Bijlage - BHIC Was-wordt lijst
Tekst van het document
BHIC Was-wordt lijst Huidig info
Begrippen
artikel lid
sub
Huidige tekst In deze gemeenschappelijke regeling wordt verstaan onder:
1.
Nieuw
info
artikel lid
Begrippen
1.
sub
Nieuwe tekst
Toelichting
In deze gemeenschappelijke regeling wordt verstaan onder: De wijzigingen in dit artikel vloeien voort uit de herindelingen van de gemeenten Land van Cuijk en Maashorst. Op grond van artikel 41 Wet arhi is daaromtrent geen verdere besluitvorming noodzakelijk. Daarnaast zijn ook enkele redactionele verbeteringen doorgevoerd.
a.
de minister: de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;
a.
b.
de gemeenten: de gemeenten Bernheze, Boekel, Boxmeer, Boxtel, Cuijk, Grave, Landerd, Meierijstad, Mill en Sint Hubert, Oss, Sint Anthonis, Sint-Michielsgestel, Uden en Vught, de waterschappen: de waterschappen Aa en Maas en De Dommel; archiefbescheiden: archiefbescheiden als bedoeld in artikel 1, onderdeel c, van de Archiefwet 1995;
b.
collecties: de verzameling historische voorwerpen, boeken en overige schriftelijke en elektronische bescheiden in de meest ruime zin des woords, niet zijnde archiefbescheiden, in eigendom van of beheer bij de minister en de gemeenten voor zover het betreft voorwerpen of bescheiden bij de rijksarchiefbewaarplaats in de provincie en de archiefbewaarplaats van de gemeente; de colleges: de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten, en de algemene en dagelijkse besturen: de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen Aa en Maas en De Dommel; De provincie: de provincie Noord-Brabant
e.
c. d.
e.
f. g. h.
Belangen
2.
1.
De regeling wordt getroffen met het doel de belangen van de minister, de colleges en de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen bij alle aangelegenheden betreffende de archiefbescheiden, collecties, individuele documenten en dergelijke die berusten in de rijksarchiefbewaarplaats in de Provincie Noord-Brabant en de archiefbewaarplaatsen van de gemeenten en de waterschappen in gezamenlijkheid te behartigen.
2.
Het openbaar lichaam ‘Brabants Historisch Informatie Centrum’ voert bij de behartiging van de belangen, bedoeld in het eerste lid, het archiefbeleid van de minister, de gemeenten en de waterschappen mede uit. De minister, de gemeenten en de waterschappen kunnen met het Brabants Historisch Informatie Centrum afspraken maken over de wijze waarop invulling wordt gegeven aan de in artikel 2b genoemde taken en bevoegdheden. De minister, de waterschappen en de gemeenten kunnen gezamenlijk algemene aanwijzingen geven omtrent de wijze waarop het Brabants Historisch Informatie Centrum de belangen, bedoeld in het eerste lid, behartigt.
3.
3.
Openbaar lichaam
2a.
1. 2.
Taken en bevoegdheden 2b. a.
b. c.
d.
e.
c. d.
f.
Belangen
2.
1.
3.
3.
Openbaar lichaam
2a.
Aan het bestuur van het Brabants Historisch Informatie Centrum zijn de navolgende werkzaamheden, taken en bevoegdheden van de colleges, de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen en de minister overgedragen: de beheerstaken, te onderscheiden in het behouden, bewerken en benutten van de archiefbescheiden die berusten in de in artikel 2, eerste lid, genoemde archiefbewaarplaatsen;
Taken en bevoegdheden 2b.
1.
de provincie: de provincie Noord-Brabant.
Er is een openbaar lichaam genaamd ‘Brabants Historisch Informatie Centrum’. Het Brabants Historisch Informatie Centrum is gevestigd te ’s-Hertogenbosch.
2.
1.
a.
de taken en bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 15, derde lid, 16, tweede lid, 17, 18, 19, 20, 31 en 32, eerste en derde lid, van de Archiefwet 1995; de bevoegdheid van de minister om op grond van de artikelen 25 en 26, tweede lid, van de Archiefwet 1995 de rijksarchivaris in de provincie te benoemen, te schorsen en te ontslaan;
b.
het adviseren en het doen van voorstellen aan de minister, de colleges en de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen over de taken en bevoegdheden, die door de minister, de colleges of de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen worden uitgevoerd ingevolge de artikelen 5, 6, 7, 8, 12, 13, 15, eerste en tweede lid, 30 en 32, tweede lid, van de Archiefwet 1995, en het verrichten van door de minister, de colleges of de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen opgedragen andere taken die verband houden met de behartiging van de belangen, bedoeld in artikel 2.
d.
c.
2.
Inspraak
archiefbescheiden: een document als bedoeld in artikel 1.1 van de Archiefwet 2021; Aangepast ivm Archiefwet 2021 collecties: de verzameling historische voorwerpen, boeken en overige schriftelijke en elektronische bescheiden in de meest ruime zin van het woord, niet zijnde archiefbescheiden, in eigendom van of beheer bij de gemeenten of waterschappen voor zover het betreft Aangepast, mede n.a.v. de voorstellen van BoelsZanders voor alle RHC's voorwerpen of bescheiden bij de rijksarchiefbewaarplaats in de provincie en de archiefbewaarplaats van de gemeente of het waterschap; de colleges: de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten, en g. Deze begripsbepaling is vervallen omdat deze niet consequent gebruikt wordt in de gemeenschappelijke regeling. Steeds wordt uitgeschreven dat het om de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen gaat om verwarring met het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur van het BHIC te voorkomen. De definitiebepaling is daarmee overbodig
De regeling wordt getroffen met het doel de belangen van de colleges en de dagelijkse De wijzigingen in dit artikel vloeien voort uit de uittreding van de minister van OCW resp. van de besturen van de waterschappen bij alle aangelegenheden betreffende de archiefbescheiden, algemene besturen van de waterschappen. Daarnaast zijn enkele redactionele verbeteringen collecties, individuele documenten en dergelijke die berusten in de decentrale archiefdiensten doorgevoerd. In de nieuwe Archiefwet wordt niet langer gesproken van 'archiefbewaarplaatsen', van de gemeenten en de waterschappen in gezamenlijkheid te behartigen. De regeling maar van 'decentrale archiefdiensten'. De regeling is daarop aangepast. behartigt deze aangelegenheden tevens voor de archiefdienst van het Rijk, voor zover taken en bevoegdheden via artikel 3.1 van de Archiefwet 2021 door de minister zijn overgedragen. Het openbaar lichaam ‘Brabants Historisch Informatie Centrum’ voert bij de behartiging van Deze toevoeging is gedaan gelet op het convenant dat gesloten is tussen de RHC-directeuren en de belangen, bedoeld in het eerste lid, het archiefbeleid en het cultuurhistorisch erfgoed van het ministerie van OCW. Het wijkt daarmee iets af van het eerdere advies van BoelsZanders de gemeenten en de waterschappen mede uit.
De gemeenten en de waterschappen kunnen met het Brabants Historisch Informatie Centrum afspraken maken over de wijze waarop invulling wordt gegeven aan de in artikel 2b genoemde taken en bevoegdheden. De gemeenten en de waterschappen kunnen gezamenlijk algemene aanwijzingen geven omtrent de wijze waarop het Brabants Historisch Informatie Centrum de belangen, bedoeld in het eerste lid, behartigt.
2.
Er is een openbaar lichaam genaamd ‘Brabants Historisch Informatie Centrum’. Het Brabants Historisch Informatie Centrum is gevestigd te ’s-Hertogenbosch.
de gemeenten: de gemeenten Bernheze, Boekel, Boxtel, Land van Cuijk, Maashorst, Meierijstad, Oss, Sint-Michielsgestel en Vught, de waterschappen: de waterschappen Aa en Maas en De Dommel;
2c.
