10. Raadsinformatiebrief Beoordeling Interbestuurlijk Toezicht Vergunningen Toezicht en Handhaving
Tekst van het document
Vught kRaadsinformatiebrief Datum Onderwerp Zaaknummer Documentnr.
1 oktober 2024 Beoordeling Interbestuurlijk Toezicht Vergunningen Toezicht en Handhaving Z23 - 270509 UIT/24 - 644548
Inleiding
De hoofddoelstelling van de wetgeving op het gebied van het omgevingsrecht is een veilige en gezonde leefomgeving te bewerkstelligen. En deze op een duurzame en doelmatige wijze te behouden, beheren, gebruiken en ontwikkelen. Om de hoofddoelstelling van het omgevingsrecht te bereiken wordt er over het algemeen iedere bestuursperiode een uitvoerings- en handhavingsstrategie vastgesteld, en ieder jaar een uitvoeringsprogramma en jaarverslag. Voorgeschiedenis
Het college heeft op 19 december 2023 het Uitvoerings- en handhavingsstrategie VTH 20242026 vastgesteld en de gemeenteraad hierover geïnformeerd middels een raadsinformatiebrief op 1 februari 2024. Het college heeft op 30 januari 2024 het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 vastgesteld en de gemeenteraad hierover geïnformeerd middels een raadsinformatiebrief op 7 maart 2024. Het college heeft op 16 april 2024 het Jaarverslag VTH 2023 vastgesteld en de gemeenteraad hierover geïnformeerd middels een raadsinformatiebrief op 16 mei 2024. Inhoudelijk
Het Interbestuurlijk toezicht (hierna: IBT) beoordeelt de documenten. Het IBT heeft de documenten beoordeeld. Op basis van de behaalde scores en conform de vastgestelde beoordelingscriteria en normen is het eindoordeel dat de gemeente Vught voldoet. De meegegeven aandachtspunten worden op advies van het IBT opgenomen in de komende cyclus.
1/2
Vught
k- _
Standpunt I Besluit college van B en W
Het college van burgemeester en wethouders heeft het toezichtsoordeel bij collegebesluit van 1 oktober 2024 ter kennisgeving aangenomen.
Burgemeester en wethouders van Vught, de secretaris, de burgemeester,
) ......... R.J. van de Mortel I
W.F
Keijzers
Bijlage(n): 1. Toezichtsoordeel IBT
2/2
Beoordelingsformulier 2024 systematisch toezicht IBT-omgevingsrecht Gemeente Vught
Procesinformatie Beoordeelde documenten: Uitvoerings- & handhavingsstrategie:
Uitvoerings- en handhavingsstrategie fysieke leefomgeving 2024-2026
Uitvoeringsprogramma U&H 2024:
Uitvoeringsprogramma VTH fysieke leefomgeving 2024
Evaluatieverslag VTH 2023:
Jaarverslag VTH 2023
Reactie gevraagd voor:
Reactie ontvangen:
Reactie verwerkt:
8 mei 2024
29 mei 2024
23 juli 2024
Beoordelingsvragen Deze beoordelingsvragen zien op de tijdigheid/actualiteit en kwaliteit van de wettelijk vereiste documenten voor de uitoefening van de uitvoerings- en handhavingstaak (hierna: U&H-documenten of ook wel VTHdocumenten) van gemeenten. De wettelijke basis daarvan ligt in de Omgevingswet met bijbehorende uitvoeringsbesluiten (Omgevingsbesluit met de zogeheten procescriteria U&H) en de provinciale Verordening systematisch toezichtinformatie Noord-Brabant. Het doel van de wetgever is dat provincies, gemeenten en waterschappen hun U&H-organisatie zodanig professioneel inrichten dat een goede kwaliteit van de uitvoering van die taken is gewaarborgd. Daaronder verstaat de wetgever met name dat de U&H-taken op een strategische en programmatische manier worden gedaan met aandacht voor onderlinge afstemming van de werkzaamheden. Dat levert een stevige bijdrage op aan het realiseren van een veilige en gezonde leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. En deze op een duurzame en doelmatige wijze te behouden en te ontwikkelen voor het bereiken van maatschappelijke opgaven. Met interbestuurlijk toezicht draagt de provincie bij aan een bestendig en veilig Brabant met een sterke kwaliteit van het openbaar bestuur. Een bestuur dat het goede voorbeeld geeft richting burgers en bedrijven. Een bestuur waar de mensen op kunnen vertrouwen.
