10. Mededeling wethouder Den Otter - Rapport Armoedefonds
Tekst van het document
Onderwerp schriftelijke mededeling college: Rapport Armoedefonds Datum schriftelijke mededeling: Portefeuillehouder:
27 november 2025 J.H.L den Otter
Mededeling In de raadsvergadering van 17 april heeft uw raad gevraagd om een reactie op het rapport van het Armoedefonds ‘De impact van voortdurende armoede op hulporganisaties in Nederland’. Daarbij heeft u ook vragen gesteld in hoeverre de uitkomsten van dit rapport meegenomen kunnen worden ten aanzien van bestaand beleid en worden meegenomen in de uitvoering. Als wij andere conclusies constateerden dan het rapport, dan ontvangt u daar graag nadere informatie over. We gaan daarom eerst in op de drie hoofdvragen van het rapport en de situatie in Vught. Daarna zullen we ingaan op de gestelde vragen. Hoe is het aantal hulpvragen bij lokale hulporganisaties sinds het laatste halfjaar veranderd? In Vught zien we ook een stijging van hulpvragen bij verschillende organisaties. Bij een aantal organisaties was deze stijging niet significant of tijdelijk, zoals Stichting Wij Omarmen en Stichting Leergeld of heeft de vraag zich juist verplaatst, zoals bij Vincentius waar minder beroep op de hulpcoaches wordt gedaan, maar een grotere groep bij het inloopspreekuur waar te nemen is.
Bij andere organisaties is er sprake van een significante stijging, zoals bij het Jeugdfonds Sport en Cultuur, waar drie keer zoveel goedgekeurde aanvragen waren ten opzichte van het voorgaande jaar, en bij het Volwassenenfonds waar ieder jaar de aanvragen blijven toenemen en eerder in het jaar verteld moet worden dat het budget op is. Bij het Volwassenenfonds ligt de oorzaak vooral bij het feit dat we pas sinds 2022 deze regeling aanbieden, waardoor de bekendheid ieder jaar groeit en daarmee de aanvragen ook stijgen. Kijkend naar de doelgroep geeft Stichting Wij Omarmen aan dat de doelgroep vaak inwoners met een klein pensioen zijn, of paren waarvan de ene partner een kleine pensioen heeft en de andere parttime werkt. Welzijn Vught ziet ook een toename van de hulpvragen bij werkenden en inwoners die net boven de inkomensgrens van 130% bijstandsnorm zitten. Een groot deel van de inwoners dat bij stichting Wij Omarmen komt, heeft hun inkomen zien veranderen door life-events. Dit zijn gebeurtenissen in het leven waar soms moeilijk op voor
te bereiden is en die een ingrijpende verandering teweegbrengen, zoals een scheiding, het overlijden van een partner, maar in sommige gevallen ook de overgang naar pensioen of een kind dat 18 jaar wordt. In welke mate zijn lokale hulporganisaties op dit moment in staat (gesteld) om aan de hulpvragen te voldoen? Op het gebied van een netwerk is de status in Vught goed. We werken hier al een aantal jaar met het Kernteam Bestaanszekerheid, waarin vertegenwoordigers zitten van lokale hulporganisaties, eveneens als de armoedecoördinator en de gemeente. Signalen worden besproken, speerpunten worden opgesteld en de contacten zijn en blijven warm. Door het Kernteam Bestaanszekerheid werken we ook met de Warme Overdracht. Inwoners die bijvoorbeeld bij Vincentius aankloppen voor hulp met de financiën, worden warm overgedragen naar Stichting Wij Omarmen voor het boodschappensteuntje, aangemeld bij het Volwassenenfonds als er een sportwens is, en krijgen hulp regelingen aan te vragen bij de gemeente. Jaarlijks wordt ook een Warme Overdracht bijeenkomst georganiseerd zodat direct en indirect betrokken organisaties elkaar op een informele manier weer spreken. Op die manier blijven de contacten tussen hulpverleners en vrijwilligers ook warm. Andersom werken we als gemeente nu met de centrale middelentoets.
Deze is door Wegwijs+ toegelicht bij alle hulporganisaties en wordt nu bijvoorbeeld bij Stichting Leergeld ingezet, het tonen van de beschikking is al voldoende als inkomenstoets. Op het gebied van middelen lopen de situaties in Vught uiteen. Organisaties met een grote stijging in aanvragen kampen met een financieel vraagstuk. Bij anderen is de wens om de openingstijden te verbreden en zijn meer vrijwilligers nodig. Over het algemeen hebben de organisaties die zijn aangesloten bij het Kernteam Bestaanszekerheid voldoende middelen of lopen ze momenteel niet tegen grote problemen aan. Er wordt aangegeven dat zolang de krachten worden gebundeld, er genoeg middelen zullen zijn. Hoe verwachten lokale hulporganisaties dat hulpvragen zich de komende maanden gaan ontwikkelen? Een aantal organisaties in Vught heeft het vragenformulier van het Armoedefonds ingevuld. Stichting Wij Omarmen geeft aan dat na het
invullen van het formulier wel een lichte daling gezien te hebben in het aantal hulpvragen. Op het moment van invullen verwachtte de stichting een stijging. Die verwachting is nog niet veranderd. Een aantal andere organisaties in Vught, zoals Welzijn Vught, verwacht ook dat het aantal hulvragen nog zal stijgen. Het Jeugdfonds Sport & Cultuur verwacht geen verdere stijging te zien na de grote toename van aanvragen in 2024. Bij het Volwassenenfonds is de verwachting dat het aantal aanvragen nog een aantal jaar zal toenemen. Vragen raad Op de vragen de raad over het effect van de nieuwe armoedegrens die het Rijk hanteert, en mogelijke wijzigingen in het beleid op basis van dit beleid, kunnen we redelijk kort zijn. In Vught blijven we de inkomensgrens van 130% bijstandsnorm hanteren (behalve voor alleenstaanden bij de individuele inkomenstoeslag). Daar heeft de nieuwe definitie van armoede geen invloed op. We houden de ontwikkelingen van het Rijk op het beleid van armoede en schulden uiteraard in de gaten. Voor inwoners die net boven de grens van 130% zitten, maar wel met financiële problemen kampen, zijn in Vught meerdere organisaties die hulp, ondersteuning en versterking kunnen bieden. Het belang van het netwerk van lokale organisaties wordt in het beleid en in de uitvoering benadrukt. Zie daarvoor ook de beantwoording bij vraag 2.
De contacten en samenwerking met lokale organisaties houden we warm, nieuw of gewijzigd beleid wordt met deze organisaties besproken, en signalen die vanuit het Kernteam Bestaanszekerheid komen, worden opgepakt. De conclusies van het rapport bevatten daarom geen grote verrassingen. Door het contact met de lokale organisaties houden we een vinger aan de pols en proberen we, wanneer nodig en waar mogelijk, mee te bewegen met onverwachte veranderingen. De conclusies van het rapport zijn in lijn met wat wij zelf ook constateren in het Kernteam Bestaanszekerheid. Op basis van bovenstaande
informatie, zien we momenteel geen reden om het beleid aan te passen op basis van de conclusies van het rapport van het Armoedefonds.