Zienswijzennotitie (2021-32272)
Tekst van het document
vulling aan. Destijds was nog niet bekend op welke wijze woningbouw zou gaan plaatsvinden. Indiener had dus inderdaad niet kunnen vermoeden dat een bouwplan met 16 appartementen en parkeren te verwachten was aansluitend op zijn perceel. Voor de gemeente is een taak weggelegd om te voorzien in de woningbehoefte. In overeenstemming met de ‘Ladder voor Duurzame Verstedelijking’ wordt in eerste instantie gezocht naar inbreidingslocaties om in deze behoefte te voorzien. Dat wil zeggen: nieuwe woningen komen vooral binnen de bestaande kernen, door kleinschalige toevoegingen van kwalitatief goede woningen en gewenste woonmilieus. De locatie aan de Koningin Julianastraat past hieronder. Door de ligging nabij onder meer het centrum van Twello en het station, is het voor meerdere doelgroepen een aantrekkelijke locatie om te wonen. Om de slaagkansen op de woningmarkt goed te houden en omdat goede inbreidingslocaties schaars zijn, weegt het algemene volkshuisvestelijke belang in dit geval zwaar in de afweging het plan mogelijk te maken. Uiteraard is daarbij gelet op de omgeving en impact die dit heeft op omwonenden en zijn hun belangen daarin meegewogen. Met erfafscheidingen en positionering van de bomen die worden toegevoegd, is daarbij ingestoken op een inrichting waarbij zicht van en naar omwonenden wordt beperkt.
Ook in de architectonische uitwerking, zoals bijvoorbeeld bij de balkons en achtergevels, wordt rekening gehouden met omwonenden met als doel de inkijk over en weer tot een minimum te beperken. De ontwikkelaar zegt toe dat hij indiener en andere aanwonenden te zijner tijd het ontwerp ter inspraak wil geven zoals door indiener wordt verzocht. De door hem genoemde punten kunnen dan samen worden onderzocht en waar mogelijk in het belang van hem (en andere aanwonenden) in het ontwerp geoptimaliseerd worden. Het gemeentelijke ‘Programma van Eisen voor de inrichting van de openbare ruimte in de gemeente Voorst’ gaat bij goedkope en middeldure woningen standaard uit van een parkeernorm van 1,8 parkeerplaatsen per woning, maar biedt de ruimte om op basis van de parkeerkencijfers van het CROW de parkeernorm aan te passen op de situatie en omgevingsfactoren. Vanwege de specifieke ligging nabij het station en de zeer kleine oppervlakte van de appartementen, waarmee geen sprake is van een standaardsituatie, is in dit geval dan ook op basis van de CROW-normen de parkeernorm bepaald en naar beneden bijgesteld. Uitgangspunt binnen het plan aan de Koningin Julianastraat is dat de appartementen huurappartementen worden. De ontwikkelaar en woningbouwcorporatie zijn in gesprek over aankoop van het plan door de corporatie.
Op basis van de koop- en realisatieovereenkomst met de ontwikkelaar, bestaat ook de mogelijkheid vier - 19 -
voor de 16 huishoudens, wat neerkomt op een norm van 1,25 per huishouden in plaats van de gestelde 1,4. Dat veelal over verwachtingen wordt gesproken, lijkt de gebrekkige motivering te bevestigen. Daarbij houdt de gemeente de optie open om extra parkeerplaatsen te realiseren waar nu de wadi is voorzien, wat niet verdedigbaar is. Op basis van voorgaande kan niet gesteld worden dat de voorziene 20 parkeerplaatsen en 2 parkeerplaatsen voor deelauto’s toereikend zullen zijn. Als uitgegaan wordt van de standaard norm van 1,8 zijn 28,8 parkeerplaatsen nodig.
4.
