commissie dat de uitvoerbaarheid van de alternatieven vanuit natuur, geluid en netcongestie niet in beeld was. Hierdoor kunnen milieurisico’s ontstaan en was onzeker of de energiedoelstelling kon worden gehaald. Hieraan is nu uitgebreid aandacht besteed in het aangevulde MER.8 De Commissie geeft hieronder een aantal aandachtspunten en aanbevelingen voor het vervolg mee over de uitvoerbaarheid van het VKA.
Uitvoerbaarheid afhankelijk van grondeigenaren In het aangevulde MER is aangegeven dat een wind- of zonnepark binnen de voorkeursgebieden alleen kan worden gerealiseerd wanneer de grondeigenaar hiermee instemt. Mondeling9 heeft de gemeente aangegeven dat een intensief omgevingsproces plaatsvindt, waarmee ze zoveel mogelijk betrokkenheid en lokaal eigendom wil stimuleren. De Commissie waardeert dit proces. Desondanks constateert ze dat het behalen van de energiedoelstelling voor 2030 door deze afspraak onder druk kan komen te staan. Om te borgen dat de energiedoelstelling tijdig gehaald wordt, beveelt de Commissie aan om tijdig terugvalopties te verkennen. Beschouw daarbij welke andere zoekgebieden uit het Programma Grootschalige Opwek Vught de voorkeur hebben als de voorkeursgebieden (deels) niet gerealiseerd kunnen worden.
Conflicten met natuurregelgeving Voor natuur zijn risico’s voor de uitvoerbaarheid door conflicten met de natuurregelgeving niet geheel uit te sluiten, zie ook paragraaf 2.2 van dit advies. Als concrete initiatieven voor de opwek van wind- of zonne-energie bekend zijn, is nader onderzoek nodig om meer zekerheid te krijgen over de uitvoerbaarheid. Daarbij zijn mogelijk ecologische inpassingsmaatregelen of mitigerende maatregelen nodig.
Geluid De zoekgebieden in het MER zijn gebaseerd op een 47 dB Lden geluidsnorm. In lijn met het eerdere toetsingsadvies van de Commissie, is daarnaast verkend in hoeverre de zoekgebieden nog uitvoerbaar zijn als een strengere norm van 45 dB Lden wordt toegepast. Uit het aangevulde MER blijkt dat verschillende posities binnen zoekgebied wind 1 (de voorkeurslocatie voor wind) dan vervallen. Zo lang de nieuwe landelijke windturbinebepalingen niet zijn vastgesteld, kunnen gemeenten in hun beleid zelf een passende geluidsnorm vastleggen. Bij het eventueel vaststellen van een passende geluidsnorm, moet de informatie worden gegeven die nodig is voor de onderbouwing van deze norm.10
8 9
Op deze pagina van het digitale MER en in de Passende beoordeling van 17 december 2024.
Op woensdag 8 januari 2025 had de Commissie een overleg met gemeente Vught en haar adviseurs, als startpunt voor het adviestraject.
10
Bijvoorbeeld op basis van energiedoelstellingen of de haalbaarheid van molenaarswoningen.
-4-
Natuur In het aangevulde MER wordt uitgebreid ingegaan op de gevolgen voor de natuur. Daarbij is ingegaan op de effecten op Natura 2000-gebieden, beschermde soorten, Natuurnetwerk Nederland, provinciaal beleid en gemeentelijk beleid. De effectbeschrijving heeft het karakter van een risico-inschatting van de uitvoerbaarheid van de alternatieven, waaronder het VKA, dus de kans dat een locatie voor een windpark of zonneveld strijdig is met de natuurregelgeving. De Commissie kan zich vinden in deze aanpak. Wel onderschrijft ze de conclusie dat vervolgonderzoek nodig is als de initiatieven voor het windpark en de zonnevelden voldoende concreet zijn. Dit is nodig omdat uit het aangevulde MER blijkt dat het VKA (zonder nadere maatregelen) strijdig kan zijn met de natuurregelgeving. De risico’s hebben met name betrekking op de aanleg van het windpark en de zonnevelden die (zonder bronmaatregelen zoals inzet van elektrisch materieel11) leiden tot een tijdelijke toename van stikstofdepositie, waaronder maximaal 0,89 N/ha/jr op Vlijmens Ven, Moerputten & Bossche Broek. De Commissie ondersteunt de aanbeveling uit het aangevulde MER om in de vervolgfase een nadere ecologische beoordeling uit te voeren als de exacte werkzaamheden en de benodigde bronbeperkende maatregelen bekend zijn.
