Woonzorgvisie Voorst 2023-2027
Tekst van het document
Samen zorgen dat iedereen fijn woont Woonzorgvisie Voorst 2023 - 2027
Gemeente Voorst 20 april 2023 Eindversie
DATUM
20 april 2023
TITEL
Samen zorgen dat iedereen fijn woont
OPDRACHTGEVER
Gemeente Voorst
AUTEUR(S)
Roosje van Leer Davy van Beers
PROJECTNUMMER
285.114
STATUS
Eindversie
Tivolilaan 205 6824 BV Arnhem Postbus 1174 6801 BD Arnhem www.companen.nl info@companen.nl 026 351 25 32 KvK-nummer: 09035291 BTW-nummer: NL001826517B01
Inhoud Samenvatting
4
1 1.1 1.2 1.3 1.4
Inleiding, beleidskaders en opgaven Inleiding Beleidskaders om rekening mee te houden Omvang van de (toekomstige) huisvestingsopgave Opgaven voor zorg en ondersteuning
10 10 10 12 14
2 2.1 2.2
Visie Uitgangspunten Totstandkoming van de visie
16 16 21
Samenvatting Mensen die zorg of ondersteuning nodig hebben, wonen steeds vaker zelfstandig: in een reguliere woning, of samen met anderen in een geclusterde woonvorm. Het Rijksbeleid is ook gericht op het langer zelfstandig wonen van mensen met een zorgvraag. Centraal motto van het programma Wonen, Ondersteuning en Zorg voor Ouderen van minister Helder is: ‘Zelf als het kan, Thuis als het kan, Digitaal als het kan’. Ook voor andere doelgroepen, zoals mensen met een verstandelijke beperking of psychische kwetsbaarheid, is het Rijksbeleid gericht op het zo zelfstandig mogelijk wonen. Dat stelt eisen aan de woningvoorraad, de woonomgeving en aan de zorg en ondersteuning die in de thuissituatie geboden kan worden. Maar het vraagt ook iets van de samenleving als geheel: om ervoor te zorgen dat iedereen goed mee kan doen moeten we niet alleen aandacht hebben voor de zelfredzaamheid van onze inwoners, maar ook stimuleren dat inwoners elkaar helpen – dus ‘samenredzaam’ worden. Deze woonzorgvisie gaat in op de vraag hoe de gemeente - aansluitend bij de positie en structuur in de kernen – er samen met partners voor wil zorgen dat alle inwoners prettig kunnen wonen in de gemeente – ook als zij behoefte hebben aan zorg of ondersteuning.
Beleidskaders om rekening mee te houden Deze woonzorgvisie staat niet op zichzelf. Er zijn veel raakvlakken met andere beleidsdomeinen en bestaande visies. Bij het bepalen van onze visie, maar zeker ook in de dagelijkse uitvoering houden we rekening met de relevante uitgangspunten van deze en andere beleidskaders. Deze woonzorgvisie vormt de verbinding tussen de Woonvisie en de Kadernota Sociaal Domein van de gemeente Voorst. Daarnaast houden we ook rekening met de regionale ontwikkelvisie Samen voor Sallandse Zorg en de landelijke programma’s Een thuis voor iedereen en Wonen en zorg voor ouderen.
Huisvestingsopgave In 2022 is onderzoek gedaan naar de verwachte vraag naar verschillende vormen van wonen met zorg in de gemeente Voorst. Hierbij wordt een onderscheid gemaakt tussen verschillende doelgroepen en woonvormen. Een toelichting op de woonvormen die worden onderscheiden, is te vinden in onderstaand kader.
285.114 | Samen zorgen dat iedereen fijn woont
4
Woonvormen Regulier wonen: ‘Gewone’, niet-geclusterde woning. Het gaat hierbij zowel om gezinswoningen als om appartementen of studio’s. Geclusterd wonen voor ouderen: Een clustering van levensloopgeschikte woningen (evt. met een seniorenlabel) met een mogelijkheid voor ontmoeten (ontmoetingsruimte, recreatievoorziening of buitenruimte voor gezamenlijk gebruik) inpandig of in de directe woonomgeving (500 meter). Intramuraal PG/SOM: Wooneenheden in een verpleeghuis of een woonzorgcentrum voor mensen met dementie (PG) of somatische problematiek (SOM) Geclusterd wonen: Woonvorm voor bewoners met een (verstandelijke en/of lichamelijke) beperking, waar 24 uur per dag begeleiding aanwezig of oproepbaar is. Binnen ‘geclusterd wonen’ komt groepswonen voor (waarbij de bewoner een kamer heeft en voorzieningen zoals een keuken en woonkamer deelt met andere bewoners), maar ook geclusterde appartementen waarbij de bewoners eigen voorzieningen hebben. Gespikkeld wonen: Wonen bij een zorgaanbieder in een niet-geclusterde woning in de nabijheid van een woonvorm waarvandaan zorg en begeleiding geboden kan worden.
Ouderen De groep ouderen in de gemeente Voorst zal in de komende jaren sterk gaan groeien: tussen 2022 en 2040 groeit de groep 65+ huishoudens van 3.900 naar 5.500. Verreweg het grootste deel van deze ouderen woont in een reguliere woning. Het rijksbeleid is er op gericht om mensen met een zorgvraag zo lang mogelijk zelfstandig te laten wonen. Toch zien we – door de sterke vergrijzing – ook de vraag naar plekken voor intensieve (al dan niet intramurale) zorg in de komende jaren toenemen: van 140 plekken in 2021 naar 190 tot 230 in 2040. Daarnaast zien we een sterke stijging van de vraag naar ‘geclusterd wonen voor ouderen’: bedoeld voor ouderen met én zonder zorgvraag die graag samen met anderen willen wonen in een min of meer beschutte omgeving. De verwachting is dat de vraag naar dergelijke woonvormen zal toenemen van 510 wooneenheden in 2021 naar 740 tot 920 in 2040. Mensen met een verstandelijke beperking Voorst vervult van oudsher een bovenlokale functie waar het gaat om het huisvesten van mensen met een verstandelijke beperking; de gemeente kent een aantal grote instellingen. Het aantal woonplekken in instellingen in Voorst volstaat voor de toekomstige vraag, als we ervan uitgaan dat de trend dat mensen met een beperking vaker blijven wonen in de gemeente van herkomst doorzet.
