CConstaterende datVught
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage - Bijlagen bij de toelichting

Raadsvergadering 25 mei 2023, gemeente VughtBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan 'Molenhof, Vught'41.155 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Verkennend bodemonderzoek, Molenvenseweg 75 te Vught

Inhoudsopgave 1 Inleiding ...........................................................................................................................................1 1.1 Opdrachtvorming ......................................................................................................................1 1.2 Doelstelling ...............................................................................................................................1 1.3 Gevolgde richtlijnen en opbouw rapportage .............................................................................1 2 Vooronderzoek ................................................................................................................................2 2.1 Locatiegegevens ......................................................................................................................2 2.2 Historische informatie ...............................................................................................................2 2.3 Gebiedsgericht beleid en/of kwaliteit grond en grondwater .....................................................3 2.4 Bevindingen bodemonderzoeken en/of archief onderzoek ......................................................3 2.5 Regionale bodemopbouw en geohydrologie ............................................................................4 2.6 Resumé

....................................................................................................................................4 3 Hypothese en Onderzoeksstrategie ..............................................................................................5 3.1 Hypothese ................................................................................................................................5 3.2 Onderzoeksstrategie ................................................................................................................5 4 Veldwerkzaamheden .......................................................................................................................6 4.1 Grond ........................................................................................................................................6 4.2 Grondwater ...............................................................................................................................6 4.3 Afwijkingen BRL SIKB 2000 protocollen 2001 en 2002 ...........................................................7 5 Analyses en resultaten laboratoriumonderzoek ..........................................................................8 5.1 Samenstelling en analyseparameters ......................................................................................8 5.2 Toetsingscriteria

.......................................................................................................................8 5.2.1 Generiek referentiekader Wet bodembescherming (Wbb)...............................................8 5.2.2 Generiek referentiekader kader Besluit bodemkwaliteit (Bbk) .........................................8 5.3 Toetsingen ................................................................................................................................9 5.3.1 Grond ................................................................................................................................9 5.3.2 Grondwater .......................................................................................................................9 6 Conclusie en aanbeveling ........................................................................................................... 10 6.1 Conclusie ............................................................................................................................... 10 6.2 Resumé en aanbeveling ........................................................................................................ 10

Bijlagen Bijlage 1: Regionale ligging locatie Bijlage 2: Situatietekening met boorlocaties Bijlage 3: Profielbeschrijvingen Bijlage 4: Analysecertificaten grond en grondwater Bijlage 5: Toetsingstabellen grond en grondwater Bijlage 6: Fotorapportage Bijlage 7: Verklaring van onafhankelijkheid

projectnummer: 1901121, d.d. 1 juli 2019

Verkennend bodemonderzoek, Molenvenseweg 75 te Vught

1 Inleiding 1.1

Opdrachtvorming

In opdracht van Vrijborg BV heeft Lankelma Geotechniek Zuid B.V. een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op een locatie aan de Molenvenseweg 75 te Vught. De regionale ligging van de locatie is weergegeven in bijlage 1. De aanleiding voor het laten uitvoeren van een bodemonderzoek is de voorgenomen nieuwbouw ter plaatse van de onderzoekslocatie. Als gevolg hiervan dient de milieuhygiënische kwaliteit van de grond en het grondwater vastgelegd te worden. Daarnaast dient door middel van onderhavig onderzoek beoordeeld te worden of aanvullende procedures noodzakelijk zijn in het kader van de Wet bodembescherming (Wbb). Opgemerkt wordt dat bij een bodemonderzoek sprake is van een steekproefsgewijze bemonstering die erop is gericht om te kunnen beoordelen of (mogelijke) bodemverontreinigingen aanwezig zijn, evenals het bepalen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem. De mogelijkheid blijft daarom bestaan dat puntverontreinigingen, welke niet voortkomen uit het historisch onderzoek, niet door het onderzoek worden aangetoond. Tevens wordt erop gewezen dat het uitgevoerde onderzoek een momentopname is. Het bodemonderzoek is uitgevoerd conform de Nederlandse norm NEN5740. Het veldwerk is onder certificaat uitgevoerd op grond van beoordelingsrichtlijn BRL SIKB 2000. Het hierbij behorende procescertificaat en keurmerk van Lankelma Geotechniek Zuid B.V.

is van toepassing op het gehele proces van het veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek, vanaf acceptatie tot aan de overdracht van de veldgegevens en monsters. Lankelma Geotechniek Zuid B.V. heeft geen binding met de opdrachtgever en de onderzoekslocatie anders dan als onafhankelijk onderzoeksbureau. Verder is zij gecertificeerd in het kader van ISO-9001 en de BRL-SIKB 2000 “veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek” en de daarbij behorende protocollen. Hierbij gelden de ten tijde van het uitvoeren van het veldwerk, vigerende versies van deze documenten. 1.2

Doelstelling

De doelstelling van het onderzoek wordt onderstaand puntsgewijs benoemd:  historisch onderzoek naar bodembedreigende activiteiten/situaties binnen de locatie middels welke een inschatting wordt gemaakt of en waar op de locatie bodemverontreiniging te verwachten is;  bepalen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse van de onderzoekslocatie;  op basis van de resultaten vaststellen of in het kader van de Wbb sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging. 1.3

Gevolgde richtlijnen en opbouw rapportage

De werkzaamheden zijn door Lankelma Geotechniek Zuid b.v. onder certificaat uitgevoerd, te weten conform BRL-SIKB 2000 en de daaraan gekoppelde protocollen:  2001: “Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen”;  2002: “Het nemen van grondwatermonsters”. In de BRL SIKB 2000 wordt verwezen naar de Nederlandse normen voor bodemonderzoek die eveneens bepalend zijn voor de uitvoering van het bodemonderzoek. De belangrijkste en meest bepalende normeringen zijn de NEN5725:2017 “Bodem-landbodem-strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek” en de NEN5740/A1: 2016 “Onderzoeksstrategie bij verkennend bodemonderzoek”. Voorliggend rapport presenteert de resultaten van het vooronderzoek (hoofdstuk 2), de onderzoekshypothese en –strategie (hoofdstuk 3) en de resultaten van het veldwerk (hoofdstuk 4) en analytisch onderzoek en de aan het onderzoek te verbinden interpretatie van de onderzoeksresultaten (hoofdstuk 5) en conclusies en aanbevelingen (hoofdstuk 6). projectnummer: 1901121, d.d. 1 juli 2019

1

Verkennend bodemonderzoek, Molenvenseweg 75 te Vught

2 Vooronderzoek Conform het onderzoeksprotocol NEN5725 is ten behoeve van de bepaling van de onderzoeksstrategie op onderhavige locatie een vooronderzoek uitgevoerd. De resultaten van dit vooronderzoek zijn opgenomen in voorliggend hoofdstuk. De in paragraaf 2.1 t/m 2.3 opgenomen informatie is afkomstig van/uit:  terreininspectie;  het archief van Lankelma Geotechniek Zuid B.V.;  archiefonderzoek door een ambtenaar van de gemeente Vught;  omgevingsrapportage van omgevingsdienst Brabant-Noord;  informatie opdrachtgever;  TNO (Regis);  website www.topotijdreis.nl;  website www.bodemloket.nl. Vermeld dient te worden dat de verantwoordelijkheid voor de resultaten van onderhavig onderzoek worden beperkt tot de aan deze resultaten ten grondslag liggende en op het moment van onderzoek ter beschikking staande gegevens alsmede de bij de terreininspectie geconstateerde situatie. Aanleiding en aspecten van het vooronderzoek De aanleiding voor het opstellen van onderhavig vooronderzoek sluit aan bij A ‘opstellen hypothese over de milieuhygiënische bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek’, uit de NEN5725. 2.1

Locatiegegevens

Algemeen De onderzochte locatie is gelegen aan de Molenvenseweg 75 te Vught. Kadastraal is de locatie bekend onder kadastrale gemeente Vught, sectie K, nr. 807. De coördinaten volgens het R.D. stelsel zijn x = 148,5 en y = 408,5. Het oppervlak van de onderzoekslocatie bedraagt circa 1.200 m². Ten tijde van de uitvoering van het onderzoek was onderhavige onderzoekslocatie deels bebouwd met een woonhuis en deels in gebruik als tuin. Op de onderzoekslocatie hebben zover bekend nooit sloopwerkzaamheden plaatsgevonden. In bijlage 2 is voornoemde situatie van de onderzoekslocatie weergegeven. Onderhavige locatie is noordelijk gelegen ten opzichte van het centrum van Vught. Terreininspectie Door een gecertificeerd medewerker van Lankelma Geotechniek Zuid b.v. is een terreininspectie uitgevoerd voorafgaande aan de veldwerkzaamheden. Foto’s van de locatie zijn in bijlage 6 toegevoegd. De locatie is daadwerkelijk in gebruik zoals in voorgaande alinea omschreven. Er zijn tijdens de terreininspectie geen bijzonderheden (zoals verdachte plekken, artefacten of bodembeschermende voorzieningen, puin en/of asbest op het maaiveld, asbest beschoeiingen, verzakkingen, verhogingen, verkleuringen, brandplaatsen) geconstateerd, welke een aanwijzing zouden kunnen zijn voor een mogelijke bodemverontreiniging. 2.2

