Bijlage - Bijlage Totstandkoming advies
Tekst van het document
Bijlage 1: Totstandkoming van het advies Inleiding In deze bijlage is uiteengezet hoe tot het advies is gekomen wat in bijbehorend raadsvoorstel aan de raad is voorgelegd. Dit is het advies op basis van het PlanMER, het Programma grootschalige opwek Vught 1.0, binnengekomen zienswijzen, ambtelijke expertoordeel en samenhang met verschillende andere beleidsdoelstellingen. In dit advies is rekening gehouden met criteria waar de zoekgebieden op zijn beoordeeld. Niet alle criteria zijn altijd van toepassing in alle zoekgebieden. Zo kan het voorkomen dat bijvoorbeeld in het ene zonzoekgebied wel landbouw is meegewogen en in het andere niet. Beleidsmatig ligt bijvoorbeeld in het ene gebied meer nadruk op landbouw dan in het andere. Sommige criteria zijn alleen van toepassing op zon of wind. Zoals ook in het raadsvoorstel beschreven, vallen zoekgebieden niet definitief af als ze door de raad niet worden gekozen voor vervolgonderzoek om daar de opgave tot en met 2030 te behalen. De redenen daarvoor zijn dat uit vervolgonderzoek kan blijken dat een locatie toch niet geschikt is. Daarnaast houden we ook rekening met de opgave tot en met 2050. Na 2030 moet nog 0,1 TWh extra gerealiseerd worden. Zoeklocaties die niet worden ingezet voor de opgave tot en met 2030 kunnen wel voor de opgave tot en met 2050 nodig zijn. Tot slot ook rekening gehouden met aankomende veranderende regelgeving.
Zo valt windzoekgebied 4 af vanwege de concept afstandsnormen waarin met twee keer tiphoogte in plaats van 350 meter afstand ten opzichte van een gevoelig object rekening moet worden gehouden. De afwegingen op criteria zijn wel meegenomen. Windzoekgebied 3 viel in het PlanMER al af, omdat hier onvoldoende afstand gehouden kan worden van de nabijgelegen snelwegen. Figuur 1. Kaart met twee keer tiphoogte (550 meter) windturbines, afstand tot gevoelige objecten.
Advies De raad wordt geadviseerd te kiezen om windenergie in één zoekgebied en zonne-energie in drie zoekgebieden verder te laten onderzoeken, te weten windzoekgebied 1 en zonzoekgebieden 1, 4 en 5. Vanwege de schaarse ruimte hebben alternatieven met minder ruimtegebruik de voorkeur, zoals eerder in de notitie ‘Op weg naar een zon- en windvisie’ is aangegeven. Wind heeft ten opzichte van zon op land betrekkelijk minder ruimtebeslag. Daarnaast heeft de provincie Noord-Brabant recentelijk op 28 mei aangekondigd niet mee te werken aan zon op land, om diezelfde reden.1 Uitzondering hierop is mogelijk mits zonnevelden bijdragen aan vermindering van netcongestie. Op basis van de weging van de voor- en tegenargumenten aan de hand van de beoordeling van de criteria per zoekgebied, komen zoekgebieden wind 1, zon 1, zon 4 en zon 5 er het beste uit. Doorslaggevende argumenten voor deze zoekgebieden ten opzichte van andere zoekgebieden zijn: - Netcongestie: met een combinatie van wind en zon kan netcongestie worden verminderd doordat piekbelasting wordt verdeeld. Voor de hand liggend is dan wind 1 met zon 1, omdat hier geclusterd kan worden en energie opwek op één plek geconcentreerd wordt. Dan is er mogelijk nog een zonzoekgebied nodig omdat alleen zon 1 onvoldoende is.
