CConstaterende datVught
Koppel je AI →
Document · PDF

30. Stichting Magnola - Appèl huisvesting Misha de Vries.pdf

Raadsvergadering 19 mei 2022, gemeente VughtBij agendapunt: Categorie I-A Externen4.052 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Lidwinastraat 55 5262EN Vught

Vught, 19 april 2022

Geachte voorzitter, geachte leden van de Raad, Inmiddels bezoeken 84 leerlingen basisschool Misha de Vries, grotendeels afkomstig uit Vught. Onze school vormt een prachtige aanvulling op het onderwijsaanbod in Vught-zuid, naast Jenaplan- en unitonderwijs (Lichtstraat resp. Avonturier). Dankzij Misha de Vries kunnen ouders uit Vught-zuid echt kiezen voor onderwijs in hun wijk dat past bij hun kind. En dat in een systeem waarbij de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen, met een werkelijk vrijwillige ouderbijdrage. Misha de Vries onderscheidt zich bovendien als inclusieve school, waar één op de vier kinderen een (deels) niet-Nederlandse achtergrond heeft. Het is een school waar sommige kinderen die elders waren vastgelopen, een plek hebben gevonden waar ze weer zichzelf kunnen zijn; waar kinderen met en zonder Down, dyslexie, taalachterstand of gedragsproblemen een hechte gemeenschap vormen. Onze school is kortom een betekenisvol onderdeel van Vught, en niet meer weg te denken.

“Sinds ons kind is overgestapt naar Misha de Vries, horen we hem weer zingen” (Gerbrand, vader van Ilan)

“IKC de Avonturier, Jenaplanschool De Lichtstraat en Misha de Vries hebben elk hun onderwijswaarde voor de wijk.” (Integraal Huisvestingsplan Onderwijs gem. Vught, 2021, p. 29)

1

Goed onderwijs is echter niet alleen afhankelijk van leerkrachten, ouders en anderen die zich in en om een schoolgemeenschap om leerlingen bekommeren. Daarvoor is ook goede huisvesting noodzakelijk. “[O]nderinvestering in onderwijshuisvesting leidt tot slechtere onderwijsomstandigheden [en is] één van de drie landelijke uitdagingen die de Nederlandse onderwijsresultaten onder druk zetten.” (Onderwijsinspectie, Staat van het Onderwijs, april 2022, p. 51). Dat geldt ook, of zelfs eens te meer, voor een startende school. Wij kunnen het niet riskeren dat slechte huisvesting afbreuk doet aan ons onderwijs en onze uitstraling, en daarmee ouders er onterecht van zou kunnen doen afzien hun kind aan onze school toe te vertrouwen. Op basis van de ontwikkeling die de school heeft doorgemaakt en de snelle groei van het leerlingenaantal die is gerealiseerd,1 mag er namelijk alle vertrouwen zijn dat Misha de Vries de voor haar als startende school gemaakte prognoses kan realiseren, waarmee ook de norm wordt behaald die voor de toekomst noodzakelijk is. Dit kan echter alleen mits daarvoor de juiste randvoorwaarden worden gecreëerd. Precies daar zit nu de grote zorg van de school: ook voor de volgende noodzakelijke groeifase is daarbij passende huisvesting nodig, en het College lijkt daarin niet te gaan voorzien.

Omdat het om het voortbestaan van onze school en schoolgemeenschap gaat, kan ik dan ook nu niet anders dan een beroep op u doen, geachte Raad. Ik vraag u daarom te bewaken dat het College ook voor onze school voor de noodzakelijke randvoorwaarden zorgdraagt en het erop aan te spreken, als het inderdaad niet voor adequate huisvesting voor de komende jaren zou zorgdragen. Daarbij besef ik dat u hiertoe over de juiste informatie moet kunnen beschikken. Omdat ik de stellige indruk heb dat er rond dit huisvestingsvraagstuk een aantal misverstanden zijn ontstaan, wil ik u middels onderstaande notitie een toelichting op één en ander geven.

1

Op 1 oktober 2019: 41 kinderen; 2020: 55; 2021: 79.

2

i.