Pagina 1 van 8
Aan het bestuur van het Brabants Historisch Informatie Centrum zijn de navolgende De wijzigingen in dit artikel vloeien voort uit de uittreding van de minister van OCW resp. van de werkzaamheden, taken en bevoegdheden van de colleges en de dagelijkse besturen van de algemene besturen van de waterschappen. waterschappen overgedragen: de beheerstaken, te onderscheiden in het behouden, bewerken en benutten van de In de nieuwe Archiefwet wordt niet langer gesproken van 'archiefbewaarplaatsen', maar van archiefbescheiden die berusten in de in artikel 2, eerste lid, genoemde decentrale 'decentrale archiefdiensten'. De regeling is daarop aangepast. archiefdiensten ; de taken en bevoegdheden, bedoeld in de artikelen art.
6,2, eerste lid, 6.3, tweede lid, 7.5, Aangepast ivm Archiefwet 2021, overeenkomstig advies BoelsZanders 7.6, eerste lid en 9.4, derde lid, van de Archiefwet 2021; het adviseren en het doen van voorstellen aan de colleges en de dagelijkse besturen van de waterschappen over de taken en bevoegdheden, die door de colleges of de dagelijkse besturen van de waterschappen worden uitgevoerd ingevolge de artikelen 2.2, tweede en derde lid, 4.3, 4.4, 5.1, eerste lid, 5.3, 5.4, 5.5, eerste en tweede lid, 7.2 en 10.4 van de Aangepast ivm Archiefwet 2021, overeenkomstig advies BoelsZanders Archiefwet 2021, en het verrichten van door de colleges of de dagelijkse besturen van de waterschappen Aangepast ivm uittreding algemene besturen waterschappen opgedragen andere taken die verband houden met de behartiging van de belangen, bedoeld in artikel 2.
Het Brabants Historisch Informatie Centrum stelt zich tevens ten doel het bij de decentrale archiefdiensten van de gemeenten en de waterschappen ondergebrachte cultuurhistorisch erfgoed toegankelijk te maken voor en onder de aandacht te brengen van een breed publiek.
Dit is conform de voorstellen van BoelsZanders dat voor alle RHC's is opgesteld
Ingezetenen van de gemeenten en de waterschappen en belanghebbenden kunnen via de reguliere procedures bij de colleges en de raden van de gemeenten onderscheidenlijk bij de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen betrokken worden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid.
Dit artikel komt voort uit de wijziging van de WGR van 2022 en is conform de voorstellen van BoelsZanders voor alle RHC's.
BHIC Was-wordt lijst Huidig info
Vaststelling kosten
artikel lid
sub
info
artikel lid
Het algemeen bestuur stelt de regels omtrent de kosten, bedoeld in artikel 19 Archiefwet 1995, vast bij unanimiteit en volgt daarbij zoveel mogelijk de regels die de minister op grond van artikel 19 Archiefwet 1995 heeft vastgesteld voor het Nationaal Archief.
Vaststelling kosten
3.
1.
Het algemeen bestuur bestaat uit acht leden.
Samenstelling Algemeen 4. Bestuur
2.
3.
Samenstelling Algemeen 4. Bestuur
Huidige tekst
Nieuw
sub
Het algemeen bestuur stelt regels omtrent de vergoedingen en kosten, bedoeld in artikel 7.1, Aangepast aan de nieuwe Archiefwet. Het gaat om kosten voor uitlening en kosten voor kopiëren e.d. Zie ook de kaders in artikel 7.1 lid 4 Aw2021 die van toepassing blijven (hetzelfde is thans geregeld in art. 19 derde lid en artikel 8.5, derde lid, Archiefwet 2021 vast. Aw1995)
De minister wijst vier leden aan.
2.
3.
De colleges van de gemeenten en de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen wijzen uit hun midden gezamenlijk vier leden aan.
3.
4.
Het lidmaatschap van het algemeen bestuur eindigt van rechtswege op het tijdstip waarop de zittingsperiode van de colleges van de gemeenten of van de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen afloopt. Het lidmaatschap van het algemeen bestuur eindigt tevens bij beëindiging van het lidmaatschap van die leden bij de colleges van de gemeenten of van de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen. Een persoon waarvan het lidmaatschap ingevolge het vijfde lid is geëindigd, kan opnieuw worden aangewezen.
4.
De colleges van de gemeenten en de dagelijkse besturen van de waterschappen wijzen uit hun Aangepast ivm uittreding algemene besturen waterschappen midden ieder één lid aan. Het lidmaatschap van het algemeen bestuur eindigt van rechtswege op het tijdstip waarop de Aangepast ivm uittreding algemene besturen waterschappen zittingsperiode van de colleges van de gemeenten of van de dagelijkse besturen van de waterschappen afloopt. Het lidmaatschap van het algemeen bestuur eindigt tevens bij beëindiging van het Aangepast ivm uittreding algemene besturen waterschappen lidmaatschap van die leden bij de colleges van de gemeenten of van de dagelijkse besturen van de waterschappen. Een persoon waarvan het lidmaatschap ingevolge het vierde lid is geëindigd, kan opnieuw worden aangewezen.
De colleges van de gemeenten beslissen uiterlijk in de tweede vergadering van elke zittingsperiode van de colleges over de aanwijzing, bedoeld in het derde lid.
7.
Indien tussentijds een zetel van een lid van het algemeen bestuur vacant komt, wijzen de minister, de colleges of de algemeen en dagelijkse besturen van de waterschappen zo spoedig mogelijk een nieuw lid aan. Een lid van het algemeen bestuur dat zijn lidmaatschap ter beschikking heeft gesteld, blijft in functie totdat een nieuw lid is aangewezen.
8.
7.
8.
9.
1.
Ieder lid van het algemeen bestuur heeft één stem.
5.
6.
De colleges van de gemeenten onderscheidenlijk de dagelijkse besturen van de waterschappen beslissen uiterlijk in de tweede vergadering van elke zittingsperiode van de colleges onderscheidenlijk de dagelijkse besturen over de aanwijzing, bedoeld in het tweede Indien tussentijds een zetel van een lid van het algemeen bestuur vacant komt, wijzen de colleges of de dagelijkse besturen van de waterschappen zo spoedig mogelijk een nieuw lid aan. Een lid van het algemeen bestuur dat zijn lidmaatschap ter beschikking heeft gesteld, blijft in functie totdat een nieuw lid is aangewezen.
9.
2.
Een lid van het algemeen bestuur neemt niet deel aan de stemming over een aangelegenheid die hem rechtstreeks of middellijk persoonlijk aangaat of waarbij hij als vertegenwoordiger in een andere hoedanigheid eveneens betrokken is en waarbij belangenspanning speelt of de integriteitsvraag aan de orde zou kunnen zijn. Een benoeming gaat iemand persoonlijk aan, wanneer hij behoort tot de personen tot wie de keuze door een voordracht of bij een herstemming is beperkt. Een stemming is alleen geldig, indien meer dan de helft van het aantal leden dat zitting heeft en zich niet van deelneming aan de stemming moet onthouden, daaraan heeft deelgenomen. Het vierde lid is niet van toepassing: ingeval opnieuw wordt gestemd over een voorstel of over een benoeming, voordracht of aanbeveling van een of meer personen ten aanzien van wie in een vorige vergadering een stemming op grond van dat lid niet geldig was; voor zover het betreft onderwerpen die in een daaraan voorafgaande niet geopende vergadering aan de orde waren gesteld. Voor het tot stand komen van een beslissing bij stemming wordt een twee derde meerderheid vereist van hen die een stem hebben uitgebracht. Bij een schriftelijke stemming wordt onder het uitbrengen van een stem verstaan het inleveren van een behoorlijk ingevuld stembriefje.
3. 4. 5. a.
b. 6. 7.
6.
1.
2.
3.
4.
