6. Raadsinformatiebrief Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2025-2028 GR Stadsgewest 's-Hertogenbosch
Tekst van het document
Vught Raadsinformatiebrief Datum Onderwerp
Zaaknummer Documentnr.
21 mei 2024 Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2025-2028 GR Stadsgewest 'sHertogenbosch Z24 - 277356 UIT/24 - 619160
Inleiding De programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2025-2028 worden ter vaststelling aangeboden aan het Algemeen Bestuur van het Stadsgewest 's-Hertogenbosch op 9 september 2024. Gemeente Vught wordt in het Algemeen Bestuur vertegenwoordigd door de burgemeester. De gemeenteraad wordt in de gelegenheid gesteld vóór 1 augustus 2024 hun zienswijzen kenbaar te maken over de programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2025-2028.
De hoofdtaak van Stadsgewest `s-Hertogenbosch is het beheer van de gesloten stortplaats De Vlagheide te Schijndel. Hiervoor is een nazorgfonds gevormd. Het doelvermogen moet toereikend zijn om daaruit eeuwigdurende nazorg te kunnen betalen. Na definitieve sluiting wordt de stortplaats overgedragen van de exploitanten naar de Provincie. Voorgeschiedenis
Met de Provincie is afgesproken dat de overdracht niet voor 1 januari 2029 plaatsvindt. Deze tijd wordt benut om onderzoek te doen naar mogelijke besparingen en opbrengsten om de kosten van nazorg te verlichten. Er zijn nog geen afspraken over het moment waarop de overdracht wel plaatsvindt. Dit houdt in dat de exploitant gedurende de aankomende jaren nog verantwoordelijk blijft voor de gesloten stortlocatie. Inhoudelijk Sinds 2021 is sprake van een dekking van de lasten van de exploitatie uit een bedrag per inwoner. Hierdoor sluit de begroting 2025 met een exploitatieresultaat van 0.
De volgende risico's worden onderkend: 1. Doelvermogen nazorg De Provincie heeft het doelvermogen in 2021 berekend op € 17,536 miljoen per 1-1-2021. Een onderbouwing voor deze berekening is niet overlegd. Het bestuur van het Stadsgewest gaat op basis van eigen berekeningen, alsmede die van de extern adviseur, voorlopig uit van maximaal € 14,0 miljoen.
1/3
Vught De Provincie bereid een nieuwe aanslag voor van het doelvermogen. Door het Stadsgewest is aangegeven dat het bedrag dat in de voorlopige aanslag genoemd gaat worden, zorgt voor een tekort van € 18,970 miljoen (exclusief resultaat eigen vermogen). Het aandeel van gemeente Vught hierin is € 1,688 miljoen. Wanneer de voorlopige aanslag door de Provincie wordt voorgelegd, gaat het Stadsgewest hierover in onderhandeling, waarna wordt overwogen hoe hiermee om te gaan. Gezien de onzekerheid over de uitkomst van de onderhandelingen en het daaruit voortvloeiende bedrag kan er geen voorziening gevormd voor het te verwachten tekort (BBV voorschriften). Wel wordt het, evenals voorgaande jaren, meegenomen in de risicoparagraaf in de Programmabegroting 2025 van de gemeente Vught. 2. Eigen vermogen Het negatieve eigen vermogen per 1 januari 2024 bedraagt € 1,518 miljoen. Door de gemeente 'sHertogenbosch is hiervoor een lening verstrekt van € 2,5 miljoen met een rentepercentage van 0%. Bij aangaan van deze lening ging het Stadsgewest er vanuit dat de nazorg werd overgedragen vanaf 2025. Aangezien de overdracht niet in 2025 zal plaatsvinden, zal het rentepercentage van 0% worden herzien. In de meerjarenraming wordt geen rekening gehouden met rentelasten. 3.
Steunlaag De Omgevingsdienst is van mening dat bij de aanleg van de bovenafdichting meer afval/bouwstoffen in de steunlaag zijn toegepast dan functioneel noodzakelijk en daarmee als gestort beschouwd dienen te worden. Afvalzorg heeft namens het Stadsgewest bezwaar gemaakt. Het bestuur van het Stadsgewest acht een voorziening niet nodig. 4. Het saldo Schatkistbankieren bedraagt € 18.000 meer dan benoemd in de jaarrekening 2023 Het banktegoed bij Schatkistbankieren (BNG) is opgenomen met € 684.000 in de jaarrekening. Er was echter geen volledig inzicht in de BNG-rekening ten tijde van het opstellen van de jaarrekening, waardoor de rentebaten misten. Na verkregen inzicht, blijken de rentebaten € 18.000 te bedragen en daarmee het banktegoed € 702.000. Hiermee zijn ook de balansgegevens van de programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2025-2028 onjuist. De correctie wordt ambtshalve doorgevoerd. 5. De jaarrekeningen van 2021, 2022 en 2023 zijn nog niet gecontroleerd door de accountant Een tekortkoming wordt erkend door de medewerkers van gemeente Meierijstad die de werkzaamheden van het Stadsgewest uitvoeren en coordineren. Gemeente Vught dringt aan op een spoedige terugkoppeling van de accountant. De accountant komt op korte termijn met een planning die wordt gedeeld met de exploitanten.
Standpunt I Besluit college van B en W In de vergadering van 21 mei 2024 stemde het college in met de programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2025-2028 van het Stadsgewest 's-Hertogenbosch. Het college zal na 18 juni 2024 bijgevoegde zienswijze kenbaar maken bij het Dagelijks Bestuur van het Stadsgewest 's-Hertogenbosch.
2/3
Vught Financieel De exploitatiekosten voor het Stadsgewest worden gedekt door een bedrag per inwoner van de deelnemende gemeenten. In de begroting voor gemeente Vught is hiervoor € 33.226 opgenomen in 2025. In de begroting van Stadsgewest 's-Hertogenbosch, wordt voor gemeente Vught in 2025 een gemeentelijke bijdrage gevraagd van € 30.576. Bij de Kadernota 2025 wordt het budget aangepast.
Burgemeester en wethouders van Vught, de burgemeester, de secretaris,
••••/....1"
W. .F. Keijzers
R.J. van de Mortel
Bijlage(n): 1. Begeleidende brief zienswijze conceptbegroting 2025 2. Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2025-2028 GR Stadsgewest 'sHertogenbosch 3. Jaarverslag en jaarrekening 2023 GR Stadsgewest `s-Hertogenbosch
3/3
Aan de Gemeenteraad van Vught,
Datum : 23 april 2024 Onderwerp : Zienswijze conceptbegroting 2025
Ref. : Tel. : 0413-381 651 E-mail : stadsgewest@meierijstad.nl
Geachte raadsleden, Het Dagelijks Bestuur legt u conform artikel 35 van de Wet gemeenschappelijke regelingen de ontwerpbegroting 2025 en meerjarenbegroting 2026-2028 alsmede de jaarrekening van 2023 voor aan uw gemeenteraad. Ambtelijk vooroverleg Op 16 april heeft het ambtelijk vooroverleg inzake de ontwerpbegroting plaatsgevonden. Hier zijn twee belangrijke onderwerpen aan bod gekomen die bespreking behoeven. - Waarom heeft het Stadsgewest op de balans de bij de provincie belegde miljoenen niet opgenomen onder de (vaste) activa en daartegenover de schuldpositie (die nog te betalen is) van de afkoopsom van het eeuwigdurende onderhoud (het doelvermogen)? Daarmee ontstaat een zuiverder beeld van het eigen vermogen. Immers de beleggingen bij de provincie groeien ieder jaar (als de rendementen worden behaald) en de afkoopsom kan ook jaarlijks worden bijgesteld met het inflatiepercentage (als dat wenselijk is). - Waarom zijn de jaarrekeningen van ’21 en ’22 nog niet goedgekeurd door de accountant? Dit zal in ’24 extra kosten met zich brengen. Gevraagd is om zo spoedig mogelijk een planning te leveren voor de vereiste goedkeuringen. Inhoudelijk is reeds een eerste reactie gegeven waarom al sinds vele jaren het doelvermogen niet cijfermatig in de balans is opgenomen en alleen tekstueel is toegelicht: “De beleggingen in aandelen vertonen sterke fluctuaties.