Bestuurlijk kader

Gemeenten – de wet noemt nadrukkelijk eerst de Raad en dan pas het College als verantwoordelijken2 - moeten zorgen voor goede huisvesting voor bekostigde scholen. Nieuwe scholen moeten door de gemeente in de gelegenheid worden gesteld de stichtingsnorm te halen. Daarom is het in Nederland gebruikelijk dat een nieuwe school een gebouw krijgt waarin het kan groeien tot het behalen van de stichtingsnorm.3 Dat is normaal gesproken een bestaand gebouw dat voor die periode wordt opgeknapt. Zie bijvoorbeeld het gebouw voor deze school die afgelopen zomer in Oisterwijk is geopend (https://www.bd.nl/tilburg-e-o/ouders-beginnen-een-nieuwe-school-in-oisterwijk-fulltime-baanerbij~ad1fcfc1/). Als de stichtingsnorm is behaald, moet een permanent gebouw worden gerealiseerd.

2

Art. 91 lid 1 WPO

3

De stichtingsnorm verschilt per gemeente. Voor kleinere gemeenten als Vught, Oisterwijk en Boxtel is de norm

200 (Regeling aanpassing van de stichtings- en opheffingsnormen voor basisscholen in verband met gebiedswijzigingen per 1 januari 2021)

3

ii.

Huisvesting Misha de Vries door het Vughtse College tot 2022

Met betrekking tot Misha de Vries kunnen drie fases in huisvesting worden onderscheiden: 1. Als particuliere school, eerst in Rosmalen en dan in Vught (verantwoordelijkheid schoolbestuur) 2. Als rijksbekostigde school,in Vught, tot het moment waarop zij de stichtingsnorm zal hebben behaald (verantwoordelijkheid gemeente Vught) 3. Als rijksbekostigde school, vanaf het moment dat zij de stichtingsnorm zal hebben behaald (verantwoodelijkheid gemeente Vught) Misha de Vries is als particuliere school in 2017 opgericht en was toen in Rosmalen gehuisvest. Vanaf de start was het doel dat de school in Vught zou worden gevestigd,4 en bovendien zo snel mogelijk – voorzien was per 2019 – bekostigd zou zijn. Vanaf dat moment zou de school ookrecht zou hebben op een gebouw (zie hierboven, paragraaf (i)). Echter, omdat de toenmalige Vughtse Raad de school – naar later bleek ten onrechte5 – in eerste instantie niet wilde toelaten, liep het moment van ingaan van de bekostiging een jaar vertraging op. En dus was ook het moment waarop zij recht zou krijgen op huisvesting een jaar later. Maar in Rosmalen kon de school op dat moment ook niet blijven. Daarom verzocht de school in de lente van 2019 het Vughtse College haar toch alvast een gebouw ter beschikking te stellen. Het was immers aan het in eerste instantie onrechtmatig handelen van de gemeente6 te wijten dat daarop nog geen recht bestond.

De school stelde daarbij voor de voormalige Lidwinaschool in te richten, aangezien die groot genoeg is om te groeien tot de stichtingsnorm. Het College koos echter het huidige gebouw van de school uit, en de Raad stemde hiermee in bij besluit van 27 juni 2019. De school was uiteraard niet in de positie

4

Zie ook https://www.bd.nl/vught/nieuwe-internationale-lagere-school-niet-in-vught-maar-in-maliskamp-den-

bosch~a4e8fecc/ 5

De gemeenteraad heeft inderdaad in december 2018 zijn eigen besluit gecorrigeerd en de school alsnog

toegelaten. De gemeente heeft formeel de onrechtmatigheid van haar handelen bevestigd bij brief, namens haar, van Melior Verzekeringen van 24 oktober 2019, ref. 1901118. 6

Zie hierboven voetnoot 5.