Ook vraag en aanbod aan plekken voor ‘gespikkeld wonen’ (wonen in de nabijheid van een instelling) voor mensen met een beperking zijn op dit moment met elkaar in balans; vanwege een stijgende vraag naar dit soort woonplekken zal daar op termijn een (bescheiden) tekort ontstaan. Uitstromers vanuit Beschermd Wonen en jeugdzorg De jaarlijkse uitstroom vanuit voorzieningen voor Beschermd Wonen naar een andere woonplek in de gemeente Voorst is 7 à 9 mensen. Daarnaast zijn er jaarlijks circa 2 tot 4 kwetsbare jongeren die vanuit een jeugdzorginstelling, gezinshuis of pleeggezin uitstromen richting geclusterd begeleid wonen of zelfstandig wonen in de gemeente Voorst. Overige aandachtsgroepen In het landelijk Programma Een Thuis voor Iedereen en de nieuwe Wet Regie op de Volkshuisvesting worden, naast bovengenoemde groepen, nog meer ‘aandachtsgroepen’ omschreven die een plek moeten
285.114 | Samen zorgen dat iedereen fijn woont
5
krijgen in de woon- dan wel woonzorgvisie: vergunninghouders, (dreigend) dak- en thuislozen, studenten, arbeidsmigranten en woonwagenbewoners. De gemeentelijke taakstelling voor vergunninghouders fluctueert sterk, afhankelijk van het aantal vluchtelingen dat naar Nederland komt en een verblijfsvergunning krijgt. We gaan voor de komende jaren uit van een aantal van 30 tot 50 personen per jaar, wat een woningvraag betekent van 12 tot 20 woningen op jaarbasis. De omvang van de groep (dreigend) dak- en thuislozen die woonruimte zoekt in Voorst is lastig te bepalen. De omvang van de groep daklozen die zich vanuit Voorst meldt bij de maatschappelijke opvang is zeer klein; wel zijn er zogenaamde ‘spoedzoekers’: mensen met een urgente woonvraag als gevolg van bijvoorbeeld een scheiding. Hoe groot deze groep is in Voorst, is echter niet bekend. Deze woonzorgvisie gaat niet in op andere aandachtsgroepen zoals arbeidsmigranten, studenten en woonwagenbewoners. Deze worden, voor zover relevant voor Voorst, meegenomen in de actualisatie van de woonvisie. Samengevat Onderstaande tabel toont de huisvestingsopgave per doelgroep voor de komende jaren, zoals die blijkt uit de woonzorganalyse van 2022.
Totale vraag naar woningen en woonzorgplekken Ouderen Geclusterd wonen Wlz-zorg SOM (intramuraal) *) Wlz-zorg PG (intramuraal) *) Mensen met een verstandelijke beperking (Wlz) Geclusterd wonen Gespikkeld wonen Zelfstandig (niet bij zorgaanbieder) Bron: Woonzorganalyse gemeente Voorst, 2022
Huidig aanbod 645 135 440 15 ?
Vraag 2025
Vraag 2030
Vraag 2040
570 - 600 50 - 60 90 - 100
640 – 710 50 - 60 100 - 110
740 – 920 60 - 80 130 - 150
420 - 445 15 100
425 - 465 15 - 20 105
425 - 495 15 - 35 105
*) Het Rijksbeleid zet er op in om het huidig aantal intramurale plekken niet te laten stijgen. De stijging van de vraag zoals die uit deze tabel blijkt, zal waarschijnlijk grotendeels in ‘geclusterd wonen’ moeten worden opgevangen. Jaarlijkse woningvraag uitstromers en statushouders
Wooneenheden per jaar
Uitstromers vanuit Beschermd Wonen Uitstromers vanuit jeugdzorg met verblijf Statushouders Spoedzoekers en (dreigend) daklozen
7-9 2-4 12 – 20 Niet bekend
Wat is er nog meer nodig, naast voldoende en passende woonruimte? Om ervoor te zorgen dat mensen met een zorg- of ondersteuningsbehoefte prettig kunnen wonen in de gemeente, is ook aandacht nodig voor de woonomgeving. Een goed toegankelijke omgeving die uitnodigt tot bewegen en ontmoeten, stimuleert mensen om actief te blijven. Een goed voorzieningenniveau in de kernen zorgt ervoor dat mensen dicht bij huis anderen kunnen ontmoeten, boodschappen kunnen doen en medische zorg kunnen ontvangen.
285.114 | Samen zorgen dat iedereen fijn woont
6
Daarnaast vraagt de ontwikkeling van ‘langer thuis wonen’ uiteraard om een goed aanbod aan zorg en ondersteuning in die thuissituatie. Om ook in de toekomst te kunnen waarborgen dat mensen die professionele zorg nodig hebben die kunnen krijgen, is het van belang om in te zetten op preventie en ‘positieve gezondheid’, zodat mensen pas in een later stadium een beroep doen op professionele zorg. Daarnaast is het van belang dat zorg zo efficiënt mogelijk wordt ingezet. Zorgtechnologie kan hier een belangrijke rol bij spelen. De ontwikkelingen vragen daarnaast ook iets van de samenleving als geheel: om ervoor te zorgen dat iedereen goed mee kan doen, moeten we niet alleen aandacht hebben voor de zelfredzaamheid van onze inwoners, maar ook stimuleren dat inwoners elkaar helpen – dus samenredzaam worden. Hiervoor is het belangrijk dat inwoners elkaar kennen en kunnen ontmoeten. Hier ligt ook een belangrijke rol voor het welzijnswerk.
285.114 | Samen zorgen dat iedereen fijn woont
7
Onze ambities De belangrijkste ambitie luidt: “Inwoners met en zonder zorgvraag worden ondersteund in het zelfstandig wonen, zonder de uitvoering hierin over te nemen van mensen.” De gemeente wil hier met haar maatschappelijke partners en inwoners aan werken volgens de volgende algemene uitgangspunten: 1. We maken gebruik van de aanwezige kracht in de dorpen en vullen daar als gemeente en professionele partijen op aan. We doen een moreel appel op inwoners om elkaar te helpen waar nodig. Voor mensen die door omstandigheden niet op eigen kracht kunnen zorgen voor hun eigen welbevinden, organiseren we een vangnet. 2.
Gemeente, corporaties, zorg- en welzijnspartijen zorgen met elkaar en in samenwerking met inwoners voor een passend woning-, diensten- en voorzieningenaanbod voor inwoners met een zorgvraag. Zo kunnen zij zo lang mogelijk in hun eigen omgeving blijven wonen.
De algemene uitgangspunten zijn verwerkt in vijf speerpunten. Per speerpunt is, in samenspraak met samenwerkingspartners van de gemeente, een aantal ambities opgesteld.
Speerpunt 1: Voldoende passende woningen en woonvormen Onze ambities in het kort: 1. Passende woningen voor iedereen 2. We sluiten zo goed mogelijk aan bij de wensen van inwoners, maar gaan ook het eerlijke gesprek aan met inwoners over de grenzen van wat mogelijk is. 3. Geclusterd wonen voor ouderen met een intensieve zorgvraag toevoegen; vooral in Twello en Voorst. 4. Voldoende woonruimte voor aandachtsgroepen, waaronder uitstromers uit beschermd wonen en opvangvoorzieningen.