Aan het algemeen bestuur behoren ter uitvoering van de aan het Brabants Historisch Informatie Centrum toegekende taak alle bevoegdheden toe die niet aan een ander orgaan zijn opgedragen. Het algemeen bestuur kan de directeur, bedoeld in artikel 29, tot rijksarchivaris in de provincie, tot gemeentearchivaris van de gemeenten en tot waterschap archivaris van de waterschappen benoemen. Aan de bevoegdheden van het algemeen bestuur worden geen beperkingen opgelegd ingevolge artikel 31 van de Wet gemeenschappelijke regelingen, mits het totaal van de aangegane verplichtingen binnen de vastgestelde begroting valt. Voor het aangaan van verplichtingen door het algemeen bestuur buiten de goedgekeurde begroting geldt de procedure van artikel 18, 19 en 20. Het algemeen bestuur besluit slechts tot oprichting van en de deelneming in stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen, indien dat in het bijzonder aangewezen moet worden geacht voor de behartiging van het daarmee te dienen belang. Het besluit wordt niet genomen dan nadat de raden van de gemeenten en de minister in de gelegenheid zijn gesteld hun wensen en bedenkingen ter kennis van het algemeen bestuur te brengen.
Stemmingen Algemeen Bestuur
5.
1.
Ieder lid van het algemeen bestuur heeft één stem.
2.
Een lid van het algemeen bestuur neemt niet deel aan de stemming over een aangelegenheid die hem rechtstreeks of middellijk persoonlijk aangaat of waarbij hij als vertegenwoordiger in een andere hoedanigheid eveneens betrokken is en waarbij belangenspanning speelt of de integriteitsvraag aan de orde zou kunnen zijn. Een benoeming gaat iemand persoonlijk aan, wanneer hij behoort tot de personen tot wie de keuze door een voordracht of bij een herstemming is beperkt. Een stemming is alleen geldig, indien meer dan de helft van het aantal leden dat zitting heeft en zich niet van deelneming aan de stemming moet onthouden, daaraan heeft deelgenomen. Het vierde lid is niet van toepassing: ingeval opnieuw wordt gestemd over een voorstel of over een benoeming, voordracht of aanbeveling van een of meer personen ten aanzien van wie in een vorige vergadering een stemming op grond van dat lid niet geldig was; voor zover het betreft onderwerpen die in een daaraan voorafgaande niet geopende vergadering aan de orde waren gesteld. Voor het tot stand komen van een beslissing bij stemming wordt een twee derde meerderheid vereist van hen die een stem hebben uitgebracht. Bij een schriftelijke stemming wordt onder het uitbrengen van een stem verstaan het inleveren van een behoorlijk ingevuld stembriefje.
4. 5. a.
b. 6. 7.
6.
Aangepast ivm uittreding algemene besturen waterschappen
Aangepast ivm uittreding algemene besturen waterschappen
Voor ieder lid van het algemeen bestuur wordt ook een plaatsvervangend lid aangewezen, dat het betreffende lid bij verhindering of ontstentenis kan vervangen. Het tweede tot en met het De wens is uitgesproken om ook met plaatsvervangende leden te werken. achtste lid is van overeenkomstige toepassing op het plaatsvervangende lid. Een lid van het dagelijks bestuur benoemd van buiten de kring van het algemeen bestuur, als Omdat de leden van het dagelijks bestuur die niet uit het midden van het algemeen bestuur zijn bedoeld in artikel 10, tweede lid, heeft toegang tot de vergadering van het algemeen bestuur aangewezen geen lid zijn van dat algemeen bestuur hebben zij ook niet zomaar toegang. Dit is en kan aan de beraadslagingen deelnemen. Het lid kan door het algemeen bestuur worden wel nodig om hen verantwoording te laten afleggen of inlichtingen te laten geven. Daarom is een uitgenodigd om ter vergadering aanwezig te zijn. bepaling opgenomen vergelijk baar met artikel 21 Gemeentewet voor wethouders. Dat betekent dat zij altijd bij het algemeen bestuur aanwezig mogen zijn en mee kunnen doen aan de beraadslagingen (en zodoende dus een raadgevende stem hebben) (initiatief ligt dus bij het lid). Het algemeen bestuur kan hen ook uitnodigen wanneer het algemeen bestuur wil dat ze er sowieso bij zijn (initiatief ligt dan bij het algemeen bestuur).
Toegevoegd op verzoek portefeuillehoudersoverleg
3.
Bevoegdheden Algemeen Bestuur
één deelnemer in het algemeen bestuur. Dat is, met inachtneming van art. 13 Wgr, verwerkt in de gemeenschappelijke regeling.
10
Bevoegdheden Algemeen Bestuur
De wijzigingen in dit artikel vloeien voort uit de uittreding van de minister van OCW. Iedere deelnemer krijgt nu
Het algemeen bestuur bestaat uit elf leden.
6.
5.
Toelichting
1.
5.
Stemmingen Algemeen Bestuur
Nieuwe tekst
1.
2.
3.
4.
Pagina 2 van 8
Aan het algemeen bestuur behoren ter uitvoering van de aan het Brabants Historisch De wijzigingen in dit artikel vloeien voort uit de uittreding van de minister van OCW. Informatie Centrum toegekende taak alle bevoegdheden toe die niet aan een ander orgaan zijn opgedragen. Het algemeen bestuur kan een ambtenaar van het Brabants Historisch Informatie Centrum tot gemeentearchivaris van de gemeenten en tot waterschapsarchivaris van de waterschappen benoemen. Aan de bevoegdheden van het algemeen bestuur worden geen beperkingen opgelegd ingevolge artikel 64 van de Wet gemeenschappelijke regelingen, mits het totaal van de Er werd naar het verkeerde artikel in de Wgr verwezen. aangegane verplichtingen binnen de vastgestelde begroting valt. Voor het aangaan van verplichtingen door het algemeen bestuur buiten de goedgekeurde begroting geldt de procedure van artikel 18, 19 en 20. Het algemeen bestuur kan beslissen tot oprichting van en de deelneming in stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen, onverminderd het bepaalde in artikel 64a van de Wet Deze bepaling is aangepast aan art. 64a Wgr. gemeenschappelijke regelingen.
BHIC Was-wordt lijst Huidig info
artikel lid
sub
Huidige tekst Het algemeen bestuur verstrekt zo spoedig mogelijk schriftelijk aan de minister, de raden en colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten en de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen de door hen, of een of meerdere van hun leden, gevraagde inlichtingen.
Verstrekken inlichtingen 7.
Nieuw
info
artikel lid
Verstrekken inlichtingen 7.
sub
1.
2.
3.
Termijnen verstrekken inlichtingen
8.
1.
2.
3.
9.
Samenstelling Dagelijks Bestuur
10.
1. 2.
3.
4. 5. 6. 7.
Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter geven de raden van de gemeenten en de algemene besturen van de waterschappen schriftelijk alle inlichtingen die de Deze wijzigingen komen voort uit de WGR-wijziging van 2022 en regelen de actieve informatieplicht. raden onderscheidenlijk de algemene besturen van de waterschappen nodig hebben voor de Uitgangspunt hierbij is het voorstel van BoelsZanders voor alle RHC's. uitoefening van hun taken. Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter geven de raden van de gemeenten onderscheidenlijk de algemene besturen van de waterschappen op verzoek van de raden of de algemene besturen, of één of meer leden daarvan, zo spoedig mogelijk, doch in ieder geval binnen 45 dagen, schriftelijk de door hen gevraagde inlichtingen. Een lid van het algemeen bestuur verschaft het college onderscheidenlijk het dagelijks bestuur van het waterschap dat hem heeft aangewezen, zo spoedig mogelijk, doch in ieder geval Dit artikel is enigszins aangepast t.o.v. het voorstel van BoelsZanders. In de eerste zin staat de wettelijke eis. In binnen 45 dagen schriftelijk alle inlichtingen die door het college onderscheidenlijk het de laatste volzin wordt dat ook van toepassing verklaard op de raden en algemene besturen (eveneens een dagelijks bestuur van het waterschap, of een of meer, leden daarvan worden verlangd.