Historische informatie

Uit het historisch kaartmateriaal blijkt dat er eind 19e eeuw sprake was van een gebied met een agrarische bestemming. Deze bestemming is vanaf eind jaren vijftig van de 20e eeuw aan verandering onderhevig naar stedelijk gebied. De locatie grenst aan de westzijde aan de weg ‘Molenvenseweg’. De overige zijden grenzen aan grondgebonden woningen en appartementen. Ter plaatse van de onderzoekslocatie zijn geen gegevens bekend van activiteiten die de bodem mogelijk negatief hebben kunnen beïnvloeden. Er is niets bekend over een (voormalige) ondergrondse c.q. bovengrondse brandstoftank.

projectnummer: 1901121, d.d. 1 juli 2019

2

Verkennend bodemonderzoek, Molenvenseweg 75 te Vught

Voormalige stortlocatie Ter plaatse van de onderzoekslocatie is voor zover bekend geen sprake van een (voormalige) stortlocatie. IKME Overige gebieden De Indicatieve Kaart Militair Erfgoed (IKME) geeft voor Nederland een landelijk overzicht op een kleine schaal van de (verwachte) ligging van resten van ondergronds en bovengronds militair erfgoed. De onderzoekslocatie is gesitueerd in de zone ‘Overige gebieden’. Binnen deze zone kunnen resten worden verwacht van kleinere objecten en structuren zoals crashlocaties, veldgraven en onderduikholen. 2.3

Gebiedsgericht beleid en/of kwaliteit grond en grondwater

Het onderhavige onderzoeksgebied is gelegen binnen een gebied waarvoor een bodemkwaliteitskaart was opgesteld. Deze is inmiddels komen te vervallen. Volgens de kaart valt het onderzoeksgebied binnen kwaliteitszone ‘Wonen 1930-1950’. Hiervoor is vastgesteld dat de achtergrondwaarden in de bovengrond van de parameters koper, lood, zink en PAK verhoogd zijn. Voor de ondergrond is vastgesteld dat de achtergrondgehalten voor de parameters lood, zink en PAK verhoogd zijn. 2.4

Bevindingen bodemonderzoeken en/of archief onderzoek

Bij de gemeente Vught zijn gegevens bekend van bodemonderzoeken en/of potentieel bodembedreigende activiteiten ter plaatse van en/of in de directe omgeving van de onderzoekslocatie. De locatie maakt deel uit van een gebied waar op 14 februari 2019 een verkennend onderzoek uitgevoerd is. Uit dit onderzoek bleek dat ter plaatse van de Molenvenseweg/Isabellastraat in de bovengrond een licht verhoogd gehalte met kwik, lood en PAK aangetoond is en in de ondergrond een licht verhoogd gehalte PAK aangetroffen is. De bodem voldoet aan de klasse Wonen. Binnen een straal van 50 meter rond onderhavige locatie zijn de volgende onderzoeksgegevens bekend bij de gemeente: Verkennend bodemonderziek Molenvenseweg 81, d.d. 29 januari 1999. In de bovengrond is een ernstige verontreiniging met koper, lood, PAK en minerale olie aangetroffen. De ondergrond is niet verontreinigd. In het grondwater is een lichte verontreiniging met chroom aangetroffen. Op 4 maart 1999 en 10 juni 2003 zijn nadere onderzoeken uitgevoerd. In de bovengrond is een ernstige verontreiniging met PAK geconstateerd. Op 1 mei 2004 heeft de Provincie de saneringsevaluatie goedgekeurd. Diverse onderzoeken Spoorlijn km 50.2-51.2. Het zijn diverse onderzoeken geweest naar aanleiding van calamiteit (vandalisme). Het spoor was verontreinigd. De verontreiniging is in voldoende mate gesaneerd in april 2010.

Binnen een straal van 50 meter van onderhavige onderzoekslocatie komen de volgende registraties voor in het historisch bodembestand van de provincie Noord-Brabant:  Molenvenseweg 81, cv- en luchtbehandelingsapparatuurinstallatiebedrijf;  Molenvenseweg 81, ondergrondse tank;  Molenvenseweg 65, benzine-service-station ondergrondse tank (Het betreft een 6.000 liter HBO tank. Deze is in 1993 gesaneerd en afgevuld. Zintuiglijk is er geen bodemverontreiniging aangetroffen. Er is geen KlWA-certificaat afgegeven).

projectnummer: 1901121, d.d. 1 juli 2019

3

Verkennend bodemonderzoek, Molenvenseweg 75 te Vught

2.5

Regionale bodemopbouw en geohydrologie

De op basis van de geraadpleegde bronnen verwachte ondiepe geologie op de locatie is weergegeven in tabel 2.1. Hierbij dient te worden opgemerkt dat het de geologische bodemopbouw betreft die door TNO is geïnterpoleerd op basis van onderzoek in de omgeving. De werkelijke laagopbouw en –samenstelling kunnen hiervan afwijken. tabel 2.1 Geohydrologische bodemopbouw*

*

Diepte [m-mv]

Formatienaam

Lithologie

0 – 16

Forma ie van Boxtel

Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en fijn zand, weinig zandige klei en grof zand en een spoor klei, veen en grind

16 – 24,8

Forma ie van Boxtel

Kleiige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit zandige klei, midden en fijn zand, weinig klei, veen en grof zand

24,8 – 44,5

Forma ie van Sterksel

Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit grof en midden zand, weinig zandige klei, fijn zand en grind en een spoor klei

Bron: Landelijk DGM model V1.3 – 2009, NITG-TNO, de werkelijke diepte en formatienaam kan afwijken (met name nabij geologische breukzones)

De grondwaterstand van het freatisch pakket bedraagt circa 2 m-mv. Het grondwater in het ondiepe (freatische) grondwater stroomt regionaal gezien in overwegend noordelijke richting. De locatie ligt niet in het intrekgebied van een grondwaterwinning c.q. een grondwaterbeschermingsgebied. 2.6

Resumé

Uit het vooronderzoek en informatie verstrekt door de gemeente Vught is geen informatie naar voren gekomen waaruit zou kunnen blijken dat op of in de directe nabijheid van de locatie (<25 meter) sprake is, of is geweest van (bedrijfsmatige) activiteiten welke een bedreiging voor de bodemkwaliteit zouden kunnen vormen.

projectnummer: 1901121, d.d. 1 juli 2019

4

Verkennend bodemonderzoek, Molenvenseweg 75 te Vught

3 Hypothese en Onderzoeksstrategie 3.1

Hypothese

Op basis van de resultaten van het vooronderzoek is de locatie ten aanzien van de grond en het grondwater als ‘onverdacht’ gekwalificeerd. 3.2

Onderzoeksstrategie

Voor de onderzoekslocatie is bij het vaststellen van de onderzoeksstrategie de boor-, bemonsteringsen analysestrategie gehanteerd, zoals beschreven in de NEN5740/A1 ‘Onderzoeksstrategie voor een onverdachte niet-lijnvormige locatie’ (ONV-NL, tabel 3.1). In het kader van onderhavig bodemonderzoek is géén onderzoek naar asbest in de bodem verricht. Tijdens de veldwerkzaamheden zal het maaiveld en de uitkomende grond wel indicatief visueel beoordeeld worden op het voorkomen van asbestverdacht materialen en/of bijmengingen. In tabel 3.1 is een overzicht opgenomen van de uit te voeren veldwerkzaamheden en laboratoriumwerkzaamheden. tabel 3.1 Uit te voeren veld- en laboratoriumwerkzaamheden bodemonderzoek Oppervlak (m2) ca. 1.200

Veldwerk 0,5 m-mv

2 m-mv1

peilbuis2

Analyses bovengrond

ondergrond

grondwater

7

1

1

1 x NEN57403

1 x NEN57403

1 x NEN57404

1

Handboring tot minimaal 0,5 m- freatische grondwaterstand of 1 m-mv, maximaal tot 2,5 meter. Indien visueel schoon dan boren tot opgegeven einddiepte, anders boren tot 0,5 meter minus verdachte bodemlaag.

2

Indien een grondwaterspiegel wordt aangetroffen dieper dan 5 m-mv behoeft geen peilbuis te worden geplaatst.

3

Standaard NEN5740 pakket voor grond: zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink), organische parameters (PAK (som 10), minerale olie, PCB (som 7)), lutum en organische stof. Als gevolg van waarnemingen in het veld kan het noodzakelijk zijn een extra mengmonster samen te stellen om een voldoende representatief beeld van de locatie te krijgen. Aanvullende werkzaamheden worden alleen na toestemming van de opdrachtgever uitgevoerd.

