CConstaterende datVught
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Discussienotitie contouren nieuw afvalbeleid

Commissie Ruimte t/m 31-03-2022 28 januari 2021, gemeente VughtBij agendapunt: Discussienotitie contouren nieuw afvalbeleid5.806 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 1

Discussienotitie contouren nieuw afvalbeleid Opiniërend debat in Commissie Ruimte

Aan Van Datum

De commissieleden van de Commissie Ruimte College van B&W 3 september 2020

CC Betreft

Discussie: Contouren nieuw afvalbeleid

Zaaknummer Documentnummer

INT/20 - 357241

1. Inleiding De huidige ontwikkelingen op het gebied van afval vragen om nieuw afvalbeleid. Ten eerste zijn er belangrijke marktontwikkelingen. Zo is de afvalstoffenbelasting voor het verbranden van restafval fors gestegen en is er een tekort aan recyclingcapaciteit. Ten tweede willen we onze afvalscheiding verder verbeteren. Ons ‘diftar-effect’ is afgelopen, waardoor de hoeveelheid restafval stabiliseert rond de 100 kg per inwoner per jaar. Tot slot willen we graag integraal afwegingen maken bij het opstellen van nieuw beleid. We willen de raad graag in een vroegtijdig stadium meenemen, vandaar dat we deze discussie nu met u voeren en om uw input vragen. De afvalmarkt is dus volop in beweging. De circulaire economie staat hoog op de politieke en maatschappelijke agenda. De Rijksoverheid heeft hiervoor een ambitieus uitvoeringsprogramma opgesteld “Van Afval naar Grondstof (VANG)”. Het doel van dit programma is om het ontstaan van afval zoveel mogelijk te voorkomen. Het afval dat wel ontstaat, moet maximaal worden gescheiden en gerecycled om grondstofketens te sluiten. De VANG-ambitie is om in 2025 nog maximaal 30 kg restafval (huishoudelijk restafval + grof vuil) per inwoner per jaar te hebben. Om dit te stimuleren heeft de Rijksoverheid de belasting voor het verbranden van restafval fors verhoogd, namelijk van 13 euro naar 32 euro per ton.

Daarnaast is bij steeds meer afvalstromen producentenverantwoordelijkheid ingevoerd. Dit betekent dat producenten betalen voor het afvalbeheer van de producten die door hen op de markt zijn gebracht. Er is sprake van producentenverantwoordelijkheid bij batterijen en accu’s, autowrakken, autobanden, elektrische apparaten en verpakkingen. Het kabinet verkent de mogelijkheden om ook producentenverantwoordelijkheid in te voeren op textiel, matrassen en luiers. Voor deze stromen bestaat een tekort aan recyclingcapaciteit, net als voor etensresten, niet-brandbaar afval en Plastic, Blik en Drinkpakken (PBD). Recentelijk zijn over deze laatste stroom nieuwe afspraken gemaakt tussen het Afvalfonds Verpakkingen en de VNG. Hierdoor liggen de financiële risico’s van de PBDketen niet langer bij gemeenten.

INT/20 - 357241

1/16

Een belangrijke lokale ontwikkeling is de samenvoeging van Vught en Helvoirt. Hiervoor moeten de dienstverlening en de afvalstoffenheffing gelijk getrokken worden. We werken samen met de Afvalstoffendienst en de gemeente Haaren om dit soepel te laten verlopen. Daarnaast zijn de minicontainers (rest en gft) in Vught aan vervanging toe. Hiervoor is een bedrag van 700.000 euro gereserveerd.

2. Korte beschrijving van het kader Het huidige grondstoffenbeleid van de gemeente Vught is opgesteld voor 2017 en verder. In bijlage 1 is een evaluatie van het huidige afvalbeleid opgenomen. Het grondstoffenbeleid van 2017 heeft geleid tot een reductie van ca. 25 kg restafval per inwoner per jaar (zie bijlage 1). De volgende maatregelen zijn genomen vanaf 2017: -

Meer communiceren om afvalscheiding te bevorderen; Restafvalinzameling van 1x per 2 weken naar 1x per 4 weken; Glasinzameling van 1x per 2 weken naar 1x per 4 weken; Verruimen openingstijden milieustraat; Het plaatsen van textielcontainers in eigendom van de gemeente.

De nieuwe landelijke en lokale ontwikkelingen op het gebied van afval kunnen redenen zijn om het beleid aan te passen. Paragraaf 3 geeft per afvalstroom een aantal ‘draaiknoppen’. Door aan de verschillende knoppen te draaien kan het afvalbeleid bijgesteld worden.