Speerpunt 2: Een geschikte woonomgeving Onze ambities in het kort: 1. Een toegankelijke woonomgeving die ontmoeting stimuleert. 2. Optimaal gebruik maken bestaande voorzieningen
Speerpunt 3: Samen leven, informele zorg en noaberschap Onze ambities in het kort: 1. Niemand is eenzaam 2. We ondersteunen mantelzorgers 3. Inzetten op versterking van noaberschap
285.114 | Samen zorgen dat iedereen fijn woont
8
Speerpunt 4: Voldoende zorg voor wie dat nodig heeft Onze ambities in het kort: 1. Zorgen dat mensen die echt zorg nodig hebben, die ook krijgen 2. Ontlasten zorgpersoneel
Speerpunt 5: Samenwerking Onze ambities in het kort: 1. Intensieve samenwerking 2. Monitoring
285.114 | Samen zorgen dat iedereen fijn woont
9
1 Inleiding, beleidskaders en opgaven 1.1 Inleiding In de afgelopen jaren is er veel veranderd in de wereld van wonen en zorg. De ingezette extramuralisering is verder doorgevoerd, waardoor steeds meer mensen met een zorgvraag langer zelfstandig blijven wonen. De Wet Langdurige Zorg (Wlz) en de (vernieuwde) Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) zorgden voor een decentralisatie van met name ondersteuningstaken vanuit het rijk naar de gemeenten. Nu het stof van deze wijzigingen langzamerhand is neergedaald, is de vraag relevant hoe de gemeente aansluitend bij de positie en structuur in de kernen – kan komen tot een aanpak waarbij inwoners worden ondersteund in het zelfstandig wonen met een zorgvraag, zonder de uitvoering hierin over te nemen van mensen. Dit is aanleiding voor de gemeente om de woonzorgvisie van 2015 te actualiseren. Hiervoor is in 2022 een nieuwe analyse uitgevoerd van de huidige en verwachte vraag naar wonen met zorg voor verschillende doelgroepen. Op basis van deze analyses zijn gesprekken gevoerd met samenwerkingspartners over de gewenste ontwikkelrichting en uitgangspunten voor beleid. De uitkomsten van de analyse en deze gesprekken vormen samen de basis voor deze visie.
1.2 Beleidskaders om rekening mee te houden Deze woonzorgvisie staat niet op zichzelf. Er zijn veel raakvlakken met andere beleidsdomeinen en bestaande visies. Bij het bepalen van onze visie, maar zeker ook in de dagelijkse uitvoering houden we rekening me de relevante uitgangspunten van deze en andere beleidskaders. In de Woonvisie Aantrekkelijk Voorst 2025 geeft de gemeente het woonbeleid vorm. In de Kadernota Sociaal Domein 2020-2024 geeft de gemeente aan hoe ze ervoor wil zorgen dat inwoners met een zorg- of ondersteuningsvraag volwaardig mee kunnen doen in de samenleving. Beide documenten hebben raakvlakken met langer zelfstandig wonen voor mensen met een zorgvraag. Daarnaast is er landelijk beleid op het gebied van wonen en zorg dat van invloed is op de inrichting van het woonzorglandschap van de komende jaren. Relevant in dit kader zijn met name het Integraal Zorgakkoord (IZA), het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA), het Programma Een thuis voor Iedereen en het Programma Wonen en Zorg voor ouderen (WOZO).
Woonvisie Aantrekkelijk Voorst 2025 In de Woonvisie Aantrekkelijk Voorst 2025 is het fundament gelegd voor de aanpak van langer zelfstandig wonen. In de woonvisie is een aantal strategische keuzes gemaakt voor het wonen in de gemeente Voorst. De relevante keuzes voor wonen en zorg zijn: • De gemeente biedt ruimte aan kleinschalige initiatieven en experimenten met nieuwe woonvormen. Voorbeelden zijn CPO-projecten, verticale woningsplitsing in de kleine kernen of woonzorgconcepten. De nadruk ligt hierbij op kleinschaligheid, maatwerk en inbreiding. • De meeste ouderen willen zolang mogelijk in hun huidige woning blijven wonen. We zetten in op het verbeteren van de informatievoorziening over woningaanpassingen en zorg aan huis. • Ouderen met een verhuiswens faciliteren we zo goed mogelijk. Zo stimuleren we ook doorstroming. Nieuwbouwlocaties in en rond het centrum van Twello zetten we bij voorkeur in voor de realisatie van (levensloopbestendige) woningen die onder andere geschikt zijn voor deze doelgroep, maar we kijken ook naar de mogelijkheden in andere kernen. Binnen de sociale voorraad maken we afspraken met
285.114 | Samen zorgen dat iedereen fijn woont
10
IJsseldal Wonen over het beschikbaar en aantrekkelijk houden en gericht toewijzen van geschikte ouderenwoningen. • We staan positief tegenover nieuwe, kleinschalige woon-zorginitiatieven en kiezen voor maatwerk. Het uitgangspunt is dat het gaat om kwalitatief hoogwaardige woonconcepten, die bij voorkeur invulling geven aan het hergebruiken van bestaande locaties. In de basis bedient dit een lokale vraag, maar het is ook inzetbaar voor bijvoorbeeld ouderen die willen terugkeren. • We leveren maatwerk voor het huisvesten van mensen met een zorgvraag, afgestemd op de (zorg)behoefte van onze inwoners.
Kadernota Sociaal Domein In de Kadernota Sociaal Domein 2020-2024 heeft de gemeente de ambitie geformuleerd dat alle Voorstenaren volwaardig mee kunnen doen in de samenleving en zorgen voor elkaar. De opgaven en ambities zijn in de Kadernota gebundeld in vijf thema’s, die alle een link hebben met de woonzorgvisie: • Gezondheid: ouderen worden gezond oud en voeren eigen regie. • Leefbaarheid: de leefbaarheid is in alle kernen goed, door onder andere de inzet van vrijwilligers. • Meedoen: iedereen kan en doet mee in de samenleving en niemand is eenzaam • Leren en Ontwikkelen: het normaliseren van opvoedproblemen en de ontwikkeling van kinderen in het onderwijs • Zorg en Zelfredzaamheid: inwoners ontvangen de ondersteuning, hulp en zorg die ze nodig hebben en in de juiste woonomgeving. Daarbij kunnen we niet zonder mantelzorgers, die alle steun krijgen. De uitgangspunten uit de Kadernota zijn onverkort van toepassing op deze woonzorgvisie.
Regionale ontwikkelvisie Samen voor Sallandse Zorg Binnen het programma Samen voor Sallandse Zorg werken zorgaanbieders, gemeenten en het zorgkantoor in de regio Midden-IJssel samen aan uitdagingen in de langdurige zorg. De gemeente Voorst is hier ook bij aangesloten. In de regionale visie (2020) zijn zes bouwstenen benoemd die aangeven wat belangrijk is voor de zorgaanbieders in het werkgebied van Zorgkantoor Midden IJssel: • Netwerk samenwerking & infrastructuur • Arbeidsmarkt • Leren & Ontwikkelen • Innovatie • Passende zorg • Preventie Voor alle bouwstenen zijn doelen en resultaten geformuleerd. Bij het opstellen van deze woonzorgvisie hebben we de voor Voorst meest relevante punten uit de regionale visie meegenomen.