4

Standaard NEN5740 pakket voor grondwater: zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink), benzeen, tolueen, ethylbenzeen, xylenen, styreen, naftaleen, minerale olie, vinylchloride, 1,1-dichlooretheen, dichloormethaan, trans-1,2dichlooretheen, cis-1,2-dichlooretheen, Som1,2-dichlooretheen, 1,1-dichlooretheaan, chloroform, 1,1,1-trichloorethaan, tetrachloorme haan, 1,2-dichloorethaan, trichlooretheen, 1,2-dichloorpropaan, 1,1-dichloorpropaan, 1,3-dichloorpropaan, Somdichloorpropaan, 1,1,2-trichloorethaan, tetrachlooretheen, bromoform.

projectnummer: 1901121, d.d. 1 juli 2019

5

Verkennend bodemonderzoek, Molenvenseweg 75 te Vught

4 Veldwerkzaamheden De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd onder procescertificaat van de BRL SIKB 2000, conform de protocollen 2001 en 2002 van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer. Evenals de daaraan gekoppelde Nederlandse Eenheidsnormen (NEN). 4.1

Grond

De veldwerkzaamheden zijn door de KWALIBO erkend persoon dhr. W. Vogels uitgevoerd op 9 mei 2019 (uitvoering boringen, plaatsing peilbuis en bemonstering grond). De verklaring van onafhankelijkheid is als bijlage 7 aan dit schrijven toegevoegd. In tabel 4.1 zijn ten behoeve van het onderzoek de uitgevoerde werkzaamheden opgenomen. tabel 4.1 Uitgevoerde werkzaamheden Boring B03 t/m B09 B02 B01

Diepte [m-mv] 0,5 2,0 2,6

Filterdiepte [m-mv] 1,6 – 2,6

De bodem op de locatie bestaat tot de verkende diepte van 2,6 m-mv overwegend uit matig fijn, matig siltig zand. Met name de bovengrond is humushoudend. De situering van de onderzoekslocatie en de geplaatste boringen en peilbuis is opgenomen in bijlage 2. Voor de complete boorbeschrijvingen wordt verwezen naar bijlage 3. Tijdens de uitvoering van de veldwerkzaamheden is geen aanvullende informatie naar voren gekomen welke tot een aanpassing van de boorstrategie heeft geleid. In de uitkomende grond ter plaatse van boring B02 is in de bodemlaag van 0,5 – 1,0 m-mv een zwakke bijmenging met baksteen en glas aangetroffen. In de uitkomende grond van de overige boringen zijn geen waarnemingen gedaan die duiden op de mogelijke aanwezigheid van verontreinigende stoffen in de bodem. In het kader van dit onderzoek is geen specifiek onderzoek (conform NEN5707) verricht naar het voorkomen van asbest in de grond en op het maaiveld. Wel heeft een indicatieve inspectie van het terrein plaatsgevonden. In de vrijkomende grond en op het maaiveld zijn geen asbestverdachte materialen en/of bijmengingen aangetroffen. 4.2

Grondwater

De peilbuis is voorafgaande aan de monstername voldoende doorgespoeld. De veldwerkzaamheden zijn door de KWALIBO erkend persoon dhr. W. Vogels uitgevoerd. De verklaring van onafhankelijkheid is als bijlage 7 aan dit schrijven toegevoegd. In tabel 4.2 zijn de gegevens hiervan weergegeven. tabel 4.2 Peilbuisgegevens Peilbuisnummer B01 Datum bemonstering 16 mei 2019 Diepte grondwaterspiegel [m-mv] 1,1 Filterstelling [m-mv] 1,6 – 2,6 Toestroming goed Beluchting niet belucht Zuurgraad [pH] 6,7 455 Elektrische geleidbaarheid [Ec, S/cm] Troebelheid (NTU) 92,1* Waargenomen afwijkingen geen Drijflaag geen * De troebelheid van het grondwater uit de peilbuis kan hoog worden genoemd. De in de NEN5744 gehanteerde waarde voor troebelheid van 10 NTU kan indicatief worden genoemd. Deze is gebaseerd op standaard factoren die zich in de natuur voordoen. Hogere troebelheden duiden op het feit dat onnatuurlijk hoge krachten op de bodemdeeltjes rond (de omstorting van) het peilfilter zijn of worden uitgeoefend. Aangezien de peilbuis recentelijk is geplaatst en het feit dat de bodemopbouw uit zeer fijn zand bestaat (lees: zeer fijne fracties) is het gemeten verhoogde NTU gehalte niet vreemd te noemen. In onderhavig geval gaan wij er vanuit dat de troebelheid wordt veroorzaakt door de in suspensie zijnde vaste (grond)deeltjes.

projectnummer: 1901121, d.d. 1 juli 2019

6

Verkennend bodemonderzoek, Molenvenseweg 75 te Vught

4.3

Afwijkingen BRL SIKB 2000 protocollen 2001 en 2002

Tijdens de uitvoering van de veldwerkzaamheden zijn geen kritieke afwijkingen opgetreden in het kader van de BRL SIKB 2000 protocollen 2001 en 2002. Opgemerkt wordt dat de troebelheid niet op de onderzoekslocatie is gemeten maar ten kantore van Lankelma te Oirschot. Het grondwatermonster wordt pas dan genomen, wanneer conform de NEN5744 en het protocol 2002 is voldaan aan de overige gestelde eisen. Het meten van de troebelheid vindt als laatste handeling plaatst, voorafgaande aan de daadwerkelijke monstername van het grondwater. Deze laatste stap wordt door Lankelma dus omgedraaid. Hetgeen verder niet van invloed kan zijn op de daadwerkelijk gemeten waarde. Derhalve wordt dit niet als een kritieke afwijking beschouwd.

projectnummer: 1901121, d.d. 1 juli 2019

7

Verkennend bodemonderzoek, Molenvenseweg 75 te Vught

5 Analyses en resultaten laboratoriumonderzoek 5.1

Samenstelling en analyseparameters

De grond(meng)monsters en het grondwatermonster zijn in het laboratorium van SYNLAB Analytics & Services B.V. in Rotterdam (door de RvA erkend) chemisch geanalyseerd. De analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000. Het aantal samengestelde en/of analytisch onderzochte grond(meng)monsters en/of grondwatermonsters is in overeenstemming met de onderzoeksstrategie zoals opgenomen in hoofdstuk 3. In tabel 5.1 is inzichtelijk gemaakt hoe de betreffende grond(meng)monsters zijn samengesteld (o.a. zintuiglijke waarnemingen en diepte geanalyseerde bodemlaag). Tevens zijn in tabel 5.2 de resultaten van het grondwateronderzoek weergegeven. De analysecertificaten zijn weergegeven in bijlage 4. De resultaten zijn getoetst aan de achtergrondwaarden en interventiewaarden en weergegeven in bijlage 5. 5.2

Toetsingscriteria

Teneinde de mate van verontreiniging van de bodem te kunnen beoordelen, zijn de chemische analyseresultaten van de grond- en grondwatermonsters getoetst aan de richtlijnen die zijn vastgesteld door het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (de zogenaamde generieke referentiewaarden). 5.2.1 Generiek referentiekader Wet bodembescherming (Wbb) De gehalten en concentraties van de milieuschadelijke stoffen in respectievelijk de grond- dan wel grondwatermonsters worden gerelateerd aan het toetsingskader uit de Circulaire bodemsanering (Per 1 juli 2013), die een onderdeel vormt van de Wet bodembescherming (Wbb). Bij de referentiewaarden wordt onderscheid gemaakt in zogenaamde generieke ofwel landelijke achtergrondwaarden (in geval van grond), streefwaarden (in geval van grondwater) en de interventiewaarden (zowel grond als grondwater): achtergrondwaarde (grond) of S-waarde (grondwater) ½ (AW of SW+I) waarde of bodemindex

=

waarde voor een schone, multifunctionele bodem

=

interventiewaarde of I-waarde

=

Waarde waarbij men een aanvullend/nader onderzoek in overweging dient te nemen ((achtergrond- of streefwaarde + interventiewaarde) / 2) interventiewaarde voor sanering(sonderzoek)

De referentiewaarden voor grond zijn mede afhankelijk gesteld van het gehalte lutum (fractie <2m) en organische stof. Dit betekent dat bij elk (verkennend) bodemonderzoek de gemeten waarden moeten worden omgerekend als zijnde “standaard bodem” (10% organische stof en 25% lutum). De omgerekende waarden worden vervolgens getoetst aan de vigerende referentiewaarden. Ten aanzien van de resultaten van de toetsing wordt in voorliggend rapport de volgende terminologie gehanteerd:  licht verhoogd gehalte: gehalte tussen de achtergrondwaarde (grond) c.q. streefwaarde (grondwater) en de ½ (AW+I) waarde;  matig verhoogd gehalte: gehalte tussen de ½ (AW of SW+I) waarde of bodemindex en gelijk interventiewaarde;  sterk verhoogd gehalte: gehalte groter dan de interventiewaarde. 5.2.2 Generiek referentiekader kader Besluit bodemkwaliteit (Bbk) Bij het op basis van het Besluit Bodemkwaliteit (Bbk) toepassen van een partij grond, volgens het generieke toetsingskader, spelen de kwaliteit en de functie van de ontvangende bodem een belangrijke rol. In verband met hergebruiksmogelijkheden van de grond voor een toepassing als zijnde landbodem, zijn de in de grond(meng)monsters gemeten gehalten indicatief getoetst aan de waarden afkomstig uit de Regeling bodemkwaliteit (Bijlage B, tabellen 1 en 2). Dit is geschied met behulp van het toetsingsinstrument BoToVa (Bodemtoets- en validatieservice).

projectnummer: 1901121, d.d. 1 juli 2019

8

Verkennend bodemonderzoek, Molenvenseweg 75 te Vught

Ten aanzien van de resultaten van de toetsing wordt in voorliggend rapport de volgende terminologie gehanteerd:  achtergrondwaarden: grond die vrij toepasbaar is bij elke bodemfunctie en elke bodemkwaliteit;  wonen: grond kan worden toepast bij de bodemfuncties en bodemkwaliteiten ‘wonen’ en ‘industrie’;  industrie: grond kan worden toegepast bij bodemfunctie en bodemkwaliteit ‘industrie’;  niet toepasbaar: grond kan niet elders worden toegepast en dient te worden afgevoerd naar een erkend verwerker. 5.3