4

te weigeren. Er was immers geen alternatief: er bestond in deze eerste fase formeel nog geen recht op huisvesting.7 Het gebouw – dat eigenlijk op de nominatie stond gesloopt te worden – werd daartoe “sober” (citaat) verbouwd. “Het is een oplossing voor de korte termijn” (citaat), voor “drie à vier jaar” (citaat) gerekend vanaf zomer 2019 (Raadsvoorstel en raadsbesluit d.d. 27 juni 2019). Reden voor de korte termijn was dat het College verwachtte dat het gebouw na die periode te klein zou zijn (ibidem). “De nieuwe school moet in vijf jaar aan de stichtingsnorm van 210 leerlingen voldoen. Het gebouw Lidwinastraat 55 kan maximaal 150 leerlingen huisvesten. De investering wordt daarom in beginsel voor drie of vier jaar gedaan.”8 9 Uit het voorstel (en besluit) blijkt kortom duidelijk dat de bedoeling van het College was nog tijdens de ‘tweede fase’ – de fase dus vóór de stichtingsnorm behaald zou zijn – voor een ander gebouw te zorgen. De gehele Raad stemde in met het voorstel, met uitzondering van D66: “Wij zijn tegen deze school.”10 Conform het besluit werd alleen het allernoodzakelijkste aangepakt. De structuur van het gebouw werd niet aangepast.11 Voor de buitenruimte werd geen budget beschikbaar gesteld.

12 In overeenstemming met de beperkte houdbaarheid van het gebouw werd in het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (‘IHP’) (vastgesteld door uw Raad in februari 2021) vastgelegd dat de

7

Overigens heeft de school in dat eerste schooljaar huur betaald voor het gebouw – het eerder beschikbaar

stellen heeft de gemeente in de woorden van de wethouder “niets gekost” (Mondelinge toelichting wethouder Van de Ven, Commissievergadering, 20 juni 2019). 8

later corrigeerde het College dit overigens naar 94 (besluit van het College van april 2021).

9

NB: destijds hield men nog rekening met een inmiddels achterhaalde termijn van (slechts) vijf jaar vanaf 1

augustus 2020 om de stichtingsnorm te kunnen halen. Die termijn is – sinds de inwerkingtreding van nieuwe wetgeving - inmiddels verlengd naar acht jaar. De stichtingsnorm is onderwijl verlaagd naar 200 (zie hierboven voetnoot 1). 10

Audioregistratie vergaderingen 20 en 27 juni 2019. Eerder had de fractie al gevraagd de school “zo goedkoop

mogelijk te huisvesten” (audioregistratie Commissievergadering 6 december 2018). 11

De structuur van het gebouw is die van een kinderdagverblijf. Er is slechts één ‘traditioneel’ klaslokaal: de drie

andere ruimtes die als lokaal dienen worden voor een aanzienlijk deel ‘opgeslokt’ door voor onderwijs nietfunctionele vertrekken die de vorige eigenaar heeft gebouwd om kinderen te laten slapen. Dit maakt de effectief voor onderwijs geschikte oppervlakte van het gebouw nog (veel) kleiner. 12

De school heeft zelf een aanzienlijk bedrag extra geïnvesteerd omdat de middelen van de gemeente niet

toereikend waren voor de meest noodzakelijke aanpassingen.

5

gemeente in de periode 2020-2022 moest zorgen voor de “realisatie en ingebruikname tijdelijke situatie Misha de Vries” (uitvoeringsagenda IHP, p. 36). De invulling ervan werd ook vastgelegd: “Tot het bereiken van een leerlingenaantal van 210 (stichtingsnorm)13, wordt aanvullende ruimtebehoefte vanaf 2022 ingevuld met kwalitatieve tijdelijke /semipermanente huisvesting. Huisvestingsvarianten worden daartoe onderzocht en op kwalitatieve en kwantitatieve criteria afgewogen. Mogelijke varianten (middellange termijn): •

Aanpassing en in gebruik name van de voormalige basisschool de Wieken

(naastgelegen). •

Aanpassing en in gebruik name van ander (maatschappelijk) vastgoed in Vught

Zuid. •

Locatie elders in Vught.” (IHP, p. 32)

NB1: dit gaat dus nadrukkelijk over opties voor tijdelijke huisvesting totdat de stichtingsnorm wordt bereikt (fase 2); permanente huisvestingsopties voor Misha de Vries worden elders in het IHP genoemd.

In het IHP werd benadrukt dat het gebouw van Misha de Vries “kwalitatief en klimaattechnisch matig” is en de slechtste kwaliteit heeft van alle Vughtse scholen14; waarbij nog werd gewaarschuwd dat de toenemende ruimtedruk de kwaliteit op korte termijn nog zou verslechteren (IHP, p. 19 en p. 31). Juist dit was, conform het uitgangspunt van 2019, de belangrijkste reden om de optie van uitbreiding van het huidige gebouw met noodlokalen niet op te nemen. Andere redenen staan opgenoemd in bijlage 1 bij deze brief.

