Bijlage - Eindrapport Rekenkamer Vught - Rekenkameronderzoek Woningbouwproductie
Tekst van het document
Amendementen en moties zijn belangrijke raadsinstrumenten die de raad kan inzetten om het college bij te sturen. In casus Isabellaveld fase I diende de gemeenteraad in juni 2016 een amendement in om versneld 50 woningen te realiseren , waarvan 10 sociale huurwoningen , 10 middeldure huurwoningen , 15 sociale koopwoningen en 15 middeldure koopwoningen. Dit amendement werd in 2017 nader uitgewerkt in een stedenbouwkundige schets. 18 16 Beantwoording
schriftelijke vragen CDA , De Braacken , raadsvergadering 5 november 2020. schriftelijke vragen GB , Woonontwikkeling Voorburg n. a. v. interpellatiedebat , 14 juni 2022. 18 Raadsinformatiebrief Grondverkoop Isabellaveld , 18 januari 2019. 17 Beantwoording
Pagina 21 van 33
In de periode 2016 tot en met 2024 zijn meerdere keren door de gemeenteraad moties ingediend omtrent projectontwikkelingen. Een motie een uitspraak van de gemeenteraad is over een bepaald onderwerp. Een voorbeeld is de casus Den Hoek , waar de raad een motie indiende over CPO (Collectief Particulier Opdrachtgeverschap) en hiermee gaf de raad bijsturing aan het woningbouwprogramma. Door het college is over het algemeen gevolg gegeven aan deze moties en amendementen. Een andere manier voor de raad om betrokken te zijn bij projectontwikkelingen , is door middel van schriftelijke vragen aan het college. In 2021 stelde de raad bijvoorbeeld schriftelijke vragen over de heroriëntatie van de ontwikkelvisie voor de casus Park Voorburg , nadat partijen het niet eens werden over de financiële haalbaarheid in relatie tot het detailniveau van de plannen. Het college informeerde de raad achteraf over de heroriëntatie via een raadsinformatiebrief. 19 5. 3 Samenvatting Het college heeft de raad geïnformeerd via halfjaarlijkse voortgangsrapportages , de P&C-cyclus en raadsinformatiebrieven. Tot 2020 bevatten de voortgangsrapportages omschrijvingen per project , en sinds 2021 worden ook de gerealiseerde woningen vermeld. Uit onze analyse blijkt dat de raad in een aantal casussen achteraf werd geïnformeerd over het sluiten van overeenkomsten tussen het college en projectontwikkelaars.
In de periode 2016 tot en met 2024 heeft de raad een actieve rol gespeeld in het woonbeleid van de gemeente Vught. Door het inzetten van raadsinstrumenten zoals moties en amendementen , heeft de raad het college kunnen bijsturen en meer informatie kunnen verkrijgen. De informatievoorziening door het college was niet altijd tijdig en volledig , wat de betrokkenheid van de raad soms bemoeilijkte. De laatste jaren wordt de raad vaker voorafgaand aan het aangaan overeenkomsten geïnformeerd.
19 Raadsinformatiebrief
Ontwikkeling Zorgpark Voorburg , 28 mei 2019.
Pagina 22 van 33
Bijlage 1: Onderzoeksaanpak In de wetenschap staan twee kwaliteitscriteria voor onderzoek centraal die van belang zijn bij rekenkameronderzoek: validiteit en betrouwbaarheid. Om hieraan te voldoen , zijn achtereenvolgens de volgende onderzoeksmethoden gehanteerd: 1. Documentenstudie 2. Interviews 3. Casusonderzoek Deze paragraaf omschrijft de gebruikte methoden in het rekenkameronderzoek , waar mogelijk toegespitst op de onderzoeksvragen. Bij de onderzoeksvragen gelden normen. Het voor dit onderzoek geformuleerde normenkader is opgenomen als bijlage 1. Documentenstudie Ten behoeve van de beantwoording van deelvraag 1 is allereerst het woonbeleid in de periode 2016-2024 geanalyseerd. Dit betreft met name de ‘Woonvisie Vught 2016’ en de ‘Woonvisie 2021-2025: Groei met Vughtse kwaliteit’ , waarin de raad de kaders voor woningbouwontwikkeling heeft meegegeven , maar ook andere beleidsdocumenten waarin woonbeleid is opgenomen of nader uitgewerkt. Tevens is onderzocht in hoeverre het woonbeleid van de gemeente Vught aansluit op de beleidsvoornemens omtrent wonen op landelijk , provinciaal en regionaal niveau. Daarnaast zijn de woningbouwprogramma's en coalitieakkoorden geraadpleegd , omdat in deze documenten de doelstellingen van het college zijn uitgewerkt.
