Raadsvoorstel tweede en derde plaatsvervanger voorzitter raad
Tekst van het document
Voorstel aan de gemeenteraad
2 juni 2026
Onderwerp:
Tweede en derde plaatsvervangend voorzitter gemeenteraad
Nummer: 925288
Programma:
7. Dienstverlenend Voorst
Openbaar
Voorstel Aanwijzen van raadslid Jürgen Wolff van Wülfing als tweede plaatsvervanger en raadslid Bertine Grevinga als derde plaatsvervanger van de burgemeester als voorzitter van de raad ingevolge artikel 77, lid 1 Gemeentewet en als waarnemer van het ambt van de burgemeester bij afwezigheid van de burgemeester en alle wethouders ingevolge artikel 77, lid 2 Gemeentewet. Inleiding Artikel 77 van de Gemeentewet gaat over de waarneming van de burgemeester. Bij afwezigheid van de burgemeester wordt haar ambt waargenomen door een door het college aan te wijzen wethouder: de locoburgemeester. Wanneer ook alle wethouders afwezig zijn wordt de burgemeester in haar ambt waargenomen door het langstzittende lid van de raad. De raad kan ook besluiten daarvoor een ander raadslid aan te wijzen. Bij afwezigheid van de burgemeester of als de burgemeester als collegelid moet optreden in de raadsvergadering, wordt het voorzitterschap van de raad waargenomen door het langstzittende lid van de raad. Ook voor deze waarneming kan de raad een ander raadslid aanwijzen. Op 1 april 2026 heeft de raad raadslid Ingrid Aarnink-Westerbeek aangewezen als eerste plaatsvervanger. Met dit raadsvoorstel ligt de aanwijzing van de tweede en derde plaatsvervanger voor. De raadsleden Jürgen Wolff van Wülfing en Bertine Grevinga hebben aangegeven beschikbaar te zijn als tweede en derde plaatsvervanger.
De plaatsvervangend voorzitters zullen, samen met raadslid Bjorn van Ekeren, deel uitmaken van de vaste voorzitters van de rondetafelgesprekken. Hiervoor is geen benoeming nodig, omdat volgens de Regeling Raadswerk alle raadsleden de rondetafelgesprekken mogen voorzitten. De kandidaatsstelling is afgestemd in het presidium. Het presidium
-1-