CConstaterende datVught
Koppel je AI →
Document · PDF

13. Raadsinformatiebrief Decembercirculaire gemeentefonds 2024

Raadsvergadering 6 februari 2025, gemeente VughtBij agendapunt: Categorie I-B Schriftelijke mededelingen van college of griffie20.084 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Vught Raadsinformatiebrief Datum Onderwerp Zaaknummer Documentnr.

14 januari 2025 Decembercirculaire gemeentefonds 2024 Z23 - 271724 UIT/25 - 664026

Inleiding Op 12 december 2024 is de decembercirculaire gemeentefonds 2024 gepresenteerd. De decembercirculaire informeert ons over ontwikkelingen van de gemeentefondsuitkering naar aanleiding van de Najaarsnota van het Rijk, ter afronding van het lopende jaar. In tegenstelling tot wat gebruikelijk is, bevat deze circulaire nieuwe accresramingen voor 2025 en verder. Voorgeschiedenis

In de meicirculaire 2024 zijn mutaties met betrekking tot de voorjaarsnota van het Rijk verwerkt en in de septembercirculaire mutaties naar aanleiding van de Miljoenennota. De mutaties van de meicirculaire en de septembercirculaire voor 2024 zijn door middel van de Buraps verwerkt. De mutaties voor 2025 en verder zijn verwerkt in de vastgestelde Programmabegroting 2025. Inhoudelijk Hier gaan we in op de mutaties van het gemeentefonds naar aanleiding van de decembercirculaire gemeentefonds 2024. Mutaties decembercirculaire

a(€ 1.000)

Mutaties gemeentefonds voorgaande jaren Mutaties Gemeentefonds

2024

2025

2026

2027

2028

50

0

0

0

0

-105

133

130

219

309

-55

133

130

219

309

Mutaties gemeentefonds voorgaande jaren Voor uitkeringsjaar 2022 zijn de WOZ waarden definitief vastgesteld (€ 40.445). Samen met een verbeterd inzicht in de oppervlakte bebouwing woonkernen ( € 9.798), betekent dit een voordeel van € 50.243. Mutaties gemeentefonds

1/4

Vught

k'

In onderstaande tabel is een specificatie weergegeven van de mutaties in het gemeentefonds 2024 en volgende jaren naar aanleiding van de decembercirculaire 2024. Mutaties decembercirculaire 2024

x(€ 1.000)

2024

2025

2026

Correctie in verband met revisie CBS

0

133

130

219

309

Compensatieregeling niet beoogde kosten jeugdzorg

40

0

0

0

0

Subsidieregeling continuiteit cruciale jeugdzorg

6

0

0

0

0

Uitvoering Hervormingsagenda Jeugd

7

0

0

0

0

Register externe veiligheidsrisico's

10

0

0

0

0

Spreidingswet

38

0

0

0

0

Meerkosten Oekraine Sociaal Domein

59

0

0

0

0

Vangnetcontstructie energietoelage

33

0

0

0

0

Landelijke beëindigingsregeling veehouderijbedrijven

7

0

0

0

0

-305

0

0

0

0

Overige

Accres correctie ivm revisie CBS Bij de accresberekening 2025-2029 is door het ministerie de CBS revisie van afgelopen zomer abusievelijk niet meegenomen. Zoals door hen toegezegd wordt dit gecorrigeerd in deze decembercirculaire. Compensatieregeling niet-beoogde kosten jeugdzorg, Subsidieregeling continuïteit cruciale jeugdzorg en Uitvoering Hervormingsregeling Voor al deze regeling zijn eerder middelen vanuit het gemeentefonds beschikbaar gesteld. De beschikbaar gestelde middelen zijn niet opgemaakt, vloeien daardoor terug naar het gemeentefonds en worden onder alle gemeenten verdeeld Register externe veiligheidsregio's (REV) Er wordt een eenmalige compensatie verstrekt omdat alle gemeenten de juiste data aan moeten leveren aan het REV. Spreidingswet Vanuit de spreidingswet hebben gemeenten een nieuwe taak gekregen in het zoeken naar opvangplekken voor asielzoekers om zo tot een evenwichtige spreiding van asielzoekers te komen over gemeenten en provincies. Hiervoor ontvangen we een bijdrage. Meerkosten Oekraïne Sociaal Domein De verantwoordelijkheid voor de zorg en ondersteuning vanuit de Wmo, de Jeugdwet en de Wet publieke gezondheid voor de uitvoering van het basistakenpakket Jeugdgezondheidszorg, het Rij ksvaccinatieprogramma en het prenataal huisbezoek ligt voor Oekraïense ontheemden bij gemeenten.

Het aantal Oekraïense ontheemden is dusdanig groot dat dit niet kan worden beschouwd als onderdeel van gebruikelijke fluctuaties op gemeentelijk niveau. Daarom ontvangen we een compensatie.

2/4

Vught Vangnetconstructie energietoelage Binnen de decentralisatie-uitkering Energietoeslag 2023 is budget gereserveerd voor de vangnetconstructie. De vangnetconstructie is bedoeld om een oplossing te bieden voor grote afwijkingen tussen de gebruikte verdeelstatistiek en het werkelijk aantal bereikte huishoudens met een inkomen tot 120% sociaal minimum. De toekenningen zijn in deze circulaire verwerkt. Doordat de gereserveerde middelen niet opgemaakt zijn, vloeien ze terug naar het gemeentefonds en worden ze onder alle gemeenten verdeeld. Landelijke beëindigingsregeling veehouderijbedrijven Sinds 3 juli zijn de Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties (Lbv) en de Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties met piekbelasting (Lbv-plus) opengesteld, waarmee veehouders hun bedrijfslocaties tegen subsidie kunnen beëindigen. Het betreft de periode 3 februari t/m 3 september 2024. Voor het aantal positieve beschikkingen ontvangen we € 7.000. Dit betreft 1 positieve beschikking. Voor het aantal geregistreerde ondertekende overeenkomsten tot beëindiging ontvangen we niets. Overige Dit betreft een verbeterd inzicht in de WOZ-waarden; onderwijsachterstand, inwoners met migratie achtergrond, oeverlengte (- € 304.000) en taakmutaties < € 2.500 voor bijdrage gebruik BRP en Wet betaalbare huur.

Aandachtspunten, ontwikkelingen en onzekerheden Vanaf 2028 wordt het re-integratiebudget voor gemeenten met € 20 miljoen (voor onze gemeente ongeveer € 18.000) verlaagd. Deze maatregel is onderdeel van de ombuigingen die op de rijksbegroting zijn doorgevoerd. Het ingroeipad voor het nadeel met betrekking tot de herverdeling van het gemeentefonds is voor 2026 en verder gelijk gehouden aan het nu bekende maximale herverdeeleffect na 3 jaar: € 37,50 per inwoner. Naar aanleiding van de evaluatie van het nieuwe verdeelstelsel zal besloten worden over het verdere verloop van het ingroeipad (vanaf 2026) en hoe de suppletie-uitkering, dan nog € 1.605.347, verder afgebouwd wordt. Dit kan nog leiden tot nadelige mutaties. Het Rijk werkt met gemeenten aan een nieuwe financieringssystematiek vanaf 2026. Over de voortgang wordt u via separate raadsinformatiebrieven geïnformeerd. De Onderuitputting Bcf is met ingang van 2025 structureel geraamd op € 800.000, gelijk aan de onder uitputting 2023. Hoe hoog de onder uitputting de komende jaren zal zijn is nog onbekend. - Op de Rijksbegroting is onder de aanvullende posten een bedrag voor Jeugd opgenomen. Een raming voor dit bedrag voor onze gemeente is meegenomen in onze berekening voor 2026 en verder.

- Het Rijk stelt vanaf 2025 middelen beschikbaar aan gemeenten waarmee zij op termijn 10.000 werkplekken kunnen faciliteren, voor mensen die niet vallen onder beschut

3/4

Vught kwerk, maar wel aangewezen zijn op de infrastructuur van sociaal ontwikkelbedrijven voor hun ontwikkeling richting regulier werk of voor een tijdelijk vangnet. Deze middelen worden in de meicirculaire 2025 verwacht. Op de aanvullende post bij het ministerie van Financiën staat nog een reservering van 80 miljoen in 2025 voor de invoering van de Omgevingswet. We verwachten dat deze in een volgende circulaire aan het gemeentefonds toegevoegd wordt. Financieel Na verwerking van de decembercirculaire ziet het geraamde meerjarensaldo er als volgt uit. x(E 1.000)

24 721 -55

Saldo na Burap-2 2024 Mutatie Decembercirculaire I

•• • -

2025 253 133 .