Tenslotte zijn de jaarverslagen van de gemeente en halfjaarlijkse voortgangsrapportages geanalyseerd , om de harde en zachte plancapaciteit , maar ook het gerealiseerde aantal woningen te kunnen vaststellen. Dit is aangevuld met gegevens uit de jaarverslagen van de woningcorporaties Charlotte van Beuningen en Woonwijze. Ter beantwoording van deelvraag 2 zijn de ‘Nota Grondbeleid 2011’ en de ‘Nota Grondbeleid uit 2020’ geanalyseerd. In het grondbeleid is een omschrijving opgenomen van het type grondbeleid , het beschikbare instrumentarium en een kader om deze instrumenten wel of niet in te zetten. Vervolgens zijn ter beantwoording van deelvraag 3 moties , amendementen , schriftelijke vragen en raadsinformatiebrieven geanalyseerd. Deze documenten geven een beeld van de betrokkenheid van de raad en de informatieverstrekking door het college. Interviews Tevens zijn een zestal interviews afgenomen. Het eerste interview is afgenomen met de projectleiders van de projecten uit het casusonderzoek , wat inzicht biedt in de overwegingen rondom het inzetten van instrumentarium in concrete projecten. Bij dit interview met de projectleiders was tevens de beleidsmedewerker planeconomie en grondzaken aanwezig. Een tweede interview werd afgenomen met de beleidsmedewerker planeconomie en grondzaken , om verder in te gaan op het grondbeleid en de inzet van instrumentarium in het algemeen.
Het derde interview vond plaats met de wethouders ruimtelijke ordening en woningbouw , die informatie verschaften over de beleidsdoelstellingen en de betrokkenheid van de raad. Het vierde interview betrof een afvaardiging van de raad , van belang voor het beoordelen van de informatievoorziening en betrokkenheid van de raad bij de uitvoering van het beleid. Het vijfde interview werd gehouden met de beleidsmedewerker en de manager wonen , om inzicht te krijgen in de totstandkoming en toepassing van het woonbeleid van de gemeente Vught gedurende de onderzoeksperiode.
Pagina 23 van 33
Tot slot is een zesde interview gehouden met een vertegenwoordiger van Heijmans Projectontwikkeling , wat relevant is voor het evalueren van de samenwerking met de gemeente Vught en de praktische toepassing van het instrumentarium. Casusonderzoek In aanvulling op het documentenonderzoek is een zestal casussen in de periode 2016 tot en met 2024 geselecteerd. Binnen dit tijdvak zijn een groot aantal projecten gestart onder het regime van de Wro én zijn de eerste ervaringen opgedaan met de Omgevingswet die per 1 januari 2024 in werking is getreden. Ook omvat deze periode twee woonvisies: in 2016 werd in de gemeente Vught een woonvisie opgesteld , die in 2021 werd vervangen door de huidige woonvisie. De casussen zijn geselecteerd op basis van variatie in startdatum , looptijd , type grondbeleid , omvang en woningprogramma. Deze casussen zijn onderzocht om meer inzicht te krijgen in de beleidsvoering en besluitvormingsprocessen omtrent het inzetten van instrumentarium in de diversiteit van projecten die de gemeente Vught kent. Niet alle casussen komen terug in deze rapportage. Het gaat om de volgende zes projecten: Rozenoord Den Hoek De Wieken De Braacken Landgoed Voorburg Isabellaveld fase I Het onderzoek heeft zich echter niet volledig beperkt tot deze casussen.