3. Afvalstromen 3.1

Restafval

Momenteel wordt het restafval eens per 4 weken aan huis opgehaald. De hoeveelheid restafval per inwoner blijft hangen rond de 90 kg per inwoner per jaar (zie bijlage 1, paragraaf 3.1). De volgende draaiknoppen kunnen helpen de hoeveelheid restafval per inwoner terug te dringen: Draaiknop 1: Omgekeerd inzamelen Een vaak genomen maatregel om het aantal kg. restafval te verminderen is omgekeerd inzamelen. Hierbij worden de herbruikbare stromen, zoals groente-, fruit- en tuinafval (GFT), plastic, blik en drinkpakken (PBD), oud papier en karton (OPK) en eventueel glas aan huis opgehaald. Het restafval moeten mensen zelf wegbrengen naar (vaak ondergrondse) containers. Milieu effecten Omgekeerd inzamelen heeft voordelen voor het milieu. Er is een hoge service op grondstoffen en een lage service op restafval. Op deze manier wordt het scheiden van herbruikbare stromen gestimuleerd, zodat minder restafval overblijft. Deze herbruikbare stromen kunnen als grondstoffen worden hergebruikt. Een ander milieuvoordeel is dat de vuilniswagens voor restafval alleen nog de ondergrondse containers hoeven te legen. Zij hoeven niet meer door alle straten van Vught te rijden en het is tevens minder fysiek zwaar werk. Een ander voordeel is dat bewoners een container minder in hun tuin hebben bij omgekeerd inzamelen.

2/16

Een vaak genoemd discussiepunt is dat ondergrondse containers het straatbeeld beïnvloeden en dat ze leiden tot meer afvaldumpingen. Echter, door de containers te plaatsen op locaties waar veel sociale controle is kan ‘bijplaatsing’ worden voorkomen. Ook schone containers, kunstbloemen rondom de containers of het creëren van een kunstobject kunnen helpen dit probleem te voorkomen. Het probleem is dat misbruik kan worden gemaakt van de openbare prullenbakken en de kans op vervuiling van andere afvalstromen, zoals textiel, GFT en PBD. Financiële effecten Inschatting van de kosten bij omgekeerd inzamelen is lastig. Omgekeerd inzamelen kan aan de ene kant resulteren in lagere kosten, doordat de verwerkingskosten voor restafval dalen wanneer de hoeveelheid restafval per persoon daalt. Aan de andere kant zijn de inzamelkosten van herbruikbare stromen lastig te voorspellen voor de toekomst. Het investeren in ondergrondse containers brengt eenmalig hoge kosten met zich mee. Hierdoor kunnen maar een beperkt aantal ondergrondse containers geplaatst worden. Het gevolg is dat mensen verder moeten lopen met hun afval. Dit kan aan de ene kant een positief effect hebben op het scheidingsgedrag, maar het kan ook vervelend zijn voor oudere mensen of mensen die minder goed ter been zijn. De huidige inzameling van het restafval kost op jaarbasis ca. € 107.500.

De aanschaf van ondergrondse containers via de Afvalstoffendienst kost gemiddeld € 9.500 per container. Het feit dat deze containers ook nog geleegd en onderhouden moeten worden maakt dat in Vught maximaal ca. 20-25 ondergrondse containers tegen gelijk blijvende kosten kunnen worden geplaatst. Het is de vraag of deze capaciteit voldoende is voor de hoeveelheid restafval die vrijkomt. Tot slot is een (omgevings)vergunning nodig voor het plaatsen van ondergrondse containers. Draaiknop 2: Laagfrequente inzameling van restafval In Vught is al sprake van laagfrequente inzameling aangezien het restafval eens per 4 weken wordt opgehaald. De ophaalfrequentie kan nog verder worden verlaagd, bijvoorbeeld naar eens per 6 of 8 weken. De vraag is echter of deze frequentie voldoende is in Vught. Gemeenten die op dit moment nog maar eens in de 6 of 8 weken restafval aan huis ophalen, hebben daarnaast ondergrondse containers waar bewoners tussentijds hun restafval naartoe kunnen brengen. Bovendien heeft laagfrequente inzameling consequenties voor bewoners van bovenwoningen en mensen met veel luiers, incontinentiemateriaal of medisch afval. Hier moeten speciale maatregelen voor getroffen worden. Milieueffecten Laagfrequente inzameling van restafval heeft een positief effect op het milieu. De vuilniswagen hoeft namelijk minder vaak door de straten te rijden om het restafval op te halen.

Daarnaast hoeft minder restafval te worden verbrand, omdat mensen gedwongen worden om beter te scheiden. In 2019 werd de grijze container per huishouden gemiddeld 7,3 keer aan de straat gezet in Vught. In Helvoirt werd de grijze container gemiddeld 6,2 keer per huishouden aangeboden. Een ophaalfrequentie van eens in de 6 weken betekent dat de grijze container 8,7 keer per jaar kan worden aangeboden. Deze ophaalfrequentie is dus mogelijk op basis van de ledigingscijfers uit 2019. Echter, wanneer het aantal ledigingen door omstandigheden toeneemt, bijvoorbeeld tijdens de Coronacrisis, is het de vraag of deze ophaalfrequentie voldoende is. Financiële effecten Het minder vaak ophalen van het restafval aan huis leidt tot minder inzamelkosten, omdat de grijze

3/16

containers minder vaak geleegd worden. De huidige inzameling van restafval kost ca. € 107.500 euro. Het verlagen van de ophaalfrequentie naar eens per 6 weken leidt in theorie tot een derde minder inzamelkosten = ca. € 71.667. Dit komt neer op een besparing van ca. € 7,40 per aansluiting. In de praktijk zal deze besparing iets lager uitvallen, omdat het aanbiedgedrag van de inwoners zal veranderen. Bovendien zijn er minder inkomsten vanuit het diftar, omdat de containers minder vaak worden aangeboden. De prijs per lediging zal hierop aangepast moeten worden. Dit brengt een risico met zich mee wanneer de prijs erg hoog wordt. Dit kan afvaltoerisme of illegale dumpingen in de hand werken. Daarnaast kan het een probleem worden wanneer iemand een keer vergeet om de container aan de straat te zetten. In dat geval moet men 6 weken wachten voordat het afval wordt opgehaald. Een mogelijke oplossing is dat mensen tegen betaling hun restafval op de milieustraat mogen aanbieden. Hiervoor moet een container op de milieustraat bijgeplaatst worden. De jaarlijkse huurkosten van de container zijn ca. € 850 per jaar. Hier komen transportkosten bij, afhankelijk van hoe vaak de container wordt afgevoerd. Het is van belang dat het tarief dat de inwoner betaalt voor restafval minimaal gelijk is aan dat van de huis-aan-huisinzameling.