Parkeren vindt plaats direct aansluitend aan het perceel van indiener. De impact hiervan op zijn woon- en leefklimaat is niet afgewogen. Het verdient volgens indiener aanbeveling om de parkeerplaatsen te verplaatsen en voornamelijk te realiseren aan de zijde van de Koningin Julianastraat, bij voorkeur direct naast de wadi op het terrein dat buiten het plangebied valt en is aangemerkt als mogelijk toekomstige Park & Ride locatie. Zo kan er een groenstrook worden gerealiseerd tussen het appartementencomplex en het perceel van indiener en wordt de overlast voor hem sterk verminderd.
appartementen als (bereikbare) koopwoning aan te bieden. Deze intentie heeft de ontwikkelaar overigens niet. De bandbreedte voor de parkeernorm op deze locatie (weinig stedelijk, schil centrum) ligt volgens het CROW tussen 0,8 en 1,6 parkeerplaats per huurwoning en tussen 1,0 en 1,8 per koopwoning. Omdat (ook) sprake kan zijn van enkele koopappartementen, is voor het bepalen van de parkeernorm zekerheidshalve uitgegaan van een zwaardere parkeernorm, dus die van toepassing is op koopwoningen. De parkeernorm bedraagt 1,4 parkeerplaats per woning. Er is uitgegaan van de gemiddelde norm. De maximale norm binnen de bandbreedte komt overeen met de eerder genoemde standaardnorm voor goedkope en middeldure woningen, terwijl hier juist een lagere parkeernorm logisch is vanwege de situatie en omgevingsfactoren. De minimale norm kent daarentegen geen enkele marge voor bezoekers per auto, wanneer het autobezit uitkomt op één auto per woning (of mogelijk zelfs meer). Enige marge is zeker wenselijk in dit gebied. Het totaal benodigde aantal parkeerplaatsen is 22,4 parkeerplaatsen. Dit getal is naar beneden afgerond vanwege het uitgangspunt dat met de zwaardere norm is gerekend. Daarnaast was ook het aanbieden van deelauto's opgenomen in het plan, wat bijdraagt aan minder autobezit en dus minder parkeerbehoefte.
In de gemeente Voorst zijn nog geen situaties bekend waarbij met deelauto’s gewerkt wordt. Uit oogpunt van duurzaamheid staat de gemeente hier wel positief tegenover. De ontwikkelaar heeft inmiddels echter laten weten af te zien van dit onderdeel van het plan. Om die reden wordt op dit onderdeel van de zienswijze niet verder meer ingegaan. De toelichting van het (ontwerp-) bestemmingsplan wordt op basis van bovenstaande aangepast. Geluid door parkeren wordt als onderdeel van een reguliere woon- en leefomgeving gezien. Dit laat inderdaad onverlet dat het parkeren vanwege de situering impact heeft op aanwonenden, waaronder indiener. Naar aanleiding van de ingekomen zienswijze(n) is akoestisch onderzoek naar het parkeren en bijbehorende verkeersbewegingen uitgevoerd om te bepalen of sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat voor indiener (en andere aanwonenden). Het onderzoek is weergegeven in een notitie die als bijlage bij het bestemmingsplan wordt opgenomen. Uit het onderzoek blijkt dat de verkeersbewegingen op het perceel voldoen aan de streefwaarden die voor een aanvaardbaar woon- en leefklimaat worden aangehouden. Behalve het manoeuvreren, is ook sprake van maximale geluidsniveaus die kunnen optreden door het dichtslaan van autoportieren. Uit de uitgevoerde berekeningen blijkt dat overdag en in de avondperiode voldaan wordt
- 20 -
aan de streefwaarden voor de maximale geluidniveaus. In de nachtperiode treedt wel een overschrijding op. Dit kan worden voorkomen als een voldoende geluidwerende erfafscheiding van 2 meter hoogte wordt gerealiseerd tussen het parkeren en de tuin van indiener. Op deze plek was al een erfafscheiding voorzien in het plan, echter 20 cm lager en niet van de zwaarte die nodig is om de streefwaarden voor geluid te bereiken. Om een aanvaardbaar woon- en leefklimaat voor indiener te garanderen, wordt het realiseren van de geluidwerende erfafscheiding met een voorwaardelijke verplichting in de regels van het bestemmingsplan opgenomen. Dit houdt in dat de nieuwe woningen niet eerder in gebruik mogen worden genomen dan dat de geluidwerende erfafscheiding gerealiseerd is. Direct aansluitend op de perceelsgrens is het plaatsen hiervan bij recht mogelijk. De ontwikkelaar wil echter eerst in overleg treden met de aanwonenden over het plaatsen van de afscherming en de uitvoering hiervan. Gedacht wordt aan een erfafscheiding van Kokowall, die behalve geluidsisolerend en absorberend ook geschikt is om met klimplanten ‘groen’ te laten begroeien. Hierin kunnen echter ook andere keuzes gemaakt worden. Ook kan besproken worden een nieuwe afscherming ter vervanging van bestaande schuttingen op de gezamenlijke perceelsgrens te plaatsen, op kosten van de ontwikkelaar.