13

Inmiddels is de stichtingsnorm verlaagd naar 200 (Regeling aanpassing van de stichtings- en opheffingsnormen

voor basisscholen in verband met gebiedswijzigingen per 1 januari 2021). 14

Op het onderdeel ‘Kindcentrum’ scoort het gebouw zeer slecht omdat de gemeente contractueel met de

school heeft vastgelegd dat er geen kinderopvang mag worden ingericht. De school heeft hiertegen geprotesteerd, maar de vorige eigenaar – Partou – heeft dit aan de gemeente opgelegd bij de verkoop van het pand, uit vrees voor concurrentie (e-mail 19 september 2019 van de gemeente aan de school).

6

iii.

Huisvesting tweede fase: College levert niet

Inmiddels is ons gebouw bijna te klein15 en bovendien aan het eind van zijn levensduur - zoals door de gemeente in 2019 ook voorzien. In bijlage 2 bij deze brief vindt u een kleine illustratie van de staat van het gebouw en de buitenruimte.

Het College lijkt echter niet van plan voor een goed alternatief te gaan zorgen voor de periode tot de stichtingsnorm is behaald. Dat bleek met name tijdens uw vergadering van 17 ma art jl., waarin u het participatieplan voor het project De Wieken besprak. Daarbij kwam zijdelings ook de huisvesting van onze school aan de orde. De wethouder van huisvesting gaf in het debat aan dat Misha de Vries niet zou worden gevestigd in de Lidwinaschool, en zelfs überhaupt géén ander gebouw dan het huidige zou krijgen tot de school de stichtingsnorm zou halen. Eerder zei de wethouder van onderwijs in reactie op het verzoek van Misha de Vries om in het project te worden meegenomen al dat “de school eerst moet bewijzen dat ze levensvatbaar is” (Brabants Dagblad, 4 februari 2022). In bijlage 3 bij deze brief vindt u, mogelijk ten overvloede, uiteengezet waarom vestiging van onze school in de Lidwinaschool in tegenstelling tot wat het College terzake lijkt te stellen, wel degelijk kan worden overwogen. Ook op dit punt moet u vanzelfsprekend over de juiste informatie kunnen beschikken!

Uit deze uiting kan de school niet anders afleiden dan dat het College niet van zins is in fase 2 de juiste voorwaarden voor groei van de school te creëren. Het lijkt erop dat het College opteert voor noodlokalen, naar het zich laat aanzien geplaatst tussen de bouwput van de Lidwinaschool en de begraafplaats.16 Ik verzoek uw Raad met klem het College hierin te controleren, te corrigeren en te houden aan hetgeen het (vorige) College heeft besloten en zoals hierboven beschreven herhaaldelijk gecommuniceerd. Niet alleen zou daarvan afwijken een schending zijn van de meest elementaire beginselen van behoorlijk bestuur, zoals het vertrouwensbeginsel, het evenredigheidsbeginsel en het proportionaliteitsbeginsel; het zou ook betekenen dat dit College onze school belemmert in haar mogelijkheden de

15

Het gebouw is geschikt voor 94 leerlingen (besluit van het College van april 2020), waarbij ingevolge de

drempelwaarde uit de verordening, de gemeente zodra de 102de leerling de school bezoekt, een grotere locatie gereed moet hebben. De school had op 1 oktober 2020 55 leerlingen, op 1 oktober 2021 79 leerlingen; als deze groei zich voortzet, is het gebouw op 1 oktober as. te klein. Dat de groei doorzet, blijkt ook uit de prognoses die de school eerder aan het College heeft overlegd. 16

Op het schoolplein van Misha de Vries is immers geen plaats voor noodlokalen.