2026 -988 130 -858

2027 -11 219 208

De mutaties naar aanleiding van de decembercirculaire voor 2024 en eerdere jaren zullen verantwoord worden in de Jaarrekening 2024. Mutaties naar aanleiding van de decembercirculaire voor 2025 en verder worden verwerkt in Burap-1 2025 en de Kadernota 2026-2029. Burgemeester en wethouders van Vught, de b emeester, de secretaris,

W.F.F. Keijzers

R.J. van de Mortel

Bijlage(n): 1. Decembercirculaire Gemeentefonds 2024

4/4

2028 213 309 522

Gemeentefonds

Decembercirculaire 2024

de gemeentebesturen, ter attentie van de raden en de colleges van B&W

DGOBDR/Bestuur, Financiën en Regio’s Turfmarkt 147 Den Haag Postbus 20011 2500 EA Den Haag www.rijksoverheid.nl Contactpersoon eventuele vragen per e-mail postbus.gf@minbzk.nl Datum 12 december 2024 Kenmerk 2024-0000953334

Onderwerp Doelstelling

decembercirculaire gemeentefonds 2024 bekendmaking van beleid en het geven van informatie

Juridische grondslag Relaties met andere circulaires

Ingangsdatum Geldig tot

decembercirculaire 2023 (2023-0000718122); meicirculaire 2024 (2024-0000287430); septembercirculaire 2024 (2024-0000752157) 12 december 2024 1 juli 2025

Decembercirculaire gemeentefonds 2024

Voorwoord Voor u ligt de decembercirculaire Gemeentefonds 2024. Gemeenten ontvangen op drie tijdstippen in het jaar de informatie over de gemeentefondsuitkeringen: in mei op basis van de Voorjaarsnota, in september op basis van de Miljoenennota en in december, ter afronding van het lopende jaar, op basis van de Najaarsnota. De decembercirculaire heeft doorgaans een beperkte strekking. Het gaat primair om onderwerpen die vóór het einde van het jaar geregeld dienen te zijn, met het oog op de jaarafsluiting door het Rijk en de gemeenten. In het algemeen geldt voor de informatie uit de circulaires het voorbehoud van parlementaire besluitvorming. Dat geldt dit jaar uiteraard ook. De politiek-bestuurlijke zaken worden in hoofdstuk 1 belicht. De circulaire is in belangrijke mate een financieel-technisch document. De latere hoofdstukken richten zich vooral op de doelgroep van financieel specialisten. Ik wens u veel succes toe bij de uitvoering van uw taken. Mede namens de Staatssecretaris Fiscaliteit en Belastingdienst, De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

J.J.M. Uitermark

Decembercirculaire gemeentefonds 2024

1

Decembercirculaire gemeentefonds 2024

2

Inhoudsopgave 1

2

Hoofdpunten ................................................................................................................. 5 1.1

Inleiding .................................................................................................................. 5

1.2

Algemene Uitkering ................................................................................................... 5

1.3

Decentralisatie- en integratie-uitkeringen ..................................................................... 6

Algemene uitkering ........................................................................................................ 8 2.1

Inleiding .................................................................................................................. 8

2.2

Wijzigingen in de omvang van de algemene uitkering .................................................... 8

1.

Bijstelling accres tranches ....................................................................................... 9

2.

Bijdrage gebruik BRP 2024..................................................................................... 12

3.

Compensatieregeling niet beoogde kosten jeugdzorg ................................................. 12

4.

Jeugdhulp: subsidieregeling continuïteit cruciale jeugdzorg ........................................ 12

5.

Hervormingsagenda jeugd ..................................................................................... 13

2.3

Verdeling mutaties algemene uitkering ....................................................................... 13

2.4

Overige mededelingen algemene uitkering .................................................................. 13

2.4.1

Veranderingen in het verdeelstelsel ..................................................................... 13

2.4.2

Overige uitkeringsonderdelen .............................................................................. 14

2.5 3

Maatstaven, bedragen per eenheid en uitkeringsfactor .................................................. 14

Decentralisatie- en integratie-uitkeringen ........................................................................ 16 3.1

Inleiding ................................................................................................................. 16

3.2

Omvang en verdeling decentralisatie- en integratie-uitkeringen ..................................... 16

1.

Vangnetconstructie energietoelage.......................................................................... 17

2.

Meerkosten Oekraïne sociaal domein ....................................................................... 18

3.

Spreidingswet ...................................................................................................... 18

4.

Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties .................................................. 18

5.

Natuur bij Energieprojecten ................................................................................... 19

6.

Erfgoed Deal ........................................................................................................ 19

7.

Startbanen statushouders ...................................................................................... 19

8.

Register Externe Veiligheidsrisico’s (REV) ................................................................ 20

9.

Natuurbrandpreventie en -mitigatie ........................................................................ 20

10.

Faciliteitenbesluit opvangcentra .............................................................................. 20

11.

Work in Nederland ................................................................................................ 21

12.

Wet betaalbare huur ............................................................................................. 21

13.

Actieplan Wapens en Jongeren ............................................................................... 21

14.

Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid ...................................................... 22

15.

Pilots Samenwerken sociaal- en veiligheidsdomein .................................................... 22

16.

Realisatie energietransitie ...................................................................................... 22

17.

Capaciteitsinzet ondernemingsplannen .................................................................... 23

18.

Versterking arbeidsmarktregio’s ............................................................................. 23

Decembercirculaire gemeentefonds 2024

3

4

19.

Toekomstbestendig maken energiebeleid ................................................................. 24

20.

Experiment nieuw stembiljet 2024 .......................................................................... 24

21.

Slavernijverleden .................................................................................................. 24

22.

Veerkracht en weerbaarheid ................................................................................... 25

23.

Veilige steden....................................................................................................... 25

24.

Signaalmanagement systeem ................................................................................. 25

25.

Nederlands-Soedanese repatrianten ........................................................................ 25

26.

100 jaar vriendschap Turkije-Nederland .................................................................. 26

27.

Weerbare gemeenschappen tegen ondermijnende criminaliteit ................................... 26

28.

LHBTI beleid Regenboogsteden .............................................................................. 26

Overige mededelingen ................................................................................................... 27 4.1

Inleiding ................................................................................................................. 27

4.2

Bevoorschotting ....................................................................................................... 27

4.3

Website financiën decentrale overheden: www.findo.nl ................................................. 27

Bijlagen ............................................................................................................................ 29 Bijlage 2.1.1 Bedragen per eenheid en uitkeringsfactor 2024 ................................................ 30 Bijlage 2.1.2 Bedragen per eenheid 2024 per cluster............................................................ 32 Bijlage 2.1.3 Bedragen per eenheid en uitkeringsfactor 2025 ................................................ 34 Bijlage 2.1.4 Bedragen per eenheid 2025 per cluster............................................................ 36 Bijlage 2.5.1 Geactualiseerde volumina .............................................................................. 38 Bijlage 3.2-1 Decentralisatie-uitkering Vangnetconstructie energietoelage .............................. 39 Bijlage 3.2-2 Decentralisatie-uitkering Meerkosten Oekraïne sociaal domein ........................... 47 Bijlage 3.2-3 Decentralisatie-uitkering Spreidingswet ........................................................... 51 Bijlage 3.2-4 Decentralisatie-uitkering Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties ....... 55 Bijlage 3.2-5 Decentralisatie-uitkering Natuur bij Energieprojecten ........................................ 60 Bijlage 3.2-6 Decentralisatie-uitkering Erfgoed Deal .............................................................