Toetsingen

5.3.1 Grond In tabel 5.1 zijn alleen de onderzochte parameters vermeld, waarvan de concentraties de betreffende achtergrondwaarden overschrijden. tabel 5.1 Resultaten grondonderzoek Monsternr. MM1

MM2

AW WO IND NT Bbk

Samenstelling (cm-mv) MM1 B01 (0-50) B02 (0-50) B03 (0-50) B04 (0-50) B05 (0-50) B06 (0-50) B07 (0-50) B08 (0-50) B09 (0-50) MM2 B01 (100-150) B01 (150-200) B02 (100-150) B02 (150-200)

Bodemsamenstelling/ bijmengingen matig fijn siltig zand, humeus

Analyse

matig fijn siltig zand

NEN5740 pakket grond

Verklaring gebruikte afkortingen: voldoet aan bodemkwaliteitsklasse achtergrondwaarde 2000 voldoet aan bodemkwaliteitsklasse wonen voldoet aan bodemkwaliteitsklasse industrie voldoet aan bodemkwaliteitsklasse niet toepasbaar indicatief getoetst aan Besluit bodemkwaliteit

* ** *** -

NEN5740 pakket grond

Parameters >AW Kwik Lood

Toets (Wbb) * *

Bbk

-

-

AW

AW

Verklaring van de tekens: groter dan AW en kleiner of gelijk aan de bodemindex groter dan bodemindex (0,5), kleiner of gelijk interventiewaarde groter dan interventiewaarde gehalte niet verhoogd t.o.v. AW dan wel detectiegrens

5.3.2 Grondwater In tabel 5.2 zijn alleen de onderzochte parameters vermeld, waarvan de concentraties de betreffende streefwaarden overschrijden. tabel 5.2 Resultaten grondwateronderzoek Monsternr.

Analyse

Parameters >SW

Toets (Wbb)

B01

NEN5740 grondwater

-

-

Verklaring van de tekens: * groter dan streefwaarde en kleiner of gelijk ½ (streefwaarde+I) waarde ** groter dan ½ (SW+I) waarde en kleiner of gelijk interventiewaarde *** groter interventiewaarde gehalte niet verhoogd t.o.v. streefwaarde dan wel detectiegrens

projectnummer: 1901121, d.d. 1 juli 2019

9

Verkennend bodemonderzoek, Molenvenseweg 75 te Vught

6 Conclusie en aanbeveling In opdracht van Vrijborg BV heeft Lankelma Geotechniek Zuid B.V. een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op een locatie aan de Molenvenseweg 75 te Vught. De aanleiding voor het laten uitvoeren van een bodemonderzoek is de voorgenomen nieuwbouw ter plaatse van de onderzoekslocatie. Als gevolg hiervan dient de milieuhygiënische kwaliteit van de grond en het grondwater vastgelegd te worden. Daarnaast dient door middel van onderhavig onderzoek beoordeeld te worden of aanvullende procedures noodzakelijk zijn in het kader van de Wet bodembescherming (Wbb). 6.1 Conclusie Algemeen De bodem op de locatie bestaat tot de verkende diepte van 2,6 m-mv overwegend uit matig fijn, matig siltig zand. Met name de bovengrond is humushoudend. Tijdens de uitvoering van de veldwerkzaamheden is geen aanvullende informatie naar voren gekomen welke tot een aanpassing van de boorstrategie heeft geleid. In de uitkomende grond ter plaatse van boring B02 is in de bodemlaag van 0,5 – 1,0 m-mv een zwakke bijmenging met baksteen en glas aangetroffen. In de uitkomende grond van de overige boringen zijn geen waarnemingen gedaan die duiden op de mogelijke aanwezigheid van verontreinigende stoffen in de bodem. Grond In het grondmengmonster MM1 (bovengrond) zijn analytisch licht verhoogde gehalten met kwik en lood aangetoond.

Deze concentraties overschrijden de achtergrondwaarden, doch overschrijden de interventiewaarden niet. Op basis van het Besluit bodemkwaliteit kan de milieuhygiënische kwaliteit van deze bodemlaag indicatief als klasse AW2000 beschouwd worden. In het grondmengmonster MM2 (ondergrond) zijn analytisch geen van de onderzochte parameters in verhoogde mate aangetoond. Allen liggen onder de achtergrondwaarden. Op basis van het Besluit bodemkwaliteit kan de milieuhygiënische kwaliteit van deze bodemlaag indicatief als klasse AW2000 beschouwd worden. Grondwater In het grondwater uit peilbuis B01 zijn analytisch geen verhoogde gehalten aangetoond. Asbest in grond In het kader van dit onderzoek is geen specifiek onderzoek (conform NEN5707) verricht naar het voorkomen van asbest in de grond en op het maaiveld. Wel heeft een indicatieve inspectie van het terrein plaatsgevonden. In de vrijkomende grond en op het maaiveld zijn geen asbestverdachte (plaat)materialen aangetroffen. Het voorliggende onderzoek doet echter geen bindende uitspraak over de aan- of afwezigheid van asbest in de bodem binnen de onderzoekslocatie. Toetsing hypothese De hypothese ‘onverdacht’ kan op basis van de resultaten, licht verhoogde gehalten in grond en grondwater, formeel worden aanvaard.

Nader bodemonderzoek Op basis van voornoemde samenvatting en conclusies is nader bodemonderzoek vanuit milieuhygiënisch oogpunt gezien niet aan de orde. 6.2 Resumé en aanbeveling Middels onderhavig bodemonderzoek is de milieuhygiënische kwaliteit van de grond en het grondwater vastgelegd. In het kader van de Wet bodembescherming zijn geen aanvullende procedures noodzakelijk. Op basis van de bevindingen uit onderhavig bodemonderzoek zijn er, ons inziens, vanuit milieuhygiënisch oogpunt derhalve geen belemmeringen c.q. beperkingen voor de geplande nieuwbouw op deze locatie. Wanneer men (graaf)werkzaamheden en/of wijzigingen uit gaat voeren, dient men rekening te houden met de volgende zaken:  wanneer men grond van de locatie wil afvoeren dient men rekening te houden met afzetkosten. Een acceptant van de grond kan een aanvullend onderzoek eisen (lees partijkeuring). Op basis van dit onderzoek is de boven- en ondergrond indicatief als zijnde klasse AW2000 bestempeld;  het verlenen van een omgevingsvergunning is ter competentie aan het bevoegd gezag. projectnummer: 1901121, d.d. 1 juli 2019

10

Verkennend bodemonderzoek, Molenvenseweg 75 te Vught

Bijlage 1 : Regionale ligging locatie

projectnummer: 1901121, d.d. 1 juli 2019

Verkennend bodemonderzoek, Molenvenseweg 75 te Vught

Bijlage 2 : Situatietekening met boorlocaties

projectnummer: 1901121, d.d. 1 juli 2019

Verkennend bodemonderzoek, Molenvenseweg 75 te Vught

Bijlage 3 : Profielbeschrijvingen

projectnummer: 1901121, d.d. 1 juli 2019

Verkennend bodemonderzoek, Molenvenseweg 75 te Vught

Bijlage 4 : Analysecertificaten grond en grondwater

projectnummer: 1901121, d.d. 1 juli 2019

Lankelma Geo. Zuid BV

Blad 7 van 7

Analyserapport Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Molenvenseweg

Orderdatum 16-05-2019 Startdatum 16-05-2019 Rapportagedatum 17-05-2019

1901121 13033859

- 1

Monsternummer:

001

Monster beschrijvingen

MM1B01 (0-50) B02 (0-50) B03 (0-50) B04 (0-50) B05 (0-50) B06 (0-50) B07 (0-50) B08 (0-50) B09 (0-50)

Karakterisering naar a kaantraject benzine

C9-C14

kerosine en petroleum diesel en gasolie motorolie

C10-C16 C10-C28 C20-C36

stookolie

C10-C36

De C10 en C40 pieken zijn toegevoegd door het laboratorium en worden gebru kt als interne standaard.