7

stichtingsnorm te halen.17 Daarmee zou Vught beroofd worden van een inmiddels vitaal en gewaardeerd onderdeel van haar gemeenschap. Concreet betekent dit dat het College moet zorgen voor een ander, groter gebouw waarin Misha de Vries in fase 2 kan groeien naar de stichtingsnorm. Ten overvloede merk ik op dat dat haast heeft: de krapte in het huidige gebouw belemmert de groei nu al. Uiteraard houd ik mij graag tot nadere toelichting bereid. Met vriendelijke groet,

Laurens Peeters – directeur-bestuurder

17

Er staan Misha de Vries ook geen andere (rechts)middelen meer open. In beginsel biedt de verordening

onderwijshuisvesting van uw Raad weliswaar de mogelijkheid een (spoed)aanvraag te doen tot huisvesting, maar afgelopen herfst heeft het College de Vughtse schoolbesturen – en dus ook onze schoolstichting nadrukkelijk verzocht zo’n aanvraag niet te doen: het College zou het IHP immers strikt uitvoeren. Het College schreef: “Het is niet wenselijk dat er voor die tijd aanvragen voor onderwijsvoorzieningen worden ingediend in het kader van de verordening. In zo’n situatie moeten er formeel gezien twee verschillende sporen (juridisch en procesmatig) gevolgd worden. Dat is een onwerkbare situatie, die onnodig veel tijd in beslag neemt. Het verzoek is dan ook om tot de vaststelling van de nieuwe verordening geen aanvragen in te dienen die al in het uitvoeringsplan van het IHP zijn opgenomen.” (mail namens het College aan de schoolbesturen van 19 november 2021) Onze school heeft daarop in goed vertrouwen de deadline van 1 februari jl. laten verstrijken. Zoals beschreven blijkt nu dat het College ook deze laatste toezegging geen gestand doet.

8

Bijlage 1 Aanvullende redenen voor een ander schoolgebouw voor Misha de Vries in fase 2 a) Om te kunnen groeien, is een schoolgebouw nodig waarin de noodzakelijke groei mogelijk is, zonder telkens afhankelijk te zijn van uitbreidingsmomenten die de gemeente plant (een nieuwe school moet immers binnen zeer korte tijd groeien en kan niet wachten met groeien tot een uitbreidingsmoment door de gemeente wordt gepland). Dit geldt te meer omdat de gemeente voor een startende school geen betrouwbare prognoses kan maken,18 dus de noodzaak tot uitbreiding niet kan voorspellen en per definitie achter de feiten aanloopt. b) De school moet een gebouw met een met andere scholen vergelijkbare uitstraling hebben, zodat ouders de school als een volwaardig alternatief kunnen zien; dat zou met een zeer klein hoofdgebouw (geschikt voor 94 kinderen) en heel veel noodlokalen (voor meer dan 100 kinderen) niet het geval zijn.19 c) Het is wenselijk voor de doorlopende leerlijn en voor de groei dat de school ook een kinderdagverblijf en buitenschoolse opvang kon inrichten (IHP, p. 31).

Daartoe is nog meer ruimte nodig, waardoor de verhouding hoofdgebouw/noodlokalen nog meer uit het lood zou slaan; d) De locatie leent zich niet voor noodlokalen (geen ruimte op het schoolplein, alternatief was tussen begraafplaats en eventuele bouwput project De Wieken); dat zou ongeschikt zijn voor onderwijs en daarmee zouden de noodlokalen bovendien zo mogelijk nog onaantrekkelijker zijn.

18

Een prognose die de systematiek van de verordening volgt, kan pas worden gemaakt in het zesde jaar van

bekostiging van een school; in het geval van Misha de Vries betekent dit in het voorjaar van 2027. 19

In december 2018 gaven op één na alle fracties in de Vughtse Raad het College mee dat het de wens was van

de Raad dat Misha de Vries even goed als andere scholen, en dus niet ‘drie hoog achter’ zou worden gehuisvest.