61 Bijlage 3.2-7 Decentralisatie-uitkering Startbanen statushouders .......................................... 62 Bijlage 3.2-9 Decentralisatie-uitkering Natuurbrandpreventie en -mitigatie ............................. 63 Bijlage 3.2-10 Decentralisatie-uitkering Faciliteitenbesluit opvangcentra ................................. 64 Bijlage 3.2-11 Decentralisatie-uitkering Work in Nederland ................................................... 65 Bijlage 3.2-12 Decentralisatie-uitkering Wet betaalbare huur ................................................ 66 Bijlage 3.2-13 Decentralisatie-uitkering Actieplan Wapens en Jongeren .................................. 70 Bijlage 3.2-14 Decentralisatie-uitkering Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid ......... 71 Bijlage 3.2-19 Decentralisatie-uitkering Toekomstbestendig maken energiebeleid .................... 72

Decembercirculaire gemeentefonds 2024

4

1

Hoofdpunten

1.1

Inleiding

Deze circulaire informeert gemeenten over de gemeentefondsuitkeringen. Het gemeentefonds is de grootste inkomstenbron van de gemeenten. Daarnaast bepalen factoren als belastingopbrengsten, gemeentelijke rentelasten, dividendopbrengsten en grondexploitatie mede de inkomsten van gemeenten. Zij vallen echter buiten het bestek van deze circulaire. In deze circulaire vindt de verwerking plaats van de mutaties uit de Najaarsnota 2024 en de bijbehorende Tweede Suppletoire Begroting 2024. Dit hoofdstuk bevat een beknopte weergave van de belangrijkste mutaties uit de circulaire. De indeling van de circulaire is afgestemd op de soorten uitkeringen die het gemeentefonds kent: de algemene uitkering en de decentralisatie- en integratie-uitkeringen. In tegenstelling tot wat gebruikelijk is bevat deze circulaire nieuwe accresramingen. Voor de jaarafsluiting 2024 is het accres 2024, zoals gemeld in de meicirculaire 2024, de definitieve stand. Ten aanzien van de raming van het accres voor de jaren 2025 en verder is echter een correctie opgenomen naar aanleiding van de Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS)-revisie van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp). 1.2

Algemene Uitkering

Accres Bij Miljoenennota 2025 zijn voor het eerst de accressen van het gemeente- en provinciefonds geactualiseerd op basis van de nieuwe bbp-systematiek. Het uitgangspunt van deze bbpsystematiek is dat het gemeente- en provinciefonds meerjarig de ontwikkeling van het nominaal bruto binnenlands product volgen. Deze ontwikkeling is gesplitst in een volumedeel en een prijsdeel. Het volumedeel is gebaseerd op een 8-jaars (t-9 t/m t-2) historisch gemiddelde van de ontwikkeling van het bbp. Bij Miljoenennota 2025 zijn de ramingen (2025 en verder) voor bbp-volume en bbp-prijs aangepast op basis van de macro-economische cijfers van het Centraal Planbureau (CPB) (MEV 2025). Afgelopen zomer heeft het CBS een revisie van het bbp gepubliceerd. Helaas is bij de accresberekening 2025-2029 de CBS-revisie van afgelopen zomer abusievelijk niet meegenomen. Doordat het volumedeel van het accres wordt gebaseerd op t-9 t/m t-2 had ook de bbp-volume index voor de periode 2015 tot en met 2023 aangepast moeten worden. Het volledig doorvoeren van de CBS-revisie leidt tot een hogere bbp-index voor 2025-2029 dan in de Miljoenennota 2025 geraamd. De index voor het volumedeel wordt door de revisie circa 0,1% hoger voor 2025-2029. Dit heeft gevolgen voor het gereserveerde accres van het gemeentefonds, provinciefonds en het BTW-compensatiefonds (BCF).

Decembercirculaire gemeentefonds 2024

5

Op 3 oktober heeft de minister van Financiën hierover een mededeling gedaan bij de Algemene Financiële Beschouwingen in de Tweede Kamer. Gemeenten zijn op 4 oktober op de hoogte gesteld dat er een correctie zou gaan plaatsvinden. De minister van Financiën heeft de Tweede Kamer hierover schriftelijk bericht1 op 7 oktober. Gemeenten zijn op 11 oktober nader geïnformeerd over de hoogte van de correctie van de accresreeks voor de jaren 2025-2029. In deze circulaire wordt, zoals aangekondigd in het bericht van 11 oktober, de correctie van het accres verwerkt in de algemene uitkering. Daarmee wordt de correctie ook verwerkt in de bevoorschotting vanaf januari 2025. Boekhoudkundig zal de correctie bij Voorjaarsnota 2025 worden verwerkt, inclusief de dan laatst geldende macro-economische raming van het CPB (CEP 2025). Compensatieregeling niet beoogde kosten jeugdzorg Ten behoeve van de specifieke uitkering Niet beoogde jeugdzorgkosten vanwege verblijf is in het voorjaar van 2024 een bedrag van € 60 miljoen beschikbaar gesteld op de begroting van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), afkomstig uit het gemeentefonds (zie meicirculaire 2024, paragraaf 2.2.10). Na beoordeling van de aanvragen over de jaren 2022 en 2023 is er een restant van ruim € 30,4 miljoen. Zoals afgesproken vloeit dit resterende budget terug naar het gemeentefonds. 1.3

Decentralisatie- en integratie-uitkeringen

De circulaire bevat voor uitkeringsjaar 2024 een aantal wijzigingen in de decentralisatie- en integratie-uitkeringen. Het gaat zowel om de aanpassing van bestaande als om nieuwe uitkeringen. In hoofdstuk 3 is een compleet overzicht opgenomen. De belangrijkste wijzigingen die in deze circulaire zijn verwerkt betreffen: -

Binnen de decentralisatie-uitkering Energietoelage 2023 is € 32,5 miljoen van het budget gereserveerd voor een vangnetconstructie (zie paragraaf 3.3.5 van de meicirculaire 2024). De vangnetconstructie is bedoeld om een oplossing te bieden voor te grote afwijkingen (ten nadele van gemeenten). Op basis van onderzoek blijkt dat bij 16 gemeenten de gehanteerde verdeelmaatstaf ‘aantal huishoudens met een inkomen tot 120% sociaal minimum’ onvoldoende aansluit bij het aantal huishoudens aan wie zij op basis van de richtlijn 120% sociaal minimum de energietoeslag 2023 hebben moeten uitkeren. Deze 16 gemeenten ontvangen een aanvullende uitkering van in totaal € 3,9 miljoen. De resterende € 28,6 miljoen wordt over alle gemeenten verdeeld op basis van de verdeelsystematiek van de decentralisatie-uitkering Energietoelage.

-

Voor de decentralisatie-uitkering Meerkosten Oekraïne sociaal domein is een bedrag van € 29,8 miljoen beschikbaar. De verantwoordelijkheid voor de zorg en ondersteuning vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), de Jeugdwet en de Wet publieke gezondheid voor de uitvoering van het basistakenpakket Jeugdgezondheidszorg, het

1 Kamerstukken 2024/2025, 36600, nr 41

Decembercirculaire gemeentefonds 2024

6

Rijksvaccinatieprogramma en het prenataal huisbezoek ligt voor Oekraïense ontheemden bij gemeenten. Het aantal Oekraïense ontheemden is dusdanig groot dat dit niet kan worden beschouwd als onderdeel van gebruikelijke fluctuaties op gemeentelijk niveau. Daarom ontvangen de betreffende gemeenten een compensatie. -

Vanuit de Spreidingswet hebben gemeenten een nieuwe taak gekregen in het zoeken naar opvangplekken. Voor 2024 ontvangen gemeenten hiervoor een bijdrage van in totaal € 15,3 miljoen.

Decembercirculaire gemeentefonds 2024

7

2

Algemene uitkering

2.1

Inleiding

Binnen het gemeentefonds is de algemene uitkering de grootste component. Het bedrag aan algemene uitkering wordt verdeeld over de gemeenten via maatstaven, zoals het inwonertal en de oppervlakte van een gemeente, een aan de maatstaven gekoppeld gewicht (bedrag per eenheid) en de uitkeringsfactor (de voor alle gemeenten gelijke vermenigvuldigingsfactor). Die drie componenten zijn aan wijzigingen onderhevig. Dit hoofdstuk geeft informatie over de aanleiding voor die wijzigingen en over de uitwerking ervan. In paragraaf 2.2 worden de wijzigingen in de omvang van de algemene uitkering behandeld en in paragraaf 2.3 worden de consequenties daarvan voor de verdeling aangegeven. Paragraaf 2.4 bevat overige mededelingen over de algemene uitkering. Paragraaf 2.5 informeert de gemeenten over een aantal gegevens voor de berekening van de algemene uitkering, te weten: maatstaven, gewichten en uitkeringsfactoren. Het totaal van alle wijzigingen vindt zijn neerslag in de bijlagen 2.1.1 tot en met 2.1.4, die overzichten bevatten van maatstaven, bedragen per eenheid en uitkeringsfactoren. De algemene uitkering is vrij besteedbaar voor gemeenten. Eventuele opmerkingen die over de algemene uitkering in deze circulaire worden gemaakt, zijn niet meer dan voorbeelden die illustreren met welke kosten gemeenten geconfronteerd worden. Dit inzicht is ook van belang voor de Tweede Kamer.