Anders bestaat de kans dat veel inwoners hun restafval naar de milieustraat brengen. Draaiknop 3: Formaat grijze container Een andere mogelijkheid is om het formaat van de restafvalcontainer aan te passen. Bijvoorbeeld inwoners van bovenwoningen hebben vaak geen ruimte voor een grijze en groene minicontainer in hun eigen berging. Een kleiner formaat container, zoals 40, 60 of 80 liter kan voor hen een oplossing bieden. Milieueffecten Dit kan een positief effect hebben voor het milieu, omdat inwoners van bovenwoningen of met een kleine tuin hierdoor zowel hun restafval als hun gft-afval kunnen scheiden. Momenteel hebben zij vaak alleen een grijze container, waardoor het afval niet optimaal gescheiden wordt. Financiële effecten De Afvalstoffendienst levert momenteel alleen 140 en 240 liter formaat containers. Zij geven aan dat het gebruik van een kleiner formaat mogelijk is, mits de gekozen container gechipt kan worden en geleegd kan worden met een normale vuilniswagen. Het nadeel van 80 liter containers is dat deze zeer precies op de wagen geplaatst moeten worden. 40 of 60 liter containers moeten handmatig in de wagen gekiept worden. Dit is arbo-technisch minder gewenst en zal hogere inzamelkosten tot gevolg hebben. Bovendien is chippen van deze kleinste containers lastig.

4/16

Groente-, Fruit- en Tuinafval (GFT) GFT wordt elke 2 weken aan huis ingezameld in Vught. Bovendien is sinds 1 januari 2020 geen sprake meer van diftar op het GFT-afval, waardoor inwoners niet meer per lediging van de groene container betalen. Het wegnemen van de financiële drempel heeft ervoor gezorgd dat bewoners hun GFT beter scheiden (zie bijlage 1, paragraaf 2.1). Draaiknop 1: Uitbreiden hoogbouw pilot De uitkomsten van de hoogbouw pilot zijn over het algemeen positief (zie bijlage 1, paragraaf 2.2). Milieueffecten Uit de evaluatie blijkt dat de hoogbouw pilot een positief milieueffect heeft. Financiële consequenties Momenteel loopt de hoogbouwproef al een aantal maanden op vier locaties. Dit kost ca. € 260 per maand aan verzamelcontainers voor GFT en ca. € 620 per maand aan verzamelcontainers voor PBD die zijn bijgeplaatst tijdens de proef. Op drie van de vier locaties is de capaciteit voor restafval afgenomen. Dit bespaart ca. € 220 per maand. De kosten van de proef komen neer op ca. € 2,08 per aansluiting. Wanneer op alle locaties uiteindelijk een restafvalcontainer kan verdwijnen, zullen deze kosten verder dalen. Het blijft wel geld kosten, omdat er een extra afvalstroom ingezameld wordt. Draaiknop 2: Hoogfrequent inzamelen keukenafval Een andere mogelijke maatregel is hoogfrequente inzameling van keukenafval.

Hierbij wordt gescheiden keukenafval elke week of soms zelfs twee keer per week ingezameld aan huis in kleine keukenemmers. Een groot deel van het keukenafval belandt momenteel bij het restafval. Een belangrijke reden hiervoor is het feit dat veel mensen een restafvalbak in de keuken hebben staan. Daarnaast vinden mensen het vaak lastig of vies om keukenafval apart te scheiden in de keuken. Met de hoogfrequente inzameling wordt het aantrekkelijker om keukenafval te scheiden. De bak hoeft niet lang in de keuken te staan, waardoor er minder snel stank, maden en fruitvliegjes ontstaan. De T-fractie (tuinafval) wordt apart ingezameld in bijvoorbeeld tuinkorven, die het hele jaar verspreid door de gemeente staan. De resultaten in gemeenten die hoogfrequent keukenafval inzamelen zijn succesvol. Milieueffecten Het scheiden van keukenafval is goed voor het milieu. Op deze manier kan er namelijk compost of biogas van worden gemaakt. Keukenafval dat bij het restafval belandt wordt verbrand, wat slecht is voor het milieu. Bovendien is de kwaliteit van het keukenafval beter wanneer het niet te lang in de bak blijft staan. Financiële effecten Aan de ene kant leidt de hoogfrequente inzameling tot extra inzamelkosten, omdat het GFT-afval vaker aan huis moet worden opgehaald. Bovendien kunnen kleine bakken (40 of 60 liter) niet met de zijlader worden geleegd.

