Bijlage 4 - Selectieadvies archeologisch monumentenzorg
Tekst van het document
376
Gemeente Vught Selectieadvies AMZ, 03-09-2020
Selectieadvies archeologische monumentenzorg Gemeente Vught Vught, Rozenoord Gemeente Vught (NB) Archeologisch bureauonderzoek (BO) en inventariserend Veldonderzoek (IVO), verkennende fase Transect-rapport 2748 Transect (conceptversie rapport)
Naam
Afdeling/bedrijf
Datum
Opsteller
Juan van der Roest
senior archeoloog, gemeente ’s-Hertogenbosch afdeling SO/Erfgoed
03-09-2020
Controle
Stefan Molenaar
senior archeoloog, gemeente ’s-Hertogenbosch afdeling SO/Erfgoed
03-09-2020
Controle Gemeente Vught
Gijs Timmermans
beleidsadviseur Leefbaarheid, gemeente Vught, afdeling ontwikkeling
24-06-2020
Paraaf
SM
AMZ - Selectieadvies Rozenoord te Vught, gemeente Vught - BO + IVO-B- Transect-rapport 2748 – 376_def
1 Inleiding In opdracht van AGEL Adviseurs heeft Transect archeologisch vooronderzoek uitgevoerd voor het projectgebied Rozenoord aan de Vliertstraat 4 en Sint-Elisabethstraat 1a/b in Vught. Aanleiding vormt de benodigde bestemmingsplanwijziging en de aanvraag van een omgevingsvergunning voor de gedeeltelijke sloop van de bestaande bebouwing en nieuwbouw van 35 huurwoningen in het plangebied. Om de ontwikkeling mogelijk te maken, is een bestemmingsplanwijziging nodig aangezien deze strijdig is met de huidige functie van het terrein. Voor de werkzaamheden zal grondverzet plaatsvinden, die het bodemarchief en daarmee eventueel aanwezige archeologische waarden zal aantasten. In het plangebied geldt in het bestemmingsplan ´Centrum Vught e.o. 2013 ´ een Waarde - Archeologie. Dit houdt in dat archeologisch onderzoek verplicht is bij bodemingrepen, die groter zijn dan 100 m2 en dieper dan 30 cm -mv reiken. Dit betekent dat gezien de omvang van de voorgenomen sloop en nieuwbouw (ca. 3.025 m2, dieper dan 30 cm -mv) vooronderzoek nodig is. Dit rapport voorziet in die plicht. De gemeente Vught is - als bevoegde overheid - nu gevraagd het onderzoek te beoordelen en een selectieadvies op te stellen. Het rapport is daartoe voorgelegd aan de afdeling SO/Erfgoed van de gemeente ’s-Hertogenbosch.
1.1 Het plangebied Het plangebied omvat het gebouw Rozenoord en een deel van haar omgeving in Vught; het betreft de adressen Elisabethstraat 1a en 1b en Vliertstraat 4. Kadastraal omvat het plangebied een deel van het perceel VUG00, Sectie L, nr. 3447. De begrenzing wordt volledig gevormd door de perceelsgrenzen met aanliggende kavels. Het plangebied heeft een omvang van ca. 3.080 m2, de omvang van de hierbinnen aanwezige bebouwing bedraagt ca. 1.700 m2. Voor de ligging en exacte begrenzingen van het plangebied wordt verwezen naar het rapport van Transect, zie onder. 1.2 Aard van de bedreiging De huidige bebouwing heeft een omvang van 1.700 m2 ; hiervan worden twee gebouwen gesloopt. De overige twee gebouwen, St.-Elisabethstraat 1a en 1b blijven behouden en worden getransformeerd naar de functie wonen. De omvang van de nieuwbouw zal ongeveer hetzelfde bedragen als die van de huidige bebouwing (ca. 1.700 m2). Onder de woningen komt één grote parkeerkelder. Deze krijgt een diepte van ca. 2,1 m -mv; voor de aanleg wordt max. tot 2,2 m -mv ontgraven. Verder worden 35 heipalen geslagen met een lengte van 16 m. De kans dat bij deze grondwerkzaamheden mogelijk aanwezige archeologische waarden verstoord of vernietigd worden, is groot.