Als het resultaat van deze beleggingen wordt getoond, laat dat van jaar tot jaar een soort jojo effect zien, met de vraag of dat relevant is. Het gaat immers om een eeuwigdurende belegging. Alleen de trend over pakweg 10 of 20 jaar is interessant. Door de jaaroverzichten naast elkaar te leggen is wel een mogelijk verloop inzichtelijk te maken. De andere kant van de balans betreft de schuldpositie. Die is er (nog) niet. De provincie voert iedere 5 jaar een ALM studie uit, waarin het vermogen op dat moment wordt afgezet tegen de toekomstige nazorgverplichtingen. Sinds de provincie op basis van deze ALM studie de rekenrente sterk heeft verlaagd, heeft het Stadsgewest het standpunt ingenomen dat de stortplaats niet wordt overgedragen, omdat het doelvermogen ten gevolge van de lage rekenrente astronomisch stijgt. Het korte termijn inzicht geven in vermogen en schuld strookt niet met de lange termijndoelen van de nazorg. In theorie kan de verplichting van het Stadsgewest jegens de provincie pas bepaald worden, wanneer er een overdrachtsdatum bepaald is en de voorwaarden van overdracht bekend zijn. Echter er is geen overdrachtsdatum en geen nazorgplan. Het doelvermogen (en daarmee de schuldpositie) is dan ook niet te bepalen. Gelet op bovenstaande uitleg geven cijfers van jaar tot jaar geen realistisch beeld van de werkelijke waarde van vermogen en schulden.
Daarom heeft het Stadsgewest zich beperkt tot tekstuele uitleg.”
Stadsgewest ’s-Hertogenbosch, Postbus 10.001, 5460 DA Veghel
Deze onderwerpen zijn ook voorgelegd aan de accountant. Hierop is geantwoord door de accountant dat met betrekking tot de eerste vraag nader onderzoek nodig is om hier antwoord op te kunnen geven. Dit vraagt tijd. Met betrekking tot de tweede vraag zal de accountant ons zo spoedig mogelijk een planning doen toekomen wanneer de voorgaande jaarrekeningen beoordeeld kunnen worden. Wij zullen u hier dan over informeren. Zienswijze ontwerpbegroting 2025 Omdat op korte termijn geen inhoudelijke reactie verwacht kan worden op de gestelde vraag inzake het cijfermatig opnemen van het doelvermogen op de balans, en de planning voor vaststelling van de begroting conform de Wet gemeenschappelijke regelingen hiermee in het geding kan komen, bieden wij u hierbij alsnog de ontwerpbegroting aan zoals deze reeds ambtelijk is besproken. De overige tekstuele suggesties die ambtelijk zijn gedaan, zijn wel overgenomen in de hierbij aangeboden ontwerpbegroting. Uiteraard zal u, zodra de accountant heeft gereageerd op de openstaande vraag, hierover geïnformeerd worden. Mogelijk kunt u deze informatie dan nog betrekken bij de beoordeling van de ontwerpbegroting en het mogelijk wel of niet indienen van een zienswijze hierop. Het Dagelijks Bestuur stelt de gemeenteraad met toezending van de ontwerpbegroting 2025 in de gelegenheid uiterlijk 1 augustus 2024 zijn zienswijze kenbaar te maken.
De begroting wordt ter vaststelling aangeboden aan het Algemeen Bestuur voor zijn vergadering van 9 september 2024. Jaarrekening 2023 Eveneens sturen wij u hiermee de conceptjaarrekening 2023 toe. Deze dient nog goedgekeurd te worden door de accountant alvorens deze door het Algemeen bestuur in zijn vergadering van 9 september 2024 kan worden vastgesteld. Met vriendelijke groeten, Namens het Dagelijks Bestuur van het Stadsgewest De ambtelijk secretaris,
Mr. C. Mulder
Stadsgewest ’s-Hertogenbosch, Postbus 10.001, 5460 DA Veghel
Dagelijks Bestuur Stadsgewest 's-Hertogenbosch t.a.v. mevrouw C. Mulder via mail: stadsgewest@meierijstad.nl
Uw kenmerk Ons kenmerk
Datum
DV/ Z24 - 277356 / UIT/24 - 618900
18 juni 2024
Verzonden
Behandeld door Onderwerp
Zienswijze - Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2025-2028 GR Stadsgewest 's-Hertogenbosch
Geacht Dagelijks Bestuur van Stadsgewest ‘s-Hertogenbosch, Graag brengen wij de volgende zienswijze uit: Wij ondersteunen de hoofdtaak van Stadsgewest ’s-Hertogenbosch in het beheer van de gesloten stortplaats De Vlagheide te Schijndel. De programmabegroting 2025 en meerjarenraming 20252028 schetsen een beeld van de toekomst. Wij vragen aandacht voor het volgende: - Het rentepercentage van de lening verstrekt door gemeente ’s-Hertogenbosch (€ 2,5 miljoen) wordt herzien in 2024. Wij dringen erop aan dat er spoedig afspraken worden gemaakt over het rentepercentage. - Het banktegoed bij Schatkistbankieren (BNG) is opgenomen met € 684.000 in de jaarrekening. Er was echter geen volledig inzicht in de BNG-rekening ten tijde van het opstellen van de jaarrekening, waardoor de rentebaten misten. Na verkregen inzicht, blijken de rentebaten € 18.000 te bedragen en daarmee het banktegoed € 702.000. De correctie wordt ambtshalve doorgevoerd. Wij verwachten spoedig een gecorrigeerde jaarrekening 2023 en programmabegroting 2025. - De jaarrekeningen van 2021, 2022 en 2023 zijn nog niet gecontroleerd door de accountant. Wij dringen erop aan dat deze controles in 2024 worden uitgevoerd. Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Vught, de secretaris, de burgemeester,
W.F.F. Keijzers
R.J. van de Mortel 1/1
Gemeenschappelijke Regeling Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2025 Meerjarenraming 2025-2028
20-03-2024
Vastgesteld in de vergadering van het Algemeen Bestuur d.d. 9 september 2024
De voorzitter,
De secretaris,
R.J. van de Mortel
W. van Hees
INHOUDSOPGAVE
2
1. BEGROTING
3
2. TOELICHTING BEGROTING
4
2.1
ALGEMEEN
4
2.2
ACTUALITEIT
4
2.3
GEMEENTELIJKE BIJDRAGE
5
2.4
BESTUUR
6
3. BATEN
7
4. LASTEN
8
4.1
ONDERHOUDSKOSTEN
8
4.2
PERSONEELSKOSTEN
8
4.3
TECHNISCHE KOSTEN
8
4.4
HEFFINGEN EN BELASTINGEN
9
4.5
OVERIGE (KANTOOR)KOSTEN
9
5. PARAGRAFEN
10
5.1
WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING
10
5.2
BEDRIJFSVOERING
12
5.3
FINANCIERING
13
GR Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2025
1. Begroting Begroting 2025
Begroting 2024
Resultaat 2023
Opbrengsten Nazorgheffing
343.000
374.000
350.000
Totale baten
343.000
374.000
350.000
Onderhoudskosten
181.000
181.000
168.909
Personeelslasten
25.000
15.000
42.010
Technische kosten
59.000
71.000
18.003
Heffingen en belastingen
50.000
60.000
45.967
Overige (kantoor)kosten
20.000
40.000
13.302
Elektra
8.000
7.000
6.709
343.000
374.000
294.900
0
0
55.100
Baten
Lasten
Totale lasten
Exploitatieresultaat
GR Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2025
2. Toelichting begroting 2.1 Algemeen Voor u ligt de programmabegroting 2025 van de GR Stadsgewest 's-Hertogenbosch. De begroting kent slechts één programma: "Afbouw Stadsgewest 's-Hertogenbosch". Dit programma bevat de resterende taken en verplichtingen van het beheer van de gesloten stortplaats Vlagheide te Schijndel. Bij de vaststelling van de begroting 2020 is besloten om per ultimo 2020 een substantieel deel van het opgebouwde negatieve vermogen aan te vullen. De gemeenten hebben hiertoe een eenmalige storting in de GR gedaan. Door de gemeente ’s-Hertogenbosch is een lening verstrekt voor het resterende negatieve saldo. Uiteindelijk verwacht het bestuur het restant van de lening uit een restitutie van teveel opgebouwd doelvermogen in het Nazorgfonds te kunnen aflossen. Bij het aangaan van deze lening ging het Stadsgewest er vanuit dat de nazorg werd overgedragen vanaf 2025. Gezien de huidige ontwikkelingen is deze verwachting bijgesteld. De lening die afgesloten is bij de gemeente ’s-Hertogenbosch loopt ten einde in 2025. Verlenging hiervan zal besproken moeten worden met hieruit mogelijk voortkomende consequenties voor de hoogte van de rente en dientengevolge kosten ten laste van de exploitatie. Vanaf 2021 is sprake van een dekking van de lasten van de exploitatie uit een bedrag per inwoner. Dat betekent dat het resterende negatieve saldo niet meer groeit.