9

Bijlage 2 Inzake de optie van vestiging van Misha de Vries in de voormalige Lidwinaschool Het College heeft in verschillende uitingen verschillende argumenten gegeven waarom vestiging van Misha de Vries in de voormalige Lidwinaschool niet mogelijk is. Hieronder wordt voor elk van deze argumenten uiteengezet waarom ze niet kloppen cq niet of onvoldoende onderbouwd zijn. a) Door de vaststelling van het IHP in 2021 waarin het College wordt opgedragen vestiging van Misha de Vries binnen De Wieken te onderzoeken, heeft de Raad een aanpassing op de gebiedsvisie uit 2017 mogelijk gemaakt In het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (IHP) zoals in 2021 door uw Raad vastgesteld is opgenomen dat onderzocht moet worden of Misha de Vries zowel voor tijdelijk (fase 2) als voor permanent (fase 3) kan worden gehuisvest binnen het plan De Wieken, in het bijzonder in de Lidwinaschool (IHP, p. 32). Dat is een aanvulling cq correctie op de eerder vastgestelde gebiedsvisie uit 2017. Dat het College nu aangeeft dat een school niet in de gebiedsvisie past, klopt dus niet met uw latere besluitvorming. De locatie Lidwinaschool werd in het IHP inderdaad ook opgenomen als te onderzoeken locatie voor permanente vestiging (fase 3 van huisvesting).

In de uitvoeringsagenda van het IHP werd zelfs vastgelegd dat in 2021 een (nieuw) ‘Masterplan’ moest worden opgesteld als langetermijnvisie voor het gebied De Wieken, waarin naast de schoolbesturen en de gemeente ook de zorgaanbieders en projectontwikkelaars moesten worden betrokken (IHP, p. 28 en 36).20

b) Kosten huisvesting Misha de Vries zijn nog niet onderzocht In de Commissievergadering van 3 februari jl. werd u meegedeeld dat uit onderzoek was gebleken dat behoud van de Lidwinaschool te duur zou zijn. Voor zover dit suggereert dat onze school niet in de Lidwinaschool kan worden gehuisvest, is dit echter onjuist respectievelijk moet het op een misverstand berusten. Het enige onderzoek dat namelijk is gedaan, handelt over de vestiging van een gezondheidscentrum in dat gebouw. Dat daarmee iets gezegd zou zijn over de mogelijkheden van het

20

In de uitvoeringsagenda staat aangegeven dat het Masterplan moet worden opgesteld door de

schoolbesturen. Uit de context en uit de vergelijking met Het Kwartier, waarvoor op dezelfde wijze de schoolbesturen als uitvoerders worden genoemd, blijkt echter dat de bedoeling is dat het aan het College is hierin het voortouw te nemen. Het heeft uiteraard geen zin dat schoolbesturen spreken over het plan De Wieken als de gemeente hierin niet meegaat.

10

onderbrengen van Misha de Vries in de voormalige Lidwinaschool is echter onjuist: een schoolgebouw ombouwen naar een gezondheidscentrum met alle eisen die dat stelt, is niet vergelijkbaar met het tijdelijk opknappen van een schoolgebouw zodat het door een school kan worden gebruikt. Er moet dus – zoals in het IHP besloten - een afzonderlijk onderzoek komen hoeveel het opknappen van de Lidwinaschool voor gebruik door Misha de Vries kost.

c) Gezondheidscentrum kan mogelijk ook op huidige locatie Misha de Vries worden gehuisvest Voor zover het argument zou zijn dat het gezondheidscentrum ook plek nodig heeft, zij opgemerkt dat niet is onderzocht of dat centrum ook op de huidige plek van Misha de Vries zou kunnen worden gehuisvest. Het zou heel goed mogelijk kunnen zijn: als je het schoolgebouw afbreekt en een gebouw van twee verdiepingen bouwt, kom je aan het volume dat het gezondheidscentrum nodig heeft. Parkeergelegenheid is er bovendien allicht voldoende, de huidige speelplaats in aanmerking genomen.

d) Vermeende redenen van verkeersveiligheid en stedenbouwkundige aard snijden geen hout Richting de school noemt het College overigens andere redenen, namelijk de verkeersveiligheid en redenen van stedenbouwkundige aard: “De besluiten van november 2021 zijn gebaseerd op de door de raad in 2017 vastgestelde ontwikkelvisie voor De Wieken. Van een hernieuwede schoolfunctie is het gebied is geen sprake. Een belangrijke reden hiervoor is omdat dit verkeerstechnisch en stedenbouwkundig onverantwoord is.”21 Het College onderbouwt deze argumenten niet verder. Het lijkt echter voorshands niet waarschijnlijk dat de verkeersveiligheid minder in het gedrang komt in geval de school tot 200+ leerlingen moet groeien op de plek waar ze nu gevestigd is. Voor wat betreft de stedenbouwkunde kan in elk geval worden opgemerkt dat behoud van de Lidwinaschool een iconisch gebouw voor Vught-zuid bewaart. Dat wijst dus eerder op het tegendeel.