Dit lid wettelijke eis). is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de raden van de gemeenten en de algemene besturen van de waterschappen.
De colleges en de raden van de gemeenten onderscheidenlijk de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen kunnen een lid van het algemeen bestuur, nadat de inlichtingen in een vergadering of schriftelijk zijn verstrekt of dienden te zijn verstrekt, ter verantwoording roepen voor het door hem in het algemeen bestuur gevoerde beleid.
8.
De minister, de colleges van de gemeenten en de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen kunnen een door hen aangewezen lid van het algemeen bestuur, dat hun vertrouwen niet meer geniet, ontslag verlenen.
Ontslag wegens gebrek aan vertrouwen
9.
Het dagelijks bestuur bestaat uit de voorzitter en drie andere door het algemeen bestuur aan te wijzen leden. Het algemeen bestuur wijst in het dagelijks bestuur twee leden aan die in het algemeen bestuur zijn aangewezen door de colleges onderscheidenlijk de algemene besturen van de waterschappen, en twee leden die in het algemeen bestuur zijn aangewezen door de minister.
Samenstelling Dagelijks Bestuur
10.
Dit is conform de verantwoordingslijnen in de Wgr. Aanvullend is de verantwoording aan het dagelijks bestuur van het waterschap geregeld. Zie ook art. 7.
De colleges van de gemeenten en de dagelijkse besturen van de waterschappen kunnen een door hen aangewezen lid van het algemeen bestuur, dat hun vertrouwen niet meer geniet, ontslag verlenen.
1. 2.
Het lidmaatschap van het dagelijks bestuur eindigt van rechtswege, zodra men ophoudt lid te zijn van het algemeen bestuur of de termijn van aanwijzing van het lid van buiten de kring van het algemeen bestuur eindigt. Artikel 4, achtste lid is van overeenkomstige toepassing.
3.
Elk lid van het dagelijks bestuur heeft één stem. Besluitvorming vindt plaats bij volstrekte meerderheid van stemmen, voor zover niet anders bepaald in de regeling. In de vergadering van het dagelijks bestuur kan slechts worden beraadslaagd of besloten, indien ten minste de helft van het aantal zitting hebbende leden tegenwoordig is. Indien het vereiste aantal leden niet tegenwoordig is, belegt de voorzitter, onder verwijzing naar dit artikel, opnieuw een vergadering.
5.
4.
6. 7.
Het dagelijks bestuur bestaat uit de voorzitter en vier andere door het algemeen bestuur aan te wijzen leden. Het algemeen bestuur wijst in het dagelijks bestuur twee leden aan die in het algemeen Deze bepalingen zijn aangepast i.v.m. de uittreding van de minister van OCW. bestuur zijn aangewezen door de colleges, een lid dat is aangewezen door de dagelijkse besturen van de waterschappen, en twee leden van buiten de kring van het algemeen bestuur. Voor de leden van buiten de kring van het algemeen bestuur wordt vooraf door het algemeen bestuur een profiel vastgesteld. Het lidmaatschap van het dagelijks bestuur eindigt van rechtswege, zodra men ophoudt lid te zijn van het algemeen bestuur of de termijn van aanwijzing van het lid van buiten de kring van het algemeen bestuur eindigt. Indien tussentijds een zetel van een lid van het dagelijks bestuur vacant komt, wijst het Dit lid is uitgeschreven om verwarring te voorkomen algemeen bestuur zo spoedig mogelijk een nieuw lid aan. Elk lid van het dagelijks bestuur heeft één stem. Besluitvorming vindt plaats bij volstrekte meerderheid van stemmen, voor zover niet anders bepaald in de regeling. In de vergadering van het dagelijks bestuur kan slechts worden beraadslaagd of besloten, indien ten minste de helft van het aantal zitting hebbende leden tegenwoordig is.
Indien het vereiste aantal leden niet tegenwoordig is, belegt de voorzitter, onder verwijzing naar dit artikel, opnieuw een vergadering.
Vergaderingen Dagelijks 11. Bestuur
Het dagelijks bestuur vergadert zo dikwijls als één of meer leden van het dagelijks bestuur dit nodig oordelen.
Vergaderingen Dagelijks 11. Bestuur
Het dagelijks bestuur vergadert zo dikwijls als één of meer leden van het dagelijks bestuur dit nodig oordelen.
Reglement van orde Dagelijkse Bestuur
Het dagelijks bestuur stelt regels voor zijn vergaderingen vast.
Reglement van orde Dagelijkse Bestuur
Het dagelijks bestuur stelt regels voor zijn vergaderingen vast.
12.
Toelichting
Een lid van het algemeen bestuur dat is aangewezen door de minister verstrekt aan de minister zo spoedig mogelijk doch in ieder geval binnen 45 dagen de door de minister gevraagde inlichtingen. Een lid van het algemeen bestuur verstrekt aan de colleges van de gemeenten en de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen zo spoedig mogelijk doch in ieder geval binnen 45 dagen de door een of meer leden van die organen gevraagde inlichtingen. De colleges, de algemene en de dagelijkse besturen van de waterschappen en de minister kunnen een lid van het algemeen bestuur dat zij hebben aangewezen, nadat de inlichtingen in een vergadering of schriftelijk zijn verstrekt of dienden te zijn verstrekt, ter verantwoording roepen voor het door hem in het algemeen bestuur gevoerde beleid.
Verantwoordingsplicht
Ontslag wegens gebrek aan vertrouwen
Nieuwe tekst
12.
Pagina 3 van 8
BHIC Was-wordt lijst Huidig info
artikel lid
sub
Het dagelijks bestuur is in ieder geval belast met:
Bevoegdheden Dagelijks 13. Bestuur
a. b. c. d.
Vergoeding leden van AB 15. en DB
1.
2.
3.
Bijdragen deelnemers
16.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
a. b. c. d.
f.
Uit de overige leden van het dagelijks bestuur, bedoeld in artikel 10, eerste lid, worden een of meerdere plaatsvervangend voorzitters aangewezen. De voorzitter is belast met de leiding van de vergaderingen van het algemeen bestuur en van het dagelijks bestuur. De voorzitter tekent de stukken die van het algemeen bestuur of het dagelijks bestuur uitgaan, tenzij hij aan de directeur het tekenen van bepaalde stukken heeft opgedragen. De voorzitter vertegenwoordigt het Brabants Historisch Informatie Centrum in en buiten rechte. De vertegenwoordiging kan hij opdragen aan een door hem aan te wijzen gevolmachtigde.
g.
Toelichting
het voeren van het dagelijks bestuur van Het Brabants Historisch Informatie Centrum; beslissingen van het algemeen bestuur voorbereiden en uitvoeren; regels vaststellen over de ambtelijke organisatie van het Brabants Historisch Informatie Centrum; besluiten tot privaatrechtelijke rechtshandelingen van het Brabants Historisch Informatie d. Sinds de WNRA hebben ambtenaren een arbeidsovereenkomst. Daarmee is deze bevoegdheid Centrum, met uitzondering van privaatrechtelijke rechtshandelingen als bedoeld in artikel 6, vervallen. vierde lid; besluiten namens het Brabants Historisch Informatie Centrum, het dagelijks bestuur of het algemeen bestuur rechtsgedingen, bezwaarprocedures of administratief beroepsprocedures te voeren of handelingen ter voorbereiding daarop te verrichten, tenzij het algemeen bestuur, voor zover het het algemeen bestuur aangaat, in voorkomende gevallen anders beslist; het nemen van alle conservatoire maatregelen zowel in als buiten rechte en het doen van alles wat nodig is ter voorkoming van verjaring van recht of bezit, en
het beheer van de activa en passiva van het Brabants Historisch Informatie Centrum, en de zorg, voor zover deze van het dagelijks bestuur afhangt, voor de controle op het geldelijk beheer en de boekhouding van het Brabants Historisch Informatie Centrum.
Voorzitter
14.
1.
De voorzitter wordt door en uit het algemeen bestuur aangewezen.
2.