Landelijk beleid Landelijk werkt het ministerie van BZK aan een ‘Nationale Woon- en Bouwagenda’, met als centrale ambitie de bouw van 900.000 woningen tot en met 2030. De Agenda bestaat uit een zestal programma’s. Voor de woonzorgvisie zijn met name de volgende twee daarvan relevant: • Het programma Een thuis voor iedereen (2022). Doel is te zorgen voor voldoende betaalbare woningen voor alle aandachtsgroepen 1 met waar nodig de juiste zorg, ondersteuning en begeleiding. Het opstellen van een woonzorgvisie wordt verplicht voor gemeenten, net als het opstellen van een 1
In het Programma Een Thuis voor Iedereen worden de volgende ‘aandachtsgroepen’ onderscheiden: uitstromers uit instellingen (BW, MO, jeugdzorg), uitstromers uit detentie en forensische zorg, stoppende sekswerkers, mantelzorgverleners en -ontvangers en mensen met een lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke beperking of psychische kwetsbaarheid, (dreigend) dakloze mensen, arbeidsmigranten, studenten en woonwagenbewoners.
285.114 | Samen zorgen dat iedereen fijn woont
11
•
huisvestingsverordening met afspraken over urgentieverlening in de sociale huur. Het programma stelt dat elke gemeente op termijn moet toegroeien naar een ‘fair share’ van minimaal 30 procent sociale huurwoningen in de totale bestaande woningvoorraad; Het programma Wonen en zorg voor ouderen (2022). Doel is dat ouderen in een geschikte woning en leefomgeving kunnen wonen en kunnen verhuizen als ze dat willen. Om dat te realiseren moet er, gelet op de vergrijzing, veel voor ouderen worden gebouwd. Door aantrekkelijke woningen voor ouderen te bouwen, kan de doorstroming op de woningmarkt in gang gezet worden. Het programma stelt dat tot 2030 30% van de 900.000 nieuwbouwwoningen bestemd moet zijn voor ouderen.
Naast bovengenoemde programma’s zijn ook het Programma Wonen, Ondersteuning en Zorg voor ouderen (WOZO, 2022) en het Integraal Zorg Akkoord (IZA, 2022) van het ministerie van VWS relevant. Uitgangspunt van WOZO is: ‘Zelf als het kan, thuis als het kan, digitaal als het kan’. Ondanks de verwachte stijging van de vraag naar intensieve zorg voor ouderen is het uitgangspunt dat er geen intramurale plekken bij komen in de komende jaren; deze zorg moet dus worden geleverd in zelfstandige woningen. Het Integraal Zorg Akkoord (IZA) is er op gericht om de zorg voor alle Nederlanders toegankelijk, kwalitatief goed en betaalbaar houden. Om een beroep op professionele zorg te voorkomen wordt de komende jaren ingezet op preventie (gezonde leefstijl en versterken zelfredzaamheid). Het akkoord formuleert een aantal uitgangspunten voor ‘passende zorg’: deze is aantoonbaar effectief en wordt doelmatig ingezet, is gericht op gezondheid in plaats van op ziekte en wordt geleverd ‘op de juiste plek’.
1.3 Omvang van de (toekomstige) huisvestingsopgave Doelstelling van het landelijke programma Een thuis voor iedereen is dat alle ‘aandachtsgroepen’ een woning kunnen vinden. Voor deze woonzorgvisie zijn met name de volgende aandachtsgroepen relevant: ouderen, mensen met een beperking of psychische kwetsbaarheid, uitstromers uit instellingen (BW, MO, jeugdzorg), vergunninghouders (vluchtelingen met een verblijfsstatus) en dak- en thuislozen. Het landelijk programma benoemt daarnaast ook arbeidsmigranten, studenten en woonwagenbewoners als aandachtsgroep. Deze groepen laten we in dit stuk buiten beschouwing, aangezien het niet gaat om mensen met een zorgvraag. Deze andere groepen worden, voor zover relevant voor Voorst, meegenomen in de actualisatie van de woonvisie.
Ouderen De groep ouderen in de gemeente Voorst zal in de komende jaren sterk gaan groeien: tussen 2022 en 2040 groeit de groep 65+ huishoudens van 3.900 naar 5.500. Verreweg het grootste deel van deze ouderen woont in een reguliere woning. Het rijksbeleid is er ook op gericht om mensen met een zorgvraag zo lang mogelijk zelfstandig te laten wonen. Toch zien we – door de sterke vergrijzing – ook de vraag naar intramurale zorg en geclusterd wonen voor ouderen in de komende jaren toenemen. In de komende jaren zien we een groeiende vraag naar geclusterd wonen voor ouderen en een licht groeiende vraag naar intramurale voorzieningen. • Voor mensen met een Wlz-indicatie vanwege een psychogeriatrische (PG) zorgvraag zijn er momenteel genoeg plekken in intramurale voorzieningen. Richting 2040 ontstaat een tekort aan intramurale plekken voor deze groep van 45 tot 65. • Voor mensen met een Wlz-indicatie vanwege somatische klachten (SOM) zijn er op dit moment ook genoeg intramurale plekken. Richting 2040 ontstaat een tekort van 10 tot 30 plekken.
285.114 | Samen zorgen dat iedereen fijn woont
12
• Voor ouderen zonder of met een lichte zorgvraag die behoefte hebben aan geclusterd wonen, voldoet het huidige aanbod aan de huidige vraag. In de periode tot 2040 ontstaat wel een tekort; afhankelijk van het gehanteerde scenario bedraagt het tekort in dat jaar 95 tot 275 wooneenheden. In bijna alle kernen is een huisvestingsopgave voor de komende jaren. • De meeste ouderen blijven het liefste in hun eigen dorp wonen, ook als zij gaan verhuizen. Niet in alle kernen is echter geschikt aanbod voor ouderen met een zorgvraag. Als het streven is om in alle deelgebieden van de gemeente voldoende aanbod te hebben aan geclusterd wonen voor ouderen, dan betekent dat vooral een uitbreidingsopgave in de gebieden Terwolde, Klarenbeek en Wilp. De kleinere kernen lenen zich minder voor nieuwbouw van geclusterd wonen voor ouderen, vanwege het gebrek aan voor ouderen belangrijke voorzieningen. • Ook de vraag naar intramurale zorgplekken neemt in de kleine kernen toe, maar dit gaat om kleine aantallen. De vraag is dan ook of het realistisch is om hier aanbod voor te realiseren. Mogelijk biedt de combinatie met andere doelgroepen hier kansen. • In Voorst en Twello volstaat het huidige aanbod aan zowel geclusterd wonen als intramurale zorg voor de toekomstige vraag vanuit deze dorpen zelf.