Behalve het opnemen van genoemde voorwaardelijke verplichting, wordt ook een afwijkingsbevoegdheid voor het college van burgemeester en wethouders opgenomen deze verplichting te kunnen laten vervallen als uit overleg tussen ontwikkelaar en aanwonenden unaniem zou blijken dat partijen géén nieuwe (geluidwerende) erfafscheiding gerealiseerd willen hebben en aanwonenden accepteren dat niet voldaan wordt aan de streefwaarden. Gelet op de toenemende parkeerdruk bij het station van Twello, hecht de gemeente er veel belang aan het terrein ten westen van de wadi te behouden voor een mogelijk toekomstige P+R locatie. Om die reden is het ook een bewuste keuze geweest dit terrein buiten het plangebied te houden. Uit ruimtelijk/stedenbouwkundige overwegingen is het verplaatsen van de parkeerplaatsen naar de voorzijde van de nieuwbouw bínnen het plangebied (ook) niet wenselijk. Hier wordt gestreefd naar een rustige en groene aanblik vanaf het openbaar gebied. Mocht op termijn de P+R gerealiseerd worden, dan biedt dit bovendien een kleine open buffer ten opzichte van dat terrein. Ook bestaat de kans dat parkeerplaatsen die voor bewoners bedoeld zijn, eventueel gebruikt worden door mensen die voor de P+R komen, indien deze parkeersituaties direct aan elkaar zouden grenzen. Er bestaat begrip voor de wens van indiener om het parkeren te verplaatsen naar de zijde van de Koningin Julianastraat.
Omdat met het - 21 -
5.
Indiener is van mening dat het plan onvoldoende rekening houdt met de akoestische impact die de komst van de woningen (met bijbehorende bewoners, voertuigen en warmtepompen) met zich meebrengt voor omwonenden. Het project zal een geluidsweerkaatsing hebben en er vindt geluidsvermeerdering plaats door aanrijdend bestemmingsverkeer en de verkeersbewegingen naar de achterliggende parkeerplaats.
parkeren aan de achterzijde voldaan kan worden aan streefwaarden voor een aanvaardbaar woon- en leefklimaat, wordt het algemene belang voor behoud van de ruimtereservering voor een P+R en het ruimtelijk beeld van de locatie vanaf openbaar gebied echter zwaarder gewogen dan het belang van indiener. De nieuwbouw heeft een verkeersaantrekkende werking ten opzichte van de bestaande situatie. In de planvorming is rekening gehouden met een toename van 100 tot maximaal 120 motorvoertuigen per etmaal, uitgaande van een worst-case scenario. In de praktijk is de verwachting dat dit aantal lager is en gaat om circa 80 tot 90 verkeersbewegingen per dag. Dit is gebaseerd op landelijke richtlijnen van het CROW, uitgaande van het type appartement en de locatie nabij het station en het centrum van Twello. De huidige verkeersintensiteit van de Koningin Julianastraat is niet exact bekend, maar ligt lager dan 500. De toename van verkeersbewegingen kan dan ook merkbaar zijn. Voor het omgevingstype, namelijk een woonwijk nabij het centrum van Twello, is deze toename echter passend en acceptabel. Het effect van de extra motorvoertuigen per etmaal op het wegverkeerslawaai leidt niet tot een overschrijding van de wettelijke geluidnormen. Een intensiteit rond de 500 motorvoertuigen per dag wordt beschouwd als een verwaarloosbare intensiteit voor wegverkeerslawaai.