2 Archeologisch onderzoek Transect heeft het onderzoek in mei 2020 uitgevoerd en op basis daarvan het volgende rapport opgesteld : Nales, T., 2020 : Vught, Rozenoord - Gemeente Vught (NB) - Archeologisch bureauonderzoek (BO) en inventariserend Veldonderzoek (IVO), verkennende fase - Transect-rapport 2748 - versie concept, v. 1.1, 27 mei 2020. Dit archeologisch rapport vormt ook bijlage 6 bij het voorontwerp van een nieuw bestemmingsplan van AGEL Adviseurs en verder voor de aanvraag van de omgevingsvergunning (?). 2.1 Onderzoeksmethode Het archeologisch vooronderzoek bestaat uit een bureauonderzoek en een inventariserend veldonderzoek. De vraagstelling gaat over het specificeren van de archeologische verwachting van het plangebied en het toetsen en aanvullen van deze verwachting door middel van waarnemingen in het veld. Op basis van dit rapport neemt de bevoegde overheid een beslissing in het kader van de vergunningverlening of planprocedure. Het rapport bevat waar mogelijk gegevens over de - verwachte - aan- of afwezigheid, aard, omvang, ouderdom, gaafheid, conservering en (relatieve) kwaliteit van archeologische waarden. Het bureauonderzoek is uitgevoerd conform protocol 4002 van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie, KNA v. 4.1 ; het inventariserend veldonderzoek is uitgevoerd conform protocol 4003 en het Plan van Aanpak (Melman 2020).
Tijdens het veldwerk uitgevoerd op 8 mei 2020 zijn 5 boringen gezet met een Edelman-boor 7 cm tot max. 130 cm -mv. De boringen zijn beschreven volgens NEN5104 en ASB (SIKB 2008).
Gemeente Vught, versie 03 september 2020
2 van 4
AMZ - Selectieadvies Rozenoord te Vught, gemeente Vught - BO + IVO-B- Transect-rapport 2748 – 376_def
2.2 Conclusie onderzoek (verkort) Uit het bureauonderzoek bleek dat het plangebied vermoedelijk ligt op de overgang van een dekzandrug naar een beekoverstromingsvlakte, waarmee het een aantrekkelijke vestigingsplaats vormt voor (pre-)historische samenlevingen. Hierdoor heeft het plangebied een hoge archeologische verwachting voor de periode Laat-Paleolithicum - Late Middeleeuwen. Er zijn waarschijnlijk hoge zwarte enkeerdgronden aanwezig boven het dekzand. Indien deze gronden niet vergraven zijn, kan de aanwezigheid van een dergelijk dek hebben gezorgd voor een goede conservering van archeologische resten in de top van het dekzand. Voor de Nieuwe Tijd geldt een lage verwachting op nederzettingsresten. Sporen van landgebruik zijn echter niet uit te sluiten. Het plangebied is akkerland geweest tussen twee oude wegen, de Hoge en Lage Vliert. In de omgeving hebben langs deze wegen wel huizen gestaan. Tot slot zijn resten uit de Tweede Wereldoorlog in en rondom het gebouw te verwachten. Kort na de bouw van het pand als bioscoop is Rozenoord door Duitse militairen bezet. Dit zou kunnen betekenen dat er in en rondom het gebouw resten te vinden zijn die getuigen van deze aanwezigheid.
In hoeverre deze resten inpandig nog aanwezig kunnen zijn, is onbekend en afhankelijk hoe grondig latere verbouwingen hebben plaatsgevonden, waarbij grootschalige uitbraak van bijvoorbeeld vloeren heeft plaatsgevonden. Het verkennend booronderzoek bevestigde de vermoedelijke ligging van het plangebied op de overgang van een hoger gelegen deel binnen het dekzandlandschap naar een lager gelegen deel. Er is immers sprake van een circa 1,4 m verschil in diepteligging van het dekzand binnen het plangebied en in boring 3 is veen aangetroffen, hetgeen in dit deel van het plangebied wijst op een lage ligging. De ligging van het plangebied op een flank (van een rug in het NW naar een lager gelegen deel in het ZO) geeft het een hoge verwachting op resten uit de periode Neolithicum - Late Middeleeuwen. Het verschil in hoogteligging van het dekzand, waarbij het NW deel hoog ligt en het ZO deel laag, zou tevens een verklaring kunnen vormen voor de oorspronkelijke namen van de wegen Hoge Vliert en Lage Vliert (respectievelijk de St.-Elisabethstraat en de Vliertstraat). Tevens is de top van het dekzand intact ; hoewel geen duidelijke sporen van bodemvorming zijn aangetroffen, is de humeuze ophooglaag op het dekzand homogeen en ongemoeid. Dit wijst erop dat er geen diepreikende verstoringen hebben plaatsgevonden.