e) Dat het College ten onrechte al besloten heeft over de invulling van de (oude) Lidwinaschool en de Willibrordusschool, is zijn fout en kan niet als argument gelden richting de school; de Raad mag dit nog corrigeren

21

Bron: verslag gesprek wethouders en schoolbestuur, 24 februari 2022

11

Een eventueel argument dat het proces inzake De Wieken reeds in gang is gezet en daarom niet meer kan worden aangepast, is niet terecht. In de eerste plaats heeft de Raad nog niet definitief goedkeuring gegeven aan de invulling van het project cq kan de Raad het proces nog stopzetten en corrigeren. In de tweede plaats heeft het College de Raad, zoals uit deze brief blijkt, onjuist of in elk geval onvolledig geïnformeerd inzake zijn verplichtingen vis à vis Misha de Vries binnen De Wieken. En ten derde handelt het College in strijd met een raadsbesluit (het IHP) door de mogelijkheid van vestiging van Misha de Vries binnen De Wieken niet te onderzoeken. Het kan kortom niet zo zijn dat de Raad voor een voldongen feit wordt geplaatst omdat het College de opdracht van diezelfde Raad niet goed uitvoert. Tot slot merk ik nog op dat Misha de Vries zelf geen andere rechtsmiddelen open staan dan het beroep op uw Raad, aangezien de school, ofschoon zij duidelijk belanghebbende is, door het College niet is geïnformeerd over het besluit inzake De Wieken van november jongstleden, en dus niet tijdig in bezwaar is kunnen gaan.

12

Bijlage 3 Staat van gebouw Lidwinastraat 55 Inmiddels maakt het gebouw ‘aan alle kanten water’. In algemene zin is het gebouw, omdat het is ingericht voor een kinderdagverblijf (met bijvoorbeeld slaapvertrekken, die tijdens de tijdelijke renovatie niet zijn verwijderd) niet optimaal voor klassikaal onderwijs. Beide keukens in de school zijn sinds 2019 al herhaaldelijk provisorisch gerepareerd, zoals de klusjesman van de school bijna wekelijks zaken komt oplappen. Nog onlangs zijn de deuren van de schuur provisorisch gemaakt, nadat de sponning was ontzet; één van beide deuren kan nu niet meer open, dat zou gevaar opleveren. De buitenruimte is überhaupt in bijzonder slechte staat, en zelfs gevaarlijk. Van binnen is er in 2020 ernstige waterschade geweest. Dit is weliswaar (provisorisch) gerepareerd, maar de schade draagt bij aan de onderkomen uitstraling. Ventilatie in het gebouw is niet mogelijk anders dan door ramen of deuren open te zetten, ook in de winter. Omdat dit gelet op de temperatuur niet wenselijk is, is de CO2-concentratie in het gebouw (waarschijnlijk) veel te hoog. Omdat het gebouw niet of nauwelijks is geïsoleerd en geen klimaatregeling kent, is het in de zomermaanden bovendien zeer heet in de school. Dit probleem wordt erger naarmate het aantal kinderen per lokaal toeneemt.

De Inspectie voor het Onderwijs heeft onlangs vastgesteld “dat Nederlandse leerlingen beter presteren in goed geventileerde klaslokalen. (…) [Het] is belangrijk te investeren in goede ventilatie, ook zodat leerlingen in de winter niet in de kou zitten. (…) Hoge temperatuur beïnvloedt prestaties negatief. Leerlingen presteren slechter wanneer er meer warme schooldagen zijn (…). Het is waarschijnlijk dat dit veroorzaakt wordt door de hitte: de effecten zijn duidelijk kleiner wanneer er airconditioning in de school is ” (Staat van het Onderwijs, april 2022, p. 52). Vanwege de beperkte horizon van het gebouw, heeft de gemeente ervan afgezien voor ons gebouw in verbetering van beide omstandigheden te investeren, ook sinds hiervoor sinds eind 2020 een speciale rijkssubsidie voor gemeenten beschikbaar is.

13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Vught&id=00f687e1-8a31-4174-8958-3d896a4aefcc