Dit maakt deze vorm van inzameling arbeidsintensiever. Aan de andere kant kan de betere scheiding van het GFT-afval leiden tot minder kosten voor het verbranden van restafval, omdat de hoeveelheid restafval afneemt met deze maatregel. Per saldo is wel sprake van extra inzamelkosten.

5/16

Draaiknop 3: Snoeihout/takkenroute en kerstboomroute Twee keer per jaar wordt in Vught snoeihout op zaterdag aan huis opgehaald (begin april en begin november). In januari worden kerstbomen aan huis opgehaald. Milieueffecten Het scheiden van tuinafval is goed voor het milieu. Hier wordt compost of biogas van gemaakt. Het rijden van de routes is minder goed voor het milieu, omdat dit leidt tot meer CO2-uitstoot. Financiële effecten De inzameling van snoeihout kostte in 2019 bijna € 12.500 exclusief verwerking. De inzameling van kerstbomen kostte in 2019 ca. € 7.000 euro exclusief verwerking. Dit komt neer op ca. € 2,00 per aansluiting. Draaiknop 4: Bladkorven In het najaar staan bladkorven verspreid door heel Vught. Hierin kunnen mensen hun bladafval kwijt. Milieueffecten De bladkorven zijn goed voor het milieu. De bladeren worden gecomposteerd of verwerkt tot biogas. Bovendien zorgen de bladkorven ervoor dat er minder blad ligt in de openbare ruimte, waardoor de situatie op straat veilig blijft. Het nadeel is dat veel bedrijven gebruik maken van de bladkorven. Financiële effecten Vorig jaar kostte de inzameling en verwerking van blad in bladkorven ca. € 74.000. Dit komt neer op ca. € 7,60 per aansluiting. Draaiknop 5: Formaat groene container Een andere mogelijkheid is om het formaat van de groene container aan te passen.

Voor inwoners van bovenwoningen is een kleiner formaat groene container een mogelijke oplossing. Daarom kan overwogen worden om bij de aanschaf van nieuwe groene containers ook de mogelijkheid van kleinere (40, 60 of 80 L) containers te onderzoeken. Het probleem is dat 40 of 60 liter containers lastig te chippen zijn en dat deze niet geleegd kunnen worden samen met de andere containers. Bovendien waaien ze snel om. 80 Liter containers waaien minder snel om, maar met dit formaat win je niet veel ruimte. De afmetingen van een 140 liter container zijn namelijk 50 x 55 cm. Een 80 liter container heeft als afmetingen 45 x 53 cm. Daarnaast komen steeds meer aanvragen voor een extra groene container, nu er geen sprake meer is van diftar op het gft. Momenteel mogen alleen bewoners met een huishouden van minimaal 6 personen een extra groene container aanvragen. Een jaarlijkse extra toeslag in het vastrecht voor kleinere huishoudens die een tweede groene container aanvragen zou hiervoor een oplossing kunnen bieden. Milieueffecten Als meer mensen hun GFT-afval gaan scheiden, is dit natuurlijk goed voor het milieu. Aan de ene kant is dit ook het geval wanneer mensen een extra groene container aanvragen. Aan de andere kant

6/16

hoeven niet alle inwoners van Vught mee te betalen als iemand een extra groene container aanvraagt, omdat diegene een grote tuin heeft. Financiële effecten Zoals al eerder genoemd, zijn de kosten van een kleiner formaat container nog onbekend. De inzamelkosten zullen hoger worden, omdat deze containers niet met een zijlader tijdens de reguliere route geleegd kunnen worden. Ze moeten in veel gevallen handmatig geleegd moeten worden, wat ook arbotechnische gevolgen heeft.

7/16

3.3

Plastic, blik en drinkpakken (PBD)

Momenteel worden plastic, blik en drinkpakken (PBD) in zakken aan huis ingezameld. In 2020 zijn in heel Vught kroonringen opgehangen om wegwaaiende en opengescheurde zakken te voorkomen. Het PBD wordt in doorzichtige zakken ingezameld, omdat dit leidt tot de minste vervuiling. Draaiknop 1: Nascheiding van PBD Er bestaat een landelijke discussie over bron- of nascheiding van PBD of een combinatie daarvan. Vaak wordt gesteld dat alleen de afvalstroom PBD zich leent voor nascheiding. Bij nascheiding scheiden inwoners hun PBD-afval niet en gooien dit bij het restafval. De herbruikbare afvalstromen worden na inzameling in een fabriek uit het restafval gehaald. Bij bronscheiding wordt het PBDafval door inwoners zelf gescheiden van het restafval. Voordelen nascheiding: - Nascheiding kan in gebieden met veel hoogbouw effectiever zijn en tot lagere kosten leiden - Nascheiding kan een belangrijke aanvulling op bronscheiding van PBD zijn, door het PBD dat nog in het restafval zit eruit te halen. In veel gemeenten wordt bijvoorbeeld het PBD in laagbouw aan huis opgehaald (bronscheiding) en het afval uit hoogbouw nagescheiden. - Bij nascheiding bestaat geen verwarring over de ingewikkelde scheidingsregels van PBD. - Nascheiding zorgt voor een container/zak voor PBD minder in huis. Voordelen bronscheiding: - Bronscheiding zorgt voor een betere kwaliteit PBD, doordat er minder vervuiling is.