De rechterkolom in de begrotingstabel is afgeleid van het concept van de resultatenrekening 2023. De accountantscontrole heeft nog niet plaatsgevonden zodat er nog wijzigingen plaats kunnen vinden ten opzichte van de voorlopige cijfers zoals hiervoor in de begroting (kolom resultaat 2023) vermeldt.
2.2
Actualiteit
2.2.1 Rekenrente Provincie en exploitanten hebben een overeenkomst afgesloten die inhoudt dat de rekenrente niet wordt verlaagd en dat de exploitanten voorlopig geen stortplaatsen voor eeuwigdurende nazorg aan de provincie overdragen. Deze afspraak geldt voor de periode tot de komende ALM-studie, dus tenminste 3 jaar. Dan wordt opnieuw naar de rekenrente gekeken. Dit uitstel geeft exploitanten de tijd om samen met de provincie mogelijkheden te onderzoeken of op de onderscheiden stortplaatsen nieuwe inkomsten te genereren zijn. Ook wordt door de gezamenlijke exploitanten gekeken naar ontwikkelingen die bijdragen aan verlaging van het benodigde doelvermogen. Daarbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan verlenging van de levensduur van de afdichting naar 100 jaar. Ook is er meer tijd om via de belegging van het doelvermogen in het Nazorgfonds een hoger spaartegoed te realiseren. Eind 2023 bedraagt het door het Stadsgewest opgebouwde vermogen in het Nazorgfonds ongeveer € 16,1 mln. Dit bedrag is in het Nazorgfonds weer belegd tegen het standaard beleggingsprofiel. In de begroting van het Nazorgfonds wordt ten aanzien van het standaard beleggingsprofiel rekening gehouden met een rendement van 4% per jaar.
2.2.2 Overdracht In verband met het hiervoor beschreven proces rondom de rekenrente en doelvermogen, is het overleg met de provincie over de sluitingsverklaring tijdelijk opgeschort. Met de sluitingsverklaring gaat de verantwoordelijkheid voor de nazorg over van exploitante over naar provincie. Met de provincie zijn er op dit moment nog geen harde afspraken over het moment waarop de overdracht zal plaatsvinden. Dit houdt in dat de exploitant gedurende de aankomende jaren nog verantwoordelijk blijft voor de gesloten stortlocatie. Kosten van beheer, monitoring en mogelijk stabilisatiemaatregelen vallen dan onder de exploitatiekosten. GR Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2025
Zodra de overdracht plaatsvindt is de Provincie verantwoordelijk voor de stortplaats, maar hierbij moet er wel door het Stadsgewest een bruidsschat meegegeven worden.
2.3
Gemeentelijke bijdrage
Zoals aangegeven blijft het Stadsgewest nog een aantal jaren verantwoordelijk voor het beheer van de stortplaats. Dit betekent dat er kosten worden gemaakt voor de nazorg. Deze kosten zijn gebaseerd op de huidige inzichten die zich vertalen in onderstaande bedragen per inwoner. Jaar 2023 2024 2025 2026 2027 2028
Begroting 2025 1,11 1,02 1,02 1,04 1,06
2024 1,11 1,11 1,11 1,08 1,08
De volgende gemeenten die deel uitmaken van de gemeenschappelijke regeling alsmede de bijdrage per gemeente voor 2025 zijn hierna vermeld: gemeente Bernheze Boxtel Den Bosch Heusden Maasdriel Meierijstad Oisterwijk St.Michielsgestel Tilburg Vught Totaal
inwoners 8.643 31.449 131.990 16.515 9.405 74.685 5.448 27.387 1.401 30.038 336.961
bijdrage 8.798 32.013 134.355 16.811 9.573 76.024 5.546 27.878 1.426 30.576 343.000
percentage 2,6% 9,3% 39,2% 4,9% 2,8% 22,2% 1,6% 8,1% 0,4% 8,9% 100,0%
Het Stadsgewest zet zich in om te komen tot een verdere verlaging van dit bedrag. Wij blijven op zoek naar opbrengsten uit exploitatie van de voormalige stortplaats die een verlagend effect kunnen hebben op het bedrag per inwoner. Dit doen we onder andere in overleg met de gemeente Meierijstad. Door het opgebouwde doelvermogen ad € 16,1 mln. (stand ultimo 2023) weer te beleggen volgens het standaard beleggingsprofiel in het Nazorgfonds wordt een hoger spaartegoed gerealiseerd.
GR Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2025
2.4
Bestuur
De gemeenschappelijke regeling kent een Dagelijks- en een Algemeen Bestuur. Het Algemeen bestuur bestaat uit de vertegenwoordigers vanuit de colleges (Burgemeester en Wethouders) van de deelnemende gemeenten. Het dagelijks bestuur bestaat uit een voorzitter en twee andere medewerkers van de gemeente Meierijstad die ingezet worden om het Stadsgewest te ondersteunen.
GR Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2025
3. Baten Met de Provincie is in 2019 een convenant gesloten waarin is vastgelegd dat er zeker tot 1-12025 geen overdracht van de stortplaats zal plaatsvinden. Onlangs is afgesproken het convenant te herzien en onder andere de looptijd te verlengen. Dat moet in de loop van 2024 leiden tot een nieuw convenant. Tot het moment van overdracht blijft het Stadsgewest verantwoordelijk voor het beheer van de stortplaats (met name de gas- en waterhuishouding, alsmede het terreinonderhoud) conform de wettelijke voorschriften. Omschrijving
Baten
Gemeentelijke bijdragen
343.000
Totaal baten
343.000
Lasten 0
Saldo 2025
Saldo 2026
Saldo 2027
Saldo 2028
343.000
343.750
350.000
356.250
343.000
343.750
350.000
356.250
Algemeen Het overzicht van de algemene dekkingsmiddelen vormt tezamen met het gepresenteerde programma het programmaplan. Middels dit overzicht wordt inzicht verschaft in de opbouw en samenstelling van de algemene dekkingsmiddelen. Deze middelen vormen de tegenhanger van het saldo van de programmakosten hetgeen leidt tot een sluitend begrotingssaldo. Rentelasten Per 1 februari 2021 is bij de gemeente 's-Hertogenbosch een lening ad € 2,5 mln. afgesloten met een looptijd van 4 jaar en een rentepercentage van 0 %. De lening dient ter financiering van het negatieve Eigen Vermogen. Het bestuur van het Stadsgewest verwacht het restant van de lening uit een restitutie van teveel opgebouwd doelvermogen bij de provincie te kunnen aflossen. Gezien de verwachting dat de nazorg niet vanaf 2025 overgedragen wordt, bestaat de kans dat de lening verlengd moet worden. Hier zullen in 2024 afspraken voor worden gemaakt. Dit kan eventuele gevolgen hebben voor de rentelast vanaf 2025.
GR Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2025
4. Lasten De beheerkosten over 2025 bestaan uit onderhouds-, personeels-, technische-, overigeen elektrakosten. Daarnaast zijn er ook heffingen en belastingen van toepassing van gemeenten en waterschappen. Hieronder wordt inzicht gegeven in de verwachte beheerskosten van het Stadsgewest. Omschrijving
Baten
Onderhoudskosten Personeelslasten Technische kosten Heffingen en belastingen Overige (kantoor)kosten Elektra Totaal lasten
4.1
0
Saldo 2025
Saldo 2026
Saldo 2027
Saldo 2028
181.000 25.000 59.000 50.000 20.000 8.000 343.000
184.000 20.000 60.000 51.000 20.500 8.250 343.750
187.000 20.500 61.000 52.000 21.000 8.500 350.000
190.000 21.000 62.000 53.000 21.500 8.750 356.250
Onderhoudskosten
Het Stadsgewest heeft verschillende contracten lopen met partijen die het onderhoud van de stortplaats verzorgen. O.a. het terreinonderhoud, de drainage en de installaties vallen hieronder. De contracten zijn afgesloten met Bodemzorg, Afvalzorg en Milon. Daarnaast lopen er nog kleinere contracten zoals de schaapskudde die op het terrein graast en het bedrijf dat de persleidingen doorspuit.
