Raadsvoorstel verlenging voorkeursrecht Engelenburg West
Tekst van het document
Voorstel aan de gemeenteraad
26 augustus 2025
Onderwerp:
voorstel tot verlenging van het voorkeursrecht Engelenburg-West gelegen aan de westkant van bedrijventerrein Engelenburg in Twello ingevolge artikel 9.1. lid 1 onder c van de Omgevingswet
Nummer: 845399
Programma:
3. Bedrijvig Voorst
Openbaar
Voorstel van het college 1. De locatiestudie nieuw bedrijventerrein (bijlage 1) vaststellen. 2. Op grond van artikel 9.1. lid 1 onder c van de Omgevingswet een voorkeursrechtbeschikking nemen op basis waarvan op de onroerende zaken een voorkeursrecht wordt gevestigd, met de aantekening dat op deze onroerende zaken in de afgelopen twee jaar niet eerder een voorkeursrecht is gevestigd, anders dan bij het collegebesluit van 24 juni 2025. De onroerende zaken waarop het voorkeursrecht wordt gevestigd zijn aangegeven op de bij dit besluit horende, daarvan deel uitmakende en gewaarmerkte kadastrale tekening/kaart (bijlage 2) en op de bij dit besluit horende, daarvan deel uitmakende en gewaarmerkte perceellijst (bijlage 3). Op de perceellijst staat de kadastrale aanduiding van de in deze voorkeursrechtbeschikking opgenomen onroerende zaken, de grootte daarvan en de naam van de eigenaar en zakelijk gerechtigden, volgens de openbare registers van het kadaster van 21 augustus 2025. 3. Toepassing geven aan artikel 16.32b. van de Omgevingswet door de voorkeursrechtbeschikking voor eenieder ter inzage te leggen. Deze ter inzagelegging bekendmaken in het Gemeenteblad. De betrokken eigenaren en zakelijk gerechtigden bij aangetekende brief in kennis te stellen van de (betekenis van het) vestigen van het voorkeursrecht, volgens artikel 3:41 Algemene wet bestuursrecht (Awb).
De voorkeursrechtbeschikking binnen vier dagen nadat de voorkeursrechtbeschikking bekend is gemaakt, inschrijven in de openbare registers. De voorkeursrechtbeschikking treedt in werking op het moment van inschrijving van een kopie van deze beschikking in de openbare registers, volgens het bepaalde in artikel 16:82a. Omgevingswet. 4. De zienswijzennotitie vaststellen. 5. De locatie voor nieuw bedrijventerrein opnemen in de actualisatie van de Omgevingsvisie. Inleiding In het coalitieakkoord Samen Beter 2022-2026 is opgenomen dat de gemeente Voorst voor de toekomst kijkt naar ruimte voor nieuwe bedrijvigheid, om startende en bestaande ondernemers ruimte te bieden. De noodzaak voor nieuwe ontwikkelruimte voor bedrijvigheid komt mede voort uit het feit dat de afgelopen tien jaar niet tot nauwelijks bedrijfskavels zijn uitgegeven op bedrijventerreinen. Dit heeft geleid tot een ongelijkheid tussen de beschikbare ruimte voor bedrijven en de behoefte van ondernemers. Een nieuwe locatie voor een bedrijventerrein verlaagt de druk op de bedrijfsruimte en brengt weer balans tussen de ruimtebehoefte en de beschikbare ruimte voor (lokale) bedrijven. Met de Prioriteitennota 2024-2027 stemde u in met een locatiestudie en -keuze voor een nieuw bedrijventerrein op basis van de afspraken in het Regionaal Programma Werklocaties (RPW 2020).
De afspraken uit het RPW voldoen echter niet meer aan de huidige opgaven van de regio. Daarom wordt het RPW geactualiseerd. Op 13 mei 2025 stemde u in met het RPW 2025-2028. Hierin is de ontwikkeling van een zoekgebied voor een nieuw bedrijventerrein in Voorst van netto acht tot vijftien hectare opgenomen. Deze omvang sluit aan bij de nieuwe prognoses tot 2040, biedt schuifruimte voor de ontwikkeling van terreinen Nijverheid en 't Belt en solitaire locaties en is in lijn met de regionale opgave, verwoord in de notitie Opbrengst contourenschets 2050 Regio Stedendriehoek. De contourenschets bevat de kansen en belemmeringen van de gemeente Voorst voor de ontwikkelstrategie voor de Regio Stedendriehoek, vastgesteld door de gemeenteraad in november 2024. De locatiestudie heeft geleid tot een locatie waar in de gemeente Voorst op een verantwoorde en toekomstbestendige locatie een nieuw bedrijventerrein van vijftien hectare netto kan worden ontwikkeld tot 2040, rekening houdend met de landschappelijke waarden en karakteristieken van het gebied en de wisselwerking tussen het beoogde bedrijventerrein en de omgeving. -1-
In het RPW wordt uitgegaan van terreinen met maximaal 70% netto uitgeefbaar terrein. Met andere woorden: minimaal 30% van de locatie voor een nieuw bedrijventerrein wordt gebruikt voor de benodigde infrastructuur, het openbaar groen en de afwatering en waterberging. De locatie is daarom minimaal 21,5 hectare om aan deze voorwaarden te voldoen. De studie leverde twee geschikte locaties op, waarvan de locatie Engelenburg-West de meeste potentie biedt om een toekomstbestendig terrein te ontwikkelen. In het kader van de beoogde ontwikkellocatie tot bedrijventerrein is het noodzakelijk (of op zijn minst gewenst) dat de gemeente de regie en sturing heeft. Met het voorkeursrecht krijgt de gemeente een voorrangspositie bij een voorgenomen verkoop door de eigenaren. Door onroerende zaken te verwerven verkrijgt de gemeente meer grip op de toegedachte ontwikkeling van het bedrijventerrein, en kan zij richting geven aan en regisserend optreden ten aanzien van de beoogde ontwikkeling van het bedrijventerrein. Argumenten 1.1 De locatiestudie nieuw bedrijventerrein vaststellen Om het tekort aan bedrijfskavels aan te pakken en ondernemers ruimte te bieden, is onderzoek gedaan naar mogelijkheden voor een nieuw bedrijventerrein.