Om de stijgende vraag naar woonvormen voor mensen met een intensieve zorgvraag vanuit de omliggende dorpen te kunnen bedienen, zal het aanbod van dit soort plekken in Twello en Voorst wel moeten worden uitgebreid.
Mensen met een (verstandelijke) beperking • Op dit moment is de vraag naar geclusterde woonvormen voor mensen met een verstandelijke beperking in balans met het aanbod. Volgens de basisprognose ontstaat er een tekort van 60 plekken in 2040. Als we alleen kijken naar de lokale behoefte vanuit Voorst, dan volstaat het huidige aanbod. • Vraag en aanbod aan ‘gespikkeld wonen’ zijn op dit moment met elkaar in balans. Naar verwachting zullen steeds meer mensen met een beperking zelfstandig willen wonen; er ontstaat daarmee een (beperkte) uitbreidingsvraag voor woningen die liggen in de nabijheid van een woonvoorziening.
(Uitstromers uit) Beschermd Wonen en jeugdzorg • De huidige vraag naar plekken voor Beschermd Wonen in de gemeente Voorst is in lijn met het huidige aanbod. • De jaarlijkse uitstroom vanuit Beschermd Wonen naar een andere woonplek in de gemeente Voorst is 7 à 9 mensen. Een groot gedeelte hiervan heeft behoefte aan een zelfstandige woning. Hoe groot de jaarlijkse uitstroom exact zal zijn, is onder meer afhankelijk van de effecten van de inzet op preventie (wie niet instroomt in een voorziening, hoeft ook niet uit te stromen) en ambulantisering (meer mensen krijgen begeleiding in de thuissituatie). • Jaarlijks stromen circa 2 tot 4 kwetsbare jongeren vanuit een jeugdzorginstelling, gezinshuis of pleeggezin uit naar geclusterd begeleid wonen of zelfstandig wonen in de gemeente Voorst. • Sommige jongeren zijn op hun 18e nog niet toe aan volledig zelfstandig wonen. De gemeente gaat in gesprek met de zorgaanbieders over een perspectiefplan, zodat het verblijf na de 18e verjaardag goed georganiseerd is.
285.114 | Samen zorgen dat iedereen fijn woont
13
Overige aandachtsgroepen • De gemeentelijke taakstelling voor vergunninghouders fluctueert sterk, afhankelijk van het aantal vluchtelingen dat naar Nederland komt en een verblijfsvergunning krijgt. De gemiddelde taakstelling voor de huisvesting van statushouders in de gemeente Voorst was in de afgelopen 10 jaar 30 personen per jaar. Gezien de sterke fluctuatie lijkt het verstandig om uit te gaan van een bandbreedte, van 30 tot 50 personen per jaar. Uitgaande van een gemiddelde huishoudensgrootte van 2,5 personen, ligt de jaarlijkse vraag naar woningen voor statushouders hiermee tussen de 12 en 20 woningen. • De omvang van de groep (dreigend) dak- en thuislozen die woonruimte zoekt in Voorst is lastig te bepalen. De omvang van de groep daklozen die zich vanuit Voorst meldt bij de maatschappelijke opvang is zeer klein; wel zijn er zogenaamde ‘spoedzoekers’: mensen met een urgente woonvraag als gevolg van bijvoorbeeld een scheiding. Hoe groot deze groep is in Voorst, is echter niet bekend. Samengevat Onderstaande tabel toont de huisvestingsopgave per doelgroep voor de komende jaren, zoals die blijkt uit de woonzorganalyse van 2022.
Totale vraag naar woningen en woonzorgplekken Ouderen Geclusterd wonen Wlz-zorg SOM (intramuraal) *) Wlz-zorg PG (intramuraal) *) Mensen met een verstandelijke beperking (Wlz) Geclusterd wonen Gespikkeld wonen Zelfstandig (niet bij zorgaanbieder) Bron: Woonzorganalyse gemeente Voorst, 2022
Huidig aanbod 645 135 440 15 ?
Vraag 2025
Vraag 2030
Vraag 2040
570 - 600 50 - 60 90 - 100
640 – 710 50 - 60 100 - 110
740 – 920 60 - 80 130 - 150
420 - 445 15 100
425 - 465 15 - 20 105
425 - 495 15 - 35 105
*) Het Rijksbeleid zet er op in om het huidig aantal intramurale plekken niet te laten stijgen. De stijging van de vraag zoals die uit deze tabel blijkt, zal waarschijnlijk grotendeels in ‘geclusterd wonen’ moeten worden opgevangen. Jaarlijkse woningvraag uitstromers en statushouders Uitstromers vanuit Beschermd Wonen Uitstromers vanuit jeugdzorg met verblijf Statushouders Spoedzoekers en (dreigend) daklozen
Wooneenheden per jaar 7-9 2-4 12 – 20 Niet bekend
1.4 Opgaven voor zorg en ondersteuning Op dit moment werkt 1 op de 7 mensen in Nederland in de zorg. Als de inrichting van de zorg zo blijft als nu dan moet dat in 2040 - vanwege de vergrijzing - zijn toegenomen tot 1 op de 4. Dat is niet realistisch; op dit moment is er al een groot tekort aan personeel in de zorg. In het Programma Wonen en Zorg voor Ouderen (WOZO) roept minister Helder daarom op tot een andere blik op de zorg: ‘zelf als het kan, thuis als het kan en digitaal als het kan’. Daarmee bouwt ze voort op een ontwikkeling die al langer gaande is, waarbij ouderen steeds langer zelfstandig blijven wonen en alleen als de zorgvraag dat echt noodzakelijk maakt, naar een woonzorgcentrum of verpleeghuis gaan. ‘Omzien naar elkaar’ wordt steeds belangrijker aangezien niet elke hulpvraag meer door professionele zorgverleners kan worden ingevuld.
285.114 | Samen zorgen dat iedereen fijn woont
14
De komende jaren zal het aantal mensen met een zorgvraag dat woont in een reguliere woning in de wijk toenemen. Dat stelt eisen aan de woonomgeving in termen van toegankelijkheid en de spreiding van voorzieningen. Het is te verwachten dat een toenemend aantal ouderen een beroep zal doen op de gemeente voor een bijdrage voor een woningaanpassing en voor huishoudelijke ondersteuning. Daarnaast groeit de vraag naar tussenvormen voor ouderen tussen regulier wonen en het verpleeghuis in: geclusterde woonvormen waar mensen zorg kunnen krijgen vanuit de zorgverzekeringswet of een Volledig Pakket Thuis (Wlz). Of ouderen nu wonen in een reguliere woning of in een geclusterde woning; in beide gevallen betekent de groei van de groep thuiswonende ouderen een extra belasting voor de huisartsenzorg en de wijkverpleging. Niet alleen ouderen, maar ook andere mensen met een zorgvraag wonen steeds vaker ‘gewoon in de wijk’. Bijvoorbeeld mensen met een verstandelijke beperking of een psychische kwetsbaarheid. Om ervoor te zorgen dat zij zich hier goed kunnen redden, moet er een goed aanbod zijn aan ambulante begeleiding; daarnaast is aandacht nodig voor dagbesteding of werk en financiën. Contact met medebewoners is voor deze mensen minstens zo belangrijk als voor andere inwoners, maar het leggen van die contacten gaat niet altijd vanzelf - ook daar is dus vaak hulp bij nodig.