Een tijdige en goede naleving van de procescriteria U&H is niet alleen wettelijke verplicht. Het is ook belangrijk voor een goede sturing op de U&H-beleidscyclus en voor de instandhouding van een professionele U&Hstructuur om risico’s te voorkomen op het gebied van volksgezondheid, veiligheid of onomkeerbare schade aan de leefomgeving. De ambitie van de provincie is samen met gemeenten en waterschappen ervoor te zorgen dat alle U&Hdocumenten 100% actueel en op tijd zijn en voldoen aan de procescriteria U&H. De normering voor het eindoordeel is toegelicht onderaan dit format van het beoordelingsformulier. De conceptbeoordelingsvragen met bijbehorende beoordelingscriteria zijn via de mail op 20 december 2023 bekend gemaakt aan de contactpersonen IBT Omgevingsrecht bij gemeenten en waterschappen met gelegenheid voor reactie. Er zijn een aantal reacties ontvangen. Het definitieve beoordelingsformulier samen met een overzicht van de ingekomen reacties en de reactie van IBT daarop is vervolgens op 1 februari 2024 gemaild aan de contactpersonen en ook geplaatst op de website IBT-omgevingsrecht in de SharePoint werkomgeving.
1
Verordening uitvoering en handhaving (omgevingsrecht) Vraag 1: Stelt de gemeenteraad regels over de uitoefening van de U&H-taken of de daarmee samenhangende werkzaamheden die in opdracht van B&W worden uitgevoerd om een goede kwaliteit van de uitoefening van die taken door de omgevingsdiensten te waarborgen? (Ow art. 18.23, lid 1, onder a (kwaliteit basistakenpakket omgevingsdiensten) Toelichting wetgever: Voor de invulling van deze verplichting is door de VNG en het IPO een Modelverordening uitvoering en handhaving omgevingsrecht opgesteld, die voor gemeenten en provincies gelijkluidend is. Definitief oordeel: Voldoet De Verordening uitvoering en handhaving omgevingsrecht gemeente Vught is op 25 oktober 2023 vastgesteld door de gemeenteraad. In de verordening zijn voor de eigen organisatie (voor de thuistaken) als voor de omgevingsdienst (voor de basis- en plustaken) respectievelijk kwaliteitsvoorwaarden en kwaliteitscriteria opgenomen waarover jaarlijks aan de raad gerapporteerd dient te worden. Vraag 2.a. Evalueren B&W jaarlijks over de naleving van de actuele kwaliteitscriteria U&H voor de eigen organisatie en de omgevingsdienst en doen zij daarover mededeling aan de gemeenteraad? Vraag 2.b.
Als blijkt dat de kwaliteitscriteria U&H niet zijn of niet konden worden nageleefd, motiveren B&W dan de reden waarom en hoe wel voor de gestelde kwaliteit wordt gezorgd? (Modelverordening U&H omgevingsrecht art. 5, lid 2 en 3) Toelichting wetgever: Over de naleving van de kwaliteitscriteria wordt jaarlijks mededeling gedaan aan de gemeenteraad. Het gaat hier om een belangrijke inhoudelijke mededelingsplicht die kan worden meegenomen in bestaande jaarlijkse rapportages, in de op grond van het Omgevingsbesluit op te stellen documenten. Voorlopig oordeel: Voldoet niet. Eigen organisatie: In de Uitvoerings- en handhavingsstrategie fysieke leefomgeving 2024-2026 paragraaf 2.2.1 en 5.2.1 wordt ingegaan op de kwaliteitscriteria. Hierin is aangegeven dat de gemeente een verordening heeft vastgesteld voor haar eigen organisatie als ook voor omgevingsdienst en externe partners. In het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 paragraaf 4.3 wordt aangegeven dat zowel de organisatie als ook de deskundigheid van de medewerkers voldoet aan de VTH-kwaliteitscriteria. Tekortkoming: In het Jaarverslag VTH 2023 wordt niet inhoudelijk ingegaan op het voldoen aan de kwaliteitscriteria door de eigen organisatie als omgevingsdienst.