Bij bronscheiding komt het PBD namelijk niet in contact met andere afvalsoorten, waardoor het relatief schoon blijft. - Gescheiden inzameling van PBD zorgt ervoor dat inwoners bewust zijn van hoeveel verpakkingen zij gebruiken. - Bronscheiding van PBD stimuleert inwoners om ook ander afval te scheiden. - In ons contract met Nedvang hebben we voor bronscheiding gekozen. De precieze milieueffecten en financiële effecten van nascheiding zijn nog onduidelijk. Momenteel lopen verschillende onderzoeken naar de mogelijkheden van nascheiding. We worden op de hoogte gehouden van deze ontwikkelingen. Naar verwachting zijn de eerste resultaten in het najaar bekend. Draaiknop 2: Inzameling PBD in minicontainer Een andere mogelijkheid is om PBD voortaan in te zamelen in een minicontainer. Aangezien het volume PBD-afval veel groter is dan van restafval, kan gekozen worden om de restafvalcontainer voortaan voor PBD-afval te gebruiken. Het restafval kan dan eens per maand in een vuilniszak aan de kroonringen worden gehangen. Milieueffecten Volgens de Benchmark (2018) zorgt een minicontainer voor PBD in plaats van zakken in diftargemeenten voor 78% meer ingezameld PBD. Een nadeel is dat de mate van vervuiling een stuk hoger is in een bak, omdat dit lastiger te controleren is. In doorzichtige zakken kan de inzamelaar meteen zien of voelen of er vervuiling in de zak zit en of de zak te zwaar is.

8/16

Financiële effecten De kosten van een 140 liter minicontainer bedragen € 25,96. Dit betekent dat de aanschaf van containers voor PBD ca. € 250.000 kost. Deze kosten kunnen iets lager zijn wanneer heel Vught van een container wordt voorzien. De inzamelkosten zullen niet hoger zijn dan de huidige kosten, mogelijk zelfs iets lager. Indien de restafvalcontainer gebruikt wordt voor PBD, hoeven geen nieuwe containers aangeschaft te worden. In dat geval is er geen sprake van extra kosten.

9/16

3.4

Oud papier en karton (OPK)

Momenteel wordt OPK eens per 2 weken aan huis ingezameld in kartonnen dozen of kratjes. Dit is een arbo-intensieve manier van inzamelen. Draaiknop 1: Inzameling OPK in minicontainer Het is mogelijk om ook OPK voortaan in te zamelen in een minicontainer. Milieueffecten Volgens de Benchmark (2018) zorgt een minicontainer voor papier in diftar-gemeenten voor 13% meer ingezameld oud papier. Bovendien is de inzameling in minicontainers arbo-technisch een betere vorm van inzameling. De inzameling van oud papier in doosjes lijkt arbo-technisch sterk op de inzameling van glas. Een nadeel van deze optie is dat inwoners een extra bak in de tuin krijgen. Financiële effecten De kosten van een 140 liter minicontainer bedragen € 25,96. Dit betekent dat de aanschaf van containers voor OPK ca. € 250.000 kost. Deze kosten kunnen iets lager zijn wanneer heel Vught van een container wordt voorzien. De inzamelkosten zullen niet hoger zijn dan de huidige kosten. Draaiknop 2: Invoering Ja/Ja sticker Invoering van de Ja/Ja sticker is ook een mogelijke maatregel. Hierbij ontvangen alleen bewoners die een Ja/Ja sticker op hun brievenbus hebben reclamedrukwerk. De huidige Nee/Nee en Nee/Ja stickers blijven gewoon hun werk doen.

Uit het onderzoek van de NVRD (2018) blijkt dat maar 35% van de respondenten een Ja/Ja sticker op de brievenbus zou plakken, terwijl nu 61% geen sticker heeft en dus wel reclamefolders ontvangt. Per 1 januari 2020 hebben een aantal grote steden deze maatregel ingevoerd, namelijk Tilburg, Rotterdam, Utrecht en Haarlem. Er zijn gemeenten die overwegen om een uitzondering te maken voor wijkkranten, zoals het Klaverblad in Vught. Op deze manier kunnen lokale ondernemingen blijven adverteren en blijven de inwoners op de hoogte van lokale ontwikkelingen. Milieueffecten In Amsterdam heeft deze maatregel geleid tot een daling van 220.000 huishoudens naar 100.000 huishoudens die reclamefolders ontvangen. Met deze maatregel kan de 4,5 kg. oud papier en karton die nu nog in het restafval van de inwoners van Vught zit mogelijk worden verminderd. Kanttekening is dat deze maatregel nadelige gevolgen heeft voor de reclamefolderindustrie. In Amsterdam spanden zij een rechtszaak aan tegen de gemeente. De gemeente Amsterdam heeft de rechtszaak gewonnen, waardoor de Ja/Ja-sticker mag blijven. Wel hadden zij een overgangstermijn van twee jaar ingesteld. Een alternatief voor de Ja/Ja sticker is Kiesjefolders. Op deze website kunnen mensen zelf aangeven welke reclamefolders ze willen ontvangen en welke niet. Hierdoor ontvangt men geen overbodige folders, wat resulteert in minder papierverspilling.

Financiële effecten Voor gemeenten kan deze maatregel juridische kosten met zich meebrengen. Daarnaast zijn er kosten verbonden aan de aanschaf van de stickers en communicatie over het nieuwe systeem.