In gesprekken met medewerkers van de gemeente Voorst en verschillende stakeholders is gesproken over deze en andere ontwikkelingen die spelen in de wereld van wonen, zorg en welzijn. Uit deze gesprekken kwamen de volgende aandachtspunten naar voren voor de woonzorgvisie: • Het is van belang om heldere eisen te stellen voor nieuwbouw, om hoge kosten voor woningaanpassingen te voorkomen en te waarborgen dat geclusterde woonvormen voor zorgvragers op de juiste locaties worden gebouwd • Een efficiënte inrichting van de zorg vraagt om clustering van mensen met een zorgvraag en om inzet van technologie • Doorstroming ouderen naar een geschiktere woning komt niet vanzelf op gang • Er is aandacht nodig voor welzijn, zingeving en het voorkomen van eenzaamheid onder mensen met een zorg-of ondersteuningsvraag • De groei van de groep gepensioneerden betekent ook een groei van de groep potentiële vrijwilligers • Mantelzorgers moeten ondersteund worden om hun taken vol te houden • Er moeten voldoende mogelijkheden zijn voor uitstroom vanuit beschermd wonen, opvang en jeugdzorg • Een eigen plek is de basis voor herstel voor uitstromers; aandacht voor een goede landing in de wijk is daarbij essentieel • Naast mogelijkheden voor uitstroom is er aandacht nodig voor preventie van dak- en thuisloosheid
285.114 | Samen zorgen dat iedereen fijn woont
15
2 Visie Uitgangspunten De belangrijkste ambitie van deze woonzorgvisie luidt: “Inwoners met en zonder zorgvraag worden ondersteund in het zelfstandig wonen, zonder de uitvoering hierin over te nemen van mensen.” Om mensen met een zorgvraag goed en prettig te laten wonen in de gemeente is meer nodig dan alleen voldoende passende woningen; het gaat ook om een passend aanbod aan (informele) zorg en ondersteuning en mogelijkheden om andere inwoners te ontmoeten. De gemeente wil hier met haar maatschappelijke partners en inwoners aan werken volgens de volgende algemene uitgangspunten: 1.
We maken gebruik van de aanwezige kracht in de dorpen en vullen daar als gemeente en professionele partijen op aan. We doen een moreel appel op inwoners om elkaar te helpen waar nodig. Voor mensen die door omstandigheden niet op eigen kracht kunnen zorgen voor hun eigen welbevinden, organiseren we een vangnet.
2.
Gemeente, corporaties, zorg- en welzijnspartijen zorgen met elkaar en in samenwerking met inwoners voor een passend woning-, diensten- en voorzieningenaanbod voor inwoners met een zorgvraag. Zo kunnen zij zo lang mogelijk in hun eigen omgeving blijven wonen.
Deze algemene uitgangspunten zijn, in samenspraak met samenwerkingspartners, verwerkt in vijf speerpunten: 1. 2. 3. 4. 5.
Voldoende passende woningen en woonvormen Een geschikte woonomgeving Samen leven, informele zorg en noaberschap Voldoende zorg voor wie dat nodig heeft Samenwerking
Per speerpunt is een aantal ambities opgesteld. Vanuit daar is een voorzet gegeven voor het uitvoeringsprogramma dat de gemeente wil opstellen.
285.114 | Samen zorgen dat iedereen fijn woont
16
Uitwerking van de speerpunten Speerpunt 1: Voldoende passende woningen en woonvormen Onze ambities in het kort: 1. Passende woningen voor iedereen. 2. We sluiten zo goed mogelijk aan bij de wensen, maar we gaan het eerlijke gesprek aan met de inwoners over de grenzen van wat mogelijk is. 3. Geclusterd wonen voor ouderen met een intensieve zorgvraag toevoegen; vooral in Twello en Voorst. 4. Voldoende woonruimte voor aandachtsgroepen, waaronder uitstromers uit beschermd wonen en opvangvoorzieningen.
1. We zorgen ervoor dat zoveel mogelijk ouderen en andere mensen met een zorgvraag in een passende woning wonen. We breiden het aanbod aan geschikte en geclusterde woningen voor ouderen uit. Ouderen blijven steeds langer vitaal en tot op hoge leeftijd in hun vertrouwde woning wonen. Toch verwachten we, vanwege de sterke vergrijzing, een stijging van de vraag naar specifieke woonvormen voor ouderen - zowel voor mensen met een (intensieve) zorgvraag als voor mensen die nog geen, of een lichtere zorgvraag hebben. De gemeente biedt daarom ruimte aan initiatieven voor (een grotere verscheidenheid aan) woonvormen voor ouderen en mensen met een zorgvraag, onder andere in hofjes en kleinschalige complexen met levensloopbestendige appartementen (geclusterd wonen). We doen dit in alle kernen met een voldoende voorzieningenniveau. Daarnaast kijken de gemeente, woningcorporaties en ontwikkelaars samen waar kansen liggen om een deel van de uitbreidingsopgave geclusterd wonen voor ouderen in bestaande bouw te realiseren (bijvoorbeeld door toevoegen ontmoetingsruimte en aanpassing woningen om deze levensloopgeschikt te maken). Voor mensen met een (verstandelijke of lichamelijke) beperking staat de gemeente open voor lokale huisvestingsinitiatieven voor geclusterd wonen. 2.