Paraaf : SYNLAB Analytics & Services B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER KVK ROTTERDAM 24265286

Verkennend bodemonderzoek, Molenvenseweg 75 te Vught

Bijlage 5 : Toetsingstabellen grond en grondwater

projectnummer: 1901121, d.d. 1 juli 2019

Toetsing volgens BoToVa, module T.13-Beoordeling kwaliteit van grondwater volgens Wbb (Toetsversie 1.1.0, toetskader WBB, SIKB versie 13.3.0, toetsingsdatum: 06-06-2019 - 11:29)

Projectcode Projectnaam Monsteromschrijving Monstersoort Monster conclusie

1901121 Molenvenseweg B01-1-1 Grondwater (AS3000) Voldoet aan Streefwaarde

Analyse

Eenheid SR

BT

BC BI

METALEN barium cadmium kobalt koper kw k lood molybdeen nikkel zink

ug/l ug/l ug/l ug/l ug/l ug/l ug/l ug/l ug/l

<15 10.5 <=S <0.200.14 <=S <2 1.4 <=S 3.2 3.2 <=S <0.050.035<=S <2.0 1.4 <=S <2 1.4 <=S <3 2.1 <=S 7 <=S <10

-

VLUCHTIGE AROMATEN benzeen tolueen ethylbenzeen o-xyleen p- en m-xyleen xylenen (0.7 factor) styreen

ug/l ug/l ug/l ug/l ug/l ug/l ug/l

<0.2 0.14 <=S <0.2 0.14 <=S <0.2 0.14 <=S <0.1 0.07 <0.2 0.14 0.21 0.21 <=S <0.2 0.14 <=S

-

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen ug/l <0.020.014<=S

-

GEHALOGENEERDE KOOLWATERSTOFFEN 1,1-dichloorethaan ug/l 1,2-dichloorethaan ug/l 1,1-dichlooretheen ug/l cis-1,2-dichlooretheen ug/l trans-1,2-dichlooretheen ug/l som (cis,trans) 1,2- dichloorethenen (0.7 factor)ug/l dichloormethaan ug/l 1,1-dichloorpropaan ug/l 1,2-dichloorpropaan ug/l 1,3-dichloorpropaan ug/l som dichloorpropanen (0.7 factor) ug/l tetrachlooretheen ug/l tetrachloormethaan ug/l 1,1,1-trichloorethaan ug/l 1,1,2-trichloorethaan ug/l trichlooretheen ug/l chloroform ug/l vinylchloride ug/l tribroommethaan ug/l

<0.2 0.14 <=S <0.2 0.14 <=S <0.1 0.07 <=S <0.1 0.07 <0.1 0.07 0.14 0.14 <=S <0.2 0.14 <=S <0.2 0.14 <0.2 0.14 <0.2 0.14 0.42 0.42 <=S <0.1 0.07 <=S <0.1 0.07 <=S <0.1 0.07 <=S <0.1 0.07 <=S <0.2 0.14 <=S <0.2 0.14 <=S <0.2 0.14 <=S <0.2 0.14 ---

-

MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40

<25 <25 <25 <25 <50

17.5 -17.5 -17.5 -17.5 -35 <=S

-

ug/l ug/l ug/l ug/l ug/l

ADDITIONELE TOETSPARAMETERS 13033856-001 som 16 aromatische oplosmiddelen (Bbk, 1-1-2008) som 10 polyaromatische koolwaterstoffen (VROM)

Monstercode 13033856-001

Monsteromschrijving B01-1-1 B01 (160-260)

-

-

EenheidBT

BC

0.77 ^-ug/l DIMSLS 0.0002

Normenblad Toetskeuze: T.13: Beoordeling kwaliteit van grondwater volgens Wbb

Analyse

Eenheid

S

I

METALEN barium cadmium kobalt koper kw k lood molybdeen nikkel zink

ug/l ug/l ug/l ug/l ug/l ug/l ug/l ug/l ug/l

50 0.4 20 15 0.05 15 5 15 65

625 6 100 75 0.3 75 300 75 800

VLUCHTIGE AROMATEN benzeen tolueen ethylbenzeen xylenen (0.7 factor) styreen

ug/l ug/l ug/l ug/l ug/l

0.2 30 7 1000 4 150 0.2 70 6 300

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen ug/l 0.01 70 GEHALOGENEERDE KOOLWATERSTOFFEN 1,1-dichloorethaan ug/l 1,2-dichloorethaan ug/l 1,1-dichlooretheen ug/l dichloormethaan ug/l som (cis,trans) 1,2- dichloorethenen (0.7 ug/l factor) som dichloorpropanen (0.7 factor) ug/l tetrachlooretheen ug/l tetrachloormethaan ug/l 1,1,1-trichloorethaan ug/l 1,1,2-trichloorethaan ug/l trichlooretheen ug/l chloroform ug/l vinylchloride ug/l tribroommethaan ug/l MINERALE OLIE totaal olie C10 - C40

ug/l

7 900 7 400 0.01 10 0.01 1000 0.01 20 0.8 0.01 0.01 0.01 0.01 24 6 0.01

80 40 10 300 130 500 400 5 630

50 600

* Indicatief niveau voor ernstige verontreiniging Legenda normenblad S = Streefwaarden I = Interventiewaarden Normen en definities http://www.rwsleefomgeving.nl/onderwerpen/bodem-ondergrond/bbk/instrumenten/botova/downloads

Verkennend bodemonderzoek, Molenvenseweg 75 te Vught

Bijlage 6 : Fotorapportage

projectnummer: 1901121, d.d. 1 juli 2019

Verkennend bodemonderzoek, Molenvenseweg 75 te Vught

Bijlage 7 : Verklaring van onafhankelijkheid

projectnummer: 1901121, d.d. 1 juli 2019

Advies: omgevingsveiligheid Molenhof, Vught

> Gegevens risicobeheersing Behandeld door:

Peter Vernooij

Telefoon:

06-21154752

E-mail:

p.vernooij@brwbn.nl

Datum brief:

17 augustus 2021

> Gegevens aanvrager Aanvrager

Gemeente Vught

Contactpersoon:

M van Veelen

Telefoon en e-mail:

073 658 0680 / gemeente@vught.nl

> Gegevens aanvraag Locatie

Molenvenseweg 75, Vught

Zaaknummer aanvrager:

Z21-237368

Zaaknummer brandweer:

2021-004895

> Adviesgrondslag U hebt de Veiligheidsregio Brabant Noord in de gelegenheid gesteld om te reageren op het bestemmingsplan 'Molenhof, Vught'. Omdat de ruimtelijke ontwikkeling plaatsvindt in het invloedsgebied van de rijksweg A2, de provinciale weg N65 en de spoortrajecten Den Bosch/Tilburg-Eindhoven dient conform art 7 BEVT het groepsrisico te worden verantwoord. De volgende documenten hebben we gebruikt bij onze advisering: • Het scenarioboek Externe Veiligheid • Het bestemmingsplan 'Molenhof Vught'

> Scenario's In paragraaf 5.1.3.3. wordt een analyse gegeven over het aspect externe veiligheid. Hierbij wordt ingegaan op de scenario's BLEVE en het scenario toxische wolk. Voor de relevante scenario's (BLEVE en toxische wolk) geeft de veiligheidsregio in deze paragraaf een uitgebreidere toelichting. Het eerste relevante scenario is het scenario BLEVE. Een BLEVE wordt veroorzaakt doordat een aanwezige brand de druk in de tank doet oplopen. Hierdoor verzwakt en bezwijkt de tank.. LPG komt vrij en ontsteekt. Er ontstaat een vuurbal en een drukgolf. De afstand van het spoortraject tot het plangebied bedraagt ca.50 meter. Dat betekent dat bij een BLEVE een groot deel van de aanwezigen in het plangebied komt te overlijden als gevolg van de BLEVE en dat er veel gewonden zullen vallen als gevolg van de BLEVE. In bijlage 1 wordt nader op het aantal slachtoffers ingegaan.

Pagina 1 van 3

Een toxische wolk wordt veroorzaakt door een incident tijdens de verlading of door een mechanische impact op de tank. Hierdoor ontstaat een gat in de tank. waardoor in korte tijd een groot deel van de toxische stof vrijkomt en met de wind mee wordt verspreidt. De gevolgen voor personen zijn afhankelijk van de concentratie en blootstellingstijd aan de stof.

> Beoordeling zelfredzaamheid Voor het scenario BLEVE is vluchten het beste handelingsperspectief. Dit betekent dat aanwezigen op tijd gealarmeerd en geïnstrueerd moeten worden en er voldoende vluchtwegen van de risicobron aflopend aanwezig moeten zijn. Dit is nabij het plangebied mogelijk niet het geval. Op basis van de huidige gegevens lijkt het dat er eerst richting het spoor en daarna via de Molenvenseweg parallel aan het spoor gevlucht dient te worden. Geadviseerd wordt om het mogelijk te maken om van het spoor af langs de kapel op te vluchten. (mogelijk dat de inrichtingstekening op pagina 15 deze weg al aangeeft) Voor het scenario toxische wolk is schuilen het beste handelingsperspectief. Om veilig schuilen binnen de bebouwing mogelijk te maken dient de bebouwing aan bepaalde veiligheidseisen te voldoen. Als gevolg van energieprestatie-eisen zijn nieuwe woningen goed geïsoleerd en bieden daarom een goede bescherming. Eventuele aanwezige ventilatieopeningen moeten afgesloten kunnen worden. De mogelijkheden ten aanzien van de zelfredzaamheid zijn goed. Er worden geen niet- of verminderd zelfredzame mensen in het plangebied gehuisvest. De aanwezigen zijn normaal gesproken in staat om zelfstandig conform instructies bijvoorbeeld via NL-Alert te reageren.

> Beoordeling bestrijdbaarheid De bestrijdbaarheid van een BLEVE is matig. Propaan wordt vervoerd in niet- geïsoleerde tankwagens. Als gevolg van externe hittestraling kan deze na ca.12 minuten ontploffen. De brandweer zal om deze reden defensief optreden en zich richten op het ontruimen van de omgeving. De bestrijdbaarheid wordt om deze reden als slecht beoordeeld. In de analyse wordt gesteld dat de brandweer voldoende tijd heeft om op te treden. Dit is onjuist. Bij het scenario toxische wolk zal de brandweer proberen de toxische wolk neer te slaan. Bij een snelle verspreiding van de toxische wolk zal dit echter beperkt effect hebben. De bestrijdbaarheid wordt om deze reden als matig beoordeeld.