Verbeterpunten: Evalueer over naleving van de kwaliteitscriteria zoals opgenomen in de verordening zowel voor de eigen organisatie als ook voor de omgevingsdienst en informeer uw raad hierover. Neem dit op in het Jaarverslag VTH 2024 en informeer uw raad hierover. Reactie gemeente: Wij hebben hier aandacht voor en zullen dit komend jaar verwerken in het jaarverslag VTH 2024. Verwerking reactie:
2
Dank voor de reactie. Compliment voor de constructieve manier waarop dit verbeterpunt wordt opgepakt. Het voorlopig oordeel blijft ongewijzigd. Definitief oordeel: Voldoet niet. Vraag 3. Voldoen B&W aan deskundigheidsgebied 27 (Cultuurhistorie) van de actuele kwaliteitscriteria U&H? Toelichting wetgever: Deskundigheidsgebied 27 van de actuele kwaliteitscriteria 2.3 (deel B kritieke massa) bevat de eisen aan de U&H-medewerkers en aan de organisaties die de daar genoemde activiteiten op het gebied van cultuurhistorie uitvoeren. De criteria voor kritieke massa hebben geen relatie met de omvang van het werkaanbod. Ze geven de organisaties een ondergrens van het aantal medewerkers en hun deskundigheid, die nodig is om activiteiten in continuïteit uit te kunnen voeren. Voorlopig oordeel: Voldoet niet. Tekortkomingen: Zie vraag 2. Verbeterpunten: Zie vraag 2. Reactie gemeente: Zie reactie vraag 2. Verwerking reactie: Dank voor de reactie. Het voorlopig oordeel blijft ongewijzigd. Definitief oordeel: Voldoet niet.
Uitvoerings- en handhavingsstrategie (U&H-strategie) Vraag 4: Stellen B&W een U&H-strategie vast in een of meer documenten waarin
gemotiveerd wordt aangegeven welke U&H-doelen worden gesteld en welke werkzaamheden met het oog op die doelen zullen worden verricht? (Ob art. 13.5, lid 1 en Ob art. 13.6) Toelichting wetgever: Het is de bedoeling dat gemeenten en waterschappen ieder voor zich een U&H-strategie vaststellen en schriftelijk vastleggen. Dat kan in een gezamenlijk U&H-document of apart. U&H-strategie bevat het geheel van prioriteiten, doelstellingen, strategie en werkwijze. Voor uitvoering hoort daar een analyse van inzichten, technieken en werkwijzen bij. Het op elkaar afstemmen van doelen van uitvoering en handhaving is belangrijk. U&H-strategie wordt, indien nodig, ook afgestemd met andere bestuursorganen. Met wie hangt af van de vraag welke andere bestuursorganen door het beleid worden geraakt, bijvoorbeeld omdat samenwerking aan de orde is. Een goede interne afstemming tussen de werkeenheden uitvoering en handhaving en met andere werkterreinen binnen de eigen organisatie is ook van belang. Definitief oordeel: Voldoet Het college heeft op 19 december 2023 de U&H-strategie vastgesteld. In paragraaf 3.2 is aangegeven welke doelen worden gesteld en in paragraaf 3,4 welke werkzaamheden hiervoor worden verricht.
3
Vraag 5: Wordt de handhavingsstrategie gebaseerd op een analyse van de problemen die zich kunnen voordoen bij de naleving van het bepaalde bij of krachtens de wet? (Ob art. 13.5, lid 4) Toelichting wetgever: Er moet sprake zijn van door het bestuursorgaan schriftelijk vastgelegde handhavingsdoelstellingen. Deze moeten gebaseerd zijn op een probleemanalyse waarbij het bestuursorgaan in kaart heeft gebracht voor welke regelgeving (de Ow en het bij of krachtens de andere betrokken wetten bepaalde) het de zorg voor de bestuursrechtelijke handhaving is opgedragen, wat de kansen op overtredingen van die regelgeving zijn en wat de effecten van die overtredingen voor de fysieke leefomgeving zijn. Een goede probleem- of risicoanalyse is één van de belangrijkste factoren om een kwalitatief goede beleidscyclus te realiseren. Op basis van de probleemanalyse bepaalt het bestuursorgaan welke activiteiten nodig zijn om de in kaart gebrachte handhavingsdoelen te bereiken en welke prioriteiten het daarbij stelt. Definitief oordeel: Voldoet In de U&H-strategie paragraaf 3.4 worden prioriteiten voor vergunningverlening en toezicht en handhaving weergegeven. De strategieën voor vergunningverlening en toezicht en handhaving staan verwoord in paragraaf 3.3.