Zoals onder punt 4 genoemd, is onderzoek verricht naar het parkeren en bijbehorende verkeersbewegingen op het perceel en kan met het plan voldaan worden aan geluidsnormen voor een goede ruimtelijke ordening. Terecht wordt gesteld dat door het gebouw een geluidsweerkaatsing kan plaatsvinden voor het geluid dat afkomstig is van het spoor en -in mindere mate- het wegverkeer op de Koningin Julianastraat. In het eerder uitgevoerde akoestisch onderzoek naar weg- en railverkeer is hier geen aandacht aan geschonken. Naar aanleiding van de zienswijze is dit onderzoek aangevuld met berekeningen van het effect van het e plaatsen van het nieuwe gebouw op de 2 -lijns woningen, waaronder die van indiener. Uit de resultaten blijkt dat de geluidsbelasting op alle toetspunten gelijk blijft of afneemt na realisatie van de nieuwe woningen. Geconcludeerd wordt dan ook dat geen sprake is van toename van geluid van spoor en weg door weerkaatsing op het nieuwe gebouw. Bij het plaatsen van warmtepompen moet rekening worden gehouden met buren. Sinds 1 april 2021 gelden nieuwe geluidseisen voor (nieuw te plaatsen) buiten opgestelde installaties. Deze mogen maximaal 40 dB geluid veroorzaken bij buren. Wordt dit vanwege afstand niet gehaald, dan moeten deze worden afgeschermd. Bij de (later) benodigde omgevingsvergunning voor het bouwen, wordt erop toegezien dat hieraan voldaan wordt.
- 22 -
Samengevat heeft de ontwikkeling een toename van geluid tot gevolg. In de belangenafweging hierover is gelet op het voorgaande geoordeeld dat deze aspecten geen onevenredige hinder voor omwonenden opleveren.
Zienswijze 11: d.d. 14 april 2021, kenmerk 2021-24293 1.
2.
Zienswijze Indiener pleit voor de locatie Troelstralaan voor verbinding met de Van der Duyn van Maesdamstraat in de vorm van een voetpad, zoals op veel andere plekken in Twello. Hij is daarnaast gewend aan een weids uitzicht op het schoolplein en de lage school, waar nu een afscheiding van 1,80 meter hoog komt. Graag heeft indiener doorzicht naar de groene kern die Erve Troelstra krijgt. Dit is goed te combineren met het genoemde voetpad, met ter weerszijde een strook van 1 meter met gras of laagblijvende beplanting. Verplaatsing van één of twee seniorenwoningen richting Troelstralaan zou de mogelijkheid van het bepleite doorzicht vergemakkelijken
Qua (verkeers)veiligheid heeft indiener ernstige zorgen over het voetpad langs de huizen, garages en parkeerplaatsen. Die zorg wordt groter nu de achteruitgangen van de seniorenwoningen hier ook op aansluiten. In de praktijk is het niet alleen een voetpad, maar ook een pad gebruikt door fietsers en bromfietsers. Zij hebben vrij slecht zicht op parkeerplaatsen en/of denken onvoldoende aan wegrijdende auto’s. Indiener pleit daarom voor een zodanig ontwerp van de erfafscheidingen dat voldoende zicht is op de parkeerplaatsen. Ook wordt gepleit voor verandering van de toegangshekken aan
Reactie Hoewel een voetpad hier inpasbaar zou kunnen zijn, bestaat daar geen noodzaak toe en biedt dit geen nadrukkelijke meerwaarde voor voetgangers. In de bestaande situatie is ook geen wandelverbinding aanwezig en met het plan worden geen nieuwe functies opgenomen die binnen een bepaalde loopafstand bereikt moeten worden. Voor de inrichting en gebruiksmogelijkheden van de kavel met vrijstaande woning heeft een voetpad op deze plek nadelige effecten. Om deze redenen wordt het (ontwerp)bestemmingsplan niet aangepast door een voetpad op te nemen. Het uitzicht dat indiener gewend was, wordt door de nieuwe inrichting inderdaad beperkt. Hierbij wordt opgemerkt dat dit uitzicht binnen de mogelijkheden die het geldende bestemmingsplan voor de locatie biedt, ook verloren kan gaan. Om het doorzicht en de openheid te verbeteren, is de ontwikkelaar indiener (en andere omwonenden) in het voortraject tegemoet gekomen door in die hoek van het plangebied een woning te laten vervallen. Daardoor is meer ruimte ontstaan tussen de seniorenwoningen en de (na aanpassing) vrijstaande woning. Het is ruimtelijk niet wenselijk en haalbaar één of twee seniorenwoningen te verplaatsen naar de andere (noordelijke) zijde van het woonblok. Daarvoor is aan de noordzijde onvoldoende ruimte aanwezig.