4.2
Personeelskosten
Het Stadsgewest wordt ondersteund door 3 medewerkers van de gemeente Meierijstad die de dagelijkse gang van zaken regelen: o o o
Een secretaris Een projectleider die als manager optreedt Een financieel adviseur
Aan het einde van het jaar worden de uren die besteed zijn aan deze ondersteuning door de gemeente gefactureerd aan het Stadsgewest.
4.3
Technische kosten
Dit zijn de kosten voor monitoring van de waterkwaliteit en technische installaties. Ook het inschakelen van externe adviseurs voor de technische installaties en de reparaties die buiten het onderhoudscontract vallen horen bij de technische kosten.
GR Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2025
4.4
Heffingen en belastingen
Hieronder valt de OZB van de terreinen vanuit de gemeente, de waterschapsbelasting van Waterschap De Dommel en o.a. de contributie van de Vereniging Afvalbedrijven.
4.5
Overige (kantoor)kosten
Dit zijn de kosten die worden gemaakt voor verzekering, beveiligingskosten en de huur van archiefruimte.
4.6
Elektra
Dit betreft de kosten voor elektriciteit op de locatie Vlagheide van netwerkbedrijf Enexis en elektriciteitsleverancier Eneco.
GR Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2025
5. Paragrafen 5.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Om een goede inschatting van de financiële positie van de gemeenschappelijke regeling te kunnen maken is het van belang om naast de cijfers in de begroting ook inzicht te hebben in enerzijds potentiële mee- en tegenvallers die zich kunnen voordoen (risico's) en anderzijds de mogelijkheden om tegenvallers op te vangen (weerstandscapaciteit). Het gaat dan om de robuustheid van de begroting, c.q. de budgettaire kwetsbaarheid van de gemeenschappelijke regeling. Een gezond weerstandsvermogen voorkomt dat iedere zich voordoende tegenvaller direct leidt tot een financiële claim bij de deelnemende gemeenten.
Weerstandscapaciteit De mogelijkheden om tegenvallers op te vangen liggen deels in de sfeer van de exploitatie, c.q. de begroting van lasten en baten en deels in de sfeer van de reserves en voorzieningen. Exploitatie In de begroting en meerjarenraming zijn zowel de uitgaven als inkomsten zo reëel mogelijk geraamd. Reserves en voorzieningen De vrij besteedbare en niet gebonden reserves zijn beschikbaar voor het opvangen van tegenvallers. In bredere zin echter is de totale stadsgewestelijke reservepositierelevant voor de beoordeling van de stadsgewestelijke weerstandscapaciteit. De reserves behoren tot het eigen vermogen van het Stadsgewest en worden uitgesplitst naar algemene reserve en bestemmingsreserves. Bestemmingsreserves zijn middelen die op basis van bestuurlijke besluitvorming zijn afgezonderd voor specifieke doeleinden. De algemene reserve dient als buffer voor de opvang van calamiteiten. Voorzieningen behoren tot het vreemd vermogen van het Stadsgewest, omdat het Stadsgewest over deze middelen niet vrij kan beschikken. Deze voorzieningen zijn gevormd ter dekking van te kwantificeren verplichtingen. Voor het Stadsgewest geldt dat er op dit moment geen sprake is van enige voorzieningen.
Algemene reserve De algemene reserve vertoont al jaren een negatief saldo. Nu de overdracht van de stortplaats aan de provincie is uitgesteld heeft het bestuur van het Stadsgewest per ultimo 2020 een bedrag van € 4.583.000 aan de destijds deelnemende gemeenten in rekening gebracht. Het resterende vermogen ad € 1.573.000 zal naar verwachting, na overdracht van de stortplaats en afwikkeling van het Nazorgfonds, uit het overschot uit deze afwikkeling, kunnen worden afgelost. Bestemmingsreserves In 2025 zijn er geen bestemmingsreserves aanwezig. Voorziening nazorg Op 1 april 1998 is de Leemtewet bodembescherming in werking getreden. Deze wet legt de verantwoordelijkheid voor de eeuwigdurende nazorg van stortplaatsen, waar na 1-9-1996 afvalstoffen zijn of worden gestort, bij de provincie. Doel van de wetgever is te voorzien in een zodanig beheer van stortplaatsen na sluiting, dat nu en in de toekomst de grootst mogelijke bescherming tegen nadelige milieugevolgen wordt geboden. Hiervoor hebben Provinciale Staten van Noord-Brabant de "Verordening Nazorgheffing GR Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2025
Stortplaatsen Noord-Brabant" vastgesteld. In deze verordening is voorzien in de vorming van een nazorgfonds. De Provincie heeft op basis van deze verordening een voorlopige aanslag tot het betalen van de heffing van de nazorgkosten voor stortplaats De Vlagheide opgelegd. De voorlopige aanslag is gebaseerd op een doelvermogen dat bij overdracht van de stortplaats aan de provincie, beschikbaar moet zijn. Het doelvermogen moet toereikend zijn om daaruit eeuwigdurend de berekende nazorgkosten te kunnen betalen. Op basis van recente afspraken met de provincie zal de nazorgplicht van de provincie niet aanvangen voor 1-1-2025. Het is nog onbekend wanneer de nazorgplicht daadwerkelijk wordt overgedragen aan de provincie. In juli 2019 is met de provincie afgesproken dat zij de huidige rekenrente “bevriest” op het bestaande niveau en dat de exploitanten de stortplaats nog niet voor eeuwigdurende nazorg overdragen aan de provincie. Dat geeft exploitanten samen met de provincie de mogelijkheid om te onderzoeken of op de onderscheiden stortplaatsen nieuwe inkomsten te genereren zijn. Ook wordt door de gezamenlijke exploitanten gekeken naar ontwikkelingen die bijdragen aan verlaging van het benodigde doelvermogen. Daarbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan verlenging van de levensduur van de afdichting naar 100 jaar.
Ook is er meer tijd om via de belegging van het doelvermogen in het Nazorgfonds een hoger spaartegoed te realiseren. In juni 2015 was het beleggingsprofiel van ons doelvermogen omgezet van het standaard naar het defensief beleggingsprofiel, omdat toen op korte termijnoverdracht van de nazorg aan de provincie werd voorzien. In de afgelopen jaren is bij de lage rentestand sprake geweest van een groei van 0%. Sinds 5 november 2019 is het standaard beleggingsprofiel weer van toepassing. Met ingang van 2020 wordt rekening gehouden met een rendement van 4% per jaar.
Risico’s Onder risico's worden hier verstaan onzekere gebeurtenissen met mogelijke financiële consequenties, die niet apart in de ramingen van de begroting zijn ingedekt. Het op één plaats in de begroting schetsen van een overzicht van relevante risico's, in samenhang met de weerstandscapaciteit, levert een bijdrage aan de beoordeling van de financiële positie van het Stadsgewest. Het gaat in dit verband om risico's die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot het balanstotaal of de financiële positie van het Stadsgewest. Doelvermogen nazorg Na definitieve sluiting van de stortplaats, wordt de stortplaats overgedragen aan de Provincie. Deze is dan verantwoordelijk voor de eeuwig durende nazorg. Bij overdracht moet een vermogen zijn overgedragen waaruit de provincie de kosten van nazorg eeuwigdurend kan bekostigen. De Provincie heeft in 2008 zelf een berekening gemaakt voor het doelvermogen, die zij verwachten te ontvangen bij overdracht. Op basis van een rekenrente van 5,06%, komt de provincie uit op een bedrag van € 17,6 mln. Medio 2019 heeft de Provincie in het kader van de lopende ALM-studie dit verwachte doelvermogen, op basis van een rekenrente van 5,06% berekend op € 17,536 mln. per 1-1-2021. Een onderbouwing voor deze berekening is niet overlegd.