Aanbeveling: Er is een analyse van de problemen (probleemanalyse) van de fysieke leefomgeving voor het taakveld vergunningverlening, toezicht en handhaving. Hieruit volgt de prioritering die gesteld worden voor de taakvelden vergunningverlening, toezicht en handhaving. De prioriteringslijst is opgenomen in paragraaf 3.4. De probleemanalyse geeft inzicht in gevolgen voor de fysieke leefomgeving en de kans dat de overtreding zich voordoet. Neem deze probleemanalyse op als bijlage van de U&H-strategie. Vraag 6: Gaan B&W in de U&H-strategie ook in op de uitoefening van uitvoering en handhaving voor het onderdeel cultureel erfgoed? (Ow art. 1.2 en Ob art. 13.5) Toelichting wetgever: De Omgevingswet bepaalt in artikel 1.2 dat de fysieke leefomgeving in ieder geval ook het onderdeel erfgoed omvat. Daarmee zijn de wettelijke procescriteria U&H ook van toepassing op de uitvoering en de handhaving daarvan. Dat wil zeggen dat in de omgevings-/probleemanalyse en de prioriteitenstelling die tot de U&Hstrategie behoren wordt ingegaan op voornoemd onderdeel. Als gemeenten de U&H-taken op het gebied van erfgoed niet goed uitvoeren, is het risico groot dat cultureel erfgoed beschadigd wordt of zelfs verloren gaat.
Definitief oordeel: Voldoet In de U&H-strategie paragraaf 3.4 is het onderdeel cultureel erfgoed opgenomen in de probleem en risicoanalyse, waaraan een hoge prioritering wordt toegekend. In de U&H-strategie paragraaf 3.3.1 en 3.3.3 wordt ingegaan op de vergunningen- en toezicht-& handhavingsstrategie. Daarnaast is er een strategie bij de behandeling van klachten en meldingen. Vraag 7: Gaan B&W in de U&H-strategie ook in op de uitoefening van uitvoering en handhaving van de regels in het omgevingsplan? (Ow art. 1.2, 2.4 en Ob art. 13.5) Toelichting wetgever: De Omgevingswet bepaalt in artikel 2.4 dat de gemeenteraad voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan vaststelt waarin regels over de fysieke leefomgeving worden opgenomen. De wettelijke procescriteria U&H zijn ook van toepassing op de uitvoering en de handhaving daarvan. Dat wil zeggen dat in de omgevings-/probleemanalyse en de prioriteitenstelling die tot de U&H-strategie behoren wordt ingegaan op voornoemd onderdeel. 4
Definitief oordeel: Voldoet In de U&H-strategie paragraaf 3.4 is de uitoefening van uitvoering en handhaving van regels in het omgevingsplan opgenomen in de probleem en risicoanalyse, waaraan een hoge prioritering wordt toegekend. In de U&H-strategie paragraaf 3.3.1 en 3.3.3 wordt ingegaan op de vergunningen- en toezicht-& handhavingsstrategie. Daarnaast is er een strategie bij de behandeling van klachten en meldingen.
Uitvoeringsprogramma Vraag 8. Werken B&W jaarlijks de U&H-strategie uit in een uitvoeringsprogramma, waarin wordt aangegeven welke werkzaamheden het komende jaar zullen worden verricht, waarbij zij rekening houden met de gestelde doelen en gestelde prioriteiten? (Ob art. 13.6 lid 1) Toelichting wetgever: Het uitvoeringsprogramma dat het bestuursorgaan jaarlijks moet opstellen voor zijn activiteiten, legt een relatie met de geldende vastgestelde U&H-strategie. Het programmeren van de activiteiten moet plaatsvinden in lijn met de prioriteitenstelling van activiteiten die op haar beurt weer in relatie moet staan met het bereiken van de door het bestuursorgaan geformuleerde doelen. Definitief oordeel: Voldoet Op 30 januari 2024 is het Uitvoeringsprogramma 2024 VTH door het college vastgesteld. In het Uitvoeringsprogramma 2024 VTH par. 3.2 en 3.3 en Werkprogramma 2024 Omgevingsdienst wordt aangegeven welke van de vastgestelde activiteiten het komende jaar worden uitgevoerd. Vraag 9. Gaan B&W in het uitvoeringsprogramma U&H ook in op de uitoefening van uitvoering en handhaving voor het onderdeel cultureel erfgoed? (Ow art. 1.2 en Ob art. 13.6 lid 1) Toelichting wetgever: De Omgevingswet bepaalt in artikel 1.2 dat de fysieke leefomgeving in ieder geval ook het onderdeel erfgoed omvat.
