Bijlage - D66 - Technische vragen inzake P&C-cyclus (juli 2023)_Kadernota
Tekst van het document
Technische vragen Kadernota Datum vragen: Fractie: Waar hebben de vragen betrekking op (bv. raadsvoorstel, agendapunt): Wat is de aanleiding voor de vragen (toelichting/context): Zijn de vragen vertrouwelijk? 1.
2.
Vraag Kan op basis van de tabel Risico-inventarisatie in het jaarverslag op pagina 77, een meerjarenperspectief worden gegeven over hoe de risico’s zich de komende jaren kunnen ontwikkelen? Dit hoeft niet in detail, mag in bandbreedten, wel graag gesplitst in Rijksinfra en overige risico’s. Pagina 23: Procesregisseur Zorg en Veiligheid. Deze tekst is wat lastig te interpreteren. Kan een nadere toelichting worden gegeven, onder meer met cijfermatige ontwikkelingen, die de inzet van deze regisseur onderbouwen?
26 juni 2023 D66 Kadernota Nee Antwoord Neen, op dit moment niet. Zowel bij de Jaarrekening als de Programmabegroting wordt deze risico-inventarisatie geactualiseerd. Dit betekent dat de op blz 77 gepresenteerde inventarisatie opgesteld is in maart jl. Deze week is gestart met de werkzaamheden van de Programmabegroting 2024. Daarbij wordt ook de herziene paragraaf Risico-inventarisatie aangeboden. Het aantal meldingen van overlast door verward/overspannen persoon neemt (ook) in Vught al een aantal jaar toe. In 2020 heeft de politie 211 meldingen geregistreerd. In 2021 zijn er 244 meldingen vastgelegd. In 2022 zijn er 320 meldingen geregistreerd (een stijging van ruim 30% t.o.v. 2021). Naast de cijfermatige stijging van het aantal meldingen, wordt ook een verzwaring in de aard en het aantal casussen geconstateerd. Zeker in Vught, onder andere door het Zorgpark Voorburg. Daar deze casuïstiek op het snijvlak van zorg- en veiligheid regelmatig impact heeft op de openbare orde en veiligheid in de wijk (overlast en/of onveiligheid), vraagt dit om stevige procesregie vanuit de gemeente. Dit ook conform het Integraal Veiligheidsbeleidsplan 2023-2026, wat uw raad op 1 december 2022 heeft vastgesteld. Vanuit procesregie kan een integrale aanpak worden vormgegeven. Hiervoor zijn specifieke deskundigheid, tijd en mandaat benodigd.
Naast deze cijfermatige ontwikkeling en onderbouwing, worden steeds meer taken (deels) bij de gemeente belegd op het gebied van zorg- en veiligheid. Denk hierbij aan de uitvoering van het landelijke Bestuurlijk akkoord ‘Kansen bieden aan re-integratie’ (reintegratie van ex-justitiabelen), het Regionale beleidsplan mensenhandel en de Wet aanpak woonoverlast.
3.
Pagina 37: Huur archiefruimte [BHIC]: Waarom is dit geen onderdeel van de vaste bijdrage die wij betalen aan het BIHC?
4.
Pagina 37: Opbrengst ruimtelijke planvorming. Kan een nadere onderbouwing worden gegeven waarop deze opbrengsten worden gebaseerd?
5.
De kadernota bevat geen indicaties over de ontwikkeling van de kerngetallen (solvabiliteit etc.) zoals te vinden is in het jaarverslag op pagina 11. Is de tabel in het jaarverslag gebaseerd op de kadernota? Zo nee, kan de tabel worden berekend voor de kadernota?
6.
Aanvullend op de vorige vraag: Wat is de impact op solvabiliteit en schuldpositie wanneer de investering in de nieuwbouw van Het Kwartier (16 mln afgerond) wordt meegenomen?
De huur van de archiefruimte (BHIC) is niet opgenomen in de afspraken bij de gemeenschappelijke regeling, maar wordt door elke deelnemende gemeente afzonderlijk geregeld. Voor deze werkzaamheden in het kader van vergunningverlening en ruimtelijke planvorming ontvangt de gemeente legesinkomsten. Bij gebiedsontwikkelingsprojecten ontvangt de gemeente inkomsten op basis van afspraken met projectontwikkelaars. Die leggen we vast in anterieure overeenkomsten/ vragen we exploitatiebijdragen. Op deze manier worden de gemaakte uren vergoed door de ontwikkelende partij. Dus de opbrengsten zijn gebaseerd op het feit dat wij de gemaakte uren doorleggen naar derden. In 2022 is dat ook zo gebeurd voor bv de locaties De Braacken, Voorburg, Leyhoeve en kloosterterrein Zusters JMJ (zie hiervoor de extra opbrengsten in Burap II 2022). Neen. De tabel in de jaarrekening is gebaseerd op de feitelijke balansposities per 31-12-2022 enerzijds en onze vastgestelde Programmabegroting 2023 (inclusief tussentijdse wijzigingen obv raafsbesluiten). Hierin zijn de restantkredieten die vanuit 2022 doorschuiven naar 2023 meegenomen. De actualisatie van de financiële kengetallen vindt tweemaal per jaar plaats bij de Jaarrekening en Programmabegroting. Hiervoor is een volledige doorrekening en herziening van zowel de meerjarige balansposities als meerjarige exploitatie noodzakelijk.
Het is niet mogelijk om dit bij de kadernota te doen. Als we een investering van 16 miljoen toevoegen in 2024 dan zou de solvabiliteit in 2024 wijzigen van 35% naar 32%. De schuldpositie wijzigt dan van 87% naar 103%.