Daar waar tijdens het onderzoek belangrijke informatie over andere casussen naar voren kwam , is deze uiteraard ook meegenomen. Additionele casussen zijn echter niet even gedetailleerd onderzocht op beleidsvoering en besluitvormingsprocessen , maar als aanvulling gebruikt op de al onderzochte casussen. dit betrof de ontwikkelingen Vijverbosweg en Molenven.
Toelichting op onderbouwing tabel woningbouwrealisatie In paragraaf 3. 4. 2 hebben we inzichtelijk gemaakt wat de werkelijk gerealiseerde woningbouw is. Deze bepaling van de aantallen per jaar is gebaseerd op informatie uit de jaarverslagen van de gemeente Vught (basisuitgangspunt) en de jaarverslagen van corporatie Charlotte van Beuningen , de jaaroverzichten van het CBS (verbijzondering woningcategorien) en Vastgoeddata. We zijn uitgegaan van de totalen die zijn genoemd in de jaarverslagen van de gemeente , waarbij de verbijzondering van de woningen uit verslagen van de woningcorporaties , het CBS en Vastgoeddata zijn te herleiden. Hierna volgt een toelichting op de aantallen per jaar die in de tabel zijn opgenomen. 2016
Het jaarverslag 2016 vermeldt een toevoeging van 87 woningen aan de woningvoorraad in 2016. 20 In dit jaarverslag is niet opgenomen hoeveel woningen aan de woningvoorraad zijn onttrokken , maar volgens het CBS gaat het om een onttrekking van 9 woningen. Uit het jaarverslag 2016 van de woningcorporatie Charlotte van Beuningen bleek dat zij in 2016 11 sociale huurwoningen heeft opgeleverd. 21 Het CBS registreerde voor dit jaar 14 onbekende overige toevoegingen.
20 Gemeente
Vught (2016). Jaarverslag 2026. Pagina 72. Beuningen (2016). Jaarverslag 2016. Pagina 28.
21 Charlotte van
Pagina 24 van 33
2017
Volgens het jaarverslag 2017 van de gemeente Vught zijn in 2017 in totaal 58 woningen opgeleverd. Deze woningen zijn niet gespecificeerd naar woningtypen. 22 In 2017 gaat het om de realisatie van dure nieuwbouwwoningen. 23 In het CBS staan 16 onbekende overige toevoegingen geregistreerd. Tevens vermeldt het CBS een onttrekking van 31 woningen. 2018
Het jaarverslag 2018 van de gemeente Vught omschrijft een toevoeging van 124 woningen aan de woningvoorraad. Deze woningen zijn niet gespecificeerd naar woningtypen. 24 In dit jaar zijn 10 sociale huurwoningen gerealiseerd. 25 Het CBS registreert 8 onbekende overige toevoegingen. 2019
Het jaarverslag 2019 van de gemeente Vught vermeldt een oplevering van 91 woningen en een onttrekking van 87 woningen aan de woningvoorraad. 26 Deze woningen zijn niet gespecificeerd naar woningtypen. Volgens het CBS zijn er 20 onbekende overige toevoegingen. Tevens vermeldt het CBS 5 overige onttrekkingen aan de woningvoorraad. Het jaarverslag 2019 van Charlotte van Beuningen vermeldt de sloop van 85 sociale huurwoningen ten behoeve van sloop en nieuwbouw. 27 2020
Het jaarverslag 2020 van de gemeente Vught vermeldt de toevoeging van 10 betaalbare woningen , 48 middeldure huur- en koopwoningen en 73 dure koopwoningen. 28 Het jaarverslag 2020 van Charlotte van Beuningen beschrijft de oplevering van 10 sociale huurwoningen. 29 Daarnaast staat in de voortgangsrapportage dat van 23 woningen het segment onbekend is. Volgens het CBS zijn in 2020 19 woningen aan de woningvoorraad onttrokken. 2021
In het jaarverslag 2021 van de gemeente Vught staat dat 172 betaalbare woningen zijn opgeleverd. 30 Het jaarverslag 2021 van Charlotte van Beuningen vermeldt een oplevering van 152 sociale huurwoningen. 31 Het jaarverslag 2022 van de woningcorporatie Woonveste vermeldt dat 8 sociale huurwoningen in Den Hoek zijn ontwikkeld. 32 Echter zijn deze woningen om meer overeenstemming te krijgen met het jaarverslag van de gemeente Vught bij het totaal sociale huurwoningen van 2021 opgeteld. De getallen van het CBS hebben een vertraging. Tevens stelt het jaarverslag 2021 van de gemeente Vught dat 7 middeldure huur- en koopwoningen en 26 dure woningen zijn opgeleverd. 33 Daarnaast staat in deze voortgangsrapportage dat van 51 woningen het segment onbekend is.