Met de betreffende teksten wordt niet beoogd het bestedingsdoel nader te omschrijven, of op welke wijze dan ook de middelen te oormerken.

2.2

Wijzigingen in de omvang van de algemene uitkering

Tabel 2.2.1 bevat de mutaties in de omvang van de algemene uitkering over de periode 2024 tot en met 2029 ten opzichte van de septembercirculaire 2024. Het betreft achtereenvolgens: 1. Algemene mutaties Deze mutaties hebben betekenis voor de financiële ruimte van de gemeenten, zonder veranderingen in het takenpakket. 2. Taakmutaties Deze mutaties hebben betrekking op taakmutaties bij gemeenten en hebben corresponderende gevolgen voor inkomsten of uitgaven. De mutaties zijn geordend volgens de clusterindeling van het gemeentefonds om gemeenten een overzicht te bieden per beleidsterrein. De clusterindeling, naar gelijksoortige gemeentelijke beleidsvelden, is een hulpmiddel bij het onderhoud van de verdeling. De clusterindeling heeft geen gevolgen voor de bestedingsvrijheid van de algemene uitkering. Tabel 2.2.1 geeft een totaalbeeld van de mutaties in de omvang van de algemene uitkering van circulaire op circulaire. De mutaties hebben betrekking op 2024 en verder en worden onder de tabel toegelicht.

Decembercirculaire gemeentefonds 2024

8

Tabel 2.2.1 Ontwikkeling algemene uitkering, mutaties ten opzichte van de septembercirculaire 2024 (in duizenden euro's)

stand septembercirculaire 2024

1)

2024

2025

2026

2027

2028

2029

38.984.106

40.147.299

39.385.806

41.114.977

42.705.555

44.462.885

52.458

94.996

148.276

213.659

266.595

40.199.757

39.480.802

41.263.253

42.919.214

44.729.480

algemene mutaties Bijstelling accres-tranches taakmutaties

2)

cluster Bestuur en ondersteuning Bijdrage gebruik BRP 2024

3) 4) 5)

cluster Individuele voorzieningen Jeugd Compensatieregeling niet beoogde kosten jeugdzorg Jeugdhulp: subsidieregeling continuïteit cruciale jeugdzorg Hervormingsagenda Jeugd stand deze circulaire

-733

s

30.373 4.600 5.605 39.023.951

Toelichting Algemene uitkering 1. Bijstelling accres tranches Bij Miljoenennota 2025 zijn voor het eerst de accressen van het gemeente- en provinciefonds geactualiseerd op basis van de nieuwe bbp-systematiek. Het uitgangspunt van deze bbpsystematiek is dat het gemeente- en provinciefonds meerjarig de ontwikkeling van het nominaal bruto binnenlands product volgen. Deze ontwikkeling is gesplitst in een volumedeel en een prijsdeel. Het volumedeel is gebaseerd op een 8-jaars (t-9 t/m t-2) historisch gemiddelde van de ontwikkeling van het bbp. Bij Miljoenennota 2025 zijn de ramingen (2025 en verder) voor bbp-volume en bbp-prijs aangepast op basis van de macro-economische cijfers van het CPB (MEV 2025). Afgelopen zomer heeft het CBS een revisie van het bbp gepubliceerd. Helaas is bij de accresberekening 2025-2029 de CBSrevisie van afgelopen zomer abusievelijk niet meegenomen. Doordat het volumedeel van het accres wordt gebaseerd op t-9 t/m t-2 had ook de bbp-volume index voor de periode 2015 tot en met 2023 aangepast moeten worden. Het volledig doorvoeren van de CBS-revisie leidt tot een hogere bbp-index voor 2025-2029 dan in de Miljoenennota 2025 geraamd. De index voor het volumedeel wordt door de revisie circa 0,1% hoger voor 2025-2029. Dit heeft gevolgen voor het gereserveerde accres van het gemeentefonds, provinciefonds en het BTW-compensatiefonds (BCF).

Op 3 oktober heeft de minister van Financiën hierover een mededeling gedaan bij de Algemene Financiële Beschouwingen in de Tweede Kamer. Gemeenten zijn op 4 oktober op de hoogte gesteld dat er een correctie zou gaan plaatsvinden. De minister van Financiën heeft de Tweede Kamer hierover schriftelijk bericht2 op 7 oktober. Gemeenten zijn op 11 oktober nader geïnformeerd over de hoogte van de correctie van de accresreeks voor de jaren 2025-2029. In deze circulaire wordt, zoals aangekondigd in het bericht van 11 oktober, de correctie van het accres verwerkt in de algemene uitkering van het gemeentefonds. Daarmee wordt de correctie ook

2 Kamerstukken 2024/2025, 36600, nr 41

Decembercirculaire gemeentefonds 2024

9

verwerkt in de bevoorschotting vanaf januari 2025. Boekhoudkundig zal de correctie bij Voorjaarsnota 2025 worden verwerkt, inclusief de dan laatst geldende macro-economische raming van het CPB (CEP 2025). Indices In tabel 2.2.2. is het verschil van de bbp index weergegeven. Het verschil is voor de periode 20252029 circa 0,1% hoger door de hogere volume bbp ramingen uit de revisie van het CBS. Tabel 2.2.2. Bbp indices

2025

2026

2027

2028

2029

Volume bbp (8-jaars gemiddelde)

2,0%

1,8%

1,7%

1,5%

1,5%

Prijs bbp

2,7%

2,7%

2,6%

2,4%

2,4%

4,80%

4,52%

4,33%

3,99%

3,92%

Volume bbp (8-jaars gemiddelde)

2,2%

1,9%

1,8%

1,7%

1,6%

Prijs bbp

2,7%

2,7%

2,6%

2,4%

2,4%

4,93%

4,63%

4,46%

4,13%

4,02%

Volume bbp (8-jaars gemiddelde)

0,1%

0,1%

0,1%

0,1%

0,1%

Prijs bbp

0,0%

0,0%

0,0%

0,0%

0,0%

0,13%

0,11%

0,13%

0,14%

0,10%

Indices CPB bbp MN25

Gecombineerde bbp index MN25 Indices CPB bbp inclusief revisie

Gecombineerde bbp index na revisie Verschil (nieuw-oud)

Gecombineerde bbp index Accres

Het accres van het gemeentefonds zoals opgenomen in de Miljoenennota 2025 en de septembercirculaire 2024 is weergegeven in tabel 2.2.3.

Decembercirculaire gemeentefonds 2024

10

Tabel 2.2.3. Accres Miljoenennota 2025

Bedragen in miljoenen euro tranche 2025 volume tranche 2025 prijs

2025

2026

2027

2028

2029

798

747

744

741

741

1.086

1.018

1.014

1.010

1.009

702

699

697

696

1.041

1.037

1.033

1.032

663

660

660

1.078

1.074

1.073

639

638

1.025

1.025

tranche 2026 volume tranche 2026 prijs tranche 2027 volume tranche 2027 prijs tranche 2028 volume tranche 2028 prijs tranche 2029 volume

633

tranche 2029 prijs Totaal accres

1.065 1.884

3.508

5.234

6.878

8.574

Het accres na doorwerking CBS-revisie is weergegeven in tabel 2.2.4.

Tabel 2.2.4. Accres inclusief revisie Bedragen in miljoenen euro

2025

2026

2027

2028

2029

tranche 2025 volume

849

795

792

789

789

1.088

1.019

1.015

1.011

1.011

746

742

740

739

1.043

1.039

1.035

1.035

712

710

709

1.081

1.077

1.077

699

699

1.031

1.030

tranche 2025 prijs tranche 2026 volume tranche 2026 prijs tranche 2027 volume tranche 2027 prijs tranche 2028 volume tranche 2028 prijs tranche 2029 volume

680

tranche 2029 prijs Totaal accres

1.072 1.936

3.603

Decembercirculaire gemeentefonds 2024

5.382

7.092

8.841

11

De wijziging van het accres als gevolg van de CBS-revisie ten opzichte van het accres zoals opgenomen in de septembercirculaire 2024 is weergegeven in tabel 2.2.5.