Uit de andere leden van het dagelijks bestuur, bedoeld in artikel 10, eerste lid, worden een of Aangepast aan de terminologie van artikel 10 meerdere plaatsvervangend voorzitters aangewezen. De voorzitter is belast met de leiding van de vergaderingen van het algemeen bestuur en van het dagelijks bestuur. De voorzitter tekent de stukken die van het algemeen bestuur of het dagelijks bestuur uitgaan, tenzij hij aan de directeur het tekenen van bepaalde stukken heeft opgedragen. De voorzitter vertegenwoordigt het Brabants Historisch Informatie Centrum in en buiten rechte. De vertegenwoordiging kan hij opdragen aan een door hem aan te wijzen gevolmachtigde.
3. 4. 5.
Het algemeen bestuur kan besluiten dat de leden van het algemeen of dagelijks bestuur, voor zover zij niet de functie vervullen van burgemeester of wethouder, lid van het algemeen of dagelijks bestuur van het waterschap, of als ambtenaar in rijks-, gemeente- of waterschapsdienst werkzaam zijn, een vergoeding ontvangen voor hun werkzaamheden ten behoeve van het Brabants Historisch Informatie Centrum. De leden van het algemeen en dagelijks bestuur, bedoeld in het eerste lid, ontvangen een tegemoetkoming in de kosten, waartoe worden gerekend reis- en verblijfkosten ten behoeve van het bijwonen van de vergaderingen van het algemeen en dagelijks bestuur. De in de voorgaande leden bedoelde vergoeding en tegemoetkoming worden door het algemeen bestuur vastgesteld en als afzonderlijke post opgenomen in de jaarlijkse begroting.
Vergoeding leden van AB 15. en DB
De voor de uitvoering van deze regeling ter beschikking te stellen middelen worden verschaft door de minister, de gemeenten en de waterschappen, door het verstrekken van jaarlijkse bijdragen, op basis van de begroting. De bijdrage van de minister kan jaarlijks worden aangepast in verband met de ontwikkeling van lonen of prijzen met een percentage, zoals dit in voorkomend geval door de minister in de loop van het begrotingsjaar voor het geheel van zijn bijdrage wordt vastgesteld. De bijdragen van de gemeenten en waterschappen worden jaarlijks aangepast in verband met de ontwikkeling van lonen of prijzen met een percentage dat voor dit doel is vastgesteld
Bijdragen deelnemers
Het algemeen bestuur kan bij de vaststelling van de begroting een percentage opnemen als voorlopige raming van het door de minister, de gemeenten en de waterschappen vast te stellen percentage als bedoeld in het tweede lid. Bij de start van het Brabants Historisch Informatie Centrum en voor de uitvoering van deze regeling kunnen door de verschillende partners vermogensbestanddelen worden ingebracht waarover nadere afspraken gemaakt worden. De minister, de colleges en de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen dragen er zorg voor dat het openbaar lichaam te allen tijde beschikt over voldoende middelen om zijn verplichtingen te voldoen. Dit met inachtneming van het achtste lid. Indien het toetreden tot deze regeling van andere bestuursorganen of het sluiten van samenwerkingsovereenkomsten met derden, er toe leidt dat een deel van de lasten voortvloeiende uit de investeringen als bedoeld in de in het tweede lid aangegeven investerings- en exploitatiebegroting, door deze bestuursorganen en/of derden worden gedragen, worden de financiële voordelen die daardoor ontstaan op de door de minister, de waterschappen en de gemeenten verschuldigde jaarlijkse bijdrage naar rato in mindering gebracht.
Indien de minister, de gemeenten of de waterschappen een bijzondere taak opdragen als bedoeld in artikel 2, derde lid onder e, waarvan de kosten niet zijn op te vangen in de begroting, wordt daarvoor door de minister, de gemeenten of de waterschappen in aanvulling op de jaarlijkse bijdrage een tevoren overeengekomen vergoeding betaald.
Nieuwe tekst Het dagelijks bestuur is in ieder geval belast met:
Bevoegdheden Dagelijks 13. Bestuur
besluiten namens het Brabants Historisch Informatie Centrum, het dagelijks bestuur of het algemeen bestuur rechtsgedingen, bezwaarprocedures of administratief beroepsprocedures te voeren of handelingen ter voorbereiding daarop te verrichten, tenzij het algemeen bestuur, voor zover het het algemeen bestuur aangaat, in voorkomende gevallen anders beslist; het nemen van alle conservatoire maatregelen zowel in als buiten rechte en het doen van alles wat nodig is ter voorkoming van verjaring van recht of bezit; het beheer van de activa en passiva van het Brabants Historisch Informatie Centrum, en de zorg, voor zover deze van het dagelijks bestuur afhangt, voor de controle op het geldelijk beheer en de boekhouding van het Brabants Historisch Informatie Centrum.
2.
5.
sub
f.
De voorzitter wordt door en uit het algemeen bestuur aangewezen.
4.
artikel lid
e.
1.
3.
info
besluiten tot privaatrechtelijke rechtshandelingen van het Brabants Historisch Informatie Centrum, met uitzondering van privaatrechtelijke rechtshandelingen als bedoeld in artikel 6, vierde lid;
h.
14.
het voeren van het dagelijks bestuur van Het Brabants Historisch Informatie Centrum; beslissingen van het algemeen bestuur voorbereiden en uitvoeren; regels vaststellen over de ambtelijke organisatie van het Brabants Historisch Informatie Centrum; ambtenaren benoemen, schorsen en ontslaan;
Nieuw
e.
g.
Voorzitter
Huidige tekst
1.
2.
3.
16.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
Pagina 4 van 8
Het algemeen bestuur kan besluiten dat de leden van het algemeen of dagelijks bestuur, voor zover zij niet de functie vervullen van burgemeester of wethouder, lid van het dagelijks bestuur van het waterschap, of als ambtenaar in rijks-, gemeente- of waterschapsdienst werkzaam zijn, een vergoeding ontvangen voor hun werkzaamheden ten behoeve van het Brabants Historisch Informatie Centrum. De leden van het algemeen en dagelijks bestuur, bedoeld in het eerste lid, ontvangen een tegemoetkoming in de kosten, waartoe worden gerekend reis- en verblijfkosten ten behoeve van het bijwonen van de vergaderingen van het algemeen en dagelijks bestuur. De in de voorgaande leden bedoelde vergoeding en tegemoetkoming worden door het algemeen bestuur vastgesteld en als afzonderlijke post opgenomen in de jaarlijkse begroting.
De voor de uitvoering van deze regeling ter beschikking te stellen middelen worden verschaft Aangepast ivm de uittreding van de minister van OCW. door de gemeenten en de waterschappen, door het verstrekken van jaarlijkse bijdragen, op basis van de begroting. De bijdragen van de gemeenten en worden jaarlijks aangepast in verband met de ontwikkeling van lonen of prijzen met een percentage dat voor dit doel is vastgesteld, onderscheidenlijk aan Hiermee wordt bewerkstelligd dat de inwonertallen jaarlijks aangepast worden aan de reële inwonertallen. Dit de inwonertallen overeenkomstig artikel 1 van de Gemeentewet. De bijdragen van de waterschappen zijn gebaseerd op een fictief vastgesteld inwonertal. Bij overeenkomst tussen geldt niet voor de waterschappen. Hoe daar geindexeerd wordt, wordt nader bij overeenkomst geregeld. Dat betekent dat zowel BHIC als de twee waterschappen daarmee altijd moeten instemmen. het dagelijks bestuur en de dagelijkse besturen van de waterschappen worden nadere afspraken gemaakt over hoe dit inwonertal wordt vastgesteld en aangepast. Het algemeen bestuur kan bij de vaststelling van de begroting een percentage opnemen als voorlopige raming van het door de gemeenten en de waterschappen vast te stellen percentage als bedoeld in het tweede lid.