Dan zijn zon 4 en 5 beter dan zon 2 (voornamelijk vanwege ecologie, vruchtbare landbouwgrond) en beter dan zon 3 (zeer laag opwekpotentieel en onaantrekkelijke businesscase). - Opwekcapaciteit: wind biedt meer opwekcapaciteit dan zon en minder ruimtebeslag op (landbouw)grond, waardoor het beter met andere activiteiten te combineren is. Wind 1 geniet de voorkeur ten opzichte van wind 2, omdat o.a. ecologie veel zwaarder weegt in de Gement (wind 2), evenals landschappelijke inpassing. Ondanks dat met wind 1 mogelijk de opgave tot en met 2030 ingevuld kan worden, willen we vanwege een wenselijke verdeling van de opgave over zon en windenergie, toch mogelijkheden voor zonne-energie bekijken. Zoals hierboven benoemd geniet zon 1 de voorkeur van alle zonzoekgebieden. Daarna is zon 5 de beste optie. Om er meer zeker van te zijn dat er voldoende opgewekt kan worden met zonne-energie, wordt ook zon 4 meegenomen. Zon 4 heeft goede opwekpotentie en scoort beter dan zon 3 op opwekcapaciteit. Grondpositie: dit betreft de zonzoekgebieden. Ten opzichte van zon 1 en 5, hebben de andere zonzoekgebieden (op zon 2 na) minder aantrekkelijke bussinesscases. Zon 2 telt hierbij niet mee, omdat die afvalt vanwege overwegingen op het gebied van vruchtbare landbouwgrond, ecologie en landschappelijke inpassing.
Criteria Landschappelijke inpassing Netcongestie Samenwerking met buurgemeenten (wind) Grondpositie Opwekpotentieel Ecologie Vruchtbaarheid van de landbouwgrond
1
Provinciaal blad 2024, 7779 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen (officielebekendmakingen.nl)
Tabel 1: voor- en nadelen van de verschillende zoekgebieden naar criteria. Argumenten voor
Argumenten tegen
Landschappelijke inpassing: wind is in zoekgebied 1 beter in te passen dan in zoekgebied 2 vanwege de lijnopstelling langs het Drongelens kanaal die hier mogelijk is;
Ecologie: Het gebied ligt in een mogelijke trekroute van vleermuizen en dient ook als aanvliegroute voor o.a. vogels. Dit is in het PlanMER aangekaart als potentieel risico. Daarom is het advies dit nader te onderzoeken.
Netcongestie: combinatie mogelijk met zon zoekgebied 1 om piekbelasting te verdelen;
Grondpositie: Wat betreft het oostelijk gebied, zijn de gronden echter niet in bezit van de gemeente.
Wind 1
Grondpositie: we hebben als gemeente pachtgronden in bezit en agrariërs in dit gebied willen mogelijk stoppen met agrarische activiteiten Samenwerking met buurgemeenten: er kan in de toekomst mogelijk worden samengewerkt met gemeente Heusden bij de opwek van energie Dit heeft ook voordelen op het gebied van landschappelijke clustering; Opwekpotentieel: in wind zoekgebied 1 alleen al, zou de opgave tot en met 2030 gehaald kunnen worden, bij maximale benutting van de potentie; Vruchtbare landbouwgrond: de landbouwgrond is in de Margriet minder vruchtbaar dan in de Gement (deze vergelijking is alleen van toepassing tussen de Gement en de Margriet).
Wind 2
Netcongestie: combinatie mogelijk met zon (zon 2) en wind, om piekbelasting te verdelen;
Landschappelijke inpassing: in de Omgevingsvisie is opgenomen dat de Gement open moet blijven;
Grondpositie: in de Gement bezit de gemeente veel gronden, waardoor medewerking makkelijker verzekerd kan worden;.
Ecologie: in het gebied liggen trekroutes voor vogelsoorten. Daarnaast verblijven er ook weidevogels en zijn er twee beschermde eendenkooien;
Samenwerking met buurgemeenten: mogelijke samenwerking met gemeente Heusden in de toekomst; Opwekpotentieel: er is grote potentie voor opwek met windenergie, de opgave tot en met 2030 zou hier volledig kunnen worden behaald. Wind 4
Vruchtbare landbouwgrond: de landbouwgrond is in de Gement zeer vruchtbaar en ook al neemt een windturbine minder ruimte in dan zon, is het alsnog een ruimtebeslag.
Ecologie: uit het PlanMER blijkt dat er in dit zoekgebied weinig ecologische impact is. Daarom zou een windopstelling, bijvoorbeeld aan de westkant een mogelijkheid zijn;
Landschappelijke inpassing: beperkt vanwege nabijheid van de Essche stroom. Lijnopstelling met de snelweg kan niet, omdat daarvoor geen technische ruimte is;
Samenwerking met buurgemeenten: Mogelijk kan hier samen worden gewerkt met de gemeente Boxtel bij de opwek van energie en landschappelijke clustering.
Netcongestie: geen koppeling met zon mogelijk. Dus geen piekverdeling op dezelfde plek;
Landschappelijke inpassing: vanwege de boskamer structuur is zon hier relatief makkelijk in te passen en te verbergen voor het zicht;
Ecologie: er gaat veel grond van het zoekgebied af vanwege bosranden aan de percelen, de zogenaamde boskamer structuur.