Tabel 2.2.5. Mutatie accres door revisie Bedragen in miljoenen euro

2025

2026

2027

2028

2029

tranche 2025 volume

51

48

48

47

47

tranche 2025 prijs

1

1

1

1

1

tranche 2026 volume

-

43

43

43

43

tranche 2026 prijs

-

2

2

2

2

tranche 2027 volume

-

-

50

50

50

tranche 2027 prijs

-

-

4

4

4

tranche 2028 volume

-

-

-

61

61

tranche 2028 prijs

-

-

-

5

5

tranche 2029 volume

-

-

-

-

47

tranche 2029 prijs

-

-

-

-

6

52

95

148

214

267

Totaal accres

2. Bijdrage gebruik BRP 2024 Met betrekking tot de Basisregistratie Personen (BRP) wordt vanwege extra gebruik door gemeenten in 2024 een aanvullende bijdrage doorbelast van € 733.000. De middelen worden zoals te doen gebruikelijk onttrokken uit het cluster Bestuur en ondersteuning op basis van de maatstaf Inwoners. 3. Compensatieregeling niet beoogde kosten jeugdzorg Ten behoeve van de specifieke uitkering Niet beoogde jeugdzorgkosten vanwege verblijf is in het voorjaar van 2024 een bedrag van € 60 miljoen beschikbaar gesteld op de begroting van het ministerie van VWS, afkomstig uit de algemene uitkering van het gemeentefonds en de integratieuitkering Voogdij 18+ (zie paragraaf 2.2.10 van de meicirculaire 2024). Na beoordeling van de aanvragen over de jaren 2022 en 2023 is er een restant van € 30,4 miljoen. Zoals afgesproken vloeit dit resterende budget terug naar het gemeentefonds. Omdat de integratie-uitkering Voogdij 18+ is opgeheven, wordt dit resterende budget in deze circulaire in zijn geheel teruggeboekt naar de algemene uitkering van het gemeentefonds en verdeeld via de maatstaven in het cluster Jeugd. 4.

Jeugdhulp: subsidieregeling continuïteit cruciale jeugdzorg In mei 2019 hebben de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en het Rijk afspraken gemaakt over de inrichting van een subsidieregeling continuïteit cruciale jeugdzorg met een looptijd tot eind december 2021. Hiertoe is destijds € 20 miljoen vanuit de € 420 miljoen aan tijdelijke extra middelen Jeugdhulp voor gemeenten naar de begroting van het ministerie van VWS overgeboekt (zie ook de paragraaf 2.2.13 van de meicirculaire 2019). Via de subsidieregeling kunnen aanbieders van cruciale jeugdhulp tijdelijke liquiditeitssteun ontvangen indien dit noodzakelijk is om continuïteit van zorg te garanderen. Er is destijds afgesproken dat de middelen na afloop van de subsidieregeling weer worden toegevoegd aan het gemeentefonds.

Decembercirculaire gemeentefonds 2024

12

Tussentijds is het bedrag voor de regeling verlaagd van € 20 miljoen naar € 10 miljoen. Zie paragraaf 2.2.9 van de meicirculaire 2022. Momenteel is nog € 4,6 miljoen beschikbaar voor de subsidieregeling continuïteit cruciale jeugdzorg. Het overige deel, € 5,4 miljoen, is momenteel als liquiditeitssteun uitgekeerd. In deze circulaire wordt de voor 2024 nog beschikbare € 4,6 miljoen teruggeboekt naar het gemeentefonds. Deze middelen worden verdeeld via de maatstaven in het cluster Jeugd. De resterende € 5,4 miljoen wordt op een later moment - na terugbetaling door de aanbieders - teruggeboekt naar het gemeentefonds. Er wordt momenteel bekeken hoe verlenging van de subsidieregeling in de toekomst vorm te geven. 5. Hervormingsagenda jeugd Met de totstandkoming van de Hervormingsagenda Jeugd zijn middelen beschikbaar gekomen voor de uitvoering van de agenda. Hiervan is voor 2024 en 2025 jaarlijks € 9 miljoen overgeheveld naar de begroting van het ministerie van VWS ten behoeve van de uitvoering van de Hervormingsagenda. De voor 2024 beschikbare middelen ad € 9 miljoen zijn echter niet volledig tot besteding gekomen. Voor 2024 worden de niet tot besteding gekomen middelen ad € 5,6 miljoen teruggeboekt naar het gemeentefonds. Deze middelen worden verdeeld over de gemeenten via de maatstaven in het cluster Jeugd. 2.3

Verdeling mutaties algemene uitkering

De verdeelwijze van de mutaties uit paragraaf 2.2 is in tabel 2.3.1 weergegeven. De verdeelwijze bestaat voor algemene mutaties uit een wijziging in de uitkeringsfactor en voor taakmutaties uit een wijziging van het gewicht (bedrag per eenheid) van één of meer maatstaven van het cluster waaronder de mutatie valt. Tabel 2.3.1 bevat het overzicht. De cijfermatige uitwerking is opgenomen in paragraaf 2.5.

Tabel 2.3.1 Verdeelwijze mutaties algemene uitkering Mutatie

Verdeelwijze

taakmutaties

cluster Bestuur en ondersteuning Bijdrage gebruik BRP 2024

via maatstaf inwoners

cluster Individuele voorzieningen Jeugd Compensatieregeling niet beoogde kosten jeugdzorg

via maatstaven cluster

Hervormingsagenda Jeugd

via maatstaven cluster

Continuïteit cruciale jeugdzorg

via maatstaven cluster

2.4

Overige mededelingen algemene uitkering

2.4.1

Veranderingen in het verdeelstelsel

Er hebben zich ten opzichte van de septembercirculaire 2024 geen veranderingen in het verdeelstelsel van de algemene uitkering voorgedaan.

Decembercirculaire gemeentefonds 2024

13

2.4.2

Overige uitkeringsonderdelen

In de septembercirculaire is een overzicht opgenomen van de gewijzigde bedragen voor de bommenregeling (zie paragraaf 2.4.1 en bijlage 2.4.1 van de septembercirculaire 2024). Het aldaar opgenomen bedrag van € 91.174 voor de gemeente Echt-Susteren is niet juist gebleken. Dit bedrag wordt daarom in deze circulaire opgehoogd naar € 111.871. Het totaalbedrag voor de suppletie-uitkering komt met deze wijziging daardoor uit op € 19,1 miljoen. De gemeente Lelystad ontvangt een artikel-12 uitkering. De hoogte van de uitkering aan de gemeente Lelystad voor de uitkeringsjaren 2023 en 2024 is gewijzigd. 2.5

Maatstaven, bedragen per eenheid en uitkeringsfactor

De berekening van de algemene uitkering bestaat uit de vermenigvuldiging van het aantal eenheden van alle maatstaven met het bijbehorende gewicht per maatstaf (bedrag per eenheid). De som van deze producten, de zogenaamde uitkeringsbasis, wordt vervolgens vermenigvuldigd met de uitkeringsfactor (zie uitleg verderop). De verkregen uitkomst moet daarnaast worden opgehoogd met enkele uitkeringsonderdelen binnen de algemene uitkering die buiten het format van aantal eenheden en bedragen per eenheid vallen. Hierna wordt achtereenvolgens ingegaan op de maatstaven, de bedragen per eenheid en de uitkeringsfactor. Maatstaven Er is in deze circulaire geen sprake van wijzigingen in de definities van de verdeelmaatstaven. Er heeft alleen een actualisatie van enkele maatstaven plaatsgevonden. Voor een overzicht van de geactualiseerde maatstaven zie bijlage 2.5.1. Meer informatie over de berekeningswijze van de verdeelmaatstaven van de algemene uitkering kunt u vinden in de toelichting op de berekening van de uitkering uit het gemeentefonds 20243. Bedragen per eenheid De informatie uit de tabellen 2.2.1 en 2.3.1 is verwerkt. Hierdoor is een aantal bedragen per eenheid voor 2024-2029 ten opzichte van de septembercirculaire 2024 gewijzigd. Bijlagen 2.1.1-4 bevatten het overzicht van de bedragen per eenheid 2024 en 2025.