Het bestuur van het Stadsgewest blijft, op basis van eigen berekeningen, alsmede die van de extern adviseur, uitgaan van maximaal € 14,0 mln. Voor het verschil is geen voorziening gevormd. Bij de opbouw van het doelvermogen vanuit het Stadsgewest wordt rekening gehouden met een inflatie van 2% per jaar en een rendement op het belegd vermogen van 4% per jaar. Deze percentages zijn conform de door de Provincie gehanteerde uitgangspunten in de begroting voor het Nazorgfonds 2023. Met ingang van 5-11-2019 wordt de belegging in het Nazorgfonds weer volgens het standaard beleggingsprofiel belegd. Na indexering met 2% per jaar wordt het doelvermogen per 1-1-2025 berekend op € 16,4 mln. Na aanpassing van het convenant met de Provincie zullen de berekeningen daarop aangepast worden.
Steunlaag De omgevingsdienst Midden- en West-Brabant is van mening dat bij de aanleg van de bovenafdichting meer afval-/bouwstoffen in de steunlaag zijn toegepast dan functioneel GR Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2025
noodzakelijk en daarmee als gestort beschouwd dienen te worden. De OMWB heeft hiervan in mei 2019 melding gemaakt bij de Belastingdienst. Zowel Stadsgewest als de adviseur Afvalzorg zijn het hier pertinent mee oneens. Afvalzorg heeft namens Stadsgewest dan ook bezwaar gemaakt. De Belastingdienst heeft onze adviseur voor de afvalstoffenbelasting aangegeven overleg te willen, maar heeft daartoe verder nog geen initiatief ondernomen. Het bestuur acht een voorziening niet nodig.
Beleid ten aanzien van risico’s en weerstandscapaciteit Risicomanagement Het is van belang dat het Stadsgewest de op zich afkomende risico's doeltreffend en in een vroeg stadium weet te signaleren. Hiervoor is de inbedding in het stadsgewestelijk bedrijfsproces een relevante invalshoek. Het voeren van een adequaat voorzieningenbeleid (analyse van risico's en financiële afdekking daarvan) is een voorbeeld van het gericht reageren op specifieke ontwikkelingen. Periodieke actualisering meerjarig budgettair kader Een belangrijke pijler voor een gezond weerstandsvermogen is de inrichting van het stadsgewestelijk begrotingsproces. Het Stadsgewest werkt nadrukkelijk met een meerjarig budgettair kader (tot ultimo 2028), dat periodiek wordt geactualiseerd.
5.2 Bedrijfsvoering Met de invoering van de Programmabegroting is een paragraaf bedrijfsvoering voorgeschreven. Een goede bedrijfsvoering is geen doel op zich, maar draagt er toe bij dat de doelstellingen van de organisatie worden gerealiseerd. Het Stadsgewest heeft geen eigen personeel meer in dienst. De werkzaamheden worden uitgevoerd/gecoördineerd door 3 medewerkers van de gemeente Meierijstad, waarvan de financieel adviseur op interim-basis wordt ingehuurd door de gemeente. Ook de taken van de financieel adviseur gaan op termijn over naar een vaste medewerker van de gemeente. De meeste uitvoerende werkzaamheden zijn opgedragen aan externe bedrijven. De werkzaamheden voor het dagelijks beheer van de stortplaats zijn, sinds 1-2-2014, opgedragen aan Bodemzorg B.V., een 100% dochteronderneming van N.V. Afvalzorg Holding uit Assendelft. Bodemzorg voert deze taken uit in nauwe samenwerking met Milon B.V. uit Veghel. Milon is in het verleden met enige regelmaat betrokken geweest bij verschillende projecten op Vlagheide. De historische kennis wordt als een belangrijke meerwaarde gezien.
GR Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2025
5.3 Financiering De meerjarige financieringssituatie / treasury De investerings- en financieringsstaat geeft inzicht in de ontwikkeling van de geïnvesteerde middelen en beschikbare financieringsmiddelen. Toelichting: Eigen vermogen en voorzieningen Bij de jaarrekening 2021 is besloten dat het positieve resultaat ten gunste van het Eigen vermogen werd gedoteerd. Hierbij startte het jaar 2022 met een negatief saldo algemene reserve van € 1.725.000. Het over 2022 gerealiseerde positieve resultaat van € 152.000 Is wederom ten gunste van het Eigen Vermogen gebracht. Bij de concept jaarrekening 2022 en 2023 is een positief saldo van respectievelijk € 152.000 en € 55.000. Het niet vastgestelde resultaat van 2023 wordt wederom voorgesteld ten gunste van het eigen vermogen te laten vervallen. Hierdoor komt de algemene reserve voor per 1 januari 2024 uit op een negatief saldo van € 1.518.000. Voor verdere uiteenzetting van de reserves en voorzieningen wordt er verwezen naar de paragraaf weerstandsvermogen. Opgenomen langlopende leningen Per 1 februari 2021 is bij de gemeente 's-Hertogenbosch een lening ad € 2,5 miljoen afgesloten met een looptijd van 4 jaar en een rentepercentage van 0 %. De lening dient ter financiering van het negatief Eigen Vermogen. Het bestuur van het Stadsgewest verwacht het restant van de lening uit een restitutie van teveel opgebouwd doelvermogen t.z.t.
af te kunnen lossen.
GR Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2025
2.3.3 Financiering x € 1.000,-
Investering- en financieringsstaat Geïnvesteerde middelen 1. 1.1.
Materiële vaste activa Boekwaarde per 1/1 Vermeerderingen Verminderingen Afschrijvingen Boekwaarde per 31/12
1.2. Financiële vaste activa 1.2.1. Lening u/g Uitgeleend per 1/1 Uitgezette leningen Aflossingen Uitgeleend per 31/12 1.2.2. Beleggingen Beleggingen per 1/1 Aangegane beleggingen Aflossingen Beleggingen per 31/12
2023
2024
2025
2026
2027
2028
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
1.2.
Boekwaarde financiele vaste activa per 31/12
-
-
-
-
-
-
1.
Geïnvesteerde middelen per 31/12
-
-
-
-
-
-
2.
Financieringsmiddelen
2.1.
Eigen vermogen Saldo per 1/1 Vermeerderingen Verminderingen Saldo per 31/12
-1.573 55
-1.518
-1.518
-1.518
-1.518
-1.518
-1.518
-1.518
-1.518
-1.518
-1.518
-1.518
-
-
-
-
-
-
2.500
2.500
2.500
2.500
2.500
2.500
2.500
2.500
2.500
2.500
2.500
2.500
Totaal financieringsmiddelen 31/12
982
982
982
982
982
982
Financieringspositie per ultimo
982
982
982
982
982
982
2.2.
2.3.
2.
Voorzieningen Saldo per 1/1 Rentetoevoegingen Vermeerderingen Verminderingen Saldo 31/12 Opgenomen langlopende leningen Schuldrest per 1/1 Opname Aflossingen Schuldrest per 31/12
GR Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2025
Overzicht van reserves en voorzieningen x € 1.000,-
Naam reserve/voorziening
2023
2024
2025
2026
2027
2027
Algemene reserve GR Stadsgewest
-1.573
-1.518
-1.518
-1.518
-1.518
-1.518
Totaal reserves en voorzieningen
-1.573
-1.518
-1.518
-1.518
-1.518
-1.518
Prognose resultaten Bij de opstelling van deze prognose zijn de navolgende uitgangspunten gehanteerd: o o o
Een doelvermogen nazorg per 1-1-2021 van € 14 mln. Indexering van het doelvermogen nazorg met 2% per jaar De stand per 31-12-2023, van het reeds opgebouwde doelvermogen bij de provincie, bedraagt volgens de rapportage over de maand december 2023 € 16,1 mln.
Het reeds opgebouwde doelvermogen groeit rekening houdend met bovenstaande uitgangspunten aan. Op basis hiervan houden wij vast aan de aanname dat bij overdracht ten minste € 1,955 mln. resteert voor restitutie aan het Stadsgewest respectievelijk de deelnemende gemeenten. o o o
Jaarlijkse exploitatiekosten zijn gebaseerd op de ervaringen en inzichten van februari 2024. Per 1 februari 2021 is een geldlening ad € 2,5 mln. afgesloten bij de gemeente ’sHertogenbosch. De rentelast bedraagt 0%. Met ingang van 2021 wordt er middels een jaarlijkse bijdrage per inwoner betaald.