10/16

3.5

Glas

Momenteel wordt glas eens in de 4 weken aan huis opgehaald in kratjes. Draaiknop 1: Stoppen met de huis-aan-huis inzameling De huidige inzameling van glas aan huis door middel van kratten staat onder druk. Dit blijkt uit de risico-inventarisatie (RI&E) uitgevoerd door de Afvalstoffendienst (zie bijlage 1, paragraaf 2.4). Het dringende advies van de Afvalstoffendienst is om te stoppen met de glasinzameling aan huis. Milieueffecten Het stoppen met de huis-aan-huis inzameling van glas heeft een positief milieueffect. De vuilniswagens hoeven namelijk niet meer de routes te rijden voor glas. Bovendien kan het glas bij de huis-aan-huisinzameling niet per kleur worden gescheiden, terwijl dat in de glasbak wel het geval is. Het inzamelen van glas in de glasbak leidt dus tot een hogere mate van recycling. Een risico is dat bewoners glas eerder bij het restafval gooien, omdat zij niet gewend zijn om naar de glasbak te moeten. Hoewel de huis-aan-huis service zeer gewaardeerd wordt door bewoners, leidt de huidige inzameling regelmatig tot klachten van mensen waarbij hun glaskrat niet is geleegd, bijvoorbeeld doordat er blik bij het glas zat. Financiële effecten De huidige inzameling en transport van glas kost ca € 82.400 euro. Aan huis is in 2019 ca. 400 ton glas opgehaald. De opbrengst van de Afvalstoffendienst van glas uit de huis-aan-huisinzameling is ca. € 2.400 euro.

De Nedvang opbrengst van 400 ton bont glas is ca. € 13.000. Dus de totale kosten van huis-aan-huisinzameling van glas zijn ca. € 67.000 euro. Wanneer we stoppen met de huis-aan-huisinzameling van glas, moet dit glas in de glasbakken worden ingezameld. Het scheiden van glas op kleur geeft een hogere opbrengst. Wanneer dezelfde kleurverdeling als in de glasbakken wordt aangehouden, is de opbrengst van de Afvalstoffendienst ca. € 5.200 wanneer het glas dat nu aan huis ingezameld wordt in de glasbak wordt ingezameld. De Nedvang opbrengst voor kleurgescheiden glas is ca. € 14.300. Dit betekent wel dat de glasbakken vaker geledigd moeten worden en er mogelijk extra glasbakken bijgeplaatst moeten worden. De extra ledigingskosten bedragen ca. € 16.500. Wanneer er vier glasbakken bijgeplaatst worden (op de drukste locaties), kost dit jaarlijks € 1450. Bovendien moeten alle glasbakken jaarlijks gekeurd worden. Dit kost ca. € 4.500. In totaal kost het inzamelen van het huis-aan-huis glas in glasbakken dus ca. € 2.950. Hier komen nog wel wat extra kosten bij in verband met meer reparaties door intensiever gebruik (max. € 2.000). Al met al bespaart het stoppen met de glasinzameling aan huis dus ca. € 62.000. Dat komt neer op ca. € 6,40 per aansluiting.

11/16

3.6

Textiel

Momenteel wordt textiel ingezameld in gemeentelijke containers in de openbare ruimte, op de milieustraat en door middel van huis-aan-huisinzameling door charitatieve instellingen. In het restafval zit momenteel nog 5,3 kg textiel. Dit willen we uit de restafvalstroom halen en in de nieuwe kringloopstroom verwerken. Draaiknop 1: Inzet van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt Momenteel wordt onderzoek gedaan naar de mogelijkheden om meer mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt in te zetten bij de inzameling en verwerking van textiel en herbruikbare goederen. Hiermee kan een extra impuls worden gegeven aan de circulaire economie en aan lokale arbeids- en werkervaringsplaatsen. Op dit moment is kringloopwinkel Vincentius een belangrijke inzamelaar van textiel en herbruikbare goederen. Milieueffecten In het restafval zit momenteel nog 5,3 kg textiel. De nieuwe kringloopsamenwerking kan mogelijk bijdragen om deze hoeveelheid textiel uit het restafval te halen. Hierdoor wordt hergebruik gestimuleerd, wat goed is voor het milieu. Financiële effecten De financiële consequenties worden op dit moment onderzocht. Draaiknop 2: Stoppen met het verlenen van vergunningen voor de inzameling van textiel Elk jaar worden twee vergunningen verleend aan verschillende charitatieve instellingen via een rouleersysteem.

Milieueffecten Het nadeel van textielinzameling in openbare containers, is dat het textiel eerder vervuild kan raken met andere afvalstromen. Dit kan een negatief effect hebben op de recycling van het textiel. Financiële effecten Gezien het instorten van de textielmarkt als gevolg van de Coronacrisis is het momenteel lastig om de financiële effecten van deze maatregel te berekenen.