In deze tabellen wordt de stand van de septembercirculaire 2024 vergeleken met de stand decembercirculaire 2024. Uitkeringsfactor De uitkeringsfactor is de voor alle gemeenten gelijke vermenigvuldigingsfactor die wordt berekend door de som van de algemene uitkering, de OZB-maatstaven en de overige uitkeringsonderdelen te delen door de uitkeringsbasis. De – landelijke – uitkeringsbasis is berekend door van alle maatstaven de aantallen te vermenigvuldigen met het bijbehorende bedrag per eenheid; er is ook een uitkeringsbasis voor elke gemeente (het product van de gemeentelijke aantallen en de bedragen per eenheid). De uitkeringsfactor verschilt per uitkeringsjaar.

3

Toelichting op de berekening van de uitkeringen uit het gemeentefonds, Rijksoverheid.nl

Decembercirculaire gemeentefonds 2024

14

De volgende aspecten zijn bij de raming van de uitkeringsfactor van belang: -

de informatie uit de tabellen 2.2.1 en 2.3.1 met betrekking tot de algemene mutaties en taakmutaties in het gemeentefonds en de verdeling van deze mutaties.

-

De ontwikkeling van de uitkeringsbasis als gevolg van geactualiseerde volumina en geactualiseerde bedragen per eenheid (bpe). Bijlage 2.5.1 bevat een overzicht van de maatstaven waarvan de volumina in deze circulaire zijn geactualiseerd.

-

De belastingcapaciteit.

2022 De uitkeringsfactor voor 2022 stijgt ten opzichte van de septembercirculaire 2024 van 1,823 naar 1,826. Deze bijstelling wordt veroorzaakt door het verwerken van de definitieve volumina voor de WOZ-waarden waardoor de OZB-maatstaven wijzigen. 2023 De uitkeringsfactor voor 2023 wijzigt niet ten opzichte van de septembercirculaire 2024 en blijft 1,305. 2024 De verwerking van de taakmutaties, de actualisatie van de volumina van een aantal maatstaven (zie voor een overzicht van de geactualiseerde maatstaven bijlage 2.5.1) en de actualisatie van de overige uitkeringsonderdelen in deze circulaire (zie paragraaf 2.4.2) leidt niet tot een wijziging van de uitkeringsfactor ten opzichte van de septembercirculaire 2024. Deze blijft 1,420. 2025 en verder De uitkeringsfactor voor 2025 stijgt ten opzichte van de septembercirculaire met 3 punten van 1,457 naar 1,460. Het verwerken van de correctie op het accres als gevolg van de CBS-revisie (zie ook paragraaf 1.2. en 2.2.1 van deze circulaire) heeft een opwaarts effect op de uitkeringsfactor in de jaren 2025-2029. Voor 2025 gaat het om circa 2 punten. In de daaropvolgende jaren loopt dit effect op tot 9 punten in 2029. Verder heeft het vrijvallen van een gedeelte van de verdeelreserve4 in 2025 (€ 20 miljoen op een totaal van € 40 miljoen) een positief effect op de uitkeringsfactor van circa 1 punt.

4

Middelen die worden gereserveerd om fluctuaties, onder andere als gevolg van volumemutaties, op te vangen totdat de definitieve uitkering van enig uitkeringsjaar is vastgesteld.

Decembercirculaire gemeentefonds 2024

15

3

Decentralisatie- en integratie-uitkeringen

3.1

Inleiding

Dit hoofdstuk bevat mededelingen over de decentralisatie- en de integratie-uitkeringen. Deze uitkeringen maken net als de algemene uitkering deel uit van het gemeentefonds, maar hebben een eigen verdeling over de gemeenten. Decentralisatie- en integratie-uitkeringen zijn net als de algemene uitkering beleids- en bestedingsvrij en er vindt geen verantwoording naar het Rijk plaats, zoals bij specifieke uitkeringen wel het geval is. Eventuele opmerkingen die over decentralisatie- en integratie-uitkeringen gemaakt worden in deze circulaire, zijn niet meer dan voorbeelden die illustreren met welke kosten gemeenten geconfronteerd worden. Dit inzicht is ook van belang voor de Tweede Kamer. Met de betreffende teksten wordt niet beoogd het bestedingsdoel nader te omschrijven, of op welke wijze dan ook de middelen te oormerken. Paragraaf 3.2 informeert over de decentralisatie- en integratie-uitkeringen en over de omvang en de verdeling ervan. 3.2

Omvang en verdeling decentralisatie- en integratie-uitkeringen

Tabel 3.2.1 bevat de mutaties in de decentralisatie- en integratie-uitkeringen ten opzichte van de septembercirculaire 2024. De mutaties hebben betrekking op 2024 en worden onder de tabel toegelicht. In veel gevallen is er ook sprake van een overboeking aan het BTW-compensatiefonds. In de meicirculaire 2025 wordt een overzicht van deze overboekingen voor het jaar 2024 opgenomen.

Decembercirculaire gemeentefonds 2024

16

Tabel 3.2.1 Mutaties decentralisatie- en integratie-uitkeringen 2024-2029 (bedragen in duizenden euro's) 2024 stand septembercirculaire 2024

2025

2026

2027

2028

2029

4.955.382 4.741.593 4.643.046 4.491.183 4.413.563 4.347.011

1

Vangnetconstructie energietoelage

32.500

2

Meerkosten Oekraïne sociaal domein

29.754

3

Spreidingswet

15.300

4

Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties

12.501

5

Natuur bij Energieprojecten

11.096

6

Erfgoed Deal

4.273

7

Startbanen statushouders

3.776

8

Register Externe Veiligheidrisico's (REV)

3.420

9

Natuurbrandpreventie en -mitigatie

3.418

10

Faciliteitenbesluit opvangcentra

2.819

11

Work in Nederland

1.574

12

Wet betaalbare huur

1.250

13

Actieplan Wapens en Jongeren

1.025

14

Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid

1.002

15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28

Pilots Samenwerken sociaal- en veiligheidsdomein Realisatie energietransitie Capaciteitsinzet ondernemingsplannen Versterking arbeidsmarktregio's Toekomstbestendig maken energiebeleid Experiment nieuw stembiljet 2024 Slavernijverleden Veerkracht en weerbaarheid Veilige steden Signaalmanagement systeem Nederlands-Soedanese repatrianten 100 jaar vriendschap Turkije-Nederland Weerbare gemeenschappen tegen ondermijnende criminaliteit LHBTI beleid Regenboogsteden stand deze circulaire

735 668 608 520 371 250 218 134 120 68 48 40 35 20 5.082.925 4.741.593 4.643.046 4.491.183 4.413.563 4.347.011

Toelichting decentralisatie-uitkeringen 1. Vangnetconstructie energietoelage Binnen de decentralisatie-uitkering Energietoelage 2023 is € 32,5 miljoen van het budget gereserveerd voor een vangnetconstructie (zie paragraaf 3.3.5 van de meicirculaire 2024). Ondanks de aangepaste verdeelsystematiek kunnen er verschillen zijn ontstaan tussen de gebruikte verdeelstatistiek en het werkelijke aantal bereikte huishoudens met een inkomen tot 120% sociaal minimum. De vangnetconstructie is bedoeld om een oplossing te bieden voor te grote afwijkingen (ten nadele van gemeenten). In het gemeentenieuws van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) (editie 2024-1) is deze vangnetconstructie nader toegelicht. Op basis van onderzoek blijkt dat bij 16 gemeenten de gehanteerde verdeelmaatstaf ‘aantal huishoudens met een inkomen tot 120% sociaal minimum’ onvoldoende aansluit bij het aantal huishoudens aan wie zij op basis van de richtlijn 120% sociaal minimum de energietoeslag 2023 hebben moeten uitkeren. Deze 16 gemeenten ontvangen een aanvullende uitkering. De hoogte van de aanvullende uitkering is gebaseerd op het verschil tussen de gebruikte verdeelstatistiek en het werkelijke aantal bereikte huishoudens met een inkomen tot 120% sociaal minimum. De totale omvang van deze aanvullende uitkering is € 3,9 miljoen.