22 Gemeente
Vught (2017). Jaarverslag 2017. Pagina 80. (2025). Database commercieel vastgoed. 24 Gemeente Vught (2018). Jaarverslag 2018. Pagina 80. 25 Vastgoeddata (2025). Database commercieel vastgoed. 26 Gemeente Vught (2019). Jaarverslag 2019. Pagina 31. 27 Charlotte van Beuningen (2019). Jaarverslag 2019. Pagina 44. 28 Gemeente Vught (2020). Jaarverslag 2020. Pagina 44. 29 Charlotte van Beuningen (2020). Jaarverslag 2020. Pagina 11. 30 Gemeente Vught (2021). Jaarverslag 2021. Pagina 32. 31 Charlotte van Beuningen (2021). Jaarverslag 2021. Pagina 7. 32 Woonveste (2022). Jaarverslag 2022. Pagina 21. 33 Gemeente Vught (2021). Jaarverslag 2021. Pagina 32. 23 Vastgoeddata
Pagina 25 van 33
2022
Het jaarverslag 2022 vermeldt een oplevering van 33 middeldure huur- en koopwoningen in combinatie met 16 dure huur- en koopwoningen. 34 Daarnaast staat in deze voortgangsrapportage dat van 33 woningen het segment onbekend is. Het CBS heeft de sloop van 105 woningen geregistreerd. 2023
In het jaarverslag 2023 staat dat in 2023 5 betaalbare woningen , 102 middeldure huur- en koopwoningen en 25 dure huur- en koopwoningen woningen zijn opgeleverd. 35 Daarnaast staat in deze voortgangsrapportage dat van 40 woningen het segment onbekend is. Volgens het CBS zijn 12 woningen aan de voorraad onttrokken. Het jaarverslag 2023 van Charlotte van Beuningen registreert dat 15 sociale huurwoningen zijn gesloopt. 36 2024
De Voortgangsrapportage woningbouw voorjaar 2025 vermeldt de realisatie van 25 betaalbare woningen , 26 woningen middelduur laag , 6 woningen middelduur hoog en 29 woningen duur. Daarnaast staat in deze voortgangsrapportage dat van 10 woningen het segment onbekend is. 37 Het CBS registreerde in 2024 17 onttrekkingen aan de woningvoorraad.
34 Gemeente
Vught (2022). Jaarverslag 2022. Pagina 29. Vught (2023). Jaarverslag 2023. Pagina 32. 36 Charlotte van Beuningen (2023). Jaarverslag 2023. Pagina 62. 37 Gemeente Vught (2025). Voortgangsrapportage woningbouw voorjaar 2025. Pagina 28. 35 Gemeente
Pagina 26 van 33
Bijlage 2: Normenkader Normen met betrekking woningbouwrealisatie: • Er is in (beleids)nota’s duidelijk omschreven hoe de te realiseren doelstellingen ten aanzien van de woningbouwproductie van de gemeente is vormgegeven. Deze nota’s zijn door het daartoe bevoegde orgaan vastgesteld. • Geformuleerde gemeentelijke doelstellingen sluiten aan bij woonbeleid en kwalitatieve en kwantitatieve (woningbouwproductie)doelstellingen en afspraken op regionaal en rijksniveau. • Gerealiseerde woningbouwproductie sluit aan bij de doelstellingen • In de (beleids)nota’s zijn duidelijke doelstellingen vastgesteld omtrent het te voeren beleid , het in te zetten instrumentarium en de productiedoelstellingen. • In de beleidsnota’s zijn duidelijke criteria beschreven om te komen tot een keuze voor een actieve grondpolitiek , een faciliterende grondpolitiek of voor samenwerking tot de realisatie van de geambieerde woningbouwproductie. • In de beleidsnota’s is vastgelegd op welke wijze de gemeente om wil gaan met het daartoe in te zetten beleidsinstrumentarium (vestiging voorkeursrecht , onteigening , kostenverhaal , bijdragen bovenwijkse voorzieningen , etc.