GR Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2025
Prognose Exploitatie:
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Baten Opbrengsten Nazorgheffing
343.000
343.000
343.750
343.750
350.000
350.000
356.250
Onderhoudskosten
181.000
184.000
187.000
190.000
Heffingen en belastingen
50.000
51.000
52.000
53.000
Totale baten
356.250
Lasten Personeelslasten
Technische kosten
Overige (kantoor)kosten Elektra
Totale lasten
Exploitatieresultaat
GR Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2025
25.000 59.000 20.000
20.000 60.000 20.500
20.500 61.000 21.000
21.000 62.000 21.500
343.000
8.000
343.750
8.250
350.000
8.500
356.250
8.750
0
0
0
0
Prognose vereenvoudigde Balans:
2025
2026
2027
2028
0
0
0
0
- Schatkist
660.000
660.000
660.000
660.000
- Liquide middelen
297.000
297.000
297.000
297.000
- Saldo kortlopende vorderingen minus kortlopende schulden
25.000
25.000
25.000
25.000
982.000
982.000
982.000
982.000
-1.518.000
-1.518.000
-1.518.000
-1.518.000
2.500.000
2.500.000
2.500.000
2.500.000
0
0
0
0
982.000
982.000
982.000
982.000
Activa - Materiële vast activa
Totaal
Passiva Eigen vermogen Algemene Reserve Vreemd vermogen Lening gemeente Den Bosch - Saldo kortlopende schulden minus kortlopende vorderingen
GR Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2025
1
Gemeenschappelijke Regeling Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Jaarverslag en Jaarrekening 2023
Vastgesteld in de vergadering van de het Algemeen Bestuur d.d. 9 september 2024 De voorzitter,
De secretaris,
R.J. van de Mortel
W. van Hees
2
1. Inhoudsopgave
1.
ALGEMEEN
1.1
INLEIDING
1.2
BESTUUR
1.2 1.3
DEELNEMENDE GEMEENTEN SINDS 1-1-2021 BEGROTINGSPROCEDURE
2.
JAARVERSLAG
3.
PARAGRAFEN
2.1
ACTIVITEITEN STORTPLAATS VLAGHEIDE
3.1
WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING
3.3
FINANCIERING
3.2
BEDRIJFSVOERING
4.
JAARREKENING
4.2
TOELICHTING
3 3 3 3 3 4 4 5 5 6 6 8
4.1
BALANS PER 31 DECEMBER 2023 (VOOR RESULTAATBESTEMMING)
4.3
WET NORMERING TOPFUNCTIONARISSEN (WNT)
12
VOORSTEL TOT BESTEMMING RESULTAAT
13
4.4 4.5 5.
5.1
5.2
GEBEURTENISSEN NA BALANSDATUM BIJLAGEN
MUTATIE OVERZICHT
VERDEELSLEUTEL INWONERS PER 1-1-2021
8 9
13 14 14
16
3
1. Algemeen 1.1 Inleiding Hierbij bieden wij de jaarrekening 2023 van het Stadsgewest ’s-Hertogenbosch (hierna het Stadsgewest) aan. Hiermee wordt invulling gegeven aan het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Alle activiteiten zijn de nog resterende taken en verplichtingen van de nazorg van de stortplaats. Deze zijn in deze jaarrekening samengebracht.
1.2 Deelnemende gemeenten sinds 1-1-2021 • • • • • • • • • •
Bernheze* Boxtel ’s-Hertogenbosch Heusden (Vlijmen) Maasdriel (enkel Afvalverwerking) Meierijstad (Schijndel, Sint-Oedenrode en Veghel) Oisterwijk Sint-Michielsgestel Tilburg Vught
*De gemeente Bernheze is een contact-gemeente. Deze gemeente is mede risico dragend in de exploitatie van de exploitatie Stadsgewest.
1.2
Bestuur
De gemeenschappelijke regeling kent een Dagelijks- en een Algemeen Bestuur. Het Algemeen bestuur bestaat uit de vertegenwoordigers vanuit de colleges (Burgemeester en Wethouders) van de deelnemende gemeenten. Het dagelijks bestuur bestaat uit een voorzitter en twee andere medewerkers van de gemeente Meierijstad die ingezet worden om het Stadsgewest te ondersteunen. Met ingang van jaarrekening 2023 is de rechtmatigheidsverantwoording belegd bij het bestuur. In de rechtmatigheidsverantwoording geeft het bestuur van het Stadsgewest aan in hoeverre de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties, rechtmatig tot stand zijn gekomen. Dit houdt in dat deze in overeenstemming zijn met de vastgestelde kaders zoals de begroting en verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Deze verantwoording betreft de rechtmatige uitvoering van de taken en omvat het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium bij de desbetreffende financiële beheershandelingen en transacties
1.3 Begrotingsprocedure De oorspronkelijke begroting is in augustus 2023 vastgesteld. Er is geen begrotingswijziging vastgesteld.
4
2. Jaarverslag 2.1 Activiteiten Stortplaats Vlagheide In 1997 is een proces gestart om de gemeenschappelijke regeling Stadsgewest 'sHertogenbosch te ontmantelen. De stortactiviteiten zijn in december 2003 beëindigd en de stortplaats bevindt zich nu in de prenazorg fase. Vanaf heden resteerde alleen nog het beheer van de gesloten Afvalberging De Vlagheide. In 2015 is een start gemaakt met het doorlopen van het overdrachtsprotocol met de provincie, zodat de overdracht aan de provincie Noord-Brabant sneller kon plaatsvinden. Aanvankelijk werd hierbij uitgegaan van overdracht aan de provincie per 1-1-2017. Dit is meerdere malen bijgesteld, mede doordat de Provincie en het Stadsgewest het niet eens zijn over het doelvermogen dat als ‘bruidsschat’ meegegeven gaat worden bij de overdracht. Naar aanleiding waarvan medio 2019 is overeengekomen dat de Provincie de rekenrente, vanaf heden, voor een periode "bevriest" en de exploitanten gedurende deze periode geen stortplaatsen overdragen. Tot de datum van overdracht blijft het Stadsgewest verantwoordelijk voor het beheer van de stortplaats conform de wettelijke voorschriften. De werkzaamheden m.b.t. het overdrachtsprotocol zijn bij Stadsgewest en de Provincie "on hold" gezet.
X € 1.000
Progr.
Omschrijving
Baten 4410 4420 4430 4440
Progr.
Algemene kosten Water Gas Nazorg Totale kosten programma
Omschrijving 1 Saldo financieringsfunctie 2 Gemeente bijdragen 3 overige inkomsten Alg.dekkingsmiddelen
Jaarrekening
Begroting
-
Lasten 98 146 38 68 350
Begroting Baten Lasten 350 350
Saldo
Baten
Lasten
-
173 71 17 33 295
-75 75 21 35 55
Jaarrekening Baten Lasten
Saldo
350 350
-
-
5
3. Paragrafen 3.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Om een goede inschatting van de financiële positie van de gemeenschappelijke regeling te kunnen maken is het van belang om naast de cijfers in de rekening ook inzicht te hebben in enerzijds potentiële mee- en tegenvallers die zich kunnen voordoen (risico's) en anderzijds de mogelijkheden om tegenvallers op te vangen (weerstandscapaciteit). Een gezond weerstandsvermogen voorkomt dat iedere tegenvaller direct leidt tot een financiële claim bij de deelnemende gemeenten. Weerstandscapaciteit De mogelijkheden om tegenvallers op te vangen liggen deels in de sfeer van de exploitatie, c.q. de begroting van lasten en baten en deels in de sfeer van de reserves. Reserves en voorzieningen De reserves behoren tot het eigen vermogen van het Stadsgewest en worden uitgesplitst naar algemene reserve en bestemmingsreserves. Bestemmingsreserves zijn middelen die op basis van bestuurlijke besluitvorming zijn afgezonderd voor specifieke doeleinden. De algemene reserve dient als buffer voor de opvang van calamiteiten. Voorzieningen behoren tot het vreemd vermogen van het Stadsgewest, omdat het Stadsgewest over deze middelen niet vrij kan beschikken. Deze voorzieningen zijn gevormd ter dekking van te kwantificeren verplichtingen. Per 31 december 2020 zijn er geen voorzieningen meer.