De resterende € 28,6 miljoen wordt over alle gemeenten verdeeld op basis van de verdeelsystematiek van de decentralisatie-uitkering Energietoelage 20235. Een overzicht met de toekenning van de bedragen per gemeente is opgenomen in bijlage 3.2-1. 5

Inzicht in effecten verdeelsystematiek Energietoeslag 2023

Decembercirculaire gemeentefonds 2024

17

2. Meerkosten Oekraïne sociaal domein De verantwoordelijkheid voor de zorg en ondersteuning vanuit de Wmo, de Jeugdwet en de Wet publieke gezondheid voor de uitvoering van het basistakenpakket Jeugdgezondheidszorg, het Rijksvaccinatieprogramma en het prenataal huisbezoek) ligt voor Oekraïense ontheemden bij gemeenten. Het aantal Oekraïense ontheemden is dusdanig groot dat dit niet kan worden beschouwd als onderdeel van gebruikelijke fluctuaties op gemeentelijk niveau. Daarom ontvangen de betreffende gemeenten een compensatie. De compensatie is vastgesteld op basis van onderzoek van het CBS naar daadwerkelijke opgevangen Oekraïense ontheemden per gemeente in 2024 en op basis van extern onderzoek naar de gemiddelde gemeentelijke zorgkosten per ontheemde. Op basis daarvan wordt een bedrag van € 29,8 miljoen uitgekeerd via deze decentralisatie-uitkering, waarbij de verdeelsleutel per gemeente is vastgesteld op basis van bovengenoemde onderzoeken. Een overzicht met de toekenning van de bedragen per gemeente is opgenomen in bijlage 3.2-2. 3.

Spreidingswet

Vanuit de Spreidingswet hebben gemeenten een nieuwe taak gekregen in het zoeken naar opvangplekken voor asielzoekers om zo tot een evenwichtigere spreiding van asielzoekers te komen over gemeenten en provincies. Voor 2024 ontvangen zij hiervoor een bijdrage van in totaal € 15,3 miljoen. Elke gemeente ontvangt een vast bedrag van € 20.000. Het resterende bedrag wordt verdeeld op basis van de verdeling van het aantal opvangplaatsen per gemeente. Een overzicht met de toekenning van de bedragen per gemeente is opgenomen in bijlage 3.2-3. 4. Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties Sinds 3 juli 2023 zijn de Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties (Lbv) en de Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties met piekbelasting (Lbv-plus) opengesteld, waarmee veehouders hun bedrijfslocaties tegen subsidie kunnen beëindigen. Zie ook paragraaf 3.2.3 van de meicirculaire 2024. Decentralisatie-uitkering uitvoeringskosten Lbv en Lbv-plus (fase 1) De bijdrage voor fase 1 wordt beschikbaar gesteld op basis van door de Rijkdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) in de periode van 3 februari t/m 3 september 2024 verleende (positieve) beschikkingen.

De kadastrale ligging van de bedrijfslocatie waarop deze (positieve) beschikking betrekking heeft, bepaalt naar welke gemeente de bijdrage wordt uitgekeerd (€ 7.000 per locatie inclusief bijdrage aan het BTW-compensatiefonds). Voor fase 1 van deze decentralisatieuitkering is nu aanvullend aan de € 1,5 miljoen die in de meicirculaire is uitgekeerd, een bedrag van € 6,4 miljoen beschikbaar exclusief bijdrage aan het BTW-compensatiefonds. De totale uitkering voor 2024 voor fase 1 komt daarmee uit op € 7,9 miljoen.

Decembercirculaire gemeentefonds 2024

18

Decentralisatie-uitkering uitvoeringskosten Lbv en Lbv-plus (fase 2) De bijdrage voor fase 2 wordt beschikbaar gesteld op basis van door de RVO in de periode van 3 februari t/m 3 september 2024 geregistreerde ondertekende overeenkomsten tot beëindiging van de veehouderijlocatie. De kadastrale ligging van de bedrijfslocatie waarop deze overeenkomst betrekking heeft, bepaalt naar welke gemeente de bijdrage wordt uitgekeerd (€ 20.000 per locatie inclusief bijdrage aan het BTW-compensatiefonds). Voor fase 2 van deze decentralisatie-uitkering is nu aanvullend aan de € 726.000 die in de meicirculaire is uitgekeerd, een bedrag van circa € 6,1 miljoen beschikbaar exclusief bijdrage aan het BTW-compensatiefonds. De totale uitkering voor 2024 voor fase 2 aan gemeenten komt daarmee uit op € 6,8 miljoen. Een overzicht met de toekenning van de bedragen per gemeente en per fase is opgenomen in bijlage 3.2-4. 5. Natuur bij Energieprojecten Voor 2024 en 2025 is er een budget voor gemeenten en provincies gereserveerd voor het versterken van ecologie en biodiversiteit rondom projecten voor hernieuwbare energie op land. Dit budget kan door Regionale Energie Strategieën (RES)-regio’s worden gebruikt om energieprojecten in de regio te faciliteren en mogelijk te maken daarbij de lokale natuur te versterken.

Het budget van bijna € 11,1 miljoen voor gemeenten voor 2024 wordt evenredig over 24 RES-regio’s verdeeld via het gemeentefonds. De overige 6 RES-regio’s ontvangen een budget vanuit het provinciefonds omdat enkele provincies kashouder zijn van deze RES-regio’s. Per RES-regio is € 462.333 beschikbaar. Een overzicht met de toekenning van de bedragen per gemeente is opgenomen in bijlage 3.2-5. 6. Erfgoed Deal In de Erfgoed Deal slaan 15 partijen- zowel overheid als maatschappelijke organisaties - de handen ineen om samen te werken aan een waardevolle leefomgeving (zie ook paragraaf 3.2.7 van de decembercirculaire 2023). Het gezamenlijke doel is om de relatie tussen erfgoed en de inrichting van de leefomgeving te versterken. In deze circulaire wordt een achtste ronde met daarin zeven gemeentelijke projecten (en één provinciaal project) aan het portfolio toegevoegd. Er is voor deze zeven gemeentelijke projecten een totaalbedrag van € 4,3 miljoen beschikbaar gesteld. Een overzicht met de toekenning van de bedragen per gemeente is opgenomen in bijlage 3.2-6. 7. Startbanen statushouders Het ministerie van SZW spant zich in om de arbeidsparticipatie van statushouders te verbeteren (zie ook paragraaf 3.2.8 van de decembercirculaire 2023). Gemeenten vervullen bij de verwezenlijking hiervan een belangrijke rol in de begeleiding naar werk van werkzoekende statushouders.

De betrokken acht gemeenten (centrumgemeenten van acht arbeidsmarktregio’s) ontwikkelen hun eigen proeven (aanpakken) om statushouders die zich gaan vestigen in een gemeente, intensief te begeleiden en een betaalde baan (Startbaan) aan te bieden.

Decembercirculaire gemeentefonds 2024

19

Daarnaast wordt nog een proef gestart met één arbeidsmarktregio die zich richt op het ontwikkelen van een aanpak gericht op een vroege start betaald werk voor kansrijke asielzoekers, nog voordat zij hun asielvergunning hebben verkregen. Het gaat om een totaalbedrag van € 3,8 miljoen. Het budget wordt evenredig verdeeld over de 9 betrokken centrumgemeenten. Een overzicht met de toekenning van de bedragen per gemeente is opgenomen in bijlage 3.2-7. 8. Register Externe Veiligheidsrisico’s (REV) Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) is met medeoverheden verantwoordelijk voor het beheer van het Register Externe Veiligheidsrisico’s (REV). Onderdeel hiervan is dat alle gemeenten de juiste data moeten aanleveren in het REV. Het ministerie van IenW verstrekt hiervoor een eenmalige compensatie aan gemeenten. Hiervoor is € 3,4 miljoen beschikbaar. Alle gemeenten in Nederland ontvangen € 10.000 voor de te verrichten werkzaamheden. 9. Natuurbrandpreventie en -mitigatie Nederland ziet steeds meer brandgevoelige dagen met mogelijke omstandigheden waarbij er sprake kan zijn van onbeheersbare natuurbranden. Het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN) stelt daarom € 3,4 miljoen beschikbaar aan gemeenten waar een verhoogd risico op natuurbranden aan de orde is6.