We sluiten zo goed mogelijk aan bij de wensen van onze inwoners, maar gaan ook het eerlijke gesprek aan over de grenzen van wat kan in tijden van personeelskrapte en knellende budgetten. We ondersteunen en ontzorgen ouderen die willen doorstromen naar een geschiktere woning én denken mee met mensen die zo lang mogelijk in hun huidige huis willen blijven wonen over mogelijkheden om dit te doen. Door het realiseren van meer en diversere woonvormen voor ouderen hopen wij hen te verleiden om te verhuizen naar een geschiktere woning. Wij onderzoeken welke doorstroommaatregelen we willen inzetten om ouderen te helpen en ontzorgen bij de stap naar een plek die past bij hun levensfase. De personeelskrapte in de zorg leidt er toe dat naar verwachting in de toekomst niet meer op alle plekken in de gemeente thuiszorg beschikbaar zal zijn. Ouderen moeten daarom tijdig nadenken over hoe zij willen
285.114 | Samen zorgen dat iedereen fijn woont
17
wonen als zij zorgbehoevend worden. Vanuit de gemeente leveren wij een bijdrage aan die bewustwording, en vertellen we het eerlijke verhaal: soms is verhuizen niet alleen de beste, maar ook de enige optie. 3. Uitbreiding van het aanbod aan woonvormen voor ouderen met een intensieve zorgvraag wordt in Twello en Voorst geconcentreerd; het huidige aanbod buiten deze kernen kan blijven bestaan. Om de kosten van de zorg beheersbaar te houden, is het rijksbeleid er op gericht om de verpleeghuiscapaciteit stabiel te houden - ondanks de stijging van de vraag naar intensieve zorg (Wlz). Dat betekent dat deze zorg vaker extramuraal geboden moet worden. Gezien de krapte op de arbeidsmarkt zal intensieve zorg op termijn vooral in geclusterde woonvormen geboden worden. De gemeente biedt daarom ruimte aan initiatieven voor uitbreiding van het aanbod aan geclusterd wonen met VPT-zorg voor ouderen. Zorgaanbieders geven aan dat een zekere schaalgrootte nodig is om de zorg efficiënt te kunnen leveren. Dit is het gemakkelijkst te realiseren in de grotere kernen Voorst en Twello. We sluiten initiatieven in andere kernen echter niet op voorhand uit; als een initiatiefnemer aannemelijk kan maken dat ook op een andere locatie op een goede manier zorg verleend kan worden, dan staan we hier als gemeente ook voor open. 4.
We zorgen voor voldoende woonruimte voor aandachtsgroepen, waaronder mensen die kunnen uitstromen vanuit een instelling. Voor het faciliteren van uitstroom vanuit Beschermd Wonen, opvang en jeugdzorgvoorzieningen continueren we de Opstapregeling (inclusief afspraken over zorgverlening na uitstroom en het zorgen voor een ‘zachte landing’ in de wijk). We gaan het gesprek aan in de regio over het gelijktrekken van de voorwaarden om voor een woning in aanmerking te komen in alle gemeenten. Daarnaast zorgen we voor voldoende woonruimte voor mensen met een medische of sociale urgentie, ‘spoedzoekers’ en vergunninghouders. Hiermee sluiten we aan bij het Programma Een thuis voor iedereen. Regels omtrent de huisvesting van deze aandachtsgroepen (o.a. ten aanzien van urgentie) leggen we vast in een huisvestingsverordening. Voor de huisvesting van aandachtsgroepen kijken we ook naar alternatieve woonvormen.
Speerpunt 2: Een geschikte woonomgeving Onze ambities in het kort: 1. Een toegankelijke woonomgeving die ontmoeting stimuleert en uitnodigt tot bewegen. 2. Optimaal gebruik maken van bestaande voorzieningen. 1. We creëren een woonomgeving die ontmoeten stimuleert en uitnodigt tot bewegen. De openbare ruimte is goed toegankelijk voor mensen met mobiliteitsproblemen of dementie. We streven in alle kernen van de gemeente naar een ‘toegankelijke’ en een ‘gezonde’ leefomgeving die uitnodigt tot bewegen en het ontmoeten van andere buurtbewoners. Hierbij sluiten we aan op de uitgangspunten van de Lokale Inclusie Agenda die door de gemeente wordt opgesteld, op de principes voor dementievriendelijke buurten (o.a. duidelijke brede looppaden met voldoende verlichting, voldoende bankjes als uitrustpunten) en het landelijke Gezond & Actief Leven Akkoord (GALA). Een van de doelen in het GALA is het bevorderen van de inrichting van een gezonde sociale en fysieke leefomgeving. Als gemeente ondersteunen we lokale wijk- of dorpsgebonden inwoners- en burgerinitiatieven gericht op samenleven en ontmoeten, zodat inwoners zich gesteund weten en in hun kracht blijven.
285.114 | Samen zorgen dat iedereen fijn woont
18
2. We maken optimaal gebruik van bestaande voorzieningen in de kernen. We stimuleren en ondersteunen dorpshuizen om een laagdrempelig activiteitenaanbod voor alle doelgroepen te bieden. Daarnaast stimuleren we de realisatie van nieuwe ontmoetingsruimtes in / bij geclusterde woonvormen voor mensen met een zorgvraag. We stimuleren dat nieuwe én bestaande ontmoetingsruimtes in geclusterde woonvormen ook een functie vervullen voor de omgeving.
Speerpunt 3: Samen leven, informele zorg en noaberschap Onze ambities in het kort: 1. Niemand is eenzaam 2. We ondersteunen mantelzorgers 3. Inzetten op versterking van noaberschap 1. We zorgen ervoor dat niemand er alleen voor komt te staan / zich eenzaam voelt Door vergrijzing en de toename van het aantal alleenstaanden is de kans groot dat ook het aantal mensen dat kampt met eenzaamheid toeneemt. Wooninitiatieven die gericht zijn op een mix van doelgroepen en leeftijden, en een mix van ‘zorgvragers’ en ‘zorgdragers’ kunnen bijdragen aan onderling contact en steun, en daarmee ook aan preventie van zwaardere zorg en ondersteuning. Dergelijke initiatieven krijgen daarom een streepje voor. Eenzaamheid is een speerpunt in de Kadernota Sociaal Domein. Daarom maken we afspraken met onze samenwerkingspartners over ieders rol en bijdrage aan het versterken van sociale cohesie en het verminderen van eenzaamheid. We stimuleren en faciliteren ook inwoners, (vrijwilligers)organisaties en sociaal ondernemers om activiteiten en diensten te organiseren die samenredzaamheid in onze dorpen, wijken en buurten bevorderen. We zorgen ook voor een goede vindbaarheid van organisaties en activiteiten voor professionals en inwoners (actuele sociale kaart, vindbaar via websites gemeenten en andere organisaties). 2.