) Normen met betrekking tot de inzet wettelijk instrumentarium en beleidsinstrumentarium: • In (beleids)nota’s is duidelijk vastgesteld wat het beleid is ten aanzien van de inzet van instrumentatium en hoe deze kunnen worden aangewend bij het realiseren van woningbouwproductie. Hierbij kan worden gedacht aan bijvoorbeeld het doen van strategische aankopen om te komen tot actief grondbeleid. Daarbinnen is ook aandacht voor welke beleidsmatige of financiële overwegingen ten grondslag liggen aan de verwerving van gronden. • In beleidsnota’s is inzichtelijk en duidelijk vastgelegd hoe de keuze wordt gemaakt tussen grondaankopen in relatie tot de bestaande grondvoorraad en programma’s. • Het ingezette instrumentarium was gezien de omstandigheden aannemelijk en te verwachten effectie. Normen met betrekking tot Rapportage en informatie naar de raad: • Bij de uitvoering van het beleid door het college , wordt de raad volledig geïnformeerd of er wordt gehandeld in lijn met het door de gemeenteraad vastgestelde beleid. • Indien door het college wordt afgeweken van het vastgestelde beleid worden de oorzaken en consequenties duidelijk verantwoord. • De door de raad gegevens kaders zijn helder duidelijk en eenduidig uitlegbaar. • De raad wordt juist , volledig en tijdig geïnformeerd over de realisatie van doelstellingen of het ontstaan van afwijkingen daarvan.
Pagina 27 van 33
Bijlage 3: Geraadpleegde stukken • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •
Charlotte van Beuningen (2016). Jaarverslag 2016 Charlotte van Beuningen (2017). Jaarverslag 2017 Charlotte van Beuningen (2018). Jaarverslag 2018 Charlotte van Beuningen (2019). Jaarverslag 2019 Charlotte van Beuningen (2020). Jaarverslag 2020 Charlotte van Beuningen (2021). Jaarverslag 2021 Charlotte van Beuningen (2022). Jaarverslag 2022 Gemeente Vught (2004). Kadernota Integraal Grondbeleid 2004 Gemeente Vught (2012). Grondprijsbrief Gemeente Vught (2013). Structuurvisie Vught Gemeente Vught (2016a). Woonvisie Vught 2016 Gemeente Vught (2016b). Woningbouwprogramma Vught 2016-2019 Gemeente Vught (2016c). Jaarverslag 2016 Gemeente Vught (2017). Jaarverslag 2017 Gemeente Vught (2018a). Jaarverslag 2018 Gemeente Vught (2018b). Coalitieakkoord 2018-2020/2021 “Vernieuwd en Vertrouwd” Gemeente Vught (2019a). Jaarverslag 2019 Gemeente Vught (2019b). Woningbouwprogramma Vught 2019-2028 Gemeente Vught (2020a). Jaarverslag 2020 Gemeente Vught (2020b). Nota Grondbeleid Gemeente Vught (2021a). Jaarverslag 2021 Gemeente Vught (2021b). Woonvisie 2021-2025 Groei met Vughtse kwaliteit Gemeente Vught (2022a). Jaarverslag 2022 Gemeente Vught (2022b). Beleidsregels antispeculatie en zelfbewoning Vught Gemeente Vught (2023a). Jaarverslag 2023 Gemeente Vught (2023b). Coalitieakkoord 2023-2026 ‘Een nieuwe start’ Gemeente Vught (2024a). Omgevingsvisie Vught 2024 Gemeente Vught (2024b).
Voortgangsrapportage woningbouwproductie voorjaar 2024 Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (2022). Nationale Woon- en Bouwagenda Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (2023). Regionale Woondeal Noordoost-Brabant Raad van State (2022). ECLI:NL:RVS:2022:3412 , Raad van State , 202006426/1/R2 Regio Noordoost-Brabant (2023). Regionale Woondeal Noordoost-Brabant. 9 maart 2023
•
Woonveste (2022). Jaarverslag 2022.