> Advies De veiligheidsregio adviseert om de volgende maatregelen te nemen om de bestrijdbaarheid en zelfredzaamheid in het plangebied te verhogen. • Informeer de initiatiefnemers c.q. de toekomstige bewoners actief over het aanwezige risico en handelingsperspectief. Deze informatie kan worden meegenomen in het besluit om zich op deze locatie te vestigen. Hiermee wordt in optimale vorm invulling gegeven aan het risicobewustzijn van- en het nemen van een eigen verantwoordelijkheid door de burger. Deze informatie zorgt er ook voor dat de bewoners op het moment dat een incident plaats vindt direct weten hoe te handelen, dit heeft een positieve invloed op de mate van zelfredzaamheid. • Het is gewenst dat in een vluchtweg van de risicobron aflopend wordt voorzien. Bij het inrichtingsplan zit een tekening waarin dit lijkt te zijn geregeld. • De inrichting van het gebied bepaald ook in grote lijnen de mogelijkheden t.a.v. de reguliere brandbestrijding. Ik adviseer u om voor de inrichting van het plangebied de Beleidsregels bereikbaarheid en bluswater1 als uitgangspunt te nemen. Indien aan deze regels voldaan wordt is er sprake van goede ontvluchtings- en bestrijdingsmogelijkheden.

Pagina 2 van 3

> Bijlagen

1) Beleidsregels bereikbaarheid en bluswatervoorziening, Veiligheidsregio BBN, versie 1 definitief

Pagina 3 van 3

Amerikalaan 14 6199 AE MAASTRICHT - AIRPORT T +31 (0)88-5152505 E info@cauberghuygen.nl www.cauberghuygen.nl K.v.K. 58792562 IBAN NL71 RABO 0112 075584

Bouwplan Molenhofje Vught; onderzoek trillingsprognose

Datum Referentie

6 juni 2019 01259-50843-05

Inhoudsopgave 1

Inleiding

3

2

Uitgangspunten

4

2.1 2.2 2.3

Opzet onderzoek Toetsingskader Beschrijving situatie

4 4 5

3

Trillingsmetingen

7

3.1 3.2 3.3 3.4

Algemeen Meetposities Meetparameters Treinen

7 7 9 9

4

Meetresultaten

10

4.1 4.2

Bemande metingen Onbemande metingen

10 11

5

Prognose

13

5.1 5.2 5.2.1 5.2.2 5.2.3 5.3 5.4 5.5 5.6

Werkwijze Invoergegevens V(f)topmaaiveld H(f)fundering H(f)vloer Resultaat prognose Beoordeling Beschouwing Beoordeling Vper

13 13 13 14 15 16 17 17 17

6

Conclusie

18

Bijlagen Bijlage I Bijlage I-1

Meetresultaten

Bouwplan Molenhofje Vught; onderzoek trillingsprognose

01259-50843-05 6 juni 2019 Pagina 2

3.3

Meetparameters

Elke 30 seconde is de trillingssterkte veff,max,30,i bepaald. Dit is de hoogste effectieve trillingssterkte gemeten in de meterstand fast, waarbij de frequentieweging volgens de SBR richtlijn B is toegepast. Tevens is voor alle treinpassages waarvan het trilingsniveau een vooraf ingestelde trillingssnelheid overschreed, een registratie van de trillingssnelheid in de tijd uitgevoerd (tijdsignaal). Dit tijdsignaal is gebruikt voor de prognose. 3.4

Treinen

Treinen die gebruik maken van het spoor zijn: - Treinen van het type DDAR, Flirt en SLT. - Treinen van het type VIRM, ICR en ICM. - Goederentreinen van verschillende types. De rijsnelheid bedraagt voor de reizigerstreinen tussen de 100 en 140 km/uur. De snelheid van de goederentreinen bedraagt in ordegrootte 90 km/uur. Gedurende de (on)bemande metingen is alleen het trillingsniveau geregistreerd. De rijsnelheid en het type trein zijn niet geregistreerd. Voor de prognose is uitgegaan van een aantal treinpassages die per meetpunt het hoogste trillingsniveau heeft veroorzaakt.

Bouwplan Molenhofje Vught; onderzoek trillingsprognose

01259-50843-05 6 juni 2019 Pagina 9

4

Meetresultaten

4.1

Bemande metingen

De bemande metingen zijn uitgevoerd tussen 12.00 en 14.00 toen beide trillingsmeters waren geïnstalleerd en goed functioneerden. Tijdens de bemande metingen is van elke treinpassage de rijrichting genoteerd. De bemande metingen zijn gebruikt om de duur van de treinpassage per type trein vast te leggen alsmede het tijdstip van de passage zodat bij de analyse van de onbemande metingen inzicht ontstaat in de vorm van het tijdsignaal horende bij een bepaald type trein. Reizigerstreinen rijden op een vast schema dat zich (met enige variatie in tijdstip) elk uur herhaalt. Het tijdstip van de passage is daarmee een aanwijzing voor het type trein. Daarnaast is de passageduur van goederentreinen over het algemeen veel langer dan van reizigerstreinen zodat de combinatie van tijdstip en passageduur al een goede indicatie geeft over het type trein. Tabel 4.1 toont de resultaten van de bemande metingen. Per passage is per meetpunt de maximale trillingssterkte Vmax weergegeven met tussen haakjes de maatgevende trillingsrichting. Daarnaast zijn de passageduur, type trein en rijrichting in de tabel opgenomen. De meetpunten liggen op 65 meter (links) en 75 meter (rechts) van het spoor. Tabel 4.1:

Meetresultaten bemande metingen

Datum en tijd Duur [s] Vmax (Rechts) 26-4-2019 11:59 18,31 0,06 (Y) 26-4-2019 12:00 18,78 0,06 (Y) 26-4-2019 12:06 16,04 0,03 (X en Y) 26-4-2019 12:08 19,81 0,05 (Z) 26-4-2019 12:13 17,43 0,05 (Z) 26-4-2019 12:13 43,88 0,07 (Y) 26-4-2019 12:15 27,21 0,03 (X,Y en Z) 26-4-2019 12:25 46,6 0,06 (Y) 26-4-2019 12:33 28,48 0,05 (X en Z) 26-4-2019 12:35 19,71 0,04 (X) 26-4-2019 12:38 18,06 0,05 (X) 26-4-2019 12:42 13,57 0,05 (Z) 26-4-2019 12:44 15,7 0,03 (X,Y en Z) 26-4-2019 12:47 47,51 0,05 (X,Y en Z) 26-4-2019 12:57 23,23 0,05 (X,Y en Z) 26-4-2019 13:00 22,87 0,04 (Z) 26-4-2019 13:02 21,02 Niet gemeten 26-4-2019 13:05 19,24 0,04 (X) 26-4-2019 13:08 18,63 0,05 (Y) 26-4-2019 13:11 13,87 Niet gemeten 26-4-2019 13:15 23,15 0,04 (X en Z) 26-4-2019 13:20 85,02 0,07 (Y) 26-4-2019 13:30 17,84 0,04 (X en Z) Bouwplan Molenhofje Vught; onderzoek trillingsprognose

Vmax (Links) 0,04 (X en Y) 0,06 (X en Z) 0,06 (X) 0,05 (Y en Z) 0,04 (Y) 0,08 (X en Y) 0,04 (X en Y) 0,09 (X) 0,05 (Y) 0,04 (X en Y) 0,06 (Y) 0,03 (X, Y en Z) 0,04 (X en Y) 0,07 (X) 0,06 (X, Y en Z) 0,04 (X en Y) 0,04 (Y) 0,05 (X en Y) 0,05 (X en Y) 0,03 (X, Y en Z) 0,05 (Z) 0,07 (Y en Z) 0,05 (Z)

Type

GT Trein GT dubbel

dubbel

dubbel GT

Rijrichting < > < < > <

beide < < > < < < beide > < < > beide < < 01259-50843-05 6 juni 2019 Pagina 10

Datum en tijd Duur [s] Vmax (Rechts) 26-4-2019 13:35 19,24 0,03 (X,Y en Z) 26-4-2019 13:39 24,61 0,05 (X en Y) 26-4-2019 13:42 13,75 0,02 (X,Y en Z) 26-4-2019 13:44 17,88 0,03 (X,Y en Z) 26-4-2019 13:47 20,69 0,05 (X en Z)

Vmax (Links) 0,04 (X en Y) 0,07 (X) 0,03 (X, Y en Z) 0,05 (Y) 0,06 (Z)

Type VIRM VIRM VIRM

Rijrichting < < > < <

Tabel 4.1 toont dat er tijdens de bemande metingen zowel reizigers- als goederentreinen zijn gepasseerd. De passagetijd van de goederentreinen ligt boven de 40 seconden, die van de reizigerstreinen tot circa 30 seconden. De duur van de passage is overigens niet alleen afhankelijk van de lengte van de trein maar ook van de trillingssterkte en de tijdsduur voor en na de overschrijding van de drempelwaarde. Hoe hoger de trillingssterkte, hoe langer het trillingsniveau boven de drempelwaarde ligt, hoe langer het tijdsignaal. Voor meetpunt rechts is voor twee passages geen trillingssterkte bepaald omdat de trillingssnelheid tijdens de passage onder de drempelwaarde is gebleven. Voor meetpunt links is de hoogste trillingssterkte gemeten. Dit punt ligt het dichtste bij het spoor. De hoogste waarde voor Vmax bedraagt 0,09. 4.2