We ondersteunen mantelzorgers zodat zij hun belangrijke taak kunnen blijven vervullen Mantelzorgers zullen een steeds grotere rol spelen in de zorg en ondersteuning. Om hen in staat te stellen om deze taak te kunnen vervullen, is een goed aanbod aan mantelzorgondersteuning essentieel. Het gaat daarbij onder meer om (vrijwillige) respijtzorg aan huis (vervangende mantelzorg) of logeerzorg zodat mantelzorgers even op adem kunnen komen, als ook om lotgenotencontact. Sommige mantelzorgers willen graag dicht bij degene wonen voor wie ze zorgen. Een mantelzorgwoning kan dan uitkomst bieden. Sommige oudere inwoners willen graag al voordat er sprake is van een (intensieve) zorgrelatie, dichter bij hun kinderen wonen. De gemeente verkent daarom de mogelijkheden om meer ruimte te bieden aan het plaatsen van preventieve, tijdelijke mantelzorgwoningen op het eigen erf. 3. We zetten in op het versterken van noaberschap om het beroep op professionele zorg uit te stellen of te beperken In de toekomst zal niet meer elke zorgvraag door professionals kunnen worden beantwoord. ‘Omzien naar elkaar’ wordt steeds belangrijker. Uitgangspunt van deze woonzorgvisie is dat de eigen kracht van de samenleving voorop staat. Mensen in de gemeente Voorst kennen elkaar en staan voor elkaar in, wat
285.114 | Samen zorgen dat iedereen fijn woont
19
we aanduiden als verbonden kernen. Hierbij sluiten we aan bij het Gezond & Actief Leven Akkoord (GALA). Een van de doelen in het GALA is het versterken van de sociale basis in wijken en buurten. Het is belangrijk dat ouderen zoveel mogelijk kunnen blijven wonen in eigen omgeving, omdat ze dan hebben bij hun bestaande netwerk. Daarom voegen we geschikt aanbod voor ouderen toe in de verschillende kernen (zie speerpunt 1). Daarnaast zorgen we ervoor dat ouderen zich tijdig voorbereiden op veranderingen in de wereld van wonen, welzijn en zorg. We voeren het gesprek met bewonersorganisaties (zoals ouderenbonden en dorpsbelangenverenigingen) over hoe we de soms vervelende boodschap dat professionele zorg niet altijd en niet overal beschikbaar zal zijn, moeten overbrengen aan onze inwoners. We gebruiken bestaande structuren in de kernen (bijvoorbeeld de dorpsbelangenverenigingen) om inwoners te informeren en te helpen om elkaar te ondersteunen. Waar nodig worden deze bestaande structuren ondersteund door professionele partijen.
Speerpunt 4: Voldoende zorg voor wie dat nodig heeft Onze ambities in het kort: 1. Zorgen dat mensen die echt zorg nodig hebben, die ook krijgen 2. Ontlasten zorgpersoneel 1. We zorgen ervoor dat mensen die echt zorg nodig hebben, die ook kunnen krijgen Om deze ambitie waar te kunnen maken, moeten we de zorg zorgvuldig en efficiënt inzetten. Dat is de reden waarom in het Integraal Zorg Akkoord wordt gesproken over ‘passende zorg’. In dat kader zetten we in op geclusterde woonvormen om de zorg zo efficiënt mogelijk te kunnen verlenen. Ook gaan we in gesprek met zorgaanbieders over hoe zorgvoorzieningen meer dan nu een functie kunnen vervullen voor de omliggende wijken (o.a. thuiszorg, geriatrisch team voor de wijk etc.). 2. We verkennen nieuwe mogelijkheden om het potentieel aan zorgverleners te vergroten en zorgpersoneel te ontlasten Aansluitend bij het Integraal Zorg Akkoord zetten we in op het doelmatig inzetten en zoveel mogelijk ontlasten van zorgprofessionals. De inzet van zorgtechnologie zoals domotica kan ervoor zorgen dat mensen langer zelfstandig kunnen functioneren en minder zorg van professionals nodig hebben. Dit is belangrijk in tijden van personeelskrapte. Ook intensievere samenwerking tussen zorgaanbieders kan helpen om de zorg efficiënter te organiseren.
Daarnaast is het de moeite waard om te onderzoeken of sommige handelingen die nu nog door zorgpersoneel worden uitgevoerd, ook door andere medewerkers of vrijwilligers kunnen worden uitgevoerd. Om het potentieel aan zorgmedewerkers te vergroten, gaan we in gesprek met partijen over de mogelijkheden om bijvoorbeeld langdurig werklozen of nieuwe Nederlanders om te scholen en in te zetten in de zorg. Met aanbieders van huishoudelijke ondersteuning voeren we een pilot uit met de inzet van robotstofzuigers.
285.114 | Samen zorgen dat iedereen fijn woont
20
Speerpunt 5: Samenwerking Onze ambities in het kort: 1. Intensieve samenwerking 2. Monitoring 1. Partijen werken intensief met elkaar samen om gezamenlijk te zorgen voor een passend woning-, diensten- en voorzieningenaanbod voor inwoners met een zorgvraag. De uitdagingen op het gebied van wonen, welzijn en zorg kunnen wij als gemeente niet alleen oplossen. Als gemeente willen we daarom intensief samenwerken met aanbieders en financiers van wonen, zorg en welzijn. Voortbouwend op deze woonzorgvisie werken we samen met partijen een uitvoeringsagenda uit met concrete activiteiten die bijdragen aan de hier geformuleerde ambities. In deze agenda krijgen zowel korte termijn acties (laaghangend fruit) als lange termijn acties een plek. We maken hierbij gebruik van de input die reeds is opgehaald bij onze samenwerkingspartners in het proces om te komen tot deze woonzorgvisie. De thema’s zorg en welzijn krijgen ook een plek in op te stellen dorpsvisies. 2. Partijen monitoren de voortgang van de gemaakte afspraken Door de snelle ontwikkelingen in de wereld van wonen, zorg en welzijn is het van belang om een goede vinger aan de pols te houden bij de uitvoering van de visie en het uitvoeringsprogramma.
De gemeente neemt daarom het initiatief tot een regelmatig overleg met de belangrijkste samenwerkingspartners op het gebied van wonen, zorg en welzijn: de corporatie, zorgorganisaties en de welzijnsorganisatie. In dit overleg bespreken we de voortgang van de activiteiten uit het uitvoeringsprogramma. Daarnaast benutten we het overleg om het effect van maatschappelijke ontwikkelingen en veranderende regelgeving op de (woon)zorgbehoefte te monitoren en de ambities bij te stellen als de werkelijkheid daarom vraagt.
Totstandkoming van de visie Om tot deze visie te komen, is in 2022 een aantal bijeenkomsten met maatschappelijke partners georganiseerd. Tijdens een eerste bijeenkomst zijn maatschappelijke trends en ontwikkelingen besproken die van invloed kunnen zijn op de toekomstige vraag naar vormen van wonen met zorg voor de verschillende doelgroepen. Op basis hiervan zijn aannames geformuleerd voor de prognoses. De resultaten van de analyses zijn in een tweede bijeenkomst besproken met betrokken partijen. In een derde en vierde bijeenkomst is met samenwerkingspartners gesproken over de visie en uitgangspunten voor het beleid in de komende jaren. In de bijlage is een lijst opgenomen met partijen die betrokken waren bij (één of meerdere van) deze bijeenkomsten.
285.114 | Samen zorgen dat iedereen fijn woont
21
Bijlage: betrokken partijen De volgende samenwerkingspartners hebben deelgenomen aan één of meerdere bijeenkomsten die zijn gehouden om input te verzamelen voor deze woonzorgvisie:
-
Adviesraad Sociaal Domein Gelder Thuiszorg Habion IJsseldal Wonen Pluryn, De Beele Riwis Sensire Stichting Mens en Welzijn Woonzorg Nederland Woonzorgcoöperatie Voorst en omgeving Zorgkantoor ENO Zorgresidentie Zonneburg
-
Zozijn
285.114 | Samen zorgen dat iedereen fijn woont
22