12/16

3.7

Milieustraat

Het VANG-programma van de Rijksoverheid richt zich ook op milieustraten, kringloopbedrijven, repair cafés en andere duurzaamheidsinitiatieven. Momenteel is Nederland voor 24,5% circulair. Het uiteindelijke doel is om in 2050 een volledig circulaire economie tot stand te brengen. Hiervoor zijn veranderingen nodig. Draaiknop 1: Meer doen met herbruikbare goederen Momenteel wordt in Vught ca. 13 kg. per inwoner per jaar aan herbruikbare goederen ingezameld. Wanneer dit vergeleken wordt met andere gemeenten blijkt dat het potentiële volume mogelijk 4060 kg. is. Momenteel wordt verkend of het in Vught mogelijk is om meer te doen met herbruikbare goederen in samenwerking met het sociaal domein. Daarnaast zijn we in overleg met de gemeente Oisterwijk om de milieustraat Haaren gezamenlijk te exploiteren. Gebruik van milieustraat Haaren door inwoners van Helvoirt (en eventueel de rest van Vught) komt ten goede aan de dienstverlening aan inwoners van Helvoirt. Bovendien kan dit een verdere toename van de druk op de Vughtse milieustraat voorkomen. Om de circulaire economie te bevorderen zullen we steeds meer richting ‘circulaire ambachtscentra’ (CAC) moeten. Dit is één centrale plek waar vrijgekomen grondstoffen, producten en afval binnen de gemeente worden verwerkt en hergebruikt. Gemeenten kunnen ook andere varianten vormgeven, zoals duurzaamheidspleinen en recyclingcentra.

Deze transitie is complex en vergt samenwerking tussen gemeenten. Gezamenlijke exploitatie van milieustraat Haaren kan hieraan bijdragen. Hierbij kan ook gedacht worden aan verdere nascheiding op de milieustraat. In de gemeente Vught zit weinig herbruikbaar afval tussen het grof huishoudelijk restafval. Het scheidingspercentage van grof vuil is 87% en de hoeveelheid per inwoner is laag. Dit komt door de inrichting van de milieustraat. De kringloop ligt naast de milieustraat, waardoor veel herbruikbaar spul rechtstreeks naar de kringloop wordt gebracht. Daarnaast is de milieustraat goed ingericht, waarbij men eerst langs de gratis stromen die recyclebaar zijn komt en pas aan het einde langs het restafval. Het toezicht zorgt ervoor dat inwoners alles in de juist bak doen. Nascheiding van het grof vuil levert in Vught dus weinig rendement op. Milieueffecten Meer hergebruik van producten heeft een positief milieueffect. Samenwerking tussen milieustraten, kringloopwinkels, onderwijs en het sociale domein kunnen ervoor zorgen dat minder herbruikbare producten laagwaardig worden hergebruikt of worden verbrand. Hierbij kan gedacht worden aan levensduurverlenging van producten door het repareren en opknappen van producten en door het maken van nieuwe producten van bestaande materialen.

Alleen wanneer ‘upcycling’ niet mogelijk is, wordt het afval zorgvuldig gerecycled via de milieustraat. Financiële effecten De financiële effecten worden momenteel onderzocht. Draaiknop 2: Mobiele breng/haalstations Steeds meer gemeenten maken gebruik van mobiele milieustations. Dit is een milieustation die telkens voor een korte periode op verschillende plekken in de gemeente staat. Op deze manier wordt het makkelijker voor inwoners om grof huishoudelijk vuil te scheiden. Het gaat hierbij wel om

13/16

kleinere hoeveelheden en formaten afval, zoals kleine elektrische apparatuur, lampen, batterijen en luiers. Bovendien kunnen de mobiele milieustations een belangrijke rol spelen in de communicatie. Mensen kunnen terecht bij de bemande stations voor informatie en vragen. In de gemeente Waalre is een proef gedaan waarbij restafval, PBD, keukenafval en luiers op de fiets aan huis werden opgehaald. Het restafval en PBD werden ingezameld in zakken aan kroonringen en het keukenafval en de luiers in 23 liter bakken. Het voordeel is dat mensen hun stinkende afval 2 keer per week kwijt kunnen en dat ze geen grote bakken meer in de tuin hebben. De grijze kliko is ‘omgezet’ naar een container voor papier en de groene kliko werd gebruikt voor tuinafval. Bovendien werden herbruikbare spullen verzameld in een spullendoos, welke op afroep werd opgehaald door de kringloopwinkel. In Eersel is een soortgelijke proef gedaan waarbij 8 stromen aan huis werden opgehaald met een elektrische bakwagen, namelijk groente, fruit en etensresten, tuinafval, papier, glas, PMD, luiers en incontinentiemateriaal, kleine huisraad en restafval. De afvalstromen werden twee keer per week opgehaald door de sociale werkvoorziening. Milieueffecten Mobiele milieustations kunnen helpen om de hoeveelheid restafval te verminderen. Zo bestaat 8,7 kg. van het restafval nog uit luiers, 4,5 kg. uit OPK en 4,7 kg.

uit grof vuil (zie bijlage 1, figuur 3). Daarnaast kunnen de mobiele milieustations bijdragen aan het verminderen van zwerfafval in de gemeente. Omdat mensen minder ver hoeven te rijden om hun afval weg te brengen, zullen zij het minder snel dumpen. Het ophalen van afval aan huis met de fiets of elektrische wagen is tevens beter voor het milieu. Op deze manier hoeft er geen vuilniswagen door de straat te rijden en hoeven mensen minder met hun auto naar de milieustraat (bijvoorbeeld voor luiers). In de gemeente Waalre is de hoeveelheid restafval per inwoner meer dan gehalveerd, van 120 kg. per inwoner per jaar naar 52 kg. per inwoner per jaar. Ook in Eersel is de hoeveelheid restafval in de proefwijk fors afgenomen van 57 kg. naar 13 kg. restafval per inwoner per jaar. Bovendien is samenwerking met de sociale werkvoorziening hier mogelijk. Financiële effecten Het nadeel van de mobiele milieupunten zijn de hoge investeringskosten en de beperkte beschikbaarheid van locaties waar de milieupunten kunnen staan. Daarnaast is het lastig om vrachtwagenchauffeurs te vinden die goede voorlichting kunnen geven. Het inzamelen van afval met een elektrische fiets/bakwagen (zoals in Waalre en Eersel) is een duurzaam middel om hoogfrequent in te zamelen. De precieze kosten zijn echter onbekend. Beide gemeenten hebben hiervoor een subsidie van de provincie gekregen.