Daarmee zijn de wettelijke procescriteria U&H ook van toepassing op de uitvoering en de handhaving daarvan. Dat wil zeggen dat in het uitvoeringsprogramma ook wordt ingegaan op voornoemd onderdeel. Als gemeenten de U&H-taken op het gebied van erfgoed niet goed uitvoeren, is het risico groot dat cultureel erfgoed beschadigd wordt of zelfs verloren gaat. Definitief oordeel: Voldoet In het Uitvoeringsprogramma 2024 VTH paragraaf 3.2 en bijlage 1 wordt ingegaan op de uitoefening van de uitvoering en handhaving voor het onderdeel cultureel erfgoed. Geraamde uren worden par 4.2 inzichtelijk gemaakt. Vraag 10: Gaan B&W in het uitvoeringsprogramma U&H ook in op de uitoefening van uitvoering en handhaving van de regels in het omgevingsplan? (Ow art. 1.2, 2.4 en Ob art. 13.6 lid 1) Toelichting wetgever: De Omgevingswet bepaalt in artikel 2.4 dat de gemeenteraad voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan vaststelt waarin regels over de fysieke leefomgeving worden opgenomen. De wettelijke procescriteria U&H zijn ook van toepassing op de uitvoering en de handhaving daarvan. Dat wil zeggen dat in het uitvoeringsprogramma ook wordt ingegaan op voornoemd onderdeel. Definitief oordeel: Voldoet 5
In het Uitvoeringsprogramma 2024 VTH paragraaf 3.2 en bijlage 1 wordt ingegaan op de uitoefening van de uitvoering en handhaving van de regels in het omgevingsplan. Geraamde uren worden par 4.2 inzichtelijk gemaakt. Vraag 11: Stellen B&W het uitvoeringsprogramma U&H jaarlijks vóór 1 februari vast? (Verordening systematische toezichtinformatie Noord-Brabant) Toelichting wetgever: Jaarlijks wordt de U&H-strategie uitgewerkt in een uitvoeringsprogramma met de uit te voeren activiteiten in het komende jaar. De provincie heeft de wettelijke taak van interbestuurlijk toezichthouder op de kwaliteit van de taakuitvoering door gemeenten en waterschappen onder meer op het domein omgevingsrecht. Doel is om informatie te verschaffen om systematisch toezicht te kunnen uitoefenen. Definitief oordeel: Voldoet Op 30 januari 2024 is het Uitvoeringsprogramma 2024 VTH door het college vastgesteld.
Borging van middelen Vraag 12: Dragen B&W er zorg voor dat: a. De voor het bereiken van de doelen en voor het verrichten van de werkzaamheden, benodigde en beschikbare financiële en personele middelen inzichtelijk worden gemaakt en in de begroting worden gewaarborgd; b. Voor de uitvoering van het uitvoeringsprogramma voldoende financiële en personele middelen beschikbaar zijn? (Ob art. 13.10) Toelichting wetgever: De gemeente zorgt ervoor dat de voor de uitvoering van de U&H-strategie benodigde en beschikbare financiële en personele middelen in de begroting worden opgenomen en worden toegelicht. Voor de in het uitvoeringsprogramma concreet beschreven activiteiten moet worden aangegeven wat de voor die activiteiten benodigde en beschikbare capaciteit en financiële middelen zijn. Capaciteit en financiële middelen moeten uiteraard toereikend zijn voor de uitvoering van het programma. Dit geldt niet alleen bij het opstellen van het uitvoeringsprogramma; ook tijdens de uitvoering moeten de capaciteit en financiële middelen worden bewaakt. Definitief oordeel: Voldoet In Uitvoeringsprogramma VTH 2024 hoofdstuk 4 i.c.m. bijlage 1 en 2 worden de benodigde en beschikbare personele en financiële middelen inzichtelijk gemaakt en in de begroting geborgd.