Pagina 28 van 33
Bijlage 4: Reactie college
B&W
van
Vught Rekenkamer
K MINI
Vught
pa.
rekenkamer) Vught.nl
Beams
©
BV/ Z25
Ons kanmerk
Behandeld door
Graag
maken
/ UIL/25
690297
(geanonimiseerd)
Onderwarp
Geachte leden
203118
Reactie op
van
1 juli 2025
Varus
02 JUL 2025
Rappormge over Woningbouwpreductie van juni 2025
de Rekenkamer
wij gebruik
Daturn
van
de
Vught,
mogelijkheid
om
cen
reactie te geven
woningbouwpreductie.
op
uw
rapportage
over
de
De
woningbouwproductie hangt af van veel factoren essentie van dit onderwerp is uiteraard of de productie kwantitatief en kwalitatief voldoende is. Uw bevandingen laten ven genuanceerd beeld zien met plussen en minnen, Wij missen in uw rapportage een analyse van de factoren die van invloed waren en zijn op de woningproductie en de invloed van gemeenten baerop. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de woningprijzen die in algemene zin door de markt worden bepaald. Ons inziens zijn uw aanbevelingen daarom appervlakkig en leveren zij niet op wat daarvan mogelijk wordt verwacht. Wij gaan uiteraard met uw aanbevelingen aan de slag zoals u onderstaand kunt lezen, De
Openbreken overeenkomsten Wij zijn ons er van bewust dat het openbreken van getekende overeenkomsten een op her oog interessant middel zou kunnen zijn om sneller tot rezulraar te komen rondom onze wonngbouwdoelsrtellingen. Het openbreken van getekende overeenkomsten is ons inziens echter geen geschikt middel om het gestelde doel te bereiken. De gemeente is namelijk gebonden aan gesloten overeenkomsten, Niet nakomen betekent hert niet voldoen aan de verplichtingen uit de —
—
overeenkomst. Dit leidt tot juridische procedures (wederpartij vordert nakomimg) voldoen van schadevergoedingen. Het openbreken van een overeenkomst zal dus
en
het moeren
altijd in overleg
met goedkeuring van - de betreffende ontwikkelaar dienen te gebeuren. Dat betekent overige relevante in de overeenkomst opgenetnen onderwerpen opnieuw ter discussie kunnen kamen te staan, waarbij de gemeente geen goede onderhandelingsposiue heeft. met
—
en
Daarnaast zal het aanpassen van cen programma (minder cuur, want overeenkomst te breken) voor de ontwikkelaar altijd een
zijn exploitatie hebben. Dar mogen
Vughr
we
niet
P_
Portus
T
14073
A
Seer.van Roostraat |
T+A
EP Vught
E
(OTE 65E OG BO gemeanta@vughenl
52él
1000, 5260 GA
dar is her doel
(substantieel)
open
dat
de effect op en zal dus om
negatief
vergoeden (ongeoorlnafde staatssteun)
1/3
Pagina 29 van 33
Pagina 30 van 33
Zamirmmie
206
Diemer: LATES BOOMT Owari stade gid
«MENS
-
Vught
k MINE
grondbeleid strakker wordt vormgegeven. Daarbij zal het actief actief dan dewelraadfacihterend in komen
tussen
informeren facilierend
van
het
grondbeleid
proces
om
te
tot
een
afweging over actief dan wel
beter geborgd worden,
Actualisatie Nota Kostenverhaal De gemeente Vught heeft sinds juli 2022 een Neta Kectenverhaal. Deze
ligt momenteel ter met de terminologie van de Oangertngmer. Er vinden bij deze actualisatie geen beleidswijzigingen plaats. De nota zal na actualisatie dienen als Ompevingsprogtamma kostetverhaal en financiële bijdragen. actualisatie
In de -
-
voor
bij de raad,
huidige nota 1s beleid
Alle beleid Beleid
over
leefomgeving Een
over
op
het
in
lijn brengen
opgenomen:
kostenverhaal:;
het vragen te
De actualisatie ziet enkel
van
een
financële
bijdrage voor investeringen
om
de
fysieke
verbeteren;
alinea over de evenwichtige samenstelling van de woningvoorraad waarin staat verwoord: Vught heeft cen woonopgave, zowel in aantallen als kwaliratief. De Omgevingswer biede mogelijkheden om beleidsmange ambities op dit vlak evenwichug te verdelen over locaties. Op dit mement is Vught nog niet zo ver om hier een bijdrage vaor me vragen. Vughr kan tn de toekomst onderzoeken af een dergelijke fnancele bijdrage als bedoeld im arkel 8,21 Ob ld 1 onder e haar kan helpen om haar woonambities te realiseren". -
Hoewel
wij nier alle conclusies delen, danken
we
u
vaar
het onderzoek
en
de geleverde
inspanning.