In Eersel bleken de inzamelkosten te hoog te zijn, waardoor de proef is gestopt. In Waalre bleek dit wel een kostenefficiënt systeem te zijn. Hier is deze proef na de politieke verkiezingen ook gestopt.

14/16

3.8

Communicatie

Communicatie is heel belangrijk als het gaat om afvalscheiding. Mensen reageren over het algemeen met weerstand op veranderingen. Communicatie en informatie over nieuwe maatregelen is daarom heel belangrijk. Er bestaan verschillende manieren om bewoners in te lichten over afvalscheiding. Draaiknop 1: Voorlichting Aan de ene kant bestaat er voorlichting, waarbij de gemeente informatie naar burgers zendt. Wanneer we nieuwe beleidsmaatregelen invoeren is het ten eerste belangrijk om goede voorlichting aan de bewoners te geven. Het kan helpen om van tevoren een informatieavond te organiseren om de bewoners goed te informeren. Het is hierbij belangrijk om de nut en noodzaak van de maatregel te laten zien. Bovendien kan de feedback van bewoners worden meegenomen bij invoering van de maatregel. Daarnaast is het belangrijk om een brief te versturen met informatie over het nieuwe beleid. Posters en infographics kunnen mensen helpen om hun afval op de juiste manier te scheiden. Bijvoorbeeld door stickers op de containers te plakken met welk afval er wel/niet in mag. Draaiknop 2: Dialoog tussen gemeente en bewoners Aan de andere kant heb je communicatie gericht op de dialoog tussen gemeente en bewoners. Een mogelijkheid is de oprichting van een afvalpanel. Dit is een klankbord waar inwoners kunnen meedenken over nieuw beleid en over het brengen van de boodschap aan bewoners.

Daarnaast is het belangrijk om de invoering van een nieuwe maatregel of pilot altijd te evalueren, om de knelpunten in kaart te brengen. De ervaringen van inwoners zijn van groot belang. Na invoering van de maatregel kan het nog steeds belangrijk zijn om met bewoners te blijven communiceren in de vorm van een dialoog. Een voorbeeld zijn afvalcoaches. Zij kunnen helpen bij een juiste manier van afvalscheiding door een oogje in het zeil te houden en bewoners te informeren. Wanneer afval verkeerd gescheiden is, gaan zij in gesprek met de bewoner. Bovendien zijn zij regelmatig in de wijk aanwezig om vragen van bewoners te beantwoorden. Een informatiekar op een centrale locatie in het dorp kan ook helpen om inwoners te informeren als er bijvoorbeeld nieuw afvalbeleid is ingevoerd. Hier kunnen de bewoners dan terecht voor voorlichting of vragen.

15/16

In tabel 1 zijn het huidige beleid in Vught en Helvoirt en de verschillende draaiknoppen nogmaals overzichtelijk weergegeven per afvalstroom. Tabel 1: Mogelijkheden toekomstig beleid per afvalstroom Huidig beleid Vught

Helvoirt

Draaiknoppen toekomstig beleid

Restafval 1x per 4 weken in minicontainers (diftar)

1x per 4 weken in minicontainers (diftar)

- Ondergrondse containers - Laagfrequente inzameling - Formaat grijze container

Groente, Fruit en Tuinafval (GFT) 1x per 2 weken in minicontainers (geen diftar meer vanaf 2020)

1x per 2 weken in mincontainers behalve in jan en feb. (geen diftar)

- Uitbreiden hoogbouw pilot - Hoogfrequent inzamelen keukenafval - Snoeihoutroute en kerstboomroute - Bladkorven - Formaat groene container

Plastic, blik en drinkpakken (PBD) 1x per 2 weken in zakken

1x per 2 weken in zakken

- Nascheiding PBD - Inzameling in minicontainer

Oud papier en Karton (OPK) 1x per 2 weken in kratten of dozen

1x per 4 weken in dozen

- Inzameling in minicontainer - Invoering Ja/Ja-sticker

Ondergrondse glascontainers

- Stoppen met glasinzameling aan huis

Bovengrondse containers en 4x per jaar aan huis

- Inzet van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt - Stoppen met inzamelvergunningen

Milieustraat Haaren

- Meer doen met herbruikbare goederen - Mobiele breng/haalstations

Glas 1x per 4 weken aan huis en bovengrondse glascontainers

Textiel Bovengrondse containers, milieustraat en aan huis door charitatieve instellingen

Milieustraat Milieustraat Vught

16/16

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Vught&id=38bae606-555e-4f84-a354-ebc5d5723bce