Bij de start van het Brabants Historisch Informatie Centrum en voor de uitvoering van deze regeling kunnen door de verschillende partners vermogensbestanddelen worden ingebracht waarover nadere afspraken gemaakt worden. De colleges en de dagelijkse besturen van de waterschappen dragen er zorg voor dat het Aangepast ivm uittreden algemene besturen waterschappen. Laatste volzin geschrapt, omdat openbaar lichaam te allen tijde beschikt over voldoende middelen om zijn verplichtingen te verwijzing niet klopte. voldoen. Indien het toetreden tot deze regeling van andere bestuursorganen of het sluiten van samenwerkingsovereenkomsten met derden, er toe leidt dat een deel van de lasten voortvloeiende uit de investeringen als bedoeld in de in het tweede lid aangegeven investerings- en exploitatiebegroting, door deze bestuursorganen en/of derden worden gedragen, worden de financiële voordelen die daardoor ontstaan op de door de waterschappen en de gemeenten verschuldigde jaarlijkse bijdrage naar rato in mindering gebracht. Indien de gemeenten of de waterschappen een bijzondere taak opdragen als bedoeld in artikel 2, derde lid onder d, waarvan de kosten niet zijn op te vangen in de begroting, wordt daarvoor door de gemeenten of de waterschappen in aanvulling op de jaarlijkse bijdrage een tevoren overeengekomen vergoeding betaald.
BHIC Was-wordt lijst Huidig info
Beleidsplan en meerjarenbegroting
artikel lid
17.
1.
2. 3.
4.
Ontwerp begroting
18.
1.
sub
Huidige tekst Het dagelijks bestuur stelt eenmaal per vier jaar een vierjarig beleidsplan en een meerjarenbegroting op.
Nieuw
info
artikel lid
Beleidsplan en financiële 17. doorrekening
Een periode van vier jaren als bedoeld in het eerste lid valt samen met de periode van een cultuurnota als bedoeld in artikel 3 van de Wet op het specifiek cultuurbeleid. Het dagelijks bestuur zendt het ontwerpbeleidsplan en de ontwerpmeerjarenbegroting aan het algemeen bestuur. Het algemeen bestuur stelt ze vast. Dertien maanden voorafgaand aan de periode waarop het beleidsplan en de meerjarenbegroting betrekking hebben, worden deze toegezonden aan de minister, de raden van de gemeenten en de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen.
sub
1.
2. 3.
Nieuwe tekst
Toelichting
Het dagelijks bestuur stelt eenmaal per vier jaar een vierjarig beleidsplan en een financiële doorrekening daarvan op.
Aangepast ivm de uittreding van de minister van OCW. Daarnaast is de term "meerjarenbegroting" vervangen
Een periode van vier jaren als bedoeld in het eerste lid valt samen met de periode van een cultuurnota als bedoeld in artikel 3 van de Wet op het specifiek cultuurbeleid. Het dagelijks bestuur zendt het ontwerpbeleidsplan en de financiële doorrekening aan de raden van de gemeenten en algemene besturen van de waterschappen. De raden onderscheidenlijk de algemene besturen van de waterschappen worden vervolgens gedurende twaalf weken in de gelegenheid gesteld om schriftelijk op het concept hun zienswijzen ter kennis van het dagelijks bestuur te brengen. Het algemeen bestuur stelt het beleidsplan en de financiële doorrekening vervolgens vast. Voorafgaande aan het nemen van het besluit stelt het dagelijks bestuur de raden van de gemeenten, de algemene besturen van Aangepast aan de voorstellen zoals gedaan door BoelsZanders voor alle RHC's. Wel aangepast om het de waterschappen en het algemeen bestuur schriftelijk en gemotiveerd in kennis van het praktischer te maken. oordeel over de zienswijze alsmede van de eventuele conclusies die het daaraan verbindt.
De minister, de colleges van de gemeenten en de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen maken, binnen twee maanden na ontvangst van de in het derde lid genoemde stukken, gezamenlijk afspraken met het Brabants Historisch Informatie Centrum over te behalen resultaten voor de komende vier jaren.
Het dagelijks bestuur zendt uiterlijk 15 april van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, de algemene financiële en beleidsmatige kaders aan de raden van de gemeenten, de minister en de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen.
door financiële doorrekening om verwarring met de jaarlijkse begroting (met meerjarenraming) te voorkomen.
Via de zienswijzen kan reeds gestuurd worden, en natuurlijk ook bij de vaststelling in het algemeen bestuur. Daarom is de procedure vereenvoudigd.
Ontwerp begroting en kadernota
18.
1.
Het dagelijks bestuur zendt uiterlijk 1 januari van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, de algemene financiële en beleidsmatige kaders aan de raden van de gemeenten en de algemene besturen van de waterschappen. De raden van de gemeenten en de algemene besturen van de waterschappen kunnen binnen acht weken bij het dagelijks bestuur hun zienswijze over deze kaders naar voren brengen. Het dagelijks bestuur stelt de raden van de gemeenten en de algemene besturen van de waterschappen bij de toezending van de ontwerpbegroting schriftelijk en gemotiveerd in kennis van zijn oordeel over de zienswijze alsmede van de eventuele conclusies die het daaraan verbonden heeft.
Aangepast aan nieuwe deadlines ivm WGR-wijziging 2022. Vanwege de gewenste zienswijzen op de kadernota, is deze vervroegd naar 1 januari. De wettelijke deadline is namelijk 30 april. Aangepast ivm uittreding minister OCW. Opgenomen ivm de wijziging van de WGR van 2022. Conform voorstel BoelsZanders voor alle RHC's. Daarnaast wordt de kadernota aan zienswijzen onderworpen, vandaar dat de deadlines eerder liggen dan de wettelijke deadline (30 april). De zienswijzen worden verwerkt in de ontwerpbegroting en niet in een aangepaste kadernota.
2.
3.
4.
5.
6.
Vaststelling begroting
18a.
1. 2.
Het dagelijks bestuur biedt jaarlijks, ten minste acht weken voor de in artikel 19, eerste lid, bedoelde vaststelling, de raden van de gemeenten, de minister en de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen een ontwerp aan voor de begroting met toelichting van het Historisch Informatie Centrum Brabant en een meerjarenraming met toelichting voor ten minste drie op het begrotingsjaar volgende jaren. Bij het opstellen van het ontwerp voor de begroting, bedoeld in het eerste lid, neemt het algemeen bestuur het archiefbeleid, bedoeld in artikel 2, tweede lid, de algemene aanwijzingen, bedoeld in artikel 2, derde lid in acht en daarnaast de afspraken, bedoeld in artikel 17, vierde lid.
2.
In de toelichting op de ontwerpbegroting worden de aard en de omvang van de voorgenomen activiteiten beschreven. Daarbij wordt aangegeven welke belangen en resultaten het Brabants Historisch Informatie Centrum met de activiteiten nastreeft, op welke wijze de activiteiten zullen worden uitgevoerd en voor welke doelgroepen zij zijn bestemd. De ontwerpbegroting wordt door de zorg van de colleges, de minister en de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen voor een ieder ter inzage gelegd en tegen betaling van kosten algemeen verkrijgbaar gesteld. Van de terinzagelegging en de verkrijgbaarstelling geschiedt openbare kennisgeving. De raden van de gemeenten, de minister en de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen kunnen bij het algemeen bestuur hun zienswijze over de ontwerpbegroting naar voren brengen. Het dagelijks bestuur voegt de commentaren waarin deze zienswijze is vervat bij de ontwerpbegroting, zoals deze aan het algemeen bestuur wordt aangeboden.
4.
Het algemeen bestuur stelt de begroting vast in het jaar voorafgaande aan dat waarvoor zij dient. Nadat deze is vastgesteld, zendt het algemeen bestuur, zo nodig, de begroting aan de raden van de gemeenten, de minister en de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen.
3.
5.
6.
Vaststelling begroting
18a.
1. 2.
3.
Wijziging begroting
19.
1. 2.
Betaling bijdrage
20.