Bovendien is het uit stedenbouwkundig oogpunt niet wenselijk dat het woonblok aan deze zijde voorbij de rooilijn van de aangrenzende woningen aan de Troelstralaan komt te liggen. Ook zou het betekenen dat tussen Troelstralaan en de kopse kant van de seniorenwoningen dan geen ruimte meer is voor de daar gewenste groene invulling, wat in het verlengde van de Thorbeckelaan voor een groen aanzicht moet zorgen. De zorgen van indiener zijn bekend en zijn vooral van toepassing op de huidige situatie. De toevoeging van enkele achteraansluitingen van de nieuw te bouwen woningen heeft weinig tot geen invloed op intensiever gebruik van het pad en daarmee de verkeersveiligheid. Het pad is juist bedoeld voor de ontsluiting van achtertuinen en de garageboxen en draagt bij aan een fijnmazig voetgangersnetwerk in de wijk. Voor voetgangers is in de huidige situatie al sprake van voldoende zicht, rekening houdend met hun verplaatsingssnelheid. De bestaande coniferenhaag op de hoek bij de bedoelde parkeerplaatsen, steekt ruim over de perceelgrens heen. Wanneer deze wordt verwijderd en vervangen - 23 -
de uiteinden van het voetpad, zodanig dat fiets- en scooterverkeer meer ontmoedigd wordt, bij voorkeur met een nauwere doorgang.
3.
door de nieuwe erfafscheidingen, ontstaat nog wat meer zicht. De onveiligheid komt voort uit het onjuist gebruik van het pad door fietsers en scooters. Dit is een bestaand probleem dat los staat van de ontwikkeling die met voorliggend (ontwerp)bestemmingsplan mogelijk wordt gemaakt. Dit heeft buiten deze procedure om aandacht van de gemeente.
Aanpassingen naar aanleiding van de zienswijzen
De inhoud van de zienswijzen geeft deels aanleiding het (ontwerp)bestemmingsplan en het (ontwerp)beeldkwaliteitsplan aan te passen. Hieronder worden de aanpassingen benoemd. Bestemmingsplan De zienswijzen leiden tot een aantal aanpassingen in het bestemmingplan. Het gaat om de volgende punten: - In de regels wordt een voorwaardelijke verplichting opgenomen voor onderzoek naar en voorkomen van trillingshinder van het spoor (locaties Frans Halsstaat en Koningin Julianastraat); - In de regels wordt een voorwaardelijke verplichting opgenomen voor een geluidwerende erfafscheiding op de locatie Koningin Julianastraat; - In samenhang met voorgaande punt wordt in de regels een afwijkingsbevoegdheid voor het college van burgemeester en wethouders opgenomen om onder voorwaarden de geluidwerende erfafscheiding niet of op andere wijze te realiseren; - Op de verbeelding wordt een aanduiding ‘specifieke bouwaanduiding – voorwaardelijke verplichting trillingen’ opgenomen op de bouwvlakken aan de locaties Frans Halsstraat en Koningin Julianastraat; - Op de verbeelding worden de goot- en bouwhoogten van drie bouwvlakken aan de Troelstralaan aangepast. In samenhang met bovenstaande punten wordt ook de toelichting van het bestemmingsplan aangepast en aangevuld.
De zienswijzen hebben geleid tot zowel een aangevuld akoestisch onderzoek als een extra akoestisch onderzoek, die als bijlagen bij de toelichting worden opgenomen. Daarnaast wordt de verantwoording van de parkeernorm voor de locatie Koningin Julianastraat in de toelichting aangepast. Ook vinden aanpassingen plaats in samenhang met de wijzigingen in het beeldkwaliteitsplan (zie hieronder). Beeldkwaliteitsplan Het beeldkwaliteitsplan wordt voor twee locaties aangepast. De locatie Troelstalaan wordt tekstueel aangevuld en gewijzigd wat betreft bouwlagen, nokrichtingen en bouwhoogtes. Voor de locatie aan de Koningin Julianastraat wordt de inleidende omschrijving aangevuld en aangepast, worden enkele referentiebeelden vervangen en wordt het deel over materiaal en kleurgebruik aangescherpt.
- 24 -