Mogelijk vormt de humeuze ophooglaag een oud bouwlanddek, dat als gevolg van landbouwwerkzaamheden door bemesting en bewerking ontstaan is. De oorspronkelijke top van het dekzand is toen verploegd, maar deze werkzaamheden zijn niet zodanig geweest dat archeologisch gezien het dekzand verstoord is. Grondsporen kunnen namelijk nog aanwezig zijn: er is dus sprake van een hoge mate van intactheid van de ondergrond van het plangebied. Wat betreft de periode Laat-Paleolithicum - Mesolithicum is de verwachting laag. Vindplaatsen uit deze tijd kenmerken zich doorgaans door een ijle, dunne strooiing van bewerkte stukken vuursteen, die op het dekzand ligt. Aangezien de oorspronkelijke top naar verwachting door landbouwwerkzaamheden verploegd is geraakt, zullen eventuele vindplaatsen uit deze tijd opgenomen zijn in het humeuze dek en niet meer in situ aanwezig zijn. 2.3 Advies Transect Op basis van het vooronderzoek geldt voor een deel van het plangebied een hoge verwachting op het aantreffen van archeologische resten uit de periode Neolithicum - Late Middeleeuwen en resten uit de Tweede Wereldoorlog. Er bestaat het voornemen om delen van de bebouwing in het plangebied deels te slopen. De bebouwing aan de St.-Elisabethstraat 1a en 1b blijft volledig behouden. De rest van de bebouwing wordt volledig gesloopt en hiervoor komt een nieuwbouwcomplex met 35 woningen terug.
Voor de nieuwbouw wordt ontgraven tot ca. 220 cm -mv. Vanwege de hoge archeologische verwachting adviseren wij (Transect) in het plangebied een vervolgonderzoek uit te voeren naar de aanwezigheid van archeologische resten. Dit onderzoek kan het beste plaatsvinden in de vorm van een proefsleuvenonderzoek. Voor een dergelijk onderzoek is een Programma van Eisen noodzakelijk dat door de gemeente is beoordeeld en goedgekeurd. Bovenstaande vormt een advies. Op grond van de resultaten van het rapport en het advies zal de bevoegde overheid (de gemeente Vught) een selectiebesluit nemen over de daadwerkelijke omgang met eventueel aanwezige archeologische waarden binnen het plangebied.
Gemeente Vught, versie 03 september 2020
3 van 4
AMZ - Selectieadvies Rozenoord te Vught, gemeente Vught - BO + IVO-B- Transect-rapport 2748 – 376_def
3 Beoordeling namens/door de Gemeente Vught Het rapport van Transect voldoet aan de huidige wet- en regelgeving en is verder volledig opgesteld. Eerdere op- en aanmerkingen zijn naar tevredenheid verwerkt. 3.1 Selectieadvies Gemeente Vught De gemeente kan instemmen met het door Transect opgestelde advies. Indien de geplande bodemingrepen tot in de archeologisch relevante niveaus reiken, zal in het plangebied een vervolgonderzoek moeten worden uitgevoerd om te kunnen vaststellen of behoudenswaardige archeologische vindplaatsen aanwezig zijn en om vast te stellen of deze worden bedreigd door de voorgenomen ingrepen. De archeologische onderzoeksplicht zal door middel van een archeologische dubbelbestemming in het bestemmingsplan moeten worden opgenomen.
Gemeente Vught, versie 03 september 2020
4 van 4