Algemene reserve De algemene reserve vertoont, na verwerking van het exploitatieresultaat 2022, een negatief saldo van € 1.573.000. Risico's Onder risico's worden hier verstaan onzekere gebeurtenissen met mogelijke financiële consequenties, die nog niet afzonderlijk middels voorzieningen zijn ingedekt. Het op één plaats in de rekening schetsen van een overzicht van relevante risico's levert een bijdrage aan de beoordeling van de financiële positie van het Stadsgewest. Het gaat in dit verband om risico's die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot het balanstotaal of de financiële positie van het Stadsgewest. Doelvermogen nazorg Na definitieve sluiting van de stortplaats wordt de stortplaats overgedragen aan de Provincie. Deze is dan verantwoordelijk voor de eeuwig durende nazorg. Bij overdracht moet een vermogen zijn overgedragen waaruit de provincie de kosten van nazorg eeuwigdurend kan bekostigen. De Provincie heeft dit doelvermogen in 2008, op basis van een rekenrente van 5,06%, berekend op € 17,6 mln. In 2020 heeft de Provincie in het kader van de lopende ALM-studie, het doelvermogen, op basis van een rekenrente van 5,06% berekend op € 17,536 mln. per 1-1-2021. Een onderbouwing voor deze berekening is niet overgelegd. Het bestuur van het Stadsgewest blijft, op basis van eigen berekeningen, alsmede die van de extern adviseur, uitgaan van maximaal € 14,0 mln.
Het opgebouwde doelvermogen bedraagt ultimo 2023 € 16,1 mln. (stand ultimo 2023). Het vermogen zal wederom worden belegd volgens het standaard beleggingsprofiel in het Nazorgfonds. Met de Provincie is overeengekomen de komende jaren de mogelijkheid te onderzoeken of op de onderscheiden stortplaatsen nieuwe inkomsten te genereren zijn. Ook wordt door de
6
gezamenlijke exploitanten gekeken naar ontwikkelingen die bijdragen aan verlaging van het benodigde doelvermogen. Daarbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan verlenging van de levensduur van de afdichting naar 100 jaar. Ook is er meer tijd om via de belegging van het doelvermogen in het nazorgfonds een hoger spaartegoed te realiseren. De gemeente Meierijstad werkt daarnaast aan een natuur- en landschapspark op de Vlagheide en in de directe omgeving daarvan. In april 2023 is hiervoor een visie en schetsontwerp vastgesteld door de raad. Momenteel wordt gewerkt aan een projectplan ter realisatie van dit natuur- en landschapspark. Op basis van dit projectplan heeft het college en de gemeenteraad eind 2023 een besluit kunnen nemen over de publieke investeringen in het natuur- en landschapspark op de Vlagheideberg in 2024. Besluitvorming over het zonnepark heeft in 2023 plaatsgevonden en is belangrijk voor de uitwerking van het plan. Voor de verdere uitwerking zullen in de gesprekken plaatsvinden met het Stadsgewest. In 2024 wordt duidelijk welke mogelijkheden er zijn om de kosten te beperken en inkomsten te genereren. Steunlaag De omgevingsdienst Midden- en West-Brabant is van mening dat bij de aanleg van de bovenafdichting meer afvalbouwstoffen in de steunlaag zijn toegepast dan functioneel noodzakelijk en daarmee als gestort beschouwd dienen te worden.
De OMWB heeft hiervan in mei 2019 melding gemaakt bij de Belastingdienst. Zowel Stadsgewest als de adviseur Afvalzorg zijn het hier mee oneens. Afvalzorg heeft namens Stadsgewest dan ook bezwaar gemaakt. De Belastingdienst heeft onze adviseur voor de afvalstoffenbelasting aangegeven overleg te willen, maar heeft daartoe verder nog geen initiatief ondernomen. Het bestuur acht een voorziening niet nodig.
3.2 Bedrijfsvoering Met de invoering van de Programmabegroting is een paragraaf bedrijfsvoering voorgeschreven. Een goede bedrijfsvoering is geen doel op zich, maar draagt er toe bij dat de doelstellingen van de organisatie worden gerealiseerd. Het Stadsgewest heeft geen eigen personeel meer in dienst. De werkzaamheden worden, gedetacheerd vanuit de gemeente Meierijstad. Deze werkzaamheden zijn verdeeld over een drietal functies. o o o
Een ambtelijk secretaris Een projectleider/manager Een financieel adviseur
Aan het einde van het jaar worden de uren die besteed zijn aan deze ondersteuning door de gemeente Meierijstad gefactureerd aan het Stadsgewest. De werkzaamheden voor het dagelijks beheer van de stortplaats zijn opgedragen aan Bodemzorg B.V., een 100% dochteronderneming van N.V. Afvalzorg Holding uit Assendelft. Bodemzorg voert deze taken uit in nauwe samenwerking met Milon B.V. uit Schijndel. Milon en/of haar medewerkers is/zijn in het verleden met enige regelmaat betrokken geweest bij verschillende projecten op Vlagheide. De historische kennis wordt als een belangrijke meerwaarde gezien.
3.3 Financiering Kasgeldlimiet Volgens de wet Fido is het Stadsgewest verplicht te rapporteren over de kasgeldlimiet en het renterisico. De kasgeldlimiet bepaalt het bedrag dat het Stadsgewest maximaal kort mag lenen. De kasgeldlimiet bedraagt 8,2% van het begrotingstotaal. Na vaststelling van de begroting bedraagt het begrotingstotaal "nihil" (de geraamde uitgaven voor de nazorg
7
komen ten lasten van de voorzieningen en tellen niet mee voor de kasgeldlimiet). De kasgeldlimiet wordt daarom berekend op nihil. Praktisch betekent dit dat Stadsgewest een liquiditeitstekort niet met een rekening-courant krediet kan financieren, maar een lening met een vaste looptijd zal moeten afsluiten. Renterisico Het renterisico is het risico dat bestaat bij het herzien van het rentepercentage op bestaande leningen. In de loop van 2016 heeft Stadsgewest een vastrentende lening aangetrokken, van de gemeente 's-Hertogenbosch met een looptijd van 1 jaar, tegen een rentepercentage van 0% en de mogelijkheid de lening na afloop van dat jaar te verlengen tegen de dan geldende marktrente of een nieuwe lening te sluiten. Inmiddels is de lening al 3 keer verlengd en is de looptijd tot 2025. In de meerjarenbegroting wordt geen rekening gehouden met rentelasten.
8
4. Jaarrekening 4.1 Balans per 31 december 2023 (voor resultaatbestemming)
1.
Balans
x 1.000
Vaste activa
Materiele vaste activa
2023
2022
-
-
2 Vlottende activa Uiteenzetting < 1 jaar - Vorderingen op openbare lichamen 2.1 - 's Rijks schatkist - Debiteuren - Overige vorderingen
-
684 3 50
124 478 28 737
2.2 Liquide middelen - Bank - Kas
161 -
630 205 -
161 2.3 Overlopende activa
138
205 173
138
173
1036
1008
2023 3 Vaste Passiva 3.1
Eigen vermogen - Algemene reserve - Rekeningresultaat
3.2
Voorzieningen - verplichtingen, verliezen of risico's
2022
-1.573 55
-1.725 152 -1.518
-
-1.573 -
3.3
Langlopende schulden Lening gemeente 's-Hertogenbosch
2.500
-
2.500 2.500
4. Vlottende passiva 4.1
Netto vlottende passiva < 1 jaar - Overige schulden
-
2.500
-
4.2 Overlopende passiva
54
-
81 54
81
1036
1008
9
4.2 Toelichting Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Met ingang van 1 januari 2004 is het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) in werking getreden en is het Besluit comptabiliteitsvoorschriften 1995 (CV95) vervallen. De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Vlottende Activa
Vorderingen en overlopende activa Onder vlottende activa worden vorderingen opgenomen die naar hun aard een looptijd hebben van niet langer dan een jaar. De debiteuren en overige vorderingen zijn nominaal gewaardeerd. Op de vorderingen worden zo nodig voorzieningen voor debiteuren risico in mindering gebracht. Liquide middelen
Deze activa worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs en nominale waarde. Voorzieningen
Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. Langlopende schulden
Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde verminderd met gedane aflossingen. Het gedeelte van de leningen dat wordt afgelost in het komende boekjaar, is opgenomen onder de kortlopende schulden. De vaste schulden hebben een rente typische looptijd van één jaar of langer. Vlottende passiva
De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.