vriendelijke groer,
Burgemeester en wethouders van Vught, de secrctaris,
(geanonimise rd)
de burpemees
(geanonimiseerd)
us
Pagina 31 van 33
Bijlage 5: Nawoord Reactie op collegebrief d. d. 1 juli 2025 Wij danken het college voor de uitgebreide bestuurlijke reactie op onze rapportage over de woningbouwproductie. In dit nawoord reflecteren wij op deze reactie.
De woningbouw hangt af van veel factoren Volgens het college laten de bevindingen van de Rekenkamer ‘een genuanceerd beeld zien’ , maar zijn haar aanbevelingen door de gemiste analyse ‘oppervlakkig’ en mogelijk niet doeltreffend. Wij merken daarbij op dat de door u gemiste analyse van de factoren geen onderdeel van de onderzoeksopdracht was. Ons onderzoek is over het algemeen positief over de gerealiseerde kwantitatieve doelen , maar plaatst daarbij wel kanttekeningen. Het college geeft terecht aan dat woningbouwproductie afhankelijk is van veel factoren , waarvan een deel buiten de directe invloed van de gemeente ligt. Die constatering sluit aan bij onze bevindingen , waarin wij aangeven dat het realiseren van de gestelde doelen niet per definitie voortvloeit uit het gevoerde beleid , maar mede te danken is aan gunstige marktomstandigheden. De aanbevelingen beogen juist om ook bij minder gunstige omstandigheden voorbereid te zijn. Daarbij pleiten wij bijvoorbeeld voor een actiever grondbeleid , om meer sturingsmogelijkheden te hebben bij veranderende marktomstandigheden. Wij bieden daarmee in het onderzoek wel degelijk handvatten om de doeltreffendheid van het beleid te verbeteren.
Wij zullen bij een volgend onderzoek ook in een vroegtijdig stadium mondeling de onderzoeksopzet met de betreffende portefeuillehouders bespreken , zodat er geen onduidelijkheid over de inhoud van het onderzoek kan ontstaan. Openbreken overeenkomsten Wat betreft onze aanbeveling om bestaande langjarige overeenkomsten te heroverwegen , begrijpen wij dat het openbreken van contracten complex kan zijn. Tegelijkertijd blijkt dat hier soms wél ruimte voor is – mits zorgvuldig onderzocht en in overleg met betrokken marktpartijen. In de landelijke praktijk blijkt dat marktpartijen regelmatig openstaan voor het opbreken van langjarige overeenkomsten , omdat daarin vaak ook aspecten zijn opgenomen die voor hen inmiddels (in ongunstige zin) zijn achterhaald. Het is daarbij denkbaar dat de nadelen van bijvoorbeeld een schadevergoeding voor de gemeente opweegt tegen de voordelen van het kunnen realiseren van gemeentelijke beleidsdoestellingen. De rekenkamer moedigt daarom aan om deze mogelijkheid niet bij voorbaat uit te sluiten , maar juist een onderzoekende houding aan te nemen , zeker waar dit kan bijdragen aan het realiseren van beleidsdoelen. Het actief delen van dergelijke afwegingen met de raad kan hieraan bijdragen.