Besluiten tot wijziging van de begroting kunnen tot uiterlijk het eind van het desbetreffende begrotingsjaar worden genomen. De artikelen 18 en 19, eerste en tweede lid, zijn van overeenkomstige toepassing. Het dagelijks bestuur zendt de begrotingswijziging binnen vier weken na de vaststelling aan de raden van de gemeenten, de minister en de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen.
Wijziging begroting
De minister, de gemeenten en de waterschappen voldoen de bijdragen bij wijze van voorschot in door hen nader te bepalen termijnen.
Betaling bijdrage
19.
1. 2.
20.
Pagina 5 van 8
Het dagelijks bestuur biedt jaarlijks, ten minste twaalf weken voor de aanbieding aan het algemeen bestuur, de raden van de gemeenten en de algemene besturen van de waterschappen een ontwerp aan voor de begroting met toelichting van het Historisch Informatie Centrum Brabant en een meerjarenraming met toelichting voor ten minste drie op het begrotingsjaar volgende jaren. In de toelichting op de ontwerpbegroting worden de aard en de omvang van de voorgenomen Foutieve verwijzing gecorrigeerd. activiteiten beschreven. Daarbij wordt aangegeven welke belangen en resultaten het Brabants BHIC is verplicht alle geldend beleid van de gemeenten/waterschappen en de gemaakte afspraken in acht te Historisch Informatie Centrum met de activiteiten nastreeft, op welke wijze de activiteiten nemen. Deze bepaling voegt daarom weinig toe. zullen worden uitgevoerd en voor welke doelgroepen zij zijn bestemd. De ontwerpbegroting wordt door de zorg van de colleges en de dagelijkse besturen van de waterschappen voor een ieder ter inzage gelegd en tegen betaling van kosten algemeen verkrijgbaar gesteld. Van de terinzagelegging en de verkrijgbaarstelling geschiedt openbare kennisgeving. De raden van de gemeenten en de algemene besturen van de waterschappen kunnen bij het dagelijks bestuur hun zienswijze over de ontwerpbegroting naar voren brengen. Het dagelijks Aangepast ivm uittreding minister OCW.
bestuur voegt de commentaren waarin deze zienswijze is vervat bij de ontwerpbegroting, zoals deze aan het algemeen bestuur wordt aangeboden. Het dagelijks bestuur stelt de raden van de gemeenten en de algemene besturen van de waterschappen voorafgaande aan het vaststellen van de begroting schriftelijk en gemotiveerd Opgenomen ivm de wijziging van de WGR van 2022. Conform voorstel BoelsZanders voor alle RHC's. in kennis van zijn oordeel over de zienswijze, bedoeld in het vijfde lid, alsmede van de eventuele conclusies die het daaraan verbindt.
Het algemeen bestuur stelt de begroting vast in het jaar voorafgaande aan dat waarvoor zij dient. Deze bepaling is aangepast aan de nieuwe deadlines nav de WGR-wijziging van 2022. De voorstellen van Nadat deze is vastgesteld, zendt het algemeen bestuur, zo nodig, de begroting aan de raden BoelsZanders voor alle RHC's zijn daarbij overgenomen. van de gemeenten en de algemene besturen van de waterschappen die ter zake bij gedeputeerde staten van de provincie hun zienswijze naar voren kunnen brengen. Het dagelijks bestuur zendt de begroting binnen twee weken na de vaststelling, doch in ieder geval vóór de in artikel 67, tweede lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen genoemde datum aan gedeputeerde staten van de provincie.
Besluiten tot wijziging van de begroting kunnen tot uiterlijk het eind van het desbetreffende begrotingsjaar worden genomen. De artikelen 18 en 18a, eerste en tweede lid, zijn van overeenkomstige toepassing. Het dagelijks bestuur zendt de begrotingswijziging binnen vier weken na de vaststelling aan de raden van de gemeenten en de algemene besturen van de waterschappen.
Er is geen artikel 19 eerste en tweede lid waarnaar verwezen kan worden. Dit is aangepast naar artikel 18a.
De gemeenten en de waterschappen voldoen de bijdragen bij wijze van voorschot in door hen Aangepast ivm de uittreding van de minister van OCW. nader te bepalen termijnen.
BHIC Was-wordt lijst Huidig info
Jaarrekening
artikel lid
21
1.
2.
3.
4.
5.
Reserve
22.
1.
2.
Definitieve bijdrage
23.
Financiële administratie 24.
1.
2.
Nadere regels financieel 25. beheer
Beheer archiefbescheiden
26.
1.
2.
3.
Informatie-uitwisseling
27.
sub
Huidige tekst
info
artikel lid
Het dagelijks bestuur zendt voor 15 april van het jaar na het jaar waarvoor de jaarrekening dient, een voorlopige jaarrekening aan de minister, de raden van de gemeenten en de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen. De voorlopige jaarrekening gaat vergezeld van een verklaring omtrent de getrouwheid en de rechtmatigheid, afgegeven door een accountant als bedoeld in artikel 393 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. Het algemeen bestuur draagt er zorg voor dat medewerking wordt verleend aan door of namens de accountant(s) van de minister, de gemeenten en de waterschappen in te stellen onderzoeken naar de door de accountant, bedoeld in het eerste lid, verrichte (controle)werkzaamheden. Het algemeen bestuur brengt jaarlijks aan de minister, de raden van de gemeenten en de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen voor 15 april een inhoudelijk verslag uit van de werkzaamheden, het gevoerde beleid in het algemeen en de doelmatigheid en doeltreffendheid van zijn werkzaamheden en werkwijze in het bijzonder in het afgelopen kalenderjaar. Het dagelijks bestuur zendt de jaarrekening binnen twee weken na de vaststelling, doch in ieder geval vóór 15 juli van het jaar volgende op het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft, aan de raden van de gemeenten, de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen en de minister.
Het algemeen bestuur stelt de in het eerste en derde lid bedoelde stukken algemeen verkrijgbaar.
Jaarrekening
21.
Een batig saldo kan worden bestemd voor vorming van of toevoeging aan de reserve, of kan worden uitbetaald. De hoogte van deze reserve wordt bepaald door het algemeen bestuur, gehoord de minister, de raden van de gemeenten en de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen. Voor zover een batig saldo niet wordt aangewend voor de reserve wordt het saldo naar rato van de jaarlijkse bijdrage uitgekeerd aan de minister, de gemeenten en de waterschappen. De reserve in enig jaar bedraagt niet meer dan tien procent van de gezamenlijke bijdragen van de minister, de gemeenten en de waterschappen van dat jaar.
Reserve
Bij het jaarverslag stelt het algemeen bestuur de definitieve bijdragen van de minister, de gemeenten en de waterschappen vast.
Definitieve bijdrage
Het algemeen bestuur stelt regels vast met betrekking tot de organisatie van de financiële administratie en van het kasbeheer en de boekhouding van het Brabants Historisch Informatie Centrum. Bij deze regels wordt bepaald welke ambtenaren van het Brabants Historisch Informatie Centrum met het doen van ontvangsten en betalingen worden belast. Het algemeen bestuur stelt regels vast met betrekking tot de controle op de financiële administratie en het kasbeheer.
Financiële administratie 24.
De minister, de gemeenten en de waterschappen kunnen gezamenlijk nadere regels stellen over het financieel en materieel beheer, over de inrichting van de begroting, het financieel verslag, jaarverslag en aandachtspunten voor de accountantscontrole.
Nadere regels financieel 25. beheer
Overeenkomstig door het algemeen bestuur vast te stellen regels, die aan gedeputeerde staten van de provincie worden medegedeeld, draagt het dagelijks bestuur zorg voor de archiefbescheiden van het Brabants Historisch Informatie Centrum. De archiefbescheiden van het Brabants Historisch Informatie Centrum die op grond van de Archiefwet 1995 moeten worden overgebracht, komen te berusten in de rijksarchiefbewaarplaats in de provincie. De directeur is belast met het beheer van de archiefbescheiden, bedoeld in het eerste lid.