10
Activa 2 Vlottende activa 2.1
Uiteenzetting < 1 jaar - Vorderingen op openbare lichamen - 's Rijks schatkist - Debiteuren - Overige vorderingen
2023
2022
684 3 50
124 478 28 737
630
Debiteuren Het bedrag bestaat uit de gefactureerde bijdragen van de deelnemende gemeenten voor het jaar 2023. Overige vorderingen Het bedrag bestaat uit de posten de nog te ontvangen BTW en BCF 2023 161 -
2.2 Liquide middelen - Bank - Kas
2022 205 161
205
Liquide middelen
Het betreft de saldi in rekening bij de ING. Er is geen kas meer aanwezig bij het Stadsgewest. 2.3 Overlopende activa
2023 138
2022 173 138
173
Overlopende Activa
Nog te ontvangen bedragen, waarvan: Attero Afrekening zuiveringslasten Contributie VvC Overige
€ 18.000 € 15.000 € 102.000 € 3.000
Passiva 3 3.1
Vaste Passiva
Eigen vermogen - Algemene reserve - Rekeningresultaat
2023 -1.573 55
2022 -1.725 152
-1.518
-1.573
Het in de balans opgenomen vermogen bestaat uit (negatieve) algemene reserve. Waarbij wordt uitgegaan dat het belegde doelvermogen aan het einde de ruimte biedt om het negatief resultaat te dekken. Het resultaat van 2022 is hierbij afgelopen jaar verwerkt in de stand van de reserve 2023. Het nog te bestemmen resultaat over 2023 bedraagt € 55.100. Dit resultaat wordt in de jaarrekening 2024 verwerkt.
11
3.3
Langlopende schulden Lening gemeente 's-Hertogenbosch
2023 2.500
2022 2.500 2.500
2.500
Langlopende schulden
Ter dekking van het liquiditeitstekort is een geldlening bij de gemeente 's-Hertogenbosch aangegaan. De rente bedraagt 0%. 4. Vlottende passiva 4.1
Netto vlottende passiva < 1 jaar - Overige schulden
2023
2022
-
-
-
Kortlopende schulden
Dit zijn de posten crediteuren. Dit jaar stonden er geen crediteuren open per 31-12. 4.2 Overlopende passiva
2023 54
2022 81 54
81
Overlopende posten
Dit zijn de nog te verwachten facturen voor het jaar 2023
Toelichting op het resultaat
Het resultaat 2023 bedraagt voordelig. Ten opzichte van de begroting is er een voordelig verschil van (afgerond) € 55.000. Dit verschil is ontstaan omdat er in de begroting 2023 rekening is gehouden met aanzienlijke hogere kosten voor de onderdelen ‘water’ en ‘nazorg’. De kosten voor de monitoring van het water kwaliteit en het doorspuiten van de drainage zijn lager uitgevallen. Tevens zijn de gerealiseerde kosten van de inspecties en installatie onderhoud lager dan begroot.
Toelichting op de baten
Conform afspraak is in 2023 het bedrag ter dekking van de kosten 2023 gefactureerd naar de deelnemende gemeenten. De lopende kosten waren op €350.000 begroot. 88240 Bijdragen deelnemende gemeenten wegens: - deel negatief Eigen Vermogen - dekking exploitatielasten
Begroting 350 350
Realisatie 350 350
Saldo -
12
4.3 Wet normering Topfunctionarissen (WNT) Per 1 januari 2013 is de Wet normering topinkomens (WNT) ingegaan. Het doel van de WNT is het tegengaan van bovenmatige beloningen en ontslagvergoedingen bij instellingen in de (semi) publieke sector. In de WNT worden inkomens en ontslagvergoedingen van topfunctionarissen bij instellingen met een publieke taak, genormeerd en openbaar gemaakt. Het bezoldigingsmaximum in 2023 is vastgesteld op € 223.000. Dit geldt naar rato van de duur en / of omvang van het dienstverband. In onderstaande tabel staat de vergoeding voor de functionarissen opgenomen. De leden van het Dagelijks Bestuur ontvangen geen vergoedingen. Gegevens 2023 Bedragen Functiegegevens Aanvang en einde functie vervulling in 2023 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) Dienstbetrekking Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoeding Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum -/- Onverschuldigd en nog niet terugontvangen bedrag
C. Mulder
L. Ootes Financieel adviseur
R. Hovestad
T. Folmer
Secretaris
M. Hofman Financieel adviseur
Manager
Manager
1/1 - 31/12
1/1 - 30/9
1/10 - 31/12
1/1 - 31/12
1/1 - 31/12
0,04 Nee
0,12 Nee
0,12 Nee
0,13 Nee
0,16 Nee
5.025
8.700
2.423
8.232
16.891
5.025
8.700
2.423
8.232
16.891
8.920
20.070
6.690
28.990
35.680
N.v.t. 5.025
N.v.t. 8.700
N.v.t. 2.423
N.v.t. 8.232
N.v.t.
Bezoldiging Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
16.891
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
13
Topfunctionarissen met een minimale bezoldiging of nihil
4.4 Gebeurtenissen na balansdatum Er hebben zich geen gebeurtenissen na balansdatum voorgedaan.
4.5 Voorstel tot bestemming resultaat Het resultaat 2023 bedraagt € 55.100,- voordelig Voorgesteld wordt het resultaat 2023 als volgt te bestemmen: Het voordelig resultaat ad € 55.100 ten gunste van de (negatieve) Algemene reserve te brengen.
14
5. Bijlagen 5.1 Mutatie overzicht grootboek
omschrijving
rekening
begroting
rekening
2022
2023
2023
40110 Inzet personeel 40122 Bodemzorg: dagelijks beheer 40520 Reiskosten 41010 Telefonie 41110 Verzekeringen 41210 Belastingen 41340 Bankkosten 41380 Contributies en lidmaatschappen 41390 Kantoorkosten 41397 Huur archiefruimte 41510 Accountantskosten 41520 Juridisch advies 41522 Advieskosten ALM-studie nazorg 41990 Overige kosten totaal lasten
67 104 2 4 1 5 2 2 4 190
50 15 3 1 pm 1 1 3 1 2 18 pm 2 1 98
42 113 2 4 1 3 6 2 173
40110 Tijdelijk personeel 41210 Waterschapsomslag 41240 Zuiveringsheffing/rioolheffing 43150 Onderhoud installaties 43190 Doorspuiten bovendrainage 43191 Doorspuiten percolaatdrainage 44010 Elektra 44532 Monitoring: water kwantiteit 44533 Monitoring: water kwaliteit 44534 Monitoring: afvalwater kwantiteit 44535 Monitoring: afvalwater kwaliteit totaal lasten
56 12 4 4 76
6 2 50 5 12 3 7 9 34 12 6 146
42 27 2 71
15
40110 Tijdelijk personeel
14 20 1 3 38
17 17
18 23 1
20 6 8 20 5 3 2 4 -
14 8 7 4 -
41
68
33
323
350
295
rekening 2022 -
begroting 2023 -
rekening 2023 -
475 475
350 350
350 350
saldo baten
475
350
350
saldo voor resultaat
-152
-
-55
41420 Beveiligingskosten 41990 Overige kosten 43150 Onderhoud onttrekkingsinstallatie 44010 Elektra totaal lasten 40110 Tijdelijk personeel - Bodemzorg 41990 Overige kosten 43000 Visuele inspecties 43011 Terreinonderhoud 43150 Onderhoud installaties 44010 Elektra 44220 Externe installateis 44224 Externe advieskosten 44228 Zettingsmeting 44558 2-jaarlijkse keuring Onderzoek alternatieven
saldo lasten
omschrijving
grootboek
42012 Rente rekening courant 43200 Rente geldlening 48110 Dotatie aan voorzieningen: - nazorg - toekomstige investeringen 98100 Buitengewone lasten
82010 Rentebaten 88110 Onttrekking aan voorzieningen: - nazorg wegens vrijval - toekomstige investeringen wegens vrijval 88240 Bijdragen deelnemende gemeenten wegens: - deel negatief Eigen Vermogen - dekking exploitatielasten
0 15 1 16
-
16
5.2 verdeelsleutel inwoners per 1-1-2021
gemeente Bernheze Boxtel Den Bosch Heusden Maasdriel Meierijstad Oisterwijk St.Michielsgestel Tilburg Vught Totaal
inw oners 8.643 31.449 131.990 16.515 9.405 74.685 5.448 27.387 1.401 30.038 336.961
bedrag 8.977 32.666 137.098 17.154 9.769 77.575 5.659 28.447 1.455 31.200 350.000
percentage 2,6% 9,3% 39,2% 4,9% 2,8% 22,2% 1,6% 8,1% 0,4% 8,9% 100,0%