Overigens stelt het college ten onrechte dat het negatieve financiële effect van het aanpassen van het woningbouwprogramma per definitie niet door de gemeente mag worden vergoed. Dit geldt alleen als dit leidt tot een hogere winst voor een marktpartij (staatsteun) , maar niet bij het compenseren van een aantoonbaar verlies op grond van gemeentelijk beleid. Wij merken op dat de gemeente veel capaciteit en middelen steekt in het opstellen van nieuwe woonvisies , woonbeleidsaanpassingen , regelgeving e. d. Deze hebben nog lange tijd te maken met de beperking dat oude afspraken en overeenkomsten gerespecteerd dienen te blijven en
Pagina 32 van 33
nieuw gewenst beleid moeilijker en vertraagd wordt gerealiseerd. Dat is des te meer reden om heroverweging van bestaande langjarige overeenkomsten niet bij voorbaat af te wijzen. Sturen op woningbouw voor bepaalde doelgroepen In de reactie van het college wordt aangegeven dat aan onze tweede aanbeveling al invulling wordt gegeven en dat dit tevens zal worden meegenomen bij het opstellen van een nieuwe woonvisie. Wij ondersteunen de optie om doelgroepenbeleid mee te nemen in het Omgevingsplan , een verordening is inderdaad niet de enige mogelijke weg. Wel benadrukt de rekenkamer dat het vastleggen van doelgroepenbeleid in anterieure overeenkomsten beter en juridisch steviger is , wanneer hier een beleidskader aan ten grondslag ligt. Informatievoorziening aan de raad Het college geeft aan dat het actief betrekken van de raad bij het proces om te komen tot een keuze tussen actief en faciliterend grondbeleid strakker zal worden vormgegeven in een nieuwe Nota Grondbeleid. Naar verwachting zal de voorbereiding daarvan eind dit jaar worden gestart. De rekenkamer ondersteunt deze intentie , maar is van mening dat dat in de tussentijd een actievere betrokkenheid van de raad bij de keuzes in concrete projecten niet in de weg hoeft te staan. Ook op basis van de huidige beleidsnota is dit al mogelijk.
Het vastleggen van deze afspraken is aanvullend op de actualisering van de Nota Grondbeleid 2020. De rekenkamer benadrukt daarom nogmaals de aanbeveling om actief grondbeleid vanaf nu bij concrete projecten tenminste te overwegen door het beleidsmatige afwegingskader uit de Nota Grondbeleid 2020 hiervoor te hanteren en de raad hierover actief te informeren. Actualisatie Nota Kostenverhaal Tenslotte geeft het college aan dat de Nota Kostenverhaal 2022 momenteel ter herziening voorligt bij de raad , met als doel deze om te vormen tot een Programma Kostenverhaal & Financiële Bijdragen. Daarmee verschuift dit beleidskader van een raadsinstrument naar een collegebevoegdheid. Op het moment dat wij dit nawoord schrijven (augustus 2025) is de Nota Kostenverhaal 2022 door u vastgesteld. De actualisatie ziet volgens het college enkel op het in lijn brengen met de terminologie van de Omgevingswet. Wij zien de herziening van de Nota Kostenverhaal 2022 als een belangrijk moment om te verkennen hoe binnen de nieuwe kaders van de Omgevingswet aanvullende sturingsmogelijkheden kunnen worden benut , met name gericht op de realisatie van specifieke woningbouwsegmenten. De rekenkamer moedigt het college aan naar de toekomst toe te verkennen op welke wijze de Omgevingswet effectiever kan worden ingezet.
De huidige formulering in de Nota Kostenverhaal waar het college naar verwijst – “Vught kan in de toekomst onderzoeken of een financiële bijdrage als bedoeld in artikel 8. 21 Ob lid 1 onder e kan helpen om haar woonambities te realiseren” – is wat de rekenkamer betreft te vrijblijvend geformuleerd. Naar onze mening biedt dit traject juist de kans om hier actiever op te sturen en passende instrumenten gericht in te zetten om beleidsdoelen te ondersteunen. Voor de Rekenkamer is het niet duidelijk waarom het college op dit moment geen volledig beeld heeft van de mogelijkheden van de Omgevingswet. De rekenkamer kijkt uit naar de behandeling van het rapport in de raad en het vervolg daarop. Wij hopen dat onze aanbevelingen kunnen bijdragen aan het verder versterken van het woningbouwbeleid in Vught en zien uit naar verdere constructieve samenwerking met zowel het college als de raad. Rekenkamer Vught , augustus 2025
Pagina 33 van 33