De desbetreffende gemeenten worden hiermee in staat gesteld om bij te dragen aan het doel om natuurbrandbeheersing te versterken. De drie Gelderse veiligheidsregio’s en de provincie Friesland hebben, namens de gemeenten, aanvragen ingediend bij het ministerie van LVVN. Op basis van de ingediende aanvragen is het budget verdeeld. Een overzicht met de toekenning van de bedragen per gemeente is opgenomen in bijlage 3.2-9. 10. Faciliteitenbesluit opvangcentra In het faciliteitenbesluit is geregeld dat aan gemeenten die een opvangcentrum voor asielzoekers hebben, jaarlijks door het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) een uitkering wordt verstrekt (zie paragraaf 3.2.3 van de septembercirculaire 2024). Deze uitkering is bedoeld om de werkzaamheden in en voor de opvangcentra te kunnen vergoeden. Gemeenten doen hiervan aan het begin van het jaar een opgave die voor 2024 in de septembercirculaire 2024 is verwerkt. De uitkering wordt gebaseerd op het aantal door asielzoekers permanent te bezetten capaciteitsplaatsen, verminderd met het aantal op 1 januari van het uitkeringsjaar in de basisregistratie personen ingeschreven bewoners van het opvangcentrum. De uitkering van € 2,6 miljoen in deze circulaire heeft betrekking op veertien gemeenten die nog geen opgave voor 2024 hadden aangeleverd.

Daarnaast ontvangen de gemeente Dronten (€ 175.760) en Oosterhout (€ 11.782) nog een betaling voor het jaar 2023. Het totaalbedrag komt daarmee uit op € 2,8 miljoen.

6

Kamerbrief over investeren in de preventie en mitigatie van natuurbranden

Decembercirculaire gemeentefonds 2024

20

Een overzicht met de toekenning van de bedragen per gemeente is opgenomen in bijlage 3.2-10. 11. Work in Nederland Om goede informatievoorziening, hulp en dienstverlening aan EU-arbeidsmigranten te bieden worden gelden beschikbaar gesteld ten behoeve van de verschillende arbeidsmarktregio’s (zie ook paragraaf 3.2.8 van de septembercirculaire 2024). De decentralisatie-uitkering wordt verstrekt aan de centrumgemeenten van dertien arbeidsmarktregio’s. De deelnemende regio’s hebben hiervoor een aanvraag gedaan. Het gaat om een totaalbedrag van € 1,6 miljoen. Een overzicht met de toekenning van de bedragen per gemeente is opgenomen in bijlage 3.2-11. 12. Wet betaalbare huur De Wet maximering huurprijsverhogingen geliberaliseerde huurovereenkomsten is samen met de Wet betaalbare huur in werking getreden op 1 juli 2024. De wet maximering huurprijsverhogingen geliberaliseerde huurovereenkomsten stelt een maximum aan de jaarlijkse huurverhogingen voor geliberaliseerde huurovereenkomsten. Gemeenten hebben sinds 1 juli 2024 handhavende bevoegdheden ten aanzien van verhuurders die zich niet aan deze maximering houden. De gelden zijn bestemd voor de implementatie van de wet en de daaruit volgende toezicht- en handhavingskosten in 2024.

Het gaat om een totaalbedrag van bijna € 1,3 miljoen dat wordt toegevoegd aan de al bestaande decentralisatie-uitkering Wet betaalbare huur (zie paragraaf 3.2.2 van de septembercirculaire 2024). De verdeling van dit budget vindt plaats op basis van de verdeelsleutel van de Wet betaalbare huur. De Wet maximering huurprijsverhoging geliberaliseerde huurovereenkomsten loopt tot 1 mei 2029. De middelen voor de periode 2025-2029 volgen naar verwachting in de meicirculaire 2025. Een overzicht met de toekenning van de bedragen per gemeente is opgenomen in bijlage 3.2-12. 13. Actieplan Wapens en Jongeren Het Actieplan Wapens en Jongeren stelt deelnemende gemeenten in staat om samen met onderwijsinstellingen in het primair-, voortgezet-, speciaal- en middelbaar beroepsonderwijs extra activiteiten te ontplooien om scholen te ondersteunen bij het maken van (preventief) beleid om het dragen en gebruiken van (steek)wapens te voorkomen. Daarnaast kunnen de middelen bijvoorbeeld worden ingezet om lokale samenwerking tussen gemeenten, onderwijsinstellingen en andere maatschappelijke partners te verstevigen. Er is in totaal € 1 miljoen beschikbaar. De verdeling van de middelen vindt plaats op basis van het inwonersaantal van de deelnemende gemeenten. De gemeente Breda ontvangt daarnaast een bijdrage van € 25.000 voor een vervolgcampagne op het samenwerkingsverband met Fightclub.

Een overzicht met de toekenning van de bedragen per gemeente voor het actieplan Wapens en Jongeren is opgenomen in bijlage 3.2-13.

Decembercirculaire gemeentefonds 2024

21

14. Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid In het kader van het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid (NPLV) wordt sinds 2019 intensief samengewerkt met 19 gemeenten, waarin de 20 stedelijke focusgebieden liggen. Dit zijn gebieden waar de leefbaarheid het meest onder druk staat. In deze gebieden is een individuele sectorale aanpak ontoereikend. Het is van belang om een integrale aanpak te hanteren vanuit onderwijs, arbeidsmarkt, wonen, veiligheid en in voorkomende gevallen gezondheid. Op basis van de beschikbare middelen ontvangen de 20 stedelijke focusgebieden elk eenmalig € 50.000 ter ondersteuning van deze integrale aanpak. Het totaalbedrag van deze decentralisatie-uitkering is € 1 miljoen. De gemeente Roosendaal ontvangt daarnaast een bijdrage van € 2.000 voor de organisatorische kosten van het Bestuurlijk Overleg NPLV van 24 mei 2024. Een overzicht met de toekenning van de bedragen per gemeente is opgenomen in bijlage 3.2-14. 15. Pilots Samenwerken sociaal- en veiligheidsdomein Eén van de doelstellingen in het werkprogramma van de Ministeriële Commissie Aanpak Ondermijning (MCAO) is het bieden van kansen en perspectief aan kwetsbare en risicovolle groepen (speerpunt 4) om ook preventief ondermijning en (jeugd)criminaliteit tegen te gaan. Binnen de gemeentelijke organisatie betekent dit dat het sociaal- en veiligheidsdomein meer samen moeten opereren.

De doelstelling van deze decentralisatie-uitkering is om in de praktijk te leren hoe de samenwerking tussen het gemeentelijk sociaal domein en het veiligheidsdomein eruit kan zien om kansen en perspectief te bieden aan risicovolle en kwetsbare groepen. In samenwerking met en op uitnodiging van de VNG hebben 27 gemeenten bijgedragen door interviews en/of aanwezig te zijn bij bijeenkomsten ten behoeve van een handreiking ‘samenwerken sociaal en veiligheidsdomein’. Vanuit deze groep zijn voorstellen van vier gemeenten naar voren gekomen om de samenwerking tussen sociaal- en veiligheidsdomein ook in de praktijk (verder) vorm te geven. In totaal is er € 735.000 beschikbaar in 2024. De verdeling per gemeente is als volgt: Almere: € 200.000, Amsterdam: € 200.000, Den Helder: € 170.000 en Waalwijk: € 165.000. 16. Realisatie energietransitie In de gemeenten Moerdijk, Borsele en Molenlanden lopen ten opzichte van andere gemeenten meer (complexe) projectprocedures en programma’s voor energieprojecten. Voor de gemeente Moerdijk betreft het onder andere de verkenning aanlanding van wind op zee (VAWOZ), een nieuw hoogspanningsstation en de Delta Rhine Corridor. Voor de regio Borsele spelen onder andere de nationale trajecten: de 380 kV netuitbreiding verbinding Zeeuws-Vlaanderen, VAWOZ en de voorgenomen nieuwbouw van kerncentrales.

Voor de gemeente Molenlanden gaat het om de advisering, mede namens de regio van 15 gemeenten en 2 provincies, over de ruimtelijke inpassing van een 380 kV-hoogspanningsverbinding tussen Geertruidenberg en Krimpen aan den IJssel of Crayestein.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Vught&id=453a3bc7-b1d5-4753-9715-4baaef70455e