Evaluatierapportage Vraag 13. Rapporteren B&W jaarlijks over de mate waarin uitvoering van het uitvoeringsprogramma heeft plaatsgevonden en de mate waarin deze uitvoering heeft bijgedragen aan het bereiken van de gestelde doelen? (Ob art. 13.11, lid 1)
6
Toelichting wetgever: Een cyclisch verlopend uitvoeringsproces wordt door middel van evaluatie afgesloten met een rapportage over en verantwoording van de uitgevoerde activiteiten aan de gemeenteraad. Daarbij wordt getoetst of de geleverde inspanningen ook het bereiken van de uitvoeringsdoelstellingen hebben opgeleverd. Indien deze doelstellingen zijn bereikt, zal dit in algemene zin leiden – indirect – tot positieve effecten op de omgevingskwaliteit. Indien deze doelstellingen niet zijn bereikt, kan dit leiden tot conclusies en aanbevelingen over aanpassingen van de U&H-strategie, het uitvoeringsprogramma of de uitgevoerde U&H-activiteiten. Voor input voor het uitvoeringsprogramma van het komende jaar is het belangrijk dat de interne evaluatie voorafgaand aan het opstellen van het uitvoeringsprogramma wordt gedaan. Definitief oordeel: Voldoet In het U&H-strategie paragraaf 4.3 wordt aangegeven dat de resultaten en de voortgang van de uitvoeringsprogramma’s (voor de eigen organisatie en voor de omgevingsdienst en Veiligheidsregio) worden bewaakt. In het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 hoofdstuk 5 wordt aangegeven hoe dit wordt ingevuld. In het Jaarverslag 2023 VTH wordt gerapporteerd over de mate waarin uitvoering van het uitvoeringsprogramma heeft plaatsgevonden (hoofdstuk 3) en de mate waarin deze uitvoering heeft bijgedragen aan het bereiken van gestelde doelen (hoofdstuk 5).
Vraag 14. Wordt naar aanleiding van het evaluatierapport de uitvoerings- en handhavingsstrategie bezien en zo nodig aangepast? (Ob, art. 13.11, lid 2) Toelichting wetgever: De U&H-strategie wordt regelmatig bezien en waar nodig aangepast. De periode waarop de strategie betrekking dient te hebben, is niet voorgeschreven. Het ligt echter voor de hand dat het beleid betrekking heeft op een periode van minstens een jaar. Het bestuursorgaan is vrij om een langere periode te kiezen. Het feit dat de periode waarvoor het beleid wordt vastgesteld meerdere jaren kan bedragen, neemt niet weg dat ten minste eenmaal per jaar moet worden bezien of de vastgestelde strategie door wijziging van het desbetreffende document moet worden aangepast. Tussentijdse aanpassingen doorvoeren en opnemen als strategie is ook mogelijk. Definitief oordeel: Voldoet In de U&H-strategie paragraaf 1.2 is opgenomen dat jaarlijks de strategie wordt geëvalueerd en zo nodig aangepast. In het Jaarverslag VTH 2023 worden de uitvoerings- en handhavingsstrategie bezien en aangepast. Vraag 15. Gaan B&W in het evaluatierapport ook in op de uitoefening van uitvoering en handhaving voor het onderdeel cultureel erfgoed? (Ow art. 1.2 en Ob art. 13.11) Toelichting wetgever: De Omgevingswet bepaalt in artikel 1.2 dat de fysieke leefomgeving in ieder geval ook het onderdeel erfgoed omvat.
Daarmee zijn de wettelijke procescriteria U&H ook van toepassing op de uitvoering en de handhaving daarvan. Dat wil zeggen dat in het evaluatierapport wordt ingegaan op voornoemd onderdeel. Het gaat daarbij mede om de manier waarop is omgegaan met klachten en verzoeken van burgers. Als gemeenten de U&H-taken op het gebied van erfgoed niet goed uitvoeren, is het risico groot dat onroerend cultureel erfgoed beschadigd wordt of zelfs verloren gaat.
Opmerking IBT: het evaluatierapport gaat over het uitvoeringsjaar 2023. In dat jaar was de Wabo nog van toepassing met verwijzing naar de Monumentenwet 1988 en de Erfgoedwet (Wabo art. 5.1). Dwz dat in de evaluatie aandacht dient te worden besteed aan de uitvoering en de handhaving van het onderdeel ‘vergunningen tot wijziging, sloop of verwijdering’. Het gaat daarbij mede om de manier waarop is omgegaan met klachten en verzoeken van burgers. Definitief oordeel: Voldoet 7
In het Jaarverslag VTH 2023 evalueert de gemeente over de uitoefening van de uitvoering en handhaving (paragraaf 2.2.3 en 3.3.1) voor het onderdeel cultureel erfgoed. Vraag 16: Gaan B&W in het evaluatierapport ook in op de uitoefening van uitvoering en handhaving van de regels in het bestemmingsplan (oud, vanaf 1-1-2024: omgevingsplan)? (Ow art. 1.2, 2.4 en Ob art. 13.11) Toelichting wetgever: De Omgevingswet bepaalt in artikel 2.4 dat de gemeenteraad voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan vaststelt waarin regels over de fysieke leefomgeving worden opgenomen. De wettelijke procescriteria U&H zijn ook van toepassing op de uitvoering en de handhaving daarvan. Dat wil zeggen dat in het evaluatierapport ook wordt ingegaan op voornoemd onderdeel.
