Bijlage 3f - Schriftelijke reactie Stichting Boom & Bosch d.d. 15 juli 2021
Tekst van het document
1
Stichting Boom & Bosch Willem van Oranje Laan 33 5211 CP ’s-Hertogenbosch.
’s-Hertogenbosch, 15 juli 2021, Voorlopige reactie en aanvulling op veldbezoek (28 juni jl.) Kloostergoed Theresia Vught. Op de eerste plaats waardering voor de inspanningen om de waardevolle bomen in te passen. Naast waardevolle bomen mag wat ons betreft de lat (ambitie) hoger worden gelegd. Ook bomen die niet als waardevol zijn gekwalificeerd vertegenwoordigen waarden. Zoals de monetaire boomwaarde, waarde voor de beeldkwaliteit, waarde voor de luchtkwaliteit en waarde voor de toekomst (toekomstbomen). Suggestie: inventariseer ALLE bomen en neem zoveel mogelijk bomen, maar ook struiken, mee in het ontwerp en inrichtingsplan. Dat is namelijk het aanwezige, groene kapitaal. Dat geldt in principe ook voor alle aanwezige planten die een bijdrage leveren aan de biodiversiteit. Wij beperken ons hier alleen tot de aanwezige houtopstanden. Maak na de inventarisatie een afweging aan de voorkant van het planproces (kleurenpallet, groen, geel en rood) waarbij de bomen worden meegenomen in de harde planvorming (inpassen door aanpassen ontwerp) en bomen in de zachte planvorming (inrichtingsplan), zoals bestrating, kabels en leidingen, parkeerplaatsen, uitritten en andere functies.
Dat heet een inpasbaarheidsonderzoek, wat iets anders is dan een BEA (Bomen Effect Analyse).Naast het inzetten op inpassen de verplantingsoptie onderzoeken (haalbaarheid) en indien deze optie afvalt pas kappen en compenseren. Gebiedsvisie Door de bebouwing in de kloostertuin zoveel mogelijk te concentreren binnen de bestaande bouwvlakken blijft er maximale ruimte over voor groen (bomen), spelen en andere woonfuncties. Daarbij dient wel in ogenschouw te worden genomen dat sloop en nieuwbouw kansen biedt om groeiplaatsen van (waardevolle) bomen te verbeteren door met het ontwerp te schuiven. Bouwen in en nabij de boszone gaat ten koste van bomen. Daarnaast komt er een ontsluitingsweg door het bos waar nu nog een bospad ligt en moeten er uitritten worden aangelegd. De boszone raakt daardoor versnipperd en versteend en gaat als structuur verloren. Bomen die terugkomen in tuinen en zonlicht wegnemen, wat veel bewoners in het algemeen als minder prettig ervaren, zullen op termijn sneuvelen. Bij woningen die in de boszone, of kort op de zone, worden gebouwd zal het al snel gaan wringen. Bewoners leggen paden en terrassen aan, voeren graafwerkzaamheden uit, etc. etc. waardoor bomen instabiel kunnen worden of door wortelverlies een verminderde conditie krijgen met daardoor een lagere levensverwachting. Om reden van veiligheid zullen er nog meer bomen tussenuit vallen.
Door klimaatverandering komen er vaker zware (zomer)stormen voor waardoor bomen kunnen omwaaien of los komen te staan waardoor ze preventief moeten worden gekapt. Kortom, het onderlinge verband en de natuurlijke ontwikkeling van de boszone wordt ruw verstoord en doorbroken. Bomen zijn ook ondergronds met elkaar verbonden en vervlochten. Ontgravingen voor de aanleg van bestrating en paden zullen leiden tot een verminderde conditie van te handhaven bomen. De ingreep in de boszone is dusdanig groot dat door bebouwing, bestrating, riolering, kabels en leidingen en ander voorzieningen veel m2 natuur (en daarmee bomen) verloren zullen gaan.