Onbemande metingen

De meetresultaten van de onbemande metingen zijn opgenomen in bijlage I. Hieruit is per meetpunt een top 5 van de treinpassages geselecteerd met de hoogste trillingssterkte. Tabel 4.2 toont het resultaat. Tabel 4.2: Meetresultaten top 5 Vmax per meetpunt

Datum en tijd Duration (s) Vmax (Rechts) 27-4-2019 12:07 33,8 0,12 (Z) 27-4-2019 13:12 31,15 0,10 (Z) 27-4-2019 17:38 37,76 0,13 (Z) 28-4-2019 13:10 27,22 0,11 (Z) 28-4-2019 17:36 26,93 0,11 (Z) 29-4-2019 19:06 26,28 0,08 (Y) 30-4-2019 13:10 30,25 0,11 (Z) 30-4-2019 20:30 19,88 0,10 (Z) 1-5-2019 22:50 34,13 0,11 (Z)

Vmax (Links) 0,10 (Z) 0,12 (Z) 0,13 (Z) 0,12 (Z) 0,10 (X) 0,13 (X) 0,14 (Z) 0,13 (Z) 0,10 (Z)

Tabel 4.2 toont dat de hoogste trillingssterkte 0,14 bedraagt (mp links). Figuur 4.1 toont als voorbeeld het verloop van de voortschrijdende effectieve trillingssterkte van de maatgevende passage.

Bouwplan Molenhofje Vught; onderzoek trillingsprognose

01259-50843-05 6 juni 2019 Pagina 11

5

Prognose

5.1

Werkwijze

Voor de berekening van de trillingsniveaus is gebruik gemaakt van het volgende empirische rekenmodel: Vmax = V(f)topmaaiveld * H(f)fundering * H(f)vloer * H(v)SBRB Hierin is: Vmax V(f)topmaaiveld H(f)fundering H(f)vloer H(v)SBRB

de volgens SBR B gewogen maximale trillingssterkte de gemeten trillingssnelheid op maaiveld overdrachtsfactor voor de fundering overdrachtsfactor voor de vloer weging van de trillingssnelheid volgens SBR B

Alle berekeningen zijn spectraal uitgevoerd in het frequentiebereik tussen 1 en 80 Hz in tertsbanden. Voor V(f)topmaaiveld is uitgegaan van peakhold spectrum. De weging volgens H(v)SBRB is toegepast op V(f)topmaaiveld. De prognose is opgesteld per meetpunt en daarmee per bouwblok. 5.2

Invoergegevens

5.2.1

V(f)topmaaiveld

Per meetpunt is de top vijf treinpassages spectraal vergeleken. Hieruit is een keuze gemaakt voor de volgende spectra: - Spectrum per meetpunt van de goederentreinpassage met de hoogste Vmax. - Spectrum per meetpunt van de passage van de reizigerstrein met de hoogste Vmax. - Spectrum van treinpassage met relatief veel energie in de lage frequenties. - Spectrum van treinpassage met relatief veel energie in de hoge frequenties. - Spectrum van treinpassage met hoogste trillingssterkte in een andere trillingsrichting. De prognose is opgesteld voor deze vijf treinpassages. Figuur 5.1 geeft een voorbeeld van de vijf spectra die voor meetpunt links zijn gebruikt. Omdat meetpunt rechts (noordelijke woning) op 75 meter afstand van het spoor ligt en de dichtst bij het spoor gelegen gevel op 65 meter afstand van het spoor ligt, is de gemeten trillingssterkte op maaiveld teruggerekend naar een afstand van 65 meter door middel van de formule van Barkan. Voor de bodemdemping is een waarde van 0,01 aangehouden. Het meetpunt links (zuidelijke woning) ligt al op de kortst mogelijke afstand tot het spoor. Voor dit meetpunt is geen afstandscorrectie toegepast maar is het directe meetresultaat gebruikt.

Bouwplan Molenhofje Vught; onderzoek trillingsprognose

01259-50843-05 6 juni 2019 Pagina 13

5.4

Beoordeling

Als eerste is getoetst aan de bovenste streefwaarde A2 voor Vmax. Als deze waarde wordt overschreden, is een verdere beoordeling niet nodig want dan wordt sowieso niet voldaan aan de toetsingswaarden uit SBR richtlijn B. A2 bedraagt 0,4 voor de dagperiode en 0,2 voor de nachtperiode. De berekende trillingssterkte Vmax dient kleiner te zijn dan A2. De berekende waarde voor Vmax bedraagt 0,4 (bij 8 Hz) en 0,21 (bij 20 Hz). In de nachtperiode wordt A2 op beide meetpunten overschreden, ongeacht de eigenfrequentie van de vloer hoewel de mate van overschrijding klein is bij een eigenfrequentie van 20 Hz. De berekende overschrijding bedraagt 0,01 voor de woning noord en 0,02 voor de woning zuid. Deze mate van overschrijding zorgt niet voor een grotere hinderbeleving ten opzichte van een geprognosticeerde Vmax van 0,19 die wel voldoet aan de streefwaarde. Uit de beoordeling volgt dat zonder trillingsreducerende maatregelen een kans op hinder bestaat zeker als de eigenfrequentie van de vloer rond de 8 Hz ligt. 5.5

Beschouwing

Niet iedere treinpassage zal tot de berekende waarden uit tabel 5.1 leiden. De prognose is opgesteld op basis van de maximale trillingssterkte gemeten over een periode van 1 week. Als in het ontwerp gekozen wordt voor de eigenfrequentie van 20 Hz dan zal het aantal treinen dat tot een (minimale) overschrijding leidt beperkt zijn tot één per week. Alle andere treinpassages zullen dus niet tot een overschrijding van de streefwaarden leiden. Het is duidelijk dat de keuze voor de eigenfrequentie van de vloer van groot belang is voor de uiteindelijke trillingssterkte in de nieuwbouw. Bij het ontwerp van de vloeren dient dus rekening te worden gehouden met de eigenfrequentie. Om richting te geven aan de eigenfrequentie is een indicatieve berekening uitgevoerd. Voor de noordelijke woning zou, op basis van de meetresultaten, een eigenfrequentie van 22 Hz volstaan terwijl voor de zuidelijke woning een eigenfrequentie van 29 Hz nodig is om Vmax onder de streefwaarde A2 te brengen. Om de werkelijke benodigde eigenfrequentie te bepalen, is aanvullend onderzoek nodig. Het gebruikte empirische rekenmodel is daarvoor niet gedetailleerd genoeg. 5.6

Beoordeling Vper

Wanneer aan de streefwaarde A2 wordt voldaan is een toetsing van de gemiddelde trillingssterkte Vper nodig aan de streefwaarde A3 die 0,05 bedraagt in iedere periode. Voor de berekening van Vper is een theoretische benadering gekozen. Hierbij is eerst bepaald hoeveel treinpassages in een week zorgen voor een geprognosticeerde trillingssterkte van 0,1 of hoger. Op basis van de metingen en de prognose blijkt dat voor de zuidelijke woning een Vmax van 0,06 of hoger op maaiveld leidt tot een geprognosticeerde Vmax van 0,1 of hoger in de woning. Op weekbasis gaat het dan op 325 treinpassages of 46 treinpassages per etmaal. Als ervan uit gegaan wordt dat deze treinpassages gelijk verdeeld zijn over de dag-, avond- en nachtperiode dan bedraagt het aantal treinpassages respectievelijk 23, 8 en 15. In de berekening van Vper is er vervolgens vanuit gegaan dat alle treinen zorgen voor een Vmax van 0,19 (voldoet nog aan A2). Dit leidt tot een Vper van 0,024 en voldoet ruimschoots aan A3 van 0,05. Zelfs als het aantal treinen met een Vmax van 0,19 in de avondperiode (de kortste periode) verdubbelt van 8 naar 16, dan bedraagt Vper 0,038 en voldoet nog steeds.

Bouwplan Molenhofje Vught; onderzoek trillingsprognose

01259-50843-05 6 juni 2019 Pagina 17

Bijlagen Bijlage I Bijlage I-1

Meetresultaten

Bouwplan Molenhofje Vught; onderzoek trillingsprognose

01259-50843-05 06-06-2019

Meetpunt Rechts

Vught Molenhofje

Cauberg Huygen

Bestand Datum en tijd Duur [s] vmax X vmax Y vmax Z vmax MT33\26\19116001.XMR 26-4-2019 11:46 8,14 0,024 0,016 0,009 0,024 MT33\26\19116002.XMR 26-4-2019 11:46 16,01 0,031 0,029 0,022 0,031 MT33\26\19116004.XMR 26-4-2019 11:50 11,44 0,019 0,017 0,007 0,019 MT33\26\19116005.XMR 26-4-2019 11:50 8,01 0,016 0,015 0,008 0,016 MT33\26\19116006.XMR 26-4-2019 11:51 8,57 0,018 0,019 0,018 0,019 MT33\26\19116007.XMR 26-4-2019 11:53 17,79 0,036 0,032 0,044 0,044 MT33\26\19116008.XMR 26-4-2019 11:54 8,52 0,07 0,046 0,029 0,07 MT33\26\19116009.XMR 26-4-2019 11:55 11,9 0,021 0,03 0,026 0,03 MT33\26\19116010.XMR 26-4-2019 11:58 23,02 0,063 0,067 0,048 0,067 MT33\26\19116011.XMR 26-4-2019 11:59 18,31 0,048 0,056 0,031 0,056 MT33\26\19116012.XMR 26-4-2019 12:00 18,78 0,041 0,056 0,046 0,056 MT33\26\19116018.XMR 26-4-2019 12:06 16,04 0,03 0,028 0,023 0,03 MT33\26\19116020.XMR 26-4-2019 12:08 19,81 0,031 0,038 0,047 0,047 MT33\26\19116021.XMR 26-4-2019 12:13 17,43 0,028 0,033 0,046 0,046 MT33\26\19116022.XMR 26-4-2019 12:13 43,88 0,062 0,068 0,061 0,068 MT33\26\19116023.XMR 26-4-2019 12:15 27,21 0,032 0,032 0,032 0,032 MT33\26\19116024.XMR 26-4-2019 12:18 22,97 0,032 0,039 0,023 0,039 MT33\26\19116025.XMR 26-4-2019 12:22 14,76 0,034 0,03 0,043 0,043 MT33\26\19116029.XMR 26-4-2019 12:24 8 0,018 0,018 0,011 0,018 MT33\26\19116030.XMR 26-4-2019 12:25 46,6 0,053 0,055 0,048 0,055