Een locatiestudie wijst Engelenburg-West aan als meest geschikte locatie voor een terrein van minimaal 21,5 hectare, waar 70% netto uitgeefbaar terrein wordt gerealiseerd en rekening wordt gehouden met landschap en infrastructuur. Ontwikkeling blijkt budgettair neutraal. Dit document is als onderlegger gebruikt voor het inzetten van het instrument voorkeursrecht. 2.1 Door het vestigen van het voorkeursrecht, kan de gemeente een betere positie krijgen in het gebied als een eigenaar over gaat tot verkoop Wij krijgen met vestiging van het voorkeursrecht betere mogelijkheden om te komen tot een optimale inrichting van het beoogde plangebied, wat een zwaarwegend algemeen belang is. Tegenover dit zwaarwegende belang van de gemeente staan de belangen van de eigenaren en zakelijk gerechtigden van de onroerende zaken in de locatie. De Omgevingswet bevat een groot aantal waarborgen ter bescherming van de belangen van de eigenaren en zakelijk gerechtigden, waaronder prijsvaststelling via de rechtbank en mogelijke schadevergoeding in bepaalde gevallen. Daarnaast geeft de wet maximale termijnen om te komen tot ruimtelijke plannen. Als niet binnen drie jaar een planologisch besluit wordt genomen, vervalt het voorkeursrecht van rechtswege. De periode waarin voor de eigenaren enige onzekerheid bestaat over de toekomstige ruimtelijke invulling, is daardoor begrensd.
3.1 Ter inzagelegging Toepassing geven aan artikel 16.32b Omgevingswet door de voorkeursrechtbeschikking voor eenieder ter inzage te leggen gedurende zes weken. De stukken die ter inzage worden gelegd zijn: de voorkeursrechtbeschikking van de gemeenteraad tot het vestigen van het voorkeursrecht met bijbehorende bijlagen, zoals de hiervoor genoemde bijlage 1 en bijlage 2. 4.1 De zienswijzen leiden niet tot een aanpassing van het voorstel om een voorkeursrecht te vestigen Er zijn drie zienswijzen ontvangen binnen de termijn van inzagelegging van het conceptraadsvoorstel. Geen van de indieners is aan te merken als eigenaar of (beperkt) zakelijk gerechtigde van een aangewezen perceel. De indieners zijn daarom niet belanghebbend (Awb 3:15 lid 1) en de zienswijzen zijn niet ontvankelijk, als het gaat om de voorkeursrechtbeschikking. Vanuit dienstverlening zijn de zienswijzen wel beantwoord (bijlage 6). De zienswijzen gaan slechts beperkt in op de voorkeursrechtbeschikking, maar gaan meer over de planologische uitwerking. Na een besluit over dit voorstel nodigen wij de indieners graag uit voor een persoonlijk gesprek over hun zorgen en bezwaren, voordat wij een ruimtelijk plan opstellen. Bij het opstellen van een ruimtelijk plan is naast de indieners van de zienswijzen iedereen welkom, bijvoorbeeld omwonenden en ondernemers.
5.1 Werkingsduur De voorkeursrechtbeschikking vervalt van rechtswege drie jaar na het ingaan daarvan, of zoveel eerder als in een omgevingsvisie of programma een niet-agrarische functie is toegedacht en waarvan het (huidige) gebruik afwijkt van die functie of in een omgevingsplan een niet-agrarische functie is toebedeeld en waarvan het gebruik afwijkt van die functie. Door de locatie voor een nieuw bedrijventerrein op te nemen in de actualisatie van de Omgevingsvisie wordt het voorkeursrecht van rechtswege met drie jaar verlengd. -2-
Risico's 1. Het toepassen van het voorkeursrecht kan financiële gevolgen hebben voor de gemeente in geval van aanbiedingen Als de eigenaren die betrokken zijn bij het voorkeursrecht hun onroerende zaak willen verkopen, zullen zij het eerst aan de gemeente moeten aanbieden. Dit kan betekenen dat de gemeente tot aankoop van deze onroerende zaken (en alle opstallen die daarop aanwezig zijn) overgaat, voordat de planologische wijziging van agrarisch naar bedrijventerrein onherroepelijk is. 2.