Beheer archief BHIC
4.
De minister, de colleges van de gemeenten en de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen kunnen de staat waarin de onder hun verantwoordelijkheid bij het Brabants Historisch Informatie Centrum berustende archieven zich bevinden onderzoeken.
1.
De colleges, de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen, de minister en het Brabants Historisch Informatie Centrum verstrekken elkaar desgevraagd inlichtingen en gegevens welke zij nodig achten voor de uitoefening van hun taak. De minister, de colleges en de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen kunnen inzage vorderen van zakelijke gegevens en bescheiden van het Brabants Historisch Informatie Centrum, voor zover dat voor de vervulling van hun taak redelijkerwijs nodig is. het Brabants Historisch Informatie Centrum stelt de minister, de colleges en de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen te allen tijde in de gelegenheid toezicht te houden op het bepaalde bij of krachtens de Archiefwet 1995 ten aanzien van de archiefbescheiden die berusten in de rijksarchiefbewaarplaats in de provincie en de archiefbewaarplaatsen van de gemeenten.
2.
3.
Nieuw
sub
1.
2.
3.
4.
5.
22.
Het algemeen bestuur brengt jaarlijks aan de raden van de gemeenten en de algemene Aangepast ivm de uittreding van de algemene besturen van de waterschappen besturen van de waterschappen voor 30 april een inhoudelijk verslag uit van de werkzaamheden, het gevoerde beleid in het algemeen en de doelmatigheid en doeltreffendheid van zijn werkzaamheden en werkwijze in het bijzonder in het afgelopen kalenderjaar. Het dagelijks bestuur zendt de jaarrekening binnen twee weken na de vaststelling, doch in ieder geval vóór de in artikel 67, vierde lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen genoemde datum van het jaar volgende op het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft, aan de raden van de gemeenten en de algemene besturen van de waterschappen. Het algemeen bestuur stelt de in het eerste en derde lid bedoelde stukken algemeen verkrijgbaar.
2.
De algemene reserve in enig jaar bedraagt niet meer dan tien procent van de totale bijdragen Via deze bepaling blijft de specifieke uitkering (de Rijksbijdrage) meetellen, omdat anders de van dat jaar van de deelnemers en van andere opdrachtgevers. weerstandscapaciteit te laag uitvalt.
Bij de jaarrekening stelt het algemeen bestuur de definitieve bijdragen van de gemeenten en Aangepast ivm de uittreding van de minister van OCW. de waterschappen vast.
1.
Het algemeen bestuur stelt regels vast met betrekking tot de organisatie van de financiële administratie en van het kasbeheer en de boekhouding van het Brabants Historisch Informatie Centrum. Bij deze regels wordt bepaald welke ambtenaren van het Brabants Historisch Informatie Centrum met het doen van ontvangsten en betalingen worden belast. Het algemeen bestuur stelt regels vast met betrekking tot de controle op de financiële administratie en het kasbeheer.
De colleges van de gemeenten en de dagelijkse besturen van de waterschappen kunnen gezamenlijk kaders stellen over het financieel en materieel beheer, over de inrichting van de begroting, het financieel verslag, jaarverslag en aandachtspunten voor de accountantscontrole.
Aangepast ivm de uittreding van de minister van OCW. Verduidelijkt vanwege uittreding algemene besturen. Daarnaast terminologie aangepast, omdat het strikt-juridisch niet om nadere regels kan gaan.
1.
Overeenkomstig door het algemeen bestuur vast te stellen verordening draagt het dagelijks bestuur zorg voor de documenten van het Brabants Historisch Informatie Centrum.
Aangepast aan art. 2.3 Archiefwet 2021.
2.
De archiefbescheiden van het Brabants Historisch Informatie Centrum die op grond van de Archiefwet 2021 moeten worden overgebracht, komen te berusten in de decentrale archiefdienst van de gemeente Boekel. De colleges van de gemeenten en de dagelijkse besturen van de waterschappen kunnen de staat waarin de onder hun verantwoordelijkheid bij het Brabants Historisch Informatie Centrum berustende archieven zich bevinden onderzoeken.
Aangepast aan art. 2.6 Archiefwet 2021. De decentrale archiefdienst van Boekel is overigens het BHIC zolang Boekel deelnemer is.
3.
27.
Het dagelijks bestuur zendt voor 30 april van het jaar na het jaar waarvoor de jaarrekening dient, een voorlopige jaarrekening aan de raden van de gemeenten en de algemene besturen Aangepast aan de Wgr-wijziging 2022 overeenkomstig voorstel BoelsZanders voor gezamenlijke RHC's. van de waterschappen. De voorlopige jaarrekening gaat vergezeld van een verklaring omtrent Aangepast ivm de uittreding van de minister van OCW en de algemene besturen van de waterschappen. de getrouwheid en de rechtmatigheid, afgegeven door een accountant als bedoeld in artikel 393 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. Het algemeen bestuur draagt er zorg voor dat medewerking wordt verleend aan door of namens de accountant(s) van de gemeenten en de waterschappen in te stellen onderzoeken naar de door de accountant, bedoeld in het eerste lid, verrichte (controle)werkzaamheden.
Een batig saldo kan worden bestemd voor vorming van of toevoeging aan de reserve, of kan worden uitbetaald. De hoogte van deze reserve wordt bepaald door het algemeen bestuur, gehoord de raden van de gemeenten en de algemene besturen van de waterschappen. Voor Aangepast ivm de uittreding van de minister van OCW. zover een batig saldo niet wordt aangewend voor de reserve wordt het saldo naar rato van de jaarlijkse bijdrage uitgekeerd aan de gemeenten en de waterschappen.
2.
Informatie-uitwisseling
Toelichting
1.
23.
26.
Nieuwe tekst
1.
2.
3.
Pagina 6 van 8
Aangepast ivm de uittreding van de minister van OCW en de algemene besturen van de waterschappen
De colleges en dagelijkse besturen van de waterschappen en het Brabants Historisch Dit artikel is aangepast ivm de uittreding van de minister van OCW en de algemene besturen van Informatie Centrum verstrekken elkaar desgevraagd inlichtingen en gegevens welke zij nodig de waterschappen achten voor de uitoefening van hun taak. De colleges en de dagelijkse besturen van de waterschappen kunnen inzage vorderen van Aangepast ivm uittreden algemene besturen van de waterschappen zakelijke gegevens en bescheiden van het Brabants Historisch Informatie Centrum, voor zover dat voor de vervulling van hun taak redelijkerwijs nodig is. Het Brabants Historisch Informatie Centrum stelt de colleges en de dagelijkse besturen van de Aangepast ivm Archiefwet 2021 waterschappen te allen tijde in de gelegenheid toezicht te houden op het bepaalde bij of krachtens de Archiefwet 2021 ten aanzien van de archiefbescheiden die berusten in de archiefdienst van het Rijk, bedoeld in artikel 2, eerste lid, en de decentrale archiefdiensten van de gemeenten en waterschappen
BHIC Was-wordt lijst Huidig info
Zienswijze BHIC op ontwikkelingen
artikel lid
28.
info
artikel lid
De colleges, de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen en de minister doen het dagelijks bestuur mededeling van de bij hen in voorbereiding zijnde maatregelen en plannen die voor de behartiging van de belangen, bedoeld in artikel 2, voor het Brabants Historisch Informatie Centrum van belang zijn. De colleges, de algemene en dagelijkse besturen van de waterschappen en de minister kunnen, bij de in het eerste lid bedoelde mededeling, het gevoelen vragen van het dagelijks bestuur. Ook ongevraagd kan het dagelijks bestuur zijn zienswijze daaromtrent aan de gemeentes, de waterschappen of minister kenbaar maken.
Zienswijze BHIC op ontwikkelingen
28.
Het dagelijks bestuur beslist omtrent benoeming, schorsing en ontslag van de directeur van het Brabants Historisch Informatie Centrum.
Aannemen, schorsing en 29. ontslag directeur