Opmerking IBT: het evaluatierapport gaat over het uitvoeringsjaar 2023. In dat jaar was de Wabo nog van toepassing met verwijzing naar de Wet ruimtelijke ordening (Wabo art. 5.1). Dwz dat in de evaluatie aandacht dient te worden besteed aan de wijze waarop uitvoering is gegeven aan de bestuursrechtelijke handhaving van het bepaalde bij of krachtens de Wro en de verlening van omgevingsvergunningen voor activiteiten als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, b, c en g, van de Wabo. De genoemde omgevingsvergunningen gaan over de Wabo activiteiten bouwen van een bouwwerk, het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden, in gevallen waarin dat bij een bestemmingsplan, beheerverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit is bepaald, het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan, een beheerverordening, een exploitatieplan, de regels gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, of 4.3, derde lid, van de Wro of een voorbereidingsbesluit voor zover toepassing is gegeven aan artikel 3.7, vierde lid, tweede volzin, van die wet en het slopen van een bouwwerk in gevallen waarin dat in een bestemmingsplan, beheerverordening of voorbereidingsbesluit is bepaald. Voorlopig oordeel: Voldoet gedeeltelijk In het Jaarverslag VTH 2023 evalueert de gemeente over de uitoefening van de uitvoering i.c.
vergunningverlening (paragraaf 3.1) van de regels in het bestemmingsplan. Tekortkomingen: In het Evaluatieverslag 2023 VTH wordt niet gerapporteerd op de uitoefening van uitvoering en handhaving van de regels van het bestemmingsplan, ten aanzien van toezicht en handhaving en de eventuele klachten en meldingen die hierover zijn ontvangen. Verbeterpunten: Evalueer in het komende Jaarverslag VTH de regels in het bestemmingsplan ten aanzien van de uitoefening van de toezicht en handhaving en de meldingen die hierover zijn ontvangen. Reactie gemeente: Wij hebben hier aandacht voor en zullen dit komend jaar verwerken in het jaarverslag VTH 2024. Verwerking reactie: Dank voor de reactie. Het voorlopig oordeel blijft ongewijzigd. Definitief oordeel: Voldoet gedeeltelijk.
8
Vraag 17. Stellen B&W het evaluatierapport jaarlijks vóór 1 mei vast? (Verordening systematische toezichtinformatie Noord-Brabant) Toelichting wetgever: Jaarlijks evalueert een gemeente of de activiteiten die zijn opgenomen in de uitvoeringsprogramma’s zijn uitgevoerd en in hoeverre deze activiteiten hebben bijgedragen aan het bereiken van de vastgestelde beleidsdoelen. De provincie heeft de wettelijke taak van interbestuurlijk toezichthouder op de kwaliteit van de taakuitvoering door gemeenten en waterschappen onder meer op het domein omgevingsrecht. Doel is om informatie te verschaffen om systematisch toezicht te kunnen uitoefenen. Definitief oordeel: Voldoet Op 16 april 2024 is het Jaarverslag VTH 2023 door het college vastgesteld.
Eindoordeel Op basis van de behaalde scores en conform de vastgestelde beoordelingscriteria en normen, is het eindoordeel: Voldoet
Aantal
Punten
Toetsingsvragen
17
-
Score Voldoet (2 punten)
14
28
Score Voldoet gedeeltelijk (1 punt)
1
1
Score Voldoet niet (0 punten)
2
0
Totaal aantal punten
-
29
Eindoordeel o.b.v. punten
29/34 x 100% = 85,29%
Toelichting eindoordeel:
≥ 80 = Voldoet ≥ 60 en < 80 = Voldoet gedeeltelijk < 60 = Voldoet niet
9