Netcongestie: combinatie mogelijk met wind 1 om piekbelasting te verdelen;
Grondpositie: Wat betreft het oostelijk gebied, zijn de gronden echter niet in bezit van de gemeente.
Opwekpotentieel: minder dan in wind 1 en wind 2.
Zon 1
Grondpositie: Er zijn hier meer gronden in eigendom van de gemeente. Er kan een verdienmodel voor agrariërs in combinatie met lokaal eigendom worden opgezet; Opwekpotentieel: het maximale opwekpotentieel is hier 0,02 TWh; Vruchtbaarheid van landbouwgrond: de landbouwgrond is hier minder vruchtbaar dan de landbouwgrond in de Gement (zon 2), ondanks aanwezigheid van project ‘de Margriet’. Echter werken we binnen de landbouwtransitie naar extensivering toe. Zonneweiden en extensivering van landbouw gaan niet altijd samen, want dubbel ruimtegebruik is lastiger is sommige gevallen.
Zon 2
Netcongestie: hier zou een combinatie van zon en wind mogelijk zijn, waarmee piekbelasting wordt verdeeld; Samenwerking met buurgemeenten: hier zou samenwerking mogelijk kunnen zijn met de gemeente Heusden; Grondpositie: de gemeente heeft hier veel gronden in bezit; Opwekpotentieel: dit gebied heeft de hoogste opwekpotentie van alle zonzoekgebieden, 0,075 TWh.
Landschappelijke inpassing: zonnepanelen zijn in te passen in het landschap, echter moet er wel groen omheen worden geplant met zodanige hoogte dat je niet op de panelen kunt kijken. Dit kan het open karakter van de Gement aantasten; Ecologie: er zijn ecologische bezwaren tegen een ontwikkeling in dit zoekgebied. In het gebied liggen trekroutes voor vogelsoorten. Daarnaast verblijven er ook weidevogels en zijn er beschermde eendenkooien aanwezig; Vruchtbaarheid van landbouwgrond: de grond is hier zeer vruchtbaar, wat een grote rol kan spelen in de extensiveringsopgave van de landbouw. Zonnepanelen leggen een groot beslag op deze gronden. HoWaBo gebied: Zon 2 ligt in wateroverloop gebied. Tot op zekere hoogte gaan water en zonnepanelen samen.
Zon 3
Landschappelijke inpassing: Het gebied kent een coulisselandschap waar met groenomheiningen zonnepanelen goed in te passen zijn.
Grondpositie: het is een minder interessante businesscase. Met name omdat medewerking van grondeigenaren vereist is voor het realiseren van koppelkansen. De gemeente heeft hier weinig tot geen gronden in bezit; Netcongestie: geen combinatie met wind mogelijk in dit gebied; Opwekpotentieel: zon 3 heeft het minste opwekpotentieel van alle zonzoekgebieden, 0,005 TWh. De percelen zijn relatief klein en daarom zijn koppelkansen (aaneengesloten percelen) ook lastiger te realiseren dan in andere zonzoekgebieden.
Zon 4
Landschappelijke inpassing: dit gebied wordt gekenmerkt door een coulisselandschap waarmee je met groenomheiningen kunt werken; Opwekpotentie: er is meer opwekpotentie (0,03 TWh) dan in zonzoekgebied 1.
Netcongestie: geen combinatie met wind mogelijk in dit gebied; Grondpositie: het is een minder interessante businesscase. Met name omdat medewerking van grondeigenaren vereist is voor het realiseren van koppelkansen (aaneengesloten percelen).
Zon 5
Landschappelijke inpassing: dit gebied heeft kenmerken van een coulisselandschap, waardoor inpassing mogelijk is met houtwallen of ander soort groen. Daarnaast is een koppeling met huidige infrastructurele lijnen logisch; Grondpositie: er zijn hier koppelkansen mogelijk tussen de percelen. In dit gebied liggen ook grote percelen. De gemeente heeft hier weinig tot geen gronden in bezit, maar businesscases kunnen mogelijk interessant zijn voor grondeigenaren, mede vanwege de ligging aan infrastructuur; Opwekpotentie: er is weinig opwekpotentie, 0,01 TWh.
Netcongestie: geen combinatie met wind mogelijk in dit gebied.