Ook aanvaringkansen van vogels (waaronder weidevogels zoals grutto) en vleermuizen met windturbines kunnen risico’s voor de uitvoerbaarheid met zich meebrengen. In het aangevulde MER wordt terecht gesteld dat deze effecten met inzet van stilstandvoorziening voldoende te mitigeren zijn. De locaties van het VKA liggen buiten het Natuurnetwerk Brabant (NNB). Als er windturbines in de directe omgeving worden geplaatst, kan aantasting van de ecologische kenmerken en waarden van het NNB via externe werking niet worden uitgesloten. Sommige doelsoorten van NNB-beheertypen12 zijn namelijk gevoelig voor windturbines. Het MER concludeert dan ook dat een nadere (vogel)inventarisatie, toetsing en analyse nodig is als windturbines op (te) korte afstand van het NNB worden geplaatst. De Commissie vindt dit een belangrijk aandachtspunt omdat de Omgevingsverordening aantasting van de ecologische kenmerken en waarden van het NNB in beginsel niet toestaat.
Geluidbelasting bij andere turbineposities Geluidhinder van windturbines is in het aangevulde MER berekend vanuit indicatieve turbineposities. De turbineposities kunnen nog wijzigen binnen de schuifruimte van het voorkeursgebied. Het aangevulde MER brengt niet in beeld in hoeverre sprake kan zijn van een wezenlijk andere geluidbelasting op omliggende woningen als gebruik wordt gemaakt van deze schuifruimte. De Commissie beveelt aan om dit in het vervolgproces – bijvoorbeeld in een projectMER - in beeld te brengen. Als de geluidbelasting groter is dan in het planMER
11
Het MER geeft aan dat het niet mogelijk is om de aanleg van windparken zonder een (kleine) tijdelijke toename van
stikstofdepositie uit te voeren. Volledigheidshalve wijst de Commissie erop dat binnen afzienbare termijn elektrisch materiaal (inclusief kraan) beschikbaar is voor een emissieloze aanleg. 12
De ecologische kenmerken en waarden van het NNB bestaan uit beheertypen en daaraan gekoppelde doelsoorten of
kwalificerende soorten - https://www.bij12.nl/onderwerp/natuursubsidies/index-natuur-en-landschap/natuurtypen/.
-5-
voorzien, kan het nodig zijn om maatregelen toe te passen, zoals bijvoorbeeld de keuze voor een stiller turbinetype.
Visualisaties De Commissie waardeert dat visualisaties zijn opgenomen in het aangevulde MER. De visualisaties bieden waardevolle informatie over de landschappelijke inpassing en zijn een belangrijk communicatiemiddel. De Commissie constateert echter dat het aantal gekozen gezichtspunten beperkt is. Ze beveelt aan om in het vervolgproces, voordat de precieze locaties zijn bepaald, aanvullende zichtbaarheidsanalyses te maken vanuit meerdere locaties. Denk bijvoorbeeld aan zichtpunten vanuit de bebouwde kom van Cromvoirt en vanuit Kamp Vught. Deze informatie kan gebruikt worden om de exacte plaatsing vanuit het ruimtelijke oogpunt te verfijnen/optimaliseren.
-6-
BIJLAGE 1: Projectgegevens toetsing Toetsing door de Commissie
De Commissie bestaat uit een werkgroep van deskundigen. Deze werkgroep beoordeelt of het MER de benodigde milieu-informatie bevat en of deze juist is. Als er informatie ontbreekt of
onjuist is, beoordeelt de Commissie of zij die essentieel vindt. Dat is het geval als aanvullende informatie in haar ogen kan leiden tot andere afwegingen. Dan adviseert de Commissie de
ontbrekende of gecorrigeerde informatie alsnog beschikbaar te stellen, voordat het besluit wordt genomen. Om zich goed op de hoogte te stellen van de situatie heeft de werkgroep
voor het tussentijdse toetsingsadvies (op 29 april 2024) het gebied bezocht waar milieugevolgen kunnen optreden. Meer informatie over de Commissie en over haar werkwijze vindt u op onze website.
Samenstelling van de werkgroep Bij dit project bestaat de werkgroep uit: Ruwan Aluvihare BA. MDip LA ir. Peter van der Boom MA ir. Richard van Gemert PDEng MBA ir. Kees Slingerland (voorzitter) Michelle Vanderschuren MSc (secretaris) ing. Rob Vogel Besluit waarvoor dit milieueffectrapport is opgesteld Bestuurlijke keuze van het voorkeursalternatief. Waarom wordt hiervoor een milieueffectrapport opgesteld? Voor projecten die grote milieugevolgen kunnen hebben, kan in Nederland een milieueffectrapport (MER) vereist zijn. Uit Bijlage V van het Omgevingsbesluit onder de Omgevingswet volgt om welke projecten het gaat. Voor deze procedure gaat het in ieder geval om het project C2, “windparken”. Daarom is een plan-MER opgesteld. Bevoegd gezag besluit College van burgemeester en wethouders van Vught. Initiatiefnemer besluit College van burgemeester en wethouders van Vught. Heeft de Commissie ook zienswijzen en adviezen bij haar advies betrokken?
Het bevoegd gezag heeft de Commissie niet in de gelegenheid gesteld om zienswijzen en adviezen bij haar advies te betrekken.
Waar vind ik de stukken die de Commissie heeft beoordeeld? U vindt de projectstukken die bij het advies zijn gebruikt, door op www.commissiemer.nl projectnummer 3664 in te vullen in het zoekvak.