Er zitten risico's aan de verdere uitwerking van het ruimtelijk plan Naast de gebruikelijke risico's rondom de bezwaar- en beroepsfase zijn netcongestie en stikstof thema's waar wij bij de uitwerking van het ruimtelijk plan rekening mee moeten houden. In de financiële doorrekening hebben wij een scenario met een vertraging van drie jaar voor de gronduitgifte opgenomen. Ook hebben wij een stikstofberekening uitgevoerd op basis van de huidige wet- en regelgeving en sorteren wij voor op toekomstbestendige energiesystemen (zoals smart energy hubs).
Financiële toelichting Als de eigenaren die betrokken zijn bij het voorkeursrecht hun onroerende zaak willen verkopen, zullen zij het eerst aan de gemeente moeten aanbieden. Verkoop gebeurt altijd op basis van een marktconforme prijs. Het vestigen van dit voorkeursrecht heeft geen directe financiële gevolgen. Dit is pas aan de orde bij de daadwerkelijke grondverwerving. Uitgangspunt is dat de verwervingskosten gedekt kunnen worden uit de opbrengsten van verkoop van bouwkavels. Uit de financiële haalbaarheidsstudie is gebleken dat dit haalbaar is. Communicatie Nadat het besluit (voorkeursrechtbeschikking van de raad) op 22 september 2025 is genomen publiceren wij het besluit (voorkeursrechtbeschikking van de raad) op 24 september 2025 in het Gemeenteblad en zorgen wij voor inschrijving van de beschikking in de openbare registers, waarmee het voorkeursrecht in werking treedt. Iedere eigenaar en beperkt gerechtigde krijgt een aangetekende brief met bijlage (bijlage 4) over de werking van het voorkeursrecht en ook een kopie van de voorkeursrechtbeschikking. Het besluit van het college kent een maximale werkingsduur van drie maanden. Uiterlijk in de raadsvergadering van 22 september 2025 moet u een voorkeursrechtbeschikking nemen, omdat anders op de gronden voor een periode van twee jaar geen voorkeursrecht gevestigd kan worden op dezelfde grondslag.
Hiernaast kunnen belanghebbenden tegen uw besluit (voorkeursrechtbeschikking van de raad) bezwaar en beroep instellen, zodat van een zorgvuldige rechtsbescherming nog steeds sprake is. Participatie Het voorstel aan de raad is voorbereid met een zienswijzeprocedure. De rechthebbenden zijn voor een periode van zes weken in de gelegenheid gesteld om hun zienswijzen in te dienen tegen het voorgenomen besluit (voorkeursrechtbeschikking) van de gemeenteraad. Tegen het voorgenomen besluit/de voorkeursrechtbeschikking zijn drie zienswijzen ingediend. De zienswijzen en reacties zijn met u gedeeld voor de besluitvorming. Tegens de voorkeursrechtbeschikking van het college en ook het mogelijke toekomstige besluit van de gemeenteraad (voorkeursrechtbeschikking van de raad) staat bezwaar open. Rechthebbenden kunnen binnen een periode van zes weken na bekendmaking en ingaan van de beschikking, bezwaar indienen tegen het besluit van het college (voorkeursrechtbeschikking). Als de gemeenteraad een opvolgend besluit (voorkeursrechtbeschikking) neemt, dan hoeft een rechthebbende niet nogmaals bezwaar in te dienen, omdat een bezwaar tegen de voorkeursrechtbeschikking van het college ook is gericht tegen de voorkeursrechtbeschikking van de gemeenteraad. Vervolgactie college Nadat u een besluit heeft genomen, voeren wij de volgende acties uit: 1.
bekendmaking van de voorkeursrechtbeschikking door deze te verzenden naar de eigenaren en zakelijk gerechtigden; -3-
2. inschrijving van de voorkeursrechtbeschikking in de openbare registers van het kadaster, binnen vier dagen na de bekendmaking. Het voorkeursrecht is op het moment van inschrijving gevestigd; 3. kennisgeving van de terinzagelegging van de voorkeursrechtbeschikking in het Gemeenteblad (overheid.nl). Het college van burgemeester en wethouders, Paula Jorritsma-Verkade, burgemeester Lisette Wolbers-Cents, secretaris Bijlagen: 1. locatiestudie 2. kadastrale kaart bij raadsvoorstel 3. lijst van onroerende zaken 4. brief aan eigenaren en zakelijk gerechtigden bij raadsbesluit 5. kennisgeving van de terinzagelegging 6. zienswijzennotitie
rv-845399-verlenging_voorkeursrecht_Engelenburg-West
-4-
Informatie over dit voorstel: portefeuillehouders: Rosmarijn Boender Henk van Zeijts medewerker: Arjan Klein, teamleider economie en grondzaken 0571-27 92 65 a.klein@voorst.nl