2 Van de bomen die wel blijven staan zal het lot zeer onzeker zijn. Het verlies aan bomen kan binnen het project onvoldoende worden gecompenseerd. De bomen in de boszone hebben een belangrijke, luchtzuiverende functie zo kort op de drukke N65. In het kader van de klimaatdoelstellingen telt feitelijk iedere boom. Daarnaast gaat met het bebouwen en bestraten van de boszone een wandelrondje verloren. De boszone transformeert in een woonstraat. Het is nu de rustige hoek in de kloostertuin. Een prettig verblijfgebied voor toekomstige bewoners om zich even terug te trekken. Allemaal kwaliteiten die door bebouwing verloren gaan. Tot slot het kappen van zogenaamde exoten. Ten eerste zijn niet alle naaldbomen exoten. Naaldbomen komen van oorsprong in dit deel van Europa voor. Daarnaast is het in een tijd van klimaatverandering zaak om zoveel mogelijk gezonde bomen te handhaven. Ook naaldbomen. Er zullen, als gevolg van langdurige, droge en hete zomers nog veel bomen gaan sneuvelen. Een voorbeeld zijn de beuken. Die hebben afgelopen zomer op grote schaal staan uitdrogen. Met name op de zandgronden. Deze zomer is tot nu toe een uitzondering op de regel. Maar in andere delen van de wereld zien we een geheel ander beeld, met extreem hoge temperaturen en bosbranden. Daarnaast blijven, in tegenstelling tot loofbomen, de meeste naaldbomen in de winter groen. Belangrijk voor het winterbeeld.
Omdat de meesten naaldbomen hun naalden behouden vangen ze het jaarrond fijnstof af. Ze dragen bij aan de beeldkwaliteit, vangen fijnstof af en vormen belangrijke uitkijkposten en nestgelegenheid voor diverse roofvogels. Zo kwamen we tijdens de wandeling een enorme Douglasspar tegen. Deze mastodont kan wel 40 tot 50 meter hoog worden. Buizerds, uilen, boomvalken, maar ook een zeldzame soort als de Rode Wouw maken van dit kaliber naaldboom het jaar rond gebruik. Tot slot hebben we nog over bepaalde soorten paddenstoelensoorten die alleen onder naaldbomen voorkomen. Kortom, de aspecten beeldkwaliteit, luchtkwaliteit en biodiversiteit dienen bij de afweging om naaldbomen te verwijderen ook te worden meegewogen. In de bijlagen hier meer over. Conclusie Bouw geconcentreerd in de kloostertuin met respect voor het aanwezige groen. Maak alle bomen leidend en niet alleen de waardevolle exemplaren. Inventariseer vóór de ontwerpfase de aanwezige bomen en meet ze in. Daar ligt het eerste afweegmoment in de vorm van een inpasbaarheidsonderzoek. Dat kan aan de hand van een kleurenpallet. Pas de bomen optimaal in, met een ruime groeiplaats. Geen functies binnen de kroonprojecties van waardevolle en monumentale bomen. Dat zorgt voor verdichting van de bodem en wortelverlies waardoor de bomen een lagere levensverwachting krijgen.
Pas waar nodig groeiplaatsverbetering toe (hoort bij het inrichtingsplan). Laat de boszone ongemoeid en maak en geef hier de natuur de ruimte. Alleen extensieve recreatie in de vorm een ommetje of speelplek (bijvoorbeeld boomhut). Bebouwen en aanleggen, in en nabij deze boszone, zal leiden tot het verlies van veel bomen en biodiversiteit. Dat geeft niet alleen versnippering van deze groene kraag, maar ook zullen andere, eerder genoemde kwaliteiten verloren gaan. Zoek het bouwvolume, dat hierdoor niet kan worden gerealiseerd, in het centrale deel van de kloostertuin. Op het moment dat het voorlopig ontwerp een fase verder is een BEA (Bomen Effect Analyse) opstellen om de laatste knelpunten in beeld te brengen. Voor bomen die in particuliere tuinen terug komen dienen regels te worden opgesteld, zoals de gemeente destijds heeft gedaan bij de herontwikkeling van locatie De Braacken. In de koopactie dient dat juridisch te worden verankerd met een kettingbeding. Dit om onnodig verlies aan bomen, na oplevering en wisseling van woning, te voorkomen. Tot slot dient er in het bestek een uitgewerkt boombeschermingsplan te worden opgenomen en door de aannemer een gecertificeerde bomenwacht aangesteld. Namens bestuur stichting Boom en Bosch. Helmus Boons. Voorzitter.
3