MT33\26\19116042.XMR 26-4-2019 12:29 18,33 0,034 0,031 0,031 0,034 MT33\26\19116047.XMR 26-4-2019 12:32 15,97 0,034 0,036 0,043 0,043 MT33\26\19116051.XMR 26-4-2019 12:33 28,48 0,046 0,034 0,051 0,051 MT33\26\19116052.XMR 26-4-2019 12:35 19,71 0,043 0,031 0,025 0,043 MT33\26\19116053.XMR 26-4-2019 12:38 18,06 0,048 0,042 0,031 0,048 MT33\26\19116054.XMR 26-4-2019 12:42 13,57 0,025 0,033 0,046 0,046 MT33\26\19116055.XMR 26-4-2019 12:44 15,7 0,031 0,028 0,026 0,031 MT33\26\19116056.XMR 26-4-2019 12:47 47,51 0,048 0,052 0,045 0,052 MT33\26\19116058.XMR 26-4-2019 12:51 8,01 0,023 0,02 0,022 0,023 MT33\26\19116059.XMR 26-4-2019 12:57 23,23 0,045 0,048 0,047 0,048 MT33\26\19116060.XMR 26-4-2019 13:00 22,87 0,031 0,03 0,036 0,036 MT33\26\19116061.XMR 26-4-2019 13:02 8 0,02 0,019 0,016 0,02 MT33\26\19116062.XMR 26-4-2019 13:05 19,24 0,036 0,029 0,026 0,036 MT33\26\19116063.XMR 26-4-2019 13:08 18,63 0,039 0,048 0,03 0,048 MT33\26\19116064.XMR 26-4-2019 13:11 9,98 0,019 0,021 0,027 0,027 MT33\26\19116065.XMR 26-4-2019 13:15 23,15 0,036 0,034 0,037 0,037 MT33\26\19116066.XMR 26-4-2019 13:17 18,73 0,039 0,046 0,042 0,046 MT33\26\19116067.XMR 26-4-2019 13:20 85,02 0,053 0,072 0,062 0,072 MT33\26\19116068.XMR 26-4-2019 13:22 12,33 0,019 0,021 0,025 0,025 MT33\26\19116069.XMR 26-4-2019 13:27 18,44 0,04 0,037 0,044 0,044 MT33\26\19116070.XMR 26-4-2019 13:30 17,84 0,04 0,032 0,039 0,04

MT33\26\19116071.XMR 26-4-2019 13:35 19,24 0,032 0,031 0,024 0,032 MT33\26\19116072.XMR 26-4-2019 13:39 24,61 0,052 0,048 0,04 0,052 MT33\26\19116073.XMR 26-4-2019 13:42 13,75 0,023 0,02 0,024 0,024 MT33\26\19116074.XMR 26-4-2019 13:44 17,88 0,03 0,032 0,025 0,032 MT33\26\19116075.XMR 26-4-2019 13:45 9,94 0,02 0,022 0,016 0,022 MT33\26\19116076.XMR 26-4-2019 13:47 20,69 0,049 0,041 0,045 0,049 MT33\26\19116077.XMR 26-4-2019 13:52 17,09 0,024 0,026 0,027 0,027 MT33\26\19116078.XMR 26-4-2019 13:57 20,01 0,046 0,043 0,045 0,046

Meetpunt Rechts

Vught Molenhofje

Cauberg Huygen

Bestand Datum en tijd Duur [s] vmax X vmax Y vmax Z vmax MT33\26\19116079.XMR 26-4-2019 14:02 21,21 0,029 0,035 0,038 0,038 MT33\26\19116080.XMR 26-4-2019 14:06 19,74 0,036 0,031 0,024 0,036 MT33\26\19116081.XMR 26-4-2019 14:07 8 0,022 0,018 0,016 0,022 MT33\26\19116082.XMR 26-4-2019 14:07 14,84 0,026 0,02 0,018 0,026 MT33\26\19116083.XMR 26-4-2019 14:08 24,94 0,079 0,067 0,043 0,079 MT33\26\19116084.XMR 26-4-2019 14:12 15,82 0,025 0,023 0,03 0,03 MT33\26\19116085.XMR 26-4-2019 14:14 17,2 0,029 0,025 0,026 0,029 MT33\26\19116086.XMR 26-4-2019 14:17 19,19 0,036 0,046 0,045 0,046 MT33\26\19116087.XMR 26-4-2019 14:22 8,01 0,023 0,019 0,019 0,023 MT33\26\19116088.XMR 26-4-2019 14:27 22,29 0,04 0,05 0,047 0,05 MT33\26\19116089.XMR 26-4-2019 14:29 19,85 0,041 0,061 0,032 0,061 MT33\26\19116090.XMR 26-4-2019 14:30 20,16 0,044 0,035 0,04 0,044 MT33\26\19116091.XMR 26-4-2019 14:32 8,64 0,026 0,017 0,026 0,026 MT33\26\19116092.XMR 26-4-2019 14:36 18,76 0,035 0,03 0,026 0,035 MT33\26\19116093.XMR 26-4-2019 14:38 24,81 0,047 0,051 0,048 0,051 MT33\26\19116094.XMR 26-4-2019 14:42 10,34 0,022 0,035 0,037 0,037 MT33\26\19116095.XMR 26-4-2019 14:45 17,26 0,035 0,029 0,036 0,036 MT33\26\19116096.XMR 26-4-2019 14:46 8 0,023 0,018 0,015 0,023 MT33\26\19116097.XMR 26-4-2019 14:48 18,03 0,047 0,039 0,046 0,047 MT33\26\19116098.XMR 26-4-2019 14:52 16,89 0,026 0,021 0,027 0,027 MT33\26\19116099.XMR

26-4-2019 14:59 19,4 0,027 0,027 0,021 0,027 MT33\26\19116100.XMR 26-4-2019 15:02 8,13 0,025 0,019 0,016 0,025 MT33\26\19116101.XMR 26-4-2019 15:04 8 0,018 0,02 0,018 0,02 MT33\26\19116102.XMR 26-4-2019 15:07 13,82 0,029 0,026 0,019 0,029 MT33\26\19116103.XMR 26-4-2019 15:08 19,6 0,037 0,04 0,026 0,04 MT33\26\19116104.XMR 26-4-2019 15:10 12,76 0,024 0,024 0,017 0,024 MT33\26\19116105.XMR 26-4-2019 15:12 9,69 0,018 0,02 0,018 0,02 MT33\26\19116106.XMR 26-4-2019 15:14 17,7 0,032 0,025 0,026 0,032 MT33\26\19116107.XMR 26-4-2019 15:19 18,73 0,028 0,033 0,034 0,034 MT33\26\19116108.XMR 26-4-2019 15:21 8 0,018 0,019 0,02 0,02 MT33\26\19116109.XMR 26-4-2019 15:23 21,99 0,032 0,023 0,028 0,032 MT33\26\19116110.XMR 26-4-2019 15:27 23,97 0,051 0,049 0,053 0,053 MT33\26\19116111.XMR 26-4-2019 15:32 18,54 0,037 0,036 0,031 0,037 MT33\26\19116112.XMR 26-4-2019 15:35 19,89 0,034 0,03 0,027 0,034 MT33\26\19116113.XMR 26-4-2019 15:38 23,09 0,042 0,046 0,032 0,046 MT33\26\19116114.XMR 26-4-2019 15:42 11,74 0,023 0,02 0,023 0,023 MT33\26\19116115.XMR 26-4-2019 15:45 15,47 0,033 0,03 0,028 0,033 MT33\26\19116116.XMR 26-4-2019 15:47 9,51 0,026 0,019 0,018 0,026 MT33\26\19116117.XMR 26-4-2019 15:49 16,62 0,029 0,032 0,035 0,035 MT33\26\19116118.XMR 26-4-2019 15:56 17,17 0,03 0,029 0,034 0,034 MT33\26\19116119.XMR 26-4-2019 15:57 17,54 0,036 0,039 0,042 0,042 MT33\26\19116120.XMR 26-4-2019 16:08

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Vught&id=05902b44-8805-4ae4-b350-e26ed7593ba7